
<?xml version="1.0"?>
<feed xmlns="http://www.w3.org/2005/Atom" xml:lang="nl">
	<id>https://wiki.chemika.be/api.php?action=feedcontributions&amp;feedformat=atom&amp;user=R0884697</id>
	<title>Chemika Examenwiki - Gebruikersbijdragen [nl]</title>
	<link rel="self" type="application/atom+xml" href="https://wiki.chemika.be/api.php?action=feedcontributions&amp;feedformat=atom&amp;user=R0884697"/>
	<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.chemika.be/index.php?title=Speciaal:Bijdragen/R0884697"/>
	<updated>2026-07-28T11:00:33Z</updated>
	<subtitle>Gebruikersbijdragen</subtitle>
	<generator>MediaWiki 1.43.0</generator>
	<entry>
		<id>https://wiki.chemika.be/index.php?title=Physical_Chemistry_of_Biological_Systems&amp;diff=4995</id>
		<title>Physical Chemistry of Biological Systems</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.chemika.be/index.php?title=Physical_Chemistry_of_Biological_Systems&amp;diff=4995"/>
		<updated>2026-01-27T09:58:52Z</updated>

		<summary type="html">&lt;p&gt;R0884697: /* Examenvragen */&lt;/p&gt;
&lt;hr /&gt;
&lt;div&gt;[[Categorie: Mabb]]&lt;br /&gt;
==Vakinformatie==&lt;br /&gt;
Sinds academiejaar 2014-2015 enkel nog door Hideaki Mizuno gedoceerd. Examen bestaat uit 2 vragen, beide schriftelijk.&lt;br /&gt;
In academiejaar 2011-2012 tot 2013-2014 werd het vak gedoceerd door Prof. Yves Engelborghs en Prof. Hideaki Mizuno. Daarvoor enkel Prof. Yves Engelborghs. Staat in de basisopleiding.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
ECTS-fiche: https://onderwijsaanbod.kuleuven.be/syllabi/e/G0G71AE.htm&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen==&lt;br /&gt;
===26 January 2026===&lt;br /&gt;
# Consider a reaction where the first and second step equally fast. Graph of [E], [EL] and [EL*] given. Discuss how to analyse the system. Discuss how can we determine rate constants for the situation. Suppose you have experimentaly measured λ1 and λ2 of the exponential decay, how can we determine the rate constants? S = k&#039;1+k-1+k2+k-2 and P = k&#039;1k2+k&#039;1k-2+k-1k-2 is given.&lt;br /&gt;
#What information does Fluorescence Correlation Spectroscopy (FCS) give, and how does it work? What adaptation of this technique is used to study interaction of two proteins?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===9 januari 2026 ===&lt;br /&gt;
#How do you get information from the Hill plot and the Scatchard plot in general? Discuss with oxygen binding hemoglobin. (plots are given for oxygen binding hemoglobin)&lt;br /&gt;
# Discuss Fluorescence Correlation Spectroscopy, what information can we deduce with this technique. What adapation can we use to study the interactions of molecules? &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===27 januari 2025 ===&lt;br /&gt;
#How do you get information from the Hill plot and the Scatchard plot in general? Discuss with oxygen binding hemoglobin. (plots are given for oxygen binding hemoglobin)&lt;br /&gt;
#Discuss how DNA binding proteins specifically bind to DNA. Use the structures of the base pairs shown below.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===10 januari 2025===&lt;br /&gt;
#How do you get information from the Hill plot and the Scatchard plot in general? Discuss with oxygen binding hemoglobin. (plots are given for oxygen binding hemoglobin)&lt;br /&gt;
#What information does Fluorescence Correlation Spectroscopy (FCS) give? What adaptation of this technique is used to study interaction of two proteins?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 Augustus 2024===&lt;br /&gt;
# How can we determine rate constants for the situation: first and second step equally fast. Suppose you have measured λ1 and λ2 of the exponential decay, how can we determine the rate constants? S = k&#039;1+k-1+k2+k-2 and P = k&#039;1k2+k&#039;1k-2+k-1k-2 is given.&lt;br /&gt;
# Discuss Fluorescence Correlation Spectroscopy, what information can we deduce with this technique. What adapation can we use to study the interactions of molecules? &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===29 Januari 2024===&lt;br /&gt;
# How can we determine rate constants for the situation: first and second step equally fast. Suppose you have measured λ1 and λ2 of the exponential decay, how can we determine the rate constants? S = k&#039;1+k-1+k2+k-2 and P = k&#039;1k2+k&#039;1k-2+k-1k-2 is given.&lt;br /&gt;
# Discuss how DNA binding proteins specifically bind to DNA. Use the structures of the base pairs shown below.  &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===12 Januari 2024===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# Discuss how you can obtain interesting parameters from a Hill plot and a Scatchard plot (graphs and equations not given). Discuss the interpretation of the Hill plot and Scatchard plot for the binding of O2 to hemoglobin (graphs given).&lt;br /&gt;
# Usually the mean square displacement is used for the analysis of diffusion. a) Why the mean square displacement instead of the mean displacement? b) Explain why the mean square displacement is proportional to time and use the following equations: x(i) = x(i-1) +/- l, &amp;lt;x(i)²&amp;gt; = sum of x(i-1)² +/- 2lx(i-1) + l² and t(N) ~ N. c) Give the relationship between the mean square displacement and the diffusion coefficient in 1D, 2D and 3D. Give 3 parameters that change the diffusion coefficient (hint: D=kT/f and f=6*pi*viscosity*r).&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===30 Januari 2023===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# Bespreek de informatie die je uit een Hill plot en een Scatchard plot kunt halen (grafieken en vergelijkingen niet gegeven). Bespreek de Hill plot en Scatchard plot van O2 binding aan hemoglobine (grafieken gegeven).&lt;br /&gt;
# Bespreek hoe DNA binding proteïnen specifieke bindingen kunnen maken met DNA. Gebruik hiervoor onderstaande structuren van de basen. &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===13 Januari 2023===&lt;br /&gt;
# How can we determine rate constants for the situation: first and second step equally fast. Suppose you have measured λ1 and λ2 of the exponential decay, how can we determine the rate constants? S = k&#039;1+k-1+k2+k-2 and P = k&#039;1k2+k&#039;1k-2+k-1k-2 is given.&lt;br /&gt;
# Discuss Fluorescence Correlation Spectroscopy, what information can we deduce with this technique. What adapation can we use to study the interactions of molecules?&lt;br /&gt;
(graph with EL, E and EL* are given, graph of S and P vs L0 is not given)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===3 September 2022===&lt;br /&gt;
#Discuss how DNA binding proteins specifically bind to DNA. Use the structures of the base pairs shown below. &lt;br /&gt;
#How can we determine rate constants for the situation: first and second step equally fast. Suppose you have measured λ1 and λ2 of the exponential decay, how can we determine the rate constants? S = k&#039;1+k-1+k2+k-2 and P = k&#039;1k2+k&#039;1k-2+k-1k-2 is given.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===31 Januari 2022===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# Bespreek de informatie die je uit een Hill plot en een Scatchard plot kunt halen (grafieken en vergelijkingen niet gegeven). Bespreek de Hill plot en Scatchard plot van O2 binding aan hemoglobine (grafieken gegeven).&lt;br /&gt;
# Bespreek hoe DNA binding proteïnen specifieke bindingen kunnen maken met DNA. Gebruik hiervoor onderstaande structuren van de basen. &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===24 Januari 2021===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# Leg uit hoe je de rate constants kan bepalen wanneer je te maken hebt met de volgende reactie: fast binding followed by slow conformational change. &lt;br /&gt;
# Bespreek hoe DNA binding proteïnen specifieke bindingen kunnen maken met DNA. Gebruik hiervoor onderstaande structuren van de basen. &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 Januari 2020===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# Leg uit hoe je de rate constants kan bepalen wanneer je te maken hebt met de volgende reactie: fast binding followed by slow conformational change. &lt;br /&gt;
# Bespreek FCS. Wat kunnen we ermee doen. Hoe kan je FCS uitbreiden om proteine interacties na te gaan.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===13 Januari 2020===&lt;br /&gt;
#Bespreek de kinetische afleiding voor de massa en nummer concentratie. Aan de hand van deze formules bespreek de grafiek voor polymerisatie, bespreek nucleation, approach to plateau en reaching to the plateau. &lt;br /&gt;
#Bespreek hoe DNA binding proteïnen specifieke bindingen kunnen maken met DNA. Gebruik hiervoor onderstaande structuren van de basen. &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 januari 2019===&lt;br /&gt;
# Bespreek de informatie die je uit een Hill plot en een Schatchard plot kunt halen (grafieken en vergelijkingen niet gegeven). Bespreek de Hill plot en Schatchard plot van O2 binding aan hemoglobine (grafieken gegeven). (Mondeling)&lt;br /&gt;
# Hoe binden proteïnen aan de buitenkant van DNA streng? Is de major of de minor groove hiervoor belangrijker? (schriftelijk)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===15 januari 2018===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# Leg uit hoe je de rate constants kan bepalen wanneer je te maken hebt met de volgende reactie: fast binding followed by slow conformational change. &lt;br /&gt;
# Bespreek FCS. Wat kunnen we ermee doen. Hoe kan je FCS uitbreiden om proteine interacties na te gaan.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===11 januari 2016===&lt;br /&gt;
# Bespreek de binding equation, binding partition function en degree of association. Bespreek hierbij de Hill plot en de Scatchard plot. Leg dit ook uit voor multiple binding sites. Hoe is het voor &#039;echte&#039; situaties? Gebruik O2 en hemoglobine. &lt;br /&gt;
# De kinetica van self assembling van actine uitleggen. Hierbij gebruik maken van Mass Concentration, Number Concentration en Critical Concentration. Wat is treadmilling? Geef grafieken weer.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===12 januari 2015===&lt;br /&gt;
# Discuss Treadmilling in the formation of Actin Filaments. In your defense, include and explain the terms &#039;Mass Concentration&#039;, &#039;Number Concentration&#039; and &#039;Critical Concentration&#039;&lt;br /&gt;
# Discuss Fluorescent Correlation Spectroscopy, what information can we deduce with this technique. What adapation can we use to study the interactions of molecules?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17 januari 2013===&lt;br /&gt;
Mizuno(mondeling)&lt;br /&gt;
# Bespreek de analyse self-assembling van myosine aan de hand van druk. Gebruik in je bespreking massaconcentratie, nummerconcentratie en kritische concentratie. Waarom kan &#039;pressure jump&#039; gebruikt worden voor de analyse van de self-assembly?&lt;br /&gt;
# Bespreek MD(mean displacement), MSD(mean square displacement) en D(diffusion coefficient)bij random walk. Bespreek het verband tussen MSD en D. Waarom word meestal MSD gebruikt in plaats van MD?&lt;br /&gt;
Engelborghs (schriftelijk)&lt;br /&gt;
# Bespreek de binding van een restrictie-enzyme aan DNA. Hoe beïnvloeden de zoutconcentratie en de lengte van het DNA de kinetica? Geef de gepaste vergelijkingen en grafieken en bespreek.&lt;br /&gt;
# Hoe kan je, gebruik makend van de linked function theorie de denaturatie van DNA door ureum beschrijven?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 januari 2013===&lt;br /&gt;
Mizuno(mondeling)&lt;br /&gt;
# Bespreek de kinetica van actine polymerisatie. Gebruik de gepaste figuren en formules. Gebruik zeker massaconcentratie, nummerconcentratie en critica concentration&lt;br /&gt;
# Bespreek MD(mean displacement), MSD(mean square displacement) en D(diffusion coefficient). Bespreek het verband tussen MSD en D. Waarom word meestal MSD gebruikt in plaats van MD?&lt;br /&gt;
Engelborghs (schriftelijk)&lt;br /&gt;
# Hoe kan je, gebruik makend van de linked function theorie, ion condensation op DNA kwantitatief bespreken?&lt;br /&gt;
# Geef en bespreek 2 manieren om de dissociation rate(stond in vet) constant te bepalen voor een ligand L in een EL complex.&lt;br /&gt;
===18 januari 2011===&lt;br /&gt;
Enkel 1 en 2 mondeling.&lt;br /&gt;
# Bespreek hoe je de diffusieconstantie bepaalt met FCS. &lt;br /&gt;
# Hoe hangt de bindingssnelheid van een restrictie-enzyme af van de zoutconcentratie en lengte van DNA.  &lt;br /&gt;
# Microtubuli-oscillaties bij hoge concentratie microtubuli.&lt;br /&gt;
# Linked function concept toepassen op denaturatie van proteïne door ureum.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===29 januari 2010===&lt;br /&gt;
Enkel 1 en 2 mondeling.&lt;br /&gt;
# Sigmoidale bindingscurve: haal maximum informatie uit grafiek.&lt;br /&gt;
# Counter ion condensation: ontwerp een experiment om exact de hoeveelheid counter-ionen te bepalen.&lt;br /&gt;
# Microtubulus-oscillaties&lt;br /&gt;
# Artikel over Random walk op DNA (rad51). (artikel voor te bereiden voor het examen, ter vervanging van de presentaties).&lt;br /&gt;
===12 januari 2009===&lt;br /&gt;
# Microtubulus-oscillaties en effect van tubuline-GMPPNP&lt;br /&gt;
# welke info haal je uit kinetische studies?&lt;br /&gt;
# counter ion condensation&lt;br /&gt;
# linked function concept in proteïne stabiliteit&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===26 augustus 2008===&lt;br /&gt;
# In een oplossing met microtubuli wordt het GTP vervangen door een niet hydrolyseerbaar analoog GMPNPP (of zoiets). Wat gebeurt er?&lt;br /&gt;
# Hoe wordt de lengte van de myosine polymeren gereguleerd in vitro (in oplossing dus).&lt;br /&gt;
# Hoe kan er experimenteel aangetoond worden dat DNA omgeven worden door tegenionen.&lt;br /&gt;
# Een farmaco product bindt met proteïne, tijdens de bindingskineticastudies wordt er een lineare grafiek verkregen, maar het afgesneden stuk op de Y as is echter te klein om concludeerbare resultaten uit af te leiden. Welke informatie ontbreekt? Hoe zou je die wel kunnen bepalen?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 januari 2008===&lt;br /&gt;
# Proteïnen kunnen ontvouwen worden door het toedienen van ureum. Stel een model op via het &#039;linked function&#039; concept om de invloed van ureum kwantitatief te beschrijven. (Of zoiets, ...).&lt;br /&gt;
# Wat beïnvloed de snelheidsconstante voor de specifieke binding van een restrictieenzyme aan DNA?&lt;br /&gt;
# Je hebt een ligand dat een signaal uitzend bij binding. Wanneer je de grafiek van de geobserveerde snelheidsconstante extrapoleert (naar L=0) bekom je een waarde die kleiner is dan de experimentele fout op de meettechniek. Hoe kun je de dissociatie-snelheidsconstante van L bepalen?&lt;br /&gt;
# Stel de partitiefunctie op voor één stuk DNA met een gap van 9 en een gap van 11 roosterpunten met een ligand dat bindt op 5 roosterpunten.&lt;/div&gt;</summary>
		<author><name>R0884697</name></author>
	</entry>
	<entry>
		<id>https://wiki.chemika.be/index.php?title=Chemistry_at_nanometer_scale&amp;diff=4579</id>
		<title>Chemistry at nanometer scale</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.chemika.be/index.php?title=Chemistry_at_nanometer_scale&amp;diff=4579"/>
		<updated>2025-06-09T10:36:59Z</updated>

		<summary type="html">&lt;p&gt;R0884697: /* 2024 */&lt;/p&gt;
&lt;hr /&gt;
&lt;div&gt;[[Categorie:Machemie]]&lt;br /&gt;
=Vakinformatie= &lt;br /&gt;
Chemistry at nanometer scale, taught by Prof. De Feyter&lt;br /&gt;
=Examenvragen=&lt;br /&gt;
Also check vtk wiki: https://wiki.vtk.be/Chemistry_at_Nanometre_Scale_(H06A6A)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===2025===&lt;br /&gt;
1. Si substrate with thin layer of graphene (non conducting) with functionalized patched of 2 different groups. &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
::a. How to create without soft litho or ...: answer: SAM (but then the correct chemistry for graphene: covalent grafting?)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
::b. How to image the functionalized structures with differenct chemical properties (when you know substrate is non conduction): Answer: so no STM, then AFM but chemicaly modified tip.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
::c. Measure thickness of layers (but no ellipsometry and EM)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
2. create chess board structure of mum dimentions and explain technique. answer: microcontact printing&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
3. right, wrong or it depends statements: &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
::a. ...&lt;br /&gt;
::...&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
4. In a solution containing compound-P and ZnP-8, adding SWNTs decreases the fluorescence emission spectrum. If you do the same for compound-P ZnP+8, nothing happens. (this paper &amp;quot;Integrating Single-Wall Carbon Nanotubes into Donor–Acceptor Nanohybrids&amp;quot; contains the info given. ZnP-8 and ZnP+8 are given in image 1 alongside compound-P which here is called pyrene+, the emission spectrum given on the exam is figure 3b). Image shown below as well. (see 9 June 2023 question 3)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Chemistry at Nanometre Scale (H06A6A) -- Nanochemistry exam 2023 pyrene.jpgChemistry at Nanometre Scale (H06A6A) -- Nanochemistry exam 2023 absorption.jpg&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
::a. What can be the role of the compound P? Draw the structure that is formed.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
::b. Why is the fluorescence decreasing with increasing CNT concnetration?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
::c. What is the mechanism in which this is happening. (I think he was referring to energy transfer)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
5. LbL approach, for X (poly-anion) and Y (poly-cation). pKa&#039;s given en pH&#039;s of solutions is well. Fill in the table of LCD and SCD (like in lecture and excersise session). Say in which situation (A or B) X is thicker, or Y is thicker. Explain your reasoning.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==2024==&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===Exam 07/06/2024 08h30 and 09h30===&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;Question one:&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
* How can you make a gold surface hydrophobic or hydrophilic? &lt;br /&gt;
* How can you change the hydrophobicity/hydrophilicity of the surface?&lt;br /&gt;
* How would you determine this macroscopically? &lt;br /&gt;
* How can you detect this microscopically? &lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;Question two:&#039;&#039;&#039; Si nanowire n-type semiconductor, DNA absorbed to it to detect positively charged proteins. &lt;br /&gt;
* Explain the mechanism used for protein sensing.&lt;br /&gt;
* Right/wrong: The thicker the diameter, the more sensitive. (Ignore band gap)&lt;br /&gt;
* What is the function of PEG on this wire? &lt;br /&gt;
* Photo&#039;s shown, what kind of visualization technique would you use? &lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;Question three:&#039;&#039;&#039; hybrid-LBL with Au and Fe&lt;br /&gt;
* How can you simple separate Fe and Au? &lt;br /&gt;
* Explain how to make water-soluble Au NPs&lt;br /&gt;
* Protocol given for iron oxide particles, draw molecule/structure of Fe NPs&lt;br /&gt;
* When the LBL is assembled, a red-shift is observed, how come? &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===Exam 06/06/2024 14h00 and 15h00===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;Question one&#039;&#039;&#039;: Description of a paper with a picture of a dendrimer encapsulating a chromophore with a heterocycle.&lt;br /&gt;
#Na ions are selectively absorbed by this dendrimer. Why? (heterocycle is specific for Na)&lt;br /&gt;
#Discuss an approach to synthesize this dendrimer. (I explained the actual organic synthesis, but apparently he was after convergent and divergent synthesis and what the (dis)advantages of each method are)&lt;br /&gt;
#Discuss the change in viscosity of this dendrimer type upon going from low to high generations.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;Question two&#039;&#039;&#039;: Both carbon NTs and graphene have some disadvantages, in terms of their properties, when it comes to electronic applications. Why?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;Question three&#039;&#039;&#039;: Why is it sometimes observed that upon diluting a solution of ligand-shell protected NPs, based on non-covalent chemistry, the particles aggregate?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;Question four&#039;&#039;&#039;: Again discription of a paper (see slide 34 of chapter 16!)&lt;br /&gt;
#Suggest a way to make the &amp;quot;chemical contrast&amp;quot; lines. There is almost no difference in topography between the lines. What is the purpose of the chemical contrast lines?&lt;br /&gt;
#What is the surface property of the darkes lines in the figure (specific for this paper but analogous to silde 34) if you know that the PMMA blocks of the PMMA-PS block-copolymer preferentially absorb here?&lt;br /&gt;
#What Scanning Probe Technology would you use to reveal the topography and nanostructuring?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===2023 (from VTK website)===&lt;br /&gt;
====9 June 16:00====&lt;br /&gt;
1. A SiO&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; surface with a graphene layer on top are functionalized with aryl-COOH and aryl-NO&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; in a chess board pattern (but with some spacing in between the squares, so small lines of unfunctionalized surface), with squares of size 5 µm. &lt;br /&gt;
::a. Explain how you can functionalize covalently it without using SPM or soft lithography. It is top-down. Explain the chemistry used.&lt;br /&gt;
::b. Which technique can you use to determine whether graphene is covalently functionalized or if the molecules are just adsorpted?&lt;br /&gt;
::c. How do you find out which type of aryl functionalization is on which square, explain in detail how it works?&lt;br /&gt;
::d. How to measure the thickness of a square (so the length of the functionalized molecules) if you would have a full chess-board pattern, without unfunctionalized parts in between (so no spacings between the tiles)?&lt;br /&gt;
::e. If you had a gold substrate and you had to functionalize it with a phenyl group with -NO&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; attached. How would you do that? Explain the chemistry. Here there was no space between the squares (so as in 1d, but with half of the squares nonfunctionalized)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
2. Right or wrong&lt;br /&gt;
::a. Is starting from CNT, a good way of making high-quality graphene?&lt;br /&gt;
::b. Fast addition of reducing agent to thiol-gold NPs gives a narrow absorbance spectrum?&lt;br /&gt;
::c. Catanene: multifunctional stations. Are they unidirectional?&lt;br /&gt;
::d. Is it easy to disperse graphene and 2D materials in H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;O?&lt;br /&gt;
::e. Forgot&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
3. In a solution containing compound-P and ZnP-8, adding SWNTs decreases the fluorescence emission spectrum. If you do the same for compound-P ZnP+8, nothing happens. (this paper &amp;quot;Integrating Single-Wall Carbon Nanotubes into Donor–Acceptor Nanohybrids&amp;quot; contains the info given. ZnP-8 and ZnP+8 are given in image 1 alongside compound-P which here is called pyrene+, the emission spectrum given on the exam is figure 3b). Image shown below as well.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
[[File:Chemistry at Nanometre Scale (H06A6A) -- Nanochemistry exam 2023 pyrene.jpg|200px]][[File:Chemistry at Nanometre Scale (H06A6A) -- Nanochemistry exam 2023 absorption.jpg|200px]]&lt;br /&gt;
::a. What can be the role of the compound P with ZnP&amp;lt;sup&amp;gt;8-&amp;lt;/sup&amp;gt; and the CNT?&lt;br /&gt;
::b. Why is the fluorescence of the CNT decreasing?&lt;br /&gt;
::c. What is the mechanism in which this is happening. (I think he was referring to energy transfer)&lt;br /&gt;
::d. Draw the structure that you see for the entire hybrid structure&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
4. LbL approach, but for different polymers (not PAA and PAH). pKa&#039;s given en pH&#039;s of solutions is well. Say which one is thicker.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
5. Some siloxane structure (APTMS , but it was just given as &#039;3-Aminopropyl-trimethoxysilan&#039;) --&amp;gt; make surface of Si hydrophobic. What&#039;s correct and what is wrong in this recipe? Explain.&lt;br /&gt;
::1. Add block co-polymer with Si wafer&lt;br /&gt;
::2. Mix APTMS in high concentration of octane in other glass beaker.&lt;br /&gt;
::3. Put this solution on Si wafer with the block co-polymer, just for a few seconds.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===2022 (from VTK website)===&lt;br /&gt;
====10 June 16:00====&lt;br /&gt;
1.&lt;br /&gt;
::a. Why graphene can be used as a lubricant?&lt;br /&gt;
::b. How to make graphene chiral and how to characterise that?&lt;br /&gt;
::c. How to prepare a graphene sheet on silicon oxide substrate? Given that mechanical exfoliation is not available.&lt;br /&gt;
::d. How to n-dope or p-dope graphene? Given that the doping process is reversible.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
2. A FET sensor based on single-wall CNT (SWNT) with Pd as electrodes is built on SiO2 on Si substrate. Some adamantane compounds are given. Transfer characteristic (Ids vs Vg) curves of FET under bare-SWNT, host-guest complex on SWNT are also given.&lt;br /&gt;
::a. How to build the SWNT FET on SiO2 on Si substrate?&lt;br /&gt;
::b. Design host for adamantane compounds (same host for all compounds). Explain the host-guest interactions.&lt;br /&gt;
::c. How to ensure &amp;quot;contact&amp;quot; between host-guest and SWNT? Which characterisation technique to visualise this adsorption?&lt;br /&gt;
::d. When host-guest complexes interact with SWNT, explain why the threshold voltage is more negative and conductance is reduced?&lt;br /&gt;
::e. Statement (right/wrong and why): we can use alkyl thiol terminated PEG as a protective coating for SWNT.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
3. Statement (right/wrong and why): Quantum confinement can be used to explain the shift of UV/Vis and fluorescence spectra of CdSe NPs to shorter wavelength upon the evaporation of solvent.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==2021==&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===Exam 4 June 2021===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
1.Give the optimal way to make a gold surface:&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a. Hydrophobic&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
b. Hydrophilic&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
c. To tune hydrophobicity and hydrophilicity&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
d. What kind of technique would u use to measure the tickness&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
e. Explain this technique&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
f. Right/Wrong: I don&#039;t remember&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
2. A silicon nanowire bind a negative charged protein.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a. How would u make the silicon nanowire&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
b. Explain the principle of an N-type silicon nanowire and the set-up&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
c. How can you read out the binding of the negative charged protein&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
d. How can you improve the binding of the protein&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
e. Eight/Wrong: a larger diameter gives a better readout&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
3. Something with gold nanoparticles and iron-oxide that bind in ordered structure or layer&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a. How would you produce a gold NP, which is soluble in H2O&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
b. Draw the structure of iron in n-octylamine and ethyleenglycol&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
c. Draw the structure and explain the chemistry of b) in APTMS and methanol&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
d. Right/Wrong: ch9emical force microscopy is designed to measure these structures and is the best technique &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
4. The UV-Vis and fluorescence spectra of a semiconductor NP of 6 nm with a 1.2 nm organic coat in solution shifts (I don&#039;t remember to which side) upon evaporation of the solvent. Comment on al the concepts and explain (right/wrong)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==2016==&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;14 June 2016 8:00&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
(of course I only notice they&#039;re the same questions as 15th june 2015 after I typed all this)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
1. Give the optimal way to create:&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a) A thiol monolayer on a graphene substrate (extra question: what does this layer look like?)&lt;br /&gt;
b) A thiol layer on a gold substrate with a certain alkyn chain length but at five locations at positions you can control with a diameter of a couple tens of nanometers, place thiols with a longer chain&lt;br /&gt;
c) A thiol layer on a gold substrate in a regular band structure, bands have a width of several micrometer (extra questions: what is PDMS? what is the ink composed of?)&lt;br /&gt;
d) A thiol layer on a gold substrate with the thiol in an array of regular sized dots (about 3 nm in diameter) spaced 1.5 - 2 nm apart&lt;br /&gt;
e) A thiol &amp;quot;drawing&amp;quot; on gold substrate, the drawing lines have a width of about 70 nm&lt;br /&gt;
f) Gold nanoparticles (d = 10 nm) on a silicon substrate in a regular but noncrystalline array, spaced 60 nm apart&lt;br /&gt;
g) What probing method would you use to visualise d)? Can you use the same method to visualise f)? (extra questions: how does feedback work in AFM? what is the resonant frequency of the tip?)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
2. Correct/wrong and why?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a) It does not matter what type of amphiphiles you add to a solution (positively charged, negatively charged or neutral), the surface tension decreases at increasing concentration&lt;br /&gt;
b) Gold nanoparticles have the major drawback of having a much smaller quantum yield than semiconducting nanoparticles for fluorescence spectroscopy purposes&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;13 June 2016 10:00&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Same questions as 05 June 2015 10:00&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==2015==&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;22 June 2015&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
1. Dendirmers PAMAM(chap 5) take me a lot of time to find where it is...&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
(1) Na+ adsorption why?&lt;br /&gt;
(2) structure&lt;br /&gt;
(3) how to synthesis?&lt;br /&gt;
(4) viscosity change with higher generation&lt;br /&gt;
(5) difference between dendrimer and micelle is dendrimer needs lower concentration, right?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
2.copolymer, epitaxial SA on Si(chap 15) only two slides but you need to know the whole process and the mechanism. also about AFM i think so go over chap 19 AFM!&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
(1) how to make chemical contrast?&lt;br /&gt;
(2) how copolymer ordered on that?&lt;br /&gt;
(3) how to characterise this pattern?&lt;br /&gt;
3.LbL pH sensor just like exercise 1.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;23 June 2015&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
1) &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a. how to change hidrophilicity/phobicity of a surface&lt;br /&gt;
b. how to tune it (not completely philic or phobic but also with different degrees)&lt;br /&gt;
c. how to detect polarity of surface macro and nanoscopically&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
2) n-siNW sensor for positively charged protein: how it works&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a. reaction with PEG&lt;br /&gt;
b. how to characterize it&lt;br /&gt;
c. something else I dont remember&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
3) LbL of iron and gold nanoparticles linked by covalently-bonded crosslink&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a) how to separate the different np&lt;br /&gt;
b) how to synthetize np in water.&lt;br /&gt;
c) he provides you the protocol for the synthesis of iron oxide NPs with different agents. then they are mixed with APTMS and someother molecule with COOH.&lt;br /&gt;
write what happens chemically and draw the composition of NPs&lt;br /&gt;
d) red shift in absorption of the nps: what does it mean?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
4)(true false) mie theory explains fluorescence of semiconductor nps at higher energies.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;15th June 2015&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
1. Many small questions about patterning, monolayers, etc, almost everything with alkyl thiols.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a) How would you make a monolayer in graphene?&lt;br /&gt;
b) How would you make a monolayer in gold and then substitute some islands of nm size with another alkyl thiol of longer tail?&lt;br /&gt;
c) How would you make stripes of alkyl thiol in gold that are micrometer sized?&lt;br /&gt;
d) How would you create small islands of aklyl thiols that are 2-3 nm sized and separated also by very few nanometers?&lt;br /&gt;
e) How would you make an irregular pattern (like a drawing) of alkyl thiols in gold with precision?&lt;br /&gt;
f) How would you deposit gold nanoparticles in Si forming small island in a regular but not crystalline pattern that are separated by 60 nm or so?&lt;br /&gt;
g) Which techniques would you use to measure that pattern in Si and the one of the small islands in gold?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
2. True/False&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a) Something like: the surface energy is independent of the amphiphile you use: positively charged, negatively charged or neutral. (it was something a little bit different but more or less)&lt;br /&gt;
b) GNPs are not really used as biolabels because they have low quantum yield in comparison to QDs of the same size.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;19th June 2015&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
1. Diagram of a DNA functionalised gold NP designed to detect Ascorbic acid. An explanation of how the device work is provided. Basically It fluoresces after the DNA gets cleaved because of a radical produced by the ascorbic acid.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a) describe how one can prepare gold nanoparticles&lt;br /&gt;
b) describe how one can functionalise the NPs with the DNA strands&lt;br /&gt;
c) which spectroscopic technique would you use to determine the concentration of gold NP&lt;br /&gt;
d) What do you think is the reason why the sensitivty is 100x better with the Gold NP than in a device without gold NPs?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
2. True or false and why: Keeping a low precursor concentration when synthesising gold NPs results in a broad spectrum of the fluorescence curve &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
3. He gives you a diagram of a molecule with three fused aromaticc rings, a number of C=O bonds, some N atoms and an alkyl chain. He says some researchers showed this can be useful for dispersing SWCNTS.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a) why is it hard to disperse SWCNTS?&lt;br /&gt;
b) Describe a possible mechanism of how this molecule achieves dispersion&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;5 June 2015 10:00&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
For a given application it is necessary to make a silicon wafer, with its natural oxide layer, hypdrophobic. Looking into the scientific literature, I found the following recipe:&lt;br /&gt;
&amp;quot;After dissolving trichlorooctylsilane molecule in a new glass beaker with ethanol, at rather low concentrations, a gold substrate is dipped into the solution for a few seconds, followed by a rinsing step with water.&#039;&amp;quot;&#039;&lt;br /&gt;
Analyse this statement, and discuss in terms of chemistry, indicating what&#039;s correct/wrong/nonsense and why.&lt;br /&gt;
Comment on this statement (correct/wrong and why?):&lt;br /&gt;
&amp;quot;Metal nanoparticle synthesis is governed by kinetics, rather than thermodynamics.&amp;quot;&lt;br /&gt;
On top of this multilayered substrate, shown below (so with the chromium top layers), a photoresist polymer is coated. The sample is irradiated through a square-shaped mask, and the irradiated area (so having the shape of a square) is washed away. Then the following manipulations were done: gold is deposited via electrodeposition on top of the substrate; a chromium layer is deposited; then the sample is subsequently treated with 1) acetone, 2) nitric acid (dissolves the silver layer), 3) sonicated in a hexadecanethiol solution, though not necessarily in the order indicated. Figure with this top-to-down structure: chromium-silver-chromium-Si/SiO2. Draw the object formed and describe its chemical nature (bulk and surface)&lt;br /&gt;
What is the role of acetone, an organic solvent sonication in hexadecanethiol solution in ethanol. Define the order of the different steps in the treatment&lt;br /&gt;
Describe two methods you would use to evaluate the degree of polarity of surfaces:&lt;br /&gt;
a macroscopic technique and&lt;br /&gt;
a technique which operates at the nano to micro scale&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
A mixture of oppositely charged spheres (diameter not defined) forms a highly ordered phase (see figure below). The red particles are negatively charged and the green ones positively charged.&lt;br /&gt;
Discuss the different aspects of the energetics involved in this self-assembly process (in terms of Gibbs free energy)&lt;br /&gt;
Alt&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
+/- Charged spheres assembled lattice&lt;br /&gt;
In another experiment, rod like objects of identical length, carrying no charge, and with only minimal interrod interactions, were found to self-assemble. Draw the outcome of the self-assembly process. Explain in terms of the energetics of the process.&lt;br /&gt;
[edit]Old NanoForum questions&lt;br /&gt;
These questions are copied from the old nano forum so the format might not be ideal.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;Unknown date&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
1. How to make a gold surface hydrophobic or hydrophylic? How to switch the hydrophobicity / hydrophylicity of the gold surface by electrochemical stimuli?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
2. Comment (right/wrong and why)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a ) The most important motivation for the development of field-effect-transistors and&lt;br /&gt;
solar cells based upon organic molecules isthe improved efficiency compared to inorganic semiconductor materials.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
What are the requirements in order to use low molecular weight organic molecules as active components in organic field-effect-transistors?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
b) The formation of &#039;objects&#039; with a well-defined size and shape on the basis of selfassembly is an impossible task.&lt;br /&gt;
c) A continuous flux of energy into the &#039;system&#039; is bad for the formation of ordered&lt;br /&gt;
patterns.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
d) The Mie-theory explains why the fluorescence of nanometer-sized semiconductor&lt;br /&gt;
particles is observed at lower energy upon increasing the size of the particles.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
3. How does the surface tension of an aquous solution evolve if the concentration of the solute increases?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
4. Mixing the calixarene (left) and the barbiturate (right) in the appropriate stoichiometric conditions leads to the formation of a complex (see picture).&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a) What&#039;s the driving force for the formation of these complexes?&lt;br /&gt;
b) What structure will be formed: the (P)-enantiomer, the (M)-enantiomer or both?&lt;br /&gt;
Explain by using an energy diagram.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
c) What will happen if one adds to the existing solution a new barbiturate with a chiral&lt;br /&gt;
side chain?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
d) These complexes have also been visualised on graphite by a scanning probe&lt;br /&gt;
microscopy method. Which technique has been used and why? Give a short description how this technique works.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
5. How to make an ultrasmall pH sensorbased upon conductivity measurements. How does it work?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;Unknown date&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
1. Nanowire&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a) A silicion nanowire is made using 20nm nanocluster of gold. Explain which technique is used and how it works (really know how it works and what it needs and different changes in the process).&lt;br /&gt;
the nanowire is mixed into a solution of 1%functionalizing thing that I can’t remember and ethanol, write down the product.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
c) You want to use the nanowire as a sensor for viruses in a ‘device’, Explain how to make this device? (explain and really know what parts are needed and how it works, but not how it is produced)&lt;br /&gt;
d) There are many long 1 micron wires and you want to order them (picture similar to logs in a pond). Explain how you can do this using a bottom-up technique. (Basically what technique???)&lt;br /&gt;
e) How can you image the ‘device’ that you explained on c) Which technique is the best for this and how does it work? Why are the other techniques worse??&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
2. True or false:&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a) Sometimes a constant energy flux is needed to make ordered patterns.&lt;br /&gt;
Adding surfactants to water makes the surface tension higher&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
c) Can’t remember the other ones!!! But you get the style basically write down why it is write/wrong and really know and explain why.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
3. “self-healing” There is a thermoreversible polymer that when you cut or break it is only necessary to bring these parts together and the parts reattach themselves. This is done at room temperature. (Wording in this question is key to recognizing what we are working with in this question, since I am an oversimplifying person I do not remember all the exact wording: Basically it dealt with supramolecular polymers)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a) What is the ‘principle’ behind this?&lt;br /&gt;
What interactions are behind this and how can we tune them? (Really know which ones and how we can lower/increase them)&lt;br /&gt;
c) Mention a similar material that has becomes useful because of it temperature dependance properties that are not common for regular polymers (basically difference between supramolecular polymers and regular ones)&lt;br /&gt;
==2014==&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;June 14th 2014, afternoon&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
1.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
You get a picture of a new photovoltaic cell. It is made from CdSe nanorods and organic semiconductor. HOMO and LUMO for both materials are given. and also a graph with the absorbency for each wavelength of the photovoltaic cell for CdSe quantum dots, short nanorods, and a bit longer nano rods.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a) What are the function of the materials and how does this device work&lt;br /&gt;
How do you change the bandgap of the CdSe nanorods&lt;br /&gt;
c) why is the efficiency of the device bigger for nanorods then for quantum dots&lt;br /&gt;
d) How do you make nanorods in stead of quantum dots&lt;br /&gt;
e) How would you study the structure of this device&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
2.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a) How can you make a sensor for for instance negatively charged proteins by using nanowires? ?&lt;br /&gt;
c) What are the benefits of this kind of device.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
3.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
The structure of a molecule to that could dispense CNTs in organic solvents was given, it contained a aromatic group and an alkyl chain.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a) Why is it not so easy to dispense CNTs in a solven&lt;br /&gt;
b) How does the molecule dispence the CNT&lt;br /&gt;
c) What molecular interactions are involved in this mechanism&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
4.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
True are false questions&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a) Is the Mie therory valid for semiconductor nanoparticles with a diameter of 10 nm&lt;br /&gt;
b and c) can&#039;t remember&lt;br /&gt;
d) are all molecular interactions for self assembly where entropic forces are involved only possible in water?&lt;br /&gt;
5th: a question about the layer by layer method, can&#039;t remember it exactly&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;Unknown date&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
answers are not all exactly correct, but gives you a thinking in the right way&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
1. detection of adsorbic acid in for instance fruit juice you get a picture and I&#039;ll try to give an explanation. Sensing goes via functionalized nano particle. A gold nanoparticle has 4 DNAenzymes, with a fluor atom in the middle of enzyme (DNAenzyme: SH-ATTC...G-fluor-AGGGTCC....) and there is a DNA strand with complementary nucleotides of the dna enzyme, and it has a loop (on the place were the fluor is) with Ca2+ in the loop. if this sensor detect AA, then you have left the gold nano-particles, still with some dnaenzyme (just only a little part), 4 fluor atoms still bounded on the other half of the enzyme, en 4 dnastrands with Ca2+. The intensity of the fluor is enhanced.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a) how is gold nano particle, not yet functionalized with DNA, prepared knowing that the experiments and synthesis carried out in aqueous solution&lt;br /&gt;
--&amp;gt; Chapter 16, metal nanoparticles in aqueous solution, it is with the citrate (that gives also stability)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
detection is based on fluorescence; why does the intensity of the fluorescence increases after adsorption of AA?&lt;br /&gt;
--&amp;gt; something with the gold: if the flour is too close to the gold, the gold inhibits the fluorescence&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
c) how are the oglionucleotides bounded to the gold nano particle? explain&lt;br /&gt;
--&amp;gt; receptor ligand, (receptor is the thiol) and this binding is stronger than the one of the citrate&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
d) wich spectroscopy? eg: UV/Vis&lt;br /&gt;
e) what is the (chemical) role of Au particle here?&lt;br /&gt;
--&amp;gt; catalysation of breaking the dna enzyme and the dna&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
2.goldnanoparticles are grown like the classical nucleation model, have broad spectrum plasman resonance. --&amp;gt; explain everything of SPR, explain everything of (de)focussing, so the growth procedure of a nano particle, and finally: you have different nanoparticles with diff sizes and all together they result in a broad SPR&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
3. picture of molecule with aromatic part en alkyl part this molecule helps to dispersce SWCNT a) give a posible mechanism (draw) it was something with H-bonding of the N en =O from the aromatic part wat are the reactions of the alkyl and the aromatic part (alkyl will disolve in the organic solution..)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
4. a rod goes to an ordered structure, explain the energetics something with delta G = detla H - T*delta S and look to chapter LC, similar to Onsager hard-rod model)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
5. how would you make a drawing of 70 nm width form thiols on gold substrate en how do you change the witdt? - dip pen nano lithography&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;Unknown date&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
Similar like previous years:&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
- How do you make a n-type siliconwire from gold particles (VLS) - It is covered with some alkyls, draw the chemistry and how would you do that (SAM) - It is used as protein sensor, how does it work? - How would we measure this? AFM - How can we prevent non-specific interactions with proteins?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
True/false:&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
20nm gold particles are chosed for their better quantum yield then semicondutors when used as fluorescence sensor --&amp;gt; wrong, no fluorescence, particle is too large&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
A wire like above is better for sensing lower concentration proteins when it has a larger diameter. --&amp;gt; wrong i think, not sure. Smaller diameter = lower conduction --&amp;gt; bigger effect from proteins, more sensitive.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
LBL question like in excercise session 1, in fact it is the exact same question but he uses polymer X and polymer Y and he reversed the question, asking when polymer X would have the thinnest layer. You have to make a table with = ~ &amp;gt; &amp;lt; in.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
He does go pretty deep into it with extra questions during the oral examination, for instance he asked me how many times the AFM tip will tap per second in tapping mode... (had no idea)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;Unknown date&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Right or Wrong&lt;br /&gt;
Discuss the chemistry of a silane agent ( trichlorooctylsilane) in a ethanol solution, when a gold substrate is dipped into the solution. Or something like that.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
So the silane hydrolises and forms a SAM on the surface, but since you&#039;re using gold and gold forms no oxide , this doesn&#039;t work. So the answer was wrong&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Right or wrong&lt;br /&gt;
Nanoparticle formation is driven by kinetics instead of thermodynamics&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Question about soft lithography,&lt;br /&gt;
Substrate is given and drawn, then photo-resist is spun unto it and a square is etched out, gold is deposited and then chromium layer is deposited,after this acetone is used, HNO3 and then some surface layer draw the new substrate, so after al these steps.add what is what so surface and bulk materials than he asks why you use acetone ( remove Photo-resist) HNO3 ( oxidize chromium) and then the surface layer .&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
give two methods for evaluating polarity of a surface on macro scale and on nano scale&lt;br /&gt;
I said AFM for nano ,the AFM with the chemically modified tip don&#039;t remember the name and contact angle measurements for the macro&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
last question was a picture of + and - charged ballz and then they self assemble and you had to sum up all the energetics involved.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
So the questions are quit easy when you have your book, but as stated above, he does go into a lot of detail when asking smaller questions.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;Unknown date&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
1.	Contained several part. All were related to forming patterns with Alkyl thiols on substrate except for one. Need to explain the approach that will be taken to form the following patterns and motivation for the same&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a. Monolayer on top of gold substrate b. First, Monolayer on top of gold substrate. After this, the height of alkyl thiols have to be changed at certain islands (diameter ~ 10 nm) c. Stripes of alkyl thiols (dimensions in um) d. Alkyl thiol islands at certain positions of gold (dimensions in nm) e. A drawing made of alkyl-thiol f. Pattern made of naked Au clusters on top of Si g. How do you visualize the structures made in d? Provide the Best method&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
2. True/False&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a. +ve/-ve amphiphiles reduce the surface tension. Neutral ones dont reduce it. b. Gold nanoparticles have less quantum yield than semiconducting ones and so not used for fluorescent labeling of cells.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;27/06 exam&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
1. from paper: hybrid polymer-CdSe solar cells.. there are pics of the device and efficiency of solar cells vs length of CdSe nanorods (positive relation)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a. explain how it works and state the function of each in the device (there are Al, PEDOT:PSS, polymer-CdSe blend, ITO, Substrate)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
b. how to play with bandgap?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
c. why longer nanorods is more efficient?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
d. how you make nanorods instead of nanodot?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
e. how you measure the topography and composition?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
2. a. explain nanowire-based protein detection&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
b. draw the output&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
c. what is the advantage?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
3. a. why CNT can&#039;t be dispersed?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
b. what is ur suggested solution?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
c. (pic is shown consist of benzene) why this molecules can disperse the CNT?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
4. T/F&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a. mie theory explains flouroscense of CdSe at 10nm&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
b. entropy-driven self assembly can only happen in water&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;Unknown date&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
1) A solar cell built from an organic donor and a CdSe nanorod blend acceptor: -explain the working principle -why nanorods? do they have a better efficiency than quantumdots? (shape is better, rods are electronic highways (that&#039;s what he said to me )) -how would you examine the structure at nm scale (i just explained stm and it seemed fine for him)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
2) true/false -a solution of CdSe nanoparticles has a broad absorption spectrum. when we evaporate the solute, the remaining nanoparticles must have a broad spectrum too, as a result of ostwald ripening. (ostwald has nothing to do here, the particles are allready stable and won&#039;t grow) -the insolubility of benzene (and aromats in general) is an enthalpic effect&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
3)-You want to make a uniform monolayer of an alkyl thiol on gold, how? -&amp;gt; he asked me to give the reaction of the S on AU releasing H2 -You want to make specific islands with thyiols that have a longer alkyl chain -You want to make &amp;quot;trench-shaped&amp;quot; structures of 5µm width -&amp;gt; pdms stamping can go to 50nm -&amp;gt; he asked the chemical structure of PDMS and how the thiols bind to it and how long you would have to press (wtf?)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
4) Something about layer by layer deposition and linear charge distrubution vs surface charge distribution. We had to make a table and compare LCD and SCD in several dippings.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;20 June 2014&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Q#1: Detection of adsorbic acid in for instance fruit juice you get a picture and I&#039;ll try to give an explanation. Sensing goes via functionalized nano particle. A gold nanoparticle has 4 DNAenzymes, with a fluor atom in the middle of enzyme (DNAenzyme: SH-ATTC...G-fluor-AGGGTCC....) and there is a DNA strand with complementary nucleotides of the dna enzyme, and it has a loop (on the place were the fluor is) with Ca2+ in the loop. if this sensor detect AA, then you have left the gold nano-particles, still with some dnaenzyme (just only a little part), 4 fluor atoms still bounded on the other half of the enzyme, en 4 dnastrands with Ca2+. The intensity of the fluor is enhanced.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a) How is gold nano particle, not yet functionalized with DNA, prepared knowing that the experiments and synthesis carried out in aqueous solution. b) Detection is based on fluorescence; why does the intensity of the fluorescence increases after adsorption of AA?. c) How are the oglionucleotides bounded to the gold nano particle? explain. d) Which spectroscopy technique can you use to detect gold nanoparticles concentration in solution?. e) Why does using gold nanoparticles in solution gives you 2X better results that using ordinary techniques... Explain the methods and comparisons for both techniqes in detail.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Q#2 Gold nanoparticles are grown like the classical nucleation model, have broad spectrum plasmon resonance. a) What is the effect on emission spectrum if low precursor concentration in used to make gold nanoparticles ?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Q#3 Picture of molecule with aromatic part and alkyl part this molecule helps to dispersce SWCNT. a) Give a possible mechanism for this molecule interation with SWCNT(draw). Also explain the details about this molecule b) What are the reactions of the alkyl and the aromatic part? c) Why is it difficult to separate these SWCNTs ?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;June 23rd 2014 8:00&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Q#1 There is a picture of organic molecule given that self-assembles into conductive rod. It has N atom in the middle with 2 extra elextrons and 3 single bonds with 3 benzene rings and then hydro-carbon chains. On second picture there are these rods aligned between two electrodes perpendicular to their surface |----| a) what drives that to assemble b) what makes it align between electrodes&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Q#2 There is picture of lamellar and pillars structure. In the middle of one of the materials there are CdSe nano-particles a) what compound and how can form these structures b) assume the surface of structure is perfectly flat, how can you visualize what material is where on nanoscale c) particles start to aggregate, haw will it affect florescence spectra (with and shift)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Q#3 There is a picture of rods that are positively charged. When concentration increases they form LC phase. What is the driving force?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Q#4 There is picture from the paper showing a new way of forming a monocrystal. First there is an amorphous phase formed on a surface, then there are crystal domains that with help of this surface merge into one crystal that then continue to grow. What is the difference between that and classical crystallisation theory?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
b)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;June 24th 2014 10.00&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
Q#1&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
How do you make a gold surface hydrophilic/hydrophobic?&lt;br /&gt;
How do you tune the hydrophobicity (he doesnt want the switching mechanisms but a &#039;continuous&#039; tuning by adding a certain ratio of different molecules to the SAM)&lt;br /&gt;
How would you detect the macroscopic hydrophobicity? Explain the method.&lt;br /&gt;
The hydrophobicity varies on the micrometer scale. What method do you use to measure local hydrophobicity?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Q#2&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
An n-type SiNW is used for the detection of a positively charged protein&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Describe the operation (not the fabrication) of this device.&lt;br /&gt;
Right/Wrong: The sensitivity of this device increases when the SiNW diameter increases&lt;br /&gt;
Describe the characterization method (full AFM description)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Q#3&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Researchers have made an aggregate of gold NP and ironoxide NP, so-called NP hyperclusters. This method is proposed as an alternative to the electrostatic polymer LBL method to create alternating layers. The researchers added linker molecules to stabilize the aggregate and to give the film a more homogeneous thickness.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Give a method to separate gold and ironoxide NP in solution (you can give a variety of methods but he says magnetism is the simplest)&lt;br /&gt;
Describe a protocol to make a solution of gold NP in water (straight from the course)&lt;br /&gt;
Ironoxide NP are made using an inhouse method and functionalized using octylamine. The NP themselves are formed using FeCl3 and PEG (polyethyleneglycol) as reductans and solvent. Afterwards the functionalization is modified by substituting APTMS (aminopropyl-trimethoxysilane) using trace amounts of CH3COOH. Write down the chemistry and give a cartoon diagram of the result.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Q#4&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Right/wrong and explain: Mie theory describes the significant shift of plasmon frequency (540--&amp;gt;650nm) upon aggregation.&lt;/div&gt;</summary>
		<author><name>R0884697</name></author>
	</entry>
	<entry>
		<id>https://wiki.chemika.be/index.php?title=Chemistry_at_nanometer_scale&amp;diff=4543</id>
		<title>Chemistry at nanometer scale</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.chemika.be/index.php?title=Chemistry_at_nanometer_scale&amp;diff=4543"/>
		<updated>2025-03-15T09:14:48Z</updated>

		<summary type="html">&lt;p&gt;R0884697: /* Examenvragen */&lt;/p&gt;
&lt;hr /&gt;
&lt;div&gt;[[Categorie:Machemie]]&lt;br /&gt;
=Vakinformatie= &lt;br /&gt;
Chemistry at nanometer scale, taught by Prof. De Feyter&lt;br /&gt;
=Examenvragen=&lt;br /&gt;
Also check vtk wiki: https://wiki.vtk.be/Chemistry_at_Nanometre_Scale_(H06A6A)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==2024==&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===Exam 07/06/2024 08h30 and 09h30===&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;Question one:&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
* How can you make a gold surface hydrophobic or hydrophilic? &lt;br /&gt;
* How can you change the hydrophobicity/hydrophilicity of the surface?&lt;br /&gt;
* How would you determine this macroscopically? &lt;br /&gt;
* How can you detect this microscopically? &lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;Question two:&#039;&#039;&#039; Si nanowire n-type semiconductor, DNA absorbed to it to detect positively charged proteins. &lt;br /&gt;
* Explain the mechanism used for protein sensing.&lt;br /&gt;
* Right/wrong: The thicker the diameter, the more sensitive. (Ignore band gap)&lt;br /&gt;
* What is the function of PEG on this wire? &lt;br /&gt;
* Photo&#039;s shown, what kind of visualization technique would you use? &lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;Question three:&#039;&#039;&#039; hybrid-LBL with Au and Fe&lt;br /&gt;
* How can you simple separate Fe and Au? &lt;br /&gt;
* Explain how to make water-soluble Au NPs&lt;br /&gt;
* Protocol given for iron oxide particles, draw molecule/structure of Fe NPs&lt;br /&gt;
* When the LBL is assembled, a red-shift is observed, how come? &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===Exam 06/06/2024 14h00 and 15h00===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;Question one&#039;&#039;&#039;: Description of a paper with a picture of a dendrimer encapsulating a chromophore with a heterocycle.&lt;br /&gt;
#Na ions are selectively absorbed by this dendrimer. Why? (heterocycle is specific for Na)&lt;br /&gt;
#Discuss an approach to synthesize this dendrimer. (I explained the actual organic synthesis, but apparently he was after convergent and divergent synthesis and what the (dis)advantages of each method are)&lt;br /&gt;
#Discuss the change in viscosity of this dendrimer type upon going from low to high generations.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;Question two&#039;&#039;&#039;: Both carbon NTs and graphene have some disadvantages, in terms of their properties, when it comes to electronic applications. Why?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;Question three&#039;&#039;&#039;: Why is it sometimes observed that upon diluting a solution of ligand-shell protected NPs, based on non-covalent chemistry, the particles aggregate?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;Question four&#039;&#039;&#039;: Again discription of a paper (see slide 34 of chapter 16!)&lt;br /&gt;
#Suggest a way to make the &amp;quot;chemical contrast&amp;quot; lines. There is almost no difference in topography between the lines. What is the purpose of the chemical contrast lines?&lt;br /&gt;
#What is the surface property of the darkes lines in the figure (specific for this paper but analogous to silde 34) if you know that the PMMA blocks of the PMMA-PS block-copolymer preferentially absorb here?&lt;br /&gt;
#What Scanning Probe Technology would you use to reveal the topography and nanostructuring?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===2023 (from VTK website)===&lt;br /&gt;
====9 June 16:00====&lt;br /&gt;
1. A SiO&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; surface with a graphene layer on top are functionalized with aryl-COOH and aryl-NO&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; in a chess board pattern (but with some spacing in between the squares, so small lines of unfunctionalized surface), with squares of size 5 µm. &lt;br /&gt;
::a. Explain how you can functionalize covalently it without using SPM or soft lithography. It is top-down. Explain the chemistry used.&lt;br /&gt;
::b. Which technique can you use to determine whether graphene is covalently functionalized or if the molecules are just adsorpted?&lt;br /&gt;
::c. How do you find out which type of aryl functionalization is on which square, explain in detail how it works?&lt;br /&gt;
::d. How to measure the thickness of a square (so the length of the functionalized molecules) if you would have a full chess-board pattern, without unfunctionalized parts in between (so no spacings between the tiles)?&lt;br /&gt;
::e. If you had a gold substrate and you had to functionalize it with a phenyl group with -NO&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; attached. How would you do that? Explain the chemistry. Here there was no space between the squares (so as in 1d, but with half of the squares nonfunctionalized)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
2. Right or wrong&lt;br /&gt;
::a. Is starting from CNT, a good way of making high-quality graphene?&lt;br /&gt;
::b. Fast addition of reducing agent to thiol-gold NPs gives a narrow absorbance spectrum?&lt;br /&gt;
::c. Catanene: multifunctional stations. Are they unidirectional?&lt;br /&gt;
::d. Is it easy to disperse graphene and 2D materials in H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;O?&lt;br /&gt;
::e. Forgot&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
3. In a solution containing compound-P and ZnP-8, adding SWNTs decreases the fluorescence emission spectrum. If you do the same for compound-P ZnP+8, nothing happens. (this paper &amp;quot;Integrating Single-Wall Carbon Nanotubes into Donor–Acceptor Nanohybrids&amp;quot; contains the info given. ZnP-8 and ZnP+8 are given in image 1 alongside compound-P which here is called pyrene+, the emission spectrum given on the exam is figure 3b). Image shown below as well.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
[[File:Chemistry at Nanometre Scale (H06A6A) -- Nanochemistry exam 2023 pyrene.jpg|200px]][[File:Chemistry at Nanometre Scale (H06A6A) -- Nanochemistry exam 2023 absorption.jpg|200px]]&lt;br /&gt;
::a. What can be the role of the compound P with ZnP&amp;lt;sup&amp;gt;8-&amp;lt;/sup&amp;gt; and the CNT?&lt;br /&gt;
::b. Why is the fluorescence of the CNT decreasing?&lt;br /&gt;
::c. What is the mechanism in which this is happening. (I think he was referring to energy transfer)&lt;br /&gt;
::d. Draw the structure that you see for the entire hybrid structure&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
4. LbL approach, but for different polymers (not PAA and PAH). pKa&#039;s given en pH&#039;s of solutions is well. Say which one is thicker.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
5. Some siloxane structure (APTMS , but it was just given as &#039;3-Aminopropyl-trimethoxysilan&#039;) --&amp;gt; make surface of Si hydrophobic. What&#039;s correct and what is wrong in this recipe? Explain.&lt;br /&gt;
::1. Add block co-polymer with Si wafer&lt;br /&gt;
::2. Mix APTMS in high concentration of octane in other glass beaker.&lt;br /&gt;
::3. Put this solution on Si wafer with the block co-polymer, just for a few seconds.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===2022 (from VTK website)===&lt;br /&gt;
====10 June 16:00====&lt;br /&gt;
1.&lt;br /&gt;
::a. Why graphene can be used as a lubricant?&lt;br /&gt;
::b. How to make graphene chiral and how to characterise that?&lt;br /&gt;
::c. How to prepare a graphene sheet on silicon oxide substrate? Given that mechanical exfoliation is not available.&lt;br /&gt;
::d. How to n-dope or p-dope graphene? Given that the doping process is reversible.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
2. A FET sensor based on single-wall CNT (SWNT) with Pd as electrodes is built on SiO2 on Si substrate. Some adamantane compounds are given. Transfer characteristic (Ids vs Vg) curves of FET under bare-SWNT, host-guest complex on SWNT are also given.&lt;br /&gt;
::a. How to build the SWNT FET on SiO2 on Si substrate?&lt;br /&gt;
::b. Design host for adamantane compounds (same host for all compounds). Explain the host-guest interactions.&lt;br /&gt;
::c. How to ensure &amp;quot;contact&amp;quot; between host-guest and SWNT? Which characterisation technique to visualise this adsorption?&lt;br /&gt;
::d. When host-guest complexes interact with SWNT, explain why the threshold voltage is more negative and conductance is reduced?&lt;br /&gt;
::e. Statement (right/wrong and why): we can use alkyl thiol terminated PEG as a protective coating for SWNT.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
3. Statement (right/wrong and why): Quantum confinement can be used to explain the shift of UV/Vis and fluorescence spectra of CdSe NPs to shorter wavelength upon the evaporation of solvent.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==2021==&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===Exam 4 June 2021===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
1.Give the optimal way to make a gold surface:&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a. Hydrophobic&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
b. Hydrophilic&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
c. To tune hydrophobicity and hydrophilicity&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
d. What kind of technique would u use to measure the tickness&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
e. Explain this technique&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
f. Right/Wrong: I don&#039;t remember&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
2. A silicon nanowire bind a negative charged protein.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a. How would u make the silicon nanowire&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
b. Explain the principle of an N-type silicon nanowire and the set-up&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
c. How can you read out the binding of the negative charged protein&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
d. How can you improve the binding of the protein&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
e. Eight/Wrong: a larger diameter gives a better readout&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
3. Something with gold nanoparticles and iron-oxide that bind in ordered structure or layer&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a. How would you produce a gold NP, which is soluble in H2O&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
b. Draw the structure of iron in n-octylamine and ethyleenglycol&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
c. Draw the structure and explain the chemistry of b) in APTMS and methanol&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
d. Right/Wrong: ch9emical force microscopy is designed to measure these structures and is the best technique &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
4. The UV-Vis and fluorescence spectra of a semiconductor NP of 6 nm with a 1.2 nm organic coat in solution shifts (I don&#039;t remember to which side) upon evaporation of the solvent. Comment on al the concepts and explain (right/wrong)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==2016==&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;14 June 2016 8:00&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
(of course I only notice they&#039;re the same questions as 15th june 2015 after I typed all this)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
1. Give the optimal way to create:&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a) A thiol monolayer on a graphene substrate (extra question: what does this layer look like?)&lt;br /&gt;
b) A thiol layer on a gold substrate with a certain alkyn chain length but at five locations at positions you can control with a diameter of a couple tens of nanometers, place thiols with a longer chain&lt;br /&gt;
c) A thiol layer on a gold substrate in a regular band structure, bands have a width of several micrometer (extra questions: what is PDMS? what is the ink composed of?)&lt;br /&gt;
d) A thiol layer on a gold substrate with the thiol in an array of regular sized dots (about 3 nm in diameter) spaced 1.5 - 2 nm apart&lt;br /&gt;
e) A thiol &amp;quot;drawing&amp;quot; on gold substrate, the drawing lines have a width of about 70 nm&lt;br /&gt;
f) Gold nanoparticles (d = 10 nm) on a silicon substrate in a regular but noncrystalline array, spaced 60 nm apart&lt;br /&gt;
g) What probing method would you use to visualise d)? Can you use the same method to visualise f)? (extra questions: how does feedback work in AFM? what is the resonant frequency of the tip?)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
2. Correct/wrong and why?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a) It does not matter what type of amphiphiles you add to a solution (positively charged, negatively charged or neutral), the surface tension decreases at increasing concentration&lt;br /&gt;
b) Gold nanoparticles have the major drawback of having a much smaller quantum yield than semiconducting nanoparticles for fluorescence spectroscopy purposes&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;13 June 2016 10:00&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Same questions as 05 June 2015 10:00&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==2015==&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;22 June 2015&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
1. Dendirmers PAMAM(chap 5) take me a lot of time to find where it is...&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
(1) Na+ adsorption why?&lt;br /&gt;
(2) structure&lt;br /&gt;
(3) how to synthesis?&lt;br /&gt;
(4) viscosity change with higher generation&lt;br /&gt;
(5) difference between dendrimer and micelle is dendrimer needs lower concentration, right?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
2.copolymer, epitaxial SA on Si(chap 15) only two slides but you need to know the whole process and the mechanism. also about AFM i think so go over chap 19 AFM!&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
(1) how to make chemical contrast?&lt;br /&gt;
(2) how copolymer ordered on that?&lt;br /&gt;
(3) how to characterise this pattern?&lt;br /&gt;
3.LbL pH sensor just like exercise 1.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;23 June 2015&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
1) &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a. how to change hidrophilicity/phobicity of a surface&lt;br /&gt;
b. how to tune it (not completely philic or phobic but also with different degrees)&lt;br /&gt;
c. how to detect polarity of surface macro and nanoscopically&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
2) n-siNW sensor for positively charged protein: how it works&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a. reaction with PEG&lt;br /&gt;
b. how to characterize it&lt;br /&gt;
c. something else I dont remember&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
3) LbL of iron and gold nanoparticles linked by covalently-bonded crosslink&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a) how to separate the different np&lt;br /&gt;
b) how to synthetize np in water.&lt;br /&gt;
c) he provides you the protocol for the synthesis of iron oxide NPs with different agents. then they are mixed with APTMS and someother molecule with COOH.&lt;br /&gt;
write what happens chemically and draw the composition of NPs&lt;br /&gt;
d) red shift in absorption of the nps: what does it mean?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
4)(true false) mie theory explains fluorescence of semiconductor nps at higher energies.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;15th June 2015&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
1. Many small questions about patterning, monolayers, etc, almost everything with alkyl thiols.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a) How would you make a monolayer in graphene?&lt;br /&gt;
b) How would you make a monolayer in gold and then substitute some islands of nm size with another alkyl thiol of longer tail?&lt;br /&gt;
c) How would you make stripes of alkyl thiol in gold that are micrometer sized?&lt;br /&gt;
d) How would you create small islands of aklyl thiols that are 2-3 nm sized and separated also by very few nanometers?&lt;br /&gt;
e) How would you make an irregular pattern (like a drawing) of alkyl thiols in gold with precision?&lt;br /&gt;
f) How would you deposit gold nanoparticles in Si forming small island in a regular but not crystalline pattern that are separated by 60 nm or so?&lt;br /&gt;
g) Which techniques would you use to measure that pattern in Si and the one of the small islands in gold?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
2. True/False&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a) Something like: the surface energy is independent of the amphiphile you use: positively charged, negatively charged or neutral. (it was something a little bit different but more or less)&lt;br /&gt;
b) GNPs are not really used as biolabels because they have low quantum yield in comparison to QDs of the same size.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;19th June 2015&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
1. Diagram of a DNA functionalised gold NP designed to detect Ascorbic acid. An explanation of how the device work is provided. Basically It fluoresces after the DNA gets cleaved because of a radical produced by the ascorbic acid.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a) describe how one can prepare gold nanoparticles&lt;br /&gt;
b) describe how one can functionalise the NPs with the DNA strands&lt;br /&gt;
c) which spectroscopic technique would you use to determine the concentration of gold NP&lt;br /&gt;
d) What do you think is the reason why the sensitivty is 100x better with the Gold NP than in a device without gold NPs?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
2. True or false and why: Keeping a low precursor concentration when synthesising gold NPs results in a broad spectrum of the fluorescence curve &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
3. He gives you a diagram of a molecule with three fused aromaticc rings, a number of C=O bonds, some N atoms and an alkyl chain. He says some researchers showed this can be useful for dispersing SWCNTS.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a) why is it hard to disperse SWCNTS?&lt;br /&gt;
b) Describe a possible mechanism of how this molecule achieves dispersion&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;5 June 2015 10:00&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
For a given application it is necessary to make a silicon wafer, with its natural oxide layer, hypdrophobic. Looking into the scientific literature, I found the following recipe:&lt;br /&gt;
&amp;quot;After dissolving trichlorooctylsilane molecule in a new glass beaker with ethanol, at rather low concentrations, a gold substrate is dipped into the solution for a few seconds, followed by a rinsing step with water.&#039;&amp;quot;&#039;&lt;br /&gt;
Analyse this statement, and discuss in terms of chemistry, indicating what&#039;s correct/wrong/nonsense and why.&lt;br /&gt;
Comment on this statement (correct/wrong and why?):&lt;br /&gt;
&amp;quot;Metal nanoparticle synthesis is governed by kinetics, rather than thermodynamics.&amp;quot;&lt;br /&gt;
On top of this multilayered substrate, shown below (so with the chromium top layers), a photoresist polymer is coated. The sample is irradiated through a square-shaped mask, and the irradiated area (so having the shape of a square) is washed away. Then the following manipulations were done: gold is deposited via electrodeposition on top of the substrate; a chromium layer is deposited; then the sample is subsequently treated with 1) acetone, 2) nitric acid (dissolves the silver layer), 3) sonicated in a hexadecanethiol solution, though not necessarily in the order indicated. Figure with this top-to-down structure: chromium-silver-chromium-Si/SiO2. Draw the object formed and describe its chemical nature (bulk and surface)&lt;br /&gt;
What is the role of acetone, an organic solvent sonication in hexadecanethiol solution in ethanol. Define the order of the different steps in the treatment&lt;br /&gt;
Describe two methods you would use to evaluate the degree of polarity of surfaces:&lt;br /&gt;
a macroscopic technique and&lt;br /&gt;
a technique which operates at the nano to micro scale&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
A mixture of oppositely charged spheres (diameter not defined) forms a highly ordered phase (see figure below). The red particles are negatively charged and the green ones positively charged.&lt;br /&gt;
Discuss the different aspects of the energetics involved in this self-assembly process (in terms of Gibbs free energy)&lt;br /&gt;
Alt&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
+/- Charged spheres assembled lattice&lt;br /&gt;
In another experiment, rod like objects of identical length, carrying no charge, and with only minimal interrod interactions, were found to self-assemble. Draw the outcome of the self-assembly process. Explain in terms of the energetics of the process.&lt;br /&gt;
[edit]Old NanoForum questions&lt;br /&gt;
These questions are copied from the old nano forum so the format might not be ideal.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;Unknown date&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
1. How to make a gold surface hydrophobic or hydrophylic? How to switch the hydrophobicity / hydrophylicity of the gold surface by electrochemical stimuli?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
2. Comment (right/wrong and why)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a ) The most important motivation for the development of field-effect-transistors and&lt;br /&gt;
solar cells based upon organic molecules isthe improved efficiency compared to inorganic semiconductor materials.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
What are the requirements in order to use low molecular weight organic molecules as active components in organic field-effect-transistors?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
b) The formation of &#039;objects&#039; with a well-defined size and shape on the basis of selfassembly is an impossible task.&lt;br /&gt;
c) A continuous flux of energy into the &#039;system&#039; is bad for the formation of ordered&lt;br /&gt;
patterns.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
d) The Mie-theory explains why the fluorescence of nanometer-sized semiconductor&lt;br /&gt;
particles is observed at lower energy upon increasing the size of the particles.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
3. How does the surface tension of an aquous solution evolve if the concentration of the solute increases?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
4. Mixing the calixarene (left) and the barbiturate (right) in the appropriate stoichiometric conditions leads to the formation of a complex (see picture).&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a) What&#039;s the driving force for the formation of these complexes?&lt;br /&gt;
b) What structure will be formed: the (P)-enantiomer, the (M)-enantiomer or both?&lt;br /&gt;
Explain by using an energy diagram.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
c) What will happen if one adds to the existing solution a new barbiturate with a chiral&lt;br /&gt;
side chain?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
d) These complexes have also been visualised on graphite by a scanning probe&lt;br /&gt;
microscopy method. Which technique has been used and why? Give a short description how this technique works.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
5. How to make an ultrasmall pH sensorbased upon conductivity measurements. How does it work?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;Unknown date&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
1. Nanowire&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a) A silicion nanowire is made using 20nm nanocluster of gold. Explain which technique is used and how it works (really know how it works and what it needs and different changes in the process).&lt;br /&gt;
the nanowire is mixed into a solution of 1%functionalizing thing that I can’t remember and ethanol, write down the product.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
c) You want to use the nanowire as a sensor for viruses in a ‘device’, Explain how to make this device? (explain and really know what parts are needed and how it works, but not how it is produced)&lt;br /&gt;
d) There are many long 1 micron wires and you want to order them (picture similar to logs in a pond). Explain how you can do this using a bottom-up technique. (Basically what technique???)&lt;br /&gt;
e) How can you image the ‘device’ that you explained on c) Which technique is the best for this and how does it work? Why are the other techniques worse??&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
2. True or false:&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a) Sometimes a constant energy flux is needed to make ordered patterns.&lt;br /&gt;
Adding surfactants to water makes the surface tension higher&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
c) Can’t remember the other ones!!! But you get the style basically write down why it is write/wrong and really know and explain why.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
3. “self-healing” There is a thermoreversible polymer that when you cut or break it is only necessary to bring these parts together and the parts reattach themselves. This is done at room temperature. (Wording in this question is key to recognizing what we are working with in this question, since I am an oversimplifying person I do not remember all the exact wording: Basically it dealt with supramolecular polymers)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a) What is the ‘principle’ behind this?&lt;br /&gt;
What interactions are behind this and how can we tune them? (Really know which ones and how we can lower/increase them)&lt;br /&gt;
c) Mention a similar material that has becomes useful because of it temperature dependance properties that are not common for regular polymers (basically difference between supramolecular polymers and regular ones)&lt;br /&gt;
==2014==&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;June 14th 2014, afternoon&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
1.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
You get a picture of a new photovoltaic cell. It is made from CdSe nanorods and organic semiconductor. HOMO and LUMO for both materials are given. and also a graph with the absorbency for each wavelength of the photovoltaic cell for CdSe quantum dots, short nanorods, and a bit longer nano rods.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a) What are the function of the materials and how does this device work&lt;br /&gt;
How do you change the bandgap of the CdSe nanorods&lt;br /&gt;
c) why is the efficiency of the device bigger for nanorods then for quantum dots&lt;br /&gt;
d) How do you make nanorods in stead of quantum dots&lt;br /&gt;
e) How would you study the structure of this device&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
2.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a) How can you make a sensor for for instance negatively charged proteins by using nanowires? ?&lt;br /&gt;
c) What are the benefits of this kind of device.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
3.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
The structure of a molecule to that could dispense CNTs in organic solvents was given, it contained a aromatic group and an alkyl chain.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a) Why is it not so easy to dispense CNTs in a solven&lt;br /&gt;
b) How does the molecule dispence the CNT&lt;br /&gt;
c) What molecular interactions are involved in this mechanism&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
4.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
True are false questions&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a) Is the Mie therory valid for semiconductor nanoparticles with a diameter of 10 nm&lt;br /&gt;
b and c) can&#039;t remember&lt;br /&gt;
d) are all molecular interactions for self assembly where entropic forces are involved only possible in water?&lt;br /&gt;
5th: a question about the layer by layer method, can&#039;t remember it exactly&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;Unknown date&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
answers are not all exactly correct, but gives you a thinking in the right way&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
1. detection of adsorbic acid in for instance fruit juice you get a picture and I&#039;ll try to give an explanation. Sensing goes via functionalized nano particle. A gold nanoparticle has 4 DNAenzymes, with a fluor atom in the middle of enzyme (DNAenzyme: SH-ATTC...G-fluor-AGGGTCC....) and there is a DNA strand with complementary nucleotides of the dna enzyme, and it has a loop (on the place were the fluor is) with Ca2+ in the loop. if this sensor detect AA, then you have left the gold nano-particles, still with some dnaenzyme (just only a little part), 4 fluor atoms still bounded on the other half of the enzyme, en 4 dnastrands with Ca2+. The intensity of the fluor is enhanced.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a) how is gold nano particle, not yet functionalized with DNA, prepared knowing that the experiments and synthesis carried out in aqueous solution&lt;br /&gt;
--&amp;gt; Chapter 16, metal nanoparticles in aqueous solution, it is with the citrate (that gives also stability)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
detection is based on fluorescence; why does the intensity of the fluorescence increases after adsorption of AA?&lt;br /&gt;
--&amp;gt; something with the gold: if the flour is too close to the gold, the gold inhibits the fluorescence&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
c) how are the oglionucleotides bounded to the gold nano particle? explain&lt;br /&gt;
--&amp;gt; receptor ligand, (receptor is the thiol) and this binding is stronger than the one of the citrate&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
d) wich spectroscopy? eg: UV/Vis&lt;br /&gt;
e) what is the (chemical) role of Au particle here?&lt;br /&gt;
--&amp;gt; catalysation of breaking the dna enzyme and the dna&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
2.goldnanoparticles are grown like the classical nucleation model, have broad spectrum plasman resonance. --&amp;gt; explain everything of SPR, explain everything of (de)focussing, so the growth procedure of a nano particle, and finally: you have different nanoparticles with diff sizes and all together they result in a broad SPR&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
3. picture of molecule with aromatic part en alkyl part this molecule helps to dispersce SWCNT a) give a posible mechanism (draw) it was something with H-bonding of the N en =O from the aromatic part wat are the reactions of the alkyl and the aromatic part (alkyl will disolve in the organic solution..)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
4. a rod goes to an ordered structure, explain the energetics something with delta G = detla H - T*delta S and look to chapter LC, similar to Onsager hard-rod model)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
5. how would you make a drawing of 70 nm width form thiols on gold substrate en how do you change the witdt? - dip pen nano lithography&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;Unknown date&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
Similar like previous years:&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
- How do you make a n-type siliconwire from gold particles (VLS) - It is covered with some alkyls, draw the chemistry and how would you do that (SAM) - It is used as protein sensor, how does it work? - How would we measure this? AFM - How can we prevent non-specific interactions with proteins?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
True/false:&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
20nm gold particles are chosed for their better quantum yield then semicondutors when used as fluorescence sensor --&amp;gt; wrong, no fluorescence, particle is too large&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
A wire like above is better for sensing lower concentration proteins when it has a larger diameter. --&amp;gt; wrong i think, not sure. Smaller diameter = lower conduction --&amp;gt; bigger effect from proteins, more sensitive.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
LBL question like in excercise session 1, in fact it is the exact same question but he uses polymer X and polymer Y and he reversed the question, asking when polymer X would have the thinnest layer. You have to make a table with = ~ &amp;gt; &amp;lt; in.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
He does go pretty deep into it with extra questions during the oral examination, for instance he asked me how many times the AFM tip will tap per second in tapping mode... (had no idea)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;Unknown date&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Right or Wrong&lt;br /&gt;
Discuss the chemistry of a silane agent ( trichlorooctylsilane) in a ethanol solution, when a gold substrate is dipped into the solution. Or something like that.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
So the silane hydrolises and forms a SAM on the surface, but since you&#039;re using gold and gold forms no oxide , this doesn&#039;t work. So the answer was wrong&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Right or wrong&lt;br /&gt;
Nanoparticle formation is driven by kinetics instead of thermodynamics&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Question about soft lithography,&lt;br /&gt;
Substrate is given and drawn, then photo-resist is spun unto it and a square is etched out, gold is deposited and then chromium layer is deposited,after this acetone is used, HNO3 and then some surface layer draw the new substrate, so after al these steps.add what is what so surface and bulk materials than he asks why you use acetone ( remove Photo-resist) HNO3 ( oxidize chromium) and then the surface layer .&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
give two methods for evaluating polarity of a surface on macro scale and on nano scale&lt;br /&gt;
I said AFM for nano ,the AFM with the chemically modified tip don&#039;t remember the name and contact angle measurements for the macro&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
last question was a picture of + and - charged ballz and then they self assemble and you had to sum up all the energetics involved.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
So the questions are quit easy when you have your book, but as stated above, he does go into a lot of detail when asking smaller questions.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;Unknown date&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
1.	Contained several part. All were related to forming patterns with Alkyl thiols on substrate except for one. Need to explain the approach that will be taken to form the following patterns and motivation for the same&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a. Monolayer on top of gold substrate b. First, Monolayer on top of gold substrate. After this, the height of alkyl thiols have to be changed at certain islands (diameter ~ 10 nm) c. Stripes of alkyl thiols (dimensions in um) d. Alkyl thiol islands at certain positions of gold (dimensions in nm) e. A drawing made of alkyl-thiol f. Pattern made of naked Au clusters on top of Si g. How do you visualize the structures made in d? Provide the Best method&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
2. True/False&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a. +ve/-ve amphiphiles reduce the surface tension. Neutral ones dont reduce it. b. Gold nanoparticles have less quantum yield than semiconducting ones and so not used for fluorescent labeling of cells.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;27/06 exam&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
1. from paper: hybrid polymer-CdSe solar cells.. there are pics of the device and efficiency of solar cells vs length of CdSe nanorods (positive relation)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a. explain how it works and state the function of each in the device (there are Al, PEDOT:PSS, polymer-CdSe blend, ITO, Substrate)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
b. how to play with bandgap?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
c. why longer nanorods is more efficient?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
d. how you make nanorods instead of nanodot?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
e. how you measure the topography and composition?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
2. a. explain nanowire-based protein detection&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
b. draw the output&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
c. what is the advantage?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
3. a. why CNT can&#039;t be dispersed?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
b. what is ur suggested solution?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
c. (pic is shown consist of benzene) why this molecules can disperse the CNT?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
4. T/F&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a. mie theory explains flouroscense of CdSe at 10nm&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
b. entropy-driven self assembly can only happen in water&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;Unknown date&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
1) A solar cell built from an organic donor and a CdSe nanorod blend acceptor: -explain the working principle -why nanorods? do they have a better efficiency than quantumdots? (shape is better, rods are electronic highways (that&#039;s what he said to me )) -how would you examine the structure at nm scale (i just explained stm and it seemed fine for him)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
2) true/false -a solution of CdSe nanoparticles has a broad absorption spectrum. when we evaporate the solute, the remaining nanoparticles must have a broad spectrum too, as a result of ostwald ripening. (ostwald has nothing to do here, the particles are allready stable and won&#039;t grow) -the insolubility of benzene (and aromats in general) is an enthalpic effect&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
3)-You want to make a uniform monolayer of an alkyl thiol on gold, how? -&amp;gt; he asked me to give the reaction of the S on AU releasing H2 -You want to make specific islands with thyiols that have a longer alkyl chain -You want to make &amp;quot;trench-shaped&amp;quot; structures of 5µm width -&amp;gt; pdms stamping can go to 50nm -&amp;gt; he asked the chemical structure of PDMS and how the thiols bind to it and how long you would have to press (wtf?)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
4) Something about layer by layer deposition and linear charge distrubution vs surface charge distribution. We had to make a table and compare LCD and SCD in several dippings.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;20 June 2014&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Q#1: Detection of adsorbic acid in for instance fruit juice you get a picture and I&#039;ll try to give an explanation. Sensing goes via functionalized nano particle. A gold nanoparticle has 4 DNAenzymes, with a fluor atom in the middle of enzyme (DNAenzyme: SH-ATTC...G-fluor-AGGGTCC....) and there is a DNA strand with complementary nucleotides of the dna enzyme, and it has a loop (on the place were the fluor is) with Ca2+ in the loop. if this sensor detect AA, then you have left the gold nano-particles, still with some dnaenzyme (just only a little part), 4 fluor atoms still bounded on the other half of the enzyme, en 4 dnastrands with Ca2+. The intensity of the fluor is enhanced.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
a) How is gold nano particle, not yet functionalized with DNA, prepared knowing that the experiments and synthesis carried out in aqueous solution. b) Detection is based on fluorescence; why does the intensity of the fluorescence increases after adsorption of AA?. c) How are the oglionucleotides bounded to the gold nano particle? explain. d) Which spectroscopy technique can you use to detect gold nanoparticles concentration in solution?. e) Why does using gold nanoparticles in solution gives you 2X better results that using ordinary techniques... Explain the methods and comparisons for both techniqes in detail.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Q#2 Gold nanoparticles are grown like the classical nucleation model, have broad spectrum plasmon resonance. a) What is the effect on emission spectrum if low precursor concentration in used to make gold nanoparticles ?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Q#3 Picture of molecule with aromatic part and alkyl part this molecule helps to dispersce SWCNT. a) Give a possible mechanism for this molecule interation with SWCNT(draw). Also explain the details about this molecule b) What are the reactions of the alkyl and the aromatic part? c) Why is it difficult to separate these SWCNTs ?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;June 23rd 2014 8:00&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Q#1 There is a picture of organic molecule given that self-assembles into conductive rod. It has N atom in the middle with 2 extra elextrons and 3 single bonds with 3 benzene rings and then hydro-carbon chains. On second picture there are these rods aligned between two electrodes perpendicular to their surface |----| a) what drives that to assemble b) what makes it align between electrodes&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Q#2 There is picture of lamellar and pillars structure. In the middle of one of the materials there are CdSe nano-particles a) what compound and how can form these structures b) assume the surface of structure is perfectly flat, how can you visualize what material is where on nanoscale c) particles start to aggregate, haw will it affect florescence spectra (with and shift)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Q#3 There is a picture of rods that are positively charged. When concentration increases they form LC phase. What is the driving force?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Q#4 There is picture from the paper showing a new way of forming a monocrystal. First there is an amorphous phase formed on a surface, then there are crystal domains that with help of this surface merge into one crystal that then continue to grow. What is the difference between that and classical crystallisation theory?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
b)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;June 24th 2014 10.00&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
Q#1&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
How do you make a gold surface hydrophilic/hydrophobic?&lt;br /&gt;
How do you tune the hydrophobicity (he doesnt want the switching mechanisms but a &#039;continuous&#039; tuning by adding a certain ratio of different molecules to the SAM)&lt;br /&gt;
How would you detect the macroscopic hydrophobicity? Explain the method.&lt;br /&gt;
The hydrophobicity varies on the micrometer scale. What method do you use to measure local hydrophobicity?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Q#2&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
An n-type SiNW is used for the detection of a positively charged protein&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Describe the operation (not the fabrication) of this device.&lt;br /&gt;
Right/Wrong: The sensitivity of this device increases when the SiNW diameter increases&lt;br /&gt;
Describe the characterization method (full AFM description)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Q#3&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Researchers have made an aggregate of gold NP and ironoxide NP, so-called NP hyperclusters. This method is proposed as an alternative to the electrostatic polymer LBL method to create alternating layers. The researchers added linker molecules to stabilize the aggregate and to give the film a more homogeneous thickness.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Give a method to separate gold and ironoxide NP in solution (you can give a variety of methods but he says magnetism is the simplest)&lt;br /&gt;
Describe a protocol to make a solution of gold NP in water (straight from the course)&lt;br /&gt;
Ironoxide NP are made using an inhouse method and functionalized using octylamine. The NP themselves are formed using FeCl3 and PEG (polyethyleneglycol) as reductans and solvent. Afterwards the functionalization is modified by substituting APTMS (aminopropyl-trimethoxysilane) using trace amounts of CH3COOH. Write down the chemistry and give a cartoon diagram of the result.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Q#4&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Right/wrong and explain: Mie theory describes the significant shift of plasmon frequency (540--&amp;gt;650nm) upon aggregation.&lt;/div&gt;</summary>
		<author><name>R0884697</name></author>
	</entry>
	<entry>
		<id>https://wiki.chemika.be/index.php?title=Grondslagen_van_de_Chemie&amp;diff=3089</id>
		<title>Grondslagen van de Chemie</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.chemika.be/index.php?title=Grondslagen_van_de_Chemie&amp;diff=3089"/>
		<updated>2022-09-17T09:13:55Z</updated>

		<summary type="html">&lt;p&gt;R0884697: /* 23 augustus 2022 */&lt;/p&gt;
&lt;hr /&gt;
&lt;div&gt;[[Categorie:Bachelor Chemie]]&lt;br /&gt;
[[Categorie:Bachelor Biochemie]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Vakinformatie==&lt;br /&gt;
Basisvak chemie voor 1e bachelor chemie, biochemie, biologie en geologie.&lt;br /&gt;
Gedoceerd door professor &amp;amp;lt;s&amp;amp;gt;Koen Clays&amp;amp;lt;/s&amp;amp;gt; &amp;amp;lt;s&amp;amp;gt;Bart Goderis (sinds academiejaar 2013-2014)&amp;amp;lt;/s&amp;amp;gt; Koen Clays. Het examen is deels mondeling, deels schriftelijk.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen==&lt;br /&gt;
=== 23 augustus 2022===&lt;br /&gt;
Theorie: &lt;br /&gt;
# Schrijf uit hoe je bekomt tot reactie 7 (pagina 119 BOD) en leg je redeneringen uit. (reductie half reacties- reactie uitgeschreven op bord in de les)&lt;br /&gt;
# Leg de relevantie van de ladingsdichthied (niet electronendichtheid) in de scheikunde uit. [antw.: complexatie en neerslag reacties, in zuur als protontransfer van Hˆ+ (te grote ladingsdichtheid om te bestaan), electrontransfer reacties]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# HCN toevoegen om Co(OH)2 beter op te lossen. Welke HCN-concentratie nodig om 6,79 g Co(OH)2 in oplossing te brengen in 250 mL water? (Analoog oefening 8 E4)&lt;br /&gt;
# Is volgende reactie aflopend bij 40 graden celcius? 2NH4NO3 &amp;lt;--&amp;gt; 2N2 + 4H2O + O2 (zie o.a. oef 4/6/7/E5 deel D)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 18 januari 2022 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
1.	Hoe kan je de snelheid van een reactie verhogen, wat gebeurt er met het evenwicht?&lt;br /&gt;
2.	Buffers: vuistregels + afleiding, verband met titratie, is bloed een goede buffer?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
oefening 1:&lt;br /&gt;
a.	molaire oplosbaarheid van Ag2Cr2O7 in zuiver water&lt;br /&gt;
b.	hoeveel NH3 nodig om 0,100 mol AgI op te lossen in 0,500L (Ag(NH3)2^+ wordt gevormd)&lt;br /&gt;
c.	toon aan dat er geen AgOH neerslag gevormd wordt&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
oefening 2:&lt;br /&gt;
a.	redoxreactie opstellen voor N2/NH2OH en Al(OH)4^-/Al&lt;br /&gt;
b.	toon aan dat de reactie aflopend is bij 25°C&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 16 augustus 2021 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#Op welke manieren kan je de snelheid van een reactie vergroten, leg uit wat er dan ook met de evenwichtsconstante gebeurt. Verandert hierbij de ligging van het evenwicht? Gebruik formules of figuren om dit aan te tonen&lt;br /&gt;
#Op welke manier beïnvloedt complexatie het redoxpotentiaal van een metaal? Leg uit, geef een voorbeeld. In de natuur wordt Fe gebruikt voor reversibele redoxreacties. Waarom?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen: &lt;br /&gt;
#Boven of onder welke temperatuur gaat deze reactie spontaan op: O2 (g) + N2 (g) —&amp;gt; 2NO (g)&lt;br /&gt;
#HCN verhoogt de oplosbaarheid van Fe(OH)2, hoe groot is de concentratie van HCN die je nodig hebt om 250 ml 3,37g Fe(OH)2 in oplossing te brengen?”&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 6 januari 2021 ===&lt;br /&gt;
Theorie 1:&lt;br /&gt;
#Bespreek alle K’s die we hebben gezien in de cursus en geef een voorbeeld waarin hun definitie duidelijk wordt. Indien je iets kan zeggen over K&amp;gt;&amp;gt;1 K=1 en K&amp;lt;&amp;lt;1, voeg je dit hieraan toe.&lt;br /&gt;
#Gebruik een voorbeeld uit 1a en leg uit hoe je K puur theoretisch kunt vinden.&lt;br /&gt;
#Geef een mogelijk verband tussen K en k indien er een is.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Theorie 2:&lt;br /&gt;
Bespreek de elektrolyse van water zonder NaCl, met een beetje NaCl en met veel NaCl.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefening 1:&lt;br /&gt;
Bewijs dat dankzij de complexvorming, PbCl2 niet neerslaat, wanneer we 50ml Pb(NO3)2 (0,4M) bij 50ml BaCl2 (0,6M)doen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefening 2:&lt;br /&gt;
0,700M NaHSO3 en 0,450M Na2SO3&lt;br /&gt;
#Bereken de pH.&lt;br /&gt;
#Bereken de pH bij het toevoegen van 20ml KOH.&lt;br /&gt;
#Bij welke concentratie aan NaOH de buffer (100mL) niet meer werkt.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 13 augustus 2020 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
1) Leg homogene, heterogene en enzymatische katalyse uit. Geef ook telkens een voorbeeld. Leg de gelijkenis tussen heterogene en enzymatische katalyse uit. Leg de gelijkenis tussen homogene en enzymatische katalyse uit. /4&lt;br /&gt;
2) Vergelijk chroomvocht (dichromaat in zwavelzuur), piranhazuur (waterstofperoxide in zwavelzuur), koningswater en cyanide in base als oplosmiddelen voor (edel)metalen. /6&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
1) Bereken de oplosbaarheid van AgBr in een 0.053M NH3 oplossing. Ag(NH3)2- wordt gevormd.&lt;br /&gt;
2) Is volgende reactie (reactie gegeven) aflopend bij 68 graden C? Toon aan met berekeningen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 januari 2020 voormiddag ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
1) Hoe evenwicht verschuiven naar kant van producten, verandert er iets aan de snelheid?&lt;br /&gt;
2) De ruimtelijke structuur van de covalente binding, 4 relevante voorbeelden geven en bespreken.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
1) Bereken Kd van complex Ag(CN)2 adhv thermodynamische eigenschap bij 25°C&lt;br /&gt;
2) Na3PO4 0.045 M: bereken werkelijke concentraties van PO43-, Na+, HPO42-, H2PO4-, H3PO4, H3O+, OH- en bereken de pH.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 14 januari 2020 namiddag ===&lt;br /&gt;
theorie:&lt;br /&gt;
#Hoe verklaar je de werking van een &amp;quot;hoog-rendements&amp;quot; brander voor een centrale verwarming? Welke aanpassingen dienen er te gebeuren in vergelijking met een klassieke brander&lt;br /&gt;
#Bespreek de dissociatie van HgCl2. Waarmee is dit te vergelijken?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
oefeningen:&lt;br /&gt;
#Je voegt 50 mL van een 0.0200M AgNO3 - oplossing toe aan 50 mL van een 0.0300M NaCN-oplossing. Zal AgCN neerslaan, ondanks de complexvorming (Kst Ag(CN)2- = 2.5 x 10^20). Verwaarloos de basische eigenschappen van CN-&lt;br /&gt;
#Bepaal grafisch orde van de reactie, de snelheidsconstante en halfwaardetijd. Je krijgt de beginconcentratie van het reagens gegeven, en het verloop van de concentratie van een product. (Dus je moet nog berekenen, hoe het verloop van de concentratie van het reagens gaat)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 13 januari 2020 namiddag ===&lt;br /&gt;
theorie:&lt;br /&gt;
1) bespreek de elektrolyse van water of in een waterige oplossing van zeezout (NaCl) voor volgende situaties: zonder toevoeging van zout, bij toevoeging van een beetje NaCl, bij toevoeging van veel NaCl&lt;br /&gt;
2) Bespreek homogene, heterogene en enzymatische katalyse: geef verschillen en gelijkenissen. Geef telkens een relevant voorbeeld ter illustratie.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
oefeningen:&lt;br /&gt;
1) reactie N2 + O2 --&amp;gt; 2NO gegeven en berekenen boven/onder welke temperatuur de reactie spontaan is&lt;br /&gt;
2) Berekenen hoeveel gram NaCl je moet toevoegen aan 0,448g Cu(OH)2 om dit volledig te kunnen oplossen in 100 ml water als je weet dat het complex [CuCl4]2- wordt gevormd&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 13 januari 2020 voormiddag ===&lt;br /&gt;
theorie&lt;br /&gt;
# Buffer&lt;br /&gt;
# Reactiemechanisme van Broom&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===?===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
1) hoe kan men de snelheid van een chemische reactie vergroten? Verandert dit ook iets aan het evenwicht?&lt;br /&gt;
2) chemische eigenschappen ammoniak, hebben ze dan een zwakke of sterke functie? Geef voorbeeldreacties&lt;br /&gt;
3) bespreek de thermodynamische eigenschappen van de autoprotolyse van water. Zie hiervoor tabel 6.9 BOD&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
1) bereken of neerslag wordt gevormd bij samenvoegen 2 stoffen&lt;br /&gt;
2) bereken potentiaal galvanische cel&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 1 februari 2019 namiddag===&lt;br /&gt;
theorie&lt;br /&gt;
#Leg uit hoe een biprotisch zuur dissocieert en geef een voorbeeld. Vergelijk deze dissociatie met die van HgCl&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;&lt;br /&gt;
#Broom in base&lt;br /&gt;
oefeningen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#Bepaal de standaardreductiepotentiaal van het koppel Zn(OH)&amp;lt;sub&amp;gt;2 (s)&amp;lt;/sub&amp;gt;\ Zn&amp;lt;sub&amp;gt;(s)&amp;lt;/sub&amp;gt; met het oplosbaarheidsproduct van Zn(OH)&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; en de standaardreductiepotentiaal van het koppel Zn&amp;lt;sup&amp;gt;2+&amp;lt;/sup&amp;gt;\ Zn&amp;lt;sub&amp;gt;(s)&amp;lt;/sub&amp;gt; &lt;br /&gt;
#Een klontje vast ethanol met een massa van 50 g wordt bij 155.80 K overgoten met 2.22 L (1 L = 0.79 kg) vloeibaar ethanol waardoor het klontje zal smelten. Wat is de begintemperatuur van het vloeibaar ethanol als je weet dat het systeem een eindtemperatuur van 287.80 K bereikt en als je weet dat er geen energie verloren gaat aan de omgeving?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 21 januari 2019 namiddag===&lt;br /&gt;
theorie&lt;br /&gt;
#vervolledig de reactievergelijking ClO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt; + Cl&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt; -&amp;gt; Cl&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; + H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;O en geef een plausibel reactiemechanisme.&lt;br /&gt;
#bespreek de elektrolyse van water of in een waterig milieu zonder toevoeging van zout, bij toevoeging van een beetje NaCl, bij toevoeging van veel NaCl. &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
oefeningen&lt;br /&gt;
#hoeveel natriumthiosulfaat is er nodig om 0,025 mol AgBr op te lossen in 500 ml? Het complex zilverthiosulfaat wordt gevormd. &lt;br /&gt;
#een ijsklontje met massa 56 gram wordt in 150 g water gedaan om dit af te koelen. Het ijsklontje heeft een begintemperatuur van 0°C en het geheel heeft een eindtemperatuur van 14°C. Bereken de begintemperatuur van het water.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 16 januari 2019 voormiddag===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Bespreek de spontane ontbinding van waterstofperoxide. Welke parameters dragen bij tot de ontbinding en hoe kan je dit tegen gaan?&lt;br /&gt;
#De ruimtelijke structuur van de covalente binding, 4 relevante voorbeelden geven en bespreken.&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#0,040 M 100 mL H&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;PO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt; bij 100 ml 4M Ca&amp;lt;sup&amp;gt;2+&amp;lt;/sup&amp;gt;-ionen. Wordt er neerslag gevormd?&lt;br /&gt;
#Een orde oefening met grafisch de halfwaarde tijd en k bepalen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 januari 2019===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Hoe kan je het evenwicht naar de kant van de producten krijgen. Heeft dit ook invloed op de snelheid van de reactie? /6&lt;br /&gt;
#Stel een chemisch mechanisme op zodat citroenzuur (wat een bestandsdeel is van citroensap) kan ontgiften. /4&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#Bepaal de K&amp;lt;sub&amp;gt;b&amp;lt;/sub&amp;gt; uit de gegeven redoxkoppels (H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;O/H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;O (E&amp;lt;sup&amp;gt;0&amp;lt;/sup&amp;gt;=1.76V) en HO&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;−&amp;lt;/sup&amp;gt;/OH&amp;lt;sup&amp;gt;−&amp;lt;/sup&amp;gt;) (E&amp;lt;sup&amp;gt;0&amp;lt;/sup&amp;gt;=0.87V). Met welke andere 2 koppels kan je dit nog doen? /3&lt;br /&gt;
# Geef de lewisstructuur, hybridisatie, polariteit (+ uitleg), en geometrie van XeF&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; en PBr&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;. /3&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 14 januari 2019===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Geef de twee vuistregels voor een goede buffer en leg ze uit adhv neutralisatiegraad en buffercapaciteit. Leg uit bloed als buffer en waarom het geen ideale buffer is. Geef de relatie tussen een buffer en een pH- titratie(curve). /6&lt;br /&gt;
#Vervolledig deze reactie, BrO&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt;  +  Br&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt; →   Br&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;  +  H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;O, en geef een plausibel reactiemechanisme voor deze reactie (Staat niet in de cursus maar wel gezien als een extra voorbeeld). BOD Tabel 6.2 n.7 /4&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 30 januari 2018 namiddag===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Welke verbindingen zijn zelf niet zuur of basisch, maar vertonen wel zure of basische eigenschappen als ze in water gebracht worden? /6&lt;br /&gt;
# Bespreek de voorwaarden en de gevolgen van het stationariteitsprincipe.  Geef een duidelijk en relevant voorbeeld. /4&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#De stabiliteitsconstante voor de vorming van het complex Pb(OH)&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;2-&amp;lt;/sup&amp;gt; is 1,0.1016. De standaardreductiepotentiaal voor het koppel Pb&amp;lt;sup&amp;gt;2+&amp;lt;/sup&amp;gt;(aq)/Pb(s) is -0,12V. Bereken aan de hand van deze gegevens de standaardreductiepotentiaal voor het koppel Pb(OH)&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;2-&amp;lt;/sup&amp;gt;(aq)/Pb(s). / 3&lt;br /&gt;
#Er wordt een buffer met pH = 6,90 gemaakt uitgaande van NaH&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;PO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt; en Na&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;HPO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;. De eindconcentratie van NaH&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;PO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt; in 400 mL van deze oplossing is 0,020 M. Bereken hoeveel gram dinatriumwaterstoffosfaat er in deze oplossing moet zitten om de beoogde pH te realiseren. Aan deze oplossing wordt 100 mL 0,0080 M HI toegevoegd. Bereken ook de pH na toevoeging hiervan. Vanaf hoeveel mol NaOH toegevoegd zou de startbuffer niet meer werkzaam zijn? Licht kort toe. /3&lt;br /&gt;
&amp;lt;sup&amp;gt;&amp;lt;/sup&amp;gt;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 23 januari 2018 namiddag===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Stel een mogelijk reactiemechanisme voor bij reactie 7 BOD tabel 6.2. /4&lt;br /&gt;
#Waarom mag men geen ontkalker bij javel doen? Geef alle relevante reacties. /6&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#Bepaal de baseconstante van NH&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt; aan de hand van de standaardreductiepotentialen van de redoxkoppels. /3&lt;br /&gt;
#Geef de Lewisstructuur, hybridisatie en polariteit van XeF&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; en HClO&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;. /3&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 22 januari 2018 namiddag===&lt;br /&gt;
Theorie &lt;br /&gt;
# Hoe kan men het evenwicht naar de producten doen verschuiven? Heeft dit dan ook gevolgen voor de reactiesnelheid? /4&lt;br /&gt;
# Vergelijk chroomvocht (dichromaat in zwavelzuur), piranhazuur (waterstofperoxide in zwavelzuur), koningswater en cyanide in base als oplosmiddelen voor (edel)metalen. /6&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
# Je wilt 0.488 g Cu(OH)&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; oplossen in water tot een eindvolume van 100 mL. Bereken hoeveel gram NaCl er nodig is om ervoor te zorgen dat Cu(OH)&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; niet neerslaat. Het CuCl&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;2-&amp;lt;/sup&amp;gt; complex wordt gevormd. /3&lt;br /&gt;
# Bepaal grafisch de activeringsenergie van de reactie (tabel met temperatuur en snelheidsconstantes gegeven). Bepaal ook de snelheidsconstante bij 37°C. Kan je hiermee iets zeggen over de orde van de reactie? /3&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 17 januari 2018 ===&lt;br /&gt;
Theorie &lt;br /&gt;
# Hoe kan de snelheid van de reactie beïnvloed worden? Verandert dan ook de ligging van het evenwicht van de reactie? /6&lt;br /&gt;
# Welke factoren bepalen of een molecule al dan niet een permanent dipoolmoment bezit? Geef duidelijke voorbeelden. /4&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
# Je wilt 42.72 g Fe(OH)&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt; oplossen in water tot een eindvolume van 500 mL. Bereken welke concentratie waterstoffluoride (HF) er nodig is om ervoor te zorgen dat Fe(OH)&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt; niet neerslaat. /3&lt;br /&gt;
# Stel de correcte redoxreactie op van de koppels Br&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;/Br&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt; en AsO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;3-&amp;lt;/sup&amp;gt;/AsO&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt;. Toon aan met berekeningen dat het over een aflopende reactie gaat bij kamertemperatuur (25°C) /3&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 16 januari 2018 ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
# Bespreek de reactie van chloor in base. Geef een belangrijke toepassing.&lt;br /&gt;
# Vergelijk de ideale gaswet met de van der Waalsvergelijking voor reële gassen en bespreek de trend in co-volume b en cohesiedruk a (BOD p.141) voor H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;, N&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;, CO&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; en C&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;H&amp;lt;sub&amp;gt;10&amp;lt;/sub&amp;gt;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 januari 2018 namiddag ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
# BOD tabel 6.2, reactie 8: stel een mogelijk reactiemachanisme voor&lt;br /&gt;
# Wat zijn de 2 vuistregels van een goeie buffer? Leidt deze af aan de hand van de begrippen neutralisatiegraad en buffercapaciteit. Leg de link met pH-titratie. Leg uit: bloed als buffer&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
# bepaal de baseconstante van MnO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;2-&amp;lt;/sup&amp;gt; aan de hand van de standaardreductiepotentialen van de redoxkoppels&lt;br /&gt;
# lewisstructuur, hybridisatie en polariteit van 2 moleculen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 januari 2018 namiddag ===&lt;br /&gt;
(examen voor gedeeltelijke vrijstelling, enkel vragen deel E)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
# Wat zijn de drijvende krachten bij een complexatiereactie? Toon aan met goed gekozen voorbeelden, en leg uit aan de hand van de kenmerken van een hoge stabiliteitsconstante. /4&lt;br /&gt;
# Wat zijn de 2 vuistregels van een goeie buffer? Leidt deze af aan de hand van de begrippen neutralisatiegraad en buffercapaciteit. Leg de link met pH-titratie. Leg uit: bloed als buffer. /6&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
# Bepaal de baseconstante van MnO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;2-&amp;lt;/sup&amp;gt; aan de hand van de standaardreductiepotentialen van de redoxkoppels /3&lt;br /&gt;
# Hoeveel zilverbromide kan je oplossen in een 0.530M ammoniakoplossing. Verwaarloos de basische eigenschappen van NH&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;. /3 (Toepassing neerslag &amp;amp; complexatie)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 1 september 2017 ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Waarom zijn er diagonaalrelaties? Geef voorbeelden van chemische eigenschappen die gebruikt worden in chemische reacties. /5 &lt;br /&gt;
#Geef het verband tussen de redoxpotentiaal van een redoxhalfreactie en de evenwichtconstante van de gehele reactie. Geef ook de gevolgen. /5&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#Berekenen of er neerslagvorming optreedt. &lt;br /&gt;
#Vrijgekomen warmte en energie uit een reactie berekenen. &lt;br /&gt;
=== 25 Augustus 2017 ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Vergelijk het verschil van de invloed van temperatuur op de reactiesnelheid en het evenwicht - zowel in formulevorm als grafisch /6&lt;br /&gt;
k &amp;amp; K afleiden en grafisch weergeven met resp. ln k ~ 1/T en ln K ~ 1/T (voor dH&amp;gt;0 en dH&amp;lt;0)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#Welke chemisch relevante eigenschappen van atomen kan je afleiden van de positie in het periodiek systeem? /4 &lt;br /&gt;
Zuur-base; oxidans-reductans (+verband), ... (atomen, niet ionen van het element!)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#Hoeveel zilverbromide kan je oplossen in een 0.53M ammonium oplossing. Verwaarloos de basische eigenschappen van NH&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;. /3&lt;br /&gt;
(Toepassing neerslag &amp;amp; complexatie)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#Redoxreactie van SO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;2-&amp;lt;/sup&amp;gt;(aq)/SO&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;2-&amp;lt;/sup&amp;gt;(aq)- en MnO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt;(aq)/MnO(v). /3&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 21 Augustus 2017 ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Hoe kan het evenwicht in de richting van de producten worden verschoven? Heeft dit invloed op het evenwicht? /6&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;concentratie wijzigen&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
principe van Le Chatelier&lt;br /&gt;
hogere concentratie → meer kans op botsingen → sneller&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;druk wijzigen&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
bij drukverhoging → daalt volume → c=n/v dus concentratie stijgt (vanaf dan analoog aan Le Chatelier)&lt;br /&gt;
bij drukverlaging is gunstig voor reacties waarbij ΔN = (N&amp;lt;sub&amp;gt;producten&amp;lt;/sub&amp;gt; - N&amp;lt;sub&amp;gt;reagentia&amp;lt;/sub&amp;gt;) negatief is(N staat voor de coëfficiënten van de stoffen in de reactie)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;temperatuur wijzigen&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
K&amp;lt;sub&amp;gt;ev&amp;lt;/sub&amp;gt; is temperatuursafhankelijk → ΔG =-RTln(K) ↔ ln(k)=-ΔH/RT +ΔS/R (teken grafiek 1/T met ln(k))&lt;br /&gt;
endo → hoge T is gunstig&lt;br /&gt;
exo → lage T is gunstig&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#Wat is het verband tussen neerslag- en complexatiereacties? /4&lt;br /&gt;
ionen met een hoge ladingsdichtheid kunnen niet zoals bijvoorbeeld Na&amp;lt;sup&amp;gt;+&amp;lt;/sup&amp;gt; en Cl&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt; (afkomstig van goed oplosbaar zou NaCl) in oplossing voorkomen,&lt;br /&gt;
aangezien dit niet stabiel is.&lt;br /&gt;
gaan dus ofwel neerslaan ofwel complexeren&lt;br /&gt;
(K&amp;lt;sub&amp;gt;sp&amp;lt;/sub&amp;gt; en 1/K&amp;lt;sub&amp;gt;st&amp;lt;/sub&amp;gt; vergelijken → de stabielste toestand gaat zich dan voordoen)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#Teken de lewis-structuur, geef het sterisch getal, hybridisatie, geometrische en atoomstructuur van HCN en ICl&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;. Geef ook aan of ze polair zijn of niet. /3&lt;br /&gt;
#Leid de K&amp;lt;sub&amp;gt;b&amp;lt;/sub&amp;gt; af van AsO&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt; aan de hand van zijn standaarreductiepotentiaal. Kies zelf een goed redoxkoppel. /3&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 24 januari 2017 ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Welke verbindingen zijn zelf niet zuur of basisch, maar vertonen wel zure of basische eigenschappen als ze in water gebracht worden? /6&lt;br /&gt;
#Hoe kunnen meerdere verschillende kationen die samen in een mengsel voorkomen, van elkaar gescheiden worden? Waarop moet je letten om de scheiding zo volledig mogelijk te laten gebeuren? /4&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#Berekenen of een reactie neerslaat of niet ondanks complexvorming /3&lt;br /&gt;
#correcte redoxreactie van 2 gegeven koppels schrijven en berekenen dat dit een aflopende reactie is. /3&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 23 januari 2017 ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Bij welke reacties is quenchen van toepassing? Leg goed uit en geef een voorbeeld. /4&lt;br /&gt;
#Vergelijk chroomvocht, piranhazuur, koningswater en cyanide in base als oplossmiddel voor (edel)metalen. /6&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#Roosterenergie berekenen /2.5&lt;br /&gt;
#concentratie zout berekenen die toegevoegd moet worden om gegeven hoeveelheid neerslag op te doen lossen. /3.5&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 18 januari 2017 ===&lt;br /&gt;
VM&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Hoe kan je de reactiesnelheid beïnvloeden? Wat betekent dit voor het chemisch evenwicht? /4&lt;br /&gt;
#Wat gebeurt er bij de elektrolyse van water voor geen, een weinig en veel NaCL? /6&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#pH + werkelijke ionenconcentraties van een bioprotisch zuur berekenen /3&lt;br /&gt;
#een slecht oplosbaar zout oplossen aan de hand van complexatie door een te berekenen massa NaCl toe te voegen /3&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 17 januari 2017 ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Hoe kan je het evenwicht naar de kant van de producten brengen? Heeft dit een invloed op de snelheid?&lt;br /&gt;
#Geef het verband tussen protontransferreacties en elektrontransferreacties. Geef voorbeelden die dit verduidelijken.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#Berekenen of een reactie neerslaat of niet ondanks complexvorming.&lt;br /&gt;
#Bepaal de hybridisatie en geometrie van PCl&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt; en SF&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;. Teken de atoomstructuur en zijn deze moleculen polair of apolair en een uitleg waarom.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 16 januari 2017 ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Vuistregels met afleiding van buffers geven, dit ook toepassen op pH titraties, bloed als buffer bespreken&lt;br /&gt;
#Hebben kationen basische of zure eigenschappen, zijn dit dan zwakke of sterke zuren of basen (voorbeelden kunnen helpen en verduidelijkend zijn)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen &lt;br /&gt;
#Aantal mL en molair NiSO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;-oplossing samenvoegen met een aantal ml en molair NH&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;, toon aan dat ondanks het gevormde complex nikkel (II) ammoniak er toch nog neerslag gevormd wordt&lt;br /&gt;
#Een tabel gegeven van temperatuur en snelheidsconstante, de opdracht is grafisch de activeringsenergie te berekenen en k te berekenen bij 250°C&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== XX Augustus 2016 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#Leg de verschillende soorten isomerie uit + wat is tautomerie?&lt;br /&gt;
#Leg uit waarom fluoride in tandpasta zit (alle 6 puntjes geven, dus ook vorming CaF uitleggen)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#Random oefening uit oefenzitting&lt;br /&gt;
#Berekend de K&amp;lt;sub&amp;gt;w&amp;lt;/sub&amp;gt; vertrekkende vanuit de standaardreductiepotentialen voor water in zuur/basisch milieu&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===XX januari 2016===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#Leg de elementaire reactiestappen uit adhv voorbeelden (mono,bi,termoleculair, stationariteitsprincipe, vorming ozon)&lt;br /&gt;
#Geef de &#039;&#039;&#039;essentie&#039;&#039;&#039; van een titratie + grafieken&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
oefeningen:&lt;br /&gt;
#Oplosbaarheid van AgNO&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt; berekenen na toevoegen van een of ander zuur/base&lt;br /&gt;
#nog een oefening&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===  11 januari 2016 ===&lt;br /&gt;
#Hoe bepaal je de geometrische structuur bij covalent gebonden atomen en geef 3 voorbeelden &lt;br /&gt;
#bij welke reactie is quenching van toepassing?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===XX januari 2016===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#heterogene en homogene en enzymatische katalysator + alles uitleggen hiervan&lt;br /&gt;
#loodbatterij&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===12 januari 2016===&lt;br /&gt;
#Verschillen tussen Co en Fe en zeggen waarom Fe gebruikt wordt voor zuurstof transport &lt;br /&gt;
#het verschil tussen C dubbel gebonden en enkel gebonden &lt;br /&gt;
#bij de oefeningen was eentje E&amp;lt;sup&amp;gt;0&amp;lt;/sup&amp;gt; bepalen ahv K&amp;lt;sub&amp;gt;a&amp;lt;/sub&amp;gt; en een andere E&amp;lt;sup&amp;gt;0&amp;lt;/sup&amp;gt; &lt;br /&gt;
#andere grafisch de orde enzo bepalen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===10 JAN 2014===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#Roosterenergie van 2 roosters (NaCl en MgO) berekenen met de formule, zeggen of er nog een andere manier was om die te vinden (Hess) en of er een verschil in uitkomst te verwachten was tussen de twee manieren. Vergelijken van de pH van de twee oplossingen.&lt;br /&gt;
#Uitleggen waarom termoleculaire reactiestappen omwaarschijnlijk zijn. Reactiemechanisme van 2HI + H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;O&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; → I&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; + H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;O  geven. Stationariteitsprincipe uitleggen en zeggen of het op die reactie van toepassing was. &lt;br /&gt;
#Waar/soms waar/niet waar: Een proces is spontaan als de entropie in het systeem toeneemt. &lt;br /&gt;
#Uitleggen wat een buffer is en de vuistregels voor een goede buffer uitleggen zonder de hele wiskundige berekening te doen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen.&lt;br /&gt;
#Oplosbaarheid van AgBr, complexatie met thiosulfaat en alternatieve manier geven om oplosbaarheid te verhogen. Uitleggen waarom die laatste manier weinig effect zou hebben.&lt;br /&gt;
#Celpotentiaal berekenen van een gegeven schematische voorstelling.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===11 JAN 2013===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Vergelijk de elektronenstructuur van de atomen N en O met die van de moleculen N&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; en O&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;. Licht de hierbij essentiële principes toe.&lt;br /&gt;
# Geef de chemische functies van water. Geef bij iedere functie een voorbeeld in de vorm van een reactievergelijking. Is water sterk of zwak in deze functie?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# CuSO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt; oplossing met NH&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt; oplossing (grootheden gegeven). Laat zien dat er ondanks de complexatie toch nog neerslagvorming optreedt.&lt;br /&gt;
# Gegeven concentraties (van reactieproduct) in functie van de tijd. Bepaal grafisch de orde en de halfwaardetijd.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===3 FEB 2012 NM===&lt;br /&gt;
# Geef twee vuistregels voor een goede buffer en toon ze aan aan de hand van de neutralisatiegraad en de buffer capaciteit. &lt;br /&gt;
#* Geef het verband hiervan met pH- titratie &lt;br /&gt;
#* Is bloed een goede buffer ? Verklaar. &lt;br /&gt;
# Verklaar waarom men tandpasta fluorideert.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===30 JAN 2012 NM===&lt;br /&gt;
# Beschrijf en vergelijk de kinematica en thermodynamica van de methatesereactie en de liganduitwisselingsreactie.&lt;br /&gt;
# Broom in base.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===30 JAN 2012 VM===&lt;br /&gt;
# Welke reacties kunnen optreden als katalysator bij redoxreacties?&lt;br /&gt;
# Leidt de halfreacties van een zwavelzure loodbatterij af&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===24 JAN 2012 VM===&lt;br /&gt;
# hoe bepaal je de elektronenconfiguratie van diatomaire moleculen en geef twee duidelijk verschillende voorbeelden&lt;br /&gt;
# vergelijk Al en Li voor batterijen, geef voor en nadelen en verklaar waarom er Li batterijen zijn en geen Al&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 JAN 2012 NM===&lt;br /&gt;
# staaf met enkele goed gekoze voorbeelden het belang van de ladingsdichtheid in de chemie&lt;br /&gt;
# welke reacties hebben er baat bij quenching toe te passen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 JAN 2012 VM===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Beschrijf en vergelijk de kinematica en thermodynamica van de methatesereactie en de liganduitwisselingsreactie. &lt;br /&gt;
# Leg de elektrolyse van water uit in de volgende omstandigheden:1. zonder zout, 2. met een beetje zout en 3. met oplossing van veel zeezout. &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 JAN 2012 NM===&lt;br /&gt;
Theorie :&lt;br /&gt;
# geef de vuistregels voor bufferoplossing + afleiden buffercapaciteit en neutralisatiegraad. link met pH-titratie. vertellen over bloed als buffer, goede/slechte buffer?&lt;br /&gt;
# iets van Fe complexatie, waarom de natuur is aangepast aan ademhaling door complexvorming van Fe met zuurstof&lt;br /&gt;
Oefeningen :&lt;br /&gt;
# van deel C met een tabel met waarden, orde van reactie afleiden + grafisch k en t&amp;lt;sub&amp;gt;1/2&amp;lt;/sub&amp;gt; bepalen&lt;br /&gt;
# berekenen of PbOH&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; neerslaat, uit een mengsel van PbSO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt; met NaOH geloof ik&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 JAN 2012 VM===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Vergelijk de bindingssterkte en reactiviteit van C=C en C - C (enkelvoudige binding) op 4 ptn&lt;br /&gt;
# Vergelijk de afhankelijkheid van de temperatuur voor de snelheidsconstante en de evenwichtsconstante&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===1 FEB 2011=== &lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Bespreek: Chroomvocht, Piranhazuur , koningswater en cyanide in base en hun werking op (edel)metalen. (/6)&lt;br /&gt;
# Wat is een indicator en hoe werkt het? (/4)&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# P&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt; + BR&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; =&amp;amp;gt; PBR&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt; vul aan met coefficienten en bereken de temperatuur waarvoor deze reactie spontaan zal verlopen. (/2.5)&lt;br /&gt;
# en een oefening over de combinatie van complexvorming van AlOH&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt; en de neerslag van AlOH&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;. (/3.5)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 1 sep 2010 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Verschillen en gelijkenissen tussen homogene, heterogene en enzymatische katalyse geven. Verduidelijken met vb.&lt;br /&gt;
# Bindingssterkte en reactiviteit vergelijken tussen C-C en C=C. Welke reacties ondergaan ze.&lt;br /&gt;
Oefingen:&lt;br /&gt;
# Oplosbaarheid&lt;br /&gt;
# Enthalpie &amp;amp;amp; Entropie&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===28 jan 2010===&lt;br /&gt;
# bespreek de oplosbaarheid van metalen in zuur en basisch milieu (/6) &lt;br /&gt;
# bespreek &amp;amp;quot;quenching&amp;amp;quot; en voor welke reacties is dit toepasbaar? (/4) &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
oefeningen: &lt;br /&gt;
# bepaal de oplosbaarheid van AgBr in een molaire NH&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt; oplossing (complexvorming) &lt;br /&gt;
# een reactie difluor en diwaterstof -&amp;amp;gt; 2HF. Gaat deze reactie op bij 500K ?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===26 jan 2010===&lt;br /&gt;
# vergelijk piranhazuur, koningswater, dichromaat en cyanide voor het oplossen van edelmetalen. (.../6)&lt;br /&gt;
# welke reacties kunnen als katalysator optreden bij een redoxreactie? (.../4)&lt;br /&gt;
oefeningen:&lt;br /&gt;
# Een oplossing van Ti(II)-ionen wordt in zuur midden getitreerd met een dichromaatoplossing (K&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;Cr&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;O&amp;lt;sub&amp;gt;7-&amp;lt;/sub&amp;gt;oplossing). Hierbij worden het Cr(III)-ion en het Ti(III)-ion gevormd. Toon aan dat het gaat om een aflopende reactie.Het verloop van de titratie wordt potentiometrisch gevolgd en ook de pH wordt constant gemeten. In de oplossing zit nog een kalomelelektrode (E&amp;lt;sup&amp;gt;0&amp;lt;/sup&amp;gt;=0.25V) die aan de anode gekoppeld is en een platina-elektrode. Op zeker ogenblik - na het passeren van het equivalentiepunt - wordt een celpotentiaal van 0.95V gemeten en een pH van 1.2. Bereken de concentratie aan Cr&amp;lt;sup&amp;gt;3+&amp;lt;/sup&amp;gt; ionen, als je weet dat deze concentratie vier maal hoger ligt dan die van de dichromaationen. (.../3)&lt;br /&gt;
# Aan een oplossing van 70 ml 0.20 M nikkelsulfaat wordt 30 ml 0.60 M ammoniak toegevoegd. Toon aan dat er - ondanks de complexvorming - toch hydroxideneerslag gevormd zal worden. (.../3)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== jan 2010 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Toon het belang aan van ladingsdichtheid in de scheikunde. Geef telkens duidelijk verschillende voorbeelden als het over verschillende soorten reacties gaat.&lt;br /&gt;
# Bespreek de reactie van broom in base. Geef een relevante toepassing.&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# Bij 298 K gaat onderstaande reactie op. Men maakt een oplossing van 35,5 g van Cl&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; en 0,1 g van H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; in een totaal volume van 200 ml. Wat zijn de evenwichtsconcentraties van H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;, Cl&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; en HCl ?&lt;br /&gt;
#*H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;(g) + Cl&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;(g) &amp;amp;lt;=&amp;amp;gt; 2HCl(g) &lt;br /&gt;
# Bereken de Kb van IO-, uitgaande van&lt;br /&gt;
#*IO&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt;(aq) / HIO(l)   E&amp;lt;sup&amp;gt;0&amp;lt;/sup&amp;gt; = 1,13V&lt;br /&gt;
#*IO&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt;(aq) / IO&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt;(aq)  E&amp;lt;sup&amp;gt;0&amp;lt;/sup&amp;gt; = 0,15V&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== jan 2009 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Wat is een dipoolmoment?&lt;br /&gt;
# Vroeger werd kaliumpermanganaat e.a. veel gebruikt als goede oxidator. Tegenwoordig wordt pirhanazuur (mengsel waterstofperoxide/zwavelzuur) gebruikt. Waarom?&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# Temperatuurverandering berekenen van ijs (faseverandering,...)&lt;br /&gt;
# Nog zo&#039;n oefening in die aard.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== jan 2009 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Vergelijk de temperatuursafhankelijkheid van de evenwichtsconstante en de snelheidsconstante.&lt;br /&gt;
# Waarom is een stof goed of slecht oplosbaar in water? En hoe kan je een slecht oplosbare stof beter oplosbaar maken?&lt;br /&gt;
# Maak een vergelijking tussen thermodinamica en kinetica van metathesereacties versus complexatiereacties.&lt;br /&gt;
# Geef de 2 hoofdregels voor het maken van een buffer en leid ze wiskundig af.&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
#* Evenwichtsconstante berekenen bij 45°C (je krijgt de reactie)&lt;br /&gt;
#* Evenwichtsdruk berekenen als druk in het begin gegeven is&lt;br /&gt;
# K&amp;lt;sub&amp;gt;b&amp;lt;/sub&amp;gt; geven als je redoxkoppel krijgt (in zuur en in basisch midden)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 1 feb 2008 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Welke reacties kunnen een redoxreactie katalyseren?&lt;br /&gt;
# Geef het verband tussen neerslagreacties en complexatiereacties en geef een goed gevonden voorbeeld.&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
#* Evenwichtsconstante berekenen bij 45°C (je krijgt de reactie)&lt;br /&gt;
#* Evenwichtsdruk berekenen als druk in het begin gegeven is&lt;br /&gt;
# K&amp;lt;sub&amp;gt;b&amp;lt;/sub&amp;gt; geven als je redoxkoppel krijgt (in zuur en in basisch midden)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 25 jan 2008 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Leg uit wat tautomerie is + vb.&lt;br /&gt;
# Voor het oxideren werden vroeger vaak de klassieke sterke oxidanten permanaat of dichromaat in zwavelzuur gebruikt, waarom is het gebruik van &amp;amp;quot;piranaha-zuur&amp;amp;quot; (waterstofperoxide in zwavelzuur) aan een opmars bezig?&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# men wil 200 ml maken van een oplossing die 3,81g magnesiumcloride en 0,8g natriumhydroxide bevat. Hoeveel gram ammoniumbromide moet er ook in deze oplossing zitter, opdat er geen neerslag is?&lt;br /&gt;
# Boven/onder welke temperatuur gaat deze reactie spontaan op? &lt;br /&gt;
#* N&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; (g) + O&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;(g) = 2NO (g)&lt;br /&gt;
#* Bereken ook de evenwichtsconstante bij 68°C.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 jan 2007 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# geef verband van de ionbinding en de covalente binding + verklaar&lt;br /&gt;
# geef verband pH en redoxpotentiaal&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# bereken kb van een stof aan hand van 2 redoxpotentialen &lt;br /&gt;
# oefenening waar je een eind temperatuur moest berekenen met warmtecapaciteit en latente verdampingswarmte (aangezien er een faseovergang is)&lt;/div&gt;</summary>
		<author><name>R0884697</name></author>
	</entry>
	<entry>
		<id>https://wiki.chemika.be/index.php?title=Grondslagen_van_de_Chemie&amp;diff=3088</id>
		<title>Grondslagen van de Chemie</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.chemika.be/index.php?title=Grondslagen_van_de_Chemie&amp;diff=3088"/>
		<updated>2022-09-17T09:08:21Z</updated>

		<summary type="html">&lt;p&gt;R0884697: /* 23 augustus 2022 */&lt;/p&gt;
&lt;hr /&gt;
&lt;div&gt;[[Categorie:Bachelor Chemie]]&lt;br /&gt;
[[Categorie:Bachelor Biochemie]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Vakinformatie==&lt;br /&gt;
Basisvak chemie voor 1e bachelor chemie, biochemie, biologie en geologie.&lt;br /&gt;
Gedoceerd door professor &amp;amp;lt;s&amp;amp;gt;Koen Clays&amp;amp;lt;/s&amp;amp;gt; &amp;amp;lt;s&amp;amp;gt;Bart Goderis (sinds academiejaar 2013-2014)&amp;amp;lt;/s&amp;amp;gt; Koen Clays. Het examen is deels mondeling, deels schriftelijk.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen==&lt;br /&gt;
=== 23 augustus 2022===&lt;br /&gt;
Theorie: &lt;br /&gt;
# Schrijf uit hoe je bekomt tot reactie 7 (pagina 119 BOD) en leg je redeneringen uit. (reductie half reacties- reactie uitgeschreven op bord in de les)&lt;br /&gt;
# Leg de relevantie van de ladingsdichthied (niet electronendichtheid) in de scheikunde uit.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# HCN toevoegen om Co(OH)2 beter op te lossen. Welke HCN-concentratie nodig om 6,79 g Co(OH)2 in oplossing te brengen in 250 mL water? (Analoog oefening 8 E4)&lt;br /&gt;
# Is volgende reactie aflopend bij 40 graden celcius? 2NH4NO3 &amp;lt;--&amp;gt; 2N2 + 4H2O + O2 (zie o.a. oef 4/6/7/E5 deel D)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 18 januari 2022 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
1.	Hoe kan je de snelheid van een reactie verhogen, wat gebeurt er met het evenwicht?&lt;br /&gt;
2.	Buffers: vuistregels + afleiding, verband met titratie, is bloed een goede buffer?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
oefening 1:&lt;br /&gt;
a.	molaire oplosbaarheid van Ag2Cr2O7 in zuiver water&lt;br /&gt;
b.	hoeveel NH3 nodig om 0,100 mol AgI op te lossen in 0,500L (Ag(NH3)2^+ wordt gevormd)&lt;br /&gt;
c.	toon aan dat er geen AgOH neerslag gevormd wordt&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
oefening 2:&lt;br /&gt;
a.	redoxreactie opstellen voor N2/NH2OH en Al(OH)4^-/Al&lt;br /&gt;
b.	toon aan dat de reactie aflopend is bij 25°C&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 16 augustus 2021 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#Op welke manieren kan je de snelheid van een reactie vergroten, leg uit wat er dan ook met de evenwichtsconstante gebeurt. Verandert hierbij de ligging van het evenwicht? Gebruik formules of figuren om dit aan te tonen&lt;br /&gt;
#Op welke manier beïnvloedt complexatie het redoxpotentiaal van een metaal? Leg uit, geef een voorbeeld. In de natuur wordt Fe gebruikt voor reversibele redoxreacties. Waarom?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen: &lt;br /&gt;
#Boven of onder welke temperatuur gaat deze reactie spontaan op: O2 (g) + N2 (g) —&amp;gt; 2NO (g)&lt;br /&gt;
#HCN verhoogt de oplosbaarheid van Fe(OH)2, hoe groot is de concentratie van HCN die je nodig hebt om 250 ml 3,37g Fe(OH)2 in oplossing te brengen?”&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 6 januari 2021 ===&lt;br /&gt;
Theorie 1:&lt;br /&gt;
#Bespreek alle K’s die we hebben gezien in de cursus en geef een voorbeeld waarin hun definitie duidelijk wordt. Indien je iets kan zeggen over K&amp;gt;&amp;gt;1 K=1 en K&amp;lt;&amp;lt;1, voeg je dit hieraan toe.&lt;br /&gt;
#Gebruik een voorbeeld uit 1a en leg uit hoe je K puur theoretisch kunt vinden.&lt;br /&gt;
#Geef een mogelijk verband tussen K en k indien er een is.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Theorie 2:&lt;br /&gt;
Bespreek de elektrolyse van water zonder NaCl, met een beetje NaCl en met veel NaCl.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefening 1:&lt;br /&gt;
Bewijs dat dankzij de complexvorming, PbCl2 niet neerslaat, wanneer we 50ml Pb(NO3)2 (0,4M) bij 50ml BaCl2 (0,6M)doen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefening 2:&lt;br /&gt;
0,700M NaHSO3 en 0,450M Na2SO3&lt;br /&gt;
#Bereken de pH.&lt;br /&gt;
#Bereken de pH bij het toevoegen van 20ml KOH.&lt;br /&gt;
#Bij welke concentratie aan NaOH de buffer (100mL) niet meer werkt.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 13 augustus 2020 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
1) Leg homogene, heterogene en enzymatische katalyse uit. Geef ook telkens een voorbeeld. Leg de gelijkenis tussen heterogene en enzymatische katalyse uit. Leg de gelijkenis tussen homogene en enzymatische katalyse uit. /4&lt;br /&gt;
2) Vergelijk chroomvocht (dichromaat in zwavelzuur), piranhazuur (waterstofperoxide in zwavelzuur), koningswater en cyanide in base als oplosmiddelen voor (edel)metalen. /6&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
1) Bereken de oplosbaarheid van AgBr in een 0.053M NH3 oplossing. Ag(NH3)2- wordt gevormd.&lt;br /&gt;
2) Is volgende reactie (reactie gegeven) aflopend bij 68 graden C? Toon aan met berekeningen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 januari 2020 voormiddag ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
1) Hoe evenwicht verschuiven naar kant van producten, verandert er iets aan de snelheid?&lt;br /&gt;
2) De ruimtelijke structuur van de covalente binding, 4 relevante voorbeelden geven en bespreken.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
1) Bereken Kd van complex Ag(CN)2 adhv thermodynamische eigenschap bij 25°C&lt;br /&gt;
2) Na3PO4 0.045 M: bereken werkelijke concentraties van PO43-, Na+, HPO42-, H2PO4-, H3PO4, H3O+, OH- en bereken de pH.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 14 januari 2020 namiddag ===&lt;br /&gt;
theorie:&lt;br /&gt;
#Hoe verklaar je de werking van een &amp;quot;hoog-rendements&amp;quot; brander voor een centrale verwarming? Welke aanpassingen dienen er te gebeuren in vergelijking met een klassieke brander&lt;br /&gt;
#Bespreek de dissociatie van HgCl2. Waarmee is dit te vergelijken?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
oefeningen:&lt;br /&gt;
#Je voegt 50 mL van een 0.0200M AgNO3 - oplossing toe aan 50 mL van een 0.0300M NaCN-oplossing. Zal AgCN neerslaan, ondanks de complexvorming (Kst Ag(CN)2- = 2.5 x 10^20). Verwaarloos de basische eigenschappen van CN-&lt;br /&gt;
#Bepaal grafisch orde van de reactie, de snelheidsconstante en halfwaardetijd. Je krijgt de beginconcentratie van het reagens gegeven, en het verloop van de concentratie van een product. (Dus je moet nog berekenen, hoe het verloop van de concentratie van het reagens gaat)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 13 januari 2020 namiddag ===&lt;br /&gt;
theorie:&lt;br /&gt;
1) bespreek de elektrolyse van water of in een waterige oplossing van zeezout (NaCl) voor volgende situaties: zonder toevoeging van zout, bij toevoeging van een beetje NaCl, bij toevoeging van veel NaCl&lt;br /&gt;
2) Bespreek homogene, heterogene en enzymatische katalyse: geef verschillen en gelijkenissen. Geef telkens een relevant voorbeeld ter illustratie.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
oefeningen:&lt;br /&gt;
1) reactie N2 + O2 --&amp;gt; 2NO gegeven en berekenen boven/onder welke temperatuur de reactie spontaan is&lt;br /&gt;
2) Berekenen hoeveel gram NaCl je moet toevoegen aan 0,448g Cu(OH)2 om dit volledig te kunnen oplossen in 100 ml water als je weet dat het complex [CuCl4]2- wordt gevormd&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 13 januari 2020 voormiddag ===&lt;br /&gt;
theorie&lt;br /&gt;
# Buffer&lt;br /&gt;
# Reactiemechanisme van Broom&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===?===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
1) hoe kan men de snelheid van een chemische reactie vergroten? Verandert dit ook iets aan het evenwicht?&lt;br /&gt;
2) chemische eigenschappen ammoniak, hebben ze dan een zwakke of sterke functie? Geef voorbeeldreacties&lt;br /&gt;
3) bespreek de thermodynamische eigenschappen van de autoprotolyse van water. Zie hiervoor tabel 6.9 BOD&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
1) bereken of neerslag wordt gevormd bij samenvoegen 2 stoffen&lt;br /&gt;
2) bereken potentiaal galvanische cel&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 1 februari 2019 namiddag===&lt;br /&gt;
theorie&lt;br /&gt;
#Leg uit hoe een biprotisch zuur dissocieert en geef een voorbeeld. Vergelijk deze dissociatie met die van HgCl&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;&lt;br /&gt;
#Broom in base&lt;br /&gt;
oefeningen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#Bepaal de standaardreductiepotentiaal van het koppel Zn(OH)&amp;lt;sub&amp;gt;2 (s)&amp;lt;/sub&amp;gt;\ Zn&amp;lt;sub&amp;gt;(s)&amp;lt;/sub&amp;gt; met het oplosbaarheidsproduct van Zn(OH)&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; en de standaardreductiepotentiaal van het koppel Zn&amp;lt;sup&amp;gt;2+&amp;lt;/sup&amp;gt;\ Zn&amp;lt;sub&amp;gt;(s)&amp;lt;/sub&amp;gt; &lt;br /&gt;
#Een klontje vast ethanol met een massa van 50 g wordt bij 155.80 K overgoten met 2.22 L (1 L = 0.79 kg) vloeibaar ethanol waardoor het klontje zal smelten. Wat is de begintemperatuur van het vloeibaar ethanol als je weet dat het systeem een eindtemperatuur van 287.80 K bereikt en als je weet dat er geen energie verloren gaat aan de omgeving?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 21 januari 2019 namiddag===&lt;br /&gt;
theorie&lt;br /&gt;
#vervolledig de reactievergelijking ClO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt; + Cl&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt; -&amp;gt; Cl&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; + H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;O en geef een plausibel reactiemechanisme.&lt;br /&gt;
#bespreek de elektrolyse van water of in een waterig milieu zonder toevoeging van zout, bij toevoeging van een beetje NaCl, bij toevoeging van veel NaCl. &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
oefeningen&lt;br /&gt;
#hoeveel natriumthiosulfaat is er nodig om 0,025 mol AgBr op te lossen in 500 ml? Het complex zilverthiosulfaat wordt gevormd. &lt;br /&gt;
#een ijsklontje met massa 56 gram wordt in 150 g water gedaan om dit af te koelen. Het ijsklontje heeft een begintemperatuur van 0°C en het geheel heeft een eindtemperatuur van 14°C. Bereken de begintemperatuur van het water.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 16 januari 2019 voormiddag===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Bespreek de spontane ontbinding van waterstofperoxide. Welke parameters dragen bij tot de ontbinding en hoe kan je dit tegen gaan?&lt;br /&gt;
#De ruimtelijke structuur van de covalente binding, 4 relevante voorbeelden geven en bespreken.&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#0,040 M 100 mL H&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;PO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt; bij 100 ml 4M Ca&amp;lt;sup&amp;gt;2+&amp;lt;/sup&amp;gt;-ionen. Wordt er neerslag gevormd?&lt;br /&gt;
#Een orde oefening met grafisch de halfwaarde tijd en k bepalen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 januari 2019===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Hoe kan je het evenwicht naar de kant van de producten krijgen. Heeft dit ook invloed op de snelheid van de reactie? /6&lt;br /&gt;
#Stel een chemisch mechanisme op zodat citroenzuur (wat een bestandsdeel is van citroensap) kan ontgiften. /4&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#Bepaal de K&amp;lt;sub&amp;gt;b&amp;lt;/sub&amp;gt; uit de gegeven redoxkoppels (H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;O/H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;O (E&amp;lt;sup&amp;gt;0&amp;lt;/sup&amp;gt;=1.76V) en HO&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;−&amp;lt;/sup&amp;gt;/OH&amp;lt;sup&amp;gt;−&amp;lt;/sup&amp;gt;) (E&amp;lt;sup&amp;gt;0&amp;lt;/sup&amp;gt;=0.87V). Met welke andere 2 koppels kan je dit nog doen? /3&lt;br /&gt;
# Geef de lewisstructuur, hybridisatie, polariteit (+ uitleg), en geometrie van XeF&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; en PBr&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;. /3&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 14 januari 2019===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Geef de twee vuistregels voor een goede buffer en leg ze uit adhv neutralisatiegraad en buffercapaciteit. Leg uit bloed als buffer en waarom het geen ideale buffer is. Geef de relatie tussen een buffer en een pH- titratie(curve). /6&lt;br /&gt;
#Vervolledig deze reactie, BrO&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt;  +  Br&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt; →   Br&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;  +  H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;O, en geef een plausibel reactiemechanisme voor deze reactie (Staat niet in de cursus maar wel gezien als een extra voorbeeld). BOD Tabel 6.2 n.7 /4&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 30 januari 2018 namiddag===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Welke verbindingen zijn zelf niet zuur of basisch, maar vertonen wel zure of basische eigenschappen als ze in water gebracht worden? /6&lt;br /&gt;
# Bespreek de voorwaarden en de gevolgen van het stationariteitsprincipe.  Geef een duidelijk en relevant voorbeeld. /4&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#De stabiliteitsconstante voor de vorming van het complex Pb(OH)&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;2-&amp;lt;/sup&amp;gt; is 1,0.1016. De standaardreductiepotentiaal voor het koppel Pb&amp;lt;sup&amp;gt;2+&amp;lt;/sup&amp;gt;(aq)/Pb(s) is -0,12V. Bereken aan de hand van deze gegevens de standaardreductiepotentiaal voor het koppel Pb(OH)&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;2-&amp;lt;/sup&amp;gt;(aq)/Pb(s). / 3&lt;br /&gt;
#Er wordt een buffer met pH = 6,90 gemaakt uitgaande van NaH&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;PO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt; en Na&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;HPO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;. De eindconcentratie van NaH&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;PO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt; in 400 mL van deze oplossing is 0,020 M. Bereken hoeveel gram dinatriumwaterstoffosfaat er in deze oplossing moet zitten om de beoogde pH te realiseren. Aan deze oplossing wordt 100 mL 0,0080 M HI toegevoegd. Bereken ook de pH na toevoeging hiervan. Vanaf hoeveel mol NaOH toegevoegd zou de startbuffer niet meer werkzaam zijn? Licht kort toe. /3&lt;br /&gt;
&amp;lt;sup&amp;gt;&amp;lt;/sup&amp;gt;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 23 januari 2018 namiddag===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Stel een mogelijk reactiemechanisme voor bij reactie 7 BOD tabel 6.2. /4&lt;br /&gt;
#Waarom mag men geen ontkalker bij javel doen? Geef alle relevante reacties. /6&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#Bepaal de baseconstante van NH&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt; aan de hand van de standaardreductiepotentialen van de redoxkoppels. /3&lt;br /&gt;
#Geef de Lewisstructuur, hybridisatie en polariteit van XeF&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; en HClO&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;. /3&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 22 januari 2018 namiddag===&lt;br /&gt;
Theorie &lt;br /&gt;
# Hoe kan men het evenwicht naar de producten doen verschuiven? Heeft dit dan ook gevolgen voor de reactiesnelheid? /4&lt;br /&gt;
# Vergelijk chroomvocht (dichromaat in zwavelzuur), piranhazuur (waterstofperoxide in zwavelzuur), koningswater en cyanide in base als oplosmiddelen voor (edel)metalen. /6&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
# Je wilt 0.488 g Cu(OH)&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; oplossen in water tot een eindvolume van 100 mL. Bereken hoeveel gram NaCl er nodig is om ervoor te zorgen dat Cu(OH)&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; niet neerslaat. Het CuCl&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;2-&amp;lt;/sup&amp;gt; complex wordt gevormd. /3&lt;br /&gt;
# Bepaal grafisch de activeringsenergie van de reactie (tabel met temperatuur en snelheidsconstantes gegeven). Bepaal ook de snelheidsconstante bij 37°C. Kan je hiermee iets zeggen over de orde van de reactie? /3&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 17 januari 2018 ===&lt;br /&gt;
Theorie &lt;br /&gt;
# Hoe kan de snelheid van de reactie beïnvloed worden? Verandert dan ook de ligging van het evenwicht van de reactie? /6&lt;br /&gt;
# Welke factoren bepalen of een molecule al dan niet een permanent dipoolmoment bezit? Geef duidelijke voorbeelden. /4&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
# Je wilt 42.72 g Fe(OH)&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt; oplossen in water tot een eindvolume van 500 mL. Bereken welke concentratie waterstoffluoride (HF) er nodig is om ervoor te zorgen dat Fe(OH)&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt; niet neerslaat. /3&lt;br /&gt;
# Stel de correcte redoxreactie op van de koppels Br&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;/Br&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt; en AsO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;3-&amp;lt;/sup&amp;gt;/AsO&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt;. Toon aan met berekeningen dat het over een aflopende reactie gaat bij kamertemperatuur (25°C) /3&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 16 januari 2018 ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
# Bespreek de reactie van chloor in base. Geef een belangrijke toepassing.&lt;br /&gt;
# Vergelijk de ideale gaswet met de van der Waalsvergelijking voor reële gassen en bespreek de trend in co-volume b en cohesiedruk a (BOD p.141) voor H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;, N&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;, CO&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; en C&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;H&amp;lt;sub&amp;gt;10&amp;lt;/sub&amp;gt;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 januari 2018 namiddag ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
# BOD tabel 6.2, reactie 8: stel een mogelijk reactiemachanisme voor&lt;br /&gt;
# Wat zijn de 2 vuistregels van een goeie buffer? Leidt deze af aan de hand van de begrippen neutralisatiegraad en buffercapaciteit. Leg de link met pH-titratie. Leg uit: bloed als buffer&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
# bepaal de baseconstante van MnO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;2-&amp;lt;/sup&amp;gt; aan de hand van de standaardreductiepotentialen van de redoxkoppels&lt;br /&gt;
# lewisstructuur, hybridisatie en polariteit van 2 moleculen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 januari 2018 namiddag ===&lt;br /&gt;
(examen voor gedeeltelijke vrijstelling, enkel vragen deel E)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
# Wat zijn de drijvende krachten bij een complexatiereactie? Toon aan met goed gekozen voorbeelden, en leg uit aan de hand van de kenmerken van een hoge stabiliteitsconstante. /4&lt;br /&gt;
# Wat zijn de 2 vuistregels van een goeie buffer? Leidt deze af aan de hand van de begrippen neutralisatiegraad en buffercapaciteit. Leg de link met pH-titratie. Leg uit: bloed als buffer. /6&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
# Bepaal de baseconstante van MnO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;2-&amp;lt;/sup&amp;gt; aan de hand van de standaardreductiepotentialen van de redoxkoppels /3&lt;br /&gt;
# Hoeveel zilverbromide kan je oplossen in een 0.530M ammoniakoplossing. Verwaarloos de basische eigenschappen van NH&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;. /3 (Toepassing neerslag &amp;amp; complexatie)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 1 september 2017 ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Waarom zijn er diagonaalrelaties? Geef voorbeelden van chemische eigenschappen die gebruikt worden in chemische reacties. /5 &lt;br /&gt;
#Geef het verband tussen de redoxpotentiaal van een redoxhalfreactie en de evenwichtconstante van de gehele reactie. Geef ook de gevolgen. /5&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#Berekenen of er neerslagvorming optreedt. &lt;br /&gt;
#Vrijgekomen warmte en energie uit een reactie berekenen. &lt;br /&gt;
=== 25 Augustus 2017 ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Vergelijk het verschil van de invloed van temperatuur op de reactiesnelheid en het evenwicht - zowel in formulevorm als grafisch /6&lt;br /&gt;
k &amp;amp; K afleiden en grafisch weergeven met resp. ln k ~ 1/T en ln K ~ 1/T (voor dH&amp;gt;0 en dH&amp;lt;0)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#Welke chemisch relevante eigenschappen van atomen kan je afleiden van de positie in het periodiek systeem? /4 &lt;br /&gt;
Zuur-base; oxidans-reductans (+verband), ... (atomen, niet ionen van het element!)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#Hoeveel zilverbromide kan je oplossen in een 0.53M ammonium oplossing. Verwaarloos de basische eigenschappen van NH&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;. /3&lt;br /&gt;
(Toepassing neerslag &amp;amp; complexatie)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#Redoxreactie van SO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;2-&amp;lt;/sup&amp;gt;(aq)/SO&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;2-&amp;lt;/sup&amp;gt;(aq)- en MnO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt;(aq)/MnO(v). /3&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 21 Augustus 2017 ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Hoe kan het evenwicht in de richting van de producten worden verschoven? Heeft dit invloed op het evenwicht? /6&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;concentratie wijzigen&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
principe van Le Chatelier&lt;br /&gt;
hogere concentratie → meer kans op botsingen → sneller&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;druk wijzigen&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
bij drukverhoging → daalt volume → c=n/v dus concentratie stijgt (vanaf dan analoog aan Le Chatelier)&lt;br /&gt;
bij drukverlaging is gunstig voor reacties waarbij ΔN = (N&amp;lt;sub&amp;gt;producten&amp;lt;/sub&amp;gt; - N&amp;lt;sub&amp;gt;reagentia&amp;lt;/sub&amp;gt;) negatief is(N staat voor de coëfficiënten van de stoffen in de reactie)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;temperatuur wijzigen&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
K&amp;lt;sub&amp;gt;ev&amp;lt;/sub&amp;gt; is temperatuursafhankelijk → ΔG =-RTln(K) ↔ ln(k)=-ΔH/RT +ΔS/R (teken grafiek 1/T met ln(k))&lt;br /&gt;
endo → hoge T is gunstig&lt;br /&gt;
exo → lage T is gunstig&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#Wat is het verband tussen neerslag- en complexatiereacties? /4&lt;br /&gt;
ionen met een hoge ladingsdichtheid kunnen niet zoals bijvoorbeeld Na&amp;lt;sup&amp;gt;+&amp;lt;/sup&amp;gt; en Cl&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt; (afkomstig van goed oplosbaar zou NaCl) in oplossing voorkomen,&lt;br /&gt;
aangezien dit niet stabiel is.&lt;br /&gt;
gaan dus ofwel neerslaan ofwel complexeren&lt;br /&gt;
(K&amp;lt;sub&amp;gt;sp&amp;lt;/sub&amp;gt; en 1/K&amp;lt;sub&amp;gt;st&amp;lt;/sub&amp;gt; vergelijken → de stabielste toestand gaat zich dan voordoen)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#Teken de lewis-structuur, geef het sterisch getal, hybridisatie, geometrische en atoomstructuur van HCN en ICl&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;. Geef ook aan of ze polair zijn of niet. /3&lt;br /&gt;
#Leid de K&amp;lt;sub&amp;gt;b&amp;lt;/sub&amp;gt; af van AsO&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt; aan de hand van zijn standaarreductiepotentiaal. Kies zelf een goed redoxkoppel. /3&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 24 januari 2017 ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Welke verbindingen zijn zelf niet zuur of basisch, maar vertonen wel zure of basische eigenschappen als ze in water gebracht worden? /6&lt;br /&gt;
#Hoe kunnen meerdere verschillende kationen die samen in een mengsel voorkomen, van elkaar gescheiden worden? Waarop moet je letten om de scheiding zo volledig mogelijk te laten gebeuren? /4&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#Berekenen of een reactie neerslaat of niet ondanks complexvorming /3&lt;br /&gt;
#correcte redoxreactie van 2 gegeven koppels schrijven en berekenen dat dit een aflopende reactie is. /3&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 23 januari 2017 ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Bij welke reacties is quenchen van toepassing? Leg goed uit en geef een voorbeeld. /4&lt;br /&gt;
#Vergelijk chroomvocht, piranhazuur, koningswater en cyanide in base als oplossmiddel voor (edel)metalen. /6&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#Roosterenergie berekenen /2.5&lt;br /&gt;
#concentratie zout berekenen die toegevoegd moet worden om gegeven hoeveelheid neerslag op te doen lossen. /3.5&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 18 januari 2017 ===&lt;br /&gt;
VM&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Hoe kan je de reactiesnelheid beïnvloeden? Wat betekent dit voor het chemisch evenwicht? /4&lt;br /&gt;
#Wat gebeurt er bij de elektrolyse van water voor geen, een weinig en veel NaCL? /6&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#pH + werkelijke ionenconcentraties van een bioprotisch zuur berekenen /3&lt;br /&gt;
#een slecht oplosbaar zout oplossen aan de hand van complexatie door een te berekenen massa NaCl toe te voegen /3&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 17 januari 2017 ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Hoe kan je het evenwicht naar de kant van de producten brengen? Heeft dit een invloed op de snelheid?&lt;br /&gt;
#Geef het verband tussen protontransferreacties en elektrontransferreacties. Geef voorbeelden die dit verduidelijken.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#Berekenen of een reactie neerslaat of niet ondanks complexvorming.&lt;br /&gt;
#Bepaal de hybridisatie en geometrie van PCl&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt; en SF&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;. Teken de atoomstructuur en zijn deze moleculen polair of apolair en een uitleg waarom.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 16 januari 2017 ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Vuistregels met afleiding van buffers geven, dit ook toepassen op pH titraties, bloed als buffer bespreken&lt;br /&gt;
#Hebben kationen basische of zure eigenschappen, zijn dit dan zwakke of sterke zuren of basen (voorbeelden kunnen helpen en verduidelijkend zijn)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen &lt;br /&gt;
#Aantal mL en molair NiSO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;-oplossing samenvoegen met een aantal ml en molair NH&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;, toon aan dat ondanks het gevormde complex nikkel (II) ammoniak er toch nog neerslag gevormd wordt&lt;br /&gt;
#Een tabel gegeven van temperatuur en snelheidsconstante, de opdracht is grafisch de activeringsenergie te berekenen en k te berekenen bij 250°C&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== XX Augustus 2016 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#Leg de verschillende soorten isomerie uit + wat is tautomerie?&lt;br /&gt;
#Leg uit waarom fluoride in tandpasta zit (alle 6 puntjes geven, dus ook vorming CaF uitleggen)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#Random oefening uit oefenzitting&lt;br /&gt;
#Berekend de K&amp;lt;sub&amp;gt;w&amp;lt;/sub&amp;gt; vertrekkende vanuit de standaardreductiepotentialen voor water in zuur/basisch milieu&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===XX januari 2016===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#Leg de elementaire reactiestappen uit adhv voorbeelden (mono,bi,termoleculair, stationariteitsprincipe, vorming ozon)&lt;br /&gt;
#Geef de &#039;&#039;&#039;essentie&#039;&#039;&#039; van een titratie + grafieken&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
oefeningen:&lt;br /&gt;
#Oplosbaarheid van AgNO&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt; berekenen na toevoegen van een of ander zuur/base&lt;br /&gt;
#nog een oefening&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===  11 januari 2016 ===&lt;br /&gt;
#Hoe bepaal je de geometrische structuur bij covalent gebonden atomen en geef 3 voorbeelden &lt;br /&gt;
#bij welke reactie is quenching van toepassing?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===XX januari 2016===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#heterogene en homogene en enzymatische katalysator + alles uitleggen hiervan&lt;br /&gt;
#loodbatterij&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===12 januari 2016===&lt;br /&gt;
#Verschillen tussen Co en Fe en zeggen waarom Fe gebruikt wordt voor zuurstof transport &lt;br /&gt;
#het verschil tussen C dubbel gebonden en enkel gebonden &lt;br /&gt;
#bij de oefeningen was eentje E&amp;lt;sup&amp;gt;0&amp;lt;/sup&amp;gt; bepalen ahv K&amp;lt;sub&amp;gt;a&amp;lt;/sub&amp;gt; en een andere E&amp;lt;sup&amp;gt;0&amp;lt;/sup&amp;gt; &lt;br /&gt;
#andere grafisch de orde enzo bepalen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===10 JAN 2014===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#Roosterenergie van 2 roosters (NaCl en MgO) berekenen met de formule, zeggen of er nog een andere manier was om die te vinden (Hess) en of er een verschil in uitkomst te verwachten was tussen de twee manieren. Vergelijken van de pH van de twee oplossingen.&lt;br /&gt;
#Uitleggen waarom termoleculaire reactiestappen omwaarschijnlijk zijn. Reactiemechanisme van 2HI + H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;O&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; → I&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; + H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;O  geven. Stationariteitsprincipe uitleggen en zeggen of het op die reactie van toepassing was. &lt;br /&gt;
#Waar/soms waar/niet waar: Een proces is spontaan als de entropie in het systeem toeneemt. &lt;br /&gt;
#Uitleggen wat een buffer is en de vuistregels voor een goede buffer uitleggen zonder de hele wiskundige berekening te doen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen.&lt;br /&gt;
#Oplosbaarheid van AgBr, complexatie met thiosulfaat en alternatieve manier geven om oplosbaarheid te verhogen. Uitleggen waarom die laatste manier weinig effect zou hebben.&lt;br /&gt;
#Celpotentiaal berekenen van een gegeven schematische voorstelling.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===11 JAN 2013===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Vergelijk de elektronenstructuur van de atomen N en O met die van de moleculen N&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; en O&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;. Licht de hierbij essentiële principes toe.&lt;br /&gt;
# Geef de chemische functies van water. Geef bij iedere functie een voorbeeld in de vorm van een reactievergelijking. Is water sterk of zwak in deze functie?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# CuSO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt; oplossing met NH&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt; oplossing (grootheden gegeven). Laat zien dat er ondanks de complexatie toch nog neerslagvorming optreedt.&lt;br /&gt;
# Gegeven concentraties (van reactieproduct) in functie van de tijd. Bepaal grafisch de orde en de halfwaardetijd.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===3 FEB 2012 NM===&lt;br /&gt;
# Geef twee vuistregels voor een goede buffer en toon ze aan aan de hand van de neutralisatiegraad en de buffer capaciteit. &lt;br /&gt;
#* Geef het verband hiervan met pH- titratie &lt;br /&gt;
#* Is bloed een goede buffer ? Verklaar. &lt;br /&gt;
# Verklaar waarom men tandpasta fluorideert.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===30 JAN 2012 NM===&lt;br /&gt;
# Beschrijf en vergelijk de kinematica en thermodynamica van de methatesereactie en de liganduitwisselingsreactie.&lt;br /&gt;
# Broom in base.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===30 JAN 2012 VM===&lt;br /&gt;
# Welke reacties kunnen optreden als katalysator bij redoxreacties?&lt;br /&gt;
# Leidt de halfreacties van een zwavelzure loodbatterij af&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===24 JAN 2012 VM===&lt;br /&gt;
# hoe bepaal je de elektronenconfiguratie van diatomaire moleculen en geef twee duidelijk verschillende voorbeelden&lt;br /&gt;
# vergelijk Al en Li voor batterijen, geef voor en nadelen en verklaar waarom er Li batterijen zijn en geen Al&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 JAN 2012 NM===&lt;br /&gt;
# staaf met enkele goed gekoze voorbeelden het belang van de ladingsdichtheid in de chemie&lt;br /&gt;
# welke reacties hebben er baat bij quenching toe te passen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 JAN 2012 VM===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Beschrijf en vergelijk de kinematica en thermodynamica van de methatesereactie en de liganduitwisselingsreactie. &lt;br /&gt;
# Leg de elektrolyse van water uit in de volgende omstandigheden:1. zonder zout, 2. met een beetje zout en 3. met oplossing van veel zeezout. &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 JAN 2012 NM===&lt;br /&gt;
Theorie :&lt;br /&gt;
# geef de vuistregels voor bufferoplossing + afleiden buffercapaciteit en neutralisatiegraad. link met pH-titratie. vertellen over bloed als buffer, goede/slechte buffer?&lt;br /&gt;
# iets van Fe complexatie, waarom de natuur is aangepast aan ademhaling door complexvorming van Fe met zuurstof&lt;br /&gt;
Oefeningen :&lt;br /&gt;
# van deel C met een tabel met waarden, orde van reactie afleiden + grafisch k en t&amp;lt;sub&amp;gt;1/2&amp;lt;/sub&amp;gt; bepalen&lt;br /&gt;
# berekenen of PbOH&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; neerslaat, uit een mengsel van PbSO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt; met NaOH geloof ik&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 JAN 2012 VM===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Vergelijk de bindingssterkte en reactiviteit van C=C en C - C (enkelvoudige binding) op 4 ptn&lt;br /&gt;
# Vergelijk de afhankelijkheid van de temperatuur voor de snelheidsconstante en de evenwichtsconstante&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===1 FEB 2011=== &lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Bespreek: Chroomvocht, Piranhazuur , koningswater en cyanide in base en hun werking op (edel)metalen. (/6)&lt;br /&gt;
# Wat is een indicator en hoe werkt het? (/4)&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# P&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt; + BR&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; =&amp;amp;gt; PBR&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt; vul aan met coefficienten en bereken de temperatuur waarvoor deze reactie spontaan zal verlopen. (/2.5)&lt;br /&gt;
# en een oefening over de combinatie van complexvorming van AlOH&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt; en de neerslag van AlOH&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;. (/3.5)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 1 sep 2010 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Verschillen en gelijkenissen tussen homogene, heterogene en enzymatische katalyse geven. Verduidelijken met vb.&lt;br /&gt;
# Bindingssterkte en reactiviteit vergelijken tussen C-C en C=C. Welke reacties ondergaan ze.&lt;br /&gt;
Oefingen:&lt;br /&gt;
# Oplosbaarheid&lt;br /&gt;
# Enthalpie &amp;amp;amp; Entropie&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===28 jan 2010===&lt;br /&gt;
# bespreek de oplosbaarheid van metalen in zuur en basisch milieu (/6) &lt;br /&gt;
# bespreek &amp;amp;quot;quenching&amp;amp;quot; en voor welke reacties is dit toepasbaar? (/4) &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
oefeningen: &lt;br /&gt;
# bepaal de oplosbaarheid van AgBr in een molaire NH&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt; oplossing (complexvorming) &lt;br /&gt;
# een reactie difluor en diwaterstof -&amp;amp;gt; 2HF. Gaat deze reactie op bij 500K ?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===26 jan 2010===&lt;br /&gt;
# vergelijk piranhazuur, koningswater, dichromaat en cyanide voor het oplossen van edelmetalen. (.../6)&lt;br /&gt;
# welke reacties kunnen als katalysator optreden bij een redoxreactie? (.../4)&lt;br /&gt;
oefeningen:&lt;br /&gt;
# Een oplossing van Ti(II)-ionen wordt in zuur midden getitreerd met een dichromaatoplossing (K&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;Cr&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;O&amp;lt;sub&amp;gt;7-&amp;lt;/sub&amp;gt;oplossing). Hierbij worden het Cr(III)-ion en het Ti(III)-ion gevormd. Toon aan dat het gaat om een aflopende reactie.Het verloop van de titratie wordt potentiometrisch gevolgd en ook de pH wordt constant gemeten. In de oplossing zit nog een kalomelelektrode (E&amp;lt;sup&amp;gt;0&amp;lt;/sup&amp;gt;=0.25V) die aan de anode gekoppeld is en een platina-elektrode. Op zeker ogenblik - na het passeren van het equivalentiepunt - wordt een celpotentiaal van 0.95V gemeten en een pH van 1.2. Bereken de concentratie aan Cr&amp;lt;sup&amp;gt;3+&amp;lt;/sup&amp;gt; ionen, als je weet dat deze concentratie vier maal hoger ligt dan die van de dichromaationen. (.../3)&lt;br /&gt;
# Aan een oplossing van 70 ml 0.20 M nikkelsulfaat wordt 30 ml 0.60 M ammoniak toegevoegd. Toon aan dat er - ondanks de complexvorming - toch hydroxideneerslag gevormd zal worden. (.../3)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== jan 2010 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Toon het belang aan van ladingsdichtheid in de scheikunde. Geef telkens duidelijk verschillende voorbeelden als het over verschillende soorten reacties gaat.&lt;br /&gt;
# Bespreek de reactie van broom in base. Geef een relevante toepassing.&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# Bij 298 K gaat onderstaande reactie op. Men maakt een oplossing van 35,5 g van Cl&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; en 0,1 g van H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; in een totaal volume van 200 ml. Wat zijn de evenwichtsconcentraties van H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;, Cl&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; en HCl ?&lt;br /&gt;
#*H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;(g) + Cl&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;(g) &amp;amp;lt;=&amp;amp;gt; 2HCl(g) &lt;br /&gt;
# Bereken de Kb van IO-, uitgaande van&lt;br /&gt;
#*IO&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt;(aq) / HIO(l)   E&amp;lt;sup&amp;gt;0&amp;lt;/sup&amp;gt; = 1,13V&lt;br /&gt;
#*IO&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt;(aq) / IO&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt;(aq)  E&amp;lt;sup&amp;gt;0&amp;lt;/sup&amp;gt; = 0,15V&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== jan 2009 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Wat is een dipoolmoment?&lt;br /&gt;
# Vroeger werd kaliumpermanganaat e.a. veel gebruikt als goede oxidator. Tegenwoordig wordt pirhanazuur (mengsel waterstofperoxide/zwavelzuur) gebruikt. Waarom?&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# Temperatuurverandering berekenen van ijs (faseverandering,...)&lt;br /&gt;
# Nog zo&#039;n oefening in die aard.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== jan 2009 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Vergelijk de temperatuursafhankelijkheid van de evenwichtsconstante en de snelheidsconstante.&lt;br /&gt;
# Waarom is een stof goed of slecht oplosbaar in water? En hoe kan je een slecht oplosbare stof beter oplosbaar maken?&lt;br /&gt;
# Maak een vergelijking tussen thermodinamica en kinetica van metathesereacties versus complexatiereacties.&lt;br /&gt;
# Geef de 2 hoofdregels voor het maken van een buffer en leid ze wiskundig af.&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
#* Evenwichtsconstante berekenen bij 45°C (je krijgt de reactie)&lt;br /&gt;
#* Evenwichtsdruk berekenen als druk in het begin gegeven is&lt;br /&gt;
# K&amp;lt;sub&amp;gt;b&amp;lt;/sub&amp;gt; geven als je redoxkoppel krijgt (in zuur en in basisch midden)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 1 feb 2008 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Welke reacties kunnen een redoxreactie katalyseren?&lt;br /&gt;
# Geef het verband tussen neerslagreacties en complexatiereacties en geef een goed gevonden voorbeeld.&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
#* Evenwichtsconstante berekenen bij 45°C (je krijgt de reactie)&lt;br /&gt;
#* Evenwichtsdruk berekenen als druk in het begin gegeven is&lt;br /&gt;
# K&amp;lt;sub&amp;gt;b&amp;lt;/sub&amp;gt; geven als je redoxkoppel krijgt (in zuur en in basisch midden)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 25 jan 2008 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Leg uit wat tautomerie is + vb.&lt;br /&gt;
# Voor het oxideren werden vroeger vaak de klassieke sterke oxidanten permanaat of dichromaat in zwavelzuur gebruikt, waarom is het gebruik van &amp;amp;quot;piranaha-zuur&amp;amp;quot; (waterstofperoxide in zwavelzuur) aan een opmars bezig?&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# men wil 200 ml maken van een oplossing die 3,81g magnesiumcloride en 0,8g natriumhydroxide bevat. Hoeveel gram ammoniumbromide moet er ook in deze oplossing zitter, opdat er geen neerslag is?&lt;br /&gt;
# Boven/onder welke temperatuur gaat deze reactie spontaan op? &lt;br /&gt;
#* N&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; (g) + O&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;(g) = 2NO (g)&lt;br /&gt;
#* Bereken ook de evenwichtsconstante bij 68°C.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 jan 2007 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# geef verband van de ionbinding en de covalente binding + verklaar&lt;br /&gt;
# geef verband pH en redoxpotentiaal&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# bereken kb van een stof aan hand van 2 redoxpotentialen &lt;br /&gt;
# oefenening waar je een eind temperatuur moest berekenen met warmtecapaciteit en latente verdampingswarmte (aangezien er een faseovergang is)&lt;/div&gt;</summary>
		<author><name>R0884697</name></author>
	</entry>
	<entry>
		<id>https://wiki.chemika.be/index.php?title=Grondslagen_van_de_Chemie&amp;diff=3087</id>
		<title>Grondslagen van de Chemie</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.chemika.be/index.php?title=Grondslagen_van_de_Chemie&amp;diff=3087"/>
		<updated>2022-09-17T09:07:59Z</updated>

		<summary type="html">&lt;p&gt;R0884697: /* 23 augustus 2022 */&lt;/p&gt;
&lt;hr /&gt;
&lt;div&gt;[[Categorie:Bachelor Chemie]]&lt;br /&gt;
[[Categorie:Bachelor Biochemie]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Vakinformatie==&lt;br /&gt;
Basisvak chemie voor 1e bachelor chemie, biochemie, biologie en geologie.&lt;br /&gt;
Gedoceerd door professor &amp;amp;lt;s&amp;amp;gt;Koen Clays&amp;amp;lt;/s&amp;amp;gt; &amp;amp;lt;s&amp;amp;gt;Bart Goderis (sinds academiejaar 2013-2014)&amp;amp;lt;/s&amp;amp;gt; Koen Clays. Het examen is deels mondeling, deels schriftelijk.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen==&lt;br /&gt;
=== 23 augustus 2022===&lt;br /&gt;
Theorie: &lt;br /&gt;
#1. Schrijf uit hoe je bekomt tot reactie 7 (pagina 119 BOD) en leg je redeneringen uit. (reductie half reacties- reactie uitgeschreven op bord in de les)&lt;br /&gt;
#2. Leg de relevantie van de ladingsdichthied (niet electronendichtheid) in de scheikunde uit.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
#1. HCN toevoegen om Co(OH)2 beter op te lossen. Welke HCN-concentratie nodig om 6,79 g Co(OH)2 in oplossing te brengen in 250 mL water? (Analoog oefening 8 E4)&lt;br /&gt;
#2. Is volgende reactie aflopend bij 40 graden celcius? 2NH4NO3 &amp;lt;--&amp;gt; 2N2 + 4H2O + O2 (zie o.a. oef 4/6/7/E5 deel D)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 18 januari 2022 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
1.	Hoe kan je de snelheid van een reactie verhogen, wat gebeurt er met het evenwicht?&lt;br /&gt;
2.	Buffers: vuistregels + afleiding, verband met titratie, is bloed een goede buffer?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
oefening 1:&lt;br /&gt;
a.	molaire oplosbaarheid van Ag2Cr2O7 in zuiver water&lt;br /&gt;
b.	hoeveel NH3 nodig om 0,100 mol AgI op te lossen in 0,500L (Ag(NH3)2^+ wordt gevormd)&lt;br /&gt;
c.	toon aan dat er geen AgOH neerslag gevormd wordt&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
oefening 2:&lt;br /&gt;
a.	redoxreactie opstellen voor N2/NH2OH en Al(OH)4^-/Al&lt;br /&gt;
b.	toon aan dat de reactie aflopend is bij 25°C&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 16 augustus 2021 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#Op welke manieren kan je de snelheid van een reactie vergroten, leg uit wat er dan ook met de evenwichtsconstante gebeurt. Verandert hierbij de ligging van het evenwicht? Gebruik formules of figuren om dit aan te tonen&lt;br /&gt;
#Op welke manier beïnvloedt complexatie het redoxpotentiaal van een metaal? Leg uit, geef een voorbeeld. In de natuur wordt Fe gebruikt voor reversibele redoxreacties. Waarom?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen: &lt;br /&gt;
#Boven of onder welke temperatuur gaat deze reactie spontaan op: O2 (g) + N2 (g) —&amp;gt; 2NO (g)&lt;br /&gt;
#HCN verhoogt de oplosbaarheid van Fe(OH)2, hoe groot is de concentratie van HCN die je nodig hebt om 250 ml 3,37g Fe(OH)2 in oplossing te brengen?”&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 6 januari 2021 ===&lt;br /&gt;
Theorie 1:&lt;br /&gt;
#Bespreek alle K’s die we hebben gezien in de cursus en geef een voorbeeld waarin hun definitie duidelijk wordt. Indien je iets kan zeggen over K&amp;gt;&amp;gt;1 K=1 en K&amp;lt;&amp;lt;1, voeg je dit hieraan toe.&lt;br /&gt;
#Gebruik een voorbeeld uit 1a en leg uit hoe je K puur theoretisch kunt vinden.&lt;br /&gt;
#Geef een mogelijk verband tussen K en k indien er een is.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Theorie 2:&lt;br /&gt;
Bespreek de elektrolyse van water zonder NaCl, met een beetje NaCl en met veel NaCl.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefening 1:&lt;br /&gt;
Bewijs dat dankzij de complexvorming, PbCl2 niet neerslaat, wanneer we 50ml Pb(NO3)2 (0,4M) bij 50ml BaCl2 (0,6M)doen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefening 2:&lt;br /&gt;
0,700M NaHSO3 en 0,450M Na2SO3&lt;br /&gt;
#Bereken de pH.&lt;br /&gt;
#Bereken de pH bij het toevoegen van 20ml KOH.&lt;br /&gt;
#Bij welke concentratie aan NaOH de buffer (100mL) niet meer werkt.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 13 augustus 2020 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
1) Leg homogene, heterogene en enzymatische katalyse uit. Geef ook telkens een voorbeeld. Leg de gelijkenis tussen heterogene en enzymatische katalyse uit. Leg de gelijkenis tussen homogene en enzymatische katalyse uit. /4&lt;br /&gt;
2) Vergelijk chroomvocht (dichromaat in zwavelzuur), piranhazuur (waterstofperoxide in zwavelzuur), koningswater en cyanide in base als oplosmiddelen voor (edel)metalen. /6&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
1) Bereken de oplosbaarheid van AgBr in een 0.053M NH3 oplossing. Ag(NH3)2- wordt gevormd.&lt;br /&gt;
2) Is volgende reactie (reactie gegeven) aflopend bij 68 graden C? Toon aan met berekeningen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 januari 2020 voormiddag ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
1) Hoe evenwicht verschuiven naar kant van producten, verandert er iets aan de snelheid?&lt;br /&gt;
2) De ruimtelijke structuur van de covalente binding, 4 relevante voorbeelden geven en bespreken.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
1) Bereken Kd van complex Ag(CN)2 adhv thermodynamische eigenschap bij 25°C&lt;br /&gt;
2) Na3PO4 0.045 M: bereken werkelijke concentraties van PO43-, Na+, HPO42-, H2PO4-, H3PO4, H3O+, OH- en bereken de pH.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 14 januari 2020 namiddag ===&lt;br /&gt;
theorie:&lt;br /&gt;
#Hoe verklaar je de werking van een &amp;quot;hoog-rendements&amp;quot; brander voor een centrale verwarming? Welke aanpassingen dienen er te gebeuren in vergelijking met een klassieke brander&lt;br /&gt;
#Bespreek de dissociatie van HgCl2. Waarmee is dit te vergelijken?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
oefeningen:&lt;br /&gt;
#Je voegt 50 mL van een 0.0200M AgNO3 - oplossing toe aan 50 mL van een 0.0300M NaCN-oplossing. Zal AgCN neerslaan, ondanks de complexvorming (Kst Ag(CN)2- = 2.5 x 10^20). Verwaarloos de basische eigenschappen van CN-&lt;br /&gt;
#Bepaal grafisch orde van de reactie, de snelheidsconstante en halfwaardetijd. Je krijgt de beginconcentratie van het reagens gegeven, en het verloop van de concentratie van een product. (Dus je moet nog berekenen, hoe het verloop van de concentratie van het reagens gaat)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 13 januari 2020 namiddag ===&lt;br /&gt;
theorie:&lt;br /&gt;
1) bespreek de elektrolyse van water of in een waterige oplossing van zeezout (NaCl) voor volgende situaties: zonder toevoeging van zout, bij toevoeging van een beetje NaCl, bij toevoeging van veel NaCl&lt;br /&gt;
2) Bespreek homogene, heterogene en enzymatische katalyse: geef verschillen en gelijkenissen. Geef telkens een relevant voorbeeld ter illustratie.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
oefeningen:&lt;br /&gt;
1) reactie N2 + O2 --&amp;gt; 2NO gegeven en berekenen boven/onder welke temperatuur de reactie spontaan is&lt;br /&gt;
2) Berekenen hoeveel gram NaCl je moet toevoegen aan 0,448g Cu(OH)2 om dit volledig te kunnen oplossen in 100 ml water als je weet dat het complex [CuCl4]2- wordt gevormd&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 13 januari 2020 voormiddag ===&lt;br /&gt;
theorie&lt;br /&gt;
# Buffer&lt;br /&gt;
# Reactiemechanisme van Broom&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===?===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
1) hoe kan men de snelheid van een chemische reactie vergroten? Verandert dit ook iets aan het evenwicht?&lt;br /&gt;
2) chemische eigenschappen ammoniak, hebben ze dan een zwakke of sterke functie? Geef voorbeeldreacties&lt;br /&gt;
3) bespreek de thermodynamische eigenschappen van de autoprotolyse van water. Zie hiervoor tabel 6.9 BOD&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
1) bereken of neerslag wordt gevormd bij samenvoegen 2 stoffen&lt;br /&gt;
2) bereken potentiaal galvanische cel&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 1 februari 2019 namiddag===&lt;br /&gt;
theorie&lt;br /&gt;
#Leg uit hoe een biprotisch zuur dissocieert en geef een voorbeeld. Vergelijk deze dissociatie met die van HgCl&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;&lt;br /&gt;
#Broom in base&lt;br /&gt;
oefeningen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#Bepaal de standaardreductiepotentiaal van het koppel Zn(OH)&amp;lt;sub&amp;gt;2 (s)&amp;lt;/sub&amp;gt;\ Zn&amp;lt;sub&amp;gt;(s)&amp;lt;/sub&amp;gt; met het oplosbaarheidsproduct van Zn(OH)&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; en de standaardreductiepotentiaal van het koppel Zn&amp;lt;sup&amp;gt;2+&amp;lt;/sup&amp;gt;\ Zn&amp;lt;sub&amp;gt;(s)&amp;lt;/sub&amp;gt; &lt;br /&gt;
#Een klontje vast ethanol met een massa van 50 g wordt bij 155.80 K overgoten met 2.22 L (1 L = 0.79 kg) vloeibaar ethanol waardoor het klontje zal smelten. Wat is de begintemperatuur van het vloeibaar ethanol als je weet dat het systeem een eindtemperatuur van 287.80 K bereikt en als je weet dat er geen energie verloren gaat aan de omgeving?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 21 januari 2019 namiddag===&lt;br /&gt;
theorie&lt;br /&gt;
#vervolledig de reactievergelijking ClO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt; + Cl&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt; -&amp;gt; Cl&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; + H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;O en geef een plausibel reactiemechanisme.&lt;br /&gt;
#bespreek de elektrolyse van water of in een waterig milieu zonder toevoeging van zout, bij toevoeging van een beetje NaCl, bij toevoeging van veel NaCl. &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
oefeningen&lt;br /&gt;
#hoeveel natriumthiosulfaat is er nodig om 0,025 mol AgBr op te lossen in 500 ml? Het complex zilverthiosulfaat wordt gevormd. &lt;br /&gt;
#een ijsklontje met massa 56 gram wordt in 150 g water gedaan om dit af te koelen. Het ijsklontje heeft een begintemperatuur van 0°C en het geheel heeft een eindtemperatuur van 14°C. Bereken de begintemperatuur van het water.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 16 januari 2019 voormiddag===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Bespreek de spontane ontbinding van waterstofperoxide. Welke parameters dragen bij tot de ontbinding en hoe kan je dit tegen gaan?&lt;br /&gt;
#De ruimtelijke structuur van de covalente binding, 4 relevante voorbeelden geven en bespreken.&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#0,040 M 100 mL H&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;PO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt; bij 100 ml 4M Ca&amp;lt;sup&amp;gt;2+&amp;lt;/sup&amp;gt;-ionen. Wordt er neerslag gevormd?&lt;br /&gt;
#Een orde oefening met grafisch de halfwaarde tijd en k bepalen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 januari 2019===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Hoe kan je het evenwicht naar de kant van de producten krijgen. Heeft dit ook invloed op de snelheid van de reactie? /6&lt;br /&gt;
#Stel een chemisch mechanisme op zodat citroenzuur (wat een bestandsdeel is van citroensap) kan ontgiften. /4&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#Bepaal de K&amp;lt;sub&amp;gt;b&amp;lt;/sub&amp;gt; uit de gegeven redoxkoppels (H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;O/H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;O (E&amp;lt;sup&amp;gt;0&amp;lt;/sup&amp;gt;=1.76V) en HO&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;−&amp;lt;/sup&amp;gt;/OH&amp;lt;sup&amp;gt;−&amp;lt;/sup&amp;gt;) (E&amp;lt;sup&amp;gt;0&amp;lt;/sup&amp;gt;=0.87V). Met welke andere 2 koppels kan je dit nog doen? /3&lt;br /&gt;
# Geef de lewisstructuur, hybridisatie, polariteit (+ uitleg), en geometrie van XeF&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; en PBr&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;. /3&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 14 januari 2019===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Geef de twee vuistregels voor een goede buffer en leg ze uit adhv neutralisatiegraad en buffercapaciteit. Leg uit bloed als buffer en waarom het geen ideale buffer is. Geef de relatie tussen een buffer en een pH- titratie(curve). /6&lt;br /&gt;
#Vervolledig deze reactie, BrO&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt;  +  Br&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt; →   Br&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;  +  H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;O, en geef een plausibel reactiemechanisme voor deze reactie (Staat niet in de cursus maar wel gezien als een extra voorbeeld). BOD Tabel 6.2 n.7 /4&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 30 januari 2018 namiddag===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Welke verbindingen zijn zelf niet zuur of basisch, maar vertonen wel zure of basische eigenschappen als ze in water gebracht worden? /6&lt;br /&gt;
# Bespreek de voorwaarden en de gevolgen van het stationariteitsprincipe.  Geef een duidelijk en relevant voorbeeld. /4&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#De stabiliteitsconstante voor de vorming van het complex Pb(OH)&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;2-&amp;lt;/sup&amp;gt; is 1,0.1016. De standaardreductiepotentiaal voor het koppel Pb&amp;lt;sup&amp;gt;2+&amp;lt;/sup&amp;gt;(aq)/Pb(s) is -0,12V. Bereken aan de hand van deze gegevens de standaardreductiepotentiaal voor het koppel Pb(OH)&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;2-&amp;lt;/sup&amp;gt;(aq)/Pb(s). / 3&lt;br /&gt;
#Er wordt een buffer met pH = 6,90 gemaakt uitgaande van NaH&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;PO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt; en Na&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;HPO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;. De eindconcentratie van NaH&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;PO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt; in 400 mL van deze oplossing is 0,020 M. Bereken hoeveel gram dinatriumwaterstoffosfaat er in deze oplossing moet zitten om de beoogde pH te realiseren. Aan deze oplossing wordt 100 mL 0,0080 M HI toegevoegd. Bereken ook de pH na toevoeging hiervan. Vanaf hoeveel mol NaOH toegevoegd zou de startbuffer niet meer werkzaam zijn? Licht kort toe. /3&lt;br /&gt;
&amp;lt;sup&amp;gt;&amp;lt;/sup&amp;gt;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 23 januari 2018 namiddag===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Stel een mogelijk reactiemechanisme voor bij reactie 7 BOD tabel 6.2. /4&lt;br /&gt;
#Waarom mag men geen ontkalker bij javel doen? Geef alle relevante reacties. /6&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#Bepaal de baseconstante van NH&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt; aan de hand van de standaardreductiepotentialen van de redoxkoppels. /3&lt;br /&gt;
#Geef de Lewisstructuur, hybridisatie en polariteit van XeF&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; en HClO&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;. /3&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 22 januari 2018 namiddag===&lt;br /&gt;
Theorie &lt;br /&gt;
# Hoe kan men het evenwicht naar de producten doen verschuiven? Heeft dit dan ook gevolgen voor de reactiesnelheid? /4&lt;br /&gt;
# Vergelijk chroomvocht (dichromaat in zwavelzuur), piranhazuur (waterstofperoxide in zwavelzuur), koningswater en cyanide in base als oplosmiddelen voor (edel)metalen. /6&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
# Je wilt 0.488 g Cu(OH)&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; oplossen in water tot een eindvolume van 100 mL. Bereken hoeveel gram NaCl er nodig is om ervoor te zorgen dat Cu(OH)&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; niet neerslaat. Het CuCl&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;2-&amp;lt;/sup&amp;gt; complex wordt gevormd. /3&lt;br /&gt;
# Bepaal grafisch de activeringsenergie van de reactie (tabel met temperatuur en snelheidsconstantes gegeven). Bepaal ook de snelheidsconstante bij 37°C. Kan je hiermee iets zeggen over de orde van de reactie? /3&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 17 januari 2018 ===&lt;br /&gt;
Theorie &lt;br /&gt;
# Hoe kan de snelheid van de reactie beïnvloed worden? Verandert dan ook de ligging van het evenwicht van de reactie? /6&lt;br /&gt;
# Welke factoren bepalen of een molecule al dan niet een permanent dipoolmoment bezit? Geef duidelijke voorbeelden. /4&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
# Je wilt 42.72 g Fe(OH)&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt; oplossen in water tot een eindvolume van 500 mL. Bereken welke concentratie waterstoffluoride (HF) er nodig is om ervoor te zorgen dat Fe(OH)&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt; niet neerslaat. /3&lt;br /&gt;
# Stel de correcte redoxreactie op van de koppels Br&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;/Br&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt; en AsO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;3-&amp;lt;/sup&amp;gt;/AsO&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt;. Toon aan met berekeningen dat het over een aflopende reactie gaat bij kamertemperatuur (25°C) /3&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 16 januari 2018 ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
# Bespreek de reactie van chloor in base. Geef een belangrijke toepassing.&lt;br /&gt;
# Vergelijk de ideale gaswet met de van der Waalsvergelijking voor reële gassen en bespreek de trend in co-volume b en cohesiedruk a (BOD p.141) voor H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;, N&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;, CO&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; en C&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;H&amp;lt;sub&amp;gt;10&amp;lt;/sub&amp;gt;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 januari 2018 namiddag ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
# BOD tabel 6.2, reactie 8: stel een mogelijk reactiemachanisme voor&lt;br /&gt;
# Wat zijn de 2 vuistregels van een goeie buffer? Leidt deze af aan de hand van de begrippen neutralisatiegraad en buffercapaciteit. Leg de link met pH-titratie. Leg uit: bloed als buffer&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
# bepaal de baseconstante van MnO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;2-&amp;lt;/sup&amp;gt; aan de hand van de standaardreductiepotentialen van de redoxkoppels&lt;br /&gt;
# lewisstructuur, hybridisatie en polariteit van 2 moleculen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 januari 2018 namiddag ===&lt;br /&gt;
(examen voor gedeeltelijke vrijstelling, enkel vragen deel E)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
# Wat zijn de drijvende krachten bij een complexatiereactie? Toon aan met goed gekozen voorbeelden, en leg uit aan de hand van de kenmerken van een hoge stabiliteitsconstante. /4&lt;br /&gt;
# Wat zijn de 2 vuistregels van een goeie buffer? Leidt deze af aan de hand van de begrippen neutralisatiegraad en buffercapaciteit. Leg de link met pH-titratie. Leg uit: bloed als buffer. /6&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
# Bepaal de baseconstante van MnO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;2-&amp;lt;/sup&amp;gt; aan de hand van de standaardreductiepotentialen van de redoxkoppels /3&lt;br /&gt;
# Hoeveel zilverbromide kan je oplossen in een 0.530M ammoniakoplossing. Verwaarloos de basische eigenschappen van NH&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;. /3 (Toepassing neerslag &amp;amp; complexatie)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 1 september 2017 ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Waarom zijn er diagonaalrelaties? Geef voorbeelden van chemische eigenschappen die gebruikt worden in chemische reacties. /5 &lt;br /&gt;
#Geef het verband tussen de redoxpotentiaal van een redoxhalfreactie en de evenwichtconstante van de gehele reactie. Geef ook de gevolgen. /5&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#Berekenen of er neerslagvorming optreedt. &lt;br /&gt;
#Vrijgekomen warmte en energie uit een reactie berekenen. &lt;br /&gt;
=== 25 Augustus 2017 ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Vergelijk het verschil van de invloed van temperatuur op de reactiesnelheid en het evenwicht - zowel in formulevorm als grafisch /6&lt;br /&gt;
k &amp;amp; K afleiden en grafisch weergeven met resp. ln k ~ 1/T en ln K ~ 1/T (voor dH&amp;gt;0 en dH&amp;lt;0)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#Welke chemisch relevante eigenschappen van atomen kan je afleiden van de positie in het periodiek systeem? /4 &lt;br /&gt;
Zuur-base; oxidans-reductans (+verband), ... (atomen, niet ionen van het element!)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#Hoeveel zilverbromide kan je oplossen in een 0.53M ammonium oplossing. Verwaarloos de basische eigenschappen van NH&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;. /3&lt;br /&gt;
(Toepassing neerslag &amp;amp; complexatie)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#Redoxreactie van SO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;2-&amp;lt;/sup&amp;gt;(aq)/SO&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;2-&amp;lt;/sup&amp;gt;(aq)- en MnO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt;(aq)/MnO(v). /3&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 21 Augustus 2017 ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Hoe kan het evenwicht in de richting van de producten worden verschoven? Heeft dit invloed op het evenwicht? /6&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;concentratie wijzigen&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
principe van Le Chatelier&lt;br /&gt;
hogere concentratie → meer kans op botsingen → sneller&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;druk wijzigen&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
bij drukverhoging → daalt volume → c=n/v dus concentratie stijgt (vanaf dan analoog aan Le Chatelier)&lt;br /&gt;
bij drukverlaging is gunstig voor reacties waarbij ΔN = (N&amp;lt;sub&amp;gt;producten&amp;lt;/sub&amp;gt; - N&amp;lt;sub&amp;gt;reagentia&amp;lt;/sub&amp;gt;) negatief is(N staat voor de coëfficiënten van de stoffen in de reactie)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;temperatuur wijzigen&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
K&amp;lt;sub&amp;gt;ev&amp;lt;/sub&amp;gt; is temperatuursafhankelijk → ΔG =-RTln(K) ↔ ln(k)=-ΔH/RT +ΔS/R (teken grafiek 1/T met ln(k))&lt;br /&gt;
endo → hoge T is gunstig&lt;br /&gt;
exo → lage T is gunstig&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#Wat is het verband tussen neerslag- en complexatiereacties? /4&lt;br /&gt;
ionen met een hoge ladingsdichtheid kunnen niet zoals bijvoorbeeld Na&amp;lt;sup&amp;gt;+&amp;lt;/sup&amp;gt; en Cl&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt; (afkomstig van goed oplosbaar zou NaCl) in oplossing voorkomen,&lt;br /&gt;
aangezien dit niet stabiel is.&lt;br /&gt;
gaan dus ofwel neerslaan ofwel complexeren&lt;br /&gt;
(K&amp;lt;sub&amp;gt;sp&amp;lt;/sub&amp;gt; en 1/K&amp;lt;sub&amp;gt;st&amp;lt;/sub&amp;gt; vergelijken → de stabielste toestand gaat zich dan voordoen)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#Teken de lewis-structuur, geef het sterisch getal, hybridisatie, geometrische en atoomstructuur van HCN en ICl&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;. Geef ook aan of ze polair zijn of niet. /3&lt;br /&gt;
#Leid de K&amp;lt;sub&amp;gt;b&amp;lt;/sub&amp;gt; af van AsO&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt; aan de hand van zijn standaarreductiepotentiaal. Kies zelf een goed redoxkoppel. /3&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 24 januari 2017 ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Welke verbindingen zijn zelf niet zuur of basisch, maar vertonen wel zure of basische eigenschappen als ze in water gebracht worden? /6&lt;br /&gt;
#Hoe kunnen meerdere verschillende kationen die samen in een mengsel voorkomen, van elkaar gescheiden worden? Waarop moet je letten om de scheiding zo volledig mogelijk te laten gebeuren? /4&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#Berekenen of een reactie neerslaat of niet ondanks complexvorming /3&lt;br /&gt;
#correcte redoxreactie van 2 gegeven koppels schrijven en berekenen dat dit een aflopende reactie is. /3&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 23 januari 2017 ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Bij welke reacties is quenchen van toepassing? Leg goed uit en geef een voorbeeld. /4&lt;br /&gt;
#Vergelijk chroomvocht, piranhazuur, koningswater en cyanide in base als oplossmiddel voor (edel)metalen. /6&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#Roosterenergie berekenen /2.5&lt;br /&gt;
#concentratie zout berekenen die toegevoegd moet worden om gegeven hoeveelheid neerslag op te doen lossen. /3.5&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 18 januari 2017 ===&lt;br /&gt;
VM&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Hoe kan je de reactiesnelheid beïnvloeden? Wat betekent dit voor het chemisch evenwicht? /4&lt;br /&gt;
#Wat gebeurt er bij de elektrolyse van water voor geen, een weinig en veel NaCL? /6&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#pH + werkelijke ionenconcentraties van een bioprotisch zuur berekenen /3&lt;br /&gt;
#een slecht oplosbaar zout oplossen aan de hand van complexatie door een te berekenen massa NaCl toe te voegen /3&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 17 januari 2017 ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Hoe kan je het evenwicht naar de kant van de producten brengen? Heeft dit een invloed op de snelheid?&lt;br /&gt;
#Geef het verband tussen protontransferreacties en elektrontransferreacties. Geef voorbeelden die dit verduidelijken.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#Berekenen of een reactie neerslaat of niet ondanks complexvorming.&lt;br /&gt;
#Bepaal de hybridisatie en geometrie van PCl&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt; en SF&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;. Teken de atoomstructuur en zijn deze moleculen polair of apolair en een uitleg waarom.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 16 januari 2017 ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Vuistregels met afleiding van buffers geven, dit ook toepassen op pH titraties, bloed als buffer bespreken&lt;br /&gt;
#Hebben kationen basische of zure eigenschappen, zijn dit dan zwakke of sterke zuren of basen (voorbeelden kunnen helpen en verduidelijkend zijn)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen &lt;br /&gt;
#Aantal mL en molair NiSO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;-oplossing samenvoegen met een aantal ml en molair NH&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;, toon aan dat ondanks het gevormde complex nikkel (II) ammoniak er toch nog neerslag gevormd wordt&lt;br /&gt;
#Een tabel gegeven van temperatuur en snelheidsconstante, de opdracht is grafisch de activeringsenergie te berekenen en k te berekenen bij 250°C&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== XX Augustus 2016 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#Leg de verschillende soorten isomerie uit + wat is tautomerie?&lt;br /&gt;
#Leg uit waarom fluoride in tandpasta zit (alle 6 puntjes geven, dus ook vorming CaF uitleggen)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#Random oefening uit oefenzitting&lt;br /&gt;
#Berekend de K&amp;lt;sub&amp;gt;w&amp;lt;/sub&amp;gt; vertrekkende vanuit de standaardreductiepotentialen voor water in zuur/basisch milieu&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===XX januari 2016===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#Leg de elementaire reactiestappen uit adhv voorbeelden (mono,bi,termoleculair, stationariteitsprincipe, vorming ozon)&lt;br /&gt;
#Geef de &#039;&#039;&#039;essentie&#039;&#039;&#039; van een titratie + grafieken&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
oefeningen:&lt;br /&gt;
#Oplosbaarheid van AgNO&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt; berekenen na toevoegen van een of ander zuur/base&lt;br /&gt;
#nog een oefening&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===  11 januari 2016 ===&lt;br /&gt;
#Hoe bepaal je de geometrische structuur bij covalent gebonden atomen en geef 3 voorbeelden &lt;br /&gt;
#bij welke reactie is quenching van toepassing?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===XX januari 2016===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#heterogene en homogene en enzymatische katalysator + alles uitleggen hiervan&lt;br /&gt;
#loodbatterij&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===12 januari 2016===&lt;br /&gt;
#Verschillen tussen Co en Fe en zeggen waarom Fe gebruikt wordt voor zuurstof transport &lt;br /&gt;
#het verschil tussen C dubbel gebonden en enkel gebonden &lt;br /&gt;
#bij de oefeningen was eentje E&amp;lt;sup&amp;gt;0&amp;lt;/sup&amp;gt; bepalen ahv K&amp;lt;sub&amp;gt;a&amp;lt;/sub&amp;gt; en een andere E&amp;lt;sup&amp;gt;0&amp;lt;/sup&amp;gt; &lt;br /&gt;
#andere grafisch de orde enzo bepalen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===10 JAN 2014===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#Roosterenergie van 2 roosters (NaCl en MgO) berekenen met de formule, zeggen of er nog een andere manier was om die te vinden (Hess) en of er een verschil in uitkomst te verwachten was tussen de twee manieren. Vergelijken van de pH van de twee oplossingen.&lt;br /&gt;
#Uitleggen waarom termoleculaire reactiestappen omwaarschijnlijk zijn. Reactiemechanisme van 2HI + H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;O&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; → I&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; + H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;O  geven. Stationariteitsprincipe uitleggen en zeggen of het op die reactie van toepassing was. &lt;br /&gt;
#Waar/soms waar/niet waar: Een proces is spontaan als de entropie in het systeem toeneemt. &lt;br /&gt;
#Uitleggen wat een buffer is en de vuistregels voor een goede buffer uitleggen zonder de hele wiskundige berekening te doen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen.&lt;br /&gt;
#Oplosbaarheid van AgBr, complexatie met thiosulfaat en alternatieve manier geven om oplosbaarheid te verhogen. Uitleggen waarom die laatste manier weinig effect zou hebben.&lt;br /&gt;
#Celpotentiaal berekenen van een gegeven schematische voorstelling.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===11 JAN 2013===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Vergelijk de elektronenstructuur van de atomen N en O met die van de moleculen N&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; en O&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;. Licht de hierbij essentiële principes toe.&lt;br /&gt;
# Geef de chemische functies van water. Geef bij iedere functie een voorbeeld in de vorm van een reactievergelijking. Is water sterk of zwak in deze functie?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# CuSO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt; oplossing met NH&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt; oplossing (grootheden gegeven). Laat zien dat er ondanks de complexatie toch nog neerslagvorming optreedt.&lt;br /&gt;
# Gegeven concentraties (van reactieproduct) in functie van de tijd. Bepaal grafisch de orde en de halfwaardetijd.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===3 FEB 2012 NM===&lt;br /&gt;
# Geef twee vuistregels voor een goede buffer en toon ze aan aan de hand van de neutralisatiegraad en de buffer capaciteit. &lt;br /&gt;
#* Geef het verband hiervan met pH- titratie &lt;br /&gt;
#* Is bloed een goede buffer ? Verklaar. &lt;br /&gt;
# Verklaar waarom men tandpasta fluorideert.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===30 JAN 2012 NM===&lt;br /&gt;
# Beschrijf en vergelijk de kinematica en thermodynamica van de methatesereactie en de liganduitwisselingsreactie.&lt;br /&gt;
# Broom in base.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===30 JAN 2012 VM===&lt;br /&gt;
# Welke reacties kunnen optreden als katalysator bij redoxreacties?&lt;br /&gt;
# Leidt de halfreacties van een zwavelzure loodbatterij af&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===24 JAN 2012 VM===&lt;br /&gt;
# hoe bepaal je de elektronenconfiguratie van diatomaire moleculen en geef twee duidelijk verschillende voorbeelden&lt;br /&gt;
# vergelijk Al en Li voor batterijen, geef voor en nadelen en verklaar waarom er Li batterijen zijn en geen Al&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 JAN 2012 NM===&lt;br /&gt;
# staaf met enkele goed gekoze voorbeelden het belang van de ladingsdichtheid in de chemie&lt;br /&gt;
# welke reacties hebben er baat bij quenching toe te passen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 JAN 2012 VM===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Beschrijf en vergelijk de kinematica en thermodynamica van de methatesereactie en de liganduitwisselingsreactie. &lt;br /&gt;
# Leg de elektrolyse van water uit in de volgende omstandigheden:1. zonder zout, 2. met een beetje zout en 3. met oplossing van veel zeezout. &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 JAN 2012 NM===&lt;br /&gt;
Theorie :&lt;br /&gt;
# geef de vuistregels voor bufferoplossing + afleiden buffercapaciteit en neutralisatiegraad. link met pH-titratie. vertellen over bloed als buffer, goede/slechte buffer?&lt;br /&gt;
# iets van Fe complexatie, waarom de natuur is aangepast aan ademhaling door complexvorming van Fe met zuurstof&lt;br /&gt;
Oefeningen :&lt;br /&gt;
# van deel C met een tabel met waarden, orde van reactie afleiden + grafisch k en t&amp;lt;sub&amp;gt;1/2&amp;lt;/sub&amp;gt; bepalen&lt;br /&gt;
# berekenen of PbOH&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; neerslaat, uit een mengsel van PbSO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt; met NaOH geloof ik&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 JAN 2012 VM===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Vergelijk de bindingssterkte en reactiviteit van C=C en C - C (enkelvoudige binding) op 4 ptn&lt;br /&gt;
# Vergelijk de afhankelijkheid van de temperatuur voor de snelheidsconstante en de evenwichtsconstante&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===1 FEB 2011=== &lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Bespreek: Chroomvocht, Piranhazuur , koningswater en cyanide in base en hun werking op (edel)metalen. (/6)&lt;br /&gt;
# Wat is een indicator en hoe werkt het? (/4)&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# P&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt; + BR&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; =&amp;amp;gt; PBR&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt; vul aan met coefficienten en bereken de temperatuur waarvoor deze reactie spontaan zal verlopen. (/2.5)&lt;br /&gt;
# en een oefening over de combinatie van complexvorming van AlOH&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt; en de neerslag van AlOH&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;. (/3.5)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 1 sep 2010 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Verschillen en gelijkenissen tussen homogene, heterogene en enzymatische katalyse geven. Verduidelijken met vb.&lt;br /&gt;
# Bindingssterkte en reactiviteit vergelijken tussen C-C en C=C. Welke reacties ondergaan ze.&lt;br /&gt;
Oefingen:&lt;br /&gt;
# Oplosbaarheid&lt;br /&gt;
# Enthalpie &amp;amp;amp; Entropie&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===28 jan 2010===&lt;br /&gt;
# bespreek de oplosbaarheid van metalen in zuur en basisch milieu (/6) &lt;br /&gt;
# bespreek &amp;amp;quot;quenching&amp;amp;quot; en voor welke reacties is dit toepasbaar? (/4) &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
oefeningen: &lt;br /&gt;
# bepaal de oplosbaarheid van AgBr in een molaire NH&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt; oplossing (complexvorming) &lt;br /&gt;
# een reactie difluor en diwaterstof -&amp;amp;gt; 2HF. Gaat deze reactie op bij 500K ?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===26 jan 2010===&lt;br /&gt;
# vergelijk piranhazuur, koningswater, dichromaat en cyanide voor het oplossen van edelmetalen. (.../6)&lt;br /&gt;
# welke reacties kunnen als katalysator optreden bij een redoxreactie? (.../4)&lt;br /&gt;
oefeningen:&lt;br /&gt;
# Een oplossing van Ti(II)-ionen wordt in zuur midden getitreerd met een dichromaatoplossing (K&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;Cr&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;O&amp;lt;sub&amp;gt;7-&amp;lt;/sub&amp;gt;oplossing). Hierbij worden het Cr(III)-ion en het Ti(III)-ion gevormd. Toon aan dat het gaat om een aflopende reactie.Het verloop van de titratie wordt potentiometrisch gevolgd en ook de pH wordt constant gemeten. In de oplossing zit nog een kalomelelektrode (E&amp;lt;sup&amp;gt;0&amp;lt;/sup&amp;gt;=0.25V) die aan de anode gekoppeld is en een platina-elektrode. Op zeker ogenblik - na het passeren van het equivalentiepunt - wordt een celpotentiaal van 0.95V gemeten en een pH van 1.2. Bereken de concentratie aan Cr&amp;lt;sup&amp;gt;3+&amp;lt;/sup&amp;gt; ionen, als je weet dat deze concentratie vier maal hoger ligt dan die van de dichromaationen. (.../3)&lt;br /&gt;
# Aan een oplossing van 70 ml 0.20 M nikkelsulfaat wordt 30 ml 0.60 M ammoniak toegevoegd. Toon aan dat er - ondanks de complexvorming - toch hydroxideneerslag gevormd zal worden. (.../3)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== jan 2010 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Toon het belang aan van ladingsdichtheid in de scheikunde. Geef telkens duidelijk verschillende voorbeelden als het over verschillende soorten reacties gaat.&lt;br /&gt;
# Bespreek de reactie van broom in base. Geef een relevante toepassing.&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# Bij 298 K gaat onderstaande reactie op. Men maakt een oplossing van 35,5 g van Cl&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; en 0,1 g van H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; in een totaal volume van 200 ml. Wat zijn de evenwichtsconcentraties van H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;, Cl&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; en HCl ?&lt;br /&gt;
#*H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;(g) + Cl&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;(g) &amp;amp;lt;=&amp;amp;gt; 2HCl(g) &lt;br /&gt;
# Bereken de Kb van IO-, uitgaande van&lt;br /&gt;
#*IO&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt;(aq) / HIO(l)   E&amp;lt;sup&amp;gt;0&amp;lt;/sup&amp;gt; = 1,13V&lt;br /&gt;
#*IO&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt;(aq) / IO&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt;(aq)  E&amp;lt;sup&amp;gt;0&amp;lt;/sup&amp;gt; = 0,15V&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== jan 2009 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Wat is een dipoolmoment?&lt;br /&gt;
# Vroeger werd kaliumpermanganaat e.a. veel gebruikt als goede oxidator. Tegenwoordig wordt pirhanazuur (mengsel waterstofperoxide/zwavelzuur) gebruikt. Waarom?&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# Temperatuurverandering berekenen van ijs (faseverandering,...)&lt;br /&gt;
# Nog zo&#039;n oefening in die aard.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== jan 2009 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Vergelijk de temperatuursafhankelijkheid van de evenwichtsconstante en de snelheidsconstante.&lt;br /&gt;
# Waarom is een stof goed of slecht oplosbaar in water? En hoe kan je een slecht oplosbare stof beter oplosbaar maken?&lt;br /&gt;
# Maak een vergelijking tussen thermodinamica en kinetica van metathesereacties versus complexatiereacties.&lt;br /&gt;
# Geef de 2 hoofdregels voor het maken van een buffer en leid ze wiskundig af.&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
#* Evenwichtsconstante berekenen bij 45°C (je krijgt de reactie)&lt;br /&gt;
#* Evenwichtsdruk berekenen als druk in het begin gegeven is&lt;br /&gt;
# K&amp;lt;sub&amp;gt;b&amp;lt;/sub&amp;gt; geven als je redoxkoppel krijgt (in zuur en in basisch midden)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 1 feb 2008 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Welke reacties kunnen een redoxreactie katalyseren?&lt;br /&gt;
# Geef het verband tussen neerslagreacties en complexatiereacties en geef een goed gevonden voorbeeld.&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
#* Evenwichtsconstante berekenen bij 45°C (je krijgt de reactie)&lt;br /&gt;
#* Evenwichtsdruk berekenen als druk in het begin gegeven is&lt;br /&gt;
# K&amp;lt;sub&amp;gt;b&amp;lt;/sub&amp;gt; geven als je redoxkoppel krijgt (in zuur en in basisch midden)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 25 jan 2008 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Leg uit wat tautomerie is + vb.&lt;br /&gt;
# Voor het oxideren werden vroeger vaak de klassieke sterke oxidanten permanaat of dichromaat in zwavelzuur gebruikt, waarom is het gebruik van &amp;amp;quot;piranaha-zuur&amp;amp;quot; (waterstofperoxide in zwavelzuur) aan een opmars bezig?&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# men wil 200 ml maken van een oplossing die 3,81g magnesiumcloride en 0,8g natriumhydroxide bevat. Hoeveel gram ammoniumbromide moet er ook in deze oplossing zitter, opdat er geen neerslag is?&lt;br /&gt;
# Boven/onder welke temperatuur gaat deze reactie spontaan op? &lt;br /&gt;
#* N&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; (g) + O&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;(g) = 2NO (g)&lt;br /&gt;
#* Bereken ook de evenwichtsconstante bij 68°C.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 jan 2007 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# geef verband van de ionbinding en de covalente binding + verklaar&lt;br /&gt;
# geef verband pH en redoxpotentiaal&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# bereken kb van een stof aan hand van 2 redoxpotentialen &lt;br /&gt;
# oefenening waar je een eind temperatuur moest berekenen met warmtecapaciteit en latente verdampingswarmte (aangezien er een faseovergang is)&lt;/div&gt;</summary>
		<author><name>R0884697</name></author>
	</entry>
	<entry>
		<id>https://wiki.chemika.be/index.php?title=Grondslagen_van_de_Chemie&amp;diff=3086</id>
		<title>Grondslagen van de Chemie</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.chemika.be/index.php?title=Grondslagen_van_de_Chemie&amp;diff=3086"/>
		<updated>2022-09-17T09:07:18Z</updated>

		<summary type="html">&lt;p&gt;R0884697: /* 23 augustus 2022 */&lt;/p&gt;
&lt;hr /&gt;
&lt;div&gt;[[Categorie:Bachelor Chemie]]&lt;br /&gt;
[[Categorie:Bachelor Biochemie]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Vakinformatie==&lt;br /&gt;
Basisvak chemie voor 1e bachelor chemie, biochemie, biologie en geologie.&lt;br /&gt;
Gedoceerd door professor &amp;amp;lt;s&amp;amp;gt;Koen Clays&amp;amp;lt;/s&amp;amp;gt; &amp;amp;lt;s&amp;amp;gt;Bart Goderis (sinds academiejaar 2013-2014)&amp;amp;lt;/s&amp;amp;gt; Koen Clays. Het examen is deels mondeling, deels schriftelijk.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen==&lt;br /&gt;
=== 23 augustus 2022===&lt;br /&gt;
Theorie: &lt;br /&gt;
1. Schrijf uit hoe je bekomt tot reactie 7 (pagina 119 BOD) en leg je redeneringen uit. (reductie half reacties- reactie uitgeschreven op bord in de les)&lt;br /&gt;
2. Leg de relevantie van de ladingsdichthied (niet electronendichtheid) in de scheikunde uit.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
1. HCN toevoegen om Co(OH)2 beter op te lossen. Welke HCN-concentratie nodig om 6,79 g Co(OH)2 in oplossing te brengen in 250 mL water? (Analoog oefening 8 E4)&lt;br /&gt;
2. Is volgende reactie aflopend bij 40 graden celcius? 2NH4NO3 &amp;lt;--&amp;gt; 2N2 + 4H2O + O2 (zie o.a. oef 4/6/7/E5 deel D)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 18 januari 2022 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
1.	Hoe kan je de snelheid van een reactie verhogen, wat gebeurt er met het evenwicht?&lt;br /&gt;
2.	Buffers: vuistregels + afleiding, verband met titratie, is bloed een goede buffer?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
oefening 1:&lt;br /&gt;
a.	molaire oplosbaarheid van Ag2Cr2O7 in zuiver water&lt;br /&gt;
b.	hoeveel NH3 nodig om 0,100 mol AgI op te lossen in 0,500L (Ag(NH3)2^+ wordt gevormd)&lt;br /&gt;
c.	toon aan dat er geen AgOH neerslag gevormd wordt&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
oefening 2:&lt;br /&gt;
a.	redoxreactie opstellen voor N2/NH2OH en Al(OH)4^-/Al&lt;br /&gt;
b.	toon aan dat de reactie aflopend is bij 25°C&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 16 augustus 2021 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#Op welke manieren kan je de snelheid van een reactie vergroten, leg uit wat er dan ook met de evenwichtsconstante gebeurt. Verandert hierbij de ligging van het evenwicht? Gebruik formules of figuren om dit aan te tonen&lt;br /&gt;
#Op welke manier beïnvloedt complexatie het redoxpotentiaal van een metaal? Leg uit, geef een voorbeeld. In de natuur wordt Fe gebruikt voor reversibele redoxreacties. Waarom?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen: &lt;br /&gt;
#Boven of onder welke temperatuur gaat deze reactie spontaan op: O2 (g) + N2 (g) —&amp;gt; 2NO (g)&lt;br /&gt;
#HCN verhoogt de oplosbaarheid van Fe(OH)2, hoe groot is de concentratie van HCN die je nodig hebt om 250 ml 3,37g Fe(OH)2 in oplossing te brengen?”&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 6 januari 2021 ===&lt;br /&gt;
Theorie 1:&lt;br /&gt;
#Bespreek alle K’s die we hebben gezien in de cursus en geef een voorbeeld waarin hun definitie duidelijk wordt. Indien je iets kan zeggen over K&amp;gt;&amp;gt;1 K=1 en K&amp;lt;&amp;lt;1, voeg je dit hieraan toe.&lt;br /&gt;
#Gebruik een voorbeeld uit 1a en leg uit hoe je K puur theoretisch kunt vinden.&lt;br /&gt;
#Geef een mogelijk verband tussen K en k indien er een is.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Theorie 2:&lt;br /&gt;
Bespreek de elektrolyse van water zonder NaCl, met een beetje NaCl en met veel NaCl.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefening 1:&lt;br /&gt;
Bewijs dat dankzij de complexvorming, PbCl2 niet neerslaat, wanneer we 50ml Pb(NO3)2 (0,4M) bij 50ml BaCl2 (0,6M)doen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefening 2:&lt;br /&gt;
0,700M NaHSO3 en 0,450M Na2SO3&lt;br /&gt;
#Bereken de pH.&lt;br /&gt;
#Bereken de pH bij het toevoegen van 20ml KOH.&lt;br /&gt;
#Bij welke concentratie aan NaOH de buffer (100mL) niet meer werkt.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 13 augustus 2020 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
1) Leg homogene, heterogene en enzymatische katalyse uit. Geef ook telkens een voorbeeld. Leg de gelijkenis tussen heterogene en enzymatische katalyse uit. Leg de gelijkenis tussen homogene en enzymatische katalyse uit. /4&lt;br /&gt;
2) Vergelijk chroomvocht (dichromaat in zwavelzuur), piranhazuur (waterstofperoxide in zwavelzuur), koningswater en cyanide in base als oplosmiddelen voor (edel)metalen. /6&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
1) Bereken de oplosbaarheid van AgBr in een 0.053M NH3 oplossing. Ag(NH3)2- wordt gevormd.&lt;br /&gt;
2) Is volgende reactie (reactie gegeven) aflopend bij 68 graden C? Toon aan met berekeningen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 januari 2020 voormiddag ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
1) Hoe evenwicht verschuiven naar kant van producten, verandert er iets aan de snelheid?&lt;br /&gt;
2) De ruimtelijke structuur van de covalente binding, 4 relevante voorbeelden geven en bespreken.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
1) Bereken Kd van complex Ag(CN)2 adhv thermodynamische eigenschap bij 25°C&lt;br /&gt;
2) Na3PO4 0.045 M: bereken werkelijke concentraties van PO43-, Na+, HPO42-, H2PO4-, H3PO4, H3O+, OH- en bereken de pH.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 14 januari 2020 namiddag ===&lt;br /&gt;
theorie:&lt;br /&gt;
#Hoe verklaar je de werking van een &amp;quot;hoog-rendements&amp;quot; brander voor een centrale verwarming? Welke aanpassingen dienen er te gebeuren in vergelijking met een klassieke brander&lt;br /&gt;
#Bespreek de dissociatie van HgCl2. Waarmee is dit te vergelijken?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
oefeningen:&lt;br /&gt;
#Je voegt 50 mL van een 0.0200M AgNO3 - oplossing toe aan 50 mL van een 0.0300M NaCN-oplossing. Zal AgCN neerslaan, ondanks de complexvorming (Kst Ag(CN)2- = 2.5 x 10^20). Verwaarloos de basische eigenschappen van CN-&lt;br /&gt;
#Bepaal grafisch orde van de reactie, de snelheidsconstante en halfwaardetijd. Je krijgt de beginconcentratie van het reagens gegeven, en het verloop van de concentratie van een product. (Dus je moet nog berekenen, hoe het verloop van de concentratie van het reagens gaat)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 13 januari 2020 namiddag ===&lt;br /&gt;
theorie:&lt;br /&gt;
1) bespreek de elektrolyse van water of in een waterige oplossing van zeezout (NaCl) voor volgende situaties: zonder toevoeging van zout, bij toevoeging van een beetje NaCl, bij toevoeging van veel NaCl&lt;br /&gt;
2) Bespreek homogene, heterogene en enzymatische katalyse: geef verschillen en gelijkenissen. Geef telkens een relevant voorbeeld ter illustratie.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
oefeningen:&lt;br /&gt;
1) reactie N2 + O2 --&amp;gt; 2NO gegeven en berekenen boven/onder welke temperatuur de reactie spontaan is&lt;br /&gt;
2) Berekenen hoeveel gram NaCl je moet toevoegen aan 0,448g Cu(OH)2 om dit volledig te kunnen oplossen in 100 ml water als je weet dat het complex [CuCl4]2- wordt gevormd&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 13 januari 2020 voormiddag ===&lt;br /&gt;
theorie&lt;br /&gt;
# Buffer&lt;br /&gt;
# Reactiemechanisme van Broom&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===?===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
1) hoe kan men de snelheid van een chemische reactie vergroten? Verandert dit ook iets aan het evenwicht?&lt;br /&gt;
2) chemische eigenschappen ammoniak, hebben ze dan een zwakke of sterke functie? Geef voorbeeldreacties&lt;br /&gt;
3) bespreek de thermodynamische eigenschappen van de autoprotolyse van water. Zie hiervoor tabel 6.9 BOD&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
1) bereken of neerslag wordt gevormd bij samenvoegen 2 stoffen&lt;br /&gt;
2) bereken potentiaal galvanische cel&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 1 februari 2019 namiddag===&lt;br /&gt;
theorie&lt;br /&gt;
#Leg uit hoe een biprotisch zuur dissocieert en geef een voorbeeld. Vergelijk deze dissociatie met die van HgCl&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;&lt;br /&gt;
#Broom in base&lt;br /&gt;
oefeningen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#Bepaal de standaardreductiepotentiaal van het koppel Zn(OH)&amp;lt;sub&amp;gt;2 (s)&amp;lt;/sub&amp;gt;\ Zn&amp;lt;sub&amp;gt;(s)&amp;lt;/sub&amp;gt; met het oplosbaarheidsproduct van Zn(OH)&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; en de standaardreductiepotentiaal van het koppel Zn&amp;lt;sup&amp;gt;2+&amp;lt;/sup&amp;gt;\ Zn&amp;lt;sub&amp;gt;(s)&amp;lt;/sub&amp;gt; &lt;br /&gt;
#Een klontje vast ethanol met een massa van 50 g wordt bij 155.80 K overgoten met 2.22 L (1 L = 0.79 kg) vloeibaar ethanol waardoor het klontje zal smelten. Wat is de begintemperatuur van het vloeibaar ethanol als je weet dat het systeem een eindtemperatuur van 287.80 K bereikt en als je weet dat er geen energie verloren gaat aan de omgeving?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 21 januari 2019 namiddag===&lt;br /&gt;
theorie&lt;br /&gt;
#vervolledig de reactievergelijking ClO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt; + Cl&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt; -&amp;gt; Cl&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; + H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;O en geef een plausibel reactiemechanisme.&lt;br /&gt;
#bespreek de elektrolyse van water of in een waterig milieu zonder toevoeging van zout, bij toevoeging van een beetje NaCl, bij toevoeging van veel NaCl. &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
oefeningen&lt;br /&gt;
#hoeveel natriumthiosulfaat is er nodig om 0,025 mol AgBr op te lossen in 500 ml? Het complex zilverthiosulfaat wordt gevormd. &lt;br /&gt;
#een ijsklontje met massa 56 gram wordt in 150 g water gedaan om dit af te koelen. Het ijsklontje heeft een begintemperatuur van 0°C en het geheel heeft een eindtemperatuur van 14°C. Bereken de begintemperatuur van het water.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 16 januari 2019 voormiddag===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Bespreek de spontane ontbinding van waterstofperoxide. Welke parameters dragen bij tot de ontbinding en hoe kan je dit tegen gaan?&lt;br /&gt;
#De ruimtelijke structuur van de covalente binding, 4 relevante voorbeelden geven en bespreken.&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#0,040 M 100 mL H&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;PO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt; bij 100 ml 4M Ca&amp;lt;sup&amp;gt;2+&amp;lt;/sup&amp;gt;-ionen. Wordt er neerslag gevormd?&lt;br /&gt;
#Een orde oefening met grafisch de halfwaarde tijd en k bepalen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 januari 2019===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Hoe kan je het evenwicht naar de kant van de producten krijgen. Heeft dit ook invloed op de snelheid van de reactie? /6&lt;br /&gt;
#Stel een chemisch mechanisme op zodat citroenzuur (wat een bestandsdeel is van citroensap) kan ontgiften. /4&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#Bepaal de K&amp;lt;sub&amp;gt;b&amp;lt;/sub&amp;gt; uit de gegeven redoxkoppels (H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;O/H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;O (E&amp;lt;sup&amp;gt;0&amp;lt;/sup&amp;gt;=1.76V) en HO&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;−&amp;lt;/sup&amp;gt;/OH&amp;lt;sup&amp;gt;−&amp;lt;/sup&amp;gt;) (E&amp;lt;sup&amp;gt;0&amp;lt;/sup&amp;gt;=0.87V). Met welke andere 2 koppels kan je dit nog doen? /3&lt;br /&gt;
# Geef de lewisstructuur, hybridisatie, polariteit (+ uitleg), en geometrie van XeF&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; en PBr&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;. /3&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 14 januari 2019===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Geef de twee vuistregels voor een goede buffer en leg ze uit adhv neutralisatiegraad en buffercapaciteit. Leg uit bloed als buffer en waarom het geen ideale buffer is. Geef de relatie tussen een buffer en een pH- titratie(curve). /6&lt;br /&gt;
#Vervolledig deze reactie, BrO&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt;  +  Br&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt; →   Br&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;  +  H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;O, en geef een plausibel reactiemechanisme voor deze reactie (Staat niet in de cursus maar wel gezien als een extra voorbeeld). BOD Tabel 6.2 n.7 /4&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 30 januari 2018 namiddag===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Welke verbindingen zijn zelf niet zuur of basisch, maar vertonen wel zure of basische eigenschappen als ze in water gebracht worden? /6&lt;br /&gt;
# Bespreek de voorwaarden en de gevolgen van het stationariteitsprincipe.  Geef een duidelijk en relevant voorbeeld. /4&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#De stabiliteitsconstante voor de vorming van het complex Pb(OH)&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;2-&amp;lt;/sup&amp;gt; is 1,0.1016. De standaardreductiepotentiaal voor het koppel Pb&amp;lt;sup&amp;gt;2+&amp;lt;/sup&amp;gt;(aq)/Pb(s) is -0,12V. Bereken aan de hand van deze gegevens de standaardreductiepotentiaal voor het koppel Pb(OH)&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;2-&amp;lt;/sup&amp;gt;(aq)/Pb(s). / 3&lt;br /&gt;
#Er wordt een buffer met pH = 6,90 gemaakt uitgaande van NaH&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;PO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt; en Na&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;HPO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;. De eindconcentratie van NaH&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;PO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt; in 400 mL van deze oplossing is 0,020 M. Bereken hoeveel gram dinatriumwaterstoffosfaat er in deze oplossing moet zitten om de beoogde pH te realiseren. Aan deze oplossing wordt 100 mL 0,0080 M HI toegevoegd. Bereken ook de pH na toevoeging hiervan. Vanaf hoeveel mol NaOH toegevoegd zou de startbuffer niet meer werkzaam zijn? Licht kort toe. /3&lt;br /&gt;
&amp;lt;sup&amp;gt;&amp;lt;/sup&amp;gt;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 23 januari 2018 namiddag===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Stel een mogelijk reactiemechanisme voor bij reactie 7 BOD tabel 6.2. /4&lt;br /&gt;
#Waarom mag men geen ontkalker bij javel doen? Geef alle relevante reacties. /6&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#Bepaal de baseconstante van NH&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt; aan de hand van de standaardreductiepotentialen van de redoxkoppels. /3&lt;br /&gt;
#Geef de Lewisstructuur, hybridisatie en polariteit van XeF&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; en HClO&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;. /3&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 22 januari 2018 namiddag===&lt;br /&gt;
Theorie &lt;br /&gt;
# Hoe kan men het evenwicht naar de producten doen verschuiven? Heeft dit dan ook gevolgen voor de reactiesnelheid? /4&lt;br /&gt;
# Vergelijk chroomvocht (dichromaat in zwavelzuur), piranhazuur (waterstofperoxide in zwavelzuur), koningswater en cyanide in base als oplosmiddelen voor (edel)metalen. /6&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
# Je wilt 0.488 g Cu(OH)&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; oplossen in water tot een eindvolume van 100 mL. Bereken hoeveel gram NaCl er nodig is om ervoor te zorgen dat Cu(OH)&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; niet neerslaat. Het CuCl&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;2-&amp;lt;/sup&amp;gt; complex wordt gevormd. /3&lt;br /&gt;
# Bepaal grafisch de activeringsenergie van de reactie (tabel met temperatuur en snelheidsconstantes gegeven). Bepaal ook de snelheidsconstante bij 37°C. Kan je hiermee iets zeggen over de orde van de reactie? /3&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 17 januari 2018 ===&lt;br /&gt;
Theorie &lt;br /&gt;
# Hoe kan de snelheid van de reactie beïnvloed worden? Verandert dan ook de ligging van het evenwicht van de reactie? /6&lt;br /&gt;
# Welke factoren bepalen of een molecule al dan niet een permanent dipoolmoment bezit? Geef duidelijke voorbeelden. /4&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
# Je wilt 42.72 g Fe(OH)&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt; oplossen in water tot een eindvolume van 500 mL. Bereken welke concentratie waterstoffluoride (HF) er nodig is om ervoor te zorgen dat Fe(OH)&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt; niet neerslaat. /3&lt;br /&gt;
# Stel de correcte redoxreactie op van de koppels Br&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;/Br&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt; en AsO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;3-&amp;lt;/sup&amp;gt;/AsO&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt;. Toon aan met berekeningen dat het over een aflopende reactie gaat bij kamertemperatuur (25°C) /3&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 16 januari 2018 ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
# Bespreek de reactie van chloor in base. Geef een belangrijke toepassing.&lt;br /&gt;
# Vergelijk de ideale gaswet met de van der Waalsvergelijking voor reële gassen en bespreek de trend in co-volume b en cohesiedruk a (BOD p.141) voor H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;, N&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;, CO&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; en C&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;H&amp;lt;sub&amp;gt;10&amp;lt;/sub&amp;gt;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 januari 2018 namiddag ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
# BOD tabel 6.2, reactie 8: stel een mogelijk reactiemachanisme voor&lt;br /&gt;
# Wat zijn de 2 vuistregels van een goeie buffer? Leidt deze af aan de hand van de begrippen neutralisatiegraad en buffercapaciteit. Leg de link met pH-titratie. Leg uit: bloed als buffer&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
# bepaal de baseconstante van MnO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;2-&amp;lt;/sup&amp;gt; aan de hand van de standaardreductiepotentialen van de redoxkoppels&lt;br /&gt;
# lewisstructuur, hybridisatie en polariteit van 2 moleculen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 januari 2018 namiddag ===&lt;br /&gt;
(examen voor gedeeltelijke vrijstelling, enkel vragen deel E)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
# Wat zijn de drijvende krachten bij een complexatiereactie? Toon aan met goed gekozen voorbeelden, en leg uit aan de hand van de kenmerken van een hoge stabiliteitsconstante. /4&lt;br /&gt;
# Wat zijn de 2 vuistregels van een goeie buffer? Leidt deze af aan de hand van de begrippen neutralisatiegraad en buffercapaciteit. Leg de link met pH-titratie. Leg uit: bloed als buffer. /6&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
# Bepaal de baseconstante van MnO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;2-&amp;lt;/sup&amp;gt; aan de hand van de standaardreductiepotentialen van de redoxkoppels /3&lt;br /&gt;
# Hoeveel zilverbromide kan je oplossen in een 0.530M ammoniakoplossing. Verwaarloos de basische eigenschappen van NH&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;. /3 (Toepassing neerslag &amp;amp; complexatie)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 1 september 2017 ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Waarom zijn er diagonaalrelaties? Geef voorbeelden van chemische eigenschappen die gebruikt worden in chemische reacties. /5 &lt;br /&gt;
#Geef het verband tussen de redoxpotentiaal van een redoxhalfreactie en de evenwichtconstante van de gehele reactie. Geef ook de gevolgen. /5&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#Berekenen of er neerslagvorming optreedt. &lt;br /&gt;
#Vrijgekomen warmte en energie uit een reactie berekenen. &lt;br /&gt;
=== 25 Augustus 2017 ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Vergelijk het verschil van de invloed van temperatuur op de reactiesnelheid en het evenwicht - zowel in formulevorm als grafisch /6&lt;br /&gt;
k &amp;amp; K afleiden en grafisch weergeven met resp. ln k ~ 1/T en ln K ~ 1/T (voor dH&amp;gt;0 en dH&amp;lt;0)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#Welke chemisch relevante eigenschappen van atomen kan je afleiden van de positie in het periodiek systeem? /4 &lt;br /&gt;
Zuur-base; oxidans-reductans (+verband), ... (atomen, niet ionen van het element!)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#Hoeveel zilverbromide kan je oplossen in een 0.53M ammonium oplossing. Verwaarloos de basische eigenschappen van NH&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;. /3&lt;br /&gt;
(Toepassing neerslag &amp;amp; complexatie)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#Redoxreactie van SO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;2-&amp;lt;/sup&amp;gt;(aq)/SO&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;2-&amp;lt;/sup&amp;gt;(aq)- en MnO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt;(aq)/MnO(v). /3&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 21 Augustus 2017 ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Hoe kan het evenwicht in de richting van de producten worden verschoven? Heeft dit invloed op het evenwicht? /6&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;concentratie wijzigen&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
principe van Le Chatelier&lt;br /&gt;
hogere concentratie → meer kans op botsingen → sneller&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;druk wijzigen&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
bij drukverhoging → daalt volume → c=n/v dus concentratie stijgt (vanaf dan analoog aan Le Chatelier)&lt;br /&gt;
bij drukverlaging is gunstig voor reacties waarbij ΔN = (N&amp;lt;sub&amp;gt;producten&amp;lt;/sub&amp;gt; - N&amp;lt;sub&amp;gt;reagentia&amp;lt;/sub&amp;gt;) negatief is(N staat voor de coëfficiënten van de stoffen in de reactie)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;temperatuur wijzigen&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
K&amp;lt;sub&amp;gt;ev&amp;lt;/sub&amp;gt; is temperatuursafhankelijk → ΔG =-RTln(K) ↔ ln(k)=-ΔH/RT +ΔS/R (teken grafiek 1/T met ln(k))&lt;br /&gt;
endo → hoge T is gunstig&lt;br /&gt;
exo → lage T is gunstig&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#Wat is het verband tussen neerslag- en complexatiereacties? /4&lt;br /&gt;
ionen met een hoge ladingsdichtheid kunnen niet zoals bijvoorbeeld Na&amp;lt;sup&amp;gt;+&amp;lt;/sup&amp;gt; en Cl&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt; (afkomstig van goed oplosbaar zou NaCl) in oplossing voorkomen,&lt;br /&gt;
aangezien dit niet stabiel is.&lt;br /&gt;
gaan dus ofwel neerslaan ofwel complexeren&lt;br /&gt;
(K&amp;lt;sub&amp;gt;sp&amp;lt;/sub&amp;gt; en 1/K&amp;lt;sub&amp;gt;st&amp;lt;/sub&amp;gt; vergelijken → de stabielste toestand gaat zich dan voordoen)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#Teken de lewis-structuur, geef het sterisch getal, hybridisatie, geometrische en atoomstructuur van HCN en ICl&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;. Geef ook aan of ze polair zijn of niet. /3&lt;br /&gt;
#Leid de K&amp;lt;sub&amp;gt;b&amp;lt;/sub&amp;gt; af van AsO&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt; aan de hand van zijn standaarreductiepotentiaal. Kies zelf een goed redoxkoppel. /3&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 24 januari 2017 ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Welke verbindingen zijn zelf niet zuur of basisch, maar vertonen wel zure of basische eigenschappen als ze in water gebracht worden? /6&lt;br /&gt;
#Hoe kunnen meerdere verschillende kationen die samen in een mengsel voorkomen, van elkaar gescheiden worden? Waarop moet je letten om de scheiding zo volledig mogelijk te laten gebeuren? /4&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#Berekenen of een reactie neerslaat of niet ondanks complexvorming /3&lt;br /&gt;
#correcte redoxreactie van 2 gegeven koppels schrijven en berekenen dat dit een aflopende reactie is. /3&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 23 januari 2017 ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Bij welke reacties is quenchen van toepassing? Leg goed uit en geef een voorbeeld. /4&lt;br /&gt;
#Vergelijk chroomvocht, piranhazuur, koningswater en cyanide in base als oplossmiddel voor (edel)metalen. /6&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#Roosterenergie berekenen /2.5&lt;br /&gt;
#concentratie zout berekenen die toegevoegd moet worden om gegeven hoeveelheid neerslag op te doen lossen. /3.5&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 18 januari 2017 ===&lt;br /&gt;
VM&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Hoe kan je de reactiesnelheid beïnvloeden? Wat betekent dit voor het chemisch evenwicht? /4&lt;br /&gt;
#Wat gebeurt er bij de elektrolyse van water voor geen, een weinig en veel NaCL? /6&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#pH + werkelijke ionenconcentraties van een bioprotisch zuur berekenen /3&lt;br /&gt;
#een slecht oplosbaar zout oplossen aan de hand van complexatie door een te berekenen massa NaCl toe te voegen /3&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 17 januari 2017 ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Hoe kan je het evenwicht naar de kant van de producten brengen? Heeft dit een invloed op de snelheid?&lt;br /&gt;
#Geef het verband tussen protontransferreacties en elektrontransferreacties. Geef voorbeelden die dit verduidelijken.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#Berekenen of een reactie neerslaat of niet ondanks complexvorming.&lt;br /&gt;
#Bepaal de hybridisatie en geometrie van PCl&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt; en SF&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;. Teken de atoomstructuur en zijn deze moleculen polair of apolair en een uitleg waarom.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 16 januari 2017 ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Vuistregels met afleiding van buffers geven, dit ook toepassen op pH titraties, bloed als buffer bespreken&lt;br /&gt;
#Hebben kationen basische of zure eigenschappen, zijn dit dan zwakke of sterke zuren of basen (voorbeelden kunnen helpen en verduidelijkend zijn)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen &lt;br /&gt;
#Aantal mL en molair NiSO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;-oplossing samenvoegen met een aantal ml en molair NH&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;, toon aan dat ondanks het gevormde complex nikkel (II) ammoniak er toch nog neerslag gevormd wordt&lt;br /&gt;
#Een tabel gegeven van temperatuur en snelheidsconstante, de opdracht is grafisch de activeringsenergie te berekenen en k te berekenen bij 250°C&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== XX Augustus 2016 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#Leg de verschillende soorten isomerie uit + wat is tautomerie?&lt;br /&gt;
#Leg uit waarom fluoride in tandpasta zit (alle 6 puntjes geven, dus ook vorming CaF uitleggen)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#Random oefening uit oefenzitting&lt;br /&gt;
#Berekend de K&amp;lt;sub&amp;gt;w&amp;lt;/sub&amp;gt; vertrekkende vanuit de standaardreductiepotentialen voor water in zuur/basisch milieu&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===XX januari 2016===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#Leg de elementaire reactiestappen uit adhv voorbeelden (mono,bi,termoleculair, stationariteitsprincipe, vorming ozon)&lt;br /&gt;
#Geef de &#039;&#039;&#039;essentie&#039;&#039;&#039; van een titratie + grafieken&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
oefeningen:&lt;br /&gt;
#Oplosbaarheid van AgNO&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt; berekenen na toevoegen van een of ander zuur/base&lt;br /&gt;
#nog een oefening&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===  11 januari 2016 ===&lt;br /&gt;
#Hoe bepaal je de geometrische structuur bij covalent gebonden atomen en geef 3 voorbeelden &lt;br /&gt;
#bij welke reactie is quenching van toepassing?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===XX januari 2016===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#heterogene en homogene en enzymatische katalysator + alles uitleggen hiervan&lt;br /&gt;
#loodbatterij&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===12 januari 2016===&lt;br /&gt;
#Verschillen tussen Co en Fe en zeggen waarom Fe gebruikt wordt voor zuurstof transport &lt;br /&gt;
#het verschil tussen C dubbel gebonden en enkel gebonden &lt;br /&gt;
#bij de oefeningen was eentje E&amp;lt;sup&amp;gt;0&amp;lt;/sup&amp;gt; bepalen ahv K&amp;lt;sub&amp;gt;a&amp;lt;/sub&amp;gt; en een andere E&amp;lt;sup&amp;gt;0&amp;lt;/sup&amp;gt; &lt;br /&gt;
#andere grafisch de orde enzo bepalen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===10 JAN 2014===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#Roosterenergie van 2 roosters (NaCl en MgO) berekenen met de formule, zeggen of er nog een andere manier was om die te vinden (Hess) en of er een verschil in uitkomst te verwachten was tussen de twee manieren. Vergelijken van de pH van de twee oplossingen.&lt;br /&gt;
#Uitleggen waarom termoleculaire reactiestappen omwaarschijnlijk zijn. Reactiemechanisme van 2HI + H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;O&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; → I&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; + H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;O  geven. Stationariteitsprincipe uitleggen en zeggen of het op die reactie van toepassing was. &lt;br /&gt;
#Waar/soms waar/niet waar: Een proces is spontaan als de entropie in het systeem toeneemt. &lt;br /&gt;
#Uitleggen wat een buffer is en de vuistregels voor een goede buffer uitleggen zonder de hele wiskundige berekening te doen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen.&lt;br /&gt;
#Oplosbaarheid van AgBr, complexatie met thiosulfaat en alternatieve manier geven om oplosbaarheid te verhogen. Uitleggen waarom die laatste manier weinig effect zou hebben.&lt;br /&gt;
#Celpotentiaal berekenen van een gegeven schematische voorstelling.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===11 JAN 2013===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Vergelijk de elektronenstructuur van de atomen N en O met die van de moleculen N&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; en O&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;. Licht de hierbij essentiële principes toe.&lt;br /&gt;
# Geef de chemische functies van water. Geef bij iedere functie een voorbeeld in de vorm van een reactievergelijking. Is water sterk of zwak in deze functie?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# CuSO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt; oplossing met NH&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt; oplossing (grootheden gegeven). Laat zien dat er ondanks de complexatie toch nog neerslagvorming optreedt.&lt;br /&gt;
# Gegeven concentraties (van reactieproduct) in functie van de tijd. Bepaal grafisch de orde en de halfwaardetijd.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===3 FEB 2012 NM===&lt;br /&gt;
# Geef twee vuistregels voor een goede buffer en toon ze aan aan de hand van de neutralisatiegraad en de buffer capaciteit. &lt;br /&gt;
#* Geef het verband hiervan met pH- titratie &lt;br /&gt;
#* Is bloed een goede buffer ? Verklaar. &lt;br /&gt;
# Verklaar waarom men tandpasta fluorideert.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===30 JAN 2012 NM===&lt;br /&gt;
# Beschrijf en vergelijk de kinematica en thermodynamica van de methatesereactie en de liganduitwisselingsreactie.&lt;br /&gt;
# Broom in base.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===30 JAN 2012 VM===&lt;br /&gt;
# Welke reacties kunnen optreden als katalysator bij redoxreacties?&lt;br /&gt;
# Leidt de halfreacties van een zwavelzure loodbatterij af&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===24 JAN 2012 VM===&lt;br /&gt;
# hoe bepaal je de elektronenconfiguratie van diatomaire moleculen en geef twee duidelijk verschillende voorbeelden&lt;br /&gt;
# vergelijk Al en Li voor batterijen, geef voor en nadelen en verklaar waarom er Li batterijen zijn en geen Al&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 JAN 2012 NM===&lt;br /&gt;
# staaf met enkele goed gekoze voorbeelden het belang van de ladingsdichtheid in de chemie&lt;br /&gt;
# welke reacties hebben er baat bij quenching toe te passen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 JAN 2012 VM===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Beschrijf en vergelijk de kinematica en thermodynamica van de methatesereactie en de liganduitwisselingsreactie. &lt;br /&gt;
# Leg de elektrolyse van water uit in de volgende omstandigheden:1. zonder zout, 2. met een beetje zout en 3. met oplossing van veel zeezout. &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 JAN 2012 NM===&lt;br /&gt;
Theorie :&lt;br /&gt;
# geef de vuistregels voor bufferoplossing + afleiden buffercapaciteit en neutralisatiegraad. link met pH-titratie. vertellen over bloed als buffer, goede/slechte buffer?&lt;br /&gt;
# iets van Fe complexatie, waarom de natuur is aangepast aan ademhaling door complexvorming van Fe met zuurstof&lt;br /&gt;
Oefeningen :&lt;br /&gt;
# van deel C met een tabel met waarden, orde van reactie afleiden + grafisch k en t&amp;lt;sub&amp;gt;1/2&amp;lt;/sub&amp;gt; bepalen&lt;br /&gt;
# berekenen of PbOH&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; neerslaat, uit een mengsel van PbSO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt; met NaOH geloof ik&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 JAN 2012 VM===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Vergelijk de bindingssterkte en reactiviteit van C=C en C - C (enkelvoudige binding) op 4 ptn&lt;br /&gt;
# Vergelijk de afhankelijkheid van de temperatuur voor de snelheidsconstante en de evenwichtsconstante&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===1 FEB 2011=== &lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Bespreek: Chroomvocht, Piranhazuur , koningswater en cyanide in base en hun werking op (edel)metalen. (/6)&lt;br /&gt;
# Wat is een indicator en hoe werkt het? (/4)&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# P&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt; + BR&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; =&amp;amp;gt; PBR&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt; vul aan met coefficienten en bereken de temperatuur waarvoor deze reactie spontaan zal verlopen. (/2.5)&lt;br /&gt;
# en een oefening over de combinatie van complexvorming van AlOH&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt; en de neerslag van AlOH&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;. (/3.5)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 1 sep 2010 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Verschillen en gelijkenissen tussen homogene, heterogene en enzymatische katalyse geven. Verduidelijken met vb.&lt;br /&gt;
# Bindingssterkte en reactiviteit vergelijken tussen C-C en C=C. Welke reacties ondergaan ze.&lt;br /&gt;
Oefingen:&lt;br /&gt;
# Oplosbaarheid&lt;br /&gt;
# Enthalpie &amp;amp;amp; Entropie&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===28 jan 2010===&lt;br /&gt;
# bespreek de oplosbaarheid van metalen in zuur en basisch milieu (/6) &lt;br /&gt;
# bespreek &amp;amp;quot;quenching&amp;amp;quot; en voor welke reacties is dit toepasbaar? (/4) &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
oefeningen: &lt;br /&gt;
# bepaal de oplosbaarheid van AgBr in een molaire NH&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt; oplossing (complexvorming) &lt;br /&gt;
# een reactie difluor en diwaterstof -&amp;amp;gt; 2HF. Gaat deze reactie op bij 500K ?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===26 jan 2010===&lt;br /&gt;
# vergelijk piranhazuur, koningswater, dichromaat en cyanide voor het oplossen van edelmetalen. (.../6)&lt;br /&gt;
# welke reacties kunnen als katalysator optreden bij een redoxreactie? (.../4)&lt;br /&gt;
oefeningen:&lt;br /&gt;
# Een oplossing van Ti(II)-ionen wordt in zuur midden getitreerd met een dichromaatoplossing (K&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;Cr&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;O&amp;lt;sub&amp;gt;7-&amp;lt;/sub&amp;gt;oplossing). Hierbij worden het Cr(III)-ion en het Ti(III)-ion gevormd. Toon aan dat het gaat om een aflopende reactie.Het verloop van de titratie wordt potentiometrisch gevolgd en ook de pH wordt constant gemeten. In de oplossing zit nog een kalomelelektrode (E&amp;lt;sup&amp;gt;0&amp;lt;/sup&amp;gt;=0.25V) die aan de anode gekoppeld is en een platina-elektrode. Op zeker ogenblik - na het passeren van het equivalentiepunt - wordt een celpotentiaal van 0.95V gemeten en een pH van 1.2. Bereken de concentratie aan Cr&amp;lt;sup&amp;gt;3+&amp;lt;/sup&amp;gt; ionen, als je weet dat deze concentratie vier maal hoger ligt dan die van de dichromaationen. (.../3)&lt;br /&gt;
# Aan een oplossing van 70 ml 0.20 M nikkelsulfaat wordt 30 ml 0.60 M ammoniak toegevoegd. Toon aan dat er - ondanks de complexvorming - toch hydroxideneerslag gevormd zal worden. (.../3)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== jan 2010 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Toon het belang aan van ladingsdichtheid in de scheikunde. Geef telkens duidelijk verschillende voorbeelden als het over verschillende soorten reacties gaat.&lt;br /&gt;
# Bespreek de reactie van broom in base. Geef een relevante toepassing.&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# Bij 298 K gaat onderstaande reactie op. Men maakt een oplossing van 35,5 g van Cl&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; en 0,1 g van H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; in een totaal volume van 200 ml. Wat zijn de evenwichtsconcentraties van H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;, Cl&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; en HCl ?&lt;br /&gt;
#*H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;(g) + Cl&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;(g) &amp;amp;lt;=&amp;amp;gt; 2HCl(g) &lt;br /&gt;
# Bereken de Kb van IO-, uitgaande van&lt;br /&gt;
#*IO&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt;(aq) / HIO(l)   E&amp;lt;sup&amp;gt;0&amp;lt;/sup&amp;gt; = 1,13V&lt;br /&gt;
#*IO&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt;(aq) / IO&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt;(aq)  E&amp;lt;sup&amp;gt;0&amp;lt;/sup&amp;gt; = 0,15V&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== jan 2009 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Wat is een dipoolmoment?&lt;br /&gt;
# Vroeger werd kaliumpermanganaat e.a. veel gebruikt als goede oxidator. Tegenwoordig wordt pirhanazuur (mengsel waterstofperoxide/zwavelzuur) gebruikt. Waarom?&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# Temperatuurverandering berekenen van ijs (faseverandering,...)&lt;br /&gt;
# Nog zo&#039;n oefening in die aard.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== jan 2009 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Vergelijk de temperatuursafhankelijkheid van de evenwichtsconstante en de snelheidsconstante.&lt;br /&gt;
# Waarom is een stof goed of slecht oplosbaar in water? En hoe kan je een slecht oplosbare stof beter oplosbaar maken?&lt;br /&gt;
# Maak een vergelijking tussen thermodinamica en kinetica van metathesereacties versus complexatiereacties.&lt;br /&gt;
# Geef de 2 hoofdregels voor het maken van een buffer en leid ze wiskundig af.&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
#* Evenwichtsconstante berekenen bij 45°C (je krijgt de reactie)&lt;br /&gt;
#* Evenwichtsdruk berekenen als druk in het begin gegeven is&lt;br /&gt;
# K&amp;lt;sub&amp;gt;b&amp;lt;/sub&amp;gt; geven als je redoxkoppel krijgt (in zuur en in basisch midden)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 1 feb 2008 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Welke reacties kunnen een redoxreactie katalyseren?&lt;br /&gt;
# Geef het verband tussen neerslagreacties en complexatiereacties en geef een goed gevonden voorbeeld.&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
#* Evenwichtsconstante berekenen bij 45°C (je krijgt de reactie)&lt;br /&gt;
#* Evenwichtsdruk berekenen als druk in het begin gegeven is&lt;br /&gt;
# K&amp;lt;sub&amp;gt;b&amp;lt;/sub&amp;gt; geven als je redoxkoppel krijgt (in zuur en in basisch midden)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 25 jan 2008 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Leg uit wat tautomerie is + vb.&lt;br /&gt;
# Voor het oxideren werden vroeger vaak de klassieke sterke oxidanten permanaat of dichromaat in zwavelzuur gebruikt, waarom is het gebruik van &amp;amp;quot;piranaha-zuur&amp;amp;quot; (waterstofperoxide in zwavelzuur) aan een opmars bezig?&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# men wil 200 ml maken van een oplossing die 3,81g magnesiumcloride en 0,8g natriumhydroxide bevat. Hoeveel gram ammoniumbromide moet er ook in deze oplossing zitter, opdat er geen neerslag is?&lt;br /&gt;
# Boven/onder welke temperatuur gaat deze reactie spontaan op? &lt;br /&gt;
#* N&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; (g) + O&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;(g) = 2NO (g)&lt;br /&gt;
#* Bereken ook de evenwichtsconstante bij 68°C.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 jan 2007 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# geef verband van de ionbinding en de covalente binding + verklaar&lt;br /&gt;
# geef verband pH en redoxpotentiaal&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# bereken kb van een stof aan hand van 2 redoxpotentialen &lt;br /&gt;
# oefenening waar je een eind temperatuur moest berekenen met warmtecapaciteit en latente verdampingswarmte (aangezien er een faseovergang is)&lt;/div&gt;</summary>
		<author><name>R0884697</name></author>
	</entry>
	<entry>
		<id>https://wiki.chemika.be/index.php?title=Grondslagen_van_de_Chemie&amp;diff=3015</id>
		<title>Grondslagen van de Chemie</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.chemika.be/index.php?title=Grondslagen_van_de_Chemie&amp;diff=3015"/>
		<updated>2022-08-29T08:56:02Z</updated>

		<summary type="html">&lt;p&gt;R0884697: /* Examenvragen */&lt;/p&gt;
&lt;hr /&gt;
&lt;div&gt;[[Categorie:Bachelor Chemie]]&lt;br /&gt;
[[Categorie:Bachelor Biochemie]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Vakinformatie==&lt;br /&gt;
Basisvak chemie voor 1e bachelor chemie, biochemie, biologie en geologie.&lt;br /&gt;
Gedoceerd door professor &amp;amp;lt;s&amp;amp;gt;Koen Clays&amp;amp;lt;/s&amp;amp;gt; &amp;amp;lt;s&amp;amp;gt;Bart Goderis (sinds academiejaar 2013-2014)&amp;amp;lt;/s&amp;amp;gt; Koen Clays. Het examen is deels mondeling, deels schriftelijk.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen==&lt;br /&gt;
=== 23 augustus 2022===&lt;br /&gt;
Theorie: &lt;br /&gt;
1. Schrijf uit hoe je bekomt tot reactie 7 (pagina 119 BOD) en leg je redeneringen uit. (reductie half reacties- reactie uitgeschreven op bord in de les)&lt;br /&gt;
2. Leg de relevantie van de ladingsdichthied (niet electronendichtheid) in de scheikunde uit.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
1. Wanneer product B bij product A wordt gevoegd, wordt A beter oplosbaar. Bereken de concentratie van B die nodig is om ...g A op te lossen in ...ml water. (ik weet de exacte producten niet meer - gelijkaardige oefening is terug te vinden in de oefeningen)&lt;br /&gt;
2. Is volgende reactie aflopend bij 40 graden celcius? ?NH4NO3 + O2 --&amp;gt; ?N?O? + 4H2O&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 18 januari 2022 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
1.	Hoe kan je de snelheid van een reactie verhogen, wat gebeurt er met het evenwicht?&lt;br /&gt;
2.	Buffers: vuistregels + afleiding, verband met titratie, is bloed een goede buffer?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
oefening 1:&lt;br /&gt;
a.	molaire oplosbaarheid van Ag2Cr2O7 in zuiver water&lt;br /&gt;
b.	hoeveel NH3 nodig om 0,100 mol AgI op te lossen in 0,500L (Ag(NH3)2^+ wordt gevormd)&lt;br /&gt;
c.	toon aan dat er geen AgOH neerslag gevormd wordt&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
oefening 2:&lt;br /&gt;
a.	redoxreactie opstellen voor N2/NH2OH en Al(OH)4^-/Al&lt;br /&gt;
b.	toon aan dat de reactie aflopend is bij 25°C&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 16 augustus 2021 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#Op welke manieren kan je de snelheid van een reactie vergroten, leg uit wat er dan ook met de evenwichtsconstante gebeurt. Verandert hierbij de ligging van het evenwicht? Gebruik formules of figuren om dit aan te tonen&lt;br /&gt;
#Op welke manier beïnvloedt complexatie het redoxpotentiaal van een metaal? Leg uit, geef een voorbeeld. In de natuur wordt Fe gebruikt voor reversibele redoxreacties. Waarom?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen: &lt;br /&gt;
#Boven of onder welke temperatuur gaat deze reactie spontaan op: O2 (g) + N2 (g) —&amp;gt; 2NO (g)&lt;br /&gt;
#HCN verhoogt de oplosbaarheid van Fe(OH)2, hoe groot is de concentratie van HCN die je nodig hebt om 250 ml 3,37g Fe(OH)2 in oplossing te brengen?”&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 6 januari 2021 ===&lt;br /&gt;
Theorie 1:&lt;br /&gt;
#Bespreek alle K’s die we hebben gezien in de cursus en geef een voorbeeld waarin hun definitie duidelijk wordt. Indien je iets kan zeggen over K&amp;gt;&amp;gt;1 K=1 en K&amp;lt;&amp;lt;1, voeg je dit hieraan toe.&lt;br /&gt;
#Gebruik een voorbeeld uit 1a en leg uit hoe je K puur theoretisch kunt vinden.&lt;br /&gt;
#Geef een mogelijk verband tussen K en k indien er een is.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Theorie 2:&lt;br /&gt;
Bespreek de elektrolyse van water zonder NaCl, met een beetje NaCl en met veel NaCl.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefening 1:&lt;br /&gt;
Bewijs dat dankzij de complexvorming, PbCl2 niet neerslaat, wanneer we 50ml Pb(NO3)2 (0,4M) bij 50ml BaCl2 (0,6M)doen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefening 2:&lt;br /&gt;
0,700M NaHSO3 en 0,450M Na2SO3&lt;br /&gt;
#Bereken de pH.&lt;br /&gt;
#Bereken de pH bij het toevoegen van 20ml KOH.&lt;br /&gt;
#Bij welke concentratie aan NaOH de buffer (100mL) niet meer werkt.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 13 augustus 2020 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
1) Leg homogene, heterogene en enzymatische katalyse uit. Geef ook telkens een voorbeeld. Leg de gelijkenis tussen heterogene en enzymatische katalyse uit. Leg de gelijkenis tussen homogene en enzymatische katalyse uit. /4&lt;br /&gt;
2) Vergelijk chroomvocht (dichromaat in zwavelzuur), piranhazuur (waterstofperoxide in zwavelzuur), koningswater en cyanide in base als oplosmiddelen voor (edel)metalen. /6&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
1) Bereken de oplosbaarheid van AgBr in een 0.053M NH3 oplossing. Ag(NH3)2- wordt gevormd.&lt;br /&gt;
2) Is volgende reactie (reactie gegeven) aflopend bij 68 graden C? Toon aan met berekeningen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 januari 2020 voormiddag ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
1) Hoe evenwicht verschuiven naar kant van producten, verandert er iets aan de snelheid?&lt;br /&gt;
2) De ruimtelijke structuur van de covalente binding, 4 relevante voorbeelden geven en bespreken.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
1) Bereken Kd van complex Ag(CN)2 adhv thermodynamische eigenschap bij 25°C&lt;br /&gt;
2) Na3PO4 0.045 M: bereken werkelijke concentraties van PO43-, Na+, HPO42-, H2PO4-, H3PO4, H3O+, OH- en bereken de pH.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 14 januari 2020 namiddag ===&lt;br /&gt;
theorie:&lt;br /&gt;
#Hoe verklaar je de werking van een &amp;quot;hoog-rendements&amp;quot; brander voor een centrale verwarming? Welke aanpassingen dienen er te gebeuren in vergelijking met een klassieke brander&lt;br /&gt;
#Bespreek de dissociatie van HgCl2. Waarmee is dit te vergelijken?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
oefeningen:&lt;br /&gt;
#Je voegt 50 mL van een 0.0200M AgNO3 - oplossing toe aan 50 mL van een 0.0300M NaCN-oplossing. Zal AgCN neerslaan, ondanks de complexvorming (Kst Ag(CN)2- = 2.5 x 10^20). Verwaarloos de basische eigenschappen van CN-&lt;br /&gt;
#Bepaal grafisch orde van de reactie, de snelheidsconstante en halfwaardetijd. Je krijgt de beginconcentratie van het reagens gegeven, en het verloop van de concentratie van een product. (Dus je moet nog berekenen, hoe het verloop van de concentratie van het reagens gaat)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 13 januari 2020 namiddag ===&lt;br /&gt;
theorie:&lt;br /&gt;
1) bespreek de elektrolyse van water of in een waterige oplossing van zeezout (NaCl) voor volgende situaties: zonder toevoeging van zout, bij toevoeging van een beetje NaCl, bij toevoeging van veel NaCl&lt;br /&gt;
2) Bespreek homogene, heterogene en enzymatische katalyse: geef verschillen en gelijkenissen. Geef telkens een relevant voorbeeld ter illustratie.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
oefeningen:&lt;br /&gt;
1) reactie N2 + O2 --&amp;gt; 2NO gegeven en berekenen boven/onder welke temperatuur de reactie spontaan is&lt;br /&gt;
2) Berekenen hoeveel gram NaCl je moet toevoegen aan 0,448g Cu(OH)2 om dit volledig te kunnen oplossen in 100 ml water als je weet dat het complex [CuCl4]2- wordt gevormd&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 13 januari 2020 voormiddag ===&lt;br /&gt;
theorie&lt;br /&gt;
# Buffer&lt;br /&gt;
# Reactiemechanisme van Broom&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===?===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
1) hoe kan men de snelheid van een chemische reactie vergroten? Verandert dit ook iets aan het evenwicht?&lt;br /&gt;
2) chemische eigenschappen ammoniak, hebben ze dan een zwakke of sterke functie? Geef voorbeeldreacties&lt;br /&gt;
3) bespreek de thermodynamische eigenschappen van de autoprotolyse van water. Zie hiervoor tabel 6.9 BOD&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
1) bereken of neerslag wordt gevormd bij samenvoegen 2 stoffen&lt;br /&gt;
2) bereken potentiaal galvanische cel&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 1 februari 2019 namiddag===&lt;br /&gt;
theorie&lt;br /&gt;
#Leg uit hoe een biprotisch zuur dissocieert en geef een voorbeeld. Vergelijk deze dissociatie met die van HgCl&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;&lt;br /&gt;
#Broom in base&lt;br /&gt;
oefeningen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#Bepaal de standaardreductiepotentiaal van het koppel Zn(OH)&amp;lt;sub&amp;gt;2 (s)&amp;lt;/sub&amp;gt;\ Zn&amp;lt;sub&amp;gt;(s)&amp;lt;/sub&amp;gt; met het oplosbaarheidsproduct van Zn(OH)&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; en de standaardreductiepotentiaal van het koppel Zn&amp;lt;sup&amp;gt;2+&amp;lt;/sup&amp;gt;\ Zn&amp;lt;sub&amp;gt;(s)&amp;lt;/sub&amp;gt; &lt;br /&gt;
#Een klontje vast ethanol met een massa van 50 g wordt bij 155.80 K overgoten met 2.22 L (1 L = 0.79 kg) vloeibaar ethanol waardoor het klontje zal smelten. Wat is de begintemperatuur van het vloeibaar ethanol als je weet dat het systeem een eindtemperatuur van 287.80 K bereikt en als je weet dat er geen energie verloren gaat aan de omgeving?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 21 januari 2019 namiddag===&lt;br /&gt;
theorie&lt;br /&gt;
#vervolledig de reactievergelijking ClO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt; + Cl&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt; -&amp;gt; Cl&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; + H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;O en geef een plausibel reactiemechanisme.&lt;br /&gt;
#bespreek de elektrolyse van water of in een waterig milieu zonder toevoeging van zout, bij toevoeging van een beetje NaCl, bij toevoeging van veel NaCl. &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
oefeningen&lt;br /&gt;
#hoeveel natriumthiosulfaat is er nodig om 0,025 mol AgBr op te lossen in 500 ml? Het complex zilverthiosulfaat wordt gevormd. &lt;br /&gt;
#een ijsklontje met massa 56 gram wordt in 150 g water gedaan om dit af te koelen. Het ijsklontje heeft een begintemperatuur van 0°C en het geheel heeft een eindtemperatuur van 14°C. Bereken de begintemperatuur van het water.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 16 januari 2019 voormiddag===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Bespreek de spontane ontbinding van waterstofperoxide. Welke parameters dragen bij tot de ontbinding en hoe kan je dit tegen gaan?&lt;br /&gt;
#De ruimtelijke structuur van de covalente binding, 4 relevante voorbeelden geven en bespreken.&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#0,040 M 100 mL H&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;PO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt; bij 100 ml 4M Ca&amp;lt;sup&amp;gt;2+&amp;lt;/sup&amp;gt;-ionen. Wordt er neerslag gevormd?&lt;br /&gt;
#Een orde oefening met grafisch de halfwaarde tijd en k bepalen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 januari 2019===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Hoe kan je het evenwicht naar de kant van de producten krijgen. Heeft dit ook invloed op de snelheid van de reactie? /6&lt;br /&gt;
#Stel een chemisch mechanisme op zodat citroenzuur (wat een bestandsdeel is van citroensap) kan ontgiften. /4&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#Bepaal de K&amp;lt;sub&amp;gt;b&amp;lt;/sub&amp;gt; uit de gegeven redoxkoppels (H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;O/H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;O (E&amp;lt;sup&amp;gt;0&amp;lt;/sup&amp;gt;=1.76V) en HO&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;−&amp;lt;/sup&amp;gt;/OH&amp;lt;sup&amp;gt;−&amp;lt;/sup&amp;gt;) (E&amp;lt;sup&amp;gt;0&amp;lt;/sup&amp;gt;=0.87V). Met welke andere 2 koppels kan je dit nog doen? /3&lt;br /&gt;
# Geef de lewisstructuur, hybridisatie, polariteit (+ uitleg), en geometrie van XeF&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; en PBr&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;. /3&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 14 januari 2019===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Geef de twee vuistregels voor een goede buffer en leg ze uit adhv neutralisatiegraad en buffercapaciteit. Leg uit bloed als buffer en waarom het geen ideale buffer is. Geef de relatie tussen een buffer en een pH- titratie(curve). /6&lt;br /&gt;
#Vervolledig deze reactie, BrO&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt;  +  Br&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt; →   Br&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;  +  H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;O, en geef een plausibel reactiemechanisme voor deze reactie (Staat niet in de cursus maar wel gezien als een extra voorbeeld). BOD Tabel 6.2 n.7 /4&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 30 januari 2018 namiddag===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Welke verbindingen zijn zelf niet zuur of basisch, maar vertonen wel zure of basische eigenschappen als ze in water gebracht worden? /6&lt;br /&gt;
# Bespreek de voorwaarden en de gevolgen van het stationariteitsprincipe.  Geef een duidelijk en relevant voorbeeld. /4&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#De stabiliteitsconstante voor de vorming van het complex Pb(OH)&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;2-&amp;lt;/sup&amp;gt; is 1,0.1016. De standaardreductiepotentiaal voor het koppel Pb&amp;lt;sup&amp;gt;2+&amp;lt;/sup&amp;gt;(aq)/Pb(s) is -0,12V. Bereken aan de hand van deze gegevens de standaardreductiepotentiaal voor het koppel Pb(OH)&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;2-&amp;lt;/sup&amp;gt;(aq)/Pb(s). / 3&lt;br /&gt;
#Er wordt een buffer met pH = 6,90 gemaakt uitgaande van NaH&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;PO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt; en Na&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;HPO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;. De eindconcentratie van NaH&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;PO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt; in 400 mL van deze oplossing is 0,020 M. Bereken hoeveel gram dinatriumwaterstoffosfaat er in deze oplossing moet zitten om de beoogde pH te realiseren. Aan deze oplossing wordt 100 mL 0,0080 M HI toegevoegd. Bereken ook de pH na toevoeging hiervan. Vanaf hoeveel mol NaOH toegevoegd zou de startbuffer niet meer werkzaam zijn? Licht kort toe. /3&lt;br /&gt;
&amp;lt;sup&amp;gt;&amp;lt;/sup&amp;gt;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 23 januari 2018 namiddag===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Stel een mogelijk reactiemechanisme voor bij reactie 7 BOD tabel 6.2. /4&lt;br /&gt;
#Waarom mag men geen ontkalker bij javel doen? Geef alle relevante reacties. /6&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#Bepaal de baseconstante van NH&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt; aan de hand van de standaardreductiepotentialen van de redoxkoppels. /3&lt;br /&gt;
#Geef de Lewisstructuur, hybridisatie en polariteit van XeF&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; en HClO&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;. /3&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 22 januari 2018 namiddag===&lt;br /&gt;
Theorie &lt;br /&gt;
# Hoe kan men het evenwicht naar de producten doen verschuiven? Heeft dit dan ook gevolgen voor de reactiesnelheid? /4&lt;br /&gt;
# Vergelijk chroomvocht (dichromaat in zwavelzuur), piranhazuur (waterstofperoxide in zwavelzuur), koningswater en cyanide in base als oplosmiddelen voor (edel)metalen. /6&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
# Je wilt 0.488 g Cu(OH)&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; oplossen in water tot een eindvolume van 100 mL. Bereken hoeveel gram NaCl er nodig is om ervoor te zorgen dat Cu(OH)&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; niet neerslaat. Het CuCl&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;2-&amp;lt;/sup&amp;gt; complex wordt gevormd. /3&lt;br /&gt;
# Bepaal grafisch de activeringsenergie van de reactie (tabel met temperatuur en snelheidsconstantes gegeven). Bepaal ook de snelheidsconstante bij 37°C. Kan je hiermee iets zeggen over de orde van de reactie? /3&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 17 januari 2018 ===&lt;br /&gt;
Theorie &lt;br /&gt;
# Hoe kan de snelheid van de reactie beïnvloed worden? Verandert dan ook de ligging van het evenwicht van de reactie? /6&lt;br /&gt;
# Welke factoren bepalen of een molecule al dan niet een permanent dipoolmoment bezit? Geef duidelijke voorbeelden. /4&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
# Je wilt 42.72 g Fe(OH)&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt; oplossen in water tot een eindvolume van 500 mL. Bereken welke concentratie waterstoffluoride (HF) er nodig is om ervoor te zorgen dat Fe(OH)&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt; niet neerslaat. /3&lt;br /&gt;
# Stel de correcte redoxreactie op van de koppels Br&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;/Br&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt; en AsO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;3-&amp;lt;/sup&amp;gt;/AsO&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt;. Toon aan met berekeningen dat het over een aflopende reactie gaat bij kamertemperatuur (25°C) /3&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 16 januari 2018 ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
# Bespreek de reactie van chloor in base. Geef een belangrijke toepassing.&lt;br /&gt;
# Vergelijk de ideale gaswet met de van der Waalsvergelijking voor reële gassen en bespreek de trend in co-volume b en cohesiedruk a (BOD p.141) voor H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;, N&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;, CO&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; en C&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;H&amp;lt;sub&amp;gt;10&amp;lt;/sub&amp;gt;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 januari 2018 namiddag ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
# BOD tabel 6.2, reactie 8: stel een mogelijk reactiemachanisme voor&lt;br /&gt;
# Wat zijn de 2 vuistregels van een goeie buffer? Leidt deze af aan de hand van de begrippen neutralisatiegraad en buffercapaciteit. Leg de link met pH-titratie. Leg uit: bloed als buffer&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
# bepaal de baseconstante van MnO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;2-&amp;lt;/sup&amp;gt; aan de hand van de standaardreductiepotentialen van de redoxkoppels&lt;br /&gt;
# lewisstructuur, hybridisatie en polariteit van 2 moleculen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 januari 2018 namiddag ===&lt;br /&gt;
(examen voor gedeeltelijke vrijstelling, enkel vragen deel E)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
# Wat zijn de drijvende krachten bij een complexatiereactie? Toon aan met goed gekozen voorbeelden, en leg uit aan de hand van de kenmerken van een hoge stabiliteitsconstante. /4&lt;br /&gt;
# Wat zijn de 2 vuistregels van een goeie buffer? Leidt deze af aan de hand van de begrippen neutralisatiegraad en buffercapaciteit. Leg de link met pH-titratie. Leg uit: bloed als buffer. /6&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
# Bepaal de baseconstante van MnO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;2-&amp;lt;/sup&amp;gt; aan de hand van de standaardreductiepotentialen van de redoxkoppels /3&lt;br /&gt;
# Hoeveel zilverbromide kan je oplossen in een 0.530M ammoniakoplossing. Verwaarloos de basische eigenschappen van NH&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;. /3 (Toepassing neerslag &amp;amp; complexatie)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 1 september 2017 ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Waarom zijn er diagonaalrelaties? Geef voorbeelden van chemische eigenschappen die gebruikt worden in chemische reacties. /5 &lt;br /&gt;
#Geef het verband tussen de redoxpotentiaal van een redoxhalfreactie en de evenwichtconstante van de gehele reactie. Geef ook de gevolgen. /5&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#Berekenen of er neerslagvorming optreedt. &lt;br /&gt;
#Vrijgekomen warmte en energie uit een reactie berekenen. &lt;br /&gt;
=== 25 Augustus 2017 ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Vergelijk het verschil van de invloed van temperatuur op de reactiesnelheid en het evenwicht - zowel in formulevorm als grafisch /6&lt;br /&gt;
k &amp;amp; K afleiden en grafisch weergeven met resp. ln k ~ 1/T en ln K ~ 1/T (voor dH&amp;gt;0 en dH&amp;lt;0)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#Welke chemisch relevante eigenschappen van atomen kan je afleiden van de positie in het periodiek systeem? /4 &lt;br /&gt;
Zuur-base; oxidans-reductans (+verband), ... (atomen, niet ionen van het element!)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#Hoeveel zilverbromide kan je oplossen in een 0.53M ammonium oplossing. Verwaarloos de basische eigenschappen van NH&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;. /3&lt;br /&gt;
(Toepassing neerslag &amp;amp; complexatie)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#Redoxreactie van SO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;2-&amp;lt;/sup&amp;gt;(aq)/SO&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;2-&amp;lt;/sup&amp;gt;(aq)- en MnO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt;(aq)/MnO(v). /3&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 21 Augustus 2017 ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Hoe kan het evenwicht in de richting van de producten worden verschoven? Heeft dit invloed op het evenwicht? /6&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;concentratie wijzigen&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
principe van Le Chatelier&lt;br /&gt;
hogere concentratie → meer kans op botsingen → sneller&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;druk wijzigen&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
bij drukverhoging → daalt volume → c=n/v dus concentratie stijgt (vanaf dan analoog aan Le Chatelier)&lt;br /&gt;
bij drukverlaging is gunstig voor reacties waarbij ΔN = (N&amp;lt;sub&amp;gt;producten&amp;lt;/sub&amp;gt; - N&amp;lt;sub&amp;gt;reagentia&amp;lt;/sub&amp;gt;) negatief is(N staat voor de coëfficiënten van de stoffen in de reactie)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;temperatuur wijzigen&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
K&amp;lt;sub&amp;gt;ev&amp;lt;/sub&amp;gt; is temperatuursafhankelijk → ΔG =-RTln(K) ↔ ln(k)=-ΔH/RT +ΔS/R (teken grafiek 1/T met ln(k))&lt;br /&gt;
endo → hoge T is gunstig&lt;br /&gt;
exo → lage T is gunstig&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#Wat is het verband tussen neerslag- en complexatiereacties? /4&lt;br /&gt;
ionen met een hoge ladingsdichtheid kunnen niet zoals bijvoorbeeld Na&amp;lt;sup&amp;gt;+&amp;lt;/sup&amp;gt; en Cl&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt; (afkomstig van goed oplosbaar zou NaCl) in oplossing voorkomen,&lt;br /&gt;
aangezien dit niet stabiel is.&lt;br /&gt;
gaan dus ofwel neerslaan ofwel complexeren&lt;br /&gt;
(K&amp;lt;sub&amp;gt;sp&amp;lt;/sub&amp;gt; en 1/K&amp;lt;sub&amp;gt;st&amp;lt;/sub&amp;gt; vergelijken → de stabielste toestand gaat zich dan voordoen)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#Teken de lewis-structuur, geef het sterisch getal, hybridisatie, geometrische en atoomstructuur van HCN en ICl&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;. Geef ook aan of ze polair zijn of niet. /3&lt;br /&gt;
#Leid de K&amp;lt;sub&amp;gt;b&amp;lt;/sub&amp;gt; af van AsO&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt; aan de hand van zijn standaarreductiepotentiaal. Kies zelf een goed redoxkoppel. /3&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 24 januari 2017 ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Welke verbindingen zijn zelf niet zuur of basisch, maar vertonen wel zure of basische eigenschappen als ze in water gebracht worden? /6&lt;br /&gt;
#Hoe kunnen meerdere verschillende kationen die samen in een mengsel voorkomen, van elkaar gescheiden worden? Waarop moet je letten om de scheiding zo volledig mogelijk te laten gebeuren? /4&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#Berekenen of een reactie neerslaat of niet ondanks complexvorming /3&lt;br /&gt;
#correcte redoxreactie van 2 gegeven koppels schrijven en berekenen dat dit een aflopende reactie is. /3&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 23 januari 2017 ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Bij welke reacties is quenchen van toepassing? Leg goed uit en geef een voorbeeld. /4&lt;br /&gt;
#Vergelijk chroomvocht, piranhazuur, koningswater en cyanide in base als oplossmiddel voor (edel)metalen. /6&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#Roosterenergie berekenen /2.5&lt;br /&gt;
#concentratie zout berekenen die toegevoegd moet worden om gegeven hoeveelheid neerslag op te doen lossen. /3.5&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 18 januari 2017 ===&lt;br /&gt;
VM&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Hoe kan je de reactiesnelheid beïnvloeden? Wat betekent dit voor het chemisch evenwicht? /4&lt;br /&gt;
#Wat gebeurt er bij de elektrolyse van water voor geen, een weinig en veel NaCL? /6&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#pH + werkelijke ionenconcentraties van een bioprotisch zuur berekenen /3&lt;br /&gt;
#een slecht oplosbaar zout oplossen aan de hand van complexatie door een te berekenen massa NaCl toe te voegen /3&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 17 januari 2017 ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Hoe kan je het evenwicht naar de kant van de producten brengen? Heeft dit een invloed op de snelheid?&lt;br /&gt;
#Geef het verband tussen protontransferreacties en elektrontransferreacties. Geef voorbeelden die dit verduidelijken.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#Berekenen of een reactie neerslaat of niet ondanks complexvorming.&lt;br /&gt;
#Bepaal de hybridisatie en geometrie van PCl&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt; en SF&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;. Teken de atoomstructuur en zijn deze moleculen polair of apolair en een uitleg waarom.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 16 januari 2017 ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
#Vuistregels met afleiding van buffers geven, dit ook toepassen op pH titraties, bloed als buffer bespreken&lt;br /&gt;
#Hebben kationen basische of zure eigenschappen, zijn dit dan zwakke of sterke zuren of basen (voorbeelden kunnen helpen en verduidelijkend zijn)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen &lt;br /&gt;
#Aantal mL en molair NiSO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;-oplossing samenvoegen met een aantal ml en molair NH&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;, toon aan dat ondanks het gevormde complex nikkel (II) ammoniak er toch nog neerslag gevormd wordt&lt;br /&gt;
#Een tabel gegeven van temperatuur en snelheidsconstante, de opdracht is grafisch de activeringsenergie te berekenen en k te berekenen bij 250°C&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== XX Augustus 2016 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#Leg de verschillende soorten isomerie uit + wat is tautomerie?&lt;br /&gt;
#Leg uit waarom fluoride in tandpasta zit (alle 6 puntjes geven, dus ook vorming CaF uitleggen)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
#Random oefening uit oefenzitting&lt;br /&gt;
#Berekend de K&amp;lt;sub&amp;gt;w&amp;lt;/sub&amp;gt; vertrekkende vanuit de standaardreductiepotentialen voor water in zuur/basisch milieu&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===XX januari 2016===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#Leg de elementaire reactiestappen uit adhv voorbeelden (mono,bi,termoleculair, stationariteitsprincipe, vorming ozon)&lt;br /&gt;
#Geef de &#039;&#039;&#039;essentie&#039;&#039;&#039; van een titratie + grafieken&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
oefeningen:&lt;br /&gt;
#Oplosbaarheid van AgNO&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt; berekenen na toevoegen van een of ander zuur/base&lt;br /&gt;
#nog een oefening&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===  11 januari 2016 ===&lt;br /&gt;
#Hoe bepaal je de geometrische structuur bij covalent gebonden atomen en geef 3 voorbeelden &lt;br /&gt;
#bij welke reactie is quenching van toepassing?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===XX januari 2016===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#heterogene en homogene en enzymatische katalysator + alles uitleggen hiervan&lt;br /&gt;
#loodbatterij&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===12 januari 2016===&lt;br /&gt;
#Verschillen tussen Co en Fe en zeggen waarom Fe gebruikt wordt voor zuurstof transport &lt;br /&gt;
#het verschil tussen C dubbel gebonden en enkel gebonden &lt;br /&gt;
#bij de oefeningen was eentje E&amp;lt;sup&amp;gt;0&amp;lt;/sup&amp;gt; bepalen ahv K&amp;lt;sub&amp;gt;a&amp;lt;/sub&amp;gt; en een andere E&amp;lt;sup&amp;gt;0&amp;lt;/sup&amp;gt; &lt;br /&gt;
#andere grafisch de orde enzo bepalen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===10 JAN 2014===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#Roosterenergie van 2 roosters (NaCl en MgO) berekenen met de formule, zeggen of er nog een andere manier was om die te vinden (Hess) en of er een verschil in uitkomst te verwachten was tussen de twee manieren. Vergelijken van de pH van de twee oplossingen.&lt;br /&gt;
#Uitleggen waarom termoleculaire reactiestappen omwaarschijnlijk zijn. Reactiemechanisme van 2HI + H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;O&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; → I&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; + H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;O  geven. Stationariteitsprincipe uitleggen en zeggen of het op die reactie van toepassing was. &lt;br /&gt;
#Waar/soms waar/niet waar: Een proces is spontaan als de entropie in het systeem toeneemt. &lt;br /&gt;
#Uitleggen wat een buffer is en de vuistregels voor een goede buffer uitleggen zonder de hele wiskundige berekening te doen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen.&lt;br /&gt;
#Oplosbaarheid van AgBr, complexatie met thiosulfaat en alternatieve manier geven om oplosbaarheid te verhogen. Uitleggen waarom die laatste manier weinig effect zou hebben.&lt;br /&gt;
#Celpotentiaal berekenen van een gegeven schematische voorstelling.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===11 JAN 2013===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Vergelijk de elektronenstructuur van de atomen N en O met die van de moleculen N&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; en O&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;. Licht de hierbij essentiële principes toe.&lt;br /&gt;
# Geef de chemische functies van water. Geef bij iedere functie een voorbeeld in de vorm van een reactievergelijking. Is water sterk of zwak in deze functie?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# CuSO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt; oplossing met NH&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt; oplossing (grootheden gegeven). Laat zien dat er ondanks de complexatie toch nog neerslagvorming optreedt.&lt;br /&gt;
# Gegeven concentraties (van reactieproduct) in functie van de tijd. Bepaal grafisch de orde en de halfwaardetijd.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===3 FEB 2012 NM===&lt;br /&gt;
# Geef twee vuistregels voor een goede buffer en toon ze aan aan de hand van de neutralisatiegraad en de buffer capaciteit. &lt;br /&gt;
#* Geef het verband hiervan met pH- titratie &lt;br /&gt;
#* Is bloed een goede buffer ? Verklaar. &lt;br /&gt;
# Verklaar waarom men tandpasta fluorideert.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===30 JAN 2012 NM===&lt;br /&gt;
# Beschrijf en vergelijk de kinematica en thermodynamica van de methatesereactie en de liganduitwisselingsreactie.&lt;br /&gt;
# Broom in base.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===30 JAN 2012 VM===&lt;br /&gt;
# Welke reacties kunnen optreden als katalysator bij redoxreacties?&lt;br /&gt;
# Leidt de halfreacties van een zwavelzure loodbatterij af&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===24 JAN 2012 VM===&lt;br /&gt;
# hoe bepaal je de elektronenconfiguratie van diatomaire moleculen en geef twee duidelijk verschillende voorbeelden&lt;br /&gt;
# vergelijk Al en Li voor batterijen, geef voor en nadelen en verklaar waarom er Li batterijen zijn en geen Al&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 JAN 2012 NM===&lt;br /&gt;
# staaf met enkele goed gekoze voorbeelden het belang van de ladingsdichtheid in de chemie&lt;br /&gt;
# welke reacties hebben er baat bij quenching toe te passen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 JAN 2012 VM===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Beschrijf en vergelijk de kinematica en thermodynamica van de methatesereactie en de liganduitwisselingsreactie. &lt;br /&gt;
# Leg de elektrolyse van water uit in de volgende omstandigheden:1. zonder zout, 2. met een beetje zout en 3. met oplossing van veel zeezout. &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 JAN 2012 NM===&lt;br /&gt;
Theorie :&lt;br /&gt;
# geef de vuistregels voor bufferoplossing + afleiden buffercapaciteit en neutralisatiegraad. link met pH-titratie. vertellen over bloed als buffer, goede/slechte buffer?&lt;br /&gt;
# iets van Fe complexatie, waarom de natuur is aangepast aan ademhaling door complexvorming van Fe met zuurstof&lt;br /&gt;
Oefeningen :&lt;br /&gt;
# van deel C met een tabel met waarden, orde van reactie afleiden + grafisch k en t&amp;lt;sub&amp;gt;1/2&amp;lt;/sub&amp;gt; bepalen&lt;br /&gt;
# berekenen of PbOH&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; neerslaat, uit een mengsel van PbSO&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt; met NaOH geloof ik&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 JAN 2012 VM===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Vergelijk de bindingssterkte en reactiviteit van C=C en C - C (enkelvoudige binding) op 4 ptn&lt;br /&gt;
# Vergelijk de afhankelijkheid van de temperatuur voor de snelheidsconstante en de evenwichtsconstante&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===1 FEB 2011=== &lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Bespreek: Chroomvocht, Piranhazuur , koningswater en cyanide in base en hun werking op (edel)metalen. (/6)&lt;br /&gt;
# Wat is een indicator en hoe werkt het? (/4)&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# P&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt; + BR&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; =&amp;amp;gt; PBR&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt; vul aan met coefficienten en bereken de temperatuur waarvoor deze reactie spontaan zal verlopen. (/2.5)&lt;br /&gt;
# en een oefening over de combinatie van complexvorming van AlOH&amp;lt;sub&amp;gt;4&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt; en de neerslag van AlOH&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;. (/3.5)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 1 sep 2010 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Verschillen en gelijkenissen tussen homogene, heterogene en enzymatische katalyse geven. Verduidelijken met vb.&lt;br /&gt;
# Bindingssterkte en reactiviteit vergelijken tussen C-C en C=C. Welke reacties ondergaan ze.&lt;br /&gt;
Oefingen:&lt;br /&gt;
# Oplosbaarheid&lt;br /&gt;
# Enthalpie &amp;amp;amp; Entropie&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===28 jan 2010===&lt;br /&gt;
# bespreek de oplosbaarheid van metalen in zuur en basisch milieu (/6) &lt;br /&gt;
# bespreek &amp;amp;quot;quenching&amp;amp;quot; en voor welke reacties is dit toepasbaar? (/4) &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
oefeningen: &lt;br /&gt;
# bepaal de oplosbaarheid van AgBr in een molaire NH&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt; oplossing (complexvorming) &lt;br /&gt;
# een reactie difluor en diwaterstof -&amp;amp;gt; 2HF. Gaat deze reactie op bij 500K ?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===26 jan 2010===&lt;br /&gt;
# vergelijk piranhazuur, koningswater, dichromaat en cyanide voor het oplossen van edelmetalen. (.../6)&lt;br /&gt;
# welke reacties kunnen als katalysator optreden bij een redoxreactie? (.../4)&lt;br /&gt;
oefeningen:&lt;br /&gt;
# Een oplossing van Ti(II)-ionen wordt in zuur midden getitreerd met een dichromaatoplossing (K&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;Cr&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;O&amp;lt;sub&amp;gt;7-&amp;lt;/sub&amp;gt;oplossing). Hierbij worden het Cr(III)-ion en het Ti(III)-ion gevormd. Toon aan dat het gaat om een aflopende reactie.Het verloop van de titratie wordt potentiometrisch gevolgd en ook de pH wordt constant gemeten. In de oplossing zit nog een kalomelelektrode (E&amp;lt;sup&amp;gt;0&amp;lt;/sup&amp;gt;=0.25V) die aan de anode gekoppeld is en een platina-elektrode. Op zeker ogenblik - na het passeren van het equivalentiepunt - wordt een celpotentiaal van 0.95V gemeten en een pH van 1.2. Bereken de concentratie aan Cr&amp;lt;sup&amp;gt;3+&amp;lt;/sup&amp;gt; ionen, als je weet dat deze concentratie vier maal hoger ligt dan die van de dichromaationen. (.../3)&lt;br /&gt;
# Aan een oplossing van 70 ml 0.20 M nikkelsulfaat wordt 30 ml 0.60 M ammoniak toegevoegd. Toon aan dat er - ondanks de complexvorming - toch hydroxideneerslag gevormd zal worden. (.../3)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== jan 2010 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Toon het belang aan van ladingsdichtheid in de scheikunde. Geef telkens duidelijk verschillende voorbeelden als het over verschillende soorten reacties gaat.&lt;br /&gt;
# Bespreek de reactie van broom in base. Geef een relevante toepassing.&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# Bij 298 K gaat onderstaande reactie op. Men maakt een oplossing van 35,5 g van Cl&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; en 0,1 g van H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; in een totaal volume van 200 ml. Wat zijn de evenwichtsconcentraties van H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;, Cl&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; en HCl ?&lt;br /&gt;
#*H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;(g) + Cl&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;(g) &amp;amp;lt;=&amp;amp;gt; 2HCl(g) &lt;br /&gt;
# Bereken de Kb van IO-, uitgaande van&lt;br /&gt;
#*IO&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt;(aq) / HIO(l)   E&amp;lt;sup&amp;gt;0&amp;lt;/sup&amp;gt; = 1,13V&lt;br /&gt;
#*IO&amp;lt;sub&amp;gt;3&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt;(aq) / IO&amp;lt;sup&amp;gt;-&amp;lt;/sup&amp;gt;(aq)  E&amp;lt;sup&amp;gt;0&amp;lt;/sup&amp;gt; = 0,15V&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== jan 2009 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Wat is een dipoolmoment?&lt;br /&gt;
# Vroeger werd kaliumpermanganaat e.a. veel gebruikt als goede oxidator. Tegenwoordig wordt pirhanazuur (mengsel waterstofperoxide/zwavelzuur) gebruikt. Waarom?&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# Temperatuurverandering berekenen van ijs (faseverandering,...)&lt;br /&gt;
# Nog zo&#039;n oefening in die aard.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== jan 2009 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Vergelijk de temperatuursafhankelijkheid van de evenwichtsconstante en de snelheidsconstante.&lt;br /&gt;
# Waarom is een stof goed of slecht oplosbaar in water? En hoe kan je een slecht oplosbare stof beter oplosbaar maken?&lt;br /&gt;
# Maak een vergelijking tussen thermodinamica en kinetica van metathesereacties versus complexatiereacties.&lt;br /&gt;
# Geef de 2 hoofdregels voor het maken van een buffer en leid ze wiskundig af.&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
#* Evenwichtsconstante berekenen bij 45°C (je krijgt de reactie)&lt;br /&gt;
#* Evenwichtsdruk berekenen als druk in het begin gegeven is&lt;br /&gt;
# K&amp;lt;sub&amp;gt;b&amp;lt;/sub&amp;gt; geven als je redoxkoppel krijgt (in zuur en in basisch midden)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 1 feb 2008 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Welke reacties kunnen een redoxreactie katalyseren?&lt;br /&gt;
# Geef het verband tussen neerslagreacties en complexatiereacties en geef een goed gevonden voorbeeld.&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
#* Evenwichtsconstante berekenen bij 45°C (je krijgt de reactie)&lt;br /&gt;
#* Evenwichtsdruk berekenen als druk in het begin gegeven is&lt;br /&gt;
# K&amp;lt;sub&amp;gt;b&amp;lt;/sub&amp;gt; geven als je redoxkoppel krijgt (in zuur en in basisch midden)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 25 jan 2008 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Leg uit wat tautomerie is + vb.&lt;br /&gt;
# Voor het oxideren werden vroeger vaak de klassieke sterke oxidanten permanaat of dichromaat in zwavelzuur gebruikt, waarom is het gebruik van &amp;amp;quot;piranaha-zuur&amp;amp;quot; (waterstofperoxide in zwavelzuur) aan een opmars bezig?&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# men wil 200 ml maken van een oplossing die 3,81g magnesiumcloride en 0,8g natriumhydroxide bevat. Hoeveel gram ammoniumbromide moet er ook in deze oplossing zitter, opdat er geen neerslag is?&lt;br /&gt;
# Boven/onder welke temperatuur gaat deze reactie spontaan op? &lt;br /&gt;
#* N&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; (g) + O&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;(g) = 2NO (g)&lt;br /&gt;
#* Bereken ook de evenwichtsconstante bij 68°C.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 jan 2007 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# geef verband van de ionbinding en de covalente binding + verklaar&lt;br /&gt;
# geef verband pH en redoxpotentiaal&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# bereken kb van een stof aan hand van 2 redoxpotentialen &lt;br /&gt;
# oefenening waar je een eind temperatuur moest berekenen met warmtecapaciteit en latente verdampingswarmte (aangezien er een faseovergang is)&lt;/div&gt;</summary>
		<author><name>R0884697</name></author>
	</entry>
</feed>