
<?xml version="1.0"?>
<feed xmlns="http://www.w3.org/2005/Atom" xml:lang="nl">
	<id>https://wiki.chemika.be/api.php?action=feedcontributions&amp;feedformat=atom&amp;user=R0998693</id>
	<title>Chemika Examenwiki - Gebruikersbijdragen [nl]</title>
	<link rel="self" type="application/atom+xml" href="https://wiki.chemika.be/api.php?action=feedcontributions&amp;feedformat=atom&amp;user=R0998693"/>
	<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.chemika.be/index.php?title=Speciaal:Bijdragen/R0998693"/>
	<updated>2026-07-28T08:21:51Z</updated>
	<subtitle>Gebruikersbijdragen</subtitle>
	<generator>MediaWiki 1.43.0</generator>
	<entry>
		<id>https://wiki.chemika.be/index.php?title=Spectroscopische_Meettechnieken&amp;diff=5109</id>
		<title>Spectroscopische Meettechnieken</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.chemika.be/index.php?title=Spectroscopische_Meettechnieken&amp;diff=5109"/>
		<updated>2026-06-15T17:53:46Z</updated>

		<summary type="html">&lt;p&gt;R0998693: /* Examenvragen na Juni 2022 */&lt;/p&gt;
&lt;hr /&gt;
&lt;div&gt;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
[[Categorie:Bachelor Chemie]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Vakinformatie==&lt;br /&gt;
Het vak werd in januari 2022 geherstructureerd en wordt nu gegeven door Hofkens Johan &amp;amp; Debroye Elke. In gesprek met studentenvertegenwoordigers wilden ze lesgeven in een meer &amp;quot;praktisch georienteerde benadering&amp;quot;. Dit komt ook tot uiting in een examen, dat nu uit 4 delen bestaat: 5 korte begrippen, een NMR-vraag, een theorievraag en een vraag uit de oefenzitting&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen na Juni 2022==&lt;br /&gt;
===15 juni VM 2026===&lt;br /&gt;
#Gegeven = typische H-NMR spectra van zuiver water en ethanol t.o.v. TMS. Bij een equimolaire mengsel van H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;O en ethanol stelt men in een 40 MHz toestel vast dat bij kamertemperatuur coalescentie van het -OH signaal optreedt. (5p, mondeling bij Elke)&lt;br /&gt;
##Wat is onder die omstandigheden de 1e orde uitwisselingssnelheidsconstante? (2p) &#039;&#039;(formule staat op pagina 107)&#039;&#039;&lt;br /&gt;
##Beargumenteer of in een 250 MHz toestel onder dezelfde omstandigheden coalescentie optreedt. (2p) &#039;&#039;(snelheidsconstante berekenen voor 250MHz, minder coalescentie bij een sterker toestel)&#039;&#039;&lt;br /&gt;
##Wat verwacht je dat er gebeurt met de -OH signalen na het schudden van het mengsel met D&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;O? &#039;&#039;(verdwijnen, Bijvragen: naar waar verandert de chemische shift van -OH na deuterering, Hoe verandert de CH&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; piek?)&#039;&#039;&lt;br /&gt;
#Absorptiespectrum en structuur van peryleen gegeven. (5p, mondeling bij Johan)&lt;br /&gt;
##Hoe ziet het fluorescentiespectrum er uit? &#039;&#039;(spiegelbeeld van absorptiespectrum maar dan roodverschoven)&#039;&#039;&lt;br /&gt;
##Wat zou er gebeuren met het fluorescentiespectrum als je de concentratie verhoogt? &#039;&#039;(Intenser door wet van Lambert-Beer tenzij aggregaatvorming waardoor J- en H-aggregatie optreedt)&#039;&#039;&lt;br /&gt;
##Bereken de vibratiefrequentie van de belangrijkste vibrationele overgang in de grondtoestand (er vanuitgaande dat die dezelfde is als in de grondtoestand). &#039;&#039;(Bijvraag: welke vibratie komt overeen met het 1400 cm&amp;lt;sup&amp;gt;-1&amp;lt;/sup&amp;gt; golfgetal? (C-C stretch))&#039;&#039;&lt;br /&gt;
##Is peryleen aromatisch? &#039;&#039;(Ja maar structuur heeft 20 pi-elektronen maar er doen 2 elektronen niet mee aan de conjugatie)&#039;&#039;&lt;br /&gt;
##Indien gedeutereerd tolueen gebruikt wordt als solvent, zou je de Ramanpiek van dit tolueen bij excitatie bij 435 nm waarnemen als je weet dat de C-H stretch vibratie bij 3500 cm&amp;lt;sup&amp;gt;-1&amp;lt;/sup&amp;gt; is? &#039;&#039;(Nee, want gaat samenliggen met het veel intensere fluorescentiespectrum)&#039;&#039;&lt;br /&gt;
#Artikel gegeven. Identificeer de fouten in het artikel en zeg waarom deze fout zijn. Teken ook het Jablonski diagram die van toepassing is op dit artikel. (4p)&lt;br /&gt;
#&amp;lt;sup&amp;gt;13&amp;lt;/sup&amp;gt;C-NMR: (2p)&lt;br /&gt;
##Juist/fout + verklaar: &amp;quot;het enige voordeel van de spinontkoppeling tussen &amp;lt;sup&amp;gt;13&amp;lt;/sup&amp;gt;C en &amp;lt;sup&amp;gt;1&amp;lt;/sup&amp;gt;H voor een gecompliceerd &amp;lt;sup&amp;gt;13&amp;lt;/sup&amp;gt;C-NMR spectrum is het verhinderen van de kans op spectrale overlapping.&amp;quot;&lt;br /&gt;
##Waarom zijn DEPT-experimenten nuttig in het detecteren van &amp;lt;sup&amp;gt;13&amp;lt;/sup&amp;gt;C signalen?&lt;br /&gt;
# Oefening: de trillingsfrequentie van &amp;lt;sup&amp;gt;1&amp;lt;/sup&amp;gt;H&amp;lt;sup&amp;gt;35&amp;lt;/sup&amp;gt;Cl is 2990,6 cm&amp;lt;sup&amp;gt;-1&amp;lt;/sup&amp;gt; (4p)&lt;br /&gt;
##Schat, zonder de krachtconstante te berekenen, de trillingsfrequentie van &amp;lt;sup&amp;gt;1&amp;lt;/sup&amp;gt;H&amp;lt;sup&amp;gt;37&amp;lt;/sup&amp;gt;Cl, &amp;lt;sup&amp;gt;2&amp;lt;/sup&amp;gt;D&amp;lt;sup&amp;gt;35&amp;lt;/sup&amp;gt;Cl en &amp;lt;sup&amp;gt;2&amp;lt;/sup&amp;gt;D&amp;lt;sup&amp;gt;37&amp;lt;/sup&amp;gt;Cl&lt;br /&gt;
##Leg uit waarom deze benaderingsmethode wordt gebruikt in de spectroscopie&lt;br /&gt;
##In de gasfase vertoont het IR-spectrum van HCl een complex bandenpatroon (spectrum gekregen). Leg de oorsprong van deze banden uit.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===16 juni VM en NM 2025===&lt;br /&gt;
#Er waren 2 moleculen gegeven (beide benzeenringen met een aantal functionele groepen) en 3 spectra. 1 verschilspectrum (enkel aromatisch gedeelte weergegeven), 2 spectra waarbij ze specifiek atomen binnen het molecuul &#039;bombarderen&#039;. 5 punten Elke&lt;br /&gt;
##signalen toekennen aan protonen&lt;br /&gt;
##welk van de twee moleculen komt overeen met de spectra&lt;br /&gt;
##waarom blijft de koppeling behouden?&lt;br /&gt;
##stijgt de intensiteit wanneer er met een 600 MHz toestel gemeten zou worden?&lt;br /&gt;
##weet ik niet meer&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# absorptiespectrum en structuur van peryleen gegeven. 5 punten Johan&lt;br /&gt;
##hoe ziet het fluorescentiespectrum er uit?&lt;br /&gt;
##wat zou er gebeuren met het spectrum als je de concentratie verhoogt?&lt;br /&gt;
##geef het golfgetal van de overgang die het meest voorkomend is in de grondtoestand (ervan uitgaande dat die hetzelfde is als in de aangeslagen toestand)&lt;br /&gt;
##is peryleen aromatisch&lt;br /&gt;
##Indien tolueen gebruikt wordt als solvent, zou je de Ramanpiek waarnemen en waarom?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# begrippen (6 punten, elk begrip op 2)&lt;br /&gt;
##wat is anti-kasha, geef een voorbeeld en waarom is dit mogelijk&lt;br /&gt;
##Wat is het Davisson-Germer experiment en waarom was het zo belangrijk?&lt;br /&gt;
##relevantie van deutering uitleggen voor HNMR, CNMR (DEPT) en IR.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# Oefening (4 punten)&lt;br /&gt;
##gegeven, molecuul met lengte 600 pm, foton met welke golflengte is nodig om het van niveau 3 naar 4 te laten aanslagen.&lt;br /&gt;
##hoeveel zal de energie van een niveau veranderen als de lengte van een molecuul met 10% langer zou worden?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 augustus VM 2024===&lt;br /&gt;
#Er waren 2 moleculen gegeven (https://legacy.chemspider.com/Search.aspx?rid=bbb5fbf4-af21-4255-a3c5-7be382b0f711) -&amp;gt; Elke (7punten)&lt;br /&gt;
##Hoe kunnen deze twee moleculen van elkaar onderscheiden worden via 1H-NMR? Welke van de atomen zal het meeste upfield/ downfield liggen? (Bijvraag was geef de ppm-waardes en hoe kan je dit zien) (2 punten)&lt;br /&gt;
##Zelfde vraag maar dan voor 13C-NMR + Hoeveel signalen zijn er zichtbaar bij 13C-NMR + verklaar (2 punten)&lt;br /&gt;
##Weet ik niet meer (1punt)&lt;br /&gt;
##Hoe kan je het verschil tussen de twee moleculen zien in een IR-spectrum? (1 punt)&lt;br /&gt;
##Kan je een verschil zien tussen beide moleculen in een absorptiespectrum? + verklaar hoe (1 punt)&lt;br /&gt;
#Er was 1 absorptie spectrum gegeven met 3 absorptie en emissie banden die telkens met de vorige overlappen. Er waren ook 3 moleculen gegeven. Allemaal hetzelfde alleen het geconjugeerde systeem (iets met cyaniden) tussen de ringen was steeds 2 dubbele bindingen langer. -&amp;gt; Johan (ook 7 punten iedere vraag 1punt)&lt;br /&gt;
##Welk molecuul hoort bij welk spectrum en waarom?&lt;br /&gt;
##Wat zal je waarnemen bij 500nm met een gegeven concentratie? &lt;br /&gt;
##Wat zal je waarnemen bij een hogere concentratie? (Let op mengsel)&lt;br /&gt;
##Wat zal er gebeueren bij het deze golflengte&lt;br /&gt;
##Verklaar het anisotropisch effect. &lt;br /&gt;
##Zal 3050 cm^(-1) interfereren met 600nm?&lt;br /&gt;
##We moesten een energie berekenen geen idee hoe, iets met vibratie frequentie omzetten&lt;br /&gt;
##Met de bekomen energie moesten we de formule van boltsmann gebruiken en verder rekenen. &lt;br /&gt;
##Fret uitleggen aan de hand van figuur&lt;br /&gt;
##Nog een vraag over tijdsconstante die we moesten berekenen of vergelijken&lt;br /&gt;
#Oefening op 6punten&lt;br /&gt;
##2 Tijds/verval constantes gegeven. Bereken de overeenkomstige energie en reken verder naar de frequentie. Vergelijk telkens beide waardes voor de gegeven tijd en verklaar als het logisch is.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17 juni 2024===&lt;br /&gt;
#Een fluorofoor gemerkte lipide (fluorofoor = pyreen) wordt gemengd met een gewoon lipide ter vorming van een fluorescerend membraan. Het absorptiespectrum van pyreen is gegeven.&lt;br /&gt;
##Hoe ziet het absorptiespectrum en fluorescentiespectrum eruit na menging? Hoe verandert de fluorescentie leeftijd?&lt;br /&gt;
##Is pyreen aromatisch?&lt;br /&gt;
##Geg: normale uitrekking/normal stretch mode H2O: 3650 cm-1 ; Geg: krachtcst H2O &amp;amp; D2O gelijk ; Welke freq. voor uitrekking D2O?&lt;br /&gt;
##Bij welke frequentie zal er een Raman-piek optreden voor deze stretch?&lt;br /&gt;
#Geg structuur van bèta-caroteen waarin 3 soorten protonen zijn aangeduid (1 CH en 2 CH3). Protonnabijheids-NMR bij 300 MHz.&lt;br /&gt;
##Welk van de 3 soorten zou je met zijn resonantiefrequentie bestralen voor deze techniek? Waarom?&lt;br /&gt;
##Veranderen de koppelingen door deze techniek te gebruiken?&lt;br /&gt;
##Veranderen de intensiteiten in het verschilspectrum door met een 600 MHz toestel te werken ipv met een 300 MHz toestel?&lt;br /&gt;
##Welke andere NMR-techniek zou je kunnen gebruiken om dit molecule te karakteriseren?&lt;br /&gt;
##Stel een niet-NMR techniek voor om dit molecule te karakteriseren.&lt;br /&gt;
#Oefening: De hoeveelheid ozon wordt vaak gemeten door UV-absorptie en wordt uitgedrukt in Dobson units {DU): 1 DU komt overeen met een ozonlaag van 10-3 cm dik bij 1 atm en O °C. Bereken de absorbantie van UV-stralen (300 nm) voor 300 DU en voor 100 DU. Molaire absorptiecoëfficiënt = 476 L mol-1 cm-1.&lt;br /&gt;
#Begrippen:&lt;br /&gt;
##Wat is Free Induction Decay? Wat gebeurt er met de resolutie als je meerdere interferrogrammen combineert?&lt;br /&gt;
##Wat is anisotropie en leg uit hoe het gebruikt kan worden in biologische toepassingen.&lt;br /&gt;
##Wat is het innerfiltereffect?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===29 juni 2022===&lt;br /&gt;
#IR, Raman en elektronische transities&lt;br /&gt;
##Lineaire hypothetische moleculen B-A-B en A-B-B: #fundamentele vibraties?&lt;br /&gt;
##IR geeft 3 normale vibraties, welk molecule?&lt;br /&gt;
##Geg: normale uitrekking/normal stretch mode H2O: 3650cm-1 ; Geg: krachtcst H2O &amp;amp; D2O gelijk ; Welke freq. voor uitrekking D2O?&lt;br /&gt;
##Teken jablonski: Stokes, anti-Stokes &amp;amp; near-resonance. Geef volgorde %-voorkomen en sterkte.&lt;br /&gt;
##Geef meest waarschijnlijke IR-transitie (uit vorige oef) en zeg wrm.&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#Geg reactie: 4,4,6,6-Tetramethyl-2-cyclohexen-1-one -&amp;gt; 3-Isopropyl-5,5-dimethyl-2-cyclopenten-1-one&lt;br /&gt;
##Hoe onderscheiden met IR?&lt;br /&gt;
##Hoe met HNMR? Geef shifts &amp;amp; koppelings&lt;br /&gt;
##CNMR-signalen: #, equi. C&#039;s, volgorde signalen + situeer&lt;br /&gt;
##Te onderscheiden met 1 DEPT-NMR expirment?&lt;br /&gt;
##UV-Vis nuttig?&lt;br /&gt;
#Quenching vraagstuk: FP + Cu2+&lt;br /&gt;
##Geg tau0: 3,6ns; kQ: 3x10^8; [Q] = ? + fig; Type proces quenching?&lt;br /&gt;
##phi = 76% -&amp;gt; kr? knr?&lt;br /&gt;
##na quench: lambda 434 -&amp;gt; 557nm (FRET); tijdscst 100ps; Fonster afstand 6nm; R = ?; Teken FRET in Jablonski&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Oude Vakinformatie==&lt;br /&gt;
Hall0,&lt;br /&gt;
het vak sectrosocpische mettchen1eken is een ware belevenis. Professor Vander Auweraer is op zijn zachtst gezegd een fenomeen. Het moet gezegd worden, de lessen zijn niet bijster interessant en de cursus laat hier en daar wel eens te wensen over maar het is een zeer warm persoon. Spelling (of spleling in het Van Der Auweraers) is niet zijn sterkte punt. Het examen is openboek.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Normaal maakt Vander Auweraer geen nieuwe vragen, maar hier is op het POC over geklaagd dus hij gaat nieuwe vragen maken. Volgens thesisstudenten van Vander Aueraer zouden er (voor juni 2018) twee zijn van de vijf nieuw zijn.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen voor Januari 2022==&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===2 juni 2021 ===&lt;br /&gt;
# 63Cu2 heeft een grond- en aangeslagen toestand. Het verschil tussen de minima van de potentiële energiecurves is gegeven, net zoals we&#039;, wexe&#039;, B&#039;, we&amp;quot;, wexe&amp;quot; en B&amp;quot;.&lt;br /&gt;
## Bereken de bindingsenergie van de grond- en aangeslagen toestand.&lt;br /&gt;
## Bereken de excitatie-energie van de fragmenten van de aangeslagen toestand.&lt;br /&gt;
## Bereken de ligging van de eerste lijn van elke tak van het Ramanrotatievibratiespectrum van de grondtoestand als er gewerkt wordt met een laser met een invallend licht van 632 nm. &lt;br /&gt;
## Bereken de bindingslengte. &lt;br /&gt;
# Toon aan dat voor een benzeenmolecule de x-component van de transitiedipool gelijk is aan 1,12*10^-29 Cm. Je mag de bindingslengte en de straal van de cirkel gelijk nemen aan 1,4 angstrom. Bereken de Einsteincoëfficiënt voor absorptie bij een invallend licht van 200 nm. Bereken de maximale molaire extinctiecoëfficiënt als de breedte van de band op halve hoogte 1000 cm-1 is. &lt;br /&gt;
# Teken het EPR-spectrum van het CH2OH-radicaal. Het radicaal koppelt met twee protonen met een hyperfijnconstante van 17,4 Gauss en een proton met een hyperfijnconstante van 1,12 Gauss. Wat is de spindichtheid op het C-atoom als we aannemen dat dit sp2 gehybridiseerd is.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
[[Bestand:Examen 2021.jpeg]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===8 juni 2020 ===&lt;br /&gt;
# Oefening 6a van electronic spectroscopy (N2+)&lt;br /&gt;
# De golflengte van de invallende straling in een Ramanspectrometer is 488,11 nm. Wat is het golfgetal van de eerste lijn van de ANTIStokescomponent van het rotatie Ramanspectrum van N2? De bindingslengte bedraagt 0,121 nm. (Zelfde vraag als hieronder maar dan met ANTIstokes en N2 ipv O2)&lt;br /&gt;
# Oefening 8 van NMR harris (notatie van spinsystemen geven p-broomchloorbenzeen,...)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 juni 2019 ===&lt;br /&gt;
Examen 17 juni 2015&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===28 juni 2017 ===&lt;br /&gt;
Zie examen 17 juni 2015&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 juni 2017 ===&lt;br /&gt;
# vraag 1 18 juni 2014&lt;br /&gt;
# vraag 2 18 juni 2014&lt;br /&gt;
# vraag 4 18 juni 2014&lt;br /&gt;
# vraag 5 18 juni 2014&lt;br /&gt;
# Aggregatie van niet-chirale chromoforen kan aanleiding geven tot circulair dicroïsme. Verwacht u een rotatiesterkte verschillend van nul voor pakking a en/of b?&lt;br /&gt;
(tekeningen van pakking a (=achiraal) en b (=chiraal))&lt;br /&gt;
- Pakking a: in zelfde vlak, onderlinge hoek = alfa = 120°, tèta is hoek met de as die beide centra verbind en alfa +2tèta=180°&lt;br /&gt;
- Pakking b: in 2 vlakken loodrecht op de as die hun verbind (tèta = 90°) en alfa =120°&lt;br /&gt;
Argumenteer zowel met de uitdrukking voor rotatiesterkte als op basis van eventuele chiraliteit v.d. gevormde aggregaten (zijn deze chiraal?)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17 juni 2016 ===&lt;br /&gt;
[[Media:Voorbeeld.ogg]]&lt;br /&gt;
=== 15 juni 2016 ===&lt;br /&gt;
 &lt;br /&gt;
# H2 spectrum met invallende golflengte gegeven en ook nog 4 golflengtes van ramanrotatielijnen. Bereken r.&lt;br /&gt;
# Fe2O2 vraag  (zie lager)&lt;br /&gt;
# Al+ vraag van op wiki van wat er met de laagste overgang gebeurt in een magneetveld&lt;br /&gt;
#Uitvoeren met deeltje in de doos: &lt;br /&gt;
Een allylradicaal waar je de energie van een dubbel bezet pi orbitaal in grondtoestand en die van een enkelbezette moest geven. &lt;br /&gt;
Bepaal ook de transitiedipool als de bindingslengte = 0,14 nm en de dubbele binding een hoek van 30 graden maakt met de richting van het molecule.&lt;br /&gt;
Bijvraag: is deze overgang mogelijk?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 19 juni 2015 ===&lt;br /&gt;
# nulpuntsenergie, bindingsenergie, afstand tussen 2 atomen, temperatuur (en miss nog andere dingen) gegeven. Gevraagd:&lt;br /&gt;
#* Wat zijn de vibratiefrequentie (cm-1), krachtconstante, en de anharmonisiteitsconstante?&lt;br /&gt;
#* Hoeveel vibratieniveaus zitten in de put?&lt;br /&gt;
#* Bereken de rotatieconstante.&lt;br /&gt;
#* Bereken zo nauwkeurig mogelijk de eerste 3 rotatieniveaus.&lt;br /&gt;
#* Hoe ziet het fluorescentiespectrum eruit?&lt;br /&gt;
# Geef het ESR spectrum van het butadieen radicaal anion. Dit radicaal heeft 4 equivalente protonen met een hyperfijnconstante van 14,3 gauss en twee equivalente protonen met een hyperfijnconstante van 2,8 gauss. Wat is de spindichtheid op elk van de koolstofatomen? Komt dit overeen met wat je verwacht van Huckel Moleculaire Orbitalen?&lt;br /&gt;
# Welke overgangen zijn mogelijk van het Ca+ -ion vanuit zijn elektronische stabielste toestand? Bereken de opsplitsing van de laagste aangeslagen elektronische toestand in een veld van 5T. (opgelet: juiste g parameter berekenen want delta S niet gelijk aan 0)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 17 juni 2015 ===&lt;br /&gt;
# Het absorptiespectrum van een CdSe kwantum dot (kubus met ribbe 2 nm) heeft een maximum bij 460 nm met een extinctiecoÃ«fficiÃ«nt van 49000 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; in een midden met een brekingsindex n = 7. De breedte van de absorptieband bedraagt 400 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. NB: U mag stellen dat Îµ&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;r&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; = n&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; en Îµ = Îµ&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;r&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;Îµ&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;0&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;.&lt;br /&gt;
#* Bereken de oscillatorsterkte.&lt;br /&gt;
#* Bereken de coÃ«fficiÃ«nt voor spontane emissie bij 485 nm.&lt;br /&gt;
#* Bereken het transitiedipool. (a, b &amp;amp;amp; c max 1 blz.)&lt;br /&gt;
#* Gebruik het deeltje in de doos om de verschuiving te berekenen van de absorptieband voor de overgang tussen de valentieband en de conductieband (waarvan u mag aannemen dat de overgang van het hoogste niveau van de VB naar het laagste niveau van de CB is) ten opzichte van een CdSe kristal met oneindige dimensies. Gebruik als effectieve massa voor de elektronen en gaten respectievelijk 0.13m&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;e&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; en 0.45m&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;e&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;.&lt;br /&gt;
#* Bijvraag: Is deze overgang op basis van de gegevens voor Îµ, f en Âµ* toegelaten?&lt;br /&gt;
# Het rotatiespectrum van &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;H&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;35&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;Cl vertoont opeenvolgende lijnen bij de volgende golfgetallen: 83.32, 104.13, 124.73, 145.37, 165.89, 186.23, 206.60, 226.86 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Bereken het traagheidsmoment en de bindingslengte. Voorspel de ligging van deze lijnen voor &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;H&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;35&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;Cl (dit volstaat voor de eerste twee lijnen).&lt;br /&gt;
# Acetyleen: vibraties gegeven. Welke vibraties zijn IR actief? En welke Raman actief? Hoeveel normale vibratiemodes zijn er mogelijk? (1/2 Ã  1 blz.)&lt;br /&gt;
#* Bijvraag: Er zijn 5 vibraties getekend, terwijl 3N-5 = 7. Hoe is dit mogelijk?&lt;br /&gt;
# Wat gebeurt er voor waterstof met de overgang van &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;D&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;3/2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; naar &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;F&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;5/2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; in een magneetveld? (1 Ã  2 blz.)&lt;br /&gt;
#* Bijvraag: Welke techniek kun je gebruiken om de overgangen te bestuderen die enkel verschillen in m&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;j&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 juni 2014 ===&lt;br /&gt;
# Het absorptiespectrum van een verbinding heeft een maximum bij 485 nm terwijl het maximum van het emissiespectrum bij 505 nm ligt. De EinsteincoÃ«fficient voor spontane emissie bedraagt 3,2 10&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;8&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; s&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Bepaal het transitiedipool en de maximale extinctiecoÃ«fficient wanneer de breedte bij halve hoogte van de absorptieband 760 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; bedraagt. U mag de absorptieband beschouwen als een gelijkbenige driehoek.(maximum 2 blz)&lt;br /&gt;
# De golflengte van de invallende straling in een Ramanspectrometer is 488,1 nm. Wat is het golfgetal van de eerste lijn van de Stokescomponent van het rotatie Ramanspectrum van 16O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;? De bindingslengte bedraagt 0,121 nm.&lt;br /&gt;
# Voor CHCl3 vinden we voor de CH-stretching vibratie een intense band bij 3019 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; en progressief zwakkere banden bij 5900, 8700 en 13315 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Bepaal de bindings- en dissociatie energie.&lt;br /&gt;
# Geef het ESR spectrum van het butadieen radicaal anion. Dit radicaal heeft 4 equivalente protonen met een hyperfijnconstante van 7,6 gauss en twee equivalente protonen met een hyperfijnconstante van 2,8 gauss. Wat is de spindichtheid op elk van de koolstofatomen?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 18 juni 2014 ===&lt;br /&gt;
[[Bestand:Examen spectro 18 06 2014.pdf]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 10 juni 2014 ===&lt;br /&gt;
# Het absorptiespectrum van het monomethine thiacyanine MTHIATS heeft een maximum bij 440 nm (structuur gegeven maar eigenlijk niet nodig). De maximale extinctiecoÃ«fficiÃ«nt en de breedte bij halve hoogte van de absorptieband bedragen respectievelijk 8.0x10&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;4&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; lmol&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; en 1500 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Bepaal het transitiedipool en de EinsteincoÃ«fficiÃ«nt voor spontane emissie (maximum en gemiddelde van het emissiespectrum bij 22000 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;). U mag de absorptieband beschouwen als een gelijkbenige driehoek.&lt;br /&gt;
# Bereken N&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;j&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;/N&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;0&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; voor &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;H&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;19&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;F molecule voor J=0, J=5 en J=10 bij 298K. De bindingsafstand is 0.92Ã… en de vibratie constante = 966Nm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;&lt;br /&gt;
#* Voor welke waarde van J is  N&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;j&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;/N&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;0&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; maximaal?&lt;br /&gt;
#* Wat is de energie van de J=5 â†’ J=6 overgang?&lt;br /&gt;
# Het NO&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;+&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; ion bezit twee ontaarde IR-absorptiebanden bij 540 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; en een (niet-ontaarde) IR-absorptieband bij 2360 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Daarnaast heeft het een Ramanband (deze overgang wordt niet in het IR-spectrum waargenomen) bij 1400 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. &lt;br /&gt;
#* Verklaar dit spectrum en leg een verband met de moleculaire structuur van NO&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;+&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;.&lt;br /&gt;
#* Verder wordt nog een weinig intense IR-absorptielijn waargenomen bij 3735 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Waaraan is deze te wijten?&lt;br /&gt;
# Hoe wordt de energie van een 2p-elektron van waterstof opgesplitst in een magneetveld B&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;0&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;? Bekijk alle mogelijke toestanden.&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;&amp;amp;lt;I&amp;amp;gt;OPGEPAST:Bereken de juiste LandÃ© splitting factor (G&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;e&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;)!! &amp;amp;lt;/I&amp;amp;gt;&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# Wat is de magnetisatie van Na kernen in 1ml van een 1*10&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-3&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;M oplossing Na&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;+&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; ionen in een veld van 9 Tesla bij 298 Kelv1n (I= 3/2 voor Na) &lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;&amp;amp;lt;I&amp;amp;gt;OPGEPAST: dit is iets met een reeksontwikkeling zei hij op het examen...&amp;amp;lt;/I&amp;amp;gt;&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17 juni 2013 Groep 1===&lt;br /&gt;
# nulpuntsenergie, bindingsenergie, afstand tussen 2 atomen, temperatuur (en miss nog andere dingen) gegeven. Gevraagd:&lt;br /&gt;
#* krachtconstante, vibratiefrequentie en anharmoniciteitsconstante&lt;br /&gt;
#* aantal vibratieniveaus&lt;br /&gt;
#* rotatieconstante&lt;br /&gt;
#* energie van eerste 3 rotatieniveaus&lt;br /&gt;
#* mogelijk fluorescentiespectrum&lt;br /&gt;
# iets ivm EPR van radicaal&lt;br /&gt;
#* spindichtheid op koolstofatomen berekenen&lt;br /&gt;
#* teken spectrum&lt;br /&gt;
#* vergelijken met resultaten van Huckel MO&lt;br /&gt;
# Ca+ =&amp;amp;gt; geeft grondtoestand en mogelijke transities hieruit en geef opsplitsing in energie van laagst energetische aangeslagen toestand in een veld van 5 Tesla.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17 juni 2013 Groep 2===&lt;br /&gt;
#Bij het elektronisch-vibratie absorptiespectrum de ....overgang van BeO vindt men onderstaande bandoorsprongen voor de verschillende vibratie-rotatiebanden.&lt;br /&gt;
#*Bepaal de beste waarden voor Ï–e en Ï‡e voor de ... en ...toestand.&lt;br /&gt;
#*Bepaal de bindingsenergieÃ«n( zie examen 7 september 2011 vraag 5)&lt;br /&gt;
#hoe ziet het EPR spectrum van CD3Â° er uit?(I voor D=1). Als je weet dat de hyperfijnconstante voor CH3Â°=....G, wat is dan de hyperfijnconstante van CD3Â°?&lt;br /&gt;
#Bereken welk rotatieniveau van CH4 maximaal bezet zal zijn bij 25Â°C, B=.... let op, de ontaarding is hier nu (2J+1)Â² i.pv. (2J+1).&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===22 juni 2012 Groep 1===&lt;br /&gt;
# Het absorptiespectrum van het monomethine thiacyanine MTHIATS heeft een maximum bij 440 nm (structuur gegeven maar eigenlijk niet nodig). De maximale extinctiecoÃ«fficiÃ«nt en de breedte bij halve hoogte van de absorptieband bedragen respectievelijk 8.0x10&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;4&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; lmol&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; en 1500 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Bepaal het transitiedipool en de EinsteincoÃ«fficiÃ«nt voor spontane emissie (maximum en gemiddelde van het emissiespectrum bij 22000 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;). U mag de absorptieband beschouwen als een gelijkbenige driehoek.&lt;br /&gt;
# Voor welke waarde van J is N&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;J&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;/N&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;0&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; maximaal voor het &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;H&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;19&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;F molecule bij 298K. De bindingslengte bedraagt 0.92Ã…. Wat is de exacte energie van de J=5â†’J=6 overgang? De vibratiekrachtconstante is 966 Nm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;.&lt;br /&gt;
# Het NO&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;+&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; ion bezit twee ontaarde IR-absorptiebanden bij 540 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; en een (niet-ontaarde) IR-absorptieband bij 2360 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Daarnaast heeft het een Ramanband (deze overgang wordt niet in het IR-spectrum waargenomen) bij 1400 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. &lt;br /&gt;
#* Verklaar dit spectrum en leg een verband met de moleculaire structuur van NO&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;+&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;.&lt;br /&gt;
#* Verder wordt nog een weinig intense IR-absorptielijn waargenomen bij 3735 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Waaraan is deze te wijten?&lt;br /&gt;
# Hoe wordt de energie van een 2p-elektron van waterstof opgesplitst in een magneetveld B&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;0&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;? Bekijk alle mogelijke toestanden.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===18 juni 2012===&lt;br /&gt;
# Wat is de magnetisatie van 1ml van een oplossing van &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;H met als concentratie 10&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-3&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;M in een veld van 9T en bij 298K. (I = 1)&lt;br /&gt;
# De traagheidsmomenten van het lineaire HgBr&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; zijn zeer groot dus de O en S takken van de vibrationele Raman spectra tonen weinig rotationele structuur. Berekenen de bindingslengte als je weet dat J correspondeerd met de maximale intensiteit. Afstand tussen de maxima van de O en S takken is 15,2 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;.&lt;br /&gt;
# Een transitie van groot belang in zuurstofgas geeft aanleiding tot de &#039;Schumann-Runge band&#039; in UV. De golfgetallen van de transities van de grondtoestand naar vibrationele niveaus van de eerst aangeslagen toestand zijn gegeven. Bereken de dissociatie-energie van de hoogste liggend elektronisch niveau. Dezelfde aangeslagen toestand dissocieert naar een O atoom met 1 grondtoestand en 1 aangeslagen atoom met een energie van 190 kJ/mol boven de grondtoestand. Bereken hieruit de dissociatie-energie van de grondtoestand van zuurstofgas.&lt;br /&gt;
# Yb&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;3+&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; heeft een 2F configuratie. Welke toestand zullen door spinorbitaalkoppeling bekomen worden? Deze met de hoogste J-waarde ligt het laagst in energie. Bereken kwantitatief de invloed van een magneetveld met sterkte B(0). Is de oscillatorstekte groot voor de eerste aangeslagen toestand? (golflengte gegeven).&lt;br /&gt;
#* Bijvraag: met welke techniek zouden we het verschil tussen de energieniveau&#039;s kunnen meten?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===24 juni 2011 - groep 2===&lt;br /&gt;
# Het absorptiespectrum van CdSe kwantum dot heeft een maximum bij 460 nm met een molaire extinctiecoÃ«fficiÃ«nt van 49000 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; M&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; in een midden met een brekingsindex gelijk aan 7. De breedte van de absorptieband bedraagt 400 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;.&lt;br /&gt;
#* Bereken de oscillatorsterkte.&lt;br /&gt;
#* Bereken de EinsteincoÃ«fficiÃ«nt voor spontane emissie voor de emissie bij 485 nm.&lt;br /&gt;
#*Bereken het transitiedipool.&lt;br /&gt;
# Gegeven: enkele pieken van het rotatiespectrum van HCl. Bereken het traagheidsmoment en de bindingslengte. Voorspel de eerste twee pieken van gedeutereerd HCl.&lt;br /&gt;
# Welk van de onderstaande vibraties van de acetyleen zijn IR-actief? Welk zijn Ramanactief? Hoeveel normale vibratiewijzen zijn hier mogelijk?&lt;br /&gt;
# Wat gebeurt voor waterstof met de overgang van &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;D&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;3/2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; naar &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;F&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;5/2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; in een magneetveld?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===24 juni 2011 - groep 1===&lt;br /&gt;
#Het rotatiespectrum van H2 (te beschouwen als starre rotator) bekomen door instralen met een laser bij 488 nm, bestaat uit een reeks lijnen bij 496.6 nm, 502.42 nm, 508.21 nm en 513.96 nm. Wat is de bindingsafstand?&lt;br /&gt;
#Het proteÃ¯ne hemo-erytrine staat in voor het zuurstoftransport in sommige ongewervelden. Elk proteÃ¯ne molecule heeft twee Fe&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2+&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; ionen die samenwerken om Ã©Ã©n molecule O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; te binden. De Fe&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; groep van het gexoygeneerde hemo-erytrine is roodgekleurd en heeft een elektronische absorptie bij 500 nm. Het resonantie Raman-spectrum van het geoxygeneerde hemo-erytrine, bekomen met laser-excitatie bij 488 nm heeft een band bij 508.96 nm die toegeschreven wordt aan de O-O stretching van gebonden &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;16&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;.&lt;br /&gt;
#*Welk voordeel biedt resonantie Raman spectroscopie t.o.v. infrarood absorptie-spectroscopie om de binding van O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; aan hemo-erytrine te bestuderen?&lt;br /&gt;
#*Naar welke golfgetal verschuift deze band in het Raman spectrum als &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;16&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; door &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;18&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; vervangen wordt?&lt;br /&gt;
#*De fundamentele vibratie golfgetallen van de O-O stretching mode van O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;, O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; (superoxide anion) en O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2-&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; (peroxide anion) zijn respectievelijk 1555, 1107 and 878 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Verklaar deze trend in het licht van de elektronische structuur van O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;, O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; and O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2-&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. &lt;br /&gt;
#*Welke van de volgende species Fe&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2+&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;; Fe2+Fe3+O2- of Fe23+O22- beschrijft het best de Fe2O2 hemo-erytrine, rekening met de resonantie Ramanband bij 844 cm-1 en de data in vraag c? Verklaar uw antwoord.&lt;br /&gt;
#*Het resonantiespectrum van hemo-erytrine met &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;16&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;O&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;18&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;O heeft 2 banden die kunnen toegeschreven worden aan de O-O stretching mode van gebondenzuurstof. Met welk van de structuren die u hieronder ziet is dit compatibel en waarom? Het is mogelijk dat meer dan Ã©Ã©n structuur mogelijk is. [[Media:Fe2O2complex.JPG]]&lt;br /&gt;
#Welke nulde orde golffuncties vindt u voor de kernspin van de CH&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;F groep van benzylfluoride? Welk type NMR-spectrum geeft deze groep?&lt;br /&gt;
#Wat gebeurt voor Al&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;+&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; met de laagste toegelaten elektronische overgang in een magneetveld met sterkte B?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 juni 2011===&lt;br /&gt;
# Twee He atomen (4 a.u.) vormen een complex bij 1 mK. Onderlinge afstand is 2,97 Ã…. De nulpuntsenergie bedraagt 2,0 *10-26 J, de bindingsenergie is 1,51 *10-23 J.&lt;br /&gt;
#* Wat zijn de vibratiefrequentie (cm-1), krachtconstante, en de anharmonisiteitsconstante?&lt;br /&gt;
#* Hoeveel vibratieniveaus zitten in de put?&lt;br /&gt;
#* Bereken de rotatieconstante.&lt;br /&gt;
#* Bereken zo nauwkeurig mogelijk de eerste 3 rotatieniveaus.&lt;br /&gt;
#* Hoe ziet het fluorescentiespectrum eruit?&lt;br /&gt;
#19F NMR spectrum van ClF3 was gegeven. Het spectum moest besproken worden en de structuur van ClF3 hieruit vinden.&lt;br /&gt;
# Welke overgangen zijn mogelijk van het Ca+ -ion vanuit zijn elektronische stabielste toestand? Bereken de opsplitsing van de laagste aangeslagen elektronische toestand in een veld van 5T.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===18 juni 2010===&lt;br /&gt;
#In a classic study of the application of NMR to the measurement of rotational barriers in molecules. P.M. Nair and J.D. Roberts (j. Am. Chem. Soc. 79, 4565 (1957)) obtained the 40 MHz 19F-NMR spectrum of F2BrCCBrC12. Their spectra are reproduced below. At 193 K. the spectrum shows five resonance peaks. Peaks I and III are separated by 160 Hz, as are IV and V. The ratio of the integrated intensities of peak II to peaks I, III, IV, and V is approximately 10 to 1. At 273 K. the five peaks have. collapsed into one. Explain the spectrum and its change with temperature. At what rate of inter conversion will the spectrum collapse to a single line? Calculate the rotational energy barrier between the rotational isomers on the assumption that it is related to the rate of interconversion between the isomers. &lt;br /&gt;
#*[[Bestand:Spectro_2010_1.jpg]] &lt;br /&gt;
#De traagheidsmomenten van het lineaire HgBr2 zijn zeer groot dus de O en S takken van de vibrationele Raman spectra tonen weinig rotationele structuur. Berekenen de bindingslengte als je weet dat J correspondeerd met de maximale intensiteit. Afstand tussen O en S takken is 15,2 cm-1&lt;br /&gt;
#Een transitie van groot belang in zuurstofgas geeft aanleiding tot de &#039;Schumann-Runge band&#039; in UV. De golfgetallen van de transities van de grondtoestand naar vibrationele niveaus van de eerst aangeslagen toestand zijn gegeven. Bereken de dissociatie-energie van de hoogste liggend elektronisch niveau. Dezelfde aangeslagen toestand dissocieert naar een O atoom met 1 grondtoestand en 1 aangeslagen atoom met een energie van 190 kJ/mol boven de grondtoestand. Bereken hieruit de dissociatie-energie van de grondtoestand van zuurstofgas.&lt;br /&gt;
#Yb3+ heeft een 2F configuratie. Welke toestand zullen door spinorbitaalkoppeling bekomen worden. Deze met de hoogste J-waarde ligt het laagst in energie. Bereken kwantitatief de invloed van een magneetveld met sterkte 1 Tesla. Is de oscillatorstekte groot voor de eerste aangeslagen toestand. (golflengte gegeven) &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===15 juni 2009===&lt;br /&gt;
#Het rotatiespectrum van H2 (te beschouwen als starre rotator) bekomen door instralen met een laser bij 488 nm, bestaat uit een reeks lijnen bij 496.6 nm, 502.42 nm, 508.21 nm en 513.96 nm. Wat is de bindingsafstand? (1 blz)&lt;br /&gt;
#Het proteÃ¯ne hemo-erytrine staat in voor het zuurstoftransport in sommige ongewervelden. Elk proteÃ¯ne molecule heeft twee Fe2+ ionen die samenwerken om Ã©Ã©n molecule O2 te binden. De Fe202 groep van het gexoygeneerde hemo-erytrine is roodgekleurd en heeft een elektronische absorptie bij 500 nm. Het resonantie Raman-spectrum van het geoxygeneerde hemo-erytrine, bekomen met laser-excitatie bij 488 nm heeft een band bij 508.96 nm die toegeschreven wordt aan de O-O stretching van gebonden 1602.&lt;br /&gt;
#*Welk voordeel biedt resonantie Raman spectroscopie t.o.v. infrarood absorptie-spectroscopie om de binding van O2 aan hemo-erytrine te bestuderen?&lt;br /&gt;
#*Naar welke golfgetal verschuift deze band in het Raman spectrum als 1602 door 1802 vervangen wordt?&lt;br /&gt;
#*De fundamentele vibratie golfgetallen van de O-O stretching mode van O2, 02 - (superoxide anion, and O2 2- (peroxide anion) zijn respectievelijk 1555, 1107 and 878 cm-1. Verklaar deze trend in het licht van de elektronische structuur van O2, 02 - and O2 2-. &lt;br /&gt;
#*Welke van de volgende species Fe22+O2; Fe2+Fe3+02- of Fe23+022- beschrijft het best de Fe2O2 hemo-erytrine, rekening met de resonantie Ramanband bij 844 cm-1 en de data in vraag c? Verklaar uw antwoord.&lt;br /&gt;
#*Het resonantiespectrum van hemo-erytrine met 16O18O heeft 2 banden die kunnen toegeschreven worden aan de O-O stretching mode van gebondenzuurstof. Met welk van de structuren die u hieronder ziet is dit compatibel en waarom? Het is mogelijk dat meer dan Ã©Ã©n structuur mogelijk is. [[Media:Fe2O2complex.JPG]]&lt;br /&gt;
#Voor een continu opgenomen NMR spectrum (geen Fourriettransform NMR) stelt men cast dat bij toename van B1 de intensiteit van een lijn bij het maximum toeneemt en daarna opnieuw afneemt. Hoe kun je dit verklaren (je mag dit zowel op kwalitatieve als op meer kwantitatieve wijze doen)?.&lt;br /&gt;
#Wat gebeurt voor Al+ met de laagste toegelaten overgang in een magneetveld met sterkte B? Werk kwantitatief uit.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===12 juni 2009===&lt;br /&gt;
====Groep 1====&lt;br /&gt;
# Twee He atomen (4 a.u.) vormen een complex bij 1 mK. Onderlinge afstand is 2,97 Ã…. De nulpuntsenergie bedraagt 2,0 *10-26 J, de bindingsenergie is 1,51 *10-23 J.&lt;br /&gt;
#* Wat zijn de vibratiefrequentie (cm-1), krachtconstante, en de anharmonisiteitsconstante?&lt;br /&gt;
#* Hoeveel vibratieniveaus zitten in de put?&lt;br /&gt;
#* Bereken de rotatieconstante.&lt;br /&gt;
#* Bereken zo nauwkeurig mogelijk de eerste 3 rotatieniveaus.&lt;br /&gt;
#* Hoe ziet het fluorescentiespectrum eruit?&lt;br /&gt;
# De longitudinale relaxatietijd van benzeen (Ï„c = 10-10 s) neemt toe wanneer de temperatuur toeneemt terwijl dat van een oligonucleotide een groot molecule (Ï„c = 10-6 s) afneemt. Ï„c neemt toe naarmate de temperatuur stijgt. Wat gebeurt er met de transversale relaxatietijd van de beide moleculen wanneer de temperatuur stijgt?&lt;br /&gt;
# Welke overgangen zijn mogelijk van het Ca+ -ion vanuit zijn elektronische stabielste toestand? Bereken de opsplitsing van de laagste aangeslagen elektronische toestand in een veld van 5T.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
====Groep 2====&lt;br /&gt;
# Het absorptiespectrum van CdSe kwantum dot heeft een maximum bij 460 nm met een molaire extinctiecoÃ«fficiÃ«nt van 49000 cm^-1 M^-1 in een midden met een brekingsindex gelijk aan 7. De breedte van de absorptieband bedraagt 400 cm^-1.&lt;br /&gt;
#* Bereken de oscillatorsterkte.&lt;br /&gt;
#* Bereken de EinsteincoÃ«fficiÃ«nt voor spontane emissie voor de emissie bij 485 nm.&lt;br /&gt;
#*Bereken het transitiedipool.&lt;br /&gt;
# De golflengte van het ingestraalde licht bedraagt 488 nm in een Raman spectrometer. Wat is de golflengte van de eerste lijn van de Stokescomponent van het rotatie Ramanspectrum van 14N2? De bindingslengte bedraagt 0.109 nm&lt;br /&gt;
# Welk van de onderstaande vibraties van de acetyleen zijn IR-actief? Welk zijn Ramanactief? Hoeveel normale vibratiewijzen zijn hier mogelijk?&lt;br /&gt;
# Wat gebeurt voor waterstof met de overgang van 2D3/2 naar 2F5/2 in een magneetveld?&lt;/div&gt;</summary>
		<author><name>R0998693</name></author>
	</entry>
	<entry>
		<id>https://wiki.chemika.be/index.php?title=Spectroscopische_Meettechnieken&amp;diff=5108</id>
		<title>Spectroscopische Meettechnieken</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.chemika.be/index.php?title=Spectroscopische_Meettechnieken&amp;diff=5108"/>
		<updated>2026-06-15T17:52:53Z</updated>

		<summary type="html">&lt;p&gt;R0998693: /* 15 juni VM 2026 */&lt;/p&gt;
&lt;hr /&gt;
&lt;div&gt;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
[[Categorie:Bachelor Chemie]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Vakinformatie==&lt;br /&gt;
Het vak werd in januari 2022 geherstructureerd en wordt nu gegeven door Hofkens Johan &amp;amp; Debroye Elke. In gesprek met studentenvertegenwoordigers wilden ze lesgeven in een meer &amp;quot;praktisch georienteerde benadering&amp;quot;. Dit komt ook tot uiting in een examen, dat nu uit 4 delen bestaat: 5 korte begrippen, een NMR-vraag, een theorievraag en een vraag uit de oefenzitting&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen na Juni 2022==&lt;br /&gt;
===15 juni VM 2026===&lt;br /&gt;
#Gegeven = typische H-NMR spectra van zuiver water en ethanol t.o.v. TMS. Bij een equimolaire mengsel van H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;O en ethanol stelt men in een 40 MHz toestel vast dat bij kamertemperatuur coalescentie van het -OH signaal optreedt. (5p, mondeling bij Elke)&lt;br /&gt;
##Wat is onder die omstandigheden de 1e orde uitwisselingssnelheidsconstante? (2p) &#039;&#039;(formule staat op pagina 107)&#039;&#039;&lt;br /&gt;
##Beargumenteer of in een 250 MHz toestel onder dezelfde omstandigheden coalescentie optreedt. (2p) &#039;&#039;(snelheidsconstante berekenen voor 250MHz, minder coalescentie bij een sterker toestel)&#039;&#039;&lt;br /&gt;
##Wat verwacht je dat er gebeurt met de -OH signalen na het schudden van het mengsel met D&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;O? &#039;&#039;(verdwijnen, Bijvragen: naar waar verandert de chemische shift van -OH na deuterering, Hoe verandert de CH&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt; piek?)&#039;&#039;&lt;br /&gt;
#Absorptiespectrum en structuur van peryleen gegeven. (5p, mondeling bij Johan)&lt;br /&gt;
##Hoe ziet het fluorescentiespectrum er uit? &#039;&#039;(spiegelbeeld van absorptiespectrum maar dan roodverschoven)&#039;&#039;&lt;br /&gt;
##Wat zou er gebeuren met het fluorescentiespectrum als je de concentratie verhoogt? &#039;&#039;(Intenser door wet van Lambert-Beer tenzij aggregaatvorming waardoor J- en H-aggregatie optreedt)&#039;&#039;&lt;br /&gt;
##Bereken de vibratiefrequentie van de belangrijkste vibrationele overgang in de grondtoestand (er vanuitgaande dat die dezelfde is als in de grondtoestand). &#039;&#039;(Bijvraag: welke vibratie komt overeen met het 1400 cm&amp;lt;sup&amp;gt;-1&amp;lt;/sup&amp;gt; golfgetal? (C-C stretch))&#039;&#039;&lt;br /&gt;
##Is peryleen aromatisch? &#039;&#039;(Ja maar structuur heeft 20 pi-elektronen maar er doen 2 elektronen niet mee aan de conjugatie)&#039;&#039;&lt;br /&gt;
##Indien gedeutereerd tolueen gebruikt wordt als solvent, zou je de Ramanpiek van dit tolueen bij excitatie bij 435 nm waarnemen als je weet dat de C-H stretch vibratie bij 3500 cm&amp;lt;sup&amp;gt;-1&amp;lt;/sup&amp;gt; is? &#039;&#039;(Nee, want gaat samenliggen met het veel intensere fluorescentiespectrum)&#039;&#039;&lt;br /&gt;
#Artikel gegeven. Identificeer de fouten in het artikel en zeg waarom deze fout zijn. Teken ook het Jablonski diagram die van toepassing is op dit artikel. (4p)&lt;br /&gt;
#&amp;lt;sup&amp;gt;13&amp;lt;/sup&amp;gt;C-NMR: (2p)&lt;br /&gt;
##Juist/fout + verklaar: &amp;quot;het enige voordeel van de spinontkoppeling tussen &amp;lt;sup&amp;gt;13&amp;lt;/sup&amp;gt;C en &amp;lt;sup&amp;gt;1&amp;lt;/sup&amp;gt;H voor een gecompliceerd &amp;lt;sup&amp;gt;13&amp;lt;/sup&amp;gt;C-NMR spectrum is het verhinderen van de kans op spectrale overlapping&lt;br /&gt;
##Waarom zijn DEPT-experimenten nuttig in het detecteren van &amp;lt;sup&amp;gt;13&amp;lt;/sup&amp;gt;C signalen?&lt;br /&gt;
# Oefening: de trillingsfrequentie van &amp;lt;sup&amp;gt;1&amp;lt;/sup&amp;gt;H&amp;lt;sup&amp;gt;35&amp;lt;/sup&amp;gt;Cl is 2990,6 cm&amp;lt;sup&amp;gt;-1&amp;lt;/sup&amp;gt; (4p)&lt;br /&gt;
##Schat, zonder de krachtconstante te berekenen, de trillingsfrequentie van &amp;lt;sup&amp;gt;1&amp;lt;/sup&amp;gt;H&amp;lt;sup&amp;gt;37&amp;lt;/sup&amp;gt;Cl, &amp;lt;sup&amp;gt;2&amp;lt;/sup&amp;gt;D&amp;lt;sup&amp;gt;35&amp;lt;/sup&amp;gt;Cl en &amp;lt;sup&amp;gt;2&amp;lt;/sup&amp;gt;D&amp;lt;sup&amp;gt;37&amp;lt;/sup&amp;gt;Cl&lt;br /&gt;
##Leg uit waarom deze benaderingsmethode wordt gebruikt in de spectroscopie&lt;br /&gt;
##In de gasfase vertoont het IR-spectrum van HCl een complex bandenpatroon (spectrum gekregen). Leg de oorsprong van deze banden uit.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===16 juni VM en NM 2025===&lt;br /&gt;
#Er waren 2 moleculen gegeven (beide benzeenringen met een aantal functionele groepen) en 3 spectra. 1 verschilspectrum (enkel aromatisch gedeelte weergegeven), 2 spectra waarbij ze specifiek atomen binnen het molecuul &#039;bombarderen&#039;. 5 punten Elke&lt;br /&gt;
##signalen toekennen aan protonen&lt;br /&gt;
##welk van de twee moleculen komt overeen met de spectra&lt;br /&gt;
##waarom blijft de koppeling behouden?&lt;br /&gt;
##stijgt de intensiteit wanneer er met een 600 MHz toestel gemeten zou worden?&lt;br /&gt;
##weet ik niet meer&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# absorptiespectrum en structuur van peryleen gegeven. 5 punten Johan&lt;br /&gt;
##hoe ziet het fluorescentiespectrum er uit?&lt;br /&gt;
##wat zou er gebeuren met het spectrum als je de concentratie verhoogt?&lt;br /&gt;
##geef het golfgetal van de overgang die het meest voorkomend is in de grondtoestand (ervan uitgaande dat die hetzelfde is als in de aangeslagen toestand)&lt;br /&gt;
##is peryleen aromatisch&lt;br /&gt;
##Indien tolueen gebruikt wordt als solvent, zou je de Ramanpiek waarnemen en waarom?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# begrippen (6 punten, elk begrip op 2)&lt;br /&gt;
##wat is anti-kasha, geef een voorbeeld en waarom is dit mogelijk&lt;br /&gt;
##Wat is het Davisson-Germer experiment en waarom was het zo belangrijk?&lt;br /&gt;
##relevantie van deutering uitleggen voor HNMR, CNMR (DEPT) en IR.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# Oefening (4 punten)&lt;br /&gt;
##gegeven, molecuul met lengte 600 pm, foton met welke golflengte is nodig om het van niveau 3 naar 4 te laten aanslagen.&lt;br /&gt;
##hoeveel zal de energie van een niveau veranderen als de lengte van een molecuul met 10% langer zou worden?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 augustus VM 2024===&lt;br /&gt;
#Er waren 2 moleculen gegeven (https://legacy.chemspider.com/Search.aspx?rid=bbb5fbf4-af21-4255-a3c5-7be382b0f711) -&amp;gt; Elke (7punten)&lt;br /&gt;
##Hoe kunnen deze twee moleculen van elkaar onderscheiden worden via 1H-NMR? Welke van de atomen zal het meeste upfield/ downfield liggen? (Bijvraag was geef de ppm-waardes en hoe kan je dit zien) (2 punten)&lt;br /&gt;
##Zelfde vraag maar dan voor 13C-NMR + Hoeveel signalen zijn er zichtbaar bij 13C-NMR + verklaar (2 punten)&lt;br /&gt;
##Weet ik niet meer (1punt)&lt;br /&gt;
##Hoe kan je het verschil tussen de twee moleculen zien in een IR-spectrum? (1 punt)&lt;br /&gt;
##Kan je een verschil zien tussen beide moleculen in een absorptiespectrum? + verklaar hoe (1 punt)&lt;br /&gt;
#Er was 1 absorptie spectrum gegeven met 3 absorptie en emissie banden die telkens met de vorige overlappen. Er waren ook 3 moleculen gegeven. Allemaal hetzelfde alleen het geconjugeerde systeem (iets met cyaniden) tussen de ringen was steeds 2 dubbele bindingen langer. -&amp;gt; Johan (ook 7 punten iedere vraag 1punt)&lt;br /&gt;
##Welk molecuul hoort bij welk spectrum en waarom?&lt;br /&gt;
##Wat zal je waarnemen bij 500nm met een gegeven concentratie? &lt;br /&gt;
##Wat zal je waarnemen bij een hogere concentratie? (Let op mengsel)&lt;br /&gt;
##Wat zal er gebeueren bij het deze golflengte&lt;br /&gt;
##Verklaar het anisotropisch effect. &lt;br /&gt;
##Zal 3050 cm^(-1) interfereren met 600nm?&lt;br /&gt;
##We moesten een energie berekenen geen idee hoe, iets met vibratie frequentie omzetten&lt;br /&gt;
##Met de bekomen energie moesten we de formule van boltsmann gebruiken en verder rekenen. &lt;br /&gt;
##Fret uitleggen aan de hand van figuur&lt;br /&gt;
##Nog een vraag over tijdsconstante die we moesten berekenen of vergelijken&lt;br /&gt;
#Oefening op 6punten&lt;br /&gt;
##2 Tijds/verval constantes gegeven. Bereken de overeenkomstige energie en reken verder naar de frequentie. Vergelijk telkens beide waardes voor de gegeven tijd en verklaar als het logisch is.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17 juni 2024===&lt;br /&gt;
#Een fluorofoor gemerkte lipide (fluorofoor = pyreen) wordt gemengd met een gewoon lipide ter vorming van een fluorescerend membraan. Het absorptiespectrum van pyreen is gegeven.&lt;br /&gt;
##Hoe ziet het absorptiespectrum en fluorescentiespectrum eruit na menging? Hoe verandert de fluorescentie leeftijd?&lt;br /&gt;
##Is pyreen aromatisch?&lt;br /&gt;
##Geg: normale uitrekking/normal stretch mode H2O: 3650 cm-1 ; Geg: krachtcst H2O &amp;amp; D2O gelijk ; Welke freq. voor uitrekking D2O?&lt;br /&gt;
##Bij welke frequentie zal er een Raman-piek optreden voor deze stretch?&lt;br /&gt;
#Geg structuur van bèta-caroteen waarin 3 soorten protonen zijn aangeduid (1 CH en 2 CH3). Protonnabijheids-NMR bij 300 MHz.&lt;br /&gt;
##Welk van de 3 soorten zou je met zijn resonantiefrequentie bestralen voor deze techniek? Waarom?&lt;br /&gt;
##Veranderen de koppelingen door deze techniek te gebruiken?&lt;br /&gt;
##Veranderen de intensiteiten in het verschilspectrum door met een 600 MHz toestel te werken ipv met een 300 MHz toestel?&lt;br /&gt;
##Welke andere NMR-techniek zou je kunnen gebruiken om dit molecule te karakteriseren?&lt;br /&gt;
##Stel een niet-NMR techniek voor om dit molecule te karakteriseren.&lt;br /&gt;
#Oefening: De hoeveelheid ozon wordt vaak gemeten door UV-absorptie en wordt uitgedrukt in Dobson units {DU): 1 DU komt overeen met een ozonlaag van 10-3 cm dik bij 1 atm en O °C. Bereken de absorbantie van UV-stralen (300 nm) voor 300 DU en voor 100 DU. Molaire absorptiecoëfficiënt = 476 L mol-1 cm-1.&lt;br /&gt;
#Begrippen:&lt;br /&gt;
##Wat is Free Induction Decay? Wat gebeurt er met de resolutie als je meerdere interferrogrammen combineert?&lt;br /&gt;
##Wat is anisotropie en leg uit hoe het gebruikt kan worden in biologische toepassingen.&lt;br /&gt;
##Wat is het innerfiltereffect?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===29 juni 2022===&lt;br /&gt;
#IR, Raman en elektronische transities&lt;br /&gt;
##Lineaire hypothetische moleculen B-A-B en A-B-B: #fundamentele vibraties?&lt;br /&gt;
##IR geeft 3 normale vibraties, welk molecule?&lt;br /&gt;
##Geg: normale uitrekking/normal stretch mode H2O: 3650cm-1 ; Geg: krachtcst H2O &amp;amp; D2O gelijk ; Welke freq. voor uitrekking D2O?&lt;br /&gt;
##Teken jablonski: Stokes, anti-Stokes &amp;amp; near-resonance. Geef volgorde %-voorkomen en sterkte.&lt;br /&gt;
##Geef meest waarschijnlijke IR-transitie (uit vorige oef) en zeg wrm.&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#Geg reactie: 4,4,6,6-Tetramethyl-2-cyclohexen-1-one -&amp;gt; 3-Isopropyl-5,5-dimethyl-2-cyclopenten-1-one&lt;br /&gt;
##Hoe onderscheiden met IR?&lt;br /&gt;
##Hoe met HNMR? Geef shifts &amp;amp; koppelings&lt;br /&gt;
##CNMR-signalen: #, equi. C&#039;s, volgorde signalen + situeer&lt;br /&gt;
##Te onderscheiden met 1 DEPT-NMR expirment?&lt;br /&gt;
##UV-Vis nuttig?&lt;br /&gt;
#Quenching vraagstuk: FP + Cu2+&lt;br /&gt;
##Geg tau0: 3,6ns; kQ: 3x10^8; [Q] = ? + fig; Type proces quenching?&lt;br /&gt;
##phi = 76% -&amp;gt; kr? knr?&lt;br /&gt;
##na quench: lambda 434 -&amp;gt; 557nm (FRET); tijdscst 100ps; Fonster afstand 6nm; R = ?; Teken FRET in Jablonski&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Oude Vakinformatie==&lt;br /&gt;
Hall0,&lt;br /&gt;
het vak sectrosocpische mettchen1eken is een ware belevenis. Professor Vander Auweraer is op zijn zachtst gezegd een fenomeen. Het moet gezegd worden, de lessen zijn niet bijster interessant en de cursus laat hier en daar wel eens te wensen over maar het is een zeer warm persoon. Spelling (of spleling in het Van Der Auweraers) is niet zijn sterkte punt. Het examen is openboek.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Normaal maakt Vander Auweraer geen nieuwe vragen, maar hier is op het POC over geklaagd dus hij gaat nieuwe vragen maken. Volgens thesisstudenten van Vander Aueraer zouden er (voor juni 2018) twee zijn van de vijf nieuw zijn.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen voor Januari 2022==&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===2 juni 2021 ===&lt;br /&gt;
# 63Cu2 heeft een grond- en aangeslagen toestand. Het verschil tussen de minima van de potentiële energiecurves is gegeven, net zoals we&#039;, wexe&#039;, B&#039;, we&amp;quot;, wexe&amp;quot; en B&amp;quot;.&lt;br /&gt;
## Bereken de bindingsenergie van de grond- en aangeslagen toestand.&lt;br /&gt;
## Bereken de excitatie-energie van de fragmenten van de aangeslagen toestand.&lt;br /&gt;
## Bereken de ligging van de eerste lijn van elke tak van het Ramanrotatievibratiespectrum van de grondtoestand als er gewerkt wordt met een laser met een invallend licht van 632 nm. &lt;br /&gt;
## Bereken de bindingslengte. &lt;br /&gt;
# Toon aan dat voor een benzeenmolecule de x-component van de transitiedipool gelijk is aan 1,12*10^-29 Cm. Je mag de bindingslengte en de straal van de cirkel gelijk nemen aan 1,4 angstrom. Bereken de Einsteincoëfficiënt voor absorptie bij een invallend licht van 200 nm. Bereken de maximale molaire extinctiecoëfficiënt als de breedte van de band op halve hoogte 1000 cm-1 is. &lt;br /&gt;
# Teken het EPR-spectrum van het CH2OH-radicaal. Het radicaal koppelt met twee protonen met een hyperfijnconstante van 17,4 Gauss en een proton met een hyperfijnconstante van 1,12 Gauss. Wat is de spindichtheid op het C-atoom als we aannemen dat dit sp2 gehybridiseerd is.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
[[Bestand:Examen 2021.jpeg]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===8 juni 2020 ===&lt;br /&gt;
# Oefening 6a van electronic spectroscopy (N2+)&lt;br /&gt;
# De golflengte van de invallende straling in een Ramanspectrometer is 488,11 nm. Wat is het golfgetal van de eerste lijn van de ANTIStokescomponent van het rotatie Ramanspectrum van N2? De bindingslengte bedraagt 0,121 nm. (Zelfde vraag als hieronder maar dan met ANTIstokes en N2 ipv O2)&lt;br /&gt;
# Oefening 8 van NMR harris (notatie van spinsystemen geven p-broomchloorbenzeen,...)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 juni 2019 ===&lt;br /&gt;
Examen 17 juni 2015&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===28 juni 2017 ===&lt;br /&gt;
Zie examen 17 juni 2015&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 juni 2017 ===&lt;br /&gt;
# vraag 1 18 juni 2014&lt;br /&gt;
# vraag 2 18 juni 2014&lt;br /&gt;
# vraag 4 18 juni 2014&lt;br /&gt;
# vraag 5 18 juni 2014&lt;br /&gt;
# Aggregatie van niet-chirale chromoforen kan aanleiding geven tot circulair dicroïsme. Verwacht u een rotatiesterkte verschillend van nul voor pakking a en/of b?&lt;br /&gt;
(tekeningen van pakking a (=achiraal) en b (=chiraal))&lt;br /&gt;
- Pakking a: in zelfde vlak, onderlinge hoek = alfa = 120°, tèta is hoek met de as die beide centra verbind en alfa +2tèta=180°&lt;br /&gt;
- Pakking b: in 2 vlakken loodrecht op de as die hun verbind (tèta = 90°) en alfa =120°&lt;br /&gt;
Argumenteer zowel met de uitdrukking voor rotatiesterkte als op basis van eventuele chiraliteit v.d. gevormde aggregaten (zijn deze chiraal?)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17 juni 2016 ===&lt;br /&gt;
[[Media:Voorbeeld.ogg]]&lt;br /&gt;
=== 15 juni 2016 ===&lt;br /&gt;
 &lt;br /&gt;
# H2 spectrum met invallende golflengte gegeven en ook nog 4 golflengtes van ramanrotatielijnen. Bereken r.&lt;br /&gt;
# Fe2O2 vraag  (zie lager)&lt;br /&gt;
# Al+ vraag van op wiki van wat er met de laagste overgang gebeurt in een magneetveld&lt;br /&gt;
#Uitvoeren met deeltje in de doos: &lt;br /&gt;
Een allylradicaal waar je de energie van een dubbel bezet pi orbitaal in grondtoestand en die van een enkelbezette moest geven. &lt;br /&gt;
Bepaal ook de transitiedipool als de bindingslengte = 0,14 nm en de dubbele binding een hoek van 30 graden maakt met de richting van het molecule.&lt;br /&gt;
Bijvraag: is deze overgang mogelijk?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 19 juni 2015 ===&lt;br /&gt;
# nulpuntsenergie, bindingsenergie, afstand tussen 2 atomen, temperatuur (en miss nog andere dingen) gegeven. Gevraagd:&lt;br /&gt;
#* Wat zijn de vibratiefrequentie (cm-1), krachtconstante, en de anharmonisiteitsconstante?&lt;br /&gt;
#* Hoeveel vibratieniveaus zitten in de put?&lt;br /&gt;
#* Bereken de rotatieconstante.&lt;br /&gt;
#* Bereken zo nauwkeurig mogelijk de eerste 3 rotatieniveaus.&lt;br /&gt;
#* Hoe ziet het fluorescentiespectrum eruit?&lt;br /&gt;
# Geef het ESR spectrum van het butadieen radicaal anion. Dit radicaal heeft 4 equivalente protonen met een hyperfijnconstante van 14,3 gauss en twee equivalente protonen met een hyperfijnconstante van 2,8 gauss. Wat is de spindichtheid op elk van de koolstofatomen? Komt dit overeen met wat je verwacht van Huckel Moleculaire Orbitalen?&lt;br /&gt;
# Welke overgangen zijn mogelijk van het Ca+ -ion vanuit zijn elektronische stabielste toestand? Bereken de opsplitsing van de laagste aangeslagen elektronische toestand in een veld van 5T. (opgelet: juiste g parameter berekenen want delta S niet gelijk aan 0)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 17 juni 2015 ===&lt;br /&gt;
# Het absorptiespectrum van een CdSe kwantum dot (kubus met ribbe 2 nm) heeft een maximum bij 460 nm met een extinctiecoÃ«fficiÃ«nt van 49000 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; in een midden met een brekingsindex n = 7. De breedte van de absorptieband bedraagt 400 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. NB: U mag stellen dat Îµ&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;r&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; = n&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; en Îµ = Îµ&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;r&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;Îµ&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;0&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;.&lt;br /&gt;
#* Bereken de oscillatorsterkte.&lt;br /&gt;
#* Bereken de coÃ«fficiÃ«nt voor spontane emissie bij 485 nm.&lt;br /&gt;
#* Bereken het transitiedipool. (a, b &amp;amp;amp; c max 1 blz.)&lt;br /&gt;
#* Gebruik het deeltje in de doos om de verschuiving te berekenen van de absorptieband voor de overgang tussen de valentieband en de conductieband (waarvan u mag aannemen dat de overgang van het hoogste niveau van de VB naar het laagste niveau van de CB is) ten opzichte van een CdSe kristal met oneindige dimensies. Gebruik als effectieve massa voor de elektronen en gaten respectievelijk 0.13m&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;e&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; en 0.45m&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;e&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;.&lt;br /&gt;
#* Bijvraag: Is deze overgang op basis van de gegevens voor Îµ, f en Âµ* toegelaten?&lt;br /&gt;
# Het rotatiespectrum van &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;H&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;35&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;Cl vertoont opeenvolgende lijnen bij de volgende golfgetallen: 83.32, 104.13, 124.73, 145.37, 165.89, 186.23, 206.60, 226.86 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Bereken het traagheidsmoment en de bindingslengte. Voorspel de ligging van deze lijnen voor &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;H&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;35&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;Cl (dit volstaat voor de eerste twee lijnen).&lt;br /&gt;
# Acetyleen: vibraties gegeven. Welke vibraties zijn IR actief? En welke Raman actief? Hoeveel normale vibratiemodes zijn er mogelijk? (1/2 Ã  1 blz.)&lt;br /&gt;
#* Bijvraag: Er zijn 5 vibraties getekend, terwijl 3N-5 = 7. Hoe is dit mogelijk?&lt;br /&gt;
# Wat gebeurt er voor waterstof met de overgang van &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;D&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;3/2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; naar &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;F&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;5/2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; in een magneetveld? (1 Ã  2 blz.)&lt;br /&gt;
#* Bijvraag: Welke techniek kun je gebruiken om de overgangen te bestuderen die enkel verschillen in m&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;j&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 juni 2014 ===&lt;br /&gt;
# Het absorptiespectrum van een verbinding heeft een maximum bij 485 nm terwijl het maximum van het emissiespectrum bij 505 nm ligt. De EinsteincoÃ«fficient voor spontane emissie bedraagt 3,2 10&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;8&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; s&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Bepaal het transitiedipool en de maximale extinctiecoÃ«fficient wanneer de breedte bij halve hoogte van de absorptieband 760 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; bedraagt. U mag de absorptieband beschouwen als een gelijkbenige driehoek.(maximum 2 blz)&lt;br /&gt;
# De golflengte van de invallende straling in een Ramanspectrometer is 488,1 nm. Wat is het golfgetal van de eerste lijn van de Stokescomponent van het rotatie Ramanspectrum van 16O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;? De bindingslengte bedraagt 0,121 nm.&lt;br /&gt;
# Voor CHCl3 vinden we voor de CH-stretching vibratie een intense band bij 3019 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; en progressief zwakkere banden bij 5900, 8700 en 13315 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Bepaal de bindings- en dissociatie energie.&lt;br /&gt;
# Geef het ESR spectrum van het butadieen radicaal anion. Dit radicaal heeft 4 equivalente protonen met een hyperfijnconstante van 7,6 gauss en twee equivalente protonen met een hyperfijnconstante van 2,8 gauss. Wat is de spindichtheid op elk van de koolstofatomen?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 18 juni 2014 ===&lt;br /&gt;
[[Bestand:Examen spectro 18 06 2014.pdf]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 10 juni 2014 ===&lt;br /&gt;
# Het absorptiespectrum van het monomethine thiacyanine MTHIATS heeft een maximum bij 440 nm (structuur gegeven maar eigenlijk niet nodig). De maximale extinctiecoÃ«fficiÃ«nt en de breedte bij halve hoogte van de absorptieband bedragen respectievelijk 8.0x10&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;4&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; lmol&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; en 1500 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Bepaal het transitiedipool en de EinsteincoÃ«fficiÃ«nt voor spontane emissie (maximum en gemiddelde van het emissiespectrum bij 22000 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;). U mag de absorptieband beschouwen als een gelijkbenige driehoek.&lt;br /&gt;
# Bereken N&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;j&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;/N&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;0&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; voor &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;H&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;19&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;F molecule voor J=0, J=5 en J=10 bij 298K. De bindingsafstand is 0.92Ã… en de vibratie constante = 966Nm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;&lt;br /&gt;
#* Voor welke waarde van J is  N&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;j&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;/N&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;0&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; maximaal?&lt;br /&gt;
#* Wat is de energie van de J=5 â†’ J=6 overgang?&lt;br /&gt;
# Het NO&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;+&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; ion bezit twee ontaarde IR-absorptiebanden bij 540 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; en een (niet-ontaarde) IR-absorptieband bij 2360 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Daarnaast heeft het een Ramanband (deze overgang wordt niet in het IR-spectrum waargenomen) bij 1400 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. &lt;br /&gt;
#* Verklaar dit spectrum en leg een verband met de moleculaire structuur van NO&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;+&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;.&lt;br /&gt;
#* Verder wordt nog een weinig intense IR-absorptielijn waargenomen bij 3735 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Waaraan is deze te wijten?&lt;br /&gt;
# Hoe wordt de energie van een 2p-elektron van waterstof opgesplitst in een magneetveld B&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;0&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;? Bekijk alle mogelijke toestanden.&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;&amp;amp;lt;I&amp;amp;gt;OPGEPAST:Bereken de juiste LandÃ© splitting factor (G&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;e&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;)!! &amp;amp;lt;/I&amp;amp;gt;&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# Wat is de magnetisatie van Na kernen in 1ml van een 1*10&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-3&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;M oplossing Na&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;+&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; ionen in een veld van 9 Tesla bij 298 Kelv1n (I= 3/2 voor Na) &lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;&amp;amp;lt;I&amp;amp;gt;OPGEPAST: dit is iets met een reeksontwikkeling zei hij op het examen...&amp;amp;lt;/I&amp;amp;gt;&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17 juni 2013 Groep 1===&lt;br /&gt;
# nulpuntsenergie, bindingsenergie, afstand tussen 2 atomen, temperatuur (en miss nog andere dingen) gegeven. Gevraagd:&lt;br /&gt;
#* krachtconstante, vibratiefrequentie en anharmoniciteitsconstante&lt;br /&gt;
#* aantal vibratieniveaus&lt;br /&gt;
#* rotatieconstante&lt;br /&gt;
#* energie van eerste 3 rotatieniveaus&lt;br /&gt;
#* mogelijk fluorescentiespectrum&lt;br /&gt;
# iets ivm EPR van radicaal&lt;br /&gt;
#* spindichtheid op koolstofatomen berekenen&lt;br /&gt;
#* teken spectrum&lt;br /&gt;
#* vergelijken met resultaten van Huckel MO&lt;br /&gt;
# Ca+ =&amp;amp;gt; geeft grondtoestand en mogelijke transities hieruit en geef opsplitsing in energie van laagst energetische aangeslagen toestand in een veld van 5 Tesla.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17 juni 2013 Groep 2===&lt;br /&gt;
#Bij het elektronisch-vibratie absorptiespectrum de ....overgang van BeO vindt men onderstaande bandoorsprongen voor de verschillende vibratie-rotatiebanden.&lt;br /&gt;
#*Bepaal de beste waarden voor Ï–e en Ï‡e voor de ... en ...toestand.&lt;br /&gt;
#*Bepaal de bindingsenergieÃ«n( zie examen 7 september 2011 vraag 5)&lt;br /&gt;
#hoe ziet het EPR spectrum van CD3Â° er uit?(I voor D=1). Als je weet dat de hyperfijnconstante voor CH3Â°=....G, wat is dan de hyperfijnconstante van CD3Â°?&lt;br /&gt;
#Bereken welk rotatieniveau van CH4 maximaal bezet zal zijn bij 25Â°C, B=.... let op, de ontaarding is hier nu (2J+1)Â² i.pv. (2J+1).&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===22 juni 2012 Groep 1===&lt;br /&gt;
# Het absorptiespectrum van het monomethine thiacyanine MTHIATS heeft een maximum bij 440 nm (structuur gegeven maar eigenlijk niet nodig). De maximale extinctiecoÃ«fficiÃ«nt en de breedte bij halve hoogte van de absorptieband bedragen respectievelijk 8.0x10&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;4&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; lmol&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; en 1500 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Bepaal het transitiedipool en de EinsteincoÃ«fficiÃ«nt voor spontane emissie (maximum en gemiddelde van het emissiespectrum bij 22000 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;). U mag de absorptieband beschouwen als een gelijkbenige driehoek.&lt;br /&gt;
# Voor welke waarde van J is N&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;J&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;/N&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;0&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; maximaal voor het &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;H&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;19&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;F molecule bij 298K. De bindingslengte bedraagt 0.92Ã…. Wat is de exacte energie van de J=5â†’J=6 overgang? De vibratiekrachtconstante is 966 Nm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;.&lt;br /&gt;
# Het NO&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;+&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; ion bezit twee ontaarde IR-absorptiebanden bij 540 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; en een (niet-ontaarde) IR-absorptieband bij 2360 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Daarnaast heeft het een Ramanband (deze overgang wordt niet in het IR-spectrum waargenomen) bij 1400 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. &lt;br /&gt;
#* Verklaar dit spectrum en leg een verband met de moleculaire structuur van NO&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;+&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;.&lt;br /&gt;
#* Verder wordt nog een weinig intense IR-absorptielijn waargenomen bij 3735 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Waaraan is deze te wijten?&lt;br /&gt;
# Hoe wordt de energie van een 2p-elektron van waterstof opgesplitst in een magneetveld B&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;0&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;? Bekijk alle mogelijke toestanden.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===18 juni 2012===&lt;br /&gt;
# Wat is de magnetisatie van 1ml van een oplossing van &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;H met als concentratie 10&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-3&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;M in een veld van 9T en bij 298K. (I = 1)&lt;br /&gt;
# De traagheidsmomenten van het lineaire HgBr&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; zijn zeer groot dus de O en S takken van de vibrationele Raman spectra tonen weinig rotationele structuur. Berekenen de bindingslengte als je weet dat J correspondeerd met de maximale intensiteit. Afstand tussen de maxima van de O en S takken is 15,2 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;.&lt;br /&gt;
# Een transitie van groot belang in zuurstofgas geeft aanleiding tot de &#039;Schumann-Runge band&#039; in UV. De golfgetallen van de transities van de grondtoestand naar vibrationele niveaus van de eerst aangeslagen toestand zijn gegeven. Bereken de dissociatie-energie van de hoogste liggend elektronisch niveau. Dezelfde aangeslagen toestand dissocieert naar een O atoom met 1 grondtoestand en 1 aangeslagen atoom met een energie van 190 kJ/mol boven de grondtoestand. Bereken hieruit de dissociatie-energie van de grondtoestand van zuurstofgas.&lt;br /&gt;
# Yb&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;3+&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; heeft een 2F configuratie. Welke toestand zullen door spinorbitaalkoppeling bekomen worden? Deze met de hoogste J-waarde ligt het laagst in energie. Bereken kwantitatief de invloed van een magneetveld met sterkte B(0). Is de oscillatorstekte groot voor de eerste aangeslagen toestand? (golflengte gegeven).&lt;br /&gt;
#* Bijvraag: met welke techniek zouden we het verschil tussen de energieniveau&#039;s kunnen meten?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===24 juni 2011 - groep 2===&lt;br /&gt;
# Het absorptiespectrum van CdSe kwantum dot heeft een maximum bij 460 nm met een molaire extinctiecoÃ«fficiÃ«nt van 49000 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; M&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; in een midden met een brekingsindex gelijk aan 7. De breedte van de absorptieband bedraagt 400 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;.&lt;br /&gt;
#* Bereken de oscillatorsterkte.&lt;br /&gt;
#* Bereken de EinsteincoÃ«fficiÃ«nt voor spontane emissie voor de emissie bij 485 nm.&lt;br /&gt;
#*Bereken het transitiedipool.&lt;br /&gt;
# Gegeven: enkele pieken van het rotatiespectrum van HCl. Bereken het traagheidsmoment en de bindingslengte. Voorspel de eerste twee pieken van gedeutereerd HCl.&lt;br /&gt;
# Welk van de onderstaande vibraties van de acetyleen zijn IR-actief? Welk zijn Ramanactief? Hoeveel normale vibratiewijzen zijn hier mogelijk?&lt;br /&gt;
# Wat gebeurt voor waterstof met de overgang van &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;D&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;3/2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; naar &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;F&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;5/2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; in een magneetveld?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===24 juni 2011 - groep 1===&lt;br /&gt;
#Het rotatiespectrum van H2 (te beschouwen als starre rotator) bekomen door instralen met een laser bij 488 nm, bestaat uit een reeks lijnen bij 496.6 nm, 502.42 nm, 508.21 nm en 513.96 nm. Wat is de bindingsafstand?&lt;br /&gt;
#Het proteÃ¯ne hemo-erytrine staat in voor het zuurstoftransport in sommige ongewervelden. Elk proteÃ¯ne molecule heeft twee Fe&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2+&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; ionen die samenwerken om Ã©Ã©n molecule O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; te binden. De Fe&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; groep van het gexoygeneerde hemo-erytrine is roodgekleurd en heeft een elektronische absorptie bij 500 nm. Het resonantie Raman-spectrum van het geoxygeneerde hemo-erytrine, bekomen met laser-excitatie bij 488 nm heeft een band bij 508.96 nm die toegeschreven wordt aan de O-O stretching van gebonden &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;16&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;.&lt;br /&gt;
#*Welk voordeel biedt resonantie Raman spectroscopie t.o.v. infrarood absorptie-spectroscopie om de binding van O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; aan hemo-erytrine te bestuderen?&lt;br /&gt;
#*Naar welke golfgetal verschuift deze band in het Raman spectrum als &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;16&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; door &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;18&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; vervangen wordt?&lt;br /&gt;
#*De fundamentele vibratie golfgetallen van de O-O stretching mode van O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;, O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; (superoxide anion) en O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2-&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; (peroxide anion) zijn respectievelijk 1555, 1107 and 878 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Verklaar deze trend in het licht van de elektronische structuur van O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;, O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; and O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2-&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. &lt;br /&gt;
#*Welke van de volgende species Fe&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2+&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;; Fe2+Fe3+O2- of Fe23+O22- beschrijft het best de Fe2O2 hemo-erytrine, rekening met de resonantie Ramanband bij 844 cm-1 en de data in vraag c? Verklaar uw antwoord.&lt;br /&gt;
#*Het resonantiespectrum van hemo-erytrine met &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;16&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;O&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;18&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;O heeft 2 banden die kunnen toegeschreven worden aan de O-O stretching mode van gebondenzuurstof. Met welk van de structuren die u hieronder ziet is dit compatibel en waarom? Het is mogelijk dat meer dan Ã©Ã©n structuur mogelijk is. [[Media:Fe2O2complex.JPG]]&lt;br /&gt;
#Welke nulde orde golffuncties vindt u voor de kernspin van de CH&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;F groep van benzylfluoride? Welk type NMR-spectrum geeft deze groep?&lt;br /&gt;
#Wat gebeurt voor Al&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;+&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; met de laagste toegelaten elektronische overgang in een magneetveld met sterkte B?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 juni 2011===&lt;br /&gt;
# Twee He atomen (4 a.u.) vormen een complex bij 1 mK. Onderlinge afstand is 2,97 Ã…. De nulpuntsenergie bedraagt 2,0 *10-26 J, de bindingsenergie is 1,51 *10-23 J.&lt;br /&gt;
#* Wat zijn de vibratiefrequentie (cm-1), krachtconstante, en de anharmonisiteitsconstante?&lt;br /&gt;
#* Hoeveel vibratieniveaus zitten in de put?&lt;br /&gt;
#* Bereken de rotatieconstante.&lt;br /&gt;
#* Bereken zo nauwkeurig mogelijk de eerste 3 rotatieniveaus.&lt;br /&gt;
#* Hoe ziet het fluorescentiespectrum eruit?&lt;br /&gt;
#19F NMR spectrum van ClF3 was gegeven. Het spectum moest besproken worden en de structuur van ClF3 hieruit vinden.&lt;br /&gt;
# Welke overgangen zijn mogelijk van het Ca+ -ion vanuit zijn elektronische stabielste toestand? Bereken de opsplitsing van de laagste aangeslagen elektronische toestand in een veld van 5T.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===18 juni 2010===&lt;br /&gt;
#In a classic study of the application of NMR to the measurement of rotational barriers in molecules. P.M. Nair and J.D. Roberts (j. Am. Chem. Soc. 79, 4565 (1957)) obtained the 40 MHz 19F-NMR spectrum of F2BrCCBrC12. Their spectra are reproduced below. At 193 K. the spectrum shows five resonance peaks. Peaks I and III are separated by 160 Hz, as are IV and V. The ratio of the integrated intensities of peak II to peaks I, III, IV, and V is approximately 10 to 1. At 273 K. the five peaks have. collapsed into one. Explain the spectrum and its change with temperature. At what rate of inter conversion will the spectrum collapse to a single line? Calculate the rotational energy barrier between the rotational isomers on the assumption that it is related to the rate of interconversion between the isomers. &lt;br /&gt;
#*[[Bestand:Spectro_2010_1.jpg]] &lt;br /&gt;
#De traagheidsmomenten van het lineaire HgBr2 zijn zeer groot dus de O en S takken van de vibrationele Raman spectra tonen weinig rotationele structuur. Berekenen de bindingslengte als je weet dat J correspondeerd met de maximale intensiteit. Afstand tussen O en S takken is 15,2 cm-1&lt;br /&gt;
#Een transitie van groot belang in zuurstofgas geeft aanleiding tot de &#039;Schumann-Runge band&#039; in UV. De golfgetallen van de transities van de grondtoestand naar vibrationele niveaus van de eerst aangeslagen toestand zijn gegeven. Bereken de dissociatie-energie van de hoogste liggend elektronisch niveau. Dezelfde aangeslagen toestand dissocieert naar een O atoom met 1 grondtoestand en 1 aangeslagen atoom met een energie van 190 kJ/mol boven de grondtoestand. Bereken hieruit de dissociatie-energie van de grondtoestand van zuurstofgas.&lt;br /&gt;
#Yb3+ heeft een 2F configuratie. Welke toestand zullen door spinorbitaalkoppeling bekomen worden. Deze met de hoogste J-waarde ligt het laagst in energie. Bereken kwantitatief de invloed van een magneetveld met sterkte 1 Tesla. Is de oscillatorstekte groot voor de eerste aangeslagen toestand. (golflengte gegeven) &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===15 juni 2009===&lt;br /&gt;
#Het rotatiespectrum van H2 (te beschouwen als starre rotator) bekomen door instralen met een laser bij 488 nm, bestaat uit een reeks lijnen bij 496.6 nm, 502.42 nm, 508.21 nm en 513.96 nm. Wat is de bindingsafstand? (1 blz)&lt;br /&gt;
#Het proteÃ¯ne hemo-erytrine staat in voor het zuurstoftransport in sommige ongewervelden. Elk proteÃ¯ne molecule heeft twee Fe2+ ionen die samenwerken om Ã©Ã©n molecule O2 te binden. De Fe202 groep van het gexoygeneerde hemo-erytrine is roodgekleurd en heeft een elektronische absorptie bij 500 nm. Het resonantie Raman-spectrum van het geoxygeneerde hemo-erytrine, bekomen met laser-excitatie bij 488 nm heeft een band bij 508.96 nm die toegeschreven wordt aan de O-O stretching van gebonden 1602.&lt;br /&gt;
#*Welk voordeel biedt resonantie Raman spectroscopie t.o.v. infrarood absorptie-spectroscopie om de binding van O2 aan hemo-erytrine te bestuderen?&lt;br /&gt;
#*Naar welke golfgetal verschuift deze band in het Raman spectrum als 1602 door 1802 vervangen wordt?&lt;br /&gt;
#*De fundamentele vibratie golfgetallen van de O-O stretching mode van O2, 02 - (superoxide anion, and O2 2- (peroxide anion) zijn respectievelijk 1555, 1107 and 878 cm-1. Verklaar deze trend in het licht van de elektronische structuur van O2, 02 - and O2 2-. &lt;br /&gt;
#*Welke van de volgende species Fe22+O2; Fe2+Fe3+02- of Fe23+022- beschrijft het best de Fe2O2 hemo-erytrine, rekening met de resonantie Ramanband bij 844 cm-1 en de data in vraag c? Verklaar uw antwoord.&lt;br /&gt;
#*Het resonantiespectrum van hemo-erytrine met 16O18O heeft 2 banden die kunnen toegeschreven worden aan de O-O stretching mode van gebondenzuurstof. Met welk van de structuren die u hieronder ziet is dit compatibel en waarom? Het is mogelijk dat meer dan Ã©Ã©n structuur mogelijk is. [[Media:Fe2O2complex.JPG]]&lt;br /&gt;
#Voor een continu opgenomen NMR spectrum (geen Fourriettransform NMR) stelt men cast dat bij toename van B1 de intensiteit van een lijn bij het maximum toeneemt en daarna opnieuw afneemt. Hoe kun je dit verklaren (je mag dit zowel op kwalitatieve als op meer kwantitatieve wijze doen)?.&lt;br /&gt;
#Wat gebeurt voor Al+ met de laagste toegelaten overgang in een magneetveld met sterkte B? Werk kwantitatief uit.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===12 juni 2009===&lt;br /&gt;
====Groep 1====&lt;br /&gt;
# Twee He atomen (4 a.u.) vormen een complex bij 1 mK. Onderlinge afstand is 2,97 Ã…. De nulpuntsenergie bedraagt 2,0 *10-26 J, de bindingsenergie is 1,51 *10-23 J.&lt;br /&gt;
#* Wat zijn de vibratiefrequentie (cm-1), krachtconstante, en de anharmonisiteitsconstante?&lt;br /&gt;
#* Hoeveel vibratieniveaus zitten in de put?&lt;br /&gt;
#* Bereken de rotatieconstante.&lt;br /&gt;
#* Bereken zo nauwkeurig mogelijk de eerste 3 rotatieniveaus.&lt;br /&gt;
#* Hoe ziet het fluorescentiespectrum eruit?&lt;br /&gt;
# De longitudinale relaxatietijd van benzeen (Ï„c = 10-10 s) neemt toe wanneer de temperatuur toeneemt terwijl dat van een oligonucleotide een groot molecule (Ï„c = 10-6 s) afneemt. Ï„c neemt toe naarmate de temperatuur stijgt. Wat gebeurt er met de transversale relaxatietijd van de beide moleculen wanneer de temperatuur stijgt?&lt;br /&gt;
# Welke overgangen zijn mogelijk van het Ca+ -ion vanuit zijn elektronische stabielste toestand? Bereken de opsplitsing van de laagste aangeslagen elektronische toestand in een veld van 5T.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
====Groep 2====&lt;br /&gt;
# Het absorptiespectrum van CdSe kwantum dot heeft een maximum bij 460 nm met een molaire extinctiecoÃ«fficiÃ«nt van 49000 cm^-1 M^-1 in een midden met een brekingsindex gelijk aan 7. De breedte van de absorptieband bedraagt 400 cm^-1.&lt;br /&gt;
#* Bereken de oscillatorsterkte.&lt;br /&gt;
#* Bereken de EinsteincoÃ«fficiÃ«nt voor spontane emissie voor de emissie bij 485 nm.&lt;br /&gt;
#*Bereken het transitiedipool.&lt;br /&gt;
# De golflengte van het ingestraalde licht bedraagt 488 nm in een Raman spectrometer. Wat is de golflengte van de eerste lijn van de Stokescomponent van het rotatie Ramanspectrum van 14N2? De bindingslengte bedraagt 0.109 nm&lt;br /&gt;
# Welk van de onderstaande vibraties van de acetyleen zijn IR-actief? Welk zijn Ramanactief? Hoeveel normale vibratiewijzen zijn hier mogelijk?&lt;br /&gt;
# Wat gebeurt voor waterstof met de overgang van 2D3/2 naar 2F5/2 in een magneetveld?&lt;/div&gt;</summary>
		<author><name>R0998693</name></author>
	</entry>
	<entry>
		<id>https://wiki.chemika.be/index.php?title=Spectroscopische_Meettechnieken&amp;diff=5107</id>
		<title>Spectroscopische Meettechnieken</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.chemika.be/index.php?title=Spectroscopische_Meettechnieken&amp;diff=5107"/>
		<updated>2026-06-15T17:38:42Z</updated>

		<summary type="html">&lt;p&gt;R0998693: /* 15 juni VM 2026 */&lt;/p&gt;
&lt;hr /&gt;
&lt;div&gt;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
[[Categorie:Bachelor Chemie]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Vakinformatie==&lt;br /&gt;
Het vak werd in januari 2022 geherstructureerd en wordt nu gegeven door Hofkens Johan &amp;amp; Debroye Elke. In gesprek met studentenvertegenwoordigers wilden ze lesgeven in een meer &amp;quot;praktisch georienteerde benadering&amp;quot;. Dit komt ook tot uiting in een examen, dat nu uit 4 delen bestaat: 5 korte begrippen, een NMR-vraag, een theorievraag en een vraag uit de oefenzitting&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen na Juni 2022==&lt;br /&gt;
===15 juni VM 2026===&lt;br /&gt;
#Gegeven = typische H-NMR spectra van zuiver water en ethanol t.o.v. TMS. Bij een equimolaire mengsel van H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;O en ethanol stelt men in een 40 MHz toestel vast dat bij kamertemperatuur coalescentie van het -OH signaal optreedt. (5p, mondeling bij Elke)&lt;br /&gt;
##Wat is onder die omstandigheden de 1e orde uitwisselingssnelheidsconstante? (2p)&lt;br /&gt;
##Beargumenteer of in een 250 MHz toestel onder dezelfde omstandigheden coalescentie optreedt. (2p)&lt;br /&gt;
##Wat verwacht je dat er gebeurt met de -OH signalen na het schudden van het mengsel met D&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;O?&lt;br /&gt;
#Absorptiespectrum en structuur van peryleen gegeven. (5p, mondeling bij Johan)&lt;br /&gt;
##Hoe ziet het fluorescentiespectrum er uit?&lt;br /&gt;
##Wat zou er gebeuren met het fluorescentiespectrum als je de concentratie verhoogt?&lt;br /&gt;
##Bereken de vibratiefrequentie van de belangrijkste vibrationele overgang in de grondtoestand (er vanuitgaande dat die dezelfde is als in de grondtoestand).&lt;br /&gt;
##Is peryleen aromatisch?&lt;br /&gt;
##Indien gedeutereerd tolueen gebruikt wordt als solvent, zou je de Ramanpiek van dit tolueen bij excitatie bij 435 nm waarnemen als je weet dat de C-H stretch vibratie bij 3500 cm&amp;lt;sup&amp;gt;-1&amp;lt;/sup&amp;gt; is?&lt;br /&gt;
#Artikel gegeven. Identificeer de fouten in het artikel en zeg waarom deze fout zijn. Teken ook het Jablonski diagram die van toepassing is op dit artikel. (4p)&lt;br /&gt;
#&amp;lt;sup&amp;gt;13&amp;lt;/sup&amp;gt;C-NMR: (2p)&lt;br /&gt;
##Juist/fout + verklaar: &amp;quot;het enige voordeel van de spinontkoppeling tussen &amp;lt;sup&amp;gt;13&amp;lt;/sup&amp;gt;C en &amp;lt;sup&amp;gt;1&amp;lt;/sup&amp;gt;H voor een gecompliceerd &amp;lt;sup&amp;gt;13&amp;lt;/sup&amp;gt;C-NMR spectrum is het verhinderen van de kans op spectrale overlapping&lt;br /&gt;
##Waarom zijn DEPT-experimenten nuttig in het detecteren van &amp;lt;sup&amp;gt;13&amp;lt;/sup&amp;gt;C signalen?&lt;br /&gt;
# Oefening: de trillingsfrequentie van &amp;lt;sup&amp;gt;1&amp;lt;/sup&amp;gt;H&amp;lt;sup&amp;gt;35&amp;lt;/sup&amp;gt;Cl is 2990,6 cm&amp;lt;sup&amp;gt;-1&amp;lt;/sup&amp;gt;H (4p)&lt;br /&gt;
##Schat, zonder de krachtconstante te berekenen, de trillingsfrequentie van &amp;lt;sup&amp;gt;1&amp;lt;/sup&amp;gt;H&amp;lt;sup&amp;gt;37&amp;lt;/sup&amp;gt;Cl, &amp;lt;sup&amp;gt;2&amp;lt;/sup&amp;gt;D&amp;lt;sup&amp;gt;35&amp;lt;/sup&amp;gt;Cl en &amp;lt;sup&amp;gt;2&amp;lt;/sup&amp;gt;D&amp;lt;sup&amp;gt;37&amp;lt;/sup&amp;gt;Cl&lt;br /&gt;
##Leg uit waarom deze benaderingsmethode wordt gebruikt in de spectroscopie&lt;br /&gt;
##In de gasfase vertoont het IR-spectrum van HCl een complex bandenpatroon (spectrum gekregen). Leg de oorsprong van deze banden uit.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===16 juni VM en NM 2025===&lt;br /&gt;
#Er waren 2 moleculen gegeven (beide benzeenringen met een aantal functionele groepen) en 3 spectra. 1 verschilspectrum (enkel aromatisch gedeelte weergegeven), 2 spectra waarbij ze specifiek atomen binnen het molecuul &#039;bombarderen&#039;. 5 punten Elke&lt;br /&gt;
##signalen toekennen aan protonen&lt;br /&gt;
##welk van de twee moleculen komt overeen met de spectra&lt;br /&gt;
##waarom blijft de koppeling behouden?&lt;br /&gt;
##stijgt de intensiteit wanneer er met een 600 MHz toestel gemeten zou worden?&lt;br /&gt;
##weet ik niet meer&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# absorptiespectrum en structuur van peryleen gegeven. 5 punten Johan&lt;br /&gt;
##hoe ziet het fluorescentiespectrum er uit?&lt;br /&gt;
##wat zou er gebeuren met het spectrum als je de concentratie verhoogt?&lt;br /&gt;
##geef het golfgetal van de overgang die het meest voorkomend is in de grondtoestand (ervan uitgaande dat die hetzelfde is als in de aangeslagen toestand)&lt;br /&gt;
##is peryleen aromatisch&lt;br /&gt;
##Indien tolueen gebruikt wordt als solvent, zou je de Ramanpiek waarnemen en waarom?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# begrippen (6 punten, elk begrip op 2)&lt;br /&gt;
##wat is anti-kasha, geef een voorbeeld en waarom is dit mogelijk&lt;br /&gt;
##Wat is het Davisson-Germer experiment en waarom was het zo belangrijk?&lt;br /&gt;
##relevantie van deutering uitleggen voor HNMR, CNMR (DEPT) en IR.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# Oefening (4 punten)&lt;br /&gt;
##gegeven, molecuul met lengte 600 pm, foton met welke golflengte is nodig om het van niveau 3 naar 4 te laten aanslagen.&lt;br /&gt;
##hoeveel zal de energie van een niveau veranderen als de lengte van een molecuul met 10% langer zou worden?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 augustus VM 2024===&lt;br /&gt;
#Er waren 2 moleculen gegeven (https://legacy.chemspider.com/Search.aspx?rid=bbb5fbf4-af21-4255-a3c5-7be382b0f711) -&amp;gt; Elke (7punten)&lt;br /&gt;
##Hoe kunnen deze twee moleculen van elkaar onderscheiden worden via 1H-NMR? Welke van de atomen zal het meeste upfield/ downfield liggen? (Bijvraag was geef de ppm-waardes en hoe kan je dit zien) (2 punten)&lt;br /&gt;
##Zelfde vraag maar dan voor 13C-NMR + Hoeveel signalen zijn er zichtbaar bij 13C-NMR + verklaar (2 punten)&lt;br /&gt;
##Weet ik niet meer (1punt)&lt;br /&gt;
##Hoe kan je het verschil tussen de twee moleculen zien in een IR-spectrum? (1 punt)&lt;br /&gt;
##Kan je een verschil zien tussen beide moleculen in een absorptiespectrum? + verklaar hoe (1 punt)&lt;br /&gt;
#Er was 1 absorptie spectrum gegeven met 3 absorptie en emissie banden die telkens met de vorige overlappen. Er waren ook 3 moleculen gegeven. Allemaal hetzelfde alleen het geconjugeerde systeem (iets met cyaniden) tussen de ringen was steeds 2 dubbele bindingen langer. -&amp;gt; Johan (ook 7 punten iedere vraag 1punt)&lt;br /&gt;
##Welk molecuul hoort bij welk spectrum en waarom?&lt;br /&gt;
##Wat zal je waarnemen bij 500nm met een gegeven concentratie? &lt;br /&gt;
##Wat zal je waarnemen bij een hogere concentratie? (Let op mengsel)&lt;br /&gt;
##Wat zal er gebeueren bij het deze golflengte&lt;br /&gt;
##Verklaar het anisotropisch effect. &lt;br /&gt;
##Zal 3050 cm^(-1) interfereren met 600nm?&lt;br /&gt;
##We moesten een energie berekenen geen idee hoe, iets met vibratie frequentie omzetten&lt;br /&gt;
##Met de bekomen energie moesten we de formule van boltsmann gebruiken en verder rekenen. &lt;br /&gt;
##Fret uitleggen aan de hand van figuur&lt;br /&gt;
##Nog een vraag over tijdsconstante die we moesten berekenen of vergelijken&lt;br /&gt;
#Oefening op 6punten&lt;br /&gt;
##2 Tijds/verval constantes gegeven. Bereken de overeenkomstige energie en reken verder naar de frequentie. Vergelijk telkens beide waardes voor de gegeven tijd en verklaar als het logisch is.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17 juni 2024===&lt;br /&gt;
#Een fluorofoor gemerkte lipide (fluorofoor = pyreen) wordt gemengd met een gewoon lipide ter vorming van een fluorescerend membraan. Het absorptiespectrum van pyreen is gegeven.&lt;br /&gt;
##Hoe ziet het absorptiespectrum en fluorescentiespectrum eruit na menging? Hoe verandert de fluorescentie leeftijd?&lt;br /&gt;
##Is pyreen aromatisch?&lt;br /&gt;
##Geg: normale uitrekking/normal stretch mode H2O: 3650 cm-1 ; Geg: krachtcst H2O &amp;amp; D2O gelijk ; Welke freq. voor uitrekking D2O?&lt;br /&gt;
##Bij welke frequentie zal er een Raman-piek optreden voor deze stretch?&lt;br /&gt;
#Geg structuur van bèta-caroteen waarin 3 soorten protonen zijn aangeduid (1 CH en 2 CH3). Protonnabijheids-NMR bij 300 MHz.&lt;br /&gt;
##Welk van de 3 soorten zou je met zijn resonantiefrequentie bestralen voor deze techniek? Waarom?&lt;br /&gt;
##Veranderen de koppelingen door deze techniek te gebruiken?&lt;br /&gt;
##Veranderen de intensiteiten in het verschilspectrum door met een 600 MHz toestel te werken ipv met een 300 MHz toestel?&lt;br /&gt;
##Welke andere NMR-techniek zou je kunnen gebruiken om dit molecule te karakteriseren?&lt;br /&gt;
##Stel een niet-NMR techniek voor om dit molecule te karakteriseren.&lt;br /&gt;
#Oefening: De hoeveelheid ozon wordt vaak gemeten door UV-absorptie en wordt uitgedrukt in Dobson units {DU): 1 DU komt overeen met een ozonlaag van 10-3 cm dik bij 1 atm en O °C. Bereken de absorbantie van UV-stralen (300 nm) voor 300 DU en voor 100 DU. Molaire absorptiecoëfficiënt = 476 L mol-1 cm-1.&lt;br /&gt;
#Begrippen:&lt;br /&gt;
##Wat is Free Induction Decay? Wat gebeurt er met de resolutie als je meerdere interferrogrammen combineert?&lt;br /&gt;
##Wat is anisotropie en leg uit hoe het gebruikt kan worden in biologische toepassingen.&lt;br /&gt;
##Wat is het innerfiltereffect?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===29 juni 2022===&lt;br /&gt;
#IR, Raman en elektronische transities&lt;br /&gt;
##Lineaire hypothetische moleculen B-A-B en A-B-B: #fundamentele vibraties?&lt;br /&gt;
##IR geeft 3 normale vibraties, welk molecule?&lt;br /&gt;
##Geg: normale uitrekking/normal stretch mode H2O: 3650cm-1 ; Geg: krachtcst H2O &amp;amp; D2O gelijk ; Welke freq. voor uitrekking D2O?&lt;br /&gt;
##Teken jablonski: Stokes, anti-Stokes &amp;amp; near-resonance. Geef volgorde %-voorkomen en sterkte.&lt;br /&gt;
##Geef meest waarschijnlijke IR-transitie (uit vorige oef) en zeg wrm.&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#Geg reactie: 4,4,6,6-Tetramethyl-2-cyclohexen-1-one -&amp;gt; 3-Isopropyl-5,5-dimethyl-2-cyclopenten-1-one&lt;br /&gt;
##Hoe onderscheiden met IR?&lt;br /&gt;
##Hoe met HNMR? Geef shifts &amp;amp; koppelings&lt;br /&gt;
##CNMR-signalen: #, equi. C&#039;s, volgorde signalen + situeer&lt;br /&gt;
##Te onderscheiden met 1 DEPT-NMR expirment?&lt;br /&gt;
##UV-Vis nuttig?&lt;br /&gt;
#Quenching vraagstuk: FP + Cu2+&lt;br /&gt;
##Geg tau0: 3,6ns; kQ: 3x10^8; [Q] = ? + fig; Type proces quenching?&lt;br /&gt;
##phi = 76% -&amp;gt; kr? knr?&lt;br /&gt;
##na quench: lambda 434 -&amp;gt; 557nm (FRET); tijdscst 100ps; Fonster afstand 6nm; R = ?; Teken FRET in Jablonski&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Oude Vakinformatie==&lt;br /&gt;
Hall0,&lt;br /&gt;
het vak sectrosocpische mettchen1eken is een ware belevenis. Professor Vander Auweraer is op zijn zachtst gezegd een fenomeen. Het moet gezegd worden, de lessen zijn niet bijster interessant en de cursus laat hier en daar wel eens te wensen over maar het is een zeer warm persoon. Spelling (of spleling in het Van Der Auweraers) is niet zijn sterkte punt. Het examen is openboek.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Normaal maakt Vander Auweraer geen nieuwe vragen, maar hier is op het POC over geklaagd dus hij gaat nieuwe vragen maken. Volgens thesisstudenten van Vander Aueraer zouden er (voor juni 2018) twee zijn van de vijf nieuw zijn.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen voor Januari 2022==&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===2 juni 2021 ===&lt;br /&gt;
# 63Cu2 heeft een grond- en aangeslagen toestand. Het verschil tussen de minima van de potentiële energiecurves is gegeven, net zoals we&#039;, wexe&#039;, B&#039;, we&amp;quot;, wexe&amp;quot; en B&amp;quot;.&lt;br /&gt;
## Bereken de bindingsenergie van de grond- en aangeslagen toestand.&lt;br /&gt;
## Bereken de excitatie-energie van de fragmenten van de aangeslagen toestand.&lt;br /&gt;
## Bereken de ligging van de eerste lijn van elke tak van het Ramanrotatievibratiespectrum van de grondtoestand als er gewerkt wordt met een laser met een invallend licht van 632 nm. &lt;br /&gt;
## Bereken de bindingslengte. &lt;br /&gt;
# Toon aan dat voor een benzeenmolecule de x-component van de transitiedipool gelijk is aan 1,12*10^-29 Cm. Je mag de bindingslengte en de straal van de cirkel gelijk nemen aan 1,4 angstrom. Bereken de Einsteincoëfficiënt voor absorptie bij een invallend licht van 200 nm. Bereken de maximale molaire extinctiecoëfficiënt als de breedte van de band op halve hoogte 1000 cm-1 is. &lt;br /&gt;
# Teken het EPR-spectrum van het CH2OH-radicaal. Het radicaal koppelt met twee protonen met een hyperfijnconstante van 17,4 Gauss en een proton met een hyperfijnconstante van 1,12 Gauss. Wat is de spindichtheid op het C-atoom als we aannemen dat dit sp2 gehybridiseerd is.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
[[Bestand:Examen 2021.jpeg]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===8 juni 2020 ===&lt;br /&gt;
# Oefening 6a van electronic spectroscopy (N2+)&lt;br /&gt;
# De golflengte van de invallende straling in een Ramanspectrometer is 488,11 nm. Wat is het golfgetal van de eerste lijn van de ANTIStokescomponent van het rotatie Ramanspectrum van N2? De bindingslengte bedraagt 0,121 nm. (Zelfde vraag als hieronder maar dan met ANTIstokes en N2 ipv O2)&lt;br /&gt;
# Oefening 8 van NMR harris (notatie van spinsystemen geven p-broomchloorbenzeen,...)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 juni 2019 ===&lt;br /&gt;
Examen 17 juni 2015&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===28 juni 2017 ===&lt;br /&gt;
Zie examen 17 juni 2015&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 juni 2017 ===&lt;br /&gt;
# vraag 1 18 juni 2014&lt;br /&gt;
# vraag 2 18 juni 2014&lt;br /&gt;
# vraag 4 18 juni 2014&lt;br /&gt;
# vraag 5 18 juni 2014&lt;br /&gt;
# Aggregatie van niet-chirale chromoforen kan aanleiding geven tot circulair dicroïsme. Verwacht u een rotatiesterkte verschillend van nul voor pakking a en/of b?&lt;br /&gt;
(tekeningen van pakking a (=achiraal) en b (=chiraal))&lt;br /&gt;
- Pakking a: in zelfde vlak, onderlinge hoek = alfa = 120°, tèta is hoek met de as die beide centra verbind en alfa +2tèta=180°&lt;br /&gt;
- Pakking b: in 2 vlakken loodrecht op de as die hun verbind (tèta = 90°) en alfa =120°&lt;br /&gt;
Argumenteer zowel met de uitdrukking voor rotatiesterkte als op basis van eventuele chiraliteit v.d. gevormde aggregaten (zijn deze chiraal?)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17 juni 2016 ===&lt;br /&gt;
[[Media:Voorbeeld.ogg]]&lt;br /&gt;
=== 15 juni 2016 ===&lt;br /&gt;
 &lt;br /&gt;
# H2 spectrum met invallende golflengte gegeven en ook nog 4 golflengtes van ramanrotatielijnen. Bereken r.&lt;br /&gt;
# Fe2O2 vraag  (zie lager)&lt;br /&gt;
# Al+ vraag van op wiki van wat er met de laagste overgang gebeurt in een magneetveld&lt;br /&gt;
#Uitvoeren met deeltje in de doos: &lt;br /&gt;
Een allylradicaal waar je de energie van een dubbel bezet pi orbitaal in grondtoestand en die van een enkelbezette moest geven. &lt;br /&gt;
Bepaal ook de transitiedipool als de bindingslengte = 0,14 nm en de dubbele binding een hoek van 30 graden maakt met de richting van het molecule.&lt;br /&gt;
Bijvraag: is deze overgang mogelijk?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 19 juni 2015 ===&lt;br /&gt;
# nulpuntsenergie, bindingsenergie, afstand tussen 2 atomen, temperatuur (en miss nog andere dingen) gegeven. Gevraagd:&lt;br /&gt;
#* Wat zijn de vibratiefrequentie (cm-1), krachtconstante, en de anharmonisiteitsconstante?&lt;br /&gt;
#* Hoeveel vibratieniveaus zitten in de put?&lt;br /&gt;
#* Bereken de rotatieconstante.&lt;br /&gt;
#* Bereken zo nauwkeurig mogelijk de eerste 3 rotatieniveaus.&lt;br /&gt;
#* Hoe ziet het fluorescentiespectrum eruit?&lt;br /&gt;
# Geef het ESR spectrum van het butadieen radicaal anion. Dit radicaal heeft 4 equivalente protonen met een hyperfijnconstante van 14,3 gauss en twee equivalente protonen met een hyperfijnconstante van 2,8 gauss. Wat is de spindichtheid op elk van de koolstofatomen? Komt dit overeen met wat je verwacht van Huckel Moleculaire Orbitalen?&lt;br /&gt;
# Welke overgangen zijn mogelijk van het Ca+ -ion vanuit zijn elektronische stabielste toestand? Bereken de opsplitsing van de laagste aangeslagen elektronische toestand in een veld van 5T. (opgelet: juiste g parameter berekenen want delta S niet gelijk aan 0)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 17 juni 2015 ===&lt;br /&gt;
# Het absorptiespectrum van een CdSe kwantum dot (kubus met ribbe 2 nm) heeft een maximum bij 460 nm met een extinctiecoÃ«fficiÃ«nt van 49000 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; in een midden met een brekingsindex n = 7. De breedte van de absorptieband bedraagt 400 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. NB: U mag stellen dat Îµ&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;r&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; = n&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; en Îµ = Îµ&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;r&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;Îµ&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;0&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;.&lt;br /&gt;
#* Bereken de oscillatorsterkte.&lt;br /&gt;
#* Bereken de coÃ«fficiÃ«nt voor spontane emissie bij 485 nm.&lt;br /&gt;
#* Bereken het transitiedipool. (a, b &amp;amp;amp; c max 1 blz.)&lt;br /&gt;
#* Gebruik het deeltje in de doos om de verschuiving te berekenen van de absorptieband voor de overgang tussen de valentieband en de conductieband (waarvan u mag aannemen dat de overgang van het hoogste niveau van de VB naar het laagste niveau van de CB is) ten opzichte van een CdSe kristal met oneindige dimensies. Gebruik als effectieve massa voor de elektronen en gaten respectievelijk 0.13m&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;e&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; en 0.45m&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;e&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;.&lt;br /&gt;
#* Bijvraag: Is deze overgang op basis van de gegevens voor Îµ, f en Âµ* toegelaten?&lt;br /&gt;
# Het rotatiespectrum van &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;H&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;35&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;Cl vertoont opeenvolgende lijnen bij de volgende golfgetallen: 83.32, 104.13, 124.73, 145.37, 165.89, 186.23, 206.60, 226.86 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Bereken het traagheidsmoment en de bindingslengte. Voorspel de ligging van deze lijnen voor &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;H&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;35&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;Cl (dit volstaat voor de eerste twee lijnen).&lt;br /&gt;
# Acetyleen: vibraties gegeven. Welke vibraties zijn IR actief? En welke Raman actief? Hoeveel normale vibratiemodes zijn er mogelijk? (1/2 Ã  1 blz.)&lt;br /&gt;
#* Bijvraag: Er zijn 5 vibraties getekend, terwijl 3N-5 = 7. Hoe is dit mogelijk?&lt;br /&gt;
# Wat gebeurt er voor waterstof met de overgang van &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;D&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;3/2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; naar &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;F&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;5/2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; in een magneetveld? (1 Ã  2 blz.)&lt;br /&gt;
#* Bijvraag: Welke techniek kun je gebruiken om de overgangen te bestuderen die enkel verschillen in m&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;j&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 juni 2014 ===&lt;br /&gt;
# Het absorptiespectrum van een verbinding heeft een maximum bij 485 nm terwijl het maximum van het emissiespectrum bij 505 nm ligt. De EinsteincoÃ«fficient voor spontane emissie bedraagt 3,2 10&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;8&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; s&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Bepaal het transitiedipool en de maximale extinctiecoÃ«fficient wanneer de breedte bij halve hoogte van de absorptieband 760 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; bedraagt. U mag de absorptieband beschouwen als een gelijkbenige driehoek.(maximum 2 blz)&lt;br /&gt;
# De golflengte van de invallende straling in een Ramanspectrometer is 488,1 nm. Wat is het golfgetal van de eerste lijn van de Stokescomponent van het rotatie Ramanspectrum van 16O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;? De bindingslengte bedraagt 0,121 nm.&lt;br /&gt;
# Voor CHCl3 vinden we voor de CH-stretching vibratie een intense band bij 3019 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; en progressief zwakkere banden bij 5900, 8700 en 13315 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Bepaal de bindings- en dissociatie energie.&lt;br /&gt;
# Geef het ESR spectrum van het butadieen radicaal anion. Dit radicaal heeft 4 equivalente protonen met een hyperfijnconstante van 7,6 gauss en twee equivalente protonen met een hyperfijnconstante van 2,8 gauss. Wat is de spindichtheid op elk van de koolstofatomen?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 18 juni 2014 ===&lt;br /&gt;
[[Bestand:Examen spectro 18 06 2014.pdf]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 10 juni 2014 ===&lt;br /&gt;
# Het absorptiespectrum van het monomethine thiacyanine MTHIATS heeft een maximum bij 440 nm (structuur gegeven maar eigenlijk niet nodig). De maximale extinctiecoÃ«fficiÃ«nt en de breedte bij halve hoogte van de absorptieband bedragen respectievelijk 8.0x10&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;4&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; lmol&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; en 1500 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Bepaal het transitiedipool en de EinsteincoÃ«fficiÃ«nt voor spontane emissie (maximum en gemiddelde van het emissiespectrum bij 22000 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;). U mag de absorptieband beschouwen als een gelijkbenige driehoek.&lt;br /&gt;
# Bereken N&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;j&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;/N&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;0&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; voor &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;H&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;19&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;F molecule voor J=0, J=5 en J=10 bij 298K. De bindingsafstand is 0.92Ã… en de vibratie constante = 966Nm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;&lt;br /&gt;
#* Voor welke waarde van J is  N&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;j&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;/N&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;0&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; maximaal?&lt;br /&gt;
#* Wat is de energie van de J=5 â†’ J=6 overgang?&lt;br /&gt;
# Het NO&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;+&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; ion bezit twee ontaarde IR-absorptiebanden bij 540 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; en een (niet-ontaarde) IR-absorptieband bij 2360 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Daarnaast heeft het een Ramanband (deze overgang wordt niet in het IR-spectrum waargenomen) bij 1400 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. &lt;br /&gt;
#* Verklaar dit spectrum en leg een verband met de moleculaire structuur van NO&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;+&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;.&lt;br /&gt;
#* Verder wordt nog een weinig intense IR-absorptielijn waargenomen bij 3735 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Waaraan is deze te wijten?&lt;br /&gt;
# Hoe wordt de energie van een 2p-elektron van waterstof opgesplitst in een magneetveld B&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;0&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;? Bekijk alle mogelijke toestanden.&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;&amp;amp;lt;I&amp;amp;gt;OPGEPAST:Bereken de juiste LandÃ© splitting factor (G&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;e&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;)!! &amp;amp;lt;/I&amp;amp;gt;&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# Wat is de magnetisatie van Na kernen in 1ml van een 1*10&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-3&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;M oplossing Na&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;+&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; ionen in een veld van 9 Tesla bij 298 Kelv1n (I= 3/2 voor Na) &lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;&amp;amp;lt;I&amp;amp;gt;OPGEPAST: dit is iets met een reeksontwikkeling zei hij op het examen...&amp;amp;lt;/I&amp;amp;gt;&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17 juni 2013 Groep 1===&lt;br /&gt;
# nulpuntsenergie, bindingsenergie, afstand tussen 2 atomen, temperatuur (en miss nog andere dingen) gegeven. Gevraagd:&lt;br /&gt;
#* krachtconstante, vibratiefrequentie en anharmoniciteitsconstante&lt;br /&gt;
#* aantal vibratieniveaus&lt;br /&gt;
#* rotatieconstante&lt;br /&gt;
#* energie van eerste 3 rotatieniveaus&lt;br /&gt;
#* mogelijk fluorescentiespectrum&lt;br /&gt;
# iets ivm EPR van radicaal&lt;br /&gt;
#* spindichtheid op koolstofatomen berekenen&lt;br /&gt;
#* teken spectrum&lt;br /&gt;
#* vergelijken met resultaten van Huckel MO&lt;br /&gt;
# Ca+ =&amp;amp;gt; geeft grondtoestand en mogelijke transities hieruit en geef opsplitsing in energie van laagst energetische aangeslagen toestand in een veld van 5 Tesla.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17 juni 2013 Groep 2===&lt;br /&gt;
#Bij het elektronisch-vibratie absorptiespectrum de ....overgang van BeO vindt men onderstaande bandoorsprongen voor de verschillende vibratie-rotatiebanden.&lt;br /&gt;
#*Bepaal de beste waarden voor Ï–e en Ï‡e voor de ... en ...toestand.&lt;br /&gt;
#*Bepaal de bindingsenergieÃ«n( zie examen 7 september 2011 vraag 5)&lt;br /&gt;
#hoe ziet het EPR spectrum van CD3Â° er uit?(I voor D=1). Als je weet dat de hyperfijnconstante voor CH3Â°=....G, wat is dan de hyperfijnconstante van CD3Â°?&lt;br /&gt;
#Bereken welk rotatieniveau van CH4 maximaal bezet zal zijn bij 25Â°C, B=.... let op, de ontaarding is hier nu (2J+1)Â² i.pv. (2J+1).&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===22 juni 2012 Groep 1===&lt;br /&gt;
# Het absorptiespectrum van het monomethine thiacyanine MTHIATS heeft een maximum bij 440 nm (structuur gegeven maar eigenlijk niet nodig). De maximale extinctiecoÃ«fficiÃ«nt en de breedte bij halve hoogte van de absorptieband bedragen respectievelijk 8.0x10&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;4&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; lmol&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; en 1500 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Bepaal het transitiedipool en de EinsteincoÃ«fficiÃ«nt voor spontane emissie (maximum en gemiddelde van het emissiespectrum bij 22000 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;). U mag de absorptieband beschouwen als een gelijkbenige driehoek.&lt;br /&gt;
# Voor welke waarde van J is N&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;J&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;/N&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;0&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; maximaal voor het &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;H&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;19&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;F molecule bij 298K. De bindingslengte bedraagt 0.92Ã…. Wat is de exacte energie van de J=5â†’J=6 overgang? De vibratiekrachtconstante is 966 Nm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;.&lt;br /&gt;
# Het NO&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;+&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; ion bezit twee ontaarde IR-absorptiebanden bij 540 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; en een (niet-ontaarde) IR-absorptieband bij 2360 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Daarnaast heeft het een Ramanband (deze overgang wordt niet in het IR-spectrum waargenomen) bij 1400 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. &lt;br /&gt;
#* Verklaar dit spectrum en leg een verband met de moleculaire structuur van NO&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;+&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;.&lt;br /&gt;
#* Verder wordt nog een weinig intense IR-absorptielijn waargenomen bij 3735 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Waaraan is deze te wijten?&lt;br /&gt;
# Hoe wordt de energie van een 2p-elektron van waterstof opgesplitst in een magneetveld B&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;0&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;? Bekijk alle mogelijke toestanden.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===18 juni 2012===&lt;br /&gt;
# Wat is de magnetisatie van 1ml van een oplossing van &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;H met als concentratie 10&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-3&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;M in een veld van 9T en bij 298K. (I = 1)&lt;br /&gt;
# De traagheidsmomenten van het lineaire HgBr&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; zijn zeer groot dus de O en S takken van de vibrationele Raman spectra tonen weinig rotationele structuur. Berekenen de bindingslengte als je weet dat J correspondeerd met de maximale intensiteit. Afstand tussen de maxima van de O en S takken is 15,2 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;.&lt;br /&gt;
# Een transitie van groot belang in zuurstofgas geeft aanleiding tot de &#039;Schumann-Runge band&#039; in UV. De golfgetallen van de transities van de grondtoestand naar vibrationele niveaus van de eerst aangeslagen toestand zijn gegeven. Bereken de dissociatie-energie van de hoogste liggend elektronisch niveau. Dezelfde aangeslagen toestand dissocieert naar een O atoom met 1 grondtoestand en 1 aangeslagen atoom met een energie van 190 kJ/mol boven de grondtoestand. Bereken hieruit de dissociatie-energie van de grondtoestand van zuurstofgas.&lt;br /&gt;
# Yb&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;3+&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; heeft een 2F configuratie. Welke toestand zullen door spinorbitaalkoppeling bekomen worden? Deze met de hoogste J-waarde ligt het laagst in energie. Bereken kwantitatief de invloed van een magneetveld met sterkte B(0). Is de oscillatorstekte groot voor de eerste aangeslagen toestand? (golflengte gegeven).&lt;br /&gt;
#* Bijvraag: met welke techniek zouden we het verschil tussen de energieniveau&#039;s kunnen meten?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===24 juni 2011 - groep 2===&lt;br /&gt;
# Het absorptiespectrum van CdSe kwantum dot heeft een maximum bij 460 nm met een molaire extinctiecoÃ«fficiÃ«nt van 49000 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; M&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; in een midden met een brekingsindex gelijk aan 7. De breedte van de absorptieband bedraagt 400 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;.&lt;br /&gt;
#* Bereken de oscillatorsterkte.&lt;br /&gt;
#* Bereken de EinsteincoÃ«fficiÃ«nt voor spontane emissie voor de emissie bij 485 nm.&lt;br /&gt;
#*Bereken het transitiedipool.&lt;br /&gt;
# Gegeven: enkele pieken van het rotatiespectrum van HCl. Bereken het traagheidsmoment en de bindingslengte. Voorspel de eerste twee pieken van gedeutereerd HCl.&lt;br /&gt;
# Welk van de onderstaande vibraties van de acetyleen zijn IR-actief? Welk zijn Ramanactief? Hoeveel normale vibratiewijzen zijn hier mogelijk?&lt;br /&gt;
# Wat gebeurt voor waterstof met de overgang van &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;D&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;3/2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; naar &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;F&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;5/2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; in een magneetveld?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===24 juni 2011 - groep 1===&lt;br /&gt;
#Het rotatiespectrum van H2 (te beschouwen als starre rotator) bekomen door instralen met een laser bij 488 nm, bestaat uit een reeks lijnen bij 496.6 nm, 502.42 nm, 508.21 nm en 513.96 nm. Wat is de bindingsafstand?&lt;br /&gt;
#Het proteÃ¯ne hemo-erytrine staat in voor het zuurstoftransport in sommige ongewervelden. Elk proteÃ¯ne molecule heeft twee Fe&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2+&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; ionen die samenwerken om Ã©Ã©n molecule O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; te binden. De Fe&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; groep van het gexoygeneerde hemo-erytrine is roodgekleurd en heeft een elektronische absorptie bij 500 nm. Het resonantie Raman-spectrum van het geoxygeneerde hemo-erytrine, bekomen met laser-excitatie bij 488 nm heeft een band bij 508.96 nm die toegeschreven wordt aan de O-O stretching van gebonden &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;16&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;.&lt;br /&gt;
#*Welk voordeel biedt resonantie Raman spectroscopie t.o.v. infrarood absorptie-spectroscopie om de binding van O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; aan hemo-erytrine te bestuderen?&lt;br /&gt;
#*Naar welke golfgetal verschuift deze band in het Raman spectrum als &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;16&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; door &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;18&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; vervangen wordt?&lt;br /&gt;
#*De fundamentele vibratie golfgetallen van de O-O stretching mode van O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;, O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; (superoxide anion) en O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2-&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; (peroxide anion) zijn respectievelijk 1555, 1107 and 878 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Verklaar deze trend in het licht van de elektronische structuur van O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;, O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; and O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2-&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. &lt;br /&gt;
#*Welke van de volgende species Fe&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2+&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;; Fe2+Fe3+O2- of Fe23+O22- beschrijft het best de Fe2O2 hemo-erytrine, rekening met de resonantie Ramanband bij 844 cm-1 en de data in vraag c? Verklaar uw antwoord.&lt;br /&gt;
#*Het resonantiespectrum van hemo-erytrine met &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;16&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;O&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;18&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;O heeft 2 banden die kunnen toegeschreven worden aan de O-O stretching mode van gebondenzuurstof. Met welk van de structuren die u hieronder ziet is dit compatibel en waarom? Het is mogelijk dat meer dan Ã©Ã©n structuur mogelijk is. [[Media:Fe2O2complex.JPG]]&lt;br /&gt;
#Welke nulde orde golffuncties vindt u voor de kernspin van de CH&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;F groep van benzylfluoride? Welk type NMR-spectrum geeft deze groep?&lt;br /&gt;
#Wat gebeurt voor Al&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;+&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; met de laagste toegelaten elektronische overgang in een magneetveld met sterkte B?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 juni 2011===&lt;br /&gt;
# Twee He atomen (4 a.u.) vormen een complex bij 1 mK. Onderlinge afstand is 2,97 Ã…. De nulpuntsenergie bedraagt 2,0 *10-26 J, de bindingsenergie is 1,51 *10-23 J.&lt;br /&gt;
#* Wat zijn de vibratiefrequentie (cm-1), krachtconstante, en de anharmonisiteitsconstante?&lt;br /&gt;
#* Hoeveel vibratieniveaus zitten in de put?&lt;br /&gt;
#* Bereken de rotatieconstante.&lt;br /&gt;
#* Bereken zo nauwkeurig mogelijk de eerste 3 rotatieniveaus.&lt;br /&gt;
#* Hoe ziet het fluorescentiespectrum eruit?&lt;br /&gt;
#19F NMR spectrum van ClF3 was gegeven. Het spectum moest besproken worden en de structuur van ClF3 hieruit vinden.&lt;br /&gt;
# Welke overgangen zijn mogelijk van het Ca+ -ion vanuit zijn elektronische stabielste toestand? Bereken de opsplitsing van de laagste aangeslagen elektronische toestand in een veld van 5T.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===18 juni 2010===&lt;br /&gt;
#In a classic study of the application of NMR to the measurement of rotational barriers in molecules. P.M. Nair and J.D. Roberts (j. Am. Chem. Soc. 79, 4565 (1957)) obtained the 40 MHz 19F-NMR spectrum of F2BrCCBrC12. Their spectra are reproduced below. At 193 K. the spectrum shows five resonance peaks. Peaks I and III are separated by 160 Hz, as are IV and V. The ratio of the integrated intensities of peak II to peaks I, III, IV, and V is approximately 10 to 1. At 273 K. the five peaks have. collapsed into one. Explain the spectrum and its change with temperature. At what rate of inter conversion will the spectrum collapse to a single line? Calculate the rotational energy barrier between the rotational isomers on the assumption that it is related to the rate of interconversion between the isomers. &lt;br /&gt;
#*[[Bestand:Spectro_2010_1.jpg]] &lt;br /&gt;
#De traagheidsmomenten van het lineaire HgBr2 zijn zeer groot dus de O en S takken van de vibrationele Raman spectra tonen weinig rotationele structuur. Berekenen de bindingslengte als je weet dat J correspondeerd met de maximale intensiteit. Afstand tussen O en S takken is 15,2 cm-1&lt;br /&gt;
#Een transitie van groot belang in zuurstofgas geeft aanleiding tot de &#039;Schumann-Runge band&#039; in UV. De golfgetallen van de transities van de grondtoestand naar vibrationele niveaus van de eerst aangeslagen toestand zijn gegeven. Bereken de dissociatie-energie van de hoogste liggend elektronisch niveau. Dezelfde aangeslagen toestand dissocieert naar een O atoom met 1 grondtoestand en 1 aangeslagen atoom met een energie van 190 kJ/mol boven de grondtoestand. Bereken hieruit de dissociatie-energie van de grondtoestand van zuurstofgas.&lt;br /&gt;
#Yb3+ heeft een 2F configuratie. Welke toestand zullen door spinorbitaalkoppeling bekomen worden. Deze met de hoogste J-waarde ligt het laagst in energie. Bereken kwantitatief de invloed van een magneetveld met sterkte 1 Tesla. Is de oscillatorstekte groot voor de eerste aangeslagen toestand. (golflengte gegeven) &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===15 juni 2009===&lt;br /&gt;
#Het rotatiespectrum van H2 (te beschouwen als starre rotator) bekomen door instralen met een laser bij 488 nm, bestaat uit een reeks lijnen bij 496.6 nm, 502.42 nm, 508.21 nm en 513.96 nm. Wat is de bindingsafstand? (1 blz)&lt;br /&gt;
#Het proteÃ¯ne hemo-erytrine staat in voor het zuurstoftransport in sommige ongewervelden. Elk proteÃ¯ne molecule heeft twee Fe2+ ionen die samenwerken om Ã©Ã©n molecule O2 te binden. De Fe202 groep van het gexoygeneerde hemo-erytrine is roodgekleurd en heeft een elektronische absorptie bij 500 nm. Het resonantie Raman-spectrum van het geoxygeneerde hemo-erytrine, bekomen met laser-excitatie bij 488 nm heeft een band bij 508.96 nm die toegeschreven wordt aan de O-O stretching van gebonden 1602.&lt;br /&gt;
#*Welk voordeel biedt resonantie Raman spectroscopie t.o.v. infrarood absorptie-spectroscopie om de binding van O2 aan hemo-erytrine te bestuderen?&lt;br /&gt;
#*Naar welke golfgetal verschuift deze band in het Raman spectrum als 1602 door 1802 vervangen wordt?&lt;br /&gt;
#*De fundamentele vibratie golfgetallen van de O-O stretching mode van O2, 02 - (superoxide anion, and O2 2- (peroxide anion) zijn respectievelijk 1555, 1107 and 878 cm-1. Verklaar deze trend in het licht van de elektronische structuur van O2, 02 - and O2 2-. &lt;br /&gt;
#*Welke van de volgende species Fe22+O2; Fe2+Fe3+02- of Fe23+022- beschrijft het best de Fe2O2 hemo-erytrine, rekening met de resonantie Ramanband bij 844 cm-1 en de data in vraag c? Verklaar uw antwoord.&lt;br /&gt;
#*Het resonantiespectrum van hemo-erytrine met 16O18O heeft 2 banden die kunnen toegeschreven worden aan de O-O stretching mode van gebondenzuurstof. Met welk van de structuren die u hieronder ziet is dit compatibel en waarom? Het is mogelijk dat meer dan Ã©Ã©n structuur mogelijk is. [[Media:Fe2O2complex.JPG]]&lt;br /&gt;
#Voor een continu opgenomen NMR spectrum (geen Fourriettransform NMR) stelt men cast dat bij toename van B1 de intensiteit van een lijn bij het maximum toeneemt en daarna opnieuw afneemt. Hoe kun je dit verklaren (je mag dit zowel op kwalitatieve als op meer kwantitatieve wijze doen)?.&lt;br /&gt;
#Wat gebeurt voor Al+ met de laagste toegelaten overgang in een magneetveld met sterkte B? Werk kwantitatief uit.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===12 juni 2009===&lt;br /&gt;
====Groep 1====&lt;br /&gt;
# Twee He atomen (4 a.u.) vormen een complex bij 1 mK. Onderlinge afstand is 2,97 Ã…. De nulpuntsenergie bedraagt 2,0 *10-26 J, de bindingsenergie is 1,51 *10-23 J.&lt;br /&gt;
#* Wat zijn de vibratiefrequentie (cm-1), krachtconstante, en de anharmonisiteitsconstante?&lt;br /&gt;
#* Hoeveel vibratieniveaus zitten in de put?&lt;br /&gt;
#* Bereken de rotatieconstante.&lt;br /&gt;
#* Bereken zo nauwkeurig mogelijk de eerste 3 rotatieniveaus.&lt;br /&gt;
#* Hoe ziet het fluorescentiespectrum eruit?&lt;br /&gt;
# De longitudinale relaxatietijd van benzeen (Ï„c = 10-10 s) neemt toe wanneer de temperatuur toeneemt terwijl dat van een oligonucleotide een groot molecule (Ï„c = 10-6 s) afneemt. Ï„c neemt toe naarmate de temperatuur stijgt. Wat gebeurt er met de transversale relaxatietijd van de beide moleculen wanneer de temperatuur stijgt?&lt;br /&gt;
# Welke overgangen zijn mogelijk van het Ca+ -ion vanuit zijn elektronische stabielste toestand? Bereken de opsplitsing van de laagste aangeslagen elektronische toestand in een veld van 5T.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
====Groep 2====&lt;br /&gt;
# Het absorptiespectrum van CdSe kwantum dot heeft een maximum bij 460 nm met een molaire extinctiecoÃ«fficiÃ«nt van 49000 cm^-1 M^-1 in een midden met een brekingsindex gelijk aan 7. De breedte van de absorptieband bedraagt 400 cm^-1.&lt;br /&gt;
#* Bereken de oscillatorsterkte.&lt;br /&gt;
#* Bereken de EinsteincoÃ«fficiÃ«nt voor spontane emissie voor de emissie bij 485 nm.&lt;br /&gt;
#*Bereken het transitiedipool.&lt;br /&gt;
# De golflengte van het ingestraalde licht bedraagt 488 nm in een Raman spectrometer. Wat is de golflengte van de eerste lijn van de Stokescomponent van het rotatie Ramanspectrum van 14N2? De bindingslengte bedraagt 0.109 nm&lt;br /&gt;
# Welk van de onderstaande vibraties van de acetyleen zijn IR-actief? Welk zijn Ramanactief? Hoeveel normale vibratiewijzen zijn hier mogelijk?&lt;br /&gt;
# Wat gebeurt voor waterstof met de overgang van 2D3/2 naar 2F5/2 in een magneetveld?&lt;/div&gt;</summary>
		<author><name>R0998693</name></author>
	</entry>
	<entry>
		<id>https://wiki.chemika.be/index.php?title=Spectroscopische_Meettechnieken&amp;diff=5106</id>
		<title>Spectroscopische Meettechnieken</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.chemika.be/index.php?title=Spectroscopische_Meettechnieken&amp;diff=5106"/>
		<updated>2026-06-15T17:30:18Z</updated>

		<summary type="html">&lt;p&gt;R0998693: /* Examenvragen na Juni 2022 */&lt;/p&gt;
&lt;hr /&gt;
&lt;div&gt;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
[[Categorie:Bachelor Chemie]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Vakinformatie==&lt;br /&gt;
Het vak werd in januari 2022 geherstructureerd en wordt nu gegeven door Hofkens Johan &amp;amp; Debroye Elke. In gesprek met studentenvertegenwoordigers wilden ze lesgeven in een meer &amp;quot;praktisch georienteerde benadering&amp;quot;. Dit komt ook tot uiting in een examen, dat nu uit 4 delen bestaat: 5 korte begrippen, een NMR-vraag, een theorievraag en een vraag uit de oefenzitting&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen na Juni 2022==&lt;br /&gt;
===15 juni VM 2026===&lt;br /&gt;
#gegeven = typische H-NMR spectra van zuiver water en ethanol t.o.v. TMS. Bij een equimolaire mengsel van H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;O en ethanol stelt men in een 40 MHz toestel vast dat bij kamertemperatuur coalescentie (-OH signaal) optreedt. 5 punten Elke&lt;br /&gt;
##Wat is onder die omstandigheden de 1e orde uitwisselingssnelheidsconstante? (2p)&lt;br /&gt;
##Beargumenteer of in een 250 MHz toestel onder dezelfde omstandigheden coalescentie optreedt. (2p)&lt;br /&gt;
##Wat verwacht je dat er gebeurt met de -OH signalen na het schudden van het mengsel met D&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;O?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#Absorptiespectrum en structuur van peryleen gegeven. 5 punten Johan&lt;br /&gt;
##Hoe ziet het fluorescentiespectrum er uit?&lt;br /&gt;
##Wat zou er gebeuren met het fluorescentiespectrum als je de concentratie verhoogt?&lt;br /&gt;
##Bereken de vibratiefrequentie van de belangrijkste vibrationele overgang in de grondtoestand (er vanuitgaande dat die dezelfde is als in de grondtoestand).&lt;br /&gt;
##Is peryleen aromatisch?&lt;br /&gt;
##Indien gedeutereerd tolueen gebruikt wordt als solvent, zou je de Ramanpiek van dit tolueen bij excitatie bij 435 nm waarnemen als je weet dat de C-H stretch vibratie bij 3500 cm&amp;lt;sup&amp;gt;-1&amp;lt;/sup&amp;gt; is?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#Artikel gegeven. Identificeer de fouten in het artikel en zeg waarom deze zo problematisch zijn. Teken ook het Jablonski diagram die van toepassing is op dit artikel. (4p)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#&amp;lt;sub&amp;gt;13&amp;lt;/sub&amp;gt;C-NMR:&lt;br /&gt;
##Juist/fout + verklaar: &amp;quot;het enige voordeel van de spinontkoppeling tussen &amp;lt;sub&amp;gt;13&amp;lt;/sub&amp;gt;C en &amp;lt;sub&amp;gt;1&amp;lt;/sub&amp;gt;H voor een gecompliceerd &amp;lt;sub&amp;gt;13&amp;lt;/sub&amp;gt;C-NMR spectrum is het verhinderen van de kans op spectrale overlapping&lt;br /&gt;
##Waarom zijn DEPT-experimenten nuttig in het detecteren van &amp;lt;sub&amp;gt;13&amp;lt;/sub&amp;gt;C signalen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# Oefening (4 punten)&lt;br /&gt;
#De&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===16 juni VM en NM 2025===&lt;br /&gt;
#Er waren 2 moleculen gegeven (beide benzeenringen met een aantal functionele groepen) en 3 spectra. 1 verschilspectrum (enkel aromatisch gedeelte weergegeven), 2 spectra waarbij ze specifiek atomen binnen het molecuul &#039;bombarderen&#039;. 5 punten Elke&lt;br /&gt;
##signalen toekennen aan protonen&lt;br /&gt;
##welk van de twee moleculen komt overeen met de spectra&lt;br /&gt;
##waarom blijft de koppeling behouden?&lt;br /&gt;
##stijgt de intensiteit wanneer er met een 600 MHz toestel gemeten zou worden?&lt;br /&gt;
##weet ik niet meer&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# absorptiespectrum en structuur van peryleen gegeven. 5 punten Johan&lt;br /&gt;
##hoe ziet het fluorescentiespectrum er uit?&lt;br /&gt;
##wat zou er gebeuren met het spectrum als je de concentratie verhoogt?&lt;br /&gt;
##geef het golfgetal van de overgang die het meest voorkomend is in de grondtoestand (ervan uitgaande dat die hetzelfde is als in de aangeslagen toestand)&lt;br /&gt;
##is peryleen aromatisch&lt;br /&gt;
##Indien tolueen gebruikt wordt als solvent, zou je de Ramanpiek waarnemen en waarom?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# begrippen (6 punten, elk begrip op 2)&lt;br /&gt;
##wat is anti-kasha, geef een voorbeeld en waarom is dit mogelijk&lt;br /&gt;
##Wat is het Davisson-Germer experiment en waarom was het zo belangrijk?&lt;br /&gt;
##relevantie van deutering uitleggen voor HNMR, CNMR (DEPT) en IR.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# Oefening (4 punten)&lt;br /&gt;
##gegeven, molecuul met lengte 600 pm, foton met welke golflengte is nodig om het van niveau 3 naar 4 te laten aanslagen.&lt;br /&gt;
##hoeveel zal de energie van een niveau veranderen als de lengte van een molecuul met 10% langer zou worden?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 augustus VM 2024===&lt;br /&gt;
#Er waren 2 moleculen gegeven (https://legacy.chemspider.com/Search.aspx?rid=bbb5fbf4-af21-4255-a3c5-7be382b0f711) -&amp;gt; Elke (7punten)&lt;br /&gt;
##Hoe kunnen deze twee moleculen van elkaar onderscheiden worden via 1H-NMR? Welke van de atomen zal het meeste upfield/ downfield liggen? (Bijvraag was geef de ppm-waardes en hoe kan je dit zien) (2 punten)&lt;br /&gt;
##Zelfde vraag maar dan voor 13C-NMR + Hoeveel signalen zijn er zichtbaar bij 13C-NMR + verklaar (2 punten)&lt;br /&gt;
##Weet ik niet meer (1punt)&lt;br /&gt;
##Hoe kan je het verschil tussen de twee moleculen zien in een IR-spectrum? (1 punt)&lt;br /&gt;
##Kan je een verschil zien tussen beide moleculen in een absorptiespectrum? + verklaar hoe (1 punt)&lt;br /&gt;
#Er was 1 absorptie spectrum gegeven met 3 absorptie en emissie banden die telkens met de vorige overlappen. Er waren ook 3 moleculen gegeven. Allemaal hetzelfde alleen het geconjugeerde systeem (iets met cyaniden) tussen de ringen was steeds 2 dubbele bindingen langer. -&amp;gt; Johan (ook 7 punten iedere vraag 1punt)&lt;br /&gt;
##Welk molecuul hoort bij welk spectrum en waarom?&lt;br /&gt;
##Wat zal je waarnemen bij 500nm met een gegeven concentratie? &lt;br /&gt;
##Wat zal je waarnemen bij een hogere concentratie? (Let op mengsel)&lt;br /&gt;
##Wat zal er gebeueren bij het deze golflengte&lt;br /&gt;
##Verklaar het anisotropisch effect. &lt;br /&gt;
##Zal 3050 cm^(-1) interfereren met 600nm?&lt;br /&gt;
##We moesten een energie berekenen geen idee hoe, iets met vibratie frequentie omzetten&lt;br /&gt;
##Met de bekomen energie moesten we de formule van boltsmann gebruiken en verder rekenen. &lt;br /&gt;
##Fret uitleggen aan de hand van figuur&lt;br /&gt;
##Nog een vraag over tijdsconstante die we moesten berekenen of vergelijken&lt;br /&gt;
#Oefening op 6punten&lt;br /&gt;
##2 Tijds/verval constantes gegeven. Bereken de overeenkomstige energie en reken verder naar de frequentie. Vergelijk telkens beide waardes voor de gegeven tijd en verklaar als het logisch is.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17 juni 2024===&lt;br /&gt;
#Een fluorofoor gemerkte lipide (fluorofoor = pyreen) wordt gemengd met een gewoon lipide ter vorming van een fluorescerend membraan. Het absorptiespectrum van pyreen is gegeven.&lt;br /&gt;
##Hoe ziet het absorptiespectrum en fluorescentiespectrum eruit na menging? Hoe verandert de fluorescentie leeftijd?&lt;br /&gt;
##Is pyreen aromatisch?&lt;br /&gt;
##Geg: normale uitrekking/normal stretch mode H2O: 3650 cm-1 ; Geg: krachtcst H2O &amp;amp; D2O gelijk ; Welke freq. voor uitrekking D2O?&lt;br /&gt;
##Bij welke frequentie zal er een Raman-piek optreden voor deze stretch?&lt;br /&gt;
#Geg structuur van bèta-caroteen waarin 3 soorten protonen zijn aangeduid (1 CH en 2 CH3). Protonnabijheids-NMR bij 300 MHz.&lt;br /&gt;
##Welk van de 3 soorten zou je met zijn resonantiefrequentie bestralen voor deze techniek? Waarom?&lt;br /&gt;
##Veranderen de koppelingen door deze techniek te gebruiken?&lt;br /&gt;
##Veranderen de intensiteiten in het verschilspectrum door met een 600 MHz toestel te werken ipv met een 300 MHz toestel?&lt;br /&gt;
##Welke andere NMR-techniek zou je kunnen gebruiken om dit molecule te karakteriseren?&lt;br /&gt;
##Stel een niet-NMR techniek voor om dit molecule te karakteriseren.&lt;br /&gt;
#Oefening: De hoeveelheid ozon wordt vaak gemeten door UV-absorptie en wordt uitgedrukt in Dobson units {DU): 1 DU komt overeen met een ozonlaag van 10-3 cm dik bij 1 atm en O °C. Bereken de absorbantie van UV-stralen (300 nm) voor 300 DU en voor 100 DU. Molaire absorptiecoëfficiënt = 476 L mol-1 cm-1.&lt;br /&gt;
#Begrippen:&lt;br /&gt;
##Wat is Free Induction Decay? Wat gebeurt er met de resolutie als je meerdere interferrogrammen combineert?&lt;br /&gt;
##Wat is anisotropie en leg uit hoe het gebruikt kan worden in biologische toepassingen.&lt;br /&gt;
##Wat is het innerfiltereffect?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===29 juni 2022===&lt;br /&gt;
#IR, Raman en elektronische transities&lt;br /&gt;
##Lineaire hypothetische moleculen B-A-B en A-B-B: #fundamentele vibraties?&lt;br /&gt;
##IR geeft 3 normale vibraties, welk molecule?&lt;br /&gt;
##Geg: normale uitrekking/normal stretch mode H2O: 3650cm-1 ; Geg: krachtcst H2O &amp;amp; D2O gelijk ; Welke freq. voor uitrekking D2O?&lt;br /&gt;
##Teken jablonski: Stokes, anti-Stokes &amp;amp; near-resonance. Geef volgorde %-voorkomen en sterkte.&lt;br /&gt;
##Geef meest waarschijnlijke IR-transitie (uit vorige oef) en zeg wrm.&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#Geg reactie: 4,4,6,6-Tetramethyl-2-cyclohexen-1-one -&amp;gt; 3-Isopropyl-5,5-dimethyl-2-cyclopenten-1-one&lt;br /&gt;
##Hoe onderscheiden met IR?&lt;br /&gt;
##Hoe met HNMR? Geef shifts &amp;amp; koppelings&lt;br /&gt;
##CNMR-signalen: #, equi. C&#039;s, volgorde signalen + situeer&lt;br /&gt;
##Te onderscheiden met 1 DEPT-NMR expirment?&lt;br /&gt;
##UV-Vis nuttig?&lt;br /&gt;
#Quenching vraagstuk: FP + Cu2+&lt;br /&gt;
##Geg tau0: 3,6ns; kQ: 3x10^8; [Q] = ? + fig; Type proces quenching?&lt;br /&gt;
##phi = 76% -&amp;gt; kr? knr?&lt;br /&gt;
##na quench: lambda 434 -&amp;gt; 557nm (FRET); tijdscst 100ps; Fonster afstand 6nm; R = ?; Teken FRET in Jablonski&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Oude Vakinformatie==&lt;br /&gt;
Hall0,&lt;br /&gt;
het vak sectrosocpische mettchen1eken is een ware belevenis. Professor Vander Auweraer is op zijn zachtst gezegd een fenomeen. Het moet gezegd worden, de lessen zijn niet bijster interessant en de cursus laat hier en daar wel eens te wensen over maar het is een zeer warm persoon. Spelling (of spleling in het Van Der Auweraers) is niet zijn sterkte punt. Het examen is openboek.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Normaal maakt Vander Auweraer geen nieuwe vragen, maar hier is op het POC over geklaagd dus hij gaat nieuwe vragen maken. Volgens thesisstudenten van Vander Aueraer zouden er (voor juni 2018) twee zijn van de vijf nieuw zijn.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen voor Januari 2022==&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===2 juni 2021 ===&lt;br /&gt;
# 63Cu2 heeft een grond- en aangeslagen toestand. Het verschil tussen de minima van de potentiële energiecurves is gegeven, net zoals we&#039;, wexe&#039;, B&#039;, we&amp;quot;, wexe&amp;quot; en B&amp;quot;.&lt;br /&gt;
## Bereken de bindingsenergie van de grond- en aangeslagen toestand.&lt;br /&gt;
## Bereken de excitatie-energie van de fragmenten van de aangeslagen toestand.&lt;br /&gt;
## Bereken de ligging van de eerste lijn van elke tak van het Ramanrotatievibratiespectrum van de grondtoestand als er gewerkt wordt met een laser met een invallend licht van 632 nm. &lt;br /&gt;
## Bereken de bindingslengte. &lt;br /&gt;
# Toon aan dat voor een benzeenmolecule de x-component van de transitiedipool gelijk is aan 1,12*10^-29 Cm. Je mag de bindingslengte en de straal van de cirkel gelijk nemen aan 1,4 angstrom. Bereken de Einsteincoëfficiënt voor absorptie bij een invallend licht van 200 nm. Bereken de maximale molaire extinctiecoëfficiënt als de breedte van de band op halve hoogte 1000 cm-1 is. &lt;br /&gt;
# Teken het EPR-spectrum van het CH2OH-radicaal. Het radicaal koppelt met twee protonen met een hyperfijnconstante van 17,4 Gauss en een proton met een hyperfijnconstante van 1,12 Gauss. Wat is de spindichtheid op het C-atoom als we aannemen dat dit sp2 gehybridiseerd is.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
[[Bestand:Examen 2021.jpeg]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===8 juni 2020 ===&lt;br /&gt;
# Oefening 6a van electronic spectroscopy (N2+)&lt;br /&gt;
# De golflengte van de invallende straling in een Ramanspectrometer is 488,11 nm. Wat is het golfgetal van de eerste lijn van de ANTIStokescomponent van het rotatie Ramanspectrum van N2? De bindingslengte bedraagt 0,121 nm. (Zelfde vraag als hieronder maar dan met ANTIstokes en N2 ipv O2)&lt;br /&gt;
# Oefening 8 van NMR harris (notatie van spinsystemen geven p-broomchloorbenzeen,...)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 juni 2019 ===&lt;br /&gt;
Examen 17 juni 2015&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===28 juni 2017 ===&lt;br /&gt;
Zie examen 17 juni 2015&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 juni 2017 ===&lt;br /&gt;
# vraag 1 18 juni 2014&lt;br /&gt;
# vraag 2 18 juni 2014&lt;br /&gt;
# vraag 4 18 juni 2014&lt;br /&gt;
# vraag 5 18 juni 2014&lt;br /&gt;
# Aggregatie van niet-chirale chromoforen kan aanleiding geven tot circulair dicroïsme. Verwacht u een rotatiesterkte verschillend van nul voor pakking a en/of b?&lt;br /&gt;
(tekeningen van pakking a (=achiraal) en b (=chiraal))&lt;br /&gt;
- Pakking a: in zelfde vlak, onderlinge hoek = alfa = 120°, tèta is hoek met de as die beide centra verbind en alfa +2tèta=180°&lt;br /&gt;
- Pakking b: in 2 vlakken loodrecht op de as die hun verbind (tèta = 90°) en alfa =120°&lt;br /&gt;
Argumenteer zowel met de uitdrukking voor rotatiesterkte als op basis van eventuele chiraliteit v.d. gevormde aggregaten (zijn deze chiraal?)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17 juni 2016 ===&lt;br /&gt;
[[Media:Voorbeeld.ogg]]&lt;br /&gt;
=== 15 juni 2016 ===&lt;br /&gt;
 &lt;br /&gt;
# H2 spectrum met invallende golflengte gegeven en ook nog 4 golflengtes van ramanrotatielijnen. Bereken r.&lt;br /&gt;
# Fe2O2 vraag  (zie lager)&lt;br /&gt;
# Al+ vraag van op wiki van wat er met de laagste overgang gebeurt in een magneetveld&lt;br /&gt;
#Uitvoeren met deeltje in de doos: &lt;br /&gt;
Een allylradicaal waar je de energie van een dubbel bezet pi orbitaal in grondtoestand en die van een enkelbezette moest geven. &lt;br /&gt;
Bepaal ook de transitiedipool als de bindingslengte = 0,14 nm en de dubbele binding een hoek van 30 graden maakt met de richting van het molecule.&lt;br /&gt;
Bijvraag: is deze overgang mogelijk?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 19 juni 2015 ===&lt;br /&gt;
# nulpuntsenergie, bindingsenergie, afstand tussen 2 atomen, temperatuur (en miss nog andere dingen) gegeven. Gevraagd:&lt;br /&gt;
#* Wat zijn de vibratiefrequentie (cm-1), krachtconstante, en de anharmonisiteitsconstante?&lt;br /&gt;
#* Hoeveel vibratieniveaus zitten in de put?&lt;br /&gt;
#* Bereken de rotatieconstante.&lt;br /&gt;
#* Bereken zo nauwkeurig mogelijk de eerste 3 rotatieniveaus.&lt;br /&gt;
#* Hoe ziet het fluorescentiespectrum eruit?&lt;br /&gt;
# Geef het ESR spectrum van het butadieen radicaal anion. Dit radicaal heeft 4 equivalente protonen met een hyperfijnconstante van 14,3 gauss en twee equivalente protonen met een hyperfijnconstante van 2,8 gauss. Wat is de spindichtheid op elk van de koolstofatomen? Komt dit overeen met wat je verwacht van Huckel Moleculaire Orbitalen?&lt;br /&gt;
# Welke overgangen zijn mogelijk van het Ca+ -ion vanuit zijn elektronische stabielste toestand? Bereken de opsplitsing van de laagste aangeslagen elektronische toestand in een veld van 5T. (opgelet: juiste g parameter berekenen want delta S niet gelijk aan 0)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 17 juni 2015 ===&lt;br /&gt;
# Het absorptiespectrum van een CdSe kwantum dot (kubus met ribbe 2 nm) heeft een maximum bij 460 nm met een extinctiecoÃ«fficiÃ«nt van 49000 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; in een midden met een brekingsindex n = 7. De breedte van de absorptieband bedraagt 400 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. NB: U mag stellen dat Îµ&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;r&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; = n&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; en Îµ = Îµ&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;r&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;Îµ&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;0&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;.&lt;br /&gt;
#* Bereken de oscillatorsterkte.&lt;br /&gt;
#* Bereken de coÃ«fficiÃ«nt voor spontane emissie bij 485 nm.&lt;br /&gt;
#* Bereken het transitiedipool. (a, b &amp;amp;amp; c max 1 blz.)&lt;br /&gt;
#* Gebruik het deeltje in de doos om de verschuiving te berekenen van de absorptieband voor de overgang tussen de valentieband en de conductieband (waarvan u mag aannemen dat de overgang van het hoogste niveau van de VB naar het laagste niveau van de CB is) ten opzichte van een CdSe kristal met oneindige dimensies. Gebruik als effectieve massa voor de elektronen en gaten respectievelijk 0.13m&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;e&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; en 0.45m&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;e&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;.&lt;br /&gt;
#* Bijvraag: Is deze overgang op basis van de gegevens voor Îµ, f en Âµ* toegelaten?&lt;br /&gt;
# Het rotatiespectrum van &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;H&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;35&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;Cl vertoont opeenvolgende lijnen bij de volgende golfgetallen: 83.32, 104.13, 124.73, 145.37, 165.89, 186.23, 206.60, 226.86 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Bereken het traagheidsmoment en de bindingslengte. Voorspel de ligging van deze lijnen voor &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;H&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;35&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;Cl (dit volstaat voor de eerste twee lijnen).&lt;br /&gt;
# Acetyleen: vibraties gegeven. Welke vibraties zijn IR actief? En welke Raman actief? Hoeveel normale vibratiemodes zijn er mogelijk? (1/2 Ã  1 blz.)&lt;br /&gt;
#* Bijvraag: Er zijn 5 vibraties getekend, terwijl 3N-5 = 7. Hoe is dit mogelijk?&lt;br /&gt;
# Wat gebeurt er voor waterstof met de overgang van &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;D&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;3/2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; naar &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;F&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;5/2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; in een magneetveld? (1 Ã  2 blz.)&lt;br /&gt;
#* Bijvraag: Welke techniek kun je gebruiken om de overgangen te bestuderen die enkel verschillen in m&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;j&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 juni 2014 ===&lt;br /&gt;
# Het absorptiespectrum van een verbinding heeft een maximum bij 485 nm terwijl het maximum van het emissiespectrum bij 505 nm ligt. De EinsteincoÃ«fficient voor spontane emissie bedraagt 3,2 10&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;8&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; s&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Bepaal het transitiedipool en de maximale extinctiecoÃ«fficient wanneer de breedte bij halve hoogte van de absorptieband 760 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; bedraagt. U mag de absorptieband beschouwen als een gelijkbenige driehoek.(maximum 2 blz)&lt;br /&gt;
# De golflengte van de invallende straling in een Ramanspectrometer is 488,1 nm. Wat is het golfgetal van de eerste lijn van de Stokescomponent van het rotatie Ramanspectrum van 16O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;? De bindingslengte bedraagt 0,121 nm.&lt;br /&gt;
# Voor CHCl3 vinden we voor de CH-stretching vibratie een intense band bij 3019 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; en progressief zwakkere banden bij 5900, 8700 en 13315 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Bepaal de bindings- en dissociatie energie.&lt;br /&gt;
# Geef het ESR spectrum van het butadieen radicaal anion. Dit radicaal heeft 4 equivalente protonen met een hyperfijnconstante van 7,6 gauss en twee equivalente protonen met een hyperfijnconstante van 2,8 gauss. Wat is de spindichtheid op elk van de koolstofatomen?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 18 juni 2014 ===&lt;br /&gt;
[[Bestand:Examen spectro 18 06 2014.pdf]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 10 juni 2014 ===&lt;br /&gt;
# Het absorptiespectrum van het monomethine thiacyanine MTHIATS heeft een maximum bij 440 nm (structuur gegeven maar eigenlijk niet nodig). De maximale extinctiecoÃ«fficiÃ«nt en de breedte bij halve hoogte van de absorptieband bedragen respectievelijk 8.0x10&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;4&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; lmol&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; en 1500 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Bepaal het transitiedipool en de EinsteincoÃ«fficiÃ«nt voor spontane emissie (maximum en gemiddelde van het emissiespectrum bij 22000 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;). U mag de absorptieband beschouwen als een gelijkbenige driehoek.&lt;br /&gt;
# Bereken N&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;j&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;/N&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;0&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; voor &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;H&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;19&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;F molecule voor J=0, J=5 en J=10 bij 298K. De bindingsafstand is 0.92Ã… en de vibratie constante = 966Nm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;&lt;br /&gt;
#* Voor welke waarde van J is  N&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;j&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;/N&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;0&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; maximaal?&lt;br /&gt;
#* Wat is de energie van de J=5 â†’ J=6 overgang?&lt;br /&gt;
# Het NO&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;+&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; ion bezit twee ontaarde IR-absorptiebanden bij 540 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; en een (niet-ontaarde) IR-absorptieband bij 2360 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Daarnaast heeft het een Ramanband (deze overgang wordt niet in het IR-spectrum waargenomen) bij 1400 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. &lt;br /&gt;
#* Verklaar dit spectrum en leg een verband met de moleculaire structuur van NO&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;+&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;.&lt;br /&gt;
#* Verder wordt nog een weinig intense IR-absorptielijn waargenomen bij 3735 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Waaraan is deze te wijten?&lt;br /&gt;
# Hoe wordt de energie van een 2p-elektron van waterstof opgesplitst in een magneetveld B&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;0&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;? Bekijk alle mogelijke toestanden.&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;&amp;amp;lt;I&amp;amp;gt;OPGEPAST:Bereken de juiste LandÃ© splitting factor (G&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;e&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;)!! &amp;amp;lt;/I&amp;amp;gt;&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# Wat is de magnetisatie van Na kernen in 1ml van een 1*10&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-3&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;M oplossing Na&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;+&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; ionen in een veld van 9 Tesla bij 298 Kelv1n (I= 3/2 voor Na) &lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;&amp;amp;lt;I&amp;amp;gt;OPGEPAST: dit is iets met een reeksontwikkeling zei hij op het examen...&amp;amp;lt;/I&amp;amp;gt;&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17 juni 2013 Groep 1===&lt;br /&gt;
# nulpuntsenergie, bindingsenergie, afstand tussen 2 atomen, temperatuur (en miss nog andere dingen) gegeven. Gevraagd:&lt;br /&gt;
#* krachtconstante, vibratiefrequentie en anharmoniciteitsconstante&lt;br /&gt;
#* aantal vibratieniveaus&lt;br /&gt;
#* rotatieconstante&lt;br /&gt;
#* energie van eerste 3 rotatieniveaus&lt;br /&gt;
#* mogelijk fluorescentiespectrum&lt;br /&gt;
# iets ivm EPR van radicaal&lt;br /&gt;
#* spindichtheid op koolstofatomen berekenen&lt;br /&gt;
#* teken spectrum&lt;br /&gt;
#* vergelijken met resultaten van Huckel MO&lt;br /&gt;
# Ca+ =&amp;amp;gt; geeft grondtoestand en mogelijke transities hieruit en geef opsplitsing in energie van laagst energetische aangeslagen toestand in een veld van 5 Tesla.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17 juni 2013 Groep 2===&lt;br /&gt;
#Bij het elektronisch-vibratie absorptiespectrum de ....overgang van BeO vindt men onderstaande bandoorsprongen voor de verschillende vibratie-rotatiebanden.&lt;br /&gt;
#*Bepaal de beste waarden voor Ï–e en Ï‡e voor de ... en ...toestand.&lt;br /&gt;
#*Bepaal de bindingsenergieÃ«n( zie examen 7 september 2011 vraag 5)&lt;br /&gt;
#hoe ziet het EPR spectrum van CD3Â° er uit?(I voor D=1). Als je weet dat de hyperfijnconstante voor CH3Â°=....G, wat is dan de hyperfijnconstante van CD3Â°?&lt;br /&gt;
#Bereken welk rotatieniveau van CH4 maximaal bezet zal zijn bij 25Â°C, B=.... let op, de ontaarding is hier nu (2J+1)Â² i.pv. (2J+1).&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===22 juni 2012 Groep 1===&lt;br /&gt;
# Het absorptiespectrum van het monomethine thiacyanine MTHIATS heeft een maximum bij 440 nm (structuur gegeven maar eigenlijk niet nodig). De maximale extinctiecoÃ«fficiÃ«nt en de breedte bij halve hoogte van de absorptieband bedragen respectievelijk 8.0x10&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;4&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; lmol&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; en 1500 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Bepaal het transitiedipool en de EinsteincoÃ«fficiÃ«nt voor spontane emissie (maximum en gemiddelde van het emissiespectrum bij 22000 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;). U mag de absorptieband beschouwen als een gelijkbenige driehoek.&lt;br /&gt;
# Voor welke waarde van J is N&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;J&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;/N&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;0&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; maximaal voor het &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;H&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;19&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;F molecule bij 298K. De bindingslengte bedraagt 0.92Ã…. Wat is de exacte energie van de J=5â†’J=6 overgang? De vibratiekrachtconstante is 966 Nm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;.&lt;br /&gt;
# Het NO&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;+&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; ion bezit twee ontaarde IR-absorptiebanden bij 540 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; en een (niet-ontaarde) IR-absorptieband bij 2360 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Daarnaast heeft het een Ramanband (deze overgang wordt niet in het IR-spectrum waargenomen) bij 1400 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. &lt;br /&gt;
#* Verklaar dit spectrum en leg een verband met de moleculaire structuur van NO&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;+&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;.&lt;br /&gt;
#* Verder wordt nog een weinig intense IR-absorptielijn waargenomen bij 3735 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Waaraan is deze te wijten?&lt;br /&gt;
# Hoe wordt de energie van een 2p-elektron van waterstof opgesplitst in een magneetveld B&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;0&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;? Bekijk alle mogelijke toestanden.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===18 juni 2012===&lt;br /&gt;
# Wat is de magnetisatie van 1ml van een oplossing van &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;H met als concentratie 10&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-3&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;M in een veld van 9T en bij 298K. (I = 1)&lt;br /&gt;
# De traagheidsmomenten van het lineaire HgBr&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; zijn zeer groot dus de O en S takken van de vibrationele Raman spectra tonen weinig rotationele structuur. Berekenen de bindingslengte als je weet dat J correspondeerd met de maximale intensiteit. Afstand tussen de maxima van de O en S takken is 15,2 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;.&lt;br /&gt;
# Een transitie van groot belang in zuurstofgas geeft aanleiding tot de &#039;Schumann-Runge band&#039; in UV. De golfgetallen van de transities van de grondtoestand naar vibrationele niveaus van de eerst aangeslagen toestand zijn gegeven. Bereken de dissociatie-energie van de hoogste liggend elektronisch niveau. Dezelfde aangeslagen toestand dissocieert naar een O atoom met 1 grondtoestand en 1 aangeslagen atoom met een energie van 190 kJ/mol boven de grondtoestand. Bereken hieruit de dissociatie-energie van de grondtoestand van zuurstofgas.&lt;br /&gt;
# Yb&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;3+&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; heeft een 2F configuratie. Welke toestand zullen door spinorbitaalkoppeling bekomen worden? Deze met de hoogste J-waarde ligt het laagst in energie. Bereken kwantitatief de invloed van een magneetveld met sterkte B(0). Is de oscillatorstekte groot voor de eerste aangeslagen toestand? (golflengte gegeven).&lt;br /&gt;
#* Bijvraag: met welke techniek zouden we het verschil tussen de energieniveau&#039;s kunnen meten?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===24 juni 2011 - groep 2===&lt;br /&gt;
# Het absorptiespectrum van CdSe kwantum dot heeft een maximum bij 460 nm met een molaire extinctiecoÃ«fficiÃ«nt van 49000 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; M&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; in een midden met een brekingsindex gelijk aan 7. De breedte van de absorptieband bedraagt 400 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;.&lt;br /&gt;
#* Bereken de oscillatorsterkte.&lt;br /&gt;
#* Bereken de EinsteincoÃ«fficiÃ«nt voor spontane emissie voor de emissie bij 485 nm.&lt;br /&gt;
#*Bereken het transitiedipool.&lt;br /&gt;
# Gegeven: enkele pieken van het rotatiespectrum van HCl. Bereken het traagheidsmoment en de bindingslengte. Voorspel de eerste twee pieken van gedeutereerd HCl.&lt;br /&gt;
# Welk van de onderstaande vibraties van de acetyleen zijn IR-actief? Welk zijn Ramanactief? Hoeveel normale vibratiewijzen zijn hier mogelijk?&lt;br /&gt;
# Wat gebeurt voor waterstof met de overgang van &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;D&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;3/2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; naar &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;F&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;5/2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; in een magneetveld?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===24 juni 2011 - groep 1===&lt;br /&gt;
#Het rotatiespectrum van H2 (te beschouwen als starre rotator) bekomen door instralen met een laser bij 488 nm, bestaat uit een reeks lijnen bij 496.6 nm, 502.42 nm, 508.21 nm en 513.96 nm. Wat is de bindingsafstand?&lt;br /&gt;
#Het proteÃ¯ne hemo-erytrine staat in voor het zuurstoftransport in sommige ongewervelden. Elk proteÃ¯ne molecule heeft twee Fe&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2+&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; ionen die samenwerken om Ã©Ã©n molecule O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; te binden. De Fe&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; groep van het gexoygeneerde hemo-erytrine is roodgekleurd en heeft een elektronische absorptie bij 500 nm. Het resonantie Raman-spectrum van het geoxygeneerde hemo-erytrine, bekomen met laser-excitatie bij 488 nm heeft een band bij 508.96 nm die toegeschreven wordt aan de O-O stretching van gebonden &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;16&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;.&lt;br /&gt;
#*Welk voordeel biedt resonantie Raman spectroscopie t.o.v. infrarood absorptie-spectroscopie om de binding van O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; aan hemo-erytrine te bestuderen?&lt;br /&gt;
#*Naar welke golfgetal verschuift deze band in het Raman spectrum als &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;16&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; door &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;18&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; vervangen wordt?&lt;br /&gt;
#*De fundamentele vibratie golfgetallen van de O-O stretching mode van O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;, O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; (superoxide anion) en O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2-&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; (peroxide anion) zijn respectievelijk 1555, 1107 and 878 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Verklaar deze trend in het licht van de elektronische structuur van O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;, O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; and O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2-&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. &lt;br /&gt;
#*Welke van de volgende species Fe&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2+&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;; Fe2+Fe3+O2- of Fe23+O22- beschrijft het best de Fe2O2 hemo-erytrine, rekening met de resonantie Ramanband bij 844 cm-1 en de data in vraag c? Verklaar uw antwoord.&lt;br /&gt;
#*Het resonantiespectrum van hemo-erytrine met &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;16&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;O&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;18&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;O heeft 2 banden die kunnen toegeschreven worden aan de O-O stretching mode van gebondenzuurstof. Met welk van de structuren die u hieronder ziet is dit compatibel en waarom? Het is mogelijk dat meer dan Ã©Ã©n structuur mogelijk is. [[Media:Fe2O2complex.JPG]]&lt;br /&gt;
#Welke nulde orde golffuncties vindt u voor de kernspin van de CH&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;F groep van benzylfluoride? Welk type NMR-spectrum geeft deze groep?&lt;br /&gt;
#Wat gebeurt voor Al&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;+&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; met de laagste toegelaten elektronische overgang in een magneetveld met sterkte B?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 juni 2011===&lt;br /&gt;
# Twee He atomen (4 a.u.) vormen een complex bij 1 mK. Onderlinge afstand is 2,97 Ã…. De nulpuntsenergie bedraagt 2,0 *10-26 J, de bindingsenergie is 1,51 *10-23 J.&lt;br /&gt;
#* Wat zijn de vibratiefrequentie (cm-1), krachtconstante, en de anharmonisiteitsconstante?&lt;br /&gt;
#* Hoeveel vibratieniveaus zitten in de put?&lt;br /&gt;
#* Bereken de rotatieconstante.&lt;br /&gt;
#* Bereken zo nauwkeurig mogelijk de eerste 3 rotatieniveaus.&lt;br /&gt;
#* Hoe ziet het fluorescentiespectrum eruit?&lt;br /&gt;
#19F NMR spectrum van ClF3 was gegeven. Het spectum moest besproken worden en de structuur van ClF3 hieruit vinden.&lt;br /&gt;
# Welke overgangen zijn mogelijk van het Ca+ -ion vanuit zijn elektronische stabielste toestand? Bereken de opsplitsing van de laagste aangeslagen elektronische toestand in een veld van 5T.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===18 juni 2010===&lt;br /&gt;
#In a classic study of the application of NMR to the measurement of rotational barriers in molecules. P.M. Nair and J.D. Roberts (j. Am. Chem. Soc. 79, 4565 (1957)) obtained the 40 MHz 19F-NMR spectrum of F2BrCCBrC12. Their spectra are reproduced below. At 193 K. the spectrum shows five resonance peaks. Peaks I and III are separated by 160 Hz, as are IV and V. The ratio of the integrated intensities of peak II to peaks I, III, IV, and V is approximately 10 to 1. At 273 K. the five peaks have. collapsed into one. Explain the spectrum and its change with temperature. At what rate of inter conversion will the spectrum collapse to a single line? Calculate the rotational energy barrier between the rotational isomers on the assumption that it is related to the rate of interconversion between the isomers. &lt;br /&gt;
#*[[Bestand:Spectro_2010_1.jpg]] &lt;br /&gt;
#De traagheidsmomenten van het lineaire HgBr2 zijn zeer groot dus de O en S takken van de vibrationele Raman spectra tonen weinig rotationele structuur. Berekenen de bindingslengte als je weet dat J correspondeerd met de maximale intensiteit. Afstand tussen O en S takken is 15,2 cm-1&lt;br /&gt;
#Een transitie van groot belang in zuurstofgas geeft aanleiding tot de &#039;Schumann-Runge band&#039; in UV. De golfgetallen van de transities van de grondtoestand naar vibrationele niveaus van de eerst aangeslagen toestand zijn gegeven. Bereken de dissociatie-energie van de hoogste liggend elektronisch niveau. Dezelfde aangeslagen toestand dissocieert naar een O atoom met 1 grondtoestand en 1 aangeslagen atoom met een energie van 190 kJ/mol boven de grondtoestand. Bereken hieruit de dissociatie-energie van de grondtoestand van zuurstofgas.&lt;br /&gt;
#Yb3+ heeft een 2F configuratie. Welke toestand zullen door spinorbitaalkoppeling bekomen worden. Deze met de hoogste J-waarde ligt het laagst in energie. Bereken kwantitatief de invloed van een magneetveld met sterkte 1 Tesla. Is de oscillatorstekte groot voor de eerste aangeslagen toestand. (golflengte gegeven) &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===15 juni 2009===&lt;br /&gt;
#Het rotatiespectrum van H2 (te beschouwen als starre rotator) bekomen door instralen met een laser bij 488 nm, bestaat uit een reeks lijnen bij 496.6 nm, 502.42 nm, 508.21 nm en 513.96 nm. Wat is de bindingsafstand? (1 blz)&lt;br /&gt;
#Het proteÃ¯ne hemo-erytrine staat in voor het zuurstoftransport in sommige ongewervelden. Elk proteÃ¯ne molecule heeft twee Fe2+ ionen die samenwerken om Ã©Ã©n molecule O2 te binden. De Fe202 groep van het gexoygeneerde hemo-erytrine is roodgekleurd en heeft een elektronische absorptie bij 500 nm. Het resonantie Raman-spectrum van het geoxygeneerde hemo-erytrine, bekomen met laser-excitatie bij 488 nm heeft een band bij 508.96 nm die toegeschreven wordt aan de O-O stretching van gebonden 1602.&lt;br /&gt;
#*Welk voordeel biedt resonantie Raman spectroscopie t.o.v. infrarood absorptie-spectroscopie om de binding van O2 aan hemo-erytrine te bestuderen?&lt;br /&gt;
#*Naar welke golfgetal verschuift deze band in het Raman spectrum als 1602 door 1802 vervangen wordt?&lt;br /&gt;
#*De fundamentele vibratie golfgetallen van de O-O stretching mode van O2, 02 - (superoxide anion, and O2 2- (peroxide anion) zijn respectievelijk 1555, 1107 and 878 cm-1. Verklaar deze trend in het licht van de elektronische structuur van O2, 02 - and O2 2-. &lt;br /&gt;
#*Welke van de volgende species Fe22+O2; Fe2+Fe3+02- of Fe23+022- beschrijft het best de Fe2O2 hemo-erytrine, rekening met de resonantie Ramanband bij 844 cm-1 en de data in vraag c? Verklaar uw antwoord.&lt;br /&gt;
#*Het resonantiespectrum van hemo-erytrine met 16O18O heeft 2 banden die kunnen toegeschreven worden aan de O-O stretching mode van gebondenzuurstof. Met welk van de structuren die u hieronder ziet is dit compatibel en waarom? Het is mogelijk dat meer dan Ã©Ã©n structuur mogelijk is. [[Media:Fe2O2complex.JPG]]&lt;br /&gt;
#Voor een continu opgenomen NMR spectrum (geen Fourriettransform NMR) stelt men cast dat bij toename van B1 de intensiteit van een lijn bij het maximum toeneemt en daarna opnieuw afneemt. Hoe kun je dit verklaren (je mag dit zowel op kwalitatieve als op meer kwantitatieve wijze doen)?.&lt;br /&gt;
#Wat gebeurt voor Al+ met de laagste toegelaten overgang in een magneetveld met sterkte B? Werk kwantitatief uit.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===12 juni 2009===&lt;br /&gt;
====Groep 1====&lt;br /&gt;
# Twee He atomen (4 a.u.) vormen een complex bij 1 mK. Onderlinge afstand is 2,97 Ã…. De nulpuntsenergie bedraagt 2,0 *10-26 J, de bindingsenergie is 1,51 *10-23 J.&lt;br /&gt;
#* Wat zijn de vibratiefrequentie (cm-1), krachtconstante, en de anharmonisiteitsconstante?&lt;br /&gt;
#* Hoeveel vibratieniveaus zitten in de put?&lt;br /&gt;
#* Bereken de rotatieconstante.&lt;br /&gt;
#* Bereken zo nauwkeurig mogelijk de eerste 3 rotatieniveaus.&lt;br /&gt;
#* Hoe ziet het fluorescentiespectrum eruit?&lt;br /&gt;
# De longitudinale relaxatietijd van benzeen (Ï„c = 10-10 s) neemt toe wanneer de temperatuur toeneemt terwijl dat van een oligonucleotide een groot molecule (Ï„c = 10-6 s) afneemt. Ï„c neemt toe naarmate de temperatuur stijgt. Wat gebeurt er met de transversale relaxatietijd van de beide moleculen wanneer de temperatuur stijgt?&lt;br /&gt;
# Welke overgangen zijn mogelijk van het Ca+ -ion vanuit zijn elektronische stabielste toestand? Bereken de opsplitsing van de laagste aangeslagen elektronische toestand in een veld van 5T.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
====Groep 2====&lt;br /&gt;
# Het absorptiespectrum van CdSe kwantum dot heeft een maximum bij 460 nm met een molaire extinctiecoÃ«fficiÃ«nt van 49000 cm^-1 M^-1 in een midden met een brekingsindex gelijk aan 7. De breedte van de absorptieband bedraagt 400 cm^-1.&lt;br /&gt;
#* Bereken de oscillatorsterkte.&lt;br /&gt;
#* Bereken de EinsteincoÃ«fficiÃ«nt voor spontane emissie voor de emissie bij 485 nm.&lt;br /&gt;
#*Bereken het transitiedipool.&lt;br /&gt;
# De golflengte van het ingestraalde licht bedraagt 488 nm in een Raman spectrometer. Wat is de golflengte van de eerste lijn van de Stokescomponent van het rotatie Ramanspectrum van 14N2? De bindingslengte bedraagt 0.109 nm&lt;br /&gt;
# Welk van de onderstaande vibraties van de acetyleen zijn IR-actief? Welk zijn Ramanactief? Hoeveel normale vibratiewijzen zijn hier mogelijk?&lt;br /&gt;
# Wat gebeurt voor waterstof met de overgang van 2D3/2 naar 2F5/2 in een magneetveld?&lt;/div&gt;</summary>
		<author><name>R0998693</name></author>
	</entry>
	<entry>
		<id>https://wiki.chemika.be/index.php?title=Spectroscopische_Meettechnieken&amp;diff=5105</id>
		<title>Spectroscopische Meettechnieken</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.chemika.be/index.php?title=Spectroscopische_Meettechnieken&amp;diff=5105"/>
		<updated>2026-06-15T16:03:48Z</updated>

		<summary type="html">&lt;p&gt;R0998693: /* Examenvragen na Juni 2022 */&lt;/p&gt;
&lt;hr /&gt;
&lt;div&gt;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
[[Categorie:Bachelor Chemie]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Vakinformatie==&lt;br /&gt;
Het vak werd in januari 2022 geherstructureerd en wordt nu gegeven door Hofkens Johan &amp;amp; Debroye Elke. In gesprek met studentenvertegenwoordigers wilden ze lesgeven in een meer &amp;quot;praktisch georienteerde benadering&amp;quot;. Dit komt ook tot uiting in een examen, dat nu uit 4 delen bestaat: 5 korte begrippen, een NMR-vraag, een theorievraag en een vraag uit de oefenzitting&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen na Juni 2022==&lt;br /&gt;
===15 juni VM 2026===&lt;br /&gt;
#gegeven = typische H-NMR spectra van zuiver water en ethanol t.o.v. TMS. Bij een equimolaire mengsel van H&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;O en ethanol stelt men in een 40 MHz toestel vast dat bij kamertemperatuur coalescentie (-OH signaal) optreedt. 5 punten Elke&lt;br /&gt;
##Wat is onder die omstandigheden de 1e orde uitwisselingssnelheidsconstante? (2p)&lt;br /&gt;
##Beargumenteer of in een 250 MHz toestel onder dezelfde omstandigheden coalescentie optreedt. (2p)&lt;br /&gt;
##Wat verwacht je dat er gebeurt met de -OH signalen na het schudden van het mengsel met D&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;O?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#Absorptiespectrum en structuur van peryleen gegeven. 5 punten Johan&lt;br /&gt;
##Hoe ziet het fluorescentiespectrum er uit?&lt;br /&gt;
##Wat zou er gebeuren met het fluorescentiespectrum als je de concentratie verhoogt?&lt;br /&gt;
##Bereken de vibratiefrequentie van de belangrijkste vibrationele overgang in de grondtoestand (er vanuitgaande dat die dezelfde is als in de grondtoestand).&lt;br /&gt;
##Is peryleen aromatisch?&lt;br /&gt;
##Indien gedeutereerd tolueen gebruikt wordt als solvent, zou je de Ramanpiek van dit tolueen bij excitatie bij 435 nm waarnemen als je weet dat de C-H stretch vibratie bij 3500 cm&amp;lt;sup&amp;gt;-1&amp;lt;/sup&amp;gt; is?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# begrippen (6 punten)&lt;br /&gt;
##Artikel gegeven. Identificeer de fouten in het artikel en zeg waarom deze zo problematisch zijn. Teken ook het Jablonski diagram die van toepassing is op dit artikel. (4p)&lt;br /&gt;
##X&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# Oefening (4 punten)&lt;br /&gt;
##X&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===16 juni VM en NM 2025===&lt;br /&gt;
#Er waren 2 moleculen gegeven (beide benzeenringen met een aantal functionele groepen) en 3 spectra. 1 verschilspectrum (enkel aromatisch gedeelte weergegeven), 2 spectra waarbij ze specifiek atomen binnen het molecuul &#039;bombarderen&#039;. 5 punten Elke&lt;br /&gt;
##signalen toekennen aan protonen&lt;br /&gt;
##welk van de twee moleculen komt overeen met de spectra&lt;br /&gt;
##waarom blijft de koppeling behouden?&lt;br /&gt;
##stijgt de intensiteit wanneer er met een 600 MHz toestel gemeten zou worden?&lt;br /&gt;
##weet ik niet meer&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# absorptiespectrum en structuur van peryleen gegeven. 5 punten Johan&lt;br /&gt;
##hoe ziet het fluorescentiespectrum er uit?&lt;br /&gt;
##wat zou er gebeuren met het spectrum als je de concentratie verhoogt?&lt;br /&gt;
##geef het golfgetal van de overgang die het meest voorkomend is in de grondtoestand (ervan uitgaande dat die hetzelfde is als in de aangeslagen toestand)&lt;br /&gt;
##is peryleen aromatisch&lt;br /&gt;
##Indien tolueen gebruikt wordt als solvent, zou je de Ramanpiek waarnemen en waarom?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# begrippen (6 punten, elk begrip op 2)&lt;br /&gt;
##wat is anti-kasha, geef een voorbeeld en waarom is dit mogelijk&lt;br /&gt;
##Wat is het Davisson-Germer experiment en waarom was het zo belangrijk?&lt;br /&gt;
##relevantie van deutering uitleggen voor HNMR, CNMR (DEPT) en IR.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# Oefening (4 punten)&lt;br /&gt;
##gegeven, molecuul met lengte 600 pm, foton met welke golflengte is nodig om het van niveau 3 naar 4 te laten aanslagen.&lt;br /&gt;
##hoeveel zal de energie van een niveau veranderen als de lengte van een molecuul met 10% langer zou worden?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 augustus VM 2024===&lt;br /&gt;
#Er waren 2 moleculen gegeven (https://legacy.chemspider.com/Search.aspx?rid=bbb5fbf4-af21-4255-a3c5-7be382b0f711) -&amp;gt; Elke (7punten)&lt;br /&gt;
##Hoe kunnen deze twee moleculen van elkaar onderscheiden worden via 1H-NMR? Welke van de atomen zal het meeste upfield/ downfield liggen? (Bijvraag was geef de ppm-waardes en hoe kan je dit zien) (2 punten)&lt;br /&gt;
##Zelfde vraag maar dan voor 13C-NMR + Hoeveel signalen zijn er zichtbaar bij 13C-NMR + verklaar (2 punten)&lt;br /&gt;
##Weet ik niet meer (1punt)&lt;br /&gt;
##Hoe kan je het verschil tussen de twee moleculen zien in een IR-spectrum? (1 punt)&lt;br /&gt;
##Kan je een verschil zien tussen beide moleculen in een absorptiespectrum? + verklaar hoe (1 punt)&lt;br /&gt;
#Er was 1 absorptie spectrum gegeven met 3 absorptie en emissie banden die telkens met de vorige overlappen. Er waren ook 3 moleculen gegeven. Allemaal hetzelfde alleen het geconjugeerde systeem (iets met cyaniden) tussen de ringen was steeds 2 dubbele bindingen langer. -&amp;gt; Johan (ook 7 punten iedere vraag 1punt)&lt;br /&gt;
##Welk molecuul hoort bij welk spectrum en waarom?&lt;br /&gt;
##Wat zal je waarnemen bij 500nm met een gegeven concentratie? &lt;br /&gt;
##Wat zal je waarnemen bij een hogere concentratie? (Let op mengsel)&lt;br /&gt;
##Wat zal er gebeueren bij het deze golflengte&lt;br /&gt;
##Verklaar het anisotropisch effect. &lt;br /&gt;
##Zal 3050 cm^(-1) interfereren met 600nm?&lt;br /&gt;
##We moesten een energie berekenen geen idee hoe, iets met vibratie frequentie omzetten&lt;br /&gt;
##Met de bekomen energie moesten we de formule van boltsmann gebruiken en verder rekenen. &lt;br /&gt;
##Fret uitleggen aan de hand van figuur&lt;br /&gt;
##Nog een vraag over tijdsconstante die we moesten berekenen of vergelijken&lt;br /&gt;
#Oefening op 6punten&lt;br /&gt;
##2 Tijds/verval constantes gegeven. Bereken de overeenkomstige energie en reken verder naar de frequentie. Vergelijk telkens beide waardes voor de gegeven tijd en verklaar als het logisch is.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17 juni 2024===&lt;br /&gt;
#Een fluorofoor gemerkte lipide (fluorofoor = pyreen) wordt gemengd met een gewoon lipide ter vorming van een fluorescerend membraan. Het absorptiespectrum van pyreen is gegeven.&lt;br /&gt;
##Hoe ziet het absorptiespectrum en fluorescentiespectrum eruit na menging? Hoe verandert de fluorescentie leeftijd?&lt;br /&gt;
##Is pyreen aromatisch?&lt;br /&gt;
##Geg: normale uitrekking/normal stretch mode H2O: 3650 cm-1 ; Geg: krachtcst H2O &amp;amp; D2O gelijk ; Welke freq. voor uitrekking D2O?&lt;br /&gt;
##Bij welke frequentie zal er een Raman-piek optreden voor deze stretch?&lt;br /&gt;
#Geg structuur van bèta-caroteen waarin 3 soorten protonen zijn aangeduid (1 CH en 2 CH3). Protonnabijheids-NMR bij 300 MHz.&lt;br /&gt;
##Welk van de 3 soorten zou je met zijn resonantiefrequentie bestralen voor deze techniek? Waarom?&lt;br /&gt;
##Veranderen de koppelingen door deze techniek te gebruiken?&lt;br /&gt;
##Veranderen de intensiteiten in het verschilspectrum door met een 600 MHz toestel te werken ipv met een 300 MHz toestel?&lt;br /&gt;
##Welke andere NMR-techniek zou je kunnen gebruiken om dit molecule te karakteriseren?&lt;br /&gt;
##Stel een niet-NMR techniek voor om dit molecule te karakteriseren.&lt;br /&gt;
#Oefening: De hoeveelheid ozon wordt vaak gemeten door UV-absorptie en wordt uitgedrukt in Dobson units {DU): 1 DU komt overeen met een ozonlaag van 10-3 cm dik bij 1 atm en O °C. Bereken de absorbantie van UV-stralen (300 nm) voor 300 DU en voor 100 DU. Molaire absorptiecoëfficiënt = 476 L mol-1 cm-1.&lt;br /&gt;
#Begrippen:&lt;br /&gt;
##Wat is Free Induction Decay? Wat gebeurt er met de resolutie als je meerdere interferrogrammen combineert?&lt;br /&gt;
##Wat is anisotropie en leg uit hoe het gebruikt kan worden in biologische toepassingen.&lt;br /&gt;
##Wat is het innerfiltereffect?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===29 juni 2022===&lt;br /&gt;
#IR, Raman en elektronische transities&lt;br /&gt;
##Lineaire hypothetische moleculen B-A-B en A-B-B: #fundamentele vibraties?&lt;br /&gt;
##IR geeft 3 normale vibraties, welk molecule?&lt;br /&gt;
##Geg: normale uitrekking/normal stretch mode H2O: 3650cm-1 ; Geg: krachtcst H2O &amp;amp; D2O gelijk ; Welke freq. voor uitrekking D2O?&lt;br /&gt;
##Teken jablonski: Stokes, anti-Stokes &amp;amp; near-resonance. Geef volgorde %-voorkomen en sterkte.&lt;br /&gt;
##Geef meest waarschijnlijke IR-transitie (uit vorige oef) en zeg wrm.&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#Geg reactie: 4,4,6,6-Tetramethyl-2-cyclohexen-1-one -&amp;gt; 3-Isopropyl-5,5-dimethyl-2-cyclopenten-1-one&lt;br /&gt;
##Hoe onderscheiden met IR?&lt;br /&gt;
##Hoe met HNMR? Geef shifts &amp;amp; koppelings&lt;br /&gt;
##CNMR-signalen: #, equi. C&#039;s, volgorde signalen + situeer&lt;br /&gt;
##Te onderscheiden met 1 DEPT-NMR expirment?&lt;br /&gt;
##UV-Vis nuttig?&lt;br /&gt;
#Quenching vraagstuk: FP + Cu2+&lt;br /&gt;
##Geg tau0: 3,6ns; kQ: 3x10^8; [Q] = ? + fig; Type proces quenching?&lt;br /&gt;
##phi = 76% -&amp;gt; kr? knr?&lt;br /&gt;
##na quench: lambda 434 -&amp;gt; 557nm (FRET); tijdscst 100ps; Fonster afstand 6nm; R = ?; Teken FRET in Jablonski&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Oude Vakinformatie==&lt;br /&gt;
Hall0,&lt;br /&gt;
het vak sectrosocpische mettchen1eken is een ware belevenis. Professor Vander Auweraer is op zijn zachtst gezegd een fenomeen. Het moet gezegd worden, de lessen zijn niet bijster interessant en de cursus laat hier en daar wel eens te wensen over maar het is een zeer warm persoon. Spelling (of spleling in het Van Der Auweraers) is niet zijn sterkte punt. Het examen is openboek.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Normaal maakt Vander Auweraer geen nieuwe vragen, maar hier is op het POC over geklaagd dus hij gaat nieuwe vragen maken. Volgens thesisstudenten van Vander Aueraer zouden er (voor juni 2018) twee zijn van de vijf nieuw zijn.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen voor Januari 2022==&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===2 juni 2021 ===&lt;br /&gt;
# 63Cu2 heeft een grond- en aangeslagen toestand. Het verschil tussen de minima van de potentiële energiecurves is gegeven, net zoals we&#039;, wexe&#039;, B&#039;, we&amp;quot;, wexe&amp;quot; en B&amp;quot;.&lt;br /&gt;
## Bereken de bindingsenergie van de grond- en aangeslagen toestand.&lt;br /&gt;
## Bereken de excitatie-energie van de fragmenten van de aangeslagen toestand.&lt;br /&gt;
## Bereken de ligging van de eerste lijn van elke tak van het Ramanrotatievibratiespectrum van de grondtoestand als er gewerkt wordt met een laser met een invallend licht van 632 nm. &lt;br /&gt;
## Bereken de bindingslengte. &lt;br /&gt;
# Toon aan dat voor een benzeenmolecule de x-component van de transitiedipool gelijk is aan 1,12*10^-29 Cm. Je mag de bindingslengte en de straal van de cirkel gelijk nemen aan 1,4 angstrom. Bereken de Einsteincoëfficiënt voor absorptie bij een invallend licht van 200 nm. Bereken de maximale molaire extinctiecoëfficiënt als de breedte van de band op halve hoogte 1000 cm-1 is. &lt;br /&gt;
# Teken het EPR-spectrum van het CH2OH-radicaal. Het radicaal koppelt met twee protonen met een hyperfijnconstante van 17,4 Gauss en een proton met een hyperfijnconstante van 1,12 Gauss. Wat is de spindichtheid op het C-atoom als we aannemen dat dit sp2 gehybridiseerd is.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
[[Bestand:Examen 2021.jpeg]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===8 juni 2020 ===&lt;br /&gt;
# Oefening 6a van electronic spectroscopy (N2+)&lt;br /&gt;
# De golflengte van de invallende straling in een Ramanspectrometer is 488,11 nm. Wat is het golfgetal van de eerste lijn van de ANTIStokescomponent van het rotatie Ramanspectrum van N2? De bindingslengte bedraagt 0,121 nm. (Zelfde vraag als hieronder maar dan met ANTIstokes en N2 ipv O2)&lt;br /&gt;
# Oefening 8 van NMR harris (notatie van spinsystemen geven p-broomchloorbenzeen,...)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 juni 2019 ===&lt;br /&gt;
Examen 17 juni 2015&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===28 juni 2017 ===&lt;br /&gt;
Zie examen 17 juni 2015&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 juni 2017 ===&lt;br /&gt;
# vraag 1 18 juni 2014&lt;br /&gt;
# vraag 2 18 juni 2014&lt;br /&gt;
# vraag 4 18 juni 2014&lt;br /&gt;
# vraag 5 18 juni 2014&lt;br /&gt;
# Aggregatie van niet-chirale chromoforen kan aanleiding geven tot circulair dicroïsme. Verwacht u een rotatiesterkte verschillend van nul voor pakking a en/of b?&lt;br /&gt;
(tekeningen van pakking a (=achiraal) en b (=chiraal))&lt;br /&gt;
- Pakking a: in zelfde vlak, onderlinge hoek = alfa = 120°, tèta is hoek met de as die beide centra verbind en alfa +2tèta=180°&lt;br /&gt;
- Pakking b: in 2 vlakken loodrecht op de as die hun verbind (tèta = 90°) en alfa =120°&lt;br /&gt;
Argumenteer zowel met de uitdrukking voor rotatiesterkte als op basis van eventuele chiraliteit v.d. gevormde aggregaten (zijn deze chiraal?)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17 juni 2016 ===&lt;br /&gt;
[[Media:Voorbeeld.ogg]]&lt;br /&gt;
=== 15 juni 2016 ===&lt;br /&gt;
 &lt;br /&gt;
# H2 spectrum met invallende golflengte gegeven en ook nog 4 golflengtes van ramanrotatielijnen. Bereken r.&lt;br /&gt;
# Fe2O2 vraag  (zie lager)&lt;br /&gt;
# Al+ vraag van op wiki van wat er met de laagste overgang gebeurt in een magneetveld&lt;br /&gt;
#Uitvoeren met deeltje in de doos: &lt;br /&gt;
Een allylradicaal waar je de energie van een dubbel bezet pi orbitaal in grondtoestand en die van een enkelbezette moest geven. &lt;br /&gt;
Bepaal ook de transitiedipool als de bindingslengte = 0,14 nm en de dubbele binding een hoek van 30 graden maakt met de richting van het molecule.&lt;br /&gt;
Bijvraag: is deze overgang mogelijk?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 19 juni 2015 ===&lt;br /&gt;
# nulpuntsenergie, bindingsenergie, afstand tussen 2 atomen, temperatuur (en miss nog andere dingen) gegeven. Gevraagd:&lt;br /&gt;
#* Wat zijn de vibratiefrequentie (cm-1), krachtconstante, en de anharmonisiteitsconstante?&lt;br /&gt;
#* Hoeveel vibratieniveaus zitten in de put?&lt;br /&gt;
#* Bereken de rotatieconstante.&lt;br /&gt;
#* Bereken zo nauwkeurig mogelijk de eerste 3 rotatieniveaus.&lt;br /&gt;
#* Hoe ziet het fluorescentiespectrum eruit?&lt;br /&gt;
# Geef het ESR spectrum van het butadieen radicaal anion. Dit radicaal heeft 4 equivalente protonen met een hyperfijnconstante van 14,3 gauss en twee equivalente protonen met een hyperfijnconstante van 2,8 gauss. Wat is de spindichtheid op elk van de koolstofatomen? Komt dit overeen met wat je verwacht van Huckel Moleculaire Orbitalen?&lt;br /&gt;
# Welke overgangen zijn mogelijk van het Ca+ -ion vanuit zijn elektronische stabielste toestand? Bereken de opsplitsing van de laagste aangeslagen elektronische toestand in een veld van 5T. (opgelet: juiste g parameter berekenen want delta S niet gelijk aan 0)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 17 juni 2015 ===&lt;br /&gt;
# Het absorptiespectrum van een CdSe kwantum dot (kubus met ribbe 2 nm) heeft een maximum bij 460 nm met een extinctiecoÃ«fficiÃ«nt van 49000 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; in een midden met een brekingsindex n = 7. De breedte van de absorptieband bedraagt 400 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. NB: U mag stellen dat Îµ&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;r&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; = n&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; en Îµ = Îµ&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;r&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;Îµ&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;0&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;.&lt;br /&gt;
#* Bereken de oscillatorsterkte.&lt;br /&gt;
#* Bereken de coÃ«fficiÃ«nt voor spontane emissie bij 485 nm.&lt;br /&gt;
#* Bereken het transitiedipool. (a, b &amp;amp;amp; c max 1 blz.)&lt;br /&gt;
#* Gebruik het deeltje in de doos om de verschuiving te berekenen van de absorptieband voor de overgang tussen de valentieband en de conductieband (waarvan u mag aannemen dat de overgang van het hoogste niveau van de VB naar het laagste niveau van de CB is) ten opzichte van een CdSe kristal met oneindige dimensies. Gebruik als effectieve massa voor de elektronen en gaten respectievelijk 0.13m&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;e&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; en 0.45m&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;e&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;.&lt;br /&gt;
#* Bijvraag: Is deze overgang op basis van de gegevens voor Îµ, f en Âµ* toegelaten?&lt;br /&gt;
# Het rotatiespectrum van &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;H&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;35&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;Cl vertoont opeenvolgende lijnen bij de volgende golfgetallen: 83.32, 104.13, 124.73, 145.37, 165.89, 186.23, 206.60, 226.86 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Bereken het traagheidsmoment en de bindingslengte. Voorspel de ligging van deze lijnen voor &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;H&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;35&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;Cl (dit volstaat voor de eerste twee lijnen).&lt;br /&gt;
# Acetyleen: vibraties gegeven. Welke vibraties zijn IR actief? En welke Raman actief? Hoeveel normale vibratiemodes zijn er mogelijk? (1/2 Ã  1 blz.)&lt;br /&gt;
#* Bijvraag: Er zijn 5 vibraties getekend, terwijl 3N-5 = 7. Hoe is dit mogelijk?&lt;br /&gt;
# Wat gebeurt er voor waterstof met de overgang van &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;D&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;3/2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; naar &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;F&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;5/2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; in een magneetveld? (1 Ã  2 blz.)&lt;br /&gt;
#* Bijvraag: Welke techniek kun je gebruiken om de overgangen te bestuderen die enkel verschillen in m&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;j&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 juni 2014 ===&lt;br /&gt;
# Het absorptiespectrum van een verbinding heeft een maximum bij 485 nm terwijl het maximum van het emissiespectrum bij 505 nm ligt. De EinsteincoÃ«fficient voor spontane emissie bedraagt 3,2 10&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;8&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; s&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Bepaal het transitiedipool en de maximale extinctiecoÃ«fficient wanneer de breedte bij halve hoogte van de absorptieband 760 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; bedraagt. U mag de absorptieband beschouwen als een gelijkbenige driehoek.(maximum 2 blz)&lt;br /&gt;
# De golflengte van de invallende straling in een Ramanspectrometer is 488,1 nm. Wat is het golfgetal van de eerste lijn van de Stokescomponent van het rotatie Ramanspectrum van 16O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;? De bindingslengte bedraagt 0,121 nm.&lt;br /&gt;
# Voor CHCl3 vinden we voor de CH-stretching vibratie een intense band bij 3019 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; en progressief zwakkere banden bij 5900, 8700 en 13315 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Bepaal de bindings- en dissociatie energie.&lt;br /&gt;
# Geef het ESR spectrum van het butadieen radicaal anion. Dit radicaal heeft 4 equivalente protonen met een hyperfijnconstante van 7,6 gauss en twee equivalente protonen met een hyperfijnconstante van 2,8 gauss. Wat is de spindichtheid op elk van de koolstofatomen?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 18 juni 2014 ===&lt;br /&gt;
[[Bestand:Examen spectro 18 06 2014.pdf]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 10 juni 2014 ===&lt;br /&gt;
# Het absorptiespectrum van het monomethine thiacyanine MTHIATS heeft een maximum bij 440 nm (structuur gegeven maar eigenlijk niet nodig). De maximale extinctiecoÃ«fficiÃ«nt en de breedte bij halve hoogte van de absorptieband bedragen respectievelijk 8.0x10&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;4&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; lmol&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; en 1500 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Bepaal het transitiedipool en de EinsteincoÃ«fficiÃ«nt voor spontane emissie (maximum en gemiddelde van het emissiespectrum bij 22000 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;). U mag de absorptieband beschouwen als een gelijkbenige driehoek.&lt;br /&gt;
# Bereken N&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;j&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;/N&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;0&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; voor &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;H&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;19&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;F molecule voor J=0, J=5 en J=10 bij 298K. De bindingsafstand is 0.92Ã… en de vibratie constante = 966Nm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;&lt;br /&gt;
#* Voor welke waarde van J is  N&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;j&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;/N&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;0&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; maximaal?&lt;br /&gt;
#* Wat is de energie van de J=5 â†’ J=6 overgang?&lt;br /&gt;
# Het NO&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;+&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; ion bezit twee ontaarde IR-absorptiebanden bij 540 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; en een (niet-ontaarde) IR-absorptieband bij 2360 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Daarnaast heeft het een Ramanband (deze overgang wordt niet in het IR-spectrum waargenomen) bij 1400 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. &lt;br /&gt;
#* Verklaar dit spectrum en leg een verband met de moleculaire structuur van NO&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;+&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;.&lt;br /&gt;
#* Verder wordt nog een weinig intense IR-absorptielijn waargenomen bij 3735 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Waaraan is deze te wijten?&lt;br /&gt;
# Hoe wordt de energie van een 2p-elektron van waterstof opgesplitst in een magneetveld B&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;0&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;? Bekijk alle mogelijke toestanden.&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;&amp;amp;lt;I&amp;amp;gt;OPGEPAST:Bereken de juiste LandÃ© splitting factor (G&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;e&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;)!! &amp;amp;lt;/I&amp;amp;gt;&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# Wat is de magnetisatie van Na kernen in 1ml van een 1*10&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-3&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;M oplossing Na&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;+&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; ionen in een veld van 9 Tesla bij 298 Kelv1n (I= 3/2 voor Na) &lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;&amp;amp;lt;I&amp;amp;gt;OPGEPAST: dit is iets met een reeksontwikkeling zei hij op het examen...&amp;amp;lt;/I&amp;amp;gt;&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17 juni 2013 Groep 1===&lt;br /&gt;
# nulpuntsenergie, bindingsenergie, afstand tussen 2 atomen, temperatuur (en miss nog andere dingen) gegeven. Gevraagd:&lt;br /&gt;
#* krachtconstante, vibratiefrequentie en anharmoniciteitsconstante&lt;br /&gt;
#* aantal vibratieniveaus&lt;br /&gt;
#* rotatieconstante&lt;br /&gt;
#* energie van eerste 3 rotatieniveaus&lt;br /&gt;
#* mogelijk fluorescentiespectrum&lt;br /&gt;
# iets ivm EPR van radicaal&lt;br /&gt;
#* spindichtheid op koolstofatomen berekenen&lt;br /&gt;
#* teken spectrum&lt;br /&gt;
#* vergelijken met resultaten van Huckel MO&lt;br /&gt;
# Ca+ =&amp;amp;gt; geeft grondtoestand en mogelijke transities hieruit en geef opsplitsing in energie van laagst energetische aangeslagen toestand in een veld van 5 Tesla.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17 juni 2013 Groep 2===&lt;br /&gt;
#Bij het elektronisch-vibratie absorptiespectrum de ....overgang van BeO vindt men onderstaande bandoorsprongen voor de verschillende vibratie-rotatiebanden.&lt;br /&gt;
#*Bepaal de beste waarden voor Ï–e en Ï‡e voor de ... en ...toestand.&lt;br /&gt;
#*Bepaal de bindingsenergieÃ«n( zie examen 7 september 2011 vraag 5)&lt;br /&gt;
#hoe ziet het EPR spectrum van CD3Â° er uit?(I voor D=1). Als je weet dat de hyperfijnconstante voor CH3Â°=....G, wat is dan de hyperfijnconstante van CD3Â°?&lt;br /&gt;
#Bereken welk rotatieniveau van CH4 maximaal bezet zal zijn bij 25Â°C, B=.... let op, de ontaarding is hier nu (2J+1)Â² i.pv. (2J+1).&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===22 juni 2012 Groep 1===&lt;br /&gt;
# Het absorptiespectrum van het monomethine thiacyanine MTHIATS heeft een maximum bij 440 nm (structuur gegeven maar eigenlijk niet nodig). De maximale extinctiecoÃ«fficiÃ«nt en de breedte bij halve hoogte van de absorptieband bedragen respectievelijk 8.0x10&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;4&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; lmol&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; en 1500 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Bepaal het transitiedipool en de EinsteincoÃ«fficiÃ«nt voor spontane emissie (maximum en gemiddelde van het emissiespectrum bij 22000 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;). U mag de absorptieband beschouwen als een gelijkbenige driehoek.&lt;br /&gt;
# Voor welke waarde van J is N&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;J&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;/N&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;0&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; maximaal voor het &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;H&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;19&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;F molecule bij 298K. De bindingslengte bedraagt 0.92Ã…. Wat is de exacte energie van de J=5â†’J=6 overgang? De vibratiekrachtconstante is 966 Nm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;.&lt;br /&gt;
# Het NO&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;+&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; ion bezit twee ontaarde IR-absorptiebanden bij 540 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; en een (niet-ontaarde) IR-absorptieband bij 2360 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Daarnaast heeft het een Ramanband (deze overgang wordt niet in het IR-spectrum waargenomen) bij 1400 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. &lt;br /&gt;
#* Verklaar dit spectrum en leg een verband met de moleculaire structuur van NO&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;+&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;.&lt;br /&gt;
#* Verder wordt nog een weinig intense IR-absorptielijn waargenomen bij 3735 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Waaraan is deze te wijten?&lt;br /&gt;
# Hoe wordt de energie van een 2p-elektron van waterstof opgesplitst in een magneetveld B&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;0&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;? Bekijk alle mogelijke toestanden.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===18 juni 2012===&lt;br /&gt;
# Wat is de magnetisatie van 1ml van een oplossing van &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;H met als concentratie 10&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-3&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;M in een veld van 9T en bij 298K. (I = 1)&lt;br /&gt;
# De traagheidsmomenten van het lineaire HgBr&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; zijn zeer groot dus de O en S takken van de vibrationele Raman spectra tonen weinig rotationele structuur. Berekenen de bindingslengte als je weet dat J correspondeerd met de maximale intensiteit. Afstand tussen de maxima van de O en S takken is 15,2 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;.&lt;br /&gt;
# Een transitie van groot belang in zuurstofgas geeft aanleiding tot de &#039;Schumann-Runge band&#039; in UV. De golfgetallen van de transities van de grondtoestand naar vibrationele niveaus van de eerst aangeslagen toestand zijn gegeven. Bereken de dissociatie-energie van de hoogste liggend elektronisch niveau. Dezelfde aangeslagen toestand dissocieert naar een O atoom met 1 grondtoestand en 1 aangeslagen atoom met een energie van 190 kJ/mol boven de grondtoestand. Bereken hieruit de dissociatie-energie van de grondtoestand van zuurstofgas.&lt;br /&gt;
# Yb&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;3+&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; heeft een 2F configuratie. Welke toestand zullen door spinorbitaalkoppeling bekomen worden? Deze met de hoogste J-waarde ligt het laagst in energie. Bereken kwantitatief de invloed van een magneetveld met sterkte B(0). Is de oscillatorstekte groot voor de eerste aangeslagen toestand? (golflengte gegeven).&lt;br /&gt;
#* Bijvraag: met welke techniek zouden we het verschil tussen de energieniveau&#039;s kunnen meten?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===24 juni 2011 - groep 2===&lt;br /&gt;
# Het absorptiespectrum van CdSe kwantum dot heeft een maximum bij 460 nm met een molaire extinctiecoÃ«fficiÃ«nt van 49000 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; M&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; in een midden met een brekingsindex gelijk aan 7. De breedte van de absorptieband bedraagt 400 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;.&lt;br /&gt;
#* Bereken de oscillatorsterkte.&lt;br /&gt;
#* Bereken de EinsteincoÃ«fficiÃ«nt voor spontane emissie voor de emissie bij 485 nm.&lt;br /&gt;
#*Bereken het transitiedipool.&lt;br /&gt;
# Gegeven: enkele pieken van het rotatiespectrum van HCl. Bereken het traagheidsmoment en de bindingslengte. Voorspel de eerste twee pieken van gedeutereerd HCl.&lt;br /&gt;
# Welk van de onderstaande vibraties van de acetyleen zijn IR-actief? Welk zijn Ramanactief? Hoeveel normale vibratiewijzen zijn hier mogelijk?&lt;br /&gt;
# Wat gebeurt voor waterstof met de overgang van &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;D&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;3/2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; naar &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;F&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;5/2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; in een magneetveld?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===24 juni 2011 - groep 1===&lt;br /&gt;
#Het rotatiespectrum van H2 (te beschouwen als starre rotator) bekomen door instralen met een laser bij 488 nm, bestaat uit een reeks lijnen bij 496.6 nm, 502.42 nm, 508.21 nm en 513.96 nm. Wat is de bindingsafstand?&lt;br /&gt;
#Het proteÃ¯ne hemo-erytrine staat in voor het zuurstoftransport in sommige ongewervelden. Elk proteÃ¯ne molecule heeft twee Fe&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2+&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; ionen die samenwerken om Ã©Ã©n molecule O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; te binden. De Fe&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; groep van het gexoygeneerde hemo-erytrine is roodgekleurd en heeft een elektronische absorptie bij 500 nm. Het resonantie Raman-spectrum van het geoxygeneerde hemo-erytrine, bekomen met laser-excitatie bij 488 nm heeft een band bij 508.96 nm die toegeschreven wordt aan de O-O stretching van gebonden &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;16&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;.&lt;br /&gt;
#*Welk voordeel biedt resonantie Raman spectroscopie t.o.v. infrarood absorptie-spectroscopie om de binding van O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; aan hemo-erytrine te bestuderen?&lt;br /&gt;
#*Naar welke golfgetal verschuift deze band in het Raman spectrum als &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;16&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; door &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;18&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; vervangen wordt?&lt;br /&gt;
#*De fundamentele vibratie golfgetallen van de O-O stretching mode van O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;, O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; (superoxide anion) en O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2-&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; (peroxide anion) zijn respectievelijk 1555, 1107 and 878 cm&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-1&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. Verklaar deze trend in het licht van de elektronische structuur van O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;, O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; and O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2-&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;. &lt;br /&gt;
#*Welke van de volgende species Fe&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;2+&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;O&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;; Fe2+Fe3+O2- of Fe23+O22- beschrijft het best de Fe2O2 hemo-erytrine, rekening met de resonantie Ramanband bij 844 cm-1 en de data in vraag c? Verklaar uw antwoord.&lt;br /&gt;
#*Het resonantiespectrum van hemo-erytrine met &amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;16&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;O&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;18&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;O heeft 2 banden die kunnen toegeschreven worden aan de O-O stretching mode van gebondenzuurstof. Met welk van de structuren die u hieronder ziet is dit compatibel en waarom? Het is mogelijk dat meer dan Ã©Ã©n structuur mogelijk is. [[Media:Fe2O2complex.JPG]]&lt;br /&gt;
#Welke nulde orde golffuncties vindt u voor de kernspin van de CH&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;2&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;F groep van benzylfluoride? Welk type NMR-spectrum geeft deze groep?&lt;br /&gt;
#Wat gebeurt voor Al&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;+&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt; met de laagste toegelaten elektronische overgang in een magneetveld met sterkte B?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 juni 2011===&lt;br /&gt;
# Twee He atomen (4 a.u.) vormen een complex bij 1 mK. Onderlinge afstand is 2,97 Ã…. De nulpuntsenergie bedraagt 2,0 *10-26 J, de bindingsenergie is 1,51 *10-23 J.&lt;br /&gt;
#* Wat zijn de vibratiefrequentie (cm-1), krachtconstante, en de anharmonisiteitsconstante?&lt;br /&gt;
#* Hoeveel vibratieniveaus zitten in de put?&lt;br /&gt;
#* Bereken de rotatieconstante.&lt;br /&gt;
#* Bereken zo nauwkeurig mogelijk de eerste 3 rotatieniveaus.&lt;br /&gt;
#* Hoe ziet het fluorescentiespectrum eruit?&lt;br /&gt;
#19F NMR spectrum van ClF3 was gegeven. Het spectum moest besproken worden en de structuur van ClF3 hieruit vinden.&lt;br /&gt;
# Welke overgangen zijn mogelijk van het Ca+ -ion vanuit zijn elektronische stabielste toestand? Bereken de opsplitsing van de laagste aangeslagen elektronische toestand in een veld van 5T.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===18 juni 2010===&lt;br /&gt;
#In a classic study of the application of NMR to the measurement of rotational barriers in molecules. P.M. Nair and J.D. Roberts (j. Am. Chem. Soc. 79, 4565 (1957)) obtained the 40 MHz 19F-NMR spectrum of F2BrCCBrC12. Their spectra are reproduced below. At 193 K. the spectrum shows five resonance peaks. Peaks I and III are separated by 160 Hz, as are IV and V. The ratio of the integrated intensities of peak II to peaks I, III, IV, and V is approximately 10 to 1. At 273 K. the five peaks have. collapsed into one. Explain the spectrum and its change with temperature. At what rate of inter conversion will the spectrum collapse to a single line? Calculate the rotational energy barrier between the rotational isomers on the assumption that it is related to the rate of interconversion between the isomers. &lt;br /&gt;
#*[[Bestand:Spectro_2010_1.jpg]] &lt;br /&gt;
#De traagheidsmomenten van het lineaire HgBr2 zijn zeer groot dus de O en S takken van de vibrationele Raman spectra tonen weinig rotationele structuur. Berekenen de bindingslengte als je weet dat J correspondeerd met de maximale intensiteit. Afstand tussen O en S takken is 15,2 cm-1&lt;br /&gt;
#Een transitie van groot belang in zuurstofgas geeft aanleiding tot de &#039;Schumann-Runge band&#039; in UV. De golfgetallen van de transities van de grondtoestand naar vibrationele niveaus van de eerst aangeslagen toestand zijn gegeven. Bereken de dissociatie-energie van de hoogste liggend elektronisch niveau. Dezelfde aangeslagen toestand dissocieert naar een O atoom met 1 grondtoestand en 1 aangeslagen atoom met een energie van 190 kJ/mol boven de grondtoestand. Bereken hieruit de dissociatie-energie van de grondtoestand van zuurstofgas.&lt;br /&gt;
#Yb3+ heeft een 2F configuratie. Welke toestand zullen door spinorbitaalkoppeling bekomen worden. Deze met de hoogste J-waarde ligt het laagst in energie. Bereken kwantitatief de invloed van een magneetveld met sterkte 1 Tesla. Is de oscillatorstekte groot voor de eerste aangeslagen toestand. (golflengte gegeven) &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===15 juni 2009===&lt;br /&gt;
#Het rotatiespectrum van H2 (te beschouwen als starre rotator) bekomen door instralen met een laser bij 488 nm, bestaat uit een reeks lijnen bij 496.6 nm, 502.42 nm, 508.21 nm en 513.96 nm. Wat is de bindingsafstand? (1 blz)&lt;br /&gt;
#Het proteÃ¯ne hemo-erytrine staat in voor het zuurstoftransport in sommige ongewervelden. Elk proteÃ¯ne molecule heeft twee Fe2+ ionen die samenwerken om Ã©Ã©n molecule O2 te binden. De Fe202 groep van het gexoygeneerde hemo-erytrine is roodgekleurd en heeft een elektronische absorptie bij 500 nm. Het resonantie Raman-spectrum van het geoxygeneerde hemo-erytrine, bekomen met laser-excitatie bij 488 nm heeft een band bij 508.96 nm die toegeschreven wordt aan de O-O stretching van gebonden 1602.&lt;br /&gt;
#*Welk voordeel biedt resonantie Raman spectroscopie t.o.v. infrarood absorptie-spectroscopie om de binding van O2 aan hemo-erytrine te bestuderen?&lt;br /&gt;
#*Naar welke golfgetal verschuift deze band in het Raman spectrum als 1602 door 1802 vervangen wordt?&lt;br /&gt;
#*De fundamentele vibratie golfgetallen van de O-O stretching mode van O2, 02 - (superoxide anion, and O2 2- (peroxide anion) zijn respectievelijk 1555, 1107 and 878 cm-1. Verklaar deze trend in het licht van de elektronische structuur van O2, 02 - and O2 2-. &lt;br /&gt;
#*Welke van de volgende species Fe22+O2; Fe2+Fe3+02- of Fe23+022- beschrijft het best de Fe2O2 hemo-erytrine, rekening met de resonantie Ramanband bij 844 cm-1 en de data in vraag c? Verklaar uw antwoord.&lt;br /&gt;
#*Het resonantiespectrum van hemo-erytrine met 16O18O heeft 2 banden die kunnen toegeschreven worden aan de O-O stretching mode van gebondenzuurstof. Met welk van de structuren die u hieronder ziet is dit compatibel en waarom? Het is mogelijk dat meer dan Ã©Ã©n structuur mogelijk is. [[Media:Fe2O2complex.JPG]]&lt;br /&gt;
#Voor een continu opgenomen NMR spectrum (geen Fourriettransform NMR) stelt men cast dat bij toename van B1 de intensiteit van een lijn bij het maximum toeneemt en daarna opnieuw afneemt. Hoe kun je dit verklaren (je mag dit zowel op kwalitatieve als op meer kwantitatieve wijze doen)?.&lt;br /&gt;
#Wat gebeurt voor Al+ met de laagste toegelaten overgang in een magneetveld met sterkte B? Werk kwantitatief uit.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===12 juni 2009===&lt;br /&gt;
====Groep 1====&lt;br /&gt;
# Twee He atomen (4 a.u.) vormen een complex bij 1 mK. Onderlinge afstand is 2,97 Ã…. De nulpuntsenergie bedraagt 2,0 *10-26 J, de bindingsenergie is 1,51 *10-23 J.&lt;br /&gt;
#* Wat zijn de vibratiefrequentie (cm-1), krachtconstante, en de anharmonisiteitsconstante?&lt;br /&gt;
#* Hoeveel vibratieniveaus zitten in de put?&lt;br /&gt;
#* Bereken de rotatieconstante.&lt;br /&gt;
#* Bereken zo nauwkeurig mogelijk de eerste 3 rotatieniveaus.&lt;br /&gt;
#* Hoe ziet het fluorescentiespectrum eruit?&lt;br /&gt;
# De longitudinale relaxatietijd van benzeen (Ï„c = 10-10 s) neemt toe wanneer de temperatuur toeneemt terwijl dat van een oligonucleotide een groot molecule (Ï„c = 10-6 s) afneemt. Ï„c neemt toe naarmate de temperatuur stijgt. Wat gebeurt er met de transversale relaxatietijd van de beide moleculen wanneer de temperatuur stijgt?&lt;br /&gt;
# Welke overgangen zijn mogelijk van het Ca+ -ion vanuit zijn elektronische stabielste toestand? Bereken de opsplitsing van de laagste aangeslagen elektronische toestand in een veld van 5T.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
====Groep 2====&lt;br /&gt;
# Het absorptiespectrum van CdSe kwantum dot heeft een maximum bij 460 nm met een molaire extinctiecoÃ«fficiÃ«nt van 49000 cm^-1 M^-1 in een midden met een brekingsindex gelijk aan 7. De breedte van de absorptieband bedraagt 400 cm^-1.&lt;br /&gt;
#* Bereken de oscillatorsterkte.&lt;br /&gt;
#* Bereken de EinsteincoÃ«fficiÃ«nt voor spontane emissie voor de emissie bij 485 nm.&lt;br /&gt;
#*Bereken het transitiedipool.&lt;br /&gt;
# De golflengte van het ingestraalde licht bedraagt 488 nm in een Raman spectrometer. Wat is de golflengte van de eerste lijn van de Stokescomponent van het rotatie Ramanspectrum van 14N2? De bindingslengte bedraagt 0.109 nm&lt;br /&gt;
# Welk van de onderstaande vibraties van de acetyleen zijn IR-actief? Welk zijn Ramanactief? Hoeveel normale vibratiewijzen zijn hier mogelijk?&lt;br /&gt;
# Wat gebeurt voor waterstof met de overgang van 2D3/2 naar 2F5/2 in een magneetveld?&lt;/div&gt;</summary>
		<author><name>R0998693</name></author>
	</entry>
	<entry>
		<id>https://wiki.chemika.be/index.php?title=Moleculaire_Herkenning&amp;diff=5088</id>
		<title>Moleculaire Herkenning</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.chemika.be/index.php?title=Moleculaire_Herkenning&amp;diff=5088"/>
		<updated>2026-06-12T17:21:12Z</updated>

		<summary type="html">&lt;p&gt;R0998693: /* Examenvragen */&lt;/p&gt;
&lt;hr /&gt;
&lt;div&gt;&lt;br /&gt;
[[Categorie:Bachelor Chemie]]&lt;br /&gt;
==Vakinformatie==&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Verplicht vak voor chemie. Moleculaire herkenning wordt gedoceerd door 2 proffen. Mario smet en Wim &amp;amp;quot;sandalen&amp;amp;quot; Dehaen. 50% van de punten staan op het examen, de andere 50% staan op een paper. Op het examen worden mondelinge vragen gesteld over de paper. Bij prof. Smet zijn dit normaal enkel de vragen die hij geeft bij de feedback op de paper,&lt;br /&gt;
prof. Dehaen stelt vaak ook extra vragen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen==&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===10 juni 2026 ===&lt;br /&gt;
#Deel Wim&lt;br /&gt;
#*Koppelvraag: Koppel elke gastmolecule aan een geschikte gastheer en oplosmiddel. Niet elke gastheer of elk oplosmiddel moet gebruikt worden; hergebruik is toegestaan.&lt;br /&gt;
#**Gasten: Fe3+, Yb3+, tetramethylammonium, benzoaat&lt;br /&gt;
#**Gastheren: een resorcinareen, een [4]-calixareen met een -O-CH2COOH op elke ring, een [6]-calixareen met op de ring aan de ene kant een SO3H aan de andere kant een staart met een hydroxyamide rest aan, een [6]-calixareen met daaraan een staart met aan het uiteinde een fenylureum staart&lt;br /&gt;
#**solventen: methanol, water (pH 3, 7 of 10), DCM&lt;br /&gt;
#*Stel een synthesetraject op voor de macroring 15 kroon 5 maar ipv met zuurstoffen met (NH , O , NH, S, S) vanuit HSCH2CH2SH en H2NCH2CH2OCH2CH2NH2. Welke techniek zou je gebruiken om een maximale opbrengst te bekomen?&lt;br /&gt;
#*Geef de structuur van cyclotriveratryleen en de synthese vanuit veratrol. Waarom zijn asymmetrisch gesubstitueerde CTV&#039;s chiraal?&lt;br /&gt;
#Deel Mario&lt;br /&gt;
#* Je krijgt een complexatie van een gast en gastheer die via pi-pi interacties complexeert en net naast deze aromatische ringen een waterstofbrug vormt met een amide op de gast.&lt;br /&gt;
#** Men wil d.m.v. substituenteffecten op de aromatische ringen ph1 (= op gast) en ph2 (= op gastheer) de bijdrage voor deze pi-pi interactie meten. Welke complicatie verwacht je echter met deze methode, bij dit specifieke complex?&lt;br /&gt;
#** Verklaar in de tabel (tabel met horizontaal de para-ph1 substituenten en vertikaal de para-ph 2 substituenten) de verlopen van de incrementen. (De incrementen zijn aangepast aan de complicatie die je in het eerste puntje moet geven en zijn dus correct)&lt;br /&gt;
#** Bepaal ook het teken van de Hammett rho parameters.&lt;br /&gt;
#*Molecule gegeven met 5 H-bruggen, we willen de bindingsconstante van H-brug met * bepalen. Hoe doen we dit? Er zullen problemen opduiken. Geef een oplossing voor deze problemen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 juni 2025 ===&lt;br /&gt;
#Deel Wim&lt;br /&gt;
##Koppelvraag: Koppel elke gastmolecule aan een geschikte gastheer en oplosmiddel. Niet elke gastheer of elk oplosmiddel moet gebruikt worden; hergebruik is toegestaan.&lt;br /&gt;
##*Gasten: Li+, Ag+, K+, Eu3+ en tweevoudig alifatische quaternair ammmoniumzout verbonden met een ring&lt;br /&gt;
##*Gastheren: diaza18C6, DCH18C6, B18C6, 12C4, 16C4, molecule op p 71, molecule op p 81 met 4 carbonzuren&lt;br /&gt;
##*solventen: methanol, water (pH 7 of 10), chloroform&lt;br /&gt;
##synthetiseer de molecule: molecule op p. 80 (alleen is de acylgroep vervangen door NO2 groep en is het kroonether een azakroonether). Hoe kan je de synthese optimaliseren? (hoge verdunning)&lt;br /&gt;
#Deel Mario&lt;br /&gt;
##leg uit hoe cyclovoltametrie kan helpen bij het karakteriseren bij het catenaan dat uitvoerig is besproken in zijn slides over rotaxanen en catenanen&lt;br /&gt;
##Leg de Hammett equation uit en geef het teken van rho bij de complexatie van een complex amide met het chloride anion. Leg ook uit hoe je de benzeenring op de gastheer kan modificeren om zo Cl- nog beter te complexeren&lt;br /&gt;
##leg de fysische werking uit van transitietoestandanaloga&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17 juni 2025 (VM)===&lt;br /&gt;
#Deel Wim&lt;br /&gt;
##Koppelvraag: Koppel elke gastmolecule aan een geschikte gastheer en oplosmiddel. Niet elke gastheer of elk oplosmiddel moet gebruikt worden; hergebruik is toegestaan.&lt;br /&gt;
##*Gasten: hexadecyltrimethylammoniumchloride (focus op het hexadecyltrimethylammonium-kation), tetraethylammoniumnitraat (focus op nitraat), 1-naftaleensulfonzuur, 4-aminobutaanzuur.&lt;br /&gt;
##*Gastheren: [2.2.2]-cryptand, resorcinareen, α-cyclodextrine, β-cyclodextrine, lariatkroonether met amine-/amidegroepen in de staart, azakroonether-achtige macrocyclus met meerdere amines en twee benzeenringen als ‘caps’.&lt;br /&gt;
##*Solventen: dichloormethaan (DCM), methanol, water (pH 2, 7 of 10).  &lt;br /&gt;
##**Tip: 4-aminobutaanzuur komt voor als zwitter-ion (combinatie met lariatether (zuur = h-brug acceptor dus met de NH staart, amine = h-brug donor dus met kroonether), 1-naftaleensulfonzuur met beta-cyclodextrine, nitraat met het azakroonether, hexadecyltrimethylammoniumchloride was volgens mij met het resorcinareen.)&lt;br /&gt;
##Wat is het effect van rigide groepen op de effectieve molariteit (EM)?&lt;br /&gt;
##Stel een synthesetraject op voor het thia-analoog van de [2.2.2]-cryptand, vertrekkende van triethanolamine. Hoe maximaliseren we de synthese?  &lt;br /&gt;
##*Tip: OH vervangen door betere leaving-group (bv tosyl), dat laten reageren met een thiol (bv ethane-1,2-dithiol). Maximaliseren met hoge verdunning en base (cesiumeffect).&lt;br /&gt;
#Deel Mario&lt;br /&gt;
##Welk proces heeft de kleinste entropieverandering?  &lt;br /&gt;
###Een cyclisatie waarbij een alkyn (R–C≡CH) met een triazene reageert tot een triazoolring  &lt;br /&gt;
###Vorming van een waterstofbrug tussen amidegroepen&lt;br /&gt;
##Wat is het teken van ρ in de Hammetvergelijking bij complexatie van K⁺ met een kroonether die een benzeenring bevat, waarbij R een substituent is op die aromatische ring? Geldt dezelfde redenering ook voor een kroonether waarbij R via een CH₂-keten aan de kroonether is gekoppeld (dus kroonether–CH₂–R i.p.v. kroonether–C₆H₄–R)?  &lt;br /&gt;
##*Tip: zelfde redenering geldt niet want er wordt geen rekening gehouden tussen inductieve en mesomere effecten bij rho (dus mesomeer gevend kan inductief zuigend zijn).&lt;br /&gt;
##&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===11 juni 2025 (VM)===&lt;br /&gt;
#Deel Wim&lt;br /&gt;
#*Synthetiseer een [2.1.1]cryptand&lt;br /&gt;
#*Belang resorcinol molecule in de supramoleculaire chemie bespreken, had te maken met boot-/stoel-conformatie dus resorcinarenen. En dan toepassingen van resorcinarenen geven ( complexatie met quaternaire amoniumzouten en vooral cavitanden en carceplexen)&lt;br /&gt;
#*standaard combinatievraag&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#Deel Mario&lt;br /&gt;
#* Exact hetzelfde als 30 augustus 2021&lt;br /&gt;
#* Bij vraag 2: Let op de basisiciteit van de stikstofatomen -&amp;gt; alternatieve molecule zal een zuur-base reactie hebben met de stikstof van de macroring, waardoor je geen pseudo-rotaxaan kan krijgen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===12 juni 2024 (VM)===&lt;br /&gt;
#Deel Wim&lt;br /&gt;
#*Synthetiseer 4de molecule p78, waarvan 2 van de 4 moleculen: R = propyl en de andere 2 hadden geen tert-buthyl maar een monoazakroonether. Gegeven waren startproducten formaldehyde (mag je 2 keer gebruiken), monoazakroonether en tertbuthylfenol. Zoek een juiste volgorde van synthesestrategie. (Bijvraag: wat en hoe reageert formaldehyde en waar op de ring)&lt;br /&gt;
#*Wat is het verschil tussen een vaste-toestand-inclusiecomplex en een clathraat? (Bijvraag: iets van voorbeeld gegeven)&lt;br /&gt;
#*Wat is het verschil tussen sephulcraat, sidefoor of sacrofagine? En hoe worden deze bereid uit formaldehyde en ethyleendiamine? &lt;br /&gt;
#*Klassieke vraag van 4 gastheren, 4 gasten en 5 solventen. Geef ook welke niet-covalente interacties er aanwezig zullen zijn.&lt;br /&gt;
##*Gasten (structuren gegeven): 1,4-benzendicarboxylic acid / Paraquat / isocyanuurzuur / ureum&lt;br /&gt;
##*Gastheren (structuren gegeven): Glycoluril (6 keer in een cirkel) / en nog 3 anderen die ik niet ken)&lt;br /&gt;
##*Solventen Water pH 3 / 7 / 10 / MeOH en DCM (Let op met de interacties)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#Deel Mario&lt;br /&gt;
#*2 reacties gegeven (1 met 2 moleculen waarbij covalente binding gevormd wordt, 2 azijnzuren die H-bruggen vormen) welke heeft de grootste entropieverandering?&lt;br /&gt;
#*Molecule gegeven met pi-pi-stapeling. Wat is het teken van de Hammett-parameter rho? Leg uit als er pH-afhankelijkheid is voor het teken? (Ja!)&lt;br /&gt;
#*Molecule gegeven met 5 H-bruggen, we willen de bindingsconstante van H-brug met * bepalen. Hoe doen we dit? Er zullen problemen opduiken. Geef een oplossing voor deze problemen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===11 Juni 2024 (VM)===&lt;br /&gt;
#Deel van Dehaen&lt;br /&gt;
#*Volgende moleculen werden getest op gast-gastheer complexvorming met chloride-anion. Bij hetzelfde solvent ging de complexvorming het best op met gastheer 1, dan 2 en dan 3 die beduidend veel slechter complexeerde. Nochtans heeft 3 een extra H op de aromatische N in vergelijking met 1. De onderzoekers linkten de slechte complexvorming bij 3 met een verschil in preorganisatie. Leg uit. (Het kwam erop neer dat je de groepen juist moest uittekenen en dan de juiste interacties moest vinden.) [[File:Vraag1Wim.png|caption]]&lt;br /&gt;
#*Rangschik volgende moleculen van slechtst naar best voor complexvorming met een Li-kation. [[File:Vraag2Wim.png|caption]]&lt;br /&gt;
#*Geef een voorstel van de synthese van hexathia-18-kroon-6 waarbij je bèta-halogeensulfiden vermijdt.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#Deel van Mario&lt;br /&gt;
#*Wat is de ceiling temperature en floor temperature? Wat is hun fysische betekenis? Geef een voorbeeld van supramoleculaire polymeren bij elke soort temperatuur. Leg uit wat het belang is van de ceiling temperature bij duurzame afvalverwerking van de polymeren.&lt;br /&gt;
#*Rotaxaanvormingsreactie gegeven. Bepaal het teken van de Hammet-parameter rho met betrekking tot substituent R voor de ligging van het ev. Zou deze rotaxaanvorming ook opgaan met een difenylamine? (exact zelfde vraag als augustus 2021)&lt;br /&gt;
#*Waarom worden cyclodextrines gebruikt in geneesmiddelen? Leg uit aan de hand van de Lipinski regels voor orale beschikbaarheid.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 Juni 2023===&lt;br /&gt;
#Deel van Dehaen&lt;br /&gt;
#*Hoe maak je 1,4,10,13-tetraäza-18-kroon-6 uitgaande van 1,2-diaminoëthaan en eventueel andere reagentia? Welke techniek zou je gebruiken om een maximale opbrengst te bekomen?&lt;br /&gt;
#*Wat is het verschil tussen een vaste-toestand-inclusiecomplex en een clathraat?&lt;br /&gt;
#*Wat zijn sepulchraat- en sarcofaginecomplexen en hoe kan je ze bereiden met ethyleendiamine en Co(III)?&lt;br /&gt;
#*Combinatievraag: Combineer telkens een gast, gastheer en een solvent. Er zijn 4 gastheren, 4 gasten en 5 solventen gegeven. Bij elke gastheer hoort 1 gast en vice versa. Er zijn meer solventen gegeven dan gasten en gastheren, dus hier kan je er al zeker 1 niet gebruiken. Geef een korte verklaring bij elke combinatie die je maakt.&lt;br /&gt;
#**Gastheren: 1. een cyclofaan met 2 ringen en 3 NH&#039;s tussen de ringen aan elke kant (tussen elke NH zat een CH2). 2. Cucurbit[6]uril. 3.Een klein cyclisch molecule met 2 aromatische ringen met een N naar binnen gewezen. Boven deze ring zijn 2 of 3 NH&#039;s, eronder 2 N-CH3&#039;s. 4. Een groot cyclisch molecule met aromatische ringen met een N (naar binnen wijzend) en tussen de aromatische ringen een koolstofketen met NH&#039;s (ook 2 random C=O bindingen die naar buiten wijzen, links- en rechtsboven).&lt;br /&gt;
#**Gasten: 1. Koolstofketen met aan elke uiteinde een aromatische ring. Op de verbinding tussen de keten en elke ring zit een positief geladen N. 2. ureum. 3. Cyclohexaan met afwisselend een O (C=O, met C de C van de ring en O het substituent) en een NH2 als substituent (in totaal volledig gesubstitueerd). 4. Een aromatische ring met 2 COOH substituenten in para.&lt;br /&gt;
#**Solventen: Water (pH 3,7 of 10), methanol of dichloormethaan&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#Deel van Mario&lt;br /&gt;
#*Er is een afbeelding gegeven van het complex dat KI coöperatief kan binden adhv Zn (staat ook in de slides bij coöperativiteit). Dan staan er bindingsconstantes gegeven van KI, KClO4, NaI en NaClO4 met KI duidelijk de hoogste bindingsconstante.&lt;br /&gt;
#**a) Verklaar de waargenomen resultaten.&lt;br /&gt;
#**b) Welke binding gaat volgens jou gepaard met de grootste entropieverandering? Verklaar.&lt;br /&gt;
#*18-kroon-6 is gegeven met een aromatische ring erop en aan de aromatische ring hangt een R. Wat is het teken van rho indien de complexeren van K+ met deze structuur bekijken en wat is de verhouding met R? Geef in je antwoord zeker de volledige Hammett-vergelijking. Dan staat er een tweede afbeelding gegeven, ook 18-kroon-6, maar hier is het substituent -CH2-R. Geldt dit ook voor de tweede structuur?&lt;br /&gt;
#*Wat zijn de voor- en nadelen van supramoleculaire polymeren?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 Juni 2022 ===&lt;br /&gt;
#Dehean&lt;br /&gt;
#*Combinatievraag&lt;br /&gt;
#**Solvent: CH2Cl2, MeOH, H2O pH (2,7,12)&lt;br /&gt;
#**Guests: trimethylhexadecylammonium *Cl-*, *tetrabutylammonium* nitraat, naftaleen-1-sulfonzuur, 4-aminobutaanzuur&lt;br /&gt;
#**Hosts: zeven, enkel molecule gegeven dus kan ze niet opnoemen ([2,2,2]-cryptand met enkel zuurstof, ...)&lt;br /&gt;
#*Verband EM &amp;amp; rigide groepen&lt;br /&gt;
#*Synthese hexathia-analoog van [2,2,2] cryptand, uitgaande van triëthanolamine&lt;br /&gt;
#**Hoe maximaliseren we de synthese?&lt;br /&gt;
#Smet&lt;br /&gt;
#*Bespreek compensatiegedrag entropie en enthalpie&lt;br /&gt;
#*Welke technieken om verschil tussen een catenaan en zijn 2 aparte ringen te meten (vermeld eventuele eigenschappen die nodig zijn op de macroringen)&lt;br /&gt;
#*Azidothymidine: structuur gegeven, voorspel werking en bio-beschikbaarheid&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 30 Augustus 2021===&lt;br /&gt;
[https://i.imgur.com/eDCNSJR.jpg Dehaen] &amp;lt;br&amp;gt;&lt;br /&gt;
[https://i.imgur.com/JolZOyK.jpg Smet]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 18 juni 2021===&lt;br /&gt;
#Dehaen&lt;br /&gt;
#*Combinatievraag. &lt;br /&gt;
#**Gasten: naftaleenderivaat, nitraat, aminobutaanzuur,... &lt;br /&gt;
#**Gastheren: alpha-cyclodextrine derivaat met een quaternair amoniumzout aan gebonden, beta-cyclodextrine derivaat, kroonether met thioureumfuncties, een lariatether, [2.2.2] cryptand met zuurstof als donoratomen en N als bruggenhoofden. &lt;br /&gt;
#**Solvent: water pH 2, 7, 10, methanol, CH2Cl2&lt;br /&gt;
#*Verband EM &amp;amp; rigide groepen&lt;br /&gt;
#*Synthese van het thia-analoog van de [2.2.2]-cryptand startende van een triethanolamine. &lt;br /&gt;
#Smet&lt;br /&gt;
#*Leg uit waarom de meeste polymerisatiereacties slechts opgaan onder een bepaalde temperatuur. Geef de naam van deze temperatuur. &lt;br /&gt;
#*Leg uit waarom sommige polymerisatiereacties enkel opgaan boven een bepaalde temperatuur. Geef de naam van deze temperatuur. Geef een voorbeeld van een monomeer dat dergelijk gedrag vertoond. &lt;br /&gt;
#*Vraag over een complexatiereactie met een R-substituent en wat het teken van rho zou zijn in de Hammett-vergelijking.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 26 juni 2019 VM===&lt;br /&gt;
# Dehaen&lt;br /&gt;
#* Uitleggen waarom verzeping plaatsvindt van een gegeven molecule met KOH in tolueen enkel als een kroonether aanwezig (18-kroon-6 analoog)&lt;br /&gt;
#* Uitleggen waarom cyclodextrines geschikt zijn voor &amp;quot;drug delivery&amp;quot; en een geschikt cyclodextrinekiezen (alfa, beta, gamma) voor naproxen (naftaleenderivaat)&lt;br /&gt;
#* Waarom base gebruiken voor kroonethersynthese van catechol en oligoethyleenglycoltosylaten? (deproteneren / templaateffect van kation)&lt;br /&gt;
#** Verschillende kroonethers gegeven met variërende lengte en aantal zuurstoffen. Hij vraagt om voor elke kroonether de juiste base te kiezen&lt;br /&gt;
#** Keuze uit 5 basen: LiAcO, KAcO, NH4AcO, CsAcO en moleculair kation en AcO-&lt;br /&gt;
#* Resorcinaren worden gevormd in zuur milieu maar na een tijdje zal het thermydynamischer stabieler zijn (stoel versus boot)&lt;br /&gt;
#** Geef interacties van beide isomeren in basisch milieu met een tetraalkylammonium-kation&lt;br /&gt;
# Smet&lt;br /&gt;
#* 2 associaties gegeven, welke van de 2 associaties heeft de kleinste entropieverandering? (A = H-brugacceptor &amp;amp; D = H-brugdonor)&lt;br /&gt;
#** Associatie 1: ADA DAD (letters staan eigelijk onder elkaar)&lt;br /&gt;
#** Associatie 2: AAA DDD (letters staan eigelijk onder elkaar)&lt;br /&gt;
#* Molecule gegeven met R-groep  dat interacties aangaat met een chloride-anion&lt;br /&gt;
#** Welke interacties zijn er voornamelijk?&lt;br /&gt;
#** Wat voor groep moet R zijn? Hoe verhoudt zicht dat tot de parameter rho?&lt;br /&gt;
#* Bespreek biobeschikbaarheid van morfine (structuur gegeven) &lt;br /&gt;
#** Heroïne heeft een sterker effect op het centraal zenuwstelsel, verklaar? (gegeven dat morfine reageert met overmaat azijnzuuranhydride en heroïne vormt).&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 21 juni 2018 NM===&lt;br /&gt;
# Dehaen&lt;br /&gt;
#* Combineer:&lt;br /&gt;
#** Gasten: trimethylhexadecylammoniumion, nitraation, 4-aminoboterzuur, naftaleensulfonzuur. &lt;br /&gt;
#** Gastheren: resorcinareen, benzokroonether met één N en op die N zat een keten (keten = CH2 C6H4 CH2 ... NH C=NH NH ... azole ring), twee speciale cyclodextrines (eentje was een ring van zes monomeren met een ammoniumfuntie op, de andere was een ring van zeven monomeren met een thia-amine keten op), een ring met drie benzenen en tussen elke benzeen de groep CH2 CH2 NH C=S NH CH2 CH2), nog eentje die ik me niet herinner&lt;br /&gt;
#** Solventen: de gewoonlijke&lt;br /&gt;
#* Effect rigide groepen op EM&lt;br /&gt;
#* Synthese thia analoog [2.2.2]cyrptand, hoe synthese verbeteren?&lt;br /&gt;
#*Pillarenen uitleggen, verband andere calixarenen&lt;br /&gt;
# Smet&lt;br /&gt;
#* Welke reactie geeft de grootste entropie veranderingen? eentje is het azijnzuur dimeer, de andere is de cyclisatie van twee ringen (eentje is maleïnezuuranhydride en de ander cyclohexa-1,3-dieen) (volgens chemdraw heet het gevormde molecule (4R,7aS)-3a,4,7,7a-tetrahydro-4,7-ethanoisobenzofuran-1,3-dione). Bijvraag: iets met de deeltermen van de entropie, bij welke is welke het grootst? &lt;br /&gt;
#* Geef teken rho (Hammett) van de complexatie van K+ met een benzokroonether met aan die benzeenring een substituent R. Geldt deze redenering voor rho ook voor een tweede kroonether die aan een ethyleen eenheid een CH2R groep heeft hangen?&lt;br /&gt;
#* Bespreek relenza en tamiflu, over hun biobeschikbaarheid en mechanisme&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 juni 2018 NM===&lt;br /&gt;
# Dehaen&lt;br /&gt;
#* Combineren van gast, gastheer en solvent met als gasten: lanthaan, paraquat en nog een dicarbonzuur, als gastheren verschillende calixarenen in water ph 2,7,10, methanol of chloroform&lt;br /&gt;
#* Vraag welke het beste zou zijn voor ionentransport over een organisch membraan: diglyme of 2,2,2 kryptand&lt;br /&gt;
#* Een synthese van een 2,2,2 thiakryptand derivaat&lt;br /&gt;
# Smet&lt;br /&gt;
#* Ceiling &amp;amp; floortemperatuur + voorbeeld&lt;br /&gt;
#* Met de hammetvgl werken en teken van rho bepalen bij een complexvorming van pseudorotaxaan&lt;br /&gt;
#* Invloed van ... (cyclodextrine?) op transport van medicijnen en da linken aan de lipinskiregels&lt;br /&gt;
=== 15 juni 2018 VM ===&lt;br /&gt;
# Dehaen&lt;br /&gt;
#* Stel een synthese voor voor het volgende molecule: vanuit p-tBu-fenol en p-Me-fenol een calix[4]areen met aan de 1,3-alcoholen het trimeer van p-Me-fenol (via ether). Deze 1,3benzeenringen hebben geen buty meer, en alle overgebleven vrije hydroxylgroepen zijn gemethyleerd. &lt;br /&gt;
#* Nonactine &amp;amp; valinomycine&lt;br /&gt;
#* Gast, gastheer, solvent: &lt;br /&gt;
#** H2O (pH = 3,7, 10), DCM, MeOH&lt;br /&gt;
#** Na+, ammoniumzout*, diamide*, benzoezuur (* = structuur gegeven)&lt;br /&gt;
#** Calix[4]areen*, resorcinol uit acetaldehyde en 24u reflux, benzokroonether*, alfa-cyclodextrine, diamine* (* = structuur gegeven)&lt;br /&gt;
# Smet&lt;br /&gt;
#* Welk proces geeft de grootste entropieverandering met zich mee? &lt;br /&gt;
#** Furaan + H2C=COOR --&amp;gt; furaanring waarvan de twee dubbele bindingen weg zijn en er eentje bij is gekomen waar er eerst de enkele binding was, en de twee koolstoffen naast de zuurstof zijn nu verbonden met de koolstoffen van de dubbele binding van het ester&lt;br /&gt;
#** twee carbonzuren die een dimeer vormen&lt;br /&gt;
#* Bepaal teken rho, heeft pH invloed (R-C6H5 pi-pi stapeling met C6H5-NH2)&lt;br /&gt;
#* Relenza en tamiflu (orale beschikbaarheid en mechanisme)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 22 juni 2017 ===&lt;br /&gt;
#Dehaen:&lt;br /&gt;
#* Stel de synthese op voor het Lehn&#039;s sferand (structuur gegeven) vanuit (derivaten van) diëthyleenglycolen.&lt;br /&gt;
#* Wat zijn pseudo-hoge-verdunningsvoorwaarden en hoe werkt dit?&lt;br /&gt;
#* Combineer. Gastheren: cyclisch guanidine, cucurbit[8]uril, 30-kroon-10. Gasten: arginine, N-acetyltryptofaan, 1,4-bis(aminoimidazoline)butaan. Solventen: Chloroform, methanol, water pH 2, 7 en 10. (structuren gegeven)&lt;br /&gt;
#Smet:&lt;br /&gt;
#* Gegeven: een pyrrool gesubstitueerd met een alkeen met twee R-substituenten (willekeurig). Dit molecule interageert met een onbekende receptor. Welke interactie veronderstel je? Bepaal het teken van rho. Wat gebeurt er met de absolute waarde van rho wanneer je een R-substituent vervangt door een H-atoom.&lt;br /&gt;
#* Wat is transfectie en hoe kan supramoleculaire chemie hierbij helpen?&lt;br /&gt;
#* Twee verbindingen gegeven, elk met 3 waterstofbindingen (structuren uit slides deel supramoleculaire polymeren). Welke verbinding heeft de grootse associatieconstante en waarom?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 16 juni 2017 ===&lt;br /&gt;
#Dehaen:&lt;br /&gt;
#* welke factoren beinvloeden de effectieve molariteit&lt;br /&gt;
#* synthese van hexathia18-kroon-6 vanuit ethyleenglycol en bis(2hydroxyethyl)sulfide op een veilige manier en wat doen we om de opbrengst zo hoog mogelijk te houden&lt;br /&gt;
#* wat zijn ansa-verbindingen en hoe kunnen ze meer inzicht geven over de ruimtevulling van de groepen&lt;br /&gt;
#* een structuur gegeven met 2 NH2 groepen een kroonether en een R (fenyl). 4-aminobutaanzuur is beter oplosbaar dan glycine (2-aminoazijnzuur) en 6-aminohexaanzuur. Hoe komt dit, welke interacties. De oplosbaarheid stijgt wanneer we R vervangen door (4-NO2-fenyl). Verklaar.&lt;br /&gt;
#* er zijn twee isomeren bij de synthese van resorcinarenen. Welke zijn dit?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#SMET:&lt;br /&gt;
#* gegeven een amide: RR&#039;C=CH-CO-N(CH3)2 met onbekende receptor gaat interageren:&lt;br /&gt;
Welke interactie verwachten we, teken van reactieparameter, plus redeneer. Wat gebeurt er met de absolite waarde van de reactieparameter als we een van de R groepen vervangen door een H.&lt;br /&gt;
#* lipskin regel geven en wat is het belang tegenwoordig in farmaceutische industrie &lt;br /&gt;
#* Bij synthese van rotaxanen volgens iemand (Stoddart ofzo)(tetrakationisch complex) zal threading een hogere opbrengst geven dan clipping waarom?&lt;br /&gt;
Waarom dan niet altijd threading?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 19 juni 2015 ===&lt;br /&gt;
#Dehaen:&lt;br /&gt;
#* Stel een synthese voor voor het volgende molecule: vanuit p-tBu-fenol en p-Me-fenol een calix[4]areen met aan de 1,3-alcoholen het trimeer van p-Me-fenol (via ether). Deze twee benzeenringen zijn ook gedebutyleerd en alle overgebleven vrije hydroxylgroepen zijn gemethyleerd.&lt;br /&gt;
#* Bespreek aan de hand van hun structuurelementen de functie van nonactine en valinomycine (structuur gegeven).&lt;br /&gt;
#* Verbind de juiste gastheren met de juiste gasten en solventen. Gasten: Natriumion, p-diaminobenzeen, p-diaminobenzeen met beide stikstoffen tetragebutyleerd, benzoÃ«zuur. Gastheren: calix[4]areen, een groot dibenzokroonether, een resorcinareen verkregen na 24 uur reflux, alfa-cyclodextrine en een aromatisch diamide. Solventen: water (pH 3, 7, 10), MeOH &amp;amp;amp; DCM.&lt;br /&gt;
#Smet:&lt;br /&gt;
#* 4-R-pyridine. Deze gast bindt enkel aan de gastheer indien de stikstof geprotoneerd is. Bepaal het teken van de Hammett-parameter rho. Op welke interactie zou de complexatie kunnen berusten?&lt;br /&gt;
#* Geef de twee methoden die gebruikt kunnen worden om de associatieconstante te schrijven in functie van deelassociatieconstanten. Beschrijf de fysische basis van het probleem dat hierbij optreedt.&lt;br /&gt;
#* Bespreek de moleculaire basis van plaquevorming zoals die optreedt bij bijvoorbeeld de ziekte van Alzheimer. Wat zijn de therapeutische mogelijkheden om dit tegen te gaan? Bijvraag: op welke secundaire structuren en soorten interacties berust de associatie?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===18 juni 2014 (voormiddag) ===&lt;br /&gt;
#Dehaen:&lt;br /&gt;
#* Geef een voorstel voor de synthese van een gegeven [2.2.2]cryptand uitgaande van chlooracetamide. Het cryptand heeft stikstoffen als bruggenhoofden, 2 ketens met telkens 2 zuurstoffen en 1 keten met 2 zwavelatomen. En hoe kan je de macroyclisatie bevorderen?&lt;br /&gt;
#* Transport van donor naar acceptorlaag via een organisch membraan? hoe gaat dit het beste met pentaglyme of met een [2.2.2]cryptand. Verklaar.&lt;br /&gt;
#* Verbind de juiste gast met de gegeven gastheren en solventen. Er zijn meer gastheren en solventen dan er gasten zijn.&lt;br /&gt;
#Smet:&lt;br /&gt;
#* Je hebt een gesubstitueerd chinoline (onbekende substituent). Dit chinoline complexeert enkel met een gastheer als de N niet geprotoneerd is. wat is het teken van de hammet-parameter Rho? welke interactie zal er zijn tussen de gast en de gastheer?&lt;br /&gt;
#* Geef de 4 belangrijkste entropieveranderingen bij complexatie en bespreek. Welke is verantwoordelijk voor preorganisatie? Leg uit.&lt;br /&gt;
#* Invloed ketenlengte benzokroonether op rendement van een catenaan met een tetrakationisch cyclofaan.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 19 juni 2014 (namiddag) ===&lt;br /&gt;
#Dehaen:&lt;br /&gt;
#* Geef een voorstel voor de synthese van een gegeven calix[4]hemisferand uitgaande van 2 gegeven fenolen. De receprot bestond uit een calix[4]areen met een hemisferand aangehecht op de 1- en 3-posities.&lt;br /&gt;
#* Gegeven de structuur van valinomycine en nonactine: bespreek de functie  en hoe de verschillende structuurelementen hiertoe bijdragen.&lt;br /&gt;
#* Verbind de juiste gast met de gegeven gastheren en solventen. Er zijn meer gastheren en solventen dan er gasten zijn.&lt;br /&gt;
#**solventen: zuur, neutraal of basisch water, methanol, dicchloormethaan&lt;br /&gt;
#**gastheren: cyclodextrine, een grote benzokroonether, een calyxareen, stoel resorcinareen en een heteroaromatische receptor met amidefuncties.&lt;br /&gt;
#**gasten: natriumion, aromatisch diamine, aromatisch diammoniumzout, benzoÃ«zuur&lt;br /&gt;
#Smet:&lt;br /&gt;
#* Op welke 2 manieren kunnen we de totale associatieconstante beschouwen als een product van deelassociatieconstanten? Wat is bij elk het grootste fysisch probleem? Welk van deze 2 methoden is, op praktische gronden, te verkiezen en waarom?&lt;br /&gt;
#* Gegeven een amide met een para-gesubstitueerde fenylgroep op de N en de carbonyl. Dit molecule gaat waterstofbindingen aan met zowel de zuurstof als de NH. Wat is het teken van de Hammett-parameter rho voor het substituent op elke benzeenring?&lt;br /&gt;
#* Gegeven de structuur van een receptor bestaande uit een porfyrinering, gekoppeld aan een calixareen met ketens die veel heteroatomen bevatten. De bindingsconstanten van KI is hoog, die voor NaI en NaClO&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;4&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; tussenin (en ongeveer gelijk), die van KClO&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;4&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; laag. Verklaar waarom. (Deze structuur staat in de cursus ter hoogte van het deel over coÃ¶perativiteit).&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 juni 2012 (namiddag) ===&lt;br /&gt;
#Dehaen:&lt;br /&gt;
#* Wat zijn pseudo-hoge verdunningsvoorwaarden en geef 2 voorbeelden hoe men dit in de praktijk bewerkstelligt.&lt;br /&gt;
#* Onderzoekers onderzochten de complexatieconstante van verbindingen A, B en C met het chloride-anion. Ondanks extra H-atoom beschikbaar, had C toch de laagste complexatieconstante. Volgorde was K&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;A&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; &amp;amp;gt; K&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;B&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; &amp;amp;gt;&amp;amp;gt; K&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;C&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;. Volgens de onderzoekers had dit te maken met een verschillende preorganisatie. Verklaar. &amp;amp;lt;br /&amp;amp;gt;[[Bestand:MolHerExamenDehaen.jpg]]&lt;br /&gt;
#* Rangschik volgens toenemende affiniteit voor het kaliumkation en motiveer: 18-kroon-6, 1,10-dithia-18-kroon-6, benzo-18-kroon-6, [2.2.2]cryptand, 15-kroon-5, 21-kroon-7.&lt;br /&gt;
#Smet:&lt;br /&gt;
#* Voor een bepaald hydrofoob (gedeelte van een) gastmolecule werd aangetoond dat het de hydrofobe holte van de gastheer maar voor 55% vult in stabielste toestand. Verklaar thermodynamisch waarom het kan dat deze gedeeltelijk gevulde toestand meer bevoordeeld wordt dan de volledig gevulde holte.&lt;br /&gt;
#* &lt;br /&gt;
#** Welke interacties zijn van belang bij het catenaan gevormd uit &#039;&#039;&#039;1&#039;&#039;&#039;, &#039;&#039;&#039;2&#039;&#039;&#039; en &#039;&#039;&#039;3&#039;&#039;&#039;?&lt;br /&gt;
#** Wat zou het effect zijn op de bindingsconstante moest het catenaan gevormd worden rond &#039;&#039;&#039;4&#039;&#039;&#039; i.p.v. &#039;&#039;&#039;1&#039;&#039;&#039; en waarom?&lt;br /&gt;
#** Beredeneer het teken van de Hammett parameter Ï van de catenatiereactie van &#039;&#039;&#039;5&#039;&#039;&#039; met het monogealkyleerd derivaat van &#039;&#039;&#039;3&#039;&#039;&#039; (hiermee wordt bedoeld, de open-ketenvorm van &#039;&#039;&#039;2&#039;&#039;&#039; enkelvoudig gebonden aan &#039;&#039;&#039;3&#039;&#039;&#039;). Sterische effecten van R mogen verwaarloosd worden [[Bestand:CatenaanSmet.png]]&lt;br /&gt;
#* Onderzoekers synthetiseerden bovenste verbinding als receptor voor de onderste (tekening is &#039;&#039;ongeveer&#039;&#039; juist). Belangrijke interacties hierbij zijn H-bruggen, maar ook de Ï€-Ï€-interacties tussen de eindstandige benzeenringen spelen een beduidende rol. Om aard en sterkte van deze Ï€-Ï€-interacties te onderzoeken synthetiseerde men een aantal derivaten van beide, en mat men het verschil in bindingssterkte voor verschillende substituenten op de benzeenringen. [[Bestand:receptorSmet.png]]&lt;br /&gt;
#** Welke complicatie valt te verwachten bij deze metingen, vanwege de verschillende substituenten op de derivaten?&lt;br /&gt;
#** Verklaar de waargenomen tendensen in de gemeten energiebijdragen, weergegeven in de tabel (deze waarden zijn gecorrigeerd voor de complicaties waarnaar gevraagd in eerste subvraag dus zijn &#039;&#039;juist&#039;&#039;).&lt;br /&gt;
[[Bestand:tabelSmet.png]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 17 juni 2011 (voormiddag) ===&lt;br /&gt;
#Dehaen:&lt;br /&gt;
#* Onderzoekers onderzochten de complexatieconstante van verbindingen A, B en C met het chloride-anion. Ondanks extra H-atoom beschikbaar, had C toch de laagste complexatieconstante. Volgorde was K&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;A&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; &amp;amp;gt; K&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;B&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt; &amp;amp;gt;&amp;amp;gt; K&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;C&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;. Volgens de onderzoekers had dit te maken met een verschillende preorganisatie. Verklaar. &amp;amp;lt;br /&amp;amp;gt;[[Bestand:MolHerExamenDehaen.jpg]]&lt;br /&gt;
#* Klassieke vraag. Verbind de juiste gast met gastheer en solvent. Licht toe en zeg welke interacties plaatsvinden.&lt;br /&gt;
#* Wat is de CAC? Waarom is het belangrijk dat deze gemeten wordt en hoe wordt deze gemeten?&lt;br /&gt;
#Smet:&lt;br /&gt;
#* Gegeven: [[Bestand:MolHerExamenMario.jpg]]&amp;amp;lt;br /&amp;amp;gt;Bepaal het teken van &amp;amp;amp;rho;&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;X&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;, voor groep X en &amp;amp;amp;rho;&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;R&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;, voor groep R. Waarom gaat bij zÃ©Ã©r elektronenzuigende groepen, bv. X=F&amp;amp;lt;sup&amp;amp;gt;-&amp;amp;lt;/sup&amp;amp;gt;, de meting van de complexatieconstante met nucleofiele deeltjes niet meer correct verlopen?&lt;br /&gt;
#* Mag men de &amp;amp;amp;Delta;G van interacties met de aromatische ring en de &amp;amp;amp;Delta;G van interacties met de gedeprotoneerde carbonzuurfunctie zomaar optellen? Verklaar.&amp;amp;lt;br /&amp;amp;gt;[[Bestand:MolHerExamenMario2.jpg]]&lt;br /&gt;
#* De synthese van rotaxanen op vaste drager kan handig zijn. Onwaar/waar en verklaar.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 11 juni 2010 (namiddag) ===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#Dehaen:&lt;br /&gt;
#* geef de structuur van cyclotriveratryleen en de synthese vanuit veratrol. Waarom zijn asymmetrisch gesubstitueerde CTV&#039;s chiraal?&lt;br /&gt;
#* hoe kunnen we eigenschappen van een gegeven cyclofaan gebruiken om de grootte van de substituent op de ring te bepalen&lt;br /&gt;
#* geef de synthese van de macroring 15 kroon 5 maar ipv met zuurstoffen met (NH , O , NH, S, S) vanuit HSCH2CH2SH en H2NCH2CH2OCH2CH2NH2&lt;br /&gt;
#* welke gast past in welk solvent bij welke gastheer? gasten: (Fe3+, Yb3+, tetramethylammonium, benzoaat) solventen: (methanol, DCM, water met pH=3,7,10) gastheren:(een resorcinareen, een [4]-calixareen met een -O-CH2COOH op elke ring, een [6]-calixareen met op de ring aan de ene kant een SO3H aan de andere kant een staart met een hydroxyamide rest aan, een [6]-calixareen met daaraan een staart met aan het uiteinde een fenylureum staart&lt;br /&gt;
#Smet:&lt;br /&gt;
#* gegeven: een receptor met daarop 2 groepen die waterstofbruggen vormen met een HO- en een -CHO op drie verschillende liganden. Welke complex zal het stabielste zijn, en verklaar dit energetisch en entropisch (ligand 1 is een bifenyl, ligand 2 is een bifenyl met een huge (triethylmethyl-)substituent op een van de ringen en ligand 3 is gewoon een alifatische keten met die oh en cho aan de uiteinden)&lt;br /&gt;
#* wat is de dubbele mutantcyclus een geef een voorbeeld dat de voordelen duidelijk maakt&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 11 juni 2010 (ochtend) ===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#Dehaen:&lt;br /&gt;
#* Bespreek de synthese van volgend cavitand, vertrekkende van resorcinareen. (afbeelding volgt nog)&lt;br /&gt;
#* Wat is [2,2]paracyclofaan? Geef de syntheses en eigenschappen (UV-spectrum).&lt;br /&gt;
#* Bespreek het kinetisch en thermodynamisch templaateffect.&lt;br /&gt;
#* 5 Macroringen gegeven; rangschik naar toenemende effectieve molariteit. (afbeelding volgt nog)&lt;br /&gt;
#Smet:&lt;br /&gt;
#* Gegeven 1-amino-5-R-naftaleen (met R een onbepaalde substituent). In een complex vormt deze aminogroep een waterstofbrug. Onderzoek wijst uit dat de &amp;amp;quot;reactie&amp;amp;quot;-parameter sterk positief is. Welke soort R-substituenten bevoordeligen de reactie? (leg uit met Hammett-vergelijking en de substituent-parameter) Bekleedt de aminogroep een donor- of acceptorfunctie bij het vormen van deze waterstofbrug?&lt;br /&gt;
#* Waarom is het entropieverlies van complexvorming in oplossing doorgaans kleiner dan in gasfase?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 19 juni 2009 ===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#Dehaen:&lt;br /&gt;
#* Verklaar waarom de effectieve molariteit stijgt bij een macrocysliche 10-ring, wanneer&lt;br /&gt;
#** a) rigide groepen worden gebruikt&lt;br /&gt;
#** b) heteroatomen worden gebruikt.&lt;br /&gt;
#* Wat is het verschil tussen een clathraat en een vaste stof-inclusie complex.&lt;br /&gt;
#* Schrijf de synthese op van dit cavitand (structuur is gegeven) vertrekkende van rescoriol. De cavitand is gelijkend op die in de cursus staat, maar op de 2&#039; plaats heeft deze een COOH groep.&lt;br /&gt;
#* VÃ¶gth synthetiseerde vele cryptanden met substituenten X (structuur is gegeven). Hoe kon hij daarmee de grootte van de caviteit bepalen? &lt;br /&gt;
# Smet:&lt;br /&gt;
#* Je krijgt een complexatie van een gast en gastheer die via pi-pi interacties complexeert en net naast deze aromatische ringen een waterstofbrug vormt met een amide op de gast.&lt;br /&gt;
#** Men wil d.m.v. substituenteffecten op de aromatische ringen ph1 (= op gast) en ph2 (= op gastheer) de bijdrage voor deze pi-pi interactie meten. Welke complicatie verwacht je echter met deze methode, bij dit specifieke complex?&lt;br /&gt;
#** Verklaar in de tabel (tabel met horizontaal de para-ph1 substituenten en vertikaal de para-ph 2 substituenten) de verlopen van de incrementen. (De incrementen zijn aangepast aan de complicatie die je in het eerste puntje moet geven en zijn dus correct)&lt;br /&gt;
#** Bepaal ook het teken van de Hammett rho parameters.&lt;br /&gt;
#* Trage complexen.&lt;br /&gt;
#** Hoe kan je in een NMR spectrum zien of je te maken hebt met een traag complex&lt;br /&gt;
#** Wat is het voordeel van een extreem traag complex? Geef een relevant voorbeeld van hoe we er gebruik van kunnen maken.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 16 juni 2009 ===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# Dehaen:&lt;br /&gt;
#* match de gasten en de gastheren met de juiste solventen. Gast: 1,4-benzochinon, naftaleen-1,5-dicarbonzuur en 4-butylfenol (&amp;amp;quot;voor mensen die niet goed zijn in naamgeving, zal ik de moleculen even op bord tekenen&amp;amp;quot;). Solvent: water (ph= 2, 6, 10), MeOH, CCl4. Gasten: alpha-cyclodextrine, diazo-18-kroon-6, 18-kroon-6, [2,2]cyclofaan en 2 grote cyclofanen die getekend staan. Geef ook alle niet-covalente reacties en licht uw keuze toe&lt;br /&gt;
#* Wat is CAC, waarom belangrijk en hoe gemeten&lt;br /&gt;
#* reactie van een [2,2,1]cryptand opgebouwd uit bi en triÃ«thyleenglycolderivaten&lt;br /&gt;
#* Membraantransport  van kationen met kroonethers en de voorwaarden waaraan dat kroonether moet voldoen&lt;br /&gt;
# Smet:&lt;br /&gt;
#* Het teken van rho (Hammet) bepalen uit een tabel met stabiliteitsconstanten met verschillende gevers en zuigers. De link vinden met het reactiemechanisme. Bijkomende vraag: wat gebeurt er met een sterke base en een sterke elektronzuiger. (ja wat onduidelijk als je het molecule niet ziet natuurlijk...)&lt;br /&gt;
#* Stelling: voor het gegeven molecule mag ik zomaar de deltaG optellen om de totale deltaG te berekenen.&lt;br /&gt;
#* Waarom kan het voordelig zijn om synthese van rotaxanen uit te voeren op een vaste fase&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 9 juni 2008 ===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# Dehaen:&lt;br /&gt;
#* welke ionen passen in welke macroringen? (K+, Ag+, Eu3+, Li+ en nog een vieze grote molecule) De macrocyclische verbindingen zijn ook gegeven. Welk solvent pak je best? (H2O, H2O pH 10, MeOH of chloroform) Vermeld welke interacties plaatsvinden&lt;br /&gt;
#* bespreek de synthese van: -een calix[4]areen met twee nitraten, twee n-propyloxy&#039;s en een azakroonetheroverbrugging-&lt;br /&gt;
#* Wat is zijn zelfassemblage en zelforganisatie en illustreer met een voorbeeld&lt;br /&gt;
# MS:&lt;br /&gt;
#* Tabel horende bij compensatie-effect gegeven. Welke interacties? Bespreek de tendens in de tabel en ook het verschil in \Delta S tussen gasfase en oplossing.&lt;br /&gt;
#* tekening van een catenaan met een cyclofaan met nogal wat N in rond een benzokroonether gegeven. Deze verbinding toont met H-NMR slechts twee signalen (3,45 en 6,26 ppm of zo) voor de hydrochinon-waterstoffen. Reden? Bespreek ook de multipliciteit van de signalen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 13 juni 2008 ===&lt;br /&gt;
# Dehaen:&lt;br /&gt;
#* Waarom is ethyleendioxy zo&#039;n populaire eenheid in kroonetherchemie&lt;br /&gt;
#* Welke 2 groepen zijn belangrijk bij de complexatie van Fe bij de sideroforen&lt;br /&gt;
#* 3 gasten (Lithium, azide, tetramethylammonium), 5 solventen (MeOH, H2O( pH 2,6,10), CCl4), gastheren ([2.2.2]-cryptand, all-cis resorcinareen, cram&#039;s sferand, 18-kroon-6,...)&lt;br /&gt;
# M.S.:&lt;br /&gt;
#* Synthese van tetrakationisch cyclofaan&lt;br /&gt;
#* Vraagje over receptor die interageert met gast, welk teken heeft de hammett parameter rho.&lt;/div&gt;</summary>
		<author><name>R0998693</name></author>
	</entry>
	<entry>
		<id>https://wiki.chemika.be/index.php?title=Eenheidsbewerkingen_Biologische_Industrie%C3%ABn&amp;diff=4997</id>
		<title>Eenheidsbewerkingen Biologische Industrieën</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.chemika.be/index.php?title=Eenheidsbewerkingen_Biologische_Industrie%C3%ABn&amp;diff=4997"/>
		<updated>2026-01-27T11:35:47Z</updated>

		<summary type="html">&lt;p&gt;R0998693: /* Vakinformatie */&lt;/p&gt;
&lt;hr /&gt;
&lt;div&gt;[[Categorie:Bachelor Chemie]]&lt;br /&gt;
==Vakinformatie==&lt;br /&gt;
Vanaf academiejaar 2024-2025 gedoceerd door prof. Sarah Verkempinck aan de faculteit bio-ingenieurswetenschappen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen==&lt;br /&gt;
Voor meer examenvragen kijk op LBK examenwiki.&lt;br /&gt;
===26 januari 2026===&lt;br /&gt;
#Leg het hele evaporatief droogproces uit. Je antwoord moet zeker de volgende dingen bevatten:&lt;br /&gt;
##&#039;&#039;&#039;Het doel van het proces&#039;&#039;&#039; inclusief de voor- en nadelen tegenover andere droogprocessen.&lt;br /&gt;
##&#039;&#039;&#039;Een beschrijving van het droogproces&#039;&#039;&#039; met behulp van de volgende grafieken met daarop de juiste aanduidingen:&lt;br /&gt;
##:*snelheid-vocht grafiek&lt;br /&gt;
##:*vocht-tijd grafiek&lt;br /&gt;
##:*EN een toestandsdiagram&lt;br /&gt;
##Geef een &#039;&#039;&#039;schets van een eestdroger&#039;&#039;&#039; waarbij alle onderdelen zijn aangeduid en de werking ervan duidelijk is.&lt;br /&gt;
##Geef &#039;&#039;&#039;drie proceswijzigingen van een eestdroger&#039;&#039;&#039; zodat de kwaliteit van het biologisch materiaal gewaarborgd blijft.&lt;br /&gt;
#Leg volgende begrippen uit en leg ook de functie van deze begrippen binnenin de eenheidsbewerkingen uit:&lt;br /&gt;
##Cryostabilisator (+ grafiek)&lt;br /&gt;
##Sublimatielijn &amp;amp; werklijn (+ grafiek)&lt;br /&gt;
#Hoe kan je een sorptie-isotherm experimenteel bepalen? &amp;lt;br&amp;gt; Welke informatie kan je uit een sorptie-isotherm halen?&amp;lt;Br&amp;gt;Leg de werking van een sorptie-isostere uit in deze context.&lt;br /&gt;
#Oefeningen:&lt;br /&gt;
##Droogtijd bepalen van een evaporatief droogproces.&lt;br /&gt;
##Droogtijd bepalen van een vriesdroogproces.&lt;/div&gt;</summary>
		<author><name>R0998693</name></author>
	</entry>
	<entry>
		<id>https://wiki.chemika.be/index.php?title=Eenheidsbewerkingen_Biologische_Industrie%C3%ABn&amp;diff=4996</id>
		<title>Eenheidsbewerkingen Biologische Industrieën</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.chemika.be/index.php?title=Eenheidsbewerkingen_Biologische_Industrie%C3%ABn&amp;diff=4996"/>
		<updated>2026-01-27T11:33:42Z</updated>

		<summary type="html">&lt;p&gt;R0998693: &lt;/p&gt;
&lt;hr /&gt;
&lt;div&gt;[[Categorie:Bachelor Chemie]]&lt;br /&gt;
==Vakinformatie==&lt;br /&gt;
Gedoceerd door prof. Sarah Verkempinck aan de faculteit bio-ingenieurswetenschappen.&lt;br /&gt;
==Examenvragen==&lt;br /&gt;
Voor meer examenvragen kijk op LBK examenwiki.&lt;br /&gt;
===26 januari 2026===&lt;br /&gt;
#Leg het hele evaporatief droogproces uit. Je antwoord moet zeker de volgende dingen bevatten:&lt;br /&gt;
##&#039;&#039;&#039;Het doel van het proces&#039;&#039;&#039; inclusief de voor- en nadelen tegenover andere droogprocessen.&lt;br /&gt;
##&#039;&#039;&#039;Een beschrijving van het droogproces&#039;&#039;&#039; met behulp van de volgende grafieken met daarop de juiste aanduidingen:&lt;br /&gt;
##:*snelheid-vocht grafiek&lt;br /&gt;
##:*vocht-tijd grafiek&lt;br /&gt;
##:*EN een toestandsdiagram&lt;br /&gt;
##Geef een &#039;&#039;&#039;schets van een eestdroger&#039;&#039;&#039; waarbij alle onderdelen zijn aangeduid en de werking ervan duidelijk is.&lt;br /&gt;
##Geef &#039;&#039;&#039;drie proceswijzigingen van een eestdroger&#039;&#039;&#039; zodat de kwaliteit van het biologisch materiaal gewaarborgd blijft.&lt;br /&gt;
#Leg volgende begrippen uit en leg ook de functie van deze begrippen binnenin de eenheidsbewerkingen uit:&lt;br /&gt;
##Cryostabilisator (+ grafiek)&lt;br /&gt;
##Sublimatielijn &amp;amp; werklijn (+ grafiek)&lt;br /&gt;
#Hoe kan je een sorptie-isotherm experimenteel bepalen? &amp;lt;br&amp;gt; Welke informatie kan je uit een sorptie-isotherm halen?&amp;lt;Br&amp;gt;Leg de werking van een sorptie-isostere uit in deze context.&lt;br /&gt;
#Oefeningen:&lt;br /&gt;
##Droogtijd bepalen van een evaporatief droogproces.&lt;br /&gt;
##Droogtijd bepalen van een vriesdroogproces.&lt;/div&gt;</summary>
		<author><name>R0998693</name></author>
	</entry>
	<entry>
		<id>https://wiki.chemika.be/index.php?title=Kwantum-_en_Computationele_Chemie&amp;diff=4967</id>
		<title>Kwantum- en Computationele Chemie</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.chemika.be/index.php?title=Kwantum-_en_Computationele_Chemie&amp;diff=4967"/>
		<updated>2026-01-23T14:56:46Z</updated>

		<summary type="html">&lt;p&gt;R0998693: /* Januari 2026 */&lt;/p&gt;
&lt;hr /&gt;
&lt;div&gt;[[Categorie:Bachelor Chemie]]&lt;br /&gt;
Het zwaarste vak van de 3e bachelor in de eerste semester. Dit vak werd tot academiejaar 2020-2021 gedoceerd door professor Pierloot en nu door Jeremy Harvey. Naast het mondelinge examen zijn er computerpractica. Hierover moeten verslagen gemaakt worden en op het einde van het semester een computerexamen afgelegd worden.&lt;br /&gt;
Vanaf academiejaar 2020-2021 wordt dit vak gedoceerd door professor Harvey. Het examen is veraandered naar een schriftelijk examen, die voor 75% van de punten telt.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen vanaf 2021==&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===13 Januari 2026===&lt;br /&gt;
#Hamiltoniaan voor waterstofatoom gegeven in cartesische- &amp;amp; pool-coördinaten.  &lt;br /&gt;
#:A) Leg de termen &#039;operator&#039;, &#039;lineair&#039; en &#039;hermitisch&#039; kort uit.&lt;br /&gt;
#:B) De Hamiltoniaan is een lineaire operator en hermitisch. Wat voor gevolgen heeft dit voor de Hamiltoniaan? ook fysische gevolgen uitleggen&lt;br /&gt;
#:C) Geef voor elk symbool in de vgl. een betekenis. Waarom wordt deze hamiltoniaan ook in poolcoördinaten geschreven? Wat voor voordelen heeft dit?&lt;br /&gt;
#Geef de commutatierelaties van de hamiltoniaan met ^l&amp;lt;sub&amp;gt;x&amp;lt;/sub&amp;gt; en van ^l operatoren onderling. Leid ook d.m.v. een willekeurige functie af wat de commutator is van [^l&amp;lt;sub&amp;gt;z&amp;lt;/sub&amp;gt;,^l&amp;lt;sub&amp;gt;x&amp;lt;/sub&amp;gt;]&lt;br /&gt;
#Een configuratie van een neutraal atoom bestaat uit ɸ&amp;lt;sub&amp;gt;1&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;2&amp;lt;/sup&amp;gt;,ɸ&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;2&amp;lt;/sup&amp;gt;,....ɸ&amp;lt;sub&amp;gt;HOMO&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;2&amp;lt;/sup&amp;gt;,ɸ&amp;lt;sub&amp;gt;LUMO&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;0&amp;lt;/sup&amp;gt;. de aangeslagen versie hiervan verschilt in ɸ&amp;lt;sub&amp;gt;HOMO&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;1&amp;lt;/sup&amp;gt;,ɸ&amp;lt;sub&amp;gt;LUMO&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;1&amp;lt;/sup&amp;gt;.&lt;br /&gt;
#*Wat zijn de mogelijke toestanden van dit systeem? &lt;br /&gt;
#*Geef minstens 2 mogelijke toestandsfuncties hiervoor.&lt;br /&gt;
#Uitgebreide vraag waar BDE&#039;s moester berekend worden met gegeven HF data en een correctionele factor. Belangrijk was om de tekortkomingen van HF te kennen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===januari 2025===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# voor het antwoord op de vraag &#039;wat is de meest waarschijnlijke positie van een elektron tov de kern&#039; zijn er 3 antwoorden mogelijk. Geef de drie antwoorden, geef een korte formule die dat aantoont en leg uit.&lt;br /&gt;
# je moest een nieuwe kwantummechanische operator opstellen vanuit gegeven operatoren.&lt;br /&gt;
# over de het onafhankelijke-elektronmodel: er wordt gegeven dat je hier de hamiltoniaan schrijft als som van twee één elektron operatoren. leidt nu een uitdrukking af voor de energie van zo&#039;n benaderd systeem&lt;br /&gt;
# grote vraag waarin naar je inzicht werd gepeild over de beperkingen van hartree fock methode en ook wat de invloed is van de basisset&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===16 januari 2023===&lt;br /&gt;
#3 golffuncties:&lt;br /&gt;
#*-Φgrond(r1,ω1,r2,ω2)= [ɸa(r1)xɸb(r2)] Fa&lt;br /&gt;
#*-Φaangeslagen,1(r1,ω1,r2,ω2)= [ɸa(r1)ɸb(r2)-ɸb(r1)ɸ(r2)] α(ω1)α(ω2)&lt;br /&gt;
#*-Φaangeslagen,2(r1,ω1,r2,ω2)= [ɸa(r1)ɸb(r2)+ɸb(r1)ɸ(r2)] Fa&lt;br /&gt;
#*(a) Deze golffuncties voldoen aan een bepaald principe. Wat is dit principe? (of zoiets) (Antwoord: Pauli-principe)&lt;br /&gt;
#*(b) Bewijs dat de golffuncties aan dit principe voldoen door Fa uit te werken. (Antwoord: vergelijking 4.33)&lt;br /&gt;
#*(c) Schrijf de golffunctie van de grondtoestand de aangeslagen,1 toestand als Slater determinant. (Antwoord: theorie rond vergelijking 4.63)&lt;br /&gt;
# Ψn=sqrt(2/L)cos(nπx/L). Dit is de golffunctie van een deeltje dat zich in een doos bevindt en zich in 1 dimensie kan bewegen van x=0 tot x=L. De potentiële energie is 0. Hamiltoniaan: H=T^+V^=(-h(bar)^2/2m)*∇^2+V^. (Variant van deeltje in doos pagina 54 in handboek)&lt;br /&gt;
#*(a) Bewijs dat Ψn een eigenfunctie is van H. (Antwoord: HΨn uitwerken. Indien dit gelijk is aan een constante maal Ψn, dan is het bewezen)&lt;br /&gt;
#*(b) Wat is de energie van Ψn voor n=1? (Antwoord: HΨn=EΨn)&lt;br /&gt;
#Een oefening over ozon. De orbitaal isovlakken van de HOMO-2, HOMO-1, HOMO en LUMO zijn gegeven.&lt;br /&gt;
#*(a) Wat is de puntgroep van ozon? Wat zijn de irreps van de vier bovenstaande structuren? (Puntgroep via appendix. Rest is hoofdstuk 4 symmetrie)&lt;br /&gt;
#*(b) Er zijn 4 waarden berekend (gegeven) in Ha. 1 ervan is de grondtoestand, de rest zijn de 3 laagste aangeslagen toestanden. Wat is de transitie-energie voor elk van de drie aangeslagen toestanden in kJ/mol? (Ha --&amp;gt; kJ/mol in appendix)&lt;br /&gt;
#*(c) Een belangrijk fenomeen in de ozonlaag heeft te maken met de uitzending van licht van 255 nm. Welke aangeslagen toestand zou overeen kunnen komen met deze golflengte? Leg uit. (Antwoord: energie van licht vergelijken met het energieverschil van de grondtoestand en de aangeslagen toestanden en zien welke overeenkomt)&lt;br /&gt;
#*(d) Een elektron dat van het HOMO, HOMO-1 of HOMO-2 orbitaal naar naar het LUMO springt is een goede benadering van de excitatietoestanden gegeven in (b) (elke excitatie komt overeen met één van deze drie sprongen). Welke transitie komt overeen met de lichtexcitatie van 255 nm? HOMO-2--&amp;gt;LUMO, HOMO-1--&amp;gt;LUMO of HOMO--&amp;gt;LUMO? Leg uit.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===18 januari 2022===&lt;br /&gt;
#Compatibel (Geg: operatoren van draaiimpuls-componenten)&lt;br /&gt;
#* Wat zijn compatibele grootheden?&lt;br /&gt;
#* Waroom zijn Îx en Îz niet compatibel (afleiding)?&lt;br /&gt;
#* Belangrijkste gevolg/probleem voor niet compatibele operatoren?&lt;br /&gt;
#Slater Determinanten&lt;br /&gt;
#* Waarom gebruikt men SD-toestandfuncties ipv HF?&lt;br /&gt;
#* Fysische betekenis van vier termen van (gegeven vgl) E(SD) (vgl 5.24 in cursus)&lt;br /&gt;
#* Welke term valt weg voor HF? Why?&lt;br /&gt;
#Energiën experiment: Gegeven radicalaire reactie: R-OH -&amp;gt; R-O° + °H. Energieën voor alle componenten zijn gegeven van twee calculations met twee basissets. Daarnaast ook ZPE.&lt;br /&gt;
#* Waarom calculeren we eerst een geoptimaliseerde energie met 6-311G(d) en dan nog eens met 6-311G(d,p)?&lt;br /&gt;
#* Waarom calculeren we vibratiefreq.?&lt;br /&gt;
#* Wat is de meest geoptimaliseerde energie van de O-H binding o.b.v. waarden in tabel? &lt;br /&gt;
#* Kan foton met golflengte x nm deze breking veroorzaken?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===18 juni 2021===&lt;br /&gt;
#Elektrondensiteit&lt;br /&gt;
#*Geef e-densiteit voor N-deeltjes systeem, onafh. van spin. (vgl 2.22 uit cursus)&lt;br /&gt;
#*Explain en leid af de vgl van dipoolmoment. (vgl 6.4 in cursus)&lt;br /&gt;
#Molecularie Mechanica&lt;br /&gt;
#*Explain (gegeven) krachtveld uitdrukking. (vgl 5.127 uit cursus)&lt;br /&gt;
#HF-calculation voor waterstoffluoride: gegeven tabel: 4 basissets (+ welke basisfuncties op F en H afzonderlijk) + bijhorende energie &lt;br /&gt;
#*Bereken de kern-kern repulsie voor waterstoffluoride met bindingslengte 0.917.&lt;br /&gt;
#*Welk van de vier berekeningen geeft (i) de nauwkeurigste en (ii) de slechtste benaderende golffuncties voor waterstoffluoride? Welk principe wordt hier gebruikt?&lt;br /&gt;
#*Waarom daalt de energie bij toevoegen van d basisfunctie op F en p basisfunctie op H?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===27 januari 2021===&lt;br /&gt;
#Restricted Hartree Fock&lt;br /&gt;
#*Geef RHF toestandsfunctie van H2 molecule binnen de LCAO-MO benadering en met een minimale basisset. Leg uit waarom de dissociatie van het H2 molecule niet correct beschreven kan worden met een RHF type golffunctie. Geef aan welke gevolgen dit heeft voor de nauwkeurigheid van de RHF beschrijving van covalente bindingen. Beschrijf in detail welke (minimale) verbetering van de RHF golffunctie van H2 nodig is om een kwalitatief correcte dissociatiecurve te bekomen.&lt;br /&gt;
#Slater Determinanten&lt;br /&gt;
#*Geef de SD van He. Bewijs dat de SD voldoet aan het Pauli principe. &lt;br /&gt;
#*De bijbehorende energie is E = 2 h1s1s + J1s1s. Wat betekenen h1s1s en J1s1s.&lt;br /&gt;
#*Gegeven h = functie van zèta, J = functie van zèta. Bereken voor welke zèta de energie zo nauwkeurig mogelijk is, wat is de waarde van de energie? Waarom neemt J toe als zèta toeneemt? &lt;br /&gt;
#*Met een zeer grote basisset vinden we E = -2,85 Hartree. De exacte energie is -2,90 Hartree. Leg uit waarom deze waarde verschillen en waarom ze verschillen van het antwoord in de vorige vraag. &lt;br /&gt;
#Moleculaire Symmetrie: Gegeven: cis- en trans-isomeer van C2H2F2 met bijhorende energieën (E(cis) &amp;gt; E(trans) by 0,0004 Ha). Twee MOs van het trans-isomeer. Twee karaktertabellen voor C2v en C2h.&lt;br /&gt;
#*Welk isomeer heeft puntgroep C2v, welk C2h? Why?&lt;br /&gt;
#*Geef de irreduceerbare representatie van de twee MOs, explain.&lt;br /&gt;
#*Waarom kunnen de orbitalen zo gekozen worden dat ze eigenfuncties zijn van de symmetrieoperatoren?&lt;br /&gt;
#*Welk isomeer is het stabielste? Is er een groot verschil in stabiliteit?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen vanaf 2009==&lt;br /&gt;
===24 januari 2020 VM===&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#*Geef en bewijs het variatietheorema.&lt;br /&gt;
#*Situeer de orbitaalbenadering binnen dit theorema. Beschrijf hoe met deze methode benaderende oplossingen van de Schrödingervergelijking bekomen kunnen worden. &lt;br /&gt;
#*Situeer de LCAO-MO methode binnen dit theorema. Beschrijf hoe met deze methode benaderende oplossingen voor orbitalen bekomen kunnen worden. &lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#*Schrijf de HF toestandsfunctie voor een gesloten-schil molecule.&lt;br /&gt;
#* Wat versta je onder elektroncorrelatie? Waarom beschrijft de HF toestandsfunctie correlatie niet. Geef de definitie van correlatie-energie.&lt;br /&gt;
#* Beschrijf schematisch de vorm van de golffunctie die, binnen de LCAO-MO benadering, wel in staat is om elektroncorrelatie te beschrijven.&lt;br /&gt;
#Duid in onderstaande tabel aan met een kruisje of de volgende waterstoforbitalen eigenfuncties zijn van de hamiltoniaan (H), en/of de orbitaaldraaiimpulsoperatoren (lÂ², lx, ly, lz). Hierbij moeten geen ingewikkelde afleidingen gegeven worden, maar je moet keuze wel kunnen uitleggen. (rood = oplossing)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===13 januari 2020 NM===&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#Bereken a) de meest waarschijnlijke kern-elektronafstand; b) de gemiddelde kern-elektronafstand, in de grondtoestand van het waterstof atoom met als toestandsfunctie dezelfde functie als uit de cursus&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#Vertrek van de exacte oplossing van de Schrödingervgl van het He+ ion om een benaderende oplossing te berekenen voor de grondtoestand van het He atoom. Werk een manier uit om deze benadering te verbeteren door gebruik te maken van het variatietheorema. Kan je op die manier een exacte uitkomst bekomen? Leg uit waarom (niet)/ hoe.&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#a) Hoe bereken je de elektronendensiteit vertrekkende van de (exacte) elektronische toestandsfunctie van een molecule? b) Leid af hoe de kwantummechanische verwachtingswaarde van een moleculaire dipoolmoment berekend kan worden, vertrekkende van (a) de elektronische toestandsfunctie; (b) de elektronendensiteit.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===13 januari 2020 VM===&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#Geef de definitie van een lineaire hermitische operator Â en bewijs dat (a) eigenwaarden van Â altijd reëel zijn; (b) de eigenfuncties van Â steeds orthonormaal gekozen kunnen worden.&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#Leg uit waarom de dissociatie van het H2 molecule niet correct beschreven kan worden met een RHF type golffunctie. Geef aan welke gevolgen dit heeft voor de nauwkeurigheid van de RHF beschrijving van covalente bindingen. Beschrijf in detail welke (minimale) verbetering van de RHF golffunctie van H2 nodig is om een kwalitatief correcte dissociatiecurve te bekomen.&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#a) Geef en bespreek de algemene uitdrukking van het Pauli principe. Maak hierbij gebruik van permutatie-operatoren. b) Bewijs dat (binnen de orbitaalbenadering) omwille van dit principe de maximale elektronische bezetting van een ruimtelijk orbitaal twee is.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===22 januari 2019 VM=== &lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#Bereken a) de meest waarschijnlijke kern-elektronafstand; b) de gemiddelde kern-elektronafstand, in de grondtoestand van het waterstof atoom met als toestandsfunctie dezelfde functie als uit de cursus&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#*Geef en bewijs het variatietheorema.&lt;br /&gt;
#*Situeer de orbitaalbenadering binnen dit theorema. Beschrijf hoe met deze methode benaderende oplossingen van de Schrödingervergelijking bekomen kunnen worden. &lt;br /&gt;
#*Situeer de LCAO-MO methode binnen dit theorema. Beschrijf hoe met deze methode benaderende oplossingen voor orbitalen bekomen kunnen worden. &lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#*Geef een uitdrukking voor de HF orbitaalenergie&lt;br /&gt;
#*Is som van de individuele oribitaalenergieën gelijk aan de totale HF energie? Indien niet, waar ligt dit aan?&lt;br /&gt;
#*Over de ionisatiepotentiaal en hoe die bepaalt werd en hoe da verbeterd kon worden&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 14 januari 2019 VM===&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#*Bespreek idempotente operatoren, compatibele grootheden, hermetische operatoren.&lt;br /&gt;
#* Bewijs dat 1/2 (AB+BA) hermitisch is als, A en B zelf hermitisch zijn. Moeten A en B hiervoor commuteren?&lt;br /&gt;
# Bespreek de toestandsfunctie horende bij de configuratie phi(a)phi(b) van een twee-elektronsysteem, en toon aan hoe het Pauliprincipe hierbij aanleiding geeft tot de constructie van (combinaties van) Slater determinanten. (phi(a) en phi(b) zijn orbitalen).&lt;br /&gt;
#Wat is Mulliken populatie-analyse en voor wat dient het? Leid de formules af + wat is het verschil tussen de gross en de netto Mulliken populatie van een atomaire basisfunctie resulterend uit een moleculaire LCAO-MO-SCF berekening (gesloten schil molecule)?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===25 januari 2018===&lt;br /&gt;
# Bespreek de toestandsfunctie horende bij de configuratie phi(a)phi(b) van een twee-elektronsysteem, en toon aan hoe het Pauliprincipe hierbij aanleiding geeft tot de constructie van (combinaties van) Slater determinanten. (phi(a) en phi(b) zijn orbitalen).&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#*Schrijf de HF toestandsfunctie voor een gesloten-schil molecule.&lt;br /&gt;
#* Wat versta je onder elektroncorrelatie? Waarom beschrijft de HF toestandsfunctie correlatie niet. Geef de definitie van correlatie-energie.&lt;br /&gt;
#* Beschrijf schematisch de vorm van de golffunctie die, binnen de LCAO-MO benadering, wel in staat is om elektroncorrelatie te beschrijven.&lt;br /&gt;
# Leid af hoe de kwantummechanische verwachtingswaarde van een moleculaire dipoolmoment berekend kan worden, vertrekkende van (a) de elektronische toestandsfunctie; (b) de elektronendensiteit. &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===NM 23 januari 2018===&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* Geef de definitie en twee voorbeelden (met verantwoording) van elk van de volgende begrippen: (1) idempotente operatoren, (2) compatiebele grootheden en (3) hermitische operatoren.&lt;br /&gt;
#* Bewijs dat 1/2 (AB+BA) hermitisch is als, A en B zelf hermitisch zijn. Moeten A en B hiervoor commuteren?&lt;br /&gt;
#Vertrek van de exacte oplossing van de Schrödingervgl van het He+ ion om een benaderende oplossing te berekenen voor de grondtoestand van het He atoom. Werk een manier uit om deze benadering te verbeteren door gebruik te maken van het variatietheorema. Kan je op die manier een exacte uitkomst bekomen? Leg uit waarom (niet)/ hoe.&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#*Geef de uitdrukking van de Hartree-Fock orbitaalenergie ε_HF en bespreek de betekenis van de verschillende termen in deze uitdrukking.&lt;br /&gt;
#*Komt de som van de HF energieën van alle bezette orbitalen van een molecule overeen met de totale HF energie E_HF? Indien niet, waarin verschillen beide grootheden?&lt;br /&gt;
#*Leg uit op welke manier de orbitaalenergie gebruikt kan worden als een benaderende waarde voor de moleculaire ionisatie-energie. Wat houdt deze benadering in en hoe kan de berekening van de ionisatie-potentiaal verder verbeterd worden?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===VM 23 januari 2018===&lt;br /&gt;
#Toepassing van de LCAO-MO benadering op het H2+ molecule met een minimale basis bestaande uit twee genormaliseerde AO 1sA en 1sB geeft steeds de volgende twee MO&#039;s: Phi^b = N(1sA + 1sB) en Phi* = N&#039; (1sA - 1sB). Bereken de normalisatieconstanten N en N&#039;. Bewijs (op basis van de densiteit) dat, bij een voldoende kleine H-H afstand zodat beide atomaire orbitalen overlappen, phi(b) een binden MO en phi* een antibindend MO is.&lt;br /&gt;
#Leg uit waarom de dissociatie van het H2 molecule niet correct beschreven kan worden met een RHF-type golffunctie. Geef aan welke gevolgen dit heeft voor de nauwkeurigheid van de RHF golfvergelijking (?) van covalente bindingen. Beschrijf in detail welke (minimale) voorbetering van de RHF golffunctie van H2 nodig is om een kwalitatief correcte dissociatiecurve te bekomen.&lt;br /&gt;
#Wat is Mulliken populatie-analyse en voor wat dient het? Leid de formules af + wat is het verschil tussen de gross en de netto Mulliken populatie van een atomaire basisfunctie resulterend uit een moleculaire LCAO-MO-SCF berekening (gesloten schil molecule)? &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 19 januari 2018===&lt;br /&gt;
#Voorwaarden van een gerade/ ungerade systeem uitleggen en wanneer het kan voorkomen &lt;br /&gt;
#Vertrek van de exacte oplossing van de Schrödingervgl van het He+ ion om een benaderende oplossing te berekenen voor de grondtoestand van het He atoom. Werk een manier uit om deze benadering te verbeteren door gebruik te maken van het variatietheorema. Kan je op die manier een exacte uitkomst bekomen? Leg uit waarom (niet)/ hoe.&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#*Hoe bereken je de electrondensiteit vertrekkende van de (exacte) elektronische toestandsfunctie van ene molecule? hoe hierbij ook rekening met de spin van de elektronen.&lt;br /&gt;
#*Hoe kan je bovenstaande uitdrukking herschrijven voor de Hartree-Fock golffunctie van een gesloten-schil molecule?&lt;br /&gt;
#*Hoe bereken je de moleculaire elektrostatische potentiaal MEP van een molecule uitgaande van de densiteit?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 26 januari 2017 (NM) ===&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* Geef de definitie en twee voorbeelden (met verantwoording) van elk van de volgende begrippen: (1) idempotente operatoren, (2) compatiebele grootheden en (3) hermitische operatoren.&lt;br /&gt;
#* Bewijs dat 1/2 (AB+BA) hermitisch is als, A en B zelf hermitisch zijn. Moeten A en B hiervoor commuteren?&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#*Schrijf de HF toestandsfunctie voor een gesloten-schil molecule.&lt;br /&gt;
#* Wat versta je onder elektroncorrelatie? Waarom beschrijft de HF toestandsfunctie correlatie niet. Geef de definitie van correlatie-energie.&lt;br /&gt;
#* Beschrijf schematisch de vorm van de golffunctie die, binnen de LCAO-MO benadering, wel in staat is om elektroncorrelatie te beschrijven.&lt;br /&gt;
# De volgende complexe functies stellen twee van de oplossingen voor van de Schrödingervergelijking voor een één-elektron atoom met kernlading Z:functies voor (n=4, l=2 en ml = +/-2)&lt;br /&gt;
#* Ψ4,2,±2 (r,θ,φ)=R4,2 Θ2,±2(θ) Φ±2(φ)&lt;br /&gt;
#* met ρ=2Zr/na0&lt;br /&gt;
#* en: R4,2(r)=(((Z/a0)^(3/2))/96√5)*(6-ρ)ρ²e-ρ/2&lt;br /&gt;
#* Θ2,±2(θ)=√15/4 sin²θ&lt;br /&gt;
#* Φ±2(φ)=1/√2π e±2iφ&lt;br /&gt;
#* Zijn deze twee functies ontaard of niet?&lt;br /&gt;
#* Vorm uit deze twee golffuncties via een orthonormale transformatie twee reële functies. Welke kwantumgetallen gaan hierbij verloren? Zijn de nieuwe functie nog steeds eigenfuncties van dezelfde hamiltoniaan (één-elektron atoom met kernlading Z)? Zo ja, hebben ze dezelfde eigenwaarden als de oorspronkelijke functies of niet? Zijn ze ontaard of niet?&lt;br /&gt;
#* Hoeveel radiale nodale vlakken hebben de reële functies? Hoeveel angulaire nodale vlakken, en welke vlakken zijn dit?&lt;br /&gt;
#* Teken het angulaire deel van de twee reële orbitalen in twee dimensies. Kies hiervoor het vlak in een carthesisch assenstelsel waar de functies waar de functies hun maximale (absolute) waarde bereiken.&lt;br /&gt;
#* Teken ook (kwalitatief) de totale (reële) golffuncties in hetzelfde vlak, onder de vorm van hoogtelijnen. Teken twee hoogtelijnen met een verschillende absolute waarde en geef aan welke van de twee lijnen hoort bij de hoogste absolute waarde.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 24 januarri 2017 ===&lt;br /&gt;
# Voorwaarden uitleggen voor wanneer een systeem geraden of ungeraden kan zijn.&lt;br /&gt;
# Uitleggen waarom UHF afwijkingen geeft bij de dissociatie van H2 en het covalente karakter van bindingen. Uiteggen hoe dit kan verbeterd worden ( in detail zoals H IV: p28-30)&lt;br /&gt;
# Afleiden van de totale elektronische energie na het in voeren van Kohn &amp;amp; Sham orbitalen in DFT.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 20 januari 2017 (NM)===&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* Geef en bewijs het variatietheorema&lt;br /&gt;
#* Situeer de orbitaalbenadering binnen dit theorema. Beschrijf hoe met deze methode benaderende oplossingen van de Schrödingervergelijking bekomen kunnen worden.&lt;br /&gt;
#* Situeer de LCAO-MO methode binnen dit theorema. Beschrijf hoe met deze methode beanderende oplossingen voor orbitalen bekomen kunnen worden.&lt;br /&gt;
# Bespreek de toestandsfunctie horende bij de configuratie phi(a)phi(b) van een twee-elektronsysteem, en toon aan hoe het Pauliprincipe hierbij aanleiding geeft tot de constructie van (combinaties van) Slater determinanten. (phi(a) en phi(b) zijn orbitalen).&lt;br /&gt;
# Leid af hoe de kwantummechanische verwachtingswaarde van een moleculaire dipoolmoment berekend kan worden, vertrekkende van (a) de elektronische toestandsfunctie; (b) de elektronendensiteit. &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===22 januari 2016 (VM)===&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* Geef de definitie en twee voorbeelden (met verantwoording) van elk van de volgende begrippen: (1) idempotente operatoren, (2) compatiebele grootheden, (3) hermitische operatoren.&lt;br /&gt;
#* Bewijs dat 1/2(AB+BA) hermitisch is als A en B zelf hermitisch zijn. Moeten A en B hiervoor commuteren?&lt;br /&gt;
# Toepassing van de LCAO-MO benadering op het H2+ molecule met een minimale basis bestaande uit twee genormaliseerde AO 1sA en 1sB geeft steeds de volgende twee MO&#039;s: phi•b = N(1sA + 1sB) en phi•* = N&#039; (1sA - 1sB). &lt;br /&gt;
#* Bereken de normalisatieconstanten N en N&#039;. &lt;br /&gt;
#* Bewijs (op basis van de densiteit) dat, bij een voldoende kleine H-H afstand zodat beide atomaire orbitalen overlappen, phi(b) een binden MO en phi* een antibindend MO is.&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* Hoe bereken je de elektronendensiteit vertrekkende van de elektronische toestandfunctie van een molecule? Hou hierbij ook rekening met de spin van de elektronen. &lt;br /&gt;
#* Hoe bereken je de moleculaire elektrostatische potentiaal MEP van ee nmolecule uitgaande van de densiteit? &lt;br /&gt;
#* Leg uit hoe je een MSEP (molecular surface electrostatic potential) zou berekenen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===19 januari 2016 (VM)===&lt;br /&gt;
# &lt;br /&gt;
#* Wat zijn compatiebele grootheden? Wat zijn de voorwaarden? &lt;br /&gt;
#* Geef een voorbeeld van (i) twee compatiebele grootheden, (ii) twee niet-compatiebele grootheden. Bewijs dit met de voorwaarden die je in a) gesteld hebt.&lt;br /&gt;
# Leg uit waarom de dissociatie van het H2 molecule niet correct beschreven kan worden met een RHF type golffunctie. Leg uit hoe je dit kan verbeteren (in detail).&lt;br /&gt;
# Leid af hoe de kwantummechanische verwachtingswaarde van een moleculair dipoolmoment berekend kan worden met&lt;br /&gt;
#* elektronische toestandsfunctie&lt;br /&gt;
#* elektrondensiteit&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===15 januari 2016 (VM)===&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#*Geef en bewijs het variatietheorema.&lt;br /&gt;
#*Situeer de orbitaalbenadering binnen dit theorema. Beschrijf hoe met deze methode benaderende oplossingen van de Schrödingervergelijking bekomen kunnen worden. &lt;br /&gt;
#*Situeer de LCAO-MO methode binnen dit theorema. Beschrijf hoe met deze methode benaderende oplossingen voor orbitalen bekomen kunnen worden. &lt;br /&gt;
# Bespreek de toestandsfunctie horenden bij de aangeslagen configuratie van een twee-elektronensysteem en toon aan hoe het Pauliprincipe hierbij aanleiding geeft tot de constructie van (combinaties van) de Slater determinanten. &lt;br /&gt;
#De volgende complexe functies stellen twee van de oplossingen voor van de Schrödingernvergelijking voor een één-elektron atoom met kernlading Z:&lt;br /&gt;
#* Ψ4,2,±2 (r,θ,φ)=R4,2 Θ2,±2(θ) Φ±2(φ)&lt;br /&gt;
#* met ρ=2Zr/na0&lt;br /&gt;
#* en: R4,2(r)=(((Z/a0)^(3/2))/96√5)*(6-ρ)ρ²e-ρ/2&lt;br /&gt;
#* Θ2,±2(θ)=√15/4 sin²θ&lt;br /&gt;
#* Φ±2(φ)=1/√2π e±2iφ&lt;br /&gt;
#* Zijn deze twee functies ontaard of niet?&lt;br /&gt;
#* Vorm uit deze twee golffuncties via een orthonormale transformatie twee reële functies. Welke kwantumgetallen gaan hierbij verloren? Zijn de nieuwe functie nog steeds eigenfuncties van dezelfde hamiltoniaan (één-elektron atoom met kernlading Z)? Zo ja, hebben ze dezelfde eigenwaarden als de oorspronkelijke functies of niet? Zijn ze ontaard of niet?&lt;br /&gt;
#* Hoeveel radiale nodale vlakken hebben de reële functies? Hoeveel angulaire nodale vlakken, en welke vlakken zijn dit?&lt;br /&gt;
#* Teken het angulaire deel van de twee reële orbitalen in twee dimensies. Kies hiervoor het vlak in een carthesisch assenstelsel waar de functies waar de functies hun maximale (absolute) waarde bereiken.&lt;br /&gt;
#* Teken ook (kwalitatief) de totale (reële) golffuncties in hetzelfde vlak, onder de vorm van hoogtelijnen. Teken twee hoogtelijnen met een verschillende absolute waarde en geef aan welke van de twee lijnen hoort bij de hoogste absolute waarde.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 januari 2015===&lt;br /&gt;
# Schrijf de hamiltoniaan voor het waterstofatoom. Beschrijf schematisch de eigenfuncties en bijbehorende eigenwaarden. Plaats nu het atoom in een magneetveld. Beschrijf hoe de eigenfuncties en eigenwaarden veranderen.&lt;br /&gt;
#Toepassing van de LCAO-MO benadering op het H2+ molecule met een minimale basis bestaande uit twee genormaliseerde AO 1sA en 1sB geeft steeds de volgende twee MO&#039;s: phi•b = N(1sA + 1sB) en phi•* = N&#039; (1sA - 1sB). Bereken de normalisatieconstanten N en N&#039;. Bewijs (op basis van de densiteit) dat, bij een voldoende kleine H-H afstand zodat beide atomaire orbitalen overlappen, phi(b) een binden MO en phi* een antibindend MO is.&lt;br /&gt;
#Bespreek het principe van een geometrie-optimalisatie van een molecule. Maak hierbij gebruik van de begrippen potentiaaloppervlak, stationair punt, gradient en hessiaan. Wat versta je onder een frequentie-analyse, en wat is het verband tussen de frequenties en de hessiaan? Leg uit waarom geometrie-optimalisatie best steeds gevolgd wordt door een frequentie-analyse. Op welke manier kan de symmetrie van het molecule hierbij een rol spelen?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===22 januari 2015===&lt;br /&gt;
# Bespreek Rayleigh-Schrödinger perturbatietheorie voor niet-ontaarde systemen en situeer de MP2-methode binnen deze theorie.&lt;br /&gt;
# De volgende complexe functies stellen twee van de oplossingen voor van de Schrödingernvergelijking voor een één-elektron atoom met kernlading Z:&lt;br /&gt;
#* Ψ4,2,±2 (r,θ,φ)=R4,2 Θ2,±2(θ) Φ±2(φ)&lt;br /&gt;
#* met ρ=2Zr/na0&lt;br /&gt;
#* en: R4,2(r)=(((Z/a0)^(3/2))/96√5)*(6-ρ)ρ²e-ρ/2&lt;br /&gt;
#* Θ2,±2(θ)=√15/4 sin²θ&lt;br /&gt;
#* Φ±2(φ)=1/√2π e±2iφ&lt;br /&gt;
#* Zijn deze twee functies ontaard of niet?&lt;br /&gt;
#* Vorm uit deze twee golffuncties via een orthonormale transformatie twee reële functies. Welke kwantumgetallen gaan hierbij verloren? Zijn de nieuwe functie nog steeds eigenfuncties van dezelfde hamiltoniaan (één-elektron atoom met kernlading Z)? Zo ja, hebben ze dezelfde eigenwaarden als de oorspronkelijke functies of niet? Zijn ze ontaard of niet?&lt;br /&gt;
#* Hoeveel radiale nodale vlakken hebben de reële functies? Hoeveel angulaire nodale vlakken, en welke vlakken zijn dit?&lt;br /&gt;
#* Teken het angulaire deel van de twee reële orbitalen in twee dimensies. Kies hiervoor het vlak in een carthesisch assenstelsel waar de functies waar de functies hun maximale (absolute) waarde bereiken.&lt;br /&gt;
#* Teken ook (kwalitatief) de totale (reële) golffuncties in hetzelfde vlak, onder de vorm van hoogtelijnen. Teken twee hoogtelijnen met een verschillende absolute waarde en geef aan welke van de twee lijnen hoort bij de hoogste absolute waarde.&lt;br /&gt;
# Op basis van welk principe en onder welke omstandigheden kunnen de toestandsfuncties van een systeem geclassificeerd worden als gerade of ungerade?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 januari 2015 VM===&lt;br /&gt;
# Geef en bewijs het variatie theorema. Toon aan dat dit blijft gelden in de densiteitfunctionaal theorie&lt;br /&gt;
# Constructie van Slater determinanten vanuit het Pauli principe&lt;br /&gt;
#Duid in onderstaande tabel aan met een kruisje of de volgende waterstoforbitalen eigenfuncties zijn van de hamiltoniaan (H), en/of de orbitaaldraaiimpulsoperatoren (lÂ², lx, ly, lz). Hierbij moeten geen ingewikkelde afleidingen gegeven worden, maar je moet keuze wel kunnen uitleggen. (rood = oplossing)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===16 januari 2015===&lt;br /&gt;
# Schrijf de hamiltoniaan voor het waterstofatoom. Beschrijf schematisch de eigenfuncties en bijbehorende eigenwaarden. Plaats nu het atoom in een magneetveld. Beschrijf hoe de eigenfuncties en eigenwaarden veranderen.&lt;br /&gt;
# Geef grondig het Pauliprincipe en toon aan dat de golffunctie van het He atoom geschreven moet worden als een determinant, en geef deze determinant.&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* Wat versta je onder elektroncorrelatie&lt;br /&gt;
#* Geef de de definitie van correlatie energie&lt;br /&gt;
#* Beschrijf schematisch de vorm van de golffunctie die, binnen de LCAO-MO benadering, in staat is de elektron correlatie te beschrijven.&lt;br /&gt;
#* Noem 2 mogelijke methoden die gebruikt kunnen worden om deze golffunctie te berekenen. Geef de essentiële verschillen tussen beide methoden.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===18 augustus 2014===&lt;br /&gt;
# Bewijs dat Pz een lineaire en hermitische operator is.&lt;br /&gt;
# Geef grondig het Pauliprincipe en voor een He atoom gebruik makend van de orbitaalbenadering dat de golffunctie geschreven kan worden in een determinant, en geef deze determinant.&lt;br /&gt;
# Leg uit Rayleigh perturbatie theorie en situeer MP2 hierin.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===24 januari 2014===&lt;br /&gt;
# Definieer&lt;br /&gt;
#*orbitaal en orbitaalbenadering&lt;br /&gt;
#*configuratie: open- en gesloten-schil-configuratie&lt;br /&gt;
#*slaterdeterminanten&lt;br /&gt;
#*toestand en toestandsfunctie; maak gebruik van een voorbeeld en leg het verband/preciseer het verschil tussen de verschillende begrippen&lt;br /&gt;
# Wat is het verschil tussen de gross en de netto Mulliken populatie van een atomaire basisfunctie resulterend uit een moleculaire LCAO-MO-SCF berekening? (leid de formules af)&lt;br /&gt;
# Bereken a) de meest waarschijnlijke kern-elektronafstand; b) de gemiddelde kern-elektronafstand, in de grondtoestand van het waterstof atoom met als toestandsfunctie (dan die functie uit de cursus)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 januari 2014===&lt;br /&gt;
# geef de definitie en twee voorbeelden (met verantwoording) van elk van de volgende begrippen:&lt;br /&gt;
#* Idempotente operatoren&lt;br /&gt;
#* Compatibele grootheden&lt;br /&gt;
#* Hermitische operatoren&lt;br /&gt;
# Geef en bespreek het Pauli principe (algemeen) en toon aan dat omwille van dit principe de maximale bezetting ven de ruimtelijke orbitalen 2 is, en die van de spin orbitalen 1.&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* Wat versta je onder elektroncorrelatie&lt;br /&gt;
#* Geef de de definitie van correlatie energie&lt;br /&gt;
#* Beschrijf schematisch de vorm van de golffunctie die, binnen de LCAO-MO benadering, in staat is de elektron correlatie te beschrijven (uit hoofdstuk 4 naar &#039;t schijnt!)&lt;br /&gt;
#* Noem 2 mogelijke methoden die gebruikt kunnen worden om deze golffunctie te berekenen. Geef de essentiële verschillen tussen beide methoden.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 januari 2014===&lt;br /&gt;
# Bewijs compatiebele grootheden.&lt;br /&gt;
#Leg uit waarom de dissociatie van het H2 molecule niet correct beschreven kan worden met een RHF type golffunctie.&lt;br /&gt;
#* Geef de 2 wijzen waarop de bindingsenergie van H2 theoretisch berekend kan worden en leg uit waarom, op Hartree-Fock niveau, de ene wijze steeds een te hoge, en de andere wijze steeds een te lage bindingsenergie oplevert.&lt;br /&gt;
#*Hoe kan de beschrijving van de golffunctie van H2, en dus ook van de bindingsenergie, verbeterd worden.&lt;br /&gt;
#Bespreek het principe van een geometrie-optimalisatie van een molecule.&lt;br /&gt;
#* Maak hierbij gebruik van de begrippen potentiaaloppervlak, stationair punt, gradient en hessiaan. Wat versta je onder een frequentie-analyse.&lt;br /&gt;
#* Wat is het verband tussen de frequenties en de hessiaan?&lt;br /&gt;
#* Leg uit waarom geometrie-optimalisatie best steeds gevolgd wordt door een frequentie-analyse. Op welke manier kan de symmetrie van het molecule hierbij een rol spelen? &lt;br /&gt;
===17 januari 2014===&lt;br /&gt;
#Geef en bewijs het variatie theorema. Toon aan dat dit blijft gelden in de densiteitfunctionaal theorie&lt;br /&gt;
#Constructie van Slater determinanten vanuit het Pauli principe:&lt;br /&gt;
#Bespreek de mogelijke golffuncties en dat die aanleiding geven tot de constructie van  een Slater determinant/ combinatie van Slater determinanten&lt;br /&gt;
#Duid in onderstaande tabel aan met een kruisje of de volgende waterstoforbitalen eigenfuncties zijn van de hamiltoniaan (H), en/of de orbitaaldraaiimpulsoperatoren (l², lx, ly, lz). Hierbij moeten geen ingewikkelde afleidingen gegeven worden, maar je moet keuze wel kunnen uitleggen. (rood = oplossing) (zie 24 januari 2012)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 25 januari 2013 ===&lt;br /&gt;
#Geef en bespreek het Pauli-principe. Welke benaderende golffunctie zal men gebruiken om te voldoen aan dit principe?&lt;br /&gt;
#Definitie van elektroncorrelatie. Wat is de correlatie-energie? Beschrijf schematisch de vorm van de golffunctie die, binnen de LCAO-MO benadering, in staat is om elektronencorrelatie te beschrijven. Noem twee mogelijke methoden die gebruikt kunnen worden om deze golffunctie te berekenen. Geef de essentiële verschillen tussen de beide methoden.&lt;br /&gt;
#Toepassing van de LCAO-MO benadering op het H2+ molecule met een minimale basis bestaande uit twee genormaliseerde AO 1sA en 1sB geeft steeds de volgende twee MO&#039;s: phi•b = N(1sA + 1sB) en phi•* = N&#039; (1sA - 1sB). Bereken de normalisatieconstanten N en N&#039;. Bewijs (op basis van de densiteit) dat, bij een voldoende kleine H-H afstand zodat beide atomaire orbitalen overlappen, phi(b) een binden MO en phi* een antibindend MO is.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 22 januari 2013===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#Leid de uitdrukking af van de totale (elektronische) grondtoestandsenergie die bekomen wordt binnen DFT na de introductie van orbitalen zoals gesugereerd door Kohn &amp;amp;amp; Sham&lt;br /&gt;
#Geef de definitie van &amp;amp;quot;size consistency&amp;amp;quot;. Waarom is de CISD-methode niet size-consistent?&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#*Wat zijn compatiebele grootheden?&lt;br /&gt;
#*Toon aan dat twee meetbare grootheden compatiebel zijn als de corresponderende kwantummechanische operatoren commuteren.&lt;br /&gt;
#*Geef een voorbeeld van (i) twee compatiebele grootheden, (ii) twee niet-compatiebele grootheden. Bewijs (i) en (ii) door de commutatierelatie tussen de bijhorende operatoren uit te werken.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===Augustus 2012===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#Geef de definitie van een lineaire hermitische operator A en bewijs dat:&lt;br /&gt;
#*eigenwaarden van A altijd reël zijn&lt;br /&gt;
#*de eigenfuncties van A steeds orthonormaal gekozen kunnen worden.&lt;br /&gt;
#Bespreek Rayleigh-Schrödinger perturbatietheorie voor niet-ontaarde systemen en situeer de MP2-methode binnen deze theorie.&lt;br /&gt;
#Leg uit waarom de dissociatie van H2 molecule niet correct beschreven kan worden met een RHF-type golffunctie. Geef de twee wijzen waarop de bindingsenergie van H2 theoretisch berekend kan worden en leg uit waarom, op Hartree-Fock niveau, de ene wijze een steeds te hoge en de andere steeds een te lage bindingsenergie oplevert? Hoe kan de beschrijving van de golffunctie van H2, en dus ook van bindingsenergie, verbeterd worden?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===28 januari 2012 NM===&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* Definitie van elektroncorrelatie&lt;br /&gt;
#* Wat is de correlatie-energie&lt;br /&gt;
#* Beschrijf schematisch de vorm van de golffunctie die, binnen de LCAO-MO benadering, in staat is om elektronencorrelatie te beschrijven&lt;br /&gt;
#* Noem twee mogelijke methoden die gebruikt kunnen worden om deze golffunctie te berekenen. Geef de essentiële verschillen tussen de beide methoden&lt;br /&gt;
#Toepassing van de LCAO-MO benadering op het H2+ molecule met een minimale basis bestaande uit twee genormaliseerde AO 1sA en 1sB geeft steeds de volgende twee MO&#039;s: phi•b = N(1sA + 1sB) en phi•* = N&#039; (1sA - 1sB). &lt;br /&gt;
#* Bereken de normalisatieconstanten N en N&#039;&lt;br /&gt;
#* Bewijs (op basis van de densiteit) dat, bij een voldoende kleine H-H afstand zodat beide atomaire orbitalen overlappen, phi(b) een binden MO en phi* een antibindend MO is. &lt;br /&gt;
# Bewijs compatiebele grootheden.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===24 januari 2012 VM===&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#*Geef en bespreek het Pauli-principe&lt;br /&gt;
#*Welke benaderende golffunctie zal men gebruiken om te voldoen aan dit principe?&lt;br /&gt;
#Leid de uitdrukking af voor de totale (elektronische) grondtoestandsenergie binnen DFT, na de introductie van orbitalen zoals gesuggereerd door Kohn &amp;amp;amp; Sham.&lt;br /&gt;
#Duid in onderstaande tabel aan met een kruisje of de volgende waterstoforbitalen eigenfuncties zijn van de hamiltoniaan (H), en/of de orbitaaldraaiimpulsoperatoren (l², lx, ly, lz). Hierbij moeten geen ingewikkelde afleidingen gegeven worden, maar je moet keuze wel kunnen uitleggen. (rood = oplossing)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===22 januari 2012===&lt;br /&gt;
#Op basis van welk principe en onder welke omstandigheden kunnen de toestandsfunctie van een systeem geclassificeerd worden als gerade of ungerade?&lt;br /&gt;
#Wat is het verschil tussen de gross en de netto Mulliken populatie van een atomaire basisfunctie resulterend uit een moleculaire LCAO-MO-SCF berekening? (leid de formules af)&lt;br /&gt;
#De volgende complexe functies stellen twee van de oplossingen voor van de Schrödingernvergelijking voor een éé-elektron atoom met kernlading Z:&lt;br /&gt;
#* Ψ4,2,±2 (r,θ,φ)=R4,2 Θ2,±2(θ) Φ±2(φ)&lt;br /&gt;
#* met ρ=2Zr/na0&lt;br /&gt;
#* en: R4,2(r)=(((Z/a0)^(3/2))/96√5)*(6-ρ)ρ²e-ρ/2&lt;br /&gt;
#* Θ2,±2(θ)=√15/4 sin²θ&lt;br /&gt;
#* Φ±2(φ)=1/√2π e±2iφ&lt;br /&gt;
#*Zijn deze twee functies ontaard of niet?&lt;br /&gt;
#*Vorm uit deze twee golffuncties via een orthonormale transformatie twee reële functies. Welke kwantumgetallen gaan hierbij verloren? Zijn de nieuwe functie nog steeds eigenfuncties van dezelfde hamiltoniaan (één-elektron atoom met kernlading Z)? Zo ja, hebben ze dezelfde eigenwaarden als de oorspronkelijke functies of niet? Zijn ze ontaard of niet?&lt;br /&gt;
#*Hoeveel radiale nodale vlakken hebben de reële functies? Hoeveel angulaire nodale vlakken, en welke vlakken zijn dit?&lt;br /&gt;
#*Teken het angulaire deel van de twee reële orbitalen in twee dimensies. Kies hiervoor het vlak in een carthesisch assenstelsel waar de functies waar de functies hun maximale (absolute) waarde bereiken.&lt;br /&gt;
#*Teken ook (kwalitatief) de totale (reële) golffuncties in hetzelfde vlak, onder de vorm van hoogtelijnen. Teken twee hoogtelijnen met een verschillende absolute waarde en geef aan welke van de twee lijnen hoort bij de hoogste absolute waarde.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===24 januari 2011 nm===&lt;br /&gt;
# Maak gebruik van de LCAO-MO benadering en het variatietheorema om de golffunctie en bijhorende energie te berekenen van de grondtoestand van het H2+-ion bij een H-H afstand van 2,2 a.u. Basisfuncties zijn de (genormaliseerde) 1sA en 1sB orbitalen op beide H atomen. De waarde van de verschillende integralen tussen beide functies bij de gegeven H-H afstand bedragen:    S(AB)= 0,533     ;  H(AA)= -0,937 a.u.      ;    H(AB)= -0,621 a.u.&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* Geef en bespreek het Pauli-principe&lt;br /&gt;
#* Hoe wordt dit principe gebruikt voor de constructie van een golffunctie binnnen de orbitaalbenadering.&lt;br /&gt;
# Wat is het verschil tussen de gross en de netto Mulliken populatie van een atomaire basisfunctie resulterend uit een moleculaire LCAO-MOSCF berekening (leid de formules af)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===24 januari 2011 vm===&lt;br /&gt;
# Op basis van welk principe en onder welke omstandigheden kunnen de toestandsfuncties van een systeem geclassificeerd worden als gerade of ungerade?&lt;br /&gt;
# Leidt de uitdrukking af van de totale elektronische grondtoestandsenergie die bekomen wordt binnen DFT na de introductie van orbitalen zoals gesuggereerd door Kohn &amp;amp;amp; Sham.&lt;br /&gt;
# Bereken a) de meest waarschijnlijke kern-elektronafstand; b) de gemiddelde kern-elektronafstand, in de grondtoestand van het waterstof atoom met als toestandsfunctie (dan die functie uit de cursus)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===22 januari 2010 nm===&lt;br /&gt;
#Niet compatiebele grootheden, bewijzen dat impuls en plaats niet compatiebel zijn, onzekerheidsprincipe Heisenberg geven en bewijzen met gegeven formule (uit cursus)&lt;br /&gt;
#H2+-ion, gegeven dat bindend orbitaal= N(sA+sB) en antibindend= N&#039;(sA-sB). Normalisatiefactoren berekenen en met de waarschijnlijkheidsdichtheid aantonen dat het ene bindend is en het andere antibindend.&lt;br /&gt;
#Vanalles over geometrie-optimalisatie en frequentie-analyse:&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===22 januari 2010 vm===&lt;br /&gt;
#De golffunctie van waterstof gekregen. Bereken hoogst waarschijnlijke waarde van r en de gemiddelde waarde van r&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* Variatietheorema geven en bewijzen en aantonen hoe dat da in de densiteitsfunctionaaltheorie ook blijft gelden&lt;br /&gt;
#* Het eerste Hohenberg-Kohn theorema geven en bewijzen&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* Definitie van elektroncorrelatie&lt;br /&gt;
#* Wat is de correlatie-energie&lt;br /&gt;
#* Beschrijf schematisch de vorm van de golffunctie die, binnen de LCAO-MO benadering, in staat is om elektronencorrelatie te beschrijven&lt;br /&gt;
#* Noem twee mogelijke methoden die gebruikt kunnen worden om deze golffunctie te berekenen. Geef de essentiële verschillen tussen de beide methoden&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===18 januari 2010 nm===&lt;br /&gt;
#Op basis van welk principe en onder welke omstandigheden kunnen de toestandsfuncties van een systeem geclassificeerd worden als gerade en ungerade&lt;br /&gt;
#Leg uit waarom de dissociatie van het H2 molecule niet correct beschreven kan worden met een RHF type golffunctie. Geef de 2 wijzen waarop de bindingsenergie van H2 theoretisch berekend kan worden en leg uit waarom, op Hartree-Fock niveau de ene wijze steeds een te hoge, en de andere wijze steeds een te lage bindingsenergie oplevert. Hoe kan de beschrijving van de golffunctie van H2, en dus ook van de bindingsenergie, verbeterd worden.&lt;br /&gt;
#Bespreek het Pauli-principe (grondig en algemeen) en gebruik dit principe bij de constructie van de golffunctie voor de grondtoestand van he He atoom(binnen de orbitaalbenadering) &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===18 januari 2010 vm===&lt;br /&gt;
#Bewijs compatiebele grootheden&lt;br /&gt;
#Geef de verschillende aangeslagen toestanden van een twee-elektronsysteem. Geef de slaterdeterminanten rekening houdend met het Pauliprincipe&lt;br /&gt;
#Tekenopdracht van n=4 l=2 en ml=+/-2 (zie oude examenvragen)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===augustus 2009===&lt;br /&gt;
#Wat zijn incompatiebele grootheden? Toon aan dat positie en snelheid incompatiebel zijn. Geef en bewijs de Heisenberg onzekerheidsrelatie. Maak hierbij gebruik van de volgende vergelijking, geldend voor twee incompatiebele grootheden A en B: deltaA * deltaB &amp;amp;gt;= 1/2 |&amp;amp;lt;psi|[A, B]|psi&amp;amp;gt;|&lt;br /&gt;
#Toepassing van de LCAO-MO benadering op het H2+ molecule met een minimale basis bestaande uit twee genormaliseerde AO 1sA en 1sB geeft steeds de volgende twee MO&#039;s: phi•b = N(1sA + 1sB) en phi•* = N&#039; (1sA - 1sB). &lt;br /&gt;
* Bereken de normalisatieconstanten N en N&#039;&lt;br /&gt;
* Bewijs (op basis van de densiteit) dat, bij een voldoende kleine H-H afstand zodat beide atomaire orbitalen overlappen, phi•b een binden MO en phi•* een antibindend MO is. &lt;br /&gt;
#Bespreek het principe van een geometrie-optimalisatie van een molecule. Maak hierbij gebruik van de begrippen potentiaaloppervlak, stationair punt, gradient en hessiaan. Wat versta je onder een frequentie-analyse, en wat is het verband tussen de frequenties en de hessiaan? Leg uit waarom geometrie-optimalisatie best steeds gevolgd wordt door een frequentie-analyse. Op welke manier kan de symmetrie van het molecule hierbij een rol spelen?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 januari 2009===&lt;br /&gt;
#Geef de definitie van een lineaire hermitische operator A en bewijs dat:&lt;br /&gt;
#*Eigenwaarden van A altijd reel zijn&lt;br /&gt;
#*De eigenfuncties van A steeds orthonormaal gekozen kunnen worden.&lt;br /&gt;
#Leg uit waarom de dissociatie van het H2 molecule niet correct beschreven kan worden met een RHF type golffunctie. Geef de twee wijzen waarop de bindingsenergie van H2 theoretisch berekend kan worden en leg uit waarom, op Hartree-Fock niveau, de ene wijze steeds een te hoge en de andere wijze steeds een te lage bindingsenergie oplevert. Hoe kan de beschrijving van de golffunctie van H2, en dus ook van de bindingsenergie, verbeterd worden?&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#*Geef en bewijs het variatietheorema&lt;br /&gt;
#*Geef en bewijs het eerste Hohenberg-Kohn theorema&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===12 januari 2009===&lt;br /&gt;
#Bespreek gerade/ungerade , afleiding en zeggen wat essentieel is.&lt;br /&gt;
#3 begrippen bespreken en met elkaar in verband brengen: orbitaal / open en gesloten schil / toestand en toestandsfunctie&lt;br /&gt;
#Orbitalen tekenen(letterlijk zoals ook op toledo staat)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===10 januari 2009===&lt;br /&gt;
#Commutatieregels H, L², Lx, Ly, Lz van meer-elektronatomen afleiden en bespreken wat ge daar mee kunt&lt;br /&gt;
#Perturbatietheorie geven &amp;amp;amp; MP2 daar in mengen&lt;br /&gt;
#Frequentie-analyse&lt;br /&gt;
#*A) frequentie-analyse op een stationair punt bespreken en de Hessiaan er in gebruiken&lt;br /&gt;
#*B) 3 eigenschappen bespreken van het molecule in een bepaalde geometrie die je met een frequentie analyse kan berekenen/bespreken&lt;/div&gt;</summary>
		<author><name>R0998693</name></author>
	</entry>
	<entry>
		<id>https://wiki.chemika.be/index.php?title=Kwantum-_en_Computationele_Chemie&amp;diff=4966</id>
		<title>Kwantum- en Computationele Chemie</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.chemika.be/index.php?title=Kwantum-_en_Computationele_Chemie&amp;diff=4966"/>
		<updated>2026-01-23T14:56:34Z</updated>

		<summary type="html">&lt;p&gt;R0998693: /* Januari 2026 */&lt;/p&gt;
&lt;hr /&gt;
&lt;div&gt;[[Categorie:Bachelor Chemie]]&lt;br /&gt;
Het zwaarste vak van de 3e bachelor in de eerste semester. Dit vak werd tot academiejaar 2020-2021 gedoceerd door professor Pierloot en nu door Jeremy Harvey. Naast het mondelinge examen zijn er computerpractica. Hierover moeten verslagen gemaakt worden en op het einde van het semester een computerexamen afgelegd worden.&lt;br /&gt;
Vanaf academiejaar 2020-2021 wordt dit vak gedoceerd door professor Harvey. Het examen is veraandered naar een schriftelijk examen, die voor 75% van de punten telt.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen vanaf 2021==&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===Januari 2026===&lt;br /&gt;
#Hamiltoniaan voor waterstofatoom gegeven in cartesische- &amp;amp; pool-coördinaten.  &lt;br /&gt;
#:A) Leg de termen &#039;operator&#039;, &#039;lineair&#039; en &#039;hermitisch&#039; kort uit.&lt;br /&gt;
#:B) De Hamiltoniaan is een lineaire operator en hermitisch. Wat voor gevolgen heeft dit voor de Hamiltoniaan? ook fysische gevolgen uitleggen&lt;br /&gt;
#:C) Geef voor elk symbool in de vgl. een betekenis. Waarom wordt deze hamiltoniaan ook in poolcoördinaten geschreven? Wat voor voordelen heeft dit?&lt;br /&gt;
#Geef de commutatierelaties van de hamiltoniaan met ^l&amp;lt;sub&amp;gt;x&amp;lt;/sub&amp;gt; en van ^l operatoren onderling. Leid ook d.m.v. een willekeurige functie af wat de commutator is van [^l&amp;lt;sub&amp;gt;z&amp;lt;/sub&amp;gt;,^l&amp;lt;sub&amp;gt;x&amp;lt;/sub&amp;gt;]&lt;br /&gt;
#Een configuratie van een neutraal atoom bestaat uit ɸ&amp;lt;sub&amp;gt;1&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;2&amp;lt;/sup&amp;gt;,ɸ&amp;lt;sub&amp;gt;2&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;2&amp;lt;/sup&amp;gt;,....ɸ&amp;lt;sub&amp;gt;HOMO&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;2&amp;lt;/sup&amp;gt;,ɸ&amp;lt;sub&amp;gt;LUMO&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;0&amp;lt;/sup&amp;gt;. de aangeslagen versie hiervan verschilt in ɸ&amp;lt;sub&amp;gt;HOMO&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;1&amp;lt;/sup&amp;gt;,ɸ&amp;lt;sub&amp;gt;LUMO&amp;lt;/sub&amp;gt;&amp;lt;sup&amp;gt;1&amp;lt;/sup&amp;gt;.&lt;br /&gt;
#*Wat zijn de mogelijke toestanden van dit systeem? &lt;br /&gt;
#*Geef minstens 2 mogelijke toestandsfuncties hiervoor.&lt;br /&gt;
#Uitgebreide vraag waar BDE&#039;s moester berekend worden met gegeven HF data en een correctionele factor. Belangrijk was om de tekortkomingen van HF te kennen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===januari 2025===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# voor het antwoord op de vraag &#039;wat is de meest waarschijnlijke positie van een elektron tov de kern&#039; zijn er 3 antwoorden mogelijk. Geef de drie antwoorden, geef een korte formule die dat aantoont en leg uit.&lt;br /&gt;
# je moest een nieuwe kwantummechanische operator opstellen vanuit gegeven operatoren.&lt;br /&gt;
# over de het onafhankelijke-elektronmodel: er wordt gegeven dat je hier de hamiltoniaan schrijft als som van twee één elektron operatoren. leidt nu een uitdrukking af voor de energie van zo&#039;n benaderd systeem&lt;br /&gt;
# grote vraag waarin naar je inzicht werd gepeild over de beperkingen van hartree fock methode en ook wat de invloed is van de basisset&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===16 januari 2023===&lt;br /&gt;
#3 golffuncties:&lt;br /&gt;
#*-Φgrond(r1,ω1,r2,ω2)= [ɸa(r1)xɸb(r2)] Fa&lt;br /&gt;
#*-Φaangeslagen,1(r1,ω1,r2,ω2)= [ɸa(r1)ɸb(r2)-ɸb(r1)ɸ(r2)] α(ω1)α(ω2)&lt;br /&gt;
#*-Φaangeslagen,2(r1,ω1,r2,ω2)= [ɸa(r1)ɸb(r2)+ɸb(r1)ɸ(r2)] Fa&lt;br /&gt;
#*(a) Deze golffuncties voldoen aan een bepaald principe. Wat is dit principe? (of zoiets) (Antwoord: Pauli-principe)&lt;br /&gt;
#*(b) Bewijs dat de golffuncties aan dit principe voldoen door Fa uit te werken. (Antwoord: vergelijking 4.33)&lt;br /&gt;
#*(c) Schrijf de golffunctie van de grondtoestand de aangeslagen,1 toestand als Slater determinant. (Antwoord: theorie rond vergelijking 4.63)&lt;br /&gt;
# Ψn=sqrt(2/L)cos(nπx/L). Dit is de golffunctie van een deeltje dat zich in een doos bevindt en zich in 1 dimensie kan bewegen van x=0 tot x=L. De potentiële energie is 0. Hamiltoniaan: H=T^+V^=(-h(bar)^2/2m)*∇^2+V^. (Variant van deeltje in doos pagina 54 in handboek)&lt;br /&gt;
#*(a) Bewijs dat Ψn een eigenfunctie is van H. (Antwoord: HΨn uitwerken. Indien dit gelijk is aan een constante maal Ψn, dan is het bewezen)&lt;br /&gt;
#*(b) Wat is de energie van Ψn voor n=1? (Antwoord: HΨn=EΨn)&lt;br /&gt;
#Een oefening over ozon. De orbitaal isovlakken van de HOMO-2, HOMO-1, HOMO en LUMO zijn gegeven.&lt;br /&gt;
#*(a) Wat is de puntgroep van ozon? Wat zijn de irreps van de vier bovenstaande structuren? (Puntgroep via appendix. Rest is hoofdstuk 4 symmetrie)&lt;br /&gt;
#*(b) Er zijn 4 waarden berekend (gegeven) in Ha. 1 ervan is de grondtoestand, de rest zijn de 3 laagste aangeslagen toestanden. Wat is de transitie-energie voor elk van de drie aangeslagen toestanden in kJ/mol? (Ha --&amp;gt; kJ/mol in appendix)&lt;br /&gt;
#*(c) Een belangrijk fenomeen in de ozonlaag heeft te maken met de uitzending van licht van 255 nm. Welke aangeslagen toestand zou overeen kunnen komen met deze golflengte? Leg uit. (Antwoord: energie van licht vergelijken met het energieverschil van de grondtoestand en de aangeslagen toestanden en zien welke overeenkomt)&lt;br /&gt;
#*(d) Een elektron dat van het HOMO, HOMO-1 of HOMO-2 orbitaal naar naar het LUMO springt is een goede benadering van de excitatietoestanden gegeven in (b) (elke excitatie komt overeen met één van deze drie sprongen). Welke transitie komt overeen met de lichtexcitatie van 255 nm? HOMO-2--&amp;gt;LUMO, HOMO-1--&amp;gt;LUMO of HOMO--&amp;gt;LUMO? Leg uit.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===18 januari 2022===&lt;br /&gt;
#Compatibel (Geg: operatoren van draaiimpuls-componenten)&lt;br /&gt;
#* Wat zijn compatibele grootheden?&lt;br /&gt;
#* Waroom zijn Îx en Îz niet compatibel (afleiding)?&lt;br /&gt;
#* Belangrijkste gevolg/probleem voor niet compatibele operatoren?&lt;br /&gt;
#Slater Determinanten&lt;br /&gt;
#* Waarom gebruikt men SD-toestandfuncties ipv HF?&lt;br /&gt;
#* Fysische betekenis van vier termen van (gegeven vgl) E(SD) (vgl 5.24 in cursus)&lt;br /&gt;
#* Welke term valt weg voor HF? Why?&lt;br /&gt;
#Energiën experiment: Gegeven radicalaire reactie: R-OH -&amp;gt; R-O° + °H. Energieën voor alle componenten zijn gegeven van twee calculations met twee basissets. Daarnaast ook ZPE.&lt;br /&gt;
#* Waarom calculeren we eerst een geoptimaliseerde energie met 6-311G(d) en dan nog eens met 6-311G(d,p)?&lt;br /&gt;
#* Waarom calculeren we vibratiefreq.?&lt;br /&gt;
#* Wat is de meest geoptimaliseerde energie van de O-H binding o.b.v. waarden in tabel? &lt;br /&gt;
#* Kan foton met golflengte x nm deze breking veroorzaken?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===18 juni 2021===&lt;br /&gt;
#Elektrondensiteit&lt;br /&gt;
#*Geef e-densiteit voor N-deeltjes systeem, onafh. van spin. (vgl 2.22 uit cursus)&lt;br /&gt;
#*Explain en leid af de vgl van dipoolmoment. (vgl 6.4 in cursus)&lt;br /&gt;
#Molecularie Mechanica&lt;br /&gt;
#*Explain (gegeven) krachtveld uitdrukking. (vgl 5.127 uit cursus)&lt;br /&gt;
#HF-calculation voor waterstoffluoride: gegeven tabel: 4 basissets (+ welke basisfuncties op F en H afzonderlijk) + bijhorende energie &lt;br /&gt;
#*Bereken de kern-kern repulsie voor waterstoffluoride met bindingslengte 0.917.&lt;br /&gt;
#*Welk van de vier berekeningen geeft (i) de nauwkeurigste en (ii) de slechtste benaderende golffuncties voor waterstoffluoride? Welk principe wordt hier gebruikt?&lt;br /&gt;
#*Waarom daalt de energie bij toevoegen van d basisfunctie op F en p basisfunctie op H?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===27 januari 2021===&lt;br /&gt;
#Restricted Hartree Fock&lt;br /&gt;
#*Geef RHF toestandsfunctie van H2 molecule binnen de LCAO-MO benadering en met een minimale basisset. Leg uit waarom de dissociatie van het H2 molecule niet correct beschreven kan worden met een RHF type golffunctie. Geef aan welke gevolgen dit heeft voor de nauwkeurigheid van de RHF beschrijving van covalente bindingen. Beschrijf in detail welke (minimale) verbetering van de RHF golffunctie van H2 nodig is om een kwalitatief correcte dissociatiecurve te bekomen.&lt;br /&gt;
#Slater Determinanten&lt;br /&gt;
#*Geef de SD van He. Bewijs dat de SD voldoet aan het Pauli principe. &lt;br /&gt;
#*De bijbehorende energie is E = 2 h1s1s + J1s1s. Wat betekenen h1s1s en J1s1s.&lt;br /&gt;
#*Gegeven h = functie van zèta, J = functie van zèta. Bereken voor welke zèta de energie zo nauwkeurig mogelijk is, wat is de waarde van de energie? Waarom neemt J toe als zèta toeneemt? &lt;br /&gt;
#*Met een zeer grote basisset vinden we E = -2,85 Hartree. De exacte energie is -2,90 Hartree. Leg uit waarom deze waarde verschillen en waarom ze verschillen van het antwoord in de vorige vraag. &lt;br /&gt;
#Moleculaire Symmetrie: Gegeven: cis- en trans-isomeer van C2H2F2 met bijhorende energieën (E(cis) &amp;gt; E(trans) by 0,0004 Ha). Twee MOs van het trans-isomeer. Twee karaktertabellen voor C2v en C2h.&lt;br /&gt;
#*Welk isomeer heeft puntgroep C2v, welk C2h? Why?&lt;br /&gt;
#*Geef de irreduceerbare representatie van de twee MOs, explain.&lt;br /&gt;
#*Waarom kunnen de orbitalen zo gekozen worden dat ze eigenfuncties zijn van de symmetrieoperatoren?&lt;br /&gt;
#*Welk isomeer is het stabielste? Is er een groot verschil in stabiliteit?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen vanaf 2009==&lt;br /&gt;
===24 januari 2020 VM===&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#*Geef en bewijs het variatietheorema.&lt;br /&gt;
#*Situeer de orbitaalbenadering binnen dit theorema. Beschrijf hoe met deze methode benaderende oplossingen van de Schrödingervergelijking bekomen kunnen worden. &lt;br /&gt;
#*Situeer de LCAO-MO methode binnen dit theorema. Beschrijf hoe met deze methode benaderende oplossingen voor orbitalen bekomen kunnen worden. &lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#*Schrijf de HF toestandsfunctie voor een gesloten-schil molecule.&lt;br /&gt;
#* Wat versta je onder elektroncorrelatie? Waarom beschrijft de HF toestandsfunctie correlatie niet. Geef de definitie van correlatie-energie.&lt;br /&gt;
#* Beschrijf schematisch de vorm van de golffunctie die, binnen de LCAO-MO benadering, wel in staat is om elektroncorrelatie te beschrijven.&lt;br /&gt;
#Duid in onderstaande tabel aan met een kruisje of de volgende waterstoforbitalen eigenfuncties zijn van de hamiltoniaan (H), en/of de orbitaaldraaiimpulsoperatoren (lÂ², lx, ly, lz). Hierbij moeten geen ingewikkelde afleidingen gegeven worden, maar je moet keuze wel kunnen uitleggen. (rood = oplossing)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===13 januari 2020 NM===&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#Bereken a) de meest waarschijnlijke kern-elektronafstand; b) de gemiddelde kern-elektronafstand, in de grondtoestand van het waterstof atoom met als toestandsfunctie dezelfde functie als uit de cursus&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#Vertrek van de exacte oplossing van de Schrödingervgl van het He+ ion om een benaderende oplossing te berekenen voor de grondtoestand van het He atoom. Werk een manier uit om deze benadering te verbeteren door gebruik te maken van het variatietheorema. Kan je op die manier een exacte uitkomst bekomen? Leg uit waarom (niet)/ hoe.&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#a) Hoe bereken je de elektronendensiteit vertrekkende van de (exacte) elektronische toestandsfunctie van een molecule? b) Leid af hoe de kwantummechanische verwachtingswaarde van een moleculaire dipoolmoment berekend kan worden, vertrekkende van (a) de elektronische toestandsfunctie; (b) de elektronendensiteit.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===13 januari 2020 VM===&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#Geef de definitie van een lineaire hermitische operator Â en bewijs dat (a) eigenwaarden van Â altijd reëel zijn; (b) de eigenfuncties van Â steeds orthonormaal gekozen kunnen worden.&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#Leg uit waarom de dissociatie van het H2 molecule niet correct beschreven kan worden met een RHF type golffunctie. Geef aan welke gevolgen dit heeft voor de nauwkeurigheid van de RHF beschrijving van covalente bindingen. Beschrijf in detail welke (minimale) verbetering van de RHF golffunctie van H2 nodig is om een kwalitatief correcte dissociatiecurve te bekomen.&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#a) Geef en bespreek de algemene uitdrukking van het Pauli principe. Maak hierbij gebruik van permutatie-operatoren. b) Bewijs dat (binnen de orbitaalbenadering) omwille van dit principe de maximale elektronische bezetting van een ruimtelijk orbitaal twee is.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===22 januari 2019 VM=== &lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#Bereken a) de meest waarschijnlijke kern-elektronafstand; b) de gemiddelde kern-elektronafstand, in de grondtoestand van het waterstof atoom met als toestandsfunctie dezelfde functie als uit de cursus&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#*Geef en bewijs het variatietheorema.&lt;br /&gt;
#*Situeer de orbitaalbenadering binnen dit theorema. Beschrijf hoe met deze methode benaderende oplossingen van de Schrödingervergelijking bekomen kunnen worden. &lt;br /&gt;
#*Situeer de LCAO-MO methode binnen dit theorema. Beschrijf hoe met deze methode benaderende oplossingen voor orbitalen bekomen kunnen worden. &lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#*Geef een uitdrukking voor de HF orbitaalenergie&lt;br /&gt;
#*Is som van de individuele oribitaalenergieën gelijk aan de totale HF energie? Indien niet, waar ligt dit aan?&lt;br /&gt;
#*Over de ionisatiepotentiaal en hoe die bepaalt werd en hoe da verbeterd kon worden&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 14 januari 2019 VM===&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#*Bespreek idempotente operatoren, compatibele grootheden, hermetische operatoren.&lt;br /&gt;
#* Bewijs dat 1/2 (AB+BA) hermitisch is als, A en B zelf hermitisch zijn. Moeten A en B hiervoor commuteren?&lt;br /&gt;
# Bespreek de toestandsfunctie horende bij de configuratie phi(a)phi(b) van een twee-elektronsysteem, en toon aan hoe het Pauliprincipe hierbij aanleiding geeft tot de constructie van (combinaties van) Slater determinanten. (phi(a) en phi(b) zijn orbitalen).&lt;br /&gt;
#Wat is Mulliken populatie-analyse en voor wat dient het? Leid de formules af + wat is het verschil tussen de gross en de netto Mulliken populatie van een atomaire basisfunctie resulterend uit een moleculaire LCAO-MO-SCF berekening (gesloten schil molecule)?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===25 januari 2018===&lt;br /&gt;
# Bespreek de toestandsfunctie horende bij de configuratie phi(a)phi(b) van een twee-elektronsysteem, en toon aan hoe het Pauliprincipe hierbij aanleiding geeft tot de constructie van (combinaties van) Slater determinanten. (phi(a) en phi(b) zijn orbitalen).&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#*Schrijf de HF toestandsfunctie voor een gesloten-schil molecule.&lt;br /&gt;
#* Wat versta je onder elektroncorrelatie? Waarom beschrijft de HF toestandsfunctie correlatie niet. Geef de definitie van correlatie-energie.&lt;br /&gt;
#* Beschrijf schematisch de vorm van de golffunctie die, binnen de LCAO-MO benadering, wel in staat is om elektroncorrelatie te beschrijven.&lt;br /&gt;
# Leid af hoe de kwantummechanische verwachtingswaarde van een moleculaire dipoolmoment berekend kan worden, vertrekkende van (a) de elektronische toestandsfunctie; (b) de elektronendensiteit. &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===NM 23 januari 2018===&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* Geef de definitie en twee voorbeelden (met verantwoording) van elk van de volgende begrippen: (1) idempotente operatoren, (2) compatiebele grootheden en (3) hermitische operatoren.&lt;br /&gt;
#* Bewijs dat 1/2 (AB+BA) hermitisch is als, A en B zelf hermitisch zijn. Moeten A en B hiervoor commuteren?&lt;br /&gt;
#Vertrek van de exacte oplossing van de Schrödingervgl van het He+ ion om een benaderende oplossing te berekenen voor de grondtoestand van het He atoom. Werk een manier uit om deze benadering te verbeteren door gebruik te maken van het variatietheorema. Kan je op die manier een exacte uitkomst bekomen? Leg uit waarom (niet)/ hoe.&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#*Geef de uitdrukking van de Hartree-Fock orbitaalenergie ε_HF en bespreek de betekenis van de verschillende termen in deze uitdrukking.&lt;br /&gt;
#*Komt de som van de HF energieën van alle bezette orbitalen van een molecule overeen met de totale HF energie E_HF? Indien niet, waarin verschillen beide grootheden?&lt;br /&gt;
#*Leg uit op welke manier de orbitaalenergie gebruikt kan worden als een benaderende waarde voor de moleculaire ionisatie-energie. Wat houdt deze benadering in en hoe kan de berekening van de ionisatie-potentiaal verder verbeterd worden?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===VM 23 januari 2018===&lt;br /&gt;
#Toepassing van de LCAO-MO benadering op het H2+ molecule met een minimale basis bestaande uit twee genormaliseerde AO 1sA en 1sB geeft steeds de volgende twee MO&#039;s: Phi^b = N(1sA + 1sB) en Phi* = N&#039; (1sA - 1sB). Bereken de normalisatieconstanten N en N&#039;. Bewijs (op basis van de densiteit) dat, bij een voldoende kleine H-H afstand zodat beide atomaire orbitalen overlappen, phi(b) een binden MO en phi* een antibindend MO is.&lt;br /&gt;
#Leg uit waarom de dissociatie van het H2 molecule niet correct beschreven kan worden met een RHF-type golffunctie. Geef aan welke gevolgen dit heeft voor de nauwkeurigheid van de RHF golfvergelijking (?) van covalente bindingen. Beschrijf in detail welke (minimale) voorbetering van de RHF golffunctie van H2 nodig is om een kwalitatief correcte dissociatiecurve te bekomen.&lt;br /&gt;
#Wat is Mulliken populatie-analyse en voor wat dient het? Leid de formules af + wat is het verschil tussen de gross en de netto Mulliken populatie van een atomaire basisfunctie resulterend uit een moleculaire LCAO-MO-SCF berekening (gesloten schil molecule)? &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 19 januari 2018===&lt;br /&gt;
#Voorwaarden van een gerade/ ungerade systeem uitleggen en wanneer het kan voorkomen &lt;br /&gt;
#Vertrek van de exacte oplossing van de Schrödingervgl van het He+ ion om een benaderende oplossing te berekenen voor de grondtoestand van het He atoom. Werk een manier uit om deze benadering te verbeteren door gebruik te maken van het variatietheorema. Kan je op die manier een exacte uitkomst bekomen? Leg uit waarom (niet)/ hoe.&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#*Hoe bereken je de electrondensiteit vertrekkende van de (exacte) elektronische toestandsfunctie van ene molecule? hoe hierbij ook rekening met de spin van de elektronen.&lt;br /&gt;
#*Hoe kan je bovenstaande uitdrukking herschrijven voor de Hartree-Fock golffunctie van een gesloten-schil molecule?&lt;br /&gt;
#*Hoe bereken je de moleculaire elektrostatische potentiaal MEP van een molecule uitgaande van de densiteit?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 26 januari 2017 (NM) ===&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* Geef de definitie en twee voorbeelden (met verantwoording) van elk van de volgende begrippen: (1) idempotente operatoren, (2) compatiebele grootheden en (3) hermitische operatoren.&lt;br /&gt;
#* Bewijs dat 1/2 (AB+BA) hermitisch is als, A en B zelf hermitisch zijn. Moeten A en B hiervoor commuteren?&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#*Schrijf de HF toestandsfunctie voor een gesloten-schil molecule.&lt;br /&gt;
#* Wat versta je onder elektroncorrelatie? Waarom beschrijft de HF toestandsfunctie correlatie niet. Geef de definitie van correlatie-energie.&lt;br /&gt;
#* Beschrijf schematisch de vorm van de golffunctie die, binnen de LCAO-MO benadering, wel in staat is om elektroncorrelatie te beschrijven.&lt;br /&gt;
# De volgende complexe functies stellen twee van de oplossingen voor van de Schrödingervergelijking voor een één-elektron atoom met kernlading Z:functies voor (n=4, l=2 en ml = +/-2)&lt;br /&gt;
#* Ψ4,2,±2 (r,θ,φ)=R4,2 Θ2,±2(θ) Φ±2(φ)&lt;br /&gt;
#* met ρ=2Zr/na0&lt;br /&gt;
#* en: R4,2(r)=(((Z/a0)^(3/2))/96√5)*(6-ρ)ρ²e-ρ/2&lt;br /&gt;
#* Θ2,±2(θ)=√15/4 sin²θ&lt;br /&gt;
#* Φ±2(φ)=1/√2π e±2iφ&lt;br /&gt;
#* Zijn deze twee functies ontaard of niet?&lt;br /&gt;
#* Vorm uit deze twee golffuncties via een orthonormale transformatie twee reële functies. Welke kwantumgetallen gaan hierbij verloren? Zijn de nieuwe functie nog steeds eigenfuncties van dezelfde hamiltoniaan (één-elektron atoom met kernlading Z)? Zo ja, hebben ze dezelfde eigenwaarden als de oorspronkelijke functies of niet? Zijn ze ontaard of niet?&lt;br /&gt;
#* Hoeveel radiale nodale vlakken hebben de reële functies? Hoeveel angulaire nodale vlakken, en welke vlakken zijn dit?&lt;br /&gt;
#* Teken het angulaire deel van de twee reële orbitalen in twee dimensies. Kies hiervoor het vlak in een carthesisch assenstelsel waar de functies waar de functies hun maximale (absolute) waarde bereiken.&lt;br /&gt;
#* Teken ook (kwalitatief) de totale (reële) golffuncties in hetzelfde vlak, onder de vorm van hoogtelijnen. Teken twee hoogtelijnen met een verschillende absolute waarde en geef aan welke van de twee lijnen hoort bij de hoogste absolute waarde.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 24 januarri 2017 ===&lt;br /&gt;
# Voorwaarden uitleggen voor wanneer een systeem geraden of ungeraden kan zijn.&lt;br /&gt;
# Uitleggen waarom UHF afwijkingen geeft bij de dissociatie van H2 en het covalente karakter van bindingen. Uiteggen hoe dit kan verbeterd worden ( in detail zoals H IV: p28-30)&lt;br /&gt;
# Afleiden van de totale elektronische energie na het in voeren van Kohn &amp;amp; Sham orbitalen in DFT.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 20 januari 2017 (NM)===&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* Geef en bewijs het variatietheorema&lt;br /&gt;
#* Situeer de orbitaalbenadering binnen dit theorema. Beschrijf hoe met deze methode benaderende oplossingen van de Schrödingervergelijking bekomen kunnen worden.&lt;br /&gt;
#* Situeer de LCAO-MO methode binnen dit theorema. Beschrijf hoe met deze methode beanderende oplossingen voor orbitalen bekomen kunnen worden.&lt;br /&gt;
# Bespreek de toestandsfunctie horende bij de configuratie phi(a)phi(b) van een twee-elektronsysteem, en toon aan hoe het Pauliprincipe hierbij aanleiding geeft tot de constructie van (combinaties van) Slater determinanten. (phi(a) en phi(b) zijn orbitalen).&lt;br /&gt;
# Leid af hoe de kwantummechanische verwachtingswaarde van een moleculaire dipoolmoment berekend kan worden, vertrekkende van (a) de elektronische toestandsfunctie; (b) de elektronendensiteit. &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===22 januari 2016 (VM)===&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* Geef de definitie en twee voorbeelden (met verantwoording) van elk van de volgende begrippen: (1) idempotente operatoren, (2) compatiebele grootheden, (3) hermitische operatoren.&lt;br /&gt;
#* Bewijs dat 1/2(AB+BA) hermitisch is als A en B zelf hermitisch zijn. Moeten A en B hiervoor commuteren?&lt;br /&gt;
# Toepassing van de LCAO-MO benadering op het H2+ molecule met een minimale basis bestaande uit twee genormaliseerde AO 1sA en 1sB geeft steeds de volgende twee MO&#039;s: phi•b = N(1sA + 1sB) en phi•* = N&#039; (1sA - 1sB). &lt;br /&gt;
#* Bereken de normalisatieconstanten N en N&#039;. &lt;br /&gt;
#* Bewijs (op basis van de densiteit) dat, bij een voldoende kleine H-H afstand zodat beide atomaire orbitalen overlappen, phi(b) een binden MO en phi* een antibindend MO is.&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* Hoe bereken je de elektronendensiteit vertrekkende van de elektronische toestandfunctie van een molecule? Hou hierbij ook rekening met de spin van de elektronen. &lt;br /&gt;
#* Hoe bereken je de moleculaire elektrostatische potentiaal MEP van ee nmolecule uitgaande van de densiteit? &lt;br /&gt;
#* Leg uit hoe je een MSEP (molecular surface electrostatic potential) zou berekenen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===19 januari 2016 (VM)===&lt;br /&gt;
# &lt;br /&gt;
#* Wat zijn compatiebele grootheden? Wat zijn de voorwaarden? &lt;br /&gt;
#* Geef een voorbeeld van (i) twee compatiebele grootheden, (ii) twee niet-compatiebele grootheden. Bewijs dit met de voorwaarden die je in a) gesteld hebt.&lt;br /&gt;
# Leg uit waarom de dissociatie van het H2 molecule niet correct beschreven kan worden met een RHF type golffunctie. Leg uit hoe je dit kan verbeteren (in detail).&lt;br /&gt;
# Leid af hoe de kwantummechanische verwachtingswaarde van een moleculair dipoolmoment berekend kan worden met&lt;br /&gt;
#* elektronische toestandsfunctie&lt;br /&gt;
#* elektrondensiteit&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===15 januari 2016 (VM)===&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#*Geef en bewijs het variatietheorema.&lt;br /&gt;
#*Situeer de orbitaalbenadering binnen dit theorema. Beschrijf hoe met deze methode benaderende oplossingen van de Schrödingervergelijking bekomen kunnen worden. &lt;br /&gt;
#*Situeer de LCAO-MO methode binnen dit theorema. Beschrijf hoe met deze methode benaderende oplossingen voor orbitalen bekomen kunnen worden. &lt;br /&gt;
# Bespreek de toestandsfunctie horenden bij de aangeslagen configuratie van een twee-elektronensysteem en toon aan hoe het Pauliprincipe hierbij aanleiding geeft tot de constructie van (combinaties van) de Slater determinanten. &lt;br /&gt;
#De volgende complexe functies stellen twee van de oplossingen voor van de Schrödingernvergelijking voor een één-elektron atoom met kernlading Z:&lt;br /&gt;
#* Ψ4,2,±2 (r,θ,φ)=R4,2 Θ2,±2(θ) Φ±2(φ)&lt;br /&gt;
#* met ρ=2Zr/na0&lt;br /&gt;
#* en: R4,2(r)=(((Z/a0)^(3/2))/96√5)*(6-ρ)ρ²e-ρ/2&lt;br /&gt;
#* Θ2,±2(θ)=√15/4 sin²θ&lt;br /&gt;
#* Φ±2(φ)=1/√2π e±2iφ&lt;br /&gt;
#* Zijn deze twee functies ontaard of niet?&lt;br /&gt;
#* Vorm uit deze twee golffuncties via een orthonormale transformatie twee reële functies. Welke kwantumgetallen gaan hierbij verloren? Zijn de nieuwe functie nog steeds eigenfuncties van dezelfde hamiltoniaan (één-elektron atoom met kernlading Z)? Zo ja, hebben ze dezelfde eigenwaarden als de oorspronkelijke functies of niet? Zijn ze ontaard of niet?&lt;br /&gt;
#* Hoeveel radiale nodale vlakken hebben de reële functies? Hoeveel angulaire nodale vlakken, en welke vlakken zijn dit?&lt;br /&gt;
#* Teken het angulaire deel van de twee reële orbitalen in twee dimensies. Kies hiervoor het vlak in een carthesisch assenstelsel waar de functies waar de functies hun maximale (absolute) waarde bereiken.&lt;br /&gt;
#* Teken ook (kwalitatief) de totale (reële) golffuncties in hetzelfde vlak, onder de vorm van hoogtelijnen. Teken twee hoogtelijnen met een verschillende absolute waarde en geef aan welke van de twee lijnen hoort bij de hoogste absolute waarde.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 januari 2015===&lt;br /&gt;
# Schrijf de hamiltoniaan voor het waterstofatoom. Beschrijf schematisch de eigenfuncties en bijbehorende eigenwaarden. Plaats nu het atoom in een magneetveld. Beschrijf hoe de eigenfuncties en eigenwaarden veranderen.&lt;br /&gt;
#Toepassing van de LCAO-MO benadering op het H2+ molecule met een minimale basis bestaande uit twee genormaliseerde AO 1sA en 1sB geeft steeds de volgende twee MO&#039;s: phi•b = N(1sA + 1sB) en phi•* = N&#039; (1sA - 1sB). Bereken de normalisatieconstanten N en N&#039;. Bewijs (op basis van de densiteit) dat, bij een voldoende kleine H-H afstand zodat beide atomaire orbitalen overlappen, phi(b) een binden MO en phi* een antibindend MO is.&lt;br /&gt;
#Bespreek het principe van een geometrie-optimalisatie van een molecule. Maak hierbij gebruik van de begrippen potentiaaloppervlak, stationair punt, gradient en hessiaan. Wat versta je onder een frequentie-analyse, en wat is het verband tussen de frequenties en de hessiaan? Leg uit waarom geometrie-optimalisatie best steeds gevolgd wordt door een frequentie-analyse. Op welke manier kan de symmetrie van het molecule hierbij een rol spelen?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===22 januari 2015===&lt;br /&gt;
# Bespreek Rayleigh-Schrödinger perturbatietheorie voor niet-ontaarde systemen en situeer de MP2-methode binnen deze theorie.&lt;br /&gt;
# De volgende complexe functies stellen twee van de oplossingen voor van de Schrödingernvergelijking voor een één-elektron atoom met kernlading Z:&lt;br /&gt;
#* Ψ4,2,±2 (r,θ,φ)=R4,2 Θ2,±2(θ) Φ±2(φ)&lt;br /&gt;
#* met ρ=2Zr/na0&lt;br /&gt;
#* en: R4,2(r)=(((Z/a0)^(3/2))/96√5)*(6-ρ)ρ²e-ρ/2&lt;br /&gt;
#* Θ2,±2(θ)=√15/4 sin²θ&lt;br /&gt;
#* Φ±2(φ)=1/√2π e±2iφ&lt;br /&gt;
#* Zijn deze twee functies ontaard of niet?&lt;br /&gt;
#* Vorm uit deze twee golffuncties via een orthonormale transformatie twee reële functies. Welke kwantumgetallen gaan hierbij verloren? Zijn de nieuwe functie nog steeds eigenfuncties van dezelfde hamiltoniaan (één-elektron atoom met kernlading Z)? Zo ja, hebben ze dezelfde eigenwaarden als de oorspronkelijke functies of niet? Zijn ze ontaard of niet?&lt;br /&gt;
#* Hoeveel radiale nodale vlakken hebben de reële functies? Hoeveel angulaire nodale vlakken, en welke vlakken zijn dit?&lt;br /&gt;
#* Teken het angulaire deel van de twee reële orbitalen in twee dimensies. Kies hiervoor het vlak in een carthesisch assenstelsel waar de functies waar de functies hun maximale (absolute) waarde bereiken.&lt;br /&gt;
#* Teken ook (kwalitatief) de totale (reële) golffuncties in hetzelfde vlak, onder de vorm van hoogtelijnen. Teken twee hoogtelijnen met een verschillende absolute waarde en geef aan welke van de twee lijnen hoort bij de hoogste absolute waarde.&lt;br /&gt;
# Op basis van welk principe en onder welke omstandigheden kunnen de toestandsfuncties van een systeem geclassificeerd worden als gerade of ungerade?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 januari 2015 VM===&lt;br /&gt;
# Geef en bewijs het variatie theorema. Toon aan dat dit blijft gelden in de densiteitfunctionaal theorie&lt;br /&gt;
# Constructie van Slater determinanten vanuit het Pauli principe&lt;br /&gt;
#Duid in onderstaande tabel aan met een kruisje of de volgende waterstoforbitalen eigenfuncties zijn van de hamiltoniaan (H), en/of de orbitaaldraaiimpulsoperatoren (lÂ², lx, ly, lz). Hierbij moeten geen ingewikkelde afleidingen gegeven worden, maar je moet keuze wel kunnen uitleggen. (rood = oplossing)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===16 januari 2015===&lt;br /&gt;
# Schrijf de hamiltoniaan voor het waterstofatoom. Beschrijf schematisch de eigenfuncties en bijbehorende eigenwaarden. Plaats nu het atoom in een magneetveld. Beschrijf hoe de eigenfuncties en eigenwaarden veranderen.&lt;br /&gt;
# Geef grondig het Pauliprincipe en toon aan dat de golffunctie van het He atoom geschreven moet worden als een determinant, en geef deze determinant.&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* Wat versta je onder elektroncorrelatie&lt;br /&gt;
#* Geef de de definitie van correlatie energie&lt;br /&gt;
#* Beschrijf schematisch de vorm van de golffunctie die, binnen de LCAO-MO benadering, in staat is de elektron correlatie te beschrijven.&lt;br /&gt;
#* Noem 2 mogelijke methoden die gebruikt kunnen worden om deze golffunctie te berekenen. Geef de essentiële verschillen tussen beide methoden.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===18 augustus 2014===&lt;br /&gt;
# Bewijs dat Pz een lineaire en hermitische operator is.&lt;br /&gt;
# Geef grondig het Pauliprincipe en voor een He atoom gebruik makend van de orbitaalbenadering dat de golffunctie geschreven kan worden in een determinant, en geef deze determinant.&lt;br /&gt;
# Leg uit Rayleigh perturbatie theorie en situeer MP2 hierin.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===24 januari 2014===&lt;br /&gt;
# Definieer&lt;br /&gt;
#*orbitaal en orbitaalbenadering&lt;br /&gt;
#*configuratie: open- en gesloten-schil-configuratie&lt;br /&gt;
#*slaterdeterminanten&lt;br /&gt;
#*toestand en toestandsfunctie; maak gebruik van een voorbeeld en leg het verband/preciseer het verschil tussen de verschillende begrippen&lt;br /&gt;
# Wat is het verschil tussen de gross en de netto Mulliken populatie van een atomaire basisfunctie resulterend uit een moleculaire LCAO-MO-SCF berekening? (leid de formules af)&lt;br /&gt;
# Bereken a) de meest waarschijnlijke kern-elektronafstand; b) de gemiddelde kern-elektronafstand, in de grondtoestand van het waterstof atoom met als toestandsfunctie (dan die functie uit de cursus)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 januari 2014===&lt;br /&gt;
# geef de definitie en twee voorbeelden (met verantwoording) van elk van de volgende begrippen:&lt;br /&gt;
#* Idempotente operatoren&lt;br /&gt;
#* Compatibele grootheden&lt;br /&gt;
#* Hermitische operatoren&lt;br /&gt;
# Geef en bespreek het Pauli principe (algemeen) en toon aan dat omwille van dit principe de maximale bezetting ven de ruimtelijke orbitalen 2 is, en die van de spin orbitalen 1.&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* Wat versta je onder elektroncorrelatie&lt;br /&gt;
#* Geef de de definitie van correlatie energie&lt;br /&gt;
#* Beschrijf schematisch de vorm van de golffunctie die, binnen de LCAO-MO benadering, in staat is de elektron correlatie te beschrijven (uit hoofdstuk 4 naar &#039;t schijnt!)&lt;br /&gt;
#* Noem 2 mogelijke methoden die gebruikt kunnen worden om deze golffunctie te berekenen. Geef de essentiële verschillen tussen beide methoden.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 januari 2014===&lt;br /&gt;
# Bewijs compatiebele grootheden.&lt;br /&gt;
#Leg uit waarom de dissociatie van het H2 molecule niet correct beschreven kan worden met een RHF type golffunctie.&lt;br /&gt;
#* Geef de 2 wijzen waarop de bindingsenergie van H2 theoretisch berekend kan worden en leg uit waarom, op Hartree-Fock niveau, de ene wijze steeds een te hoge, en de andere wijze steeds een te lage bindingsenergie oplevert.&lt;br /&gt;
#*Hoe kan de beschrijving van de golffunctie van H2, en dus ook van de bindingsenergie, verbeterd worden.&lt;br /&gt;
#Bespreek het principe van een geometrie-optimalisatie van een molecule.&lt;br /&gt;
#* Maak hierbij gebruik van de begrippen potentiaaloppervlak, stationair punt, gradient en hessiaan. Wat versta je onder een frequentie-analyse.&lt;br /&gt;
#* Wat is het verband tussen de frequenties en de hessiaan?&lt;br /&gt;
#* Leg uit waarom geometrie-optimalisatie best steeds gevolgd wordt door een frequentie-analyse. Op welke manier kan de symmetrie van het molecule hierbij een rol spelen? &lt;br /&gt;
===17 januari 2014===&lt;br /&gt;
#Geef en bewijs het variatie theorema. Toon aan dat dit blijft gelden in de densiteitfunctionaal theorie&lt;br /&gt;
#Constructie van Slater determinanten vanuit het Pauli principe:&lt;br /&gt;
#Bespreek de mogelijke golffuncties en dat die aanleiding geven tot de constructie van  een Slater determinant/ combinatie van Slater determinanten&lt;br /&gt;
#Duid in onderstaande tabel aan met een kruisje of de volgende waterstoforbitalen eigenfuncties zijn van de hamiltoniaan (H), en/of de orbitaaldraaiimpulsoperatoren (l², lx, ly, lz). Hierbij moeten geen ingewikkelde afleidingen gegeven worden, maar je moet keuze wel kunnen uitleggen. (rood = oplossing) (zie 24 januari 2012)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 25 januari 2013 ===&lt;br /&gt;
#Geef en bespreek het Pauli-principe. Welke benaderende golffunctie zal men gebruiken om te voldoen aan dit principe?&lt;br /&gt;
#Definitie van elektroncorrelatie. Wat is de correlatie-energie? Beschrijf schematisch de vorm van de golffunctie die, binnen de LCAO-MO benadering, in staat is om elektronencorrelatie te beschrijven. Noem twee mogelijke methoden die gebruikt kunnen worden om deze golffunctie te berekenen. Geef de essentiële verschillen tussen de beide methoden.&lt;br /&gt;
#Toepassing van de LCAO-MO benadering op het H2+ molecule met een minimale basis bestaande uit twee genormaliseerde AO 1sA en 1sB geeft steeds de volgende twee MO&#039;s: phi•b = N(1sA + 1sB) en phi•* = N&#039; (1sA - 1sB). Bereken de normalisatieconstanten N en N&#039;. Bewijs (op basis van de densiteit) dat, bij een voldoende kleine H-H afstand zodat beide atomaire orbitalen overlappen, phi(b) een binden MO en phi* een antibindend MO is.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 22 januari 2013===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#Leid de uitdrukking af van de totale (elektronische) grondtoestandsenergie die bekomen wordt binnen DFT na de introductie van orbitalen zoals gesugereerd door Kohn &amp;amp;amp; Sham&lt;br /&gt;
#Geef de definitie van &amp;amp;quot;size consistency&amp;amp;quot;. Waarom is de CISD-methode niet size-consistent?&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#*Wat zijn compatiebele grootheden?&lt;br /&gt;
#*Toon aan dat twee meetbare grootheden compatiebel zijn als de corresponderende kwantummechanische operatoren commuteren.&lt;br /&gt;
#*Geef een voorbeeld van (i) twee compatiebele grootheden, (ii) twee niet-compatiebele grootheden. Bewijs (i) en (ii) door de commutatierelatie tussen de bijhorende operatoren uit te werken.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===Augustus 2012===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#Geef de definitie van een lineaire hermitische operator A en bewijs dat:&lt;br /&gt;
#*eigenwaarden van A altijd reël zijn&lt;br /&gt;
#*de eigenfuncties van A steeds orthonormaal gekozen kunnen worden.&lt;br /&gt;
#Bespreek Rayleigh-Schrödinger perturbatietheorie voor niet-ontaarde systemen en situeer de MP2-methode binnen deze theorie.&lt;br /&gt;
#Leg uit waarom de dissociatie van H2 molecule niet correct beschreven kan worden met een RHF-type golffunctie. Geef de twee wijzen waarop de bindingsenergie van H2 theoretisch berekend kan worden en leg uit waarom, op Hartree-Fock niveau, de ene wijze een steeds te hoge en de andere steeds een te lage bindingsenergie oplevert? Hoe kan de beschrijving van de golffunctie van H2, en dus ook van bindingsenergie, verbeterd worden?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===28 januari 2012 NM===&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* Definitie van elektroncorrelatie&lt;br /&gt;
#* Wat is de correlatie-energie&lt;br /&gt;
#* Beschrijf schematisch de vorm van de golffunctie die, binnen de LCAO-MO benadering, in staat is om elektronencorrelatie te beschrijven&lt;br /&gt;
#* Noem twee mogelijke methoden die gebruikt kunnen worden om deze golffunctie te berekenen. Geef de essentiële verschillen tussen de beide methoden&lt;br /&gt;
#Toepassing van de LCAO-MO benadering op het H2+ molecule met een minimale basis bestaande uit twee genormaliseerde AO 1sA en 1sB geeft steeds de volgende twee MO&#039;s: phi•b = N(1sA + 1sB) en phi•* = N&#039; (1sA - 1sB). &lt;br /&gt;
#* Bereken de normalisatieconstanten N en N&#039;&lt;br /&gt;
#* Bewijs (op basis van de densiteit) dat, bij een voldoende kleine H-H afstand zodat beide atomaire orbitalen overlappen, phi(b) een binden MO en phi* een antibindend MO is. &lt;br /&gt;
# Bewijs compatiebele grootheden.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===24 januari 2012 VM===&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#*Geef en bespreek het Pauli-principe&lt;br /&gt;
#*Welke benaderende golffunctie zal men gebruiken om te voldoen aan dit principe?&lt;br /&gt;
#Leid de uitdrukking af voor de totale (elektronische) grondtoestandsenergie binnen DFT, na de introductie van orbitalen zoals gesuggereerd door Kohn &amp;amp;amp; Sham.&lt;br /&gt;
#Duid in onderstaande tabel aan met een kruisje of de volgende waterstoforbitalen eigenfuncties zijn van de hamiltoniaan (H), en/of de orbitaaldraaiimpulsoperatoren (l², lx, ly, lz). Hierbij moeten geen ingewikkelde afleidingen gegeven worden, maar je moet keuze wel kunnen uitleggen. (rood = oplossing)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===22 januari 2012===&lt;br /&gt;
#Op basis van welk principe en onder welke omstandigheden kunnen de toestandsfunctie van een systeem geclassificeerd worden als gerade of ungerade?&lt;br /&gt;
#Wat is het verschil tussen de gross en de netto Mulliken populatie van een atomaire basisfunctie resulterend uit een moleculaire LCAO-MO-SCF berekening? (leid de formules af)&lt;br /&gt;
#De volgende complexe functies stellen twee van de oplossingen voor van de Schrödingernvergelijking voor een éé-elektron atoom met kernlading Z:&lt;br /&gt;
#* Ψ4,2,±2 (r,θ,φ)=R4,2 Θ2,±2(θ) Φ±2(φ)&lt;br /&gt;
#* met ρ=2Zr/na0&lt;br /&gt;
#* en: R4,2(r)=(((Z/a0)^(3/2))/96√5)*(6-ρ)ρ²e-ρ/2&lt;br /&gt;
#* Θ2,±2(θ)=√15/4 sin²θ&lt;br /&gt;
#* Φ±2(φ)=1/√2π e±2iφ&lt;br /&gt;
#*Zijn deze twee functies ontaard of niet?&lt;br /&gt;
#*Vorm uit deze twee golffuncties via een orthonormale transformatie twee reële functies. Welke kwantumgetallen gaan hierbij verloren? Zijn de nieuwe functie nog steeds eigenfuncties van dezelfde hamiltoniaan (één-elektron atoom met kernlading Z)? Zo ja, hebben ze dezelfde eigenwaarden als de oorspronkelijke functies of niet? Zijn ze ontaard of niet?&lt;br /&gt;
#*Hoeveel radiale nodale vlakken hebben de reële functies? Hoeveel angulaire nodale vlakken, en welke vlakken zijn dit?&lt;br /&gt;
#*Teken het angulaire deel van de twee reële orbitalen in twee dimensies. Kies hiervoor het vlak in een carthesisch assenstelsel waar de functies waar de functies hun maximale (absolute) waarde bereiken.&lt;br /&gt;
#*Teken ook (kwalitatief) de totale (reële) golffuncties in hetzelfde vlak, onder de vorm van hoogtelijnen. Teken twee hoogtelijnen met een verschillende absolute waarde en geef aan welke van de twee lijnen hoort bij de hoogste absolute waarde.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===24 januari 2011 nm===&lt;br /&gt;
# Maak gebruik van de LCAO-MO benadering en het variatietheorema om de golffunctie en bijhorende energie te berekenen van de grondtoestand van het H2+-ion bij een H-H afstand van 2,2 a.u. Basisfuncties zijn de (genormaliseerde) 1sA en 1sB orbitalen op beide H atomen. De waarde van de verschillende integralen tussen beide functies bij de gegeven H-H afstand bedragen:    S(AB)= 0,533     ;  H(AA)= -0,937 a.u.      ;    H(AB)= -0,621 a.u.&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* Geef en bespreek het Pauli-principe&lt;br /&gt;
#* Hoe wordt dit principe gebruikt voor de constructie van een golffunctie binnnen de orbitaalbenadering.&lt;br /&gt;
# Wat is het verschil tussen de gross en de netto Mulliken populatie van een atomaire basisfunctie resulterend uit een moleculaire LCAO-MOSCF berekening (leid de formules af)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===24 januari 2011 vm===&lt;br /&gt;
# Op basis van welk principe en onder welke omstandigheden kunnen de toestandsfuncties van een systeem geclassificeerd worden als gerade of ungerade?&lt;br /&gt;
# Leidt de uitdrukking af van de totale elektronische grondtoestandsenergie die bekomen wordt binnen DFT na de introductie van orbitalen zoals gesuggereerd door Kohn &amp;amp;amp; Sham.&lt;br /&gt;
# Bereken a) de meest waarschijnlijke kern-elektronafstand; b) de gemiddelde kern-elektronafstand, in de grondtoestand van het waterstof atoom met als toestandsfunctie (dan die functie uit de cursus)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===22 januari 2010 nm===&lt;br /&gt;
#Niet compatiebele grootheden, bewijzen dat impuls en plaats niet compatiebel zijn, onzekerheidsprincipe Heisenberg geven en bewijzen met gegeven formule (uit cursus)&lt;br /&gt;
#H2+-ion, gegeven dat bindend orbitaal= N(sA+sB) en antibindend= N&#039;(sA-sB). Normalisatiefactoren berekenen en met de waarschijnlijkheidsdichtheid aantonen dat het ene bindend is en het andere antibindend.&lt;br /&gt;
#Vanalles over geometrie-optimalisatie en frequentie-analyse:&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===22 januari 2010 vm===&lt;br /&gt;
#De golffunctie van waterstof gekregen. Bereken hoogst waarschijnlijke waarde van r en de gemiddelde waarde van r&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* Variatietheorema geven en bewijzen en aantonen hoe dat da in de densiteitsfunctionaaltheorie ook blijft gelden&lt;br /&gt;
#* Het eerste Hohenberg-Kohn theorema geven en bewijzen&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* Definitie van elektroncorrelatie&lt;br /&gt;
#* Wat is de correlatie-energie&lt;br /&gt;
#* Beschrijf schematisch de vorm van de golffunctie die, binnen de LCAO-MO benadering, in staat is om elektronencorrelatie te beschrijven&lt;br /&gt;
#* Noem twee mogelijke methoden die gebruikt kunnen worden om deze golffunctie te berekenen. Geef de essentiële verschillen tussen de beide methoden&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===18 januari 2010 nm===&lt;br /&gt;
#Op basis van welk principe en onder welke omstandigheden kunnen de toestandsfuncties van een systeem geclassificeerd worden als gerade en ungerade&lt;br /&gt;
#Leg uit waarom de dissociatie van het H2 molecule niet correct beschreven kan worden met een RHF type golffunctie. Geef de 2 wijzen waarop de bindingsenergie van H2 theoretisch berekend kan worden en leg uit waarom, op Hartree-Fock niveau de ene wijze steeds een te hoge, en de andere wijze steeds een te lage bindingsenergie oplevert. Hoe kan de beschrijving van de golffunctie van H2, en dus ook van de bindingsenergie, verbeterd worden.&lt;br /&gt;
#Bespreek het Pauli-principe (grondig en algemeen) en gebruik dit principe bij de constructie van de golffunctie voor de grondtoestand van he He atoom(binnen de orbitaalbenadering) &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===18 januari 2010 vm===&lt;br /&gt;
#Bewijs compatiebele grootheden&lt;br /&gt;
#Geef de verschillende aangeslagen toestanden van een twee-elektronsysteem. Geef de slaterdeterminanten rekening houdend met het Pauliprincipe&lt;br /&gt;
#Tekenopdracht van n=4 l=2 en ml=+/-2 (zie oude examenvragen)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===augustus 2009===&lt;br /&gt;
#Wat zijn incompatiebele grootheden? Toon aan dat positie en snelheid incompatiebel zijn. Geef en bewijs de Heisenberg onzekerheidsrelatie. Maak hierbij gebruik van de volgende vergelijking, geldend voor twee incompatiebele grootheden A en B: deltaA * deltaB &amp;amp;gt;= 1/2 |&amp;amp;lt;psi|[A, B]|psi&amp;amp;gt;|&lt;br /&gt;
#Toepassing van de LCAO-MO benadering op het H2+ molecule met een minimale basis bestaande uit twee genormaliseerde AO 1sA en 1sB geeft steeds de volgende twee MO&#039;s: phi•b = N(1sA + 1sB) en phi•* = N&#039; (1sA - 1sB). &lt;br /&gt;
* Bereken de normalisatieconstanten N en N&#039;&lt;br /&gt;
* Bewijs (op basis van de densiteit) dat, bij een voldoende kleine H-H afstand zodat beide atomaire orbitalen overlappen, phi•b een binden MO en phi•* een antibindend MO is. &lt;br /&gt;
#Bespreek het principe van een geometrie-optimalisatie van een molecule. Maak hierbij gebruik van de begrippen potentiaaloppervlak, stationair punt, gradient en hessiaan. Wat versta je onder een frequentie-analyse, en wat is het verband tussen de frequenties en de hessiaan? Leg uit waarom geometrie-optimalisatie best steeds gevolgd wordt door een frequentie-analyse. Op welke manier kan de symmetrie van het molecule hierbij een rol spelen?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 januari 2009===&lt;br /&gt;
#Geef de definitie van een lineaire hermitische operator A en bewijs dat:&lt;br /&gt;
#*Eigenwaarden van A altijd reel zijn&lt;br /&gt;
#*De eigenfuncties van A steeds orthonormaal gekozen kunnen worden.&lt;br /&gt;
#Leg uit waarom de dissociatie van het H2 molecule niet correct beschreven kan worden met een RHF type golffunctie. Geef de twee wijzen waarop de bindingsenergie van H2 theoretisch berekend kan worden en leg uit waarom, op Hartree-Fock niveau, de ene wijze steeds een te hoge en de andere wijze steeds een te lage bindingsenergie oplevert. Hoe kan de beschrijving van de golffunctie van H2, en dus ook van de bindingsenergie, verbeterd worden?&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#*Geef en bewijs het variatietheorema&lt;br /&gt;
#*Geef en bewijs het eerste Hohenberg-Kohn theorema&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===12 januari 2009===&lt;br /&gt;
#Bespreek gerade/ungerade , afleiding en zeggen wat essentieel is.&lt;br /&gt;
#3 begrippen bespreken en met elkaar in verband brengen: orbitaal / open en gesloten schil / toestand en toestandsfunctie&lt;br /&gt;
#Orbitalen tekenen(letterlijk zoals ook op toledo staat)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===10 januari 2009===&lt;br /&gt;
#Commutatieregels H, L², Lx, Ly, Lz van meer-elektronatomen afleiden en bespreken wat ge daar mee kunt&lt;br /&gt;
#Perturbatietheorie geven &amp;amp;amp; MP2 daar in mengen&lt;br /&gt;
#Frequentie-analyse&lt;br /&gt;
#*A) frequentie-analyse op een stationair punt bespreken en de Hessiaan er in gebruiken&lt;br /&gt;
#*B) 3 eigenschappen bespreken van het molecule in een bepaalde geometrie die je met een frequentie analyse kan berekenen/bespreken&lt;/div&gt;</summary>
		<author><name>R0998693</name></author>
	</entry>
	<entry>
		<id>https://wiki.chemika.be/index.php?title=Levensmiddelenchemie_en_-technologie&amp;diff=4965</id>
		<title>Levensmiddelenchemie en -technologie</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.chemika.be/index.php?title=Levensmiddelenchemie_en_-technologie&amp;diff=4965"/>
		<updated>2026-01-23T14:38:56Z</updated>

		<summary type="html">&lt;p&gt;R0998693: /* 22/01/2026 */&lt;/p&gt;
&lt;hr /&gt;
&lt;div&gt;[[Categorie:Bachelor Biochemie]]&lt;br /&gt;
 [[Categorie:Bachelor Chemie]]&lt;br /&gt;
==Vakinformatie==&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
(2025) Vak gegeven door Christophe Courtin. Mondeling examen, 4/5 vragen waarvan een over het gekozen levensmiddel.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen==&lt;br /&gt;
===22/01/2026 (VM)===&lt;br /&gt;
#Hoe heeft de samenstelling van een voedingsmiddel een invloed op de houdbaarheid en hoe wordt hier rekening met gehouden bij de productie- en bewaartechnologie voor het verlengen van de houdbaarheid. Leg uit.&lt;br /&gt;
#Geef het productieproces van kaas.&lt;br /&gt;
#:Bijvragen:&lt;br /&gt;
#::*Wat wordt er geproduceerd tijdens de fermentatie?&lt;br /&gt;
#::*Verschil homolactisch vs heterolactisch?&lt;br /&gt;
#::*Wat doet het coagulerend agens met de kaas? (niet gewoon zeggen coaguleren)&lt;br /&gt;
#::*Wat is rennet?&lt;br /&gt;
#::*Wat zit er in wrongel?&lt;br /&gt;
#::*Wat gebeurt er tijdens de rijping?&lt;br /&gt;
#Korte vragen:&lt;br /&gt;
##Waarom is fytinezuur in voeding/voeder ongewenst?&lt;br /&gt;
##geef een voorbeeld van een omega-3-vetzuur.&lt;br /&gt;
##welk aminozuur is deficiënt voor leguminosen?&lt;br /&gt;
##welke heeft een lagere GI: glucose of fructose? waarom?&lt;br /&gt;
##*Bijvraag: Wat is de bloedsuikerspiegel? (Hoeveelheid glucose in je bloed)&lt;br /&gt;
##geef een voorbeeld van alifatische polyhydroxyaldehyden. (antwoord: glucose)&lt;br /&gt;
#Productvraag:&lt;br /&gt;
##Hoe bereken je het aantal calorieën?&lt;br /&gt;
##Wat is het belangrijkste constituent en wat is de bron ervan?&lt;br /&gt;
##Wat is de oorsprong van de ingrediënten?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===16/01/2026===&lt;br /&gt;
#Wat zijn de oorzaken van ranzigheid bij levensmiddelen, wat zijn de gevolgen ervan en wat kan men eraan doen om ranzigheid te vermijden?&lt;br /&gt;
#Leg HACCP uit.&lt;br /&gt;
#Korte vragen:&lt;br /&gt;
##Waarom is fytinezuur in voeding/voeder ongewenst?&lt;br /&gt;
##Waarvoor gebruikt men benzoëzuur?&lt;br /&gt;
##Waarom moeten we rode wijn stabiliseren bij vriespunt?&lt;br /&gt;
##Leg uit sanitel&lt;br /&gt;
##Hoe kunnen we door middel van GM gewassen resistent maken tegen insecten?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20/08/2025===&lt;br /&gt;
#Bespreek waarom een langere houdbaarheid belangrijk is (man verwacht een lang antwoord met zeker transporteerbaarheid, schaalvergroting,...) en welke methoden/middelen hiervoor bestaan (alles omtrent hygiëne, chemische/fysische contaminenten, enzymen, zure fermentatie)&lt;br /&gt;
#Bespreek de productie van kaas (vergeet narijping en het toevoegen van aminozuren/peptiden niet)&lt;br /&gt;
#Korte vragen:&lt;br /&gt;
##Geef een proces om van onverzadigde naar verzadigde vetzuren te gaan&lt;br /&gt;
##wat is het verschil met cacaovet en boter (iets dat cacaovet geëxtraheerd wordt met hexaan en daardoor niet echt cacaoboter is)&lt;br /&gt;
##wat is glyfosaat&lt;br /&gt;
##Geef 3 sensorische verschiltesten&lt;br /&gt;
##Wat is chaptilisatie&lt;br /&gt;
#Productvraag: check hoe je je watergehalte weet (100%-ingrediënten%)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===18 januari 2024:===&lt;br /&gt;
#bespreek het belang van enzymen binnen de levensmiddelensector (vergeet niet endogene enzymen ook te bespreken).&lt;br /&gt;
#Geef schematisch het hele proces voor de productie van soja-olie en bespreek voor elke stap beknopt waarom we dit doen.&lt;br /&gt;
#korte vragen:&lt;br /&gt;
##wat is glyfosaat?&lt;br /&gt;
##Welk soort panel gebruik je bij affectief sensorisch onderzoek?&lt;br /&gt;
##Wat is groenmout?&lt;br /&gt;
##nog een vraagje (vergeten)&lt;br /&gt;
#productvraag&lt;br /&gt;
##vraag over calorieberekening en over de oorsprong van de ingrediënten.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===12 januari 2024===&lt;br /&gt;
#Wat zijn de oorzaken van ranzigheid bij levensmiddelen, wat zijn de gevolgen ervan en wat kan men eraan doen om ranzigheid te vermijden?&lt;br /&gt;
#Geef de 4 fermentaties die kunnen voorkomen tijdens het productieproces van rode wijn en bespreek.&lt;br /&gt;
#Korte vragen:&lt;br /&gt;
##Hoeveel rijst wordt er wereldwijd geproduceerd per jaar?&lt;br /&gt;
##Op welke twee manieren kan je de energiedichtheid verlagen?&lt;br /&gt;
##Leg uit: post-ontgommen.&lt;br /&gt;
##Welke drie soorten energiegebruik zijn er en in welk aandeel komen ze voor?&lt;br /&gt;
##Wat is &#039;flavour&#039;?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 januari 2023===&lt;br /&gt;
#&#039;Niet veilig voedsel is geen voedsel&#039;, Hoe wordt veiligheid van voedsel gegarandeerd? bespreek en illustreer met voorbeelden&lt;br /&gt;
#Geef het productieproces van melkchocolade&lt;br /&gt;
#Korte vragen:&lt;br /&gt;
##Hoeveel rijst wordt er wereldwijd geproduceerd?&lt;br /&gt;
##Op welke twee manieren kan je de energiedichtheid verlagen?&lt;br /&gt;
##Leg uit post-ontgommen&lt;br /&gt;
##Welke drie soorten energiegebruik zijn er en in welk aandeel komen ze voor?&lt;br /&gt;
##Wat is &#039;flavour&#039;?&lt;br /&gt;
#Productvraag&lt;br /&gt;
##Bereken en bespreek energie-inhoud&lt;br /&gt;
##Geef twee kritische controlepunten in het productieproces&lt;br /&gt;
##Hoe lang is het product houdbaar? Welke constituenten beperken de houdbaarheid en hoe is het product hieraan aangepast?&lt;br /&gt;
##Wat is het belangrijkste constituent en wat is de bron ervan?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===22 augustus 2022===&lt;br /&gt;
#Waarom is langere houdbaarheid zo belangrijk in onze maatschappij? Waarom en hoe hebben we dit aangepakt? Bespreek de concepten en illustreer met concepten uit de cursus.&lt;br /&gt;
#Productieproces melkchocolade&lt;br /&gt;
#Korte vragen (max 20 woorden uitleg):&lt;br /&gt;
##Wat is glyfosaat? Voor wat wordt het gebruikt?&lt;br /&gt;
##Malolactische fermentatie.&lt;br /&gt;
##Gebruik van asparaginase.&lt;br /&gt;
##Hoeveel maïs wordt er jaarlijks geproduceerd? (1 miljard ton)&lt;br /&gt;
##Wat is HFCS? Hoe wordt het gemaakt? &lt;br /&gt;
#Productvraag&lt;br /&gt;
##Bespreek energieinhoud.&lt;br /&gt;
##Leg de verpakking uit in functie van de chemische samenstelling &lt;br /&gt;
##2 kritieke punten uitleggen in het productieproces.&lt;br /&gt;
##Voornaamste nutriënt in het product en waar komt het vandaan.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 januari 2022===&lt;br /&gt;
#Wat zijn enzymen? Wat is hun toepassing in de voedingsindustrie? &lt;br /&gt;
#Bespreek de extractie van ruwe sojaolie. Bespreek daarna de raffinage ervan met 10 steekwoorden. &lt;br /&gt;
#Korte vragen:&lt;br /&gt;
##Wat zijn polyolen?&lt;br /&gt;
##Wat is glyfosaat&lt;br /&gt;
##Hoe kan je de energie-inhoud van een levensmiddel verlagen? &lt;br /&gt;
## Wat is chymosine? &lt;br /&gt;
## nog eentje&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 januari 2021===&lt;br /&gt;
#Bespreek stabiliteit lipiden (structuur, toepassing, vormen, problemen, voorkomen) in een brede omkadering omtrent levensmiddelen.&lt;br /&gt;
#Geef blancheren van groenten.&lt;br /&gt;
#Korte vragen:&lt;br /&gt;
##Wat is miso?&lt;br /&gt;
##Wat is wrongel?&lt;br /&gt;
##Wat is het suikerpercentage waarbij druiven worden geplukt en waarom? &lt;br /&gt;
##Wat is chemisch gezien Bt-toxine?&lt;br /&gt;
##Wat zijn polyalcoholen?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===30 januari 2020 NM===&lt;br /&gt;
#Geef de maatregelen die nodig zijn om chemische contaminatie en chemisch bederf tegen te gaan. Geef indien mogelijk voorbeelden uit de cursus.&lt;br /&gt;
#Geef schematisch het verschil tussen productie van bier, wijn en rijstwijn.&lt;br /&gt;
#Korte vragen:&lt;br /&gt;
##Hoeveel kcal zitten er ongeveer in 100g rauwe steak?&lt;br /&gt;
##Leg tempereren uit.&lt;br /&gt;
##Wat zijn de drie verschillende soorten energie?&lt;br /&gt;
##Geef de 2 belangrijkste GM modificaties.&lt;br /&gt;
##Wat is miso?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===24 januari 2020 VM===&lt;br /&gt;
#Ranzigheid is een probleem in levensmiddelen. Door welke mechanismen gebeurt dit? Welke gevolgen heeft het? Welke technologische toepassingen zijn er om dit probleem tegemoet te komen?&lt;br /&gt;
#Proces van rijstwijnproductie (proces is volgens hem van grondstof tot eindproduct dus filtreren, pasteuriseren moet hier ook bij)&lt;br /&gt;
#Korte vragen:&lt;br /&gt;
##Waarom voeg je SO2 toe aan wijn?&lt;br /&gt;
## Vergelijk stijging graanproductie de laatste 55 jaar met de stijging plantaardige olie.&lt;br /&gt;
##Wat is lactulose (ook weten uit wat dat ontstaat)&lt;br /&gt;
##Homolactisch en heterolactisch&lt;br /&gt;
##Commerciële sterilisatie&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 januari 2020 VM===&lt;br /&gt;
#Waarom is langere houdbaarheid zo belangrijk in onze maatschappij? Waarom en hoe hebben we dit aangepakt?&lt;br /&gt;
#Geef het productieproces van kaas.&lt;br /&gt;
#Korte vragen:&lt;br /&gt;
##Hoeveel van het familiaal inkomen geeft de Belg gemiddeld uit aan voeding?&lt;br /&gt;
##Wat is lactulose?&lt;br /&gt;
##Isohumulonen&lt;br /&gt;
##Waarvoor dient zwaveldioxide in de wijnproductie?&lt;br /&gt;
##Postprandiale verzadiging&lt;br /&gt;
#Productbespreking&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===&#039;&#039;&#039;1 februari 2019 VM &#039;&#039;&#039;===&lt;br /&gt;
#Welke middelen heeft de levensmiddelenindustrie tot haar beschikking om te zorgen dat een levensmiddel de consument veilig bereikt?&lt;br /&gt;
#Geef bier proces schematisch en beschrijf kort de functies&lt;br /&gt;
#Korte vragen:&lt;br /&gt;
##miscella&lt;br /&gt;
##Hoeveel graan wordt er jaarlijks geproduceerd?&lt;br /&gt;
##flavour&lt;br /&gt;
##cellofaan&lt;br /&gt;
##isoflavonen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===25 januari 2019 VM===&lt;br /&gt;
#De afstand tussen landbouwer en consument is in de loop van de geschiedenis veel langer geworden. Wat waren hier de oorzaken van en waar leidde dit noodzakelijkerwijs toe?&lt;br /&gt;
#Bespreek de stabiliteit van lipiden in levensmiddelen.&lt;br /&gt;
#Korte vragen:&lt;br /&gt;
##Wat is ontgommen?&lt;br /&gt;
##Definieer de Queteletindex.&lt;br /&gt;
##Wat is de link tussen de Coca Cola-crisis en de PCB-crisis?&lt;br /&gt;
##Waarom slaat men het deeg door bij broodbereiding?&lt;br /&gt;
##In ons lichaam wordt energie voor 3 dingen gebruikt, dewelke? (basaal metabolisme, vertering en fysieke activiteit)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===1 februari 2018 VM===&lt;br /&gt;
#Op welke manier zijn enzymen belangrijk in de levensmiddelenproductie?&lt;br /&gt;
#Geef de stabiliteit van lipiden.&lt;br /&gt;
#korte vragen:&lt;br /&gt;
##wat is de belangrijkste enzymatische reactie in levensmiddelenproductie?&lt;br /&gt;
##wat is anandimide?&lt;br /&gt;
##wat is het belangrijkste om verhoogde welvaart te hebben?&lt;br /&gt;
##wat is het verschil tussen sojaproteïne bloem en sojaproteïneconcentraat? &lt;br /&gt;
#productbesprekeking&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===26 januari 2018 VM===&lt;br /&gt;
#Geef de directe en indirecte criteria van kwaliteit van een levensmiddel.Bespreek hoe verpakking en verpakkingstechnologie kan ingrijpen op genoemde aspecten van kwaliteit.&amp;lt;br /&amp;gt;Zie cursus/dropbox&lt;br /&gt;
#Bespreek de solventextractie van sojaolie&amp;lt;br /&amp;gt;Zie cursus&lt;br /&gt;
#Kleine vragen&lt;br /&gt;
##Wat betekent retronasaal?&amp;lt;br /&amp;gt;&#039;&#039;Vluchtige geurstoffen (aroma&#039;s) die door de keelholte naar de neusholte migreren | tegenhanger van orthonasaal met resp geuren.&#039;&#039;&lt;br /&gt;
##Wat is postprandiale verzadiging?&amp;lt;br /&amp;gt;&#039;&#039;Verzadigingsgevoel door gevulde maag.&#039;&#039;&lt;br /&gt;
##Wat is chaplisatie?&amp;lt;br /&amp;gt;&#039;&#039;Suiker of druivenconcentraat toevoegen aan de most ter verhoging van suikergehalte | Mag enkel in noordelijke streken, verboden in zuidelijke gebieden.&#039;&#039;&lt;br /&gt;
##Waarom is vermouting zo belangrijk? &amp;lt;br /&amp;gt;&#039;&#039;Kiemen van de gerst zorgt voor &#039;&#039;&#039;aanmaak&#039;&#039;&#039; enzymen (amylasen en proteasen) die resp. zetmeel en proteïnen afbreken tijdens het maischen. tot resp. maltose (+ glucose) en aminozuren om deze beschikbaar te maken voor de gisten.&#039;&#039;&lt;br /&gt;
##Hoe zorgt fermentatie van melk voor een betere bewaarbaarheid?&amp;lt;br /&amp;gt;&#039;&#039;Afbraak van lactose tot lactaat: suikers niet meer beschikbaar voor andere MO en verlaging pH -&amp;gt; inhibitie van groei.&#039;&#039;&lt;br /&gt;
#Productbespreking&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 januari 2017 VM===&lt;br /&gt;
#Geef de directe en indirecte criteria van kwaliteit van een levensmiddel.Bespreek hoe verpakking en verpakkingstechnologie kan ingrijpen op genoemde aspecten van kwaliteit.&lt;br /&gt;
#Geef en bespreek 4 soorten van fermentatie die kunnen optreden bij de productie van wijn.&lt;br /&gt;
#Bespreek invloed van temperatuur en watergehalte op bederf. wat besluit je hieruit.&lt;br /&gt;
#Kleine vragen (max. 20 woorden per antwoord):&lt;br /&gt;
##Wat is meso?&lt;br /&gt;
##Hoeveel graan wordt er jaarlijks geproduceerd?&lt;br /&gt;
##Waarom wordt benzoëzuur gebruikt in levensmiddelen?&lt;br /&gt;
##Wat zijn polyolen?&lt;br /&gt;
##Wat verstaan we onder netto metaboliseerbare energie?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17 januari 2017 VM===&lt;br /&gt;
#bespreek zo volledig mogelijk hoe de voedingsindustrie de vraag van de consument naar een constante en hoge organoleptische kwaliteit tegemoet gaat. &lt;br /&gt;
#bespreek de productie van kaas&lt;br /&gt;
#Juist of fout? Analytisch sensorisch onderzoek is belangrijker dan affectief sensorisch onderzoek bij het produceren van een nieuw levensmiddel. Bespreek&lt;br /&gt;
#begrippen:&lt;br /&gt;
##sorbinezuur&lt;br /&gt;
##oorsprong Bt-toxine&lt;br /&gt;
##heterolactische fermentatie&lt;br /&gt;
##polyolen&lt;br /&gt;
##netto metabolariseerbaarde energie&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===24 augustus 2016===&lt;br /&gt;
#Wat zijn de criteria van een kwalitatief product? Hoe werkt de verpakking hieraan mee?&lt;br /&gt;
#Bier, wijn en Sake party&lt;br /&gt;
#Je koelt sojaolie, wat komt eruit?&lt;br /&gt;
#begrippen:&lt;br /&gt;
##Suiker bij de wijn doen&lt;br /&gt;
##Eesten&lt;br /&gt;
##Melk+bacterie blijft lang goed, why?&lt;br /&gt;
##Dem maag signals of geen honger&lt;br /&gt;
##Restronasaal&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17/6 namiddag===&lt;br /&gt;
#De smaak van een levensmiddel verandert van gisteren op vandaag op morgen. Bespreek en geef voorbeelden vanuit de cursus. (alles dus van bederf tot toestand van de proever van vluchtige geurstoffen van stoffen in uw verpakking)&lt;br /&gt;
#Transvetzuren kom in de natuur niet voor. Juist of fout? verklaar&lt;br /&gt;
#Rijstwijn proces uitleggen&lt;br /&gt;
#Begrippen:&lt;br /&gt;
##Wanneer ben je zwaarlijvig?&lt;br /&gt;
##Verklaar BRC&lt;br /&gt;
##Gelijkenis tussen roken en zouten&lt;br /&gt;
##Wat is ontgommen van olie?&lt;br /&gt;
##Wat zijn PCB&#039;s?&lt;br /&gt;
#Productbespreking&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===Examen vragen===&lt;br /&gt;
#geef de directe en indirecte criteria voor kwaliteit van producten en leg uit hoe verpakking en verpakkingsprocedure hier toe kan bijdragen (allee of zoiets toch) &lt;br /&gt;
#classificatie van koolhydraten en waar ze voorkomen&lt;br /&gt;
#winterisatie &lt;br /&gt;
#woordjes :&lt;br /&gt;
##chaptalisatie&lt;br /&gt;
##postgrandiaal &lt;br /&gt;
##retronasaal&lt;br /&gt;
##hoe fermentatie van melk bijdraagt tot bewaring&lt;br /&gt;
##ik denk nog een maar weet ik niet meer&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 januari 2015===&lt;br /&gt;
#Bespreek de hoe de afstand tussen de landbouwer en de consument groter is geworden. Welke ontwikkelingen hebben hiertoe bijgedragen?&lt;br /&gt;
#GM voeder en voedsel &lt;br /&gt;
#Leg de fermentatie van groenten uit&lt;br /&gt;
#Begrippen &lt;br /&gt;
##homigeniseren als eenheidsbewerking &lt;br /&gt;
##ME &lt;br /&gt;
##pH van wijn &lt;br /&gt;
##halo-effect &lt;br /&gt;
##in welk proces worden PAKâ€™s gevormd?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===19 januari 2015 (nm)===&lt;br /&gt;
#Hoe kan men het probleem van lactose intolerantie oplossen in levensmiddelen?  &lt;br /&gt;
#Transvetten zijn slecht? Leg uit.&lt;br /&gt;
#Bespreek het hele productieproces van soja-olie&lt;br /&gt;
#Korte vragen, korte antwoorden:&lt;br /&gt;
##Stimulusfout&lt;br /&gt;
##malolactische fermentatie&lt;br /&gt;
##vermouten&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===19 januari 2015 (vm)===&lt;br /&gt;
#Bespreek veranderingen die optreden bij bewaring en geed drie mogelijke (liefst beste) oplossingen voor problemen die daardoor veroorzaakt kunnen worden. /react-text &lt;br /&gt;
#Bespreek Pringles als voorbeeld van hyperindustrialisatie. /react-text &lt;br /&gt;
#Geef een overzicht (schema/tabel) van de verschillende koolhydraten en hun voorkomen. /react-text &lt;br /&gt;
#Verklaar kort: &lt;br /&gt;
##soutirage &lt;br /&gt;
##ligase /react-text &lt;br /&gt;
##fermentatietechnieken met melk&lt;br /&gt;
##basisprinpice enzymwerking &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===15 januari 2015===&lt;br /&gt;
#Bespreek chocoladeproductie van cacaopod tot product, refereer over de hele cursus. &lt;br /&gt;
#Welke risico&#039;s zijn verbonden aan GM op vlak van voedsel? &lt;br /&gt;
#Bespreek de voor- en nadelen van het verwerken van levensmiddelen. &lt;br /&gt;
#Verklaar kort: &lt;br /&gt;
##inleggen  &lt;br /&gt;
##waarom bepaalde delen van de plant van van industrieel belang zijn &lt;br /&gt;
##post-ontgommen &lt;br /&gt;
##chaptalisatie &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===24 januari 2014 (VM)===&lt;br /&gt;
#Bespreek Pringles als voorbeeld van hyperindustrialisatie&lt;br /&gt;
#Vergelijk de Dioxine crisis en Coca Cola Crisis in tabelvorm &lt;br /&gt;
#Bespreek de extractiestap in de productie van Sojaolie in detail &lt;br /&gt;
#Korte vragen, korte antwoorden: &lt;br /&gt;
##Waarom worden groenten ingelegd? &lt;br /&gt;
##Wat is flavour?  &lt;br /&gt;
##Wat is tristearine?  &lt;br /&gt;
##Wat is Nuruk? &lt;br /&gt;
##Product&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 januari 2014 (VM)===&lt;br /&gt;
#Waarom is houdbaarheid belangrijk? Wat zijn de mogelijke manieren om houdbaarheid te bekomen? &lt;br /&gt;
#Bespreek het verband tussen vleesconsumptie en een duurzame voedselproductie.&lt;br /&gt;
#Winterisatie bij sojaolie &lt;br /&gt;
#Korte vragen, korte antwoorden:&lt;br /&gt;
##Wat is postabsorptieve verzadiging?  &lt;br /&gt;
##Wat is daidzeine?  &lt;br /&gt;
##Wat is het doel van tempereren?   &lt;br /&gt;
##waaruit is inuline opgebouwd?   &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17 januari 2014 (NM)===&lt;br /&gt;
#Welke middelen heeft de levensmiddelenindustrie tot haar beschikking om te zorgen dat een levensmiddel de consument veilig bereikt? &lt;br /&gt;
#Vergelijk de essentiele elementen in de productie van bier, wijn en rijstwijn in tabelvorm.&lt;br /&gt;
#Bespreek de voor- en nadelen van verwerking van levensmiddelen.&lt;br /&gt;
#Korte vragen, korte antwoorden: &lt;br /&gt;
##Welk soort chemische reactie is de meest gekatalyseerde door enzymen in de levensmiddelenproductie? &lt;br /&gt;
##Wat is daidzeine?&lt;br /&gt;
##Welke doel heeft blancheren?&lt;br /&gt;
##Wat verstaan we onder het &#039;halo&#039;-effect? &lt;br /&gt;
##Geef de criteria van kwalilteit van een levensmiddel in dalende volgorde van belangrijkheid.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===16 januari 2014 (VM)===&lt;br /&gt;
#Waarom is houdbaarheid zo belangrijk en wat doet de mens om voor langere houdbaarheid te zorgen + voorbeelden&lt;br /&gt;
#Technologische oplossingen voor lactose-intolerantie &lt;br /&gt;
#Bespreek fermentatie bij cacaobonen &lt;br /&gt;
#Woordjes: &lt;br /&gt;
##postabsorptieve verzadiging, &lt;br /&gt;
##maischen, &lt;br /&gt;
##belangrijkste bestanddeel verzerkt kaas, &lt;br /&gt;
##doel maceration carbonique,&lt;br /&gt;
## duo/trio test (korte uitleg)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===13 januari 2014===&lt;br /&gt;
#ranzigheid komt veel voor in voeding. welke technologische oplossingen bestaan er voor dit probleem? &lt;br /&gt;
#wat is de werking van rennet? &lt;br /&gt;
#wat zijn de voor- en nadelen van de Atwaterfactoren? &lt;br /&gt;
#vijf termen:&lt;br /&gt;
##hoe is inuline opgebouwd? &lt;br /&gt;
##wat is de quetelet-index &lt;br /&gt;
##welke zijn de twee belangrijkste natuurlijke bronnen van sucrose? &lt;br /&gt;
##wat is melamine&lt;br /&gt;
 &lt;br /&gt;
===29 januari 2013=== &lt;br /&gt;
#Waarom is houdbaarheid belangrijk? Wat doet de mens om voor langere houdbaarheid te zorgen en geef hierbij voorbeelden. We geven steeds minder uit aan voeding. Dit lijkt onlogisch. Bediscussieer. Geef de voor- en nadelen van verwerking. &lt;br /&gt;
#Korte vragen, korte antwoorden &lt;br /&gt;
##Hoeveel van het voedsel in ons land is geïmporteerd  &lt;br /&gt;
##Wat is de dierlijke variant van zetmeel  &lt;br /&gt;
##Wat betekent hedonisch&lt;/div&gt;</summary>
		<author><name>R0998693</name></author>
	</entry>
	<entry>
		<id>https://wiki.chemika.be/index.php?title=Levensmiddelenchemie_en_-technologie&amp;diff=4964</id>
		<title>Levensmiddelenchemie en -technologie</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.chemika.be/index.php?title=Levensmiddelenchemie_en_-technologie&amp;diff=4964"/>
		<updated>2026-01-23T14:38:34Z</updated>

		<summary type="html">&lt;p&gt;R0998693: /* 22/01/2026 */&lt;/p&gt;
&lt;hr /&gt;
&lt;div&gt;[[Categorie:Bachelor Biochemie]]&lt;br /&gt;
 [[Categorie:Bachelor Chemie]]&lt;br /&gt;
==Vakinformatie==&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
(2025) Vak gegeven door Christophe Courtin. Mondeling examen, 4/5 vragen waarvan een over het gekozen levensmiddel.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen==&lt;br /&gt;
===22/01/2026===&lt;br /&gt;
#Hoe heeft de samenstelling van een voedingsmiddel een invloed op de houdbaarheid en hoe wordt hier rekening met gehouden bij de productie- en bewaartechnologie voor het verlengen van de houdbaarheid. Leg uit.&lt;br /&gt;
#Geef het productieproces van kaas.&lt;br /&gt;
#:Bijvragen:&lt;br /&gt;
#::*Wat wordt er geproduceerd tijdens de fermentatie?&lt;br /&gt;
#::*Verschil homolactisch vs heterolactisch?&lt;br /&gt;
#::*Wat doet het coagulerend agens met de kaas? (niet gewoon zeggen coaguleren)&lt;br /&gt;
#::*Wat is rennet?&lt;br /&gt;
#::*Wat zit er in wrongel?&lt;br /&gt;
#::*Wat gebeurt er tijdens de rijping?&lt;br /&gt;
#Korte vragen:&lt;br /&gt;
##Waarom is fytinezuur in voeding/voeder ongewenst?&lt;br /&gt;
##geef een voorbeeld van een omega-3-vetzuur.&lt;br /&gt;
##welk aminozuur is deficiënt voor leguminosen?&lt;br /&gt;
##welke heeft een lagere GI: glucose of fructose? waarom?&lt;br /&gt;
##*Bijvraag: Wat is de bloedsuikerspiegel? (Hoeveelheid glucose in je bloed)&lt;br /&gt;
##geef een voorbeeld van alifatische polyhydroxyaldehyden. (antwoord: glucose)&lt;br /&gt;
#Productvraag:&lt;br /&gt;
##Hoe bereken je het aantal calorieën?&lt;br /&gt;
##Wat is het belangrijkste constituent en wat is de bron ervan?&lt;br /&gt;
##Wat is de oorsprong van de ingrediënten?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===16/01/2026===&lt;br /&gt;
#Wat zijn de oorzaken van ranzigheid bij levensmiddelen, wat zijn de gevolgen ervan en wat kan men eraan doen om ranzigheid te vermijden?&lt;br /&gt;
#Leg HACCP uit.&lt;br /&gt;
#Korte vragen:&lt;br /&gt;
##Waarom is fytinezuur in voeding/voeder ongewenst?&lt;br /&gt;
##Waarvoor gebruikt men benzoëzuur?&lt;br /&gt;
##Waarom moeten we rode wijn stabiliseren bij vriespunt?&lt;br /&gt;
##Leg uit sanitel&lt;br /&gt;
##Hoe kunnen we door middel van GM gewassen resistent maken tegen insecten?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20/08/2025===&lt;br /&gt;
#Bespreek waarom een langere houdbaarheid belangrijk is (man verwacht een lang antwoord met zeker transporteerbaarheid, schaalvergroting,...) en welke methoden/middelen hiervoor bestaan (alles omtrent hygiëne, chemische/fysische contaminenten, enzymen, zure fermentatie)&lt;br /&gt;
#Bespreek de productie van kaas (vergeet narijping en het toevoegen van aminozuren/peptiden niet)&lt;br /&gt;
#Korte vragen:&lt;br /&gt;
##Geef een proces om van onverzadigde naar verzadigde vetzuren te gaan&lt;br /&gt;
##wat is het verschil met cacaovet en boter (iets dat cacaovet geëxtraheerd wordt met hexaan en daardoor niet echt cacaoboter is)&lt;br /&gt;
##wat is glyfosaat&lt;br /&gt;
##Geef 3 sensorische verschiltesten&lt;br /&gt;
##Wat is chaptilisatie&lt;br /&gt;
#Productvraag: check hoe je je watergehalte weet (100%-ingrediënten%)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===18 januari 2024:===&lt;br /&gt;
#bespreek het belang van enzymen binnen de levensmiddelensector (vergeet niet endogene enzymen ook te bespreken).&lt;br /&gt;
#Geef schematisch het hele proces voor de productie van soja-olie en bespreek voor elke stap beknopt waarom we dit doen.&lt;br /&gt;
#korte vragen:&lt;br /&gt;
##wat is glyfosaat?&lt;br /&gt;
##Welk soort panel gebruik je bij affectief sensorisch onderzoek?&lt;br /&gt;
##Wat is groenmout?&lt;br /&gt;
##nog een vraagje (vergeten)&lt;br /&gt;
#productvraag&lt;br /&gt;
##vraag over calorieberekening en over de oorsprong van de ingrediënten.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===12 januari 2024===&lt;br /&gt;
#Wat zijn de oorzaken van ranzigheid bij levensmiddelen, wat zijn de gevolgen ervan en wat kan men eraan doen om ranzigheid te vermijden?&lt;br /&gt;
#Geef de 4 fermentaties die kunnen voorkomen tijdens het productieproces van rode wijn en bespreek.&lt;br /&gt;
#Korte vragen:&lt;br /&gt;
##Hoeveel rijst wordt er wereldwijd geproduceerd per jaar?&lt;br /&gt;
##Op welke twee manieren kan je de energiedichtheid verlagen?&lt;br /&gt;
##Leg uit: post-ontgommen.&lt;br /&gt;
##Welke drie soorten energiegebruik zijn er en in welk aandeel komen ze voor?&lt;br /&gt;
##Wat is &#039;flavour&#039;?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 januari 2023===&lt;br /&gt;
#&#039;Niet veilig voedsel is geen voedsel&#039;, Hoe wordt veiligheid van voedsel gegarandeerd? bespreek en illustreer met voorbeelden&lt;br /&gt;
#Geef het productieproces van melkchocolade&lt;br /&gt;
#Korte vragen:&lt;br /&gt;
##Hoeveel rijst wordt er wereldwijd geproduceerd?&lt;br /&gt;
##Op welke twee manieren kan je de energiedichtheid verlagen?&lt;br /&gt;
##Leg uit post-ontgommen&lt;br /&gt;
##Welke drie soorten energiegebruik zijn er en in welk aandeel komen ze voor?&lt;br /&gt;
##Wat is &#039;flavour&#039;?&lt;br /&gt;
#Productvraag&lt;br /&gt;
##Bereken en bespreek energie-inhoud&lt;br /&gt;
##Geef twee kritische controlepunten in het productieproces&lt;br /&gt;
##Hoe lang is het product houdbaar? Welke constituenten beperken de houdbaarheid en hoe is het product hieraan aangepast?&lt;br /&gt;
##Wat is het belangrijkste constituent en wat is de bron ervan?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===22 augustus 2022===&lt;br /&gt;
#Waarom is langere houdbaarheid zo belangrijk in onze maatschappij? Waarom en hoe hebben we dit aangepakt? Bespreek de concepten en illustreer met concepten uit de cursus.&lt;br /&gt;
#Productieproces melkchocolade&lt;br /&gt;
#Korte vragen (max 20 woorden uitleg):&lt;br /&gt;
##Wat is glyfosaat? Voor wat wordt het gebruikt?&lt;br /&gt;
##Malolactische fermentatie.&lt;br /&gt;
##Gebruik van asparaginase.&lt;br /&gt;
##Hoeveel maïs wordt er jaarlijks geproduceerd? (1 miljard ton)&lt;br /&gt;
##Wat is HFCS? Hoe wordt het gemaakt? &lt;br /&gt;
#Productvraag&lt;br /&gt;
##Bespreek energieinhoud.&lt;br /&gt;
##Leg de verpakking uit in functie van de chemische samenstelling &lt;br /&gt;
##2 kritieke punten uitleggen in het productieproces.&lt;br /&gt;
##Voornaamste nutriënt in het product en waar komt het vandaan.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 januari 2022===&lt;br /&gt;
#Wat zijn enzymen? Wat is hun toepassing in de voedingsindustrie? &lt;br /&gt;
#Bespreek de extractie van ruwe sojaolie. Bespreek daarna de raffinage ervan met 10 steekwoorden. &lt;br /&gt;
#Korte vragen:&lt;br /&gt;
##Wat zijn polyolen?&lt;br /&gt;
##Wat is glyfosaat&lt;br /&gt;
##Hoe kan je de energie-inhoud van een levensmiddel verlagen? &lt;br /&gt;
## Wat is chymosine? &lt;br /&gt;
## nog eentje&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 januari 2021===&lt;br /&gt;
#Bespreek stabiliteit lipiden (structuur, toepassing, vormen, problemen, voorkomen) in een brede omkadering omtrent levensmiddelen.&lt;br /&gt;
#Geef blancheren van groenten.&lt;br /&gt;
#Korte vragen:&lt;br /&gt;
##Wat is miso?&lt;br /&gt;
##Wat is wrongel?&lt;br /&gt;
##Wat is het suikerpercentage waarbij druiven worden geplukt en waarom? &lt;br /&gt;
##Wat is chemisch gezien Bt-toxine?&lt;br /&gt;
##Wat zijn polyalcoholen?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===30 januari 2020 NM===&lt;br /&gt;
#Geef de maatregelen die nodig zijn om chemische contaminatie en chemisch bederf tegen te gaan. Geef indien mogelijk voorbeelden uit de cursus.&lt;br /&gt;
#Geef schematisch het verschil tussen productie van bier, wijn en rijstwijn.&lt;br /&gt;
#Korte vragen:&lt;br /&gt;
##Hoeveel kcal zitten er ongeveer in 100g rauwe steak?&lt;br /&gt;
##Leg tempereren uit.&lt;br /&gt;
##Wat zijn de drie verschillende soorten energie?&lt;br /&gt;
##Geef de 2 belangrijkste GM modificaties.&lt;br /&gt;
##Wat is miso?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===24 januari 2020 VM===&lt;br /&gt;
#Ranzigheid is een probleem in levensmiddelen. Door welke mechanismen gebeurt dit? Welke gevolgen heeft het? Welke technologische toepassingen zijn er om dit probleem tegemoet te komen?&lt;br /&gt;
#Proces van rijstwijnproductie (proces is volgens hem van grondstof tot eindproduct dus filtreren, pasteuriseren moet hier ook bij)&lt;br /&gt;
#Korte vragen:&lt;br /&gt;
##Waarom voeg je SO2 toe aan wijn?&lt;br /&gt;
## Vergelijk stijging graanproductie de laatste 55 jaar met de stijging plantaardige olie.&lt;br /&gt;
##Wat is lactulose (ook weten uit wat dat ontstaat)&lt;br /&gt;
##Homolactisch en heterolactisch&lt;br /&gt;
##Commerciële sterilisatie&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 januari 2020 VM===&lt;br /&gt;
#Waarom is langere houdbaarheid zo belangrijk in onze maatschappij? Waarom en hoe hebben we dit aangepakt?&lt;br /&gt;
#Geef het productieproces van kaas.&lt;br /&gt;
#Korte vragen:&lt;br /&gt;
##Hoeveel van het familiaal inkomen geeft de Belg gemiddeld uit aan voeding?&lt;br /&gt;
##Wat is lactulose?&lt;br /&gt;
##Isohumulonen&lt;br /&gt;
##Waarvoor dient zwaveldioxide in de wijnproductie?&lt;br /&gt;
##Postprandiale verzadiging&lt;br /&gt;
#Productbespreking&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===&#039;&#039;&#039;1 februari 2019 VM &#039;&#039;&#039;===&lt;br /&gt;
#Welke middelen heeft de levensmiddelenindustrie tot haar beschikking om te zorgen dat een levensmiddel de consument veilig bereikt?&lt;br /&gt;
#Geef bier proces schematisch en beschrijf kort de functies&lt;br /&gt;
#Korte vragen:&lt;br /&gt;
##miscella&lt;br /&gt;
##Hoeveel graan wordt er jaarlijks geproduceerd?&lt;br /&gt;
##flavour&lt;br /&gt;
##cellofaan&lt;br /&gt;
##isoflavonen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===25 januari 2019 VM===&lt;br /&gt;
#De afstand tussen landbouwer en consument is in de loop van de geschiedenis veel langer geworden. Wat waren hier de oorzaken van en waar leidde dit noodzakelijkerwijs toe?&lt;br /&gt;
#Bespreek de stabiliteit van lipiden in levensmiddelen.&lt;br /&gt;
#Korte vragen:&lt;br /&gt;
##Wat is ontgommen?&lt;br /&gt;
##Definieer de Queteletindex.&lt;br /&gt;
##Wat is de link tussen de Coca Cola-crisis en de PCB-crisis?&lt;br /&gt;
##Waarom slaat men het deeg door bij broodbereiding?&lt;br /&gt;
##In ons lichaam wordt energie voor 3 dingen gebruikt, dewelke? (basaal metabolisme, vertering en fysieke activiteit)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===1 februari 2018 VM===&lt;br /&gt;
#Op welke manier zijn enzymen belangrijk in de levensmiddelenproductie?&lt;br /&gt;
#Geef de stabiliteit van lipiden.&lt;br /&gt;
#korte vragen:&lt;br /&gt;
##wat is de belangrijkste enzymatische reactie in levensmiddelenproductie?&lt;br /&gt;
##wat is anandimide?&lt;br /&gt;
##wat is het belangrijkste om verhoogde welvaart te hebben?&lt;br /&gt;
##wat is het verschil tussen sojaproteïne bloem en sojaproteïneconcentraat? &lt;br /&gt;
#productbesprekeking&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===26 januari 2018 VM===&lt;br /&gt;
#Geef de directe en indirecte criteria van kwaliteit van een levensmiddel.Bespreek hoe verpakking en verpakkingstechnologie kan ingrijpen op genoemde aspecten van kwaliteit.&amp;lt;br /&amp;gt;Zie cursus/dropbox&lt;br /&gt;
#Bespreek de solventextractie van sojaolie&amp;lt;br /&amp;gt;Zie cursus&lt;br /&gt;
#Kleine vragen&lt;br /&gt;
##Wat betekent retronasaal?&amp;lt;br /&amp;gt;&#039;&#039;Vluchtige geurstoffen (aroma&#039;s) die door de keelholte naar de neusholte migreren | tegenhanger van orthonasaal met resp geuren.&#039;&#039;&lt;br /&gt;
##Wat is postprandiale verzadiging?&amp;lt;br /&amp;gt;&#039;&#039;Verzadigingsgevoel door gevulde maag.&#039;&#039;&lt;br /&gt;
##Wat is chaplisatie?&amp;lt;br /&amp;gt;&#039;&#039;Suiker of druivenconcentraat toevoegen aan de most ter verhoging van suikergehalte | Mag enkel in noordelijke streken, verboden in zuidelijke gebieden.&#039;&#039;&lt;br /&gt;
##Waarom is vermouting zo belangrijk? &amp;lt;br /&amp;gt;&#039;&#039;Kiemen van de gerst zorgt voor &#039;&#039;&#039;aanmaak&#039;&#039;&#039; enzymen (amylasen en proteasen) die resp. zetmeel en proteïnen afbreken tijdens het maischen. tot resp. maltose (+ glucose) en aminozuren om deze beschikbaar te maken voor de gisten.&#039;&#039;&lt;br /&gt;
##Hoe zorgt fermentatie van melk voor een betere bewaarbaarheid?&amp;lt;br /&amp;gt;&#039;&#039;Afbraak van lactose tot lactaat: suikers niet meer beschikbaar voor andere MO en verlaging pH -&amp;gt; inhibitie van groei.&#039;&#039;&lt;br /&gt;
#Productbespreking&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 januari 2017 VM===&lt;br /&gt;
#Geef de directe en indirecte criteria van kwaliteit van een levensmiddel.Bespreek hoe verpakking en verpakkingstechnologie kan ingrijpen op genoemde aspecten van kwaliteit.&lt;br /&gt;
#Geef en bespreek 4 soorten van fermentatie die kunnen optreden bij de productie van wijn.&lt;br /&gt;
#Bespreek invloed van temperatuur en watergehalte op bederf. wat besluit je hieruit.&lt;br /&gt;
#Kleine vragen (max. 20 woorden per antwoord):&lt;br /&gt;
##Wat is meso?&lt;br /&gt;
##Hoeveel graan wordt er jaarlijks geproduceerd?&lt;br /&gt;
##Waarom wordt benzoëzuur gebruikt in levensmiddelen?&lt;br /&gt;
##Wat zijn polyolen?&lt;br /&gt;
##Wat verstaan we onder netto metaboliseerbare energie?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17 januari 2017 VM===&lt;br /&gt;
#bespreek zo volledig mogelijk hoe de voedingsindustrie de vraag van de consument naar een constante en hoge organoleptische kwaliteit tegemoet gaat. &lt;br /&gt;
#bespreek de productie van kaas&lt;br /&gt;
#Juist of fout? Analytisch sensorisch onderzoek is belangrijker dan affectief sensorisch onderzoek bij het produceren van een nieuw levensmiddel. Bespreek&lt;br /&gt;
#begrippen:&lt;br /&gt;
##sorbinezuur&lt;br /&gt;
##oorsprong Bt-toxine&lt;br /&gt;
##heterolactische fermentatie&lt;br /&gt;
##polyolen&lt;br /&gt;
##netto metabolariseerbaarde energie&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===24 augustus 2016===&lt;br /&gt;
#Wat zijn de criteria van een kwalitatief product? Hoe werkt de verpakking hieraan mee?&lt;br /&gt;
#Bier, wijn en Sake party&lt;br /&gt;
#Je koelt sojaolie, wat komt eruit?&lt;br /&gt;
#begrippen:&lt;br /&gt;
##Suiker bij de wijn doen&lt;br /&gt;
##Eesten&lt;br /&gt;
##Melk+bacterie blijft lang goed, why?&lt;br /&gt;
##Dem maag signals of geen honger&lt;br /&gt;
##Restronasaal&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17/6 namiddag===&lt;br /&gt;
#De smaak van een levensmiddel verandert van gisteren op vandaag op morgen. Bespreek en geef voorbeelden vanuit de cursus. (alles dus van bederf tot toestand van de proever van vluchtige geurstoffen van stoffen in uw verpakking)&lt;br /&gt;
#Transvetzuren kom in de natuur niet voor. Juist of fout? verklaar&lt;br /&gt;
#Rijstwijn proces uitleggen&lt;br /&gt;
#Begrippen:&lt;br /&gt;
##Wanneer ben je zwaarlijvig?&lt;br /&gt;
##Verklaar BRC&lt;br /&gt;
##Gelijkenis tussen roken en zouten&lt;br /&gt;
##Wat is ontgommen van olie?&lt;br /&gt;
##Wat zijn PCB&#039;s?&lt;br /&gt;
#Productbespreking&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===Examen vragen===&lt;br /&gt;
#geef de directe en indirecte criteria voor kwaliteit van producten en leg uit hoe verpakking en verpakkingsprocedure hier toe kan bijdragen (allee of zoiets toch) &lt;br /&gt;
#classificatie van koolhydraten en waar ze voorkomen&lt;br /&gt;
#winterisatie &lt;br /&gt;
#woordjes :&lt;br /&gt;
##chaptalisatie&lt;br /&gt;
##postgrandiaal &lt;br /&gt;
##retronasaal&lt;br /&gt;
##hoe fermentatie van melk bijdraagt tot bewaring&lt;br /&gt;
##ik denk nog een maar weet ik niet meer&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 januari 2015===&lt;br /&gt;
#Bespreek de hoe de afstand tussen de landbouwer en de consument groter is geworden. Welke ontwikkelingen hebben hiertoe bijgedragen?&lt;br /&gt;
#GM voeder en voedsel &lt;br /&gt;
#Leg de fermentatie van groenten uit&lt;br /&gt;
#Begrippen &lt;br /&gt;
##homigeniseren als eenheidsbewerking &lt;br /&gt;
##ME &lt;br /&gt;
##pH van wijn &lt;br /&gt;
##halo-effect &lt;br /&gt;
##in welk proces worden PAKâ€™s gevormd?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===19 januari 2015 (nm)===&lt;br /&gt;
#Hoe kan men het probleem van lactose intolerantie oplossen in levensmiddelen?  &lt;br /&gt;
#Transvetten zijn slecht? Leg uit.&lt;br /&gt;
#Bespreek het hele productieproces van soja-olie&lt;br /&gt;
#Korte vragen, korte antwoorden:&lt;br /&gt;
##Stimulusfout&lt;br /&gt;
##malolactische fermentatie&lt;br /&gt;
##vermouten&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===19 januari 2015 (vm)===&lt;br /&gt;
#Bespreek veranderingen die optreden bij bewaring en geed drie mogelijke (liefst beste) oplossingen voor problemen die daardoor veroorzaakt kunnen worden. /react-text &lt;br /&gt;
#Bespreek Pringles als voorbeeld van hyperindustrialisatie. /react-text &lt;br /&gt;
#Geef een overzicht (schema/tabel) van de verschillende koolhydraten en hun voorkomen. /react-text &lt;br /&gt;
#Verklaar kort: &lt;br /&gt;
##soutirage &lt;br /&gt;
##ligase /react-text &lt;br /&gt;
##fermentatietechnieken met melk&lt;br /&gt;
##basisprinpice enzymwerking &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===15 januari 2015===&lt;br /&gt;
#Bespreek chocoladeproductie van cacaopod tot product, refereer over de hele cursus. &lt;br /&gt;
#Welke risico&#039;s zijn verbonden aan GM op vlak van voedsel? &lt;br /&gt;
#Bespreek de voor- en nadelen van het verwerken van levensmiddelen. &lt;br /&gt;
#Verklaar kort: &lt;br /&gt;
##inleggen  &lt;br /&gt;
##waarom bepaalde delen van de plant van van industrieel belang zijn &lt;br /&gt;
##post-ontgommen &lt;br /&gt;
##chaptalisatie &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===24 januari 2014 (VM)===&lt;br /&gt;
#Bespreek Pringles als voorbeeld van hyperindustrialisatie&lt;br /&gt;
#Vergelijk de Dioxine crisis en Coca Cola Crisis in tabelvorm &lt;br /&gt;
#Bespreek de extractiestap in de productie van Sojaolie in detail &lt;br /&gt;
#Korte vragen, korte antwoorden: &lt;br /&gt;
##Waarom worden groenten ingelegd? &lt;br /&gt;
##Wat is flavour?  &lt;br /&gt;
##Wat is tristearine?  &lt;br /&gt;
##Wat is Nuruk? &lt;br /&gt;
##Product&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 januari 2014 (VM)===&lt;br /&gt;
#Waarom is houdbaarheid belangrijk? Wat zijn de mogelijke manieren om houdbaarheid te bekomen? &lt;br /&gt;
#Bespreek het verband tussen vleesconsumptie en een duurzame voedselproductie.&lt;br /&gt;
#Winterisatie bij sojaolie &lt;br /&gt;
#Korte vragen, korte antwoorden:&lt;br /&gt;
##Wat is postabsorptieve verzadiging?  &lt;br /&gt;
##Wat is daidzeine?  &lt;br /&gt;
##Wat is het doel van tempereren?   &lt;br /&gt;
##waaruit is inuline opgebouwd?   &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17 januari 2014 (NM)===&lt;br /&gt;
#Welke middelen heeft de levensmiddelenindustrie tot haar beschikking om te zorgen dat een levensmiddel de consument veilig bereikt? &lt;br /&gt;
#Vergelijk de essentiele elementen in de productie van bier, wijn en rijstwijn in tabelvorm.&lt;br /&gt;
#Bespreek de voor- en nadelen van verwerking van levensmiddelen.&lt;br /&gt;
#Korte vragen, korte antwoorden: &lt;br /&gt;
##Welk soort chemische reactie is de meest gekatalyseerde door enzymen in de levensmiddelenproductie? &lt;br /&gt;
##Wat is daidzeine?&lt;br /&gt;
##Welke doel heeft blancheren?&lt;br /&gt;
##Wat verstaan we onder het &#039;halo&#039;-effect? &lt;br /&gt;
##Geef de criteria van kwalilteit van een levensmiddel in dalende volgorde van belangrijkheid.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===16 januari 2014 (VM)===&lt;br /&gt;
#Waarom is houdbaarheid zo belangrijk en wat doet de mens om voor langere houdbaarheid te zorgen + voorbeelden&lt;br /&gt;
#Technologische oplossingen voor lactose-intolerantie &lt;br /&gt;
#Bespreek fermentatie bij cacaobonen &lt;br /&gt;
#Woordjes: &lt;br /&gt;
##postabsorptieve verzadiging, &lt;br /&gt;
##maischen, &lt;br /&gt;
##belangrijkste bestanddeel verzerkt kaas, &lt;br /&gt;
##doel maceration carbonique,&lt;br /&gt;
## duo/trio test (korte uitleg)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===13 januari 2014===&lt;br /&gt;
#ranzigheid komt veel voor in voeding. welke technologische oplossingen bestaan er voor dit probleem? &lt;br /&gt;
#wat is de werking van rennet? &lt;br /&gt;
#wat zijn de voor- en nadelen van de Atwaterfactoren? &lt;br /&gt;
#vijf termen:&lt;br /&gt;
##hoe is inuline opgebouwd? &lt;br /&gt;
##wat is de quetelet-index &lt;br /&gt;
##welke zijn de twee belangrijkste natuurlijke bronnen van sucrose? &lt;br /&gt;
##wat is melamine&lt;br /&gt;
 &lt;br /&gt;
===29 januari 2013=== &lt;br /&gt;
#Waarom is houdbaarheid belangrijk? Wat doet de mens om voor langere houdbaarheid te zorgen en geef hierbij voorbeelden. We geven steeds minder uit aan voeding. Dit lijkt onlogisch. Bediscussieer. Geef de voor- en nadelen van verwerking. &lt;br /&gt;
#Korte vragen, korte antwoorden &lt;br /&gt;
##Hoeveel van het voedsel in ons land is geïmporteerd  &lt;br /&gt;
##Wat is de dierlijke variant van zetmeel  &lt;br /&gt;
##Wat betekent hedonisch&lt;/div&gt;</summary>
		<author><name>R0998693</name></author>
	</entry>
	<entry>
		<id>https://wiki.chemika.be/index.php?title=Polymer_Materials&amp;diff=4852</id>
		<title>Polymer Materials</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.chemika.be/index.php?title=Polymer_Materials&amp;diff=4852"/>
		<updated>2026-01-10T23:27:19Z</updated>

		<summary type="html">&lt;p&gt;R0998693: /* 9 januari 2026 */&lt;/p&gt;
&lt;hr /&gt;
&lt;div&gt;[[Categorie:Bachelor Chemie]]&lt;br /&gt;
[[Categorie:Bachelor Biochemie]]&lt;br /&gt;
==Vakinformatie==&lt;br /&gt;
Het vak werd vroeger gegeven door Prof. Erik Nies, maar wordt vanaf 2023-2024 gegeven door Bart Goderis en Guy Koeckelberghs. Het examen van Koeckelberghs is mondeling en het examen van Goderis is deels schriftelijk, deels mondeling. De cursus is ook veranderd in 2023-2024 waardoor sommige examenvragen van daarvoor mogelijks niet meer relevant zijn. De lessen van Prof. Koeckelberghs worden niet opgenomen. In 2024-2025 is de leerstof van Goderis weer deels veranderd.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen==&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===9 januari 2026 (NM)===&lt;br /&gt;
Big questions Goderis&lt;br /&gt;
#How do you achieve stable necking (wil een hele uitleg over compression test, dat als ge strain hardening hebt de stress daarvan hoger moet liggen dan de yielding stress zodat die ervoor kiest om de nek langer te maken). What happens when you have a deep notch (figures are given)&lt;br /&gt;
#Formula of free energy for misscibility given, explain each term + explain for UCTS&lt;br /&gt;
Small questions Goderis&lt;br /&gt;
#Figures for a creep test given, how is it described Maxwell or Kevin voight&lt;br /&gt;
#What is OEM&lt;br /&gt;
#3 reasons why you add compatibilizers&lt;br /&gt;
#How is the pressure obtained in injection molding&lt;br /&gt;
#What is the largest reason for decrease in viscosity with increasing temperatures&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Questions Koeckelberghs&lt;br /&gt;
#How do you obtain cationic polymerization?&lt;br /&gt;
#Controlled polymerization with TEMPO&lt;br /&gt;
#Explain using the structure of vinyl why it is used for polymerization (+ voorbeeld voor elke soort)&lt;br /&gt;
#Butadiene and another molecule given which polymerizations take place and which not and why (structuren tekenen)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===9 januari 2026 (VM)===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
big questions Goderis (mondeling)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# PS has brittle behaviour, why? Mechanical rejuvination can make it ductile, but after some time it becomes brittle again. What is mechanical rejuvenation, what does it do, why does it become ductile, why does it become brittle again and what is this called? Draw the tensile deformation curve of PS at the beginning and after some time.&lt;br /&gt;
# Phasediagram for a partially miscible polymer blend (chapter 7 slide 37). You have a polymer blend with 33% of B, what does it mean when it is in the miscible region, metastable region and unstable region? Extra question: What does metastable mean and why is it there?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
small questions Goderis (schriftelijk)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# Give 3 examples of natural polymers&lt;br /&gt;
# What is a steam cracker doing&lt;br /&gt;
# How do you define Newtonian liquids&lt;br /&gt;
# Which element permits describing the stress relaxation behavior of viscoelastic materials: a Maxwell element or a Kelvin-Voigt element? Explain why.&lt;br /&gt;
# AMorphous polymers display a rubber plateau in a graph of the modulus as a function of temperature. What is the molecular requirement to have a rubber plateau?&lt;br /&gt;
# Which of the following polymers has the highest and the lowest Tg? A) HDPE, B) PP or C) PVC? Explain why. (structures given)&lt;br /&gt;
# Which processing technique(s) would you recommend to produce thin multi-layer foils for packaging purposes?&lt;br /&gt;
# Why is the zero shear rate viscosity of long chain polymers increasing with Mn according to Mn^3,4?&lt;br /&gt;
# What is an ionomer?&lt;br /&gt;
# What is the origin of shish-kebab structures in the context of polymer crystallization? Make a sketch of the structure.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
questions Koeckelbergs&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# What is the difference between chain-growth and step-growth? Does is affect mass?&lt;br /&gt;
# Explain stereospecificity. Give for 2 different types a polymerization method that leads to that particular type.&lt;br /&gt;
# Define Mn, Mw and how can you measure these?&lt;br /&gt;
# In which way can the following vinyl monomers be polymerized? Explain why (not)? Butadiene and 4-vinylphenol (structures given)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 januari 2025===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
big questions Goderis (mondeling)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# hoe werken de twee mechanismen van plastische vervorming en hoe meet je ze experimenteel. ook vragen over PS, HIPS, salami stuctuur.&lt;br /&gt;
# wat zijn compatibalisers, waarom gebruik je ze en hoe breng je ze in een polymeer&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
small questions Goderis (schriftelijk)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# shish kebab structuur tekenen en uitleggen&lt;br /&gt;
# waarom gebruik je nylon niet als screws?&lt;br /&gt;
# true vs engineering stress en strain&lt;br /&gt;
# elastic inversion wat is het&lt;br /&gt;
# ldpe blow film&lt;br /&gt;
# wat is het percentage petroleum van alle fossiele brandstoffen die we gebruiken&lt;br /&gt;
# waarom neem viscositeti toe met Mw tot de macht 3.4&lt;br /&gt;
# couette cell tekenen en wat uitleg geven&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
questions koeckelbergs&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# step chain en chain growth uitleggen&lt;br /&gt;
# verschillende polymeren waaronder isobutylenen en methacrylaten hoe polymeriseren en waarom&lt;br /&gt;
# hoe maak je de verschillende tacticiteiten van polymeren en waarom werkt dat&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 januari 2025===&lt;br /&gt;
big questions goderis (mondeling)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# give the different types of polyethylene and how do you make them? there was also a graph given and u needed to point for each polyethylene a graph (graph is in the cursus)&lt;br /&gt;
# how can you predict necking? what happens after mechanical rejuvenation and a deep notch?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
questions koeckelberghs (mondeling)&lt;br /&gt;
# give the relation between MM and step-growth polymerization + formules&lt;br /&gt;
# explain cationic polymerization, how can you make it a living polymerization? &lt;br /&gt;
# exercises like in the cursus&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===25 Januari 2024 (NM)===&lt;br /&gt;
big questions Goderis (mondeling)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# Explain the gel spinning process for Dyneema fibers. Why are they so strong? (How to determine the strength? -&amp;gt; graph)&lt;br /&gt;
# Does atactic polystyrene crystallize? Why (not)? How will the Tg change when: MM is increased, adding crosslinks, adding plasticizer. When butadiene is copolymerized with styrene, will the Tg change? (Give the formula of the Tg of a miscible mixture.)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
small questions Goderis (schriftelijk)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# Properties vs performance.&lt;br /&gt;
# Microplastics?&lt;br /&gt;
# Flash?&lt;br /&gt;
# Draw a Couette cell.&lt;br /&gt;
# Co-extrusion?&lt;br /&gt;
# Maxwell element vs Kelvin-Voigt element: which one is used for stress relaxation experiments? Why?&lt;br /&gt;
# Ionomers?&lt;br /&gt;
# Conformation of crystalline PE.&lt;br /&gt;
# Why does η0 change with MM^3,4?&lt;br /&gt;
# Draw the microstructure of LDPE.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
questions Koeckelberghs (mondeling)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# Compare chain growth polymerization with step growth polymerization. How does the molar mass change during these reactions?&lt;br /&gt;
# Give the formula to calculate the dispersity of a living polymer with the MM. Draw a graph of the polymerization reaction for living polymers.&lt;br /&gt;
# Vinyl acetate and ethacrylic acid -&amp;gt; radical/anionic/cationic? Why?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===16 Januari 2024===&lt;br /&gt;
big questions Goderis (mondeling)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# states of aggregation and effect of molecular weight&lt;br /&gt;
# 3 ways of making thermoplastic elastomers (non-permanent crosslinks)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
small questions Goderis (schriftelijk)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# plastic vs polymer&lt;br /&gt;
# naphta&lt;br /&gt;
# is LDPE of LLDPE copolymer&lt;br /&gt;
# spinneret&lt;br /&gt;
# blown film process&lt;br /&gt;
# hoe is de conformatie van kristallijn polyethyleen&lt;br /&gt;
# Poiseuille flow&lt;br /&gt;
# iets over viscositeit&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
questions Koeckelberghs (mondeling)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#twee vinyl hoe te polymeriseren&lt;br /&gt;
#wat is steoregulariteit heef twee types en heeft elke type een soort van polermerisatie da je die stereo krijgt &lt;br /&gt;
#chain and step en MM&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===12 Januari 2024===&lt;br /&gt;
big question Goderis (mondeling) &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#  polymer melt index(viscosity depends on what? (mm, temperature, shear rate(newton’s law: are polymers newtonian liquid, shear thinning behaviour?     -&amp;gt; also look at H7 slide 73&lt;br /&gt;
#  crystallization graph of 4 polymers (with Tg and Tm)  and graph with specific volume something (H7 slide 43!!)-&amp;gt; looks like amorphous polymer graph but it isnt!! -&amp;gt; talk about PE conformations (HDPE LDPE LLDPE). (temperature dependance of free volume is also related to one of these questions (H6))&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
small question Goderis&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# macromolecule vs polymer &lt;br /&gt;
# thermo elastic inversion effect for rubbers(H7 slide 71)&lt;br /&gt;
# True of false: shrinking foil is high polydispersity needed?&lt;br /&gt;
# steam cracking? &lt;br /&gt;
# why not use nylon screw? (we did it in the exercise) (strain reduces faster)&lt;br /&gt;
# die swelling&lt;br /&gt;
# which process for plastic bottles(extrusion blow molding and injection blow molding)&lt;br /&gt;
# zero shear rate viscosity increases with mw^3.4 why (H7) &lt;br /&gt;
# how to find toughness with tensile experiment (H6)&lt;br /&gt;
# dont remember &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Guy (mondeling) &lt;br /&gt;
#  Mw and Mn -&amp;gt; how to measure &lt;br /&gt;
#  anionic living  polymerization (counterion, stability, solvent)   -&amp;gt; under which conditions: ex no O2/C02 -&amp;gt; peroxide forming…&lt;br /&gt;
#  dibuteen and 4-Vinylphenol how to polymerize, stabilisatie en compatibele zijgroepen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===24 Januari 2023===&lt;br /&gt;
#Welke polymerisatie ondergaat wel/niet onderstaande molecule (10 punten)? &lt;br /&gt;
#Begrippen (10 punten)&lt;br /&gt;
#*Mz adhv molecular weight + welke eenheid heeft eindresultaat definitie&lt;br /&gt;
#*Hoe ziet operating point van een injection er uit? Maak een schets/tekening. &lt;br /&gt;
#*Staudinger Hypothese&lt;br /&gt;
#UHMWPE (Tabel met gegevens gegeven; 10 punten)&lt;br /&gt;
#*Wat is UHMWPE en wat is er speciaal aan?&lt;br /&gt;
#*Is deze in coiled vorm? Ja/neen + leg uit waarom.&lt;br /&gt;
#*Welke waarden in tabel hebben invloed/zeggen iets over volume van coiled vorm?&lt;br /&gt;
#*Leid een formule af voor afhankelijkheid van Mw bij weight density van coiled vorm.&lt;br /&gt;
#*Reken uit&lt;br /&gt;
#Rubberen bal (ideaal rubber bij Rubbery plateau; 10 punten):&lt;br /&gt;
#* Schets storage modulus en loss modulus tussen -50°C - 50°C met Tg = -19°C&lt;br /&gt;
#*Leg de schets uit&lt;br /&gt;
#*Bal wordt om de zoveel tijd losgelaten vanaf 1m hoog. Schets grafiek (h/T) en waarom heb je die zo geschetst?&lt;br /&gt;
#*Hebben &amp;quot;*&amp;quot; 2 en 3 iets met elkaar te maken? Zo ja/neen? Waarom?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===29 Augustus 2022===&lt;br /&gt;
#Polystyrene&lt;br /&gt;
#FJC-model&lt;br /&gt;
#Begrippen&lt;br /&gt;
#*Staudinger Hypothese&lt;br /&gt;
#*Mz&lt;br /&gt;
#*Performance VS Property&lt;br /&gt;
#Rectangular rubber loaded with mass. T lowers from 50°C to -50°C&lt;br /&gt;
#* (zie vraag jan &#039;22)&lt;br /&gt;
===25 januari 2022===&lt;br /&gt;
#In which ways can Methyl vinyl ether be polymerised?&lt;br /&gt;
#What is the freely jointed chain model + make a drawing indicating the relevant parameters. Give a basic expression for R, give a precise expression for the contour length L. Derive an expression for &amp;lt;R.R&amp;gt; and discuss for each step what you did. &lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* - What is Newtonian viscosity and how can it be determined from the shear rate dependent viscosity? - Illustrate the dependence of the Newtonian viscosity on the molar mass, what are the molecular reasons for this?&lt;br /&gt;
#*- What is a thermoplastic elastomer? - How is it made out of block copolymers?	&lt;br /&gt;
#* Give the Staudinger hypothesis.&lt;br /&gt;
# Rectangular rubber loaded with mass. T lowers from 50°C to -50°C (tabel gegeven met veel gegevens) (oefening analoog aan set 5 over rubbers, oefening 2)&lt;br /&gt;
#* What is an ideal rubber?&lt;br /&gt;
#* Calculate length of the rubber at 50 °C (gewoon extension ratio berekenen, alle gegevens voor de formule zijn gegeven)&lt;br /&gt;
#* Make a plot L(T) from - 50 °C to 50 °C and indicate length from previous exercise (dezelfde vgl oplossen maar dan voor andere temperaturen en je bekomt een dalende rechte vanaf glastransitietemperatuur want vanaf daar is de formule geldig)&lt;br /&gt;
#* Explain this behaviour (elasticiteit en entropie)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===9 januari 2021===&lt;br /&gt;
#In which ways can acrylonitrile be polymerized? &lt;br /&gt;
#What is the freely jointed chain model + make a drawing indicating the relevant parameters. Give a basic expression for R, give a precise expression for the contour length L. Derive an expression for &amp;lt;R.R&amp;gt; and discuss for each step what you did. &lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* Give the definition for Mz, starting from the molecular moments. Discuss each variable and give the units. &lt;br /&gt;
#* What is the operating in injection moulding + make a drawing. &lt;br /&gt;
#* PE is made by free radical polymerization (Mw = 50 kg/mole, D = Mw/Mn = 3.2), can we make super strong PE fibers from this? Explain&lt;br /&gt;
#* State the Staudinger hypothesis. &lt;br /&gt;
#A cylindrical nylon fiber is used to suspend a 10 kg rotor in a centrifuge experiment. At T = 60°C, L0 = 20 cm and after 50 minutes, L = 20.0045 cm. &lt;br /&gt;
#* What mechanical analogue would you use to describe the centrifuge experiment?&lt;br /&gt;
#* Calculate stress and strain at T = 60°C and after 50 minutes. &lt;br /&gt;
#* Determine Rs, the radius of the nylon fiber. &lt;br /&gt;
#* Determine the elongation of the fiber at T = -10°C and after 24 hours.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===22 januari 2020===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#Vraag 1: Pagina 1 van voorbeeld examenvragen&lt;br /&gt;
#Vraag 2 (mondeling): Rechthoekig rubber wordt beladen met een massa. T daalt van +50°C tot -50°c met 1°C/min en er is nog een tabel met een heel aantal gegevens beschikbaar. &lt;br /&gt;
#* Bereken de lengte van het rubber bij 50°C (gewoon extension ratio berekenen, alle gegevens voor de formule zijn gegeven)&lt;br /&gt;
#* Maak een plot van lengte ifv temperatuur en neem je bekomen lengte uit bovenstaande vraag mee (dezelfde vgl oplossen maar dan voor andere temperaturen en je bekomt een dalende rechte vanaf glastransitietemperatuur want vanaf daar is de formule geldig)&lt;br /&gt;
#* Verklaar je observatie (elasticiteit is door entropie bepaald, geef analogie met veerconstante) &lt;br /&gt;
#Gesloten boek: Pagina 2 van voorbeeld examenvragen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===13 januari 2020===&lt;br /&gt;
#Vraag 1 van voorbeeldexamen (open boek)&lt;br /&gt;
#Vraag met grafiek Young&#039;s modulus van voorbeeldexamen (open boek, mondeling)&lt;br /&gt;
#Verschil copolymerisatie Ziegler-Natta vs metalloceen van voorbeeldexamen (gesloten boek)&lt;br /&gt;
#Formule kracht elasticiteit, entropieveer van pagina 4 voorbeeldexamen (gesloten boek) &lt;br /&gt;
#Tabel met info UHMWPE. Waarvoor staat UHMWPE? Wat is er typisch aan deze graad? Afleiden densiteit van coiled coil, welke assumpties maak je bij deze afleiding? Uitrekenen densiteit. Is (een specifieke naam van polymeer) PE in de coiled coil conformatie? &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 januari 2019===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#vraag 1: pagina 1 van voorbeeld examenvragen&lt;br /&gt;
#vraag 2 (mondeling): Rechthoekig rubber wordt beladen met een massa. T daalt van +50°C tot -50°c met 1°C/min en er is nog een tabel met een heel aantal gegevens beschikbaar. &lt;br /&gt;
#* Bereken de lengte van het rubber bij 50°C (gewoon extension ratio berekenen, alle gegevens voor de formule zijn gegeven)&lt;br /&gt;
#* Maak een plot van lengte ifv temperatuur en neem je bekomen lengte uit bovenstaande vraag mee (dezelfde vgl oplossen maar dan voor andere temperaturen en je bekomt een dalende rechte vanaf glastransitietemperatuur want vanaf daar is de formule geldig)&lt;br /&gt;
#* Verklaar je observatie (elasticiteit is door entropie bepaald, geef analogie met veerconstante) &lt;br /&gt;
#Gesloten boek: pagina 2 van voorbeeld examenvragen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===16 januari 2018===&lt;br /&gt;
#Hoe polymeriseert methylvinylether? (open boek)&lt;br /&gt;
#Oefening elongatie nylon 66 vezel in centrifuge experiment (open boek, mondeling)&lt;br /&gt;
#*welke verband tussen stress en strain&lt;br /&gt;
#*Bereken stress en strain&lt;br /&gt;
#*Bereken diameter draad&lt;br /&gt;
#*Uitrekken bij andere T (onder Tg)&lt;br /&gt;
#Vanalles over newtioniaanse viscositeit (def., te zien in shear thinning, verband met molaire massa)&lt;br /&gt;
#Wat zijn thermoplastische elastomeren&lt;br /&gt;
#Experiment met stelling (van voorbeeld examen blijkbaar)&lt;br /&gt;
#*Klopt stelling&lt;br /&gt;
#*Bewijs je redenering &lt;br /&gt;
#*Geef alle variabelen en hun eenheden gebruikt in bewijs&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===15 januari 2018===&lt;br /&gt;
#Polymerisatie van acrylonitril (radicaal, kationisch, anionisch) (open boek)&lt;br /&gt;
#Oefening van rubber (analoog aan laatste (set 5, ex 2) oefeningen, rubber wordt uitgerokken door een kracht, dit wordt gevolg bij temperaturen van 50 °C tot -50 °C, bespreek plot) (open boek, mondeling)&lt;br /&gt;
#Leg het verschil uit tussen&lt;br /&gt;
#*Performance &amp;amp; property&lt;br /&gt;
#*Entanglements &amp;amp; cross-links&lt;br /&gt;
#Extruder&lt;br /&gt;
#*Geef vergelijk volumetrische flow&lt;br /&gt;
#*Leg alle symbolen uit en geef de eenheden&lt;br /&gt;
#*Een mould wordt aan een extruder gezet voor een rod-shaped object te maken,teken dit, geef werkings punt (Qextr=Qdie)&lt;/div&gt;</summary>
		<author><name>R0998693</name></author>
	</entry>
	<entry>
		<id>https://wiki.chemika.be/index.php?title=Polymer_Materials&amp;diff=4851</id>
		<title>Polymer Materials</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.chemika.be/index.php?title=Polymer_Materials&amp;diff=4851"/>
		<updated>2026-01-10T23:27:10Z</updated>

		<summary type="html">&lt;p&gt;R0998693: /* 9 januari 2026 (voormiddag) */&lt;/p&gt;
&lt;hr /&gt;
&lt;div&gt;[[Categorie:Bachelor Chemie]]&lt;br /&gt;
[[Categorie:Bachelor Biochemie]]&lt;br /&gt;
==Vakinformatie==&lt;br /&gt;
Het vak werd vroeger gegeven door Prof. Erik Nies, maar wordt vanaf 2023-2024 gegeven door Bart Goderis en Guy Koeckelberghs. Het examen van Koeckelberghs is mondeling en het examen van Goderis is deels schriftelijk, deels mondeling. De cursus is ook veranderd in 2023-2024 waardoor sommige examenvragen van daarvoor mogelijks niet meer relevant zijn. De lessen van Prof. Koeckelberghs worden niet opgenomen. In 2024-2025 is de leerstof van Goderis weer deels veranderd.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen==&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===9 januari 2026===&lt;br /&gt;
Big questions Goderis&lt;br /&gt;
#How do you achieve stable necking (wil een hele uitleg over compression test, dat als ge strain hardening hebt de stress daarvan hoger moet liggen dan de yielding stress zodat die ervoor kiest om de nek langer te maken). What happens when you have a deep notch (figures are given)&lt;br /&gt;
#Formula of free energy for misscibility given, explain each term + explain for UCTS&lt;br /&gt;
Small questions Goderis&lt;br /&gt;
#Figures for a creep test given, how is it described Maxwell or Kevin voight&lt;br /&gt;
#What is OEM&lt;br /&gt;
#3 reasons why you add compatibilizers&lt;br /&gt;
#How is the pressure obtained in injection molding&lt;br /&gt;
#What is the largest reason for decrease in viscosity with increasing temperatures&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Questions Koeckelberghs&lt;br /&gt;
#How do you obtain cationic polymerization?&lt;br /&gt;
#Controlled polymerization with TEMPO&lt;br /&gt;
#Explain using the structure of vinyl why it is used for polymerization (+ voorbeeld voor elke soort)&lt;br /&gt;
#Butadiene and another molecule given which polymerizations take place and which not and why (structuren tekenen)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===9 januari 2026 (VM)===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
big questions Goderis (mondeling)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# PS has brittle behaviour, why? Mechanical rejuvination can make it ductile, but after some time it becomes brittle again. What is mechanical rejuvenation, what does it do, why does it become ductile, why does it become brittle again and what is this called? Draw the tensile deformation curve of PS at the beginning and after some time.&lt;br /&gt;
# Phasediagram for a partially miscible polymer blend (chapter 7 slide 37). You have a polymer blend with 33% of B, what does it mean when it is in the miscible region, metastable region and unstable region? Extra question: What does metastable mean and why is it there?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
small questions Goderis (schriftelijk)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# Give 3 examples of natural polymers&lt;br /&gt;
# What is a steam cracker doing&lt;br /&gt;
# How do you define Newtonian liquids&lt;br /&gt;
# Which element permits describing the stress relaxation behavior of viscoelastic materials: a Maxwell element or a Kelvin-Voigt element? Explain why.&lt;br /&gt;
# AMorphous polymers display a rubber plateau in a graph of the modulus as a function of temperature. What is the molecular requirement to have a rubber plateau?&lt;br /&gt;
# Which of the following polymers has the highest and the lowest Tg? A) HDPE, B) PP or C) PVC? Explain why. (structures given)&lt;br /&gt;
# Which processing technique(s) would you recommend to produce thin multi-layer foils for packaging purposes?&lt;br /&gt;
# Why is the zero shear rate viscosity of long chain polymers increasing with Mn according to Mn^3,4?&lt;br /&gt;
# What is an ionomer?&lt;br /&gt;
# What is the origin of shish-kebab structures in the context of polymer crystallization? Make a sketch of the structure.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
questions Koeckelbergs&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# What is the difference between chain-growth and step-growth? Does is affect mass?&lt;br /&gt;
# Explain stereospecificity. Give for 2 different types a polymerization method that leads to that particular type.&lt;br /&gt;
# Define Mn, Mw and how can you measure these?&lt;br /&gt;
# In which way can the following vinyl monomers be polymerized? Explain why (not)? Butadiene and 4-vinylphenol (structures given)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 januari 2025===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
big questions Goderis (mondeling)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# hoe werken de twee mechanismen van plastische vervorming en hoe meet je ze experimenteel. ook vragen over PS, HIPS, salami stuctuur.&lt;br /&gt;
# wat zijn compatibalisers, waarom gebruik je ze en hoe breng je ze in een polymeer&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
small questions Goderis (schriftelijk)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# shish kebab structuur tekenen en uitleggen&lt;br /&gt;
# waarom gebruik je nylon niet als screws?&lt;br /&gt;
# true vs engineering stress en strain&lt;br /&gt;
# elastic inversion wat is het&lt;br /&gt;
# ldpe blow film&lt;br /&gt;
# wat is het percentage petroleum van alle fossiele brandstoffen die we gebruiken&lt;br /&gt;
# waarom neem viscositeti toe met Mw tot de macht 3.4&lt;br /&gt;
# couette cell tekenen en wat uitleg geven&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
questions koeckelbergs&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# step chain en chain growth uitleggen&lt;br /&gt;
# verschillende polymeren waaronder isobutylenen en methacrylaten hoe polymeriseren en waarom&lt;br /&gt;
# hoe maak je de verschillende tacticiteiten van polymeren en waarom werkt dat&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 januari 2025===&lt;br /&gt;
big questions goderis (mondeling)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# give the different types of polyethylene and how do you make them? there was also a graph given and u needed to point for each polyethylene a graph (graph is in the cursus)&lt;br /&gt;
# how can you predict necking? what happens after mechanical rejuvenation and a deep notch?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
questions koeckelberghs (mondeling)&lt;br /&gt;
# give the relation between MM and step-growth polymerization + formules&lt;br /&gt;
# explain cationic polymerization, how can you make it a living polymerization? &lt;br /&gt;
# exercises like in the cursus&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===25 Januari 2024 (NM)===&lt;br /&gt;
big questions Goderis (mondeling)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# Explain the gel spinning process for Dyneema fibers. Why are they so strong? (How to determine the strength? -&amp;gt; graph)&lt;br /&gt;
# Does atactic polystyrene crystallize? Why (not)? How will the Tg change when: MM is increased, adding crosslinks, adding plasticizer. When butadiene is copolymerized with styrene, will the Tg change? (Give the formula of the Tg of a miscible mixture.)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
small questions Goderis (schriftelijk)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# Properties vs performance.&lt;br /&gt;
# Microplastics?&lt;br /&gt;
# Flash?&lt;br /&gt;
# Draw a Couette cell.&lt;br /&gt;
# Co-extrusion?&lt;br /&gt;
# Maxwell element vs Kelvin-Voigt element: which one is used for stress relaxation experiments? Why?&lt;br /&gt;
# Ionomers?&lt;br /&gt;
# Conformation of crystalline PE.&lt;br /&gt;
# Why does η0 change with MM^3,4?&lt;br /&gt;
# Draw the microstructure of LDPE.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
questions Koeckelberghs (mondeling)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# Compare chain growth polymerization with step growth polymerization. How does the molar mass change during these reactions?&lt;br /&gt;
# Give the formula to calculate the dispersity of a living polymer with the MM. Draw a graph of the polymerization reaction for living polymers.&lt;br /&gt;
# Vinyl acetate and ethacrylic acid -&amp;gt; radical/anionic/cationic? Why?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===16 Januari 2024===&lt;br /&gt;
big questions Goderis (mondeling)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# states of aggregation and effect of molecular weight&lt;br /&gt;
# 3 ways of making thermoplastic elastomers (non-permanent crosslinks)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
small questions Goderis (schriftelijk)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# plastic vs polymer&lt;br /&gt;
# naphta&lt;br /&gt;
# is LDPE of LLDPE copolymer&lt;br /&gt;
# spinneret&lt;br /&gt;
# blown film process&lt;br /&gt;
# hoe is de conformatie van kristallijn polyethyleen&lt;br /&gt;
# Poiseuille flow&lt;br /&gt;
# iets over viscositeit&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
questions Koeckelberghs (mondeling)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#twee vinyl hoe te polymeriseren&lt;br /&gt;
#wat is steoregulariteit heef twee types en heeft elke type een soort van polermerisatie da je die stereo krijgt &lt;br /&gt;
#chain and step en MM&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===12 Januari 2024===&lt;br /&gt;
big question Goderis (mondeling) &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#  polymer melt index(viscosity depends on what? (mm, temperature, shear rate(newton’s law: are polymers newtonian liquid, shear thinning behaviour?     -&amp;gt; also look at H7 slide 73&lt;br /&gt;
#  crystallization graph of 4 polymers (with Tg and Tm)  and graph with specific volume something (H7 slide 43!!)-&amp;gt; looks like amorphous polymer graph but it isnt!! -&amp;gt; talk about PE conformations (HDPE LDPE LLDPE). (temperature dependance of free volume is also related to one of these questions (H6))&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
small question Goderis&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# macromolecule vs polymer &lt;br /&gt;
# thermo elastic inversion effect for rubbers(H7 slide 71)&lt;br /&gt;
# True of false: shrinking foil is high polydispersity needed?&lt;br /&gt;
# steam cracking? &lt;br /&gt;
# why not use nylon screw? (we did it in the exercise) (strain reduces faster)&lt;br /&gt;
# die swelling&lt;br /&gt;
# which process for plastic bottles(extrusion blow molding and injection blow molding)&lt;br /&gt;
# zero shear rate viscosity increases with mw^3.4 why (H7) &lt;br /&gt;
# how to find toughness with tensile experiment (H6)&lt;br /&gt;
# dont remember &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Guy (mondeling) &lt;br /&gt;
#  Mw and Mn -&amp;gt; how to measure &lt;br /&gt;
#  anionic living  polymerization (counterion, stability, solvent)   -&amp;gt; under which conditions: ex no O2/C02 -&amp;gt; peroxide forming…&lt;br /&gt;
#  dibuteen and 4-Vinylphenol how to polymerize, stabilisatie en compatibele zijgroepen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===24 Januari 2023===&lt;br /&gt;
#Welke polymerisatie ondergaat wel/niet onderstaande molecule (10 punten)? &lt;br /&gt;
#Begrippen (10 punten)&lt;br /&gt;
#*Mz adhv molecular weight + welke eenheid heeft eindresultaat definitie&lt;br /&gt;
#*Hoe ziet operating point van een injection er uit? Maak een schets/tekening. &lt;br /&gt;
#*Staudinger Hypothese&lt;br /&gt;
#UHMWPE (Tabel met gegevens gegeven; 10 punten)&lt;br /&gt;
#*Wat is UHMWPE en wat is er speciaal aan?&lt;br /&gt;
#*Is deze in coiled vorm? Ja/neen + leg uit waarom.&lt;br /&gt;
#*Welke waarden in tabel hebben invloed/zeggen iets over volume van coiled vorm?&lt;br /&gt;
#*Leid een formule af voor afhankelijkheid van Mw bij weight density van coiled vorm.&lt;br /&gt;
#*Reken uit&lt;br /&gt;
#Rubberen bal (ideaal rubber bij Rubbery plateau; 10 punten):&lt;br /&gt;
#* Schets storage modulus en loss modulus tussen -50°C - 50°C met Tg = -19°C&lt;br /&gt;
#*Leg de schets uit&lt;br /&gt;
#*Bal wordt om de zoveel tijd losgelaten vanaf 1m hoog. Schets grafiek (h/T) en waarom heb je die zo geschetst?&lt;br /&gt;
#*Hebben &amp;quot;*&amp;quot; 2 en 3 iets met elkaar te maken? Zo ja/neen? Waarom?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===29 Augustus 2022===&lt;br /&gt;
#Polystyrene&lt;br /&gt;
#FJC-model&lt;br /&gt;
#Begrippen&lt;br /&gt;
#*Staudinger Hypothese&lt;br /&gt;
#*Mz&lt;br /&gt;
#*Performance VS Property&lt;br /&gt;
#Rectangular rubber loaded with mass. T lowers from 50°C to -50°C&lt;br /&gt;
#* (zie vraag jan &#039;22)&lt;br /&gt;
===25 januari 2022===&lt;br /&gt;
#In which ways can Methyl vinyl ether be polymerised?&lt;br /&gt;
#What is the freely jointed chain model + make a drawing indicating the relevant parameters. Give a basic expression for R, give a precise expression for the contour length L. Derive an expression for &amp;lt;R.R&amp;gt; and discuss for each step what you did. &lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* - What is Newtonian viscosity and how can it be determined from the shear rate dependent viscosity? - Illustrate the dependence of the Newtonian viscosity on the molar mass, what are the molecular reasons for this?&lt;br /&gt;
#*- What is a thermoplastic elastomer? - How is it made out of block copolymers?	&lt;br /&gt;
#* Give the Staudinger hypothesis.&lt;br /&gt;
# Rectangular rubber loaded with mass. T lowers from 50°C to -50°C (tabel gegeven met veel gegevens) (oefening analoog aan set 5 over rubbers, oefening 2)&lt;br /&gt;
#* What is an ideal rubber?&lt;br /&gt;
#* Calculate length of the rubber at 50 °C (gewoon extension ratio berekenen, alle gegevens voor de formule zijn gegeven)&lt;br /&gt;
#* Make a plot L(T) from - 50 °C to 50 °C and indicate length from previous exercise (dezelfde vgl oplossen maar dan voor andere temperaturen en je bekomt een dalende rechte vanaf glastransitietemperatuur want vanaf daar is de formule geldig)&lt;br /&gt;
#* Explain this behaviour (elasticiteit en entropie)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===9 januari 2021===&lt;br /&gt;
#In which ways can acrylonitrile be polymerized? &lt;br /&gt;
#What is the freely jointed chain model + make a drawing indicating the relevant parameters. Give a basic expression for R, give a precise expression for the contour length L. Derive an expression for &amp;lt;R.R&amp;gt; and discuss for each step what you did. &lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* Give the definition for Mz, starting from the molecular moments. Discuss each variable and give the units. &lt;br /&gt;
#* What is the operating in injection moulding + make a drawing. &lt;br /&gt;
#* PE is made by free radical polymerization (Mw = 50 kg/mole, D = Mw/Mn = 3.2), can we make super strong PE fibers from this? Explain&lt;br /&gt;
#* State the Staudinger hypothesis. &lt;br /&gt;
#A cylindrical nylon fiber is used to suspend a 10 kg rotor in a centrifuge experiment. At T = 60°C, L0 = 20 cm and after 50 minutes, L = 20.0045 cm. &lt;br /&gt;
#* What mechanical analogue would you use to describe the centrifuge experiment?&lt;br /&gt;
#* Calculate stress and strain at T = 60°C and after 50 minutes. &lt;br /&gt;
#* Determine Rs, the radius of the nylon fiber. &lt;br /&gt;
#* Determine the elongation of the fiber at T = -10°C and after 24 hours.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===22 januari 2020===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#Vraag 1: Pagina 1 van voorbeeld examenvragen&lt;br /&gt;
#Vraag 2 (mondeling): Rechthoekig rubber wordt beladen met een massa. T daalt van +50°C tot -50°c met 1°C/min en er is nog een tabel met een heel aantal gegevens beschikbaar. &lt;br /&gt;
#* Bereken de lengte van het rubber bij 50°C (gewoon extension ratio berekenen, alle gegevens voor de formule zijn gegeven)&lt;br /&gt;
#* Maak een plot van lengte ifv temperatuur en neem je bekomen lengte uit bovenstaande vraag mee (dezelfde vgl oplossen maar dan voor andere temperaturen en je bekomt een dalende rechte vanaf glastransitietemperatuur want vanaf daar is de formule geldig)&lt;br /&gt;
#* Verklaar je observatie (elasticiteit is door entropie bepaald, geef analogie met veerconstante) &lt;br /&gt;
#Gesloten boek: Pagina 2 van voorbeeld examenvragen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===13 januari 2020===&lt;br /&gt;
#Vraag 1 van voorbeeldexamen (open boek)&lt;br /&gt;
#Vraag met grafiek Young&#039;s modulus van voorbeeldexamen (open boek, mondeling)&lt;br /&gt;
#Verschil copolymerisatie Ziegler-Natta vs metalloceen van voorbeeldexamen (gesloten boek)&lt;br /&gt;
#Formule kracht elasticiteit, entropieveer van pagina 4 voorbeeldexamen (gesloten boek) &lt;br /&gt;
#Tabel met info UHMWPE. Waarvoor staat UHMWPE? Wat is er typisch aan deze graad? Afleiden densiteit van coiled coil, welke assumpties maak je bij deze afleiding? Uitrekenen densiteit. Is (een specifieke naam van polymeer) PE in de coiled coil conformatie? &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 januari 2019===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#vraag 1: pagina 1 van voorbeeld examenvragen&lt;br /&gt;
#vraag 2 (mondeling): Rechthoekig rubber wordt beladen met een massa. T daalt van +50°C tot -50°c met 1°C/min en er is nog een tabel met een heel aantal gegevens beschikbaar. &lt;br /&gt;
#* Bereken de lengte van het rubber bij 50°C (gewoon extension ratio berekenen, alle gegevens voor de formule zijn gegeven)&lt;br /&gt;
#* Maak een plot van lengte ifv temperatuur en neem je bekomen lengte uit bovenstaande vraag mee (dezelfde vgl oplossen maar dan voor andere temperaturen en je bekomt een dalende rechte vanaf glastransitietemperatuur want vanaf daar is de formule geldig)&lt;br /&gt;
#* Verklaar je observatie (elasticiteit is door entropie bepaald, geef analogie met veerconstante) &lt;br /&gt;
#Gesloten boek: pagina 2 van voorbeeld examenvragen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===16 januari 2018===&lt;br /&gt;
#Hoe polymeriseert methylvinylether? (open boek)&lt;br /&gt;
#Oefening elongatie nylon 66 vezel in centrifuge experiment (open boek, mondeling)&lt;br /&gt;
#*welke verband tussen stress en strain&lt;br /&gt;
#*Bereken stress en strain&lt;br /&gt;
#*Bereken diameter draad&lt;br /&gt;
#*Uitrekken bij andere T (onder Tg)&lt;br /&gt;
#Vanalles over newtioniaanse viscositeit (def., te zien in shear thinning, verband met molaire massa)&lt;br /&gt;
#Wat zijn thermoplastische elastomeren&lt;br /&gt;
#Experiment met stelling (van voorbeeld examen blijkbaar)&lt;br /&gt;
#*Klopt stelling&lt;br /&gt;
#*Bewijs je redenering &lt;br /&gt;
#*Geef alle variabelen en hun eenheden gebruikt in bewijs&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===15 januari 2018===&lt;br /&gt;
#Polymerisatie van acrylonitril (radicaal, kationisch, anionisch) (open boek)&lt;br /&gt;
#Oefening van rubber (analoog aan laatste (set 5, ex 2) oefeningen, rubber wordt uitgerokken door een kracht, dit wordt gevolg bij temperaturen van 50 °C tot -50 °C, bespreek plot) (open boek, mondeling)&lt;br /&gt;
#Leg het verschil uit tussen&lt;br /&gt;
#*Performance &amp;amp; property&lt;br /&gt;
#*Entanglements &amp;amp; cross-links&lt;br /&gt;
#Extruder&lt;br /&gt;
#*Geef vergelijk volumetrische flow&lt;br /&gt;
#*Leg alle symbolen uit en geef de eenheden&lt;br /&gt;
#*Een mould wordt aan een extruder gezet voor een rod-shaped object te maken,teken dit, geef werkings punt (Qextr=Qdie)&lt;/div&gt;</summary>
		<author><name>R0998693</name></author>
	</entry>
	<entry>
		<id>https://wiki.chemika.be/index.php?title=Polymer_Materials&amp;diff=4850</id>
		<title>Polymer Materials</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.chemika.be/index.php?title=Polymer_Materials&amp;diff=4850"/>
		<updated>2026-01-10T23:26:53Z</updated>

		<summary type="html">&lt;p&gt;R0998693: /* 9 januari 2026 */&lt;/p&gt;
&lt;hr /&gt;
&lt;div&gt;[[Categorie:Bachelor Chemie]]&lt;br /&gt;
[[Categorie:Bachelor Biochemie]]&lt;br /&gt;
==Vakinformatie==&lt;br /&gt;
Het vak werd vroeger gegeven door Prof. Erik Nies, maar wordt vanaf 2023-2024 gegeven door Bart Goderis en Guy Koeckelberghs. Het examen van Koeckelberghs is mondeling en het examen van Goderis is deels schriftelijk, deels mondeling. De cursus is ook veranderd in 2023-2024 waardoor sommige examenvragen van daarvoor mogelijks niet meer relevant zijn. De lessen van Prof. Koeckelberghs worden niet opgenomen. In 2024-2025 is de leerstof van Goderis weer deels veranderd.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen==&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===9 januari 2026===&lt;br /&gt;
Big questions Goderis&lt;br /&gt;
#How do you achieve stable necking (wil een hele uitleg over compression test, dat als ge strain hardening hebt de stress daarvan hoger moet liggen dan de yielding stress zodat die ervoor kiest om de nek langer te maken). What happens when you have a deep notch (figures are given)&lt;br /&gt;
#Formula of free energy for misscibility given, explain each term + explain for UCTS&lt;br /&gt;
Small questions Goderis&lt;br /&gt;
#Figures for a creep test given, how is it described Maxwell or Kevin voight&lt;br /&gt;
#What is OEM&lt;br /&gt;
#3 reasons why you add compatibilizers&lt;br /&gt;
#How is the pressure obtained in injection molding&lt;br /&gt;
#What is the largest reason for decrease in viscosity with increasing temperatures&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Questions Koeckelberghs&lt;br /&gt;
#How do you obtain cationic polymerization?&lt;br /&gt;
#Controlled polymerization with TEMPO&lt;br /&gt;
#Explain using the structure of vinyl why it is used for polymerization (+ voorbeeld voor elke soort)&lt;br /&gt;
#Butadiene and another molecule given which polymerizations take place and which not and why (structuren tekenen)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===9 januari 2026 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
big questions Goderis (mondeling)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# PS has brittle behaviour, why? Mechanical rejuvination can make it ductile, but after some time it becomes brittle again. What is mechanical rejuvenation, what does it do, why does it become ductile, why does it become brittle again and what is this called? Draw the tensile deformation curve of PS at the beginning and after some time.&lt;br /&gt;
# Phasediagram for a partially miscible polymer blend (chapter 7 slide 37). You have a polymer blend with 33% of B, what does it mean when it is in the miscible region, metastable region and unstable region? Extra question: What does metastable mean and why is it there?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
small questions Goderis (schriftelijk)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# Give 3 examples of natural polymers&lt;br /&gt;
# What is a steam cracker doing&lt;br /&gt;
# How do you define Newtonian liquids&lt;br /&gt;
# Which element permits describing the stress relaxation behavior of viscoelastic materials: a Maxwell element or a Kelvin-Voigt element? Explain why.&lt;br /&gt;
# AMorphous polymers display a rubber plateau in a graph of the modulus as a function of temperature. What is the molecular requirement to have a rubber plateau?&lt;br /&gt;
# Which of the following polymers has the highest and the lowest Tg? A) HDPE, B) PP or C) PVC? Explain why. (structures given)&lt;br /&gt;
# Which processing technique(s) would you recommend to produce thin multi-layer foils for packaging purposes?&lt;br /&gt;
# Why is the zero shear rate viscosity of long chain polymers increasing with Mn according to Mn^3,4?&lt;br /&gt;
# What is an ionomer?&lt;br /&gt;
# What is the origin of shish-kebab structures in the context of polymer crystallization? Make a sketch of the structure.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
questions Koeckelbergs&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# What is the difference between chain-growth and step-growth? Does is affect mass?&lt;br /&gt;
# Explain stereospecificity. Give for 2 different types a polymerization method that leads to that particular type.&lt;br /&gt;
# Define Mn, Mw and how can you measure these?&lt;br /&gt;
# In which way can the following vinyl monomers be polymerized? Explain why (not)? Butadiene and 4-vinylphenol (structures given)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 januari 2025===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
big questions Goderis (mondeling)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# hoe werken de twee mechanismen van plastische vervorming en hoe meet je ze experimenteel. ook vragen over PS, HIPS, salami stuctuur.&lt;br /&gt;
# wat zijn compatibalisers, waarom gebruik je ze en hoe breng je ze in een polymeer&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
small questions Goderis (schriftelijk)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# shish kebab structuur tekenen en uitleggen&lt;br /&gt;
# waarom gebruik je nylon niet als screws?&lt;br /&gt;
# true vs engineering stress en strain&lt;br /&gt;
# elastic inversion wat is het&lt;br /&gt;
# ldpe blow film&lt;br /&gt;
# wat is het percentage petroleum van alle fossiele brandstoffen die we gebruiken&lt;br /&gt;
# waarom neem viscositeti toe met Mw tot de macht 3.4&lt;br /&gt;
# couette cell tekenen en wat uitleg geven&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
questions koeckelbergs&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# step chain en chain growth uitleggen&lt;br /&gt;
# verschillende polymeren waaronder isobutylenen en methacrylaten hoe polymeriseren en waarom&lt;br /&gt;
# hoe maak je de verschillende tacticiteiten van polymeren en waarom werkt dat&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 januari 2025===&lt;br /&gt;
big questions goderis (mondeling)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# give the different types of polyethylene and how do you make them? there was also a graph given and u needed to point for each polyethylene a graph (graph is in the cursus)&lt;br /&gt;
# how can you predict necking? what happens after mechanical rejuvenation and a deep notch?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
questions koeckelberghs (mondeling)&lt;br /&gt;
# give the relation between MM and step-growth polymerization + formules&lt;br /&gt;
# explain cationic polymerization, how can you make it a living polymerization? &lt;br /&gt;
# exercises like in the cursus&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===25 Januari 2024 (NM)===&lt;br /&gt;
big questions Goderis (mondeling)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# Explain the gel spinning process for Dyneema fibers. Why are they so strong? (How to determine the strength? -&amp;gt; graph)&lt;br /&gt;
# Does atactic polystyrene crystallize? Why (not)? How will the Tg change when: MM is increased, adding crosslinks, adding plasticizer. When butadiene is copolymerized with styrene, will the Tg change? (Give the formula of the Tg of a miscible mixture.)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
small questions Goderis (schriftelijk)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# Properties vs performance.&lt;br /&gt;
# Microplastics?&lt;br /&gt;
# Flash?&lt;br /&gt;
# Draw a Couette cell.&lt;br /&gt;
# Co-extrusion?&lt;br /&gt;
# Maxwell element vs Kelvin-Voigt element: which one is used for stress relaxation experiments? Why?&lt;br /&gt;
# Ionomers?&lt;br /&gt;
# Conformation of crystalline PE.&lt;br /&gt;
# Why does η0 change with MM^3,4?&lt;br /&gt;
# Draw the microstructure of LDPE.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
questions Koeckelberghs (mondeling)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# Compare chain growth polymerization with step growth polymerization. How does the molar mass change during these reactions?&lt;br /&gt;
# Give the formula to calculate the dispersity of a living polymer with the MM. Draw a graph of the polymerization reaction for living polymers.&lt;br /&gt;
# Vinyl acetate and ethacrylic acid -&amp;gt; radical/anionic/cationic? Why?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===16 Januari 2024===&lt;br /&gt;
big questions Goderis (mondeling)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# states of aggregation and effect of molecular weight&lt;br /&gt;
# 3 ways of making thermoplastic elastomers (non-permanent crosslinks)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
small questions Goderis (schriftelijk)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# plastic vs polymer&lt;br /&gt;
# naphta&lt;br /&gt;
# is LDPE of LLDPE copolymer&lt;br /&gt;
# spinneret&lt;br /&gt;
# blown film process&lt;br /&gt;
# hoe is de conformatie van kristallijn polyethyleen&lt;br /&gt;
# Poiseuille flow&lt;br /&gt;
# iets over viscositeit&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
questions Koeckelberghs (mondeling)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#twee vinyl hoe te polymeriseren&lt;br /&gt;
#wat is steoregulariteit heef twee types en heeft elke type een soort van polermerisatie da je die stereo krijgt &lt;br /&gt;
#chain and step en MM&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===12 Januari 2024===&lt;br /&gt;
big question Goderis (mondeling) &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#  polymer melt index(viscosity depends on what? (mm, temperature, shear rate(newton’s law: are polymers newtonian liquid, shear thinning behaviour?     -&amp;gt; also look at H7 slide 73&lt;br /&gt;
#  crystallization graph of 4 polymers (with Tg and Tm)  and graph with specific volume something (H7 slide 43!!)-&amp;gt; looks like amorphous polymer graph but it isnt!! -&amp;gt; talk about PE conformations (HDPE LDPE LLDPE). (temperature dependance of free volume is also related to one of these questions (H6))&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
small question Goderis&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# macromolecule vs polymer &lt;br /&gt;
# thermo elastic inversion effect for rubbers(H7 slide 71)&lt;br /&gt;
# True of false: shrinking foil is high polydispersity needed?&lt;br /&gt;
# steam cracking? &lt;br /&gt;
# why not use nylon screw? (we did it in the exercise) (strain reduces faster)&lt;br /&gt;
# die swelling&lt;br /&gt;
# which process for plastic bottles(extrusion blow molding and injection blow molding)&lt;br /&gt;
# zero shear rate viscosity increases with mw^3.4 why (H7) &lt;br /&gt;
# how to find toughness with tensile experiment (H6)&lt;br /&gt;
# dont remember &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Guy (mondeling) &lt;br /&gt;
#  Mw and Mn -&amp;gt; how to measure &lt;br /&gt;
#  anionic living  polymerization (counterion, stability, solvent)   -&amp;gt; under which conditions: ex no O2/C02 -&amp;gt; peroxide forming…&lt;br /&gt;
#  dibuteen and 4-Vinylphenol how to polymerize, stabilisatie en compatibele zijgroepen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===24 Januari 2023===&lt;br /&gt;
#Welke polymerisatie ondergaat wel/niet onderstaande molecule (10 punten)? &lt;br /&gt;
#Begrippen (10 punten)&lt;br /&gt;
#*Mz adhv molecular weight + welke eenheid heeft eindresultaat definitie&lt;br /&gt;
#*Hoe ziet operating point van een injection er uit? Maak een schets/tekening. &lt;br /&gt;
#*Staudinger Hypothese&lt;br /&gt;
#UHMWPE (Tabel met gegevens gegeven; 10 punten)&lt;br /&gt;
#*Wat is UHMWPE en wat is er speciaal aan?&lt;br /&gt;
#*Is deze in coiled vorm? Ja/neen + leg uit waarom.&lt;br /&gt;
#*Welke waarden in tabel hebben invloed/zeggen iets over volume van coiled vorm?&lt;br /&gt;
#*Leid een formule af voor afhankelijkheid van Mw bij weight density van coiled vorm.&lt;br /&gt;
#*Reken uit&lt;br /&gt;
#Rubberen bal (ideaal rubber bij Rubbery plateau; 10 punten):&lt;br /&gt;
#* Schets storage modulus en loss modulus tussen -50°C - 50°C met Tg = -19°C&lt;br /&gt;
#*Leg de schets uit&lt;br /&gt;
#*Bal wordt om de zoveel tijd losgelaten vanaf 1m hoog. Schets grafiek (h/T) en waarom heb je die zo geschetst?&lt;br /&gt;
#*Hebben &amp;quot;*&amp;quot; 2 en 3 iets met elkaar te maken? Zo ja/neen? Waarom?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===29 Augustus 2022===&lt;br /&gt;
#Polystyrene&lt;br /&gt;
#FJC-model&lt;br /&gt;
#Begrippen&lt;br /&gt;
#*Staudinger Hypothese&lt;br /&gt;
#*Mz&lt;br /&gt;
#*Performance VS Property&lt;br /&gt;
#Rectangular rubber loaded with mass. T lowers from 50°C to -50°C&lt;br /&gt;
#* (zie vraag jan &#039;22)&lt;br /&gt;
===25 januari 2022===&lt;br /&gt;
#In which ways can Methyl vinyl ether be polymerised?&lt;br /&gt;
#What is the freely jointed chain model + make a drawing indicating the relevant parameters. Give a basic expression for R, give a precise expression for the contour length L. Derive an expression for &amp;lt;R.R&amp;gt; and discuss for each step what you did. &lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* - What is Newtonian viscosity and how can it be determined from the shear rate dependent viscosity? - Illustrate the dependence of the Newtonian viscosity on the molar mass, what are the molecular reasons for this?&lt;br /&gt;
#*- What is a thermoplastic elastomer? - How is it made out of block copolymers?	&lt;br /&gt;
#* Give the Staudinger hypothesis.&lt;br /&gt;
# Rectangular rubber loaded with mass. T lowers from 50°C to -50°C (tabel gegeven met veel gegevens) (oefening analoog aan set 5 over rubbers, oefening 2)&lt;br /&gt;
#* What is an ideal rubber?&lt;br /&gt;
#* Calculate length of the rubber at 50 °C (gewoon extension ratio berekenen, alle gegevens voor de formule zijn gegeven)&lt;br /&gt;
#* Make a plot L(T) from - 50 °C to 50 °C and indicate length from previous exercise (dezelfde vgl oplossen maar dan voor andere temperaturen en je bekomt een dalende rechte vanaf glastransitietemperatuur want vanaf daar is de formule geldig)&lt;br /&gt;
#* Explain this behaviour (elasticiteit en entropie)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===9 januari 2021===&lt;br /&gt;
#In which ways can acrylonitrile be polymerized? &lt;br /&gt;
#What is the freely jointed chain model + make a drawing indicating the relevant parameters. Give a basic expression for R, give a precise expression for the contour length L. Derive an expression for &amp;lt;R.R&amp;gt; and discuss for each step what you did. &lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* Give the definition for Mz, starting from the molecular moments. Discuss each variable and give the units. &lt;br /&gt;
#* What is the operating in injection moulding + make a drawing. &lt;br /&gt;
#* PE is made by free radical polymerization (Mw = 50 kg/mole, D = Mw/Mn = 3.2), can we make super strong PE fibers from this? Explain&lt;br /&gt;
#* State the Staudinger hypothesis. &lt;br /&gt;
#A cylindrical nylon fiber is used to suspend a 10 kg rotor in a centrifuge experiment. At T = 60°C, L0 = 20 cm and after 50 minutes, L = 20.0045 cm. &lt;br /&gt;
#* What mechanical analogue would you use to describe the centrifuge experiment?&lt;br /&gt;
#* Calculate stress and strain at T = 60°C and after 50 minutes. &lt;br /&gt;
#* Determine Rs, the radius of the nylon fiber. &lt;br /&gt;
#* Determine the elongation of the fiber at T = -10°C and after 24 hours.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===22 januari 2020===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#Vraag 1: Pagina 1 van voorbeeld examenvragen&lt;br /&gt;
#Vraag 2 (mondeling): Rechthoekig rubber wordt beladen met een massa. T daalt van +50°C tot -50°c met 1°C/min en er is nog een tabel met een heel aantal gegevens beschikbaar. &lt;br /&gt;
#* Bereken de lengte van het rubber bij 50°C (gewoon extension ratio berekenen, alle gegevens voor de formule zijn gegeven)&lt;br /&gt;
#* Maak een plot van lengte ifv temperatuur en neem je bekomen lengte uit bovenstaande vraag mee (dezelfde vgl oplossen maar dan voor andere temperaturen en je bekomt een dalende rechte vanaf glastransitietemperatuur want vanaf daar is de formule geldig)&lt;br /&gt;
#* Verklaar je observatie (elasticiteit is door entropie bepaald, geef analogie met veerconstante) &lt;br /&gt;
#Gesloten boek: Pagina 2 van voorbeeld examenvragen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===13 januari 2020===&lt;br /&gt;
#Vraag 1 van voorbeeldexamen (open boek)&lt;br /&gt;
#Vraag met grafiek Young&#039;s modulus van voorbeeldexamen (open boek, mondeling)&lt;br /&gt;
#Verschil copolymerisatie Ziegler-Natta vs metalloceen van voorbeeldexamen (gesloten boek)&lt;br /&gt;
#Formule kracht elasticiteit, entropieveer van pagina 4 voorbeeldexamen (gesloten boek) &lt;br /&gt;
#Tabel met info UHMWPE. Waarvoor staat UHMWPE? Wat is er typisch aan deze graad? Afleiden densiteit van coiled coil, welke assumpties maak je bij deze afleiding? Uitrekenen densiteit. Is (een specifieke naam van polymeer) PE in de coiled coil conformatie? &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 januari 2019===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#vraag 1: pagina 1 van voorbeeld examenvragen&lt;br /&gt;
#vraag 2 (mondeling): Rechthoekig rubber wordt beladen met een massa. T daalt van +50°C tot -50°c met 1°C/min en er is nog een tabel met een heel aantal gegevens beschikbaar. &lt;br /&gt;
#* Bereken de lengte van het rubber bij 50°C (gewoon extension ratio berekenen, alle gegevens voor de formule zijn gegeven)&lt;br /&gt;
#* Maak een plot van lengte ifv temperatuur en neem je bekomen lengte uit bovenstaande vraag mee (dezelfde vgl oplossen maar dan voor andere temperaturen en je bekomt een dalende rechte vanaf glastransitietemperatuur want vanaf daar is de formule geldig)&lt;br /&gt;
#* Verklaar je observatie (elasticiteit is door entropie bepaald, geef analogie met veerconstante) &lt;br /&gt;
#Gesloten boek: pagina 2 van voorbeeld examenvragen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===16 januari 2018===&lt;br /&gt;
#Hoe polymeriseert methylvinylether? (open boek)&lt;br /&gt;
#Oefening elongatie nylon 66 vezel in centrifuge experiment (open boek, mondeling)&lt;br /&gt;
#*welke verband tussen stress en strain&lt;br /&gt;
#*Bereken stress en strain&lt;br /&gt;
#*Bereken diameter draad&lt;br /&gt;
#*Uitrekken bij andere T (onder Tg)&lt;br /&gt;
#Vanalles over newtioniaanse viscositeit (def., te zien in shear thinning, verband met molaire massa)&lt;br /&gt;
#Wat zijn thermoplastische elastomeren&lt;br /&gt;
#Experiment met stelling (van voorbeeld examen blijkbaar)&lt;br /&gt;
#*Klopt stelling&lt;br /&gt;
#*Bewijs je redenering &lt;br /&gt;
#*Geef alle variabelen en hun eenheden gebruikt in bewijs&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===15 januari 2018===&lt;br /&gt;
#Polymerisatie van acrylonitril (radicaal, kationisch, anionisch) (open boek)&lt;br /&gt;
#Oefening van rubber (analoog aan laatste (set 5, ex 2) oefeningen, rubber wordt uitgerokken door een kracht, dit wordt gevolg bij temperaturen van 50 °C tot -50 °C, bespreek plot) (open boek, mondeling)&lt;br /&gt;
#Leg het verschil uit tussen&lt;br /&gt;
#*Performance &amp;amp; property&lt;br /&gt;
#*Entanglements &amp;amp; cross-links&lt;br /&gt;
#Extruder&lt;br /&gt;
#*Geef vergelijk volumetrische flow&lt;br /&gt;
#*Leg alle symbolen uit en geef de eenheden&lt;br /&gt;
#*Een mould wordt aan een extruder gezet voor een rod-shaped object te maken,teken dit, geef werkings punt (Qextr=Qdie)&lt;/div&gt;</summary>
		<author><name>R0998693</name></author>
	</entry>
	<entry>
		<id>https://wiki.chemika.be/index.php?title=Polymer_Materials&amp;diff=4849</id>
		<title>Polymer Materials</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.chemika.be/index.php?title=Polymer_Materials&amp;diff=4849"/>
		<updated>2026-01-10T23:26:29Z</updated>

		<summary type="html">&lt;p&gt;R0998693: /* 9 januari 2026 (Voormiddag)*/&lt;/p&gt;
&lt;hr /&gt;
&lt;div&gt;[[Categorie:Bachelor Chemie]]&lt;br /&gt;
[[Categorie:Bachelor Biochemie]]&lt;br /&gt;
==Vakinformatie==&lt;br /&gt;
Het vak werd vroeger gegeven door Prof. Erik Nies, maar wordt vanaf 2023-2024 gegeven door Bart Goderis en Guy Koeckelberghs. Het examen van Koeckelberghs is mondeling en het examen van Goderis is deels schriftelijk, deels mondeling. De cursus is ook veranderd in 2023-2024 waardoor sommige examenvragen van daarvoor mogelijks niet meer relevant zijn. De lessen van Prof. Koeckelberghs worden niet opgenomen. In 2024-2025 is de leerstof van Goderis weer deels veranderd.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen==&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===9 januari 2026===&lt;br /&gt;
Big questions Goderis&lt;br /&gt;
#How do you achieve stable necking (wil een hele uitleg over compression test, dat als ge strain hardening hebt de stress daarvan hoger moet liggen dan de yielding stress zodat die ervoor kiest om de nek langer te maken). What happens when you have a deep notch (figures are given)&lt;br /&gt;
#Formula of free energy for misscibility given, explain each term + explain for UCTS&lt;br /&gt;
Small questions Goderis&lt;br /&gt;
#Figures for a creep test given, how is it described Maxwell or Kevin voight&lt;br /&gt;
#What is OEM&lt;br /&gt;
#3 reasons why you add compatibilizers&lt;br /&gt;
#How is the pressure obtained in injection molding&lt;br /&gt;
#What is the largest reason for decrease in viscosity with increasing temperatures&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Questions Koeckelberghs&lt;br /&gt;
#How do you obtain cationic polymerization?&lt;br /&gt;
#Controlled polymerization with TEMPO&lt;br /&gt;
#Explain using the structure of vinyl why it is used for polymerization (+ voorbeeld voor elke soort)&lt;br /&gt;
#Butadiene and another molecule given which polymerizations take place and which not and why (structuren tekenen)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===9 januari 2026===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
big questions Goderis (mondeling)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# PS has brittle behaviour, why? Mechanical rejuvination can make it ductile, but after some time it becomes brittle again. What is mechanical rejuvenation, what does it do, why does it become ductile, why does it become brittle again and what is this called? Draw the tensile deformation curve of PS at the beginning and after some time.&lt;br /&gt;
# Phasediagram for a partially miscible polymer blend (chapter 7 slide 37). You have a polymer blend with 33% of B, what does it mean when it is in the miscible region, metastable region and unstable region? Extra question: What does metastable mean and why is it there?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
small questions Goderis (schriftelijk)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# Give 3 examples of natural polymers&lt;br /&gt;
# What is a steam cracker doing&lt;br /&gt;
# How do you define Newtonian liquids&lt;br /&gt;
# Which element permits describing the stress relaxation behavior of viscoelastic materials: a Maxwell element or a Kelvin-Voigt element? Explain why.&lt;br /&gt;
# AMorphous polymers display a rubber plateau in a graph of the modulus as a function of temperature. What is the molecular requirement to have a rubber plateau?&lt;br /&gt;
# Which of the following polymers has the highest and the lowest Tg? A) HDPE, B) PP or C) PVC? Explain why. (structures given)&lt;br /&gt;
# Which processing technique(s) would you recommend to produce thin multi-layer foils for packaging purposes?&lt;br /&gt;
# Why is the zero shear rate viscosity of long chain polymers increasing with Mn according to Mn^3,4?&lt;br /&gt;
# What is an ionomer?&lt;br /&gt;
# What is the origin of shish-kebab structures in the context of polymer crystallization? Make a sketch of the structure.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
questions Koeckelbergs&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# What is the difference between chain-growth and step-growth? Does is affect mass?&lt;br /&gt;
# Explain stereospecificity. Give for 2 different types a polymerization method that leads to that particular type.&lt;br /&gt;
# Define Mn, Mw and how can you measure these?&lt;br /&gt;
# In which way can the following vinyl monomers be polymerized? Explain why (not)? Butadiene and 4-vinylphenol (structures given)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 januari 2025===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
big questions Goderis (mondeling)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# hoe werken de twee mechanismen van plastische vervorming en hoe meet je ze experimenteel. ook vragen over PS, HIPS, salami stuctuur.&lt;br /&gt;
# wat zijn compatibalisers, waarom gebruik je ze en hoe breng je ze in een polymeer&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
small questions Goderis (schriftelijk)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# shish kebab structuur tekenen en uitleggen&lt;br /&gt;
# waarom gebruik je nylon niet als screws?&lt;br /&gt;
# true vs engineering stress en strain&lt;br /&gt;
# elastic inversion wat is het&lt;br /&gt;
# ldpe blow film&lt;br /&gt;
# wat is het percentage petroleum van alle fossiele brandstoffen die we gebruiken&lt;br /&gt;
# waarom neem viscositeti toe met Mw tot de macht 3.4&lt;br /&gt;
# couette cell tekenen en wat uitleg geven&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
questions koeckelbergs&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# step chain en chain growth uitleggen&lt;br /&gt;
# verschillende polymeren waaronder isobutylenen en methacrylaten hoe polymeriseren en waarom&lt;br /&gt;
# hoe maak je de verschillende tacticiteiten van polymeren en waarom werkt dat&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 januari 2025===&lt;br /&gt;
big questions goderis (mondeling)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# give the different types of polyethylene and how do you make them? there was also a graph given and u needed to point for each polyethylene a graph (graph is in the cursus)&lt;br /&gt;
# how can you predict necking? what happens after mechanical rejuvenation and a deep notch?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
questions koeckelberghs (mondeling)&lt;br /&gt;
# give the relation between MM and step-growth polymerization + formules&lt;br /&gt;
# explain cationic polymerization, how can you make it a living polymerization? &lt;br /&gt;
# exercises like in the cursus&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===25 Januari 2024 (NM)===&lt;br /&gt;
big questions Goderis (mondeling)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# Explain the gel spinning process for Dyneema fibers. Why are they so strong? (How to determine the strength? -&amp;gt; graph)&lt;br /&gt;
# Does atactic polystyrene crystallize? Why (not)? How will the Tg change when: MM is increased, adding crosslinks, adding plasticizer. When butadiene is copolymerized with styrene, will the Tg change? (Give the formula of the Tg of a miscible mixture.)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
small questions Goderis (schriftelijk)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# Properties vs performance.&lt;br /&gt;
# Microplastics?&lt;br /&gt;
# Flash?&lt;br /&gt;
# Draw a Couette cell.&lt;br /&gt;
# Co-extrusion?&lt;br /&gt;
# Maxwell element vs Kelvin-Voigt element: which one is used for stress relaxation experiments? Why?&lt;br /&gt;
# Ionomers?&lt;br /&gt;
# Conformation of crystalline PE.&lt;br /&gt;
# Why does η0 change with MM^3,4?&lt;br /&gt;
# Draw the microstructure of LDPE.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
questions Koeckelberghs (mondeling)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# Compare chain growth polymerization with step growth polymerization. How does the molar mass change during these reactions?&lt;br /&gt;
# Give the formula to calculate the dispersity of a living polymer with the MM. Draw a graph of the polymerization reaction for living polymers.&lt;br /&gt;
# Vinyl acetate and ethacrylic acid -&amp;gt; radical/anionic/cationic? Why?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===16 Januari 2024===&lt;br /&gt;
big questions Goderis (mondeling)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# states of aggregation and effect of molecular weight&lt;br /&gt;
# 3 ways of making thermoplastic elastomers (non-permanent crosslinks)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
small questions Goderis (schriftelijk)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# plastic vs polymer&lt;br /&gt;
# naphta&lt;br /&gt;
# is LDPE of LLDPE copolymer&lt;br /&gt;
# spinneret&lt;br /&gt;
# blown film process&lt;br /&gt;
# hoe is de conformatie van kristallijn polyethyleen&lt;br /&gt;
# Poiseuille flow&lt;br /&gt;
# iets over viscositeit&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
questions Koeckelberghs (mondeling)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#twee vinyl hoe te polymeriseren&lt;br /&gt;
#wat is steoregulariteit heef twee types en heeft elke type een soort van polermerisatie da je die stereo krijgt &lt;br /&gt;
#chain and step en MM&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===12 Januari 2024===&lt;br /&gt;
big question Goderis (mondeling) &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#  polymer melt index(viscosity depends on what? (mm, temperature, shear rate(newton’s law: are polymers newtonian liquid, shear thinning behaviour?     -&amp;gt; also look at H7 slide 73&lt;br /&gt;
#  crystallization graph of 4 polymers (with Tg and Tm)  and graph with specific volume something (H7 slide 43!!)-&amp;gt; looks like amorphous polymer graph but it isnt!! -&amp;gt; talk about PE conformations (HDPE LDPE LLDPE). (temperature dependance of free volume is also related to one of these questions (H6))&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
small question Goderis&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# macromolecule vs polymer &lt;br /&gt;
# thermo elastic inversion effect for rubbers(H7 slide 71)&lt;br /&gt;
# True of false: shrinking foil is high polydispersity needed?&lt;br /&gt;
# steam cracking? &lt;br /&gt;
# why not use nylon screw? (we did it in the exercise) (strain reduces faster)&lt;br /&gt;
# die swelling&lt;br /&gt;
# which process for plastic bottles(extrusion blow molding and injection blow molding)&lt;br /&gt;
# zero shear rate viscosity increases with mw^3.4 why (H7) &lt;br /&gt;
# how to find toughness with tensile experiment (H6)&lt;br /&gt;
# dont remember &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Guy (mondeling) &lt;br /&gt;
#  Mw and Mn -&amp;gt; how to measure &lt;br /&gt;
#  anionic living  polymerization (counterion, stability, solvent)   -&amp;gt; under which conditions: ex no O2/C02 -&amp;gt; peroxide forming…&lt;br /&gt;
#  dibuteen and 4-Vinylphenol how to polymerize, stabilisatie en compatibele zijgroepen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===24 Januari 2023===&lt;br /&gt;
#Welke polymerisatie ondergaat wel/niet onderstaande molecule (10 punten)? &lt;br /&gt;
#Begrippen (10 punten)&lt;br /&gt;
#*Mz adhv molecular weight + welke eenheid heeft eindresultaat definitie&lt;br /&gt;
#*Hoe ziet operating point van een injection er uit? Maak een schets/tekening. &lt;br /&gt;
#*Staudinger Hypothese&lt;br /&gt;
#UHMWPE (Tabel met gegevens gegeven; 10 punten)&lt;br /&gt;
#*Wat is UHMWPE en wat is er speciaal aan?&lt;br /&gt;
#*Is deze in coiled vorm? Ja/neen + leg uit waarom.&lt;br /&gt;
#*Welke waarden in tabel hebben invloed/zeggen iets over volume van coiled vorm?&lt;br /&gt;
#*Leid een formule af voor afhankelijkheid van Mw bij weight density van coiled vorm.&lt;br /&gt;
#*Reken uit&lt;br /&gt;
#Rubberen bal (ideaal rubber bij Rubbery plateau; 10 punten):&lt;br /&gt;
#* Schets storage modulus en loss modulus tussen -50°C - 50°C met Tg = -19°C&lt;br /&gt;
#*Leg de schets uit&lt;br /&gt;
#*Bal wordt om de zoveel tijd losgelaten vanaf 1m hoog. Schets grafiek (h/T) en waarom heb je die zo geschetst?&lt;br /&gt;
#*Hebben &amp;quot;*&amp;quot; 2 en 3 iets met elkaar te maken? Zo ja/neen? Waarom?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===29 Augustus 2022===&lt;br /&gt;
#Polystyrene&lt;br /&gt;
#FJC-model&lt;br /&gt;
#Begrippen&lt;br /&gt;
#*Staudinger Hypothese&lt;br /&gt;
#*Mz&lt;br /&gt;
#*Performance VS Property&lt;br /&gt;
#Rectangular rubber loaded with mass. T lowers from 50°C to -50°C&lt;br /&gt;
#* (zie vraag jan &#039;22)&lt;br /&gt;
===25 januari 2022===&lt;br /&gt;
#In which ways can Methyl vinyl ether be polymerised?&lt;br /&gt;
#What is the freely jointed chain model + make a drawing indicating the relevant parameters. Give a basic expression for R, give a precise expression for the contour length L. Derive an expression for &amp;lt;R.R&amp;gt; and discuss for each step what you did. &lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* - What is Newtonian viscosity and how can it be determined from the shear rate dependent viscosity? - Illustrate the dependence of the Newtonian viscosity on the molar mass, what are the molecular reasons for this?&lt;br /&gt;
#*- What is a thermoplastic elastomer? - How is it made out of block copolymers?	&lt;br /&gt;
#* Give the Staudinger hypothesis.&lt;br /&gt;
# Rectangular rubber loaded with mass. T lowers from 50°C to -50°C (tabel gegeven met veel gegevens) (oefening analoog aan set 5 over rubbers, oefening 2)&lt;br /&gt;
#* What is an ideal rubber?&lt;br /&gt;
#* Calculate length of the rubber at 50 °C (gewoon extension ratio berekenen, alle gegevens voor de formule zijn gegeven)&lt;br /&gt;
#* Make a plot L(T) from - 50 °C to 50 °C and indicate length from previous exercise (dezelfde vgl oplossen maar dan voor andere temperaturen en je bekomt een dalende rechte vanaf glastransitietemperatuur want vanaf daar is de formule geldig)&lt;br /&gt;
#* Explain this behaviour (elasticiteit en entropie)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===9 januari 2021===&lt;br /&gt;
#In which ways can acrylonitrile be polymerized? &lt;br /&gt;
#What is the freely jointed chain model + make a drawing indicating the relevant parameters. Give a basic expression for R, give a precise expression for the contour length L. Derive an expression for &amp;lt;R.R&amp;gt; and discuss for each step what you did. &lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* Give the definition for Mz, starting from the molecular moments. Discuss each variable and give the units. &lt;br /&gt;
#* What is the operating in injection moulding + make a drawing. &lt;br /&gt;
#* PE is made by free radical polymerization (Mw = 50 kg/mole, D = Mw/Mn = 3.2), can we make super strong PE fibers from this? Explain&lt;br /&gt;
#* State the Staudinger hypothesis. &lt;br /&gt;
#A cylindrical nylon fiber is used to suspend a 10 kg rotor in a centrifuge experiment. At T = 60°C, L0 = 20 cm and after 50 minutes, L = 20.0045 cm. &lt;br /&gt;
#* What mechanical analogue would you use to describe the centrifuge experiment?&lt;br /&gt;
#* Calculate stress and strain at T = 60°C and after 50 minutes. &lt;br /&gt;
#* Determine Rs, the radius of the nylon fiber. &lt;br /&gt;
#* Determine the elongation of the fiber at T = -10°C and after 24 hours.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===22 januari 2020===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#Vraag 1: Pagina 1 van voorbeeld examenvragen&lt;br /&gt;
#Vraag 2 (mondeling): Rechthoekig rubber wordt beladen met een massa. T daalt van +50°C tot -50°c met 1°C/min en er is nog een tabel met een heel aantal gegevens beschikbaar. &lt;br /&gt;
#* Bereken de lengte van het rubber bij 50°C (gewoon extension ratio berekenen, alle gegevens voor de formule zijn gegeven)&lt;br /&gt;
#* Maak een plot van lengte ifv temperatuur en neem je bekomen lengte uit bovenstaande vraag mee (dezelfde vgl oplossen maar dan voor andere temperaturen en je bekomt een dalende rechte vanaf glastransitietemperatuur want vanaf daar is de formule geldig)&lt;br /&gt;
#* Verklaar je observatie (elasticiteit is door entropie bepaald, geef analogie met veerconstante) &lt;br /&gt;
#Gesloten boek: Pagina 2 van voorbeeld examenvragen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===13 januari 2020===&lt;br /&gt;
#Vraag 1 van voorbeeldexamen (open boek)&lt;br /&gt;
#Vraag met grafiek Young&#039;s modulus van voorbeeldexamen (open boek, mondeling)&lt;br /&gt;
#Verschil copolymerisatie Ziegler-Natta vs metalloceen van voorbeeldexamen (gesloten boek)&lt;br /&gt;
#Formule kracht elasticiteit, entropieveer van pagina 4 voorbeeldexamen (gesloten boek) &lt;br /&gt;
#Tabel met info UHMWPE. Waarvoor staat UHMWPE? Wat is er typisch aan deze graad? Afleiden densiteit van coiled coil, welke assumpties maak je bij deze afleiding? Uitrekenen densiteit. Is (een specifieke naam van polymeer) PE in de coiled coil conformatie? &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 januari 2019===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#vraag 1: pagina 1 van voorbeeld examenvragen&lt;br /&gt;
#vraag 2 (mondeling): Rechthoekig rubber wordt beladen met een massa. T daalt van +50°C tot -50°c met 1°C/min en er is nog een tabel met een heel aantal gegevens beschikbaar. &lt;br /&gt;
#* Bereken de lengte van het rubber bij 50°C (gewoon extension ratio berekenen, alle gegevens voor de formule zijn gegeven)&lt;br /&gt;
#* Maak een plot van lengte ifv temperatuur en neem je bekomen lengte uit bovenstaande vraag mee (dezelfde vgl oplossen maar dan voor andere temperaturen en je bekomt een dalende rechte vanaf glastransitietemperatuur want vanaf daar is de formule geldig)&lt;br /&gt;
#* Verklaar je observatie (elasticiteit is door entropie bepaald, geef analogie met veerconstante) &lt;br /&gt;
#Gesloten boek: pagina 2 van voorbeeld examenvragen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===16 januari 2018===&lt;br /&gt;
#Hoe polymeriseert methylvinylether? (open boek)&lt;br /&gt;
#Oefening elongatie nylon 66 vezel in centrifuge experiment (open boek, mondeling)&lt;br /&gt;
#*welke verband tussen stress en strain&lt;br /&gt;
#*Bereken stress en strain&lt;br /&gt;
#*Bereken diameter draad&lt;br /&gt;
#*Uitrekken bij andere T (onder Tg)&lt;br /&gt;
#Vanalles over newtioniaanse viscositeit (def., te zien in shear thinning, verband met molaire massa)&lt;br /&gt;
#Wat zijn thermoplastische elastomeren&lt;br /&gt;
#Experiment met stelling (van voorbeeld examen blijkbaar)&lt;br /&gt;
#*Klopt stelling&lt;br /&gt;
#*Bewijs je redenering &lt;br /&gt;
#*Geef alle variabelen en hun eenheden gebruikt in bewijs&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===15 januari 2018===&lt;br /&gt;
#Polymerisatie van acrylonitril (radicaal, kationisch, anionisch) (open boek)&lt;br /&gt;
#Oefening van rubber (analoog aan laatste (set 5, ex 2) oefeningen, rubber wordt uitgerokken door een kracht, dit wordt gevolg bij temperaturen van 50 °C tot -50 °C, bespreek plot) (open boek, mondeling)&lt;br /&gt;
#Leg het verschil uit tussen&lt;br /&gt;
#*Performance &amp;amp; property&lt;br /&gt;
#*Entanglements &amp;amp; cross-links&lt;br /&gt;
#Extruder&lt;br /&gt;
#*Geef vergelijk volumetrische flow&lt;br /&gt;
#*Leg alle symbolen uit en geef de eenheden&lt;br /&gt;
#*Een mould wordt aan een extruder gezet voor een rod-shaped object te maken,teken dit, geef werkings punt (Qextr=Qdie)&lt;/div&gt;</summary>
		<author><name>R0998693</name></author>
	</entry>
	<entry>
		<id>https://wiki.chemika.be/index.php?title=Bio-Organische_Chemie&amp;diff=4144</id>
		<title>Bio-Organische Chemie</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.chemika.be/index.php?title=Bio-Organische_Chemie&amp;diff=4144"/>
		<updated>2024-06-27T14:31:53Z</updated>

		<summary type="html">&lt;p&gt;R0998693: /* 22 juni 2024 */&lt;/p&gt;
&lt;hr /&gt;
&lt;div&gt;[[Categorie:Bachelor Chemie]]&lt;br /&gt;
[[Categorie:Bachelor Biochemie]]&lt;br /&gt;
==Vakinformatie==&lt;br /&gt;
Basisvak organische chemie voor eerstejaars chemie, biochemie en biologie.&lt;br /&gt;
Gedoceerd door Professor Luc van Meervelt.&lt;br /&gt;
Het examen volgt al jaren dezelfde structuur.&lt;br /&gt;
Sinds 2017 wordt dit vak gegeven door professor Mario Smet.&lt;br /&gt;
Het examen duurt 3 uur.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;2022-2023&#039;&#039;&lt;br /&gt;
*aanpak vak&lt;br /&gt;
**Prof Mario Smet&lt;br /&gt;
**Voor het examen minstens 3.2/8 voor zowel het deel van theorie als oefeningen, anders maximaal een 9 (helaas durft hij ook een 3.1 te geven)&lt;br /&gt;
**Er zijn ingesproken ppt&#039;s die zeker een aanrader zijn om te bekijken, belangrijkste zaken worden duidelijk uitgelegd&lt;br /&gt;
*Kwaliteit cursus&lt;br /&gt;
**Slides zijn duidelijk en bevatten zeker de belangrijkste informatie&lt;br /&gt;
**Handboek kan handig zijn voor extra informatie of verduidelijking van bepaalde delen, maar ik heb dit zelf amper opengedaan dus zeker niet noodzakelijk om te kopen&lt;br /&gt;
*Examenvragen&lt;br /&gt;
**Telkens één theorievraag over een reactiemechanisme (regel van Zaitsev en Markovnikov belangrijk) met ordenen op basis van reactiviteit en naamgeving van producten!!&lt;br /&gt;
**Eén theorievraag over een voorbeeld (komen steeds terug, zijn er in totaal een stuk of 14) belangrijk om hierbij te weten waarom bepaalde zaken zo zijn.&lt;br /&gt;
**Bij de oefeningen vraagt hij naar mijn gevoel van alles iets, dus aminozuren zeker uit het hoofd leren en al de reactiemechanismes begrijpen.&lt;br /&gt;
*Labo&#039;s&lt;br /&gt;
**Zijn niet al te moeilijk&lt;br /&gt;
**Zie dat je op tijd bent voor de prelabtest, ze hebben geen medelijden met u, zelfs als je er niks aan kon doen :(&lt;br /&gt;
**Als er ergens iets van berekeningen in het labo voorkomen, worden deze vaak op de prelabtest gevraagd&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen==&lt;br /&gt;
===22 juni 2024===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#4 structuren gekregen: fenyletheen, 4-vinylfenol, 1-nitro-4-vinylbenzeen, fenol. Deze ondergaan een additie met HCl.&lt;br /&gt;
##geef het reactiemechanisme van A&lt;br /&gt;
##rangschik op reactiviteit. verklaar met substituenteffecten en teken grensstructuren indien nodig&lt;br /&gt;
##geef de reactieproducten van A, B en C en de IUPAC-naam van het reactieproduct A en B&lt;br /&gt;
#Retro-aldolreactie bij de glycolyse wordt gekatalyseerd door het enzym aldolase.&lt;br /&gt;
##Geef het reactiemechanisme van de retro-aldolreactie van fructose-1,6-difosfaat&lt;br /&gt;
##Waarom moet glucose-6-fosfaat geïsomeriseerd worden naar fructose-6-fosfaat&lt;br /&gt;
##Aldolase katalyseert nog een reactie in het lichaam, namelijk de reactie van dihydroxyaceton(niet zeker) met D-erytrose. Geef de Fischervoorstelling van het reactieproduct.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#Vraag aminozuren&lt;br /&gt;
##Bereken het Iso-elektrisch punt van arginine en isoleucine. schrijf ook de structuur bij die pH.&lt;br /&gt;
##100 ml Isoleucine-oplossing van 0,100 mol/L wordt getitreerd met een NaOH-oplossing van 0,100 mol/L. Geef mij de pH bij toevoeging van 50 ml en 200 ml NaOH-oplossing en teken de structuur van isoleucine bij die pH’s.&lt;br /&gt;
#Reactiemechanismen&lt;br /&gt;
##Benzeen gekregen wat toevoegen om 1-fenylethanon te krijgen (Antwoord: FeCl3 + ethanoylchloride)&lt;br /&gt;
##Ethoxyethaan + HBr → ? (ook zeggen welk reactietype)&lt;br /&gt;
##?&lt;br /&gt;
#?&lt;br /&gt;
#Meerkeuzevraag over Claisencondensatie. 4 IUPAC-namen van esters gekregen teken structuurformule van elk ester. De 4 esters ondergaan een Claisen Condensatie, bij 3 esters is het een aflopende reactie, bij 1 ester een evenwichtsreactie. Bij welke evenwichtsreactie en waarom?&lt;br /&gt;
##butylethanoaat&lt;br /&gt;
##ethylbutanoaat&lt;br /&gt;
##ethyl-2-methylbutanoaat&lt;br /&gt;
##ehtyl-3-methylbutanoaat&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===10 juni 2024===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
# 4 structuren: ethaanzuurbromide, ethaanzuurchloride, 2-oxyethaanzuurbromide, dietheenzuuranhydride. deze ondergaan een nucleofiele substitutie met water&lt;br /&gt;
##geef het reactiemechanisme van A&lt;br /&gt;
##rangschik op reactiviteit. verklaar met substituenteffecten en teken grensstructuren indien nodig&lt;br /&gt;
##geef de reactieproducten en de IUPAC-naam van A en C&lt;br /&gt;
# om alfa-ketoglutaraat te decarboxyleren maakt de natuur gebruik van het coënzym thiaminepyrofosfaat die reageert na deprotonatie.&lt;br /&gt;
##Geef het reactiemechanisme&lt;br /&gt;
##Geef 2 redenen waarom het coënzym zo goed gedeprotoneerd wordt&lt;br /&gt;
##Wat is het voordeel van het binden van dit coënzym?&lt;br /&gt;
##Wat is het voordeel van dit biologisch proces?&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
# je wil een aminozuurmengeling van tryptofaan en lysine scheiden met behulp van elektroforese bij een pH van 9,1. Bereken het voorkomen van de vormen en waar ze zullen voorkomen (Kathode, Anode of ertussenin). Laat ook duidelijk de structuur van deze aminozuren zien.&lt;br /&gt;
##waarom is de stikstof op de tryptofaan niet basisch&lt;br /&gt;
# gegeven but-1-een naar 1-methylbutan-1-ol. Welke substraat heb je nodig om van de eerste naar de tweede gegaan (structuren waren gegeven) als je dan met H3PO4 zit en een verandering in temperatuur welk product bekom je (was al een reactiepijl gegeven)?&lt;br /&gt;
# reactie met methoxybenzeen, ethaanzuurchloride en AlCl3 (structuren gegeven). Geef het reactieproduct en het reactietype.&lt;br /&gt;
# mechanisme en reactietype gevraagd van 2x fenylmethanal (structuur gegeven) met OH-&lt;br /&gt;
# suikering gegeven met een zesring waarbij OH op C1 naar boven, alsook C2 en C3, bij C4 naar beneden en C5 de CH2OH ook naar beneden.&lt;br /&gt;
##geef de fisherstructuur van dit suiker en teken de stabielste conformatie op de newmann-projectie van C3 en C4&lt;br /&gt;
##geef de volledige naam van dit suiker&lt;br /&gt;
##geef van C1 en C2 de absolute configuratie (R of S) geef hierbij ook de prioriteiten&lt;br /&gt;
##Leg uit wat 1,3 diaxiale interacties zijn en geef dit weer op een duidelijke tekening&lt;br /&gt;
# oxidatie van ascorbinezuur naar dehydroxy-ascorbinezuur gegeven (zie practicum) en 3 stellingen (hieronder): duid de stellingen aan die correct zijn en geef bij iedere uitleg&lt;br /&gt;
##Er gebeurt een oxidatie en het oxidatiegetal van de C-atomen gaat van +1 naar 0&lt;br /&gt;
##Is de H in kwestie die met de laagste pKa?&lt;br /&gt;
##Is de stereochemie juist of kwam het eindproduct eerder van een andere stereo isomeer&lt;br /&gt;
===2 september 2023===&lt;br /&gt;
https://drive.google.com/file/d/1GMpzdW-Fuazq4zCe9Y40D8DgJyVk2-a7/view?usp=drive_link&lt;br /&gt;
===24 juni 2023===&lt;br /&gt;
#Je kreeg 4 verbindingen (ik denk 2-bromo-2methylpropaan, 2-bromopropaaan, 4-bromo-2-penteen en 4-bromo-1-penteen; kloppen niet helemaal, maar principe blijft hetzelfde). &lt;br /&gt;
##Voor 2-bromo-2-methylpropaan moest je de E-reactie uitschrijven.&lt;br /&gt;
##Zeggen in welke volgorde deze verbindingen het snelste zou reageren bij een E1-reactie (aan de hand van substituent effecten en eventuele grensstructuren.&lt;br /&gt;
##Voor elke verbinding het reactieproduct geven en IUPAC naam geven.&lt;br /&gt;
#Er wordt ATP gevormd bij de afbraak van een suiker in de glycolyse en krebs-cyclus. &lt;br /&gt;
##Geef de reactieproducten en waarom kan er ATP gevormd worden?&lt;br /&gt;
##Het grootste deel van de energie komt in een andere vorm vrij, hoe gebeurd dit?&lt;br /&gt;
#Meerkeuzevraag over Claissencondensatie van ethylacetaat (was een andere benaming, maar vooral het ethyl deel is belangrijk dus maakt niet echt uit). Welk reagens moet je gebruiken om ervoor te zorgen dat je slechts één reactieproduct hebt. Opties waren denk ik: methioxide, ethioxide, hydroxide, er wordt altijd meer dan één reactieproduct gevormd (eventuele grensstructuren hier niet mee rekenen) (meeste hadden ethioxide) en dan moest je nog aantonen met het relevante deel van de reactie, waarom de andere niet zouden kunnen.&lt;br /&gt;
#Reactiemechanismen&lt;br /&gt;
##Je kreeg aceton en je moest zeggen wat je moest toevoegen om iets te bekomen (je moest OH- toevoegen, maar weet even niet meer wat je dan bekomt) en dan voeg je H2O en H+ toe en moet je het reactieproduct geven (2,2-propaandiol)&lt;br /&gt;
##Ik denk 2-Methylcyclopentanone en solvent gekregen, zeggen welk reactieproduct je bekomt en wat het reactiemechanisme is (nucleofiele acylsubstitutie)&lt;br /&gt;
##Je kreeg ethylbenzeen met als solvent AlCl3 en acetylchloride (hiervan maak je AlCl4- en CH2CO+) je moest zeggen welk reactiemechanisme (nucleofiele aromatische substitutie) en dit ook uitschrijven&lt;br /&gt;
#Zwitterion en IP van arginine en glutamine geven en zeggen welke pH je krijgt bij het toevoegen van 250ml NaOH aan 100 ml 0.1M glutamine&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
##S/R van chirale koolstoffen van D-xylulose geven + Newman projectie rond C3 en C4&lt;br /&gt;
##In stappen geven hoe je alfa-L-xylulofuranose bekomt (ringsluiting tekenen dus), het enantiomeer hiervan geven (bèta-versie) en zeggen of het een epimeer is, beide begrippen uitleggen&lt;br /&gt;
===8 juni 2023===&lt;br /&gt;
#4 structuren: propeen, ethyleen pyrrool?, styreen , benzeen met etheen op en methoxy groep op. elektrofiele additie met waterstofbromide.&lt;br /&gt;
##Geef het reactiemechanisme van propeen&lt;br /&gt;
##Rangschik de reactiviteit van de verschillende structuren, maak gebruik van substituenteffecten en teken grensstructuren&lt;br /&gt;
##geef de IUPAC-naam van structuur a, b, c en schrijf alle reactieproducten uit&lt;br /&gt;
#Gegeven: D-glucose in de verschillende vormen: beta-D-glucopyranose, alfa-D-glucopyranose, beta-D-glucofuranose en alfa-D-glucofuranose en het voorkomen ervan in percentages&lt;br /&gt;
##Waarom komen de furanose vormen zo weinig voor?&lt;br /&gt;
##Waarom komt het beta-anomeer meer voor dan het alfa-anomeer?&lt;br /&gt;
##hoe komt het dat het alfa-anomeer dan toch nog voorkomt?&lt;br /&gt;
##Vergelijk dit nu met D-mannose, maak een voorspelling van hoe de verschillende vormen zullen voorkomen?&lt;br /&gt;
#Aminozuren:&lt;br /&gt;
##Waarom heeft de R-groep van asparagine geen basische eigenschappen (asparagine heeft geen pKr)&lt;br /&gt;
##We willen tyrosine en asparagine scheiden met behulp van elektroforese bij pH = 9,0. Schrijf voor beide aminozuren de verschillende vormen uit en verklaar welke vorm bij deze pH voor zal komen. Waar zullen de aminozuren zich bevinden: anode, kathode, tussenin&lt;br /&gt;
#Gegeven: benzeenring met broomsubstituent en -C2H5 substituent. Bij het bereiden hiervan moet je...&lt;br /&gt;
##...eerst bromeren?&lt;br /&gt;
##...eerst aklyleren?&lt;br /&gt;
##...volgorde maakt niet uit, maar als je eerst bromeert gaat de reactie langzamer&lt;br /&gt;
##...volgorde maakt niet uit, maar als je eerst alkyleert gaat de reactie langzamer&lt;br /&gt;
#Gegeven: een structuur met 2 chirale koolstoffen (ook een amidegroep op 1 einde, en een chloor groep)&lt;br /&gt;
##teken de fisherprojectie van ALLE stereo-isomeren, geef ook de stabielste newman-projectie&lt;br /&gt;
##Bepaal van elke chirale C de R,S-configuratie en geef de prioriteiten weer&lt;br /&gt;
##Wat is het OG van de C met de amide groep&lt;br /&gt;
##Welk van de stereo-isomeren zijn ook diastereo-isomeren, verklaar deze term&lt;br /&gt;
##Duid aan waar een nucleofiele substitutie zou kunnen plaatsvinden, verklaar ook waarom&lt;br /&gt;
#Reactie mechanismen zoals aangegeven op stramien&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 3 september 2022 ===&lt;br /&gt;
# 4 moleculen met dubbele binding gegeven, sommige met substituenten&lt;br /&gt;
## Reactiemechanisme voor molecule A uitschrijven (CH2=CH-CH2-CH3)&lt;br /&gt;
## Rangschikken volgens reactiviteit in een reactie met HBr en argumenteren met substituenteffecten en grensstructuren&lt;br /&gt;
## Reactieproducten voor alle 4 opschrijven en 2 ervan benoemen met IUPAC naam&lt;br /&gt;
# gegeven: glucose in openketenvorm, alfa-D-glucopyranose, beta-D-glucopyranose, alfa-D-glucofuranose en beta-D-glucofuranose met percentages van hoe vaak ze voorkomen&lt;br /&gt;
## waarom komt de furanosevorm zo weinig voor&lt;br /&gt;
## waarom komt de betavorm meer voor dan de alfavorm&lt;br /&gt;
## waarom komt ondanks vraag b de alfavorm toch nog zo vaak voor&lt;br /&gt;
## maak zelf een voorspelling voor de percentages van voorkomen voor alle vormen van D-mannose&lt;br /&gt;
# teken 2-amino-2,3,4-trimethyl-3-hexaanthiol&lt;br /&gt;
## hoeveel stereo-isomeren zijn er?&lt;br /&gt;
## teken van alle stereo-isomeren de fischer projectie en meest stabiele conformatie in de newman projectie over C3-C4 as, duid chirale centra aan&lt;br /&gt;
## bepaal voor alle chirale centra de absolute configuratie&lt;br /&gt;
## is het een primair, secundair of tertiair amine? En dezelfde vraag voor thiol?&lt;br /&gt;
## bepaal de oxidatietrap van C2&lt;br /&gt;
# 5 namen van moleculen gegeven, welke kunnen het reactieproduct zijn van een aldolcondensatie? Voor degenen die niet kunnen: leg uit in 1 zin waarom niet. Voor degenen die wel kunnen: geef de beginproducten.&lt;br /&gt;
# reactiemechanismen&lt;br /&gt;
## vul onderstaande reactiesequentie aan: alkaan met -OH —&amp;gt; alkeen —&amp;gt; ? (boven de eerste pijl stond ook een vraagteken en boven de tweede pijl +Cl2)&lt;br /&gt;
## schrijf reactiemechanisme uit: benzeenring met -OCH3 substituent reageert met HNO3 en H2SO4&lt;br /&gt;
# aminozuren&lt;br /&gt;
## bepaal voor een titratie van 100 mL 0,1M isoleucine de pH bij toevoeging van 150mL en 200mL NaOH&lt;br /&gt;
## waarom is de pKa van glutamine lager dan van isoleucine&lt;br /&gt;
## teken beide aminozuren uit&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 25 juni 2022 ===&lt;br /&gt;
# 4 moleculen gegeven die reageren volgens reactietype E1 ter vorming van HCl : twee chlooralkanen met benzeenring en twee zonder, een van de twee met benzeenring had methoxy-groep op de benzeenring&lt;br /&gt;
## Geef reactiemechanisme voor een van de twee chlooralkanen zonder benzeenring&lt;br /&gt;
## Rangschik volgens stijgende reactiviteit en beargumenteer met substituenteffecten. Geef grensstructuren indien relevant.&lt;br /&gt;
## ...&lt;br /&gt;
# Geef het reactiemechanisme en vergelijk onderling, beredeneer ook voor de basische hydrolyses of het gaat om een mono- of bimoleculair proces:&lt;br /&gt;
### hydrolyse van een carbonzuurester in basisch milieu&lt;br /&gt;
### hydrolyse van een fosfaatester in basisch milieu&lt;br /&gt;
### hydrolyse van een fosfaatester in zuur milieu&lt;br /&gt;
## Bespreek kort het verschil in reactiviteit van mono-, di-, en tri-alkylfosfaatesters bij hydrolyse in basisch milieu&lt;br /&gt;
## In de glycolyse komt energie vrij bij het hysrolyseren van het acylfosfaat 1,3-difosfoglycerinezuur dat wordt gebruikt om ADP om te zetten in ATP. Voor de vorming van acetyl-CoA uit acetylfosfaat (ook een acylfosfaat) is ATP nodig. Bespreek kort deze schijnbare tegenstrijdigheid.&lt;br /&gt;
# Stereochemie&lt;br /&gt;
## Geef de Haworthprojectie van beta-L-arabinopyranose&lt;br /&gt;
## Geef de absolute configuratie van C2 en C4 en duid nummering aan&lt;br /&gt;
## Wat zijn de oxidatietrappen van C1 en C3?&lt;br /&gt;
## Geef de (stabielste) Newmanprojectie van het conformeer volgens de C3-C4 as&lt;br /&gt;
## Hoeveel 1,3-diaxiale repulsies komen ervoor in dit molecule? Maak een tekening die dit duidelijk weergeeft&lt;br /&gt;
# Aminozuren&lt;br /&gt;
## Onder welke vormen komen glutaminezuur en tryptofaan voornamelijk voor bij pH = 6,00? &lt;br /&gt;
## Waar bevinden de AZ zich na elektroforese bij deze pH? Aan de anode, kathode of ertussen?&lt;br /&gt;
## Waarom is de zijketen van tryptofaan niet basisch?&lt;br /&gt;
# Verloopt de substitutie van propaanzuur naar methylpropanoaat het best in zuur of in basisch milieu? Of kan beide? Verklaar grondig en teken het bijbehorende reactiemechanisme.&lt;br /&gt;
# Vraag over reactiemechanismen zoals aangegeven op het stramien.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 9 juni 2022 ===&lt;br /&gt;
# 4 benzeen ringen gegeven (3 daarvan met substituenten)&lt;br /&gt;
## Reactiemechanisme uitschrijven voor een gewone benzeen tot chloorderivaat (SeAr)&lt;br /&gt;
## Rangschikken volgens reactiviteit, grensstructuren tekenen en substituenteffecten verklaren.&lt;br /&gt;
## Van de 4 chloorderivaten de IUPAC-naam geven en eindstructuur tekenen &lt;br /&gt;
# Geef de retro-aldolreactie bij de glycolyse&lt;br /&gt;
# Oefening op suikers (je kreeg een cyclisch suiker)&lt;br /&gt;
## Teken de fisher en de Newman projectie&lt;br /&gt;
## Geef het oxidatie getal van 2 C en zeg of het R of S is&lt;br /&gt;
## Geef de naam van het suiker&lt;br /&gt;
## Leg de begrippen epimeer en anomeer uit en teken deze vormen van dit suiker&lt;br /&gt;
# Oefening op aminozuren&lt;br /&gt;
## Je kreeg 2 aminozuren bij een bepaalde pH en je moest zeggen als dit een goede pH was om een elektroforese te doen, indien dit niet zo was moest je uitleggen waarom en een betere pH waarde geven.&lt;br /&gt;
# Je kreeg 4 verbindingen en je moest zeggen welke een kleurreactie (oranje/groen) zouden geven&lt;br /&gt;
## Alcoholtest -&amp;gt; oxidatie van alcoholen tot ketonen of carbonzuren uitleggen&lt;br /&gt;
# Oefening op reactiemechanisme&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===28 augustus 2021===&lt;br /&gt;
# 4 moleculen gegeven waarop het gaat reageren met HCl&lt;br /&gt;
## werk reactiemechanisme uit voor 1 van de moleculen&lt;br /&gt;
## Rangschik volgens afnemende reactiviteit&lt;br /&gt;
## Geef reactieproducten van alle moleculen en geef IUPAC naam voor 2&lt;br /&gt;
# geef reactiemechanisme van de deanimatie van glutamine&lt;br /&gt;
# L-xylulose, Bepaal R/S configuratie &lt;br /&gt;
## Teken stabielste Fischer en Newman voor de C3-C4-as&lt;br /&gt;
### ???&lt;br /&gt;
# Voor welk van deze 3 producten kan niet een aldolcondensatie ondergaan? Leg uit waarom niet en geef de reagentia wanneer het wel gaat.&lt;br /&gt;
##de reactiemechanisme invullen: onbrekende reagentia en product&lt;br /&gt;
### een stof gegeven met de reagentia, welke reactiemechanisme en schrijf uit&lt;br /&gt;
#titratie van asparagine met NaOH: berekenen de pH bij toevoeging van 100ml en 200ml NaOH; &lt;br /&gt;
##waarom heeft asparagine geen basische eigenschap zoals lysine. Geef ook de structuren&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===28 augustus 2020===&lt;br /&gt;
#4 moleculen gegeven waarop nucleofiele substitutie gebeurt met natriummethoxide&lt;br /&gt;
## werk reactiemechanisme uit voor 1 van de moleculen&lt;br /&gt;
## Rangschik volgens afnemende reactiviteit&lt;br /&gt;
## Geef reactieproducten van alle moleculen en geef IUPAC naam voor 2&lt;br /&gt;
# Geef het mechanisme van decarboxylering van beta-ketocarbonzuren en leg uit. Geef een voorbeeld van een analoog mechanisme in de biologie en leg uit. &lt;br /&gt;
# Voor welk van deze 4 producten kan er een aldolcondensatie zijn opgetreden? Leg uit waarom niet en geef de reagentia wanneer het wel gaat.&lt;br /&gt;
# Oefening op aminozuren en bepalen welke vorm er voorkomt bij een bepaalde pH en als je een gelelektroforese doet welke waar dan voorkomt, az zijn tryptofaan en glutaminezuur&lt;br /&gt;
# Oefening op suiker: welke suiker is dit? Geef stabielste newmann vorm in C3-C4 formatie, R of S van C2 en C5, teken epimeer dat geen anomeer is&lt;br /&gt;
#oefeningen op reactiemechanismen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===25 juni 2020===&lt;br /&gt;
#4 moleculen (esters) gegeven, waarop nucleofiele substitutie gebeurt &lt;br /&gt;
## Werk het reactiemechanisme voor één van de moleculen volledig uit. (methylethanoaat)&lt;br /&gt;
## Rangschik volgens afnemende reactiviteit dmv substituenteffecten&lt;br /&gt;
## Geef de reactieproducten van alle moleculen en geef hun IUPAC naam&lt;br /&gt;
#Leg de synthese van peptiden uit met dicyclohexylcarbodiimide. Welke voorzorgsmaatregel moet genomen worden om selectief een peptide te vormen? Geef een voorbeeld.&lt;br /&gt;
#Voor welke van volgenden bestaat er een mesovorm, teken deze en leg uit wat mesovorm is. (1-butanol, butaan2,3diol, butaan-1,2,3-triol, butaan-1,2,3,4-tetraol)&lt;br /&gt;
#Oefening op aminozuren: &lt;br /&gt;
## Waarom heeft proline een hogere pKa&#039; dan alanine + teken deze aminozuren&lt;br /&gt;
## Welke vorm van alanine komt het meest voor bij toevoegen van 150 mL? Bereken deze pH.&lt;br /&gt;
#Oefening op suikers: suiker gegeven &lt;br /&gt;
## Geef IUPAC naam&lt;br /&gt;
## Bepaal R/S configuratie voor C2 en C5&lt;br /&gt;
## Teken stabielste Fischer en Newman voor de C3-C4-as&lt;br /&gt;
## ?&lt;br /&gt;
#Vul reactie aan (reactieproducten, reagentia). Geef reactietype en eindproduct. Geef reactietype, eindproduct en reactiemechanisme.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 juni 2020 (16u)===&lt;br /&gt;
#4 moleculen gegeven: E1 reactie van HCl: mechanisme geven, reactieproducten tekenen en benoemen&lt;br /&gt;
#Bespreek de oxidatieve deaminering van glutaminezuur met de nodige coënzymen/cofactoren. Geef het reactiemechanisme van de tweede stap zonder enzymen.&lt;br /&gt;
#Een molecule gegeven in stoelvorm (geen suiker): teken de fisherprojecties van alle stereomeren, teken newmann projectie van 1 op c2-c3 in stabielste vorm en zeg S of R config, welke zijn enantiomeren, diastereomeren, is er een mesovorm? En leg de begrippen kort uit. Geef oxidatietrap van aangeduide koolstofatoom.&lt;br /&gt;
#lysine en valine tekenen en IP berekenen, waarom is de pkr van lysine groter dan de pka&#039; van valine?&lt;br /&gt;
#Wat zijn de product(en) die worden gevormd als E-2-hepteen en dichloor reageren?&lt;br /&gt;
##2s,3s 2-dichloorhepteen&lt;br /&gt;
##2s,3r&lt;br /&gt;
##2r,3s&lt;br /&gt;
##2r,3r&lt;br /&gt;
#Oefeningen op reactiemechanismen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===12 juni 2020 (16u)===&lt;br /&gt;
#4 moleculen gegeven, waarop elektrofiele additie van water in zuur milieu gebeurt&lt;br /&gt;
## Werk het reactiemechanisme voor één van de moleculen volledig uit.&lt;br /&gt;
## Rangschik volgens afnemende reactiviteit&lt;br /&gt;
## Geef de reactieproducten van alle moleculen en geef hun IUPAC naam&lt;br /&gt;
#Waarom kunnen alcoholen niet gemakkelijk een SN-reactie ondergaan? Geef 2 voorbeelden van een SN-reactie van een alcohol, schrijf het mechanisme. Reageert fenol op dezelfde manier? Teken en leg uit. Hoe kunnen SN-reacties van alcoholen mogelijk gemaakt worden in biologische systemen?&lt;br /&gt;
#Oefening op suikers en stereochemie:&lt;br /&gt;
## Geef de Haworth-projectie van bèta-L-gulofuranose&lt;br /&gt;
## Teken het enantiomeer van deze molecule en benoem het.&lt;br /&gt;
## Configuratie (R/S) van C2 en C5 bepalen + oxidatietrap geven&lt;br /&gt;
## Stabielste Newman-conformatie langs C4-C5 as&lt;br /&gt;
#Oefening op aminozuren:&lt;br /&gt;
## D-vorm van tyrosine en alanine tekenen en conformatie geven.&lt;br /&gt;
## Oefening op pH berekenen&lt;br /&gt;
# Gegeven een staal met één onbekende suiker. Na het uitvoeren van een Fehlingstest zie je een roodbruine neerslag ontstaan. Aantal suikers gegeven, aanduiden welke het mogelijk kan zijn. Leg uit wat deze test precies en verklaar je keuze.&lt;br /&gt;
# Vul reactie aan (reactieproducten, reagentia). Geef reactietype en eindproduct. Geef reactietype, eindproduct en reactiemechanisme. Eerste was zuurgekatalyseerde estervorming. Tweede eliminatie van water. Derde aldolcondensatie&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===7 juni 2020===&lt;br /&gt;
#4 moleculen gegeven waarop een Sn1 wordt gedaan met ammoniak&lt;br /&gt;
## Werk het reactiemechanisme voor de eerste molecule uit&lt;br /&gt;
## Welk molecule reageert het snelst? Leg uit adhv substituenteffecten&lt;br /&gt;
## Geef de reactieproducten van de andere 3 moleculen en ook de IUPAC naam&lt;br /&gt;
#Geef de retro-aldolreactie bij de glycolyse&lt;br /&gt;
## Wat is de katalysator en waarom gaat de retro-aldolreactie niet bij glucose?&lt;br /&gt;
#Gegeven een benzeenring met daarop een nitrogroep en alkylgroep. Gebeurd er eerst alkylering of nitrering? Gebruik in je uitleg grensstructuren&lt;br /&gt;
#Oefening op molecule dat geen suiker was! Maar je moest R/S bepalen, Fischer schrijven, Newmann projectie, en diastereomeren en enantiomeren aanduiden (+ kort uitleggen wat dat betekend)&lt;br /&gt;
#Oefening op aminozuren en bepalen welke vorm er voorkomt bij een bepaalde pH en als je een gelelektroforese doet welke waar dan voorkomt (zoals in de oefenzitting gewoon)&lt;br /&gt;
#standaard oefening die er elk jaar is met reacties aanvullen enzo&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17 juni 2019 (namiddag)===&lt;br /&gt;
#4 moleculen (ester, ester met halogeen, anhydride, amide) waarop de nucleofiele substitutie van water in basische omgeving wordt uitgevoerd. &lt;br /&gt;
##Werk het reactiemechanisme uit voor het ester.&lt;br /&gt;
##Rangschik volgens afnemende reactiviteit.&lt;br /&gt;
##Geef de naam en structuur van beide reactieproducten.&lt;br /&gt;
#Bespreek de oxidatieve deaminering van glutaminezuur met de nodige coënzymen/cofactoren. Geef het reactiemechanisme van de tweede stap zonder enzymen.&lt;br /&gt;
#Oefening op suikers.&lt;br /&gt;
##Bespreek de R/S configuratie van de chirale centra van D-xylose. &lt;br /&gt;
##Is D-xylose een aldose of ketose? &lt;br /&gt;
##Geef de stabielste Newman-projectie op C3-C4.&lt;br /&gt;
##Bepaal de oxidatietrap van C1 en C5.&lt;br /&gt;
##Maak van L-xylose beta-L-xylose. &lt;br /&gt;
##Welk reactietype is de ringsluiting van suikers? Welke katalysator wordt vaak gebruikt? &lt;br /&gt;
##Geef het anomeer van beta-L-xylose. Is dit ook een enantiomeer?&lt;br /&gt;
#Oefening op aminozuren.&lt;br /&gt;
##Geef de 2R,3R configuratie van isoleucine. &lt;br /&gt;
##Wat is de pH van 100 ml isoleucine (0.1M) na toevoeging van 150 ml NaOH (0.1 M)? &lt;br /&gt;
##Waarom heeft glutamine een lagere pKa dan isoleucine? &lt;br /&gt;
#Waarom wordt het reactie-evenwicht bij de Claisencondensatie van ethyl-2-methylpropanoaat met ethoxide niet naar rechts getrokken (in tegenstelling tot andere Claisencondensaties)?&lt;br /&gt;
#Vul reactie aan (reactieproducten, reagentia). Geef reactietype en eindproduct. Geef reactietype, eindproduct en reactiemechanisme.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17 juni 2019 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
#4 moleculen met dubbele bindingen gegeven waarop elektrofiele additie gebeurt&lt;br /&gt;
##van 1 reactiemechanisme uitwerken&lt;br /&gt;
##rangschikken volgens reactiviteit door middel van substituenteffecten&lt;br /&gt;
##eindproducten geven + IUPAC naam geven&lt;br /&gt;
#vetzuursynthese uitleggen met coënzymen erbij&lt;br /&gt;
##uitleggen waarom je malonycoa nodig hebt en wat de gelijkenis ervan is met claisen-condensatie&lt;br /&gt;
#molecule gegeven: menthol&lt;br /&gt;
##chirale c aanduiden, hoeveel stereo-isomeren, R/S van chirale c, geef stabielste configuratie, geef diastereoisomeer dat epimeer is, enantiomeer geven, stabielste configuratie van enantiomeer geven, je krijgt een paar newmanprojecties waarvan je moet zeggen welke de juiste is, oxidatiegetal van aangeduide c geven&lt;br /&gt;
#geef 3D structuur van R glutaminezuur&lt;br /&gt;
##is deze D of L?&lt;br /&gt;
##welke vorm(en) komt er vooral voor op ph 8,8&lt;br /&gt;
##uitleggen waarom N in de R groep niet basisch is en die van lysine (ook tekenen) wel&lt;br /&gt;
#je krijgt een benzeenring waarop een de ene kant een ch3 hangt en op de tegenovergestelde kant een acylgroep, je moet uitleggen via grensstructuren wat het juiste antwoord is&lt;br /&gt;
##eerst alkyleren, dan acyleren&lt;br /&gt;
##eerst acyleren, dan alkyleren&lt;br /&gt;
##volgorde maakt niet uit, maar acyleren is trager&lt;br /&gt;
##volgorde maakt niet uit, maar alkyleren is trager&lt;br /&gt;
#je krijgt een reactie waarvan je de reagentia en reactieproducten er nog moet bij zetten&lt;br /&gt;
##reactie is eerst een eliminatie en dan een additie&lt;br /&gt;
#je krijgt een cyclisch carbonzuur en dit gaat reageren amine, geef de reactieproducten in skeletnotatie en zeg wel reactiemechanisme&lt;br /&gt;
#een cycloalkaan waar een broom aanhangt gaat reageren met naoh, geef het reactieproduct(en) en zeggen welk reactiemechanisme het is en ook het reactiemechanisme uitschrijven&lt;br /&gt;
===14 juni 2019 (namiddag)===&lt;br /&gt;
# 4 benzeen ringen gegeven (3 daarvan met substituenten)&lt;br /&gt;
## Reactiemechanisme uitschrijven voor een gewone benzeen tot chloorderivaat (SeAr)&lt;br /&gt;
## Rangschikken volgens reactiviteit, grensstructuren tekenen en substituenteffecten verklaren.&lt;br /&gt;
## Van de 4 chloorderivaten de IUPAC-naam geven en eindstructuur tekenen &lt;br /&gt;
# De glycolyse genereert op 2 plaatsen ATP en de Krebs-cyclus op 1 plaats. Teken de reagens en het product van de reacties. Leg uit waarom de moleculen energie genereert.&lt;br /&gt;
# Suiker oefening met L-Talose tot alfa-L-talose, Wat is de katalysator?, Reactietype?, Enantiomeer, Stabielste Newman-projectie (C4 en C5), R/S-Configuratie op C2 en C3, Oxidatietrap van C1.&lt;br /&gt;
# Isoelektrisch punt van Arginine en Glycine berekenen, pH van een 0,1M 100ml Arginine oplossing na toevoegen van 200ml 0,1 NaOH, L-configuratie van Arginine tekenen, is het een S/R configuratie?&lt;br /&gt;
# Gegeven: Tetracycline. Het molecule heeft 2 pKa en 1 pKb . Zoek de groepen die hiervoor zorgen en verklaar je keuze.&lt;br /&gt;
# Vul reactie aan (reactieproducten), geef reactietype en eindproduct, geeft reactietype eindproduct en reactiemechanisme.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 juni 2019 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
# 4 structuren gegeven: 2 broomalkanen, 1 broomalkeen en een fenylbroomalkaan&lt;br /&gt;
## Schrijf het Sn2 reactiemechisme uit voor structuur A (broomethaan) met natriumwaterstofsulfide. &lt;br /&gt;
## Rangschik de gegeven structuren volgens afnemende reactiviteit. Leg uit! &lt;br /&gt;
## Geef de IUPAC-namen van al de reactieproducten&lt;br /&gt;
# Geef de isomerisatie in de glycolyse van het glucosederivaat naar fructosederivaat. Waarom is dit basegekatalyseerd.&lt;br /&gt;
## Geef het verband tussen de Tollens- en Fehlingstest en het verband tussen Barfoed- en Benedictetest.&lt;br /&gt;
# Gegeven is een suiker in de stoelvorm&lt;br /&gt;
## Geef de volledige naam van dit suiker.&lt;br /&gt;
## Geef de Fischerprojectie van de open-ketenvorm en geef de stabielste Newmanprojectie met C3 en C4 als as.&lt;br /&gt;
## Wat is de conformatie en OT van C2 en C5?&lt;br /&gt;
## Geef het anomeer van dit suiker. Is dit ook een epimeer/diasteriomeer/enantiomeer? Leg elke term uit. &lt;br /&gt;
# Oefening op aminozuren:&lt;br /&gt;
## Waarom heeft leucine een hogere pKa dan threonine?&lt;br /&gt;
## Welke lading heeft leucine in een mengsel van ph = 9,5? Ligt het eerder aan kathode/anode/ergens in het midden bij elektroforese?&lt;br /&gt;
## Geef de 2R,3S vorm van threonine in de fischerprojectie.&lt;br /&gt;
# Welke van onderstaande structuren ondergaat gemakkelijk een decarboxylering bij een temperatuursverhoging? Zo ja, schrijf het mechanisme helemaal uit. COOH-CH2-CHOH-CH3 / COOH-CHOH-CH2-CH3 / COOH-CH2-CO-CH3 / COOH-CH2-COOH&lt;br /&gt;
# Vul reactie aan (reactieproducten), geef reactietype en eindproduct, geeft reactietype eindproduct en reactiemechanisme.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===13 juni 2019 (namiddag)===&lt;br /&gt;
# Structuren van chloorbenzeen, anisool, benzeen en fenol zijn gegeven.&lt;br /&gt;
## Schrijf het reactiemechanisme uit van een elektrofiele substitutie van benzeen met als eindproduct een nitroderivaat.&lt;br /&gt;
## Rangschik de gegeven structuren volgens afnemende reactiviteit. Leg uit adhv substituenteffecten en teken grensstructuren indien nodig.&lt;br /&gt;
## Geef van de 4 nitroderivaten de IUPAC-naam en teken de structuur&lt;br /&gt;
# Waarom kunnen alcoholen niet gemakkelijk een SN-reactie ondergaan? Geef 2 voorbeelden van een SN-reactie van een alcohol, schrijf het mechanisme. Reageert fenol op dezelfde manier? Teken en leg uit. Hoe kunnen SN-reacties van alcoholen mogelijk gemaakt worden in biologische systemen?&lt;br /&gt;
# Gegeven: enantiomeer van een structuur. Geef R- of S-configuratie van 2 aangeduide C-atomen. Teken de ruimtelijke structuur van het molecule. Hoeveel stereo-isomeren zijn er? Teken de meest stabiele Newman-projectie. Is er een mesovorm? Indien mogelijk teken mesomere grensstructuren. Geef de oxidatietrap van 2 aangeduidde C-atomen.&lt;br /&gt;
# Bij welke pH komt het Zwitter-ion van arginine voor? Teken. Waarom is de pKa van arginine lager dan de pKa van asparaginezuur? Gegeven: 100ml volledig geprotoneerd 0,10M asparaginezuur, Wat is de pH na een titratie met 150mL 0,10M NaOH? Teken van elk vermeld aminozuur de neutrale structuur&lt;br /&gt;
# Gegeven: formaldehyde, aceetaldehyde en benzaldehyde. Welke kan een aldolcondensatie met zichzelf doen? Teken het mechanisme en verklaar waarom de andere 2 dit niet kunnen.&lt;br /&gt;
# Vul reactie aan (reactieproducten), geef reactietype en eindproduct, geeft reactietype eindproduct en reactiemechanisme.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===13 juni 2019 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
# 4 structuren gegeven: 2 chlooralkenen, 1 chlooralkaan en 1 chloorether&lt;br /&gt;
## Schrijf het reactiemechanisme uit voor een SN1 reactie van (1 van de 2) chlooralkeen met ammoniak.&lt;br /&gt;
## Rangschik de gegeven structuren volgens afnemende reactiviteit. Leg uit adhv substituenteffecten en teken grensstructuren indien nodig.&lt;br /&gt;
## Geef van de 4 derivaten de IUPAC-naam (van de eerste 3 dus niet de ether) en teken de structuur.&lt;br /&gt;
# Geef het mechanisme van decarboxylering van beta-ketocarbonzuren en leg uit. Geef een voorbeeld van een analoog mechanisme in de biologie en leg uit.&lt;br /&gt;
#L-glucose tekenen en omzetten in alfa-L-glucofuranose. Geef enantiomeer van de structuur. Geef R- of S-configuratie van 2 aangeduide C-atomen. Hoeveel stereo-isomeren zijn er? Teken de meest stabiele Newman-projectie. Geef een diastereomeer dat ook een epimeer is. Geef de oxidatietrap van 2 aangeduidde C-atomen. Is alfa-L-glucofuranose een reduceerbare suiker?&lt;br /&gt;
# Tyrosine en serine hebben een gelijkaardige zijketen, waarom heeft tyrosine een pKr en serine niet? Gegeven: 100ml volledig geprotoneerd 0,10M tyrosine, Wat is de pH na een titratie met 300mL 0,10M NaOH? Welke vormen van serine en tyrosine komen voor bij pH 10,5? Alle vermelde AZ moeten getekend zijn in het antwoord.&lt;br /&gt;
# Gegeven: Benzeen, pyrrool en pyridine. Rangschik volgens reactiviteit voor een SeAr reactie mbv grensstructuren.&lt;br /&gt;
# Vul reactie aan alkyn --?--&amp;gt; alkeen --Br2--&amp;gt; ?, geef reactietype en eindproduct: 3-fenyl-1-amino-2-propanon --OH--&amp;gt;, geeft reactietype eindproduct en reactiemechanisme: aldolcondensatie.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===30 augustus 2018===&lt;br /&gt;
# 4 gegeven alcoholen kunnen en E1 reactie ondergaan, geef de volledige reactie voor alcohol A, geef de eindproducten en de IUPAC-naam van de 4 alcoholen na de reactie. Orden volgens afnemende reactiviteit.&lt;br /&gt;
# Een vraag over de oxidatieve deaminering van glutaminezuur.&lt;br /&gt;
# Suiker in ringstructuur gegeven: geef naam &amp;amp; lineaire vorm, geef de Newman projectie (c3-c4), is c2 R/S en wat is zijn oxidatietrap, hoeveel chirale C atomen zijn er en duid aan in de cyclische vorm en lineaire vorm welke de chirale C atomen zijn, geef een diastereomeer dat geen epimeer of anomeer is van de gegeven suiker, hoe heet de reactie waarbij een lineaire vorm over kan gaan in de cyclische vorm en in welk solvent gebeurt dit.&lt;br /&gt;
# Leg het verschil in pKa tussen glutaminezuur en valine uit. Welke vorm van glutaminezuur komt er het meeste voor bij bepaalde pH. Bereken de pH van een oplossing van 100ml valine (0,1M) met 200ml base.&lt;br /&gt;
# Een SN reactie bij alcoholen moet in zuur milieu gebeuren: waarom, waarom niet met NH2 als nucleofiel, geef een alternatief voor zuur milieu bij SN reactie met alcoholen.&lt;br /&gt;
# Vul reactie aan (pijltjes en reactieproducten), geef reactietype en eindproduct, geeft reactietype eindproduct en reactiemechanisme. &lt;br /&gt;
===22 juni 2018===&lt;br /&gt;
# De snelheid en reactieproducten met IUPAC-naam geven van 4 esters in basisch midden, voor 1 het mechanisme uitschrijven.&lt;br /&gt;
# Leg de synthese van peptiden uit met dicyclohexylcarbodiimide. Welke voorzorgsmaatregel moet genomen worden om selectief een peptide te vormen? Geef een voorbeeld. &lt;br /&gt;
# Geef de naam van een gegeven cyclisch suiker. Uitleggen of het R of S is. Is het een reducerende suiker? Geef de fischerprojectie. Geef de Newmanprojectie met c3-c4 als as en geef hiervan de stabielste Haworthprojectie. Geef het anomere suiker, is dit een enantiomeer, epimeer of diastereomeer en verklaar. &lt;br /&gt;
# Geef de 3D projectie van S-tryptofaan. Waarom heeft de R-groep van tryptofaan geen basische eigenschappen? Is tryptofaan vlot te scheiden van alanine met gelelektroforese? Indien ja, bij welke pH en waar zouden ze zich bevinden op de gel. Indien nee, verklaar. &lt;br /&gt;
# Waarom ondergaat pyridine gaan elektrofiele aromatische substitutie met een chlooralkeen en trichlooralluminium zoals benzeen? Schrijf de reactie uit die wel plaatsvindt en benoem deze. Nog een deelvraag....&lt;br /&gt;
# Mechanismes aanvullen en reactietypes bepalen. De eerste was een cyclisch ester waarbij je moest aangeveven dat er OH werd gebruikt zodat de ring open ging en het eindproduct in skeletnotatie. Reactie tussen een zuurchloride en een primair amine, het reactietype en producten in skeletnotatie geven. De laatste was een claisoncondensatie waarbij het mechanisme gegeven moest worden en het eindproduct in skeletnotatie. &lt;br /&gt;
===18 juni 2018===&lt;br /&gt;
# De snelheid en reactieproducten met IUPAC-naam geven van 4 benzeenderivaten bij een elektrofiele aromatisch substitutie, voor 1 het mechanisme uitschrijven&lt;br /&gt;
# Leg de afbraak van vetzuren uit en geef de coënzymen die een rol spelen, vergelijk met de vetzuursynthese en leg het verband uit tussen vetzuursynthese en de Claisencondensatie&lt;br /&gt;
# Aflatoxine is gegeven, enkele vraagjes zoals: hoeveel stereoisomeren, teken diastereomeren, r of s,heeft het molecule een mesovorm, oxidatietrappen bepalen, mesomere effecten aanduiden...&lt;br /&gt;
# Waarom heeft de NH2 groep van asparagine geen Pkr? Waar bevinden tyrosine en asparagine zich in een gelelektorforese bij pH 11? Is er mesomerie mogelijk in tyrosine, duid aan met pijlen&lt;br /&gt;
# Bespreek de stereochemie van 2 reacties&lt;br /&gt;
# mechanismes aanvullen en reactietypes bepalen&lt;br /&gt;
===14 juni 2018 ===&lt;br /&gt;
Mondeling&lt;br /&gt;
#4 stoffen vergelijken waarbij een aromatische substitutie gebeurd ter vorming van een nitroderivaat voor 1 het mechanisme uitschrijven en welke het snelste gaat verlopen en waarom. De structuur van de reactieproducten tekenen en de IUPAC-naam geven.&lt;br /&gt;
#De volledige vetzuursynthese geven en alle enzymes en cofactoren benoemen. Zeggen waarom NADPH een goed reductans is voor de reductie van de vetzuren.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
schriftelijk&lt;br /&gt;
#Van een gegeven verbinding zeggen hoeveel stereo-isomeren er van bestaan en van ze allemaal de fisher en newman projectie (stabielste configuratie) geven. Van alle chirale atomen de R of de S configuratie toe kennen. Zeggen welke diasteriomeren en enantiomeren van elkaar zijn. Er kon makkelijk water afgesplitsd worden en zeggen waarom het een stabiel carbokation was en de hybridisatie van het koolstof atoom geven.&lt;br /&gt;
#Van threonine de titratie curve gekregen en hieruit afleiden welke volume op elk punt is toegevoegd welke vorm er het meeste voorkomt en op een bepaald punt de lading van het aminozuur bepalen. Waarom pKa van threonine lager als die van Leucine. (overal structuur van geven)&lt;br /&gt;
#4 verschillende verbindingen gekregen en zeggen welke verbinding het reactiefste is bij een nucleofiele substitutie.&lt;br /&gt;
#Oefening over mechanismes: producten geven, boven pijl aan vullen, reactietype of volledig mechanisme.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 13 juni 2018 ===&lt;br /&gt;
#4 stoffen vergelijken waaraan een elektrofiele additie van HBr gebeurd. Het mechanisme voor 1 v/d stoffen uitschrijven. Zeggen welke reactie het snelst gaat verlopen en waarom (eventueel aantonen door uitschrijven grensstructuren). De structuur van de reactieproducten voor de 4 stoffen geven en de IUPAC-naamgeving van twee daarvan. (mondeling)&lt;br /&gt;
#Geef het mechanisme van decarboxylering van beta-ketocarbonzuren en leg uit. Geef een voorbeeld van een analoog mechanisme in de biologie en leg uit. (mondeling)&lt;br /&gt;
#Oefening over ringsluiting van een suiker, aanduiden asymmetrische koolstoffen, D omzetten in L, een epimeer en anomeer geven, R-S configuratie voor 1 C geven, meest stabiele conformatie over as tussen twee C&#039;s weergeven in Newmann. (schriftelijk)&lt;br /&gt;
#Oefening over aminozuren. 3D weergave van S-proline weergeven. Zeggen waarom pKa&#039; van proline hoger ligt dan van valine. Geven onder welke vorm valine voorkomt bij pH 2.2 en waarom. &lt;br /&gt;
#Oefening over reactie H2SO4 onder temperatuurstijging en een alcohol. Hier gaat eliminatie gebeuren. De twee mogelijke reactieproducten worden gegeven en er wordt gezegd welke het meest gaat voorkomen. Vervolgens wordt gevraagd aan welke regel er hier niet wordt voldaan en waarom. (Regel van Zaitsev wordt niet voldaan, de minst gesubstitueerde alkeen gaat gevormd worden, komt door verschillende reactiemechanisme voor eliminatie van alcohol met H2SO4, schrijf hiertoe mechanismen uit dan wordt het duidelijk)&lt;br /&gt;
#oefening over mechanismen (aanvullen, producten geven of volledig mechanisme uitschrijven)&lt;br /&gt;
=== 7 september 2017 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
# 4 stoffen (ketonen) gegeven waarop een nucleofiele additie van methylamine gebeurt. schrijf het mechanisme voor stof A, geef de stoffen in afnemende reactiviteit en de UIPAC naam van alle stoffen met structuur.&lt;br /&gt;
# vergelijk de hydrolyse van carbonzuuresters en fosfaatesters in base en de hydrolyse van fosfaatesters in zuur. vergelijk de hydrolysesnelheid van mono-, di- en trialkylfosfaten.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#De pKr van glutaminezuur is groter dan die van asparaginezuur, verklaar. titratie van glutaminezuur met NaOH, bereken de pH als er 250ml base werd toegevoegd. welke vorm van asparaginezuur is meer aanwezig bij pH 2.2.&lt;br /&gt;
#welk product word gevormd bij de reactie van Z-2-penteen met dibroom (S,R).&lt;br /&gt;
#reacties aanvullen, skeletnotatie, reactietype, reactiemechanisme,...&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===29 augustus 2017 (namiddag) - Mario Smet===&lt;br /&gt;
Mondeling&lt;br /&gt;
#4 stoffen zijn gegeven: een buteen, een butadieen, een fenyletheen, en een furyletheen. Voer een elektrofiele additie van water uit in zuur milieu: schrijf het reactiemechanisme compleet uit voor stof A + welke stof is het reactiefste leg uit adhv substituenteffecten + geef alle gevormde producten en hun IUPAC namen.&lt;br /&gt;
#Methionine wordt gebruikt bij de methylering in het lichaam maar moet eerst geactiveerd worden. Geef mechanisme van activering, mechanisme van methylering, geef biologisch voorbeeld van methylering + Mosterdgas is sterk alkylerend, waarom? En waarom zijn sterk alkylerende stoffen uiterst toxisch?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk&lt;br /&gt;
#oefeningen op koolhydraten: L-arabinose omvormen naar beta-L-arabinofuranose, hoe noemt deze reactie en welk type reactie is dit?, geef een anomeer van de beta vorm is dit een enantiomeer?, geef een diastereomeer dat geen epimeer is, is deze suiker reducerend?, newman projectie van meest stabiele configuratie bekeken vanaf C2 en C3, geef de absolute configuratie en oxidatietrap van C2 en C4,...)&lt;br /&gt;
#oefening op AZ: arginine, welke vorm heeft dit bij pH12.5 en waarom? Welk stikstofatoom is het meest basisch en waarom? valine, geef S configuratie (beiden dus structuur vanbuiten kennen)&lt;br /&gt;
#methyl-2-methylpropanoaat ondergaat een claisencondensatie in oplossing met methoxide. In tegenstelling tot andere claisencondensaties wordt het reactiemechanisme NIET naar rechts getrokken, waarom?&lt;br /&gt;
#3 verschillende reacties, verschillende zaken aanvullen telkens (mechanisme, welk type reactie, reactieproduct, reagentia,...)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===15 juni 2017 (voormiddag) - Mario Smet===&lt;br /&gt;
Mondeling&lt;br /&gt;
#halogeenalkaan ondergaat een E1 + toelichten zaitsev&lt;br /&gt;
#vier moleculen ondergaan een E; welke is het reactiefst? Leg uit mbhv substituenteffecten + resonantievormen tekenen (indien nuttig)&lt;br /&gt;
#Waarom kan op een alcohol NIET goed een Sn uitgevoerd worden? (OH- is niet stabiel)&lt;br /&gt;
#2 voorbeelden geven hoe dat wel kan + werkt dit ook voor fenol? (protoneren of fosfaatgroep toevoegen)&lt;br /&gt;
#Voorbeeld geven van een nucleofiele substitutie van een alcohol in biologische systemen (acetaalvorming v/e reducerende suiker met methanol)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk&lt;br /&gt;
#oefeningen op koolhydraten (R/S; anomeer, epimeer, haworth en newman projecties&lt;br /&gt;
#oefeningen op reactiemechanismen (fiederlkraftsalkylering, nucleofiele acylsubstietutie)&lt;br /&gt;
#oefening op AZ (2 tekenen, titratie-oef, pKa vergelijken)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 Juni 2017 (namiddag)===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
#Elektrofiele additie reactiemechanisme schrijven (regel markovnikov)&lt;br /&gt;
#4 moleculen bepalen welke het snelst aan een Ae doet (grensstructuren, inductieve effecten)&lt;br /&gt;
#naamgeving van enkele producten na de Ae&lt;br /&gt;
#isomerisatie in glycolyse van glucose-6-fosfaat naar fructose-6-fosfaat en uitleggen waarom dit base gekatalyseerd is&lt;br /&gt;
#verband uitleggen met Fehling&#039;s/ Tollen en Barfoed&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
#gegeven moleculen Menthol aantal stereochemische oefeningen oplossen (R/S, diasteromeren, enantiomeren, newman...)&lt;br /&gt;
#oefening op AZ op papierelektroforese (waar komt elk AZ bij bepaalde ph)&lt;br /&gt;
#aceton+ methylanime wordt imine bij ph=7 laat zien&lt;br /&gt;
#enkele reactiemechanisme aanvullen of tekenen ( Nitrering, estercondensatie)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===12 juni 2017 (voormiddag) SINDS 2017 GEGEVEN DOOR MARIO SMET===&lt;br /&gt;
#op 4 structuren Sn1 toepassen en verklaren welke het meest reactief is + resomere vormen geven + naamgeving...&lt;br /&gt;
#retro aldolcondensatie bij glycolyse en zeggen hoe het katalytisch effect tot stand kwam&lt;br /&gt;
#een oefenig op suikers, op aminozuren en 3 reactiemechanismes&lt;br /&gt;
#vertellen hoe een alcohol test werkt met chroomzuur&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===9 juni 2016===&lt;br /&gt;
#beckman omlegging&lt;br /&gt;
#edman degradatie&lt;br /&gt;
#biosynthese geraniol en limoleen&lt;br /&gt;
#structuren = S.A.M &amp;amp; biotione&lt;br /&gt;
#naamgeving + 2 mechanismes&lt;br /&gt;
#oefening ivm stereochemie&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===8 juni 2016===&lt;br /&gt;
#synthese vn peptiden&lt;br /&gt;
#hydrolyse, omestering en reductie van esters&lt;br /&gt;
#cannizaro reactie&lt;br /&gt;
#structuren: -2-isopentenylpyrofosfaat&lt;br /&gt;
#Trans decaline&lt;br /&gt;
#oef over suikers(suiker bepalen, chirale C&#039;s, newman projectie..)&lt;br /&gt;
#reactiemechanismen en naamgeving&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===6 juni 2016===&lt;br /&gt;
#Aldolcondensatie en waardat deze terugkomt in de glycolyse&lt;br /&gt;
#reactiviteit bij de substitutie reacties van benzeen, tolueen en pyridine vergelijken&lt;br /&gt;
#-verschil tussen reducerende suikers en nietreducerende suikers&lt;br /&gt;
#structuur van acetyl-choline en palitine&lt;br /&gt;
#pH van aminozuren bij een titratie&lt;br /&gt;
#reactimechanisme&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 juni 2015 ===&lt;br /&gt;
# Claisen condensatie + verband met afbraak van vetzuren&lt;br /&gt;
# Bespreek de reactie van geconcentreerd zwavelzuur met:&lt;br /&gt;
#* Alkeen&lt;br /&gt;
#* Alcohol&lt;br /&gt;
#* Aromaat&lt;br /&gt;
# acetylcholine en fructose 6 fosfaat tekenen, optische zuiverheid uitleggen. &lt;br /&gt;
#Oefeningen over aminozuren (of glutamine en threonine te scheiden waren met elektroforese) fischer, newmann, stereo isomeren erover. &lt;br /&gt;
#En dan twee reacties natuurlijk&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===12 juni 2015 ( namiddag ) ===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
mondeling:&lt;br /&gt;
# Leg de reacties met benzeen uit en ook die van purine en fenol.&lt;br /&gt;
# Bespreek de hydrolyse en omestering van vetzuren in zuur en basisch milieu. Leg hierbij ook het broomgetal en verzepingsgetal uit.&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# Naamgeving ( c-AMP en mannose)&lt;br /&gt;
# Leg uit si en re&lt;br /&gt;
# Een hele lang oefening vergelijkbaar met de oefeningen van de oefenzitting ( verschil tussen D en L, chirale C, reacties, ...)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===12 juni 2015 ( voormiddag ) ===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
mondeling:&lt;br /&gt;
#Aminen en halogeenalkanen &lt;br /&gt;
#Aminen en salpeterigzuur&lt;br /&gt;
#Laboratorium peptidesynthese&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
schriftelijk:&lt;br /&gt;
#structuren&lt;br /&gt;
#*Limoneen&lt;br /&gt;
#*Sorbitol&lt;br /&gt;
#stereochemie+ reactiemechanisme&lt;br /&gt;
#*aldolcondensatie&lt;br /&gt;
#leg uit:&lt;br /&gt;
#*reducerende en niet-reducerende suikers&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===11 juni 2015===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
mondeling:&lt;br /&gt;
#Wat is &#039;&#039;mutarotatie&#039;&#039;? Leg dit uit a.h.v glucose en fructose.&lt;br /&gt;
#Leg uit:&lt;br /&gt;
#* Fisher-verestering&lt;br /&gt;
#* Beckmann-omslag. Je moet ook weten hoe H2O addeert. Hij vraagt hoe je aan een oximen kunt komen. &lt;br /&gt;
schriftelijk:&lt;br /&gt;
#IUPAC &lt;br /&gt;
#structuren&lt;br /&gt;
#*citroenzuur&lt;br /&gt;
#*ninhydrine&lt;br /&gt;
#structuur observeren&lt;br /&gt;
#* chirale C-atomen aanduiden&lt;br /&gt;
#* OG van aangeduid atoom geven&lt;br /&gt;
#* vermelden welke N in de molecule het stabielste is.&lt;br /&gt;
#* vermelden hoeveel stereo-isomeren er gevormd kunnen worden.&lt;br /&gt;
#* Ã©Ã©n stereomeer tekenen dat geen enantiomeer is.&lt;br /&gt;
#* oefening op pH-waarden binnen titraties. ( &#039;&#039;deze bij 200 mL als de molecule volledig geprotoneerd is&#039;&#039; )&lt;br /&gt;
#wat is &#039;&#039;fosforyleringspotentiaal&#039;&#039;? Leg uit.&lt;br /&gt;
#2 structuren gegeven. &lt;br /&gt;
#*Van elk de/het reactieproduct(en) geven en hiervan de juiste skeletnotatie. &lt;br /&gt;
#*Geef van Ã©Ã©n van de 2 tructuren het reactiemechanisme.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===16 juni 2014===&lt;br /&gt;
#Bespreek de reacties met alkenen (waterstof halogenen en perzuren)&lt;br /&gt;
#Iupac&lt;br /&gt;
#Bespreek reducerende suikers&lt;br /&gt;
#Peridoxalfosfaat en acetylcholine&lt;br /&gt;
#Stereochemie&lt;br /&gt;
#Reactiemechanismen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 augustus 2013===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Welke reactie kan D-mannose in een basisch milieu ondergaan?&lt;br /&gt;
# Leg de biosynthese van vetzuren uit.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC&lt;br /&gt;
# Structuren: tBOC en ninhydrine&lt;br /&gt;
# Fosforylerings-potentiaal&lt;br /&gt;
# Random oefening&lt;br /&gt;
# Reacties: Ester+Amide en Alcohol+Zuur&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===25 juni 2013 (namiddag)===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek de elektrofiele en nucleofiele substitutie bij benzeen en pyridine.&lt;br /&gt;
# Bespreek eliminatiereacties bij halogeenalkanen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC.&lt;br /&gt;
# Structuur van glucaarzuur en tosylchloride.&lt;br /&gt;
# Leg optische zuiverheid uit.&lt;br /&gt;
# Tryptofaan: chirale koolstoffen, alle stereo-isomeren tekenen in Fischer en Newman, R/S bepalen.&lt;br /&gt;
# Reacties: Nucleofiele substitutie halogeenalkaan en Fischer estersynthese.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===25 juni 2013 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
#decarboxylatie alpha-aminozuur en decarboxylatie alpha-ketocarbonzuur&lt;br /&gt;
# amine + halogeenalkaan/salpeterigzuur&lt;br /&gt;
# iupac&lt;br /&gt;
# structuur beta-maltose en geranylpyrofosfaat&lt;br /&gt;
# dean-stark&lt;br /&gt;
# molecule: chirale centra, R/S, enantiomere/diastereomere/epimeren/anomeren, oxidatie, welke OH zuurste?&lt;br /&gt;
# reactie aldehyd + OH/H2o, tetrahydropyraan met HI&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17 juni 2013 (namiddag)===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Leg de methoden uit om de volgorde van aminozuren in een peptide te achterhalen&lt;br /&gt;
# Leg uit: Halfacetaal- en acetaalvorming en pas toe op de vorming van beta-D-glucopyranose en methyl-beta-D-glucopyranoside&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# Leg biodiesel uit&lt;br /&gt;
# Geef de structuur van limoneen en citroenzuur&lt;br /&gt;
# IUPAC-naamgeving&lt;br /&gt;
# Molecule gegeven: &lt;br /&gt;
#* Geef alle chirale C-atomen + R/S nomenclatuur&lt;br /&gt;
#* Newman projectie geven van bepaalde as&lt;br /&gt;
#* Is de stikstof erin basisch (verklaar met substituenteffecten)&lt;br /&gt;
#* Teken een stereomeer die geen epimeer is&lt;br /&gt;
# Reacties waarvan 1 uitwerken:&lt;br /&gt;
#* Sn1 van een alkaan met een broom erin&lt;br /&gt;
#* Claisen condensatie van een ester&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17 juni 2013 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
#bespreek reactie alkenen met perzuren, halogenen en H2.&lt;br /&gt;
#bespreek decarboxylatie van carbonzuren, pas toe op vb uit citroenzuurcyclus&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
#bespreek: reducerend/niet reducerend suiker&lt;br /&gt;
#molecules tekenen: biotine en SAM&lt;br /&gt;
#iupac naam&lt;br /&gt;
#chirale C: OT, R of S aangeven, diasteromeren van een AZ en fisher+newman&lt;br /&gt;
#oefening met ph berekening met titratie&lt;br /&gt;
#uitleggen waarom pka van 1 lager is dan een ander AZ&lt;br /&gt;
#2 ractiemechanismen geven, Ã©Ã©n ervan uitschrijven&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 juni 2013 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# mutarotatie volledig uitleggen en illustreren voor D-fructose en D-glucose&lt;br /&gt;
# Joodgetal, verzepingsgetal, Hydrolyse en omestering (zuur en basisch) voor olie en vetten. (met TEKENINGEN van ELK mechanisme)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# fosforyleringspotentaal&lt;br /&gt;
# 2 mechanismes waarvan ge het mechanisme en het eindproduct moet geven en eentje moet ge tekenen (naar keuze).&lt;br /&gt;
# structuur gegeven: &lt;br /&gt;
#* geef alle chirale C-atomen &lt;br /&gt;
#* Stereo isomeren &lt;br /&gt;
#* R en S geven van de chirale C-atomen in de stereo isomeren &lt;br /&gt;
#* Zeggen of de dubbele bindingen E of Z zijn &lt;br /&gt;
#* bepaal oxidatiegetal van het aangeduide punt &lt;br /&gt;
#* verklaar waarom een stof hogere pka heeft als die gegeven is&lt;br /&gt;
# er is nog eentje maar die weet ik niet meer.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 13 juni 2013 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
Mondeling: &lt;br /&gt;
#synthese van peptiden in het labo&lt;br /&gt;
#de hydrolysereactie van esters en fosfaatesters&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
schriftelijk: &lt;br /&gt;
#iupac naam&lt;br /&gt;
#structuur van : cAMP en alpha keto glutaarzuur&lt;br /&gt;
#leg de Beckman omlegging uit&lt;br /&gt;
#suikers (ge krijgt een blad me alle suikers op) wij hadden xylulose&lt;br /&gt;
#* bepaal de absolute configuratie van alle chirale C-atomen&lt;br /&gt;
#*teken de meest stabiele open ketenvorm in een speciale projectie, kweet nimeer welke, volgens de C3-C4 as&lt;br /&gt;
#*bepaal het oxidatiegetal van C2&lt;br /&gt;
#*teken de overgang van L - xylulose naar L alpha xylulopentose&lt;br /&gt;
#*teken het anomeer van L alpha xylulopentose&lt;br /&gt;
#*welke soort reactie treed op bij een ringsluiting en welk soort katalysator bevordert dit proces&lt;br /&gt;
#dan nog twee reacties, waarvan ge een volledig moet uitwerken en van beide reacties moet ge het reactietype geven en reactieproduct(en)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 13 juni 2013 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
#bespreek de claisencondensatie en bespreek het verband met de afbraak van vetzuren&lt;br /&gt;
#beschrijf de biosynthese van geraniol en limoneen(monoterpenen)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
#Bespreek de regel van Huckel&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===15 juni 2012 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
Mondeling: &lt;br /&gt;
# Bespreek de biosynthese van monoterpenen: geraniol (molecule krijg je) en limoneen (structuur wel kennen)&lt;br /&gt;
# Bespreek de aldolcondensatie en geef het verband met de glycolyse&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk: &lt;br /&gt;
# IUPAC naam geven&lt;br /&gt;
# structuren van acetylcholine en citroenzuur&lt;br /&gt;
# uitleggen wat reducerende en niet reducerende suikers zijn&lt;br /&gt;
# oefening met molecule met fenolen enz aan: fisherprojecties geven van de isomeren en ook de R/S en newmanprojecties van de stabielste moleculen.&lt;br /&gt;
# reactiemechanismes aanvullen: nucleofiele additie van H2SO4 aan alkeen en zuurgekatalyseerde claisencondensatie&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 juni 2012 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# bespreek de nucleofiele reacties van carbonylgroep en additie met H20 en alcohol&lt;br /&gt;
# Bespreek ninhydrine reactie&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# ne iupac&lt;br /&gt;
# Limoneen en fosfoënolpyruvaat tekenen&lt;br /&gt;
# Bespreek optische zuiverheid&lt;br /&gt;
# oefening met suiker ( bij ons was die suiker L-tagatose dachtek) ma ge krijgt een blad om hem te herkennen (naam geven, fisher tekenen, R/S, een diastereomeer geven dat geen epimeer en geen anomeer is, + waarom suikercyclisatie zuur gekatalyseerd, en dan nog iets ma da wetek ni meer)&lt;br /&gt;
# 2 structuren ( 1 was zo cyclisch ether da met HI reageert )&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===30 juni 2011===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
#Labosynthese van peptiden&lt;br /&gt;
#Eliminatiereacties bij halogeenalkanen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
#IUPD-naam&lt;br /&gt;
#structuren:&lt;br /&gt;
#*Nylon-66&lt;br /&gt;
#*Palmitinezuur&lt;br /&gt;
#Leg uit: Dean Stark opstelling&lt;br /&gt;
#stereochemie&lt;br /&gt;
#reactiemechanismen&lt;br /&gt;
===24 Juni 2011 (namiddag)===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
#Ninhydrinereactie&lt;br /&gt;
#bespreek reacties van amiden met halogeenalkanen en salpeterigzuur&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
#IUPAC-naam&lt;br /&gt;
#Structuren:&lt;br /&gt;
#*c-AMP&lt;br /&gt;
#*Sorbitol&lt;br /&gt;
#Leg uit: Cannizzaro-reactie&lt;br /&gt;
#stereochemie&lt;br /&gt;
#2 reactiemechanismen&lt;br /&gt;
===24 Juni 2011 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
#Bio-synthese van vetzuren en het verband met de Claisencondensatie&lt;br /&gt;
#reacties van alkenen met waterstof, halogenen en perzuren.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
#IUPAC-naam&lt;br /&gt;
#structuren:&lt;br /&gt;
#*ATP&lt;br /&gt;
#*citroenzuur&lt;br /&gt;
#Leg uit: Diazokoppelingsreactie&lt;br /&gt;
#stereochemie&lt;br /&gt;
#2 reactiemechanismen&lt;br /&gt;
===16 Juni 2011===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
#Leg uit: acetaal- en halfacetaalvorming.&lt;br /&gt;
#Reacties van anorganische zuren met alkenen en alkynen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
#IUPAC-naam&lt;br /&gt;
#structuren:&lt;br /&gt;
#*limoneen&lt;br /&gt;
#*D-mannose&lt;br /&gt;
#leg uit: Kolbe-Schmitt reactie&lt;br /&gt;
#stereochemie&lt;br /&gt;
#2 reactiemechanismen&lt;br /&gt;
===23 augustus 2010===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Ninhydrinereactie&lt;br /&gt;
# Welke reacties kan D-fructose in base ondergaan?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam&lt;br /&gt;
# structuren:&lt;br /&gt;
#* Pyridoxalfosfaat&lt;br /&gt;
#* SAM&lt;br /&gt;
# leg uit: Biodiesel&lt;br /&gt;
# stereochemie&lt;br /&gt;
# twee reactiemechanismen:&lt;br /&gt;
#* keton met alcohol&lt;br /&gt;
#* amide in water (zuurgekatalyseerd)&lt;br /&gt;
===18 juni 2010===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Reactie van anorganische zuren met alkenen en alkynen.&lt;br /&gt;
# Alkylering, sulfonering en acylering van aromaten.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam&lt;br /&gt;
# structuren&lt;br /&gt;
#* (delta2)isopentenylpyrofosfaat&lt;br /&gt;
#* cellobiose&lt;br /&gt;
# leg uit: epoxyharsen en -lijmen&lt;br /&gt;
# stereochemie aminozuur met R = -CHOH-CH3&lt;br /&gt;
#* duid chirale koolstoffen aan&lt;br /&gt;
#* hoeveel conformaties zijn er? en teken deze&lt;br /&gt;
#* benoem (R,S)&lt;br /&gt;
#* welke zijn enantiomeren? diastereomeren?&lt;br /&gt;
#* bepaal het oxidatiegetal van de C-atomen&lt;br /&gt;
#* welk is het meest basisch en zeg waarom...&lt;br /&gt;
# twee reactiemechanismen waarvan 1 helemaal uitschrijven&lt;br /&gt;
===14 juni 2010===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Welke reacties gebeuren er met suikers in basisch milieu? (en dan bedoelt hij specifiek in basisch milieu)&lt;br /&gt;
# Bespreek de oxidatie van alcoholen in het labo met K2Cr2O7 en in de natuur met NAD+ en illustreer met een voorbeeld in de citroenzuurcyclus&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam&lt;br /&gt;
# structuren&lt;br /&gt;
#* Dansylchloride&lt;br /&gt;
#* Biotine&lt;br /&gt;
# leg uit: reactie van Chichibabin&lt;br /&gt;
# stereochemie&lt;br /&gt;
#* duid chirale koolstoffen aan&lt;br /&gt;
#* hoeveel conformaties zijn er? en teken deze&lt;br /&gt;
#* benoem (R,S)&lt;br /&gt;
#* welke zijn enantiomeren? diastereomeren?&lt;br /&gt;
#* is er een mesovorm?&lt;br /&gt;
#* welk is het meest basisch: CH3CH2COO- of CH3CH2C=-C- (driedubbele binding) en zeg waarom&lt;br /&gt;
# twee reactiemechanismen waarvan 1 helemaal uitschrijven&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===11 juni 2010===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Wat geven alkenen met &lt;br /&gt;
#* Anorganische zuren; &lt;br /&gt;
#* Perzuren (ook energieschema&#039;s kennen, effecten van concentraties enzo)&lt;br /&gt;
# Bespreek de biosynthese van vetzuren (Claisen-condensatiestap belangrijkst)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam&lt;br /&gt;
# structuren&lt;br /&gt;
#*SAM (S-adenosylmethionine)&lt;br /&gt;
#*PET&lt;br /&gt;
# Leg uit: Kolbe-Schmidt-reactie (aspirine dus)&lt;br /&gt;
# Stereo-chemie:&lt;br /&gt;
#* teken (beta)-L-gulopyranose (lineaire vorm gegeven)&lt;br /&gt;
#* teken gunstigste Newman-projectie volgens C2-C3-as&lt;br /&gt;
#* wat is de oxidatietrap van C6?&lt;br /&gt;
#* geef de anomeer en een epimeer van L-gulose&lt;br /&gt;
# 2 reactiemechanismen (1 uitschrijven)&lt;br /&gt;
#* oxidatie van een alcohol en aldehyde met K2Cr2O7, H2SO4, koud&lt;br /&gt;
#* Friedel-Crafts-acylering&lt;br /&gt;
-&lt;br /&gt;
===22 juni 2009 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek de aldolcondensatie. Bespreek ook de stap van de glycolyse die verband houdt met de aldolcondensatie.&lt;br /&gt;
# Bespreek de hydrolyse en omestering van vetten. Leg ook uit wat het verzepingsgetal en het joodgetal is.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam geven.&lt;br /&gt;
# Structuren:&lt;br /&gt;
#* dansylchloride&lt;br /&gt;
#* cellobiose&lt;br /&gt;
# Leg uit: De Beckmann-omlegging&lt;br /&gt;
# Je krijgt een molecule gegeven &lt;br /&gt;
#* Duid alle assymetrische koolstofatomen aan met een &amp;amp;quot;*&amp;amp;quot; en zeg of ze een R of S-configuratie hebben&lt;br /&gt;
#* Teken het enantiomeer en 2 epimeren&lt;br /&gt;
#* Van een N-atoom zeggen dat het basischer of zuurder is in vergelijking met ammoniak&lt;br /&gt;
#* 2 mesomeren vormen geven (buiten die van benzeenring)&lt;br /&gt;
# Twee reactiemechanismen (producten + soort reactie geven + Ã©Ã©n mechanisme helemaal uitschrijven)&lt;br /&gt;
#* tertair alcohol + zuurchloride&lt;br /&gt;
#* alkeen + zuur&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===19 juni 2009 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# bespreek de nucleofiele additie aan de carbonylgroep. Bespreek de factoren die de reactiviteit van aldehyden en ketonen beinvloed. geef de reactie met water en alcoholen&lt;br /&gt;
# bespreek de reactie van alkenen met waterstof, halogenen en perzuren&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam geven.&lt;br /&gt;
# Structuren:&lt;br /&gt;
#* maltose&lt;br /&gt;
#* fosfoënolpyruvaat&lt;br /&gt;
# Leg uit: epoxyharsen en -lijmen&lt;br /&gt;
# gegeven: aminozuur met zijgroep: R=CH2-SH&lt;br /&gt;
#* Hoeveel stereoisomeren bestaan er van dit molecule+ welk aminozuur is dit&lt;br /&gt;
#* geef de fischerprojectie en de Newmanprojectie( volgens C2-C3 as) van stabielste conformatie van elk stereoisomeer.Geef van elke chirale C of het R of S is.&lt;br /&gt;
#* titratie: je begint met 100ml van O,2M oplossing van aminozuur(volledig geprotoneerd) en je titreert met 0,2M NaOH.(Pk1=1,9 Pk2=10,7 Pkr=8,4&lt;br /&gt;
#*# bereken PH als je 150ml NaOH toegevoegd hebt&lt;br /&gt;
#*# Bereken PH als je 300ml NaOH toegevoegd hebt&lt;br /&gt;
#*# wat is(zijn) de voornaamste vorm(en) van het aminozuur bij PH=8,4&lt;br /&gt;
# reactiemechanismen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 juni 2009 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Leg de decarboxylering van carbonzuren uit en pas toe in een stap uit de citroenzuurcyclus&lt;br /&gt;
# Welke technieken ken je voor het bepalen van de aminozuurvolgorde in een peptideketen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam geven.&lt;br /&gt;
# Structuren:&lt;br /&gt;
#* Biotine&lt;br /&gt;
#* (delta)Â³ - isopentenylpyrofosfaat&lt;br /&gt;
# Leg uit: de reactie van chichibabin&lt;br /&gt;
# Cyclische L-suiker gegeven:&lt;br /&gt;
#* Geef de naam en de lineaire structuur. (lijst met ongekende suikers gegeven)&lt;br /&gt;
#* Bepaal van CÂ² of het R of S - configuratie heeft&lt;br /&gt;
#* Duidt niet-chirale C-atomen in lineaire en cyclische structuur aan&lt;br /&gt;
#* Hoeveel 1,3-diaxiale interacties zijn er?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 8 juni 2008===&lt;br /&gt;
# Leg uit: de reactie van een zuur met een alkeen/alkyn.&lt;br /&gt;
# Leg uit: de Claisen-condensatie en breng dit in verband met de biosynthese van lipiden/vetten.&lt;br /&gt;
# Teken de structuur van S-adenosyl-methionine en van sacharose.&lt;br /&gt;
# Leg uit: optische zuiverheid.&lt;br /&gt;
# Oefeningen:&lt;br /&gt;
#* Stereochemie, invloed van substituenten op de zuurtegraad etc. &lt;br /&gt;
#* Reactiemechanismen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 18 aug 2008 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Geef de biosynthese van monoterpenen voor de vorming van geraniol en limoneen.&lt;br /&gt;
# Bespreek sulfonering, alkylering en acylering aan aromaten.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# Structuren:&lt;br /&gt;
#* cyclisch AMP&lt;br /&gt;
#* Glucaarzuur&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 25 jun 2008 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek de hydrolyse, omestering, aminolyse en reductie van esters.&lt;br /&gt;
# Welke methoden ken je om de volgorde van aminozuren in peptiden te bepalen?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# Moleculen:&lt;br /&gt;
#* Nerylpyrofosfaat&lt;br /&gt;
#* Cellobiose&lt;br /&gt;
# Wat zijn epoxylijmen?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 25 jun 2008 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Licht toe wat acetalen en hemiacetalen zijn en pas dit toe op de vorming van beta-D-glucopyranose uit D-glucose en de vorming van methyl-beta-D-glucopyranoside.&lt;br /&gt;
# Bespreek de labosynthese van peptiden.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# Structuren:&lt;br /&gt;
#* Trans-decaline&lt;br /&gt;
#* Histamine&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 24 jun 2008 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek reactie alkenen met H2, halogenen en perzuren.&lt;br /&gt;
# Bespreek zure en base hydrolyse en omestering van vetten.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# Structuren: &lt;br /&gt;
#* ADP&lt;br /&gt;
#* Maltose&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 21 jun 2008 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek de eleminatiereacties bij halogeenalkanen.&lt;br /&gt;
# Bespreek de testreactie van ninhydrine.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# Geef de IUPAC-naam.&lt;br /&gt;
# Teken de volgende structuren:&lt;br /&gt;
#* Dansylchloride&lt;br /&gt;
#* Thymidine&lt;br /&gt;
# Bespreek nylon 66.&lt;br /&gt;
# Cyclisch suiker: &lt;br /&gt;
#* Geef de naam.&lt;br /&gt;
#* Welk is het zuurste proton ?&lt;br /&gt;
#* Geef de configuratie (R/S).&lt;br /&gt;
#* Fisher&lt;br /&gt;
#* Welke zijn de niet chirale C&#039;s ?&lt;br /&gt;
# Twee reactiemechanismen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 20 jun 2008 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek de additie van zuren op alkenen.&lt;br /&gt;
# Bespreek de biosynthese van vetzuren.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam geven.&lt;br /&gt;
# Geef de structuur van:&lt;br /&gt;
#* Geranylpyrofosfaat&lt;br /&gt;
#* Ninhydrine&lt;br /&gt;
# Bespreek de Beckmann omlegging.&lt;br /&gt;
# Aspartaam gegeven:&lt;br /&gt;
#* Welke zijn de verschillende stereoisomeren ?&lt;br /&gt;
#* Welke zijn de chirale koolstofatomen en duid aan of R/S zijn.&lt;br /&gt;
#* Schrijf de fisherprojectie van L-fenylalanine.&lt;br /&gt;
#* Vraag over elektroforese: aantonen waar fenylalanine en asparaginezuur zich bevinden.&lt;br /&gt;
# Twee reactiemechanismen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 9 jun 2008 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek de reactiemechanisme bij ketonen en aldehyden en vermeld hierbij de factoren die deze reacties beinvloeden. Geef een voorbeeld van additie van alcohol en additie van water.  &lt;br /&gt;
# Bespreek de isomerisatie van D-glucose oiv van een base en geef een vb in de glycolyse cyclus.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam&lt;br /&gt;
# Structuren:&lt;br /&gt;
#* Pyridoxalfosfaat&lt;br /&gt;
#* Tosylchloride&lt;br /&gt;
# Leg uit wat een kroonether is.&lt;br /&gt;
# Structuur asparagine gegeven:&lt;br /&gt;
#* Teken alle stereoisomeren (fisher en newman).&lt;br /&gt;
#* R/S configuratie&lt;br /&gt;
#* Waarom heeft de amine-groep in de structuur geen basische eigenschappen ?&lt;br /&gt;
#* Bereken het eerste equivalentiepunt en leg je methode uit.&lt;br /&gt;
# Twee reactiemechanismen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 19 jun 2007 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Nucleofiele additie aan de carbonylgroep bespreken/factoren reactiviteit/aantonen met additie van water en alcohol.&lt;br /&gt;
# Manieren om de AZ volgorde te bepalen uitleggen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC naam&lt;br /&gt;
# Structuren:&lt;br /&gt;
#* Pyridoxalfosfaat&lt;br /&gt;
#* Tosylchloride&lt;br /&gt;
# Leg Nylon 66 uit.&lt;br /&gt;
# Structuur Cysteïne gegeven:&lt;br /&gt;
#* Fisher&lt;br /&gt;
#* Newman&lt;br /&gt;
#* R-S&lt;br /&gt;
#* Enantiomeren...&lt;br /&gt;
#* Welk molecule &lt;br /&gt;
#* Welke vorm komt in de natuur het meeste voor ?&lt;br /&gt;
#* Welke is de mesovorm?&lt;br /&gt;
# Twee reactiemechanismen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 18 jun 2007 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Aminolyse/omestering/hydrolyse esters.&lt;br /&gt;
# Leg de decarboxylatie van carbonzuren uit en breng deze in verband met de Krebscyclus.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# Regel van Zaitsev kort bespreken.&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam&lt;br /&gt;
# Structuren: &lt;br /&gt;
#* Biotine&lt;br /&gt;
#* Cellobiose&lt;br /&gt;
# Suikers: &lt;br /&gt;
#* Open-ketenstructuur&lt;br /&gt;
#* R en S&lt;br /&gt;
#* Chirale atomen.&lt;br /&gt;
#* 1,3-diaxiale interactie&lt;br /&gt;
# Reacties: &lt;br /&gt;
#* Alkeen + HCl =&amp;amp;gt; ... &lt;br /&gt;
#* Oxidatie van een alcohol.&lt;br /&gt;
 &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 18 jun 2007 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# De additie van zuren aan alkenen.&lt;br /&gt;
# Mutarotatie uitleggen en illustreren met glucose.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam&lt;br /&gt;
# Structuren: &lt;br /&gt;
#* Acetylcholine &lt;br /&gt;
#* cAMP&lt;br /&gt;
# Omega-3 en omega-6 vetzuren uitleggen.&lt;br /&gt;
# Een bepaald aminozuur:&lt;br /&gt;
#* Fisher&lt;br /&gt;
#* Newman&lt;br /&gt;
#* pH-berekeningen&lt;br /&gt;
# Reacties: Reactieproducten en soort reactie geven en uitwerken voor een van de twee.&lt;br /&gt;
#* Carbonylgroep met H2 en Pt&lt;br /&gt;
#* 2 ketonen met OH-&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 jun 2007 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Eliminatiereacties uitleggen.&lt;br /&gt;
# Beta-oxidatie + claisencondensatie.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam (carbonzuurgroep keton, 2 dubbele binden, methyl, en alkynbinding)&lt;br /&gt;
# Een suiker omzetten naar een ringstructuur, epimeren aanduiden op bijhorende tabel.&lt;br /&gt;
# Biodiesel uitleggen&lt;br /&gt;
# Structuren:&lt;br /&gt;
#* Dansylchloride&lt;br /&gt;
#* Thymidine structuur geven&lt;br /&gt;
# Twee reactiemechanismen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 14 jun 2007 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek de aldolcondensatie van aldehyden en ketonen.&lt;br /&gt;
# Bespreek de reactie van waterstof/halogenen/perzuren aan alkenen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam.&lt;br /&gt;
# Structuren&lt;br /&gt;
#* Oliezuur&lt;br /&gt;
#* Adrenaline&lt;br /&gt;
# Leg kort uit: kroonethers.&lt;br /&gt;
# R-groep van lysine gegeven:&lt;br /&gt;
#* Stereoisomeren, R/S, L aanduiden.&lt;br /&gt;
#* Newman/fischer projecties.&lt;br /&gt;
#* Naam van het aminozuur.&lt;br /&gt;
#* Voorkomen bij pH 10 (welke vorm: geprotoneerd of niet?)&lt;br /&gt;
# Twee reacties: (je moet maar van 1 het hele mechanisme geven, ander gewoon zeggen welk type reactie en eindproduct)&lt;br /&gt;
#* Een keton reageert met HNO3 en H2SO4.&lt;br /&gt;
#* Reactie van tertiar alcohol met zuurchloride.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 28 aug 2006 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek peptidesynthese in het labo en vergelijk met die ter hoogte van de ribosomen.&lt;br /&gt;
# Bespreek additie van zuren aan alkenen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam.&lt;br /&gt;
# Structuurformule van adrenaline en gluconzuur.&lt;br /&gt;
# Bespreek optische zuiverheid.&lt;br /&gt;
# Gegeven: structuurformule threonine.&lt;br /&gt;
#* Aantal stereo-isomeren&lt;br /&gt;
#* De chirale C-en&lt;br /&gt;
#* Fisher- en newman-projectie van elk.&lt;br /&gt;
#* Duidt R/S aan.&lt;br /&gt;
#* Naam van aminozuur.&lt;br /&gt;
#* Bij pH = 7: naar welke pool migreert dit AZ (pk1 en pk2 gegeven) ?&lt;br /&gt;
# Beschrijven van reactie: 2 esters (dezelfde) boven de pijl (H3O+ en OC3H7), boven de 2e pijl (H3O+ en NaBH4).&lt;br /&gt;
 &lt;br /&gt;
=== 26 jun 2006 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Hemiacetaal en acetaal, pas toe op de vorming van beta-D-glucopyranosyl uit D glucose en de vorming van methyl - beta - D - glucopyranoside.&lt;br /&gt;
# Oxidatie, hydrolyse ( in zuur en in basisch milieu) en omestering van olie en vet.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam.&lt;br /&gt;
# Cystine en adipinezuur structuur geven.&lt;br /&gt;
# Regel van Zaitsev uitleggen en illustreren met een voorbeeld.&lt;br /&gt;
# Oefening met stereo-isomeren, Fischer, Newman en R en S configuratie.&lt;br /&gt;
# Furan + HNO3 + H2SO4 reactie geven.&lt;br /&gt;
#* Stoffen geven die ge aan furan moet toevoegen om een ethylgroep op positie 2 (alfa) te induceren.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 23 jun 2006 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek de laboratoriumsynthese van peptideverbindingen en vergelijk met de manier waarop aminzuren binden met ribosomen.&lt;br /&gt;
# Bespreek de reactie van alkenen met waterstof, halogenen en perzuren. &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam.&lt;br /&gt;
# Structuurformule van oliezuur en adrenaline.&lt;br /&gt;
# Bespreek cannizaro reacties.&lt;br /&gt;
# Structuurformule van een suiker:&lt;br /&gt;
#* Geef de fisherprojectie van de ringstructuur.&lt;br /&gt;
#* R-S van de C2 bepalen&lt;br /&gt;
#* Leidt de naam af.&lt;br /&gt;
#* Geef het aantal chirale C&#039;s in de haworth aan.&lt;br /&gt;
# Reactiemechanisme&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 23 jun 2006 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek de isomerisatie van D-glucose onder invloed van base en breng in verband met een stap uit de glycolyse (alleen deze stap opschrijven).&lt;br /&gt;
# Bespreek de afbraak van vetzuren en breng in verband met de Claisencondensatie.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam.&lt;br /&gt;
# Structuren:&lt;br /&gt;
#* Thymidine&lt;br /&gt;
#* Dansylchloride&lt;br /&gt;
# Verklaar kort het begrip &amp;amp;quot;optische zuiverheid&amp;amp;quot;.&lt;br /&gt;
# Een hepteen is gegeven:&lt;br /&gt;
#* Geef de verschillende stereovormen in Fisherprojectie.&lt;br /&gt;
#* Geef de Newman-projectie van het meest stabiele conformeer.&lt;br /&gt;
#* Noteer ook R- en S-conformatie.&lt;br /&gt;
# Reactie waarbij de producten, tussenstappen en mechanismen moeten worden aangevuld.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 21 jun 2006 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek de elektrofiele aromatische substitutie met als voorbeeld nitreerzuur, benzeen en gesubstitueerde benzeenderivaten.&lt;br /&gt;
# Bespreek hydrolyse, reductie, omestering en aminolyse van esters.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam.&lt;br /&gt;
# Structuren:&lt;br /&gt;
#* Sacharose &lt;br /&gt;
#* SAM&lt;br /&gt;
# Bespreek omega-3-vetzuren en omega-6-vetzuren.&lt;br /&gt;
# Gegeven: structuurformule arginine &lt;br /&gt;
#* Geef het aantal stereo-isomeren.&lt;br /&gt;
#* Duidt de cirale C&#039;s aan.&lt;br /&gt;
#* Fisher- en Newman-projectie van elk.&lt;br /&gt;
#* Duid R/S aan.&lt;br /&gt;
#* Geef de naam van het aminozuur.&lt;br /&gt;
#* Duid aan welke N het meest basisch is.&lt;br /&gt;
#* Welk stereo-isomeer is het L-aminozuur ?&lt;br /&gt;
# Beschrijven van reactie: 2 keer cyclopenteen met daaraan 2-hexanol (of pentanol ben het vergeten) keten op de pijl staat K2Cr2O7, H+ en koud, boven tweede pijl staat 1 OH- &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 20 jun 2006 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek de additie van zuren aan alkenen (geen carbonzuren bedoeld).&lt;br /&gt;
# Bespreek de biosynthese van vetzuren.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam.&lt;br /&gt;
# Structuren: &lt;br /&gt;
#* Kaneelzuur&lt;br /&gt;
#* Cellobiose&lt;br /&gt;
# 3-broom-4-cloorhexaan:&lt;br /&gt;
#* Stereo-isomeren: Fisher- en Newman-projectie.&lt;br /&gt;
#* R,S-configuratie&lt;br /&gt;
#* Diastereomeren/enantiomeren?&lt;br /&gt;
# Het reactietype en naam en mechanisme van benzeenring met OH aan, bij de pijl staan dibroom en ijzertribroom.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 13 jun 2006 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Aldolcondensatie + glycolyse stap die met aldolcondensatie te maken heeft. &lt;br /&gt;
# Geef de verschillende methoden om de volgorde van AZ in peptide te vinden. &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam.&lt;br /&gt;
# Structuren&lt;br /&gt;
#* Stearinezuur&lt;br /&gt;
#* Pyridine&lt;br /&gt;
# Leg uit: gauche en anti (bij alkanen).&lt;br /&gt;
# 2,3,4-hydroxybutanal:&lt;br /&gt;
#* Hoeveel stereoisomeren ?&lt;br /&gt;
#* Geef Fisher projectie en de Newmann projectie van de meest stabiele conformatie.&lt;br /&gt;
#* Geef R,S conformatie. &lt;br /&gt;
#* En zeg welke enantiomeren zijn, welke  diastereoisomeren zijn, mesovormen.&lt;br /&gt;
# Geef reactiemechanisme, reactieproduct (ook in skeletnotatie--&amp;amp;gt; reactieproduct) van:&lt;br /&gt;
#* Trans-1-fenyl-1-buteen met verdund zwavelzuur.&lt;/div&gt;</summary>
		<author><name>R0998693</name></author>
	</entry>
	<entry>
		<id>https://wiki.chemika.be/index.php?title=Bio-Organische_Chemie&amp;diff=4143</id>
		<title>Bio-Organische Chemie</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.chemika.be/index.php?title=Bio-Organische_Chemie&amp;diff=4143"/>
		<updated>2024-06-27T14:31:29Z</updated>

		<summary type="html">&lt;p&gt;R0998693: /* 22 juni 2024 */&lt;/p&gt;
&lt;hr /&gt;
&lt;div&gt;[[Categorie:Bachelor Chemie]]&lt;br /&gt;
[[Categorie:Bachelor Biochemie]]&lt;br /&gt;
==Vakinformatie==&lt;br /&gt;
Basisvak organische chemie voor eerstejaars chemie, biochemie en biologie.&lt;br /&gt;
Gedoceerd door Professor Luc van Meervelt.&lt;br /&gt;
Het examen volgt al jaren dezelfde structuur.&lt;br /&gt;
Sinds 2017 wordt dit vak gegeven door professor Mario Smet.&lt;br /&gt;
Het examen duurt 3 uur.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;2022-2023&#039;&#039;&lt;br /&gt;
*aanpak vak&lt;br /&gt;
**Prof Mario Smet&lt;br /&gt;
**Voor het examen minstens 3.2/8 voor zowel het deel van theorie als oefeningen, anders maximaal een 9 (helaas durft hij ook een 3.1 te geven)&lt;br /&gt;
**Er zijn ingesproken ppt&#039;s die zeker een aanrader zijn om te bekijken, belangrijkste zaken worden duidelijk uitgelegd&lt;br /&gt;
*Kwaliteit cursus&lt;br /&gt;
**Slides zijn duidelijk en bevatten zeker de belangrijkste informatie&lt;br /&gt;
**Handboek kan handig zijn voor extra informatie of verduidelijking van bepaalde delen, maar ik heb dit zelf amper opengedaan dus zeker niet noodzakelijk om te kopen&lt;br /&gt;
*Examenvragen&lt;br /&gt;
**Telkens één theorievraag over een reactiemechanisme (regel van Zaitsev en Markovnikov belangrijk) met ordenen op basis van reactiviteit en naamgeving van producten!!&lt;br /&gt;
**Eén theorievraag over een voorbeeld (komen steeds terug, zijn er in totaal een stuk of 14) belangrijk om hierbij te weten waarom bepaalde zaken zo zijn.&lt;br /&gt;
**Bij de oefeningen vraagt hij naar mijn gevoel van alles iets, dus aminozuren zeker uit het hoofd leren en al de reactiemechanismes begrijpen.&lt;br /&gt;
*Labo&#039;s&lt;br /&gt;
**Zijn niet al te moeilijk&lt;br /&gt;
**Zie dat je op tijd bent voor de prelabtest, ze hebben geen medelijden met u, zelfs als je er niks aan kon doen :(&lt;br /&gt;
**Als er ergens iets van berekeningen in het labo voorkomen, worden deze vaak op de prelabtest gevraagd&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen==&lt;br /&gt;
===22 juni 2024===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#4 structuren gekregen: fenyletheen, 4-vinylfenol, 1-nitro-4-vinylbenzeen, fenol. Deze ondergaan een additie met HCl.&lt;br /&gt;
##geef het reactiemechanisme van A&lt;br /&gt;
##rangschik op reactiviteit. verklaar met substituenteffecten en teken grensstructuren indien nodig&lt;br /&gt;
##geef de reactieproducten van A,B en C en de IUPAC-naam van het reactieproduct A en B&lt;br /&gt;
#Retro-aldolreactie bij de glycolyse wordt gekatalyseerd door het enzym aldolase.&lt;br /&gt;
##Geef het reactiemechanisme van de retro-aldolreactie van fructose-1,6-difosfaat&lt;br /&gt;
##Waarom moet glucose-6-fosfaat geïsomeriseerd worden naar fructose-6-fosfaat&lt;br /&gt;
##Aldolase katalyseert nog een reactie in het lichaam, namelijk de reactie van dihydroxyaceton(niet zeker) met D-erytrose. Geef de Fischervoorstelling van het reactieproduct.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#Vraag aminozuren&lt;br /&gt;
##Bereken het Iso-elektrisch punt van arginine en isoleucine. schrijf ook de structuur bij die pH.&lt;br /&gt;
##100 ml Isoleucine-oplossing van 0,100 mol/L wordt getitreerd met een NaOH-oplossing van 0,100 mol/L. Geef mij de pH bij toevoeging van 50 ml en 200 ml NaOH-oplossing en teken de structuur van isoleucine bij die pH’s.&lt;br /&gt;
#Reactiemechanismen&lt;br /&gt;
##Benzeen gekregen wat toevoegen om 1-fenylethanon te krijgen (Antwoord: FeCl3 + ethanoylchloride)&lt;br /&gt;
##Ethoxyethaan + HBr → ? (ook zeggen welk reactietype)&lt;br /&gt;
##?&lt;br /&gt;
#?&lt;br /&gt;
#Meerkeuzevraag over Claisencondensatie. 4 IUPAC-namen van esters gekregen teken structuurformule van elk ester. De 4 esters ondergaan een Claisen Condensatie, bij 3 esters is het een aflopende reactie, bij 1 ester een evenwichtsreactie. Bij welke evenwichtsreactie en waarom?&lt;br /&gt;
##butylethanoaat&lt;br /&gt;
##ethylbutanoaat&lt;br /&gt;
##ethyl-2-methylbutanoaat&lt;br /&gt;
##ehtyl-3-methylbutanoaat&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===10 juni 2024===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
# 4 structuren: ethaanzuurbromide, ethaanzuurchloride, 2-oxyethaanzuurbromide, dietheenzuuranhydride. deze ondergaan een nucleofiele substitutie met water&lt;br /&gt;
##geef het reactiemechanisme van A&lt;br /&gt;
##rangschik op reactiviteit. verklaar met substituenteffecten en teken grensstructuren indien nodig&lt;br /&gt;
##geef de reactieproducten en de IUPAC-naam van A en C&lt;br /&gt;
# om alfa-ketoglutaraat te decarboxyleren maakt de natuur gebruik van het coënzym thiaminepyrofosfaat die reageert na deprotonatie.&lt;br /&gt;
##Geef het reactiemechanisme&lt;br /&gt;
##Geef 2 redenen waarom het coënzym zo goed gedeprotoneerd wordt&lt;br /&gt;
##Wat is het voordeel van het binden van dit coënzym?&lt;br /&gt;
##Wat is het voordeel van dit biologisch proces?&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
# je wil een aminozuurmengeling van tryptofaan en lysine scheiden met behulp van elektroforese bij een pH van 9,1. Bereken het voorkomen van de vormen en waar ze zullen voorkomen (Kathode, Anode of ertussenin). Laat ook duidelijk de structuur van deze aminozuren zien.&lt;br /&gt;
##waarom is de stikstof op de tryptofaan niet basisch&lt;br /&gt;
# gegeven but-1-een naar 1-methylbutan-1-ol. Welke substraat heb je nodig om van de eerste naar de tweede gegaan (structuren waren gegeven) als je dan met H3PO4 zit en een verandering in temperatuur welk product bekom je (was al een reactiepijl gegeven)?&lt;br /&gt;
# reactie met methoxybenzeen, ethaanzuurchloride en AlCl3 (structuren gegeven). Geef het reactieproduct en het reactietype.&lt;br /&gt;
# mechanisme en reactietype gevraagd van 2x fenylmethanal (structuur gegeven) met OH-&lt;br /&gt;
# suikering gegeven met een zesring waarbij OH op C1 naar boven, alsook C2 en C3, bij C4 naar beneden en C5 de CH2OH ook naar beneden.&lt;br /&gt;
##geef de fisherstructuur van dit suiker en teken de stabielste conformatie op de newmann-projectie van C3 en C4&lt;br /&gt;
##geef de volledige naam van dit suiker&lt;br /&gt;
##geef van C1 en C2 de absolute configuratie (R of S) geef hierbij ook de prioriteiten&lt;br /&gt;
##Leg uit wat 1,3 diaxiale interacties zijn en geef dit weer op een duidelijke tekening&lt;br /&gt;
# oxidatie van ascorbinezuur naar dehydroxy-ascorbinezuur gegeven (zie practicum) en 3 stellingen (hieronder): duid de stellingen aan die correct zijn en geef bij iedere uitleg&lt;br /&gt;
##Er gebeurt een oxidatie en het oxidatiegetal van de C-atomen gaat van +1 naar 0&lt;br /&gt;
##Is de H in kwestie die met de laagste pKa?&lt;br /&gt;
##Is de stereochemie juist of kwam het eindproduct eerder van een andere stereo isomeer&lt;br /&gt;
===2 september 2023===&lt;br /&gt;
https://drive.google.com/file/d/1GMpzdW-Fuazq4zCe9Y40D8DgJyVk2-a7/view?usp=drive_link&lt;br /&gt;
===24 juni 2023===&lt;br /&gt;
#Je kreeg 4 verbindingen (ik denk 2-bromo-2methylpropaan, 2-bromopropaaan, 4-bromo-2-penteen en 4-bromo-1-penteen; kloppen niet helemaal, maar principe blijft hetzelfde). &lt;br /&gt;
##Voor 2-bromo-2-methylpropaan moest je de E-reactie uitschrijven.&lt;br /&gt;
##Zeggen in welke volgorde deze verbindingen het snelste zou reageren bij een E1-reactie (aan de hand van substituent effecten en eventuele grensstructuren.&lt;br /&gt;
##Voor elke verbinding het reactieproduct geven en IUPAC naam geven.&lt;br /&gt;
#Er wordt ATP gevormd bij de afbraak van een suiker in de glycolyse en krebs-cyclus. &lt;br /&gt;
##Geef de reactieproducten en waarom kan er ATP gevormd worden?&lt;br /&gt;
##Het grootste deel van de energie komt in een andere vorm vrij, hoe gebeurd dit?&lt;br /&gt;
#Meerkeuzevraag over Claissencondensatie van ethylacetaat (was een andere benaming, maar vooral het ethyl deel is belangrijk dus maakt niet echt uit). Welk reagens moet je gebruiken om ervoor te zorgen dat je slechts één reactieproduct hebt. Opties waren denk ik: methioxide, ethioxide, hydroxide, er wordt altijd meer dan één reactieproduct gevormd (eventuele grensstructuren hier niet mee rekenen) (meeste hadden ethioxide) en dan moest je nog aantonen met het relevante deel van de reactie, waarom de andere niet zouden kunnen.&lt;br /&gt;
#Reactiemechanismen&lt;br /&gt;
##Je kreeg aceton en je moest zeggen wat je moest toevoegen om iets te bekomen (je moest OH- toevoegen, maar weet even niet meer wat je dan bekomt) en dan voeg je H2O en H+ toe en moet je het reactieproduct geven (2,2-propaandiol)&lt;br /&gt;
##Ik denk 2-Methylcyclopentanone en solvent gekregen, zeggen welk reactieproduct je bekomt en wat het reactiemechanisme is (nucleofiele acylsubstitutie)&lt;br /&gt;
##Je kreeg ethylbenzeen met als solvent AlCl3 en acetylchloride (hiervan maak je AlCl4- en CH2CO+) je moest zeggen welk reactiemechanisme (nucleofiele aromatische substitutie) en dit ook uitschrijven&lt;br /&gt;
#Zwitterion en IP van arginine en glutamine geven en zeggen welke pH je krijgt bij het toevoegen van 250ml NaOH aan 100 ml 0.1M glutamine&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
##S/R van chirale koolstoffen van D-xylulose geven + Newman projectie rond C3 en C4&lt;br /&gt;
##In stappen geven hoe je alfa-L-xylulofuranose bekomt (ringsluiting tekenen dus), het enantiomeer hiervan geven (bèta-versie) en zeggen of het een epimeer is, beide begrippen uitleggen&lt;br /&gt;
===8 juni 2023===&lt;br /&gt;
#4 structuren: propeen, ethyleen pyrrool?, styreen , benzeen met etheen op en methoxy groep op. elektrofiele additie met waterstofbromide.&lt;br /&gt;
##Geef het reactiemechanisme van propeen&lt;br /&gt;
##Rangschik de reactiviteit van de verschillende structuren, maak gebruik van substituenteffecten en teken grensstructuren&lt;br /&gt;
##geef de IUPAC-naam van structuur a, b, c en schrijf alle reactieproducten uit&lt;br /&gt;
#Gegeven: D-glucose in de verschillende vormen: beta-D-glucopyranose, alfa-D-glucopyranose, beta-D-glucofuranose en alfa-D-glucofuranose en het voorkomen ervan in percentages&lt;br /&gt;
##Waarom komen de furanose vormen zo weinig voor?&lt;br /&gt;
##Waarom komt het beta-anomeer meer voor dan het alfa-anomeer?&lt;br /&gt;
##hoe komt het dat het alfa-anomeer dan toch nog voorkomt?&lt;br /&gt;
##Vergelijk dit nu met D-mannose, maak een voorspelling van hoe de verschillende vormen zullen voorkomen?&lt;br /&gt;
#Aminozuren:&lt;br /&gt;
##Waarom heeft de R-groep van asparagine geen basische eigenschappen (asparagine heeft geen pKr)&lt;br /&gt;
##We willen tyrosine en asparagine scheiden met behulp van elektroforese bij pH = 9,0. Schrijf voor beide aminozuren de verschillende vormen uit en verklaar welke vorm bij deze pH voor zal komen. Waar zullen de aminozuren zich bevinden: anode, kathode, tussenin&lt;br /&gt;
#Gegeven: benzeenring met broomsubstituent en -C2H5 substituent. Bij het bereiden hiervan moet je...&lt;br /&gt;
##...eerst bromeren?&lt;br /&gt;
##...eerst aklyleren?&lt;br /&gt;
##...volgorde maakt niet uit, maar als je eerst bromeert gaat de reactie langzamer&lt;br /&gt;
##...volgorde maakt niet uit, maar als je eerst alkyleert gaat de reactie langzamer&lt;br /&gt;
#Gegeven: een structuur met 2 chirale koolstoffen (ook een amidegroep op 1 einde, en een chloor groep)&lt;br /&gt;
##teken de fisherprojectie van ALLE stereo-isomeren, geef ook de stabielste newman-projectie&lt;br /&gt;
##Bepaal van elke chirale C de R,S-configuratie en geef de prioriteiten weer&lt;br /&gt;
##Wat is het OG van de C met de amide groep&lt;br /&gt;
##Welk van de stereo-isomeren zijn ook diastereo-isomeren, verklaar deze term&lt;br /&gt;
##Duid aan waar een nucleofiele substitutie zou kunnen plaatsvinden, verklaar ook waarom&lt;br /&gt;
#Reactie mechanismen zoals aangegeven op stramien&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 3 september 2022 ===&lt;br /&gt;
# 4 moleculen met dubbele binding gegeven, sommige met substituenten&lt;br /&gt;
## Reactiemechanisme voor molecule A uitschrijven (CH2=CH-CH2-CH3)&lt;br /&gt;
## Rangschikken volgens reactiviteit in een reactie met HBr en argumenteren met substituenteffecten en grensstructuren&lt;br /&gt;
## Reactieproducten voor alle 4 opschrijven en 2 ervan benoemen met IUPAC naam&lt;br /&gt;
# gegeven: glucose in openketenvorm, alfa-D-glucopyranose, beta-D-glucopyranose, alfa-D-glucofuranose en beta-D-glucofuranose met percentages van hoe vaak ze voorkomen&lt;br /&gt;
## waarom komt de furanosevorm zo weinig voor&lt;br /&gt;
## waarom komt de betavorm meer voor dan de alfavorm&lt;br /&gt;
## waarom komt ondanks vraag b de alfavorm toch nog zo vaak voor&lt;br /&gt;
## maak zelf een voorspelling voor de percentages van voorkomen voor alle vormen van D-mannose&lt;br /&gt;
# teken 2-amino-2,3,4-trimethyl-3-hexaanthiol&lt;br /&gt;
## hoeveel stereo-isomeren zijn er?&lt;br /&gt;
## teken van alle stereo-isomeren de fischer projectie en meest stabiele conformatie in de newman projectie over C3-C4 as, duid chirale centra aan&lt;br /&gt;
## bepaal voor alle chirale centra de absolute configuratie&lt;br /&gt;
## is het een primair, secundair of tertiair amine? En dezelfde vraag voor thiol?&lt;br /&gt;
## bepaal de oxidatietrap van C2&lt;br /&gt;
# 5 namen van moleculen gegeven, welke kunnen het reactieproduct zijn van een aldolcondensatie? Voor degenen die niet kunnen: leg uit in 1 zin waarom niet. Voor degenen die wel kunnen: geef de beginproducten.&lt;br /&gt;
# reactiemechanismen&lt;br /&gt;
## vul onderstaande reactiesequentie aan: alkaan met -OH —&amp;gt; alkeen —&amp;gt; ? (boven de eerste pijl stond ook een vraagteken en boven de tweede pijl +Cl2)&lt;br /&gt;
## schrijf reactiemechanisme uit: benzeenring met -OCH3 substituent reageert met HNO3 en H2SO4&lt;br /&gt;
# aminozuren&lt;br /&gt;
## bepaal voor een titratie van 100 mL 0,1M isoleucine de pH bij toevoeging van 150mL en 200mL NaOH&lt;br /&gt;
## waarom is de pKa van glutamine lager dan van isoleucine&lt;br /&gt;
## teken beide aminozuren uit&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 25 juni 2022 ===&lt;br /&gt;
# 4 moleculen gegeven die reageren volgens reactietype E1 ter vorming van HCl : twee chlooralkanen met benzeenring en twee zonder, een van de twee met benzeenring had methoxy-groep op de benzeenring&lt;br /&gt;
## Geef reactiemechanisme voor een van de twee chlooralkanen zonder benzeenring&lt;br /&gt;
## Rangschik volgens stijgende reactiviteit en beargumenteer met substituenteffecten. Geef grensstructuren indien relevant.&lt;br /&gt;
## ...&lt;br /&gt;
# Geef het reactiemechanisme en vergelijk onderling, beredeneer ook voor de basische hydrolyses of het gaat om een mono- of bimoleculair proces:&lt;br /&gt;
### hydrolyse van een carbonzuurester in basisch milieu&lt;br /&gt;
### hydrolyse van een fosfaatester in basisch milieu&lt;br /&gt;
### hydrolyse van een fosfaatester in zuur milieu&lt;br /&gt;
## Bespreek kort het verschil in reactiviteit van mono-, di-, en tri-alkylfosfaatesters bij hydrolyse in basisch milieu&lt;br /&gt;
## In de glycolyse komt energie vrij bij het hysrolyseren van het acylfosfaat 1,3-difosfoglycerinezuur dat wordt gebruikt om ADP om te zetten in ATP. Voor de vorming van acetyl-CoA uit acetylfosfaat (ook een acylfosfaat) is ATP nodig. Bespreek kort deze schijnbare tegenstrijdigheid.&lt;br /&gt;
# Stereochemie&lt;br /&gt;
## Geef de Haworthprojectie van beta-L-arabinopyranose&lt;br /&gt;
## Geef de absolute configuratie van C2 en C4 en duid nummering aan&lt;br /&gt;
## Wat zijn de oxidatietrappen van C1 en C3?&lt;br /&gt;
## Geef de (stabielste) Newmanprojectie van het conformeer volgens de C3-C4 as&lt;br /&gt;
## Hoeveel 1,3-diaxiale repulsies komen ervoor in dit molecule? Maak een tekening die dit duidelijk weergeeft&lt;br /&gt;
# Aminozuren&lt;br /&gt;
## Onder welke vormen komen glutaminezuur en tryptofaan voornamelijk voor bij pH = 6,00? &lt;br /&gt;
## Waar bevinden de AZ zich na elektroforese bij deze pH? Aan de anode, kathode of ertussen?&lt;br /&gt;
## Waarom is de zijketen van tryptofaan niet basisch?&lt;br /&gt;
# Verloopt de substitutie van propaanzuur naar methylpropanoaat het best in zuur of in basisch milieu? Of kan beide? Verklaar grondig en teken het bijbehorende reactiemechanisme.&lt;br /&gt;
# Vraag over reactiemechanismen zoals aangegeven op het stramien.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 9 juni 2022 ===&lt;br /&gt;
# 4 benzeen ringen gegeven (3 daarvan met substituenten)&lt;br /&gt;
## Reactiemechanisme uitschrijven voor een gewone benzeen tot chloorderivaat (SeAr)&lt;br /&gt;
## Rangschikken volgens reactiviteit, grensstructuren tekenen en substituenteffecten verklaren.&lt;br /&gt;
## Van de 4 chloorderivaten de IUPAC-naam geven en eindstructuur tekenen &lt;br /&gt;
# Geef de retro-aldolreactie bij de glycolyse&lt;br /&gt;
# Oefening op suikers (je kreeg een cyclisch suiker)&lt;br /&gt;
## Teken de fisher en de Newman projectie&lt;br /&gt;
## Geef het oxidatie getal van 2 C en zeg of het R of S is&lt;br /&gt;
## Geef de naam van het suiker&lt;br /&gt;
## Leg de begrippen epimeer en anomeer uit en teken deze vormen van dit suiker&lt;br /&gt;
# Oefening op aminozuren&lt;br /&gt;
## Je kreeg 2 aminozuren bij een bepaalde pH en je moest zeggen als dit een goede pH was om een elektroforese te doen, indien dit niet zo was moest je uitleggen waarom en een betere pH waarde geven.&lt;br /&gt;
# Je kreeg 4 verbindingen en je moest zeggen welke een kleurreactie (oranje/groen) zouden geven&lt;br /&gt;
## Alcoholtest -&amp;gt; oxidatie van alcoholen tot ketonen of carbonzuren uitleggen&lt;br /&gt;
# Oefening op reactiemechanisme&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===28 augustus 2021===&lt;br /&gt;
# 4 moleculen gegeven waarop het gaat reageren met HCl&lt;br /&gt;
## werk reactiemechanisme uit voor 1 van de moleculen&lt;br /&gt;
## Rangschik volgens afnemende reactiviteit&lt;br /&gt;
## Geef reactieproducten van alle moleculen en geef IUPAC naam voor 2&lt;br /&gt;
# geef reactiemechanisme van de deanimatie van glutamine&lt;br /&gt;
# L-xylulose, Bepaal R/S configuratie &lt;br /&gt;
## Teken stabielste Fischer en Newman voor de C3-C4-as&lt;br /&gt;
### ???&lt;br /&gt;
# Voor welk van deze 3 producten kan niet een aldolcondensatie ondergaan? Leg uit waarom niet en geef de reagentia wanneer het wel gaat.&lt;br /&gt;
##de reactiemechanisme invullen: onbrekende reagentia en product&lt;br /&gt;
### een stof gegeven met de reagentia, welke reactiemechanisme en schrijf uit&lt;br /&gt;
#titratie van asparagine met NaOH: berekenen de pH bij toevoeging van 100ml en 200ml NaOH; &lt;br /&gt;
##waarom heeft asparagine geen basische eigenschap zoals lysine. Geef ook de structuren&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===28 augustus 2020===&lt;br /&gt;
#4 moleculen gegeven waarop nucleofiele substitutie gebeurt met natriummethoxide&lt;br /&gt;
## werk reactiemechanisme uit voor 1 van de moleculen&lt;br /&gt;
## Rangschik volgens afnemende reactiviteit&lt;br /&gt;
## Geef reactieproducten van alle moleculen en geef IUPAC naam voor 2&lt;br /&gt;
# Geef het mechanisme van decarboxylering van beta-ketocarbonzuren en leg uit. Geef een voorbeeld van een analoog mechanisme in de biologie en leg uit. &lt;br /&gt;
# Voor welk van deze 4 producten kan er een aldolcondensatie zijn opgetreden? Leg uit waarom niet en geef de reagentia wanneer het wel gaat.&lt;br /&gt;
# Oefening op aminozuren en bepalen welke vorm er voorkomt bij een bepaalde pH en als je een gelelektroforese doet welke waar dan voorkomt, az zijn tryptofaan en glutaminezuur&lt;br /&gt;
# Oefening op suiker: welke suiker is dit? Geef stabielste newmann vorm in C3-C4 formatie, R of S van C2 en C5, teken epimeer dat geen anomeer is&lt;br /&gt;
#oefeningen op reactiemechanismen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===25 juni 2020===&lt;br /&gt;
#4 moleculen (esters) gegeven, waarop nucleofiele substitutie gebeurt &lt;br /&gt;
## Werk het reactiemechanisme voor één van de moleculen volledig uit. (methylethanoaat)&lt;br /&gt;
## Rangschik volgens afnemende reactiviteit dmv substituenteffecten&lt;br /&gt;
## Geef de reactieproducten van alle moleculen en geef hun IUPAC naam&lt;br /&gt;
#Leg de synthese van peptiden uit met dicyclohexylcarbodiimide. Welke voorzorgsmaatregel moet genomen worden om selectief een peptide te vormen? Geef een voorbeeld.&lt;br /&gt;
#Voor welke van volgenden bestaat er een mesovorm, teken deze en leg uit wat mesovorm is. (1-butanol, butaan2,3diol, butaan-1,2,3-triol, butaan-1,2,3,4-tetraol)&lt;br /&gt;
#Oefening op aminozuren: &lt;br /&gt;
## Waarom heeft proline een hogere pKa&#039; dan alanine + teken deze aminozuren&lt;br /&gt;
## Welke vorm van alanine komt het meest voor bij toevoegen van 150 mL? Bereken deze pH.&lt;br /&gt;
#Oefening op suikers: suiker gegeven &lt;br /&gt;
## Geef IUPAC naam&lt;br /&gt;
## Bepaal R/S configuratie voor C2 en C5&lt;br /&gt;
## Teken stabielste Fischer en Newman voor de C3-C4-as&lt;br /&gt;
## ?&lt;br /&gt;
#Vul reactie aan (reactieproducten, reagentia). Geef reactietype en eindproduct. Geef reactietype, eindproduct en reactiemechanisme.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 juni 2020 (16u)===&lt;br /&gt;
#4 moleculen gegeven: E1 reactie van HCl: mechanisme geven, reactieproducten tekenen en benoemen&lt;br /&gt;
#Bespreek de oxidatieve deaminering van glutaminezuur met de nodige coënzymen/cofactoren. Geef het reactiemechanisme van de tweede stap zonder enzymen.&lt;br /&gt;
#Een molecule gegeven in stoelvorm (geen suiker): teken de fisherprojecties van alle stereomeren, teken newmann projectie van 1 op c2-c3 in stabielste vorm en zeg S of R config, welke zijn enantiomeren, diastereomeren, is er een mesovorm? En leg de begrippen kort uit. Geef oxidatietrap van aangeduide koolstofatoom.&lt;br /&gt;
#lysine en valine tekenen en IP berekenen, waarom is de pkr van lysine groter dan de pka&#039; van valine?&lt;br /&gt;
#Wat zijn de product(en) die worden gevormd als E-2-hepteen en dichloor reageren?&lt;br /&gt;
##2s,3s 2-dichloorhepteen&lt;br /&gt;
##2s,3r&lt;br /&gt;
##2r,3s&lt;br /&gt;
##2r,3r&lt;br /&gt;
#Oefeningen op reactiemechanismen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===12 juni 2020 (16u)===&lt;br /&gt;
#4 moleculen gegeven, waarop elektrofiele additie van water in zuur milieu gebeurt&lt;br /&gt;
## Werk het reactiemechanisme voor één van de moleculen volledig uit.&lt;br /&gt;
## Rangschik volgens afnemende reactiviteit&lt;br /&gt;
## Geef de reactieproducten van alle moleculen en geef hun IUPAC naam&lt;br /&gt;
#Waarom kunnen alcoholen niet gemakkelijk een SN-reactie ondergaan? Geef 2 voorbeelden van een SN-reactie van een alcohol, schrijf het mechanisme. Reageert fenol op dezelfde manier? Teken en leg uit. Hoe kunnen SN-reacties van alcoholen mogelijk gemaakt worden in biologische systemen?&lt;br /&gt;
#Oefening op suikers en stereochemie:&lt;br /&gt;
## Geef de Haworth-projectie van bèta-L-gulofuranose&lt;br /&gt;
## Teken het enantiomeer van deze molecule en benoem het.&lt;br /&gt;
## Configuratie (R/S) van C2 en C5 bepalen + oxidatietrap geven&lt;br /&gt;
## Stabielste Newman-conformatie langs C4-C5 as&lt;br /&gt;
#Oefening op aminozuren:&lt;br /&gt;
## D-vorm van tyrosine en alanine tekenen en conformatie geven.&lt;br /&gt;
## Oefening op pH berekenen&lt;br /&gt;
# Gegeven een staal met één onbekende suiker. Na het uitvoeren van een Fehlingstest zie je een roodbruine neerslag ontstaan. Aantal suikers gegeven, aanduiden welke het mogelijk kan zijn. Leg uit wat deze test precies en verklaar je keuze.&lt;br /&gt;
# Vul reactie aan (reactieproducten, reagentia). Geef reactietype en eindproduct. Geef reactietype, eindproduct en reactiemechanisme. Eerste was zuurgekatalyseerde estervorming. Tweede eliminatie van water. Derde aldolcondensatie&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===7 juni 2020===&lt;br /&gt;
#4 moleculen gegeven waarop een Sn1 wordt gedaan met ammoniak&lt;br /&gt;
## Werk het reactiemechanisme voor de eerste molecule uit&lt;br /&gt;
## Welk molecule reageert het snelst? Leg uit adhv substituenteffecten&lt;br /&gt;
## Geef de reactieproducten van de andere 3 moleculen en ook de IUPAC naam&lt;br /&gt;
#Geef de retro-aldolreactie bij de glycolyse&lt;br /&gt;
## Wat is de katalysator en waarom gaat de retro-aldolreactie niet bij glucose?&lt;br /&gt;
#Gegeven een benzeenring met daarop een nitrogroep en alkylgroep. Gebeurd er eerst alkylering of nitrering? Gebruik in je uitleg grensstructuren&lt;br /&gt;
#Oefening op molecule dat geen suiker was! Maar je moest R/S bepalen, Fischer schrijven, Newmann projectie, en diastereomeren en enantiomeren aanduiden (+ kort uitleggen wat dat betekend)&lt;br /&gt;
#Oefening op aminozuren en bepalen welke vorm er voorkomt bij een bepaalde pH en als je een gelelektroforese doet welke waar dan voorkomt (zoals in de oefenzitting gewoon)&lt;br /&gt;
#standaard oefening die er elk jaar is met reacties aanvullen enzo&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17 juni 2019 (namiddag)===&lt;br /&gt;
#4 moleculen (ester, ester met halogeen, anhydride, amide) waarop de nucleofiele substitutie van water in basische omgeving wordt uitgevoerd. &lt;br /&gt;
##Werk het reactiemechanisme uit voor het ester.&lt;br /&gt;
##Rangschik volgens afnemende reactiviteit.&lt;br /&gt;
##Geef de naam en structuur van beide reactieproducten.&lt;br /&gt;
#Bespreek de oxidatieve deaminering van glutaminezuur met de nodige coënzymen/cofactoren. Geef het reactiemechanisme van de tweede stap zonder enzymen.&lt;br /&gt;
#Oefening op suikers.&lt;br /&gt;
##Bespreek de R/S configuratie van de chirale centra van D-xylose. &lt;br /&gt;
##Is D-xylose een aldose of ketose? &lt;br /&gt;
##Geef de stabielste Newman-projectie op C3-C4.&lt;br /&gt;
##Bepaal de oxidatietrap van C1 en C5.&lt;br /&gt;
##Maak van L-xylose beta-L-xylose. &lt;br /&gt;
##Welk reactietype is de ringsluiting van suikers? Welke katalysator wordt vaak gebruikt? &lt;br /&gt;
##Geef het anomeer van beta-L-xylose. Is dit ook een enantiomeer?&lt;br /&gt;
#Oefening op aminozuren.&lt;br /&gt;
##Geef de 2R,3R configuratie van isoleucine. &lt;br /&gt;
##Wat is de pH van 100 ml isoleucine (0.1M) na toevoeging van 150 ml NaOH (0.1 M)? &lt;br /&gt;
##Waarom heeft glutamine een lagere pKa dan isoleucine? &lt;br /&gt;
#Waarom wordt het reactie-evenwicht bij de Claisencondensatie van ethyl-2-methylpropanoaat met ethoxide niet naar rechts getrokken (in tegenstelling tot andere Claisencondensaties)?&lt;br /&gt;
#Vul reactie aan (reactieproducten, reagentia). Geef reactietype en eindproduct. Geef reactietype, eindproduct en reactiemechanisme.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17 juni 2019 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
#4 moleculen met dubbele bindingen gegeven waarop elektrofiele additie gebeurt&lt;br /&gt;
##van 1 reactiemechanisme uitwerken&lt;br /&gt;
##rangschikken volgens reactiviteit door middel van substituenteffecten&lt;br /&gt;
##eindproducten geven + IUPAC naam geven&lt;br /&gt;
#vetzuursynthese uitleggen met coënzymen erbij&lt;br /&gt;
##uitleggen waarom je malonycoa nodig hebt en wat de gelijkenis ervan is met claisen-condensatie&lt;br /&gt;
#molecule gegeven: menthol&lt;br /&gt;
##chirale c aanduiden, hoeveel stereo-isomeren, R/S van chirale c, geef stabielste configuratie, geef diastereoisomeer dat epimeer is, enantiomeer geven, stabielste configuratie van enantiomeer geven, je krijgt een paar newmanprojecties waarvan je moet zeggen welke de juiste is, oxidatiegetal van aangeduide c geven&lt;br /&gt;
#geef 3D structuur van R glutaminezuur&lt;br /&gt;
##is deze D of L?&lt;br /&gt;
##welke vorm(en) komt er vooral voor op ph 8,8&lt;br /&gt;
##uitleggen waarom N in de R groep niet basisch is en die van lysine (ook tekenen) wel&lt;br /&gt;
#je krijgt een benzeenring waarop een de ene kant een ch3 hangt en op de tegenovergestelde kant een acylgroep, je moet uitleggen via grensstructuren wat het juiste antwoord is&lt;br /&gt;
##eerst alkyleren, dan acyleren&lt;br /&gt;
##eerst acyleren, dan alkyleren&lt;br /&gt;
##volgorde maakt niet uit, maar acyleren is trager&lt;br /&gt;
##volgorde maakt niet uit, maar alkyleren is trager&lt;br /&gt;
#je krijgt een reactie waarvan je de reagentia en reactieproducten er nog moet bij zetten&lt;br /&gt;
##reactie is eerst een eliminatie en dan een additie&lt;br /&gt;
#je krijgt een cyclisch carbonzuur en dit gaat reageren amine, geef de reactieproducten in skeletnotatie en zeg wel reactiemechanisme&lt;br /&gt;
#een cycloalkaan waar een broom aanhangt gaat reageren met naoh, geef het reactieproduct(en) en zeggen welk reactiemechanisme het is en ook het reactiemechanisme uitschrijven&lt;br /&gt;
===14 juni 2019 (namiddag)===&lt;br /&gt;
# 4 benzeen ringen gegeven (3 daarvan met substituenten)&lt;br /&gt;
## Reactiemechanisme uitschrijven voor een gewone benzeen tot chloorderivaat (SeAr)&lt;br /&gt;
## Rangschikken volgens reactiviteit, grensstructuren tekenen en substituenteffecten verklaren.&lt;br /&gt;
## Van de 4 chloorderivaten de IUPAC-naam geven en eindstructuur tekenen &lt;br /&gt;
# De glycolyse genereert op 2 plaatsen ATP en de Krebs-cyclus op 1 plaats. Teken de reagens en het product van de reacties. Leg uit waarom de moleculen energie genereert.&lt;br /&gt;
# Suiker oefening met L-Talose tot alfa-L-talose, Wat is de katalysator?, Reactietype?, Enantiomeer, Stabielste Newman-projectie (C4 en C5), R/S-Configuratie op C2 en C3, Oxidatietrap van C1.&lt;br /&gt;
# Isoelektrisch punt van Arginine en Glycine berekenen, pH van een 0,1M 100ml Arginine oplossing na toevoegen van 200ml 0,1 NaOH, L-configuratie van Arginine tekenen, is het een S/R configuratie?&lt;br /&gt;
# Gegeven: Tetracycline. Het molecule heeft 2 pKa en 1 pKb . Zoek de groepen die hiervoor zorgen en verklaar je keuze.&lt;br /&gt;
# Vul reactie aan (reactieproducten), geef reactietype en eindproduct, geeft reactietype eindproduct en reactiemechanisme.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 juni 2019 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
# 4 structuren gegeven: 2 broomalkanen, 1 broomalkeen en een fenylbroomalkaan&lt;br /&gt;
## Schrijf het Sn2 reactiemechisme uit voor structuur A (broomethaan) met natriumwaterstofsulfide. &lt;br /&gt;
## Rangschik de gegeven structuren volgens afnemende reactiviteit. Leg uit! &lt;br /&gt;
## Geef de IUPAC-namen van al de reactieproducten&lt;br /&gt;
# Geef de isomerisatie in de glycolyse van het glucosederivaat naar fructosederivaat. Waarom is dit basegekatalyseerd.&lt;br /&gt;
## Geef het verband tussen de Tollens- en Fehlingstest en het verband tussen Barfoed- en Benedictetest.&lt;br /&gt;
# Gegeven is een suiker in de stoelvorm&lt;br /&gt;
## Geef de volledige naam van dit suiker.&lt;br /&gt;
## Geef de Fischerprojectie van de open-ketenvorm en geef de stabielste Newmanprojectie met C3 en C4 als as.&lt;br /&gt;
## Wat is de conformatie en OT van C2 en C5?&lt;br /&gt;
## Geef het anomeer van dit suiker. Is dit ook een epimeer/diasteriomeer/enantiomeer? Leg elke term uit. &lt;br /&gt;
# Oefening op aminozuren:&lt;br /&gt;
## Waarom heeft leucine een hogere pKa dan threonine?&lt;br /&gt;
## Welke lading heeft leucine in een mengsel van ph = 9,5? Ligt het eerder aan kathode/anode/ergens in het midden bij elektroforese?&lt;br /&gt;
## Geef de 2R,3S vorm van threonine in de fischerprojectie.&lt;br /&gt;
# Welke van onderstaande structuren ondergaat gemakkelijk een decarboxylering bij een temperatuursverhoging? Zo ja, schrijf het mechanisme helemaal uit. COOH-CH2-CHOH-CH3 / COOH-CHOH-CH2-CH3 / COOH-CH2-CO-CH3 / COOH-CH2-COOH&lt;br /&gt;
# Vul reactie aan (reactieproducten), geef reactietype en eindproduct, geeft reactietype eindproduct en reactiemechanisme.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===13 juni 2019 (namiddag)===&lt;br /&gt;
# Structuren van chloorbenzeen, anisool, benzeen en fenol zijn gegeven.&lt;br /&gt;
## Schrijf het reactiemechanisme uit van een elektrofiele substitutie van benzeen met als eindproduct een nitroderivaat.&lt;br /&gt;
## Rangschik de gegeven structuren volgens afnemende reactiviteit. Leg uit adhv substituenteffecten en teken grensstructuren indien nodig.&lt;br /&gt;
## Geef van de 4 nitroderivaten de IUPAC-naam en teken de structuur&lt;br /&gt;
# Waarom kunnen alcoholen niet gemakkelijk een SN-reactie ondergaan? Geef 2 voorbeelden van een SN-reactie van een alcohol, schrijf het mechanisme. Reageert fenol op dezelfde manier? Teken en leg uit. Hoe kunnen SN-reacties van alcoholen mogelijk gemaakt worden in biologische systemen?&lt;br /&gt;
# Gegeven: enantiomeer van een structuur. Geef R- of S-configuratie van 2 aangeduide C-atomen. Teken de ruimtelijke structuur van het molecule. Hoeveel stereo-isomeren zijn er? Teken de meest stabiele Newman-projectie. Is er een mesovorm? Indien mogelijk teken mesomere grensstructuren. Geef de oxidatietrap van 2 aangeduidde C-atomen.&lt;br /&gt;
# Bij welke pH komt het Zwitter-ion van arginine voor? Teken. Waarom is de pKa van arginine lager dan de pKa van asparaginezuur? Gegeven: 100ml volledig geprotoneerd 0,10M asparaginezuur, Wat is de pH na een titratie met 150mL 0,10M NaOH? Teken van elk vermeld aminozuur de neutrale structuur&lt;br /&gt;
# Gegeven: formaldehyde, aceetaldehyde en benzaldehyde. Welke kan een aldolcondensatie met zichzelf doen? Teken het mechanisme en verklaar waarom de andere 2 dit niet kunnen.&lt;br /&gt;
# Vul reactie aan (reactieproducten), geef reactietype en eindproduct, geeft reactietype eindproduct en reactiemechanisme.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===13 juni 2019 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
# 4 structuren gegeven: 2 chlooralkenen, 1 chlooralkaan en 1 chloorether&lt;br /&gt;
## Schrijf het reactiemechanisme uit voor een SN1 reactie van (1 van de 2) chlooralkeen met ammoniak.&lt;br /&gt;
## Rangschik de gegeven structuren volgens afnemende reactiviteit. Leg uit adhv substituenteffecten en teken grensstructuren indien nodig.&lt;br /&gt;
## Geef van de 4 derivaten de IUPAC-naam (van de eerste 3 dus niet de ether) en teken de structuur.&lt;br /&gt;
# Geef het mechanisme van decarboxylering van beta-ketocarbonzuren en leg uit. Geef een voorbeeld van een analoog mechanisme in de biologie en leg uit.&lt;br /&gt;
#L-glucose tekenen en omzetten in alfa-L-glucofuranose. Geef enantiomeer van de structuur. Geef R- of S-configuratie van 2 aangeduide C-atomen. Hoeveel stereo-isomeren zijn er? Teken de meest stabiele Newman-projectie. Geef een diastereomeer dat ook een epimeer is. Geef de oxidatietrap van 2 aangeduidde C-atomen. Is alfa-L-glucofuranose een reduceerbare suiker?&lt;br /&gt;
# Tyrosine en serine hebben een gelijkaardige zijketen, waarom heeft tyrosine een pKr en serine niet? Gegeven: 100ml volledig geprotoneerd 0,10M tyrosine, Wat is de pH na een titratie met 300mL 0,10M NaOH? Welke vormen van serine en tyrosine komen voor bij pH 10,5? Alle vermelde AZ moeten getekend zijn in het antwoord.&lt;br /&gt;
# Gegeven: Benzeen, pyrrool en pyridine. Rangschik volgens reactiviteit voor een SeAr reactie mbv grensstructuren.&lt;br /&gt;
# Vul reactie aan alkyn --?--&amp;gt; alkeen --Br2--&amp;gt; ?, geef reactietype en eindproduct: 3-fenyl-1-amino-2-propanon --OH--&amp;gt;, geeft reactietype eindproduct en reactiemechanisme: aldolcondensatie.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===30 augustus 2018===&lt;br /&gt;
# 4 gegeven alcoholen kunnen en E1 reactie ondergaan, geef de volledige reactie voor alcohol A, geef de eindproducten en de IUPAC-naam van de 4 alcoholen na de reactie. Orden volgens afnemende reactiviteit.&lt;br /&gt;
# Een vraag over de oxidatieve deaminering van glutaminezuur.&lt;br /&gt;
# Suiker in ringstructuur gegeven: geef naam &amp;amp; lineaire vorm, geef de Newman projectie (c3-c4), is c2 R/S en wat is zijn oxidatietrap, hoeveel chirale C atomen zijn er en duid aan in de cyclische vorm en lineaire vorm welke de chirale C atomen zijn, geef een diastereomeer dat geen epimeer of anomeer is van de gegeven suiker, hoe heet de reactie waarbij een lineaire vorm over kan gaan in de cyclische vorm en in welk solvent gebeurt dit.&lt;br /&gt;
# Leg het verschil in pKa tussen glutaminezuur en valine uit. Welke vorm van glutaminezuur komt er het meeste voor bij bepaalde pH. Bereken de pH van een oplossing van 100ml valine (0,1M) met 200ml base.&lt;br /&gt;
# Een SN reactie bij alcoholen moet in zuur milieu gebeuren: waarom, waarom niet met NH2 als nucleofiel, geef een alternatief voor zuur milieu bij SN reactie met alcoholen.&lt;br /&gt;
# Vul reactie aan (pijltjes en reactieproducten), geef reactietype en eindproduct, geeft reactietype eindproduct en reactiemechanisme. &lt;br /&gt;
===22 juni 2018===&lt;br /&gt;
# De snelheid en reactieproducten met IUPAC-naam geven van 4 esters in basisch midden, voor 1 het mechanisme uitschrijven.&lt;br /&gt;
# Leg de synthese van peptiden uit met dicyclohexylcarbodiimide. Welke voorzorgsmaatregel moet genomen worden om selectief een peptide te vormen? Geef een voorbeeld. &lt;br /&gt;
# Geef de naam van een gegeven cyclisch suiker. Uitleggen of het R of S is. Is het een reducerende suiker? Geef de fischerprojectie. Geef de Newmanprojectie met c3-c4 als as en geef hiervan de stabielste Haworthprojectie. Geef het anomere suiker, is dit een enantiomeer, epimeer of diastereomeer en verklaar. &lt;br /&gt;
# Geef de 3D projectie van S-tryptofaan. Waarom heeft de R-groep van tryptofaan geen basische eigenschappen? Is tryptofaan vlot te scheiden van alanine met gelelektroforese? Indien ja, bij welke pH en waar zouden ze zich bevinden op de gel. Indien nee, verklaar. &lt;br /&gt;
# Waarom ondergaat pyridine gaan elektrofiele aromatische substitutie met een chlooralkeen en trichlooralluminium zoals benzeen? Schrijf de reactie uit die wel plaatsvindt en benoem deze. Nog een deelvraag....&lt;br /&gt;
# Mechanismes aanvullen en reactietypes bepalen. De eerste was een cyclisch ester waarbij je moest aangeveven dat er OH werd gebruikt zodat de ring open ging en het eindproduct in skeletnotatie. Reactie tussen een zuurchloride en een primair amine, het reactietype en producten in skeletnotatie geven. De laatste was een claisoncondensatie waarbij het mechanisme gegeven moest worden en het eindproduct in skeletnotatie. &lt;br /&gt;
===18 juni 2018===&lt;br /&gt;
# De snelheid en reactieproducten met IUPAC-naam geven van 4 benzeenderivaten bij een elektrofiele aromatisch substitutie, voor 1 het mechanisme uitschrijven&lt;br /&gt;
# Leg de afbraak van vetzuren uit en geef de coënzymen die een rol spelen, vergelijk met de vetzuursynthese en leg het verband uit tussen vetzuursynthese en de Claisencondensatie&lt;br /&gt;
# Aflatoxine is gegeven, enkele vraagjes zoals: hoeveel stereoisomeren, teken diastereomeren, r of s,heeft het molecule een mesovorm, oxidatietrappen bepalen, mesomere effecten aanduiden...&lt;br /&gt;
# Waarom heeft de NH2 groep van asparagine geen Pkr? Waar bevinden tyrosine en asparagine zich in een gelelektorforese bij pH 11? Is er mesomerie mogelijk in tyrosine, duid aan met pijlen&lt;br /&gt;
# Bespreek de stereochemie van 2 reacties&lt;br /&gt;
# mechanismes aanvullen en reactietypes bepalen&lt;br /&gt;
===14 juni 2018 ===&lt;br /&gt;
Mondeling&lt;br /&gt;
#4 stoffen vergelijken waarbij een aromatische substitutie gebeurd ter vorming van een nitroderivaat voor 1 het mechanisme uitschrijven en welke het snelste gaat verlopen en waarom. De structuur van de reactieproducten tekenen en de IUPAC-naam geven.&lt;br /&gt;
#De volledige vetzuursynthese geven en alle enzymes en cofactoren benoemen. Zeggen waarom NADPH een goed reductans is voor de reductie van de vetzuren.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
schriftelijk&lt;br /&gt;
#Van een gegeven verbinding zeggen hoeveel stereo-isomeren er van bestaan en van ze allemaal de fisher en newman projectie (stabielste configuratie) geven. Van alle chirale atomen de R of de S configuratie toe kennen. Zeggen welke diasteriomeren en enantiomeren van elkaar zijn. Er kon makkelijk water afgesplitsd worden en zeggen waarom het een stabiel carbokation was en de hybridisatie van het koolstof atoom geven.&lt;br /&gt;
#Van threonine de titratie curve gekregen en hieruit afleiden welke volume op elk punt is toegevoegd welke vorm er het meeste voorkomt en op een bepaald punt de lading van het aminozuur bepalen. Waarom pKa van threonine lager als die van Leucine. (overal structuur van geven)&lt;br /&gt;
#4 verschillende verbindingen gekregen en zeggen welke verbinding het reactiefste is bij een nucleofiele substitutie.&lt;br /&gt;
#Oefening over mechanismes: producten geven, boven pijl aan vullen, reactietype of volledig mechanisme.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 13 juni 2018 ===&lt;br /&gt;
#4 stoffen vergelijken waaraan een elektrofiele additie van HBr gebeurd. Het mechanisme voor 1 v/d stoffen uitschrijven. Zeggen welke reactie het snelst gaat verlopen en waarom (eventueel aantonen door uitschrijven grensstructuren). De structuur van de reactieproducten voor de 4 stoffen geven en de IUPAC-naamgeving van twee daarvan. (mondeling)&lt;br /&gt;
#Geef het mechanisme van decarboxylering van beta-ketocarbonzuren en leg uit. Geef een voorbeeld van een analoog mechanisme in de biologie en leg uit. (mondeling)&lt;br /&gt;
#Oefening over ringsluiting van een suiker, aanduiden asymmetrische koolstoffen, D omzetten in L, een epimeer en anomeer geven, R-S configuratie voor 1 C geven, meest stabiele conformatie over as tussen twee C&#039;s weergeven in Newmann. (schriftelijk)&lt;br /&gt;
#Oefening over aminozuren. 3D weergave van S-proline weergeven. Zeggen waarom pKa&#039; van proline hoger ligt dan van valine. Geven onder welke vorm valine voorkomt bij pH 2.2 en waarom. &lt;br /&gt;
#Oefening over reactie H2SO4 onder temperatuurstijging en een alcohol. Hier gaat eliminatie gebeuren. De twee mogelijke reactieproducten worden gegeven en er wordt gezegd welke het meest gaat voorkomen. Vervolgens wordt gevraagd aan welke regel er hier niet wordt voldaan en waarom. (Regel van Zaitsev wordt niet voldaan, de minst gesubstitueerde alkeen gaat gevormd worden, komt door verschillende reactiemechanisme voor eliminatie van alcohol met H2SO4, schrijf hiertoe mechanismen uit dan wordt het duidelijk)&lt;br /&gt;
#oefening over mechanismen (aanvullen, producten geven of volledig mechanisme uitschrijven)&lt;br /&gt;
=== 7 september 2017 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
# 4 stoffen (ketonen) gegeven waarop een nucleofiele additie van methylamine gebeurt. schrijf het mechanisme voor stof A, geef de stoffen in afnemende reactiviteit en de UIPAC naam van alle stoffen met structuur.&lt;br /&gt;
# vergelijk de hydrolyse van carbonzuuresters en fosfaatesters in base en de hydrolyse van fosfaatesters in zuur. vergelijk de hydrolysesnelheid van mono-, di- en trialkylfosfaten.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#De pKr van glutaminezuur is groter dan die van asparaginezuur, verklaar. titratie van glutaminezuur met NaOH, bereken de pH als er 250ml base werd toegevoegd. welke vorm van asparaginezuur is meer aanwezig bij pH 2.2.&lt;br /&gt;
#welk product word gevormd bij de reactie van Z-2-penteen met dibroom (S,R).&lt;br /&gt;
#reacties aanvullen, skeletnotatie, reactietype, reactiemechanisme,...&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===29 augustus 2017 (namiddag) - Mario Smet===&lt;br /&gt;
Mondeling&lt;br /&gt;
#4 stoffen zijn gegeven: een buteen, een butadieen, een fenyletheen, en een furyletheen. Voer een elektrofiele additie van water uit in zuur milieu: schrijf het reactiemechanisme compleet uit voor stof A + welke stof is het reactiefste leg uit adhv substituenteffecten + geef alle gevormde producten en hun IUPAC namen.&lt;br /&gt;
#Methionine wordt gebruikt bij de methylering in het lichaam maar moet eerst geactiveerd worden. Geef mechanisme van activering, mechanisme van methylering, geef biologisch voorbeeld van methylering + Mosterdgas is sterk alkylerend, waarom? En waarom zijn sterk alkylerende stoffen uiterst toxisch?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk&lt;br /&gt;
#oefeningen op koolhydraten: L-arabinose omvormen naar beta-L-arabinofuranose, hoe noemt deze reactie en welk type reactie is dit?, geef een anomeer van de beta vorm is dit een enantiomeer?, geef een diastereomeer dat geen epimeer is, is deze suiker reducerend?, newman projectie van meest stabiele configuratie bekeken vanaf C2 en C3, geef de absolute configuratie en oxidatietrap van C2 en C4,...)&lt;br /&gt;
#oefening op AZ: arginine, welke vorm heeft dit bij pH12.5 en waarom? Welk stikstofatoom is het meest basisch en waarom? valine, geef S configuratie (beiden dus structuur vanbuiten kennen)&lt;br /&gt;
#methyl-2-methylpropanoaat ondergaat een claisencondensatie in oplossing met methoxide. In tegenstelling tot andere claisencondensaties wordt het reactiemechanisme NIET naar rechts getrokken, waarom?&lt;br /&gt;
#3 verschillende reacties, verschillende zaken aanvullen telkens (mechanisme, welk type reactie, reactieproduct, reagentia,...)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===15 juni 2017 (voormiddag) - Mario Smet===&lt;br /&gt;
Mondeling&lt;br /&gt;
#halogeenalkaan ondergaat een E1 + toelichten zaitsev&lt;br /&gt;
#vier moleculen ondergaan een E; welke is het reactiefst? Leg uit mbhv substituenteffecten + resonantievormen tekenen (indien nuttig)&lt;br /&gt;
#Waarom kan op een alcohol NIET goed een Sn uitgevoerd worden? (OH- is niet stabiel)&lt;br /&gt;
#2 voorbeelden geven hoe dat wel kan + werkt dit ook voor fenol? (protoneren of fosfaatgroep toevoegen)&lt;br /&gt;
#Voorbeeld geven van een nucleofiele substitutie van een alcohol in biologische systemen (acetaalvorming v/e reducerende suiker met methanol)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk&lt;br /&gt;
#oefeningen op koolhydraten (R/S; anomeer, epimeer, haworth en newman projecties&lt;br /&gt;
#oefeningen op reactiemechanismen (fiederlkraftsalkylering, nucleofiele acylsubstietutie)&lt;br /&gt;
#oefening op AZ (2 tekenen, titratie-oef, pKa vergelijken)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 Juni 2017 (namiddag)===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
#Elektrofiele additie reactiemechanisme schrijven (regel markovnikov)&lt;br /&gt;
#4 moleculen bepalen welke het snelst aan een Ae doet (grensstructuren, inductieve effecten)&lt;br /&gt;
#naamgeving van enkele producten na de Ae&lt;br /&gt;
#isomerisatie in glycolyse van glucose-6-fosfaat naar fructose-6-fosfaat en uitleggen waarom dit base gekatalyseerd is&lt;br /&gt;
#verband uitleggen met Fehling&#039;s/ Tollen en Barfoed&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
#gegeven moleculen Menthol aantal stereochemische oefeningen oplossen (R/S, diasteromeren, enantiomeren, newman...)&lt;br /&gt;
#oefening op AZ op papierelektroforese (waar komt elk AZ bij bepaalde ph)&lt;br /&gt;
#aceton+ methylanime wordt imine bij ph=7 laat zien&lt;br /&gt;
#enkele reactiemechanisme aanvullen of tekenen ( Nitrering, estercondensatie)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===12 juni 2017 (voormiddag) SINDS 2017 GEGEVEN DOOR MARIO SMET===&lt;br /&gt;
#op 4 structuren Sn1 toepassen en verklaren welke het meest reactief is + resomere vormen geven + naamgeving...&lt;br /&gt;
#retro aldolcondensatie bij glycolyse en zeggen hoe het katalytisch effect tot stand kwam&lt;br /&gt;
#een oefenig op suikers, op aminozuren en 3 reactiemechanismes&lt;br /&gt;
#vertellen hoe een alcohol test werkt met chroomzuur&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===9 juni 2016===&lt;br /&gt;
#beckman omlegging&lt;br /&gt;
#edman degradatie&lt;br /&gt;
#biosynthese geraniol en limoleen&lt;br /&gt;
#structuren = S.A.M &amp;amp; biotione&lt;br /&gt;
#naamgeving + 2 mechanismes&lt;br /&gt;
#oefening ivm stereochemie&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===8 juni 2016===&lt;br /&gt;
#synthese vn peptiden&lt;br /&gt;
#hydrolyse, omestering en reductie van esters&lt;br /&gt;
#cannizaro reactie&lt;br /&gt;
#structuren: -2-isopentenylpyrofosfaat&lt;br /&gt;
#Trans decaline&lt;br /&gt;
#oef over suikers(suiker bepalen, chirale C&#039;s, newman projectie..)&lt;br /&gt;
#reactiemechanismen en naamgeving&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===6 juni 2016===&lt;br /&gt;
#Aldolcondensatie en waardat deze terugkomt in de glycolyse&lt;br /&gt;
#reactiviteit bij de substitutie reacties van benzeen, tolueen en pyridine vergelijken&lt;br /&gt;
#-verschil tussen reducerende suikers en nietreducerende suikers&lt;br /&gt;
#structuur van acetyl-choline en palitine&lt;br /&gt;
#pH van aminozuren bij een titratie&lt;br /&gt;
#reactimechanisme&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 juni 2015 ===&lt;br /&gt;
# Claisen condensatie + verband met afbraak van vetzuren&lt;br /&gt;
# Bespreek de reactie van geconcentreerd zwavelzuur met:&lt;br /&gt;
#* Alkeen&lt;br /&gt;
#* Alcohol&lt;br /&gt;
#* Aromaat&lt;br /&gt;
# acetylcholine en fructose 6 fosfaat tekenen, optische zuiverheid uitleggen. &lt;br /&gt;
#Oefeningen over aminozuren (of glutamine en threonine te scheiden waren met elektroforese) fischer, newmann, stereo isomeren erover. &lt;br /&gt;
#En dan twee reacties natuurlijk&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===12 juni 2015 ( namiddag ) ===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
mondeling:&lt;br /&gt;
# Leg de reacties met benzeen uit en ook die van purine en fenol.&lt;br /&gt;
# Bespreek de hydrolyse en omestering van vetzuren in zuur en basisch milieu. Leg hierbij ook het broomgetal en verzepingsgetal uit.&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# Naamgeving ( c-AMP en mannose)&lt;br /&gt;
# Leg uit si en re&lt;br /&gt;
# Een hele lang oefening vergelijkbaar met de oefeningen van de oefenzitting ( verschil tussen D en L, chirale C, reacties, ...)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===12 juni 2015 ( voormiddag ) ===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
mondeling:&lt;br /&gt;
#Aminen en halogeenalkanen &lt;br /&gt;
#Aminen en salpeterigzuur&lt;br /&gt;
#Laboratorium peptidesynthese&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
schriftelijk:&lt;br /&gt;
#structuren&lt;br /&gt;
#*Limoneen&lt;br /&gt;
#*Sorbitol&lt;br /&gt;
#stereochemie+ reactiemechanisme&lt;br /&gt;
#*aldolcondensatie&lt;br /&gt;
#leg uit:&lt;br /&gt;
#*reducerende en niet-reducerende suikers&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===11 juni 2015===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
mondeling:&lt;br /&gt;
#Wat is &#039;&#039;mutarotatie&#039;&#039;? Leg dit uit a.h.v glucose en fructose.&lt;br /&gt;
#Leg uit:&lt;br /&gt;
#* Fisher-verestering&lt;br /&gt;
#* Beckmann-omslag. Je moet ook weten hoe H2O addeert. Hij vraagt hoe je aan een oximen kunt komen. &lt;br /&gt;
schriftelijk:&lt;br /&gt;
#IUPAC &lt;br /&gt;
#structuren&lt;br /&gt;
#*citroenzuur&lt;br /&gt;
#*ninhydrine&lt;br /&gt;
#structuur observeren&lt;br /&gt;
#* chirale C-atomen aanduiden&lt;br /&gt;
#* OG van aangeduid atoom geven&lt;br /&gt;
#* vermelden welke N in de molecule het stabielste is.&lt;br /&gt;
#* vermelden hoeveel stereo-isomeren er gevormd kunnen worden.&lt;br /&gt;
#* Ã©Ã©n stereomeer tekenen dat geen enantiomeer is.&lt;br /&gt;
#* oefening op pH-waarden binnen titraties. ( &#039;&#039;deze bij 200 mL als de molecule volledig geprotoneerd is&#039;&#039; )&lt;br /&gt;
#wat is &#039;&#039;fosforyleringspotentiaal&#039;&#039;? Leg uit.&lt;br /&gt;
#2 structuren gegeven. &lt;br /&gt;
#*Van elk de/het reactieproduct(en) geven en hiervan de juiste skeletnotatie. &lt;br /&gt;
#*Geef van Ã©Ã©n van de 2 tructuren het reactiemechanisme.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===16 juni 2014===&lt;br /&gt;
#Bespreek de reacties met alkenen (waterstof halogenen en perzuren)&lt;br /&gt;
#Iupac&lt;br /&gt;
#Bespreek reducerende suikers&lt;br /&gt;
#Peridoxalfosfaat en acetylcholine&lt;br /&gt;
#Stereochemie&lt;br /&gt;
#Reactiemechanismen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 augustus 2013===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Welke reactie kan D-mannose in een basisch milieu ondergaan?&lt;br /&gt;
# Leg de biosynthese van vetzuren uit.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC&lt;br /&gt;
# Structuren: tBOC en ninhydrine&lt;br /&gt;
# Fosforylerings-potentiaal&lt;br /&gt;
# Random oefening&lt;br /&gt;
# Reacties: Ester+Amide en Alcohol+Zuur&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===25 juni 2013 (namiddag)===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek de elektrofiele en nucleofiele substitutie bij benzeen en pyridine.&lt;br /&gt;
# Bespreek eliminatiereacties bij halogeenalkanen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC.&lt;br /&gt;
# Structuur van glucaarzuur en tosylchloride.&lt;br /&gt;
# Leg optische zuiverheid uit.&lt;br /&gt;
# Tryptofaan: chirale koolstoffen, alle stereo-isomeren tekenen in Fischer en Newman, R/S bepalen.&lt;br /&gt;
# Reacties: Nucleofiele substitutie halogeenalkaan en Fischer estersynthese.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===25 juni 2013 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
#decarboxylatie alpha-aminozuur en decarboxylatie alpha-ketocarbonzuur&lt;br /&gt;
# amine + halogeenalkaan/salpeterigzuur&lt;br /&gt;
# iupac&lt;br /&gt;
# structuur beta-maltose en geranylpyrofosfaat&lt;br /&gt;
# dean-stark&lt;br /&gt;
# molecule: chirale centra, R/S, enantiomere/diastereomere/epimeren/anomeren, oxidatie, welke OH zuurste?&lt;br /&gt;
# reactie aldehyd + OH/H2o, tetrahydropyraan met HI&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17 juni 2013 (namiddag)===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Leg de methoden uit om de volgorde van aminozuren in een peptide te achterhalen&lt;br /&gt;
# Leg uit: Halfacetaal- en acetaalvorming en pas toe op de vorming van beta-D-glucopyranose en methyl-beta-D-glucopyranoside&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# Leg biodiesel uit&lt;br /&gt;
# Geef de structuur van limoneen en citroenzuur&lt;br /&gt;
# IUPAC-naamgeving&lt;br /&gt;
# Molecule gegeven: &lt;br /&gt;
#* Geef alle chirale C-atomen + R/S nomenclatuur&lt;br /&gt;
#* Newman projectie geven van bepaalde as&lt;br /&gt;
#* Is de stikstof erin basisch (verklaar met substituenteffecten)&lt;br /&gt;
#* Teken een stereomeer die geen epimeer is&lt;br /&gt;
# Reacties waarvan 1 uitwerken:&lt;br /&gt;
#* Sn1 van een alkaan met een broom erin&lt;br /&gt;
#* Claisen condensatie van een ester&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17 juni 2013 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
#bespreek reactie alkenen met perzuren, halogenen en H2.&lt;br /&gt;
#bespreek decarboxylatie van carbonzuren, pas toe op vb uit citroenzuurcyclus&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
#bespreek: reducerend/niet reducerend suiker&lt;br /&gt;
#molecules tekenen: biotine en SAM&lt;br /&gt;
#iupac naam&lt;br /&gt;
#chirale C: OT, R of S aangeven, diasteromeren van een AZ en fisher+newman&lt;br /&gt;
#oefening met ph berekening met titratie&lt;br /&gt;
#uitleggen waarom pka van 1 lager is dan een ander AZ&lt;br /&gt;
#2 ractiemechanismen geven, Ã©Ã©n ervan uitschrijven&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 juni 2013 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# mutarotatie volledig uitleggen en illustreren voor D-fructose en D-glucose&lt;br /&gt;
# Joodgetal, verzepingsgetal, Hydrolyse en omestering (zuur en basisch) voor olie en vetten. (met TEKENINGEN van ELK mechanisme)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# fosforyleringspotentaal&lt;br /&gt;
# 2 mechanismes waarvan ge het mechanisme en het eindproduct moet geven en eentje moet ge tekenen (naar keuze).&lt;br /&gt;
# structuur gegeven: &lt;br /&gt;
#* geef alle chirale C-atomen &lt;br /&gt;
#* Stereo isomeren &lt;br /&gt;
#* R en S geven van de chirale C-atomen in de stereo isomeren &lt;br /&gt;
#* Zeggen of de dubbele bindingen E of Z zijn &lt;br /&gt;
#* bepaal oxidatiegetal van het aangeduide punt &lt;br /&gt;
#* verklaar waarom een stof hogere pka heeft als die gegeven is&lt;br /&gt;
# er is nog eentje maar die weet ik niet meer.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 13 juni 2013 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
Mondeling: &lt;br /&gt;
#synthese van peptiden in het labo&lt;br /&gt;
#de hydrolysereactie van esters en fosfaatesters&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
schriftelijk: &lt;br /&gt;
#iupac naam&lt;br /&gt;
#structuur van : cAMP en alpha keto glutaarzuur&lt;br /&gt;
#leg de Beckman omlegging uit&lt;br /&gt;
#suikers (ge krijgt een blad me alle suikers op) wij hadden xylulose&lt;br /&gt;
#* bepaal de absolute configuratie van alle chirale C-atomen&lt;br /&gt;
#*teken de meest stabiele open ketenvorm in een speciale projectie, kweet nimeer welke, volgens de C3-C4 as&lt;br /&gt;
#*bepaal het oxidatiegetal van C2&lt;br /&gt;
#*teken de overgang van L - xylulose naar L alpha xylulopentose&lt;br /&gt;
#*teken het anomeer van L alpha xylulopentose&lt;br /&gt;
#*welke soort reactie treed op bij een ringsluiting en welk soort katalysator bevordert dit proces&lt;br /&gt;
#dan nog twee reacties, waarvan ge een volledig moet uitwerken en van beide reacties moet ge het reactietype geven en reactieproduct(en)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 13 juni 2013 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
#bespreek de claisencondensatie en bespreek het verband met de afbraak van vetzuren&lt;br /&gt;
#beschrijf de biosynthese van geraniol en limoneen(monoterpenen)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
#Bespreek de regel van Huckel&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===15 juni 2012 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
Mondeling: &lt;br /&gt;
# Bespreek de biosynthese van monoterpenen: geraniol (molecule krijg je) en limoneen (structuur wel kennen)&lt;br /&gt;
# Bespreek de aldolcondensatie en geef het verband met de glycolyse&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk: &lt;br /&gt;
# IUPAC naam geven&lt;br /&gt;
# structuren van acetylcholine en citroenzuur&lt;br /&gt;
# uitleggen wat reducerende en niet reducerende suikers zijn&lt;br /&gt;
# oefening met molecule met fenolen enz aan: fisherprojecties geven van de isomeren en ook de R/S en newmanprojecties van de stabielste moleculen.&lt;br /&gt;
# reactiemechanismes aanvullen: nucleofiele additie van H2SO4 aan alkeen en zuurgekatalyseerde claisencondensatie&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 juni 2012 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# bespreek de nucleofiele reacties van carbonylgroep en additie met H20 en alcohol&lt;br /&gt;
# Bespreek ninhydrine reactie&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# ne iupac&lt;br /&gt;
# Limoneen en fosfoënolpyruvaat tekenen&lt;br /&gt;
# Bespreek optische zuiverheid&lt;br /&gt;
# oefening met suiker ( bij ons was die suiker L-tagatose dachtek) ma ge krijgt een blad om hem te herkennen (naam geven, fisher tekenen, R/S, een diastereomeer geven dat geen epimeer en geen anomeer is, + waarom suikercyclisatie zuur gekatalyseerd, en dan nog iets ma da wetek ni meer)&lt;br /&gt;
# 2 structuren ( 1 was zo cyclisch ether da met HI reageert )&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===30 juni 2011===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
#Labosynthese van peptiden&lt;br /&gt;
#Eliminatiereacties bij halogeenalkanen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
#IUPD-naam&lt;br /&gt;
#structuren:&lt;br /&gt;
#*Nylon-66&lt;br /&gt;
#*Palmitinezuur&lt;br /&gt;
#Leg uit: Dean Stark opstelling&lt;br /&gt;
#stereochemie&lt;br /&gt;
#reactiemechanismen&lt;br /&gt;
===24 Juni 2011 (namiddag)===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
#Ninhydrinereactie&lt;br /&gt;
#bespreek reacties van amiden met halogeenalkanen en salpeterigzuur&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
#IUPAC-naam&lt;br /&gt;
#Structuren:&lt;br /&gt;
#*c-AMP&lt;br /&gt;
#*Sorbitol&lt;br /&gt;
#Leg uit: Cannizzaro-reactie&lt;br /&gt;
#stereochemie&lt;br /&gt;
#2 reactiemechanismen&lt;br /&gt;
===24 Juni 2011 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
#Bio-synthese van vetzuren en het verband met de Claisencondensatie&lt;br /&gt;
#reacties van alkenen met waterstof, halogenen en perzuren.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
#IUPAC-naam&lt;br /&gt;
#structuren:&lt;br /&gt;
#*ATP&lt;br /&gt;
#*citroenzuur&lt;br /&gt;
#Leg uit: Diazokoppelingsreactie&lt;br /&gt;
#stereochemie&lt;br /&gt;
#2 reactiemechanismen&lt;br /&gt;
===16 Juni 2011===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
#Leg uit: acetaal- en halfacetaalvorming.&lt;br /&gt;
#Reacties van anorganische zuren met alkenen en alkynen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
#IUPAC-naam&lt;br /&gt;
#structuren:&lt;br /&gt;
#*limoneen&lt;br /&gt;
#*D-mannose&lt;br /&gt;
#leg uit: Kolbe-Schmitt reactie&lt;br /&gt;
#stereochemie&lt;br /&gt;
#2 reactiemechanismen&lt;br /&gt;
===23 augustus 2010===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Ninhydrinereactie&lt;br /&gt;
# Welke reacties kan D-fructose in base ondergaan?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam&lt;br /&gt;
# structuren:&lt;br /&gt;
#* Pyridoxalfosfaat&lt;br /&gt;
#* SAM&lt;br /&gt;
# leg uit: Biodiesel&lt;br /&gt;
# stereochemie&lt;br /&gt;
# twee reactiemechanismen:&lt;br /&gt;
#* keton met alcohol&lt;br /&gt;
#* amide in water (zuurgekatalyseerd)&lt;br /&gt;
===18 juni 2010===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Reactie van anorganische zuren met alkenen en alkynen.&lt;br /&gt;
# Alkylering, sulfonering en acylering van aromaten.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam&lt;br /&gt;
# structuren&lt;br /&gt;
#* (delta2)isopentenylpyrofosfaat&lt;br /&gt;
#* cellobiose&lt;br /&gt;
# leg uit: epoxyharsen en -lijmen&lt;br /&gt;
# stereochemie aminozuur met R = -CHOH-CH3&lt;br /&gt;
#* duid chirale koolstoffen aan&lt;br /&gt;
#* hoeveel conformaties zijn er? en teken deze&lt;br /&gt;
#* benoem (R,S)&lt;br /&gt;
#* welke zijn enantiomeren? diastereomeren?&lt;br /&gt;
#* bepaal het oxidatiegetal van de C-atomen&lt;br /&gt;
#* welk is het meest basisch en zeg waarom...&lt;br /&gt;
# twee reactiemechanismen waarvan 1 helemaal uitschrijven&lt;br /&gt;
===14 juni 2010===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Welke reacties gebeuren er met suikers in basisch milieu? (en dan bedoelt hij specifiek in basisch milieu)&lt;br /&gt;
# Bespreek de oxidatie van alcoholen in het labo met K2Cr2O7 en in de natuur met NAD+ en illustreer met een voorbeeld in de citroenzuurcyclus&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam&lt;br /&gt;
# structuren&lt;br /&gt;
#* Dansylchloride&lt;br /&gt;
#* Biotine&lt;br /&gt;
# leg uit: reactie van Chichibabin&lt;br /&gt;
# stereochemie&lt;br /&gt;
#* duid chirale koolstoffen aan&lt;br /&gt;
#* hoeveel conformaties zijn er? en teken deze&lt;br /&gt;
#* benoem (R,S)&lt;br /&gt;
#* welke zijn enantiomeren? diastereomeren?&lt;br /&gt;
#* is er een mesovorm?&lt;br /&gt;
#* welk is het meest basisch: CH3CH2COO- of CH3CH2C=-C- (driedubbele binding) en zeg waarom&lt;br /&gt;
# twee reactiemechanismen waarvan 1 helemaal uitschrijven&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===11 juni 2010===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Wat geven alkenen met &lt;br /&gt;
#* Anorganische zuren; &lt;br /&gt;
#* Perzuren (ook energieschema&#039;s kennen, effecten van concentraties enzo)&lt;br /&gt;
# Bespreek de biosynthese van vetzuren (Claisen-condensatiestap belangrijkst)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam&lt;br /&gt;
# structuren&lt;br /&gt;
#*SAM (S-adenosylmethionine)&lt;br /&gt;
#*PET&lt;br /&gt;
# Leg uit: Kolbe-Schmidt-reactie (aspirine dus)&lt;br /&gt;
# Stereo-chemie:&lt;br /&gt;
#* teken (beta)-L-gulopyranose (lineaire vorm gegeven)&lt;br /&gt;
#* teken gunstigste Newman-projectie volgens C2-C3-as&lt;br /&gt;
#* wat is de oxidatietrap van C6?&lt;br /&gt;
#* geef de anomeer en een epimeer van L-gulose&lt;br /&gt;
# 2 reactiemechanismen (1 uitschrijven)&lt;br /&gt;
#* oxidatie van een alcohol en aldehyde met K2Cr2O7, H2SO4, koud&lt;br /&gt;
#* Friedel-Crafts-acylering&lt;br /&gt;
-&lt;br /&gt;
===22 juni 2009 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek de aldolcondensatie. Bespreek ook de stap van de glycolyse die verband houdt met de aldolcondensatie.&lt;br /&gt;
# Bespreek de hydrolyse en omestering van vetten. Leg ook uit wat het verzepingsgetal en het joodgetal is.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam geven.&lt;br /&gt;
# Structuren:&lt;br /&gt;
#* dansylchloride&lt;br /&gt;
#* cellobiose&lt;br /&gt;
# Leg uit: De Beckmann-omlegging&lt;br /&gt;
# Je krijgt een molecule gegeven &lt;br /&gt;
#* Duid alle assymetrische koolstofatomen aan met een &amp;amp;quot;*&amp;amp;quot; en zeg of ze een R of S-configuratie hebben&lt;br /&gt;
#* Teken het enantiomeer en 2 epimeren&lt;br /&gt;
#* Van een N-atoom zeggen dat het basischer of zuurder is in vergelijking met ammoniak&lt;br /&gt;
#* 2 mesomeren vormen geven (buiten die van benzeenring)&lt;br /&gt;
# Twee reactiemechanismen (producten + soort reactie geven + Ã©Ã©n mechanisme helemaal uitschrijven)&lt;br /&gt;
#* tertair alcohol + zuurchloride&lt;br /&gt;
#* alkeen + zuur&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===19 juni 2009 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# bespreek de nucleofiele additie aan de carbonylgroep. Bespreek de factoren die de reactiviteit van aldehyden en ketonen beinvloed. geef de reactie met water en alcoholen&lt;br /&gt;
# bespreek de reactie van alkenen met waterstof, halogenen en perzuren&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam geven.&lt;br /&gt;
# Structuren:&lt;br /&gt;
#* maltose&lt;br /&gt;
#* fosfoënolpyruvaat&lt;br /&gt;
# Leg uit: epoxyharsen en -lijmen&lt;br /&gt;
# gegeven: aminozuur met zijgroep: R=CH2-SH&lt;br /&gt;
#* Hoeveel stereoisomeren bestaan er van dit molecule+ welk aminozuur is dit&lt;br /&gt;
#* geef de fischerprojectie en de Newmanprojectie( volgens C2-C3 as) van stabielste conformatie van elk stereoisomeer.Geef van elke chirale C of het R of S is.&lt;br /&gt;
#* titratie: je begint met 100ml van O,2M oplossing van aminozuur(volledig geprotoneerd) en je titreert met 0,2M NaOH.(Pk1=1,9 Pk2=10,7 Pkr=8,4&lt;br /&gt;
#*# bereken PH als je 150ml NaOH toegevoegd hebt&lt;br /&gt;
#*# Bereken PH als je 300ml NaOH toegevoegd hebt&lt;br /&gt;
#*# wat is(zijn) de voornaamste vorm(en) van het aminozuur bij PH=8,4&lt;br /&gt;
# reactiemechanismen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 juni 2009 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Leg de decarboxylering van carbonzuren uit en pas toe in een stap uit de citroenzuurcyclus&lt;br /&gt;
# Welke technieken ken je voor het bepalen van de aminozuurvolgorde in een peptideketen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam geven.&lt;br /&gt;
# Structuren:&lt;br /&gt;
#* Biotine&lt;br /&gt;
#* (delta)Â³ - isopentenylpyrofosfaat&lt;br /&gt;
# Leg uit: de reactie van chichibabin&lt;br /&gt;
# Cyclische L-suiker gegeven:&lt;br /&gt;
#* Geef de naam en de lineaire structuur. (lijst met ongekende suikers gegeven)&lt;br /&gt;
#* Bepaal van CÂ² of het R of S - configuratie heeft&lt;br /&gt;
#* Duidt niet-chirale C-atomen in lineaire en cyclische structuur aan&lt;br /&gt;
#* Hoeveel 1,3-diaxiale interacties zijn er?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 8 juni 2008===&lt;br /&gt;
# Leg uit: de reactie van een zuur met een alkeen/alkyn.&lt;br /&gt;
# Leg uit: de Claisen-condensatie en breng dit in verband met de biosynthese van lipiden/vetten.&lt;br /&gt;
# Teken de structuur van S-adenosyl-methionine en van sacharose.&lt;br /&gt;
# Leg uit: optische zuiverheid.&lt;br /&gt;
# Oefeningen:&lt;br /&gt;
#* Stereochemie, invloed van substituenten op de zuurtegraad etc. &lt;br /&gt;
#* Reactiemechanismen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 18 aug 2008 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Geef de biosynthese van monoterpenen voor de vorming van geraniol en limoneen.&lt;br /&gt;
# Bespreek sulfonering, alkylering en acylering aan aromaten.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# Structuren:&lt;br /&gt;
#* cyclisch AMP&lt;br /&gt;
#* Glucaarzuur&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 25 jun 2008 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek de hydrolyse, omestering, aminolyse en reductie van esters.&lt;br /&gt;
# Welke methoden ken je om de volgorde van aminozuren in peptiden te bepalen?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# Moleculen:&lt;br /&gt;
#* Nerylpyrofosfaat&lt;br /&gt;
#* Cellobiose&lt;br /&gt;
# Wat zijn epoxylijmen?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 25 jun 2008 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Licht toe wat acetalen en hemiacetalen zijn en pas dit toe op de vorming van beta-D-glucopyranose uit D-glucose en de vorming van methyl-beta-D-glucopyranoside.&lt;br /&gt;
# Bespreek de labosynthese van peptiden.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# Structuren:&lt;br /&gt;
#* Trans-decaline&lt;br /&gt;
#* Histamine&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 24 jun 2008 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek reactie alkenen met H2, halogenen en perzuren.&lt;br /&gt;
# Bespreek zure en base hydrolyse en omestering van vetten.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# Structuren: &lt;br /&gt;
#* ADP&lt;br /&gt;
#* Maltose&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 21 jun 2008 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek de eleminatiereacties bij halogeenalkanen.&lt;br /&gt;
# Bespreek de testreactie van ninhydrine.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# Geef de IUPAC-naam.&lt;br /&gt;
# Teken de volgende structuren:&lt;br /&gt;
#* Dansylchloride&lt;br /&gt;
#* Thymidine&lt;br /&gt;
# Bespreek nylon 66.&lt;br /&gt;
# Cyclisch suiker: &lt;br /&gt;
#* Geef de naam.&lt;br /&gt;
#* Welk is het zuurste proton ?&lt;br /&gt;
#* Geef de configuratie (R/S).&lt;br /&gt;
#* Fisher&lt;br /&gt;
#* Welke zijn de niet chirale C&#039;s ?&lt;br /&gt;
# Twee reactiemechanismen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 20 jun 2008 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek de additie van zuren op alkenen.&lt;br /&gt;
# Bespreek de biosynthese van vetzuren.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam geven.&lt;br /&gt;
# Geef de structuur van:&lt;br /&gt;
#* Geranylpyrofosfaat&lt;br /&gt;
#* Ninhydrine&lt;br /&gt;
# Bespreek de Beckmann omlegging.&lt;br /&gt;
# Aspartaam gegeven:&lt;br /&gt;
#* Welke zijn de verschillende stereoisomeren ?&lt;br /&gt;
#* Welke zijn de chirale koolstofatomen en duid aan of R/S zijn.&lt;br /&gt;
#* Schrijf de fisherprojectie van L-fenylalanine.&lt;br /&gt;
#* Vraag over elektroforese: aantonen waar fenylalanine en asparaginezuur zich bevinden.&lt;br /&gt;
# Twee reactiemechanismen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 9 jun 2008 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek de reactiemechanisme bij ketonen en aldehyden en vermeld hierbij de factoren die deze reacties beinvloeden. Geef een voorbeeld van additie van alcohol en additie van water.  &lt;br /&gt;
# Bespreek de isomerisatie van D-glucose oiv van een base en geef een vb in de glycolyse cyclus.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam&lt;br /&gt;
# Structuren:&lt;br /&gt;
#* Pyridoxalfosfaat&lt;br /&gt;
#* Tosylchloride&lt;br /&gt;
# Leg uit wat een kroonether is.&lt;br /&gt;
# Structuur asparagine gegeven:&lt;br /&gt;
#* Teken alle stereoisomeren (fisher en newman).&lt;br /&gt;
#* R/S configuratie&lt;br /&gt;
#* Waarom heeft de amine-groep in de structuur geen basische eigenschappen ?&lt;br /&gt;
#* Bereken het eerste equivalentiepunt en leg je methode uit.&lt;br /&gt;
# Twee reactiemechanismen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 19 jun 2007 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Nucleofiele additie aan de carbonylgroep bespreken/factoren reactiviteit/aantonen met additie van water en alcohol.&lt;br /&gt;
# Manieren om de AZ volgorde te bepalen uitleggen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC naam&lt;br /&gt;
# Structuren:&lt;br /&gt;
#* Pyridoxalfosfaat&lt;br /&gt;
#* Tosylchloride&lt;br /&gt;
# Leg Nylon 66 uit.&lt;br /&gt;
# Structuur Cysteïne gegeven:&lt;br /&gt;
#* Fisher&lt;br /&gt;
#* Newman&lt;br /&gt;
#* R-S&lt;br /&gt;
#* Enantiomeren...&lt;br /&gt;
#* Welk molecule &lt;br /&gt;
#* Welke vorm komt in de natuur het meeste voor ?&lt;br /&gt;
#* Welke is de mesovorm?&lt;br /&gt;
# Twee reactiemechanismen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 18 jun 2007 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Aminolyse/omestering/hydrolyse esters.&lt;br /&gt;
# Leg de decarboxylatie van carbonzuren uit en breng deze in verband met de Krebscyclus.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# Regel van Zaitsev kort bespreken.&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam&lt;br /&gt;
# Structuren: &lt;br /&gt;
#* Biotine&lt;br /&gt;
#* Cellobiose&lt;br /&gt;
# Suikers: &lt;br /&gt;
#* Open-ketenstructuur&lt;br /&gt;
#* R en S&lt;br /&gt;
#* Chirale atomen.&lt;br /&gt;
#* 1,3-diaxiale interactie&lt;br /&gt;
# Reacties: &lt;br /&gt;
#* Alkeen + HCl =&amp;amp;gt; ... &lt;br /&gt;
#* Oxidatie van een alcohol.&lt;br /&gt;
 &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 18 jun 2007 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# De additie van zuren aan alkenen.&lt;br /&gt;
# Mutarotatie uitleggen en illustreren met glucose.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam&lt;br /&gt;
# Structuren: &lt;br /&gt;
#* Acetylcholine &lt;br /&gt;
#* cAMP&lt;br /&gt;
# Omega-3 en omega-6 vetzuren uitleggen.&lt;br /&gt;
# Een bepaald aminozuur:&lt;br /&gt;
#* Fisher&lt;br /&gt;
#* Newman&lt;br /&gt;
#* pH-berekeningen&lt;br /&gt;
# Reacties: Reactieproducten en soort reactie geven en uitwerken voor een van de twee.&lt;br /&gt;
#* Carbonylgroep met H2 en Pt&lt;br /&gt;
#* 2 ketonen met OH-&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 jun 2007 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Eliminatiereacties uitleggen.&lt;br /&gt;
# Beta-oxidatie + claisencondensatie.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam (carbonzuurgroep keton, 2 dubbele binden, methyl, en alkynbinding)&lt;br /&gt;
# Een suiker omzetten naar een ringstructuur, epimeren aanduiden op bijhorende tabel.&lt;br /&gt;
# Biodiesel uitleggen&lt;br /&gt;
# Structuren:&lt;br /&gt;
#* Dansylchloride&lt;br /&gt;
#* Thymidine structuur geven&lt;br /&gt;
# Twee reactiemechanismen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 14 jun 2007 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek de aldolcondensatie van aldehyden en ketonen.&lt;br /&gt;
# Bespreek de reactie van waterstof/halogenen/perzuren aan alkenen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam.&lt;br /&gt;
# Structuren&lt;br /&gt;
#* Oliezuur&lt;br /&gt;
#* Adrenaline&lt;br /&gt;
# Leg kort uit: kroonethers.&lt;br /&gt;
# R-groep van lysine gegeven:&lt;br /&gt;
#* Stereoisomeren, R/S, L aanduiden.&lt;br /&gt;
#* Newman/fischer projecties.&lt;br /&gt;
#* Naam van het aminozuur.&lt;br /&gt;
#* Voorkomen bij pH 10 (welke vorm: geprotoneerd of niet?)&lt;br /&gt;
# Twee reacties: (je moet maar van 1 het hele mechanisme geven, ander gewoon zeggen welk type reactie en eindproduct)&lt;br /&gt;
#* Een keton reageert met HNO3 en H2SO4.&lt;br /&gt;
#* Reactie van tertiar alcohol met zuurchloride.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 28 aug 2006 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek peptidesynthese in het labo en vergelijk met die ter hoogte van de ribosomen.&lt;br /&gt;
# Bespreek additie van zuren aan alkenen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam.&lt;br /&gt;
# Structuurformule van adrenaline en gluconzuur.&lt;br /&gt;
# Bespreek optische zuiverheid.&lt;br /&gt;
# Gegeven: structuurformule threonine.&lt;br /&gt;
#* Aantal stereo-isomeren&lt;br /&gt;
#* De chirale C-en&lt;br /&gt;
#* Fisher- en newman-projectie van elk.&lt;br /&gt;
#* Duidt R/S aan.&lt;br /&gt;
#* Naam van aminozuur.&lt;br /&gt;
#* Bij pH = 7: naar welke pool migreert dit AZ (pk1 en pk2 gegeven) ?&lt;br /&gt;
# Beschrijven van reactie: 2 esters (dezelfde) boven de pijl (H3O+ en OC3H7), boven de 2e pijl (H3O+ en NaBH4).&lt;br /&gt;
 &lt;br /&gt;
=== 26 jun 2006 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Hemiacetaal en acetaal, pas toe op de vorming van beta-D-glucopyranosyl uit D glucose en de vorming van methyl - beta - D - glucopyranoside.&lt;br /&gt;
# Oxidatie, hydrolyse ( in zuur en in basisch milieu) en omestering van olie en vet.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam.&lt;br /&gt;
# Cystine en adipinezuur structuur geven.&lt;br /&gt;
# Regel van Zaitsev uitleggen en illustreren met een voorbeeld.&lt;br /&gt;
# Oefening met stereo-isomeren, Fischer, Newman en R en S configuratie.&lt;br /&gt;
# Furan + HNO3 + H2SO4 reactie geven.&lt;br /&gt;
#* Stoffen geven die ge aan furan moet toevoegen om een ethylgroep op positie 2 (alfa) te induceren.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 23 jun 2006 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek de laboratoriumsynthese van peptideverbindingen en vergelijk met de manier waarop aminzuren binden met ribosomen.&lt;br /&gt;
# Bespreek de reactie van alkenen met waterstof, halogenen en perzuren. &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam.&lt;br /&gt;
# Structuurformule van oliezuur en adrenaline.&lt;br /&gt;
# Bespreek cannizaro reacties.&lt;br /&gt;
# Structuurformule van een suiker:&lt;br /&gt;
#* Geef de fisherprojectie van de ringstructuur.&lt;br /&gt;
#* R-S van de C2 bepalen&lt;br /&gt;
#* Leidt de naam af.&lt;br /&gt;
#* Geef het aantal chirale C&#039;s in de haworth aan.&lt;br /&gt;
# Reactiemechanisme&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 23 jun 2006 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek de isomerisatie van D-glucose onder invloed van base en breng in verband met een stap uit de glycolyse (alleen deze stap opschrijven).&lt;br /&gt;
# Bespreek de afbraak van vetzuren en breng in verband met de Claisencondensatie.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam.&lt;br /&gt;
# Structuren:&lt;br /&gt;
#* Thymidine&lt;br /&gt;
#* Dansylchloride&lt;br /&gt;
# Verklaar kort het begrip &amp;amp;quot;optische zuiverheid&amp;amp;quot;.&lt;br /&gt;
# Een hepteen is gegeven:&lt;br /&gt;
#* Geef de verschillende stereovormen in Fisherprojectie.&lt;br /&gt;
#* Geef de Newman-projectie van het meest stabiele conformeer.&lt;br /&gt;
#* Noteer ook R- en S-conformatie.&lt;br /&gt;
# Reactie waarbij de producten, tussenstappen en mechanismen moeten worden aangevuld.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 21 jun 2006 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek de elektrofiele aromatische substitutie met als voorbeeld nitreerzuur, benzeen en gesubstitueerde benzeenderivaten.&lt;br /&gt;
# Bespreek hydrolyse, reductie, omestering en aminolyse van esters.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam.&lt;br /&gt;
# Structuren:&lt;br /&gt;
#* Sacharose &lt;br /&gt;
#* SAM&lt;br /&gt;
# Bespreek omega-3-vetzuren en omega-6-vetzuren.&lt;br /&gt;
# Gegeven: structuurformule arginine &lt;br /&gt;
#* Geef het aantal stereo-isomeren.&lt;br /&gt;
#* Duidt de cirale C&#039;s aan.&lt;br /&gt;
#* Fisher- en Newman-projectie van elk.&lt;br /&gt;
#* Duid R/S aan.&lt;br /&gt;
#* Geef de naam van het aminozuur.&lt;br /&gt;
#* Duid aan welke N het meest basisch is.&lt;br /&gt;
#* Welk stereo-isomeer is het L-aminozuur ?&lt;br /&gt;
# Beschrijven van reactie: 2 keer cyclopenteen met daaraan 2-hexanol (of pentanol ben het vergeten) keten op de pijl staat K2Cr2O7, H+ en koud, boven tweede pijl staat 1 OH- &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 20 jun 2006 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek de additie van zuren aan alkenen (geen carbonzuren bedoeld).&lt;br /&gt;
# Bespreek de biosynthese van vetzuren.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam.&lt;br /&gt;
# Structuren: &lt;br /&gt;
#* Kaneelzuur&lt;br /&gt;
#* Cellobiose&lt;br /&gt;
# 3-broom-4-cloorhexaan:&lt;br /&gt;
#* Stereo-isomeren: Fisher- en Newman-projectie.&lt;br /&gt;
#* R,S-configuratie&lt;br /&gt;
#* Diastereomeren/enantiomeren?&lt;br /&gt;
# Het reactietype en naam en mechanisme van benzeenring met OH aan, bij de pijl staan dibroom en ijzertribroom.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 13 jun 2006 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Aldolcondensatie + glycolyse stap die met aldolcondensatie te maken heeft. &lt;br /&gt;
# Geef de verschillende methoden om de volgorde van AZ in peptide te vinden. &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam.&lt;br /&gt;
# Structuren&lt;br /&gt;
#* Stearinezuur&lt;br /&gt;
#* Pyridine&lt;br /&gt;
# Leg uit: gauche en anti (bij alkanen).&lt;br /&gt;
# 2,3,4-hydroxybutanal:&lt;br /&gt;
#* Hoeveel stereoisomeren ?&lt;br /&gt;
#* Geef Fisher projectie en de Newmann projectie van de meest stabiele conformatie.&lt;br /&gt;
#* Geef R,S conformatie. &lt;br /&gt;
#* En zeg welke enantiomeren zijn, welke  diastereoisomeren zijn, mesovormen.&lt;br /&gt;
# Geef reactiemechanisme, reactieproduct (ook in skeletnotatie--&amp;amp;gt; reactieproduct) van:&lt;br /&gt;
#* Trans-1-fenyl-1-buteen met verdund zwavelzuur.&lt;/div&gt;</summary>
		<author><name>R0998693</name></author>
	</entry>
	<entry>
		<id>https://wiki.chemika.be/index.php?title=Bio-Organische_Chemie&amp;diff=4142</id>
		<title>Bio-Organische Chemie</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.chemika.be/index.php?title=Bio-Organische_Chemie&amp;diff=4142"/>
		<updated>2024-06-27T14:30:28Z</updated>

		<summary type="html">&lt;p&gt;R0998693: /* 22 juni 2024 */&lt;/p&gt;
&lt;hr /&gt;
&lt;div&gt;[[Categorie:Bachelor Chemie]]&lt;br /&gt;
[[Categorie:Bachelor Biochemie]]&lt;br /&gt;
==Vakinformatie==&lt;br /&gt;
Basisvak organische chemie voor eerstejaars chemie, biochemie en biologie.&lt;br /&gt;
Gedoceerd door Professor Luc van Meervelt.&lt;br /&gt;
Het examen volgt al jaren dezelfde structuur.&lt;br /&gt;
Sinds 2017 wordt dit vak gegeven door professor Mario Smet.&lt;br /&gt;
Het examen duurt 3 uur.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;2022-2023&#039;&#039;&lt;br /&gt;
*aanpak vak&lt;br /&gt;
**Prof Mario Smet&lt;br /&gt;
**Voor het examen minstens 3.2/8 voor zowel het deel van theorie als oefeningen, anders maximaal een 9 (helaas durft hij ook een 3.1 te geven)&lt;br /&gt;
**Er zijn ingesproken ppt&#039;s die zeker een aanrader zijn om te bekijken, belangrijkste zaken worden duidelijk uitgelegd&lt;br /&gt;
*Kwaliteit cursus&lt;br /&gt;
**Slides zijn duidelijk en bevatten zeker de belangrijkste informatie&lt;br /&gt;
**Handboek kan handig zijn voor extra informatie of verduidelijking van bepaalde delen, maar ik heb dit zelf amper opengedaan dus zeker niet noodzakelijk om te kopen&lt;br /&gt;
*Examenvragen&lt;br /&gt;
**Telkens één theorievraag over een reactiemechanisme (regel van Zaitsev en Markovnikov belangrijk) met ordenen op basis van reactiviteit en naamgeving van producten!!&lt;br /&gt;
**Eén theorievraag over een voorbeeld (komen steeds terug, zijn er in totaal een stuk of 14) belangrijk om hierbij te weten waarom bepaalde zaken zo zijn.&lt;br /&gt;
**Bij de oefeningen vraagt hij naar mijn gevoel van alles iets, dus aminozuren zeker uit het hoofd leren en al de reactiemechanismes begrijpen.&lt;br /&gt;
*Labo&#039;s&lt;br /&gt;
**Zijn niet al te moeilijk&lt;br /&gt;
**Zie dat je op tijd bent voor de prelabtest, ze hebben geen medelijden met u, zelfs als je er niks aan kon doen :(&lt;br /&gt;
**Als er ergens iets van berekeningen in het labo voorkomen, worden deze vaak op de prelabtest gevraagd&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen==&lt;br /&gt;
===22 juni 2024===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
##4 structuren gekregen: fenyletheen, 4-vinylfenol, 1-nitro-4-vinylbenzeen, fenol. Deze ondergaan een additie met HCl.&lt;br /&gt;
#geef het reactiemechanisme van A&lt;br /&gt;
#rangschik op reactiviteit. verklaar met substituenteffecten en teken grensstructuren indien nodig&lt;br /&gt;
#geef de reactieproducten van A,B en C en de IUPAC-naam van het reactieproduct A en B&lt;br /&gt;
##Retro-aldolreactie bij de glycolyse wordt gekatalyseerd door het enzym aldolase.&lt;br /&gt;
#Geef het reactiemechanisme van de retro-aldolreactie van fructose-1,6-difosfaat&lt;br /&gt;
#Waarom moet glucose-6-fosfaat geïsomeriseerd worden naar fructose-6-fosfaat&lt;br /&gt;
#Aldolase katalyseert nog een reactie in het lichaam, namelijk de reactie van dihydroxyaceton(niet zeker) met D-erytrose. Geef de Fischervoorstelling van het reactieproduct.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
##Vraag aminozuren&lt;br /&gt;
#Bereken het Iso-elektrisch punt van arginine en isoleucine. schrijf ook de structuur bij die pH.&lt;br /&gt;
#100 ml Isoleucine-oplossing van 0,100 mol/L wordt getitreerd met een NaOH-oplossing van 0,100 mol/L. Geef mij de pH bij toevoeging van 50 ml en 200 ml NaOH-oplossing en teken de structuur van isoleucine bij die pH’s.&lt;br /&gt;
##Reactiemechanismen&lt;br /&gt;
#Benzeen gekregen wat toevoegen om 1-fenylethanon te krijgen (Antwoord: FeCl3 + ethanoylchloride)&lt;br /&gt;
#Ethoxyethaan + HBr → ? (ook zeggen welk reactietype)&lt;br /&gt;
#?&lt;br /&gt;
##?&lt;br /&gt;
##Meerkeuzevraag over Claisencondensatie. 4 IUPAC-namen van esters gekregen teken structuurformule van elk ester. De 4 esters ondergaan een Claisen Condensatie, bij 3 esters is het een aflopende reactie, bij 1 ester een evenwichtsreactie. Bij welke evenwichtsreactie en waarom?&lt;br /&gt;
#butylethanoaat&lt;br /&gt;
#ethylbutanoaat&lt;br /&gt;
#ethyl-2-methylbutanoaat&lt;br /&gt;
#ehtyl-3-methylbutanoaat&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===10 juni 2024===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
# 4 structuren: ethaanzuurbromide, ethaanzuurchloride, 2-oxyethaanzuurbromide, dietheenzuuranhydride. deze ondergaan een nucleofiele substitutie met water&lt;br /&gt;
##geef het reactiemechanisme van A&lt;br /&gt;
##rangschik op reactiviteit. verklaar met substituenteffecten en teken grensstructuren indien nodig&lt;br /&gt;
##geef de reactieproducten en de IUPAC-naam van A en C&lt;br /&gt;
# om alfa-ketoglutaraat te decarboxyleren maakt de natuur gebruik van het coënzym thiaminepyrofosfaat die reageert na deprotonatie.&lt;br /&gt;
##Geef het reactiemechanisme&lt;br /&gt;
##Geef 2 redenen waarom het coënzym zo goed gedeprotoneerd wordt&lt;br /&gt;
##Wat is het voordeel van het binden van dit coënzym?&lt;br /&gt;
##Wat is het voordeel van dit biologisch proces?&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
# je wil een aminozuurmengeling van tryptofaan en lysine scheiden met behulp van elektroforese bij een pH van 9,1. Bereken het voorkomen van de vormen en waar ze zullen voorkomen (Kathode, Anode of ertussenin). Laat ook duidelijk de structuur van deze aminozuren zien.&lt;br /&gt;
##waarom is de stikstof op de tryptofaan niet basisch&lt;br /&gt;
# gegeven but-1-een naar 1-methylbutan-1-ol. Welke substraat heb je nodig om van de eerste naar de tweede gegaan (structuren waren gegeven) als je dan met H3PO4 zit en een verandering in temperatuur welk product bekom je (was al een reactiepijl gegeven)?&lt;br /&gt;
# reactie met methoxybenzeen, ethaanzuurchloride en AlCl3 (structuren gegeven). Geef het reactieproduct en het reactietype.&lt;br /&gt;
# mechanisme en reactietype gevraagd van 2x fenylmethanal (structuur gegeven) met OH-&lt;br /&gt;
# suikering gegeven met een zesring waarbij OH op C1 naar boven, alsook C2 en C3, bij C4 naar beneden en C5 de CH2OH ook naar beneden.&lt;br /&gt;
##geef de fisherstructuur van dit suiker en teken de stabielste conformatie op de newmann-projectie van C3 en C4&lt;br /&gt;
##geef de volledige naam van dit suiker&lt;br /&gt;
##geef van C1 en C2 de absolute configuratie (R of S) geef hierbij ook de prioriteiten&lt;br /&gt;
##Leg uit wat 1,3 diaxiale interacties zijn en geef dit weer op een duidelijke tekening&lt;br /&gt;
# oxidatie van ascorbinezuur naar dehydroxy-ascorbinezuur gegeven (zie practicum) en 3 stellingen (hieronder): duid de stellingen aan die correct zijn en geef bij iedere uitleg&lt;br /&gt;
##Er gebeurt een oxidatie en het oxidatiegetal van de C-atomen gaat van +1 naar 0&lt;br /&gt;
##Is de H in kwestie die met de laagste pKa?&lt;br /&gt;
##Is de stereochemie juist of kwam het eindproduct eerder van een andere stereo isomeer&lt;br /&gt;
===2 september 2023===&lt;br /&gt;
https://drive.google.com/file/d/1GMpzdW-Fuazq4zCe9Y40D8DgJyVk2-a7/view?usp=drive_link&lt;br /&gt;
===24 juni 2023===&lt;br /&gt;
#Je kreeg 4 verbindingen (ik denk 2-bromo-2methylpropaan, 2-bromopropaaan, 4-bromo-2-penteen en 4-bromo-1-penteen; kloppen niet helemaal, maar principe blijft hetzelfde). &lt;br /&gt;
##Voor 2-bromo-2-methylpropaan moest je de E-reactie uitschrijven.&lt;br /&gt;
##Zeggen in welke volgorde deze verbindingen het snelste zou reageren bij een E1-reactie (aan de hand van substituent effecten en eventuele grensstructuren.&lt;br /&gt;
##Voor elke verbinding het reactieproduct geven en IUPAC naam geven.&lt;br /&gt;
#Er wordt ATP gevormd bij de afbraak van een suiker in de glycolyse en krebs-cyclus. &lt;br /&gt;
##Geef de reactieproducten en waarom kan er ATP gevormd worden?&lt;br /&gt;
##Het grootste deel van de energie komt in een andere vorm vrij, hoe gebeurd dit?&lt;br /&gt;
#Meerkeuzevraag over Claissencondensatie van ethylacetaat (was een andere benaming, maar vooral het ethyl deel is belangrijk dus maakt niet echt uit). Welk reagens moet je gebruiken om ervoor te zorgen dat je slechts één reactieproduct hebt. Opties waren denk ik: methioxide, ethioxide, hydroxide, er wordt altijd meer dan één reactieproduct gevormd (eventuele grensstructuren hier niet mee rekenen) (meeste hadden ethioxide) en dan moest je nog aantonen met het relevante deel van de reactie, waarom de andere niet zouden kunnen.&lt;br /&gt;
#Reactiemechanismen&lt;br /&gt;
##Je kreeg aceton en je moest zeggen wat je moest toevoegen om iets te bekomen (je moest OH- toevoegen, maar weet even niet meer wat je dan bekomt) en dan voeg je H2O en H+ toe en moet je het reactieproduct geven (2,2-propaandiol)&lt;br /&gt;
##Ik denk 2-Methylcyclopentanone en solvent gekregen, zeggen welk reactieproduct je bekomt en wat het reactiemechanisme is (nucleofiele acylsubstitutie)&lt;br /&gt;
##Je kreeg ethylbenzeen met als solvent AlCl3 en acetylchloride (hiervan maak je AlCl4- en CH2CO+) je moest zeggen welk reactiemechanisme (nucleofiele aromatische substitutie) en dit ook uitschrijven&lt;br /&gt;
#Zwitterion en IP van arginine en glutamine geven en zeggen welke pH je krijgt bij het toevoegen van 250ml NaOH aan 100 ml 0.1M glutamine&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
##S/R van chirale koolstoffen van D-xylulose geven + Newman projectie rond C3 en C4&lt;br /&gt;
##In stappen geven hoe je alfa-L-xylulofuranose bekomt (ringsluiting tekenen dus), het enantiomeer hiervan geven (bèta-versie) en zeggen of het een epimeer is, beide begrippen uitleggen&lt;br /&gt;
===8 juni 2023===&lt;br /&gt;
#4 structuren: propeen, ethyleen pyrrool?, styreen , benzeen met etheen op en methoxy groep op. elektrofiele additie met waterstofbromide.&lt;br /&gt;
##Geef het reactiemechanisme van propeen&lt;br /&gt;
##Rangschik de reactiviteit van de verschillende structuren, maak gebruik van substituenteffecten en teken grensstructuren&lt;br /&gt;
##geef de IUPAC-naam van structuur a, b, c en schrijf alle reactieproducten uit&lt;br /&gt;
#Gegeven: D-glucose in de verschillende vormen: beta-D-glucopyranose, alfa-D-glucopyranose, beta-D-glucofuranose en alfa-D-glucofuranose en het voorkomen ervan in percentages&lt;br /&gt;
##Waarom komen de furanose vormen zo weinig voor?&lt;br /&gt;
##Waarom komt het beta-anomeer meer voor dan het alfa-anomeer?&lt;br /&gt;
##hoe komt het dat het alfa-anomeer dan toch nog voorkomt?&lt;br /&gt;
##Vergelijk dit nu met D-mannose, maak een voorspelling van hoe de verschillende vormen zullen voorkomen?&lt;br /&gt;
#Aminozuren:&lt;br /&gt;
##Waarom heeft de R-groep van asparagine geen basische eigenschappen (asparagine heeft geen pKr)&lt;br /&gt;
##We willen tyrosine en asparagine scheiden met behulp van elektroforese bij pH = 9,0. Schrijf voor beide aminozuren de verschillende vormen uit en verklaar welke vorm bij deze pH voor zal komen. Waar zullen de aminozuren zich bevinden: anode, kathode, tussenin&lt;br /&gt;
#Gegeven: benzeenring met broomsubstituent en -C2H5 substituent. Bij het bereiden hiervan moet je...&lt;br /&gt;
##...eerst bromeren?&lt;br /&gt;
##...eerst aklyleren?&lt;br /&gt;
##...volgorde maakt niet uit, maar als je eerst bromeert gaat de reactie langzamer&lt;br /&gt;
##...volgorde maakt niet uit, maar als je eerst alkyleert gaat de reactie langzamer&lt;br /&gt;
#Gegeven: een structuur met 2 chirale koolstoffen (ook een amidegroep op 1 einde, en een chloor groep)&lt;br /&gt;
##teken de fisherprojectie van ALLE stereo-isomeren, geef ook de stabielste newman-projectie&lt;br /&gt;
##Bepaal van elke chirale C de R,S-configuratie en geef de prioriteiten weer&lt;br /&gt;
##Wat is het OG van de C met de amide groep&lt;br /&gt;
##Welk van de stereo-isomeren zijn ook diastereo-isomeren, verklaar deze term&lt;br /&gt;
##Duid aan waar een nucleofiele substitutie zou kunnen plaatsvinden, verklaar ook waarom&lt;br /&gt;
#Reactie mechanismen zoals aangegeven op stramien&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 3 september 2022 ===&lt;br /&gt;
# 4 moleculen met dubbele binding gegeven, sommige met substituenten&lt;br /&gt;
## Reactiemechanisme voor molecule A uitschrijven (CH2=CH-CH2-CH3)&lt;br /&gt;
## Rangschikken volgens reactiviteit in een reactie met HBr en argumenteren met substituenteffecten en grensstructuren&lt;br /&gt;
## Reactieproducten voor alle 4 opschrijven en 2 ervan benoemen met IUPAC naam&lt;br /&gt;
# gegeven: glucose in openketenvorm, alfa-D-glucopyranose, beta-D-glucopyranose, alfa-D-glucofuranose en beta-D-glucofuranose met percentages van hoe vaak ze voorkomen&lt;br /&gt;
## waarom komt de furanosevorm zo weinig voor&lt;br /&gt;
## waarom komt de betavorm meer voor dan de alfavorm&lt;br /&gt;
## waarom komt ondanks vraag b de alfavorm toch nog zo vaak voor&lt;br /&gt;
## maak zelf een voorspelling voor de percentages van voorkomen voor alle vormen van D-mannose&lt;br /&gt;
# teken 2-amino-2,3,4-trimethyl-3-hexaanthiol&lt;br /&gt;
## hoeveel stereo-isomeren zijn er?&lt;br /&gt;
## teken van alle stereo-isomeren de fischer projectie en meest stabiele conformatie in de newman projectie over C3-C4 as, duid chirale centra aan&lt;br /&gt;
## bepaal voor alle chirale centra de absolute configuratie&lt;br /&gt;
## is het een primair, secundair of tertiair amine? En dezelfde vraag voor thiol?&lt;br /&gt;
## bepaal de oxidatietrap van C2&lt;br /&gt;
# 5 namen van moleculen gegeven, welke kunnen het reactieproduct zijn van een aldolcondensatie? Voor degenen die niet kunnen: leg uit in 1 zin waarom niet. Voor degenen die wel kunnen: geef de beginproducten.&lt;br /&gt;
# reactiemechanismen&lt;br /&gt;
## vul onderstaande reactiesequentie aan: alkaan met -OH —&amp;gt; alkeen —&amp;gt; ? (boven de eerste pijl stond ook een vraagteken en boven de tweede pijl +Cl2)&lt;br /&gt;
## schrijf reactiemechanisme uit: benzeenring met -OCH3 substituent reageert met HNO3 en H2SO4&lt;br /&gt;
# aminozuren&lt;br /&gt;
## bepaal voor een titratie van 100 mL 0,1M isoleucine de pH bij toevoeging van 150mL en 200mL NaOH&lt;br /&gt;
## waarom is de pKa van glutamine lager dan van isoleucine&lt;br /&gt;
## teken beide aminozuren uit&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 25 juni 2022 ===&lt;br /&gt;
# 4 moleculen gegeven die reageren volgens reactietype E1 ter vorming van HCl : twee chlooralkanen met benzeenring en twee zonder, een van de twee met benzeenring had methoxy-groep op de benzeenring&lt;br /&gt;
## Geef reactiemechanisme voor een van de twee chlooralkanen zonder benzeenring&lt;br /&gt;
## Rangschik volgens stijgende reactiviteit en beargumenteer met substituenteffecten. Geef grensstructuren indien relevant.&lt;br /&gt;
## ...&lt;br /&gt;
# Geef het reactiemechanisme en vergelijk onderling, beredeneer ook voor de basische hydrolyses of het gaat om een mono- of bimoleculair proces:&lt;br /&gt;
### hydrolyse van een carbonzuurester in basisch milieu&lt;br /&gt;
### hydrolyse van een fosfaatester in basisch milieu&lt;br /&gt;
### hydrolyse van een fosfaatester in zuur milieu&lt;br /&gt;
## Bespreek kort het verschil in reactiviteit van mono-, di-, en tri-alkylfosfaatesters bij hydrolyse in basisch milieu&lt;br /&gt;
## In de glycolyse komt energie vrij bij het hysrolyseren van het acylfosfaat 1,3-difosfoglycerinezuur dat wordt gebruikt om ADP om te zetten in ATP. Voor de vorming van acetyl-CoA uit acetylfosfaat (ook een acylfosfaat) is ATP nodig. Bespreek kort deze schijnbare tegenstrijdigheid.&lt;br /&gt;
# Stereochemie&lt;br /&gt;
## Geef de Haworthprojectie van beta-L-arabinopyranose&lt;br /&gt;
## Geef de absolute configuratie van C2 en C4 en duid nummering aan&lt;br /&gt;
## Wat zijn de oxidatietrappen van C1 en C3?&lt;br /&gt;
## Geef de (stabielste) Newmanprojectie van het conformeer volgens de C3-C4 as&lt;br /&gt;
## Hoeveel 1,3-diaxiale repulsies komen ervoor in dit molecule? Maak een tekening die dit duidelijk weergeeft&lt;br /&gt;
# Aminozuren&lt;br /&gt;
## Onder welke vormen komen glutaminezuur en tryptofaan voornamelijk voor bij pH = 6,00? &lt;br /&gt;
## Waar bevinden de AZ zich na elektroforese bij deze pH? Aan de anode, kathode of ertussen?&lt;br /&gt;
## Waarom is de zijketen van tryptofaan niet basisch?&lt;br /&gt;
# Verloopt de substitutie van propaanzuur naar methylpropanoaat het best in zuur of in basisch milieu? Of kan beide? Verklaar grondig en teken het bijbehorende reactiemechanisme.&lt;br /&gt;
# Vraag over reactiemechanismen zoals aangegeven op het stramien.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 9 juni 2022 ===&lt;br /&gt;
# 4 benzeen ringen gegeven (3 daarvan met substituenten)&lt;br /&gt;
## Reactiemechanisme uitschrijven voor een gewone benzeen tot chloorderivaat (SeAr)&lt;br /&gt;
## Rangschikken volgens reactiviteit, grensstructuren tekenen en substituenteffecten verklaren.&lt;br /&gt;
## Van de 4 chloorderivaten de IUPAC-naam geven en eindstructuur tekenen &lt;br /&gt;
# Geef de retro-aldolreactie bij de glycolyse&lt;br /&gt;
# Oefening op suikers (je kreeg een cyclisch suiker)&lt;br /&gt;
## Teken de fisher en de Newman projectie&lt;br /&gt;
## Geef het oxidatie getal van 2 C en zeg of het R of S is&lt;br /&gt;
## Geef de naam van het suiker&lt;br /&gt;
## Leg de begrippen epimeer en anomeer uit en teken deze vormen van dit suiker&lt;br /&gt;
# Oefening op aminozuren&lt;br /&gt;
## Je kreeg 2 aminozuren bij een bepaalde pH en je moest zeggen als dit een goede pH was om een elektroforese te doen, indien dit niet zo was moest je uitleggen waarom en een betere pH waarde geven.&lt;br /&gt;
# Je kreeg 4 verbindingen en je moest zeggen welke een kleurreactie (oranje/groen) zouden geven&lt;br /&gt;
## Alcoholtest -&amp;gt; oxidatie van alcoholen tot ketonen of carbonzuren uitleggen&lt;br /&gt;
# Oefening op reactiemechanisme&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===28 augustus 2021===&lt;br /&gt;
# 4 moleculen gegeven waarop het gaat reageren met HCl&lt;br /&gt;
## werk reactiemechanisme uit voor 1 van de moleculen&lt;br /&gt;
## Rangschik volgens afnemende reactiviteit&lt;br /&gt;
## Geef reactieproducten van alle moleculen en geef IUPAC naam voor 2&lt;br /&gt;
# geef reactiemechanisme van de deanimatie van glutamine&lt;br /&gt;
# L-xylulose, Bepaal R/S configuratie &lt;br /&gt;
## Teken stabielste Fischer en Newman voor de C3-C4-as&lt;br /&gt;
### ???&lt;br /&gt;
# Voor welk van deze 3 producten kan niet een aldolcondensatie ondergaan? Leg uit waarom niet en geef de reagentia wanneer het wel gaat.&lt;br /&gt;
##de reactiemechanisme invullen: onbrekende reagentia en product&lt;br /&gt;
### een stof gegeven met de reagentia, welke reactiemechanisme en schrijf uit&lt;br /&gt;
#titratie van asparagine met NaOH: berekenen de pH bij toevoeging van 100ml en 200ml NaOH; &lt;br /&gt;
##waarom heeft asparagine geen basische eigenschap zoals lysine. Geef ook de structuren&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===28 augustus 2020===&lt;br /&gt;
#4 moleculen gegeven waarop nucleofiele substitutie gebeurt met natriummethoxide&lt;br /&gt;
## werk reactiemechanisme uit voor 1 van de moleculen&lt;br /&gt;
## Rangschik volgens afnemende reactiviteit&lt;br /&gt;
## Geef reactieproducten van alle moleculen en geef IUPAC naam voor 2&lt;br /&gt;
# Geef het mechanisme van decarboxylering van beta-ketocarbonzuren en leg uit. Geef een voorbeeld van een analoog mechanisme in de biologie en leg uit. &lt;br /&gt;
# Voor welk van deze 4 producten kan er een aldolcondensatie zijn opgetreden? Leg uit waarom niet en geef de reagentia wanneer het wel gaat.&lt;br /&gt;
# Oefening op aminozuren en bepalen welke vorm er voorkomt bij een bepaalde pH en als je een gelelektroforese doet welke waar dan voorkomt, az zijn tryptofaan en glutaminezuur&lt;br /&gt;
# Oefening op suiker: welke suiker is dit? Geef stabielste newmann vorm in C3-C4 formatie, R of S van C2 en C5, teken epimeer dat geen anomeer is&lt;br /&gt;
#oefeningen op reactiemechanismen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===25 juni 2020===&lt;br /&gt;
#4 moleculen (esters) gegeven, waarop nucleofiele substitutie gebeurt &lt;br /&gt;
## Werk het reactiemechanisme voor één van de moleculen volledig uit. (methylethanoaat)&lt;br /&gt;
## Rangschik volgens afnemende reactiviteit dmv substituenteffecten&lt;br /&gt;
## Geef de reactieproducten van alle moleculen en geef hun IUPAC naam&lt;br /&gt;
#Leg de synthese van peptiden uit met dicyclohexylcarbodiimide. Welke voorzorgsmaatregel moet genomen worden om selectief een peptide te vormen? Geef een voorbeeld.&lt;br /&gt;
#Voor welke van volgenden bestaat er een mesovorm, teken deze en leg uit wat mesovorm is. (1-butanol, butaan2,3diol, butaan-1,2,3-triol, butaan-1,2,3,4-tetraol)&lt;br /&gt;
#Oefening op aminozuren: &lt;br /&gt;
## Waarom heeft proline een hogere pKa&#039; dan alanine + teken deze aminozuren&lt;br /&gt;
## Welke vorm van alanine komt het meest voor bij toevoegen van 150 mL? Bereken deze pH.&lt;br /&gt;
#Oefening op suikers: suiker gegeven &lt;br /&gt;
## Geef IUPAC naam&lt;br /&gt;
## Bepaal R/S configuratie voor C2 en C5&lt;br /&gt;
## Teken stabielste Fischer en Newman voor de C3-C4-as&lt;br /&gt;
## ?&lt;br /&gt;
#Vul reactie aan (reactieproducten, reagentia). Geef reactietype en eindproduct. Geef reactietype, eindproduct en reactiemechanisme.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 juni 2020 (16u)===&lt;br /&gt;
#4 moleculen gegeven: E1 reactie van HCl: mechanisme geven, reactieproducten tekenen en benoemen&lt;br /&gt;
#Bespreek de oxidatieve deaminering van glutaminezuur met de nodige coënzymen/cofactoren. Geef het reactiemechanisme van de tweede stap zonder enzymen.&lt;br /&gt;
#Een molecule gegeven in stoelvorm (geen suiker): teken de fisherprojecties van alle stereomeren, teken newmann projectie van 1 op c2-c3 in stabielste vorm en zeg S of R config, welke zijn enantiomeren, diastereomeren, is er een mesovorm? En leg de begrippen kort uit. Geef oxidatietrap van aangeduide koolstofatoom.&lt;br /&gt;
#lysine en valine tekenen en IP berekenen, waarom is de pkr van lysine groter dan de pka&#039; van valine?&lt;br /&gt;
#Wat zijn de product(en) die worden gevormd als E-2-hepteen en dichloor reageren?&lt;br /&gt;
##2s,3s 2-dichloorhepteen&lt;br /&gt;
##2s,3r&lt;br /&gt;
##2r,3s&lt;br /&gt;
##2r,3r&lt;br /&gt;
#Oefeningen op reactiemechanismen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===12 juni 2020 (16u)===&lt;br /&gt;
#4 moleculen gegeven, waarop elektrofiele additie van water in zuur milieu gebeurt&lt;br /&gt;
## Werk het reactiemechanisme voor één van de moleculen volledig uit.&lt;br /&gt;
## Rangschik volgens afnemende reactiviteit&lt;br /&gt;
## Geef de reactieproducten van alle moleculen en geef hun IUPAC naam&lt;br /&gt;
#Waarom kunnen alcoholen niet gemakkelijk een SN-reactie ondergaan? Geef 2 voorbeelden van een SN-reactie van een alcohol, schrijf het mechanisme. Reageert fenol op dezelfde manier? Teken en leg uit. Hoe kunnen SN-reacties van alcoholen mogelijk gemaakt worden in biologische systemen?&lt;br /&gt;
#Oefening op suikers en stereochemie:&lt;br /&gt;
## Geef de Haworth-projectie van bèta-L-gulofuranose&lt;br /&gt;
## Teken het enantiomeer van deze molecule en benoem het.&lt;br /&gt;
## Configuratie (R/S) van C2 en C5 bepalen + oxidatietrap geven&lt;br /&gt;
## Stabielste Newman-conformatie langs C4-C5 as&lt;br /&gt;
#Oefening op aminozuren:&lt;br /&gt;
## D-vorm van tyrosine en alanine tekenen en conformatie geven.&lt;br /&gt;
## Oefening op pH berekenen&lt;br /&gt;
# Gegeven een staal met één onbekende suiker. Na het uitvoeren van een Fehlingstest zie je een roodbruine neerslag ontstaan. Aantal suikers gegeven, aanduiden welke het mogelijk kan zijn. Leg uit wat deze test precies en verklaar je keuze.&lt;br /&gt;
# Vul reactie aan (reactieproducten, reagentia). Geef reactietype en eindproduct. Geef reactietype, eindproduct en reactiemechanisme. Eerste was zuurgekatalyseerde estervorming. Tweede eliminatie van water. Derde aldolcondensatie&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===7 juni 2020===&lt;br /&gt;
#4 moleculen gegeven waarop een Sn1 wordt gedaan met ammoniak&lt;br /&gt;
## Werk het reactiemechanisme voor de eerste molecule uit&lt;br /&gt;
## Welk molecule reageert het snelst? Leg uit adhv substituenteffecten&lt;br /&gt;
## Geef de reactieproducten van de andere 3 moleculen en ook de IUPAC naam&lt;br /&gt;
#Geef de retro-aldolreactie bij de glycolyse&lt;br /&gt;
## Wat is de katalysator en waarom gaat de retro-aldolreactie niet bij glucose?&lt;br /&gt;
#Gegeven een benzeenring met daarop een nitrogroep en alkylgroep. Gebeurd er eerst alkylering of nitrering? Gebruik in je uitleg grensstructuren&lt;br /&gt;
#Oefening op molecule dat geen suiker was! Maar je moest R/S bepalen, Fischer schrijven, Newmann projectie, en diastereomeren en enantiomeren aanduiden (+ kort uitleggen wat dat betekend)&lt;br /&gt;
#Oefening op aminozuren en bepalen welke vorm er voorkomt bij een bepaalde pH en als je een gelelektroforese doet welke waar dan voorkomt (zoals in de oefenzitting gewoon)&lt;br /&gt;
#standaard oefening die er elk jaar is met reacties aanvullen enzo&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17 juni 2019 (namiddag)===&lt;br /&gt;
#4 moleculen (ester, ester met halogeen, anhydride, amide) waarop de nucleofiele substitutie van water in basische omgeving wordt uitgevoerd. &lt;br /&gt;
##Werk het reactiemechanisme uit voor het ester.&lt;br /&gt;
##Rangschik volgens afnemende reactiviteit.&lt;br /&gt;
##Geef de naam en structuur van beide reactieproducten.&lt;br /&gt;
#Bespreek de oxidatieve deaminering van glutaminezuur met de nodige coënzymen/cofactoren. Geef het reactiemechanisme van de tweede stap zonder enzymen.&lt;br /&gt;
#Oefening op suikers.&lt;br /&gt;
##Bespreek de R/S configuratie van de chirale centra van D-xylose. &lt;br /&gt;
##Is D-xylose een aldose of ketose? &lt;br /&gt;
##Geef de stabielste Newman-projectie op C3-C4.&lt;br /&gt;
##Bepaal de oxidatietrap van C1 en C5.&lt;br /&gt;
##Maak van L-xylose beta-L-xylose. &lt;br /&gt;
##Welk reactietype is de ringsluiting van suikers? Welke katalysator wordt vaak gebruikt? &lt;br /&gt;
##Geef het anomeer van beta-L-xylose. Is dit ook een enantiomeer?&lt;br /&gt;
#Oefening op aminozuren.&lt;br /&gt;
##Geef de 2R,3R configuratie van isoleucine. &lt;br /&gt;
##Wat is de pH van 100 ml isoleucine (0.1M) na toevoeging van 150 ml NaOH (0.1 M)? &lt;br /&gt;
##Waarom heeft glutamine een lagere pKa dan isoleucine? &lt;br /&gt;
#Waarom wordt het reactie-evenwicht bij de Claisencondensatie van ethyl-2-methylpropanoaat met ethoxide niet naar rechts getrokken (in tegenstelling tot andere Claisencondensaties)?&lt;br /&gt;
#Vul reactie aan (reactieproducten, reagentia). Geef reactietype en eindproduct. Geef reactietype, eindproduct en reactiemechanisme.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17 juni 2019 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
#4 moleculen met dubbele bindingen gegeven waarop elektrofiele additie gebeurt&lt;br /&gt;
##van 1 reactiemechanisme uitwerken&lt;br /&gt;
##rangschikken volgens reactiviteit door middel van substituenteffecten&lt;br /&gt;
##eindproducten geven + IUPAC naam geven&lt;br /&gt;
#vetzuursynthese uitleggen met coënzymen erbij&lt;br /&gt;
##uitleggen waarom je malonycoa nodig hebt en wat de gelijkenis ervan is met claisen-condensatie&lt;br /&gt;
#molecule gegeven: menthol&lt;br /&gt;
##chirale c aanduiden, hoeveel stereo-isomeren, R/S van chirale c, geef stabielste configuratie, geef diastereoisomeer dat epimeer is, enantiomeer geven, stabielste configuratie van enantiomeer geven, je krijgt een paar newmanprojecties waarvan je moet zeggen welke de juiste is, oxidatiegetal van aangeduide c geven&lt;br /&gt;
#geef 3D structuur van R glutaminezuur&lt;br /&gt;
##is deze D of L?&lt;br /&gt;
##welke vorm(en) komt er vooral voor op ph 8,8&lt;br /&gt;
##uitleggen waarom N in de R groep niet basisch is en die van lysine (ook tekenen) wel&lt;br /&gt;
#je krijgt een benzeenring waarop een de ene kant een ch3 hangt en op de tegenovergestelde kant een acylgroep, je moet uitleggen via grensstructuren wat het juiste antwoord is&lt;br /&gt;
##eerst alkyleren, dan acyleren&lt;br /&gt;
##eerst acyleren, dan alkyleren&lt;br /&gt;
##volgorde maakt niet uit, maar acyleren is trager&lt;br /&gt;
##volgorde maakt niet uit, maar alkyleren is trager&lt;br /&gt;
#je krijgt een reactie waarvan je de reagentia en reactieproducten er nog moet bij zetten&lt;br /&gt;
##reactie is eerst een eliminatie en dan een additie&lt;br /&gt;
#je krijgt een cyclisch carbonzuur en dit gaat reageren amine, geef de reactieproducten in skeletnotatie en zeg wel reactiemechanisme&lt;br /&gt;
#een cycloalkaan waar een broom aanhangt gaat reageren met naoh, geef het reactieproduct(en) en zeggen welk reactiemechanisme het is en ook het reactiemechanisme uitschrijven&lt;br /&gt;
===14 juni 2019 (namiddag)===&lt;br /&gt;
# 4 benzeen ringen gegeven (3 daarvan met substituenten)&lt;br /&gt;
## Reactiemechanisme uitschrijven voor een gewone benzeen tot chloorderivaat (SeAr)&lt;br /&gt;
## Rangschikken volgens reactiviteit, grensstructuren tekenen en substituenteffecten verklaren.&lt;br /&gt;
## Van de 4 chloorderivaten de IUPAC-naam geven en eindstructuur tekenen &lt;br /&gt;
# De glycolyse genereert op 2 plaatsen ATP en de Krebs-cyclus op 1 plaats. Teken de reagens en het product van de reacties. Leg uit waarom de moleculen energie genereert.&lt;br /&gt;
# Suiker oefening met L-Talose tot alfa-L-talose, Wat is de katalysator?, Reactietype?, Enantiomeer, Stabielste Newman-projectie (C4 en C5), R/S-Configuratie op C2 en C3, Oxidatietrap van C1.&lt;br /&gt;
# Isoelektrisch punt van Arginine en Glycine berekenen, pH van een 0,1M 100ml Arginine oplossing na toevoegen van 200ml 0,1 NaOH, L-configuratie van Arginine tekenen, is het een S/R configuratie?&lt;br /&gt;
# Gegeven: Tetracycline. Het molecule heeft 2 pKa en 1 pKb . Zoek de groepen die hiervoor zorgen en verklaar je keuze.&lt;br /&gt;
# Vul reactie aan (reactieproducten), geef reactietype en eindproduct, geeft reactietype eindproduct en reactiemechanisme.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 juni 2019 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
# 4 structuren gegeven: 2 broomalkanen, 1 broomalkeen en een fenylbroomalkaan&lt;br /&gt;
## Schrijf het Sn2 reactiemechisme uit voor structuur A (broomethaan) met natriumwaterstofsulfide. &lt;br /&gt;
## Rangschik de gegeven structuren volgens afnemende reactiviteit. Leg uit! &lt;br /&gt;
## Geef de IUPAC-namen van al de reactieproducten&lt;br /&gt;
# Geef de isomerisatie in de glycolyse van het glucosederivaat naar fructosederivaat. Waarom is dit basegekatalyseerd.&lt;br /&gt;
## Geef het verband tussen de Tollens- en Fehlingstest en het verband tussen Barfoed- en Benedictetest.&lt;br /&gt;
# Gegeven is een suiker in de stoelvorm&lt;br /&gt;
## Geef de volledige naam van dit suiker.&lt;br /&gt;
## Geef de Fischerprojectie van de open-ketenvorm en geef de stabielste Newmanprojectie met C3 en C4 als as.&lt;br /&gt;
## Wat is de conformatie en OT van C2 en C5?&lt;br /&gt;
## Geef het anomeer van dit suiker. Is dit ook een epimeer/diasteriomeer/enantiomeer? Leg elke term uit. &lt;br /&gt;
# Oefening op aminozuren:&lt;br /&gt;
## Waarom heeft leucine een hogere pKa dan threonine?&lt;br /&gt;
## Welke lading heeft leucine in een mengsel van ph = 9,5? Ligt het eerder aan kathode/anode/ergens in het midden bij elektroforese?&lt;br /&gt;
## Geef de 2R,3S vorm van threonine in de fischerprojectie.&lt;br /&gt;
# Welke van onderstaande structuren ondergaat gemakkelijk een decarboxylering bij een temperatuursverhoging? Zo ja, schrijf het mechanisme helemaal uit. COOH-CH2-CHOH-CH3 / COOH-CHOH-CH2-CH3 / COOH-CH2-CO-CH3 / COOH-CH2-COOH&lt;br /&gt;
# Vul reactie aan (reactieproducten), geef reactietype en eindproduct, geeft reactietype eindproduct en reactiemechanisme.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===13 juni 2019 (namiddag)===&lt;br /&gt;
# Structuren van chloorbenzeen, anisool, benzeen en fenol zijn gegeven.&lt;br /&gt;
## Schrijf het reactiemechanisme uit van een elektrofiele substitutie van benzeen met als eindproduct een nitroderivaat.&lt;br /&gt;
## Rangschik de gegeven structuren volgens afnemende reactiviteit. Leg uit adhv substituenteffecten en teken grensstructuren indien nodig.&lt;br /&gt;
## Geef van de 4 nitroderivaten de IUPAC-naam en teken de structuur&lt;br /&gt;
# Waarom kunnen alcoholen niet gemakkelijk een SN-reactie ondergaan? Geef 2 voorbeelden van een SN-reactie van een alcohol, schrijf het mechanisme. Reageert fenol op dezelfde manier? Teken en leg uit. Hoe kunnen SN-reacties van alcoholen mogelijk gemaakt worden in biologische systemen?&lt;br /&gt;
# Gegeven: enantiomeer van een structuur. Geef R- of S-configuratie van 2 aangeduide C-atomen. Teken de ruimtelijke structuur van het molecule. Hoeveel stereo-isomeren zijn er? Teken de meest stabiele Newman-projectie. Is er een mesovorm? Indien mogelijk teken mesomere grensstructuren. Geef de oxidatietrap van 2 aangeduidde C-atomen.&lt;br /&gt;
# Bij welke pH komt het Zwitter-ion van arginine voor? Teken. Waarom is de pKa van arginine lager dan de pKa van asparaginezuur? Gegeven: 100ml volledig geprotoneerd 0,10M asparaginezuur, Wat is de pH na een titratie met 150mL 0,10M NaOH? Teken van elk vermeld aminozuur de neutrale structuur&lt;br /&gt;
# Gegeven: formaldehyde, aceetaldehyde en benzaldehyde. Welke kan een aldolcondensatie met zichzelf doen? Teken het mechanisme en verklaar waarom de andere 2 dit niet kunnen.&lt;br /&gt;
# Vul reactie aan (reactieproducten), geef reactietype en eindproduct, geeft reactietype eindproduct en reactiemechanisme.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===13 juni 2019 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
# 4 structuren gegeven: 2 chlooralkenen, 1 chlooralkaan en 1 chloorether&lt;br /&gt;
## Schrijf het reactiemechanisme uit voor een SN1 reactie van (1 van de 2) chlooralkeen met ammoniak.&lt;br /&gt;
## Rangschik de gegeven structuren volgens afnemende reactiviteit. Leg uit adhv substituenteffecten en teken grensstructuren indien nodig.&lt;br /&gt;
## Geef van de 4 derivaten de IUPAC-naam (van de eerste 3 dus niet de ether) en teken de structuur.&lt;br /&gt;
# Geef het mechanisme van decarboxylering van beta-ketocarbonzuren en leg uit. Geef een voorbeeld van een analoog mechanisme in de biologie en leg uit.&lt;br /&gt;
#L-glucose tekenen en omzetten in alfa-L-glucofuranose. Geef enantiomeer van de structuur. Geef R- of S-configuratie van 2 aangeduide C-atomen. Hoeveel stereo-isomeren zijn er? Teken de meest stabiele Newman-projectie. Geef een diastereomeer dat ook een epimeer is. Geef de oxidatietrap van 2 aangeduidde C-atomen. Is alfa-L-glucofuranose een reduceerbare suiker?&lt;br /&gt;
# Tyrosine en serine hebben een gelijkaardige zijketen, waarom heeft tyrosine een pKr en serine niet? Gegeven: 100ml volledig geprotoneerd 0,10M tyrosine, Wat is de pH na een titratie met 300mL 0,10M NaOH? Welke vormen van serine en tyrosine komen voor bij pH 10,5? Alle vermelde AZ moeten getekend zijn in het antwoord.&lt;br /&gt;
# Gegeven: Benzeen, pyrrool en pyridine. Rangschik volgens reactiviteit voor een SeAr reactie mbv grensstructuren.&lt;br /&gt;
# Vul reactie aan alkyn --?--&amp;gt; alkeen --Br2--&amp;gt; ?, geef reactietype en eindproduct: 3-fenyl-1-amino-2-propanon --OH--&amp;gt;, geeft reactietype eindproduct en reactiemechanisme: aldolcondensatie.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===30 augustus 2018===&lt;br /&gt;
# 4 gegeven alcoholen kunnen en E1 reactie ondergaan, geef de volledige reactie voor alcohol A, geef de eindproducten en de IUPAC-naam van de 4 alcoholen na de reactie. Orden volgens afnemende reactiviteit.&lt;br /&gt;
# Een vraag over de oxidatieve deaminering van glutaminezuur.&lt;br /&gt;
# Suiker in ringstructuur gegeven: geef naam &amp;amp; lineaire vorm, geef de Newman projectie (c3-c4), is c2 R/S en wat is zijn oxidatietrap, hoeveel chirale C atomen zijn er en duid aan in de cyclische vorm en lineaire vorm welke de chirale C atomen zijn, geef een diastereomeer dat geen epimeer of anomeer is van de gegeven suiker, hoe heet de reactie waarbij een lineaire vorm over kan gaan in de cyclische vorm en in welk solvent gebeurt dit.&lt;br /&gt;
# Leg het verschil in pKa tussen glutaminezuur en valine uit. Welke vorm van glutaminezuur komt er het meeste voor bij bepaalde pH. Bereken de pH van een oplossing van 100ml valine (0,1M) met 200ml base.&lt;br /&gt;
# Een SN reactie bij alcoholen moet in zuur milieu gebeuren: waarom, waarom niet met NH2 als nucleofiel, geef een alternatief voor zuur milieu bij SN reactie met alcoholen.&lt;br /&gt;
# Vul reactie aan (pijltjes en reactieproducten), geef reactietype en eindproduct, geeft reactietype eindproduct en reactiemechanisme. &lt;br /&gt;
===22 juni 2018===&lt;br /&gt;
# De snelheid en reactieproducten met IUPAC-naam geven van 4 esters in basisch midden, voor 1 het mechanisme uitschrijven.&lt;br /&gt;
# Leg de synthese van peptiden uit met dicyclohexylcarbodiimide. Welke voorzorgsmaatregel moet genomen worden om selectief een peptide te vormen? Geef een voorbeeld. &lt;br /&gt;
# Geef de naam van een gegeven cyclisch suiker. Uitleggen of het R of S is. Is het een reducerende suiker? Geef de fischerprojectie. Geef de Newmanprojectie met c3-c4 als as en geef hiervan de stabielste Haworthprojectie. Geef het anomere suiker, is dit een enantiomeer, epimeer of diastereomeer en verklaar. &lt;br /&gt;
# Geef de 3D projectie van S-tryptofaan. Waarom heeft de R-groep van tryptofaan geen basische eigenschappen? Is tryptofaan vlot te scheiden van alanine met gelelektroforese? Indien ja, bij welke pH en waar zouden ze zich bevinden op de gel. Indien nee, verklaar. &lt;br /&gt;
# Waarom ondergaat pyridine gaan elektrofiele aromatische substitutie met een chlooralkeen en trichlooralluminium zoals benzeen? Schrijf de reactie uit die wel plaatsvindt en benoem deze. Nog een deelvraag....&lt;br /&gt;
# Mechanismes aanvullen en reactietypes bepalen. De eerste was een cyclisch ester waarbij je moest aangeveven dat er OH werd gebruikt zodat de ring open ging en het eindproduct in skeletnotatie. Reactie tussen een zuurchloride en een primair amine, het reactietype en producten in skeletnotatie geven. De laatste was een claisoncondensatie waarbij het mechanisme gegeven moest worden en het eindproduct in skeletnotatie. &lt;br /&gt;
===18 juni 2018===&lt;br /&gt;
# De snelheid en reactieproducten met IUPAC-naam geven van 4 benzeenderivaten bij een elektrofiele aromatisch substitutie, voor 1 het mechanisme uitschrijven&lt;br /&gt;
# Leg de afbraak van vetzuren uit en geef de coënzymen die een rol spelen, vergelijk met de vetzuursynthese en leg het verband uit tussen vetzuursynthese en de Claisencondensatie&lt;br /&gt;
# Aflatoxine is gegeven, enkele vraagjes zoals: hoeveel stereoisomeren, teken diastereomeren, r of s,heeft het molecule een mesovorm, oxidatietrappen bepalen, mesomere effecten aanduiden...&lt;br /&gt;
# Waarom heeft de NH2 groep van asparagine geen Pkr? Waar bevinden tyrosine en asparagine zich in een gelelektorforese bij pH 11? Is er mesomerie mogelijk in tyrosine, duid aan met pijlen&lt;br /&gt;
# Bespreek de stereochemie van 2 reacties&lt;br /&gt;
# mechanismes aanvullen en reactietypes bepalen&lt;br /&gt;
===14 juni 2018 ===&lt;br /&gt;
Mondeling&lt;br /&gt;
#4 stoffen vergelijken waarbij een aromatische substitutie gebeurd ter vorming van een nitroderivaat voor 1 het mechanisme uitschrijven en welke het snelste gaat verlopen en waarom. De structuur van de reactieproducten tekenen en de IUPAC-naam geven.&lt;br /&gt;
#De volledige vetzuursynthese geven en alle enzymes en cofactoren benoemen. Zeggen waarom NADPH een goed reductans is voor de reductie van de vetzuren.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
schriftelijk&lt;br /&gt;
#Van een gegeven verbinding zeggen hoeveel stereo-isomeren er van bestaan en van ze allemaal de fisher en newman projectie (stabielste configuratie) geven. Van alle chirale atomen de R of de S configuratie toe kennen. Zeggen welke diasteriomeren en enantiomeren van elkaar zijn. Er kon makkelijk water afgesplitsd worden en zeggen waarom het een stabiel carbokation was en de hybridisatie van het koolstof atoom geven.&lt;br /&gt;
#Van threonine de titratie curve gekregen en hieruit afleiden welke volume op elk punt is toegevoegd welke vorm er het meeste voorkomt en op een bepaald punt de lading van het aminozuur bepalen. Waarom pKa van threonine lager als die van Leucine. (overal structuur van geven)&lt;br /&gt;
#4 verschillende verbindingen gekregen en zeggen welke verbinding het reactiefste is bij een nucleofiele substitutie.&lt;br /&gt;
#Oefening over mechanismes: producten geven, boven pijl aan vullen, reactietype of volledig mechanisme.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 13 juni 2018 ===&lt;br /&gt;
#4 stoffen vergelijken waaraan een elektrofiele additie van HBr gebeurd. Het mechanisme voor 1 v/d stoffen uitschrijven. Zeggen welke reactie het snelst gaat verlopen en waarom (eventueel aantonen door uitschrijven grensstructuren). De structuur van de reactieproducten voor de 4 stoffen geven en de IUPAC-naamgeving van twee daarvan. (mondeling)&lt;br /&gt;
#Geef het mechanisme van decarboxylering van beta-ketocarbonzuren en leg uit. Geef een voorbeeld van een analoog mechanisme in de biologie en leg uit. (mondeling)&lt;br /&gt;
#Oefening over ringsluiting van een suiker, aanduiden asymmetrische koolstoffen, D omzetten in L, een epimeer en anomeer geven, R-S configuratie voor 1 C geven, meest stabiele conformatie over as tussen twee C&#039;s weergeven in Newmann. (schriftelijk)&lt;br /&gt;
#Oefening over aminozuren. 3D weergave van S-proline weergeven. Zeggen waarom pKa&#039; van proline hoger ligt dan van valine. Geven onder welke vorm valine voorkomt bij pH 2.2 en waarom. &lt;br /&gt;
#Oefening over reactie H2SO4 onder temperatuurstijging en een alcohol. Hier gaat eliminatie gebeuren. De twee mogelijke reactieproducten worden gegeven en er wordt gezegd welke het meest gaat voorkomen. Vervolgens wordt gevraagd aan welke regel er hier niet wordt voldaan en waarom. (Regel van Zaitsev wordt niet voldaan, de minst gesubstitueerde alkeen gaat gevormd worden, komt door verschillende reactiemechanisme voor eliminatie van alcohol met H2SO4, schrijf hiertoe mechanismen uit dan wordt het duidelijk)&lt;br /&gt;
#oefening over mechanismen (aanvullen, producten geven of volledig mechanisme uitschrijven)&lt;br /&gt;
=== 7 september 2017 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
# 4 stoffen (ketonen) gegeven waarop een nucleofiele additie van methylamine gebeurt. schrijf het mechanisme voor stof A, geef de stoffen in afnemende reactiviteit en de UIPAC naam van alle stoffen met structuur.&lt;br /&gt;
# vergelijk de hydrolyse van carbonzuuresters en fosfaatesters in base en de hydrolyse van fosfaatesters in zuur. vergelijk de hydrolysesnelheid van mono-, di- en trialkylfosfaten.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#De pKr van glutaminezuur is groter dan die van asparaginezuur, verklaar. titratie van glutaminezuur met NaOH, bereken de pH als er 250ml base werd toegevoegd. welke vorm van asparaginezuur is meer aanwezig bij pH 2.2.&lt;br /&gt;
#welk product word gevormd bij de reactie van Z-2-penteen met dibroom (S,R).&lt;br /&gt;
#reacties aanvullen, skeletnotatie, reactietype, reactiemechanisme,...&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===29 augustus 2017 (namiddag) - Mario Smet===&lt;br /&gt;
Mondeling&lt;br /&gt;
#4 stoffen zijn gegeven: een buteen, een butadieen, een fenyletheen, en een furyletheen. Voer een elektrofiele additie van water uit in zuur milieu: schrijf het reactiemechanisme compleet uit voor stof A + welke stof is het reactiefste leg uit adhv substituenteffecten + geef alle gevormde producten en hun IUPAC namen.&lt;br /&gt;
#Methionine wordt gebruikt bij de methylering in het lichaam maar moet eerst geactiveerd worden. Geef mechanisme van activering, mechanisme van methylering, geef biologisch voorbeeld van methylering + Mosterdgas is sterk alkylerend, waarom? En waarom zijn sterk alkylerende stoffen uiterst toxisch?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk&lt;br /&gt;
#oefeningen op koolhydraten: L-arabinose omvormen naar beta-L-arabinofuranose, hoe noemt deze reactie en welk type reactie is dit?, geef een anomeer van de beta vorm is dit een enantiomeer?, geef een diastereomeer dat geen epimeer is, is deze suiker reducerend?, newman projectie van meest stabiele configuratie bekeken vanaf C2 en C3, geef de absolute configuratie en oxidatietrap van C2 en C4,...)&lt;br /&gt;
#oefening op AZ: arginine, welke vorm heeft dit bij pH12.5 en waarom? Welk stikstofatoom is het meest basisch en waarom? valine, geef S configuratie (beiden dus structuur vanbuiten kennen)&lt;br /&gt;
#methyl-2-methylpropanoaat ondergaat een claisencondensatie in oplossing met methoxide. In tegenstelling tot andere claisencondensaties wordt het reactiemechanisme NIET naar rechts getrokken, waarom?&lt;br /&gt;
#3 verschillende reacties, verschillende zaken aanvullen telkens (mechanisme, welk type reactie, reactieproduct, reagentia,...)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===15 juni 2017 (voormiddag) - Mario Smet===&lt;br /&gt;
Mondeling&lt;br /&gt;
#halogeenalkaan ondergaat een E1 + toelichten zaitsev&lt;br /&gt;
#vier moleculen ondergaan een E; welke is het reactiefst? Leg uit mbhv substituenteffecten + resonantievormen tekenen (indien nuttig)&lt;br /&gt;
#Waarom kan op een alcohol NIET goed een Sn uitgevoerd worden? (OH- is niet stabiel)&lt;br /&gt;
#2 voorbeelden geven hoe dat wel kan + werkt dit ook voor fenol? (protoneren of fosfaatgroep toevoegen)&lt;br /&gt;
#Voorbeeld geven van een nucleofiele substitutie van een alcohol in biologische systemen (acetaalvorming v/e reducerende suiker met methanol)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk&lt;br /&gt;
#oefeningen op koolhydraten (R/S; anomeer, epimeer, haworth en newman projecties&lt;br /&gt;
#oefeningen op reactiemechanismen (fiederlkraftsalkylering, nucleofiele acylsubstietutie)&lt;br /&gt;
#oefening op AZ (2 tekenen, titratie-oef, pKa vergelijken)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 Juni 2017 (namiddag)===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
#Elektrofiele additie reactiemechanisme schrijven (regel markovnikov)&lt;br /&gt;
#4 moleculen bepalen welke het snelst aan een Ae doet (grensstructuren, inductieve effecten)&lt;br /&gt;
#naamgeving van enkele producten na de Ae&lt;br /&gt;
#isomerisatie in glycolyse van glucose-6-fosfaat naar fructose-6-fosfaat en uitleggen waarom dit base gekatalyseerd is&lt;br /&gt;
#verband uitleggen met Fehling&#039;s/ Tollen en Barfoed&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
#gegeven moleculen Menthol aantal stereochemische oefeningen oplossen (R/S, diasteromeren, enantiomeren, newman...)&lt;br /&gt;
#oefening op AZ op papierelektroforese (waar komt elk AZ bij bepaalde ph)&lt;br /&gt;
#aceton+ methylanime wordt imine bij ph=7 laat zien&lt;br /&gt;
#enkele reactiemechanisme aanvullen of tekenen ( Nitrering, estercondensatie)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===12 juni 2017 (voormiddag) SINDS 2017 GEGEVEN DOOR MARIO SMET===&lt;br /&gt;
#op 4 structuren Sn1 toepassen en verklaren welke het meest reactief is + resomere vormen geven + naamgeving...&lt;br /&gt;
#retro aldolcondensatie bij glycolyse en zeggen hoe het katalytisch effect tot stand kwam&lt;br /&gt;
#een oefenig op suikers, op aminozuren en 3 reactiemechanismes&lt;br /&gt;
#vertellen hoe een alcohol test werkt met chroomzuur&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===9 juni 2016===&lt;br /&gt;
#beckman omlegging&lt;br /&gt;
#edman degradatie&lt;br /&gt;
#biosynthese geraniol en limoleen&lt;br /&gt;
#structuren = S.A.M &amp;amp; biotione&lt;br /&gt;
#naamgeving + 2 mechanismes&lt;br /&gt;
#oefening ivm stereochemie&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===8 juni 2016===&lt;br /&gt;
#synthese vn peptiden&lt;br /&gt;
#hydrolyse, omestering en reductie van esters&lt;br /&gt;
#cannizaro reactie&lt;br /&gt;
#structuren: -2-isopentenylpyrofosfaat&lt;br /&gt;
#Trans decaline&lt;br /&gt;
#oef over suikers(suiker bepalen, chirale C&#039;s, newman projectie..)&lt;br /&gt;
#reactiemechanismen en naamgeving&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===6 juni 2016===&lt;br /&gt;
#Aldolcondensatie en waardat deze terugkomt in de glycolyse&lt;br /&gt;
#reactiviteit bij de substitutie reacties van benzeen, tolueen en pyridine vergelijken&lt;br /&gt;
#-verschil tussen reducerende suikers en nietreducerende suikers&lt;br /&gt;
#structuur van acetyl-choline en palitine&lt;br /&gt;
#pH van aminozuren bij een titratie&lt;br /&gt;
#reactimechanisme&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 juni 2015 ===&lt;br /&gt;
# Claisen condensatie + verband met afbraak van vetzuren&lt;br /&gt;
# Bespreek de reactie van geconcentreerd zwavelzuur met:&lt;br /&gt;
#* Alkeen&lt;br /&gt;
#* Alcohol&lt;br /&gt;
#* Aromaat&lt;br /&gt;
# acetylcholine en fructose 6 fosfaat tekenen, optische zuiverheid uitleggen. &lt;br /&gt;
#Oefeningen over aminozuren (of glutamine en threonine te scheiden waren met elektroforese) fischer, newmann, stereo isomeren erover. &lt;br /&gt;
#En dan twee reacties natuurlijk&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===12 juni 2015 ( namiddag ) ===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
mondeling:&lt;br /&gt;
# Leg de reacties met benzeen uit en ook die van purine en fenol.&lt;br /&gt;
# Bespreek de hydrolyse en omestering van vetzuren in zuur en basisch milieu. Leg hierbij ook het broomgetal en verzepingsgetal uit.&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# Naamgeving ( c-AMP en mannose)&lt;br /&gt;
# Leg uit si en re&lt;br /&gt;
# Een hele lang oefening vergelijkbaar met de oefeningen van de oefenzitting ( verschil tussen D en L, chirale C, reacties, ...)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===12 juni 2015 ( voormiddag ) ===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
mondeling:&lt;br /&gt;
#Aminen en halogeenalkanen &lt;br /&gt;
#Aminen en salpeterigzuur&lt;br /&gt;
#Laboratorium peptidesynthese&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
schriftelijk:&lt;br /&gt;
#structuren&lt;br /&gt;
#*Limoneen&lt;br /&gt;
#*Sorbitol&lt;br /&gt;
#stereochemie+ reactiemechanisme&lt;br /&gt;
#*aldolcondensatie&lt;br /&gt;
#leg uit:&lt;br /&gt;
#*reducerende en niet-reducerende suikers&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===11 juni 2015===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
mondeling:&lt;br /&gt;
#Wat is &#039;&#039;mutarotatie&#039;&#039;? Leg dit uit a.h.v glucose en fructose.&lt;br /&gt;
#Leg uit:&lt;br /&gt;
#* Fisher-verestering&lt;br /&gt;
#* Beckmann-omslag. Je moet ook weten hoe H2O addeert. Hij vraagt hoe je aan een oximen kunt komen. &lt;br /&gt;
schriftelijk:&lt;br /&gt;
#IUPAC &lt;br /&gt;
#structuren&lt;br /&gt;
#*citroenzuur&lt;br /&gt;
#*ninhydrine&lt;br /&gt;
#structuur observeren&lt;br /&gt;
#* chirale C-atomen aanduiden&lt;br /&gt;
#* OG van aangeduid atoom geven&lt;br /&gt;
#* vermelden welke N in de molecule het stabielste is.&lt;br /&gt;
#* vermelden hoeveel stereo-isomeren er gevormd kunnen worden.&lt;br /&gt;
#* Ã©Ã©n stereomeer tekenen dat geen enantiomeer is.&lt;br /&gt;
#* oefening op pH-waarden binnen titraties. ( &#039;&#039;deze bij 200 mL als de molecule volledig geprotoneerd is&#039;&#039; )&lt;br /&gt;
#wat is &#039;&#039;fosforyleringspotentiaal&#039;&#039;? Leg uit.&lt;br /&gt;
#2 structuren gegeven. &lt;br /&gt;
#*Van elk de/het reactieproduct(en) geven en hiervan de juiste skeletnotatie. &lt;br /&gt;
#*Geef van Ã©Ã©n van de 2 tructuren het reactiemechanisme.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===16 juni 2014===&lt;br /&gt;
#Bespreek de reacties met alkenen (waterstof halogenen en perzuren)&lt;br /&gt;
#Iupac&lt;br /&gt;
#Bespreek reducerende suikers&lt;br /&gt;
#Peridoxalfosfaat en acetylcholine&lt;br /&gt;
#Stereochemie&lt;br /&gt;
#Reactiemechanismen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 augustus 2013===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Welke reactie kan D-mannose in een basisch milieu ondergaan?&lt;br /&gt;
# Leg de biosynthese van vetzuren uit.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC&lt;br /&gt;
# Structuren: tBOC en ninhydrine&lt;br /&gt;
# Fosforylerings-potentiaal&lt;br /&gt;
# Random oefening&lt;br /&gt;
# Reacties: Ester+Amide en Alcohol+Zuur&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===25 juni 2013 (namiddag)===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek de elektrofiele en nucleofiele substitutie bij benzeen en pyridine.&lt;br /&gt;
# Bespreek eliminatiereacties bij halogeenalkanen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC.&lt;br /&gt;
# Structuur van glucaarzuur en tosylchloride.&lt;br /&gt;
# Leg optische zuiverheid uit.&lt;br /&gt;
# Tryptofaan: chirale koolstoffen, alle stereo-isomeren tekenen in Fischer en Newman, R/S bepalen.&lt;br /&gt;
# Reacties: Nucleofiele substitutie halogeenalkaan en Fischer estersynthese.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===25 juni 2013 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
#decarboxylatie alpha-aminozuur en decarboxylatie alpha-ketocarbonzuur&lt;br /&gt;
# amine + halogeenalkaan/salpeterigzuur&lt;br /&gt;
# iupac&lt;br /&gt;
# structuur beta-maltose en geranylpyrofosfaat&lt;br /&gt;
# dean-stark&lt;br /&gt;
# molecule: chirale centra, R/S, enantiomere/diastereomere/epimeren/anomeren, oxidatie, welke OH zuurste?&lt;br /&gt;
# reactie aldehyd + OH/H2o, tetrahydropyraan met HI&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17 juni 2013 (namiddag)===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Leg de methoden uit om de volgorde van aminozuren in een peptide te achterhalen&lt;br /&gt;
# Leg uit: Halfacetaal- en acetaalvorming en pas toe op de vorming van beta-D-glucopyranose en methyl-beta-D-glucopyranoside&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# Leg biodiesel uit&lt;br /&gt;
# Geef de structuur van limoneen en citroenzuur&lt;br /&gt;
# IUPAC-naamgeving&lt;br /&gt;
# Molecule gegeven: &lt;br /&gt;
#* Geef alle chirale C-atomen + R/S nomenclatuur&lt;br /&gt;
#* Newman projectie geven van bepaalde as&lt;br /&gt;
#* Is de stikstof erin basisch (verklaar met substituenteffecten)&lt;br /&gt;
#* Teken een stereomeer die geen epimeer is&lt;br /&gt;
# Reacties waarvan 1 uitwerken:&lt;br /&gt;
#* Sn1 van een alkaan met een broom erin&lt;br /&gt;
#* Claisen condensatie van een ester&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17 juni 2013 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
#bespreek reactie alkenen met perzuren, halogenen en H2.&lt;br /&gt;
#bespreek decarboxylatie van carbonzuren, pas toe op vb uit citroenzuurcyclus&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
#bespreek: reducerend/niet reducerend suiker&lt;br /&gt;
#molecules tekenen: biotine en SAM&lt;br /&gt;
#iupac naam&lt;br /&gt;
#chirale C: OT, R of S aangeven, diasteromeren van een AZ en fisher+newman&lt;br /&gt;
#oefening met ph berekening met titratie&lt;br /&gt;
#uitleggen waarom pka van 1 lager is dan een ander AZ&lt;br /&gt;
#2 ractiemechanismen geven, Ã©Ã©n ervan uitschrijven&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 juni 2013 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# mutarotatie volledig uitleggen en illustreren voor D-fructose en D-glucose&lt;br /&gt;
# Joodgetal, verzepingsgetal, Hydrolyse en omestering (zuur en basisch) voor olie en vetten. (met TEKENINGEN van ELK mechanisme)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# fosforyleringspotentaal&lt;br /&gt;
# 2 mechanismes waarvan ge het mechanisme en het eindproduct moet geven en eentje moet ge tekenen (naar keuze).&lt;br /&gt;
# structuur gegeven: &lt;br /&gt;
#* geef alle chirale C-atomen &lt;br /&gt;
#* Stereo isomeren &lt;br /&gt;
#* R en S geven van de chirale C-atomen in de stereo isomeren &lt;br /&gt;
#* Zeggen of de dubbele bindingen E of Z zijn &lt;br /&gt;
#* bepaal oxidatiegetal van het aangeduide punt &lt;br /&gt;
#* verklaar waarom een stof hogere pka heeft als die gegeven is&lt;br /&gt;
# er is nog eentje maar die weet ik niet meer.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 13 juni 2013 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
Mondeling: &lt;br /&gt;
#synthese van peptiden in het labo&lt;br /&gt;
#de hydrolysereactie van esters en fosfaatesters&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
schriftelijk: &lt;br /&gt;
#iupac naam&lt;br /&gt;
#structuur van : cAMP en alpha keto glutaarzuur&lt;br /&gt;
#leg de Beckman omlegging uit&lt;br /&gt;
#suikers (ge krijgt een blad me alle suikers op) wij hadden xylulose&lt;br /&gt;
#* bepaal de absolute configuratie van alle chirale C-atomen&lt;br /&gt;
#*teken de meest stabiele open ketenvorm in een speciale projectie, kweet nimeer welke, volgens de C3-C4 as&lt;br /&gt;
#*bepaal het oxidatiegetal van C2&lt;br /&gt;
#*teken de overgang van L - xylulose naar L alpha xylulopentose&lt;br /&gt;
#*teken het anomeer van L alpha xylulopentose&lt;br /&gt;
#*welke soort reactie treed op bij een ringsluiting en welk soort katalysator bevordert dit proces&lt;br /&gt;
#dan nog twee reacties, waarvan ge een volledig moet uitwerken en van beide reacties moet ge het reactietype geven en reactieproduct(en)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 13 juni 2013 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
#bespreek de claisencondensatie en bespreek het verband met de afbraak van vetzuren&lt;br /&gt;
#beschrijf de biosynthese van geraniol en limoneen(monoterpenen)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
#Bespreek de regel van Huckel&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===15 juni 2012 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
Mondeling: &lt;br /&gt;
# Bespreek de biosynthese van monoterpenen: geraniol (molecule krijg je) en limoneen (structuur wel kennen)&lt;br /&gt;
# Bespreek de aldolcondensatie en geef het verband met de glycolyse&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk: &lt;br /&gt;
# IUPAC naam geven&lt;br /&gt;
# structuren van acetylcholine en citroenzuur&lt;br /&gt;
# uitleggen wat reducerende en niet reducerende suikers zijn&lt;br /&gt;
# oefening met molecule met fenolen enz aan: fisherprojecties geven van de isomeren en ook de R/S en newmanprojecties van de stabielste moleculen.&lt;br /&gt;
# reactiemechanismes aanvullen: nucleofiele additie van H2SO4 aan alkeen en zuurgekatalyseerde claisencondensatie&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 juni 2012 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# bespreek de nucleofiele reacties van carbonylgroep en additie met H20 en alcohol&lt;br /&gt;
# Bespreek ninhydrine reactie&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# ne iupac&lt;br /&gt;
# Limoneen en fosfoënolpyruvaat tekenen&lt;br /&gt;
# Bespreek optische zuiverheid&lt;br /&gt;
# oefening met suiker ( bij ons was die suiker L-tagatose dachtek) ma ge krijgt een blad om hem te herkennen (naam geven, fisher tekenen, R/S, een diastereomeer geven dat geen epimeer en geen anomeer is, + waarom suikercyclisatie zuur gekatalyseerd, en dan nog iets ma da wetek ni meer)&lt;br /&gt;
# 2 structuren ( 1 was zo cyclisch ether da met HI reageert )&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===30 juni 2011===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
#Labosynthese van peptiden&lt;br /&gt;
#Eliminatiereacties bij halogeenalkanen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
#IUPD-naam&lt;br /&gt;
#structuren:&lt;br /&gt;
#*Nylon-66&lt;br /&gt;
#*Palmitinezuur&lt;br /&gt;
#Leg uit: Dean Stark opstelling&lt;br /&gt;
#stereochemie&lt;br /&gt;
#reactiemechanismen&lt;br /&gt;
===24 Juni 2011 (namiddag)===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
#Ninhydrinereactie&lt;br /&gt;
#bespreek reacties van amiden met halogeenalkanen en salpeterigzuur&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
#IUPAC-naam&lt;br /&gt;
#Structuren:&lt;br /&gt;
#*c-AMP&lt;br /&gt;
#*Sorbitol&lt;br /&gt;
#Leg uit: Cannizzaro-reactie&lt;br /&gt;
#stereochemie&lt;br /&gt;
#2 reactiemechanismen&lt;br /&gt;
===24 Juni 2011 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
#Bio-synthese van vetzuren en het verband met de Claisencondensatie&lt;br /&gt;
#reacties van alkenen met waterstof, halogenen en perzuren.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
#IUPAC-naam&lt;br /&gt;
#structuren:&lt;br /&gt;
#*ATP&lt;br /&gt;
#*citroenzuur&lt;br /&gt;
#Leg uit: Diazokoppelingsreactie&lt;br /&gt;
#stereochemie&lt;br /&gt;
#2 reactiemechanismen&lt;br /&gt;
===16 Juni 2011===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
#Leg uit: acetaal- en halfacetaalvorming.&lt;br /&gt;
#Reacties van anorganische zuren met alkenen en alkynen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
#IUPAC-naam&lt;br /&gt;
#structuren:&lt;br /&gt;
#*limoneen&lt;br /&gt;
#*D-mannose&lt;br /&gt;
#leg uit: Kolbe-Schmitt reactie&lt;br /&gt;
#stereochemie&lt;br /&gt;
#2 reactiemechanismen&lt;br /&gt;
===23 augustus 2010===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Ninhydrinereactie&lt;br /&gt;
# Welke reacties kan D-fructose in base ondergaan?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam&lt;br /&gt;
# structuren:&lt;br /&gt;
#* Pyridoxalfosfaat&lt;br /&gt;
#* SAM&lt;br /&gt;
# leg uit: Biodiesel&lt;br /&gt;
# stereochemie&lt;br /&gt;
# twee reactiemechanismen:&lt;br /&gt;
#* keton met alcohol&lt;br /&gt;
#* amide in water (zuurgekatalyseerd)&lt;br /&gt;
===18 juni 2010===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Reactie van anorganische zuren met alkenen en alkynen.&lt;br /&gt;
# Alkylering, sulfonering en acylering van aromaten.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam&lt;br /&gt;
# structuren&lt;br /&gt;
#* (delta2)isopentenylpyrofosfaat&lt;br /&gt;
#* cellobiose&lt;br /&gt;
# leg uit: epoxyharsen en -lijmen&lt;br /&gt;
# stereochemie aminozuur met R = -CHOH-CH3&lt;br /&gt;
#* duid chirale koolstoffen aan&lt;br /&gt;
#* hoeveel conformaties zijn er? en teken deze&lt;br /&gt;
#* benoem (R,S)&lt;br /&gt;
#* welke zijn enantiomeren? diastereomeren?&lt;br /&gt;
#* bepaal het oxidatiegetal van de C-atomen&lt;br /&gt;
#* welk is het meest basisch en zeg waarom...&lt;br /&gt;
# twee reactiemechanismen waarvan 1 helemaal uitschrijven&lt;br /&gt;
===14 juni 2010===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Welke reacties gebeuren er met suikers in basisch milieu? (en dan bedoelt hij specifiek in basisch milieu)&lt;br /&gt;
# Bespreek de oxidatie van alcoholen in het labo met K2Cr2O7 en in de natuur met NAD+ en illustreer met een voorbeeld in de citroenzuurcyclus&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam&lt;br /&gt;
# structuren&lt;br /&gt;
#* Dansylchloride&lt;br /&gt;
#* Biotine&lt;br /&gt;
# leg uit: reactie van Chichibabin&lt;br /&gt;
# stereochemie&lt;br /&gt;
#* duid chirale koolstoffen aan&lt;br /&gt;
#* hoeveel conformaties zijn er? en teken deze&lt;br /&gt;
#* benoem (R,S)&lt;br /&gt;
#* welke zijn enantiomeren? diastereomeren?&lt;br /&gt;
#* is er een mesovorm?&lt;br /&gt;
#* welk is het meest basisch: CH3CH2COO- of CH3CH2C=-C- (driedubbele binding) en zeg waarom&lt;br /&gt;
# twee reactiemechanismen waarvan 1 helemaal uitschrijven&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===11 juni 2010===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Wat geven alkenen met &lt;br /&gt;
#* Anorganische zuren; &lt;br /&gt;
#* Perzuren (ook energieschema&#039;s kennen, effecten van concentraties enzo)&lt;br /&gt;
# Bespreek de biosynthese van vetzuren (Claisen-condensatiestap belangrijkst)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam&lt;br /&gt;
# structuren&lt;br /&gt;
#*SAM (S-adenosylmethionine)&lt;br /&gt;
#*PET&lt;br /&gt;
# Leg uit: Kolbe-Schmidt-reactie (aspirine dus)&lt;br /&gt;
# Stereo-chemie:&lt;br /&gt;
#* teken (beta)-L-gulopyranose (lineaire vorm gegeven)&lt;br /&gt;
#* teken gunstigste Newman-projectie volgens C2-C3-as&lt;br /&gt;
#* wat is de oxidatietrap van C6?&lt;br /&gt;
#* geef de anomeer en een epimeer van L-gulose&lt;br /&gt;
# 2 reactiemechanismen (1 uitschrijven)&lt;br /&gt;
#* oxidatie van een alcohol en aldehyde met K2Cr2O7, H2SO4, koud&lt;br /&gt;
#* Friedel-Crafts-acylering&lt;br /&gt;
-&lt;br /&gt;
===22 juni 2009 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek de aldolcondensatie. Bespreek ook de stap van de glycolyse die verband houdt met de aldolcondensatie.&lt;br /&gt;
# Bespreek de hydrolyse en omestering van vetten. Leg ook uit wat het verzepingsgetal en het joodgetal is.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam geven.&lt;br /&gt;
# Structuren:&lt;br /&gt;
#* dansylchloride&lt;br /&gt;
#* cellobiose&lt;br /&gt;
# Leg uit: De Beckmann-omlegging&lt;br /&gt;
# Je krijgt een molecule gegeven &lt;br /&gt;
#* Duid alle assymetrische koolstofatomen aan met een &amp;amp;quot;*&amp;amp;quot; en zeg of ze een R of S-configuratie hebben&lt;br /&gt;
#* Teken het enantiomeer en 2 epimeren&lt;br /&gt;
#* Van een N-atoom zeggen dat het basischer of zuurder is in vergelijking met ammoniak&lt;br /&gt;
#* 2 mesomeren vormen geven (buiten die van benzeenring)&lt;br /&gt;
# Twee reactiemechanismen (producten + soort reactie geven + Ã©Ã©n mechanisme helemaal uitschrijven)&lt;br /&gt;
#* tertair alcohol + zuurchloride&lt;br /&gt;
#* alkeen + zuur&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===19 juni 2009 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# bespreek de nucleofiele additie aan de carbonylgroep. Bespreek de factoren die de reactiviteit van aldehyden en ketonen beinvloed. geef de reactie met water en alcoholen&lt;br /&gt;
# bespreek de reactie van alkenen met waterstof, halogenen en perzuren&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam geven.&lt;br /&gt;
# Structuren:&lt;br /&gt;
#* maltose&lt;br /&gt;
#* fosfoënolpyruvaat&lt;br /&gt;
# Leg uit: epoxyharsen en -lijmen&lt;br /&gt;
# gegeven: aminozuur met zijgroep: R=CH2-SH&lt;br /&gt;
#* Hoeveel stereoisomeren bestaan er van dit molecule+ welk aminozuur is dit&lt;br /&gt;
#* geef de fischerprojectie en de Newmanprojectie( volgens C2-C3 as) van stabielste conformatie van elk stereoisomeer.Geef van elke chirale C of het R of S is.&lt;br /&gt;
#* titratie: je begint met 100ml van O,2M oplossing van aminozuur(volledig geprotoneerd) en je titreert met 0,2M NaOH.(Pk1=1,9 Pk2=10,7 Pkr=8,4&lt;br /&gt;
#*# bereken PH als je 150ml NaOH toegevoegd hebt&lt;br /&gt;
#*# Bereken PH als je 300ml NaOH toegevoegd hebt&lt;br /&gt;
#*# wat is(zijn) de voornaamste vorm(en) van het aminozuur bij PH=8,4&lt;br /&gt;
# reactiemechanismen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 juni 2009 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Leg de decarboxylering van carbonzuren uit en pas toe in een stap uit de citroenzuurcyclus&lt;br /&gt;
# Welke technieken ken je voor het bepalen van de aminozuurvolgorde in een peptideketen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam geven.&lt;br /&gt;
# Structuren:&lt;br /&gt;
#* Biotine&lt;br /&gt;
#* (delta)Â³ - isopentenylpyrofosfaat&lt;br /&gt;
# Leg uit: de reactie van chichibabin&lt;br /&gt;
# Cyclische L-suiker gegeven:&lt;br /&gt;
#* Geef de naam en de lineaire structuur. (lijst met ongekende suikers gegeven)&lt;br /&gt;
#* Bepaal van CÂ² of het R of S - configuratie heeft&lt;br /&gt;
#* Duidt niet-chirale C-atomen in lineaire en cyclische structuur aan&lt;br /&gt;
#* Hoeveel 1,3-diaxiale interacties zijn er?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 8 juni 2008===&lt;br /&gt;
# Leg uit: de reactie van een zuur met een alkeen/alkyn.&lt;br /&gt;
# Leg uit: de Claisen-condensatie en breng dit in verband met de biosynthese van lipiden/vetten.&lt;br /&gt;
# Teken de structuur van S-adenosyl-methionine en van sacharose.&lt;br /&gt;
# Leg uit: optische zuiverheid.&lt;br /&gt;
# Oefeningen:&lt;br /&gt;
#* Stereochemie, invloed van substituenten op de zuurtegraad etc. &lt;br /&gt;
#* Reactiemechanismen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 18 aug 2008 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Geef de biosynthese van monoterpenen voor de vorming van geraniol en limoneen.&lt;br /&gt;
# Bespreek sulfonering, alkylering en acylering aan aromaten.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# Structuren:&lt;br /&gt;
#* cyclisch AMP&lt;br /&gt;
#* Glucaarzuur&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 25 jun 2008 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek de hydrolyse, omestering, aminolyse en reductie van esters.&lt;br /&gt;
# Welke methoden ken je om de volgorde van aminozuren in peptiden te bepalen?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# Moleculen:&lt;br /&gt;
#* Nerylpyrofosfaat&lt;br /&gt;
#* Cellobiose&lt;br /&gt;
# Wat zijn epoxylijmen?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 25 jun 2008 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Licht toe wat acetalen en hemiacetalen zijn en pas dit toe op de vorming van beta-D-glucopyranose uit D-glucose en de vorming van methyl-beta-D-glucopyranoside.&lt;br /&gt;
# Bespreek de labosynthese van peptiden.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# Structuren:&lt;br /&gt;
#* Trans-decaline&lt;br /&gt;
#* Histamine&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 24 jun 2008 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek reactie alkenen met H2, halogenen en perzuren.&lt;br /&gt;
# Bespreek zure en base hydrolyse en omestering van vetten.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# Structuren: &lt;br /&gt;
#* ADP&lt;br /&gt;
#* Maltose&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 21 jun 2008 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek de eleminatiereacties bij halogeenalkanen.&lt;br /&gt;
# Bespreek de testreactie van ninhydrine.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# Geef de IUPAC-naam.&lt;br /&gt;
# Teken de volgende structuren:&lt;br /&gt;
#* Dansylchloride&lt;br /&gt;
#* Thymidine&lt;br /&gt;
# Bespreek nylon 66.&lt;br /&gt;
# Cyclisch suiker: &lt;br /&gt;
#* Geef de naam.&lt;br /&gt;
#* Welk is het zuurste proton ?&lt;br /&gt;
#* Geef de configuratie (R/S).&lt;br /&gt;
#* Fisher&lt;br /&gt;
#* Welke zijn de niet chirale C&#039;s ?&lt;br /&gt;
# Twee reactiemechanismen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 20 jun 2008 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek de additie van zuren op alkenen.&lt;br /&gt;
# Bespreek de biosynthese van vetzuren.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam geven.&lt;br /&gt;
# Geef de structuur van:&lt;br /&gt;
#* Geranylpyrofosfaat&lt;br /&gt;
#* Ninhydrine&lt;br /&gt;
# Bespreek de Beckmann omlegging.&lt;br /&gt;
# Aspartaam gegeven:&lt;br /&gt;
#* Welke zijn de verschillende stereoisomeren ?&lt;br /&gt;
#* Welke zijn de chirale koolstofatomen en duid aan of R/S zijn.&lt;br /&gt;
#* Schrijf de fisherprojectie van L-fenylalanine.&lt;br /&gt;
#* Vraag over elektroforese: aantonen waar fenylalanine en asparaginezuur zich bevinden.&lt;br /&gt;
# Twee reactiemechanismen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 9 jun 2008 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek de reactiemechanisme bij ketonen en aldehyden en vermeld hierbij de factoren die deze reacties beinvloeden. Geef een voorbeeld van additie van alcohol en additie van water.  &lt;br /&gt;
# Bespreek de isomerisatie van D-glucose oiv van een base en geef een vb in de glycolyse cyclus.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam&lt;br /&gt;
# Structuren:&lt;br /&gt;
#* Pyridoxalfosfaat&lt;br /&gt;
#* Tosylchloride&lt;br /&gt;
# Leg uit wat een kroonether is.&lt;br /&gt;
# Structuur asparagine gegeven:&lt;br /&gt;
#* Teken alle stereoisomeren (fisher en newman).&lt;br /&gt;
#* R/S configuratie&lt;br /&gt;
#* Waarom heeft de amine-groep in de structuur geen basische eigenschappen ?&lt;br /&gt;
#* Bereken het eerste equivalentiepunt en leg je methode uit.&lt;br /&gt;
# Twee reactiemechanismen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 19 jun 2007 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Nucleofiele additie aan de carbonylgroep bespreken/factoren reactiviteit/aantonen met additie van water en alcohol.&lt;br /&gt;
# Manieren om de AZ volgorde te bepalen uitleggen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC naam&lt;br /&gt;
# Structuren:&lt;br /&gt;
#* Pyridoxalfosfaat&lt;br /&gt;
#* Tosylchloride&lt;br /&gt;
# Leg Nylon 66 uit.&lt;br /&gt;
# Structuur Cysteïne gegeven:&lt;br /&gt;
#* Fisher&lt;br /&gt;
#* Newman&lt;br /&gt;
#* R-S&lt;br /&gt;
#* Enantiomeren...&lt;br /&gt;
#* Welk molecule &lt;br /&gt;
#* Welke vorm komt in de natuur het meeste voor ?&lt;br /&gt;
#* Welke is de mesovorm?&lt;br /&gt;
# Twee reactiemechanismen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 18 jun 2007 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Aminolyse/omestering/hydrolyse esters.&lt;br /&gt;
# Leg de decarboxylatie van carbonzuren uit en breng deze in verband met de Krebscyclus.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# Regel van Zaitsev kort bespreken.&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam&lt;br /&gt;
# Structuren: &lt;br /&gt;
#* Biotine&lt;br /&gt;
#* Cellobiose&lt;br /&gt;
# Suikers: &lt;br /&gt;
#* Open-ketenstructuur&lt;br /&gt;
#* R en S&lt;br /&gt;
#* Chirale atomen.&lt;br /&gt;
#* 1,3-diaxiale interactie&lt;br /&gt;
# Reacties: &lt;br /&gt;
#* Alkeen + HCl =&amp;amp;gt; ... &lt;br /&gt;
#* Oxidatie van een alcohol.&lt;br /&gt;
 &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 18 jun 2007 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# De additie van zuren aan alkenen.&lt;br /&gt;
# Mutarotatie uitleggen en illustreren met glucose.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam&lt;br /&gt;
# Structuren: &lt;br /&gt;
#* Acetylcholine &lt;br /&gt;
#* cAMP&lt;br /&gt;
# Omega-3 en omega-6 vetzuren uitleggen.&lt;br /&gt;
# Een bepaald aminozuur:&lt;br /&gt;
#* Fisher&lt;br /&gt;
#* Newman&lt;br /&gt;
#* pH-berekeningen&lt;br /&gt;
# Reacties: Reactieproducten en soort reactie geven en uitwerken voor een van de twee.&lt;br /&gt;
#* Carbonylgroep met H2 en Pt&lt;br /&gt;
#* 2 ketonen met OH-&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 jun 2007 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Eliminatiereacties uitleggen.&lt;br /&gt;
# Beta-oxidatie + claisencondensatie.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam (carbonzuurgroep keton, 2 dubbele binden, methyl, en alkynbinding)&lt;br /&gt;
# Een suiker omzetten naar een ringstructuur, epimeren aanduiden op bijhorende tabel.&lt;br /&gt;
# Biodiesel uitleggen&lt;br /&gt;
# Structuren:&lt;br /&gt;
#* Dansylchloride&lt;br /&gt;
#* Thymidine structuur geven&lt;br /&gt;
# Twee reactiemechanismen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 14 jun 2007 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek de aldolcondensatie van aldehyden en ketonen.&lt;br /&gt;
# Bespreek de reactie van waterstof/halogenen/perzuren aan alkenen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam.&lt;br /&gt;
# Structuren&lt;br /&gt;
#* Oliezuur&lt;br /&gt;
#* Adrenaline&lt;br /&gt;
# Leg kort uit: kroonethers.&lt;br /&gt;
# R-groep van lysine gegeven:&lt;br /&gt;
#* Stereoisomeren, R/S, L aanduiden.&lt;br /&gt;
#* Newman/fischer projecties.&lt;br /&gt;
#* Naam van het aminozuur.&lt;br /&gt;
#* Voorkomen bij pH 10 (welke vorm: geprotoneerd of niet?)&lt;br /&gt;
# Twee reacties: (je moet maar van 1 het hele mechanisme geven, ander gewoon zeggen welk type reactie en eindproduct)&lt;br /&gt;
#* Een keton reageert met HNO3 en H2SO4.&lt;br /&gt;
#* Reactie van tertiar alcohol met zuurchloride.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 28 aug 2006 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek peptidesynthese in het labo en vergelijk met die ter hoogte van de ribosomen.&lt;br /&gt;
# Bespreek additie van zuren aan alkenen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam.&lt;br /&gt;
# Structuurformule van adrenaline en gluconzuur.&lt;br /&gt;
# Bespreek optische zuiverheid.&lt;br /&gt;
# Gegeven: structuurformule threonine.&lt;br /&gt;
#* Aantal stereo-isomeren&lt;br /&gt;
#* De chirale C-en&lt;br /&gt;
#* Fisher- en newman-projectie van elk.&lt;br /&gt;
#* Duidt R/S aan.&lt;br /&gt;
#* Naam van aminozuur.&lt;br /&gt;
#* Bij pH = 7: naar welke pool migreert dit AZ (pk1 en pk2 gegeven) ?&lt;br /&gt;
# Beschrijven van reactie: 2 esters (dezelfde) boven de pijl (H3O+ en OC3H7), boven de 2e pijl (H3O+ en NaBH4).&lt;br /&gt;
 &lt;br /&gt;
=== 26 jun 2006 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Hemiacetaal en acetaal, pas toe op de vorming van beta-D-glucopyranosyl uit D glucose en de vorming van methyl - beta - D - glucopyranoside.&lt;br /&gt;
# Oxidatie, hydrolyse ( in zuur en in basisch milieu) en omestering van olie en vet.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam.&lt;br /&gt;
# Cystine en adipinezuur structuur geven.&lt;br /&gt;
# Regel van Zaitsev uitleggen en illustreren met een voorbeeld.&lt;br /&gt;
# Oefening met stereo-isomeren, Fischer, Newman en R en S configuratie.&lt;br /&gt;
# Furan + HNO3 + H2SO4 reactie geven.&lt;br /&gt;
#* Stoffen geven die ge aan furan moet toevoegen om een ethylgroep op positie 2 (alfa) te induceren.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 23 jun 2006 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek de laboratoriumsynthese van peptideverbindingen en vergelijk met de manier waarop aminzuren binden met ribosomen.&lt;br /&gt;
# Bespreek de reactie van alkenen met waterstof, halogenen en perzuren. &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam.&lt;br /&gt;
# Structuurformule van oliezuur en adrenaline.&lt;br /&gt;
# Bespreek cannizaro reacties.&lt;br /&gt;
# Structuurformule van een suiker:&lt;br /&gt;
#* Geef de fisherprojectie van de ringstructuur.&lt;br /&gt;
#* R-S van de C2 bepalen&lt;br /&gt;
#* Leidt de naam af.&lt;br /&gt;
#* Geef het aantal chirale C&#039;s in de haworth aan.&lt;br /&gt;
# Reactiemechanisme&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 23 jun 2006 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek de isomerisatie van D-glucose onder invloed van base en breng in verband met een stap uit de glycolyse (alleen deze stap opschrijven).&lt;br /&gt;
# Bespreek de afbraak van vetzuren en breng in verband met de Claisencondensatie.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam.&lt;br /&gt;
# Structuren:&lt;br /&gt;
#* Thymidine&lt;br /&gt;
#* Dansylchloride&lt;br /&gt;
# Verklaar kort het begrip &amp;amp;quot;optische zuiverheid&amp;amp;quot;.&lt;br /&gt;
# Een hepteen is gegeven:&lt;br /&gt;
#* Geef de verschillende stereovormen in Fisherprojectie.&lt;br /&gt;
#* Geef de Newman-projectie van het meest stabiele conformeer.&lt;br /&gt;
#* Noteer ook R- en S-conformatie.&lt;br /&gt;
# Reactie waarbij de producten, tussenstappen en mechanismen moeten worden aangevuld.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 21 jun 2006 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek de elektrofiele aromatische substitutie met als voorbeeld nitreerzuur, benzeen en gesubstitueerde benzeenderivaten.&lt;br /&gt;
# Bespreek hydrolyse, reductie, omestering en aminolyse van esters.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam.&lt;br /&gt;
# Structuren:&lt;br /&gt;
#* Sacharose &lt;br /&gt;
#* SAM&lt;br /&gt;
# Bespreek omega-3-vetzuren en omega-6-vetzuren.&lt;br /&gt;
# Gegeven: structuurformule arginine &lt;br /&gt;
#* Geef het aantal stereo-isomeren.&lt;br /&gt;
#* Duidt de cirale C&#039;s aan.&lt;br /&gt;
#* Fisher- en Newman-projectie van elk.&lt;br /&gt;
#* Duid R/S aan.&lt;br /&gt;
#* Geef de naam van het aminozuur.&lt;br /&gt;
#* Duid aan welke N het meest basisch is.&lt;br /&gt;
#* Welk stereo-isomeer is het L-aminozuur ?&lt;br /&gt;
# Beschrijven van reactie: 2 keer cyclopenteen met daaraan 2-hexanol (of pentanol ben het vergeten) keten op de pijl staat K2Cr2O7, H+ en koud, boven tweede pijl staat 1 OH- &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 20 jun 2006 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek de additie van zuren aan alkenen (geen carbonzuren bedoeld).&lt;br /&gt;
# Bespreek de biosynthese van vetzuren.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam.&lt;br /&gt;
# Structuren: &lt;br /&gt;
#* Kaneelzuur&lt;br /&gt;
#* Cellobiose&lt;br /&gt;
# 3-broom-4-cloorhexaan:&lt;br /&gt;
#* Stereo-isomeren: Fisher- en Newman-projectie.&lt;br /&gt;
#* R,S-configuratie&lt;br /&gt;
#* Diastereomeren/enantiomeren?&lt;br /&gt;
# Het reactietype en naam en mechanisme van benzeenring met OH aan, bij de pijl staan dibroom en ijzertribroom.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 13 jun 2006 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Aldolcondensatie + glycolyse stap die met aldolcondensatie te maken heeft. &lt;br /&gt;
# Geef de verschillende methoden om de volgorde van AZ in peptide te vinden. &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam.&lt;br /&gt;
# Structuren&lt;br /&gt;
#* Stearinezuur&lt;br /&gt;
#* Pyridine&lt;br /&gt;
# Leg uit: gauche en anti (bij alkanen).&lt;br /&gt;
# 2,3,4-hydroxybutanal:&lt;br /&gt;
#* Hoeveel stereoisomeren ?&lt;br /&gt;
#* Geef Fisher projectie en de Newmann projectie van de meest stabiele conformatie.&lt;br /&gt;
#* Geef R,S conformatie. &lt;br /&gt;
#* En zeg welke enantiomeren zijn, welke  diastereoisomeren zijn, mesovormen.&lt;br /&gt;
# Geef reactiemechanisme, reactieproduct (ook in skeletnotatie--&amp;amp;gt; reactieproduct) van:&lt;br /&gt;
#* Trans-1-fenyl-1-buteen met verdund zwavelzuur.&lt;/div&gt;</summary>
		<author><name>R0998693</name></author>
	</entry>
	<entry>
		<id>https://wiki.chemika.be/index.php?title=Bio-Organische_Chemie&amp;diff=4141</id>
		<title>Bio-Organische Chemie</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.chemika.be/index.php?title=Bio-Organische_Chemie&amp;diff=4141"/>
		<updated>2024-06-27T13:48:49Z</updated>

		<summary type="html">&lt;p&gt;R0998693: /* Examenvragen */&lt;/p&gt;
&lt;hr /&gt;
&lt;div&gt;[[Categorie:Bachelor Chemie]]&lt;br /&gt;
[[Categorie:Bachelor Biochemie]]&lt;br /&gt;
==Vakinformatie==&lt;br /&gt;
Basisvak organische chemie voor eerstejaars chemie, biochemie en biologie.&lt;br /&gt;
Gedoceerd door Professor Luc van Meervelt.&lt;br /&gt;
Het examen volgt al jaren dezelfde structuur.&lt;br /&gt;
Sinds 2017 wordt dit vak gegeven door professor Mario Smet.&lt;br /&gt;
Het examen duurt 3 uur.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;2022-2023&#039;&#039;&lt;br /&gt;
*aanpak vak&lt;br /&gt;
**Prof Mario Smet&lt;br /&gt;
**Voor het examen minstens 3.2/8 voor zowel het deel van theorie als oefeningen, anders maximaal een 9 (helaas durft hij ook een 3.1 te geven)&lt;br /&gt;
**Er zijn ingesproken ppt&#039;s die zeker een aanrader zijn om te bekijken, belangrijkste zaken worden duidelijk uitgelegd&lt;br /&gt;
*Kwaliteit cursus&lt;br /&gt;
**Slides zijn duidelijk en bevatten zeker de belangrijkste informatie&lt;br /&gt;
**Handboek kan handig zijn voor extra informatie of verduidelijking van bepaalde delen, maar ik heb dit zelf amper opengedaan dus zeker niet noodzakelijk om te kopen&lt;br /&gt;
*Examenvragen&lt;br /&gt;
**Telkens één theorievraag over een reactiemechanisme (regel van Zaitsev en Markovnikov belangrijk) met ordenen op basis van reactiviteit en naamgeving van producten!!&lt;br /&gt;
**Eén theorievraag over een voorbeeld (komen steeds terug, zijn er in totaal een stuk of 14) belangrijk om hierbij te weten waarom bepaalde zaken zo zijn.&lt;br /&gt;
**Bij de oefeningen vraagt hij naar mijn gevoel van alles iets, dus aminozuren zeker uit het hoofd leren en al de reactiemechanismes begrijpen.&lt;br /&gt;
*Labo&#039;s&lt;br /&gt;
**Zijn niet al te moeilijk&lt;br /&gt;
**Zie dat je op tijd bent voor de prelabtest, ze hebben geen medelijden met u, zelfs als je er niks aan kon doen :(&lt;br /&gt;
**Als er ergens iets van berekeningen in het labo voorkomen, worden deze vaak op de prelabtest gevraagd&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen==&lt;br /&gt;
===22 juni 2024===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===10 juni 2024===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
# 4 structuren: ethaanzuurbromide, ethaanzuurchloride, 2-oxyethaanzuurbromide, dietheenzuuranhydride. deze ondergaan een nucleofiele substitutie met water&lt;br /&gt;
##geef het reactiemechanisme van A&lt;br /&gt;
##rangschik op reactiviteit. verklaar met substituenteffecten en teken grensstructuren indien nodig&lt;br /&gt;
##geef de reactieproducten en de IUPAC-naam van A en C&lt;br /&gt;
# om alfa-ketoglutaraat te decarboxyleren maakt de natuur gebruik van het coënzym thiaminepyrofosfaat die reageert na deprotonatie.&lt;br /&gt;
##Geef het reactiemechanisme&lt;br /&gt;
##Geef 2 redenen waarom het coënzym zo goed gedeprotoneerd wordt&lt;br /&gt;
##Wat is het voordeel van het binden van dit coënzym?&lt;br /&gt;
##Wat is het voordeel van dit biologisch proces?&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
# je wil een aminozuurmengeling van tryptofaan en lysine scheiden met behulp van elektroforese bij een pH van 9,1. Bereken het voorkomen van de vormen en waar ze zullen voorkomen (Kathode, Anode of ertussenin). Laat ook duidelijk de structuur van deze aminozuren zien.&lt;br /&gt;
##waarom is de stikstof op de tryptofaan niet basisch&lt;br /&gt;
# gegeven but-1-een naar 1-methylbutan-1-ol. Welke substraat heb je nodig om van de eerste naar de tweede gegaan (structuren waren gegeven) als je dan met H3PO4 zit en een verandering in temperatuur welk product bekom je (was al een reactiepijl gegeven)?&lt;br /&gt;
# reactie met methoxybenzeen, ethaanzuurchloride en AlCl3 (structuren gegeven). Geef het reactieproduct en het reactietype.&lt;br /&gt;
# mechanisme en reactietype gevraagd van 2x fenylmethanal (structuur gegeven) met OH-&lt;br /&gt;
# suikering gegeven met een zesring waarbij OH op C1 naar boven, alsook C2 en C3, bij C4 naar beneden en C5 de CH2OH ook naar beneden.&lt;br /&gt;
##geef de fisherstructuur van dit suiker en teken de stabielste conformatie op de newmann-projectie van C3 en C4&lt;br /&gt;
##geef de volledige naam van dit suiker&lt;br /&gt;
##geef van C1 en C2 de absolute configuratie (R of S) geef hierbij ook de prioriteiten&lt;br /&gt;
##Leg uit wat 1,3 diaxiale interacties zijn en geef dit weer op een duidelijke tekening&lt;br /&gt;
# oxidatie van ascorbinezuur naar dehydroxy-ascorbinezuur gegeven (zie practicum) en 3 stellingen (hieronder): duid de stellingen aan die correct zijn en geef bij iedere uitleg&lt;br /&gt;
##Er gebeurt een oxidatie en het oxidatiegetal van de C-atomen gaat van +1 naar 0&lt;br /&gt;
##Is de H in kwestie die met de laagste pKa?&lt;br /&gt;
##Is de stereochemie juist of kwam het eindproduct eerder van een andere stereo isomeer&lt;br /&gt;
===2 september 2023===&lt;br /&gt;
https://drive.google.com/file/d/1GMpzdW-Fuazq4zCe9Y40D8DgJyVk2-a7/view?usp=drive_link&lt;br /&gt;
===24 juni 2023===&lt;br /&gt;
#Je kreeg 4 verbindingen (ik denk 2-bromo-2methylpropaan, 2-bromopropaaan, 4-bromo-2-penteen en 4-bromo-1-penteen; kloppen niet helemaal, maar principe blijft hetzelfde). &lt;br /&gt;
##Voor 2-bromo-2-methylpropaan moest je de E-reactie uitschrijven.&lt;br /&gt;
##Zeggen in welke volgorde deze verbindingen het snelste zou reageren bij een E1-reactie (aan de hand van substituent effecten en eventuele grensstructuren.&lt;br /&gt;
##Voor elke verbinding het reactieproduct geven en IUPAC naam geven.&lt;br /&gt;
#Er wordt ATP gevormd bij de afbraak van een suiker in de glycolyse en krebs-cyclus. &lt;br /&gt;
##Geef de reactieproducten en waarom kan er ATP gevormd worden?&lt;br /&gt;
##Het grootste deel van de energie komt in een andere vorm vrij, hoe gebeurd dit?&lt;br /&gt;
#Meerkeuzevraag over Claissencondensatie van ethylacetaat (was een andere benaming, maar vooral het ethyl deel is belangrijk dus maakt niet echt uit). Welk reagens moet je gebruiken om ervoor te zorgen dat je slechts één reactieproduct hebt. Opties waren denk ik: methioxide, ethioxide, hydroxide, er wordt altijd meer dan één reactieproduct gevormd (eventuele grensstructuren hier niet mee rekenen) (meeste hadden ethioxide) en dan moest je nog aantonen met het relevante deel van de reactie, waarom de andere niet zouden kunnen.&lt;br /&gt;
#Reactiemechanismen&lt;br /&gt;
##Je kreeg aceton en je moest zeggen wat je moest toevoegen om iets te bekomen (je moest OH- toevoegen, maar weet even niet meer wat je dan bekomt) en dan voeg je H2O en H+ toe en moet je het reactieproduct geven (2,2-propaandiol)&lt;br /&gt;
##Ik denk 2-Methylcyclopentanone en solvent gekregen, zeggen welk reactieproduct je bekomt en wat het reactiemechanisme is (nucleofiele acylsubstitutie)&lt;br /&gt;
##Je kreeg ethylbenzeen met als solvent AlCl3 en acetylchloride (hiervan maak je AlCl4- en CH2CO+) je moest zeggen welk reactiemechanisme (nucleofiele aromatische substitutie) en dit ook uitschrijven&lt;br /&gt;
#Zwitterion en IP van arginine en glutamine geven en zeggen welke pH je krijgt bij het toevoegen van 250ml NaOH aan 100 ml 0.1M glutamine&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
##S/R van chirale koolstoffen van D-xylulose geven + Newman projectie rond C3 en C4&lt;br /&gt;
##In stappen geven hoe je alfa-L-xylulofuranose bekomt (ringsluiting tekenen dus), het enantiomeer hiervan geven (bèta-versie) en zeggen of het een epimeer is, beide begrippen uitleggen&lt;br /&gt;
===8 juni 2023===&lt;br /&gt;
#4 structuren: propeen, ethyleen pyrrool?, styreen , benzeen met etheen op en methoxy groep op. elektrofiele additie met waterstofbromide.&lt;br /&gt;
##Geef het reactiemechanisme van propeen&lt;br /&gt;
##Rangschik de reactiviteit van de verschillende structuren, maak gebruik van substituenteffecten en teken grensstructuren&lt;br /&gt;
##geef de IUPAC-naam van structuur a, b, c en schrijf alle reactieproducten uit&lt;br /&gt;
#Gegeven: D-glucose in de verschillende vormen: beta-D-glucopyranose, alfa-D-glucopyranose, beta-D-glucofuranose en alfa-D-glucofuranose en het voorkomen ervan in percentages&lt;br /&gt;
##Waarom komen de furanose vormen zo weinig voor?&lt;br /&gt;
##Waarom komt het beta-anomeer meer voor dan het alfa-anomeer?&lt;br /&gt;
##hoe komt het dat het alfa-anomeer dan toch nog voorkomt?&lt;br /&gt;
##Vergelijk dit nu met D-mannose, maak een voorspelling van hoe de verschillende vormen zullen voorkomen?&lt;br /&gt;
#Aminozuren:&lt;br /&gt;
##Waarom heeft de R-groep van asparagine geen basische eigenschappen (asparagine heeft geen pKr)&lt;br /&gt;
##We willen tyrosine en asparagine scheiden met behulp van elektroforese bij pH = 9,0. Schrijf voor beide aminozuren de verschillende vormen uit en verklaar welke vorm bij deze pH voor zal komen. Waar zullen de aminozuren zich bevinden: anode, kathode, tussenin&lt;br /&gt;
#Gegeven: benzeenring met broomsubstituent en -C2H5 substituent. Bij het bereiden hiervan moet je...&lt;br /&gt;
##...eerst bromeren?&lt;br /&gt;
##...eerst aklyleren?&lt;br /&gt;
##...volgorde maakt niet uit, maar als je eerst bromeert gaat de reactie langzamer&lt;br /&gt;
##...volgorde maakt niet uit, maar als je eerst alkyleert gaat de reactie langzamer&lt;br /&gt;
#Gegeven: een structuur met 2 chirale koolstoffen (ook een amidegroep op 1 einde, en een chloor groep)&lt;br /&gt;
##teken de fisherprojectie van ALLE stereo-isomeren, geef ook de stabielste newman-projectie&lt;br /&gt;
##Bepaal van elke chirale C de R,S-configuratie en geef de prioriteiten weer&lt;br /&gt;
##Wat is het OG van de C met de amide groep&lt;br /&gt;
##Welk van de stereo-isomeren zijn ook diastereo-isomeren, verklaar deze term&lt;br /&gt;
##Duid aan waar een nucleofiele substitutie zou kunnen plaatsvinden, verklaar ook waarom&lt;br /&gt;
#Reactie mechanismen zoals aangegeven op stramien&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 3 september 2022 ===&lt;br /&gt;
# 4 moleculen met dubbele binding gegeven, sommige met substituenten&lt;br /&gt;
## Reactiemechanisme voor molecule A uitschrijven (CH2=CH-CH2-CH3)&lt;br /&gt;
## Rangschikken volgens reactiviteit in een reactie met HBr en argumenteren met substituenteffecten en grensstructuren&lt;br /&gt;
## Reactieproducten voor alle 4 opschrijven en 2 ervan benoemen met IUPAC naam&lt;br /&gt;
# gegeven: glucose in openketenvorm, alfa-D-glucopyranose, beta-D-glucopyranose, alfa-D-glucofuranose en beta-D-glucofuranose met percentages van hoe vaak ze voorkomen&lt;br /&gt;
## waarom komt de furanosevorm zo weinig voor&lt;br /&gt;
## waarom komt de betavorm meer voor dan de alfavorm&lt;br /&gt;
## waarom komt ondanks vraag b de alfavorm toch nog zo vaak voor&lt;br /&gt;
## maak zelf een voorspelling voor de percentages van voorkomen voor alle vormen van D-mannose&lt;br /&gt;
# teken 2-amino-2,3,4-trimethyl-3-hexaanthiol&lt;br /&gt;
## hoeveel stereo-isomeren zijn er?&lt;br /&gt;
## teken van alle stereo-isomeren de fischer projectie en meest stabiele conformatie in de newman projectie over C3-C4 as, duid chirale centra aan&lt;br /&gt;
## bepaal voor alle chirale centra de absolute configuratie&lt;br /&gt;
## is het een primair, secundair of tertiair amine? En dezelfde vraag voor thiol?&lt;br /&gt;
## bepaal de oxidatietrap van C2&lt;br /&gt;
# 5 namen van moleculen gegeven, welke kunnen het reactieproduct zijn van een aldolcondensatie? Voor degenen die niet kunnen: leg uit in 1 zin waarom niet. Voor degenen die wel kunnen: geef de beginproducten.&lt;br /&gt;
# reactiemechanismen&lt;br /&gt;
## vul onderstaande reactiesequentie aan: alkaan met -OH —&amp;gt; alkeen —&amp;gt; ? (boven de eerste pijl stond ook een vraagteken en boven de tweede pijl +Cl2)&lt;br /&gt;
## schrijf reactiemechanisme uit: benzeenring met -OCH3 substituent reageert met HNO3 en H2SO4&lt;br /&gt;
# aminozuren&lt;br /&gt;
## bepaal voor een titratie van 100 mL 0,1M isoleucine de pH bij toevoeging van 150mL en 200mL NaOH&lt;br /&gt;
## waarom is de pKa van glutamine lager dan van isoleucine&lt;br /&gt;
## teken beide aminozuren uit&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 25 juni 2022 ===&lt;br /&gt;
# 4 moleculen gegeven die reageren volgens reactietype E1 ter vorming van HCl : twee chlooralkanen met benzeenring en twee zonder, een van de twee met benzeenring had methoxy-groep op de benzeenring&lt;br /&gt;
## Geef reactiemechanisme voor een van de twee chlooralkanen zonder benzeenring&lt;br /&gt;
## Rangschik volgens stijgende reactiviteit en beargumenteer met substituenteffecten. Geef grensstructuren indien relevant.&lt;br /&gt;
## ...&lt;br /&gt;
# Geef het reactiemechanisme en vergelijk onderling, beredeneer ook voor de basische hydrolyses of het gaat om een mono- of bimoleculair proces:&lt;br /&gt;
### hydrolyse van een carbonzuurester in basisch milieu&lt;br /&gt;
### hydrolyse van een fosfaatester in basisch milieu&lt;br /&gt;
### hydrolyse van een fosfaatester in zuur milieu&lt;br /&gt;
## Bespreek kort het verschil in reactiviteit van mono-, di-, en tri-alkylfosfaatesters bij hydrolyse in basisch milieu&lt;br /&gt;
## In de glycolyse komt energie vrij bij het hysrolyseren van het acylfosfaat 1,3-difosfoglycerinezuur dat wordt gebruikt om ADP om te zetten in ATP. Voor de vorming van acetyl-CoA uit acetylfosfaat (ook een acylfosfaat) is ATP nodig. Bespreek kort deze schijnbare tegenstrijdigheid.&lt;br /&gt;
# Stereochemie&lt;br /&gt;
## Geef de Haworthprojectie van beta-L-arabinopyranose&lt;br /&gt;
## Geef de absolute configuratie van C2 en C4 en duid nummering aan&lt;br /&gt;
## Wat zijn de oxidatietrappen van C1 en C3?&lt;br /&gt;
## Geef de (stabielste) Newmanprojectie van het conformeer volgens de C3-C4 as&lt;br /&gt;
## Hoeveel 1,3-diaxiale repulsies komen ervoor in dit molecule? Maak een tekening die dit duidelijk weergeeft&lt;br /&gt;
# Aminozuren&lt;br /&gt;
## Onder welke vormen komen glutaminezuur en tryptofaan voornamelijk voor bij pH = 6,00? &lt;br /&gt;
## Waar bevinden de AZ zich na elektroforese bij deze pH? Aan de anode, kathode of ertussen?&lt;br /&gt;
## Waarom is de zijketen van tryptofaan niet basisch?&lt;br /&gt;
# Verloopt de substitutie van propaanzuur naar methylpropanoaat het best in zuur of in basisch milieu? Of kan beide? Verklaar grondig en teken het bijbehorende reactiemechanisme.&lt;br /&gt;
# Vraag over reactiemechanismen zoals aangegeven op het stramien.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 9 juni 2022 ===&lt;br /&gt;
# 4 benzeen ringen gegeven (3 daarvan met substituenten)&lt;br /&gt;
## Reactiemechanisme uitschrijven voor een gewone benzeen tot chloorderivaat (SeAr)&lt;br /&gt;
## Rangschikken volgens reactiviteit, grensstructuren tekenen en substituenteffecten verklaren.&lt;br /&gt;
## Van de 4 chloorderivaten de IUPAC-naam geven en eindstructuur tekenen &lt;br /&gt;
# Geef de retro-aldolreactie bij de glycolyse&lt;br /&gt;
# Oefening op suikers (je kreeg een cyclisch suiker)&lt;br /&gt;
## Teken de fisher en de Newman projectie&lt;br /&gt;
## Geef het oxidatie getal van 2 C en zeg of het R of S is&lt;br /&gt;
## Geef de naam van het suiker&lt;br /&gt;
## Leg de begrippen epimeer en anomeer uit en teken deze vormen van dit suiker&lt;br /&gt;
# Oefening op aminozuren&lt;br /&gt;
## Je kreeg 2 aminozuren bij een bepaalde pH en je moest zeggen als dit een goede pH was om een elektroforese te doen, indien dit niet zo was moest je uitleggen waarom en een betere pH waarde geven.&lt;br /&gt;
# Je kreeg 4 verbindingen en je moest zeggen welke een kleurreactie (oranje/groen) zouden geven&lt;br /&gt;
## Alcoholtest -&amp;gt; oxidatie van alcoholen tot ketonen of carbonzuren uitleggen&lt;br /&gt;
# Oefening op reactiemechanisme&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===28 augustus 2021===&lt;br /&gt;
# 4 moleculen gegeven waarop het gaat reageren met HCl&lt;br /&gt;
## werk reactiemechanisme uit voor 1 van de moleculen&lt;br /&gt;
## Rangschik volgens afnemende reactiviteit&lt;br /&gt;
## Geef reactieproducten van alle moleculen en geef IUPAC naam voor 2&lt;br /&gt;
# geef reactiemechanisme van de deanimatie van glutamine&lt;br /&gt;
# L-xylulose, Bepaal R/S configuratie &lt;br /&gt;
## Teken stabielste Fischer en Newman voor de C3-C4-as&lt;br /&gt;
### ???&lt;br /&gt;
# Voor welk van deze 3 producten kan niet een aldolcondensatie ondergaan? Leg uit waarom niet en geef de reagentia wanneer het wel gaat.&lt;br /&gt;
##de reactiemechanisme invullen: onbrekende reagentia en product&lt;br /&gt;
### een stof gegeven met de reagentia, welke reactiemechanisme en schrijf uit&lt;br /&gt;
#titratie van asparagine met NaOH: berekenen de pH bij toevoeging van 100ml en 200ml NaOH; &lt;br /&gt;
##waarom heeft asparagine geen basische eigenschap zoals lysine. Geef ook de structuren&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===28 augustus 2020===&lt;br /&gt;
#4 moleculen gegeven waarop nucleofiele substitutie gebeurt met natriummethoxide&lt;br /&gt;
## werk reactiemechanisme uit voor 1 van de moleculen&lt;br /&gt;
## Rangschik volgens afnemende reactiviteit&lt;br /&gt;
## Geef reactieproducten van alle moleculen en geef IUPAC naam voor 2&lt;br /&gt;
# Geef het mechanisme van decarboxylering van beta-ketocarbonzuren en leg uit. Geef een voorbeeld van een analoog mechanisme in de biologie en leg uit. &lt;br /&gt;
# Voor welk van deze 4 producten kan er een aldolcondensatie zijn opgetreden? Leg uit waarom niet en geef de reagentia wanneer het wel gaat.&lt;br /&gt;
# Oefening op aminozuren en bepalen welke vorm er voorkomt bij een bepaalde pH en als je een gelelektroforese doet welke waar dan voorkomt, az zijn tryptofaan en glutaminezuur&lt;br /&gt;
# Oefening op suiker: welke suiker is dit? Geef stabielste newmann vorm in C3-C4 formatie, R of S van C2 en C5, teken epimeer dat geen anomeer is&lt;br /&gt;
#oefeningen op reactiemechanismen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===25 juni 2020===&lt;br /&gt;
#4 moleculen (esters) gegeven, waarop nucleofiele substitutie gebeurt &lt;br /&gt;
## Werk het reactiemechanisme voor één van de moleculen volledig uit. (methylethanoaat)&lt;br /&gt;
## Rangschik volgens afnemende reactiviteit dmv substituenteffecten&lt;br /&gt;
## Geef de reactieproducten van alle moleculen en geef hun IUPAC naam&lt;br /&gt;
#Leg de synthese van peptiden uit met dicyclohexylcarbodiimide. Welke voorzorgsmaatregel moet genomen worden om selectief een peptide te vormen? Geef een voorbeeld.&lt;br /&gt;
#Voor welke van volgenden bestaat er een mesovorm, teken deze en leg uit wat mesovorm is. (1-butanol, butaan2,3diol, butaan-1,2,3-triol, butaan-1,2,3,4-tetraol)&lt;br /&gt;
#Oefening op aminozuren: &lt;br /&gt;
## Waarom heeft proline een hogere pKa&#039; dan alanine + teken deze aminozuren&lt;br /&gt;
## Welke vorm van alanine komt het meest voor bij toevoegen van 150 mL? Bereken deze pH.&lt;br /&gt;
#Oefening op suikers: suiker gegeven &lt;br /&gt;
## Geef IUPAC naam&lt;br /&gt;
## Bepaal R/S configuratie voor C2 en C5&lt;br /&gt;
## Teken stabielste Fischer en Newman voor de C3-C4-as&lt;br /&gt;
## ?&lt;br /&gt;
#Vul reactie aan (reactieproducten, reagentia). Geef reactietype en eindproduct. Geef reactietype, eindproduct en reactiemechanisme.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 juni 2020 (16u)===&lt;br /&gt;
#4 moleculen gegeven: E1 reactie van HCl: mechanisme geven, reactieproducten tekenen en benoemen&lt;br /&gt;
#Bespreek de oxidatieve deaminering van glutaminezuur met de nodige coënzymen/cofactoren. Geef het reactiemechanisme van de tweede stap zonder enzymen.&lt;br /&gt;
#Een molecule gegeven in stoelvorm (geen suiker): teken de fisherprojecties van alle stereomeren, teken newmann projectie van 1 op c2-c3 in stabielste vorm en zeg S of R config, welke zijn enantiomeren, diastereomeren, is er een mesovorm? En leg de begrippen kort uit. Geef oxidatietrap van aangeduide koolstofatoom.&lt;br /&gt;
#lysine en valine tekenen en IP berekenen, waarom is de pkr van lysine groter dan de pka&#039; van valine?&lt;br /&gt;
#Wat zijn de product(en) die worden gevormd als E-2-hepteen en dichloor reageren?&lt;br /&gt;
##2s,3s 2-dichloorhepteen&lt;br /&gt;
##2s,3r&lt;br /&gt;
##2r,3s&lt;br /&gt;
##2r,3r&lt;br /&gt;
#Oefeningen op reactiemechanismen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===12 juni 2020 (16u)===&lt;br /&gt;
#4 moleculen gegeven, waarop elektrofiele additie van water in zuur milieu gebeurt&lt;br /&gt;
## Werk het reactiemechanisme voor één van de moleculen volledig uit.&lt;br /&gt;
## Rangschik volgens afnemende reactiviteit&lt;br /&gt;
## Geef de reactieproducten van alle moleculen en geef hun IUPAC naam&lt;br /&gt;
#Waarom kunnen alcoholen niet gemakkelijk een SN-reactie ondergaan? Geef 2 voorbeelden van een SN-reactie van een alcohol, schrijf het mechanisme. Reageert fenol op dezelfde manier? Teken en leg uit. Hoe kunnen SN-reacties van alcoholen mogelijk gemaakt worden in biologische systemen?&lt;br /&gt;
#Oefening op suikers en stereochemie:&lt;br /&gt;
## Geef de Haworth-projectie van bèta-L-gulofuranose&lt;br /&gt;
## Teken het enantiomeer van deze molecule en benoem het.&lt;br /&gt;
## Configuratie (R/S) van C2 en C5 bepalen + oxidatietrap geven&lt;br /&gt;
## Stabielste Newman-conformatie langs C4-C5 as&lt;br /&gt;
#Oefening op aminozuren:&lt;br /&gt;
## D-vorm van tyrosine en alanine tekenen en conformatie geven.&lt;br /&gt;
## Oefening op pH berekenen&lt;br /&gt;
# Gegeven een staal met één onbekende suiker. Na het uitvoeren van een Fehlingstest zie je een roodbruine neerslag ontstaan. Aantal suikers gegeven, aanduiden welke het mogelijk kan zijn. Leg uit wat deze test precies en verklaar je keuze.&lt;br /&gt;
# Vul reactie aan (reactieproducten, reagentia). Geef reactietype en eindproduct. Geef reactietype, eindproduct en reactiemechanisme. Eerste was zuurgekatalyseerde estervorming. Tweede eliminatie van water. Derde aldolcondensatie&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===7 juni 2020===&lt;br /&gt;
#4 moleculen gegeven waarop een Sn1 wordt gedaan met ammoniak&lt;br /&gt;
## Werk het reactiemechanisme voor de eerste molecule uit&lt;br /&gt;
## Welk molecule reageert het snelst? Leg uit adhv substituenteffecten&lt;br /&gt;
## Geef de reactieproducten van de andere 3 moleculen en ook de IUPAC naam&lt;br /&gt;
#Geef de retro-aldolreactie bij de glycolyse&lt;br /&gt;
## Wat is de katalysator en waarom gaat de retro-aldolreactie niet bij glucose?&lt;br /&gt;
#Gegeven een benzeenring met daarop een nitrogroep en alkylgroep. Gebeurd er eerst alkylering of nitrering? Gebruik in je uitleg grensstructuren&lt;br /&gt;
#Oefening op molecule dat geen suiker was! Maar je moest R/S bepalen, Fischer schrijven, Newmann projectie, en diastereomeren en enantiomeren aanduiden (+ kort uitleggen wat dat betekend)&lt;br /&gt;
#Oefening op aminozuren en bepalen welke vorm er voorkomt bij een bepaalde pH en als je een gelelektroforese doet welke waar dan voorkomt (zoals in de oefenzitting gewoon)&lt;br /&gt;
#standaard oefening die er elk jaar is met reacties aanvullen enzo&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17 juni 2019 (namiddag)===&lt;br /&gt;
#4 moleculen (ester, ester met halogeen, anhydride, amide) waarop de nucleofiele substitutie van water in basische omgeving wordt uitgevoerd. &lt;br /&gt;
##Werk het reactiemechanisme uit voor het ester.&lt;br /&gt;
##Rangschik volgens afnemende reactiviteit.&lt;br /&gt;
##Geef de naam en structuur van beide reactieproducten.&lt;br /&gt;
#Bespreek de oxidatieve deaminering van glutaminezuur met de nodige coënzymen/cofactoren. Geef het reactiemechanisme van de tweede stap zonder enzymen.&lt;br /&gt;
#Oefening op suikers.&lt;br /&gt;
##Bespreek de R/S configuratie van de chirale centra van D-xylose. &lt;br /&gt;
##Is D-xylose een aldose of ketose? &lt;br /&gt;
##Geef de stabielste Newman-projectie op C3-C4.&lt;br /&gt;
##Bepaal de oxidatietrap van C1 en C5.&lt;br /&gt;
##Maak van L-xylose beta-L-xylose. &lt;br /&gt;
##Welk reactietype is de ringsluiting van suikers? Welke katalysator wordt vaak gebruikt? &lt;br /&gt;
##Geef het anomeer van beta-L-xylose. Is dit ook een enantiomeer?&lt;br /&gt;
#Oefening op aminozuren.&lt;br /&gt;
##Geef de 2R,3R configuratie van isoleucine. &lt;br /&gt;
##Wat is de pH van 100 ml isoleucine (0.1M) na toevoeging van 150 ml NaOH (0.1 M)? &lt;br /&gt;
##Waarom heeft glutamine een lagere pKa dan isoleucine? &lt;br /&gt;
#Waarom wordt het reactie-evenwicht bij de Claisencondensatie van ethyl-2-methylpropanoaat met ethoxide niet naar rechts getrokken (in tegenstelling tot andere Claisencondensaties)?&lt;br /&gt;
#Vul reactie aan (reactieproducten, reagentia). Geef reactietype en eindproduct. Geef reactietype, eindproduct en reactiemechanisme.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17 juni 2019 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
#4 moleculen met dubbele bindingen gegeven waarop elektrofiele additie gebeurt&lt;br /&gt;
##van 1 reactiemechanisme uitwerken&lt;br /&gt;
##rangschikken volgens reactiviteit door middel van substituenteffecten&lt;br /&gt;
##eindproducten geven + IUPAC naam geven&lt;br /&gt;
#vetzuursynthese uitleggen met coënzymen erbij&lt;br /&gt;
##uitleggen waarom je malonycoa nodig hebt en wat de gelijkenis ervan is met claisen-condensatie&lt;br /&gt;
#molecule gegeven: menthol&lt;br /&gt;
##chirale c aanduiden, hoeveel stereo-isomeren, R/S van chirale c, geef stabielste configuratie, geef diastereoisomeer dat epimeer is, enantiomeer geven, stabielste configuratie van enantiomeer geven, je krijgt een paar newmanprojecties waarvan je moet zeggen welke de juiste is, oxidatiegetal van aangeduide c geven&lt;br /&gt;
#geef 3D structuur van R glutaminezuur&lt;br /&gt;
##is deze D of L?&lt;br /&gt;
##welke vorm(en) komt er vooral voor op ph 8,8&lt;br /&gt;
##uitleggen waarom N in de R groep niet basisch is en die van lysine (ook tekenen) wel&lt;br /&gt;
#je krijgt een benzeenring waarop een de ene kant een ch3 hangt en op de tegenovergestelde kant een acylgroep, je moet uitleggen via grensstructuren wat het juiste antwoord is&lt;br /&gt;
##eerst alkyleren, dan acyleren&lt;br /&gt;
##eerst acyleren, dan alkyleren&lt;br /&gt;
##volgorde maakt niet uit, maar acyleren is trager&lt;br /&gt;
##volgorde maakt niet uit, maar alkyleren is trager&lt;br /&gt;
#je krijgt een reactie waarvan je de reagentia en reactieproducten er nog moet bij zetten&lt;br /&gt;
##reactie is eerst een eliminatie en dan een additie&lt;br /&gt;
#je krijgt een cyclisch carbonzuur en dit gaat reageren amine, geef de reactieproducten in skeletnotatie en zeg wel reactiemechanisme&lt;br /&gt;
#een cycloalkaan waar een broom aanhangt gaat reageren met naoh, geef het reactieproduct(en) en zeggen welk reactiemechanisme het is en ook het reactiemechanisme uitschrijven&lt;br /&gt;
===14 juni 2019 (namiddag)===&lt;br /&gt;
# 4 benzeen ringen gegeven (3 daarvan met substituenten)&lt;br /&gt;
## Reactiemechanisme uitschrijven voor een gewone benzeen tot chloorderivaat (SeAr)&lt;br /&gt;
## Rangschikken volgens reactiviteit, grensstructuren tekenen en substituenteffecten verklaren.&lt;br /&gt;
## Van de 4 chloorderivaten de IUPAC-naam geven en eindstructuur tekenen &lt;br /&gt;
# De glycolyse genereert op 2 plaatsen ATP en de Krebs-cyclus op 1 plaats. Teken de reagens en het product van de reacties. Leg uit waarom de moleculen energie genereert.&lt;br /&gt;
# Suiker oefening met L-Talose tot alfa-L-talose, Wat is de katalysator?, Reactietype?, Enantiomeer, Stabielste Newman-projectie (C4 en C5), R/S-Configuratie op C2 en C3, Oxidatietrap van C1.&lt;br /&gt;
# Isoelektrisch punt van Arginine en Glycine berekenen, pH van een 0,1M 100ml Arginine oplossing na toevoegen van 200ml 0,1 NaOH, L-configuratie van Arginine tekenen, is het een S/R configuratie?&lt;br /&gt;
# Gegeven: Tetracycline. Het molecule heeft 2 pKa en 1 pKb . Zoek de groepen die hiervoor zorgen en verklaar je keuze.&lt;br /&gt;
# Vul reactie aan (reactieproducten), geef reactietype en eindproduct, geeft reactietype eindproduct en reactiemechanisme.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 juni 2019 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
# 4 structuren gegeven: 2 broomalkanen, 1 broomalkeen en een fenylbroomalkaan&lt;br /&gt;
## Schrijf het Sn2 reactiemechisme uit voor structuur A (broomethaan) met natriumwaterstofsulfide. &lt;br /&gt;
## Rangschik de gegeven structuren volgens afnemende reactiviteit. Leg uit! &lt;br /&gt;
## Geef de IUPAC-namen van al de reactieproducten&lt;br /&gt;
# Geef de isomerisatie in de glycolyse van het glucosederivaat naar fructosederivaat. Waarom is dit basegekatalyseerd.&lt;br /&gt;
## Geef het verband tussen de Tollens- en Fehlingstest en het verband tussen Barfoed- en Benedictetest.&lt;br /&gt;
# Gegeven is een suiker in de stoelvorm&lt;br /&gt;
## Geef de volledige naam van dit suiker.&lt;br /&gt;
## Geef de Fischerprojectie van de open-ketenvorm en geef de stabielste Newmanprojectie met C3 en C4 als as.&lt;br /&gt;
## Wat is de conformatie en OT van C2 en C5?&lt;br /&gt;
## Geef het anomeer van dit suiker. Is dit ook een epimeer/diasteriomeer/enantiomeer? Leg elke term uit. &lt;br /&gt;
# Oefening op aminozuren:&lt;br /&gt;
## Waarom heeft leucine een hogere pKa dan threonine?&lt;br /&gt;
## Welke lading heeft leucine in een mengsel van ph = 9,5? Ligt het eerder aan kathode/anode/ergens in het midden bij elektroforese?&lt;br /&gt;
## Geef de 2R,3S vorm van threonine in de fischerprojectie.&lt;br /&gt;
# Welke van onderstaande structuren ondergaat gemakkelijk een decarboxylering bij een temperatuursverhoging? Zo ja, schrijf het mechanisme helemaal uit. COOH-CH2-CHOH-CH3 / COOH-CHOH-CH2-CH3 / COOH-CH2-CO-CH3 / COOH-CH2-COOH&lt;br /&gt;
# Vul reactie aan (reactieproducten), geef reactietype en eindproduct, geeft reactietype eindproduct en reactiemechanisme.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===13 juni 2019 (namiddag)===&lt;br /&gt;
# Structuren van chloorbenzeen, anisool, benzeen en fenol zijn gegeven.&lt;br /&gt;
## Schrijf het reactiemechanisme uit van een elektrofiele substitutie van benzeen met als eindproduct een nitroderivaat.&lt;br /&gt;
## Rangschik de gegeven structuren volgens afnemende reactiviteit. Leg uit adhv substituenteffecten en teken grensstructuren indien nodig.&lt;br /&gt;
## Geef van de 4 nitroderivaten de IUPAC-naam en teken de structuur&lt;br /&gt;
# Waarom kunnen alcoholen niet gemakkelijk een SN-reactie ondergaan? Geef 2 voorbeelden van een SN-reactie van een alcohol, schrijf het mechanisme. Reageert fenol op dezelfde manier? Teken en leg uit. Hoe kunnen SN-reacties van alcoholen mogelijk gemaakt worden in biologische systemen?&lt;br /&gt;
# Gegeven: enantiomeer van een structuur. Geef R- of S-configuratie van 2 aangeduide C-atomen. Teken de ruimtelijke structuur van het molecule. Hoeveel stereo-isomeren zijn er? Teken de meest stabiele Newman-projectie. Is er een mesovorm? Indien mogelijk teken mesomere grensstructuren. Geef de oxidatietrap van 2 aangeduidde C-atomen.&lt;br /&gt;
# Bij welke pH komt het Zwitter-ion van arginine voor? Teken. Waarom is de pKa van arginine lager dan de pKa van asparaginezuur? Gegeven: 100ml volledig geprotoneerd 0,10M asparaginezuur, Wat is de pH na een titratie met 150mL 0,10M NaOH? Teken van elk vermeld aminozuur de neutrale structuur&lt;br /&gt;
# Gegeven: formaldehyde, aceetaldehyde en benzaldehyde. Welke kan een aldolcondensatie met zichzelf doen? Teken het mechanisme en verklaar waarom de andere 2 dit niet kunnen.&lt;br /&gt;
# Vul reactie aan (reactieproducten), geef reactietype en eindproduct, geeft reactietype eindproduct en reactiemechanisme.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===13 juni 2019 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
# 4 structuren gegeven: 2 chlooralkenen, 1 chlooralkaan en 1 chloorether&lt;br /&gt;
## Schrijf het reactiemechanisme uit voor een SN1 reactie van (1 van de 2) chlooralkeen met ammoniak.&lt;br /&gt;
## Rangschik de gegeven structuren volgens afnemende reactiviteit. Leg uit adhv substituenteffecten en teken grensstructuren indien nodig.&lt;br /&gt;
## Geef van de 4 derivaten de IUPAC-naam (van de eerste 3 dus niet de ether) en teken de structuur.&lt;br /&gt;
# Geef het mechanisme van decarboxylering van beta-ketocarbonzuren en leg uit. Geef een voorbeeld van een analoog mechanisme in de biologie en leg uit.&lt;br /&gt;
#L-glucose tekenen en omzetten in alfa-L-glucofuranose. Geef enantiomeer van de structuur. Geef R- of S-configuratie van 2 aangeduide C-atomen. Hoeveel stereo-isomeren zijn er? Teken de meest stabiele Newman-projectie. Geef een diastereomeer dat ook een epimeer is. Geef de oxidatietrap van 2 aangeduidde C-atomen. Is alfa-L-glucofuranose een reduceerbare suiker?&lt;br /&gt;
# Tyrosine en serine hebben een gelijkaardige zijketen, waarom heeft tyrosine een pKr en serine niet? Gegeven: 100ml volledig geprotoneerd 0,10M tyrosine, Wat is de pH na een titratie met 300mL 0,10M NaOH? Welke vormen van serine en tyrosine komen voor bij pH 10,5? Alle vermelde AZ moeten getekend zijn in het antwoord.&lt;br /&gt;
# Gegeven: Benzeen, pyrrool en pyridine. Rangschik volgens reactiviteit voor een SeAr reactie mbv grensstructuren.&lt;br /&gt;
# Vul reactie aan alkyn --?--&amp;gt; alkeen --Br2--&amp;gt; ?, geef reactietype en eindproduct: 3-fenyl-1-amino-2-propanon --OH--&amp;gt;, geeft reactietype eindproduct en reactiemechanisme: aldolcondensatie.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===30 augustus 2018===&lt;br /&gt;
# 4 gegeven alcoholen kunnen en E1 reactie ondergaan, geef de volledige reactie voor alcohol A, geef de eindproducten en de IUPAC-naam van de 4 alcoholen na de reactie. Orden volgens afnemende reactiviteit.&lt;br /&gt;
# Een vraag over de oxidatieve deaminering van glutaminezuur.&lt;br /&gt;
# Suiker in ringstructuur gegeven: geef naam &amp;amp; lineaire vorm, geef de Newman projectie (c3-c4), is c2 R/S en wat is zijn oxidatietrap, hoeveel chirale C atomen zijn er en duid aan in de cyclische vorm en lineaire vorm welke de chirale C atomen zijn, geef een diastereomeer dat geen epimeer of anomeer is van de gegeven suiker, hoe heet de reactie waarbij een lineaire vorm over kan gaan in de cyclische vorm en in welk solvent gebeurt dit.&lt;br /&gt;
# Leg het verschil in pKa tussen glutaminezuur en valine uit. Welke vorm van glutaminezuur komt er het meeste voor bij bepaalde pH. Bereken de pH van een oplossing van 100ml valine (0,1M) met 200ml base.&lt;br /&gt;
# Een SN reactie bij alcoholen moet in zuur milieu gebeuren: waarom, waarom niet met NH2 als nucleofiel, geef een alternatief voor zuur milieu bij SN reactie met alcoholen.&lt;br /&gt;
# Vul reactie aan (pijltjes en reactieproducten), geef reactietype en eindproduct, geeft reactietype eindproduct en reactiemechanisme. &lt;br /&gt;
===22 juni 2018===&lt;br /&gt;
# De snelheid en reactieproducten met IUPAC-naam geven van 4 esters in basisch midden, voor 1 het mechanisme uitschrijven.&lt;br /&gt;
# Leg de synthese van peptiden uit met dicyclohexylcarbodiimide. Welke voorzorgsmaatregel moet genomen worden om selectief een peptide te vormen? Geef een voorbeeld. &lt;br /&gt;
# Geef de naam van een gegeven cyclisch suiker. Uitleggen of het R of S is. Is het een reducerende suiker? Geef de fischerprojectie. Geef de Newmanprojectie met c3-c4 als as en geef hiervan de stabielste Haworthprojectie. Geef het anomere suiker, is dit een enantiomeer, epimeer of diastereomeer en verklaar. &lt;br /&gt;
# Geef de 3D projectie van S-tryptofaan. Waarom heeft de R-groep van tryptofaan geen basische eigenschappen? Is tryptofaan vlot te scheiden van alanine met gelelektroforese? Indien ja, bij welke pH en waar zouden ze zich bevinden op de gel. Indien nee, verklaar. &lt;br /&gt;
# Waarom ondergaat pyridine gaan elektrofiele aromatische substitutie met een chlooralkeen en trichlooralluminium zoals benzeen? Schrijf de reactie uit die wel plaatsvindt en benoem deze. Nog een deelvraag....&lt;br /&gt;
# Mechanismes aanvullen en reactietypes bepalen. De eerste was een cyclisch ester waarbij je moest aangeveven dat er OH werd gebruikt zodat de ring open ging en het eindproduct in skeletnotatie. Reactie tussen een zuurchloride en een primair amine, het reactietype en producten in skeletnotatie geven. De laatste was een claisoncondensatie waarbij het mechanisme gegeven moest worden en het eindproduct in skeletnotatie. &lt;br /&gt;
===18 juni 2018===&lt;br /&gt;
# De snelheid en reactieproducten met IUPAC-naam geven van 4 benzeenderivaten bij een elektrofiele aromatisch substitutie, voor 1 het mechanisme uitschrijven&lt;br /&gt;
# Leg de afbraak van vetzuren uit en geef de coënzymen die een rol spelen, vergelijk met de vetzuursynthese en leg het verband uit tussen vetzuursynthese en de Claisencondensatie&lt;br /&gt;
# Aflatoxine is gegeven, enkele vraagjes zoals: hoeveel stereoisomeren, teken diastereomeren, r of s,heeft het molecule een mesovorm, oxidatietrappen bepalen, mesomere effecten aanduiden...&lt;br /&gt;
# Waarom heeft de NH2 groep van asparagine geen Pkr? Waar bevinden tyrosine en asparagine zich in een gelelektorforese bij pH 11? Is er mesomerie mogelijk in tyrosine, duid aan met pijlen&lt;br /&gt;
# Bespreek de stereochemie van 2 reacties&lt;br /&gt;
# mechanismes aanvullen en reactietypes bepalen&lt;br /&gt;
===14 juni 2018 ===&lt;br /&gt;
Mondeling&lt;br /&gt;
#4 stoffen vergelijken waarbij een aromatische substitutie gebeurd ter vorming van een nitroderivaat voor 1 het mechanisme uitschrijven en welke het snelste gaat verlopen en waarom. De structuur van de reactieproducten tekenen en de IUPAC-naam geven.&lt;br /&gt;
#De volledige vetzuursynthese geven en alle enzymes en cofactoren benoemen. Zeggen waarom NADPH een goed reductans is voor de reductie van de vetzuren.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
schriftelijk&lt;br /&gt;
#Van een gegeven verbinding zeggen hoeveel stereo-isomeren er van bestaan en van ze allemaal de fisher en newman projectie (stabielste configuratie) geven. Van alle chirale atomen de R of de S configuratie toe kennen. Zeggen welke diasteriomeren en enantiomeren van elkaar zijn. Er kon makkelijk water afgesplitsd worden en zeggen waarom het een stabiel carbokation was en de hybridisatie van het koolstof atoom geven.&lt;br /&gt;
#Van threonine de titratie curve gekregen en hieruit afleiden welke volume op elk punt is toegevoegd welke vorm er het meeste voorkomt en op een bepaald punt de lading van het aminozuur bepalen. Waarom pKa van threonine lager als die van Leucine. (overal structuur van geven)&lt;br /&gt;
#4 verschillende verbindingen gekregen en zeggen welke verbinding het reactiefste is bij een nucleofiele substitutie.&lt;br /&gt;
#Oefening over mechanismes: producten geven, boven pijl aan vullen, reactietype of volledig mechanisme.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 13 juni 2018 ===&lt;br /&gt;
#4 stoffen vergelijken waaraan een elektrofiele additie van HBr gebeurd. Het mechanisme voor 1 v/d stoffen uitschrijven. Zeggen welke reactie het snelst gaat verlopen en waarom (eventueel aantonen door uitschrijven grensstructuren). De structuur van de reactieproducten voor de 4 stoffen geven en de IUPAC-naamgeving van twee daarvan. (mondeling)&lt;br /&gt;
#Geef het mechanisme van decarboxylering van beta-ketocarbonzuren en leg uit. Geef een voorbeeld van een analoog mechanisme in de biologie en leg uit. (mondeling)&lt;br /&gt;
#Oefening over ringsluiting van een suiker, aanduiden asymmetrische koolstoffen, D omzetten in L, een epimeer en anomeer geven, R-S configuratie voor 1 C geven, meest stabiele conformatie over as tussen twee C&#039;s weergeven in Newmann. (schriftelijk)&lt;br /&gt;
#Oefening over aminozuren. 3D weergave van S-proline weergeven. Zeggen waarom pKa&#039; van proline hoger ligt dan van valine. Geven onder welke vorm valine voorkomt bij pH 2.2 en waarom. &lt;br /&gt;
#Oefening over reactie H2SO4 onder temperatuurstijging en een alcohol. Hier gaat eliminatie gebeuren. De twee mogelijke reactieproducten worden gegeven en er wordt gezegd welke het meest gaat voorkomen. Vervolgens wordt gevraagd aan welke regel er hier niet wordt voldaan en waarom. (Regel van Zaitsev wordt niet voldaan, de minst gesubstitueerde alkeen gaat gevormd worden, komt door verschillende reactiemechanisme voor eliminatie van alcohol met H2SO4, schrijf hiertoe mechanismen uit dan wordt het duidelijk)&lt;br /&gt;
#oefening over mechanismen (aanvullen, producten geven of volledig mechanisme uitschrijven)&lt;br /&gt;
=== 7 september 2017 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
# 4 stoffen (ketonen) gegeven waarop een nucleofiele additie van methylamine gebeurt. schrijf het mechanisme voor stof A, geef de stoffen in afnemende reactiviteit en de UIPAC naam van alle stoffen met structuur.&lt;br /&gt;
# vergelijk de hydrolyse van carbonzuuresters en fosfaatesters in base en de hydrolyse van fosfaatesters in zuur. vergelijk de hydrolysesnelheid van mono-, di- en trialkylfosfaten.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
#De pKr van glutaminezuur is groter dan die van asparaginezuur, verklaar. titratie van glutaminezuur met NaOH, bereken de pH als er 250ml base werd toegevoegd. welke vorm van asparaginezuur is meer aanwezig bij pH 2.2.&lt;br /&gt;
#welk product word gevormd bij de reactie van Z-2-penteen met dibroom (S,R).&lt;br /&gt;
#reacties aanvullen, skeletnotatie, reactietype, reactiemechanisme,...&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===29 augustus 2017 (namiddag) - Mario Smet===&lt;br /&gt;
Mondeling&lt;br /&gt;
#4 stoffen zijn gegeven: een buteen, een butadieen, een fenyletheen, en een furyletheen. Voer een elektrofiele additie van water uit in zuur milieu: schrijf het reactiemechanisme compleet uit voor stof A + welke stof is het reactiefste leg uit adhv substituenteffecten + geef alle gevormde producten en hun IUPAC namen.&lt;br /&gt;
#Methionine wordt gebruikt bij de methylering in het lichaam maar moet eerst geactiveerd worden. Geef mechanisme van activering, mechanisme van methylering, geef biologisch voorbeeld van methylering + Mosterdgas is sterk alkylerend, waarom? En waarom zijn sterk alkylerende stoffen uiterst toxisch?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk&lt;br /&gt;
#oefeningen op koolhydraten: L-arabinose omvormen naar beta-L-arabinofuranose, hoe noemt deze reactie en welk type reactie is dit?, geef een anomeer van de beta vorm is dit een enantiomeer?, geef een diastereomeer dat geen epimeer is, is deze suiker reducerend?, newman projectie van meest stabiele configuratie bekeken vanaf C2 en C3, geef de absolute configuratie en oxidatietrap van C2 en C4,...)&lt;br /&gt;
#oefening op AZ: arginine, welke vorm heeft dit bij pH12.5 en waarom? Welk stikstofatoom is het meest basisch en waarom? valine, geef S configuratie (beiden dus structuur vanbuiten kennen)&lt;br /&gt;
#methyl-2-methylpropanoaat ondergaat een claisencondensatie in oplossing met methoxide. In tegenstelling tot andere claisencondensaties wordt het reactiemechanisme NIET naar rechts getrokken, waarom?&lt;br /&gt;
#3 verschillende reacties, verschillende zaken aanvullen telkens (mechanisme, welk type reactie, reactieproduct, reagentia,...)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===15 juni 2017 (voormiddag) - Mario Smet===&lt;br /&gt;
Mondeling&lt;br /&gt;
#halogeenalkaan ondergaat een E1 + toelichten zaitsev&lt;br /&gt;
#vier moleculen ondergaan een E; welke is het reactiefst? Leg uit mbhv substituenteffecten + resonantievormen tekenen (indien nuttig)&lt;br /&gt;
#Waarom kan op een alcohol NIET goed een Sn uitgevoerd worden? (OH- is niet stabiel)&lt;br /&gt;
#2 voorbeelden geven hoe dat wel kan + werkt dit ook voor fenol? (protoneren of fosfaatgroep toevoegen)&lt;br /&gt;
#Voorbeeld geven van een nucleofiele substitutie van een alcohol in biologische systemen (acetaalvorming v/e reducerende suiker met methanol)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk&lt;br /&gt;
#oefeningen op koolhydraten (R/S; anomeer, epimeer, haworth en newman projecties&lt;br /&gt;
#oefeningen op reactiemechanismen (fiederlkraftsalkylering, nucleofiele acylsubstietutie)&lt;br /&gt;
#oefening op AZ (2 tekenen, titratie-oef, pKa vergelijken)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 Juni 2017 (namiddag)===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
#Elektrofiele additie reactiemechanisme schrijven (regel markovnikov)&lt;br /&gt;
#4 moleculen bepalen welke het snelst aan een Ae doet (grensstructuren, inductieve effecten)&lt;br /&gt;
#naamgeving van enkele producten na de Ae&lt;br /&gt;
#isomerisatie in glycolyse van glucose-6-fosfaat naar fructose-6-fosfaat en uitleggen waarom dit base gekatalyseerd is&lt;br /&gt;
#verband uitleggen met Fehling&#039;s/ Tollen en Barfoed&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
#gegeven moleculen Menthol aantal stereochemische oefeningen oplossen (R/S, diasteromeren, enantiomeren, newman...)&lt;br /&gt;
#oefening op AZ op papierelektroforese (waar komt elk AZ bij bepaalde ph)&lt;br /&gt;
#aceton+ methylanime wordt imine bij ph=7 laat zien&lt;br /&gt;
#enkele reactiemechanisme aanvullen of tekenen ( Nitrering, estercondensatie)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===12 juni 2017 (voormiddag) SINDS 2017 GEGEVEN DOOR MARIO SMET===&lt;br /&gt;
#op 4 structuren Sn1 toepassen en verklaren welke het meest reactief is + resomere vormen geven + naamgeving...&lt;br /&gt;
#retro aldolcondensatie bij glycolyse en zeggen hoe het katalytisch effect tot stand kwam&lt;br /&gt;
#een oefenig op suikers, op aminozuren en 3 reactiemechanismes&lt;br /&gt;
#vertellen hoe een alcohol test werkt met chroomzuur&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===9 juni 2016===&lt;br /&gt;
#beckman omlegging&lt;br /&gt;
#edman degradatie&lt;br /&gt;
#biosynthese geraniol en limoleen&lt;br /&gt;
#structuren = S.A.M &amp;amp; biotione&lt;br /&gt;
#naamgeving + 2 mechanismes&lt;br /&gt;
#oefening ivm stereochemie&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===8 juni 2016===&lt;br /&gt;
#synthese vn peptiden&lt;br /&gt;
#hydrolyse, omestering en reductie van esters&lt;br /&gt;
#cannizaro reactie&lt;br /&gt;
#structuren: -2-isopentenylpyrofosfaat&lt;br /&gt;
#Trans decaline&lt;br /&gt;
#oef over suikers(suiker bepalen, chirale C&#039;s, newman projectie..)&lt;br /&gt;
#reactiemechanismen en naamgeving&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===6 juni 2016===&lt;br /&gt;
#Aldolcondensatie en waardat deze terugkomt in de glycolyse&lt;br /&gt;
#reactiviteit bij de substitutie reacties van benzeen, tolueen en pyridine vergelijken&lt;br /&gt;
#-verschil tussen reducerende suikers en nietreducerende suikers&lt;br /&gt;
#structuur van acetyl-choline en palitine&lt;br /&gt;
#pH van aminozuren bij een titratie&lt;br /&gt;
#reactimechanisme&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 juni 2015 ===&lt;br /&gt;
# Claisen condensatie + verband met afbraak van vetzuren&lt;br /&gt;
# Bespreek de reactie van geconcentreerd zwavelzuur met:&lt;br /&gt;
#* Alkeen&lt;br /&gt;
#* Alcohol&lt;br /&gt;
#* Aromaat&lt;br /&gt;
# acetylcholine en fructose 6 fosfaat tekenen, optische zuiverheid uitleggen. &lt;br /&gt;
#Oefeningen over aminozuren (of glutamine en threonine te scheiden waren met elektroforese) fischer, newmann, stereo isomeren erover. &lt;br /&gt;
#En dan twee reacties natuurlijk&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===12 juni 2015 ( namiddag ) ===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
mondeling:&lt;br /&gt;
# Leg de reacties met benzeen uit en ook die van purine en fenol.&lt;br /&gt;
# Bespreek de hydrolyse en omestering van vetzuren in zuur en basisch milieu. Leg hierbij ook het broomgetal en verzepingsgetal uit.&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# Naamgeving ( c-AMP en mannose)&lt;br /&gt;
# Leg uit si en re&lt;br /&gt;
# Een hele lang oefening vergelijkbaar met de oefeningen van de oefenzitting ( verschil tussen D en L, chirale C, reacties, ...)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===12 juni 2015 ( voormiddag ) ===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
mondeling:&lt;br /&gt;
#Aminen en halogeenalkanen &lt;br /&gt;
#Aminen en salpeterigzuur&lt;br /&gt;
#Laboratorium peptidesynthese&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
schriftelijk:&lt;br /&gt;
#structuren&lt;br /&gt;
#*Limoneen&lt;br /&gt;
#*Sorbitol&lt;br /&gt;
#stereochemie+ reactiemechanisme&lt;br /&gt;
#*aldolcondensatie&lt;br /&gt;
#leg uit:&lt;br /&gt;
#*reducerende en niet-reducerende suikers&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===11 juni 2015===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
mondeling:&lt;br /&gt;
#Wat is &#039;&#039;mutarotatie&#039;&#039;? Leg dit uit a.h.v glucose en fructose.&lt;br /&gt;
#Leg uit:&lt;br /&gt;
#* Fisher-verestering&lt;br /&gt;
#* Beckmann-omslag. Je moet ook weten hoe H2O addeert. Hij vraagt hoe je aan een oximen kunt komen. &lt;br /&gt;
schriftelijk:&lt;br /&gt;
#IUPAC &lt;br /&gt;
#structuren&lt;br /&gt;
#*citroenzuur&lt;br /&gt;
#*ninhydrine&lt;br /&gt;
#structuur observeren&lt;br /&gt;
#* chirale C-atomen aanduiden&lt;br /&gt;
#* OG van aangeduid atoom geven&lt;br /&gt;
#* vermelden welke N in de molecule het stabielste is.&lt;br /&gt;
#* vermelden hoeveel stereo-isomeren er gevormd kunnen worden.&lt;br /&gt;
#* Ã©Ã©n stereomeer tekenen dat geen enantiomeer is.&lt;br /&gt;
#* oefening op pH-waarden binnen titraties. ( &#039;&#039;deze bij 200 mL als de molecule volledig geprotoneerd is&#039;&#039; )&lt;br /&gt;
#wat is &#039;&#039;fosforyleringspotentiaal&#039;&#039;? Leg uit.&lt;br /&gt;
#2 structuren gegeven. &lt;br /&gt;
#*Van elk de/het reactieproduct(en) geven en hiervan de juiste skeletnotatie. &lt;br /&gt;
#*Geef van Ã©Ã©n van de 2 tructuren het reactiemechanisme.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===16 juni 2014===&lt;br /&gt;
#Bespreek de reacties met alkenen (waterstof halogenen en perzuren)&lt;br /&gt;
#Iupac&lt;br /&gt;
#Bespreek reducerende suikers&lt;br /&gt;
#Peridoxalfosfaat en acetylcholine&lt;br /&gt;
#Stereochemie&lt;br /&gt;
#Reactiemechanismen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 augustus 2013===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Welke reactie kan D-mannose in een basisch milieu ondergaan?&lt;br /&gt;
# Leg de biosynthese van vetzuren uit.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC&lt;br /&gt;
# Structuren: tBOC en ninhydrine&lt;br /&gt;
# Fosforylerings-potentiaal&lt;br /&gt;
# Random oefening&lt;br /&gt;
# Reacties: Ester+Amide en Alcohol+Zuur&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===25 juni 2013 (namiddag)===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek de elektrofiele en nucleofiele substitutie bij benzeen en pyridine.&lt;br /&gt;
# Bespreek eliminatiereacties bij halogeenalkanen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC.&lt;br /&gt;
# Structuur van glucaarzuur en tosylchloride.&lt;br /&gt;
# Leg optische zuiverheid uit.&lt;br /&gt;
# Tryptofaan: chirale koolstoffen, alle stereo-isomeren tekenen in Fischer en Newman, R/S bepalen.&lt;br /&gt;
# Reacties: Nucleofiele substitutie halogeenalkaan en Fischer estersynthese.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===25 juni 2013 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
#decarboxylatie alpha-aminozuur en decarboxylatie alpha-ketocarbonzuur&lt;br /&gt;
# amine + halogeenalkaan/salpeterigzuur&lt;br /&gt;
# iupac&lt;br /&gt;
# structuur beta-maltose en geranylpyrofosfaat&lt;br /&gt;
# dean-stark&lt;br /&gt;
# molecule: chirale centra, R/S, enantiomere/diastereomere/epimeren/anomeren, oxidatie, welke OH zuurste?&lt;br /&gt;
# reactie aldehyd + OH/H2o, tetrahydropyraan met HI&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17 juni 2013 (namiddag)===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Leg de methoden uit om de volgorde van aminozuren in een peptide te achterhalen&lt;br /&gt;
# Leg uit: Halfacetaal- en acetaalvorming en pas toe op de vorming van beta-D-glucopyranose en methyl-beta-D-glucopyranoside&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# Leg biodiesel uit&lt;br /&gt;
# Geef de structuur van limoneen en citroenzuur&lt;br /&gt;
# IUPAC-naamgeving&lt;br /&gt;
# Molecule gegeven: &lt;br /&gt;
#* Geef alle chirale C-atomen + R/S nomenclatuur&lt;br /&gt;
#* Newman projectie geven van bepaalde as&lt;br /&gt;
#* Is de stikstof erin basisch (verklaar met substituenteffecten)&lt;br /&gt;
#* Teken een stereomeer die geen epimeer is&lt;br /&gt;
# Reacties waarvan 1 uitwerken:&lt;br /&gt;
#* Sn1 van een alkaan met een broom erin&lt;br /&gt;
#* Claisen condensatie van een ester&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17 juni 2013 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
#bespreek reactie alkenen met perzuren, halogenen en H2.&lt;br /&gt;
#bespreek decarboxylatie van carbonzuren, pas toe op vb uit citroenzuurcyclus&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
#bespreek: reducerend/niet reducerend suiker&lt;br /&gt;
#molecules tekenen: biotine en SAM&lt;br /&gt;
#iupac naam&lt;br /&gt;
#chirale C: OT, R of S aangeven, diasteromeren van een AZ en fisher+newman&lt;br /&gt;
#oefening met ph berekening met titratie&lt;br /&gt;
#uitleggen waarom pka van 1 lager is dan een ander AZ&lt;br /&gt;
#2 ractiemechanismen geven, Ã©Ã©n ervan uitschrijven&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 juni 2013 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# mutarotatie volledig uitleggen en illustreren voor D-fructose en D-glucose&lt;br /&gt;
# Joodgetal, verzepingsgetal, Hydrolyse en omestering (zuur en basisch) voor olie en vetten. (met TEKENINGEN van ELK mechanisme)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# fosforyleringspotentaal&lt;br /&gt;
# 2 mechanismes waarvan ge het mechanisme en het eindproduct moet geven en eentje moet ge tekenen (naar keuze).&lt;br /&gt;
# structuur gegeven: &lt;br /&gt;
#* geef alle chirale C-atomen &lt;br /&gt;
#* Stereo isomeren &lt;br /&gt;
#* R en S geven van de chirale C-atomen in de stereo isomeren &lt;br /&gt;
#* Zeggen of de dubbele bindingen E of Z zijn &lt;br /&gt;
#* bepaal oxidatiegetal van het aangeduide punt &lt;br /&gt;
#* verklaar waarom een stof hogere pka heeft als die gegeven is&lt;br /&gt;
# er is nog eentje maar die weet ik niet meer.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 13 juni 2013 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
Mondeling: &lt;br /&gt;
#synthese van peptiden in het labo&lt;br /&gt;
#de hydrolysereactie van esters en fosfaatesters&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
schriftelijk: &lt;br /&gt;
#iupac naam&lt;br /&gt;
#structuur van : cAMP en alpha keto glutaarzuur&lt;br /&gt;
#leg de Beckman omlegging uit&lt;br /&gt;
#suikers (ge krijgt een blad me alle suikers op) wij hadden xylulose&lt;br /&gt;
#* bepaal de absolute configuratie van alle chirale C-atomen&lt;br /&gt;
#*teken de meest stabiele open ketenvorm in een speciale projectie, kweet nimeer welke, volgens de C3-C4 as&lt;br /&gt;
#*bepaal het oxidatiegetal van C2&lt;br /&gt;
#*teken de overgang van L - xylulose naar L alpha xylulopentose&lt;br /&gt;
#*teken het anomeer van L alpha xylulopentose&lt;br /&gt;
#*welke soort reactie treed op bij een ringsluiting en welk soort katalysator bevordert dit proces&lt;br /&gt;
#dan nog twee reacties, waarvan ge een volledig moet uitwerken en van beide reacties moet ge het reactietype geven en reactieproduct(en)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 13 juni 2013 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
#bespreek de claisencondensatie en bespreek het verband met de afbraak van vetzuren&lt;br /&gt;
#beschrijf de biosynthese van geraniol en limoneen(monoterpenen)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
#Bespreek de regel van Huckel&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===15 juni 2012 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
Mondeling: &lt;br /&gt;
# Bespreek de biosynthese van monoterpenen: geraniol (molecule krijg je) en limoneen (structuur wel kennen)&lt;br /&gt;
# Bespreek de aldolcondensatie en geef het verband met de glycolyse&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk: &lt;br /&gt;
# IUPAC naam geven&lt;br /&gt;
# structuren van acetylcholine en citroenzuur&lt;br /&gt;
# uitleggen wat reducerende en niet reducerende suikers zijn&lt;br /&gt;
# oefening met molecule met fenolen enz aan: fisherprojecties geven van de isomeren en ook de R/S en newmanprojecties van de stabielste moleculen.&lt;br /&gt;
# reactiemechanismes aanvullen: nucleofiele additie van H2SO4 aan alkeen en zuurgekatalyseerde claisencondensatie&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 juni 2012 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# bespreek de nucleofiele reacties van carbonylgroep en additie met H20 en alcohol&lt;br /&gt;
# Bespreek ninhydrine reactie&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# ne iupac&lt;br /&gt;
# Limoneen en fosfoënolpyruvaat tekenen&lt;br /&gt;
# Bespreek optische zuiverheid&lt;br /&gt;
# oefening met suiker ( bij ons was die suiker L-tagatose dachtek) ma ge krijgt een blad om hem te herkennen (naam geven, fisher tekenen, R/S, een diastereomeer geven dat geen epimeer en geen anomeer is, + waarom suikercyclisatie zuur gekatalyseerd, en dan nog iets ma da wetek ni meer)&lt;br /&gt;
# 2 structuren ( 1 was zo cyclisch ether da met HI reageert )&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===30 juni 2011===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
#Labosynthese van peptiden&lt;br /&gt;
#Eliminatiereacties bij halogeenalkanen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
#IUPD-naam&lt;br /&gt;
#structuren:&lt;br /&gt;
#*Nylon-66&lt;br /&gt;
#*Palmitinezuur&lt;br /&gt;
#Leg uit: Dean Stark opstelling&lt;br /&gt;
#stereochemie&lt;br /&gt;
#reactiemechanismen&lt;br /&gt;
===24 Juni 2011 (namiddag)===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
#Ninhydrinereactie&lt;br /&gt;
#bespreek reacties van amiden met halogeenalkanen en salpeterigzuur&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
#IUPAC-naam&lt;br /&gt;
#Structuren:&lt;br /&gt;
#*c-AMP&lt;br /&gt;
#*Sorbitol&lt;br /&gt;
#Leg uit: Cannizzaro-reactie&lt;br /&gt;
#stereochemie&lt;br /&gt;
#2 reactiemechanismen&lt;br /&gt;
===24 Juni 2011 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
#Bio-synthese van vetzuren en het verband met de Claisencondensatie&lt;br /&gt;
#reacties van alkenen met waterstof, halogenen en perzuren.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
#IUPAC-naam&lt;br /&gt;
#structuren:&lt;br /&gt;
#*ATP&lt;br /&gt;
#*citroenzuur&lt;br /&gt;
#Leg uit: Diazokoppelingsreactie&lt;br /&gt;
#stereochemie&lt;br /&gt;
#2 reactiemechanismen&lt;br /&gt;
===16 Juni 2011===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
#Leg uit: acetaal- en halfacetaalvorming.&lt;br /&gt;
#Reacties van anorganische zuren met alkenen en alkynen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
#IUPAC-naam&lt;br /&gt;
#structuren:&lt;br /&gt;
#*limoneen&lt;br /&gt;
#*D-mannose&lt;br /&gt;
#leg uit: Kolbe-Schmitt reactie&lt;br /&gt;
#stereochemie&lt;br /&gt;
#2 reactiemechanismen&lt;br /&gt;
===23 augustus 2010===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Ninhydrinereactie&lt;br /&gt;
# Welke reacties kan D-fructose in base ondergaan?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam&lt;br /&gt;
# structuren:&lt;br /&gt;
#* Pyridoxalfosfaat&lt;br /&gt;
#* SAM&lt;br /&gt;
# leg uit: Biodiesel&lt;br /&gt;
# stereochemie&lt;br /&gt;
# twee reactiemechanismen:&lt;br /&gt;
#* keton met alcohol&lt;br /&gt;
#* amide in water (zuurgekatalyseerd)&lt;br /&gt;
===18 juni 2010===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Reactie van anorganische zuren met alkenen en alkynen.&lt;br /&gt;
# Alkylering, sulfonering en acylering van aromaten.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam&lt;br /&gt;
# structuren&lt;br /&gt;
#* (delta2)isopentenylpyrofosfaat&lt;br /&gt;
#* cellobiose&lt;br /&gt;
# leg uit: epoxyharsen en -lijmen&lt;br /&gt;
# stereochemie aminozuur met R = -CHOH-CH3&lt;br /&gt;
#* duid chirale koolstoffen aan&lt;br /&gt;
#* hoeveel conformaties zijn er? en teken deze&lt;br /&gt;
#* benoem (R,S)&lt;br /&gt;
#* welke zijn enantiomeren? diastereomeren?&lt;br /&gt;
#* bepaal het oxidatiegetal van de C-atomen&lt;br /&gt;
#* welk is het meest basisch en zeg waarom...&lt;br /&gt;
# twee reactiemechanismen waarvan 1 helemaal uitschrijven&lt;br /&gt;
===14 juni 2010===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Welke reacties gebeuren er met suikers in basisch milieu? (en dan bedoelt hij specifiek in basisch milieu)&lt;br /&gt;
# Bespreek de oxidatie van alcoholen in het labo met K2Cr2O7 en in de natuur met NAD+ en illustreer met een voorbeeld in de citroenzuurcyclus&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam&lt;br /&gt;
# structuren&lt;br /&gt;
#* Dansylchloride&lt;br /&gt;
#* Biotine&lt;br /&gt;
# leg uit: reactie van Chichibabin&lt;br /&gt;
# stereochemie&lt;br /&gt;
#* duid chirale koolstoffen aan&lt;br /&gt;
#* hoeveel conformaties zijn er? en teken deze&lt;br /&gt;
#* benoem (R,S)&lt;br /&gt;
#* welke zijn enantiomeren? diastereomeren?&lt;br /&gt;
#* is er een mesovorm?&lt;br /&gt;
#* welk is het meest basisch: CH3CH2COO- of CH3CH2C=-C- (driedubbele binding) en zeg waarom&lt;br /&gt;
# twee reactiemechanismen waarvan 1 helemaal uitschrijven&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===11 juni 2010===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Wat geven alkenen met &lt;br /&gt;
#* Anorganische zuren; &lt;br /&gt;
#* Perzuren (ook energieschema&#039;s kennen, effecten van concentraties enzo)&lt;br /&gt;
# Bespreek de biosynthese van vetzuren (Claisen-condensatiestap belangrijkst)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam&lt;br /&gt;
# structuren&lt;br /&gt;
#*SAM (S-adenosylmethionine)&lt;br /&gt;
#*PET&lt;br /&gt;
# Leg uit: Kolbe-Schmidt-reactie (aspirine dus)&lt;br /&gt;
# Stereo-chemie:&lt;br /&gt;
#* teken (beta)-L-gulopyranose (lineaire vorm gegeven)&lt;br /&gt;
#* teken gunstigste Newman-projectie volgens C2-C3-as&lt;br /&gt;
#* wat is de oxidatietrap van C6?&lt;br /&gt;
#* geef de anomeer en een epimeer van L-gulose&lt;br /&gt;
# 2 reactiemechanismen (1 uitschrijven)&lt;br /&gt;
#* oxidatie van een alcohol en aldehyde met K2Cr2O7, H2SO4, koud&lt;br /&gt;
#* Friedel-Crafts-acylering&lt;br /&gt;
-&lt;br /&gt;
===22 juni 2009 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek de aldolcondensatie. Bespreek ook de stap van de glycolyse die verband houdt met de aldolcondensatie.&lt;br /&gt;
# Bespreek de hydrolyse en omestering van vetten. Leg ook uit wat het verzepingsgetal en het joodgetal is.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam geven.&lt;br /&gt;
# Structuren:&lt;br /&gt;
#* dansylchloride&lt;br /&gt;
#* cellobiose&lt;br /&gt;
# Leg uit: De Beckmann-omlegging&lt;br /&gt;
# Je krijgt een molecule gegeven &lt;br /&gt;
#* Duid alle assymetrische koolstofatomen aan met een &amp;amp;quot;*&amp;amp;quot; en zeg of ze een R of S-configuratie hebben&lt;br /&gt;
#* Teken het enantiomeer en 2 epimeren&lt;br /&gt;
#* Van een N-atoom zeggen dat het basischer of zuurder is in vergelijking met ammoniak&lt;br /&gt;
#* 2 mesomeren vormen geven (buiten die van benzeenring)&lt;br /&gt;
# Twee reactiemechanismen (producten + soort reactie geven + Ã©Ã©n mechanisme helemaal uitschrijven)&lt;br /&gt;
#* tertair alcohol + zuurchloride&lt;br /&gt;
#* alkeen + zuur&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===19 juni 2009 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# bespreek de nucleofiele additie aan de carbonylgroep. Bespreek de factoren die de reactiviteit van aldehyden en ketonen beinvloed. geef de reactie met water en alcoholen&lt;br /&gt;
# bespreek de reactie van alkenen met waterstof, halogenen en perzuren&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam geven.&lt;br /&gt;
# Structuren:&lt;br /&gt;
#* maltose&lt;br /&gt;
#* fosfoënolpyruvaat&lt;br /&gt;
# Leg uit: epoxyharsen en -lijmen&lt;br /&gt;
# gegeven: aminozuur met zijgroep: R=CH2-SH&lt;br /&gt;
#* Hoeveel stereoisomeren bestaan er van dit molecule+ welk aminozuur is dit&lt;br /&gt;
#* geef de fischerprojectie en de Newmanprojectie( volgens C2-C3 as) van stabielste conformatie van elk stereoisomeer.Geef van elke chirale C of het R of S is.&lt;br /&gt;
#* titratie: je begint met 100ml van O,2M oplossing van aminozuur(volledig geprotoneerd) en je titreert met 0,2M NaOH.(Pk1=1,9 Pk2=10,7 Pkr=8,4&lt;br /&gt;
#*# bereken PH als je 150ml NaOH toegevoegd hebt&lt;br /&gt;
#*# Bereken PH als je 300ml NaOH toegevoegd hebt&lt;br /&gt;
#*# wat is(zijn) de voornaamste vorm(en) van het aminozuur bij PH=8,4&lt;br /&gt;
# reactiemechanismen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 juni 2009 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Leg de decarboxylering van carbonzuren uit en pas toe in een stap uit de citroenzuurcyclus&lt;br /&gt;
# Welke technieken ken je voor het bepalen van de aminozuurvolgorde in een peptideketen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam geven.&lt;br /&gt;
# Structuren:&lt;br /&gt;
#* Biotine&lt;br /&gt;
#* (delta)Â³ - isopentenylpyrofosfaat&lt;br /&gt;
# Leg uit: de reactie van chichibabin&lt;br /&gt;
# Cyclische L-suiker gegeven:&lt;br /&gt;
#* Geef de naam en de lineaire structuur. (lijst met ongekende suikers gegeven)&lt;br /&gt;
#* Bepaal van CÂ² of het R of S - configuratie heeft&lt;br /&gt;
#* Duidt niet-chirale C-atomen in lineaire en cyclische structuur aan&lt;br /&gt;
#* Hoeveel 1,3-diaxiale interacties zijn er?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 8 juni 2008===&lt;br /&gt;
# Leg uit: de reactie van een zuur met een alkeen/alkyn.&lt;br /&gt;
# Leg uit: de Claisen-condensatie en breng dit in verband met de biosynthese van lipiden/vetten.&lt;br /&gt;
# Teken de structuur van S-adenosyl-methionine en van sacharose.&lt;br /&gt;
# Leg uit: optische zuiverheid.&lt;br /&gt;
# Oefeningen:&lt;br /&gt;
#* Stereochemie, invloed van substituenten op de zuurtegraad etc. &lt;br /&gt;
#* Reactiemechanismen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 18 aug 2008 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Geef de biosynthese van monoterpenen voor de vorming van geraniol en limoneen.&lt;br /&gt;
# Bespreek sulfonering, alkylering en acylering aan aromaten.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# Structuren:&lt;br /&gt;
#* cyclisch AMP&lt;br /&gt;
#* Glucaarzuur&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 25 jun 2008 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek de hydrolyse, omestering, aminolyse en reductie van esters.&lt;br /&gt;
# Welke methoden ken je om de volgorde van aminozuren in peptiden te bepalen?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# Moleculen:&lt;br /&gt;
#* Nerylpyrofosfaat&lt;br /&gt;
#* Cellobiose&lt;br /&gt;
# Wat zijn epoxylijmen?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 25 jun 2008 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Licht toe wat acetalen en hemiacetalen zijn en pas dit toe op de vorming van beta-D-glucopyranose uit D-glucose en de vorming van methyl-beta-D-glucopyranoside.&lt;br /&gt;
# Bespreek de labosynthese van peptiden.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# Structuren:&lt;br /&gt;
#* Trans-decaline&lt;br /&gt;
#* Histamine&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 24 jun 2008 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek reactie alkenen met H2, halogenen en perzuren.&lt;br /&gt;
# Bespreek zure en base hydrolyse en omestering van vetten.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# Structuren: &lt;br /&gt;
#* ADP&lt;br /&gt;
#* Maltose&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 21 jun 2008 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek de eleminatiereacties bij halogeenalkanen.&lt;br /&gt;
# Bespreek de testreactie van ninhydrine.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# Geef de IUPAC-naam.&lt;br /&gt;
# Teken de volgende structuren:&lt;br /&gt;
#* Dansylchloride&lt;br /&gt;
#* Thymidine&lt;br /&gt;
# Bespreek nylon 66.&lt;br /&gt;
# Cyclisch suiker: &lt;br /&gt;
#* Geef de naam.&lt;br /&gt;
#* Welk is het zuurste proton ?&lt;br /&gt;
#* Geef de configuratie (R/S).&lt;br /&gt;
#* Fisher&lt;br /&gt;
#* Welke zijn de niet chirale C&#039;s ?&lt;br /&gt;
# Twee reactiemechanismen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 20 jun 2008 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek de additie van zuren op alkenen.&lt;br /&gt;
# Bespreek de biosynthese van vetzuren.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam geven.&lt;br /&gt;
# Geef de structuur van:&lt;br /&gt;
#* Geranylpyrofosfaat&lt;br /&gt;
#* Ninhydrine&lt;br /&gt;
# Bespreek de Beckmann omlegging.&lt;br /&gt;
# Aspartaam gegeven:&lt;br /&gt;
#* Welke zijn de verschillende stereoisomeren ?&lt;br /&gt;
#* Welke zijn de chirale koolstofatomen en duid aan of R/S zijn.&lt;br /&gt;
#* Schrijf de fisherprojectie van L-fenylalanine.&lt;br /&gt;
#* Vraag over elektroforese: aantonen waar fenylalanine en asparaginezuur zich bevinden.&lt;br /&gt;
# Twee reactiemechanismen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 9 jun 2008 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek de reactiemechanisme bij ketonen en aldehyden en vermeld hierbij de factoren die deze reacties beinvloeden. Geef een voorbeeld van additie van alcohol en additie van water.  &lt;br /&gt;
# Bespreek de isomerisatie van D-glucose oiv van een base en geef een vb in de glycolyse cyclus.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam&lt;br /&gt;
# Structuren:&lt;br /&gt;
#* Pyridoxalfosfaat&lt;br /&gt;
#* Tosylchloride&lt;br /&gt;
# Leg uit wat een kroonether is.&lt;br /&gt;
# Structuur asparagine gegeven:&lt;br /&gt;
#* Teken alle stereoisomeren (fisher en newman).&lt;br /&gt;
#* R/S configuratie&lt;br /&gt;
#* Waarom heeft de amine-groep in de structuur geen basische eigenschappen ?&lt;br /&gt;
#* Bereken het eerste equivalentiepunt en leg je methode uit.&lt;br /&gt;
# Twee reactiemechanismen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 19 jun 2007 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Nucleofiele additie aan de carbonylgroep bespreken/factoren reactiviteit/aantonen met additie van water en alcohol.&lt;br /&gt;
# Manieren om de AZ volgorde te bepalen uitleggen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC naam&lt;br /&gt;
# Structuren:&lt;br /&gt;
#* Pyridoxalfosfaat&lt;br /&gt;
#* Tosylchloride&lt;br /&gt;
# Leg Nylon 66 uit.&lt;br /&gt;
# Structuur Cysteïne gegeven:&lt;br /&gt;
#* Fisher&lt;br /&gt;
#* Newman&lt;br /&gt;
#* R-S&lt;br /&gt;
#* Enantiomeren...&lt;br /&gt;
#* Welk molecule &lt;br /&gt;
#* Welke vorm komt in de natuur het meeste voor ?&lt;br /&gt;
#* Welke is de mesovorm?&lt;br /&gt;
# Twee reactiemechanismen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 18 jun 2007 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Aminolyse/omestering/hydrolyse esters.&lt;br /&gt;
# Leg de decarboxylatie van carbonzuren uit en breng deze in verband met de Krebscyclus.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# Regel van Zaitsev kort bespreken.&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam&lt;br /&gt;
# Structuren: &lt;br /&gt;
#* Biotine&lt;br /&gt;
#* Cellobiose&lt;br /&gt;
# Suikers: &lt;br /&gt;
#* Open-ketenstructuur&lt;br /&gt;
#* R en S&lt;br /&gt;
#* Chirale atomen.&lt;br /&gt;
#* 1,3-diaxiale interactie&lt;br /&gt;
# Reacties: &lt;br /&gt;
#* Alkeen + HCl =&amp;amp;gt; ... &lt;br /&gt;
#* Oxidatie van een alcohol.&lt;br /&gt;
 &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 18 jun 2007 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# De additie van zuren aan alkenen.&lt;br /&gt;
# Mutarotatie uitleggen en illustreren met glucose.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam&lt;br /&gt;
# Structuren: &lt;br /&gt;
#* Acetylcholine &lt;br /&gt;
#* cAMP&lt;br /&gt;
# Omega-3 en omega-6 vetzuren uitleggen.&lt;br /&gt;
# Een bepaald aminozuur:&lt;br /&gt;
#* Fisher&lt;br /&gt;
#* Newman&lt;br /&gt;
#* pH-berekeningen&lt;br /&gt;
# Reacties: Reactieproducten en soort reactie geven en uitwerken voor een van de twee.&lt;br /&gt;
#* Carbonylgroep met H2 en Pt&lt;br /&gt;
#* 2 ketonen met OH-&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 jun 2007 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Eliminatiereacties uitleggen.&lt;br /&gt;
# Beta-oxidatie + claisencondensatie.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam (carbonzuurgroep keton, 2 dubbele binden, methyl, en alkynbinding)&lt;br /&gt;
# Een suiker omzetten naar een ringstructuur, epimeren aanduiden op bijhorende tabel.&lt;br /&gt;
# Biodiesel uitleggen&lt;br /&gt;
# Structuren:&lt;br /&gt;
#* Dansylchloride&lt;br /&gt;
#* Thymidine structuur geven&lt;br /&gt;
# Twee reactiemechanismen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 14 jun 2007 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek de aldolcondensatie van aldehyden en ketonen.&lt;br /&gt;
# Bespreek de reactie van waterstof/halogenen/perzuren aan alkenen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam.&lt;br /&gt;
# Structuren&lt;br /&gt;
#* Oliezuur&lt;br /&gt;
#* Adrenaline&lt;br /&gt;
# Leg kort uit: kroonethers.&lt;br /&gt;
# R-groep van lysine gegeven:&lt;br /&gt;
#* Stereoisomeren, R/S, L aanduiden.&lt;br /&gt;
#* Newman/fischer projecties.&lt;br /&gt;
#* Naam van het aminozuur.&lt;br /&gt;
#* Voorkomen bij pH 10 (welke vorm: geprotoneerd of niet?)&lt;br /&gt;
# Twee reacties: (je moet maar van 1 het hele mechanisme geven, ander gewoon zeggen welk type reactie en eindproduct)&lt;br /&gt;
#* Een keton reageert met HNO3 en H2SO4.&lt;br /&gt;
#* Reactie van tertiar alcohol met zuurchloride.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 28 aug 2006 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek peptidesynthese in het labo en vergelijk met die ter hoogte van de ribosomen.&lt;br /&gt;
# Bespreek additie van zuren aan alkenen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam.&lt;br /&gt;
# Structuurformule van adrenaline en gluconzuur.&lt;br /&gt;
# Bespreek optische zuiverheid.&lt;br /&gt;
# Gegeven: structuurformule threonine.&lt;br /&gt;
#* Aantal stereo-isomeren&lt;br /&gt;
#* De chirale C-en&lt;br /&gt;
#* Fisher- en newman-projectie van elk.&lt;br /&gt;
#* Duidt R/S aan.&lt;br /&gt;
#* Naam van aminozuur.&lt;br /&gt;
#* Bij pH = 7: naar welke pool migreert dit AZ (pk1 en pk2 gegeven) ?&lt;br /&gt;
# Beschrijven van reactie: 2 esters (dezelfde) boven de pijl (H3O+ en OC3H7), boven de 2e pijl (H3O+ en NaBH4).&lt;br /&gt;
 &lt;br /&gt;
=== 26 jun 2006 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Hemiacetaal en acetaal, pas toe op de vorming van beta-D-glucopyranosyl uit D glucose en de vorming van methyl - beta - D - glucopyranoside.&lt;br /&gt;
# Oxidatie, hydrolyse ( in zuur en in basisch milieu) en omestering van olie en vet.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam.&lt;br /&gt;
# Cystine en adipinezuur structuur geven.&lt;br /&gt;
# Regel van Zaitsev uitleggen en illustreren met een voorbeeld.&lt;br /&gt;
# Oefening met stereo-isomeren, Fischer, Newman en R en S configuratie.&lt;br /&gt;
# Furan + HNO3 + H2SO4 reactie geven.&lt;br /&gt;
#* Stoffen geven die ge aan furan moet toevoegen om een ethylgroep op positie 2 (alfa) te induceren.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 23 jun 2006 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek de laboratoriumsynthese van peptideverbindingen en vergelijk met de manier waarop aminzuren binden met ribosomen.&lt;br /&gt;
# Bespreek de reactie van alkenen met waterstof, halogenen en perzuren. &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam.&lt;br /&gt;
# Structuurformule van oliezuur en adrenaline.&lt;br /&gt;
# Bespreek cannizaro reacties.&lt;br /&gt;
# Structuurformule van een suiker:&lt;br /&gt;
#* Geef de fisherprojectie van de ringstructuur.&lt;br /&gt;
#* R-S van de C2 bepalen&lt;br /&gt;
#* Leidt de naam af.&lt;br /&gt;
#* Geef het aantal chirale C&#039;s in de haworth aan.&lt;br /&gt;
# Reactiemechanisme&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 23 jun 2006 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek de isomerisatie van D-glucose onder invloed van base en breng in verband met een stap uit de glycolyse (alleen deze stap opschrijven).&lt;br /&gt;
# Bespreek de afbraak van vetzuren en breng in verband met de Claisencondensatie.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam.&lt;br /&gt;
# Structuren:&lt;br /&gt;
#* Thymidine&lt;br /&gt;
#* Dansylchloride&lt;br /&gt;
# Verklaar kort het begrip &amp;amp;quot;optische zuiverheid&amp;amp;quot;.&lt;br /&gt;
# Een hepteen is gegeven:&lt;br /&gt;
#* Geef de verschillende stereovormen in Fisherprojectie.&lt;br /&gt;
#* Geef de Newman-projectie van het meest stabiele conformeer.&lt;br /&gt;
#* Noteer ook R- en S-conformatie.&lt;br /&gt;
# Reactie waarbij de producten, tussenstappen en mechanismen moeten worden aangevuld.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 21 jun 2006 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek de elektrofiele aromatische substitutie met als voorbeeld nitreerzuur, benzeen en gesubstitueerde benzeenderivaten.&lt;br /&gt;
# Bespreek hydrolyse, reductie, omestering en aminolyse van esters.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam.&lt;br /&gt;
# Structuren:&lt;br /&gt;
#* Sacharose &lt;br /&gt;
#* SAM&lt;br /&gt;
# Bespreek omega-3-vetzuren en omega-6-vetzuren.&lt;br /&gt;
# Gegeven: structuurformule arginine &lt;br /&gt;
#* Geef het aantal stereo-isomeren.&lt;br /&gt;
#* Duidt de cirale C&#039;s aan.&lt;br /&gt;
#* Fisher- en Newman-projectie van elk.&lt;br /&gt;
#* Duid R/S aan.&lt;br /&gt;
#* Geef de naam van het aminozuur.&lt;br /&gt;
#* Duid aan welke N het meest basisch is.&lt;br /&gt;
#* Welk stereo-isomeer is het L-aminozuur ?&lt;br /&gt;
# Beschrijven van reactie: 2 keer cyclopenteen met daaraan 2-hexanol (of pentanol ben het vergeten) keten op de pijl staat K2Cr2O7, H+ en koud, boven tweede pijl staat 1 OH- &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 20 jun 2006 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Bespreek de additie van zuren aan alkenen (geen carbonzuren bedoeld).&lt;br /&gt;
# Bespreek de biosynthese van vetzuren.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam.&lt;br /&gt;
# Structuren: &lt;br /&gt;
#* Kaneelzuur&lt;br /&gt;
#* Cellobiose&lt;br /&gt;
# 3-broom-4-cloorhexaan:&lt;br /&gt;
#* Stereo-isomeren: Fisher- en Newman-projectie.&lt;br /&gt;
#* R,S-configuratie&lt;br /&gt;
#* Diastereomeren/enantiomeren?&lt;br /&gt;
# Het reactietype en naam en mechanisme van benzeenring met OH aan, bij de pijl staan dibroom en ijzertribroom.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 13 jun 2006 ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# Aldolcondensatie + glycolyse stap die met aldolcondensatie te maken heeft. &lt;br /&gt;
# Geef de verschillende methoden om de volgorde van AZ in peptide te vinden. &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# IUPAC-naam.&lt;br /&gt;
# Structuren&lt;br /&gt;
#* Stearinezuur&lt;br /&gt;
#* Pyridine&lt;br /&gt;
# Leg uit: gauche en anti (bij alkanen).&lt;br /&gt;
# 2,3,4-hydroxybutanal:&lt;br /&gt;
#* Hoeveel stereoisomeren ?&lt;br /&gt;
#* Geef Fisher projectie en de Newmann projectie van de meest stabiele conformatie.&lt;br /&gt;
#* Geef R,S conformatie. &lt;br /&gt;
#* En zeg welke enantiomeren zijn, welke  diastereoisomeren zijn, mesovormen.&lt;br /&gt;
# Geef reactiemechanisme, reactieproduct (ook in skeletnotatie--&amp;amp;gt; reactieproduct) van:&lt;br /&gt;
#* Trans-1-fenyl-1-buteen met verdund zwavelzuur.&lt;/div&gt;</summary>
		<author><name>R0998693</name></author>
	</entry>
	<entry>
		<id>https://wiki.chemika.be/index.php?title=Celbiologie_en_biochemie&amp;diff=4140</id>
		<title>Celbiologie en biochemie</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.chemika.be/index.php?title=Celbiologie_en_biochemie&amp;diff=4140"/>
		<updated>2024-06-27T13:47:20Z</updated>

		<summary type="html">&lt;p&gt;R0998693: /* 26 juni 2024; examen op 36 punten */&lt;/p&gt;
&lt;hr /&gt;
&lt;div&gt;[[Categorie:Bachelor Chemie]]&lt;br /&gt;
[[Categorie:Bachelor Biochemie]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Vakinformatie==&lt;br /&gt;
Vanaf 2016-2017: Schriftelijk examen in plaats van mondeling examen zoals voordien.&lt;br /&gt;
Vanaf 2012-2013: Jaarvak voor zowel chemie als biochemie. Volledig gedoceerd door Patrick Van Dijck.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;2022-2023&#039;&#039;&lt;br /&gt;
* Aanpak vak&lt;br /&gt;
** Nog steeds Patrick Van Dijck&lt;br /&gt;
** Jaarvak dus best grote hoeveelheid, maar niet onrealistisch&lt;br /&gt;
* Kwaliteit cursus&lt;br /&gt;
** Boek is in de afgelopen 6 jaar (misschien langer) nog niet (of toch amper) veranderd (veel E.M. foto&#039;s in)&lt;br /&gt;
** Hier en daar extra info bij slides, maar als je het boek kent ben je er zeker wel door&lt;br /&gt;
* Examen-/TTT-vragen&lt;br /&gt;
** TTT-vragen lijken totaal niet op examenvragen, waren meerkeuze en eerder oppervlakkig&lt;br /&gt;
** Geen paniek als TTT slecht was, vak is zelfs haalbaar als je hier een nul op had&lt;br /&gt;
** Belangrijkste zaken om te leren naar mijn mening&lt;br /&gt;
*** Hoofdstuk 4!!! Vooral metabolische wegen oefening (10 van de 35 tot 40 punten), kan zeker helpen om bio-organische hiernaast te leggen, maar hij vraagt regelmatig ook wel iets van actief transport of regulatie dus ook de rest van hoofdstuk 4 is wel belangrijk, soms vraagt hij ook om een specifieke metabolische weg uit te tekenen&lt;br /&gt;
*** Structuren en tekeningen! Zijn vrij gemakkelijke punten om te krijgen&lt;br /&gt;
*** Patrick vraagt graag begrippen, ik vond persoonlijk dat je buiten voor de metabolische wegen niet al teveel inzicht nodig had hiervoor, maar het helpt natuurlijk wel&lt;br /&gt;
*** Boek &amp;gt;&amp;gt;&amp;gt; slides, probeer zeker 1 keer het boek echt volledig door te nemen&lt;br /&gt;
*** Schrijf echt elk detail op dat je denkt te weten, soms staan er echt op heel domme dingen al punten&lt;br /&gt;
** In geval van tijdsnood (maar probeer wel gewoon echt alles te leren! Ik neem de schuld niet op mij als hij er toch iets van vraagt :))&lt;br /&gt;
*** Hij vraagt zelden tot nooit iets over hoofdstuk 3 (zeker mitose en meiose kan hem niet heel veel schelen)&lt;br /&gt;
*** Practicumhandleiding leren is ook vrij overbodig, buiten ionenuitwisselingschromatografie (bij ons bijvoorbeeld een examenvraag) en SDS-page als ik me goed herinner, maar deze staan ook in het boek uitgelegd normaal&lt;br /&gt;
*** Niet teveel tijd steken in E.M. foto’s, je kan sowieso wel iets aanduiden, zie dat je weet hoe golgi-apparaat, mitochondriën, vacuole eruitzien en je hebt al wel iets van punten (staat meestal op 4 punten) en je kan eens kijken op de wiki welke soort cellen hij vaak vraagt, want zijn meestal wel dezelfde&lt;br /&gt;
*** Oude examenvragen beantwoorden heeft niet enorm veel nut, structuur is altijd gelijkend, maar de begrippen dat hij vraagt zijn eerder willekeurig &lt;br /&gt;
--&amp;gt; oude examenvragen hebben wel nut, vragen die terugkomen: fosfofructokinase, G proteine, p53, ionuitwisselingschromatografie, gram+ vs gram-&lt;br /&gt;
*** De extra informatie bij de vragen van 2023 zijn steeds de opmerkingen die de prof zelf online heeft gezet, op de wiki van bios vind je nog extra vragen met opmerkingen, handig om te bekijken en te weten wat er verwacht wordt&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen vanaf 2013==&lt;br /&gt;
=== 26 juni 2024; examen op 38 punten ===&lt;br /&gt;
#Leg uit en teken de secundaire structuur van een proteïne. - 6 punten&lt;br /&gt;
#Geef 2 manieren hoe je glyoxisomen kunt laten zien met een fluorescentiemicroscoop en leg ook uit hoe een fluorescentiemicroscoop werkt. - 6 punten&lt;br /&gt;
#Bespreek lysosomen. Geef hun functie en structuur. Wat is het verschil tussen een primaire en secundaire lysosoom? - 4 punten&lt;br /&gt;
#Hoe werkt de regulatie van de celcyclus en hoe zijn we tot deze inzichten gekomen? - 6 punten&lt;br /&gt;
#Hoeveel moleculen sucrose heb je nodig om 2 moleculen van het neutrale lipide tripalmitine te maken? Kost dit ATP aan de cel of wordt er ATP gemaakt. Schrijf alle nodige cycli uit, geef de finale reactievergelijking. - 10 punten (Oppassen want er moeten per tripalmitine, 3 palmitinezuren en 1 glycerol gemaakt worden) (metabolisme van glycerol staat niet in cursus staat wel in practicum + oefeningen boek)&lt;br /&gt;
#2 EM-foto’s - welke organellen herken je? Bespreek hun functie en opbouw. - 6 punten (Foto van Golgi-apparaat en Foto van delende plantencel)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 6 juni 2024; examen op 38 punten ===&lt;br /&gt;
# Koppel D-fructose met een beta-1,3-binding aan een D-ribose. Dit D-ribose is gekoppeld aan een een molecule alpha-D-lactose met een alpha-1,3-binding. Geef de structuur van dit oligosacharide - 5 punten&lt;br /&gt;
# Glycolipiden zijn een belangrijk onderdeel in het kernmembraan. Deze zijn verschillend bij dieren en micro-organismen. Wat zijn de verschillen tussen glycolipiden bij dieren in vergelijking met die bij micro-organismen? Teken de verschillende structuren waarbij galactose het suikergedeelte is, een keer voor een dierlijke cel en een keer voor een gistcel. Wat zijn de functies van deze glycolipiden? - 4 punten&lt;br /&gt;
# Hoe vijf gegeven peptiden scheiden aan de hand van anionuitwisselingschromatografie? Leg alle nodige stappen uit. Licht kort de principes toe. In welke volgorde verlaten deze glycolipiden de kolom, leg uit waarom? - 6 punten&lt;br /&gt;
# Hoe van fosfofructokinasegen tot functioneel fosfofructokinase-enzym? leg zeer uitgebreid uit - 6 punten. Hoe wordt de activiteit van fosfofructokinase geregeld - 4 punten?&lt;br /&gt;
# Hoeveel molecule stearinezuur heb je nodig om 9 moleculen ribose-5-fosfaat te maken ? Hoeveel ATP en reducerende vermogen wordt er gemaakt. Schrijf alle nodige cycli uit, geef de finale reactievergelijking. - 10 punten: Mogelijke oplossing: https://drive.google.com/file/d/1BDobKdLM21VeCpvPSOqtV1bZY6E_ZfiC/view?usp=sharing (via pdf-viewer betere zoom)&lt;br /&gt;
# EM-foto - 3 putnen (microtubuli: exacte foto https://cytochemistry.net/_Media/tub8a_med_hr.jpeg)&lt;br /&gt;
===21 augustus 2023===&lt;br /&gt;
# Bespreek de celwand bij planten. Geef de functie en opbouw. Teken de belangrijkste moleculen en bespreek in detail hoe deze met elkaar verbonden zijn. Bespreek de verschillende celwanden. &lt;br /&gt;
# Bespreek de 2 manieren waarmee men specifiek met fluorescentiemicroscopie peroxisomen kan bekijken. Leg ook uit hoe die fluorescentiemicroscopie zelf werkt. &lt;br /&gt;
# Bespreek ribosomen. Waar komen ze voor? Geef hun functie en opbouw. Wat is het verschil tussen de ribosomen van prokaryoten en eukaryoten? &lt;br /&gt;
# Hoeveel moleculen zuurstof komen er vrij uit de fotosynthese om 2 moleculen sucrose te maken? Je mag er vanuit gaan dat er voldoende ATP aanwezig is. In welke reactie komt deze zuurstof vrij, en hoe geraakt men uiteindelijk tot sucrose? &lt;br /&gt;
# 2 EM foto&#039;s: welke organellen herken je? (desmosoom en centriolenpaar) Bespreek hun functie en opbouw. &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 juni 2023===&lt;br /&gt;
# Wat is een glyoxisoom? welke reacties gebeuren er hier? Waar komen ze voor? (4 punten) &lt;br /&gt;
* Wat er zeker moet staan: Glyoxysomen: komen van het SER en een pathway enkel bij planten en schimmels, niet bij dieren. En nodig voor synthese, nl twee acetyl coA moleculen omzetten in barnsteenzuur. Je moest ook schrijven dat het acetyl coA komt van afbraak vetzuren of van groeien op C2 moleculen zoals acetaat of ethanol. En dat de barnsteenzuur verder in Krebs en gluconeogenese naar suikers kan gaan. Daarnaast moest je ook de cyclus tekenen.&lt;br /&gt;
# Wat is fosofructokinase? Wat zorgt ervoor dat dit enzym actief is en wat is de functie ervan? Leg de weg uit van het DNA tot het functionerende enzym op de juiste plaats in de cel. (8 punten) &lt;br /&gt;
*Fosfofructokinase: 1 punt voor waar het werkt en in welke metabolische weg, 1 punt voor de reactie die wordt gekatalyseerd, 1 punt voor het feit dat ATP als allosterische inhibitor werkt en 1 punt voor de verschillende substraten die ook de snelheid bepalen. Dan 2 punten voor overgang DNA naar mRNA (promoter-terminator, T wordt U, RNA polymerase die kopie van de matrijsstreng maakt, splicing, polyA en 5’ Cap, moest er geantwoord worden). Dan 2 punten voor translatie (het mRNA gaat uit de kern via poriën en gaat dan naar VRIJE ribosomen , kleine en grote subeenheid, bestaande uit rRNA en proteïnen die het mRNA aflezen en vanaf AUG de proteïnesynthese beginnen. Dit met behulp van tRNA dat in zijn structuur een anticodon heeft dat gaat binden met een codon op het mRNA (3 basen en geen basenparen daar mRNA enkelstrengig is) en dat het tRNA ook een aminozuur aanbrengt corresponderend met het codon op het mRNA.  Studenten die hebben geantwoord dat het mRNA naar ribosomen op het RER gaan kunnen maximum 4 op 8 hebben, als al de andere zaken correct zijn. Ik heb dit in de les gezegd dat ik dit ging vragen op het examen.  Fosfofructokinase werkt in het cytoplasma. Als het in een vesikel zit van ER of golgi kan het nooit meer in het cytoplasma geraken….&lt;br /&gt;
# Hoeveel L-glutaminezuur is er nodig voor de synthese van 6 molecule sucrose. Schrijf de nettoreactie uit en is er ATP winst of verlies? (meerdere mensen kwamen hier 24 moleculen en 168 ATP vrij bij uit) (10 punten) &lt;br /&gt;
* 24 glutaminezuur naar 6 sucrose. Structuur sucrose: 1 punt; anaplerotische reactie van glutaminezuur naar alfaketoglutaarzuur: 1,5 punten (als alles correct is inclusief NADH winst). Krebs tot oxaalazijnzuur (1,5 punten, idem); omgekeerde anaplerotische: oxaalazijnzuur naar fosfoenolpyrodruivenzuur (GTP mag je als ATP gebruiken) (1,5 punten), gluconeogenese van PEP tot glucose 6P en fructose 6P (met ATP en NADH kost per PEP) (1,5 punten). Dan glu6P naar gluc1P, naar gluc 1P + UTP naar UDPG, dan UDPG + Frc6P naar sucrose6P en dan naar sucrose (1,5 punten)&lt;br /&gt;
# Teken de algemene structuur van gram-positieve bacteriën en in detail hoe de elementen ervan met elkaar verbonden zijn. Leg uit hoe je deze bacteriën kan onderscheiden. (6 punten) &lt;br /&gt;
* Gram+ bacteriën hebben één dikke celwand bestaande uit mureïne of peptidoglycaan. Je moest hier dan ook de structuur tekenen van N-acetylglucosamine en N-acetylmuraminezuur, met een Beta 1,4 binding met elkaar verbonden. Op de OH van de C3 van N-acetylmuraminezuur (die naar boven staat) moet je dan een melkzuur tekenen met daaraan een tetrapeptide met onder andere D-aminozuren. Wat velen vergeten is dan dat deze tetrapeptiden ofwel met elkaar zijn verbonden dan wel dat er glycinebruggen zijn om die te verbinden, allemaal met covalente bindingen. De Gramkleuring stond op 2 van de 6 punten. Die had je als je kristalvioletjood oplossing had en safranine als roze tegenkleurstof. De Gram+ zijn dan paars, de Gram- zijn dan roze.&lt;br /&gt;
# 2 E.M. foto&#039;s (delende plantencel en golgi-complex met vesikels) (4 punten)&lt;br /&gt;
# 5 peptiden gekregen, welke scheidingstechniek kan je hiervoor gebruiken? Leg deze in detail uit en verklaar in welke volgorde ze van de kolom komen. (6 punten) &lt;br /&gt;
* Scheiden van de vijf peptiden. Hier had je 3 punten op het principe van de scheiding en 3 op het juist antwoord op de vraag. Je moet hier scheiden via ionenuitwisselingschromatografie daar de 5 peptiden elke een ander isoelectrisch punt hebben. Dit kan je simpel bepalen door het aantal zure en aantal basische aminozuren te tellen. Bij principe moest er zeker bij staan dat je eerst de pH laag brengt zodat ze allemaal positief geladen zijn als je met een kationenuitwisselaar werkt en dan geleidelijk de pH doet stijgen zodat ze één voor één van de kolom komen. Voor anionenuitwisselaar het omgekeerde.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===12 juni 2023===&lt;br /&gt;
# Teken het trisacharide: D-galactose met een 1,3 binding aan D-ribose met een 1,3 binding aan D-fructose (5) &lt;br /&gt;
* Per binding die fout is of per fout in een monosaccharide is het een punt aftrek&lt;br /&gt;
# Teken fosfatidylethanolamine, wat zijn de functies en voorkomen? (4) &lt;br /&gt;
* Phosphatidyl ethanolamine en functie/eigenschappen fosfolipide: Geen correcte esterbinding of grote fouten aan het molecule: max 1 op 4. Kleine fouten op de structuur: een half of één punt aftrek. Het overblijvende punt voor fosfolipidendubbellaag (vb membraan) en enkellaag (vb lipidendruppel) en dat het een chemische barrière vormt.&lt;br /&gt;
# Gegeven een stuk DNA van 5&#039; tot 3&#039;: wat is de aminozuursequentie van het proteïnen en welke stappen gebeuren hierbij? (5) &lt;br /&gt;
* Deze vraag heb ik tijdens de lessen op het bord getekend. Ik heb toen duidelijk gezegd dat als je DNA ziet staan, teken onmiddellijk de andere strand. Als je dat had gedaan zou je zien dat er in die andere strand een startcodon zit gevolgd door verschillende aminozuren. In de vraag staat in bold dat er een proteïne wordt gevormd, dus enkel methionine (dat werd gevolgd door een stopcodon) is uiteraard geen proteïne. Als je dit stuk correct had heb je 2,5 of 3 op 5 (2,5 als de beschrijving compleet fout is). Om 5 op 5 te hebben had ik de volgende termen moeten zien: Bij transcriptie: promoter-terminator, RNA polymerase, copij van de matrijsstreng, dus identiek aan coderende strand, maar dan T door U vervangen, splicing, 5’Cap, 3’ poly A staart en dan via kernporiën. Bij translatie: mRNA komt toe op de ribosomen (veel studenten antwoorden hier op het RER, dat kan, maar dat is niet noodzakelijk), die uit rRNA en proteïnen bestaan en tRNA met zijn anticodon brengt de juiste aminozuren aan die dan het proteïne gaan vormen&lt;br /&gt;
# bespreek de structuur en functie van het golgi-apparaat (4) &lt;br /&gt;
* Golgi apparaat: afgeplatte membraanzakken, cisternen, waar vesikels van RER toekomen aan cis kant en waar vesikels vertrekken aan de trans kant als primaire lysosomen, of als secretievesikels met materiaal voor buiten de cel.  Dit geeft 2 van de vier punten. Wat gebeurt er in het golgi: suikers die op de eiwitten staan uit RER worden grotendeels verwijderd en elk eiwit krijgt zijn specifieke glycosylatie (heel veel studenten spreken weeral over glycolysatie, wat uiteraard niet ok is, zeker 5 keer in de les gezegd! Glycosylatie kan op O of N zijn&lt;br /&gt;
# Wat is de functie van een G-proteïne? (4) &lt;br /&gt;
* G proteïnen: belangrijk bij signaaltransductie in de cel (1 punt). Zijn proteïnen die met GDP zijn gebonden en dan inactief en bij activatie wordt GDP door GTP (wat in overmaat in de cel aanwezig is) vervangen (en niet zoals studenten antwoorden dat GDP naar GTP wordt omgezet). Het G proteïne heeft dan een eigen GTPase activiteit die zorgt dat GTP wordt omgezet naar GDP en het proteïne is terug inactief. Het is dus een on-off schakelaar.&lt;br /&gt;
# Hoeveel ribose-5-p heb je nodig om 14 alanine te maken? -welke wegen, reactievergelijking  en NADH en atp balans (10) &lt;br /&gt;
* Hier heb je dus al 14 pyrodruivenzuur nodig bij de transaminatiereactie maar je hebt er nog twee extra nodig om eerste keer glutaminezuur te maken (cellen hebben geen reserve). Dus eentje voor acetyl coA en eentje voor oxaalazijnzuur (anaplerotisch). Hiermee kan je alfa keto maken en hiervan kan je glutaminezuur maken. Het alfa keto recupereer je dan telkens bij de transaminatie reacties. Om 16 pyrodruivenzuur te maken heb je 12 ribose5P nodig. Met 9 kan je er 15 maken, maar je hebt er dus 16 nodig. Hier zijn er punten gegeven a rato van welke pathways die relevant zijn heb je opgeschreven.&lt;br /&gt;
# Drie organellen aanduiden en hun functie bespreken. (lipidedruppels, glyoxisoom (?) en mitochondrion, de foto stond in de cursus) (4)&lt;br /&gt;
* Dit was een foto uit de cursus!!!. Vetdruppels (neutrale lipidenreserve) en mitochondriën (beta oxidatie, Krebs cyclus; Az biosynthese; electronentransport keten) gaf 2 punten. Cruciale hier waren de glycoxysomen met omzetten van 2 acetyl coA naar barnsteenzuur). Dit gaf nog twee punten.)&lt;br /&gt;
--&amp;gt; examen stond op 36punten&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 juni 2022===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# Lactose in alfa vorm tekenen. (6 ptn)&lt;br /&gt;
#* Waar in de natuur komt het voor?&lt;br /&gt;
#* Welk enzyme hydrolyseert het?&lt;br /&gt;
#* Geef de belangrijkste verschillen tussen lactose en trehalose.&lt;br /&gt;
#* Opmerking: De alfa slaat hier natuurlijk op de glucose (die nog kan open gaan) maar de binding tussen de galactose en de glucose is een beta binding. Geen correcte structuur is -2, geen enzyme is -1, geen plaats van voorkomen is -1. Grootste verschil met trehalose is dat dat een niet reducerend suiker is met de glucose alfa,alfa, 1, 1 gebonden. Waar het voorkomt is ook verschillend. &lt;br /&gt;
# Tertiaire structuur proteïnen: Leg uit + maak tekening. Aan welke externe factoren is het gevoelig? (6 ptn)&lt;br /&gt;
#* Opmerking: Veel fouten hier is dat studenten de secundaire structuur beschrijven. Er moet zeker staan: H bruggen tussen az en met omgeving, S-S bruggen (sommige studenten zetten maar één S, dat kan natuurlijk niet), hydrofobe interacties + VanderWaals, ionische interacties en algemene structuur, hydofobe binnen een polaire aan buitenkant. Bij externe omstandigheden dikwijls ok geantwoord, maar niet de reden waarom een eiwit dan stuk gaat. Bvb extreme pH. Waarom? (omdat dan de ionische interacties verstoord worden daar of alle COO- COOH worden en een eiwit dus positief geladen wordt. Hitte, detergenten (SDS), solventen, … &lt;br /&gt;
# Peroxisomen en glyoxisomen: Oorsprong en functie? Welke metabolische wegen gebeuren hier? In welke organismen komen ze voor? (6 ptn)&lt;br /&gt;
#* Opmerking: Komen van SER, en de vraag was welke metabolische reacties er plaatsvinden. Hier hadden die reacties opgeschreven moeten worden. Veel studenten antwoorden dat het doel is om H2O2 af te breken.  Neen, doel is om toxische stoffen af te breken met behulp van zuurstof en bij die afbraakreacties komt H2O2 vrij die enerzijds andere toxische stoffen kan neutraliseren, maar dan is er ook Katalase om H2O2 zelf ook af te breken, daar dit toxisch is Dit geeft de typische kristallen. Heel veel studenten antwoorden dat in glyoxysomen vetzuren worden omgezet in suikers. Dat is natuurlijk fout. De reactie in de glyoxysomen is om twee acetyl-coA om te zetten tot barnsteenzuur. En dieren hebben dat niet. &lt;br /&gt;
# Geef alle stappen die nodig zijn om een proteïnemengsel te kunnen scheiden met een kationuitwisselaar. Hoe kan kationuitwisselingschromatografie worden gebruikt om de 5 (gegeven) decapeptiden te scheiden? In welke volgorde elueren ze? (6 ptn)&lt;br /&gt;
#* Opmerking: Hier moet je weten hoe zo een kolom werkt en welke aminozuren er zuur zijn en welke basisch daar die het IEP gaan bepalen. Wat er zeker had moeten staan is dat initieel je de pH laag moet brengen zodat alle peptiden blijven hangen en dan geleidelijk de pH verhogen of de zoutconcentratie verhogen, daar ze er dan één voor één afkomen. &lt;br /&gt;
# Hoeveel moleculen sucrose nodig voor omzetting in 3 moleculen stearinezuur? Hoeveel ATP komt er vrij bij het verademen van de restproducten? (10 ptn)&lt;br /&gt;
#* Teken sucrose. Door welk enzym wordt het gehydrolyseerd? Wat zijn de hydrolyseproducten?&lt;br /&gt;
#* Welke metabolische wegen worden doorlopen? (gegeven dat het er 5 zijn, gewoon de namen van de wegen geven)&lt;br /&gt;
#* Teken de volledige metabolische reacties en schrijf de uiteindelijke reactievergelijking.&lt;br /&gt;
#* Hoeveel ATP-moleculen kunnen er gewonnen worden uit de gevormde producten die niet gebruikt werden voor de vorming van de vetzuren?&lt;br /&gt;
#* Opmerking: Sommige studenten vertrekken van stearinezuur om sucrose te maken?? Vraag goed lezen. Hier moet je dus via de pentosefosfaatweg gaan om voldoende NADPH te maken. Sommige studenten doen dat, maar gaan dan ook nog eens langs de volle glycolyse om de acetyl coA te maken maar als je de PPP doorloopt kom je ook terug uit bij pyrodruivenzuur/actyl coA. Van acetyl CoA dan naar stearinezuur, maar uiteraard de ATP verbruikende reactie om malonyl CoA te maken en per stap twee NADPH. In de oefensessie hebben jullie een gelijkaardige oefening gemaakt en was het ok om via de PPP pathway te gaan om voldoende pyrodruivenzuur te bekomen (maar een tekort aan NADPH). Studenten die dat gevolgd hebben was ook ok. &lt;br /&gt;
# Twee EM foto&#039;s: Welke celtypes zijn afgebeeld? (spiercel en delende plantencel) Benoem alle onderdelen + hun functie. (4 ptn)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=&amp;gt; examen op 38 ptn&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===13 juni 2021===&lt;br /&gt;
#Teken een oligosaccharide dat D-galactose met een alfa-1,6 binding gebonden is aan een D-fructose (furanose-vorm) die vervolgens met een alfa-1,4 binding gebonden is aan beta-D-ribose.&lt;br /&gt;
#Beschrijf (en teken eventueel) volgende woorden: Desmosoom, apoptosoom, beta-vouwbladstructuur, Gs-proteine en snelheidscentrifuge.&lt;br /&gt;
#Wat is SDS PAGE, wat kan men ermee onderzoeken, hoe werkt het en wat is het verschil met Native PAGE.&lt;br /&gt;
#Beschrijf en teken de vetzuursynthese van stearinezuur.&lt;br /&gt;
#Hoeveel moleculen ribose-5-fosfaat kan een gistcel maken uitgaande van 10 moleculen glutaminezuur bij een tekort aan aminozuren, wat is de totale ATP en coenzym verhouding. Geef de reactievergelijking, Neem de weg met de minste CO2 productie.&lt;br /&gt;
#Twee foto&#039;s. Alle onderdelen benoemen en de functies van deze onderdelen beschrijven. oa de kristalstructuren, R.E.R, ribosomen, celkern, Golgi apparaat.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 juni 2020===&lt;br /&gt;
#Teken de microtubuli van het cytoskelet en leg uit waarom het zo belangrijk is voor de deling van cellen. Wat zijn andere structuren van de cel waar microtubuli in voorkomen&lt;br /&gt;
#Teken Gram+-bacterie en Gram--bacterie en teken de celwand (mureïne). Leg het effect van peniciline uit op de celwand en waarom het geen effect heeft op ons&lt;br /&gt;
#Leg verschil uit tussen Instrinsieke en Extrinsieke signaalwegen. Waarom is apoptose zo belangrijk?&lt;br /&gt;
#Hoe kan men zonder de cel te denatureren de verschillende celonderdelen scheiden?&lt;br /&gt;
#Een gistcel maakt uit 4 moleculen stearinezuur, glucose-6-fosfaat. Hoeveel kan het er maken en hoeveel ATP blijft er over (Vetzuurafbraak, Gluconeogenese, Krebs-cyclus en Anaplerotische reacties)&lt;br /&gt;
#2 prentjes&lt;br /&gt;
#*Kristallen&lt;br /&gt;
#*Ribosomen&lt;br /&gt;
#*Nog dingen maar ik ben onzeker&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===7 juni 2020===&lt;br /&gt;
#teken gedetailleerd een alfa helix structuur en de binding, welk proteïne heeft vooral alfa helix structuren?&lt;br /&gt;
#trehalose en amylopectine tekenen, welke binding?&lt;br /&gt;
#geef functie van, een teken eventueel: mesosoom, protoplast, mycoplasma, chromomeer, middenlichaampje&lt;br /&gt;
#leg uit: actief transport&lt;br /&gt;
#hoe kun je een plasmamembraan goed zichtbaar maken onder een fluorescentiemicroscoop?&lt;br /&gt;
#hoeveel ATP verkrijg je bij het volledig verademen van 10 moleculen glycerol? (antwoord: 220 ATP)&lt;br /&gt;
#duidt structuren aan op foto&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===19 augustus 2019===&lt;br /&gt;
# Amylopectine is een belangrijk deel van zetmeel. Teken de structuur en alle atomen. Waar verschilt dit moleculen met glycogeen? &lt;br /&gt;
# Hoe wordt p53 geactiveerd? Wat heeft dit als resultaat? Wat is het gevolg indien het slecht functioneert? &lt;br /&gt;
# Hoe kan ionenuitwisselings chromatografie worden gebruikt om de 5 (gegeven) decapeptiden te scheiden. Welke elueert het eerst? &lt;br /&gt;
# Welke soort juncties zijn er? Teken en leg ze uit? &lt;br /&gt;
# Gistcellen kunnen groeien op een ethanol bodem. Hoeveel moleculen heeft een gistcel nodig om 12 moleculen ribose-5-P te maken. Hoeveel energiewinst is er? Geef alle stappen.&lt;br /&gt;
# 3 prenten:&lt;br /&gt;
## Ben ik vergeten&lt;br /&gt;
## Kliercel: benoem alle delen in de cel en geef hun functie. &lt;br /&gt;
## 2 Virussen(1 was Tabaksmozaïekvirus): wat is hun structuur en wat zijn het?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===26 juni 2019===&lt;br /&gt;
#leg gedetailleerd uit wat actief transport is&lt;br /&gt;
#geef de structuur van microtubuli, waarom zijn deze microtubuli belangrijk bij delende plantencellen? geef de structuur van flagellen bij eukaryote cellen en hoe zorgen deze voor beweging&lt;br /&gt;
#wat is Km?&lt;br /&gt;
#wat is een proplastide?&lt;br /&gt;
#wat is confocale fluorescentiemicroscopie en hoe kan deze gebruikt worden om een celmembraam te bekijken?&lt;br /&gt;
#hoeveel glycerol heb je nodig voor opbouw van 6 moleculen palmitinezuur? kan dit ook in anaerobe omstandigheden?&lt;br /&gt;
# 2 foto&#039;s, geef alle structuren die je ziet + functie &lt;br /&gt;
## 1 foto van kristallen in een kern&lt;br /&gt;
## 1 foto van mucusvesikels die uit een darmepitheelcel komen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===18 juni 2019===&lt;br /&gt;
#Wat is de moleculaire structuur van een celwand van een bacterie? Wat is het verschil tussen een gram+ en een gram- bacterie? Hoe heeft dit effect met penicilline? Waarom gebeurt dit niet bij de mens? &lt;br /&gt;
#Hoe kan men een enzym isoleren en scheiden uit een dierlijke cel? &lt;br /&gt;
#Wat is covalente modificatie? Geef twee voorbeelden, een waarbij het enzym vertraagt en een waarbij het enzym versnelt. &lt;br /&gt;
#Hoeveel ATP geeft de afbraak van tripalmitine? Hoeveel tripalmitine moet er worden afgebroken om 10 moleculen glucose te maken in een dierlijke cel? &lt;br /&gt;
#Twee EM-foto&#039;s bespreken en vijf termen uitleggen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===27 juni 2018===&lt;br /&gt;
#Biosynthese van palmitinezuur geven (met structuren) en zeggen waar deze plaatsvindt.&lt;br /&gt;
#Teken een spiercel en benoem de elementen. Leg verder ook mbv tekeningen uit hoe een spiercel werkt.&lt;br /&gt;
#5 begrippen uitleggen/tekenen: mesosoom, operon, guanine, blefaroplast en mycoplasma.&lt;br /&gt;
#Leg uit hoe je mbv affiniteitschromatografie zuiver hexokinase uit een levercel kan scheiden. Zijn er nog andere technieken om zuiver hexokinase te krijgen, zo ja leg deze dan uit.&lt;br /&gt;
#Hoeveel moleculen glycerol zijn er nodig om 10 moleculen alanine te vormen. Geef de metabolische wegen in de juiste volgorde en geef de volledige synthese (inclusief structuren). Er is genoeg ammonium aanwezig maar geen oxaalazijnzuur.&lt;br /&gt;
#Van 2 E.M foto&#039;s de structuren en hun functies benoemen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===19 juni 2018===&lt;br /&gt;
#Gluconeogenese geven/uitleggen&lt;br /&gt;
#Welke aminozuren kunnen gefosforiliseerd worden, en welke geglycosyleerd. Teken een gefosforiliseerd aminozuur.&lt;br /&gt;
#Confocale fluoricentiemicroscoop uitleggen en tekenen. Hoe kan dit gebruikt worden om het plasmamembraan te tonen.&lt;br /&gt;
#BBegrippen: p53, desmosoom, N-acetylmureinezuur, cysteine, chiasma.&lt;br /&gt;
#Hoeveel mol tripalmitinezuur heb je nodig voor 15 mol ribose?&lt;br /&gt;
#EM foto van glycocalyx met slijmbekercel en foto met peroxisoom.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===30 augustus 2017===&lt;br /&gt;
#Ionenuitwisselingschromatografie uitleggen&lt;br /&gt;
#Een stuk DNA tekenen&lt;br /&gt;
#De verschillende juncties tussen cellen uitleggen&lt;br /&gt;
#Biosynthese en afbraak van vetten tekenen en uitleggen&lt;br /&gt;
#Hoeveel moleculen glutaminezuur heb je nodig om 6 moleculen ribose-5-P te maken&lt;br /&gt;
#Fotos van cellen: spiercel en plantencel&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 augustus 2017===&lt;br /&gt;
#Koppel een fructosemolecule aan een galactose en deze aan een glucose op bepaalde manier (alpha,beta)&lt;br /&gt;
#Confocale fluorescentiemicroscopie&lt;br /&gt;
#Leg volgende termen uit: operon, plaques, cyclines, mesosoom, cystine&lt;br /&gt;
#Bespreek de lichtreacties (voorkomen, welke reacties gebeuren,...)&lt;br /&gt;
#Hoeveel sucrosemoleculen heb je nodig om 10 moleculen alanine te maken?&lt;br /&gt;
#2 E.M. foto&#039;s, de ene was een spiercel (actine en myosine), de andere weet ik niet zeker&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 juni 2017===&lt;br /&gt;
#Maak een (erg gedetailleerde) tekening van de secretieweg van DNA tot enzyme, voor een enzyme dat als functie heeft de celwand opbouwen. Leg hierbij alle belangrijke stappen uit.&lt;br /&gt;
#Actief transport bij bacteriën, schimmels en dieren uitleggen, met glucose als voorbeeld&lt;br /&gt;
#Je wil 6 proteïnen scheiden door een anionuitwisselingschromatografie uit te voeren, welke stappen zijn hierbij? Maak ook een tekening&lt;br /&gt;
#Hoeveel glycerol heb je nodig ter vorming van 4 moleculen tripalmitine? Hoeveel ATP is er over na volledige verademing van uw restproducten en reducerend vermogen? Geef op volgorde alle metabolische wegen die hierbij gebruikt werden. Geef schematisch alle stappen die doorlopen worden bij de vorming van tripalmitine uit glycerol, en geef de netto reactievergelijking (inclusief ATP).&lt;br /&gt;
#2 foto&#039;s aanduiden alles dat je herkent en de functie ervan geven, was een slijmbekercel en een heel erge close up van een plantencel&lt;br /&gt;
#5 termen verklaren: apoptosoom, DNA primase, N-acetylglucosamine, proplastide en Km&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 juni 2016===&lt;br /&gt;
#cytokinese dier &amp;amp; plant&lt;br /&gt;
#donkerracties en verschil C3,C4 en CAM &lt;br /&gt;
#adrenaline&lt;br /&gt;
#vriesbreuk en vriezers&lt;br /&gt;
#ato berekenen in cyclus&lt;br /&gt;
#fotokes van vet en golgi app&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 juni 2016 ===&lt;br /&gt;
#bespreek celwand van bacterien en schimmels op vlak van structuur, functie en chemische samenstelling&lt;br /&gt;
#inductie en repressie uitleggen adhv lac-operon en trp-operon&lt;br /&gt;
#oef: hoeveel mol ribose-5-P kan je maken uit glutaminezuur? bereken hoeveel ATP je over hebt en schrijf de volledige cycli uit (antwoord 3 mol ribose-5-P) &lt;br /&gt;
#fotos over juncties en chloroplast&lt;br /&gt;
#gelfiltratie uitleggen + hoe daaruit molecuulgewicht proteinen bepalen&lt;br /&gt;
#structuur en werking van een spiercel uitleggen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 juni 2016 ===&lt;br /&gt;
#bespreek celwand van schimmels en bacterie (moleculair, structuur, functie)&lt;br /&gt;
#bespreek gelfiltratie + hoe kan men de moleculaire massa berekenen van een proteine&lt;br /&gt;
#bespreek de spiercel (werking, structuur)&lt;br /&gt;
#Bespreek genrepressie en geninductie aan de hand van beta galactosidase en tryptofaan&lt;br /&gt;
#metabolisme: hoeveel ribulose 5 fosfaat uit 5 glutaminezuur (geef namen gebruikte wegen + theoretische ATP opbrengst)&lt;br /&gt;
#Structuren desmosoom/dichte junctie en chloroplas&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 juni 2016===&lt;br /&gt;
#bespreek de onderzoeken naar de regulatie van de celcyclus (MPF enzo...). Wat kan er misgaan wanneer de regulatie niet goed verloopt? (tumor, p53, oncogenen).. &lt;br /&gt;
#Bespreek oorsprong structuur en functie van glyoxisomen en peroxisomen (bijvraag: waar vind je vb glyoxisomen: noten,zaden) &lt;br /&gt;
# kationuitwisselingschromatografie uitleggen +methode om 4 peptiden te scheiden hiermee uitleggen&lt;br /&gt;
# bespreek: Gs proteine (algemeen, niet adrenaline), Km(enzyme),Prion&lt;br /&gt;
# Hoeveel ATP moeten de lichtreacties maken voor de synthese van 6 mol sucrose via donkerrracties (UDPG niet vergeten)&lt;br /&gt;
# 2 fotos: chloroplast, 10 structuren aanduiden, darmepitheelcel met glycocalix en veel mucus blijkbaar geen lysosomen dus&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===13 juni 2016 NM===&lt;br /&gt;
#bespreek microtubuli en de structuren aan die in de cel voorkomen.&lt;br /&gt;
# Welk peptide wordt er gevormd (DNA gegeven)&lt;br /&gt;
# waaruit bestaat een spiercel en bespreek de werking ervan&lt;br /&gt;
# Bespreek de calvin-cyclus. Wat zijn de inputs en wat zijn de outputs? &lt;br /&gt;
#Hoeveel moleculen glycerol hebt je nodig om 9 moleculen ribose-5- fosfaat te maken? ( pentosefosfaat weg omkeren)&lt;br /&gt;
#em foto&#039;s &lt;br /&gt;
#*was een plantencel blaasjes golgi-apparaat aant afzetten was op de fragmoplast&lt;br /&gt;
#*De tweede foto was een slijmbekercel&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===13 juni 2016 VM===&lt;br /&gt;
# Structuur glycogeen? Biosynthese er van en afbraak ervan? (Moest blijkbaar adrenaline bij betrekken)&lt;br /&gt;
# aminozuren uitleggen en de structuur van proteine&lt;br /&gt;
#structuur en functie van de celwand bij bacteriën&lt;br /&gt;
#de stappen nodig om een zuivere fractie van polysomen te verkrijgen. Das zo met differentiële centrifugatie &lt;br /&gt;
# hoeveel mol ethanol nodig om 6 mol ribos-6-fosfaat te vormen. &lt;br /&gt;
# 2 foto&#039;s ene was met peroxisoom (kristal in), mitochondrie en chloroplast. 2e was ook vormen van fragmoplast&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 23 juni 2015 VM ===&lt;br /&gt;
# Bespreek de lichtreacties&lt;br /&gt;
# Belangrijkste cel differentiaties bij Planten.&lt;br /&gt;
# Hoe kan men cellen in een oplossing tellen? Hoe gebeurd dit bij bacteriofagen?&lt;br /&gt;
#Teken en bespreek de structuur en functie van de glycocalix bij dieren&lt;br /&gt;
#hoeveel maltose moleculen zijn er nodig bij de synthese van alanine in een cel met een tekort aan energie&lt;br /&gt;
# 2 foto&#039;s: een prokaryoot en een spiercel&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 24 juni 2015 VM ===&lt;br /&gt;
# Bespreek de enkelvoudige en meervoudige suikers en teken de belangrijkste.&lt;br /&gt;
# apoptose&lt;br /&gt;
# Penicilline en chloramfenicol &lt;br /&gt;
# Opbouw en afbraak van vetten&lt;br /&gt;
# 2 foto&#039;s eentje van een floeemcel de andere van een vetdruppels met glyoxisomen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 23 juni 2015 VM ===&lt;br /&gt;
# Geef alle soorten lipiden, uitleg, tekening&lt;br /&gt;
# wat is een sarcomeer en leg werking uit,&lt;br /&gt;
# vier woorden: microsoom, beta-mercapto-ethanol, tonofilamenten en dna primase, &lt;br /&gt;
# Geef heel calvincyclus&lt;br /&gt;
# Oefening met al die metabolisme en ATP enzo. Iets mat stearinezuur afbreken tot pyrodruivenzuur ofzo tongue-emoticon&lt;br /&gt;
# 2 fotos : celkern met kristallen en dan blijkbaar een zeefvat&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 22 juni 2015 NM ===&lt;br /&gt;
# Alles van de plantencelwand&lt;br /&gt;
# Oef met DNA sequentie en translatie&lt;br /&gt;
# Oxidatieve fosforylatie vs foto fosforylatie&lt;br /&gt;
# Hoe kan je polysomen en ribosomen scheiden&lt;br /&gt;
# Hoeveel mol glycerol heeft een gistcel, die in de G0-fase zit, nodig om met ademhaling 110 Mol ATP te synthetiseren&lt;br /&gt;
# Foto van openbarstende darmepitheelcel (met mucus) en van een plantencel&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 22 juni 2015 VM ===&lt;br /&gt;
# Structuur en functie van endoplasmatisch reticulum&lt;br /&gt;
# Hoe wordt de activiteit van fosfofructokinase geregeld?&lt;br /&gt;
# Cytoskelet bij planten en dieren&lt;br /&gt;
# Bespreek de lichtreacties&lt;br /&gt;
# hoeveel mol ethanol nodig opdat gistcellen 4 mol ribose-5-P kunnen maken. Welke metabolische weg komen hierbij tussen? Hoeveel ATP blijft er over? &lt;br /&gt;
# 2 foto&#039;s: de eerste was een zenuwcel met microtubuli en de tweede met een peroxisoom.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 16 juni 2015 ===&lt;br /&gt;
# bespreek suikers en polysacchariden en teken de belangrijkste&lt;br /&gt;
# welke reacties vinden plaats op het thelakoïdmembraan en wat zijn de inputs en outputs&lt;br /&gt;
# geef uitleg; middenlichaampje, callus, mitosis-promoting factor MPF, blefaroblast&lt;br /&gt;
# hoeveel mol glutaminezuur moet omgezet worden in oxaalazijnzuur om voldoende ATP te maken voor de afbraak van 5 mol stearinezuur&lt;br /&gt;
# bespreek SDS-page en waarvoor dient het&lt;br /&gt;
# foto van floëemcellen en foto van kern met kristallen p p295&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 26 juni 2014 ===&lt;br /&gt;
#IEP uitleggen en peptiden rangschikken op IEP&lt;br /&gt;
#Transport van voedingsstoffen over de celmembraan bespreken&lt;br /&gt;
#Methoden om de volgorde van enzymen in een metabolische pathway te bepalen&lt;br /&gt;
#Glyoxylzuurcyclus bespreken&lt;br /&gt;
#Hoevel mol glycerol nodig voor 2 mol palimitinezuur&lt;br /&gt;
#Foto van jonge plantencel en van peroxisoom&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 juni 2014===&lt;br /&gt;
#Transport van voeding door de membraan&lt;br /&gt;
#Plantencelwand bespreken&lt;br /&gt;
#Bespreek de pentosefosfaatweg (alles)&lt;br /&gt;
#Tellen van bacteriofagen&lt;br /&gt;
#1 mol tripalmitine (vergeet glycerol niet!)&lt;br /&gt;
#Foto van plantencel (chloroplast volledig en ook vacuole enzo) + floeemcel (gedifferentieerde plantencel)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 19 juni 2014 ===&lt;br /&gt;
#Leg de rol van enzymen als katalysatoren uit in de metabolische reactie wegen&lt;br /&gt;
#Wat doe adrenaline in de levercellen als je schrikhebt?&lt;br /&gt;
#Leg de weg uit die katalase aflegt in de cel beginnende bij DNA.&lt;br /&gt;
#Leg ionenuitwisselingschromatografie uit.&lt;br /&gt;
#Hoeveel mol maltose heb je nodig voor de aanmaak van 2 mol stearine? Welke metabolische reactiewegen komen hier bij te pas? Welke zijn de energieleverende/ energie verbruikende stappen?&lt;br /&gt;
#Prent van cel met glycogeenkorrels, RER, SER, mitochondrien etc&lt;br /&gt;
#Prent van plant cel in cytokinese --&amp;amp;gt; aanmaak van middenlamel door fragmoplast etc&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 12 juni 2014 (namiddag) ===&lt;br /&gt;
#Transport over celmembraan&lt;br /&gt;
#Kern met rer tekenen en functie uitleggen &lt;br /&gt;
#Wat doet adrenaline in levercellen&lt;br /&gt;
#Confocale fluorescentie microscopie uitleggen&lt;br /&gt;
#Hoeveel acetaat je nodig hebt voor 3 mol glycerol en waar wordt energie geproduceerd &lt;br /&gt;
#Foto van glycogeenkorrels en van kristallen in kern&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 12 juni 2014 (voormiddag) ===&lt;br /&gt;
#fosfofructokinase van dna tot enzyme de weg die het moet doen en regulatie&lt;br /&gt;
#plantencelwand opbouw componenten en functie&lt;br /&gt;
#tellen van cellen en bacteriofagen&lt;br /&gt;
#hoeveel glucose nodig voor 4 alanine te maken&lt;br /&gt;
#foto van zenuwuitlopers en vorming nieuwe celwand bij planten: fragmoplast&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 17 juni 2013 (namiddag) ===&lt;br /&gt;
#Bespreek de eenvoudige suikers en polysacchariden.&lt;br /&gt;
#Bespreek de biosynthese en afbraak van vetzuren.&lt;br /&gt;
#Wat is de functie van glyoxisomen? Hoe kan je deze zichtbaar maken bij fluorescentie microscopie?&lt;br /&gt;
#Een gistcel kan groeien op ethanol. Om te groeien moet de celwand groeien, deze is opgebouwd uit polymeren van suikers. &lt;br /&gt;
#*Hoeveel mol ethanol is er nodig om 10 mol glucose te maken? &lt;br /&gt;
#*Kan de gistcel groeien op ethanol in anaëroob milieu? (antwoord: p469 laatste 5 regels in middelste stuk)&lt;br /&gt;
#prent aanduiden: &lt;br /&gt;
#*desmosoom &lt;br /&gt;
#*peroxisoom met kristalstructuur&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 17 juni 2013 (voormiddag) ===&lt;br /&gt;
#Teken de overgang van kernmembraan naar R.E.R. Wat is de functie van dit laatste?&lt;br /&gt;
#Bespreek geprogrammeerde celdood. Is er een link met kanker?&lt;br /&gt;
#Geef de methode(n) hoe je proteïnen kan splitsen op basis van hun lading.&lt;br /&gt;
#Hoe werkt het B-galactosidase operon bij E. Coli?&lt;br /&gt;
#Hoeveel mol glucose kan je maken met 3 mol palmitinezuur? Welke metabolische wegen worden er gevolgd? Hoeveel ATP kan er eventueel gevormd worden?&lt;br /&gt;
#Foto&#039;s:&lt;br /&gt;
#* p254&lt;br /&gt;
#*p218 (ongeveer)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===13 JUN 2013 NM===&lt;br /&gt;
# Bespreek de secretieweg in een cel van gen tot gesecreteerd eiwit.&lt;br /&gt;
# Als een mens schrik heeft komt er adrenaline vrij. Wat gebeurt er dan in de lever?&lt;br /&gt;
# Hoe werkt SDS-PAGE?&lt;br /&gt;
# Een uitgehongerde zoogdiercel maakt 4 glutaminezuurmoleculen en 2 asparaginezuurmoleculen. Hoeveel fructose is hier voor nodig en hoeveel CO2 wordt er door het organisme geproduceerd bij deze omzetting?&lt;br /&gt;
# 2 foto&#039;s: chloroplast tegen celwand aangedrukt door vacuole en celkern met kristallen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 13 jun 2013 (voormiddag) ===&lt;br /&gt;
#Bespreek de celwand vn de bacterie&lt;br /&gt;
#Uitleggen wat MFP met celcyclus te maken heeft en welke drie onderzoeken er toe geleid hebben&lt;br /&gt;
#Confocale fluorecentiemmicroscopie uitleggen&lt;br /&gt;
#Een oefening met hoeveel mol&lt;br /&gt;
#2 prentjes:&lt;br /&gt;
#*floëmcellen&lt;br /&gt;
#*gewoon RER, SER, Peroxisoom, mitochondrïen aanduiden (kan zijn nog iets)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=Examenvragen vanaf 2009=&lt;br /&gt;
== Biochemie ==&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 27 jun 2011 ===&lt;br /&gt;
#elektronentransportketen uitleggen.&lt;br /&gt;
#Met welke methodes kan je glyoxisomen bestuderen (door microscopische analyse) in de cel?&lt;br /&gt;
#Vetzuren en lipiden bespreken&lt;br /&gt;
#Differentiaties in plantencellen&lt;br /&gt;
#Foto van spiercel + kern delen benoemen.&lt;br /&gt;
#C1 van een glucosemolecule wordt radioactief gemerkt. We zien dat C6 van een 1,6-bisfosfaatfructosemolecule ook radioactieve sporen vertoond. Verklaar dit.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 16 jun 2010 ===&lt;br /&gt;
#Bespreek de lichtreactie van de fotosynthese.&lt;br /&gt;
#Bespreek hoe je aminozuren en suikers kan scheiden en deze onderling kan scheiden.&lt;br /&gt;
#Bespreek: de weg die wordt afgelegd van DNA tot glycocalyx van een proteïne.&lt;br /&gt;
#Hoeveel ribose 5-P kunnen gevormd worden uit 5 moleculen glutaminezuur. Hoeveel ATP komt hierbij vrij?&lt;br /&gt;
#Twee foto&#039;s waarbij alle structuren moeten aangeduid worden (chloroplast en jonge plantencel)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 8 jun 2010 ===&lt;br /&gt;
Mondeling met schriftelijke voorbereiding&lt;br /&gt;
#Bespreek de suikers&lt;br /&gt;
#Bespreek de pentosefosfaatweg (PPP)&lt;br /&gt;
#Bespreek SDS-PAGE&lt;br /&gt;
#Hoeveel molecule alpha-ketoglutaarzuur moeten er in de cel omgezet worden naar fumaarzuur om voldoende ATP te maken voor de synthese van 6 moleculen palmitinezuur (vertrekkende van Acetyl-Coa en uitgaand van het feit dat alle cofactoren aanwezig zijn) ? [Antwoord: 7]&lt;br /&gt;
#Twee foto&#039;s waarbij alle structuren moeten aangeduid worden (levercel en prokaryote cel)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
== Chemie == &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===3 JUN 2012 VM===&lt;br /&gt;
# celdifferentiatie in ene plantencel&lt;br /&gt;
# transport voeding cel&lt;br /&gt;
# geef de verschillen tussen de glycolyse en de gluconeogenese daar waar de enzymen verschillend zijn&lt;br /&gt;
# 2 stearinezuur omvorme na ribose, er is geen NAD+, geef de cusclussen die je gebruikt, is er atp genoeg, kan het volledig worden omgezet?&lt;br /&gt;
# 2 tekeningen (darmwand en spiercel)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===3 FEB 2012 NM===&lt;br /&gt;
# Bespreek enkelvoudige en meervoudige suikers&lt;br /&gt;
# Welke soorten juncties zijn er en wat is hun functie?&lt;br /&gt;
# Bespreek ionenuitwisselingschromatogafie&lt;br /&gt;
# 2 foto&#039;s&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===30 JAN 2012 VM===&lt;br /&gt;
# Bespreek aminozuren en ruimtelijke opbouw van proteïnen &lt;br /&gt;
# Rangschik 5 proteïnen volgens hun isoelektrisch punt, van hoog naar laag (je krijgt hier dan 5 aminozuursequenties) &lt;br /&gt;
# Teken de overgang tussen kernmembraan en het RER en bespreek de functie van het RER. &lt;br /&gt;
# Bespreek de verschillende centrifugatietechnieken.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 JAN 2012 NM===&lt;br /&gt;
# bespreek de enkelvoudige en meervoudige suikers&lt;br /&gt;
# bespreek de celwand bij bacterien en schimmels&lt;br /&gt;
# leg uit ionenuitwisselingschromotografie&lt;br /&gt;
# 2 foto&#039;s waar ge alles op moet aanduiden&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 JAN 2012 VM===&lt;br /&gt;
# Bespreek de celwand bij planten&lt;br /&gt;
# Bespreek microtubuli en hun structuren&lt;br /&gt;
# SDS-page (blijkbaar moest ge u practicumboek ook kennen :s)&lt;br /&gt;
# foto van kern me kristallen en een bacterie&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 JAN 2012 NM===&lt;br /&gt;
# Bespreek vetzuren en lipiden&lt;br /&gt;
# Bespreek wat er allemaal gebeurd en hoe het transport gebeurd van een specifiek proteïne vertrekkende van het genome DNA tot aan de glycocalyx (mss iets ander geformuleerd)&lt;br /&gt;
# Bespreek de technieken om een basaalkorrel zichtbaar te maken in de cel. -&amp;amp;gt; ECHT IN FUNCTIE VAN DE BASAALKORREL DOEN DUS adh van het proteïne tubuline!!!&lt;br /&gt;
# 2 foto&#039;s 1 van die rozetstructuren van glycogeenpartikels en dieje andere was met gwn een celkern met kristalijne kristallen (2 foto&#039;s die hem duidelijk in de les heeft vermeld da ge daar moet op lette)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 20 JAN 2012 VM ===&lt;br /&gt;
#Bespreek de nucleinezuren, als monomeer en macromolecule, en hun ruimtelijke structuur bij eukaryoten en prokaryoten.&lt;br /&gt;
#Bespreek het endoplasmatisch reticulum.&lt;br /&gt;
#Bespreek gelfiltratie en leg uit hoe het ka ngebruikt worden om het moleculaire gewicht van een proteine te bepalen.&lt;br /&gt;
#2 EM-fotos, alle structuren aanduiden en de functie ervan geven.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 JUN 2011 NM===&lt;br /&gt;
#bespreek de vermenigvuldiging van virussen&lt;br /&gt;
#Bespreek de bio-synthese en afbraak van vetzuren&lt;br /&gt;
#Bespreek de vrijzetting van adrenaline in het bloed&lt;br /&gt;
#Hoeveel mol ATP wordt er geproduceerd uit 5 mol glucose en 3 mol glycerol? Hoeveel mol glutaminezuur kan worden geproduceerd uit 5 mol glucose en 3 mol glycerol wanneer er genoeg ammoniak in de cel aanwezig is?&lt;br /&gt;
#twee foto&#039;s&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 JUN 2011 VM===&lt;br /&gt;
#Bespreek de cytokinese bij planten.&lt;br /&gt;
#Bespreek het transport van voedingsstoffen naar binnen in de cel.&lt;br /&gt;
#Bespreek de lichtreacties van de fotosynthese.&lt;br /&gt;
#Hoeveel mol fructose is er nodig voor de synthese van 3 mol palmitinezuur?&lt;br /&gt;
#twee foto&#039;s&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 JAN 2011===&lt;br /&gt;
#Bespreek de celwand bij planten.&lt;br /&gt;
#Bespreek de proteïnen en hoe ze zijn opgebouwd in een ruimtelijke structuur.&lt;br /&gt;
#Geef de belangrijkste verschillen tussen gram positieve en gram negatieve bacteriën en hoe kan je die van elkaar onderscheiden?&lt;br /&gt;
#Bespreek moleculaire exclusiechromatografie en hoe kan je hiermee het MW van een eiwit bepalen?&lt;br /&gt;
#Twee foto&#039;s&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===22 JUN 2010===&lt;br /&gt;
# Bespreek de structuur en werking van spiercellen.&lt;br /&gt;
# Bespreek de lichtreacties van de fotosynthese.&lt;br /&gt;
# Hoeveel ATP wordt er geproduceerd bij afbraak van 5 mol glycerol en 2 mol glucose? stel: Glutaminezuur tekort in de cel, hoeveel mol glutaminezuur kan geproduceerd worden met 5 mol glycerol en 2 mol glucose?&lt;br /&gt;
# Hoe werkt adrenaline?&lt;br /&gt;
# Hoe werkt het tryptofaan operon bij aanwezigheid en afwezigheid van tryptofaan?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===15 JUN 2010===&lt;br /&gt;
# Bespreek differentiatie van plantaardige cellen&lt;br /&gt;
# Bespreek gemedieerd transport&lt;br /&gt;
# Bespreek de glyoxyzuurcyclus (waar, in- en outputs en waar de producten verder naartoe gaan...)&lt;br /&gt;
# Hoeveel fructosemoleculen heb je nodig om 4 moleculen glutaminezuur en 2 moleculen asparaginezuur te maken. Hoeveel CO2 wordt hierbij gemaakt? Leg uit a.d.h.v. metabolische wegen.&lt;br /&gt;
# Bespreek hoe de enzymes elkaar opvolgen (niet in deze woorden, maar &#039;t komt erop neer)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===25 JAN 2010===&lt;br /&gt;
Mondeling met schriftelijke voorbereiding&lt;br /&gt;
#Bespreek de structuur en de functie van microtubuli en de verschillende structuren die hieruit zijn opgebouwd. (p. 240-261)&lt;br /&gt;
#Bespreek de ruimtelijke structuur van eiwitten. (p. 53-60)&lt;br /&gt;
#Bespreek de verschillende centrifugatie methoden. (p. 285-290)&lt;br /&gt;
#Twee foto&#039;s&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===18 JAN 2010===&lt;br /&gt;
Mondeling met schriftelijke voorbereiding&lt;br /&gt;
#Bespreek de celwand bij planten. (bijvragen over de chemische opbouw van (hemi)cellulose, extensises,...)&lt;br /&gt;
#Bespreek RNA transcriptie en DNA duplicatie.&lt;br /&gt;
#Bespreek de moleculaire exclusiechromatografie.&lt;br /&gt;
#2 foto&#039;s van cel(onderdelen). Alles benoemen, ook vanzelfsprekendheden (cytoplasma,...)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 JAN 2010 ===&lt;br /&gt;
Mondeling met schriftelijke voorbereiding&lt;br /&gt;
# Bespreek de enkelvoudige en de meervoudige sacchariden (bijvraag: hoe heeft men de L en D suikers bepaald, met welk suiker hebben ze dit gedaan)&lt;br /&gt;
# Bespreek de overgang van het kernmembraan en het RER en geef de functie van het RER&lt;br /&gt;
# Bespreek SDS PAGE&lt;br /&gt;
# Duid op de volgende 2 foto&#039;s de delen aan (ALLES aanduiden, cytoplasma en alles wat ook &#039;normaal&#039; lijkt!)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
leer ALLE details!&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=Examenvragen van 2007 - 2009=&lt;br /&gt;
=== 2 sept 2009 - Biochemie ===&lt;br /&gt;
Van Dijck&lt;br /&gt;
# Bespreek de enkelvoudige en meervoudige suikers.&lt;br /&gt;
# Bespreek de verschillende plastiden.&lt;br /&gt;
# Welke techniek kan men gebruiken om celmembranen te bestuderen onder de EM? Bespreek de twee varianten.&lt;br /&gt;
# Twee foto&#039;s&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Thevelein&lt;br /&gt;
* Hoofdvraag&lt;br /&gt;
*# Bespreek het verband tussen de elektrontransportketen en oxidatieve fotofosforylatie.&lt;br /&gt;
* Bijvragen&lt;br /&gt;
*# Glyoxylzuurcyclus&lt;br /&gt;
*# Hoeveel glucosemoleculen heeft een schimmelcel nodig om 2 glutaminezuur en 4 asparaginezuur te maken? Wordt er hierbij ook CO2 geproduceerd en indien ja, hoeveel?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 24 Juni 2009 - Chemie - Thevelein ===&lt;br /&gt;
* hoofdvragen&lt;br /&gt;
*# Bespreek de Krebscyclus.&lt;br /&gt;
*# Bespreek de lichtreactie vd fotosynthese.&lt;br /&gt;
*# Leg genrepressie en geninductie uit aan de hand van klassieke voorbeelden.&lt;br /&gt;
* bijvragen&lt;br /&gt;
*# Wat is groepstranslocatie?&lt;br /&gt;
*# Bereken hoeveel mol ATP er wordt vrijgezet bij de volledige oxidatie van 1 mol tristearine.&lt;br /&gt;
*# Nog een oefening zoals hierboven maar nu met aminozuren enzo...&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 19 Juni 2009 - Biochemie ===&lt;br /&gt;
Van Dijck &lt;br /&gt;
# bespreek de structuur van microtubuli en de structuren die eruit bestaan.&lt;br /&gt;
# Bespreek de nucleïnezuren en nucleotiden en hun ruimtelijke structuren.&lt;br /&gt;
# Leg gelchromatografie (??) (da met gelbollekes sorteren) uit en hoe je het molecuulgewicht v eiwitten hiermee kan berekenen.&lt;br /&gt;
# 2 foto&#039;s uit oefenzittingen&lt;br /&gt;
 &lt;br /&gt;
Thevelein&lt;br /&gt;
* hoofdvraag&lt;br /&gt;
*# Vergelijk gluconeogenese en glycolyse (startproducten, plaats id cel,..)&lt;br /&gt;
* bijvragen&lt;br /&gt;
*# bespreek glyoxylzuurcyclus&lt;br /&gt;
*# Bereken hoeveel moleculen glucose een schimmelcel nodig heeft om 2 moleculen glutaminezuur en 4 moleculen asparaginezuur te produceren. Wordt hierbij CO2 gevormd en zo ja hoeveel? Leg uit adhv de gebruikte cycli.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 Juni 2009 - Biochemie ===&lt;br /&gt;
Van Dijck &lt;br /&gt;
# bespreek de celwand bij planten&lt;br /&gt;
# bespreek peroxisomen en glyoxisomen&lt;br /&gt;
# rankschik de volgende peptiden volgens iso-elektrisch punt. en wat is iso-elektrisch punt. vb.COOH-cysteïne-proline-histidine-cysteïne-lysine-methionine-asparaginezuur-NH2&lt;br /&gt;
# 2 fotos: 1 van een chloroplast, en 1 van een zenuwcel&lt;br /&gt;
Thevelein&lt;br /&gt;
*hoofdvraag&lt;br /&gt;
*# bespreek de lichtreacties van de fotosynthese&lt;br /&gt;
*bijvragen&lt;br /&gt;
*#geef volledige metabolische weg om asparaginezuur te vormen uit glycerol en NH3&lt;br /&gt;
*#Kan een cel in anaërobe omstandigheden het meest ATP halen uit glucose via de Glycolyse of eerst via PP(pentosfosfaatweg).en toon aan.-&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 26 jan 2009 - Chemie - Van Dijck ===&lt;br /&gt;
# Bespreek nucleotiden en nucleïnezuren&lt;br /&gt;
# Welke soorten juncties zijn er en wat is hun functie?&lt;br /&gt;
# Hoe kan je aminozuren van suikers scheiden en hoe kan je ze verder opzuiveren?&lt;br /&gt;
# Teken het celmembraan (of was de vraag nu glycocalyx?) van een dierlijke cel en duidt de onderdelen aan.&lt;br /&gt;
# Wat is het iso-elektrisch punt van een proteïne en wat ben je ermee?&lt;br /&gt;
# 2 fotos: 1 van een prokaryote cel, en 1 van een plantencel&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 jan 2009 - Chemie - Van Dijck ===&lt;br /&gt;
Mondeling met schriftelijke voorbereiding&lt;br /&gt;
# bespreek de enkelvoudige en de meervoudige sacchariden (bijvraag: hoe heeft men de L en D suikers bepaald, met welk suiker hebben ze dit gedaan)&lt;br /&gt;
# bespreek de overgang van het kernmembraan en het RER en geef de functie van het RER&lt;br /&gt;
# bespreek SDS PAGE&lt;br /&gt;
# duid op de volgende 2 foto&#039;s de delen aan (ALLES aanduiden, cytoplasma en alles wat ook &#039;normaal&#039; lijkt!)&lt;br /&gt;
leer ALLE details!&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 22 aug 2008 - Biochemie ===&lt;br /&gt;
Thevelein:&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
* Hoofdvraag:&lt;br /&gt;
*# Bespreek de samenstelling en mechanisme van elektronentransportketen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
*Bijvragen:&lt;br /&gt;
*# Welke reacties worden gekatalyseerd door volgende enzymes:&lt;br /&gt;
*#* pyruvaat decarboxylase&lt;br /&gt;
*#* pyruvaat dehydrogenase&lt;br /&gt;
*#* pyruvaat kinase&lt;br /&gt;
*#* pyruvaat carboxylase&lt;br /&gt;
*# een cel zet oxaalazijnzuur, citroenzuur en NH3 om in asparaginezuur en glutaminezuur, geef de reactie.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Van Dijck:&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# bespreek structuur en functies van de microtubuli en bespreek de structure waar ze voorkome (/3)&lt;br /&gt;
# bespreek structuur van de proteïnen en waar komen deze voor (/3)&lt;br /&gt;
# hoe kan je het molecuulgewicht van een proteïne bepalen met exclusiechromatografie (/2)&lt;br /&gt;
# wat is hemicellulose? (/1)&lt;br /&gt;
# duid celorganellen aan op de prent (/1) --&amp;amp;gt; twas een levercel met veel secretiepartikels&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 26 jun 2008 - Chemie - Thevelein ===&lt;br /&gt;
Hoofdvragen:&lt;br /&gt;
# e-transport&lt;br /&gt;
# pentosefosfaatweg&lt;br /&gt;
# regulatie van het metabolisme&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Bijvragen:&lt;br /&gt;
# glyoxylzuurcyclus&lt;br /&gt;
# glucose+NH3--&amp;amp;gt;glutaminezuur+CO2 hoeveel ATP wordt er geproduceerd (aeroob organisme)&lt;br /&gt;
# synthese van trehalose uit glucose dat via symport in de cel komt. Hoeveel ATP moet er via melkzuurgisting gewonnen worden om 2 trehalose moleculen te vervaardigen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 26 jun 2008 - Chemie - Thevelein === &lt;br /&gt;
Hoofdvragen&lt;br /&gt;
# Bespreek de Krebscyclus&lt;br /&gt;
# Bespreek het membraantransport en de membraanpotentiaal&lt;br /&gt;
# Bespreek de lichtreacties van de fotosynthese&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Bijvragen&lt;br /&gt;
# Adrenaline als glucosevrijzetter&lt;br /&gt;
# Bespreek in detail de biosynthese en afbraak van vetzuren&lt;br /&gt;
# Een bacteriële cel in aërobe omstandigheden zet glucose om in pyrodruivenzuur. Waar wordt het meeste ATP geproduceerd, via de glycolyse of via de pentosefosfaatweg?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 20 jun 2008 - Chemie - Thevelein===&lt;br /&gt;
Hoofdvragen:&lt;br /&gt;
# Bespreek de calvincyclus.&lt;br /&gt;
# Bespreek membraantransport en bespreek hoe membraanpotentiaal hierbij tussenkomt.&lt;br /&gt;
# Bespreek de regulatie van het metabolisme.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Bijvragen:&lt;br /&gt;
# Glyoxylzuurcyclus.&lt;br /&gt;
# Adrenaline als glucose vrijzetter.&lt;br /&gt;
# Een denkvraag ivm proton-motive en dinitrofenol.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 20 jun 2008 - Biochemie ===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Thevelein:&lt;br /&gt;
# lichtreacties&lt;br /&gt;
# oefeningen:&lt;br /&gt;
#* tristearaat, hoeveel ATP wordt er gevormd&lt;br /&gt;
#* vorming van asparaginezuur en glyoxylzuur uit citroenzuur en NH3&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Van Dijck:&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
* schriftelijk&lt;br /&gt;
*# soorten bindingen in macromolecules, tekenen +bespreken&lt;br /&gt;
*# wat is threhalose, mesozoom&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
* mondeling&lt;br /&gt;
*# endoplasmatisch riticulum bespreken&lt;br /&gt;
*# microtubuli bespreken&lt;br /&gt;
*# plaatsbepaling van moleculen in de cel, methoden bespreken&lt;br /&gt;
*# 2 foto&#039;s herkennen+organellen benoemen: lever en oliehoudende zaden&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 19 jun 2008 - Biochemie ===&lt;br /&gt;
Thevelein:&lt;br /&gt;
* Grote vraag: &lt;br /&gt;
*# membraantransport bespreken&lt;br /&gt;
* Bijvragen: &lt;br /&gt;
*# ge hebt 24 glucosemoleculen, die ge via PP en dÃ¡n pas de glycolyse gaat afbreken tot acetyl-CoA, waarna ge X aantal palmitinemoleculen gaat opbouwen. Hoeveel ATP wordt er gevormd? En hoeveel NADPH hebt ge tekort?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Van Dijck:&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
*Schriftelijk:&lt;br /&gt;
*# bespreek RNA en DNA&lt;br /&gt;
*# leg uit: &lt;br /&gt;
*#* isopycnische centrifugatie &lt;br /&gt;
*#* mycoplasma&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
*Mondeling:&lt;br /&gt;
*# bespreek mono- en polysachariden&lt;br /&gt;
*# celwand bij bacterien + Gram positieve en Gram negatieve bacterien&lt;br /&gt;
*# ionenuitwisselingschromatografie&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 13 jun 2008 - Biochemie ===&lt;br /&gt;
Thevelein:&lt;br /&gt;
* hoofdvraag:&lt;br /&gt;
*# Bespreek de lichtreacties van de fotosynthese&lt;br /&gt;
* Bijvragen:&lt;br /&gt;
*# Bespreek hoe er geninductie en genexpressie bij Escheria coli plaatsvindt&lt;br /&gt;
*# Oefening ivm de metabolische wegen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Van dijck:&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
*Schriftelijk&lt;br /&gt;
*# teken (cyclisch) alfa-D-glucose, beta-D-Fructose, sucrose en nummer de koolstoffen&lt;br /&gt;
*# Leg uit: &lt;br /&gt;
*#* mesosoom &lt;br /&gt;
*#* connexon&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
* Mondeling&lt;br /&gt;
*# Teken hoe het kernmembraan in het RER overgaat, en geef de functie van dit RER&lt;br /&gt;
*# Bespreek de ruimtelijke structuur van proteïnen&lt;br /&gt;
*# Leg uit hoe men plasmiden kan identificeren met behulp van restrictie-enzymen aan de hand van een voorbeeld&lt;br /&gt;
*# Duid de organellen aan op de cel (chloroplast en bacteriofaag)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 28 jan 2008 - Chemie - Van Dijck ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# geef de structuur en de functies van de mitochondrieën&lt;br /&gt;
# beschrijf de weg die een proteine X aflegt beginnend in de kern die voor de glycocalyx bestemd is.&lt;br /&gt;
# beschrijf de verschillende centrifugatietechnieken.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# wat is het iso-elektrisch punt van proteïnen en rangschik de volgende proteïnen volgens stijgende theoretische waarde van het iso-elektrisch punt. De proteïnen werden gegeven door telkens een keten van 11 aminozuren.&lt;br /&gt;
# Beschrijf en teken schematisch de componenten van de glycocalyx&lt;br /&gt;
# verklaar: &lt;br /&gt;
#* mesosoom&lt;br /&gt;
#* connexon&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 28 jan 2008 - Chemie - Van Dijck ===&lt;br /&gt;
Schriftelijk deel&lt;br /&gt;
# rangschik van polair naar apolair (aceton, 1-propanol, diethylether, fenol, benzylalcohol) [in de vraag werden prentjes van de moleculen gegeven, en niet de namen], en zeg wat apolariteit bepaalt.&lt;br /&gt;
# teken (cyclisch) alfa-D-glucose, beta-D-Fructose, sucrose.&lt;br /&gt;
# Leg uit:&lt;br /&gt;
#* Dictyosoom &lt;br /&gt;
#* Blefaroplast&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Mondeling met schriftelijke voorbereiding&lt;br /&gt;
# Teken hoe het kernmembraan in het RER overgaat, en geef de functie van dit RER&lt;br /&gt;
# Bespreek de ruimtelijke structuur van proteïnen&lt;br /&gt;
# Leg uit hoe men plasmiden kan identificeren met behulp van restrictie-enzymen aan de hand van een voorbeeld&lt;br /&gt;
# Duid de organellen aan op de cel (de twee cellen waren een zenuwcel en een chloroplast)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=Examenvragen tot en met 2006=&lt;br /&gt;
=== 15 jan 2007 ===&lt;br /&gt;
Hoofdvragen: theorie&lt;br /&gt;
# bespreek hoe een cel aan zijn membraanpotentiaal komt + hoe deze aangewend wordt bij het membraantransport&lt;br /&gt;
# bespreek de Calvin Cyclus (functie, intermedairen, ...)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Hoofdvragen oefeningen&lt;br /&gt;
# practicum: bespreek PAGE bij proteïnen en hoe we de molecuulgroote ervan kunnen afleiden&lt;br /&gt;
# duid zo veel mogelijk celstructuren aan&lt;br /&gt;
# duid de volgende processen aan waar ze voorkomen in de cel aan op de tekening: NADPH productie, energieproductie, chromatine en integrale proteïnen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Bijvragen&lt;br /&gt;
# bespreek hoe adrenaline de glucoseproductie in de cel regelt&lt;br /&gt;
# Een cel maakt uit oxaalazijnzuur, citroenzuur en NH3 de aminozuren glutaminezuur en asparaginezuur. Geef een reactievergelijking en houd rekening met ATP, NAD, FAD, H2O en CO2.&lt;/div&gt;</summary>
		<author><name>R0998693</name></author>
	</entry>
	<entry>
		<id>https://wiki.chemika.be/index.php?title=Celbiologie_en_biochemie&amp;diff=4139</id>
		<title>Celbiologie en biochemie</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.chemika.be/index.php?title=Celbiologie_en_biochemie&amp;diff=4139"/>
		<updated>2024-06-27T13:46:53Z</updated>

		<summary type="html">&lt;p&gt;R0998693: /* 26 juni 2024; examen op 38 punten */&lt;/p&gt;
&lt;hr /&gt;
&lt;div&gt;[[Categorie:Bachelor Chemie]]&lt;br /&gt;
[[Categorie:Bachelor Biochemie]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Vakinformatie==&lt;br /&gt;
Vanaf 2016-2017: Schriftelijk examen in plaats van mondeling examen zoals voordien.&lt;br /&gt;
Vanaf 2012-2013: Jaarvak voor zowel chemie als biochemie. Volledig gedoceerd door Patrick Van Dijck.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;2022-2023&#039;&#039;&lt;br /&gt;
* Aanpak vak&lt;br /&gt;
** Nog steeds Patrick Van Dijck&lt;br /&gt;
** Jaarvak dus best grote hoeveelheid, maar niet onrealistisch&lt;br /&gt;
* Kwaliteit cursus&lt;br /&gt;
** Boek is in de afgelopen 6 jaar (misschien langer) nog niet (of toch amper) veranderd (veel E.M. foto&#039;s in)&lt;br /&gt;
** Hier en daar extra info bij slides, maar als je het boek kent ben je er zeker wel door&lt;br /&gt;
* Examen-/TTT-vragen&lt;br /&gt;
** TTT-vragen lijken totaal niet op examenvragen, waren meerkeuze en eerder oppervlakkig&lt;br /&gt;
** Geen paniek als TTT slecht was, vak is zelfs haalbaar als je hier een nul op had&lt;br /&gt;
** Belangrijkste zaken om te leren naar mijn mening&lt;br /&gt;
*** Hoofdstuk 4!!! Vooral metabolische wegen oefening (10 van de 35 tot 40 punten), kan zeker helpen om bio-organische hiernaast te leggen, maar hij vraagt regelmatig ook wel iets van actief transport of regulatie dus ook de rest van hoofdstuk 4 is wel belangrijk, soms vraagt hij ook om een specifieke metabolische weg uit te tekenen&lt;br /&gt;
*** Structuren en tekeningen! Zijn vrij gemakkelijke punten om te krijgen&lt;br /&gt;
*** Patrick vraagt graag begrippen, ik vond persoonlijk dat je buiten voor de metabolische wegen niet al teveel inzicht nodig had hiervoor, maar het helpt natuurlijk wel&lt;br /&gt;
*** Boek &amp;gt;&amp;gt;&amp;gt; slides, probeer zeker 1 keer het boek echt volledig door te nemen&lt;br /&gt;
*** Schrijf echt elk detail op dat je denkt te weten, soms staan er echt op heel domme dingen al punten&lt;br /&gt;
** In geval van tijdsnood (maar probeer wel gewoon echt alles te leren! Ik neem de schuld niet op mij als hij er toch iets van vraagt :))&lt;br /&gt;
*** Hij vraagt zelden tot nooit iets over hoofdstuk 3 (zeker mitose en meiose kan hem niet heel veel schelen)&lt;br /&gt;
*** Practicumhandleiding leren is ook vrij overbodig, buiten ionenuitwisselingschromatografie (bij ons bijvoorbeeld een examenvraag) en SDS-page als ik me goed herinner, maar deze staan ook in het boek uitgelegd normaal&lt;br /&gt;
*** Niet teveel tijd steken in E.M. foto’s, je kan sowieso wel iets aanduiden, zie dat je weet hoe golgi-apparaat, mitochondriën, vacuole eruitzien en je hebt al wel iets van punten (staat meestal op 4 punten) en je kan eens kijken op de wiki welke soort cellen hij vaak vraagt, want zijn meestal wel dezelfde&lt;br /&gt;
*** Oude examenvragen beantwoorden heeft niet enorm veel nut, structuur is altijd gelijkend, maar de begrippen dat hij vraagt zijn eerder willekeurig &lt;br /&gt;
--&amp;gt; oude examenvragen hebben wel nut, vragen die terugkomen: fosfofructokinase, G proteine, p53, ionuitwisselingschromatografie, gram+ vs gram-&lt;br /&gt;
*** De extra informatie bij de vragen van 2023 zijn steeds de opmerkingen die de prof zelf online heeft gezet, op de wiki van bios vind je nog extra vragen met opmerkingen, handig om te bekijken en te weten wat er verwacht wordt&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen vanaf 2013==&lt;br /&gt;
=== 26 juni 2024; examen op 36 punten ===&lt;br /&gt;
#Leg uit en teken de secundaire structuur van een proteïne. - 6 punten&lt;br /&gt;
#Geef 2 manieren hoe je glyoxisomen kunt laten zien met een fluorescentiemicroscoop en leg ook uit hoe een fluorescentiemicroscoop werkt. - 6 punten&lt;br /&gt;
#Bespreek lysosomen. Geef hun functie en structuur. Wat is het verschil tussen een primaire en secundaire lysosoom? - 4 punten&lt;br /&gt;
#Hoe werkt de regulatie van de celcyclus en hoe zijn we tot deze inzichten gekomen? - 6 punten&lt;br /&gt;
#Hoeveel moleculen sucrose heb je nodig om 2 moleculen van het neutrale lipide tripalmitine te maken? Kost dit ATP aan de cel of wordt er ATP gemaakt. Schrijf alle nodige cycli uit, geef de finale reactievergelijking. - 10 punten (Oppassen want er moeten per tripalmitine, 3 palmitinezuren en 1 glycerol gemaakt worden) (metabolisme van glycerol staat niet in cursus staat wel in practicum + oefeningen boek)&lt;br /&gt;
#2 EM-foto’s - welke organellen herken je? Bespreek hun functie en opbouw. - 6 punten (Foto van Golgi-apparaat en Foto van delende plantencel)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 6 juni 2024; examen op 38 punten ===&lt;br /&gt;
# Koppel D-fructose met een beta-1,3-binding aan een D-ribose. Dit D-ribose is gekoppeld aan een een molecule alpha-D-lactose met een alpha-1,3-binding. Geef de structuur van dit oligosacharide - 5 punten&lt;br /&gt;
# Glycolipiden zijn een belangrijk onderdeel in het kernmembraan. Deze zijn verschillend bij dieren en micro-organismen. Wat zijn de verschillen tussen glycolipiden bij dieren in vergelijking met die bij micro-organismen? Teken de verschillende structuren waarbij galactose het suikergedeelte is, een keer voor een dierlijke cel en een keer voor een gistcel. Wat zijn de functies van deze glycolipiden? - 4 punten&lt;br /&gt;
# Hoe vijf gegeven peptiden scheiden aan de hand van anionuitwisselingschromatografie? Leg alle nodige stappen uit. Licht kort de principes toe. In welke volgorde verlaten deze glycolipiden de kolom, leg uit waarom? - 6 punten&lt;br /&gt;
# Hoe van fosfofructokinasegen tot functioneel fosfofructokinase-enzym? leg zeer uitgebreid uit - 6 punten. Hoe wordt de activiteit van fosfofructokinase geregeld - 4 punten?&lt;br /&gt;
# Hoeveel molecule stearinezuur heb je nodig om 9 moleculen ribose-5-fosfaat te maken ? Hoeveel ATP en reducerende vermogen wordt er gemaakt. Schrijf alle nodige cycli uit, geef de finale reactievergelijking. - 10 punten: Mogelijke oplossing: https://drive.google.com/file/d/1BDobKdLM21VeCpvPSOqtV1bZY6E_ZfiC/view?usp=sharing (via pdf-viewer betere zoom)&lt;br /&gt;
# EM-foto - 3 putnen (microtubuli: exacte foto https://cytochemistry.net/_Media/tub8a_med_hr.jpeg)&lt;br /&gt;
===21 augustus 2023===&lt;br /&gt;
# Bespreek de celwand bij planten. Geef de functie en opbouw. Teken de belangrijkste moleculen en bespreek in detail hoe deze met elkaar verbonden zijn. Bespreek de verschillende celwanden. &lt;br /&gt;
# Bespreek de 2 manieren waarmee men specifiek met fluorescentiemicroscopie peroxisomen kan bekijken. Leg ook uit hoe die fluorescentiemicroscopie zelf werkt. &lt;br /&gt;
# Bespreek ribosomen. Waar komen ze voor? Geef hun functie en opbouw. Wat is het verschil tussen de ribosomen van prokaryoten en eukaryoten? &lt;br /&gt;
# Hoeveel moleculen zuurstof komen er vrij uit de fotosynthese om 2 moleculen sucrose te maken? Je mag er vanuit gaan dat er voldoende ATP aanwezig is. In welke reactie komt deze zuurstof vrij, en hoe geraakt men uiteindelijk tot sucrose? &lt;br /&gt;
# 2 EM foto&#039;s: welke organellen herken je? (desmosoom en centriolenpaar) Bespreek hun functie en opbouw. &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 juni 2023===&lt;br /&gt;
# Wat is een glyoxisoom? welke reacties gebeuren er hier? Waar komen ze voor? (4 punten) &lt;br /&gt;
* Wat er zeker moet staan: Glyoxysomen: komen van het SER en een pathway enkel bij planten en schimmels, niet bij dieren. En nodig voor synthese, nl twee acetyl coA moleculen omzetten in barnsteenzuur. Je moest ook schrijven dat het acetyl coA komt van afbraak vetzuren of van groeien op C2 moleculen zoals acetaat of ethanol. En dat de barnsteenzuur verder in Krebs en gluconeogenese naar suikers kan gaan. Daarnaast moest je ook de cyclus tekenen.&lt;br /&gt;
# Wat is fosofructokinase? Wat zorgt ervoor dat dit enzym actief is en wat is de functie ervan? Leg de weg uit van het DNA tot het functionerende enzym op de juiste plaats in de cel. (8 punten) &lt;br /&gt;
*Fosfofructokinase: 1 punt voor waar het werkt en in welke metabolische weg, 1 punt voor de reactie die wordt gekatalyseerd, 1 punt voor het feit dat ATP als allosterische inhibitor werkt en 1 punt voor de verschillende substraten die ook de snelheid bepalen. Dan 2 punten voor overgang DNA naar mRNA (promoter-terminator, T wordt U, RNA polymerase die kopie van de matrijsstreng maakt, splicing, polyA en 5’ Cap, moest er geantwoord worden). Dan 2 punten voor translatie (het mRNA gaat uit de kern via poriën en gaat dan naar VRIJE ribosomen , kleine en grote subeenheid, bestaande uit rRNA en proteïnen die het mRNA aflezen en vanaf AUG de proteïnesynthese beginnen. Dit met behulp van tRNA dat in zijn structuur een anticodon heeft dat gaat binden met een codon op het mRNA (3 basen en geen basenparen daar mRNA enkelstrengig is) en dat het tRNA ook een aminozuur aanbrengt corresponderend met het codon op het mRNA.  Studenten die hebben geantwoord dat het mRNA naar ribosomen op het RER gaan kunnen maximum 4 op 8 hebben, als al de andere zaken correct zijn. Ik heb dit in de les gezegd dat ik dit ging vragen op het examen.  Fosfofructokinase werkt in het cytoplasma. Als het in een vesikel zit van ER of golgi kan het nooit meer in het cytoplasma geraken….&lt;br /&gt;
# Hoeveel L-glutaminezuur is er nodig voor de synthese van 6 molecule sucrose. Schrijf de nettoreactie uit en is er ATP winst of verlies? (meerdere mensen kwamen hier 24 moleculen en 168 ATP vrij bij uit) (10 punten) &lt;br /&gt;
* 24 glutaminezuur naar 6 sucrose. Structuur sucrose: 1 punt; anaplerotische reactie van glutaminezuur naar alfaketoglutaarzuur: 1,5 punten (als alles correct is inclusief NADH winst). Krebs tot oxaalazijnzuur (1,5 punten, idem); omgekeerde anaplerotische: oxaalazijnzuur naar fosfoenolpyrodruivenzuur (GTP mag je als ATP gebruiken) (1,5 punten), gluconeogenese van PEP tot glucose 6P en fructose 6P (met ATP en NADH kost per PEP) (1,5 punten). Dan glu6P naar gluc1P, naar gluc 1P + UTP naar UDPG, dan UDPG + Frc6P naar sucrose6P en dan naar sucrose (1,5 punten)&lt;br /&gt;
# Teken de algemene structuur van gram-positieve bacteriën en in detail hoe de elementen ervan met elkaar verbonden zijn. Leg uit hoe je deze bacteriën kan onderscheiden. (6 punten) &lt;br /&gt;
* Gram+ bacteriën hebben één dikke celwand bestaande uit mureïne of peptidoglycaan. Je moest hier dan ook de structuur tekenen van N-acetylglucosamine en N-acetylmuraminezuur, met een Beta 1,4 binding met elkaar verbonden. Op de OH van de C3 van N-acetylmuraminezuur (die naar boven staat) moet je dan een melkzuur tekenen met daaraan een tetrapeptide met onder andere D-aminozuren. Wat velen vergeten is dan dat deze tetrapeptiden ofwel met elkaar zijn verbonden dan wel dat er glycinebruggen zijn om die te verbinden, allemaal met covalente bindingen. De Gramkleuring stond op 2 van de 6 punten. Die had je als je kristalvioletjood oplossing had en safranine als roze tegenkleurstof. De Gram+ zijn dan paars, de Gram- zijn dan roze.&lt;br /&gt;
# 2 E.M. foto&#039;s (delende plantencel en golgi-complex met vesikels) (4 punten)&lt;br /&gt;
# 5 peptiden gekregen, welke scheidingstechniek kan je hiervoor gebruiken? Leg deze in detail uit en verklaar in welke volgorde ze van de kolom komen. (6 punten) &lt;br /&gt;
* Scheiden van de vijf peptiden. Hier had je 3 punten op het principe van de scheiding en 3 op het juist antwoord op de vraag. Je moet hier scheiden via ionenuitwisselingschromatografie daar de 5 peptiden elke een ander isoelectrisch punt hebben. Dit kan je simpel bepalen door het aantal zure en aantal basische aminozuren te tellen. Bij principe moest er zeker bij staan dat je eerst de pH laag brengt zodat ze allemaal positief geladen zijn als je met een kationenuitwisselaar werkt en dan geleidelijk de pH doet stijgen zodat ze één voor één van de kolom komen. Voor anionenuitwisselaar het omgekeerde.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===12 juni 2023===&lt;br /&gt;
# Teken het trisacharide: D-galactose met een 1,3 binding aan D-ribose met een 1,3 binding aan D-fructose (5) &lt;br /&gt;
* Per binding die fout is of per fout in een monosaccharide is het een punt aftrek&lt;br /&gt;
# Teken fosfatidylethanolamine, wat zijn de functies en voorkomen? (4) &lt;br /&gt;
* Phosphatidyl ethanolamine en functie/eigenschappen fosfolipide: Geen correcte esterbinding of grote fouten aan het molecule: max 1 op 4. Kleine fouten op de structuur: een half of één punt aftrek. Het overblijvende punt voor fosfolipidendubbellaag (vb membraan) en enkellaag (vb lipidendruppel) en dat het een chemische barrière vormt.&lt;br /&gt;
# Gegeven een stuk DNA van 5&#039; tot 3&#039;: wat is de aminozuursequentie van het proteïnen en welke stappen gebeuren hierbij? (5) &lt;br /&gt;
* Deze vraag heb ik tijdens de lessen op het bord getekend. Ik heb toen duidelijk gezegd dat als je DNA ziet staan, teken onmiddellijk de andere strand. Als je dat had gedaan zou je zien dat er in die andere strand een startcodon zit gevolgd door verschillende aminozuren. In de vraag staat in bold dat er een proteïne wordt gevormd, dus enkel methionine (dat werd gevolgd door een stopcodon) is uiteraard geen proteïne. Als je dit stuk correct had heb je 2,5 of 3 op 5 (2,5 als de beschrijving compleet fout is). Om 5 op 5 te hebben had ik de volgende termen moeten zien: Bij transcriptie: promoter-terminator, RNA polymerase, copij van de matrijsstreng, dus identiek aan coderende strand, maar dan T door U vervangen, splicing, 5’Cap, 3’ poly A staart en dan via kernporiën. Bij translatie: mRNA komt toe op de ribosomen (veel studenten antwoorden hier op het RER, dat kan, maar dat is niet noodzakelijk), die uit rRNA en proteïnen bestaan en tRNA met zijn anticodon brengt de juiste aminozuren aan die dan het proteïne gaan vormen&lt;br /&gt;
# bespreek de structuur en functie van het golgi-apparaat (4) &lt;br /&gt;
* Golgi apparaat: afgeplatte membraanzakken, cisternen, waar vesikels van RER toekomen aan cis kant en waar vesikels vertrekken aan de trans kant als primaire lysosomen, of als secretievesikels met materiaal voor buiten de cel.  Dit geeft 2 van de vier punten. Wat gebeurt er in het golgi: suikers die op de eiwitten staan uit RER worden grotendeels verwijderd en elk eiwit krijgt zijn specifieke glycosylatie (heel veel studenten spreken weeral over glycolysatie, wat uiteraard niet ok is, zeker 5 keer in de les gezegd! Glycosylatie kan op O of N zijn&lt;br /&gt;
# Wat is de functie van een G-proteïne? (4) &lt;br /&gt;
* G proteïnen: belangrijk bij signaaltransductie in de cel (1 punt). Zijn proteïnen die met GDP zijn gebonden en dan inactief en bij activatie wordt GDP door GTP (wat in overmaat in de cel aanwezig is) vervangen (en niet zoals studenten antwoorden dat GDP naar GTP wordt omgezet). Het G proteïne heeft dan een eigen GTPase activiteit die zorgt dat GTP wordt omgezet naar GDP en het proteïne is terug inactief. Het is dus een on-off schakelaar.&lt;br /&gt;
# Hoeveel ribose-5-p heb je nodig om 14 alanine te maken? -welke wegen, reactievergelijking  en NADH en atp balans (10) &lt;br /&gt;
* Hier heb je dus al 14 pyrodruivenzuur nodig bij de transaminatiereactie maar je hebt er nog twee extra nodig om eerste keer glutaminezuur te maken (cellen hebben geen reserve). Dus eentje voor acetyl coA en eentje voor oxaalazijnzuur (anaplerotisch). Hiermee kan je alfa keto maken en hiervan kan je glutaminezuur maken. Het alfa keto recupereer je dan telkens bij de transaminatie reacties. Om 16 pyrodruivenzuur te maken heb je 12 ribose5P nodig. Met 9 kan je er 15 maken, maar je hebt er dus 16 nodig. Hier zijn er punten gegeven a rato van welke pathways die relevant zijn heb je opgeschreven.&lt;br /&gt;
# Drie organellen aanduiden en hun functie bespreken. (lipidedruppels, glyoxisoom (?) en mitochondrion, de foto stond in de cursus) (4)&lt;br /&gt;
* Dit was een foto uit de cursus!!!. Vetdruppels (neutrale lipidenreserve) en mitochondriën (beta oxidatie, Krebs cyclus; Az biosynthese; electronentransport keten) gaf 2 punten. Cruciale hier waren de glycoxysomen met omzetten van 2 acetyl coA naar barnsteenzuur). Dit gaf nog twee punten.)&lt;br /&gt;
--&amp;gt; examen stond op 36punten&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 juni 2022===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# Lactose in alfa vorm tekenen. (6 ptn)&lt;br /&gt;
#* Waar in de natuur komt het voor?&lt;br /&gt;
#* Welk enzyme hydrolyseert het?&lt;br /&gt;
#* Geef de belangrijkste verschillen tussen lactose en trehalose.&lt;br /&gt;
#* Opmerking: De alfa slaat hier natuurlijk op de glucose (die nog kan open gaan) maar de binding tussen de galactose en de glucose is een beta binding. Geen correcte structuur is -2, geen enzyme is -1, geen plaats van voorkomen is -1. Grootste verschil met trehalose is dat dat een niet reducerend suiker is met de glucose alfa,alfa, 1, 1 gebonden. Waar het voorkomt is ook verschillend. &lt;br /&gt;
# Tertiaire structuur proteïnen: Leg uit + maak tekening. Aan welke externe factoren is het gevoelig? (6 ptn)&lt;br /&gt;
#* Opmerking: Veel fouten hier is dat studenten de secundaire structuur beschrijven. Er moet zeker staan: H bruggen tussen az en met omgeving, S-S bruggen (sommige studenten zetten maar één S, dat kan natuurlijk niet), hydrofobe interacties + VanderWaals, ionische interacties en algemene structuur, hydofobe binnen een polaire aan buitenkant. Bij externe omstandigheden dikwijls ok geantwoord, maar niet de reden waarom een eiwit dan stuk gaat. Bvb extreme pH. Waarom? (omdat dan de ionische interacties verstoord worden daar of alle COO- COOH worden en een eiwit dus positief geladen wordt. Hitte, detergenten (SDS), solventen, … &lt;br /&gt;
# Peroxisomen en glyoxisomen: Oorsprong en functie? Welke metabolische wegen gebeuren hier? In welke organismen komen ze voor? (6 ptn)&lt;br /&gt;
#* Opmerking: Komen van SER, en de vraag was welke metabolische reacties er plaatsvinden. Hier hadden die reacties opgeschreven moeten worden. Veel studenten antwoorden dat het doel is om H2O2 af te breken.  Neen, doel is om toxische stoffen af te breken met behulp van zuurstof en bij die afbraakreacties komt H2O2 vrij die enerzijds andere toxische stoffen kan neutraliseren, maar dan is er ook Katalase om H2O2 zelf ook af te breken, daar dit toxisch is Dit geeft de typische kristallen. Heel veel studenten antwoorden dat in glyoxysomen vetzuren worden omgezet in suikers. Dat is natuurlijk fout. De reactie in de glyoxysomen is om twee acetyl-coA om te zetten tot barnsteenzuur. En dieren hebben dat niet. &lt;br /&gt;
# Geef alle stappen die nodig zijn om een proteïnemengsel te kunnen scheiden met een kationuitwisselaar. Hoe kan kationuitwisselingschromatografie worden gebruikt om de 5 (gegeven) decapeptiden te scheiden? In welke volgorde elueren ze? (6 ptn)&lt;br /&gt;
#* Opmerking: Hier moet je weten hoe zo een kolom werkt en welke aminozuren er zuur zijn en welke basisch daar die het IEP gaan bepalen. Wat er zeker had moeten staan is dat initieel je de pH laag moet brengen zodat alle peptiden blijven hangen en dan geleidelijk de pH verhogen of de zoutconcentratie verhogen, daar ze er dan één voor één afkomen. &lt;br /&gt;
# Hoeveel moleculen sucrose nodig voor omzetting in 3 moleculen stearinezuur? Hoeveel ATP komt er vrij bij het verademen van de restproducten? (10 ptn)&lt;br /&gt;
#* Teken sucrose. Door welk enzym wordt het gehydrolyseerd? Wat zijn de hydrolyseproducten?&lt;br /&gt;
#* Welke metabolische wegen worden doorlopen? (gegeven dat het er 5 zijn, gewoon de namen van de wegen geven)&lt;br /&gt;
#* Teken de volledige metabolische reacties en schrijf de uiteindelijke reactievergelijking.&lt;br /&gt;
#* Hoeveel ATP-moleculen kunnen er gewonnen worden uit de gevormde producten die niet gebruikt werden voor de vorming van de vetzuren?&lt;br /&gt;
#* Opmerking: Sommige studenten vertrekken van stearinezuur om sucrose te maken?? Vraag goed lezen. Hier moet je dus via de pentosefosfaatweg gaan om voldoende NADPH te maken. Sommige studenten doen dat, maar gaan dan ook nog eens langs de volle glycolyse om de acetyl coA te maken maar als je de PPP doorloopt kom je ook terug uit bij pyrodruivenzuur/actyl coA. Van acetyl CoA dan naar stearinezuur, maar uiteraard de ATP verbruikende reactie om malonyl CoA te maken en per stap twee NADPH. In de oefensessie hebben jullie een gelijkaardige oefening gemaakt en was het ok om via de PPP pathway te gaan om voldoende pyrodruivenzuur te bekomen (maar een tekort aan NADPH). Studenten die dat gevolgd hebben was ook ok. &lt;br /&gt;
# Twee EM foto&#039;s: Welke celtypes zijn afgebeeld? (spiercel en delende plantencel) Benoem alle onderdelen + hun functie. (4 ptn)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=&amp;gt; examen op 38 ptn&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===13 juni 2021===&lt;br /&gt;
#Teken een oligosaccharide dat D-galactose met een alfa-1,6 binding gebonden is aan een D-fructose (furanose-vorm) die vervolgens met een alfa-1,4 binding gebonden is aan beta-D-ribose.&lt;br /&gt;
#Beschrijf (en teken eventueel) volgende woorden: Desmosoom, apoptosoom, beta-vouwbladstructuur, Gs-proteine en snelheidscentrifuge.&lt;br /&gt;
#Wat is SDS PAGE, wat kan men ermee onderzoeken, hoe werkt het en wat is het verschil met Native PAGE.&lt;br /&gt;
#Beschrijf en teken de vetzuursynthese van stearinezuur.&lt;br /&gt;
#Hoeveel moleculen ribose-5-fosfaat kan een gistcel maken uitgaande van 10 moleculen glutaminezuur bij een tekort aan aminozuren, wat is de totale ATP en coenzym verhouding. Geef de reactievergelijking, Neem de weg met de minste CO2 productie.&lt;br /&gt;
#Twee foto&#039;s. Alle onderdelen benoemen en de functies van deze onderdelen beschrijven. oa de kristalstructuren, R.E.R, ribosomen, celkern, Golgi apparaat.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 juni 2020===&lt;br /&gt;
#Teken de microtubuli van het cytoskelet en leg uit waarom het zo belangrijk is voor de deling van cellen. Wat zijn andere structuren van de cel waar microtubuli in voorkomen&lt;br /&gt;
#Teken Gram+-bacterie en Gram--bacterie en teken de celwand (mureïne). Leg het effect van peniciline uit op de celwand en waarom het geen effect heeft op ons&lt;br /&gt;
#Leg verschil uit tussen Instrinsieke en Extrinsieke signaalwegen. Waarom is apoptose zo belangrijk?&lt;br /&gt;
#Hoe kan men zonder de cel te denatureren de verschillende celonderdelen scheiden?&lt;br /&gt;
#Een gistcel maakt uit 4 moleculen stearinezuur, glucose-6-fosfaat. Hoeveel kan het er maken en hoeveel ATP blijft er over (Vetzuurafbraak, Gluconeogenese, Krebs-cyclus en Anaplerotische reacties)&lt;br /&gt;
#2 prentjes&lt;br /&gt;
#*Kristallen&lt;br /&gt;
#*Ribosomen&lt;br /&gt;
#*Nog dingen maar ik ben onzeker&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===7 juni 2020===&lt;br /&gt;
#teken gedetailleerd een alfa helix structuur en de binding, welk proteïne heeft vooral alfa helix structuren?&lt;br /&gt;
#trehalose en amylopectine tekenen, welke binding?&lt;br /&gt;
#geef functie van, een teken eventueel: mesosoom, protoplast, mycoplasma, chromomeer, middenlichaampje&lt;br /&gt;
#leg uit: actief transport&lt;br /&gt;
#hoe kun je een plasmamembraan goed zichtbaar maken onder een fluorescentiemicroscoop?&lt;br /&gt;
#hoeveel ATP verkrijg je bij het volledig verademen van 10 moleculen glycerol? (antwoord: 220 ATP)&lt;br /&gt;
#duidt structuren aan op foto&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===19 augustus 2019===&lt;br /&gt;
# Amylopectine is een belangrijk deel van zetmeel. Teken de structuur en alle atomen. Waar verschilt dit moleculen met glycogeen? &lt;br /&gt;
# Hoe wordt p53 geactiveerd? Wat heeft dit als resultaat? Wat is het gevolg indien het slecht functioneert? &lt;br /&gt;
# Hoe kan ionenuitwisselings chromatografie worden gebruikt om de 5 (gegeven) decapeptiden te scheiden. Welke elueert het eerst? &lt;br /&gt;
# Welke soort juncties zijn er? Teken en leg ze uit? &lt;br /&gt;
# Gistcellen kunnen groeien op een ethanol bodem. Hoeveel moleculen heeft een gistcel nodig om 12 moleculen ribose-5-P te maken. Hoeveel energiewinst is er? Geef alle stappen.&lt;br /&gt;
# 3 prenten:&lt;br /&gt;
## Ben ik vergeten&lt;br /&gt;
## Kliercel: benoem alle delen in de cel en geef hun functie. &lt;br /&gt;
## 2 Virussen(1 was Tabaksmozaïekvirus): wat is hun structuur en wat zijn het?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===26 juni 2019===&lt;br /&gt;
#leg gedetailleerd uit wat actief transport is&lt;br /&gt;
#geef de structuur van microtubuli, waarom zijn deze microtubuli belangrijk bij delende plantencellen? geef de structuur van flagellen bij eukaryote cellen en hoe zorgen deze voor beweging&lt;br /&gt;
#wat is Km?&lt;br /&gt;
#wat is een proplastide?&lt;br /&gt;
#wat is confocale fluorescentiemicroscopie en hoe kan deze gebruikt worden om een celmembraam te bekijken?&lt;br /&gt;
#hoeveel glycerol heb je nodig voor opbouw van 6 moleculen palmitinezuur? kan dit ook in anaerobe omstandigheden?&lt;br /&gt;
# 2 foto&#039;s, geef alle structuren die je ziet + functie &lt;br /&gt;
## 1 foto van kristallen in een kern&lt;br /&gt;
## 1 foto van mucusvesikels die uit een darmepitheelcel komen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===18 juni 2019===&lt;br /&gt;
#Wat is de moleculaire structuur van een celwand van een bacterie? Wat is het verschil tussen een gram+ en een gram- bacterie? Hoe heeft dit effect met penicilline? Waarom gebeurt dit niet bij de mens? &lt;br /&gt;
#Hoe kan men een enzym isoleren en scheiden uit een dierlijke cel? &lt;br /&gt;
#Wat is covalente modificatie? Geef twee voorbeelden, een waarbij het enzym vertraagt en een waarbij het enzym versnelt. &lt;br /&gt;
#Hoeveel ATP geeft de afbraak van tripalmitine? Hoeveel tripalmitine moet er worden afgebroken om 10 moleculen glucose te maken in een dierlijke cel? &lt;br /&gt;
#Twee EM-foto&#039;s bespreken en vijf termen uitleggen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===27 juni 2018===&lt;br /&gt;
#Biosynthese van palmitinezuur geven (met structuren) en zeggen waar deze plaatsvindt.&lt;br /&gt;
#Teken een spiercel en benoem de elementen. Leg verder ook mbv tekeningen uit hoe een spiercel werkt.&lt;br /&gt;
#5 begrippen uitleggen/tekenen: mesosoom, operon, guanine, blefaroplast en mycoplasma.&lt;br /&gt;
#Leg uit hoe je mbv affiniteitschromatografie zuiver hexokinase uit een levercel kan scheiden. Zijn er nog andere technieken om zuiver hexokinase te krijgen, zo ja leg deze dan uit.&lt;br /&gt;
#Hoeveel moleculen glycerol zijn er nodig om 10 moleculen alanine te vormen. Geef de metabolische wegen in de juiste volgorde en geef de volledige synthese (inclusief structuren). Er is genoeg ammonium aanwezig maar geen oxaalazijnzuur.&lt;br /&gt;
#Van 2 E.M foto&#039;s de structuren en hun functies benoemen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===19 juni 2018===&lt;br /&gt;
#Gluconeogenese geven/uitleggen&lt;br /&gt;
#Welke aminozuren kunnen gefosforiliseerd worden, en welke geglycosyleerd. Teken een gefosforiliseerd aminozuur.&lt;br /&gt;
#Confocale fluoricentiemicroscoop uitleggen en tekenen. Hoe kan dit gebruikt worden om het plasmamembraan te tonen.&lt;br /&gt;
#BBegrippen: p53, desmosoom, N-acetylmureinezuur, cysteine, chiasma.&lt;br /&gt;
#Hoeveel mol tripalmitinezuur heb je nodig voor 15 mol ribose?&lt;br /&gt;
#EM foto van glycocalyx met slijmbekercel en foto met peroxisoom.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===30 augustus 2017===&lt;br /&gt;
#Ionenuitwisselingschromatografie uitleggen&lt;br /&gt;
#Een stuk DNA tekenen&lt;br /&gt;
#De verschillende juncties tussen cellen uitleggen&lt;br /&gt;
#Biosynthese en afbraak van vetten tekenen en uitleggen&lt;br /&gt;
#Hoeveel moleculen glutaminezuur heb je nodig om 6 moleculen ribose-5-P te maken&lt;br /&gt;
#Fotos van cellen: spiercel en plantencel&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 augustus 2017===&lt;br /&gt;
#Koppel een fructosemolecule aan een galactose en deze aan een glucose op bepaalde manier (alpha,beta)&lt;br /&gt;
#Confocale fluorescentiemicroscopie&lt;br /&gt;
#Leg volgende termen uit: operon, plaques, cyclines, mesosoom, cystine&lt;br /&gt;
#Bespreek de lichtreacties (voorkomen, welke reacties gebeuren,...)&lt;br /&gt;
#Hoeveel sucrosemoleculen heb je nodig om 10 moleculen alanine te maken?&lt;br /&gt;
#2 E.M. foto&#039;s, de ene was een spiercel (actine en myosine), de andere weet ik niet zeker&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 juni 2017===&lt;br /&gt;
#Maak een (erg gedetailleerde) tekening van de secretieweg van DNA tot enzyme, voor een enzyme dat als functie heeft de celwand opbouwen. Leg hierbij alle belangrijke stappen uit.&lt;br /&gt;
#Actief transport bij bacteriën, schimmels en dieren uitleggen, met glucose als voorbeeld&lt;br /&gt;
#Je wil 6 proteïnen scheiden door een anionuitwisselingschromatografie uit te voeren, welke stappen zijn hierbij? Maak ook een tekening&lt;br /&gt;
#Hoeveel glycerol heb je nodig ter vorming van 4 moleculen tripalmitine? Hoeveel ATP is er over na volledige verademing van uw restproducten en reducerend vermogen? Geef op volgorde alle metabolische wegen die hierbij gebruikt werden. Geef schematisch alle stappen die doorlopen worden bij de vorming van tripalmitine uit glycerol, en geef de netto reactievergelijking (inclusief ATP).&lt;br /&gt;
#2 foto&#039;s aanduiden alles dat je herkent en de functie ervan geven, was een slijmbekercel en een heel erge close up van een plantencel&lt;br /&gt;
#5 termen verklaren: apoptosoom, DNA primase, N-acetylglucosamine, proplastide en Km&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 juni 2016===&lt;br /&gt;
#cytokinese dier &amp;amp; plant&lt;br /&gt;
#donkerracties en verschil C3,C4 en CAM &lt;br /&gt;
#adrenaline&lt;br /&gt;
#vriesbreuk en vriezers&lt;br /&gt;
#ato berekenen in cyclus&lt;br /&gt;
#fotokes van vet en golgi app&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 juni 2016 ===&lt;br /&gt;
#bespreek celwand van bacterien en schimmels op vlak van structuur, functie en chemische samenstelling&lt;br /&gt;
#inductie en repressie uitleggen adhv lac-operon en trp-operon&lt;br /&gt;
#oef: hoeveel mol ribose-5-P kan je maken uit glutaminezuur? bereken hoeveel ATP je over hebt en schrijf de volledige cycli uit (antwoord 3 mol ribose-5-P) &lt;br /&gt;
#fotos over juncties en chloroplast&lt;br /&gt;
#gelfiltratie uitleggen + hoe daaruit molecuulgewicht proteinen bepalen&lt;br /&gt;
#structuur en werking van een spiercel uitleggen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 juni 2016 ===&lt;br /&gt;
#bespreek celwand van schimmels en bacterie (moleculair, structuur, functie)&lt;br /&gt;
#bespreek gelfiltratie + hoe kan men de moleculaire massa berekenen van een proteine&lt;br /&gt;
#bespreek de spiercel (werking, structuur)&lt;br /&gt;
#Bespreek genrepressie en geninductie aan de hand van beta galactosidase en tryptofaan&lt;br /&gt;
#metabolisme: hoeveel ribulose 5 fosfaat uit 5 glutaminezuur (geef namen gebruikte wegen + theoretische ATP opbrengst)&lt;br /&gt;
#Structuren desmosoom/dichte junctie en chloroplas&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 juni 2016===&lt;br /&gt;
#bespreek de onderzoeken naar de regulatie van de celcyclus (MPF enzo...). Wat kan er misgaan wanneer de regulatie niet goed verloopt? (tumor, p53, oncogenen).. &lt;br /&gt;
#Bespreek oorsprong structuur en functie van glyoxisomen en peroxisomen (bijvraag: waar vind je vb glyoxisomen: noten,zaden) &lt;br /&gt;
# kationuitwisselingschromatografie uitleggen +methode om 4 peptiden te scheiden hiermee uitleggen&lt;br /&gt;
# bespreek: Gs proteine (algemeen, niet adrenaline), Km(enzyme),Prion&lt;br /&gt;
# Hoeveel ATP moeten de lichtreacties maken voor de synthese van 6 mol sucrose via donkerrracties (UDPG niet vergeten)&lt;br /&gt;
# 2 fotos: chloroplast, 10 structuren aanduiden, darmepitheelcel met glycocalix en veel mucus blijkbaar geen lysosomen dus&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===13 juni 2016 NM===&lt;br /&gt;
#bespreek microtubuli en de structuren aan die in de cel voorkomen.&lt;br /&gt;
# Welk peptide wordt er gevormd (DNA gegeven)&lt;br /&gt;
# waaruit bestaat een spiercel en bespreek de werking ervan&lt;br /&gt;
# Bespreek de calvin-cyclus. Wat zijn de inputs en wat zijn de outputs? &lt;br /&gt;
#Hoeveel moleculen glycerol hebt je nodig om 9 moleculen ribose-5- fosfaat te maken? ( pentosefosfaat weg omkeren)&lt;br /&gt;
#em foto&#039;s &lt;br /&gt;
#*was een plantencel blaasjes golgi-apparaat aant afzetten was op de fragmoplast&lt;br /&gt;
#*De tweede foto was een slijmbekercel&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===13 juni 2016 VM===&lt;br /&gt;
# Structuur glycogeen? Biosynthese er van en afbraak ervan? (Moest blijkbaar adrenaline bij betrekken)&lt;br /&gt;
# aminozuren uitleggen en de structuur van proteine&lt;br /&gt;
#structuur en functie van de celwand bij bacteriën&lt;br /&gt;
#de stappen nodig om een zuivere fractie van polysomen te verkrijgen. Das zo met differentiële centrifugatie &lt;br /&gt;
# hoeveel mol ethanol nodig om 6 mol ribos-6-fosfaat te vormen. &lt;br /&gt;
# 2 foto&#039;s ene was met peroxisoom (kristal in), mitochondrie en chloroplast. 2e was ook vormen van fragmoplast&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 23 juni 2015 VM ===&lt;br /&gt;
# Bespreek de lichtreacties&lt;br /&gt;
# Belangrijkste cel differentiaties bij Planten.&lt;br /&gt;
# Hoe kan men cellen in een oplossing tellen? Hoe gebeurd dit bij bacteriofagen?&lt;br /&gt;
#Teken en bespreek de structuur en functie van de glycocalix bij dieren&lt;br /&gt;
#hoeveel maltose moleculen zijn er nodig bij de synthese van alanine in een cel met een tekort aan energie&lt;br /&gt;
# 2 foto&#039;s: een prokaryoot en een spiercel&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 24 juni 2015 VM ===&lt;br /&gt;
# Bespreek de enkelvoudige en meervoudige suikers en teken de belangrijkste.&lt;br /&gt;
# apoptose&lt;br /&gt;
# Penicilline en chloramfenicol &lt;br /&gt;
# Opbouw en afbraak van vetten&lt;br /&gt;
# 2 foto&#039;s eentje van een floeemcel de andere van een vetdruppels met glyoxisomen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 23 juni 2015 VM ===&lt;br /&gt;
# Geef alle soorten lipiden, uitleg, tekening&lt;br /&gt;
# wat is een sarcomeer en leg werking uit,&lt;br /&gt;
# vier woorden: microsoom, beta-mercapto-ethanol, tonofilamenten en dna primase, &lt;br /&gt;
# Geef heel calvincyclus&lt;br /&gt;
# Oefening met al die metabolisme en ATP enzo. Iets mat stearinezuur afbreken tot pyrodruivenzuur ofzo tongue-emoticon&lt;br /&gt;
# 2 fotos : celkern met kristallen en dan blijkbaar een zeefvat&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 22 juni 2015 NM ===&lt;br /&gt;
# Alles van de plantencelwand&lt;br /&gt;
# Oef met DNA sequentie en translatie&lt;br /&gt;
# Oxidatieve fosforylatie vs foto fosforylatie&lt;br /&gt;
# Hoe kan je polysomen en ribosomen scheiden&lt;br /&gt;
# Hoeveel mol glycerol heeft een gistcel, die in de G0-fase zit, nodig om met ademhaling 110 Mol ATP te synthetiseren&lt;br /&gt;
# Foto van openbarstende darmepitheelcel (met mucus) en van een plantencel&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 22 juni 2015 VM ===&lt;br /&gt;
# Structuur en functie van endoplasmatisch reticulum&lt;br /&gt;
# Hoe wordt de activiteit van fosfofructokinase geregeld?&lt;br /&gt;
# Cytoskelet bij planten en dieren&lt;br /&gt;
# Bespreek de lichtreacties&lt;br /&gt;
# hoeveel mol ethanol nodig opdat gistcellen 4 mol ribose-5-P kunnen maken. Welke metabolische weg komen hierbij tussen? Hoeveel ATP blijft er over? &lt;br /&gt;
# 2 foto&#039;s: de eerste was een zenuwcel met microtubuli en de tweede met een peroxisoom.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 16 juni 2015 ===&lt;br /&gt;
# bespreek suikers en polysacchariden en teken de belangrijkste&lt;br /&gt;
# welke reacties vinden plaats op het thelakoïdmembraan en wat zijn de inputs en outputs&lt;br /&gt;
# geef uitleg; middenlichaampje, callus, mitosis-promoting factor MPF, blefaroblast&lt;br /&gt;
# hoeveel mol glutaminezuur moet omgezet worden in oxaalazijnzuur om voldoende ATP te maken voor de afbraak van 5 mol stearinezuur&lt;br /&gt;
# bespreek SDS-page en waarvoor dient het&lt;br /&gt;
# foto van floëemcellen en foto van kern met kristallen p p295&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 26 juni 2014 ===&lt;br /&gt;
#IEP uitleggen en peptiden rangschikken op IEP&lt;br /&gt;
#Transport van voedingsstoffen over de celmembraan bespreken&lt;br /&gt;
#Methoden om de volgorde van enzymen in een metabolische pathway te bepalen&lt;br /&gt;
#Glyoxylzuurcyclus bespreken&lt;br /&gt;
#Hoevel mol glycerol nodig voor 2 mol palimitinezuur&lt;br /&gt;
#Foto van jonge plantencel en van peroxisoom&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 juni 2014===&lt;br /&gt;
#Transport van voeding door de membraan&lt;br /&gt;
#Plantencelwand bespreken&lt;br /&gt;
#Bespreek de pentosefosfaatweg (alles)&lt;br /&gt;
#Tellen van bacteriofagen&lt;br /&gt;
#1 mol tripalmitine (vergeet glycerol niet!)&lt;br /&gt;
#Foto van plantencel (chloroplast volledig en ook vacuole enzo) + floeemcel (gedifferentieerde plantencel)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 19 juni 2014 ===&lt;br /&gt;
#Leg de rol van enzymen als katalysatoren uit in de metabolische reactie wegen&lt;br /&gt;
#Wat doe adrenaline in de levercellen als je schrikhebt?&lt;br /&gt;
#Leg de weg uit die katalase aflegt in de cel beginnende bij DNA.&lt;br /&gt;
#Leg ionenuitwisselingschromatografie uit.&lt;br /&gt;
#Hoeveel mol maltose heb je nodig voor de aanmaak van 2 mol stearine? Welke metabolische reactiewegen komen hier bij te pas? Welke zijn de energieleverende/ energie verbruikende stappen?&lt;br /&gt;
#Prent van cel met glycogeenkorrels, RER, SER, mitochondrien etc&lt;br /&gt;
#Prent van plant cel in cytokinese --&amp;amp;gt; aanmaak van middenlamel door fragmoplast etc&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 12 juni 2014 (namiddag) ===&lt;br /&gt;
#Transport over celmembraan&lt;br /&gt;
#Kern met rer tekenen en functie uitleggen &lt;br /&gt;
#Wat doet adrenaline in levercellen&lt;br /&gt;
#Confocale fluorescentie microscopie uitleggen&lt;br /&gt;
#Hoeveel acetaat je nodig hebt voor 3 mol glycerol en waar wordt energie geproduceerd &lt;br /&gt;
#Foto van glycogeenkorrels en van kristallen in kern&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 12 juni 2014 (voormiddag) ===&lt;br /&gt;
#fosfofructokinase van dna tot enzyme de weg die het moet doen en regulatie&lt;br /&gt;
#plantencelwand opbouw componenten en functie&lt;br /&gt;
#tellen van cellen en bacteriofagen&lt;br /&gt;
#hoeveel glucose nodig voor 4 alanine te maken&lt;br /&gt;
#foto van zenuwuitlopers en vorming nieuwe celwand bij planten: fragmoplast&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 17 juni 2013 (namiddag) ===&lt;br /&gt;
#Bespreek de eenvoudige suikers en polysacchariden.&lt;br /&gt;
#Bespreek de biosynthese en afbraak van vetzuren.&lt;br /&gt;
#Wat is de functie van glyoxisomen? Hoe kan je deze zichtbaar maken bij fluorescentie microscopie?&lt;br /&gt;
#Een gistcel kan groeien op ethanol. Om te groeien moet de celwand groeien, deze is opgebouwd uit polymeren van suikers. &lt;br /&gt;
#*Hoeveel mol ethanol is er nodig om 10 mol glucose te maken? &lt;br /&gt;
#*Kan de gistcel groeien op ethanol in anaëroob milieu? (antwoord: p469 laatste 5 regels in middelste stuk)&lt;br /&gt;
#prent aanduiden: &lt;br /&gt;
#*desmosoom &lt;br /&gt;
#*peroxisoom met kristalstructuur&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 17 juni 2013 (voormiddag) ===&lt;br /&gt;
#Teken de overgang van kernmembraan naar R.E.R. Wat is de functie van dit laatste?&lt;br /&gt;
#Bespreek geprogrammeerde celdood. Is er een link met kanker?&lt;br /&gt;
#Geef de methode(n) hoe je proteïnen kan splitsen op basis van hun lading.&lt;br /&gt;
#Hoe werkt het B-galactosidase operon bij E. Coli?&lt;br /&gt;
#Hoeveel mol glucose kan je maken met 3 mol palmitinezuur? Welke metabolische wegen worden er gevolgd? Hoeveel ATP kan er eventueel gevormd worden?&lt;br /&gt;
#Foto&#039;s:&lt;br /&gt;
#* p254&lt;br /&gt;
#*p218 (ongeveer)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===13 JUN 2013 NM===&lt;br /&gt;
# Bespreek de secretieweg in een cel van gen tot gesecreteerd eiwit.&lt;br /&gt;
# Als een mens schrik heeft komt er adrenaline vrij. Wat gebeurt er dan in de lever?&lt;br /&gt;
# Hoe werkt SDS-PAGE?&lt;br /&gt;
# Een uitgehongerde zoogdiercel maakt 4 glutaminezuurmoleculen en 2 asparaginezuurmoleculen. Hoeveel fructose is hier voor nodig en hoeveel CO2 wordt er door het organisme geproduceerd bij deze omzetting?&lt;br /&gt;
# 2 foto&#039;s: chloroplast tegen celwand aangedrukt door vacuole en celkern met kristallen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 13 jun 2013 (voormiddag) ===&lt;br /&gt;
#Bespreek de celwand vn de bacterie&lt;br /&gt;
#Uitleggen wat MFP met celcyclus te maken heeft en welke drie onderzoeken er toe geleid hebben&lt;br /&gt;
#Confocale fluorecentiemmicroscopie uitleggen&lt;br /&gt;
#Een oefening met hoeveel mol&lt;br /&gt;
#2 prentjes:&lt;br /&gt;
#*floëmcellen&lt;br /&gt;
#*gewoon RER, SER, Peroxisoom, mitochondrïen aanduiden (kan zijn nog iets)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=Examenvragen vanaf 2009=&lt;br /&gt;
== Biochemie ==&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 27 jun 2011 ===&lt;br /&gt;
#elektronentransportketen uitleggen.&lt;br /&gt;
#Met welke methodes kan je glyoxisomen bestuderen (door microscopische analyse) in de cel?&lt;br /&gt;
#Vetzuren en lipiden bespreken&lt;br /&gt;
#Differentiaties in plantencellen&lt;br /&gt;
#Foto van spiercel + kern delen benoemen.&lt;br /&gt;
#C1 van een glucosemolecule wordt radioactief gemerkt. We zien dat C6 van een 1,6-bisfosfaatfructosemolecule ook radioactieve sporen vertoond. Verklaar dit.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 16 jun 2010 ===&lt;br /&gt;
#Bespreek de lichtreactie van de fotosynthese.&lt;br /&gt;
#Bespreek hoe je aminozuren en suikers kan scheiden en deze onderling kan scheiden.&lt;br /&gt;
#Bespreek: de weg die wordt afgelegd van DNA tot glycocalyx van een proteïne.&lt;br /&gt;
#Hoeveel ribose 5-P kunnen gevormd worden uit 5 moleculen glutaminezuur. Hoeveel ATP komt hierbij vrij?&lt;br /&gt;
#Twee foto&#039;s waarbij alle structuren moeten aangeduid worden (chloroplast en jonge plantencel)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 8 jun 2010 ===&lt;br /&gt;
Mondeling met schriftelijke voorbereiding&lt;br /&gt;
#Bespreek de suikers&lt;br /&gt;
#Bespreek de pentosefosfaatweg (PPP)&lt;br /&gt;
#Bespreek SDS-PAGE&lt;br /&gt;
#Hoeveel molecule alpha-ketoglutaarzuur moeten er in de cel omgezet worden naar fumaarzuur om voldoende ATP te maken voor de synthese van 6 moleculen palmitinezuur (vertrekkende van Acetyl-Coa en uitgaand van het feit dat alle cofactoren aanwezig zijn) ? [Antwoord: 7]&lt;br /&gt;
#Twee foto&#039;s waarbij alle structuren moeten aangeduid worden (levercel en prokaryote cel)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
== Chemie == &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===3 JUN 2012 VM===&lt;br /&gt;
# celdifferentiatie in ene plantencel&lt;br /&gt;
# transport voeding cel&lt;br /&gt;
# geef de verschillen tussen de glycolyse en de gluconeogenese daar waar de enzymen verschillend zijn&lt;br /&gt;
# 2 stearinezuur omvorme na ribose, er is geen NAD+, geef de cusclussen die je gebruikt, is er atp genoeg, kan het volledig worden omgezet?&lt;br /&gt;
# 2 tekeningen (darmwand en spiercel)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===3 FEB 2012 NM===&lt;br /&gt;
# Bespreek enkelvoudige en meervoudige suikers&lt;br /&gt;
# Welke soorten juncties zijn er en wat is hun functie?&lt;br /&gt;
# Bespreek ionenuitwisselingschromatogafie&lt;br /&gt;
# 2 foto&#039;s&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===30 JAN 2012 VM===&lt;br /&gt;
# Bespreek aminozuren en ruimtelijke opbouw van proteïnen &lt;br /&gt;
# Rangschik 5 proteïnen volgens hun isoelektrisch punt, van hoog naar laag (je krijgt hier dan 5 aminozuursequenties) &lt;br /&gt;
# Teken de overgang tussen kernmembraan en het RER en bespreek de functie van het RER. &lt;br /&gt;
# Bespreek de verschillende centrifugatietechnieken.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 JAN 2012 NM===&lt;br /&gt;
# bespreek de enkelvoudige en meervoudige suikers&lt;br /&gt;
# bespreek de celwand bij bacterien en schimmels&lt;br /&gt;
# leg uit ionenuitwisselingschromotografie&lt;br /&gt;
# 2 foto&#039;s waar ge alles op moet aanduiden&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 JAN 2012 VM===&lt;br /&gt;
# Bespreek de celwand bij planten&lt;br /&gt;
# Bespreek microtubuli en hun structuren&lt;br /&gt;
# SDS-page (blijkbaar moest ge u practicumboek ook kennen :s)&lt;br /&gt;
# foto van kern me kristallen en een bacterie&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 JAN 2012 NM===&lt;br /&gt;
# Bespreek vetzuren en lipiden&lt;br /&gt;
# Bespreek wat er allemaal gebeurd en hoe het transport gebeurd van een specifiek proteïne vertrekkende van het genome DNA tot aan de glycocalyx (mss iets ander geformuleerd)&lt;br /&gt;
# Bespreek de technieken om een basaalkorrel zichtbaar te maken in de cel. -&amp;amp;gt; ECHT IN FUNCTIE VAN DE BASAALKORREL DOEN DUS adh van het proteïne tubuline!!!&lt;br /&gt;
# 2 foto&#039;s 1 van die rozetstructuren van glycogeenpartikels en dieje andere was met gwn een celkern met kristalijne kristallen (2 foto&#039;s die hem duidelijk in de les heeft vermeld da ge daar moet op lette)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 20 JAN 2012 VM ===&lt;br /&gt;
#Bespreek de nucleinezuren, als monomeer en macromolecule, en hun ruimtelijke structuur bij eukaryoten en prokaryoten.&lt;br /&gt;
#Bespreek het endoplasmatisch reticulum.&lt;br /&gt;
#Bespreek gelfiltratie en leg uit hoe het ka ngebruikt worden om het moleculaire gewicht van een proteine te bepalen.&lt;br /&gt;
#2 EM-fotos, alle structuren aanduiden en de functie ervan geven.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 JUN 2011 NM===&lt;br /&gt;
#bespreek de vermenigvuldiging van virussen&lt;br /&gt;
#Bespreek de bio-synthese en afbraak van vetzuren&lt;br /&gt;
#Bespreek de vrijzetting van adrenaline in het bloed&lt;br /&gt;
#Hoeveel mol ATP wordt er geproduceerd uit 5 mol glucose en 3 mol glycerol? Hoeveel mol glutaminezuur kan worden geproduceerd uit 5 mol glucose en 3 mol glycerol wanneer er genoeg ammoniak in de cel aanwezig is?&lt;br /&gt;
#twee foto&#039;s&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 JUN 2011 VM===&lt;br /&gt;
#Bespreek de cytokinese bij planten.&lt;br /&gt;
#Bespreek het transport van voedingsstoffen naar binnen in de cel.&lt;br /&gt;
#Bespreek de lichtreacties van de fotosynthese.&lt;br /&gt;
#Hoeveel mol fructose is er nodig voor de synthese van 3 mol palmitinezuur?&lt;br /&gt;
#twee foto&#039;s&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 JAN 2011===&lt;br /&gt;
#Bespreek de celwand bij planten.&lt;br /&gt;
#Bespreek de proteïnen en hoe ze zijn opgebouwd in een ruimtelijke structuur.&lt;br /&gt;
#Geef de belangrijkste verschillen tussen gram positieve en gram negatieve bacteriën en hoe kan je die van elkaar onderscheiden?&lt;br /&gt;
#Bespreek moleculaire exclusiechromatografie en hoe kan je hiermee het MW van een eiwit bepalen?&lt;br /&gt;
#Twee foto&#039;s&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===22 JUN 2010===&lt;br /&gt;
# Bespreek de structuur en werking van spiercellen.&lt;br /&gt;
# Bespreek de lichtreacties van de fotosynthese.&lt;br /&gt;
# Hoeveel ATP wordt er geproduceerd bij afbraak van 5 mol glycerol en 2 mol glucose? stel: Glutaminezuur tekort in de cel, hoeveel mol glutaminezuur kan geproduceerd worden met 5 mol glycerol en 2 mol glucose?&lt;br /&gt;
# Hoe werkt adrenaline?&lt;br /&gt;
# Hoe werkt het tryptofaan operon bij aanwezigheid en afwezigheid van tryptofaan?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===15 JUN 2010===&lt;br /&gt;
# Bespreek differentiatie van plantaardige cellen&lt;br /&gt;
# Bespreek gemedieerd transport&lt;br /&gt;
# Bespreek de glyoxyzuurcyclus (waar, in- en outputs en waar de producten verder naartoe gaan...)&lt;br /&gt;
# Hoeveel fructosemoleculen heb je nodig om 4 moleculen glutaminezuur en 2 moleculen asparaginezuur te maken. Hoeveel CO2 wordt hierbij gemaakt? Leg uit a.d.h.v. metabolische wegen.&lt;br /&gt;
# Bespreek hoe de enzymes elkaar opvolgen (niet in deze woorden, maar &#039;t komt erop neer)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===25 JAN 2010===&lt;br /&gt;
Mondeling met schriftelijke voorbereiding&lt;br /&gt;
#Bespreek de structuur en de functie van microtubuli en de verschillende structuren die hieruit zijn opgebouwd. (p. 240-261)&lt;br /&gt;
#Bespreek de ruimtelijke structuur van eiwitten. (p. 53-60)&lt;br /&gt;
#Bespreek de verschillende centrifugatie methoden. (p. 285-290)&lt;br /&gt;
#Twee foto&#039;s&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===18 JAN 2010===&lt;br /&gt;
Mondeling met schriftelijke voorbereiding&lt;br /&gt;
#Bespreek de celwand bij planten. (bijvragen over de chemische opbouw van (hemi)cellulose, extensises,...)&lt;br /&gt;
#Bespreek RNA transcriptie en DNA duplicatie.&lt;br /&gt;
#Bespreek de moleculaire exclusiechromatografie.&lt;br /&gt;
#2 foto&#039;s van cel(onderdelen). Alles benoemen, ook vanzelfsprekendheden (cytoplasma,...)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 JAN 2010 ===&lt;br /&gt;
Mondeling met schriftelijke voorbereiding&lt;br /&gt;
# Bespreek de enkelvoudige en de meervoudige sacchariden (bijvraag: hoe heeft men de L en D suikers bepaald, met welk suiker hebben ze dit gedaan)&lt;br /&gt;
# Bespreek de overgang van het kernmembraan en het RER en geef de functie van het RER&lt;br /&gt;
# Bespreek SDS PAGE&lt;br /&gt;
# Duid op de volgende 2 foto&#039;s de delen aan (ALLES aanduiden, cytoplasma en alles wat ook &#039;normaal&#039; lijkt!)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
leer ALLE details!&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=Examenvragen van 2007 - 2009=&lt;br /&gt;
=== 2 sept 2009 - Biochemie ===&lt;br /&gt;
Van Dijck&lt;br /&gt;
# Bespreek de enkelvoudige en meervoudige suikers.&lt;br /&gt;
# Bespreek de verschillende plastiden.&lt;br /&gt;
# Welke techniek kan men gebruiken om celmembranen te bestuderen onder de EM? Bespreek de twee varianten.&lt;br /&gt;
# Twee foto&#039;s&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Thevelein&lt;br /&gt;
* Hoofdvraag&lt;br /&gt;
*# Bespreek het verband tussen de elektrontransportketen en oxidatieve fotofosforylatie.&lt;br /&gt;
* Bijvragen&lt;br /&gt;
*# Glyoxylzuurcyclus&lt;br /&gt;
*# Hoeveel glucosemoleculen heeft een schimmelcel nodig om 2 glutaminezuur en 4 asparaginezuur te maken? Wordt er hierbij ook CO2 geproduceerd en indien ja, hoeveel?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 24 Juni 2009 - Chemie - Thevelein ===&lt;br /&gt;
* hoofdvragen&lt;br /&gt;
*# Bespreek de Krebscyclus.&lt;br /&gt;
*# Bespreek de lichtreactie vd fotosynthese.&lt;br /&gt;
*# Leg genrepressie en geninductie uit aan de hand van klassieke voorbeelden.&lt;br /&gt;
* bijvragen&lt;br /&gt;
*# Wat is groepstranslocatie?&lt;br /&gt;
*# Bereken hoeveel mol ATP er wordt vrijgezet bij de volledige oxidatie van 1 mol tristearine.&lt;br /&gt;
*# Nog een oefening zoals hierboven maar nu met aminozuren enzo...&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 19 Juni 2009 - Biochemie ===&lt;br /&gt;
Van Dijck &lt;br /&gt;
# bespreek de structuur van microtubuli en de structuren die eruit bestaan.&lt;br /&gt;
# Bespreek de nucleïnezuren en nucleotiden en hun ruimtelijke structuren.&lt;br /&gt;
# Leg gelchromatografie (??) (da met gelbollekes sorteren) uit en hoe je het molecuulgewicht v eiwitten hiermee kan berekenen.&lt;br /&gt;
# 2 foto&#039;s uit oefenzittingen&lt;br /&gt;
 &lt;br /&gt;
Thevelein&lt;br /&gt;
* hoofdvraag&lt;br /&gt;
*# Vergelijk gluconeogenese en glycolyse (startproducten, plaats id cel,..)&lt;br /&gt;
* bijvragen&lt;br /&gt;
*# bespreek glyoxylzuurcyclus&lt;br /&gt;
*# Bereken hoeveel moleculen glucose een schimmelcel nodig heeft om 2 moleculen glutaminezuur en 4 moleculen asparaginezuur te produceren. Wordt hierbij CO2 gevormd en zo ja hoeveel? Leg uit adhv de gebruikte cycli.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 Juni 2009 - Biochemie ===&lt;br /&gt;
Van Dijck &lt;br /&gt;
# bespreek de celwand bij planten&lt;br /&gt;
# bespreek peroxisomen en glyoxisomen&lt;br /&gt;
# rankschik de volgende peptiden volgens iso-elektrisch punt. en wat is iso-elektrisch punt. vb.COOH-cysteïne-proline-histidine-cysteïne-lysine-methionine-asparaginezuur-NH2&lt;br /&gt;
# 2 fotos: 1 van een chloroplast, en 1 van een zenuwcel&lt;br /&gt;
Thevelein&lt;br /&gt;
*hoofdvraag&lt;br /&gt;
*# bespreek de lichtreacties van de fotosynthese&lt;br /&gt;
*bijvragen&lt;br /&gt;
*#geef volledige metabolische weg om asparaginezuur te vormen uit glycerol en NH3&lt;br /&gt;
*#Kan een cel in anaërobe omstandigheden het meest ATP halen uit glucose via de Glycolyse of eerst via PP(pentosfosfaatweg).en toon aan.-&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 26 jan 2009 - Chemie - Van Dijck ===&lt;br /&gt;
# Bespreek nucleotiden en nucleïnezuren&lt;br /&gt;
# Welke soorten juncties zijn er en wat is hun functie?&lt;br /&gt;
# Hoe kan je aminozuren van suikers scheiden en hoe kan je ze verder opzuiveren?&lt;br /&gt;
# Teken het celmembraan (of was de vraag nu glycocalyx?) van een dierlijke cel en duidt de onderdelen aan.&lt;br /&gt;
# Wat is het iso-elektrisch punt van een proteïne en wat ben je ermee?&lt;br /&gt;
# 2 fotos: 1 van een prokaryote cel, en 1 van een plantencel&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 jan 2009 - Chemie - Van Dijck ===&lt;br /&gt;
Mondeling met schriftelijke voorbereiding&lt;br /&gt;
# bespreek de enkelvoudige en de meervoudige sacchariden (bijvraag: hoe heeft men de L en D suikers bepaald, met welk suiker hebben ze dit gedaan)&lt;br /&gt;
# bespreek de overgang van het kernmembraan en het RER en geef de functie van het RER&lt;br /&gt;
# bespreek SDS PAGE&lt;br /&gt;
# duid op de volgende 2 foto&#039;s de delen aan (ALLES aanduiden, cytoplasma en alles wat ook &#039;normaal&#039; lijkt!)&lt;br /&gt;
leer ALLE details!&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 22 aug 2008 - Biochemie ===&lt;br /&gt;
Thevelein:&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
* Hoofdvraag:&lt;br /&gt;
*# Bespreek de samenstelling en mechanisme van elektronentransportketen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
*Bijvragen:&lt;br /&gt;
*# Welke reacties worden gekatalyseerd door volgende enzymes:&lt;br /&gt;
*#* pyruvaat decarboxylase&lt;br /&gt;
*#* pyruvaat dehydrogenase&lt;br /&gt;
*#* pyruvaat kinase&lt;br /&gt;
*#* pyruvaat carboxylase&lt;br /&gt;
*# een cel zet oxaalazijnzuur, citroenzuur en NH3 om in asparaginezuur en glutaminezuur, geef de reactie.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Van Dijck:&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# bespreek structuur en functies van de microtubuli en bespreek de structure waar ze voorkome (/3)&lt;br /&gt;
# bespreek structuur van de proteïnen en waar komen deze voor (/3)&lt;br /&gt;
# hoe kan je het molecuulgewicht van een proteïne bepalen met exclusiechromatografie (/2)&lt;br /&gt;
# wat is hemicellulose? (/1)&lt;br /&gt;
# duid celorganellen aan op de prent (/1) --&amp;amp;gt; twas een levercel met veel secretiepartikels&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 26 jun 2008 - Chemie - Thevelein ===&lt;br /&gt;
Hoofdvragen:&lt;br /&gt;
# e-transport&lt;br /&gt;
# pentosefosfaatweg&lt;br /&gt;
# regulatie van het metabolisme&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Bijvragen:&lt;br /&gt;
# glyoxylzuurcyclus&lt;br /&gt;
# glucose+NH3--&amp;amp;gt;glutaminezuur+CO2 hoeveel ATP wordt er geproduceerd (aeroob organisme)&lt;br /&gt;
# synthese van trehalose uit glucose dat via symport in de cel komt. Hoeveel ATP moet er via melkzuurgisting gewonnen worden om 2 trehalose moleculen te vervaardigen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 26 jun 2008 - Chemie - Thevelein === &lt;br /&gt;
Hoofdvragen&lt;br /&gt;
# Bespreek de Krebscyclus&lt;br /&gt;
# Bespreek het membraantransport en de membraanpotentiaal&lt;br /&gt;
# Bespreek de lichtreacties van de fotosynthese&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Bijvragen&lt;br /&gt;
# Adrenaline als glucosevrijzetter&lt;br /&gt;
# Bespreek in detail de biosynthese en afbraak van vetzuren&lt;br /&gt;
# Een bacteriële cel in aërobe omstandigheden zet glucose om in pyrodruivenzuur. Waar wordt het meeste ATP geproduceerd, via de glycolyse of via de pentosefosfaatweg?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 20 jun 2008 - Chemie - Thevelein===&lt;br /&gt;
Hoofdvragen:&lt;br /&gt;
# Bespreek de calvincyclus.&lt;br /&gt;
# Bespreek membraantransport en bespreek hoe membraanpotentiaal hierbij tussenkomt.&lt;br /&gt;
# Bespreek de regulatie van het metabolisme.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Bijvragen:&lt;br /&gt;
# Glyoxylzuurcyclus.&lt;br /&gt;
# Adrenaline als glucose vrijzetter.&lt;br /&gt;
# Een denkvraag ivm proton-motive en dinitrofenol.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 20 jun 2008 - Biochemie ===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Thevelein:&lt;br /&gt;
# lichtreacties&lt;br /&gt;
# oefeningen:&lt;br /&gt;
#* tristearaat, hoeveel ATP wordt er gevormd&lt;br /&gt;
#* vorming van asparaginezuur en glyoxylzuur uit citroenzuur en NH3&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Van Dijck:&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
* schriftelijk&lt;br /&gt;
*# soorten bindingen in macromolecules, tekenen +bespreken&lt;br /&gt;
*# wat is threhalose, mesozoom&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
* mondeling&lt;br /&gt;
*# endoplasmatisch riticulum bespreken&lt;br /&gt;
*# microtubuli bespreken&lt;br /&gt;
*# plaatsbepaling van moleculen in de cel, methoden bespreken&lt;br /&gt;
*# 2 foto&#039;s herkennen+organellen benoemen: lever en oliehoudende zaden&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 19 jun 2008 - Biochemie ===&lt;br /&gt;
Thevelein:&lt;br /&gt;
* Grote vraag: &lt;br /&gt;
*# membraantransport bespreken&lt;br /&gt;
* Bijvragen: &lt;br /&gt;
*# ge hebt 24 glucosemoleculen, die ge via PP en dÃ¡n pas de glycolyse gaat afbreken tot acetyl-CoA, waarna ge X aantal palmitinemoleculen gaat opbouwen. Hoeveel ATP wordt er gevormd? En hoeveel NADPH hebt ge tekort?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Van Dijck:&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
*Schriftelijk:&lt;br /&gt;
*# bespreek RNA en DNA&lt;br /&gt;
*# leg uit: &lt;br /&gt;
*#* isopycnische centrifugatie &lt;br /&gt;
*#* mycoplasma&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
*Mondeling:&lt;br /&gt;
*# bespreek mono- en polysachariden&lt;br /&gt;
*# celwand bij bacterien + Gram positieve en Gram negatieve bacterien&lt;br /&gt;
*# ionenuitwisselingschromatografie&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 13 jun 2008 - Biochemie ===&lt;br /&gt;
Thevelein:&lt;br /&gt;
* hoofdvraag:&lt;br /&gt;
*# Bespreek de lichtreacties van de fotosynthese&lt;br /&gt;
* Bijvragen:&lt;br /&gt;
*# Bespreek hoe er geninductie en genexpressie bij Escheria coli plaatsvindt&lt;br /&gt;
*# Oefening ivm de metabolische wegen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Van dijck:&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
*Schriftelijk&lt;br /&gt;
*# teken (cyclisch) alfa-D-glucose, beta-D-Fructose, sucrose en nummer de koolstoffen&lt;br /&gt;
*# Leg uit: &lt;br /&gt;
*#* mesosoom &lt;br /&gt;
*#* connexon&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
* Mondeling&lt;br /&gt;
*# Teken hoe het kernmembraan in het RER overgaat, en geef de functie van dit RER&lt;br /&gt;
*# Bespreek de ruimtelijke structuur van proteïnen&lt;br /&gt;
*# Leg uit hoe men plasmiden kan identificeren met behulp van restrictie-enzymen aan de hand van een voorbeeld&lt;br /&gt;
*# Duid de organellen aan op de cel (chloroplast en bacteriofaag)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 28 jan 2008 - Chemie - Van Dijck ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# geef de structuur en de functies van de mitochondrieën&lt;br /&gt;
# beschrijf de weg die een proteine X aflegt beginnend in de kern die voor de glycocalyx bestemd is.&lt;br /&gt;
# beschrijf de verschillende centrifugatietechnieken.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# wat is het iso-elektrisch punt van proteïnen en rangschik de volgende proteïnen volgens stijgende theoretische waarde van het iso-elektrisch punt. De proteïnen werden gegeven door telkens een keten van 11 aminozuren.&lt;br /&gt;
# Beschrijf en teken schematisch de componenten van de glycocalyx&lt;br /&gt;
# verklaar: &lt;br /&gt;
#* mesosoom&lt;br /&gt;
#* connexon&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 28 jan 2008 - Chemie - Van Dijck ===&lt;br /&gt;
Schriftelijk deel&lt;br /&gt;
# rangschik van polair naar apolair (aceton, 1-propanol, diethylether, fenol, benzylalcohol) [in de vraag werden prentjes van de moleculen gegeven, en niet de namen], en zeg wat apolariteit bepaalt.&lt;br /&gt;
# teken (cyclisch) alfa-D-glucose, beta-D-Fructose, sucrose.&lt;br /&gt;
# Leg uit:&lt;br /&gt;
#* Dictyosoom &lt;br /&gt;
#* Blefaroplast&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Mondeling met schriftelijke voorbereiding&lt;br /&gt;
# Teken hoe het kernmembraan in het RER overgaat, en geef de functie van dit RER&lt;br /&gt;
# Bespreek de ruimtelijke structuur van proteïnen&lt;br /&gt;
# Leg uit hoe men plasmiden kan identificeren met behulp van restrictie-enzymen aan de hand van een voorbeeld&lt;br /&gt;
# Duid de organellen aan op de cel (de twee cellen waren een zenuwcel en een chloroplast)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=Examenvragen tot en met 2006=&lt;br /&gt;
=== 15 jan 2007 ===&lt;br /&gt;
Hoofdvragen: theorie&lt;br /&gt;
# bespreek hoe een cel aan zijn membraanpotentiaal komt + hoe deze aangewend wordt bij het membraantransport&lt;br /&gt;
# bespreek de Calvin Cyclus (functie, intermedairen, ...)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Hoofdvragen oefeningen&lt;br /&gt;
# practicum: bespreek PAGE bij proteïnen en hoe we de molecuulgroote ervan kunnen afleiden&lt;br /&gt;
# duid zo veel mogelijk celstructuren aan&lt;br /&gt;
# duid de volgende processen aan waar ze voorkomen in de cel aan op de tekening: NADPH productie, energieproductie, chromatine en integrale proteïnen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Bijvragen&lt;br /&gt;
# bespreek hoe adrenaline de glucoseproductie in de cel regelt&lt;br /&gt;
# Een cel maakt uit oxaalazijnzuur, citroenzuur en NH3 de aminozuren glutaminezuur en asparaginezuur. Geef een reactievergelijking en houd rekening met ATP, NAD, FAD, H2O en CO2.&lt;/div&gt;</summary>
		<author><name>R0998693</name></author>
	</entry>
	<entry>
		<id>https://wiki.chemika.be/index.php?title=Celbiologie_en_biochemie&amp;diff=4138</id>
		<title>Celbiologie en biochemie</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.chemika.be/index.php?title=Celbiologie_en_biochemie&amp;diff=4138"/>
		<updated>2024-06-27T13:46:21Z</updated>

		<summary type="html">&lt;p&gt;R0998693: /* 26 juni 2024; examen op 38 punten */&lt;/p&gt;
&lt;hr /&gt;
&lt;div&gt;[[Categorie:Bachelor Chemie]]&lt;br /&gt;
[[Categorie:Bachelor Biochemie]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Vakinformatie==&lt;br /&gt;
Vanaf 2016-2017: Schriftelijk examen in plaats van mondeling examen zoals voordien.&lt;br /&gt;
Vanaf 2012-2013: Jaarvak voor zowel chemie als biochemie. Volledig gedoceerd door Patrick Van Dijck.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;2022-2023&#039;&#039;&lt;br /&gt;
* Aanpak vak&lt;br /&gt;
** Nog steeds Patrick Van Dijck&lt;br /&gt;
** Jaarvak dus best grote hoeveelheid, maar niet onrealistisch&lt;br /&gt;
* Kwaliteit cursus&lt;br /&gt;
** Boek is in de afgelopen 6 jaar (misschien langer) nog niet (of toch amper) veranderd (veel E.M. foto&#039;s in)&lt;br /&gt;
** Hier en daar extra info bij slides, maar als je het boek kent ben je er zeker wel door&lt;br /&gt;
* Examen-/TTT-vragen&lt;br /&gt;
** TTT-vragen lijken totaal niet op examenvragen, waren meerkeuze en eerder oppervlakkig&lt;br /&gt;
** Geen paniek als TTT slecht was, vak is zelfs haalbaar als je hier een nul op had&lt;br /&gt;
** Belangrijkste zaken om te leren naar mijn mening&lt;br /&gt;
*** Hoofdstuk 4!!! Vooral metabolische wegen oefening (10 van de 35 tot 40 punten), kan zeker helpen om bio-organische hiernaast te leggen, maar hij vraagt regelmatig ook wel iets van actief transport of regulatie dus ook de rest van hoofdstuk 4 is wel belangrijk, soms vraagt hij ook om een specifieke metabolische weg uit te tekenen&lt;br /&gt;
*** Structuren en tekeningen! Zijn vrij gemakkelijke punten om te krijgen&lt;br /&gt;
*** Patrick vraagt graag begrippen, ik vond persoonlijk dat je buiten voor de metabolische wegen niet al teveel inzicht nodig had hiervoor, maar het helpt natuurlijk wel&lt;br /&gt;
*** Boek &amp;gt;&amp;gt;&amp;gt; slides, probeer zeker 1 keer het boek echt volledig door te nemen&lt;br /&gt;
*** Schrijf echt elk detail op dat je denkt te weten, soms staan er echt op heel domme dingen al punten&lt;br /&gt;
** In geval van tijdsnood (maar probeer wel gewoon echt alles te leren! Ik neem de schuld niet op mij als hij er toch iets van vraagt :))&lt;br /&gt;
*** Hij vraagt zelden tot nooit iets over hoofdstuk 3 (zeker mitose en meiose kan hem niet heel veel schelen)&lt;br /&gt;
*** Practicumhandleiding leren is ook vrij overbodig, buiten ionenuitwisselingschromatografie (bij ons bijvoorbeeld een examenvraag) en SDS-page als ik me goed herinner, maar deze staan ook in het boek uitgelegd normaal&lt;br /&gt;
*** Niet teveel tijd steken in E.M. foto’s, je kan sowieso wel iets aanduiden, zie dat je weet hoe golgi-apparaat, mitochondriën, vacuole eruitzien en je hebt al wel iets van punten (staat meestal op 4 punten) en je kan eens kijken op de wiki welke soort cellen hij vaak vraagt, want zijn meestal wel dezelfde&lt;br /&gt;
*** Oude examenvragen beantwoorden heeft niet enorm veel nut, structuur is altijd gelijkend, maar de begrippen dat hij vraagt zijn eerder willekeurig &lt;br /&gt;
--&amp;gt; oude examenvragen hebben wel nut, vragen die terugkomen: fosfofructokinase, G proteine, p53, ionuitwisselingschromatografie, gram+ vs gram-&lt;br /&gt;
*** De extra informatie bij de vragen van 2023 zijn steeds de opmerkingen die de prof zelf online heeft gezet, op de wiki van bios vind je nog extra vragen met opmerkingen, handig om te bekijken en te weten wat er verwacht wordt&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen vanaf 2013==&lt;br /&gt;
=== 26 juni 2024; examen op 38 punten ===&lt;br /&gt;
#Leg uit en teken de secundaire structuur van een proteïne. - 6 punten&lt;br /&gt;
#Geef 2 manieren hoe je glyoxisomen kunt laten zien met een fluorescentiemicroscoop en leg ook uit hoe een fluorescentiemicroscoop werkt. - 6 punten&lt;br /&gt;
#Bespreek lysosomen. Geef hun functie en structuur. Wat is het verschil tussen een primaire en secundaire lysosoom? - 4 punten&lt;br /&gt;
#Hoe werkt de regulatie van de celcyclus en hoe zijn we tot deze inzichten gekomen? - 6 punten&lt;br /&gt;
#Hoeveel moleculen sucrose heb je nodig om 2 moleculen van het neutrale lipide tripalmitine te maken? Kost dit ATP aan de cel of wordt er ATP gemaakt. Schrijf alle nodige cycli uit, geef de finale reactievergelijking. - 10 punten (Oppassen want er moeten per tripalmitine, 3 palmitinezuren en 1 glycerol gemaakt worden) (metabolisme van glycerol staat niet in cursus staat wel in practicum + oefeningen boek)&lt;br /&gt;
#2 EM-foto’s - welke organellen herken je? Bespreek hun functie en opbouw. - 6 punten (Foto van Golgi-apparaat en Foto van delende plantencel)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 6 juni 2024; examen op 38 punten ===&lt;br /&gt;
# Koppel D-fructose met een beta-1,3-binding aan een D-ribose. Dit D-ribose is gekoppeld aan een een molecule alpha-D-lactose met een alpha-1,3-binding. Geef de structuur van dit oligosacharide - 5 punten&lt;br /&gt;
# Glycolipiden zijn een belangrijk onderdeel in het kernmembraan. Deze zijn verschillend bij dieren en micro-organismen. Wat zijn de verschillen tussen glycolipiden bij dieren in vergelijking met die bij micro-organismen? Teken de verschillende structuren waarbij galactose het suikergedeelte is, een keer voor een dierlijke cel en een keer voor een gistcel. Wat zijn de functies van deze glycolipiden? - 4 punten&lt;br /&gt;
# Hoe vijf gegeven peptiden scheiden aan de hand van anionuitwisselingschromatografie? Leg alle nodige stappen uit. Licht kort de principes toe. In welke volgorde verlaten deze glycolipiden de kolom, leg uit waarom? - 6 punten&lt;br /&gt;
# Hoe van fosfofructokinasegen tot functioneel fosfofructokinase-enzym? leg zeer uitgebreid uit - 6 punten. Hoe wordt de activiteit van fosfofructokinase geregeld - 4 punten?&lt;br /&gt;
# Hoeveel molecule stearinezuur heb je nodig om 9 moleculen ribose-5-fosfaat te maken ? Hoeveel ATP en reducerende vermogen wordt er gemaakt. Schrijf alle nodige cycli uit, geef de finale reactievergelijking. - 10 punten: Mogelijke oplossing: https://drive.google.com/file/d/1BDobKdLM21VeCpvPSOqtV1bZY6E_ZfiC/view?usp=sharing (via pdf-viewer betere zoom)&lt;br /&gt;
# EM-foto - 3 putnen (microtubuli: exacte foto https://cytochemistry.net/_Media/tub8a_med_hr.jpeg)&lt;br /&gt;
===21 augustus 2023===&lt;br /&gt;
# Bespreek de celwand bij planten. Geef de functie en opbouw. Teken de belangrijkste moleculen en bespreek in detail hoe deze met elkaar verbonden zijn. Bespreek de verschillende celwanden. &lt;br /&gt;
# Bespreek de 2 manieren waarmee men specifiek met fluorescentiemicroscopie peroxisomen kan bekijken. Leg ook uit hoe die fluorescentiemicroscopie zelf werkt. &lt;br /&gt;
# Bespreek ribosomen. Waar komen ze voor? Geef hun functie en opbouw. Wat is het verschil tussen de ribosomen van prokaryoten en eukaryoten? &lt;br /&gt;
# Hoeveel moleculen zuurstof komen er vrij uit de fotosynthese om 2 moleculen sucrose te maken? Je mag er vanuit gaan dat er voldoende ATP aanwezig is. In welke reactie komt deze zuurstof vrij, en hoe geraakt men uiteindelijk tot sucrose? &lt;br /&gt;
# 2 EM foto&#039;s: welke organellen herken je? (desmosoom en centriolenpaar) Bespreek hun functie en opbouw. &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 juni 2023===&lt;br /&gt;
# Wat is een glyoxisoom? welke reacties gebeuren er hier? Waar komen ze voor? (4 punten) &lt;br /&gt;
* Wat er zeker moet staan: Glyoxysomen: komen van het SER en een pathway enkel bij planten en schimmels, niet bij dieren. En nodig voor synthese, nl twee acetyl coA moleculen omzetten in barnsteenzuur. Je moest ook schrijven dat het acetyl coA komt van afbraak vetzuren of van groeien op C2 moleculen zoals acetaat of ethanol. En dat de barnsteenzuur verder in Krebs en gluconeogenese naar suikers kan gaan. Daarnaast moest je ook de cyclus tekenen.&lt;br /&gt;
# Wat is fosofructokinase? Wat zorgt ervoor dat dit enzym actief is en wat is de functie ervan? Leg de weg uit van het DNA tot het functionerende enzym op de juiste plaats in de cel. (8 punten) &lt;br /&gt;
*Fosfofructokinase: 1 punt voor waar het werkt en in welke metabolische weg, 1 punt voor de reactie die wordt gekatalyseerd, 1 punt voor het feit dat ATP als allosterische inhibitor werkt en 1 punt voor de verschillende substraten die ook de snelheid bepalen. Dan 2 punten voor overgang DNA naar mRNA (promoter-terminator, T wordt U, RNA polymerase die kopie van de matrijsstreng maakt, splicing, polyA en 5’ Cap, moest er geantwoord worden). Dan 2 punten voor translatie (het mRNA gaat uit de kern via poriën en gaat dan naar VRIJE ribosomen , kleine en grote subeenheid, bestaande uit rRNA en proteïnen die het mRNA aflezen en vanaf AUG de proteïnesynthese beginnen. Dit met behulp van tRNA dat in zijn structuur een anticodon heeft dat gaat binden met een codon op het mRNA (3 basen en geen basenparen daar mRNA enkelstrengig is) en dat het tRNA ook een aminozuur aanbrengt corresponderend met het codon op het mRNA.  Studenten die hebben geantwoord dat het mRNA naar ribosomen op het RER gaan kunnen maximum 4 op 8 hebben, als al de andere zaken correct zijn. Ik heb dit in de les gezegd dat ik dit ging vragen op het examen.  Fosfofructokinase werkt in het cytoplasma. Als het in een vesikel zit van ER of golgi kan het nooit meer in het cytoplasma geraken….&lt;br /&gt;
# Hoeveel L-glutaminezuur is er nodig voor de synthese van 6 molecule sucrose. Schrijf de nettoreactie uit en is er ATP winst of verlies? (meerdere mensen kwamen hier 24 moleculen en 168 ATP vrij bij uit) (10 punten) &lt;br /&gt;
* 24 glutaminezuur naar 6 sucrose. Structuur sucrose: 1 punt; anaplerotische reactie van glutaminezuur naar alfaketoglutaarzuur: 1,5 punten (als alles correct is inclusief NADH winst). Krebs tot oxaalazijnzuur (1,5 punten, idem); omgekeerde anaplerotische: oxaalazijnzuur naar fosfoenolpyrodruivenzuur (GTP mag je als ATP gebruiken) (1,5 punten), gluconeogenese van PEP tot glucose 6P en fructose 6P (met ATP en NADH kost per PEP) (1,5 punten). Dan glu6P naar gluc1P, naar gluc 1P + UTP naar UDPG, dan UDPG + Frc6P naar sucrose6P en dan naar sucrose (1,5 punten)&lt;br /&gt;
# Teken de algemene structuur van gram-positieve bacteriën en in detail hoe de elementen ervan met elkaar verbonden zijn. Leg uit hoe je deze bacteriën kan onderscheiden. (6 punten) &lt;br /&gt;
* Gram+ bacteriën hebben één dikke celwand bestaande uit mureïne of peptidoglycaan. Je moest hier dan ook de structuur tekenen van N-acetylglucosamine en N-acetylmuraminezuur, met een Beta 1,4 binding met elkaar verbonden. Op de OH van de C3 van N-acetylmuraminezuur (die naar boven staat) moet je dan een melkzuur tekenen met daaraan een tetrapeptide met onder andere D-aminozuren. Wat velen vergeten is dan dat deze tetrapeptiden ofwel met elkaar zijn verbonden dan wel dat er glycinebruggen zijn om die te verbinden, allemaal met covalente bindingen. De Gramkleuring stond op 2 van de 6 punten. Die had je als je kristalvioletjood oplossing had en safranine als roze tegenkleurstof. De Gram+ zijn dan paars, de Gram- zijn dan roze.&lt;br /&gt;
# 2 E.M. foto&#039;s (delende plantencel en golgi-complex met vesikels) (4 punten)&lt;br /&gt;
# 5 peptiden gekregen, welke scheidingstechniek kan je hiervoor gebruiken? Leg deze in detail uit en verklaar in welke volgorde ze van de kolom komen. (6 punten) &lt;br /&gt;
* Scheiden van de vijf peptiden. Hier had je 3 punten op het principe van de scheiding en 3 op het juist antwoord op de vraag. Je moet hier scheiden via ionenuitwisselingschromatografie daar de 5 peptiden elke een ander isoelectrisch punt hebben. Dit kan je simpel bepalen door het aantal zure en aantal basische aminozuren te tellen. Bij principe moest er zeker bij staan dat je eerst de pH laag brengt zodat ze allemaal positief geladen zijn als je met een kationenuitwisselaar werkt en dan geleidelijk de pH doet stijgen zodat ze één voor één van de kolom komen. Voor anionenuitwisselaar het omgekeerde.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===12 juni 2023===&lt;br /&gt;
# Teken het trisacharide: D-galactose met een 1,3 binding aan D-ribose met een 1,3 binding aan D-fructose (5) &lt;br /&gt;
* Per binding die fout is of per fout in een monosaccharide is het een punt aftrek&lt;br /&gt;
# Teken fosfatidylethanolamine, wat zijn de functies en voorkomen? (4) &lt;br /&gt;
* Phosphatidyl ethanolamine en functie/eigenschappen fosfolipide: Geen correcte esterbinding of grote fouten aan het molecule: max 1 op 4. Kleine fouten op de structuur: een half of één punt aftrek. Het overblijvende punt voor fosfolipidendubbellaag (vb membraan) en enkellaag (vb lipidendruppel) en dat het een chemische barrière vormt.&lt;br /&gt;
# Gegeven een stuk DNA van 5&#039; tot 3&#039;: wat is de aminozuursequentie van het proteïnen en welke stappen gebeuren hierbij? (5) &lt;br /&gt;
* Deze vraag heb ik tijdens de lessen op het bord getekend. Ik heb toen duidelijk gezegd dat als je DNA ziet staan, teken onmiddellijk de andere strand. Als je dat had gedaan zou je zien dat er in die andere strand een startcodon zit gevolgd door verschillende aminozuren. In de vraag staat in bold dat er een proteïne wordt gevormd, dus enkel methionine (dat werd gevolgd door een stopcodon) is uiteraard geen proteïne. Als je dit stuk correct had heb je 2,5 of 3 op 5 (2,5 als de beschrijving compleet fout is). Om 5 op 5 te hebben had ik de volgende termen moeten zien: Bij transcriptie: promoter-terminator, RNA polymerase, copij van de matrijsstreng, dus identiek aan coderende strand, maar dan T door U vervangen, splicing, 5’Cap, 3’ poly A staart en dan via kernporiën. Bij translatie: mRNA komt toe op de ribosomen (veel studenten antwoorden hier op het RER, dat kan, maar dat is niet noodzakelijk), die uit rRNA en proteïnen bestaan en tRNA met zijn anticodon brengt de juiste aminozuren aan die dan het proteïne gaan vormen&lt;br /&gt;
# bespreek de structuur en functie van het golgi-apparaat (4) &lt;br /&gt;
* Golgi apparaat: afgeplatte membraanzakken, cisternen, waar vesikels van RER toekomen aan cis kant en waar vesikels vertrekken aan de trans kant als primaire lysosomen, of als secretievesikels met materiaal voor buiten de cel.  Dit geeft 2 van de vier punten. Wat gebeurt er in het golgi: suikers die op de eiwitten staan uit RER worden grotendeels verwijderd en elk eiwit krijgt zijn specifieke glycosylatie (heel veel studenten spreken weeral over glycolysatie, wat uiteraard niet ok is, zeker 5 keer in de les gezegd! Glycosylatie kan op O of N zijn&lt;br /&gt;
# Wat is de functie van een G-proteïne? (4) &lt;br /&gt;
* G proteïnen: belangrijk bij signaaltransductie in de cel (1 punt). Zijn proteïnen die met GDP zijn gebonden en dan inactief en bij activatie wordt GDP door GTP (wat in overmaat in de cel aanwezig is) vervangen (en niet zoals studenten antwoorden dat GDP naar GTP wordt omgezet). Het G proteïne heeft dan een eigen GTPase activiteit die zorgt dat GTP wordt omgezet naar GDP en het proteïne is terug inactief. Het is dus een on-off schakelaar.&lt;br /&gt;
# Hoeveel ribose-5-p heb je nodig om 14 alanine te maken? -welke wegen, reactievergelijking  en NADH en atp balans (10) &lt;br /&gt;
* Hier heb je dus al 14 pyrodruivenzuur nodig bij de transaminatiereactie maar je hebt er nog twee extra nodig om eerste keer glutaminezuur te maken (cellen hebben geen reserve). Dus eentje voor acetyl coA en eentje voor oxaalazijnzuur (anaplerotisch). Hiermee kan je alfa keto maken en hiervan kan je glutaminezuur maken. Het alfa keto recupereer je dan telkens bij de transaminatie reacties. Om 16 pyrodruivenzuur te maken heb je 12 ribose5P nodig. Met 9 kan je er 15 maken, maar je hebt er dus 16 nodig. Hier zijn er punten gegeven a rato van welke pathways die relevant zijn heb je opgeschreven.&lt;br /&gt;
# Drie organellen aanduiden en hun functie bespreken. (lipidedruppels, glyoxisoom (?) en mitochondrion, de foto stond in de cursus) (4)&lt;br /&gt;
* Dit was een foto uit de cursus!!!. Vetdruppels (neutrale lipidenreserve) en mitochondriën (beta oxidatie, Krebs cyclus; Az biosynthese; electronentransport keten) gaf 2 punten. Cruciale hier waren de glycoxysomen met omzetten van 2 acetyl coA naar barnsteenzuur). Dit gaf nog twee punten.)&lt;br /&gt;
--&amp;gt; examen stond op 36punten&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 juni 2022===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# Lactose in alfa vorm tekenen. (6 ptn)&lt;br /&gt;
#* Waar in de natuur komt het voor?&lt;br /&gt;
#* Welk enzyme hydrolyseert het?&lt;br /&gt;
#* Geef de belangrijkste verschillen tussen lactose en trehalose.&lt;br /&gt;
#* Opmerking: De alfa slaat hier natuurlijk op de glucose (die nog kan open gaan) maar de binding tussen de galactose en de glucose is een beta binding. Geen correcte structuur is -2, geen enzyme is -1, geen plaats van voorkomen is -1. Grootste verschil met trehalose is dat dat een niet reducerend suiker is met de glucose alfa,alfa, 1, 1 gebonden. Waar het voorkomt is ook verschillend. &lt;br /&gt;
# Tertiaire structuur proteïnen: Leg uit + maak tekening. Aan welke externe factoren is het gevoelig? (6 ptn)&lt;br /&gt;
#* Opmerking: Veel fouten hier is dat studenten de secundaire structuur beschrijven. Er moet zeker staan: H bruggen tussen az en met omgeving, S-S bruggen (sommige studenten zetten maar één S, dat kan natuurlijk niet), hydrofobe interacties + VanderWaals, ionische interacties en algemene structuur, hydofobe binnen een polaire aan buitenkant. Bij externe omstandigheden dikwijls ok geantwoord, maar niet de reden waarom een eiwit dan stuk gaat. Bvb extreme pH. Waarom? (omdat dan de ionische interacties verstoord worden daar of alle COO- COOH worden en een eiwit dus positief geladen wordt. Hitte, detergenten (SDS), solventen, … &lt;br /&gt;
# Peroxisomen en glyoxisomen: Oorsprong en functie? Welke metabolische wegen gebeuren hier? In welke organismen komen ze voor? (6 ptn)&lt;br /&gt;
#* Opmerking: Komen van SER, en de vraag was welke metabolische reacties er plaatsvinden. Hier hadden die reacties opgeschreven moeten worden. Veel studenten antwoorden dat het doel is om H2O2 af te breken.  Neen, doel is om toxische stoffen af te breken met behulp van zuurstof en bij die afbraakreacties komt H2O2 vrij die enerzijds andere toxische stoffen kan neutraliseren, maar dan is er ook Katalase om H2O2 zelf ook af te breken, daar dit toxisch is Dit geeft de typische kristallen. Heel veel studenten antwoorden dat in glyoxysomen vetzuren worden omgezet in suikers. Dat is natuurlijk fout. De reactie in de glyoxysomen is om twee acetyl-coA om te zetten tot barnsteenzuur. En dieren hebben dat niet. &lt;br /&gt;
# Geef alle stappen die nodig zijn om een proteïnemengsel te kunnen scheiden met een kationuitwisselaar. Hoe kan kationuitwisselingschromatografie worden gebruikt om de 5 (gegeven) decapeptiden te scheiden? In welke volgorde elueren ze? (6 ptn)&lt;br /&gt;
#* Opmerking: Hier moet je weten hoe zo een kolom werkt en welke aminozuren er zuur zijn en welke basisch daar die het IEP gaan bepalen. Wat er zeker had moeten staan is dat initieel je de pH laag moet brengen zodat alle peptiden blijven hangen en dan geleidelijk de pH verhogen of de zoutconcentratie verhogen, daar ze er dan één voor één afkomen. &lt;br /&gt;
# Hoeveel moleculen sucrose nodig voor omzetting in 3 moleculen stearinezuur? Hoeveel ATP komt er vrij bij het verademen van de restproducten? (10 ptn)&lt;br /&gt;
#* Teken sucrose. Door welk enzym wordt het gehydrolyseerd? Wat zijn de hydrolyseproducten?&lt;br /&gt;
#* Welke metabolische wegen worden doorlopen? (gegeven dat het er 5 zijn, gewoon de namen van de wegen geven)&lt;br /&gt;
#* Teken de volledige metabolische reacties en schrijf de uiteindelijke reactievergelijking.&lt;br /&gt;
#* Hoeveel ATP-moleculen kunnen er gewonnen worden uit de gevormde producten die niet gebruikt werden voor de vorming van de vetzuren?&lt;br /&gt;
#* Opmerking: Sommige studenten vertrekken van stearinezuur om sucrose te maken?? Vraag goed lezen. Hier moet je dus via de pentosefosfaatweg gaan om voldoende NADPH te maken. Sommige studenten doen dat, maar gaan dan ook nog eens langs de volle glycolyse om de acetyl coA te maken maar als je de PPP doorloopt kom je ook terug uit bij pyrodruivenzuur/actyl coA. Van acetyl CoA dan naar stearinezuur, maar uiteraard de ATP verbruikende reactie om malonyl CoA te maken en per stap twee NADPH. In de oefensessie hebben jullie een gelijkaardige oefening gemaakt en was het ok om via de PPP pathway te gaan om voldoende pyrodruivenzuur te bekomen (maar een tekort aan NADPH). Studenten die dat gevolgd hebben was ook ok. &lt;br /&gt;
# Twee EM foto&#039;s: Welke celtypes zijn afgebeeld? (spiercel en delende plantencel) Benoem alle onderdelen + hun functie. (4 ptn)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=&amp;gt; examen op 38 ptn&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===13 juni 2021===&lt;br /&gt;
#Teken een oligosaccharide dat D-galactose met een alfa-1,6 binding gebonden is aan een D-fructose (furanose-vorm) die vervolgens met een alfa-1,4 binding gebonden is aan beta-D-ribose.&lt;br /&gt;
#Beschrijf (en teken eventueel) volgende woorden: Desmosoom, apoptosoom, beta-vouwbladstructuur, Gs-proteine en snelheidscentrifuge.&lt;br /&gt;
#Wat is SDS PAGE, wat kan men ermee onderzoeken, hoe werkt het en wat is het verschil met Native PAGE.&lt;br /&gt;
#Beschrijf en teken de vetzuursynthese van stearinezuur.&lt;br /&gt;
#Hoeveel moleculen ribose-5-fosfaat kan een gistcel maken uitgaande van 10 moleculen glutaminezuur bij een tekort aan aminozuren, wat is de totale ATP en coenzym verhouding. Geef de reactievergelijking, Neem de weg met de minste CO2 productie.&lt;br /&gt;
#Twee foto&#039;s. Alle onderdelen benoemen en de functies van deze onderdelen beschrijven. oa de kristalstructuren, R.E.R, ribosomen, celkern, Golgi apparaat.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 juni 2020===&lt;br /&gt;
#Teken de microtubuli van het cytoskelet en leg uit waarom het zo belangrijk is voor de deling van cellen. Wat zijn andere structuren van de cel waar microtubuli in voorkomen&lt;br /&gt;
#Teken Gram+-bacterie en Gram--bacterie en teken de celwand (mureïne). Leg het effect van peniciline uit op de celwand en waarom het geen effect heeft op ons&lt;br /&gt;
#Leg verschil uit tussen Instrinsieke en Extrinsieke signaalwegen. Waarom is apoptose zo belangrijk?&lt;br /&gt;
#Hoe kan men zonder de cel te denatureren de verschillende celonderdelen scheiden?&lt;br /&gt;
#Een gistcel maakt uit 4 moleculen stearinezuur, glucose-6-fosfaat. Hoeveel kan het er maken en hoeveel ATP blijft er over (Vetzuurafbraak, Gluconeogenese, Krebs-cyclus en Anaplerotische reacties)&lt;br /&gt;
#2 prentjes&lt;br /&gt;
#*Kristallen&lt;br /&gt;
#*Ribosomen&lt;br /&gt;
#*Nog dingen maar ik ben onzeker&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===7 juni 2020===&lt;br /&gt;
#teken gedetailleerd een alfa helix structuur en de binding, welk proteïne heeft vooral alfa helix structuren?&lt;br /&gt;
#trehalose en amylopectine tekenen, welke binding?&lt;br /&gt;
#geef functie van, een teken eventueel: mesosoom, protoplast, mycoplasma, chromomeer, middenlichaampje&lt;br /&gt;
#leg uit: actief transport&lt;br /&gt;
#hoe kun je een plasmamembraan goed zichtbaar maken onder een fluorescentiemicroscoop?&lt;br /&gt;
#hoeveel ATP verkrijg je bij het volledig verademen van 10 moleculen glycerol? (antwoord: 220 ATP)&lt;br /&gt;
#duidt structuren aan op foto&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===19 augustus 2019===&lt;br /&gt;
# Amylopectine is een belangrijk deel van zetmeel. Teken de structuur en alle atomen. Waar verschilt dit moleculen met glycogeen? &lt;br /&gt;
# Hoe wordt p53 geactiveerd? Wat heeft dit als resultaat? Wat is het gevolg indien het slecht functioneert? &lt;br /&gt;
# Hoe kan ionenuitwisselings chromatografie worden gebruikt om de 5 (gegeven) decapeptiden te scheiden. Welke elueert het eerst? &lt;br /&gt;
# Welke soort juncties zijn er? Teken en leg ze uit? &lt;br /&gt;
# Gistcellen kunnen groeien op een ethanol bodem. Hoeveel moleculen heeft een gistcel nodig om 12 moleculen ribose-5-P te maken. Hoeveel energiewinst is er? Geef alle stappen.&lt;br /&gt;
# 3 prenten:&lt;br /&gt;
## Ben ik vergeten&lt;br /&gt;
## Kliercel: benoem alle delen in de cel en geef hun functie. &lt;br /&gt;
## 2 Virussen(1 was Tabaksmozaïekvirus): wat is hun structuur en wat zijn het?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===26 juni 2019===&lt;br /&gt;
#leg gedetailleerd uit wat actief transport is&lt;br /&gt;
#geef de structuur van microtubuli, waarom zijn deze microtubuli belangrijk bij delende plantencellen? geef de structuur van flagellen bij eukaryote cellen en hoe zorgen deze voor beweging&lt;br /&gt;
#wat is Km?&lt;br /&gt;
#wat is een proplastide?&lt;br /&gt;
#wat is confocale fluorescentiemicroscopie en hoe kan deze gebruikt worden om een celmembraam te bekijken?&lt;br /&gt;
#hoeveel glycerol heb je nodig voor opbouw van 6 moleculen palmitinezuur? kan dit ook in anaerobe omstandigheden?&lt;br /&gt;
# 2 foto&#039;s, geef alle structuren die je ziet + functie &lt;br /&gt;
## 1 foto van kristallen in een kern&lt;br /&gt;
## 1 foto van mucusvesikels die uit een darmepitheelcel komen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===18 juni 2019===&lt;br /&gt;
#Wat is de moleculaire structuur van een celwand van een bacterie? Wat is het verschil tussen een gram+ en een gram- bacterie? Hoe heeft dit effect met penicilline? Waarom gebeurt dit niet bij de mens? &lt;br /&gt;
#Hoe kan men een enzym isoleren en scheiden uit een dierlijke cel? &lt;br /&gt;
#Wat is covalente modificatie? Geef twee voorbeelden, een waarbij het enzym vertraagt en een waarbij het enzym versnelt. &lt;br /&gt;
#Hoeveel ATP geeft de afbraak van tripalmitine? Hoeveel tripalmitine moet er worden afgebroken om 10 moleculen glucose te maken in een dierlijke cel? &lt;br /&gt;
#Twee EM-foto&#039;s bespreken en vijf termen uitleggen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===27 juni 2018===&lt;br /&gt;
#Biosynthese van palmitinezuur geven (met structuren) en zeggen waar deze plaatsvindt.&lt;br /&gt;
#Teken een spiercel en benoem de elementen. Leg verder ook mbv tekeningen uit hoe een spiercel werkt.&lt;br /&gt;
#5 begrippen uitleggen/tekenen: mesosoom, operon, guanine, blefaroplast en mycoplasma.&lt;br /&gt;
#Leg uit hoe je mbv affiniteitschromatografie zuiver hexokinase uit een levercel kan scheiden. Zijn er nog andere technieken om zuiver hexokinase te krijgen, zo ja leg deze dan uit.&lt;br /&gt;
#Hoeveel moleculen glycerol zijn er nodig om 10 moleculen alanine te vormen. Geef de metabolische wegen in de juiste volgorde en geef de volledige synthese (inclusief structuren). Er is genoeg ammonium aanwezig maar geen oxaalazijnzuur.&lt;br /&gt;
#Van 2 E.M foto&#039;s de structuren en hun functies benoemen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===19 juni 2018===&lt;br /&gt;
#Gluconeogenese geven/uitleggen&lt;br /&gt;
#Welke aminozuren kunnen gefosforiliseerd worden, en welke geglycosyleerd. Teken een gefosforiliseerd aminozuur.&lt;br /&gt;
#Confocale fluoricentiemicroscoop uitleggen en tekenen. Hoe kan dit gebruikt worden om het plasmamembraan te tonen.&lt;br /&gt;
#BBegrippen: p53, desmosoom, N-acetylmureinezuur, cysteine, chiasma.&lt;br /&gt;
#Hoeveel mol tripalmitinezuur heb je nodig voor 15 mol ribose?&lt;br /&gt;
#EM foto van glycocalyx met slijmbekercel en foto met peroxisoom.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===30 augustus 2017===&lt;br /&gt;
#Ionenuitwisselingschromatografie uitleggen&lt;br /&gt;
#Een stuk DNA tekenen&lt;br /&gt;
#De verschillende juncties tussen cellen uitleggen&lt;br /&gt;
#Biosynthese en afbraak van vetten tekenen en uitleggen&lt;br /&gt;
#Hoeveel moleculen glutaminezuur heb je nodig om 6 moleculen ribose-5-P te maken&lt;br /&gt;
#Fotos van cellen: spiercel en plantencel&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 augustus 2017===&lt;br /&gt;
#Koppel een fructosemolecule aan een galactose en deze aan een glucose op bepaalde manier (alpha,beta)&lt;br /&gt;
#Confocale fluorescentiemicroscopie&lt;br /&gt;
#Leg volgende termen uit: operon, plaques, cyclines, mesosoom, cystine&lt;br /&gt;
#Bespreek de lichtreacties (voorkomen, welke reacties gebeuren,...)&lt;br /&gt;
#Hoeveel sucrosemoleculen heb je nodig om 10 moleculen alanine te maken?&lt;br /&gt;
#2 E.M. foto&#039;s, de ene was een spiercel (actine en myosine), de andere weet ik niet zeker&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 juni 2017===&lt;br /&gt;
#Maak een (erg gedetailleerde) tekening van de secretieweg van DNA tot enzyme, voor een enzyme dat als functie heeft de celwand opbouwen. Leg hierbij alle belangrijke stappen uit.&lt;br /&gt;
#Actief transport bij bacteriën, schimmels en dieren uitleggen, met glucose als voorbeeld&lt;br /&gt;
#Je wil 6 proteïnen scheiden door een anionuitwisselingschromatografie uit te voeren, welke stappen zijn hierbij? Maak ook een tekening&lt;br /&gt;
#Hoeveel glycerol heb je nodig ter vorming van 4 moleculen tripalmitine? Hoeveel ATP is er over na volledige verademing van uw restproducten en reducerend vermogen? Geef op volgorde alle metabolische wegen die hierbij gebruikt werden. Geef schematisch alle stappen die doorlopen worden bij de vorming van tripalmitine uit glycerol, en geef de netto reactievergelijking (inclusief ATP).&lt;br /&gt;
#2 foto&#039;s aanduiden alles dat je herkent en de functie ervan geven, was een slijmbekercel en een heel erge close up van een plantencel&lt;br /&gt;
#5 termen verklaren: apoptosoom, DNA primase, N-acetylglucosamine, proplastide en Km&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 juni 2016===&lt;br /&gt;
#cytokinese dier &amp;amp; plant&lt;br /&gt;
#donkerracties en verschil C3,C4 en CAM &lt;br /&gt;
#adrenaline&lt;br /&gt;
#vriesbreuk en vriezers&lt;br /&gt;
#ato berekenen in cyclus&lt;br /&gt;
#fotokes van vet en golgi app&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 juni 2016 ===&lt;br /&gt;
#bespreek celwand van bacterien en schimmels op vlak van structuur, functie en chemische samenstelling&lt;br /&gt;
#inductie en repressie uitleggen adhv lac-operon en trp-operon&lt;br /&gt;
#oef: hoeveel mol ribose-5-P kan je maken uit glutaminezuur? bereken hoeveel ATP je over hebt en schrijf de volledige cycli uit (antwoord 3 mol ribose-5-P) &lt;br /&gt;
#fotos over juncties en chloroplast&lt;br /&gt;
#gelfiltratie uitleggen + hoe daaruit molecuulgewicht proteinen bepalen&lt;br /&gt;
#structuur en werking van een spiercel uitleggen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 juni 2016 ===&lt;br /&gt;
#bespreek celwand van schimmels en bacterie (moleculair, structuur, functie)&lt;br /&gt;
#bespreek gelfiltratie + hoe kan men de moleculaire massa berekenen van een proteine&lt;br /&gt;
#bespreek de spiercel (werking, structuur)&lt;br /&gt;
#Bespreek genrepressie en geninductie aan de hand van beta galactosidase en tryptofaan&lt;br /&gt;
#metabolisme: hoeveel ribulose 5 fosfaat uit 5 glutaminezuur (geef namen gebruikte wegen + theoretische ATP opbrengst)&lt;br /&gt;
#Structuren desmosoom/dichte junctie en chloroplas&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 juni 2016===&lt;br /&gt;
#bespreek de onderzoeken naar de regulatie van de celcyclus (MPF enzo...). Wat kan er misgaan wanneer de regulatie niet goed verloopt? (tumor, p53, oncogenen).. &lt;br /&gt;
#Bespreek oorsprong structuur en functie van glyoxisomen en peroxisomen (bijvraag: waar vind je vb glyoxisomen: noten,zaden) &lt;br /&gt;
# kationuitwisselingschromatografie uitleggen +methode om 4 peptiden te scheiden hiermee uitleggen&lt;br /&gt;
# bespreek: Gs proteine (algemeen, niet adrenaline), Km(enzyme),Prion&lt;br /&gt;
# Hoeveel ATP moeten de lichtreacties maken voor de synthese van 6 mol sucrose via donkerrracties (UDPG niet vergeten)&lt;br /&gt;
# 2 fotos: chloroplast, 10 structuren aanduiden, darmepitheelcel met glycocalix en veel mucus blijkbaar geen lysosomen dus&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===13 juni 2016 NM===&lt;br /&gt;
#bespreek microtubuli en de structuren aan die in de cel voorkomen.&lt;br /&gt;
# Welk peptide wordt er gevormd (DNA gegeven)&lt;br /&gt;
# waaruit bestaat een spiercel en bespreek de werking ervan&lt;br /&gt;
# Bespreek de calvin-cyclus. Wat zijn de inputs en wat zijn de outputs? &lt;br /&gt;
#Hoeveel moleculen glycerol hebt je nodig om 9 moleculen ribose-5- fosfaat te maken? ( pentosefosfaat weg omkeren)&lt;br /&gt;
#em foto&#039;s &lt;br /&gt;
#*was een plantencel blaasjes golgi-apparaat aant afzetten was op de fragmoplast&lt;br /&gt;
#*De tweede foto was een slijmbekercel&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===13 juni 2016 VM===&lt;br /&gt;
# Structuur glycogeen? Biosynthese er van en afbraak ervan? (Moest blijkbaar adrenaline bij betrekken)&lt;br /&gt;
# aminozuren uitleggen en de structuur van proteine&lt;br /&gt;
#structuur en functie van de celwand bij bacteriën&lt;br /&gt;
#de stappen nodig om een zuivere fractie van polysomen te verkrijgen. Das zo met differentiële centrifugatie &lt;br /&gt;
# hoeveel mol ethanol nodig om 6 mol ribos-6-fosfaat te vormen. &lt;br /&gt;
# 2 foto&#039;s ene was met peroxisoom (kristal in), mitochondrie en chloroplast. 2e was ook vormen van fragmoplast&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 23 juni 2015 VM ===&lt;br /&gt;
# Bespreek de lichtreacties&lt;br /&gt;
# Belangrijkste cel differentiaties bij Planten.&lt;br /&gt;
# Hoe kan men cellen in een oplossing tellen? Hoe gebeurd dit bij bacteriofagen?&lt;br /&gt;
#Teken en bespreek de structuur en functie van de glycocalix bij dieren&lt;br /&gt;
#hoeveel maltose moleculen zijn er nodig bij de synthese van alanine in een cel met een tekort aan energie&lt;br /&gt;
# 2 foto&#039;s: een prokaryoot en een spiercel&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 24 juni 2015 VM ===&lt;br /&gt;
# Bespreek de enkelvoudige en meervoudige suikers en teken de belangrijkste.&lt;br /&gt;
# apoptose&lt;br /&gt;
# Penicilline en chloramfenicol &lt;br /&gt;
# Opbouw en afbraak van vetten&lt;br /&gt;
# 2 foto&#039;s eentje van een floeemcel de andere van een vetdruppels met glyoxisomen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 23 juni 2015 VM ===&lt;br /&gt;
# Geef alle soorten lipiden, uitleg, tekening&lt;br /&gt;
# wat is een sarcomeer en leg werking uit,&lt;br /&gt;
# vier woorden: microsoom, beta-mercapto-ethanol, tonofilamenten en dna primase, &lt;br /&gt;
# Geef heel calvincyclus&lt;br /&gt;
# Oefening met al die metabolisme en ATP enzo. Iets mat stearinezuur afbreken tot pyrodruivenzuur ofzo tongue-emoticon&lt;br /&gt;
# 2 fotos : celkern met kristallen en dan blijkbaar een zeefvat&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 22 juni 2015 NM ===&lt;br /&gt;
# Alles van de plantencelwand&lt;br /&gt;
# Oef met DNA sequentie en translatie&lt;br /&gt;
# Oxidatieve fosforylatie vs foto fosforylatie&lt;br /&gt;
# Hoe kan je polysomen en ribosomen scheiden&lt;br /&gt;
# Hoeveel mol glycerol heeft een gistcel, die in de G0-fase zit, nodig om met ademhaling 110 Mol ATP te synthetiseren&lt;br /&gt;
# Foto van openbarstende darmepitheelcel (met mucus) en van een plantencel&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 22 juni 2015 VM ===&lt;br /&gt;
# Structuur en functie van endoplasmatisch reticulum&lt;br /&gt;
# Hoe wordt de activiteit van fosfofructokinase geregeld?&lt;br /&gt;
# Cytoskelet bij planten en dieren&lt;br /&gt;
# Bespreek de lichtreacties&lt;br /&gt;
# hoeveel mol ethanol nodig opdat gistcellen 4 mol ribose-5-P kunnen maken. Welke metabolische weg komen hierbij tussen? Hoeveel ATP blijft er over? &lt;br /&gt;
# 2 foto&#039;s: de eerste was een zenuwcel met microtubuli en de tweede met een peroxisoom.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 16 juni 2015 ===&lt;br /&gt;
# bespreek suikers en polysacchariden en teken de belangrijkste&lt;br /&gt;
# welke reacties vinden plaats op het thelakoïdmembraan en wat zijn de inputs en outputs&lt;br /&gt;
# geef uitleg; middenlichaampje, callus, mitosis-promoting factor MPF, blefaroblast&lt;br /&gt;
# hoeveel mol glutaminezuur moet omgezet worden in oxaalazijnzuur om voldoende ATP te maken voor de afbraak van 5 mol stearinezuur&lt;br /&gt;
# bespreek SDS-page en waarvoor dient het&lt;br /&gt;
# foto van floëemcellen en foto van kern met kristallen p p295&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 26 juni 2014 ===&lt;br /&gt;
#IEP uitleggen en peptiden rangschikken op IEP&lt;br /&gt;
#Transport van voedingsstoffen over de celmembraan bespreken&lt;br /&gt;
#Methoden om de volgorde van enzymen in een metabolische pathway te bepalen&lt;br /&gt;
#Glyoxylzuurcyclus bespreken&lt;br /&gt;
#Hoevel mol glycerol nodig voor 2 mol palimitinezuur&lt;br /&gt;
#Foto van jonge plantencel en van peroxisoom&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 juni 2014===&lt;br /&gt;
#Transport van voeding door de membraan&lt;br /&gt;
#Plantencelwand bespreken&lt;br /&gt;
#Bespreek de pentosefosfaatweg (alles)&lt;br /&gt;
#Tellen van bacteriofagen&lt;br /&gt;
#1 mol tripalmitine (vergeet glycerol niet!)&lt;br /&gt;
#Foto van plantencel (chloroplast volledig en ook vacuole enzo) + floeemcel (gedifferentieerde plantencel)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 19 juni 2014 ===&lt;br /&gt;
#Leg de rol van enzymen als katalysatoren uit in de metabolische reactie wegen&lt;br /&gt;
#Wat doe adrenaline in de levercellen als je schrikhebt?&lt;br /&gt;
#Leg de weg uit die katalase aflegt in de cel beginnende bij DNA.&lt;br /&gt;
#Leg ionenuitwisselingschromatografie uit.&lt;br /&gt;
#Hoeveel mol maltose heb je nodig voor de aanmaak van 2 mol stearine? Welke metabolische reactiewegen komen hier bij te pas? Welke zijn de energieleverende/ energie verbruikende stappen?&lt;br /&gt;
#Prent van cel met glycogeenkorrels, RER, SER, mitochondrien etc&lt;br /&gt;
#Prent van plant cel in cytokinese --&amp;amp;gt; aanmaak van middenlamel door fragmoplast etc&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 12 juni 2014 (namiddag) ===&lt;br /&gt;
#Transport over celmembraan&lt;br /&gt;
#Kern met rer tekenen en functie uitleggen &lt;br /&gt;
#Wat doet adrenaline in levercellen&lt;br /&gt;
#Confocale fluorescentie microscopie uitleggen&lt;br /&gt;
#Hoeveel acetaat je nodig hebt voor 3 mol glycerol en waar wordt energie geproduceerd &lt;br /&gt;
#Foto van glycogeenkorrels en van kristallen in kern&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 12 juni 2014 (voormiddag) ===&lt;br /&gt;
#fosfofructokinase van dna tot enzyme de weg die het moet doen en regulatie&lt;br /&gt;
#plantencelwand opbouw componenten en functie&lt;br /&gt;
#tellen van cellen en bacteriofagen&lt;br /&gt;
#hoeveel glucose nodig voor 4 alanine te maken&lt;br /&gt;
#foto van zenuwuitlopers en vorming nieuwe celwand bij planten: fragmoplast&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 17 juni 2013 (namiddag) ===&lt;br /&gt;
#Bespreek de eenvoudige suikers en polysacchariden.&lt;br /&gt;
#Bespreek de biosynthese en afbraak van vetzuren.&lt;br /&gt;
#Wat is de functie van glyoxisomen? Hoe kan je deze zichtbaar maken bij fluorescentie microscopie?&lt;br /&gt;
#Een gistcel kan groeien op ethanol. Om te groeien moet de celwand groeien, deze is opgebouwd uit polymeren van suikers. &lt;br /&gt;
#*Hoeveel mol ethanol is er nodig om 10 mol glucose te maken? &lt;br /&gt;
#*Kan de gistcel groeien op ethanol in anaëroob milieu? (antwoord: p469 laatste 5 regels in middelste stuk)&lt;br /&gt;
#prent aanduiden: &lt;br /&gt;
#*desmosoom &lt;br /&gt;
#*peroxisoom met kristalstructuur&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 17 juni 2013 (voormiddag) ===&lt;br /&gt;
#Teken de overgang van kernmembraan naar R.E.R. Wat is de functie van dit laatste?&lt;br /&gt;
#Bespreek geprogrammeerde celdood. Is er een link met kanker?&lt;br /&gt;
#Geef de methode(n) hoe je proteïnen kan splitsen op basis van hun lading.&lt;br /&gt;
#Hoe werkt het B-galactosidase operon bij E. Coli?&lt;br /&gt;
#Hoeveel mol glucose kan je maken met 3 mol palmitinezuur? Welke metabolische wegen worden er gevolgd? Hoeveel ATP kan er eventueel gevormd worden?&lt;br /&gt;
#Foto&#039;s:&lt;br /&gt;
#* p254&lt;br /&gt;
#*p218 (ongeveer)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===13 JUN 2013 NM===&lt;br /&gt;
# Bespreek de secretieweg in een cel van gen tot gesecreteerd eiwit.&lt;br /&gt;
# Als een mens schrik heeft komt er adrenaline vrij. Wat gebeurt er dan in de lever?&lt;br /&gt;
# Hoe werkt SDS-PAGE?&lt;br /&gt;
# Een uitgehongerde zoogdiercel maakt 4 glutaminezuurmoleculen en 2 asparaginezuurmoleculen. Hoeveel fructose is hier voor nodig en hoeveel CO2 wordt er door het organisme geproduceerd bij deze omzetting?&lt;br /&gt;
# 2 foto&#039;s: chloroplast tegen celwand aangedrukt door vacuole en celkern met kristallen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 13 jun 2013 (voormiddag) ===&lt;br /&gt;
#Bespreek de celwand vn de bacterie&lt;br /&gt;
#Uitleggen wat MFP met celcyclus te maken heeft en welke drie onderzoeken er toe geleid hebben&lt;br /&gt;
#Confocale fluorecentiemmicroscopie uitleggen&lt;br /&gt;
#Een oefening met hoeveel mol&lt;br /&gt;
#2 prentjes:&lt;br /&gt;
#*floëmcellen&lt;br /&gt;
#*gewoon RER, SER, Peroxisoom, mitochondrïen aanduiden (kan zijn nog iets)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=Examenvragen vanaf 2009=&lt;br /&gt;
== Biochemie ==&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 27 jun 2011 ===&lt;br /&gt;
#elektronentransportketen uitleggen.&lt;br /&gt;
#Met welke methodes kan je glyoxisomen bestuderen (door microscopische analyse) in de cel?&lt;br /&gt;
#Vetzuren en lipiden bespreken&lt;br /&gt;
#Differentiaties in plantencellen&lt;br /&gt;
#Foto van spiercel + kern delen benoemen.&lt;br /&gt;
#C1 van een glucosemolecule wordt radioactief gemerkt. We zien dat C6 van een 1,6-bisfosfaatfructosemolecule ook radioactieve sporen vertoond. Verklaar dit.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 16 jun 2010 ===&lt;br /&gt;
#Bespreek de lichtreactie van de fotosynthese.&lt;br /&gt;
#Bespreek hoe je aminozuren en suikers kan scheiden en deze onderling kan scheiden.&lt;br /&gt;
#Bespreek: de weg die wordt afgelegd van DNA tot glycocalyx van een proteïne.&lt;br /&gt;
#Hoeveel ribose 5-P kunnen gevormd worden uit 5 moleculen glutaminezuur. Hoeveel ATP komt hierbij vrij?&lt;br /&gt;
#Twee foto&#039;s waarbij alle structuren moeten aangeduid worden (chloroplast en jonge plantencel)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 8 jun 2010 ===&lt;br /&gt;
Mondeling met schriftelijke voorbereiding&lt;br /&gt;
#Bespreek de suikers&lt;br /&gt;
#Bespreek de pentosefosfaatweg (PPP)&lt;br /&gt;
#Bespreek SDS-PAGE&lt;br /&gt;
#Hoeveel molecule alpha-ketoglutaarzuur moeten er in de cel omgezet worden naar fumaarzuur om voldoende ATP te maken voor de synthese van 6 moleculen palmitinezuur (vertrekkende van Acetyl-Coa en uitgaand van het feit dat alle cofactoren aanwezig zijn) ? [Antwoord: 7]&lt;br /&gt;
#Twee foto&#039;s waarbij alle structuren moeten aangeduid worden (levercel en prokaryote cel)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
== Chemie == &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===3 JUN 2012 VM===&lt;br /&gt;
# celdifferentiatie in ene plantencel&lt;br /&gt;
# transport voeding cel&lt;br /&gt;
# geef de verschillen tussen de glycolyse en de gluconeogenese daar waar de enzymen verschillend zijn&lt;br /&gt;
# 2 stearinezuur omvorme na ribose, er is geen NAD+, geef de cusclussen die je gebruikt, is er atp genoeg, kan het volledig worden omgezet?&lt;br /&gt;
# 2 tekeningen (darmwand en spiercel)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===3 FEB 2012 NM===&lt;br /&gt;
# Bespreek enkelvoudige en meervoudige suikers&lt;br /&gt;
# Welke soorten juncties zijn er en wat is hun functie?&lt;br /&gt;
# Bespreek ionenuitwisselingschromatogafie&lt;br /&gt;
# 2 foto&#039;s&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===30 JAN 2012 VM===&lt;br /&gt;
# Bespreek aminozuren en ruimtelijke opbouw van proteïnen &lt;br /&gt;
# Rangschik 5 proteïnen volgens hun isoelektrisch punt, van hoog naar laag (je krijgt hier dan 5 aminozuursequenties) &lt;br /&gt;
# Teken de overgang tussen kernmembraan en het RER en bespreek de functie van het RER. &lt;br /&gt;
# Bespreek de verschillende centrifugatietechnieken.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 JAN 2012 NM===&lt;br /&gt;
# bespreek de enkelvoudige en meervoudige suikers&lt;br /&gt;
# bespreek de celwand bij bacterien en schimmels&lt;br /&gt;
# leg uit ionenuitwisselingschromotografie&lt;br /&gt;
# 2 foto&#039;s waar ge alles op moet aanduiden&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 JAN 2012 VM===&lt;br /&gt;
# Bespreek de celwand bij planten&lt;br /&gt;
# Bespreek microtubuli en hun structuren&lt;br /&gt;
# SDS-page (blijkbaar moest ge u practicumboek ook kennen :s)&lt;br /&gt;
# foto van kern me kristallen en een bacterie&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 JAN 2012 NM===&lt;br /&gt;
# Bespreek vetzuren en lipiden&lt;br /&gt;
# Bespreek wat er allemaal gebeurd en hoe het transport gebeurd van een specifiek proteïne vertrekkende van het genome DNA tot aan de glycocalyx (mss iets ander geformuleerd)&lt;br /&gt;
# Bespreek de technieken om een basaalkorrel zichtbaar te maken in de cel. -&amp;amp;gt; ECHT IN FUNCTIE VAN DE BASAALKORREL DOEN DUS adh van het proteïne tubuline!!!&lt;br /&gt;
# 2 foto&#039;s 1 van die rozetstructuren van glycogeenpartikels en dieje andere was met gwn een celkern met kristalijne kristallen (2 foto&#039;s die hem duidelijk in de les heeft vermeld da ge daar moet op lette)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 20 JAN 2012 VM ===&lt;br /&gt;
#Bespreek de nucleinezuren, als monomeer en macromolecule, en hun ruimtelijke structuur bij eukaryoten en prokaryoten.&lt;br /&gt;
#Bespreek het endoplasmatisch reticulum.&lt;br /&gt;
#Bespreek gelfiltratie en leg uit hoe het ka ngebruikt worden om het moleculaire gewicht van een proteine te bepalen.&lt;br /&gt;
#2 EM-fotos, alle structuren aanduiden en de functie ervan geven.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 JUN 2011 NM===&lt;br /&gt;
#bespreek de vermenigvuldiging van virussen&lt;br /&gt;
#Bespreek de bio-synthese en afbraak van vetzuren&lt;br /&gt;
#Bespreek de vrijzetting van adrenaline in het bloed&lt;br /&gt;
#Hoeveel mol ATP wordt er geproduceerd uit 5 mol glucose en 3 mol glycerol? Hoeveel mol glutaminezuur kan worden geproduceerd uit 5 mol glucose en 3 mol glycerol wanneer er genoeg ammoniak in de cel aanwezig is?&lt;br /&gt;
#twee foto&#039;s&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 JUN 2011 VM===&lt;br /&gt;
#Bespreek de cytokinese bij planten.&lt;br /&gt;
#Bespreek het transport van voedingsstoffen naar binnen in de cel.&lt;br /&gt;
#Bespreek de lichtreacties van de fotosynthese.&lt;br /&gt;
#Hoeveel mol fructose is er nodig voor de synthese van 3 mol palmitinezuur?&lt;br /&gt;
#twee foto&#039;s&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 JAN 2011===&lt;br /&gt;
#Bespreek de celwand bij planten.&lt;br /&gt;
#Bespreek de proteïnen en hoe ze zijn opgebouwd in een ruimtelijke structuur.&lt;br /&gt;
#Geef de belangrijkste verschillen tussen gram positieve en gram negatieve bacteriën en hoe kan je die van elkaar onderscheiden?&lt;br /&gt;
#Bespreek moleculaire exclusiechromatografie en hoe kan je hiermee het MW van een eiwit bepalen?&lt;br /&gt;
#Twee foto&#039;s&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===22 JUN 2010===&lt;br /&gt;
# Bespreek de structuur en werking van spiercellen.&lt;br /&gt;
# Bespreek de lichtreacties van de fotosynthese.&lt;br /&gt;
# Hoeveel ATP wordt er geproduceerd bij afbraak van 5 mol glycerol en 2 mol glucose? stel: Glutaminezuur tekort in de cel, hoeveel mol glutaminezuur kan geproduceerd worden met 5 mol glycerol en 2 mol glucose?&lt;br /&gt;
# Hoe werkt adrenaline?&lt;br /&gt;
# Hoe werkt het tryptofaan operon bij aanwezigheid en afwezigheid van tryptofaan?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===15 JUN 2010===&lt;br /&gt;
# Bespreek differentiatie van plantaardige cellen&lt;br /&gt;
# Bespreek gemedieerd transport&lt;br /&gt;
# Bespreek de glyoxyzuurcyclus (waar, in- en outputs en waar de producten verder naartoe gaan...)&lt;br /&gt;
# Hoeveel fructosemoleculen heb je nodig om 4 moleculen glutaminezuur en 2 moleculen asparaginezuur te maken. Hoeveel CO2 wordt hierbij gemaakt? Leg uit a.d.h.v. metabolische wegen.&lt;br /&gt;
# Bespreek hoe de enzymes elkaar opvolgen (niet in deze woorden, maar &#039;t komt erop neer)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===25 JAN 2010===&lt;br /&gt;
Mondeling met schriftelijke voorbereiding&lt;br /&gt;
#Bespreek de structuur en de functie van microtubuli en de verschillende structuren die hieruit zijn opgebouwd. (p. 240-261)&lt;br /&gt;
#Bespreek de ruimtelijke structuur van eiwitten. (p. 53-60)&lt;br /&gt;
#Bespreek de verschillende centrifugatie methoden. (p. 285-290)&lt;br /&gt;
#Twee foto&#039;s&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===18 JAN 2010===&lt;br /&gt;
Mondeling met schriftelijke voorbereiding&lt;br /&gt;
#Bespreek de celwand bij planten. (bijvragen over de chemische opbouw van (hemi)cellulose, extensises,...)&lt;br /&gt;
#Bespreek RNA transcriptie en DNA duplicatie.&lt;br /&gt;
#Bespreek de moleculaire exclusiechromatografie.&lt;br /&gt;
#2 foto&#039;s van cel(onderdelen). Alles benoemen, ook vanzelfsprekendheden (cytoplasma,...)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 JAN 2010 ===&lt;br /&gt;
Mondeling met schriftelijke voorbereiding&lt;br /&gt;
# Bespreek de enkelvoudige en de meervoudige sacchariden (bijvraag: hoe heeft men de L en D suikers bepaald, met welk suiker hebben ze dit gedaan)&lt;br /&gt;
# Bespreek de overgang van het kernmembraan en het RER en geef de functie van het RER&lt;br /&gt;
# Bespreek SDS PAGE&lt;br /&gt;
# Duid op de volgende 2 foto&#039;s de delen aan (ALLES aanduiden, cytoplasma en alles wat ook &#039;normaal&#039; lijkt!)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
leer ALLE details!&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=Examenvragen van 2007 - 2009=&lt;br /&gt;
=== 2 sept 2009 - Biochemie ===&lt;br /&gt;
Van Dijck&lt;br /&gt;
# Bespreek de enkelvoudige en meervoudige suikers.&lt;br /&gt;
# Bespreek de verschillende plastiden.&lt;br /&gt;
# Welke techniek kan men gebruiken om celmembranen te bestuderen onder de EM? Bespreek de twee varianten.&lt;br /&gt;
# Twee foto&#039;s&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Thevelein&lt;br /&gt;
* Hoofdvraag&lt;br /&gt;
*# Bespreek het verband tussen de elektrontransportketen en oxidatieve fotofosforylatie.&lt;br /&gt;
* Bijvragen&lt;br /&gt;
*# Glyoxylzuurcyclus&lt;br /&gt;
*# Hoeveel glucosemoleculen heeft een schimmelcel nodig om 2 glutaminezuur en 4 asparaginezuur te maken? Wordt er hierbij ook CO2 geproduceerd en indien ja, hoeveel?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 24 Juni 2009 - Chemie - Thevelein ===&lt;br /&gt;
* hoofdvragen&lt;br /&gt;
*# Bespreek de Krebscyclus.&lt;br /&gt;
*# Bespreek de lichtreactie vd fotosynthese.&lt;br /&gt;
*# Leg genrepressie en geninductie uit aan de hand van klassieke voorbeelden.&lt;br /&gt;
* bijvragen&lt;br /&gt;
*# Wat is groepstranslocatie?&lt;br /&gt;
*# Bereken hoeveel mol ATP er wordt vrijgezet bij de volledige oxidatie van 1 mol tristearine.&lt;br /&gt;
*# Nog een oefening zoals hierboven maar nu met aminozuren enzo...&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 19 Juni 2009 - Biochemie ===&lt;br /&gt;
Van Dijck &lt;br /&gt;
# bespreek de structuur van microtubuli en de structuren die eruit bestaan.&lt;br /&gt;
# Bespreek de nucleïnezuren en nucleotiden en hun ruimtelijke structuren.&lt;br /&gt;
# Leg gelchromatografie (??) (da met gelbollekes sorteren) uit en hoe je het molecuulgewicht v eiwitten hiermee kan berekenen.&lt;br /&gt;
# 2 foto&#039;s uit oefenzittingen&lt;br /&gt;
 &lt;br /&gt;
Thevelein&lt;br /&gt;
* hoofdvraag&lt;br /&gt;
*# Vergelijk gluconeogenese en glycolyse (startproducten, plaats id cel,..)&lt;br /&gt;
* bijvragen&lt;br /&gt;
*# bespreek glyoxylzuurcyclus&lt;br /&gt;
*# Bereken hoeveel moleculen glucose een schimmelcel nodig heeft om 2 moleculen glutaminezuur en 4 moleculen asparaginezuur te produceren. Wordt hierbij CO2 gevormd en zo ja hoeveel? Leg uit adhv de gebruikte cycli.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 Juni 2009 - Biochemie ===&lt;br /&gt;
Van Dijck &lt;br /&gt;
# bespreek de celwand bij planten&lt;br /&gt;
# bespreek peroxisomen en glyoxisomen&lt;br /&gt;
# rankschik de volgende peptiden volgens iso-elektrisch punt. en wat is iso-elektrisch punt. vb.COOH-cysteïne-proline-histidine-cysteïne-lysine-methionine-asparaginezuur-NH2&lt;br /&gt;
# 2 fotos: 1 van een chloroplast, en 1 van een zenuwcel&lt;br /&gt;
Thevelein&lt;br /&gt;
*hoofdvraag&lt;br /&gt;
*# bespreek de lichtreacties van de fotosynthese&lt;br /&gt;
*bijvragen&lt;br /&gt;
*#geef volledige metabolische weg om asparaginezuur te vormen uit glycerol en NH3&lt;br /&gt;
*#Kan een cel in anaërobe omstandigheden het meest ATP halen uit glucose via de Glycolyse of eerst via PP(pentosfosfaatweg).en toon aan.-&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 26 jan 2009 - Chemie - Van Dijck ===&lt;br /&gt;
# Bespreek nucleotiden en nucleïnezuren&lt;br /&gt;
# Welke soorten juncties zijn er en wat is hun functie?&lt;br /&gt;
# Hoe kan je aminozuren van suikers scheiden en hoe kan je ze verder opzuiveren?&lt;br /&gt;
# Teken het celmembraan (of was de vraag nu glycocalyx?) van een dierlijke cel en duidt de onderdelen aan.&lt;br /&gt;
# Wat is het iso-elektrisch punt van een proteïne en wat ben je ermee?&lt;br /&gt;
# 2 fotos: 1 van een prokaryote cel, en 1 van een plantencel&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 jan 2009 - Chemie - Van Dijck ===&lt;br /&gt;
Mondeling met schriftelijke voorbereiding&lt;br /&gt;
# bespreek de enkelvoudige en de meervoudige sacchariden (bijvraag: hoe heeft men de L en D suikers bepaald, met welk suiker hebben ze dit gedaan)&lt;br /&gt;
# bespreek de overgang van het kernmembraan en het RER en geef de functie van het RER&lt;br /&gt;
# bespreek SDS PAGE&lt;br /&gt;
# duid op de volgende 2 foto&#039;s de delen aan (ALLES aanduiden, cytoplasma en alles wat ook &#039;normaal&#039; lijkt!)&lt;br /&gt;
leer ALLE details!&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 22 aug 2008 - Biochemie ===&lt;br /&gt;
Thevelein:&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
* Hoofdvraag:&lt;br /&gt;
*# Bespreek de samenstelling en mechanisme van elektronentransportketen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
*Bijvragen:&lt;br /&gt;
*# Welke reacties worden gekatalyseerd door volgende enzymes:&lt;br /&gt;
*#* pyruvaat decarboxylase&lt;br /&gt;
*#* pyruvaat dehydrogenase&lt;br /&gt;
*#* pyruvaat kinase&lt;br /&gt;
*#* pyruvaat carboxylase&lt;br /&gt;
*# een cel zet oxaalazijnzuur, citroenzuur en NH3 om in asparaginezuur en glutaminezuur, geef de reactie.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Van Dijck:&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# bespreek structuur en functies van de microtubuli en bespreek de structure waar ze voorkome (/3)&lt;br /&gt;
# bespreek structuur van de proteïnen en waar komen deze voor (/3)&lt;br /&gt;
# hoe kan je het molecuulgewicht van een proteïne bepalen met exclusiechromatografie (/2)&lt;br /&gt;
# wat is hemicellulose? (/1)&lt;br /&gt;
# duid celorganellen aan op de prent (/1) --&amp;amp;gt; twas een levercel met veel secretiepartikels&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 26 jun 2008 - Chemie - Thevelein ===&lt;br /&gt;
Hoofdvragen:&lt;br /&gt;
# e-transport&lt;br /&gt;
# pentosefosfaatweg&lt;br /&gt;
# regulatie van het metabolisme&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Bijvragen:&lt;br /&gt;
# glyoxylzuurcyclus&lt;br /&gt;
# glucose+NH3--&amp;amp;gt;glutaminezuur+CO2 hoeveel ATP wordt er geproduceerd (aeroob organisme)&lt;br /&gt;
# synthese van trehalose uit glucose dat via symport in de cel komt. Hoeveel ATP moet er via melkzuurgisting gewonnen worden om 2 trehalose moleculen te vervaardigen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 26 jun 2008 - Chemie - Thevelein === &lt;br /&gt;
Hoofdvragen&lt;br /&gt;
# Bespreek de Krebscyclus&lt;br /&gt;
# Bespreek het membraantransport en de membraanpotentiaal&lt;br /&gt;
# Bespreek de lichtreacties van de fotosynthese&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Bijvragen&lt;br /&gt;
# Adrenaline als glucosevrijzetter&lt;br /&gt;
# Bespreek in detail de biosynthese en afbraak van vetzuren&lt;br /&gt;
# Een bacteriële cel in aërobe omstandigheden zet glucose om in pyrodruivenzuur. Waar wordt het meeste ATP geproduceerd, via de glycolyse of via de pentosefosfaatweg?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 20 jun 2008 - Chemie - Thevelein===&lt;br /&gt;
Hoofdvragen:&lt;br /&gt;
# Bespreek de calvincyclus.&lt;br /&gt;
# Bespreek membraantransport en bespreek hoe membraanpotentiaal hierbij tussenkomt.&lt;br /&gt;
# Bespreek de regulatie van het metabolisme.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Bijvragen:&lt;br /&gt;
# Glyoxylzuurcyclus.&lt;br /&gt;
# Adrenaline als glucose vrijzetter.&lt;br /&gt;
# Een denkvraag ivm proton-motive en dinitrofenol.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 20 jun 2008 - Biochemie ===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Thevelein:&lt;br /&gt;
# lichtreacties&lt;br /&gt;
# oefeningen:&lt;br /&gt;
#* tristearaat, hoeveel ATP wordt er gevormd&lt;br /&gt;
#* vorming van asparaginezuur en glyoxylzuur uit citroenzuur en NH3&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Van Dijck:&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
* schriftelijk&lt;br /&gt;
*# soorten bindingen in macromolecules, tekenen +bespreken&lt;br /&gt;
*# wat is threhalose, mesozoom&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
* mondeling&lt;br /&gt;
*# endoplasmatisch riticulum bespreken&lt;br /&gt;
*# microtubuli bespreken&lt;br /&gt;
*# plaatsbepaling van moleculen in de cel, methoden bespreken&lt;br /&gt;
*# 2 foto&#039;s herkennen+organellen benoemen: lever en oliehoudende zaden&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 19 jun 2008 - Biochemie ===&lt;br /&gt;
Thevelein:&lt;br /&gt;
* Grote vraag: &lt;br /&gt;
*# membraantransport bespreken&lt;br /&gt;
* Bijvragen: &lt;br /&gt;
*# ge hebt 24 glucosemoleculen, die ge via PP en dÃ¡n pas de glycolyse gaat afbreken tot acetyl-CoA, waarna ge X aantal palmitinemoleculen gaat opbouwen. Hoeveel ATP wordt er gevormd? En hoeveel NADPH hebt ge tekort?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Van Dijck:&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
*Schriftelijk:&lt;br /&gt;
*# bespreek RNA en DNA&lt;br /&gt;
*# leg uit: &lt;br /&gt;
*#* isopycnische centrifugatie &lt;br /&gt;
*#* mycoplasma&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
*Mondeling:&lt;br /&gt;
*# bespreek mono- en polysachariden&lt;br /&gt;
*# celwand bij bacterien + Gram positieve en Gram negatieve bacterien&lt;br /&gt;
*# ionenuitwisselingschromatografie&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 13 jun 2008 - Biochemie ===&lt;br /&gt;
Thevelein:&lt;br /&gt;
* hoofdvraag:&lt;br /&gt;
*# Bespreek de lichtreacties van de fotosynthese&lt;br /&gt;
* Bijvragen:&lt;br /&gt;
*# Bespreek hoe er geninductie en genexpressie bij Escheria coli plaatsvindt&lt;br /&gt;
*# Oefening ivm de metabolische wegen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Van dijck:&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
*Schriftelijk&lt;br /&gt;
*# teken (cyclisch) alfa-D-glucose, beta-D-Fructose, sucrose en nummer de koolstoffen&lt;br /&gt;
*# Leg uit: &lt;br /&gt;
*#* mesosoom &lt;br /&gt;
*#* connexon&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
* Mondeling&lt;br /&gt;
*# Teken hoe het kernmembraan in het RER overgaat, en geef de functie van dit RER&lt;br /&gt;
*# Bespreek de ruimtelijke structuur van proteïnen&lt;br /&gt;
*# Leg uit hoe men plasmiden kan identificeren met behulp van restrictie-enzymen aan de hand van een voorbeeld&lt;br /&gt;
*# Duid de organellen aan op de cel (chloroplast en bacteriofaag)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 28 jan 2008 - Chemie - Van Dijck ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# geef de structuur en de functies van de mitochondrieën&lt;br /&gt;
# beschrijf de weg die een proteine X aflegt beginnend in de kern die voor de glycocalyx bestemd is.&lt;br /&gt;
# beschrijf de verschillende centrifugatietechnieken.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# wat is het iso-elektrisch punt van proteïnen en rangschik de volgende proteïnen volgens stijgende theoretische waarde van het iso-elektrisch punt. De proteïnen werden gegeven door telkens een keten van 11 aminozuren.&lt;br /&gt;
# Beschrijf en teken schematisch de componenten van de glycocalyx&lt;br /&gt;
# verklaar: &lt;br /&gt;
#* mesosoom&lt;br /&gt;
#* connexon&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 28 jan 2008 - Chemie - Van Dijck ===&lt;br /&gt;
Schriftelijk deel&lt;br /&gt;
# rangschik van polair naar apolair (aceton, 1-propanol, diethylether, fenol, benzylalcohol) [in de vraag werden prentjes van de moleculen gegeven, en niet de namen], en zeg wat apolariteit bepaalt.&lt;br /&gt;
# teken (cyclisch) alfa-D-glucose, beta-D-Fructose, sucrose.&lt;br /&gt;
# Leg uit:&lt;br /&gt;
#* Dictyosoom &lt;br /&gt;
#* Blefaroplast&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Mondeling met schriftelijke voorbereiding&lt;br /&gt;
# Teken hoe het kernmembraan in het RER overgaat, en geef de functie van dit RER&lt;br /&gt;
# Bespreek de ruimtelijke structuur van proteïnen&lt;br /&gt;
# Leg uit hoe men plasmiden kan identificeren met behulp van restrictie-enzymen aan de hand van een voorbeeld&lt;br /&gt;
# Duid de organellen aan op de cel (de twee cellen waren een zenuwcel en een chloroplast)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=Examenvragen tot en met 2006=&lt;br /&gt;
=== 15 jan 2007 ===&lt;br /&gt;
Hoofdvragen: theorie&lt;br /&gt;
# bespreek hoe een cel aan zijn membraanpotentiaal komt + hoe deze aangewend wordt bij het membraantransport&lt;br /&gt;
# bespreek de Calvin Cyclus (functie, intermedairen, ...)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Hoofdvragen oefeningen&lt;br /&gt;
# practicum: bespreek PAGE bij proteïnen en hoe we de molecuulgroote ervan kunnen afleiden&lt;br /&gt;
# duid zo veel mogelijk celstructuren aan&lt;br /&gt;
# duid de volgende processen aan waar ze voorkomen in de cel aan op de tekening: NADPH productie, energieproductie, chromatine en integrale proteïnen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Bijvragen&lt;br /&gt;
# bespreek hoe adrenaline de glucoseproductie in de cel regelt&lt;br /&gt;
# Een cel maakt uit oxaalazijnzuur, citroenzuur en NH3 de aminozuren glutaminezuur en asparaginezuur. Geef een reactievergelijking en houd rekening met ATP, NAD, FAD, H2O en CO2.&lt;/div&gt;</summary>
		<author><name>R0998693</name></author>
	</entry>
	<entry>
		<id>https://wiki.chemika.be/index.php?title=Celbiologie_en_biochemie&amp;diff=4137</id>
		<title>Celbiologie en biochemie</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.chemika.be/index.php?title=Celbiologie_en_biochemie&amp;diff=4137"/>
		<updated>2024-06-27T13:45:19Z</updated>

		<summary type="html">&lt;p&gt;R0998693: /* Examenvragen vanaf 2013 */&lt;/p&gt;
&lt;hr /&gt;
&lt;div&gt;[[Categorie:Bachelor Chemie]]&lt;br /&gt;
[[Categorie:Bachelor Biochemie]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Vakinformatie==&lt;br /&gt;
Vanaf 2016-2017: Schriftelijk examen in plaats van mondeling examen zoals voordien.&lt;br /&gt;
Vanaf 2012-2013: Jaarvak voor zowel chemie als biochemie. Volledig gedoceerd door Patrick Van Dijck.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;2022-2023&#039;&#039;&lt;br /&gt;
* Aanpak vak&lt;br /&gt;
** Nog steeds Patrick Van Dijck&lt;br /&gt;
** Jaarvak dus best grote hoeveelheid, maar niet onrealistisch&lt;br /&gt;
* Kwaliteit cursus&lt;br /&gt;
** Boek is in de afgelopen 6 jaar (misschien langer) nog niet (of toch amper) veranderd (veel E.M. foto&#039;s in)&lt;br /&gt;
** Hier en daar extra info bij slides, maar als je het boek kent ben je er zeker wel door&lt;br /&gt;
* Examen-/TTT-vragen&lt;br /&gt;
** TTT-vragen lijken totaal niet op examenvragen, waren meerkeuze en eerder oppervlakkig&lt;br /&gt;
** Geen paniek als TTT slecht was, vak is zelfs haalbaar als je hier een nul op had&lt;br /&gt;
** Belangrijkste zaken om te leren naar mijn mening&lt;br /&gt;
*** Hoofdstuk 4!!! Vooral metabolische wegen oefening (10 van de 35 tot 40 punten), kan zeker helpen om bio-organische hiernaast te leggen, maar hij vraagt regelmatig ook wel iets van actief transport of regulatie dus ook de rest van hoofdstuk 4 is wel belangrijk, soms vraagt hij ook om een specifieke metabolische weg uit te tekenen&lt;br /&gt;
*** Structuren en tekeningen! Zijn vrij gemakkelijke punten om te krijgen&lt;br /&gt;
*** Patrick vraagt graag begrippen, ik vond persoonlijk dat je buiten voor de metabolische wegen niet al teveel inzicht nodig had hiervoor, maar het helpt natuurlijk wel&lt;br /&gt;
*** Boek &amp;gt;&amp;gt;&amp;gt; slides, probeer zeker 1 keer het boek echt volledig door te nemen&lt;br /&gt;
*** Schrijf echt elk detail op dat je denkt te weten, soms staan er echt op heel domme dingen al punten&lt;br /&gt;
** In geval van tijdsnood (maar probeer wel gewoon echt alles te leren! Ik neem de schuld niet op mij als hij er toch iets van vraagt :))&lt;br /&gt;
*** Hij vraagt zelden tot nooit iets over hoofdstuk 3 (zeker mitose en meiose kan hem niet heel veel schelen)&lt;br /&gt;
*** Practicumhandleiding leren is ook vrij overbodig, buiten ionenuitwisselingschromatografie (bij ons bijvoorbeeld een examenvraag) en SDS-page als ik me goed herinner, maar deze staan ook in het boek uitgelegd normaal&lt;br /&gt;
*** Niet teveel tijd steken in E.M. foto’s, je kan sowieso wel iets aanduiden, zie dat je weet hoe golgi-apparaat, mitochondriën, vacuole eruitzien en je hebt al wel iets van punten (staat meestal op 4 punten) en je kan eens kijken op de wiki welke soort cellen hij vaak vraagt, want zijn meestal wel dezelfde&lt;br /&gt;
*** Oude examenvragen beantwoorden heeft niet enorm veel nut, structuur is altijd gelijkend, maar de begrippen dat hij vraagt zijn eerder willekeurig &lt;br /&gt;
--&amp;gt; oude examenvragen hebben wel nut, vragen die terugkomen: fosfofructokinase, G proteine, p53, ionuitwisselingschromatografie, gram+ vs gram-&lt;br /&gt;
*** De extra informatie bij de vragen van 2023 zijn steeds de opmerkingen die de prof zelf online heeft gezet, op de wiki van bios vind je nog extra vragen met opmerkingen, handig om te bekijken en te weten wat er verwacht wordt&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen vanaf 2013==&lt;br /&gt;
=== 26 juni 2024; examen op 38 punten ===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 6 juni 2024; examen op 38 punten ===&lt;br /&gt;
# Koppel D-fructose met een beta-1,3-binding aan een D-ribose. Dit D-ribose is gekoppeld aan een een molecule alpha-D-lactose met een alpha-1,3-binding. Geef de structuur van dit oligosacharide - 5 punten&lt;br /&gt;
# Glycolipiden zijn een belangrijk onderdeel in het kernmembraan. Deze zijn verschillend bij dieren en micro-organismen. Wat zijn de verschillen tussen glycolipiden bij dieren in vergelijking met die bij micro-organismen? Teken de verschillende structuren waarbij galactose het suikergedeelte is, een keer voor een dierlijke cel en een keer voor een gistcel. Wat zijn de functies van deze glycolipiden? - 4 punten&lt;br /&gt;
# Hoe vijf gegeven peptiden scheiden aan de hand van anionuitwisselingschromatografie? Leg alle nodige stappen uit. Licht kort de principes toe. In welke volgorde verlaten deze glycolipiden de kolom, leg uit waarom? - 6 punten&lt;br /&gt;
# Hoe van fosfofructokinasegen tot functioneel fosfofructokinase-enzym? leg zeer uitgebreid uit - 6 punten. Hoe wordt de activiteit van fosfofructokinase geregeld - 4 punten?&lt;br /&gt;
# Hoeveel molecule stearinezuur heb je nodig om 9 moleculen ribose-5-fosfaat te maken ? Hoeveel ATP en reducerende vermogen wordt er gemaakt. Schrijf alle nodige cycli uit, geef de finale reactievergelijking. - 10 punten: Mogelijke oplossing: https://drive.google.com/file/d/1BDobKdLM21VeCpvPSOqtV1bZY6E_ZfiC/view?usp=sharing (via pdf-viewer betere zoom)&lt;br /&gt;
# EM-foto - 3 putnen (microtubuli: exacte foto https://cytochemistry.net/_Media/tub8a_med_hr.jpeg)&lt;br /&gt;
===21 augustus 2023===&lt;br /&gt;
# Bespreek de celwand bij planten. Geef de functie en opbouw. Teken de belangrijkste moleculen en bespreek in detail hoe deze met elkaar verbonden zijn. Bespreek de verschillende celwanden. &lt;br /&gt;
# Bespreek de 2 manieren waarmee men specifiek met fluorescentiemicroscopie peroxisomen kan bekijken. Leg ook uit hoe die fluorescentiemicroscopie zelf werkt. &lt;br /&gt;
# Bespreek ribosomen. Waar komen ze voor? Geef hun functie en opbouw. Wat is het verschil tussen de ribosomen van prokaryoten en eukaryoten? &lt;br /&gt;
# Hoeveel moleculen zuurstof komen er vrij uit de fotosynthese om 2 moleculen sucrose te maken? Je mag er vanuit gaan dat er voldoende ATP aanwezig is. In welke reactie komt deze zuurstof vrij, en hoe geraakt men uiteindelijk tot sucrose? &lt;br /&gt;
# 2 EM foto&#039;s: welke organellen herken je? (desmosoom en centriolenpaar) Bespreek hun functie en opbouw. &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 juni 2023===&lt;br /&gt;
# Wat is een glyoxisoom? welke reacties gebeuren er hier? Waar komen ze voor? (4 punten) &lt;br /&gt;
* Wat er zeker moet staan: Glyoxysomen: komen van het SER en een pathway enkel bij planten en schimmels, niet bij dieren. En nodig voor synthese, nl twee acetyl coA moleculen omzetten in barnsteenzuur. Je moest ook schrijven dat het acetyl coA komt van afbraak vetzuren of van groeien op C2 moleculen zoals acetaat of ethanol. En dat de barnsteenzuur verder in Krebs en gluconeogenese naar suikers kan gaan. Daarnaast moest je ook de cyclus tekenen.&lt;br /&gt;
# Wat is fosofructokinase? Wat zorgt ervoor dat dit enzym actief is en wat is de functie ervan? Leg de weg uit van het DNA tot het functionerende enzym op de juiste plaats in de cel. (8 punten) &lt;br /&gt;
*Fosfofructokinase: 1 punt voor waar het werkt en in welke metabolische weg, 1 punt voor de reactie die wordt gekatalyseerd, 1 punt voor het feit dat ATP als allosterische inhibitor werkt en 1 punt voor de verschillende substraten die ook de snelheid bepalen. Dan 2 punten voor overgang DNA naar mRNA (promoter-terminator, T wordt U, RNA polymerase die kopie van de matrijsstreng maakt, splicing, polyA en 5’ Cap, moest er geantwoord worden). Dan 2 punten voor translatie (het mRNA gaat uit de kern via poriën en gaat dan naar VRIJE ribosomen , kleine en grote subeenheid, bestaande uit rRNA en proteïnen die het mRNA aflezen en vanaf AUG de proteïnesynthese beginnen. Dit met behulp van tRNA dat in zijn structuur een anticodon heeft dat gaat binden met een codon op het mRNA (3 basen en geen basenparen daar mRNA enkelstrengig is) en dat het tRNA ook een aminozuur aanbrengt corresponderend met het codon op het mRNA.  Studenten die hebben geantwoord dat het mRNA naar ribosomen op het RER gaan kunnen maximum 4 op 8 hebben, als al de andere zaken correct zijn. Ik heb dit in de les gezegd dat ik dit ging vragen op het examen.  Fosfofructokinase werkt in het cytoplasma. Als het in een vesikel zit van ER of golgi kan het nooit meer in het cytoplasma geraken….&lt;br /&gt;
# Hoeveel L-glutaminezuur is er nodig voor de synthese van 6 molecule sucrose. Schrijf de nettoreactie uit en is er ATP winst of verlies? (meerdere mensen kwamen hier 24 moleculen en 168 ATP vrij bij uit) (10 punten) &lt;br /&gt;
* 24 glutaminezuur naar 6 sucrose. Structuur sucrose: 1 punt; anaplerotische reactie van glutaminezuur naar alfaketoglutaarzuur: 1,5 punten (als alles correct is inclusief NADH winst). Krebs tot oxaalazijnzuur (1,5 punten, idem); omgekeerde anaplerotische: oxaalazijnzuur naar fosfoenolpyrodruivenzuur (GTP mag je als ATP gebruiken) (1,5 punten), gluconeogenese van PEP tot glucose 6P en fructose 6P (met ATP en NADH kost per PEP) (1,5 punten). Dan glu6P naar gluc1P, naar gluc 1P + UTP naar UDPG, dan UDPG + Frc6P naar sucrose6P en dan naar sucrose (1,5 punten)&lt;br /&gt;
# Teken de algemene structuur van gram-positieve bacteriën en in detail hoe de elementen ervan met elkaar verbonden zijn. Leg uit hoe je deze bacteriën kan onderscheiden. (6 punten) &lt;br /&gt;
* Gram+ bacteriën hebben één dikke celwand bestaande uit mureïne of peptidoglycaan. Je moest hier dan ook de structuur tekenen van N-acetylglucosamine en N-acetylmuraminezuur, met een Beta 1,4 binding met elkaar verbonden. Op de OH van de C3 van N-acetylmuraminezuur (die naar boven staat) moet je dan een melkzuur tekenen met daaraan een tetrapeptide met onder andere D-aminozuren. Wat velen vergeten is dan dat deze tetrapeptiden ofwel met elkaar zijn verbonden dan wel dat er glycinebruggen zijn om die te verbinden, allemaal met covalente bindingen. De Gramkleuring stond op 2 van de 6 punten. Die had je als je kristalvioletjood oplossing had en safranine als roze tegenkleurstof. De Gram+ zijn dan paars, de Gram- zijn dan roze.&lt;br /&gt;
# 2 E.M. foto&#039;s (delende plantencel en golgi-complex met vesikels) (4 punten)&lt;br /&gt;
# 5 peptiden gekregen, welke scheidingstechniek kan je hiervoor gebruiken? Leg deze in detail uit en verklaar in welke volgorde ze van de kolom komen. (6 punten) &lt;br /&gt;
* Scheiden van de vijf peptiden. Hier had je 3 punten op het principe van de scheiding en 3 op het juist antwoord op de vraag. Je moet hier scheiden via ionenuitwisselingschromatografie daar de 5 peptiden elke een ander isoelectrisch punt hebben. Dit kan je simpel bepalen door het aantal zure en aantal basische aminozuren te tellen. Bij principe moest er zeker bij staan dat je eerst de pH laag brengt zodat ze allemaal positief geladen zijn als je met een kationenuitwisselaar werkt en dan geleidelijk de pH doet stijgen zodat ze één voor één van de kolom komen. Voor anionenuitwisselaar het omgekeerde.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===12 juni 2023===&lt;br /&gt;
# Teken het trisacharide: D-galactose met een 1,3 binding aan D-ribose met een 1,3 binding aan D-fructose (5) &lt;br /&gt;
* Per binding die fout is of per fout in een monosaccharide is het een punt aftrek&lt;br /&gt;
# Teken fosfatidylethanolamine, wat zijn de functies en voorkomen? (4) &lt;br /&gt;
* Phosphatidyl ethanolamine en functie/eigenschappen fosfolipide: Geen correcte esterbinding of grote fouten aan het molecule: max 1 op 4. Kleine fouten op de structuur: een half of één punt aftrek. Het overblijvende punt voor fosfolipidendubbellaag (vb membraan) en enkellaag (vb lipidendruppel) en dat het een chemische barrière vormt.&lt;br /&gt;
# Gegeven een stuk DNA van 5&#039; tot 3&#039;: wat is de aminozuursequentie van het proteïnen en welke stappen gebeuren hierbij? (5) &lt;br /&gt;
* Deze vraag heb ik tijdens de lessen op het bord getekend. Ik heb toen duidelijk gezegd dat als je DNA ziet staan, teken onmiddellijk de andere strand. Als je dat had gedaan zou je zien dat er in die andere strand een startcodon zit gevolgd door verschillende aminozuren. In de vraag staat in bold dat er een proteïne wordt gevormd, dus enkel methionine (dat werd gevolgd door een stopcodon) is uiteraard geen proteïne. Als je dit stuk correct had heb je 2,5 of 3 op 5 (2,5 als de beschrijving compleet fout is). Om 5 op 5 te hebben had ik de volgende termen moeten zien: Bij transcriptie: promoter-terminator, RNA polymerase, copij van de matrijsstreng, dus identiek aan coderende strand, maar dan T door U vervangen, splicing, 5’Cap, 3’ poly A staart en dan via kernporiën. Bij translatie: mRNA komt toe op de ribosomen (veel studenten antwoorden hier op het RER, dat kan, maar dat is niet noodzakelijk), die uit rRNA en proteïnen bestaan en tRNA met zijn anticodon brengt de juiste aminozuren aan die dan het proteïne gaan vormen&lt;br /&gt;
# bespreek de structuur en functie van het golgi-apparaat (4) &lt;br /&gt;
* Golgi apparaat: afgeplatte membraanzakken, cisternen, waar vesikels van RER toekomen aan cis kant en waar vesikels vertrekken aan de trans kant als primaire lysosomen, of als secretievesikels met materiaal voor buiten de cel.  Dit geeft 2 van de vier punten. Wat gebeurt er in het golgi: suikers die op de eiwitten staan uit RER worden grotendeels verwijderd en elk eiwit krijgt zijn specifieke glycosylatie (heel veel studenten spreken weeral over glycolysatie, wat uiteraard niet ok is, zeker 5 keer in de les gezegd! Glycosylatie kan op O of N zijn&lt;br /&gt;
# Wat is de functie van een G-proteïne? (4) &lt;br /&gt;
* G proteïnen: belangrijk bij signaaltransductie in de cel (1 punt). Zijn proteïnen die met GDP zijn gebonden en dan inactief en bij activatie wordt GDP door GTP (wat in overmaat in de cel aanwezig is) vervangen (en niet zoals studenten antwoorden dat GDP naar GTP wordt omgezet). Het G proteïne heeft dan een eigen GTPase activiteit die zorgt dat GTP wordt omgezet naar GDP en het proteïne is terug inactief. Het is dus een on-off schakelaar.&lt;br /&gt;
# Hoeveel ribose-5-p heb je nodig om 14 alanine te maken? -welke wegen, reactievergelijking  en NADH en atp balans (10) &lt;br /&gt;
* Hier heb je dus al 14 pyrodruivenzuur nodig bij de transaminatiereactie maar je hebt er nog twee extra nodig om eerste keer glutaminezuur te maken (cellen hebben geen reserve). Dus eentje voor acetyl coA en eentje voor oxaalazijnzuur (anaplerotisch). Hiermee kan je alfa keto maken en hiervan kan je glutaminezuur maken. Het alfa keto recupereer je dan telkens bij de transaminatie reacties. Om 16 pyrodruivenzuur te maken heb je 12 ribose5P nodig. Met 9 kan je er 15 maken, maar je hebt er dus 16 nodig. Hier zijn er punten gegeven a rato van welke pathways die relevant zijn heb je opgeschreven.&lt;br /&gt;
# Drie organellen aanduiden en hun functie bespreken. (lipidedruppels, glyoxisoom (?) en mitochondrion, de foto stond in de cursus) (4)&lt;br /&gt;
* Dit was een foto uit de cursus!!!. Vetdruppels (neutrale lipidenreserve) en mitochondriën (beta oxidatie, Krebs cyclus; Az biosynthese; electronentransport keten) gaf 2 punten. Cruciale hier waren de glycoxysomen met omzetten van 2 acetyl coA naar barnsteenzuur). Dit gaf nog twee punten.)&lt;br /&gt;
--&amp;gt; examen stond op 36punten&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 juni 2022===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# Lactose in alfa vorm tekenen. (6 ptn)&lt;br /&gt;
#* Waar in de natuur komt het voor?&lt;br /&gt;
#* Welk enzyme hydrolyseert het?&lt;br /&gt;
#* Geef de belangrijkste verschillen tussen lactose en trehalose.&lt;br /&gt;
#* Opmerking: De alfa slaat hier natuurlijk op de glucose (die nog kan open gaan) maar de binding tussen de galactose en de glucose is een beta binding. Geen correcte structuur is -2, geen enzyme is -1, geen plaats van voorkomen is -1. Grootste verschil met trehalose is dat dat een niet reducerend suiker is met de glucose alfa,alfa, 1, 1 gebonden. Waar het voorkomt is ook verschillend. &lt;br /&gt;
# Tertiaire structuur proteïnen: Leg uit + maak tekening. Aan welke externe factoren is het gevoelig? (6 ptn)&lt;br /&gt;
#* Opmerking: Veel fouten hier is dat studenten de secundaire structuur beschrijven. Er moet zeker staan: H bruggen tussen az en met omgeving, S-S bruggen (sommige studenten zetten maar één S, dat kan natuurlijk niet), hydrofobe interacties + VanderWaals, ionische interacties en algemene structuur, hydofobe binnen een polaire aan buitenkant. Bij externe omstandigheden dikwijls ok geantwoord, maar niet de reden waarom een eiwit dan stuk gaat. Bvb extreme pH. Waarom? (omdat dan de ionische interacties verstoord worden daar of alle COO- COOH worden en een eiwit dus positief geladen wordt. Hitte, detergenten (SDS), solventen, … &lt;br /&gt;
# Peroxisomen en glyoxisomen: Oorsprong en functie? Welke metabolische wegen gebeuren hier? In welke organismen komen ze voor? (6 ptn)&lt;br /&gt;
#* Opmerking: Komen van SER, en de vraag was welke metabolische reacties er plaatsvinden. Hier hadden die reacties opgeschreven moeten worden. Veel studenten antwoorden dat het doel is om H2O2 af te breken.  Neen, doel is om toxische stoffen af te breken met behulp van zuurstof en bij die afbraakreacties komt H2O2 vrij die enerzijds andere toxische stoffen kan neutraliseren, maar dan is er ook Katalase om H2O2 zelf ook af te breken, daar dit toxisch is Dit geeft de typische kristallen. Heel veel studenten antwoorden dat in glyoxysomen vetzuren worden omgezet in suikers. Dat is natuurlijk fout. De reactie in de glyoxysomen is om twee acetyl-coA om te zetten tot barnsteenzuur. En dieren hebben dat niet. &lt;br /&gt;
# Geef alle stappen die nodig zijn om een proteïnemengsel te kunnen scheiden met een kationuitwisselaar. Hoe kan kationuitwisselingschromatografie worden gebruikt om de 5 (gegeven) decapeptiden te scheiden? In welke volgorde elueren ze? (6 ptn)&lt;br /&gt;
#* Opmerking: Hier moet je weten hoe zo een kolom werkt en welke aminozuren er zuur zijn en welke basisch daar die het IEP gaan bepalen. Wat er zeker had moeten staan is dat initieel je de pH laag moet brengen zodat alle peptiden blijven hangen en dan geleidelijk de pH verhogen of de zoutconcentratie verhogen, daar ze er dan één voor één afkomen. &lt;br /&gt;
# Hoeveel moleculen sucrose nodig voor omzetting in 3 moleculen stearinezuur? Hoeveel ATP komt er vrij bij het verademen van de restproducten? (10 ptn)&lt;br /&gt;
#* Teken sucrose. Door welk enzym wordt het gehydrolyseerd? Wat zijn de hydrolyseproducten?&lt;br /&gt;
#* Welke metabolische wegen worden doorlopen? (gegeven dat het er 5 zijn, gewoon de namen van de wegen geven)&lt;br /&gt;
#* Teken de volledige metabolische reacties en schrijf de uiteindelijke reactievergelijking.&lt;br /&gt;
#* Hoeveel ATP-moleculen kunnen er gewonnen worden uit de gevormde producten die niet gebruikt werden voor de vorming van de vetzuren?&lt;br /&gt;
#* Opmerking: Sommige studenten vertrekken van stearinezuur om sucrose te maken?? Vraag goed lezen. Hier moet je dus via de pentosefosfaatweg gaan om voldoende NADPH te maken. Sommige studenten doen dat, maar gaan dan ook nog eens langs de volle glycolyse om de acetyl coA te maken maar als je de PPP doorloopt kom je ook terug uit bij pyrodruivenzuur/actyl coA. Van acetyl CoA dan naar stearinezuur, maar uiteraard de ATP verbruikende reactie om malonyl CoA te maken en per stap twee NADPH. In de oefensessie hebben jullie een gelijkaardige oefening gemaakt en was het ok om via de PPP pathway te gaan om voldoende pyrodruivenzuur te bekomen (maar een tekort aan NADPH). Studenten die dat gevolgd hebben was ook ok. &lt;br /&gt;
# Twee EM foto&#039;s: Welke celtypes zijn afgebeeld? (spiercel en delende plantencel) Benoem alle onderdelen + hun functie. (4 ptn)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=&amp;gt; examen op 38 ptn&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===13 juni 2021===&lt;br /&gt;
#Teken een oligosaccharide dat D-galactose met een alfa-1,6 binding gebonden is aan een D-fructose (furanose-vorm) die vervolgens met een alfa-1,4 binding gebonden is aan beta-D-ribose.&lt;br /&gt;
#Beschrijf (en teken eventueel) volgende woorden: Desmosoom, apoptosoom, beta-vouwbladstructuur, Gs-proteine en snelheidscentrifuge.&lt;br /&gt;
#Wat is SDS PAGE, wat kan men ermee onderzoeken, hoe werkt het en wat is het verschil met Native PAGE.&lt;br /&gt;
#Beschrijf en teken de vetzuursynthese van stearinezuur.&lt;br /&gt;
#Hoeveel moleculen ribose-5-fosfaat kan een gistcel maken uitgaande van 10 moleculen glutaminezuur bij een tekort aan aminozuren, wat is de totale ATP en coenzym verhouding. Geef de reactievergelijking, Neem de weg met de minste CO2 productie.&lt;br /&gt;
#Twee foto&#039;s. Alle onderdelen benoemen en de functies van deze onderdelen beschrijven. oa de kristalstructuren, R.E.R, ribosomen, celkern, Golgi apparaat.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 juni 2020===&lt;br /&gt;
#Teken de microtubuli van het cytoskelet en leg uit waarom het zo belangrijk is voor de deling van cellen. Wat zijn andere structuren van de cel waar microtubuli in voorkomen&lt;br /&gt;
#Teken Gram+-bacterie en Gram--bacterie en teken de celwand (mureïne). Leg het effect van peniciline uit op de celwand en waarom het geen effect heeft op ons&lt;br /&gt;
#Leg verschil uit tussen Instrinsieke en Extrinsieke signaalwegen. Waarom is apoptose zo belangrijk?&lt;br /&gt;
#Hoe kan men zonder de cel te denatureren de verschillende celonderdelen scheiden?&lt;br /&gt;
#Een gistcel maakt uit 4 moleculen stearinezuur, glucose-6-fosfaat. Hoeveel kan het er maken en hoeveel ATP blijft er over (Vetzuurafbraak, Gluconeogenese, Krebs-cyclus en Anaplerotische reacties)&lt;br /&gt;
#2 prentjes&lt;br /&gt;
#*Kristallen&lt;br /&gt;
#*Ribosomen&lt;br /&gt;
#*Nog dingen maar ik ben onzeker&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===7 juni 2020===&lt;br /&gt;
#teken gedetailleerd een alfa helix structuur en de binding, welk proteïne heeft vooral alfa helix structuren?&lt;br /&gt;
#trehalose en amylopectine tekenen, welke binding?&lt;br /&gt;
#geef functie van, een teken eventueel: mesosoom, protoplast, mycoplasma, chromomeer, middenlichaampje&lt;br /&gt;
#leg uit: actief transport&lt;br /&gt;
#hoe kun je een plasmamembraan goed zichtbaar maken onder een fluorescentiemicroscoop?&lt;br /&gt;
#hoeveel ATP verkrijg je bij het volledig verademen van 10 moleculen glycerol? (antwoord: 220 ATP)&lt;br /&gt;
#duidt structuren aan op foto&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===19 augustus 2019===&lt;br /&gt;
# Amylopectine is een belangrijk deel van zetmeel. Teken de structuur en alle atomen. Waar verschilt dit moleculen met glycogeen? &lt;br /&gt;
# Hoe wordt p53 geactiveerd? Wat heeft dit als resultaat? Wat is het gevolg indien het slecht functioneert? &lt;br /&gt;
# Hoe kan ionenuitwisselings chromatografie worden gebruikt om de 5 (gegeven) decapeptiden te scheiden. Welke elueert het eerst? &lt;br /&gt;
# Welke soort juncties zijn er? Teken en leg ze uit? &lt;br /&gt;
# Gistcellen kunnen groeien op een ethanol bodem. Hoeveel moleculen heeft een gistcel nodig om 12 moleculen ribose-5-P te maken. Hoeveel energiewinst is er? Geef alle stappen.&lt;br /&gt;
# 3 prenten:&lt;br /&gt;
## Ben ik vergeten&lt;br /&gt;
## Kliercel: benoem alle delen in de cel en geef hun functie. &lt;br /&gt;
## 2 Virussen(1 was Tabaksmozaïekvirus): wat is hun structuur en wat zijn het?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===26 juni 2019===&lt;br /&gt;
#leg gedetailleerd uit wat actief transport is&lt;br /&gt;
#geef de structuur van microtubuli, waarom zijn deze microtubuli belangrijk bij delende plantencellen? geef de structuur van flagellen bij eukaryote cellen en hoe zorgen deze voor beweging&lt;br /&gt;
#wat is Km?&lt;br /&gt;
#wat is een proplastide?&lt;br /&gt;
#wat is confocale fluorescentiemicroscopie en hoe kan deze gebruikt worden om een celmembraam te bekijken?&lt;br /&gt;
#hoeveel glycerol heb je nodig voor opbouw van 6 moleculen palmitinezuur? kan dit ook in anaerobe omstandigheden?&lt;br /&gt;
# 2 foto&#039;s, geef alle structuren die je ziet + functie &lt;br /&gt;
## 1 foto van kristallen in een kern&lt;br /&gt;
## 1 foto van mucusvesikels die uit een darmepitheelcel komen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===18 juni 2019===&lt;br /&gt;
#Wat is de moleculaire structuur van een celwand van een bacterie? Wat is het verschil tussen een gram+ en een gram- bacterie? Hoe heeft dit effect met penicilline? Waarom gebeurt dit niet bij de mens? &lt;br /&gt;
#Hoe kan men een enzym isoleren en scheiden uit een dierlijke cel? &lt;br /&gt;
#Wat is covalente modificatie? Geef twee voorbeelden, een waarbij het enzym vertraagt en een waarbij het enzym versnelt. &lt;br /&gt;
#Hoeveel ATP geeft de afbraak van tripalmitine? Hoeveel tripalmitine moet er worden afgebroken om 10 moleculen glucose te maken in een dierlijke cel? &lt;br /&gt;
#Twee EM-foto&#039;s bespreken en vijf termen uitleggen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===27 juni 2018===&lt;br /&gt;
#Biosynthese van palmitinezuur geven (met structuren) en zeggen waar deze plaatsvindt.&lt;br /&gt;
#Teken een spiercel en benoem de elementen. Leg verder ook mbv tekeningen uit hoe een spiercel werkt.&lt;br /&gt;
#5 begrippen uitleggen/tekenen: mesosoom, operon, guanine, blefaroplast en mycoplasma.&lt;br /&gt;
#Leg uit hoe je mbv affiniteitschromatografie zuiver hexokinase uit een levercel kan scheiden. Zijn er nog andere technieken om zuiver hexokinase te krijgen, zo ja leg deze dan uit.&lt;br /&gt;
#Hoeveel moleculen glycerol zijn er nodig om 10 moleculen alanine te vormen. Geef de metabolische wegen in de juiste volgorde en geef de volledige synthese (inclusief structuren). Er is genoeg ammonium aanwezig maar geen oxaalazijnzuur.&lt;br /&gt;
#Van 2 E.M foto&#039;s de structuren en hun functies benoemen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===19 juni 2018===&lt;br /&gt;
#Gluconeogenese geven/uitleggen&lt;br /&gt;
#Welke aminozuren kunnen gefosforiliseerd worden, en welke geglycosyleerd. Teken een gefosforiliseerd aminozuur.&lt;br /&gt;
#Confocale fluoricentiemicroscoop uitleggen en tekenen. Hoe kan dit gebruikt worden om het plasmamembraan te tonen.&lt;br /&gt;
#BBegrippen: p53, desmosoom, N-acetylmureinezuur, cysteine, chiasma.&lt;br /&gt;
#Hoeveel mol tripalmitinezuur heb je nodig voor 15 mol ribose?&lt;br /&gt;
#EM foto van glycocalyx met slijmbekercel en foto met peroxisoom.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===30 augustus 2017===&lt;br /&gt;
#Ionenuitwisselingschromatografie uitleggen&lt;br /&gt;
#Een stuk DNA tekenen&lt;br /&gt;
#De verschillende juncties tussen cellen uitleggen&lt;br /&gt;
#Biosynthese en afbraak van vetten tekenen en uitleggen&lt;br /&gt;
#Hoeveel moleculen glutaminezuur heb je nodig om 6 moleculen ribose-5-P te maken&lt;br /&gt;
#Fotos van cellen: spiercel en plantencel&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 augustus 2017===&lt;br /&gt;
#Koppel een fructosemolecule aan een galactose en deze aan een glucose op bepaalde manier (alpha,beta)&lt;br /&gt;
#Confocale fluorescentiemicroscopie&lt;br /&gt;
#Leg volgende termen uit: operon, plaques, cyclines, mesosoom, cystine&lt;br /&gt;
#Bespreek de lichtreacties (voorkomen, welke reacties gebeuren,...)&lt;br /&gt;
#Hoeveel sucrosemoleculen heb je nodig om 10 moleculen alanine te maken?&lt;br /&gt;
#2 E.M. foto&#039;s, de ene was een spiercel (actine en myosine), de andere weet ik niet zeker&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 juni 2017===&lt;br /&gt;
#Maak een (erg gedetailleerde) tekening van de secretieweg van DNA tot enzyme, voor een enzyme dat als functie heeft de celwand opbouwen. Leg hierbij alle belangrijke stappen uit.&lt;br /&gt;
#Actief transport bij bacteriën, schimmels en dieren uitleggen, met glucose als voorbeeld&lt;br /&gt;
#Je wil 6 proteïnen scheiden door een anionuitwisselingschromatografie uit te voeren, welke stappen zijn hierbij? Maak ook een tekening&lt;br /&gt;
#Hoeveel glycerol heb je nodig ter vorming van 4 moleculen tripalmitine? Hoeveel ATP is er over na volledige verademing van uw restproducten en reducerend vermogen? Geef op volgorde alle metabolische wegen die hierbij gebruikt werden. Geef schematisch alle stappen die doorlopen worden bij de vorming van tripalmitine uit glycerol, en geef de netto reactievergelijking (inclusief ATP).&lt;br /&gt;
#2 foto&#039;s aanduiden alles dat je herkent en de functie ervan geven, was een slijmbekercel en een heel erge close up van een plantencel&lt;br /&gt;
#5 termen verklaren: apoptosoom, DNA primase, N-acetylglucosamine, proplastide en Km&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 juni 2016===&lt;br /&gt;
#cytokinese dier &amp;amp; plant&lt;br /&gt;
#donkerracties en verschil C3,C4 en CAM &lt;br /&gt;
#adrenaline&lt;br /&gt;
#vriesbreuk en vriezers&lt;br /&gt;
#ato berekenen in cyclus&lt;br /&gt;
#fotokes van vet en golgi app&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 juni 2016 ===&lt;br /&gt;
#bespreek celwand van bacterien en schimmels op vlak van structuur, functie en chemische samenstelling&lt;br /&gt;
#inductie en repressie uitleggen adhv lac-operon en trp-operon&lt;br /&gt;
#oef: hoeveel mol ribose-5-P kan je maken uit glutaminezuur? bereken hoeveel ATP je over hebt en schrijf de volledige cycli uit (antwoord 3 mol ribose-5-P) &lt;br /&gt;
#fotos over juncties en chloroplast&lt;br /&gt;
#gelfiltratie uitleggen + hoe daaruit molecuulgewicht proteinen bepalen&lt;br /&gt;
#structuur en werking van een spiercel uitleggen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 juni 2016 ===&lt;br /&gt;
#bespreek celwand van schimmels en bacterie (moleculair, structuur, functie)&lt;br /&gt;
#bespreek gelfiltratie + hoe kan men de moleculaire massa berekenen van een proteine&lt;br /&gt;
#bespreek de spiercel (werking, structuur)&lt;br /&gt;
#Bespreek genrepressie en geninductie aan de hand van beta galactosidase en tryptofaan&lt;br /&gt;
#metabolisme: hoeveel ribulose 5 fosfaat uit 5 glutaminezuur (geef namen gebruikte wegen + theoretische ATP opbrengst)&lt;br /&gt;
#Structuren desmosoom/dichte junctie en chloroplas&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 juni 2016===&lt;br /&gt;
#bespreek de onderzoeken naar de regulatie van de celcyclus (MPF enzo...). Wat kan er misgaan wanneer de regulatie niet goed verloopt? (tumor, p53, oncogenen).. &lt;br /&gt;
#Bespreek oorsprong structuur en functie van glyoxisomen en peroxisomen (bijvraag: waar vind je vb glyoxisomen: noten,zaden) &lt;br /&gt;
# kationuitwisselingschromatografie uitleggen +methode om 4 peptiden te scheiden hiermee uitleggen&lt;br /&gt;
# bespreek: Gs proteine (algemeen, niet adrenaline), Km(enzyme),Prion&lt;br /&gt;
# Hoeveel ATP moeten de lichtreacties maken voor de synthese van 6 mol sucrose via donkerrracties (UDPG niet vergeten)&lt;br /&gt;
# 2 fotos: chloroplast, 10 structuren aanduiden, darmepitheelcel met glycocalix en veel mucus blijkbaar geen lysosomen dus&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===13 juni 2016 NM===&lt;br /&gt;
#bespreek microtubuli en de structuren aan die in de cel voorkomen.&lt;br /&gt;
# Welk peptide wordt er gevormd (DNA gegeven)&lt;br /&gt;
# waaruit bestaat een spiercel en bespreek de werking ervan&lt;br /&gt;
# Bespreek de calvin-cyclus. Wat zijn de inputs en wat zijn de outputs? &lt;br /&gt;
#Hoeveel moleculen glycerol hebt je nodig om 9 moleculen ribose-5- fosfaat te maken? ( pentosefosfaat weg omkeren)&lt;br /&gt;
#em foto&#039;s &lt;br /&gt;
#*was een plantencel blaasjes golgi-apparaat aant afzetten was op de fragmoplast&lt;br /&gt;
#*De tweede foto was een slijmbekercel&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===13 juni 2016 VM===&lt;br /&gt;
# Structuur glycogeen? Biosynthese er van en afbraak ervan? (Moest blijkbaar adrenaline bij betrekken)&lt;br /&gt;
# aminozuren uitleggen en de structuur van proteine&lt;br /&gt;
#structuur en functie van de celwand bij bacteriën&lt;br /&gt;
#de stappen nodig om een zuivere fractie van polysomen te verkrijgen. Das zo met differentiële centrifugatie &lt;br /&gt;
# hoeveel mol ethanol nodig om 6 mol ribos-6-fosfaat te vormen. &lt;br /&gt;
# 2 foto&#039;s ene was met peroxisoom (kristal in), mitochondrie en chloroplast. 2e was ook vormen van fragmoplast&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 23 juni 2015 VM ===&lt;br /&gt;
# Bespreek de lichtreacties&lt;br /&gt;
# Belangrijkste cel differentiaties bij Planten.&lt;br /&gt;
# Hoe kan men cellen in een oplossing tellen? Hoe gebeurd dit bij bacteriofagen?&lt;br /&gt;
#Teken en bespreek de structuur en functie van de glycocalix bij dieren&lt;br /&gt;
#hoeveel maltose moleculen zijn er nodig bij de synthese van alanine in een cel met een tekort aan energie&lt;br /&gt;
# 2 foto&#039;s: een prokaryoot en een spiercel&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 24 juni 2015 VM ===&lt;br /&gt;
# Bespreek de enkelvoudige en meervoudige suikers en teken de belangrijkste.&lt;br /&gt;
# apoptose&lt;br /&gt;
# Penicilline en chloramfenicol &lt;br /&gt;
# Opbouw en afbraak van vetten&lt;br /&gt;
# 2 foto&#039;s eentje van een floeemcel de andere van een vetdruppels met glyoxisomen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 23 juni 2015 VM ===&lt;br /&gt;
# Geef alle soorten lipiden, uitleg, tekening&lt;br /&gt;
# wat is een sarcomeer en leg werking uit,&lt;br /&gt;
# vier woorden: microsoom, beta-mercapto-ethanol, tonofilamenten en dna primase, &lt;br /&gt;
# Geef heel calvincyclus&lt;br /&gt;
# Oefening met al die metabolisme en ATP enzo. Iets mat stearinezuur afbreken tot pyrodruivenzuur ofzo tongue-emoticon&lt;br /&gt;
# 2 fotos : celkern met kristallen en dan blijkbaar een zeefvat&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 22 juni 2015 NM ===&lt;br /&gt;
# Alles van de plantencelwand&lt;br /&gt;
# Oef met DNA sequentie en translatie&lt;br /&gt;
# Oxidatieve fosforylatie vs foto fosforylatie&lt;br /&gt;
# Hoe kan je polysomen en ribosomen scheiden&lt;br /&gt;
# Hoeveel mol glycerol heeft een gistcel, die in de G0-fase zit, nodig om met ademhaling 110 Mol ATP te synthetiseren&lt;br /&gt;
# Foto van openbarstende darmepitheelcel (met mucus) en van een plantencel&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 22 juni 2015 VM ===&lt;br /&gt;
# Structuur en functie van endoplasmatisch reticulum&lt;br /&gt;
# Hoe wordt de activiteit van fosfofructokinase geregeld?&lt;br /&gt;
# Cytoskelet bij planten en dieren&lt;br /&gt;
# Bespreek de lichtreacties&lt;br /&gt;
# hoeveel mol ethanol nodig opdat gistcellen 4 mol ribose-5-P kunnen maken. Welke metabolische weg komen hierbij tussen? Hoeveel ATP blijft er over? &lt;br /&gt;
# 2 foto&#039;s: de eerste was een zenuwcel met microtubuli en de tweede met een peroxisoom.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 16 juni 2015 ===&lt;br /&gt;
# bespreek suikers en polysacchariden en teken de belangrijkste&lt;br /&gt;
# welke reacties vinden plaats op het thelakoïdmembraan en wat zijn de inputs en outputs&lt;br /&gt;
# geef uitleg; middenlichaampje, callus, mitosis-promoting factor MPF, blefaroblast&lt;br /&gt;
# hoeveel mol glutaminezuur moet omgezet worden in oxaalazijnzuur om voldoende ATP te maken voor de afbraak van 5 mol stearinezuur&lt;br /&gt;
# bespreek SDS-page en waarvoor dient het&lt;br /&gt;
# foto van floëemcellen en foto van kern met kristallen p p295&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 26 juni 2014 ===&lt;br /&gt;
#IEP uitleggen en peptiden rangschikken op IEP&lt;br /&gt;
#Transport van voedingsstoffen over de celmembraan bespreken&lt;br /&gt;
#Methoden om de volgorde van enzymen in een metabolische pathway te bepalen&lt;br /&gt;
#Glyoxylzuurcyclus bespreken&lt;br /&gt;
#Hoevel mol glycerol nodig voor 2 mol palimitinezuur&lt;br /&gt;
#Foto van jonge plantencel en van peroxisoom&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 juni 2014===&lt;br /&gt;
#Transport van voeding door de membraan&lt;br /&gt;
#Plantencelwand bespreken&lt;br /&gt;
#Bespreek de pentosefosfaatweg (alles)&lt;br /&gt;
#Tellen van bacteriofagen&lt;br /&gt;
#1 mol tripalmitine (vergeet glycerol niet!)&lt;br /&gt;
#Foto van plantencel (chloroplast volledig en ook vacuole enzo) + floeemcel (gedifferentieerde plantencel)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 19 juni 2014 ===&lt;br /&gt;
#Leg de rol van enzymen als katalysatoren uit in de metabolische reactie wegen&lt;br /&gt;
#Wat doe adrenaline in de levercellen als je schrikhebt?&lt;br /&gt;
#Leg de weg uit die katalase aflegt in de cel beginnende bij DNA.&lt;br /&gt;
#Leg ionenuitwisselingschromatografie uit.&lt;br /&gt;
#Hoeveel mol maltose heb je nodig voor de aanmaak van 2 mol stearine? Welke metabolische reactiewegen komen hier bij te pas? Welke zijn de energieleverende/ energie verbruikende stappen?&lt;br /&gt;
#Prent van cel met glycogeenkorrels, RER, SER, mitochondrien etc&lt;br /&gt;
#Prent van plant cel in cytokinese --&amp;amp;gt; aanmaak van middenlamel door fragmoplast etc&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 12 juni 2014 (namiddag) ===&lt;br /&gt;
#Transport over celmembraan&lt;br /&gt;
#Kern met rer tekenen en functie uitleggen &lt;br /&gt;
#Wat doet adrenaline in levercellen&lt;br /&gt;
#Confocale fluorescentie microscopie uitleggen&lt;br /&gt;
#Hoeveel acetaat je nodig hebt voor 3 mol glycerol en waar wordt energie geproduceerd &lt;br /&gt;
#Foto van glycogeenkorrels en van kristallen in kern&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 12 juni 2014 (voormiddag) ===&lt;br /&gt;
#fosfofructokinase van dna tot enzyme de weg die het moet doen en regulatie&lt;br /&gt;
#plantencelwand opbouw componenten en functie&lt;br /&gt;
#tellen van cellen en bacteriofagen&lt;br /&gt;
#hoeveel glucose nodig voor 4 alanine te maken&lt;br /&gt;
#foto van zenuwuitlopers en vorming nieuwe celwand bij planten: fragmoplast&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 17 juni 2013 (namiddag) ===&lt;br /&gt;
#Bespreek de eenvoudige suikers en polysacchariden.&lt;br /&gt;
#Bespreek de biosynthese en afbraak van vetzuren.&lt;br /&gt;
#Wat is de functie van glyoxisomen? Hoe kan je deze zichtbaar maken bij fluorescentie microscopie?&lt;br /&gt;
#Een gistcel kan groeien op ethanol. Om te groeien moet de celwand groeien, deze is opgebouwd uit polymeren van suikers. &lt;br /&gt;
#*Hoeveel mol ethanol is er nodig om 10 mol glucose te maken? &lt;br /&gt;
#*Kan de gistcel groeien op ethanol in anaëroob milieu? (antwoord: p469 laatste 5 regels in middelste stuk)&lt;br /&gt;
#prent aanduiden: &lt;br /&gt;
#*desmosoom &lt;br /&gt;
#*peroxisoom met kristalstructuur&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 17 juni 2013 (voormiddag) ===&lt;br /&gt;
#Teken de overgang van kernmembraan naar R.E.R. Wat is de functie van dit laatste?&lt;br /&gt;
#Bespreek geprogrammeerde celdood. Is er een link met kanker?&lt;br /&gt;
#Geef de methode(n) hoe je proteïnen kan splitsen op basis van hun lading.&lt;br /&gt;
#Hoe werkt het B-galactosidase operon bij E. Coli?&lt;br /&gt;
#Hoeveel mol glucose kan je maken met 3 mol palmitinezuur? Welke metabolische wegen worden er gevolgd? Hoeveel ATP kan er eventueel gevormd worden?&lt;br /&gt;
#Foto&#039;s:&lt;br /&gt;
#* p254&lt;br /&gt;
#*p218 (ongeveer)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===13 JUN 2013 NM===&lt;br /&gt;
# Bespreek de secretieweg in een cel van gen tot gesecreteerd eiwit.&lt;br /&gt;
# Als een mens schrik heeft komt er adrenaline vrij. Wat gebeurt er dan in de lever?&lt;br /&gt;
# Hoe werkt SDS-PAGE?&lt;br /&gt;
# Een uitgehongerde zoogdiercel maakt 4 glutaminezuurmoleculen en 2 asparaginezuurmoleculen. Hoeveel fructose is hier voor nodig en hoeveel CO2 wordt er door het organisme geproduceerd bij deze omzetting?&lt;br /&gt;
# 2 foto&#039;s: chloroplast tegen celwand aangedrukt door vacuole en celkern met kristallen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 13 jun 2013 (voormiddag) ===&lt;br /&gt;
#Bespreek de celwand vn de bacterie&lt;br /&gt;
#Uitleggen wat MFP met celcyclus te maken heeft en welke drie onderzoeken er toe geleid hebben&lt;br /&gt;
#Confocale fluorecentiemmicroscopie uitleggen&lt;br /&gt;
#Een oefening met hoeveel mol&lt;br /&gt;
#2 prentjes:&lt;br /&gt;
#*floëmcellen&lt;br /&gt;
#*gewoon RER, SER, Peroxisoom, mitochondrïen aanduiden (kan zijn nog iets)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=Examenvragen vanaf 2009=&lt;br /&gt;
== Biochemie ==&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 27 jun 2011 ===&lt;br /&gt;
#elektronentransportketen uitleggen.&lt;br /&gt;
#Met welke methodes kan je glyoxisomen bestuderen (door microscopische analyse) in de cel?&lt;br /&gt;
#Vetzuren en lipiden bespreken&lt;br /&gt;
#Differentiaties in plantencellen&lt;br /&gt;
#Foto van spiercel + kern delen benoemen.&lt;br /&gt;
#C1 van een glucosemolecule wordt radioactief gemerkt. We zien dat C6 van een 1,6-bisfosfaatfructosemolecule ook radioactieve sporen vertoond. Verklaar dit.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 16 jun 2010 ===&lt;br /&gt;
#Bespreek de lichtreactie van de fotosynthese.&lt;br /&gt;
#Bespreek hoe je aminozuren en suikers kan scheiden en deze onderling kan scheiden.&lt;br /&gt;
#Bespreek: de weg die wordt afgelegd van DNA tot glycocalyx van een proteïne.&lt;br /&gt;
#Hoeveel ribose 5-P kunnen gevormd worden uit 5 moleculen glutaminezuur. Hoeveel ATP komt hierbij vrij?&lt;br /&gt;
#Twee foto&#039;s waarbij alle structuren moeten aangeduid worden (chloroplast en jonge plantencel)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 8 jun 2010 ===&lt;br /&gt;
Mondeling met schriftelijke voorbereiding&lt;br /&gt;
#Bespreek de suikers&lt;br /&gt;
#Bespreek de pentosefosfaatweg (PPP)&lt;br /&gt;
#Bespreek SDS-PAGE&lt;br /&gt;
#Hoeveel molecule alpha-ketoglutaarzuur moeten er in de cel omgezet worden naar fumaarzuur om voldoende ATP te maken voor de synthese van 6 moleculen palmitinezuur (vertrekkende van Acetyl-Coa en uitgaand van het feit dat alle cofactoren aanwezig zijn) ? [Antwoord: 7]&lt;br /&gt;
#Twee foto&#039;s waarbij alle structuren moeten aangeduid worden (levercel en prokaryote cel)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
== Chemie == &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===3 JUN 2012 VM===&lt;br /&gt;
# celdifferentiatie in ene plantencel&lt;br /&gt;
# transport voeding cel&lt;br /&gt;
# geef de verschillen tussen de glycolyse en de gluconeogenese daar waar de enzymen verschillend zijn&lt;br /&gt;
# 2 stearinezuur omvorme na ribose, er is geen NAD+, geef de cusclussen die je gebruikt, is er atp genoeg, kan het volledig worden omgezet?&lt;br /&gt;
# 2 tekeningen (darmwand en spiercel)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===3 FEB 2012 NM===&lt;br /&gt;
# Bespreek enkelvoudige en meervoudige suikers&lt;br /&gt;
# Welke soorten juncties zijn er en wat is hun functie?&lt;br /&gt;
# Bespreek ionenuitwisselingschromatogafie&lt;br /&gt;
# 2 foto&#039;s&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===30 JAN 2012 VM===&lt;br /&gt;
# Bespreek aminozuren en ruimtelijke opbouw van proteïnen &lt;br /&gt;
# Rangschik 5 proteïnen volgens hun isoelektrisch punt, van hoog naar laag (je krijgt hier dan 5 aminozuursequenties) &lt;br /&gt;
# Teken de overgang tussen kernmembraan en het RER en bespreek de functie van het RER. &lt;br /&gt;
# Bespreek de verschillende centrifugatietechnieken.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 JAN 2012 NM===&lt;br /&gt;
# bespreek de enkelvoudige en meervoudige suikers&lt;br /&gt;
# bespreek de celwand bij bacterien en schimmels&lt;br /&gt;
# leg uit ionenuitwisselingschromotografie&lt;br /&gt;
# 2 foto&#039;s waar ge alles op moet aanduiden&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 JAN 2012 VM===&lt;br /&gt;
# Bespreek de celwand bij planten&lt;br /&gt;
# Bespreek microtubuli en hun structuren&lt;br /&gt;
# SDS-page (blijkbaar moest ge u practicumboek ook kennen :s)&lt;br /&gt;
# foto van kern me kristallen en een bacterie&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 JAN 2012 NM===&lt;br /&gt;
# Bespreek vetzuren en lipiden&lt;br /&gt;
# Bespreek wat er allemaal gebeurd en hoe het transport gebeurd van een specifiek proteïne vertrekkende van het genome DNA tot aan de glycocalyx (mss iets ander geformuleerd)&lt;br /&gt;
# Bespreek de technieken om een basaalkorrel zichtbaar te maken in de cel. -&amp;amp;gt; ECHT IN FUNCTIE VAN DE BASAALKORREL DOEN DUS adh van het proteïne tubuline!!!&lt;br /&gt;
# 2 foto&#039;s 1 van die rozetstructuren van glycogeenpartikels en dieje andere was met gwn een celkern met kristalijne kristallen (2 foto&#039;s die hem duidelijk in de les heeft vermeld da ge daar moet op lette)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 20 JAN 2012 VM ===&lt;br /&gt;
#Bespreek de nucleinezuren, als monomeer en macromolecule, en hun ruimtelijke structuur bij eukaryoten en prokaryoten.&lt;br /&gt;
#Bespreek het endoplasmatisch reticulum.&lt;br /&gt;
#Bespreek gelfiltratie en leg uit hoe het ka ngebruikt worden om het moleculaire gewicht van een proteine te bepalen.&lt;br /&gt;
#2 EM-fotos, alle structuren aanduiden en de functie ervan geven.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 JUN 2011 NM===&lt;br /&gt;
#bespreek de vermenigvuldiging van virussen&lt;br /&gt;
#Bespreek de bio-synthese en afbraak van vetzuren&lt;br /&gt;
#Bespreek de vrijzetting van adrenaline in het bloed&lt;br /&gt;
#Hoeveel mol ATP wordt er geproduceerd uit 5 mol glucose en 3 mol glycerol? Hoeveel mol glutaminezuur kan worden geproduceerd uit 5 mol glucose en 3 mol glycerol wanneer er genoeg ammoniak in de cel aanwezig is?&lt;br /&gt;
#twee foto&#039;s&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 JUN 2011 VM===&lt;br /&gt;
#Bespreek de cytokinese bij planten.&lt;br /&gt;
#Bespreek het transport van voedingsstoffen naar binnen in de cel.&lt;br /&gt;
#Bespreek de lichtreacties van de fotosynthese.&lt;br /&gt;
#Hoeveel mol fructose is er nodig voor de synthese van 3 mol palmitinezuur?&lt;br /&gt;
#twee foto&#039;s&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 JAN 2011===&lt;br /&gt;
#Bespreek de celwand bij planten.&lt;br /&gt;
#Bespreek de proteïnen en hoe ze zijn opgebouwd in een ruimtelijke structuur.&lt;br /&gt;
#Geef de belangrijkste verschillen tussen gram positieve en gram negatieve bacteriën en hoe kan je die van elkaar onderscheiden?&lt;br /&gt;
#Bespreek moleculaire exclusiechromatografie en hoe kan je hiermee het MW van een eiwit bepalen?&lt;br /&gt;
#Twee foto&#039;s&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===22 JUN 2010===&lt;br /&gt;
# Bespreek de structuur en werking van spiercellen.&lt;br /&gt;
# Bespreek de lichtreacties van de fotosynthese.&lt;br /&gt;
# Hoeveel ATP wordt er geproduceerd bij afbraak van 5 mol glycerol en 2 mol glucose? stel: Glutaminezuur tekort in de cel, hoeveel mol glutaminezuur kan geproduceerd worden met 5 mol glycerol en 2 mol glucose?&lt;br /&gt;
# Hoe werkt adrenaline?&lt;br /&gt;
# Hoe werkt het tryptofaan operon bij aanwezigheid en afwezigheid van tryptofaan?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===15 JUN 2010===&lt;br /&gt;
# Bespreek differentiatie van plantaardige cellen&lt;br /&gt;
# Bespreek gemedieerd transport&lt;br /&gt;
# Bespreek de glyoxyzuurcyclus (waar, in- en outputs en waar de producten verder naartoe gaan...)&lt;br /&gt;
# Hoeveel fructosemoleculen heb je nodig om 4 moleculen glutaminezuur en 2 moleculen asparaginezuur te maken. Hoeveel CO2 wordt hierbij gemaakt? Leg uit a.d.h.v. metabolische wegen.&lt;br /&gt;
# Bespreek hoe de enzymes elkaar opvolgen (niet in deze woorden, maar &#039;t komt erop neer)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===25 JAN 2010===&lt;br /&gt;
Mondeling met schriftelijke voorbereiding&lt;br /&gt;
#Bespreek de structuur en de functie van microtubuli en de verschillende structuren die hieruit zijn opgebouwd. (p. 240-261)&lt;br /&gt;
#Bespreek de ruimtelijke structuur van eiwitten. (p. 53-60)&lt;br /&gt;
#Bespreek de verschillende centrifugatie methoden. (p. 285-290)&lt;br /&gt;
#Twee foto&#039;s&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===18 JAN 2010===&lt;br /&gt;
Mondeling met schriftelijke voorbereiding&lt;br /&gt;
#Bespreek de celwand bij planten. (bijvragen over de chemische opbouw van (hemi)cellulose, extensises,...)&lt;br /&gt;
#Bespreek RNA transcriptie en DNA duplicatie.&lt;br /&gt;
#Bespreek de moleculaire exclusiechromatografie.&lt;br /&gt;
#2 foto&#039;s van cel(onderdelen). Alles benoemen, ook vanzelfsprekendheden (cytoplasma,...)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 JAN 2010 ===&lt;br /&gt;
Mondeling met schriftelijke voorbereiding&lt;br /&gt;
# Bespreek de enkelvoudige en de meervoudige sacchariden (bijvraag: hoe heeft men de L en D suikers bepaald, met welk suiker hebben ze dit gedaan)&lt;br /&gt;
# Bespreek de overgang van het kernmembraan en het RER en geef de functie van het RER&lt;br /&gt;
# Bespreek SDS PAGE&lt;br /&gt;
# Duid op de volgende 2 foto&#039;s de delen aan (ALLES aanduiden, cytoplasma en alles wat ook &#039;normaal&#039; lijkt!)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
leer ALLE details!&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=Examenvragen van 2007 - 2009=&lt;br /&gt;
=== 2 sept 2009 - Biochemie ===&lt;br /&gt;
Van Dijck&lt;br /&gt;
# Bespreek de enkelvoudige en meervoudige suikers.&lt;br /&gt;
# Bespreek de verschillende plastiden.&lt;br /&gt;
# Welke techniek kan men gebruiken om celmembranen te bestuderen onder de EM? Bespreek de twee varianten.&lt;br /&gt;
# Twee foto&#039;s&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Thevelein&lt;br /&gt;
* Hoofdvraag&lt;br /&gt;
*# Bespreek het verband tussen de elektrontransportketen en oxidatieve fotofosforylatie.&lt;br /&gt;
* Bijvragen&lt;br /&gt;
*# Glyoxylzuurcyclus&lt;br /&gt;
*# Hoeveel glucosemoleculen heeft een schimmelcel nodig om 2 glutaminezuur en 4 asparaginezuur te maken? Wordt er hierbij ook CO2 geproduceerd en indien ja, hoeveel?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 24 Juni 2009 - Chemie - Thevelein ===&lt;br /&gt;
* hoofdvragen&lt;br /&gt;
*# Bespreek de Krebscyclus.&lt;br /&gt;
*# Bespreek de lichtreactie vd fotosynthese.&lt;br /&gt;
*# Leg genrepressie en geninductie uit aan de hand van klassieke voorbeelden.&lt;br /&gt;
* bijvragen&lt;br /&gt;
*# Wat is groepstranslocatie?&lt;br /&gt;
*# Bereken hoeveel mol ATP er wordt vrijgezet bij de volledige oxidatie van 1 mol tristearine.&lt;br /&gt;
*# Nog een oefening zoals hierboven maar nu met aminozuren enzo...&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 19 Juni 2009 - Biochemie ===&lt;br /&gt;
Van Dijck &lt;br /&gt;
# bespreek de structuur van microtubuli en de structuren die eruit bestaan.&lt;br /&gt;
# Bespreek de nucleïnezuren en nucleotiden en hun ruimtelijke structuren.&lt;br /&gt;
# Leg gelchromatografie (??) (da met gelbollekes sorteren) uit en hoe je het molecuulgewicht v eiwitten hiermee kan berekenen.&lt;br /&gt;
# 2 foto&#039;s uit oefenzittingen&lt;br /&gt;
 &lt;br /&gt;
Thevelein&lt;br /&gt;
* hoofdvraag&lt;br /&gt;
*# Vergelijk gluconeogenese en glycolyse (startproducten, plaats id cel,..)&lt;br /&gt;
* bijvragen&lt;br /&gt;
*# bespreek glyoxylzuurcyclus&lt;br /&gt;
*# Bereken hoeveel moleculen glucose een schimmelcel nodig heeft om 2 moleculen glutaminezuur en 4 moleculen asparaginezuur te produceren. Wordt hierbij CO2 gevormd en zo ja hoeveel? Leg uit adhv de gebruikte cycli.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 Juni 2009 - Biochemie ===&lt;br /&gt;
Van Dijck &lt;br /&gt;
# bespreek de celwand bij planten&lt;br /&gt;
# bespreek peroxisomen en glyoxisomen&lt;br /&gt;
# rankschik de volgende peptiden volgens iso-elektrisch punt. en wat is iso-elektrisch punt. vb.COOH-cysteïne-proline-histidine-cysteïne-lysine-methionine-asparaginezuur-NH2&lt;br /&gt;
# 2 fotos: 1 van een chloroplast, en 1 van een zenuwcel&lt;br /&gt;
Thevelein&lt;br /&gt;
*hoofdvraag&lt;br /&gt;
*# bespreek de lichtreacties van de fotosynthese&lt;br /&gt;
*bijvragen&lt;br /&gt;
*#geef volledige metabolische weg om asparaginezuur te vormen uit glycerol en NH3&lt;br /&gt;
*#Kan een cel in anaërobe omstandigheden het meest ATP halen uit glucose via de Glycolyse of eerst via PP(pentosfosfaatweg).en toon aan.-&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 26 jan 2009 - Chemie - Van Dijck ===&lt;br /&gt;
# Bespreek nucleotiden en nucleïnezuren&lt;br /&gt;
# Welke soorten juncties zijn er en wat is hun functie?&lt;br /&gt;
# Hoe kan je aminozuren van suikers scheiden en hoe kan je ze verder opzuiveren?&lt;br /&gt;
# Teken het celmembraan (of was de vraag nu glycocalyx?) van een dierlijke cel en duidt de onderdelen aan.&lt;br /&gt;
# Wat is het iso-elektrisch punt van een proteïne en wat ben je ermee?&lt;br /&gt;
# 2 fotos: 1 van een prokaryote cel, en 1 van een plantencel&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 jan 2009 - Chemie - Van Dijck ===&lt;br /&gt;
Mondeling met schriftelijke voorbereiding&lt;br /&gt;
# bespreek de enkelvoudige en de meervoudige sacchariden (bijvraag: hoe heeft men de L en D suikers bepaald, met welk suiker hebben ze dit gedaan)&lt;br /&gt;
# bespreek de overgang van het kernmembraan en het RER en geef de functie van het RER&lt;br /&gt;
# bespreek SDS PAGE&lt;br /&gt;
# duid op de volgende 2 foto&#039;s de delen aan (ALLES aanduiden, cytoplasma en alles wat ook &#039;normaal&#039; lijkt!)&lt;br /&gt;
leer ALLE details!&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 22 aug 2008 - Biochemie ===&lt;br /&gt;
Thevelein:&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
* Hoofdvraag:&lt;br /&gt;
*# Bespreek de samenstelling en mechanisme van elektronentransportketen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
*Bijvragen:&lt;br /&gt;
*# Welke reacties worden gekatalyseerd door volgende enzymes:&lt;br /&gt;
*#* pyruvaat decarboxylase&lt;br /&gt;
*#* pyruvaat dehydrogenase&lt;br /&gt;
*#* pyruvaat kinase&lt;br /&gt;
*#* pyruvaat carboxylase&lt;br /&gt;
*# een cel zet oxaalazijnzuur, citroenzuur en NH3 om in asparaginezuur en glutaminezuur, geef de reactie.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Van Dijck:&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
# bespreek structuur en functies van de microtubuli en bespreek de structure waar ze voorkome (/3)&lt;br /&gt;
# bespreek structuur van de proteïnen en waar komen deze voor (/3)&lt;br /&gt;
# hoe kan je het molecuulgewicht van een proteïne bepalen met exclusiechromatografie (/2)&lt;br /&gt;
# wat is hemicellulose? (/1)&lt;br /&gt;
# duid celorganellen aan op de prent (/1) --&amp;amp;gt; twas een levercel met veel secretiepartikels&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 26 jun 2008 - Chemie - Thevelein ===&lt;br /&gt;
Hoofdvragen:&lt;br /&gt;
# e-transport&lt;br /&gt;
# pentosefosfaatweg&lt;br /&gt;
# regulatie van het metabolisme&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Bijvragen:&lt;br /&gt;
# glyoxylzuurcyclus&lt;br /&gt;
# glucose+NH3--&amp;amp;gt;glutaminezuur+CO2 hoeveel ATP wordt er geproduceerd (aeroob organisme)&lt;br /&gt;
# synthese van trehalose uit glucose dat via symport in de cel komt. Hoeveel ATP moet er via melkzuurgisting gewonnen worden om 2 trehalose moleculen te vervaardigen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 26 jun 2008 - Chemie - Thevelein === &lt;br /&gt;
Hoofdvragen&lt;br /&gt;
# Bespreek de Krebscyclus&lt;br /&gt;
# Bespreek het membraantransport en de membraanpotentiaal&lt;br /&gt;
# Bespreek de lichtreacties van de fotosynthese&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Bijvragen&lt;br /&gt;
# Adrenaline als glucosevrijzetter&lt;br /&gt;
# Bespreek in detail de biosynthese en afbraak van vetzuren&lt;br /&gt;
# Een bacteriële cel in aërobe omstandigheden zet glucose om in pyrodruivenzuur. Waar wordt het meeste ATP geproduceerd, via de glycolyse of via de pentosefosfaatweg?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 20 jun 2008 - Chemie - Thevelein===&lt;br /&gt;
Hoofdvragen:&lt;br /&gt;
# Bespreek de calvincyclus.&lt;br /&gt;
# Bespreek membraantransport en bespreek hoe membraanpotentiaal hierbij tussenkomt.&lt;br /&gt;
# Bespreek de regulatie van het metabolisme.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Bijvragen:&lt;br /&gt;
# Glyoxylzuurcyclus.&lt;br /&gt;
# Adrenaline als glucose vrijzetter.&lt;br /&gt;
# Een denkvraag ivm proton-motive en dinitrofenol.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 20 jun 2008 - Biochemie ===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Thevelein:&lt;br /&gt;
# lichtreacties&lt;br /&gt;
# oefeningen:&lt;br /&gt;
#* tristearaat, hoeveel ATP wordt er gevormd&lt;br /&gt;
#* vorming van asparaginezuur en glyoxylzuur uit citroenzuur en NH3&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Van Dijck:&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
* schriftelijk&lt;br /&gt;
*# soorten bindingen in macromolecules, tekenen +bespreken&lt;br /&gt;
*# wat is threhalose, mesozoom&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
* mondeling&lt;br /&gt;
*# endoplasmatisch riticulum bespreken&lt;br /&gt;
*# microtubuli bespreken&lt;br /&gt;
*# plaatsbepaling van moleculen in de cel, methoden bespreken&lt;br /&gt;
*# 2 foto&#039;s herkennen+organellen benoemen: lever en oliehoudende zaden&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 19 jun 2008 - Biochemie ===&lt;br /&gt;
Thevelein:&lt;br /&gt;
* Grote vraag: &lt;br /&gt;
*# membraantransport bespreken&lt;br /&gt;
* Bijvragen: &lt;br /&gt;
*# ge hebt 24 glucosemoleculen, die ge via PP en dÃ¡n pas de glycolyse gaat afbreken tot acetyl-CoA, waarna ge X aantal palmitinemoleculen gaat opbouwen. Hoeveel ATP wordt er gevormd? En hoeveel NADPH hebt ge tekort?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Van Dijck:&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
*Schriftelijk:&lt;br /&gt;
*# bespreek RNA en DNA&lt;br /&gt;
*# leg uit: &lt;br /&gt;
*#* isopycnische centrifugatie &lt;br /&gt;
*#* mycoplasma&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
*Mondeling:&lt;br /&gt;
*# bespreek mono- en polysachariden&lt;br /&gt;
*# celwand bij bacterien + Gram positieve en Gram negatieve bacterien&lt;br /&gt;
*# ionenuitwisselingschromatografie&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 13 jun 2008 - Biochemie ===&lt;br /&gt;
Thevelein:&lt;br /&gt;
* hoofdvraag:&lt;br /&gt;
*# Bespreek de lichtreacties van de fotosynthese&lt;br /&gt;
* Bijvragen:&lt;br /&gt;
*# Bespreek hoe er geninductie en genexpressie bij Escheria coli plaatsvindt&lt;br /&gt;
*# Oefening ivm de metabolische wegen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Van dijck:&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
*Schriftelijk&lt;br /&gt;
*# teken (cyclisch) alfa-D-glucose, beta-D-Fructose, sucrose en nummer de koolstoffen&lt;br /&gt;
*# Leg uit: &lt;br /&gt;
*#* mesosoom &lt;br /&gt;
*#* connexon&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
* Mondeling&lt;br /&gt;
*# Teken hoe het kernmembraan in het RER overgaat, en geef de functie van dit RER&lt;br /&gt;
*# Bespreek de ruimtelijke structuur van proteïnen&lt;br /&gt;
*# Leg uit hoe men plasmiden kan identificeren met behulp van restrictie-enzymen aan de hand van een voorbeeld&lt;br /&gt;
*# Duid de organellen aan op de cel (chloroplast en bacteriofaag)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 28 jan 2008 - Chemie - Van Dijck ===&lt;br /&gt;
Mondeling:&lt;br /&gt;
# geef de structuur en de functies van de mitochondrieën&lt;br /&gt;
# beschrijf de weg die een proteine X aflegt beginnend in de kern die voor de glycocalyx bestemd is.&lt;br /&gt;
# beschrijf de verschillende centrifugatietechnieken.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Schriftelijk:&lt;br /&gt;
# wat is het iso-elektrisch punt van proteïnen en rangschik de volgende proteïnen volgens stijgende theoretische waarde van het iso-elektrisch punt. De proteïnen werden gegeven door telkens een keten van 11 aminozuren.&lt;br /&gt;
# Beschrijf en teken schematisch de componenten van de glycocalyx&lt;br /&gt;
# verklaar: &lt;br /&gt;
#* mesosoom&lt;br /&gt;
#* connexon&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 28 jan 2008 - Chemie - Van Dijck ===&lt;br /&gt;
Schriftelijk deel&lt;br /&gt;
# rangschik van polair naar apolair (aceton, 1-propanol, diethylether, fenol, benzylalcohol) [in de vraag werden prentjes van de moleculen gegeven, en niet de namen], en zeg wat apolariteit bepaalt.&lt;br /&gt;
# teken (cyclisch) alfa-D-glucose, beta-D-Fructose, sucrose.&lt;br /&gt;
# Leg uit:&lt;br /&gt;
#* Dictyosoom &lt;br /&gt;
#* Blefaroplast&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Mondeling met schriftelijke voorbereiding&lt;br /&gt;
# Teken hoe het kernmembraan in het RER overgaat, en geef de functie van dit RER&lt;br /&gt;
# Bespreek de ruimtelijke structuur van proteïnen&lt;br /&gt;
# Leg uit hoe men plasmiden kan identificeren met behulp van restrictie-enzymen aan de hand van een voorbeeld&lt;br /&gt;
# Duid de organellen aan op de cel (de twee cellen waren een zenuwcel en een chloroplast)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=Examenvragen tot en met 2006=&lt;br /&gt;
=== 15 jan 2007 ===&lt;br /&gt;
Hoofdvragen: theorie&lt;br /&gt;
# bespreek hoe een cel aan zijn membraanpotentiaal komt + hoe deze aangewend wordt bij het membraantransport&lt;br /&gt;
# bespreek de Calvin Cyclus (functie, intermedairen, ...)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Hoofdvragen oefeningen&lt;br /&gt;
# practicum: bespreek PAGE bij proteïnen en hoe we de molecuulgroote ervan kunnen afleiden&lt;br /&gt;
# duid zo veel mogelijk celstructuren aan&lt;br /&gt;
# duid de volgende processen aan waar ze voorkomen in de cel aan op de tekening: NADPH productie, energieproductie, chromatine en integrale proteïnen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Bijvragen&lt;br /&gt;
# bespreek hoe adrenaline de glucoseproductie in de cel regelt&lt;br /&gt;
# Een cel maakt uit oxaalazijnzuur, citroenzuur en NH3 de aminozuren glutaminezuur en asparaginezuur. Geef een reactievergelijking en houd rekening met ATP, NAD, FAD, H2O en CO2.&lt;/div&gt;</summary>
		<author><name>R0998693</name></author>
	</entry>
	<entry>
		<id>https://wiki.chemika.be/index.php?title=Algemene_Natuurkunde_I&amp;diff=4073</id>
		<title>Algemene Natuurkunde I</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.chemika.be/index.php?title=Algemene_Natuurkunde_I&amp;diff=4073"/>
		<updated>2024-06-19T10:23:21Z</updated>

		<summary type="html">&lt;p&gt;R0998693: /* 14 juni 2024 (9 studiepunten) */&lt;/p&gt;
&lt;hr /&gt;
&lt;div&gt;[[Categorie:Bachelor Chemie]]&lt;br /&gt;
[[Categorie:Bachelor Biochemie]]&lt;br /&gt;
==Vakinformatie==&lt;br /&gt;
Fysica van eerste jaar biochemie en chemie. Vroeger een jaarvak met deelexamen in januari, vanaf 2018-2019: jaarvak met alleen in juni examen, voor dit examen krijg je 3 uur de tijd. Beide examens zijn volledig schriftelijk. Werd Gedoceerd door Roger Silverans. De docent voor dit vak sinds 2012 is Antoine(Toine) van Proeyen. Sinds 2018-2019 wordt het gedoceerd door Enrico Carlon (eerste semester) en Thomas Van Riet (tweede semester). Er zijn 2 delen van het examen (theorie &amp;amp; oefeningen). Het theorie deel zijn multiple choice vragen waarbij je al dan niet een uitleg moet bij geven (giscorrectie) elke vraag op 1 punt. Het oefeningen deel zijn 4 oefeningen elk op 5 punten.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;(mening en info academiejaar 2022-2023) Vak werd gegeven door Boksenbojm Eliran (semester 1) en Van Riet Thomas (semester 2).&#039;&#039;&lt;br /&gt;
* aanpak vak&lt;br /&gt;
** TTT&#039;s goed voorbereiden! Bespaard veel tijd en stress in de blok, als je hier steeds door was is het niet noodzakelijk om hier veel tijd in te steken in de blok, wij hadden tussen de examens hier 3 dagen voor en ik vond dit voldoende&lt;br /&gt;
** Prof zegt zelf dat hij het niet belangrijk vind dat je naar de les komt, maar raadt de oefenzittingen wel aan&lt;br /&gt;
* Kwaliteit cursus&lt;br /&gt;
** Prof vindt Giancoli zelf niet goed, maar hier staan al de oefeningen in, dus wel nodig om te kopen (heb je in het 2e jaar ook nog nodig)&lt;br /&gt;
** Slides heb ik zelf nooit bekeken&lt;br /&gt;
** Er is een pdf van oplossingen&lt;br /&gt;
* Examen- en TTT-vragen&lt;br /&gt;
** Nooit heel complex, zou maximum één pagina mogen innemen&lt;br /&gt;
** Ik vond de meeste makkellijker dan Giancoli&lt;br /&gt;
** Theorie leren is vrij overbodig, staat op amper punten en sommige lukken wel met logisch nadenken, enkele komen vaak terug (zweven astronaut, iets met een snaar,...)&lt;br /&gt;
** TTT&#039;s tellen niet meer mee in augustus, dus geen paniek als deze geen succes waren&lt;br /&gt;
** Belangrijk om elk klein ding op te schrijven, soms leveren domme dingen al een half punt op&lt;br /&gt;
** Steeds een duidelijke tekening maken met assenstelsel!&lt;br /&gt;
* Practica&lt;br /&gt;
** Voorbereiding maakt echt niets uit&lt;br /&gt;
** Alles wat je niet snapt vragen aan de assistent en je bent hier wel door&lt;br /&gt;
[[Categorie:Bachelor Chemie]]&lt;br /&gt;
[[Categorie:Bachelor Biochemie]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen juni==&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 juni 2024 (9 studiepunten)===&lt;br /&gt;
#Leid de formule af voor het dopplereffect voor een bewegende waarnemer en een tegelijk bewegende bron obv de afleiding van de formule van een bewegende bron en ook de afleiding van een bewegende waarnemer (zie H16 cursus) (6pnt)&lt;br /&gt;
#Waarom ervaren we de effecten van kwantummechanica niet in het dagelijkse leven? (1pnt)&lt;br /&gt;
#Waarom ervaren we de effecten van de speciale relativiteitstheorie niet in het dagelijkse leven? (1pnt)&lt;br /&gt;
#Er wordt een kogel geschoten met een bepaalde v0, deze kogel komt terecht in een houten kubus, waarbij er geroteerd kan worden rond de zijde die in contact staat met de grond. a) Bepaal het traagheidsmoment van de kubus rond deze roteeras b) Welke hoeksnelheid krijgt de kubus (met kogel) na de botsing?  c) Wat is de minimale hoeksnelheid die nodig is om de kubus (met kogel) te doen omdraaien? d) Wat is de minimale v0 om de kogel en de kubus te doen omdraaien? (6 pnt)&lt;br /&gt;
#Oefening met katrol gegeven, waarbij je de katrol zijn massa mag verwaarlozen. De katrol hield 2 massa&#039;s vast op een helling, massa 1 zat schuin op de helling met een hoek θ en massa 2 hing aan de zijkant van de helling met eronder een veer. Massa 1 werd over een lengte naar achter getrokken en losgelaten. a) Bereken de wrijvingskracht van massa 1 nadat je het naar achteren trekt en loslaat, dus tijdens de beweging. b) Bereken de snelheden van massa 1 en massa 2 tijdens de beweging.  c) Bereken de verhouding van massa 1 en massa 2 in rust (zonder wrijvingskracht). d) Wat is de hoekfrequentie met betrekking tot k,θ en massa 1 (zonder wrijvingskracht). (6 pnt)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 juni 2023===&lt;br /&gt;
#Verklaar waarom astronauten gewichtloosheid ervaren. (2 punten)&lt;br /&gt;
#Een persoon springt spontaan de lucht in, worden impuls en energie behouden? (2 punten)&lt;br /&gt;
#Een snaar van 1 meter heeft een spankracht van 100N. De diameter van de snaar is 2mm. Wat is de golflengte bij de grondfrequentie? (2 punten)&lt;br /&gt;
#Vraag over fluïda, iets van een cillinder met 2 lagen onsamendrukbare vloeistof in.&lt;br /&gt;
#Vraag over een slinger&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17 juni 2022===&lt;br /&gt;
#Verklaar waarom astronauten gewichtloosheid ervaren. (2 punten)&lt;br /&gt;
#Een persoon springt spontaan de lucht in, worden impuls en energie behouden? (2 punten)&lt;br /&gt;
#Een snaar van 1 meter met µ=3,14 g/m heeft een spankracht van 100N. De diameter van de snaar is 2mm. Wat is de golflengte bij de grondfrequentie? (2 punten)&lt;br /&gt;
#Een massa 2M vliegt recht omhoog, op hoogte h ontploft deze massa waarbij hij in 2 delen van massa M splitst, met energie E. 50% van deze energie gaat verloren en warmte, de rest wordt omgezet in horizontale beweging. De massa&#039;s M hun maximum hoogte is 2h. Hoever landen de 2 delen M uit elkaar? (5 punten)&lt;br /&gt;
#Je hebt een cilindrisch vat met een rechthoekige opening met breedte w, de hoogtes worden gegeven door d1 en d2 (gemeten van de bovenkant van het vat). Geef een formule voor het debiet dat in eerste instantie uit het vat stroomt. Je mag het zakken van het vloeistof niveau hierbij verwaarlozen. (Tip: aangezien je de opening niet mag verwaarlozen zal je waarschijnlijk een integraal moeten gebruiken.) (4 punten)&lt;br /&gt;
#Geef de maximum snelheid v waarmee een auto (met massa m) een bocht kan maken (straal r) zonder uit de bocht te vliegen. (1.5 punt)&lt;br /&gt;
##Indien men de bocht hellend maakt, geef een formule voor de minimum hoek die nodig is voor een v groter dan die uit vraag 1. (3.5 punten)   (Example 5.15 boek)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===25 juni 2020===&lt;br /&gt;
#als je rechts draait in een felle bocht met een auto , draait de heliumballon die in de auto is dan... &lt;br /&gt;
#*mee naar rechts tov de auto&lt;br /&gt;
#*naar links tov van de auto&lt;br /&gt;
#*de ballon verplaatst zich niet tov de auto&lt;br /&gt;
#als een sirene weg rijdt van je, hou verhouden de decibel zich tov de &#039;geluidsterkte&#039; (intensiteit)&lt;br /&gt;
#*decibel neemt kwadratisch af en geluidsterkte logaritmisch af&lt;br /&gt;
#*decibel neemt logaritmisch af en geluidsterkte neemt ook af op andere wijze&lt;br /&gt;
#*decibel neemt logaritmisch af en geluidsterkte logaritmisch af&lt;br /&gt;
#*decibel neemt kwadratisch af en geluidsterkte kwadratisch af&lt;br /&gt;
#bereken de golflengte van een gitaarsnaar die een Fspan= 100N, en de snaar is 10cm lang en 22m diameter.&lt;br /&gt;
##bereken ook voor deze snaar wat de golflengte is , moest je een octaaf hoger klinken&lt;br /&gt;
#pendulum vraag, bereken v wanneer de slinger hoogte 0 heeft en de slinger werd op hoogte h losgelaten , met beginsnelheid=0. De lengte van de slinger is l. de slinger heeft een balletje met massa m.&lt;br /&gt;
##bereken nu de arbeid die verricht is geweest door de slinger als er een wrijvingskracht op uitgeoefend werd.&lt;br /&gt;
#Venturi effect; formule afleiden via continuiteit bij fluida (BEWIJS)[http://hyperphysics.phy-astr.gsu.edu/hbase/Fluids/venturi.html]&lt;br /&gt;
##nu, toepassen op een venturi buis die water en olie bevatte op een bepaalde hoogte (zie google opzoeke, meest bekend voorbeeld); dan invullen voor die hoogte en v1 en v2 zo afleiden&lt;br /&gt;
#golfvergelijking gegeven in de vorm van psi=A* (sin(αθ) + i cos(αθ)) (met bereik = 0 tot 2π)&lt;br /&gt;
##geef de waarschijnlijke locatie van het deeltje&lt;br /&gt;
##bereken de waarde van de amplitude A&lt;br /&gt;
##moeten er bepaalde bestaansvoorwaarden voor α zijn?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===18 juni 2020===&lt;br /&gt;
#Zouden atomen stabiel kunnen zijn zonder de kwantumfysica? Leg uit. (2pt)&lt;br /&gt;
#Een persoon gaat een &amp;quot;spacewalk&amp;quot; maken maar haar kabel breekt. Het enige dat ze bij heeft is een zaklamp. Uit de lessen fysica van vroeger herinnert ze zich dat fotonen een impuls hebben, ze schijnt daarom met de zaklamp in de tegengestelde richting (dus weg van het ruimteschip) om terug aan boord te geraken. Is haar redenering correct? Is dit de beste manier om terug bij het schip te geraken? (2pt)&lt;br /&gt;
#Nog 1 ja/nee vraag met uitleg geven. (1pt)&lt;br /&gt;
#Er was een vraag dat ge met krachten enzo moest uitleggen waarom het ruimtestation in een film ronddraait. En dan moest ge nog berekenen hoeveel rondjes per minuut het station moest draaien om de zwaartekracht op aarde na te bootsen, de straal van het station was 40m. (Het was zo een ruimteschip zoals in de foto in link)[https://i.pinimg.com/originals/9a/da/f9/9adaf9a402818747c173ce744738931d.jpg] (5pt)&lt;br /&gt;
#Opstelling zoals foto (in link). h1 en de dichtheid van de olie is gegeven. Bereken (h2 ) het hoogteverschil tussen de twee wateroppervlakten. [https://drive.google.com/file/d/1Du-mrA16d1ZfSqJtfYmNcKFWH69Vjf-w/view?usp=sharing] (5pt)&lt;br /&gt;
#Opstelling zoals foto (in link). Een persoon wil trainen met gewichten. Er hangen twee gewichten van elk 30kg aan een homogene staaf van 3m lang (de massa van de staaf weet ik niet meer). De persoon wilt graag meer gewicht. Ze doet dit door eerst links en pas daarna rechts een nieuw gewicht extra bij te hangen (het gaat dus over het moment dat er enkel links een extra gewicht hangt en het systeem dus nét nog in evenwicht staat). Hoeveel mag een nieuw gewicht maximaal wegen om het systeem niet te laten kantelen? Voor de afstand van het nieuwe gewicht mag dezelfde afstand als het andere gewicht genomen worden. [https://drive.google.com/file/d/1-1SH0RiI8OQBJzpYY3leS_XEw-p_FXHo/view?usp=sharing] (5pt)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===10 juni 2020===&lt;br /&gt;
#Een deeltje met lading e dat zich in een magnetisch veld B ⃗ bevindt, er ontstaat een Lorentzkracht F ⃗ die voldoet aan F ⃗=ev ⃗×B ⃗. Met v ⃗ de snelheid van het deeltje. Als nu een deeltje door een constant magnetisch veld beweegt, dan zal de grootte van de snelheid:&lt;br /&gt;
#*Altijd afnemen&lt;br /&gt;
#*Altijd toenemen&lt;br /&gt;
#*Toenemen of afnemen afhankelijk van de hoek tussen de initiële snelheid &amp;amp; het magnetisch veld&lt;br /&gt;
#*Hetzelfde blijven&lt;br /&gt;
#Een organisatie van mensen beweert dat er nooit een mens op de maan is geweest, dat het niet mogelijk is om aan ruimtevaart te doen. Er kan nooit aan de zwaartekracht ontsnapt worden: de potentiële energie ten gevolge van de zwaartekracht is gelijk aan m.g.h, waarbij m de massa van de raket is, g de valversnelling &amp;amp; h de hoogte. Als je aan de zwaartekracht wil ontsnappen zou de hoogte naar oneindig moeten gaan, waarvoor ook oneindig veel energie voor nodig is. Waar zit de fout in hun redenering?&lt;br /&gt;
#Je staat op de zuidpool &amp;amp; richt een raket naar de noordpool, de motor is afgesteld zodat de raket op dezelfde hoogte boven het aardoppervlak naar zijn doel beweegt. Wat is het effect van de Corioliskracht?&lt;br /&gt;
#*De raket zal afwijken &amp;amp; het doel niet bereiken&lt;br /&gt;
#*De raket zal de noordpool bereiken via een spiraalvormige kromme zoals gezien door iemand op het aardoppervlak&lt;br /&gt;
#*De raket zal de noordpool bereiken via een spiraalvormige kromme zoals gezien vanuit iemand buiten de aarde die stilstaat ten opzichte van de rotatiebeweging van de aarde rond haar as&lt;br /&gt;
#*De raket zal de noordpool bereiken in een rechte lijn (langs het aardoppervlak) zoals gezien door iemand op het aardoppervlak&lt;br /&gt;
#Een hypothetisch deeltje met dezelfde lading &amp;amp; massa als een elektron, met het verschil dat het spin 2 heeft. Beschouw een atoom met atoomgetal Z. Hoeveel hypothetische deeltjes kunnen in de K-schil?&lt;br /&gt;
#Welke uitspraak is correct?&lt;br /&gt;
#*Een ‘do’ beschouwen we als grondfrequentie, alle veelvouden van die frequentie zijn ook ‘do’s’ maar in een ander octaaf&lt;br /&gt;
#*Het verschil in frequentie tussen 2 opeenvolgende noten is onafhankelijk van het octaaf&lt;br /&gt;
#*Een buik van een hogere ‘do’ komt overeen met een buik van een lagere ‘do’&lt;br /&gt;
#*Een knoop van een hogere ‘do’ komt overeen met een knoop van een lagere ‘do’&lt;br /&gt;
#Een blok met massa van 82 gram wordt horizontaal afgeschoten door een veer met constante k = 200 N/m, 15 cm in te duwen. Nadat de blok loskomt, schuift het over een horizontaal vlak met wrijvingscoëfficiënt μ = 0,27 dat 85 cm lang is. Het vlak gaat over in een wrijvingsloze helling, hoeveel cm schuift het blok terug over het vlakke deel met wrijving? Leg uit waar het blok tot stilstand komt.&lt;br /&gt;
#Een frisbee met diameter 2,3 cm met massa 102 gram. De helft van de massa is homogeen over de schijf verdeeld, de andere helft is geconcentreerd op de buitenrand van de schijf. Wat is het traagheidsmoment van de frisbee? Als je met je pols een draaibeweging geeft van een kwart-draai (over 90°) met een constant krachtmoment, hoe groot moet dat krachtmoment zijn opdat de frisbee zou draaien tegen 450 toeren per minuut?&lt;br /&gt;
#Water valt uit een kraan naar beneden op een niet turbulente constante manier. Toon aan dat de diameter van de vallende kolom water gegeven is door de formule:&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;d=d0((v0^2)/(v0^2+2gh))^(1/4)&#039;&#039;&#039; met &lt;br /&gt;
#*d0: diameter opening van de kraan&lt;br /&gt;
#*v0: snelheid van het water net buiten de kraan&lt;br /&gt;
#*h: afstand van de kraan tot waar d gemeten wordt&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 juni 2019===&lt;br /&gt;
#Een asteroïde met massa m bevindt zich op een hoogte H boven de baan van Jupiter met straal r en massa M.&lt;br /&gt;
##Bereken de potentiële gravitationele energie wanneer de asteroïde zich op hoogte H bevindt&lt;br /&gt;
##Bereken de potentiële gravitationele energie wanneer de asteroïde zich in de baan bevindt.&lt;br /&gt;
##Op hoogte H heeft de asteroïde een snelheid van 2.0 m/s. Bereken de snelheid in de baan.µ&lt;br /&gt;
#Een blokje glijdt op een cirkelbaan met straal r die vaststaat op de grond. Er is geen wrijving.&lt;br /&gt;
##Op welke hoogte valt het blokje? Tip: dit is wannneer de normaalkracht wegvalt.&lt;br /&gt;
##Wat is de snelheid op dit moment? &lt;br /&gt;
#Elektronen in een 3d-orbitaal worden vervangen door deeltjes met spin 1 en massa x-aantal keer die van het elektron. Welke kwantumgetallen zijn mogelijk en hoeveel zijn het er?&lt;br /&gt;
#Een aardbevingsgolf beweegt met snelheid 410 km/s en frequentie 0.60 hZ. &lt;br /&gt;
##Welke minimale amplitude is nodig zodat voorwerpen net van de grond komen? De aardbevingsgolf vindt 10 seconden plaats. &lt;br /&gt;
##Een tweede golf ontstaat in een punt 3OO km ten noordwesten van de eerste golf, 1.3 s na de eerste. Wanneer bereikt dit tweede punt voor het eerst haar maximale uitwijking?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 juni 2018===&lt;br /&gt;
#Afleiding equation of continuity&lt;br /&gt;
#Afleiding vergelijking van Bernouilli (+uitleggen waar deze nu precies voor staat en wat je eruit kan afleiden)&lt;br /&gt;
#Oefening over impulsmoment van elektron zie 19 juni 2014&lt;br /&gt;
#Oefening traagheidsmoment molecule H2O langs twee assen (staat in het boek)&lt;br /&gt;
#Hoe kan je de hoogte van een gebouw bepalen adhv een slinger? &lt;br /&gt;
#Oefening over twee golven met dezelfde amplitude etc waarvan de ene een dubbel zo grote golflengte heeft dan de andere en dan bepalen welke de grootste hoeveelheid energie verplaatst&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 25 juni 2015 === &lt;br /&gt;
#oefening over behoud van momentum&lt;br /&gt;
#fotoelektrisch effect en alle formules afleiden (H37)&lt;br /&gt;
#en dan de wiskundige vergelijking van de golf geven en dan de condities wanneer ze SHM was en dan periode, frequentie en golflengte daarvan afleiden&lt;br /&gt;
#2 stellingen: &#039;als er wind is zal je het geluid dan luider horen&#039; en dan nog eentje over &#039;kan een kind meegezogen worden met een snelle trein&#039;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===25 jun 2014 ===&lt;br /&gt;
Vraag 1: &lt;br /&gt;
Bij beta verval valt een atoom uiteen in een elektron en een terugslagkern, deze volgen na splitsing echter geen &#039;rechte lijn&#039; dit schaadt echter een principiële wet van de mechanica. &lt;br /&gt;
#Welke wet?&lt;br /&gt;
#Teken en leg uit &lt;br /&gt;
#Hieruit volgt dat er nog een partikel wordt uitgestoten (een neutrino) toon aan op de tekening dat dit zo is en leg uit.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Vraag 2:&lt;br /&gt;
Archimedes; afleiden van een formule en nog enkele meerkeuzevraagjes (drijft het/ drijft het niet)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Vraag 3:&lt;br /&gt;
Lorentztransformatie x=x&#039; y=y&#039; z=a(z&#039;+vt&#039;) &lt;br /&gt;
#Vind de omgekeerde formules, gebruik c, &lt;br /&gt;
#Leid a af &lt;br /&gt;
#Leid de formule van de lengtecontractie af&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Vraag 4:&lt;br /&gt;
een gietijzeren standbeeld (100kg) op een koperen plaat (60kg d=0.1 en S= 0.70 m^2) staan op een glazen helling van 30 graden &lt;br /&gt;
#Bereken de wrijving van gietijzer op koper &lt;br /&gt;
#Bereken de wrijving van koper op glas (de Mu&#039;s zijn gegeven) &lt;br /&gt;
#Bereken delta l die de wrijving veroorzaakt (de modulus G is gegeven)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===19 jun 2014 ===&lt;br /&gt;
Vraag 1:&lt;br /&gt;
#Impulsmoment van een elektron is sqrt(3/4)hbar. &lt;br /&gt;
#Verklaar met theoretische achtergrond.&lt;br /&gt;
#Bereken hoeksnelheid en snelheid van een punt op de rand (massa en straal gegeven).&lt;br /&gt;
#Oplossing is in de grootte-orde van 10^13. Bespreek.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Vraag 2:&lt;br /&gt;
#Geef het arbeid-energie theorema&lt;br /&gt;
Situatie: blok naar boven duwen zodat die boven op een helling geraakt.&lt;br /&gt;
#Teken en benoem al de krachten.&lt;br /&gt;
#Bereken de grootte van alle krachten.&lt;br /&gt;
#Bereken de arbeid geleverd door alle krachten.&lt;br /&gt;
#Bereken de beginsnelheid die nodig is om het blok boven te krijgen.&lt;br /&gt;
#Is de berekende snelheid dezelfde als de eindsnelheid die het blok zou bereiken moest het van boven losgelaten worden?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Vraag 3:&lt;br /&gt;
Situatie: platform met luidspreker beweegt naar muur toe. Persoon op het platform hoort zwevingen met een frequentie van x Hz. Uitzendfrequentie is gegeven.&lt;br /&gt;
#Wat is de frequentie van een zweving als functie van f1 en f2.&lt;br /&gt;
#Bereken de frequentie gehoord aan de muur.&lt;br /&gt;
#Bereken de frequentie gehoord door de persoon op het platform nadat die teruggekaatst is door de muur.&lt;br /&gt;
#Bereken de snelheid van het platform.&lt;br /&gt;
 &lt;br /&gt;
Vraag 4:&lt;br /&gt;
#Verklaar dat de beweging van een zuiger op een wiel ongeveer eenvoudig harmonisch is.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 jun 2012 (namiddag)===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# leg het gedachte-experiment van lorent-einstein uit&lt;br /&gt;
# andere 3 kleine theorie vragen worden nog gepost&lt;br /&gt;
Oef:&lt;br /&gt;
# bepaal de wrijvingscoefficient van een een gelijkbenige 3hoek met de grond, deze houdt het water tegen langs 1 kant (net zoals in oefenzitting met die trapezium)&lt;br /&gt;
# beeld op een koper plaat, op een glazen 3hoek&lt;br /&gt;
#* wrijvingskracht beeld met plaat&lt;br /&gt;
#* wrijvingskracht plaat met 3hoek&lt;br /&gt;
#* vervorming van plaat door de krachten, uw x bepalen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 jun 2012 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Gedwongen oscillatie: bewegingsvgl afleiden, energie en energieoverdracht bespreken en formules afleiden, uitleggen wat energieresonantie is.&lt;br /&gt;
# Een slinger bestaat uit een staaf met masse m en lengte l. We hangen er een klein bolletje met massa 2m aan. Hoe verandert de periode?&lt;br /&gt;
# Bespreek hoe geluid getransporteerd wordt in een &#039;telefoon&#039; bestaande uit 2 bekers met een gespannen draad ertussen.&lt;br /&gt;
# Je zit in een treinwagon zonder ramen die volledig geluidsloos is. Is er een fysisch experiment om te weten dat je rijdt?&lt;br /&gt;
Oef:&lt;br /&gt;
# Een ader is vernauwd: bespreek of de snelheid van het bloed stijgt of daalt. De snelheid van het bloed wordt gemeten door ultrasone golven in te late nvallen op de bloedcellen onder een hoek van 45 graden. Bereken de bloedsnelheid uit de beatfrequentie, de geluidssnelheid en de frequentie van de uitgezonden golven.&lt;br /&gt;
# Een wasbak wordt overgeheveld in een emmer: bereken de uitstroomsnelheid, de tijd nodig om de wasbak leeg te laten lopen en leg uit of de uitstroomsnelheid constant blijft.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 21 juni 2011 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#golf in een gaskolom tekenen + gegevens aanduiden om geluidssnelheid te berekenen in die kolom en die dan ook afleiden.&lt;br /&gt;
#E=mc² afleiden uit relatieve massa en versnellingsarbeid op die massa.&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
#Golven&lt;br /&gt;
#hydronamica&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 16 juni 2011===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#bespreek de ionische binding van diatomische moleculen.&lt;br /&gt;
#bespreek de hydrodynamische kracht en de invloed van de zwaartekracht hierop.&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
#gedempte trilling: geef de bewegingsvergelijking en schets de grafiek&lt;br /&gt;
#Aan een massa met verwaarloosbaar volume worden heliumballonen gehangen. Hoeveem ballonen zijn er nodig om de massa van de grond te laten komen?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 22 juni 2010 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Geef bewegingsvgl van gedwongen oscillatie en bespreek energieresonantie en energieoverdracht.&lt;br /&gt;
# Bespreek de hydrodynamische kracht en de invloed van de zwaartekracht hierop.&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# Staaf die breekt bij bepaalde spanning. Geef lengte staaf (massadichtheid, hoeksnelheid en breekspanning gegeven)&lt;br /&gt;
# Blok uit mengsel goud en ijzer. Bereken verhouding ijzer/goud. (massadichtheden, gewicht en ? gegeven)&lt;br /&gt;
=== 21 juni 2010 ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
# Bespreek diatomische ionische binding&lt;br /&gt;
# Leid via de tekening Lorentz-Einstein transformatieformumes voor plaats en tijd af. Leid vervolgens de snelheid af&lt;br /&gt;
=== 11 juni 2010 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Bespreek de energie en krachten bij een torsieveer. Beweging van een torsieslinger bespreken.&lt;br /&gt;
# Kwantumfysica: geef de postulaten van Bohr en leidt hieruit de baanstraal en de energieën af.&lt;br /&gt;
Oefeningen: &lt;br /&gt;
# Dopplereffect gebruikt om de snelheid van het hart van een foetus te meten.&lt;br /&gt;
# Hydrostatica: Een vlot heeft een bep diepte in het water, dieper wanneer er een gewicht op wordt geplaatst; hoeveel is de massa.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 12 juni 2009 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Bewegingsvergelijking opstellen van een gedwongen harmonische trilling. Bespreek ook energieptransport en energieresonantie.&lt;br /&gt;
# Bespreek de invloed van de zwaartekracht op fluïda. Bereken ook de grootte van de opwaartse stuwkracht dat een ondergedompeld voorwerp ondervindt.&lt;br /&gt;
Oefeningen: &lt;br /&gt;
# Golven: iets met een stemvork op het einde van een halfopen buis, verstelbaar in lengte.&lt;br /&gt;
# Hydrodynamica: iets met een fontein op een heuvel, het water werd aangepompt met een buis (laminaire stroming).&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 11 juni 2009 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Energie en energietransport in een mechanische harmonische golf.&lt;br /&gt;
# Golfgedrag van materiedeeltjes bespreken en daar onzekerheidrelatie van impuls op toepassen + tunneleffect verklaren.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 11 juni 2009 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Bewijzen dat een coulomkrachtveld een conservatief krachtveld is en daaruit de potentiele energie bepalen + Bereken(klassiek) de energie van atomaire elektronen.&lt;br /&gt;
# Bespreek het Doppler effect.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 17 jun 2008 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Gedwongen harmonische oscillatie. Leid af en bespreek. Energie en energieresonantie.&lt;br /&gt;
# Hydrodynamische krachten bespreken. Val beweging in fluïdum bespreken.&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# Berekenen van lengte van een staaf die draait. Waarvan brekingsconstante, hoeksnelheid en dichtheid gegeven is.&lt;br /&gt;
# Volledig ondergedomdeld object met gewicht 15N ondergaat opwaartse kracht van 1N. Object bestaat uit goud en ijzer. Rho ijzer en goud gegeven, bereken totaal volume object en massa goud en ijzer in het object.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 17 jun 2008 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Longitudinale golven in een staaf: analyseer, en bepaal de golfsnelheid.&lt;br /&gt;
# Bij onderdompeling ontstaat er een opwaartse kracht, leg uit en interpreteer.&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# Iets met stok aan een veer waarvan enkel de k en de m gegeven zijn: bereken de frequentie.&lt;br /&gt;
# Letterlijke toepassing venturimeter.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 16 jun 2008 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Laminaire stroming en afleiden van volume gradient.&lt;br /&gt;
# Wiskundige voorstelling van golven, uitleggen i.v.m. harmonische golven.&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# ?&lt;br /&gt;
# ?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 16 jun 2008 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# De interatomaire krachten van een diatomische ionische binding: welke eigenschap heeft deze?&lt;br /&gt;
# Het gedachten-experiment van de transformatieformules.&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# ?&lt;br /&gt;
# ?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 22 jun 2006 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Leidt af: energie en E-transport in mechanische harmonische golf.&lt;br /&gt;
# Water:&lt;br /&gt;
#* Leidt de zwaartekrachtinvloed op hydrostatische druk af.&lt;br /&gt;
#* Bereken en interpreteer de archimedeskracht.&lt;br /&gt;
Denkvragen:&lt;br /&gt;
# Je kan met een rietje door uw helm drinken op de maan, gaat dat moeilijker/makkelijker/even makkelijk als op aarde?&lt;br /&gt;
# Heliumballonnen, je blaast ertussen, gaan ze naar elkaar toe/van elkaar weg?&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# Satelliet, je hebt de korte straal en de snelheid daar (8000km en 9km/s), bereken den hoek tss de v-vector als r=20000km.&lt;br /&gt;
# Twee boxen op 2m van elkaar, beide 880Hz in fase.&lt;br /&gt;
#* Als ge van A naar B gaat, op welke plaatse hebt ge dan destructieve en constructieve interferentie?&lt;br /&gt;
#* Onder een bepaalde frequentie zal der buite den as A-B geen destructieve interferentie meer zijn, wat is die drempelwaarde?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 14 jun 2006 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Kwantum:&lt;br /&gt;
#* Bespreek golfeigenschappen van materie, en verband onbepaaldheidsrelatie x en p.&lt;br /&gt;
#* Tunneleffect&lt;br /&gt;
# Stroming:&lt;br /&gt;
#* Laminaire stroming in buis: NIET bewijzen, maar van de snelheidsprofiel het volumedebiet bespreken en drukverloop..&lt;br /&gt;
#* Niet mechanische, mechanische, energie, verlies,...&lt;br /&gt;
Denkvragen:&lt;br /&gt;
# Ruimteschip brengt blok ijzer naar andere planeet met veel grotere atmosfeerdruk. Wat geef relatie tss drukverschil en vervorming?&lt;br /&gt;
#* Elasticiteitsmodulus&lt;br /&gt;
#* Afschuifmodulus&lt;br /&gt;
#* Compressiemodulus&lt;br /&gt;
#* Drukmodulus&lt;br /&gt;
# 2 He balonnen op 1 à 2 cm van elkaar, zijn aan een tafel vastgemaakt met koorden. Je blaast erdoor, wat gebeurt er met de balonnen?&lt;br /&gt;
#* Ze gaan naar elkaar toe.&lt;br /&gt;
#* Ze gaan van elkaar weg.&lt;br /&gt;
#* Niets.&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# Blokje ijzer tussen twee lagen, vanboven water, vanonder kwik, blokje = cubus 10cm, hoe hoog is gedeelte da uitsteekt boven hg? (ro FE = 7.7 kg/dm³).&lt;br /&gt;
# Twee geluidsbronnen, f=880hz, v=340m/s, A (x=0, y=0) , B( x = 0, y=2)&lt;br /&gt;
#* Waar is constructieve interferentie?&lt;br /&gt;
#* Waar is destructieve interferentie?&lt;br /&gt;
#* Wat is de drempelfrequentie opdat er geen of wel destructieve interferentie zou optreden?&lt;br /&gt;
=== 15 jun 2012 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Vergelijking Klassiek en Quantummodel van di-atomische moleculen:&lt;br /&gt;
#* Rotatie- en vibratie-energie klassiek diatomisch molecule geven.&lt;br /&gt;
#* Laagste energie van een kwantumharmonische oscillator geven.&lt;br /&gt;
#* Verschillen tussen klassiek en quantummechanisch model (3 geven).&lt;br /&gt;
#* Energieniveaus nader uitleggen.&lt;br /&gt;
#* De eigenschappen van moleculen geven die via opmeting van deze energieën gevonden kunnen worden.&lt;br /&gt;
Denkvragen:&lt;br /&gt;
# veer met massa t.o.v. massaloze veer, het verschil T en f inschatten.&lt;br /&gt;
# Trilt een harmonische golf met dezelfde frequentie als de bron? ja/nee + waarom.&lt;br /&gt;
# bewijs dat de snelheid van het geluid nauwelijks afhangt van de frequentie&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
#a) Standbeeld op een koperen sokkel op een glazen helling.&lt;br /&gt;
*Gegeven: M(standbeeld), M(blok), statische wrijvingscoëfficient tussen zowel standbeeld-sokkel als sokkel-helling en de afschuifconstante G van de sokkel&lt;br /&gt;
*Bereken: 1) De maximale hoek theta van de helling zodat het ding niet in duigen valt&lt;br /&gt;
*2) Met de hiervoor berekende hoek de wrijvingskracht tussen het standbeeld en het blok vinden&lt;br /&gt;
*3) De verschoven afstand van het bovenvlak t.o.v. het ondervlak&lt;br /&gt;
# Gegeven een kraan die loopt, de diameter van de straal neemt naar onderen van de kraan weg;&lt;br /&gt;
*met aanname dat de beginsnelheid v0 is een theoretische formule opstellen die het vernauwen van de straal beschrijft (diameter = f(y-coordinaat), assenstelsel zelf in te voeren)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen september==&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 30 aug 2010 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Rotatie rond vaste as: Rotationele arbeid, kinetische rotatie energie.&lt;br /&gt;
# Oppspanning en Ep energie linken mbv potentiële energie curves, capillariteitsdruk in bel uitleggen.&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# Kinematica &amp;amp;amp; Newton-mechanica&lt;br /&gt;
# Golven.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 23 aug 2008 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Zuiver rolbeweging: kinematica en dynamica mbv van n voorbeeld naar keuze.&lt;br /&gt;
# Ppp. pot. energie, cohesiedruk, opp.spanning en capilariteit uitleggen.&lt;br /&gt;
Oefeningen: &lt;br /&gt;
# Statica. &lt;br /&gt;
# Golven.&lt;/div&gt;</summary>
		<author><name>R0998693</name></author>
	</entry>
	<entry>
		<id>https://wiki.chemika.be/index.php?title=Algemene_Natuurkunde_I&amp;diff=4063</id>
		<title>Algemene Natuurkunde I</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.chemika.be/index.php?title=Algemene_Natuurkunde_I&amp;diff=4063"/>
		<updated>2024-06-15T12:54:40Z</updated>

		<summary type="html">&lt;p&gt;R0998693: /* 14 juni 2024 (9 studiepunten) */&lt;/p&gt;
&lt;hr /&gt;
&lt;div&gt;[[Categorie:Bachelor Chemie]]&lt;br /&gt;
[[Categorie:Bachelor Biochemie]]&lt;br /&gt;
==Vakinformatie==&lt;br /&gt;
Fysica van eerste jaar biochemie en chemie. Vroeger een jaarvak met deelexamen in januari, vanaf 2018-2019: jaarvak met alleen in juni examen, voor dit examen krijg je 3 uur de tijd. Beide examens zijn volledig schriftelijk. Werd Gedoceerd door Roger Silverans. De docent voor dit vak sinds 2012 is Antoine(Toine) van Proeyen. Sinds 2018-2019 wordt het gedoceerd door Enrico Carlon (eerste semester) en Thomas Van Riet (tweede semester). Er zijn 2 delen van het examen (theorie &amp;amp; oefeningen). Het theorie deel zijn multiple choice vragen waarbij je al dan niet een uitleg moet bij geven (giscorrectie) elke vraag op 1 punt. Het oefeningen deel zijn 4 oefeningen elk op 5 punten.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;(mening en info academiejaar 2022-2023) Vak werd gegeven door Boksenbojm Eliran (semester 1) en Van Riet Thomas (semester 2).&#039;&#039;&lt;br /&gt;
* aanpak vak&lt;br /&gt;
** TTT&#039;s goed voorbereiden! Bespaard veel tijd en stress in de blok, als je hier steeds door was is het niet noodzakelijk om hier veel tijd in te steken in de blok, wij hadden tussen de examens hier 3 dagen voor en ik vond dit voldoende&lt;br /&gt;
** Prof zegt zelf dat hij het niet belangrijk vind dat je naar de les komt, maar raadt de oefenzittingen wel aan&lt;br /&gt;
* Kwaliteit cursus&lt;br /&gt;
** Prof vindt Giancoli zelf niet goed, maar hier staan al de oefeningen in, dus wel nodig om te kopen (heb je in het 2e jaar ook nog nodig)&lt;br /&gt;
** Slides heb ik zelf nooit bekeken&lt;br /&gt;
** Er is een pdf van oplossingen&lt;br /&gt;
* Examen- en TTT-vragen&lt;br /&gt;
** Nooit heel complex, zou maximum één pagina mogen innemen&lt;br /&gt;
** Ik vond de meeste makkellijker dan Giancoli&lt;br /&gt;
** Theorie leren is vrij overbodig, staat op amper punten en sommige lukken wel met logisch nadenken, enkele komen vaak terug (zweven astronaut, iets met een snaar,...)&lt;br /&gt;
** TTT&#039;s tellen niet meer mee in augustus, dus geen paniek als deze geen succes waren&lt;br /&gt;
** Belangrijk om elk klein ding op te schrijven, soms leveren domme dingen al een half punt op&lt;br /&gt;
** Steeds een duidelijke tekening maken met assenstelsel!&lt;br /&gt;
* Practica&lt;br /&gt;
** Voorbereiding maakt echt niets uit&lt;br /&gt;
** Alles wat je niet snapt vragen aan de assistent en je bent hier wel door&lt;br /&gt;
[[Categorie:Bachelor Chemie]]&lt;br /&gt;
[[Categorie:Bachelor Biochemie]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen juni==&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 juni 2024 (9 studiepunten)===&lt;br /&gt;
#Leid de formule af voor het dopplereffect voor een bewegende waarnemer en een tegelijk bewegende bron obv de afleiding van de formule van een bewegende bron en ook de afleiding van een bewegende waarnemer (zie H16 cursus) (6pnt)&lt;br /&gt;
#Waarom ervaren we de effecten van kwantummechanica niet in het dagelijkse leven? (1pnt)&lt;br /&gt;
#Waarom ervaren we de effecten van de speciale relativiteitstheorie niet in het dagelijkse leven? (1pnt)&lt;br /&gt;
#Er wordt een kogel geschoten met een bepaalde v0, deze kogel komt terecht in een houten kubus, waarbij er geroteerd kon worden rond de zijde die in contact staat met de grond. a) Bepaal het traagheidsmoment van de kubus rond deze roteeras b) Welke hoeksnelheid krijgt de kubus (met kogel) na de botsing?  c) Wat is de minimale hoeksnelheid die nodig is om de kubus (met kogel) te doen omdraaien? d) Wat is de minimale v0 om de kogel en de kubus te doen omdraaien? (6 pnt)&lt;br /&gt;
#Oefening met katrol gegeven, waarbij je de katrol zijn massa mag verwaarlozen. De katrol hield 2 massa&#039;s vast op een helling, massa 1 zat schuin op de helling met een hoek θ en massa 2 hing aan de zijkant van de helling met eronder een veer. Massa 1 werd over een lengte naar achter getrokken en losgelaten. a) Bereken de wrijvingskracht van massa 1 nadat je het naar achteren trekt en loslaat, dus tijdens de beweging. b) Bereken de snelheden van massa 1 en massa 2 tijdens de beweging.  c) Bereken de verhouding van massa 1 en massa 2 in rust (zonder wrijvingskracht). d) Wat is de hoekfrequentie met betrekking tot k,θ en massa 1 (zonder wrijvingskracht). (6 pnt)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 juni 2023===&lt;br /&gt;
#Verklaar waarom astronauten gewichtloosheid ervaren. (2 punten)&lt;br /&gt;
#Een persoon springt spontaan de lucht in, worden impuls en energie behouden? (2 punten)&lt;br /&gt;
#Een snaar van 1 meter heeft een spankracht van 100N. De diameter van de snaar is 2mm. Wat is de golflengte bij de grondfrequentie? (2 punten)&lt;br /&gt;
#Vraag over fluïda, iets van een cillinder met 2 lagen onsamendrukbare vloeistof in.&lt;br /&gt;
#Vraag over een slinger&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17 juni 2022===&lt;br /&gt;
#Verklaar waarom astronauten gewichtloosheid ervaren. (2 punten)&lt;br /&gt;
#Een persoon springt spontaan de lucht in, worden impuls en energie behouden? (2 punten)&lt;br /&gt;
#Een snaar van 1 meter met µ=3,14 g/m heeft een spankracht van 100N. De diameter van de snaar is 2mm. Wat is de golflengte bij de grondfrequentie? (2 punten)&lt;br /&gt;
#Een massa 2M vliegt recht omhoog, op hoogte h ontploft deze massa waarbij hij in 2 delen van massa M splitst, met energie E. 50% van deze energie gaat verloren en warmte, de rest wordt omgezet in horizontale beweging. De massa&#039;s M hun maximum hoogte is 2h. Hoever landen de 2 delen M uit elkaar? (5 punten)&lt;br /&gt;
#Je hebt een cilindrisch vat met een rechthoekige opening met breedte w, de hoogtes worden gegeven door d1 en d2 (gemeten van de bovenkant van het vat). Geef een formule voor het debiet dat in eerste instantie uit het vat stroomt. Je mag het zakken van het vloeistof niveau hierbij verwaarlozen. (Tip: aangezien je de opening niet mag verwaarlozen zal je waarschijnlijk een integraal moeten gebruiken.) (4 punten)&lt;br /&gt;
#Geef de maximum snelheid v waarmee een auto (met massa m) een bocht kan maken (straal r) zonder uit de bocht te vliegen. (1.5 punt)&lt;br /&gt;
##Indien men de bocht hellend maakt, geef een formule voor de minimum hoek die nodig is voor een v groter dan die uit vraag 1. (3.5 punten)   (Example 5.15 boek)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===25 juni 2020===&lt;br /&gt;
#als je rechts draait in een felle bocht met een auto , draait de heliumballon die in de auto is dan... &lt;br /&gt;
#*mee naar rechts tov de auto&lt;br /&gt;
#*naar links tov van de auto&lt;br /&gt;
#*de ballon verplaatst zich niet tov de auto&lt;br /&gt;
#als een sirene weg rijdt van je, hou verhouden de decibel zich tov de &#039;geluidsterkte&#039; (intensiteit)&lt;br /&gt;
#*decibel neemt kwadratisch af en geluidsterkte logaritmisch af&lt;br /&gt;
#*decibel neemt logaritmisch af en geluidsterkte neemt ook af op andere wijze&lt;br /&gt;
#*decibel neemt logaritmisch af en geluidsterkte logaritmisch af&lt;br /&gt;
#*decibel neemt kwadratisch af en geluidsterkte kwadratisch af&lt;br /&gt;
#bereken de golflengte van een gitaarsnaar die een Fspan= 100N, en de snaar is 10cm lang en 22m diameter.&lt;br /&gt;
##bereken ook voor deze snaar wat de golflengte is , moest je een octaaf hoger klinken&lt;br /&gt;
#pendulum vraag, bereken v wanneer de slinger hoogte 0 heeft en de slinger werd op hoogte h losgelaten , met beginsnelheid=0. De lengte van de slinger is l. de slinger heeft een balletje met massa m.&lt;br /&gt;
##bereken nu de arbeid die verricht is geweest door de slinger als er een wrijvingskracht op uitgeoefend werd.&lt;br /&gt;
#Venturi effect; formule afleiden via continuiteit bij fluida (BEWIJS)[http://hyperphysics.phy-astr.gsu.edu/hbase/Fluids/venturi.html]&lt;br /&gt;
##nu, toepassen op een venturi buis die water en olie bevatte op een bepaalde hoogte (zie google opzoeke, meest bekend voorbeeld); dan invullen voor die hoogte en v1 en v2 zo afleiden&lt;br /&gt;
#golfvergelijking gegeven in de vorm van psi=A* (sin(αθ) + i cos(αθ)) (met bereik = 0 tot 2π)&lt;br /&gt;
##geef de waarschijnlijke locatie van het deeltje&lt;br /&gt;
##bereken de waarde van de amplitude A&lt;br /&gt;
##moeten er bepaalde bestaansvoorwaarden voor α zijn?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===18 juni 2020===&lt;br /&gt;
#Zouden atomen stabiel kunnen zijn zonder de kwantumfysica? Leg uit. (2pt)&lt;br /&gt;
#Een persoon gaat een &amp;quot;spacewalk&amp;quot; maken maar haar kabel breekt. Het enige dat ze bij heeft is een zaklamp. Uit de lessen fysica van vroeger herinnert ze zich dat fotonen een impuls hebben, ze schijnt daarom met de zaklamp in de tegengestelde richting (dus weg van het ruimteschip) om terug aan boord te geraken. Is haar redenering correct? Is dit de beste manier om terug bij het schip te geraken? (2pt)&lt;br /&gt;
#Nog 1 ja/nee vraag met uitleg geven. (1pt)&lt;br /&gt;
#Er was een vraag dat ge met krachten enzo moest uitleggen waarom het ruimtestation in een film ronddraait. En dan moest ge nog berekenen hoeveel rondjes per minuut het station moest draaien om de zwaartekracht op aarde na te bootsen, de straal van het station was 40m. (Het was zo een ruimteschip zoals in de foto in link)[https://i.pinimg.com/originals/9a/da/f9/9adaf9a402818747c173ce744738931d.jpg] (5pt)&lt;br /&gt;
#Opstelling zoals foto (in link). h1 en de dichtheid van de olie is gegeven. Bereken (h2 ) het hoogteverschil tussen de twee wateroppervlakten. [https://drive.google.com/file/d/1Du-mrA16d1ZfSqJtfYmNcKFWH69Vjf-w/view?usp=sharing] (5pt)&lt;br /&gt;
#Opstelling zoals foto (in link). Een persoon wil trainen met gewichten. Er hangen twee gewichten van elk 30kg aan een homogene staaf van 3m lang (de massa van de staaf weet ik niet meer). De persoon wilt graag meer gewicht. Ze doet dit door eerst links en pas daarna rechts een nieuw gewicht extra bij te hangen (het gaat dus over het moment dat er enkel links een extra gewicht hangt en het systeem dus nét nog in evenwicht staat). Hoeveel mag een nieuw gewicht maximaal wegen om het systeem niet te laten kantelen? Voor de afstand van het nieuwe gewicht mag dezelfde afstand als het andere gewicht genomen worden. [https://drive.google.com/file/d/1-1SH0RiI8OQBJzpYY3leS_XEw-p_FXHo/view?usp=sharing] (5pt)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===10 juni 2020===&lt;br /&gt;
#Een deeltje met lading e dat zich in een magnetisch veld B ⃗ bevindt, er ontstaat een Lorentzkracht F ⃗ die voldoet aan F ⃗=ev ⃗×B ⃗. Met v ⃗ de snelheid van het deeltje. Als nu een deeltje door een constant magnetisch veld beweegt, dan zal de grootte van de snelheid:&lt;br /&gt;
#*Altijd afnemen&lt;br /&gt;
#*Altijd toenemen&lt;br /&gt;
#*Toenemen of afnemen afhankelijk van de hoek tussen de initiële snelheid &amp;amp; het magnetisch veld&lt;br /&gt;
#*Hetzelfde blijven&lt;br /&gt;
#Een organisatie van mensen beweert dat er nooit een mens op de maan is geweest, dat het niet mogelijk is om aan ruimtevaart te doen. Er kan nooit aan de zwaartekracht ontsnapt worden: de potentiële energie ten gevolge van de zwaartekracht is gelijk aan m.g.h, waarbij m de massa van de raket is, g de valversnelling &amp;amp; h de hoogte. Als je aan de zwaartekracht wil ontsnappen zou de hoogte naar oneindig moeten gaan, waarvoor ook oneindig veel energie voor nodig is. Waar zit de fout in hun redenering?&lt;br /&gt;
#Je staat op de zuidpool &amp;amp; richt een raket naar de noordpool, de motor is afgesteld zodat de raket op dezelfde hoogte boven het aardoppervlak naar zijn doel beweegt. Wat is het effect van de Corioliskracht?&lt;br /&gt;
#*De raket zal afwijken &amp;amp; het doel niet bereiken&lt;br /&gt;
#*De raket zal de noordpool bereiken via een spiraalvormige kromme zoals gezien door iemand op het aardoppervlak&lt;br /&gt;
#*De raket zal de noordpool bereiken via een spiraalvormige kromme zoals gezien vanuit iemand buiten de aarde die stilstaat ten opzichte van de rotatiebeweging van de aarde rond haar as&lt;br /&gt;
#*De raket zal de noordpool bereiken in een rechte lijn (langs het aardoppervlak) zoals gezien door iemand op het aardoppervlak&lt;br /&gt;
#Een hypothetisch deeltje met dezelfde lading &amp;amp; massa als een elektron, met het verschil dat het spin 2 heeft. Beschouw een atoom met atoomgetal Z. Hoeveel hypothetische deeltjes kunnen in de K-schil?&lt;br /&gt;
#Welke uitspraak is correct?&lt;br /&gt;
#*Een ‘do’ beschouwen we als grondfrequentie, alle veelvouden van die frequentie zijn ook ‘do’s’ maar in een ander octaaf&lt;br /&gt;
#*Het verschil in frequentie tussen 2 opeenvolgende noten is onafhankelijk van het octaaf&lt;br /&gt;
#*Een buik van een hogere ‘do’ komt overeen met een buik van een lagere ‘do’&lt;br /&gt;
#*Een knoop van een hogere ‘do’ komt overeen met een knoop van een lagere ‘do’&lt;br /&gt;
#Een blok met massa van 82 gram wordt horizontaal afgeschoten door een veer met constante k = 200 N/m, 15 cm in te duwen. Nadat de blok loskomt, schuift het over een horizontaal vlak met wrijvingscoëfficiënt μ = 0,27 dat 85 cm lang is. Het vlak gaat over in een wrijvingsloze helling, hoeveel cm schuift het blok terug over het vlakke deel met wrijving? Leg uit waar het blok tot stilstand komt.&lt;br /&gt;
#Een frisbee met diameter 2,3 cm met massa 102 gram. De helft van de massa is homogeen over de schijf verdeeld, de andere helft is geconcentreerd op de buitenrand van de schijf. Wat is het traagheidsmoment van de frisbee? Als je met je pols een draaibeweging geeft van een kwart-draai (over 90°) met een constant krachtmoment, hoe groot moet dat krachtmoment zijn opdat de frisbee zou draaien tegen 450 toeren per minuut?&lt;br /&gt;
#Water valt uit een kraan naar beneden op een niet turbulente constante manier. Toon aan dat de diameter van de vallende kolom water gegeven is door de formule:&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;d=d0((v0^2)/(v0^2+2gh))^(1/4)&#039;&#039;&#039; met &lt;br /&gt;
#*d0: diameter opening van de kraan&lt;br /&gt;
#*v0: snelheid van het water net buiten de kraan&lt;br /&gt;
#*h: afstand van de kraan tot waar d gemeten wordt&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 juni 2019===&lt;br /&gt;
#Een asteroïde met massa m bevindt zich op een hoogte H boven de baan van Jupiter met straal r en massa M.&lt;br /&gt;
##Bereken de potentiële gravitationele energie wanneer de asteroïde zich op hoogte H bevindt&lt;br /&gt;
##Bereken de potentiële gravitationele energie wanneer de asteroïde zich in de baan bevindt.&lt;br /&gt;
##Op hoogte H heeft de asteroïde een snelheid van 2.0 m/s. Bereken de snelheid in de baan.µ&lt;br /&gt;
#Een blokje glijdt op een cirkelbaan met straal r die vaststaat op de grond. Er is geen wrijving.&lt;br /&gt;
##Op welke hoogte valt het blokje? Tip: dit is wannneer de normaalkracht wegvalt.&lt;br /&gt;
##Wat is de snelheid op dit moment? &lt;br /&gt;
#Elektronen in een 3d-orbitaal worden vervangen door deeltjes met spin 1 en massa x-aantal keer die van het elektron. Welke kwantumgetallen zijn mogelijk en hoeveel zijn het er?&lt;br /&gt;
#Een aardbevingsgolf beweegt met snelheid 410 km/s en frequentie 0.60 hZ. &lt;br /&gt;
##Welke minimale amplitude is nodig zodat voorwerpen net van de grond komen? De aardbevingsgolf vindt 10 seconden plaats. &lt;br /&gt;
##Een tweede golf ontstaat in een punt 3OO km ten noordwesten van de eerste golf, 1.3 s na de eerste. Wanneer bereikt dit tweede punt voor het eerst haar maximale uitwijking?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 juni 2018===&lt;br /&gt;
#Afleiding equation of continuity&lt;br /&gt;
#Afleiding vergelijking van Bernouilli (+uitleggen waar deze nu precies voor staat en wat je eruit kan afleiden)&lt;br /&gt;
#Oefening over impulsmoment van elektron zie 19 juni 2014&lt;br /&gt;
#Oefening traagheidsmoment molecule H2O langs twee assen (staat in het boek)&lt;br /&gt;
#Hoe kan je de hoogte van een gebouw bepalen adhv een slinger? &lt;br /&gt;
#Oefening over twee golven met dezelfde amplitude etc waarvan de ene een dubbel zo grote golflengte heeft dan de andere en dan bepalen welke de grootste hoeveelheid energie verplaatst&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 25 juni 2015 === &lt;br /&gt;
#oefening over behoud van momentum&lt;br /&gt;
#fotoelektrisch effect en alle formules afleiden (H37)&lt;br /&gt;
#en dan de wiskundige vergelijking van de golf geven en dan de condities wanneer ze SHM was en dan periode, frequentie en golflengte daarvan afleiden&lt;br /&gt;
#2 stellingen: &#039;als er wind is zal je het geluid dan luider horen&#039; en dan nog eentje over &#039;kan een kind meegezogen worden met een snelle trein&#039;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===25 jun 2014 ===&lt;br /&gt;
Vraag 1: &lt;br /&gt;
Bij beta verval valt een atoom uiteen in een elektron en een terugslagkern, deze volgen na splitsing echter geen &#039;rechte lijn&#039; dit schaadt echter een principiële wet van de mechanica. &lt;br /&gt;
#Welke wet?&lt;br /&gt;
#Teken en leg uit &lt;br /&gt;
#Hieruit volgt dat er nog een partikel wordt uitgestoten (een neutrino) toon aan op de tekening dat dit zo is en leg uit.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Vraag 2:&lt;br /&gt;
Archimedes; afleiden van een formule en nog enkele meerkeuzevraagjes (drijft het/ drijft het niet)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Vraag 3:&lt;br /&gt;
Lorentztransformatie x=x&#039; y=y&#039; z=a(z&#039;+vt&#039;) &lt;br /&gt;
#Vind de omgekeerde formules, gebruik c, &lt;br /&gt;
#Leid a af &lt;br /&gt;
#Leid de formule van de lengtecontractie af&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Vraag 4:&lt;br /&gt;
een gietijzeren standbeeld (100kg) op een koperen plaat (60kg d=0.1 en S= 0.70 m^2) staan op een glazen helling van 30 graden &lt;br /&gt;
#Bereken de wrijving van gietijzer op koper &lt;br /&gt;
#Bereken de wrijving van koper op glas (de Mu&#039;s zijn gegeven) &lt;br /&gt;
#Bereken delta l die de wrijving veroorzaakt (de modulus G is gegeven)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===19 jun 2014 ===&lt;br /&gt;
Vraag 1:&lt;br /&gt;
#Impulsmoment van een elektron is sqrt(3/4)hbar. &lt;br /&gt;
#Verklaar met theoretische achtergrond.&lt;br /&gt;
#Bereken hoeksnelheid en snelheid van een punt op de rand (massa en straal gegeven).&lt;br /&gt;
#Oplossing is in de grootte-orde van 10^13. Bespreek.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Vraag 2:&lt;br /&gt;
#Geef het arbeid-energie theorema&lt;br /&gt;
Situatie: blok naar boven duwen zodat die boven op een helling geraakt.&lt;br /&gt;
#Teken en benoem al de krachten.&lt;br /&gt;
#Bereken de grootte van alle krachten.&lt;br /&gt;
#Bereken de arbeid geleverd door alle krachten.&lt;br /&gt;
#Bereken de beginsnelheid die nodig is om het blok boven te krijgen.&lt;br /&gt;
#Is de berekende snelheid dezelfde als de eindsnelheid die het blok zou bereiken moest het van boven losgelaten worden?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Vraag 3:&lt;br /&gt;
Situatie: platform met luidspreker beweegt naar muur toe. Persoon op het platform hoort zwevingen met een frequentie van x Hz. Uitzendfrequentie is gegeven.&lt;br /&gt;
#Wat is de frequentie van een zweving als functie van f1 en f2.&lt;br /&gt;
#Bereken de frequentie gehoord aan de muur.&lt;br /&gt;
#Bereken de frequentie gehoord door de persoon op het platform nadat die teruggekaatst is door de muur.&lt;br /&gt;
#Bereken de snelheid van het platform.&lt;br /&gt;
 &lt;br /&gt;
Vraag 4:&lt;br /&gt;
#Verklaar dat de beweging van een zuiger op een wiel ongeveer eenvoudig harmonisch is.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 jun 2012 (namiddag)===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# leg het gedachte-experiment van lorent-einstein uit&lt;br /&gt;
# andere 3 kleine theorie vragen worden nog gepost&lt;br /&gt;
Oef:&lt;br /&gt;
# bepaal de wrijvingscoefficient van een een gelijkbenige 3hoek met de grond, deze houdt het water tegen langs 1 kant (net zoals in oefenzitting met die trapezium)&lt;br /&gt;
# beeld op een koper plaat, op een glazen 3hoek&lt;br /&gt;
#* wrijvingskracht beeld met plaat&lt;br /&gt;
#* wrijvingskracht plaat met 3hoek&lt;br /&gt;
#* vervorming van plaat door de krachten, uw x bepalen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 jun 2012 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Gedwongen oscillatie: bewegingsvgl afleiden, energie en energieoverdracht bespreken en formules afleiden, uitleggen wat energieresonantie is.&lt;br /&gt;
# Een slinger bestaat uit een staaf met masse m en lengte l. We hangen er een klein bolletje met massa 2m aan. Hoe verandert de periode?&lt;br /&gt;
# Bespreek hoe geluid getransporteerd wordt in een &#039;telefoon&#039; bestaande uit 2 bekers met een gespannen draad ertussen.&lt;br /&gt;
# Je zit in een treinwagon zonder ramen die volledig geluidsloos is. Is er een fysisch experiment om te weten dat je rijdt?&lt;br /&gt;
Oef:&lt;br /&gt;
# Een ader is vernauwd: bespreek of de snelheid van het bloed stijgt of daalt. De snelheid van het bloed wordt gemeten door ultrasone golven in te late nvallen op de bloedcellen onder een hoek van 45 graden. Bereken de bloedsnelheid uit de beatfrequentie, de geluidssnelheid en de frequentie van de uitgezonden golven.&lt;br /&gt;
# Een wasbak wordt overgeheveld in een emmer: bereken de uitstroomsnelheid, de tijd nodig om de wasbak leeg te laten lopen en leg uit of de uitstroomsnelheid constant blijft.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 21 juni 2011 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#golf in een gaskolom tekenen + gegevens aanduiden om geluidssnelheid te berekenen in die kolom en die dan ook afleiden.&lt;br /&gt;
#E=mc² afleiden uit relatieve massa en versnellingsarbeid op die massa.&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
#Golven&lt;br /&gt;
#hydronamica&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 16 juni 2011===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#bespreek de ionische binding van diatomische moleculen.&lt;br /&gt;
#bespreek de hydrodynamische kracht en de invloed van de zwaartekracht hierop.&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
#gedempte trilling: geef de bewegingsvergelijking en schets de grafiek&lt;br /&gt;
#Aan een massa met verwaarloosbaar volume worden heliumballonen gehangen. Hoeveem ballonen zijn er nodig om de massa van de grond te laten komen?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 22 juni 2010 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Geef bewegingsvgl van gedwongen oscillatie en bespreek energieresonantie en energieoverdracht.&lt;br /&gt;
# Bespreek de hydrodynamische kracht en de invloed van de zwaartekracht hierop.&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# Staaf die breekt bij bepaalde spanning. Geef lengte staaf (massadichtheid, hoeksnelheid en breekspanning gegeven)&lt;br /&gt;
# Blok uit mengsel goud en ijzer. Bereken verhouding ijzer/goud. (massadichtheden, gewicht en ? gegeven)&lt;br /&gt;
=== 21 juni 2010 ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
# Bespreek diatomische ionische binding&lt;br /&gt;
# Leid via de tekening Lorentz-Einstein transformatieformumes voor plaats en tijd af. Leid vervolgens de snelheid af&lt;br /&gt;
=== 11 juni 2010 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Bespreek de energie en krachten bij een torsieveer. Beweging van een torsieslinger bespreken.&lt;br /&gt;
# Kwantumfysica: geef de postulaten van Bohr en leidt hieruit de baanstraal en de energieën af.&lt;br /&gt;
Oefeningen: &lt;br /&gt;
# Dopplereffect gebruikt om de snelheid van het hart van een foetus te meten.&lt;br /&gt;
# Hydrostatica: Een vlot heeft een bep diepte in het water, dieper wanneer er een gewicht op wordt geplaatst; hoeveel is de massa.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 12 juni 2009 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Bewegingsvergelijking opstellen van een gedwongen harmonische trilling. Bespreek ook energieptransport en energieresonantie.&lt;br /&gt;
# Bespreek de invloed van de zwaartekracht op fluïda. Bereken ook de grootte van de opwaartse stuwkracht dat een ondergedompeld voorwerp ondervindt.&lt;br /&gt;
Oefeningen: &lt;br /&gt;
# Golven: iets met een stemvork op het einde van een halfopen buis, verstelbaar in lengte.&lt;br /&gt;
# Hydrodynamica: iets met een fontein op een heuvel, het water werd aangepompt met een buis (laminaire stroming).&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 11 juni 2009 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Energie en energietransport in een mechanische harmonische golf.&lt;br /&gt;
# Golfgedrag van materiedeeltjes bespreken en daar onzekerheidrelatie van impuls op toepassen + tunneleffect verklaren.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 11 juni 2009 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Bewijzen dat een coulomkrachtveld een conservatief krachtveld is en daaruit de potentiele energie bepalen + Bereken(klassiek) de energie van atomaire elektronen.&lt;br /&gt;
# Bespreek het Doppler effect.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 17 jun 2008 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Gedwongen harmonische oscillatie. Leid af en bespreek. Energie en energieresonantie.&lt;br /&gt;
# Hydrodynamische krachten bespreken. Val beweging in fluïdum bespreken.&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# Berekenen van lengte van een staaf die draait. Waarvan brekingsconstante, hoeksnelheid en dichtheid gegeven is.&lt;br /&gt;
# Volledig ondergedomdeld object met gewicht 15N ondergaat opwaartse kracht van 1N. Object bestaat uit goud en ijzer. Rho ijzer en goud gegeven, bereken totaal volume object en massa goud en ijzer in het object.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 17 jun 2008 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Longitudinale golven in een staaf: analyseer, en bepaal de golfsnelheid.&lt;br /&gt;
# Bij onderdompeling ontstaat er een opwaartse kracht, leg uit en interpreteer.&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# Iets met stok aan een veer waarvan enkel de k en de m gegeven zijn: bereken de frequentie.&lt;br /&gt;
# Letterlijke toepassing venturimeter.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 16 jun 2008 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Laminaire stroming en afleiden van volume gradient.&lt;br /&gt;
# Wiskundige voorstelling van golven, uitleggen i.v.m. harmonische golven.&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# ?&lt;br /&gt;
# ?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 16 jun 2008 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# De interatomaire krachten van een diatomische ionische binding: welke eigenschap heeft deze?&lt;br /&gt;
# Het gedachten-experiment van de transformatieformules.&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# ?&lt;br /&gt;
# ?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 22 jun 2006 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Leidt af: energie en E-transport in mechanische harmonische golf.&lt;br /&gt;
# Water:&lt;br /&gt;
#* Leidt de zwaartekrachtinvloed op hydrostatische druk af.&lt;br /&gt;
#* Bereken en interpreteer de archimedeskracht.&lt;br /&gt;
Denkvragen:&lt;br /&gt;
# Je kan met een rietje door uw helm drinken op de maan, gaat dat moeilijker/makkelijker/even makkelijk als op aarde?&lt;br /&gt;
# Heliumballonnen, je blaast ertussen, gaan ze naar elkaar toe/van elkaar weg?&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# Satelliet, je hebt de korte straal en de snelheid daar (8000km en 9km/s), bereken den hoek tss de v-vector als r=20000km.&lt;br /&gt;
# Twee boxen op 2m van elkaar, beide 880Hz in fase.&lt;br /&gt;
#* Als ge van A naar B gaat, op welke plaatse hebt ge dan destructieve en constructieve interferentie?&lt;br /&gt;
#* Onder een bepaalde frequentie zal der buite den as A-B geen destructieve interferentie meer zijn, wat is die drempelwaarde?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 14 jun 2006 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Kwantum:&lt;br /&gt;
#* Bespreek golfeigenschappen van materie, en verband onbepaaldheidsrelatie x en p.&lt;br /&gt;
#* Tunneleffect&lt;br /&gt;
# Stroming:&lt;br /&gt;
#* Laminaire stroming in buis: NIET bewijzen, maar van de snelheidsprofiel het volumedebiet bespreken en drukverloop..&lt;br /&gt;
#* Niet mechanische, mechanische, energie, verlies,...&lt;br /&gt;
Denkvragen:&lt;br /&gt;
# Ruimteschip brengt blok ijzer naar andere planeet met veel grotere atmosfeerdruk. Wat geef relatie tss drukverschil en vervorming?&lt;br /&gt;
#* Elasticiteitsmodulus&lt;br /&gt;
#* Afschuifmodulus&lt;br /&gt;
#* Compressiemodulus&lt;br /&gt;
#* Drukmodulus&lt;br /&gt;
# 2 He balonnen op 1 à 2 cm van elkaar, zijn aan een tafel vastgemaakt met koorden. Je blaast erdoor, wat gebeurt er met de balonnen?&lt;br /&gt;
#* Ze gaan naar elkaar toe.&lt;br /&gt;
#* Ze gaan van elkaar weg.&lt;br /&gt;
#* Niets.&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# Blokje ijzer tussen twee lagen, vanboven water, vanonder kwik, blokje = cubus 10cm, hoe hoog is gedeelte da uitsteekt boven hg? (ro FE = 7.7 kg/dm³).&lt;br /&gt;
# Twee geluidsbronnen, f=880hz, v=340m/s, A (x=0, y=0) , B( x = 0, y=2)&lt;br /&gt;
#* Waar is constructieve interferentie?&lt;br /&gt;
#* Waar is destructieve interferentie?&lt;br /&gt;
#* Wat is de drempelfrequentie opdat er geen of wel destructieve interferentie zou optreden?&lt;br /&gt;
=== 15 jun 2012 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Vergelijking Klassiek en Quantummodel van di-atomische moleculen:&lt;br /&gt;
#* Rotatie- en vibratie-energie klassiek diatomisch molecule geven.&lt;br /&gt;
#* Laagste energie van een kwantumharmonische oscillator geven.&lt;br /&gt;
#* Verschillen tussen klassiek en quantummechanisch model (3 geven).&lt;br /&gt;
#* Energieniveaus nader uitleggen.&lt;br /&gt;
#* De eigenschappen van moleculen geven die via opmeting van deze energieën gevonden kunnen worden.&lt;br /&gt;
Denkvragen:&lt;br /&gt;
# veer met massa t.o.v. massaloze veer, het verschil T en f inschatten.&lt;br /&gt;
# Trilt een harmonische golf met dezelfde frequentie als de bron? ja/nee + waarom.&lt;br /&gt;
# bewijs dat de snelheid van het geluid nauwelijks afhangt van de frequentie&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
#a) Standbeeld op een koperen sokkel op een glazen helling.&lt;br /&gt;
*Gegeven: M(standbeeld), M(blok), statische wrijvingscoëfficient tussen zowel standbeeld-sokkel als sokkel-helling en de afschuifconstante G van de sokkel&lt;br /&gt;
*Bereken: 1) De maximale hoek theta van de helling zodat het ding niet in duigen valt&lt;br /&gt;
*2) Met de hiervoor berekende hoek de wrijvingskracht tussen het standbeeld en het blok vinden&lt;br /&gt;
*3) De verschoven afstand van het bovenvlak t.o.v. het ondervlak&lt;br /&gt;
# Gegeven een kraan die loopt, de diameter van de straal neemt naar onderen van de kraan weg;&lt;br /&gt;
*met aanname dat de beginsnelheid v0 is een theoretische formule opstellen die het vernauwen van de straal beschrijft (diameter = f(y-coordinaat), assenstelsel zelf in te voeren)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen september==&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 30 aug 2010 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Rotatie rond vaste as: Rotationele arbeid, kinetische rotatie energie.&lt;br /&gt;
# Oppspanning en Ep energie linken mbv potentiële energie curves, capillariteitsdruk in bel uitleggen.&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# Kinematica &amp;amp;amp; Newton-mechanica&lt;br /&gt;
# Golven.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 23 aug 2008 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Zuiver rolbeweging: kinematica en dynamica mbv van n voorbeeld naar keuze.&lt;br /&gt;
# Ppp. pot. energie, cohesiedruk, opp.spanning en capilariteit uitleggen.&lt;br /&gt;
Oefeningen: &lt;br /&gt;
# Statica. &lt;br /&gt;
# Golven.&lt;/div&gt;</summary>
		<author><name>R0998693</name></author>
	</entry>
	<entry>
		<id>https://wiki.chemika.be/index.php?title=Algemene_Natuurkunde_I&amp;diff=4062</id>
		<title>Algemene Natuurkunde I</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.chemika.be/index.php?title=Algemene_Natuurkunde_I&amp;diff=4062"/>
		<updated>2024-06-15T12:53:09Z</updated>

		<summary type="html">&lt;p&gt;R0998693: /* 14 juni 2024 (9 studiepunten) */&lt;/p&gt;
&lt;hr /&gt;
&lt;div&gt;[[Categorie:Bachelor Chemie]]&lt;br /&gt;
[[Categorie:Bachelor Biochemie]]&lt;br /&gt;
==Vakinformatie==&lt;br /&gt;
Fysica van eerste jaar biochemie en chemie. Vroeger een jaarvak met deelexamen in januari, vanaf 2018-2019: jaarvak met alleen in juni examen, voor dit examen krijg je 3 uur de tijd. Beide examens zijn volledig schriftelijk. Werd Gedoceerd door Roger Silverans. De docent voor dit vak sinds 2012 is Antoine(Toine) van Proeyen. Sinds 2018-2019 wordt het gedoceerd door Enrico Carlon (eerste semester) en Thomas Van Riet (tweede semester). Er zijn 2 delen van het examen (theorie &amp;amp; oefeningen). Het theorie deel zijn multiple choice vragen waarbij je al dan niet een uitleg moet bij geven (giscorrectie) elke vraag op 1 punt. Het oefeningen deel zijn 4 oefeningen elk op 5 punten.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;(mening en info academiejaar 2022-2023) Vak werd gegeven door Boksenbojm Eliran (semester 1) en Van Riet Thomas (semester 2).&#039;&#039;&lt;br /&gt;
* aanpak vak&lt;br /&gt;
** TTT&#039;s goed voorbereiden! Bespaard veel tijd en stress in de blok, als je hier steeds door was is het niet noodzakelijk om hier veel tijd in te steken in de blok, wij hadden tussen de examens hier 3 dagen voor en ik vond dit voldoende&lt;br /&gt;
** Prof zegt zelf dat hij het niet belangrijk vind dat je naar de les komt, maar raadt de oefenzittingen wel aan&lt;br /&gt;
* Kwaliteit cursus&lt;br /&gt;
** Prof vindt Giancoli zelf niet goed, maar hier staan al de oefeningen in, dus wel nodig om te kopen (heb je in het 2e jaar ook nog nodig)&lt;br /&gt;
** Slides heb ik zelf nooit bekeken&lt;br /&gt;
** Er is een pdf van oplossingen&lt;br /&gt;
* Examen- en TTT-vragen&lt;br /&gt;
** Nooit heel complex, zou maximum één pagina mogen innemen&lt;br /&gt;
** Ik vond de meeste makkellijker dan Giancoli&lt;br /&gt;
** Theorie leren is vrij overbodig, staat op amper punten en sommige lukken wel met logisch nadenken, enkele komen vaak terug (zweven astronaut, iets met een snaar,...)&lt;br /&gt;
** TTT&#039;s tellen niet meer mee in augustus, dus geen paniek als deze geen succes waren&lt;br /&gt;
** Belangrijk om elk klein ding op te schrijven, soms leveren domme dingen al een half punt op&lt;br /&gt;
** Steeds een duidelijke tekening maken met assenstelsel!&lt;br /&gt;
* Practica&lt;br /&gt;
** Voorbereiding maakt echt niets uit&lt;br /&gt;
** Alles wat je niet snapt vragen aan de assistent en je bent hier wel door&lt;br /&gt;
[[Categorie:Bachelor Chemie]]&lt;br /&gt;
[[Categorie:Bachelor Biochemie]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen juni==&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 juni 2024 (9 studiepunten)===&lt;br /&gt;
#Leid de formule af voor het dopplereffect voor een bewegende waarnemer en een tegelijk bewegende bron obv de afleiding van de formule van een bewegende bron en ook de afleiding van een bewegende waarnemer (zie H16 cursus) (6pnt)&lt;br /&gt;
#Waarom ervaren we de effecten van kwantummechanica niet in het dagelijkse leven? (1pnt)&lt;br /&gt;
#Waarom ervaren we de effecten van de speciale relativiteitstheorie niet in het dagelijkse leven? (1pnt)&lt;br /&gt;
#Er wordt een kogel geschoten met een bepaalde v0, deze kogel komt terecht in een houten kubus, waarbij er een rotatie zijde aanwezig was.Rond deze zijde/as kon de kubus dus roteren. a) Bepaal het traagheidsmoment van de kubus rond deze roteeras b) Welke hoeksnelheid krijgt de kubus (met kogel) na de botsing?  c) Wat is de minimale hoeksnelheid die nodig is om de kubus (met kogel) te doen omdraaien? d) Wat is de minimale v0 om de kogel en de kubus te doen omdraaien? (6 pnt)&lt;br /&gt;
#Oefening met katrol gegeven, waarbij je de katrol zijn massa mag verwaarlozen. De katrol hield 2 massa&#039;s vast op een helling, massa 1 zat schuin op de helling met een hoek θ en massa 2 hing aan de zijkant van de helling met eronder een veer. Massa 1 werd over een lengte naar achter getrokken en losgelaten. a) Bereken de wrijvingskracht van massa 1 nadat je het naar achteren trekt en loslaat, dus tijdens de beweging. b) Bereken de snelheden van massa 1 en massa 2 tijdens de beweging.  c) Bereken de verhouding van massa 1 en massa 2 in rust (zonder wrijvingskracht). d) Wat is de hoekfrequentie met betrekking tot k,θ en massa 1 (zonder wrijvingskracht). (6 pnt)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 juni 2023===&lt;br /&gt;
#Verklaar waarom astronauten gewichtloosheid ervaren. (2 punten)&lt;br /&gt;
#Een persoon springt spontaan de lucht in, worden impuls en energie behouden? (2 punten)&lt;br /&gt;
#Een snaar van 1 meter heeft een spankracht van 100N. De diameter van de snaar is 2mm. Wat is de golflengte bij de grondfrequentie? (2 punten)&lt;br /&gt;
#Vraag over fluïda, iets van een cillinder met 2 lagen onsamendrukbare vloeistof in.&lt;br /&gt;
#Vraag over een slinger&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17 juni 2022===&lt;br /&gt;
#Verklaar waarom astronauten gewichtloosheid ervaren. (2 punten)&lt;br /&gt;
#Een persoon springt spontaan de lucht in, worden impuls en energie behouden? (2 punten)&lt;br /&gt;
#Een snaar van 1 meter met µ=3,14 g/m heeft een spankracht van 100N. De diameter van de snaar is 2mm. Wat is de golflengte bij de grondfrequentie? (2 punten)&lt;br /&gt;
#Een massa 2M vliegt recht omhoog, op hoogte h ontploft deze massa waarbij hij in 2 delen van massa M splitst, met energie E. 50% van deze energie gaat verloren en warmte, de rest wordt omgezet in horizontale beweging. De massa&#039;s M hun maximum hoogte is 2h. Hoever landen de 2 delen M uit elkaar? (5 punten)&lt;br /&gt;
#Je hebt een cilindrisch vat met een rechthoekige opening met breedte w, de hoogtes worden gegeven door d1 en d2 (gemeten van de bovenkant van het vat). Geef een formule voor het debiet dat in eerste instantie uit het vat stroomt. Je mag het zakken van het vloeistof niveau hierbij verwaarlozen. (Tip: aangezien je de opening niet mag verwaarlozen zal je waarschijnlijk een integraal moeten gebruiken.) (4 punten)&lt;br /&gt;
#Geef de maximum snelheid v waarmee een auto (met massa m) een bocht kan maken (straal r) zonder uit de bocht te vliegen. (1.5 punt)&lt;br /&gt;
##Indien men de bocht hellend maakt, geef een formule voor de minimum hoek die nodig is voor een v groter dan die uit vraag 1. (3.5 punten)   (Example 5.15 boek)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===25 juni 2020===&lt;br /&gt;
#als je rechts draait in een felle bocht met een auto , draait de heliumballon die in de auto is dan... &lt;br /&gt;
#*mee naar rechts tov de auto&lt;br /&gt;
#*naar links tov van de auto&lt;br /&gt;
#*de ballon verplaatst zich niet tov de auto&lt;br /&gt;
#als een sirene weg rijdt van je, hou verhouden de decibel zich tov de &#039;geluidsterkte&#039; (intensiteit)&lt;br /&gt;
#*decibel neemt kwadratisch af en geluidsterkte logaritmisch af&lt;br /&gt;
#*decibel neemt logaritmisch af en geluidsterkte neemt ook af op andere wijze&lt;br /&gt;
#*decibel neemt logaritmisch af en geluidsterkte logaritmisch af&lt;br /&gt;
#*decibel neemt kwadratisch af en geluidsterkte kwadratisch af&lt;br /&gt;
#bereken de golflengte van een gitaarsnaar die een Fspan= 100N, en de snaar is 10cm lang en 22m diameter.&lt;br /&gt;
##bereken ook voor deze snaar wat de golflengte is , moest je een octaaf hoger klinken&lt;br /&gt;
#pendulum vraag, bereken v wanneer de slinger hoogte 0 heeft en de slinger werd op hoogte h losgelaten , met beginsnelheid=0. De lengte van de slinger is l. de slinger heeft een balletje met massa m.&lt;br /&gt;
##bereken nu de arbeid die verricht is geweest door de slinger als er een wrijvingskracht op uitgeoefend werd.&lt;br /&gt;
#Venturi effect; formule afleiden via continuiteit bij fluida (BEWIJS)[http://hyperphysics.phy-astr.gsu.edu/hbase/Fluids/venturi.html]&lt;br /&gt;
##nu, toepassen op een venturi buis die water en olie bevatte op een bepaalde hoogte (zie google opzoeke, meest bekend voorbeeld); dan invullen voor die hoogte en v1 en v2 zo afleiden&lt;br /&gt;
#golfvergelijking gegeven in de vorm van psi=A* (sin(αθ) + i cos(αθ)) (met bereik = 0 tot 2π)&lt;br /&gt;
##geef de waarschijnlijke locatie van het deeltje&lt;br /&gt;
##bereken de waarde van de amplitude A&lt;br /&gt;
##moeten er bepaalde bestaansvoorwaarden voor α zijn?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===18 juni 2020===&lt;br /&gt;
#Zouden atomen stabiel kunnen zijn zonder de kwantumfysica? Leg uit. (2pt)&lt;br /&gt;
#Een persoon gaat een &amp;quot;spacewalk&amp;quot; maken maar haar kabel breekt. Het enige dat ze bij heeft is een zaklamp. Uit de lessen fysica van vroeger herinnert ze zich dat fotonen een impuls hebben, ze schijnt daarom met de zaklamp in de tegengestelde richting (dus weg van het ruimteschip) om terug aan boord te geraken. Is haar redenering correct? Is dit de beste manier om terug bij het schip te geraken? (2pt)&lt;br /&gt;
#Nog 1 ja/nee vraag met uitleg geven. (1pt)&lt;br /&gt;
#Er was een vraag dat ge met krachten enzo moest uitleggen waarom het ruimtestation in een film ronddraait. En dan moest ge nog berekenen hoeveel rondjes per minuut het station moest draaien om de zwaartekracht op aarde na te bootsen, de straal van het station was 40m. (Het was zo een ruimteschip zoals in de foto in link)[https://i.pinimg.com/originals/9a/da/f9/9adaf9a402818747c173ce744738931d.jpg] (5pt)&lt;br /&gt;
#Opstelling zoals foto (in link). h1 en de dichtheid van de olie is gegeven. Bereken (h2 ) het hoogteverschil tussen de twee wateroppervlakten. [https://drive.google.com/file/d/1Du-mrA16d1ZfSqJtfYmNcKFWH69Vjf-w/view?usp=sharing] (5pt)&lt;br /&gt;
#Opstelling zoals foto (in link). Een persoon wil trainen met gewichten. Er hangen twee gewichten van elk 30kg aan een homogene staaf van 3m lang (de massa van de staaf weet ik niet meer). De persoon wilt graag meer gewicht. Ze doet dit door eerst links en pas daarna rechts een nieuw gewicht extra bij te hangen (het gaat dus over het moment dat er enkel links een extra gewicht hangt en het systeem dus nét nog in evenwicht staat). Hoeveel mag een nieuw gewicht maximaal wegen om het systeem niet te laten kantelen? Voor de afstand van het nieuwe gewicht mag dezelfde afstand als het andere gewicht genomen worden. [https://drive.google.com/file/d/1-1SH0RiI8OQBJzpYY3leS_XEw-p_FXHo/view?usp=sharing] (5pt)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===10 juni 2020===&lt;br /&gt;
#Een deeltje met lading e dat zich in een magnetisch veld B ⃗ bevindt, er ontstaat een Lorentzkracht F ⃗ die voldoet aan F ⃗=ev ⃗×B ⃗. Met v ⃗ de snelheid van het deeltje. Als nu een deeltje door een constant magnetisch veld beweegt, dan zal de grootte van de snelheid:&lt;br /&gt;
#*Altijd afnemen&lt;br /&gt;
#*Altijd toenemen&lt;br /&gt;
#*Toenemen of afnemen afhankelijk van de hoek tussen de initiële snelheid &amp;amp; het magnetisch veld&lt;br /&gt;
#*Hetzelfde blijven&lt;br /&gt;
#Een organisatie van mensen beweert dat er nooit een mens op de maan is geweest, dat het niet mogelijk is om aan ruimtevaart te doen. Er kan nooit aan de zwaartekracht ontsnapt worden: de potentiële energie ten gevolge van de zwaartekracht is gelijk aan m.g.h, waarbij m de massa van de raket is, g de valversnelling &amp;amp; h de hoogte. Als je aan de zwaartekracht wil ontsnappen zou de hoogte naar oneindig moeten gaan, waarvoor ook oneindig veel energie voor nodig is. Waar zit de fout in hun redenering?&lt;br /&gt;
#Je staat op de zuidpool &amp;amp; richt een raket naar de noordpool, de motor is afgesteld zodat de raket op dezelfde hoogte boven het aardoppervlak naar zijn doel beweegt. Wat is het effect van de Corioliskracht?&lt;br /&gt;
#*De raket zal afwijken &amp;amp; het doel niet bereiken&lt;br /&gt;
#*De raket zal de noordpool bereiken via een spiraalvormige kromme zoals gezien door iemand op het aardoppervlak&lt;br /&gt;
#*De raket zal de noordpool bereiken via een spiraalvormige kromme zoals gezien vanuit iemand buiten de aarde die stilstaat ten opzichte van de rotatiebeweging van de aarde rond haar as&lt;br /&gt;
#*De raket zal de noordpool bereiken in een rechte lijn (langs het aardoppervlak) zoals gezien door iemand op het aardoppervlak&lt;br /&gt;
#Een hypothetisch deeltje met dezelfde lading &amp;amp; massa als een elektron, met het verschil dat het spin 2 heeft. Beschouw een atoom met atoomgetal Z. Hoeveel hypothetische deeltjes kunnen in de K-schil?&lt;br /&gt;
#Welke uitspraak is correct?&lt;br /&gt;
#*Een ‘do’ beschouwen we als grondfrequentie, alle veelvouden van die frequentie zijn ook ‘do’s’ maar in een ander octaaf&lt;br /&gt;
#*Het verschil in frequentie tussen 2 opeenvolgende noten is onafhankelijk van het octaaf&lt;br /&gt;
#*Een buik van een hogere ‘do’ komt overeen met een buik van een lagere ‘do’&lt;br /&gt;
#*Een knoop van een hogere ‘do’ komt overeen met een knoop van een lagere ‘do’&lt;br /&gt;
#Een blok met massa van 82 gram wordt horizontaal afgeschoten door een veer met constante k = 200 N/m, 15 cm in te duwen. Nadat de blok loskomt, schuift het over een horizontaal vlak met wrijvingscoëfficiënt μ = 0,27 dat 85 cm lang is. Het vlak gaat over in een wrijvingsloze helling, hoeveel cm schuift het blok terug over het vlakke deel met wrijving? Leg uit waar het blok tot stilstand komt.&lt;br /&gt;
#Een frisbee met diameter 2,3 cm met massa 102 gram. De helft van de massa is homogeen over de schijf verdeeld, de andere helft is geconcentreerd op de buitenrand van de schijf. Wat is het traagheidsmoment van de frisbee? Als je met je pols een draaibeweging geeft van een kwart-draai (over 90°) met een constant krachtmoment, hoe groot moet dat krachtmoment zijn opdat de frisbee zou draaien tegen 450 toeren per minuut?&lt;br /&gt;
#Water valt uit een kraan naar beneden op een niet turbulente constante manier. Toon aan dat de diameter van de vallende kolom water gegeven is door de formule:&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;d=d0((v0^2)/(v0^2+2gh))^(1/4)&#039;&#039;&#039; met &lt;br /&gt;
#*d0: diameter opening van de kraan&lt;br /&gt;
#*v0: snelheid van het water net buiten de kraan&lt;br /&gt;
#*h: afstand van de kraan tot waar d gemeten wordt&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 juni 2019===&lt;br /&gt;
#Een asteroïde met massa m bevindt zich op een hoogte H boven de baan van Jupiter met straal r en massa M.&lt;br /&gt;
##Bereken de potentiële gravitationele energie wanneer de asteroïde zich op hoogte H bevindt&lt;br /&gt;
##Bereken de potentiële gravitationele energie wanneer de asteroïde zich in de baan bevindt.&lt;br /&gt;
##Op hoogte H heeft de asteroïde een snelheid van 2.0 m/s. Bereken de snelheid in de baan.µ&lt;br /&gt;
#Een blokje glijdt op een cirkelbaan met straal r die vaststaat op de grond. Er is geen wrijving.&lt;br /&gt;
##Op welke hoogte valt het blokje? Tip: dit is wannneer de normaalkracht wegvalt.&lt;br /&gt;
##Wat is de snelheid op dit moment? &lt;br /&gt;
#Elektronen in een 3d-orbitaal worden vervangen door deeltjes met spin 1 en massa x-aantal keer die van het elektron. Welke kwantumgetallen zijn mogelijk en hoeveel zijn het er?&lt;br /&gt;
#Een aardbevingsgolf beweegt met snelheid 410 km/s en frequentie 0.60 hZ. &lt;br /&gt;
##Welke minimale amplitude is nodig zodat voorwerpen net van de grond komen? De aardbevingsgolf vindt 10 seconden plaats. &lt;br /&gt;
##Een tweede golf ontstaat in een punt 3OO km ten noordwesten van de eerste golf, 1.3 s na de eerste. Wanneer bereikt dit tweede punt voor het eerst haar maximale uitwijking?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 juni 2018===&lt;br /&gt;
#Afleiding equation of continuity&lt;br /&gt;
#Afleiding vergelijking van Bernouilli (+uitleggen waar deze nu precies voor staat en wat je eruit kan afleiden)&lt;br /&gt;
#Oefening over impulsmoment van elektron zie 19 juni 2014&lt;br /&gt;
#Oefening traagheidsmoment molecule H2O langs twee assen (staat in het boek)&lt;br /&gt;
#Hoe kan je de hoogte van een gebouw bepalen adhv een slinger? &lt;br /&gt;
#Oefening over twee golven met dezelfde amplitude etc waarvan de ene een dubbel zo grote golflengte heeft dan de andere en dan bepalen welke de grootste hoeveelheid energie verplaatst&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 25 juni 2015 === &lt;br /&gt;
#oefening over behoud van momentum&lt;br /&gt;
#fotoelektrisch effect en alle formules afleiden (H37)&lt;br /&gt;
#en dan de wiskundige vergelijking van de golf geven en dan de condities wanneer ze SHM was en dan periode, frequentie en golflengte daarvan afleiden&lt;br /&gt;
#2 stellingen: &#039;als er wind is zal je het geluid dan luider horen&#039; en dan nog eentje over &#039;kan een kind meegezogen worden met een snelle trein&#039;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===25 jun 2014 ===&lt;br /&gt;
Vraag 1: &lt;br /&gt;
Bij beta verval valt een atoom uiteen in een elektron en een terugslagkern, deze volgen na splitsing echter geen &#039;rechte lijn&#039; dit schaadt echter een principiële wet van de mechanica. &lt;br /&gt;
#Welke wet?&lt;br /&gt;
#Teken en leg uit &lt;br /&gt;
#Hieruit volgt dat er nog een partikel wordt uitgestoten (een neutrino) toon aan op de tekening dat dit zo is en leg uit.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Vraag 2:&lt;br /&gt;
Archimedes; afleiden van een formule en nog enkele meerkeuzevraagjes (drijft het/ drijft het niet)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Vraag 3:&lt;br /&gt;
Lorentztransformatie x=x&#039; y=y&#039; z=a(z&#039;+vt&#039;) &lt;br /&gt;
#Vind de omgekeerde formules, gebruik c, &lt;br /&gt;
#Leid a af &lt;br /&gt;
#Leid de formule van de lengtecontractie af&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Vraag 4:&lt;br /&gt;
een gietijzeren standbeeld (100kg) op een koperen plaat (60kg d=0.1 en S= 0.70 m^2) staan op een glazen helling van 30 graden &lt;br /&gt;
#Bereken de wrijving van gietijzer op koper &lt;br /&gt;
#Bereken de wrijving van koper op glas (de Mu&#039;s zijn gegeven) &lt;br /&gt;
#Bereken delta l die de wrijving veroorzaakt (de modulus G is gegeven)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===19 jun 2014 ===&lt;br /&gt;
Vraag 1:&lt;br /&gt;
#Impulsmoment van een elektron is sqrt(3/4)hbar. &lt;br /&gt;
#Verklaar met theoretische achtergrond.&lt;br /&gt;
#Bereken hoeksnelheid en snelheid van een punt op de rand (massa en straal gegeven).&lt;br /&gt;
#Oplossing is in de grootte-orde van 10^13. Bespreek.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Vraag 2:&lt;br /&gt;
#Geef het arbeid-energie theorema&lt;br /&gt;
Situatie: blok naar boven duwen zodat die boven op een helling geraakt.&lt;br /&gt;
#Teken en benoem al de krachten.&lt;br /&gt;
#Bereken de grootte van alle krachten.&lt;br /&gt;
#Bereken de arbeid geleverd door alle krachten.&lt;br /&gt;
#Bereken de beginsnelheid die nodig is om het blok boven te krijgen.&lt;br /&gt;
#Is de berekende snelheid dezelfde als de eindsnelheid die het blok zou bereiken moest het van boven losgelaten worden?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Vraag 3:&lt;br /&gt;
Situatie: platform met luidspreker beweegt naar muur toe. Persoon op het platform hoort zwevingen met een frequentie van x Hz. Uitzendfrequentie is gegeven.&lt;br /&gt;
#Wat is de frequentie van een zweving als functie van f1 en f2.&lt;br /&gt;
#Bereken de frequentie gehoord aan de muur.&lt;br /&gt;
#Bereken de frequentie gehoord door de persoon op het platform nadat die teruggekaatst is door de muur.&lt;br /&gt;
#Bereken de snelheid van het platform.&lt;br /&gt;
 &lt;br /&gt;
Vraag 4:&lt;br /&gt;
#Verklaar dat de beweging van een zuiger op een wiel ongeveer eenvoudig harmonisch is.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 jun 2012 (namiddag)===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# leg het gedachte-experiment van lorent-einstein uit&lt;br /&gt;
# andere 3 kleine theorie vragen worden nog gepost&lt;br /&gt;
Oef:&lt;br /&gt;
# bepaal de wrijvingscoefficient van een een gelijkbenige 3hoek met de grond, deze houdt het water tegen langs 1 kant (net zoals in oefenzitting met die trapezium)&lt;br /&gt;
# beeld op een koper plaat, op een glazen 3hoek&lt;br /&gt;
#* wrijvingskracht beeld met plaat&lt;br /&gt;
#* wrijvingskracht plaat met 3hoek&lt;br /&gt;
#* vervorming van plaat door de krachten, uw x bepalen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 jun 2012 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Gedwongen oscillatie: bewegingsvgl afleiden, energie en energieoverdracht bespreken en formules afleiden, uitleggen wat energieresonantie is.&lt;br /&gt;
# Een slinger bestaat uit een staaf met masse m en lengte l. We hangen er een klein bolletje met massa 2m aan. Hoe verandert de periode?&lt;br /&gt;
# Bespreek hoe geluid getransporteerd wordt in een &#039;telefoon&#039; bestaande uit 2 bekers met een gespannen draad ertussen.&lt;br /&gt;
# Je zit in een treinwagon zonder ramen die volledig geluidsloos is. Is er een fysisch experiment om te weten dat je rijdt?&lt;br /&gt;
Oef:&lt;br /&gt;
# Een ader is vernauwd: bespreek of de snelheid van het bloed stijgt of daalt. De snelheid van het bloed wordt gemeten door ultrasone golven in te late nvallen op de bloedcellen onder een hoek van 45 graden. Bereken de bloedsnelheid uit de beatfrequentie, de geluidssnelheid en de frequentie van de uitgezonden golven.&lt;br /&gt;
# Een wasbak wordt overgeheveld in een emmer: bereken de uitstroomsnelheid, de tijd nodig om de wasbak leeg te laten lopen en leg uit of de uitstroomsnelheid constant blijft.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 21 juni 2011 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#golf in een gaskolom tekenen + gegevens aanduiden om geluidssnelheid te berekenen in die kolom en die dan ook afleiden.&lt;br /&gt;
#E=mc² afleiden uit relatieve massa en versnellingsarbeid op die massa.&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
#Golven&lt;br /&gt;
#hydronamica&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 16 juni 2011===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#bespreek de ionische binding van diatomische moleculen.&lt;br /&gt;
#bespreek de hydrodynamische kracht en de invloed van de zwaartekracht hierop.&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
#gedempte trilling: geef de bewegingsvergelijking en schets de grafiek&lt;br /&gt;
#Aan een massa met verwaarloosbaar volume worden heliumballonen gehangen. Hoeveem ballonen zijn er nodig om de massa van de grond te laten komen?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 22 juni 2010 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Geef bewegingsvgl van gedwongen oscillatie en bespreek energieresonantie en energieoverdracht.&lt;br /&gt;
# Bespreek de hydrodynamische kracht en de invloed van de zwaartekracht hierop.&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# Staaf die breekt bij bepaalde spanning. Geef lengte staaf (massadichtheid, hoeksnelheid en breekspanning gegeven)&lt;br /&gt;
# Blok uit mengsel goud en ijzer. Bereken verhouding ijzer/goud. (massadichtheden, gewicht en ? gegeven)&lt;br /&gt;
=== 21 juni 2010 ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
# Bespreek diatomische ionische binding&lt;br /&gt;
# Leid via de tekening Lorentz-Einstein transformatieformumes voor plaats en tijd af. Leid vervolgens de snelheid af&lt;br /&gt;
=== 11 juni 2010 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Bespreek de energie en krachten bij een torsieveer. Beweging van een torsieslinger bespreken.&lt;br /&gt;
# Kwantumfysica: geef de postulaten van Bohr en leidt hieruit de baanstraal en de energieën af.&lt;br /&gt;
Oefeningen: &lt;br /&gt;
# Dopplereffect gebruikt om de snelheid van het hart van een foetus te meten.&lt;br /&gt;
# Hydrostatica: Een vlot heeft een bep diepte in het water, dieper wanneer er een gewicht op wordt geplaatst; hoeveel is de massa.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 12 juni 2009 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Bewegingsvergelijking opstellen van een gedwongen harmonische trilling. Bespreek ook energieptransport en energieresonantie.&lt;br /&gt;
# Bespreek de invloed van de zwaartekracht op fluïda. Bereken ook de grootte van de opwaartse stuwkracht dat een ondergedompeld voorwerp ondervindt.&lt;br /&gt;
Oefeningen: &lt;br /&gt;
# Golven: iets met een stemvork op het einde van een halfopen buis, verstelbaar in lengte.&lt;br /&gt;
# Hydrodynamica: iets met een fontein op een heuvel, het water werd aangepompt met een buis (laminaire stroming).&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 11 juni 2009 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Energie en energietransport in een mechanische harmonische golf.&lt;br /&gt;
# Golfgedrag van materiedeeltjes bespreken en daar onzekerheidrelatie van impuls op toepassen + tunneleffect verklaren.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 11 juni 2009 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Bewijzen dat een coulomkrachtveld een conservatief krachtveld is en daaruit de potentiele energie bepalen + Bereken(klassiek) de energie van atomaire elektronen.&lt;br /&gt;
# Bespreek het Doppler effect.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 17 jun 2008 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Gedwongen harmonische oscillatie. Leid af en bespreek. Energie en energieresonantie.&lt;br /&gt;
# Hydrodynamische krachten bespreken. Val beweging in fluïdum bespreken.&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# Berekenen van lengte van een staaf die draait. Waarvan brekingsconstante, hoeksnelheid en dichtheid gegeven is.&lt;br /&gt;
# Volledig ondergedomdeld object met gewicht 15N ondergaat opwaartse kracht van 1N. Object bestaat uit goud en ijzer. Rho ijzer en goud gegeven, bereken totaal volume object en massa goud en ijzer in het object.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 17 jun 2008 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Longitudinale golven in een staaf: analyseer, en bepaal de golfsnelheid.&lt;br /&gt;
# Bij onderdompeling ontstaat er een opwaartse kracht, leg uit en interpreteer.&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# Iets met stok aan een veer waarvan enkel de k en de m gegeven zijn: bereken de frequentie.&lt;br /&gt;
# Letterlijke toepassing venturimeter.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 16 jun 2008 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Laminaire stroming en afleiden van volume gradient.&lt;br /&gt;
# Wiskundige voorstelling van golven, uitleggen i.v.m. harmonische golven.&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# ?&lt;br /&gt;
# ?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 16 jun 2008 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# De interatomaire krachten van een diatomische ionische binding: welke eigenschap heeft deze?&lt;br /&gt;
# Het gedachten-experiment van de transformatieformules.&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# ?&lt;br /&gt;
# ?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 22 jun 2006 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Leidt af: energie en E-transport in mechanische harmonische golf.&lt;br /&gt;
# Water:&lt;br /&gt;
#* Leidt de zwaartekrachtinvloed op hydrostatische druk af.&lt;br /&gt;
#* Bereken en interpreteer de archimedeskracht.&lt;br /&gt;
Denkvragen:&lt;br /&gt;
# Je kan met een rietje door uw helm drinken op de maan, gaat dat moeilijker/makkelijker/even makkelijk als op aarde?&lt;br /&gt;
# Heliumballonnen, je blaast ertussen, gaan ze naar elkaar toe/van elkaar weg?&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# Satelliet, je hebt de korte straal en de snelheid daar (8000km en 9km/s), bereken den hoek tss de v-vector als r=20000km.&lt;br /&gt;
# Twee boxen op 2m van elkaar, beide 880Hz in fase.&lt;br /&gt;
#* Als ge van A naar B gaat, op welke plaatse hebt ge dan destructieve en constructieve interferentie?&lt;br /&gt;
#* Onder een bepaalde frequentie zal der buite den as A-B geen destructieve interferentie meer zijn, wat is die drempelwaarde?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 14 jun 2006 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Kwantum:&lt;br /&gt;
#* Bespreek golfeigenschappen van materie, en verband onbepaaldheidsrelatie x en p.&lt;br /&gt;
#* Tunneleffect&lt;br /&gt;
# Stroming:&lt;br /&gt;
#* Laminaire stroming in buis: NIET bewijzen, maar van de snelheidsprofiel het volumedebiet bespreken en drukverloop..&lt;br /&gt;
#* Niet mechanische, mechanische, energie, verlies,...&lt;br /&gt;
Denkvragen:&lt;br /&gt;
# Ruimteschip brengt blok ijzer naar andere planeet met veel grotere atmosfeerdruk. Wat geef relatie tss drukverschil en vervorming?&lt;br /&gt;
#* Elasticiteitsmodulus&lt;br /&gt;
#* Afschuifmodulus&lt;br /&gt;
#* Compressiemodulus&lt;br /&gt;
#* Drukmodulus&lt;br /&gt;
# 2 He balonnen op 1 à 2 cm van elkaar, zijn aan een tafel vastgemaakt met koorden. Je blaast erdoor, wat gebeurt er met de balonnen?&lt;br /&gt;
#* Ze gaan naar elkaar toe.&lt;br /&gt;
#* Ze gaan van elkaar weg.&lt;br /&gt;
#* Niets.&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# Blokje ijzer tussen twee lagen, vanboven water, vanonder kwik, blokje = cubus 10cm, hoe hoog is gedeelte da uitsteekt boven hg? (ro FE = 7.7 kg/dm³).&lt;br /&gt;
# Twee geluidsbronnen, f=880hz, v=340m/s, A (x=0, y=0) , B( x = 0, y=2)&lt;br /&gt;
#* Waar is constructieve interferentie?&lt;br /&gt;
#* Waar is destructieve interferentie?&lt;br /&gt;
#* Wat is de drempelfrequentie opdat er geen of wel destructieve interferentie zou optreden?&lt;br /&gt;
=== 15 jun 2012 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Vergelijking Klassiek en Quantummodel van di-atomische moleculen:&lt;br /&gt;
#* Rotatie- en vibratie-energie klassiek diatomisch molecule geven.&lt;br /&gt;
#* Laagste energie van een kwantumharmonische oscillator geven.&lt;br /&gt;
#* Verschillen tussen klassiek en quantummechanisch model (3 geven).&lt;br /&gt;
#* Energieniveaus nader uitleggen.&lt;br /&gt;
#* De eigenschappen van moleculen geven die via opmeting van deze energieën gevonden kunnen worden.&lt;br /&gt;
Denkvragen:&lt;br /&gt;
# veer met massa t.o.v. massaloze veer, het verschil T en f inschatten.&lt;br /&gt;
# Trilt een harmonische golf met dezelfde frequentie als de bron? ja/nee + waarom.&lt;br /&gt;
# bewijs dat de snelheid van het geluid nauwelijks afhangt van de frequentie&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
#a) Standbeeld op een koperen sokkel op een glazen helling.&lt;br /&gt;
*Gegeven: M(standbeeld), M(blok), statische wrijvingscoëfficient tussen zowel standbeeld-sokkel als sokkel-helling en de afschuifconstante G van de sokkel&lt;br /&gt;
*Bereken: 1) De maximale hoek theta van de helling zodat het ding niet in duigen valt&lt;br /&gt;
*2) Met de hiervoor berekende hoek de wrijvingskracht tussen het standbeeld en het blok vinden&lt;br /&gt;
*3) De verschoven afstand van het bovenvlak t.o.v. het ondervlak&lt;br /&gt;
# Gegeven een kraan die loopt, de diameter van de straal neemt naar onderen van de kraan weg;&lt;br /&gt;
*met aanname dat de beginsnelheid v0 is een theoretische formule opstellen die het vernauwen van de straal beschrijft (diameter = f(y-coordinaat), assenstelsel zelf in te voeren)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen september==&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 30 aug 2010 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Rotatie rond vaste as: Rotationele arbeid, kinetische rotatie energie.&lt;br /&gt;
# Oppspanning en Ep energie linken mbv potentiële energie curves, capillariteitsdruk in bel uitleggen.&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# Kinematica &amp;amp;amp; Newton-mechanica&lt;br /&gt;
# Golven.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 23 aug 2008 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Zuiver rolbeweging: kinematica en dynamica mbv van n voorbeeld naar keuze.&lt;br /&gt;
# Ppp. pot. energie, cohesiedruk, opp.spanning en capilariteit uitleggen.&lt;br /&gt;
Oefeningen: &lt;br /&gt;
# Statica. &lt;br /&gt;
# Golven.&lt;/div&gt;</summary>
		<author><name>R0998693</name></author>
	</entry>
	<entry>
		<id>https://wiki.chemika.be/index.php?title=Algemene_Natuurkunde_I&amp;diff=4061</id>
		<title>Algemene Natuurkunde I</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.chemika.be/index.php?title=Algemene_Natuurkunde_I&amp;diff=4061"/>
		<updated>2024-06-15T12:45:51Z</updated>

		<summary type="html">&lt;p&gt;R0998693: /* 14 juni 2024 (9 studiepunten) */&lt;/p&gt;
&lt;hr /&gt;
&lt;div&gt;[[Categorie:Bachelor Chemie]]&lt;br /&gt;
[[Categorie:Bachelor Biochemie]]&lt;br /&gt;
==Vakinformatie==&lt;br /&gt;
Fysica van eerste jaar biochemie en chemie. Vroeger een jaarvak met deelexamen in januari, vanaf 2018-2019: jaarvak met alleen in juni examen, voor dit examen krijg je 3 uur de tijd. Beide examens zijn volledig schriftelijk. Werd Gedoceerd door Roger Silverans. De docent voor dit vak sinds 2012 is Antoine(Toine) van Proeyen. Sinds 2018-2019 wordt het gedoceerd door Enrico Carlon (eerste semester) en Thomas Van Riet (tweede semester). Er zijn 2 delen van het examen (theorie &amp;amp; oefeningen). Het theorie deel zijn multiple choice vragen waarbij je al dan niet een uitleg moet bij geven (giscorrectie) elke vraag op 1 punt. Het oefeningen deel zijn 4 oefeningen elk op 5 punten.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&#039;&#039;(mening en info academiejaar 2022-2023) Vak werd gegeven door Boksenbojm Eliran (semester 1) en Van Riet Thomas (semester 2).&#039;&#039;&lt;br /&gt;
* aanpak vak&lt;br /&gt;
** TTT&#039;s goed voorbereiden! Bespaard veel tijd en stress in de blok, als je hier steeds door was is het niet noodzakelijk om hier veel tijd in te steken in de blok, wij hadden tussen de examens hier 3 dagen voor en ik vond dit voldoende&lt;br /&gt;
** Prof zegt zelf dat hij het niet belangrijk vind dat je naar de les komt, maar raadt de oefenzittingen wel aan&lt;br /&gt;
* Kwaliteit cursus&lt;br /&gt;
** Prof vindt Giancoli zelf niet goed, maar hier staan al de oefeningen in, dus wel nodig om te kopen (heb je in het 2e jaar ook nog nodig)&lt;br /&gt;
** Slides heb ik zelf nooit bekeken&lt;br /&gt;
** Er is een pdf van oplossingen&lt;br /&gt;
* Examen- en TTT-vragen&lt;br /&gt;
** Nooit heel complex, zou maximum één pagina mogen innemen&lt;br /&gt;
** Ik vond de meeste makkellijker dan Giancoli&lt;br /&gt;
** Theorie leren is vrij overbodig, staat op amper punten en sommige lukken wel met logisch nadenken, enkele komen vaak terug (zweven astronaut, iets met een snaar,...)&lt;br /&gt;
** TTT&#039;s tellen niet meer mee in augustus, dus geen paniek als deze geen succes waren&lt;br /&gt;
** Belangrijk om elk klein ding op te schrijven, soms leveren domme dingen al een half punt op&lt;br /&gt;
** Steeds een duidelijke tekening maken met assenstelsel!&lt;br /&gt;
* Practica&lt;br /&gt;
** Voorbereiding maakt echt niets uit&lt;br /&gt;
** Alles wat je niet snapt vragen aan de assistent en je bent hier wel door&lt;br /&gt;
[[Categorie:Bachelor Chemie]]&lt;br /&gt;
[[Categorie:Bachelor Biochemie]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen juni==&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 juni 2024 (9 studiepunten)===&lt;br /&gt;
#Leid de formule af voor beweging van waarnemer en de beweging bron obv de afleiding van de formule van een bewegende bron en ook de afleiding van een bewegende waarnemer (zie H16 cursus) (6pnt)&lt;br /&gt;
#Waarom ervaren we de effecten van kwantummechina niet in het dagelijkse leven? (1pnt)&lt;br /&gt;
#Waarom ervaren we de effecten van Newton&#039;s relativiteitstheorie niet in het dagelijkse leven? (1pnt)&lt;br /&gt;
#Er wordt een kogel geschoten met een bepaalde v, deze kogel komt terecht in een houten kubus, waarbij er een rotatie zijde aanwezig was.Rond deze zijde/as kon de kubus dus roteren. a) Bepaal het traagheidsmoment van de kubus rond de roteeras b) Welke hoeksnelheid krijgt de kubus (met kogel) na de botsing?  c) Wat is de minimale hoeksnelheid die nodig is om de kubus (met kogel) te doen omdraaien? d) Wat is de minimale v0 om de kogel en de kubus te doen omdraaien? (6 pnt)&lt;br /&gt;
#Oefening met katrol gegeven, waarbij je de katrol zijn massa mag verwaarlozen. De katrol hield 2 massa&#039;s vast op een helling, massa 1 zat schuin op de helling met een hoek θ en massa 2 hing aan de zijkant van de helling met eronder een veer. Massa 1 werd over een lengte naar achter getrokken en losgelaten. a) Bereken de wrijvingskracht van massa 1 nadat je het naar achteren trekt en loslaat, dus tijdens de beweging. b) Bereken de snelheden van massa 1 en massa 2 tijdens de beweging.  c) Bereken de verhouding van massa 1 en massa 2 in rust. d)Wat is de hoekfrequentie met betrekking tot k,θ en massa 1. (6 pnt)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 juni 2023===&lt;br /&gt;
#Verklaar waarom astronauten gewichtloosheid ervaren. (2 punten)&lt;br /&gt;
#Een persoon springt spontaan de lucht in, worden impuls en energie behouden? (2 punten)&lt;br /&gt;
#Een snaar van 1 meter heeft een spankracht van 100N. De diameter van de snaar is 2mm. Wat is de golflengte bij de grondfrequentie? (2 punten)&lt;br /&gt;
#Vraag over fluïda, iets van een cillinder met 2 lagen onsamendrukbare vloeistof in.&lt;br /&gt;
#Vraag over een slinger&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17 juni 2022===&lt;br /&gt;
#Verklaar waarom astronauten gewichtloosheid ervaren. (2 punten)&lt;br /&gt;
#Een persoon springt spontaan de lucht in, worden impuls en energie behouden? (2 punten)&lt;br /&gt;
#Een snaar van 1 meter met µ=3,14 g/m heeft een spankracht van 100N. De diameter van de snaar is 2mm. Wat is de golflengte bij de grondfrequentie? (2 punten)&lt;br /&gt;
#Een massa 2M vliegt recht omhoog, op hoogte h ontploft deze massa waarbij hij in 2 delen van massa M splitst, met energie E. 50% van deze energie gaat verloren en warmte, de rest wordt omgezet in horizontale beweging. De massa&#039;s M hun maximum hoogte is 2h. Hoever landen de 2 delen M uit elkaar? (5 punten)&lt;br /&gt;
#Je hebt een cilindrisch vat met een rechthoekige opening met breedte w, de hoogtes worden gegeven door d1 en d2 (gemeten van de bovenkant van het vat). Geef een formule voor het debiet dat in eerste instantie uit het vat stroomt. Je mag het zakken van het vloeistof niveau hierbij verwaarlozen. (Tip: aangezien je de opening niet mag verwaarlozen zal je waarschijnlijk een integraal moeten gebruiken.) (4 punten)&lt;br /&gt;
#Geef de maximum snelheid v waarmee een auto (met massa m) een bocht kan maken (straal r) zonder uit de bocht te vliegen. (1.5 punt)&lt;br /&gt;
##Indien men de bocht hellend maakt, geef een formule voor de minimum hoek die nodig is voor een v groter dan die uit vraag 1. (3.5 punten)   (Example 5.15 boek)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===25 juni 2020===&lt;br /&gt;
#als je rechts draait in een felle bocht met een auto , draait de heliumballon die in de auto is dan... &lt;br /&gt;
#*mee naar rechts tov de auto&lt;br /&gt;
#*naar links tov van de auto&lt;br /&gt;
#*de ballon verplaatst zich niet tov de auto&lt;br /&gt;
#als een sirene weg rijdt van je, hou verhouden de decibel zich tov de &#039;geluidsterkte&#039; (intensiteit)&lt;br /&gt;
#*decibel neemt kwadratisch af en geluidsterkte logaritmisch af&lt;br /&gt;
#*decibel neemt logaritmisch af en geluidsterkte neemt ook af op andere wijze&lt;br /&gt;
#*decibel neemt logaritmisch af en geluidsterkte logaritmisch af&lt;br /&gt;
#*decibel neemt kwadratisch af en geluidsterkte kwadratisch af&lt;br /&gt;
#bereken de golflengte van een gitaarsnaar die een Fspan= 100N, en de snaar is 10cm lang en 22m diameter.&lt;br /&gt;
##bereken ook voor deze snaar wat de golflengte is , moest je een octaaf hoger klinken&lt;br /&gt;
#pendulum vraag, bereken v wanneer de slinger hoogte 0 heeft en de slinger werd op hoogte h losgelaten , met beginsnelheid=0. De lengte van de slinger is l. de slinger heeft een balletje met massa m.&lt;br /&gt;
##bereken nu de arbeid die verricht is geweest door de slinger als er een wrijvingskracht op uitgeoefend werd.&lt;br /&gt;
#Venturi effect; formule afleiden via continuiteit bij fluida (BEWIJS)[http://hyperphysics.phy-astr.gsu.edu/hbase/Fluids/venturi.html]&lt;br /&gt;
##nu, toepassen op een venturi buis die water en olie bevatte op een bepaalde hoogte (zie google opzoeke, meest bekend voorbeeld); dan invullen voor die hoogte en v1 en v2 zo afleiden&lt;br /&gt;
#golfvergelijking gegeven in de vorm van psi=A* (sin(αθ) + i cos(αθ)) (met bereik = 0 tot 2π)&lt;br /&gt;
##geef de waarschijnlijke locatie van het deeltje&lt;br /&gt;
##bereken de waarde van de amplitude A&lt;br /&gt;
##moeten er bepaalde bestaansvoorwaarden voor α zijn?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===18 juni 2020===&lt;br /&gt;
#Zouden atomen stabiel kunnen zijn zonder de kwantumfysica? Leg uit. (2pt)&lt;br /&gt;
#Een persoon gaat een &amp;quot;spacewalk&amp;quot; maken maar haar kabel breekt. Het enige dat ze bij heeft is een zaklamp. Uit de lessen fysica van vroeger herinnert ze zich dat fotonen een impuls hebben, ze schijnt daarom met de zaklamp in de tegengestelde richting (dus weg van het ruimteschip) om terug aan boord te geraken. Is haar redenering correct? Is dit de beste manier om terug bij het schip te geraken? (2pt)&lt;br /&gt;
#Nog 1 ja/nee vraag met uitleg geven. (1pt)&lt;br /&gt;
#Er was een vraag dat ge met krachten enzo moest uitleggen waarom het ruimtestation in een film ronddraait. En dan moest ge nog berekenen hoeveel rondjes per minuut het station moest draaien om de zwaartekracht op aarde na te bootsen, de straal van het station was 40m. (Het was zo een ruimteschip zoals in de foto in link)[https://i.pinimg.com/originals/9a/da/f9/9adaf9a402818747c173ce744738931d.jpg] (5pt)&lt;br /&gt;
#Opstelling zoals foto (in link). h1 en de dichtheid van de olie is gegeven. Bereken (h2 ) het hoogteverschil tussen de twee wateroppervlakten. [https://drive.google.com/file/d/1Du-mrA16d1ZfSqJtfYmNcKFWH69Vjf-w/view?usp=sharing] (5pt)&lt;br /&gt;
#Opstelling zoals foto (in link). Een persoon wil trainen met gewichten. Er hangen twee gewichten van elk 30kg aan een homogene staaf van 3m lang (de massa van de staaf weet ik niet meer). De persoon wilt graag meer gewicht. Ze doet dit door eerst links en pas daarna rechts een nieuw gewicht extra bij te hangen (het gaat dus over het moment dat er enkel links een extra gewicht hangt en het systeem dus nét nog in evenwicht staat). Hoeveel mag een nieuw gewicht maximaal wegen om het systeem niet te laten kantelen? Voor de afstand van het nieuwe gewicht mag dezelfde afstand als het andere gewicht genomen worden. [https://drive.google.com/file/d/1-1SH0RiI8OQBJzpYY3leS_XEw-p_FXHo/view?usp=sharing] (5pt)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===10 juni 2020===&lt;br /&gt;
#Een deeltje met lading e dat zich in een magnetisch veld B ⃗ bevindt, er ontstaat een Lorentzkracht F ⃗ die voldoet aan F ⃗=ev ⃗×B ⃗. Met v ⃗ de snelheid van het deeltje. Als nu een deeltje door een constant magnetisch veld beweegt, dan zal de grootte van de snelheid:&lt;br /&gt;
#*Altijd afnemen&lt;br /&gt;
#*Altijd toenemen&lt;br /&gt;
#*Toenemen of afnemen afhankelijk van de hoek tussen de initiële snelheid &amp;amp; het magnetisch veld&lt;br /&gt;
#*Hetzelfde blijven&lt;br /&gt;
#Een organisatie van mensen beweert dat er nooit een mens op de maan is geweest, dat het niet mogelijk is om aan ruimtevaart te doen. Er kan nooit aan de zwaartekracht ontsnapt worden: de potentiële energie ten gevolge van de zwaartekracht is gelijk aan m.g.h, waarbij m de massa van de raket is, g de valversnelling &amp;amp; h de hoogte. Als je aan de zwaartekracht wil ontsnappen zou de hoogte naar oneindig moeten gaan, waarvoor ook oneindig veel energie voor nodig is. Waar zit de fout in hun redenering?&lt;br /&gt;
#Je staat op de zuidpool &amp;amp; richt een raket naar de noordpool, de motor is afgesteld zodat de raket op dezelfde hoogte boven het aardoppervlak naar zijn doel beweegt. Wat is het effect van de Corioliskracht?&lt;br /&gt;
#*De raket zal afwijken &amp;amp; het doel niet bereiken&lt;br /&gt;
#*De raket zal de noordpool bereiken via een spiraalvormige kromme zoals gezien door iemand op het aardoppervlak&lt;br /&gt;
#*De raket zal de noordpool bereiken via een spiraalvormige kromme zoals gezien vanuit iemand buiten de aarde die stilstaat ten opzichte van de rotatiebeweging van de aarde rond haar as&lt;br /&gt;
#*De raket zal de noordpool bereiken in een rechte lijn (langs het aardoppervlak) zoals gezien door iemand op het aardoppervlak&lt;br /&gt;
#Een hypothetisch deeltje met dezelfde lading &amp;amp; massa als een elektron, met het verschil dat het spin 2 heeft. Beschouw een atoom met atoomgetal Z. Hoeveel hypothetische deeltjes kunnen in de K-schil?&lt;br /&gt;
#Welke uitspraak is correct?&lt;br /&gt;
#*Een ‘do’ beschouwen we als grondfrequentie, alle veelvouden van die frequentie zijn ook ‘do’s’ maar in een ander octaaf&lt;br /&gt;
#*Het verschil in frequentie tussen 2 opeenvolgende noten is onafhankelijk van het octaaf&lt;br /&gt;
#*Een buik van een hogere ‘do’ komt overeen met een buik van een lagere ‘do’&lt;br /&gt;
#*Een knoop van een hogere ‘do’ komt overeen met een knoop van een lagere ‘do’&lt;br /&gt;
#Een blok met massa van 82 gram wordt horizontaal afgeschoten door een veer met constante k = 200 N/m, 15 cm in te duwen. Nadat de blok loskomt, schuift het over een horizontaal vlak met wrijvingscoëfficiënt μ = 0,27 dat 85 cm lang is. Het vlak gaat over in een wrijvingsloze helling, hoeveel cm schuift het blok terug over het vlakke deel met wrijving? Leg uit waar het blok tot stilstand komt.&lt;br /&gt;
#Een frisbee met diameter 2,3 cm met massa 102 gram. De helft van de massa is homogeen over de schijf verdeeld, de andere helft is geconcentreerd op de buitenrand van de schijf. Wat is het traagheidsmoment van de frisbee? Als je met je pols een draaibeweging geeft van een kwart-draai (over 90°) met een constant krachtmoment, hoe groot moet dat krachtmoment zijn opdat de frisbee zou draaien tegen 450 toeren per minuut?&lt;br /&gt;
#Water valt uit een kraan naar beneden op een niet turbulente constante manier. Toon aan dat de diameter van de vallende kolom water gegeven is door de formule:&lt;br /&gt;
&#039;&#039;&#039;d=d0((v0^2)/(v0^2+2gh))^(1/4)&#039;&#039;&#039; met &lt;br /&gt;
#*d0: diameter opening van de kraan&lt;br /&gt;
#*v0: snelheid van het water net buiten de kraan&lt;br /&gt;
#*h: afstand van de kraan tot waar d gemeten wordt&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 juni 2019===&lt;br /&gt;
#Een asteroïde met massa m bevindt zich op een hoogte H boven de baan van Jupiter met straal r en massa M.&lt;br /&gt;
##Bereken de potentiële gravitationele energie wanneer de asteroïde zich op hoogte H bevindt&lt;br /&gt;
##Bereken de potentiële gravitationele energie wanneer de asteroïde zich in de baan bevindt.&lt;br /&gt;
##Op hoogte H heeft de asteroïde een snelheid van 2.0 m/s. Bereken de snelheid in de baan.µ&lt;br /&gt;
#Een blokje glijdt op een cirkelbaan met straal r die vaststaat op de grond. Er is geen wrijving.&lt;br /&gt;
##Op welke hoogte valt het blokje? Tip: dit is wannneer de normaalkracht wegvalt.&lt;br /&gt;
##Wat is de snelheid op dit moment? &lt;br /&gt;
#Elektronen in een 3d-orbitaal worden vervangen door deeltjes met spin 1 en massa x-aantal keer die van het elektron. Welke kwantumgetallen zijn mogelijk en hoeveel zijn het er?&lt;br /&gt;
#Een aardbevingsgolf beweegt met snelheid 410 km/s en frequentie 0.60 hZ. &lt;br /&gt;
##Welke minimale amplitude is nodig zodat voorwerpen net van de grond komen? De aardbevingsgolf vindt 10 seconden plaats. &lt;br /&gt;
##Een tweede golf ontstaat in een punt 3OO km ten noordwesten van de eerste golf, 1.3 s na de eerste. Wanneer bereikt dit tweede punt voor het eerst haar maximale uitwijking?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21 juni 2018===&lt;br /&gt;
#Afleiding equation of continuity&lt;br /&gt;
#Afleiding vergelijking van Bernouilli (+uitleggen waar deze nu precies voor staat en wat je eruit kan afleiden)&lt;br /&gt;
#Oefening over impulsmoment van elektron zie 19 juni 2014&lt;br /&gt;
#Oefening traagheidsmoment molecule H2O langs twee assen (staat in het boek)&lt;br /&gt;
#Hoe kan je de hoogte van een gebouw bepalen adhv een slinger? &lt;br /&gt;
#Oefening over twee golven met dezelfde amplitude etc waarvan de ene een dubbel zo grote golflengte heeft dan de andere en dan bepalen welke de grootste hoeveelheid energie verplaatst&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 25 juni 2015 === &lt;br /&gt;
#oefening over behoud van momentum&lt;br /&gt;
#fotoelektrisch effect en alle formules afleiden (H37)&lt;br /&gt;
#en dan de wiskundige vergelijking van de golf geven en dan de condities wanneer ze SHM was en dan periode, frequentie en golflengte daarvan afleiden&lt;br /&gt;
#2 stellingen: &#039;als er wind is zal je het geluid dan luider horen&#039; en dan nog eentje over &#039;kan een kind meegezogen worden met een snelle trein&#039;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===25 jun 2014 ===&lt;br /&gt;
Vraag 1: &lt;br /&gt;
Bij beta verval valt een atoom uiteen in een elektron en een terugslagkern, deze volgen na splitsing echter geen &#039;rechte lijn&#039; dit schaadt echter een principiële wet van de mechanica. &lt;br /&gt;
#Welke wet?&lt;br /&gt;
#Teken en leg uit &lt;br /&gt;
#Hieruit volgt dat er nog een partikel wordt uitgestoten (een neutrino) toon aan op de tekening dat dit zo is en leg uit.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Vraag 2:&lt;br /&gt;
Archimedes; afleiden van een formule en nog enkele meerkeuzevraagjes (drijft het/ drijft het niet)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Vraag 3:&lt;br /&gt;
Lorentztransformatie x=x&#039; y=y&#039; z=a(z&#039;+vt&#039;) &lt;br /&gt;
#Vind de omgekeerde formules, gebruik c, &lt;br /&gt;
#Leid a af &lt;br /&gt;
#Leid de formule van de lengtecontractie af&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Vraag 4:&lt;br /&gt;
een gietijzeren standbeeld (100kg) op een koperen plaat (60kg d=0.1 en S= 0.70 m^2) staan op een glazen helling van 30 graden &lt;br /&gt;
#Bereken de wrijving van gietijzer op koper &lt;br /&gt;
#Bereken de wrijving van koper op glas (de Mu&#039;s zijn gegeven) &lt;br /&gt;
#Bereken delta l die de wrijving veroorzaakt (de modulus G is gegeven)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===19 jun 2014 ===&lt;br /&gt;
Vraag 1:&lt;br /&gt;
#Impulsmoment van een elektron is sqrt(3/4)hbar. &lt;br /&gt;
#Verklaar met theoretische achtergrond.&lt;br /&gt;
#Bereken hoeksnelheid en snelheid van een punt op de rand (massa en straal gegeven).&lt;br /&gt;
#Oplossing is in de grootte-orde van 10^13. Bespreek.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Vraag 2:&lt;br /&gt;
#Geef het arbeid-energie theorema&lt;br /&gt;
Situatie: blok naar boven duwen zodat die boven op een helling geraakt.&lt;br /&gt;
#Teken en benoem al de krachten.&lt;br /&gt;
#Bereken de grootte van alle krachten.&lt;br /&gt;
#Bereken de arbeid geleverd door alle krachten.&lt;br /&gt;
#Bereken de beginsnelheid die nodig is om het blok boven te krijgen.&lt;br /&gt;
#Is de berekende snelheid dezelfde als de eindsnelheid die het blok zou bereiken moest het van boven losgelaten worden?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Vraag 3:&lt;br /&gt;
Situatie: platform met luidspreker beweegt naar muur toe. Persoon op het platform hoort zwevingen met een frequentie van x Hz. Uitzendfrequentie is gegeven.&lt;br /&gt;
#Wat is de frequentie van een zweving als functie van f1 en f2.&lt;br /&gt;
#Bereken de frequentie gehoord aan de muur.&lt;br /&gt;
#Bereken de frequentie gehoord door de persoon op het platform nadat die teruggekaatst is door de muur.&lt;br /&gt;
#Bereken de snelheid van het platform.&lt;br /&gt;
 &lt;br /&gt;
Vraag 4:&lt;br /&gt;
#Verklaar dat de beweging van een zuiger op een wiel ongeveer eenvoudig harmonisch is.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 jun 2012 (namiddag)===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# leg het gedachte-experiment van lorent-einstein uit&lt;br /&gt;
# andere 3 kleine theorie vragen worden nog gepost&lt;br /&gt;
Oef:&lt;br /&gt;
# bepaal de wrijvingscoefficient van een een gelijkbenige 3hoek met de grond, deze houdt het water tegen langs 1 kant (net zoals in oefenzitting met die trapezium)&lt;br /&gt;
# beeld op een koper plaat, op een glazen 3hoek&lt;br /&gt;
#* wrijvingskracht beeld met plaat&lt;br /&gt;
#* wrijvingskracht plaat met 3hoek&lt;br /&gt;
#* vervorming van plaat door de krachten, uw x bepalen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 jun 2012 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Gedwongen oscillatie: bewegingsvgl afleiden, energie en energieoverdracht bespreken en formules afleiden, uitleggen wat energieresonantie is.&lt;br /&gt;
# Een slinger bestaat uit een staaf met masse m en lengte l. We hangen er een klein bolletje met massa 2m aan. Hoe verandert de periode?&lt;br /&gt;
# Bespreek hoe geluid getransporteerd wordt in een &#039;telefoon&#039; bestaande uit 2 bekers met een gespannen draad ertussen.&lt;br /&gt;
# Je zit in een treinwagon zonder ramen die volledig geluidsloos is. Is er een fysisch experiment om te weten dat je rijdt?&lt;br /&gt;
Oef:&lt;br /&gt;
# Een ader is vernauwd: bespreek of de snelheid van het bloed stijgt of daalt. De snelheid van het bloed wordt gemeten door ultrasone golven in te late nvallen op de bloedcellen onder een hoek van 45 graden. Bereken de bloedsnelheid uit de beatfrequentie, de geluidssnelheid en de frequentie van de uitgezonden golven.&lt;br /&gt;
# Een wasbak wordt overgeheveld in een emmer: bereken de uitstroomsnelheid, de tijd nodig om de wasbak leeg te laten lopen en leg uit of de uitstroomsnelheid constant blijft.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 21 juni 2011 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#golf in een gaskolom tekenen + gegevens aanduiden om geluidssnelheid te berekenen in die kolom en die dan ook afleiden.&lt;br /&gt;
#E=mc² afleiden uit relatieve massa en versnellingsarbeid op die massa.&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
#Golven&lt;br /&gt;
#hydronamica&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 16 juni 2011===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#bespreek de ionische binding van diatomische moleculen.&lt;br /&gt;
#bespreek de hydrodynamische kracht en de invloed van de zwaartekracht hierop.&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
#gedempte trilling: geef de bewegingsvergelijking en schets de grafiek&lt;br /&gt;
#Aan een massa met verwaarloosbaar volume worden heliumballonen gehangen. Hoeveem ballonen zijn er nodig om de massa van de grond te laten komen?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 22 juni 2010 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Geef bewegingsvgl van gedwongen oscillatie en bespreek energieresonantie en energieoverdracht.&lt;br /&gt;
# Bespreek de hydrodynamische kracht en de invloed van de zwaartekracht hierop.&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# Staaf die breekt bij bepaalde spanning. Geef lengte staaf (massadichtheid, hoeksnelheid en breekspanning gegeven)&lt;br /&gt;
# Blok uit mengsel goud en ijzer. Bereken verhouding ijzer/goud. (massadichtheden, gewicht en ? gegeven)&lt;br /&gt;
=== 21 juni 2010 ===&lt;br /&gt;
Theorie&lt;br /&gt;
# Bespreek diatomische ionische binding&lt;br /&gt;
# Leid via de tekening Lorentz-Einstein transformatieformumes voor plaats en tijd af. Leid vervolgens de snelheid af&lt;br /&gt;
=== 11 juni 2010 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Bespreek de energie en krachten bij een torsieveer. Beweging van een torsieslinger bespreken.&lt;br /&gt;
# Kwantumfysica: geef de postulaten van Bohr en leidt hieruit de baanstraal en de energieën af.&lt;br /&gt;
Oefeningen: &lt;br /&gt;
# Dopplereffect gebruikt om de snelheid van het hart van een foetus te meten.&lt;br /&gt;
# Hydrostatica: Een vlot heeft een bep diepte in het water, dieper wanneer er een gewicht op wordt geplaatst; hoeveel is de massa.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 12 juni 2009 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Bewegingsvergelijking opstellen van een gedwongen harmonische trilling. Bespreek ook energieptransport en energieresonantie.&lt;br /&gt;
# Bespreek de invloed van de zwaartekracht op fluïda. Bereken ook de grootte van de opwaartse stuwkracht dat een ondergedompeld voorwerp ondervindt.&lt;br /&gt;
Oefeningen: &lt;br /&gt;
# Golven: iets met een stemvork op het einde van een halfopen buis, verstelbaar in lengte.&lt;br /&gt;
# Hydrodynamica: iets met een fontein op een heuvel, het water werd aangepompt met een buis (laminaire stroming).&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 11 juni 2009 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Energie en energietransport in een mechanische harmonische golf.&lt;br /&gt;
# Golfgedrag van materiedeeltjes bespreken en daar onzekerheidrelatie van impuls op toepassen + tunneleffect verklaren.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 11 juni 2009 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Bewijzen dat een coulomkrachtveld een conservatief krachtveld is en daaruit de potentiele energie bepalen + Bereken(klassiek) de energie van atomaire elektronen.&lt;br /&gt;
# Bespreek het Doppler effect.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 17 jun 2008 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Gedwongen harmonische oscillatie. Leid af en bespreek. Energie en energieresonantie.&lt;br /&gt;
# Hydrodynamische krachten bespreken. Val beweging in fluïdum bespreken.&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# Berekenen van lengte van een staaf die draait. Waarvan brekingsconstante, hoeksnelheid en dichtheid gegeven is.&lt;br /&gt;
# Volledig ondergedomdeld object met gewicht 15N ondergaat opwaartse kracht van 1N. Object bestaat uit goud en ijzer. Rho ijzer en goud gegeven, bereken totaal volume object en massa goud en ijzer in het object.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 17 jun 2008 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Longitudinale golven in een staaf: analyseer, en bepaal de golfsnelheid.&lt;br /&gt;
# Bij onderdompeling ontstaat er een opwaartse kracht, leg uit en interpreteer.&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# Iets met stok aan een veer waarvan enkel de k en de m gegeven zijn: bereken de frequentie.&lt;br /&gt;
# Letterlijke toepassing venturimeter.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 16 jun 2008 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Laminaire stroming en afleiden van volume gradient.&lt;br /&gt;
# Wiskundige voorstelling van golven, uitleggen i.v.m. harmonische golven.&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# ?&lt;br /&gt;
# ?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 16 jun 2008 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# De interatomaire krachten van een diatomische ionische binding: welke eigenschap heeft deze?&lt;br /&gt;
# Het gedachten-experiment van de transformatieformules.&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# ?&lt;br /&gt;
# ?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 22 jun 2006 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Leidt af: energie en E-transport in mechanische harmonische golf.&lt;br /&gt;
# Water:&lt;br /&gt;
#* Leidt de zwaartekrachtinvloed op hydrostatische druk af.&lt;br /&gt;
#* Bereken en interpreteer de archimedeskracht.&lt;br /&gt;
Denkvragen:&lt;br /&gt;
# Je kan met een rietje door uw helm drinken op de maan, gaat dat moeilijker/makkelijker/even makkelijk als op aarde?&lt;br /&gt;
# Heliumballonnen, je blaast ertussen, gaan ze naar elkaar toe/van elkaar weg?&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# Satelliet, je hebt de korte straal en de snelheid daar (8000km en 9km/s), bereken den hoek tss de v-vector als r=20000km.&lt;br /&gt;
# Twee boxen op 2m van elkaar, beide 880Hz in fase.&lt;br /&gt;
#* Als ge van A naar B gaat, op welke plaatse hebt ge dan destructieve en constructieve interferentie?&lt;br /&gt;
#* Onder een bepaalde frequentie zal der buite den as A-B geen destructieve interferentie meer zijn, wat is die drempelwaarde?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 14 jun 2006 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Kwantum:&lt;br /&gt;
#* Bespreek golfeigenschappen van materie, en verband onbepaaldheidsrelatie x en p.&lt;br /&gt;
#* Tunneleffect&lt;br /&gt;
# Stroming:&lt;br /&gt;
#* Laminaire stroming in buis: NIET bewijzen, maar van de snelheidsprofiel het volumedebiet bespreken en drukverloop..&lt;br /&gt;
#* Niet mechanische, mechanische, energie, verlies,...&lt;br /&gt;
Denkvragen:&lt;br /&gt;
# Ruimteschip brengt blok ijzer naar andere planeet met veel grotere atmosfeerdruk. Wat geef relatie tss drukverschil en vervorming?&lt;br /&gt;
#* Elasticiteitsmodulus&lt;br /&gt;
#* Afschuifmodulus&lt;br /&gt;
#* Compressiemodulus&lt;br /&gt;
#* Drukmodulus&lt;br /&gt;
# 2 He balonnen op 1 à 2 cm van elkaar, zijn aan een tafel vastgemaakt met koorden. Je blaast erdoor, wat gebeurt er met de balonnen?&lt;br /&gt;
#* Ze gaan naar elkaar toe.&lt;br /&gt;
#* Ze gaan van elkaar weg.&lt;br /&gt;
#* Niets.&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# Blokje ijzer tussen twee lagen, vanboven water, vanonder kwik, blokje = cubus 10cm, hoe hoog is gedeelte da uitsteekt boven hg? (ro FE = 7.7 kg/dm³).&lt;br /&gt;
# Twee geluidsbronnen, f=880hz, v=340m/s, A (x=0, y=0) , B( x = 0, y=2)&lt;br /&gt;
#* Waar is constructieve interferentie?&lt;br /&gt;
#* Waar is destructieve interferentie?&lt;br /&gt;
#* Wat is de drempelfrequentie opdat er geen of wel destructieve interferentie zou optreden?&lt;br /&gt;
=== 15 jun 2012 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Vergelijking Klassiek en Quantummodel van di-atomische moleculen:&lt;br /&gt;
#* Rotatie- en vibratie-energie klassiek diatomisch molecule geven.&lt;br /&gt;
#* Laagste energie van een kwantumharmonische oscillator geven.&lt;br /&gt;
#* Verschillen tussen klassiek en quantummechanisch model (3 geven).&lt;br /&gt;
#* Energieniveaus nader uitleggen.&lt;br /&gt;
#* De eigenschappen van moleculen geven die via opmeting van deze energieën gevonden kunnen worden.&lt;br /&gt;
Denkvragen:&lt;br /&gt;
# veer met massa t.o.v. massaloze veer, het verschil T en f inschatten.&lt;br /&gt;
# Trilt een harmonische golf met dezelfde frequentie als de bron? ja/nee + waarom.&lt;br /&gt;
# bewijs dat de snelheid van het geluid nauwelijks afhangt van de frequentie&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
#a) Standbeeld op een koperen sokkel op een glazen helling.&lt;br /&gt;
*Gegeven: M(standbeeld), M(blok), statische wrijvingscoëfficient tussen zowel standbeeld-sokkel als sokkel-helling en de afschuifconstante G van de sokkel&lt;br /&gt;
*Bereken: 1) De maximale hoek theta van de helling zodat het ding niet in duigen valt&lt;br /&gt;
*2) Met de hiervoor berekende hoek de wrijvingskracht tussen het standbeeld en het blok vinden&lt;br /&gt;
*3) De verschoven afstand van het bovenvlak t.o.v. het ondervlak&lt;br /&gt;
# Gegeven een kraan die loopt, de diameter van de straal neemt naar onderen van de kraan weg;&lt;br /&gt;
*met aanname dat de beginsnelheid v0 is een theoretische formule opstellen die het vernauwen van de straal beschrijft (diameter = f(y-coordinaat), assenstelsel zelf in te voeren)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen september==&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 30 aug 2010 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Rotatie rond vaste as: Rotationele arbeid, kinetische rotatie energie.&lt;br /&gt;
# Oppspanning en Ep energie linken mbv potentiële energie curves, capillariteitsdruk in bel uitleggen.&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# Kinematica &amp;amp;amp; Newton-mechanica&lt;br /&gt;
# Golven.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 23 aug 2008 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Zuiver rolbeweging: kinematica en dynamica mbv van n voorbeeld naar keuze.&lt;br /&gt;
# Ppp. pot. energie, cohesiedruk, opp.spanning en capilariteit uitleggen.&lt;br /&gt;
Oefeningen: &lt;br /&gt;
# Statica. &lt;br /&gt;
# Golven.&lt;/div&gt;</summary>
		<author><name>R0998693</name></author>
	</entry>
</feed>