
<?xml version="1.0"?>
<feed xmlns="http://www.w3.org/2005/Atom" xml:lang="nl">
	<id>https://wiki.chemika.be/api.php?action=feedcontributions&amp;feedformat=atom&amp;user=Siene</id>
	<title>Chemika Examenwiki - Gebruikersbijdragen [nl]</title>
	<link rel="self" type="application/atom+xml" href="https://wiki.chemika.be/api.php?action=feedcontributions&amp;feedformat=atom&amp;user=Siene"/>
	<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.chemika.be/index.php?title=Speciaal:Bijdragen/Siene"/>
	<updated>2026-07-28T09:15:58Z</updated>
	<subtitle>Gebruikersbijdragen</subtitle>
	<generator>MediaWiki 1.43.0</generator>
	<entry>
		<id>https://wiki.chemika.be/index.php?title=Immunological_Biotechnology&amp;diff=1406</id>
		<title>Immunological Biotechnology</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.chemika.be/index.php?title=Immunological_Biotechnology&amp;diff=1406"/>
		<updated>2019-01-18T13:53:39Z</updated>

		<summary type="html">&lt;p&gt;Siene: /* Examenvragen */&lt;/p&gt;
&lt;hr /&gt;
&lt;div&gt;&lt;br /&gt;
[[Categorie:Bachelor Biochemie]]&lt;br /&gt;
==Vakinformatie==&lt;br /&gt;
Vak van derde bachelor biochemie. Ook gevolgd door zij die willen van chemie en biologie. Gedoceerd door Prof. Lut Arckens, mondeling examen. Ze leest je blad en stelt dan bijvragen. Voorbeelden zijn belangrijk! Er wordt een volle verplichte practicumweek gehouden (je kiest met je groep wanneer je komt en vertrekt) en het examen ervoor is sinds 2008-09 apart en schriftelijk (vragen verschillen van persoon tot persoon daar niet iedereen dezelfde proeven had uitgevoerd tijdens het practicum).&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen==&lt;br /&gt;
===17/01/2019 NM===&lt;br /&gt;
# Figuur, opname bacterie, alles uitleggen, MF, dendritische cel, lymfe knopen, maturatie, ... Heel het immuunsysteem&lt;br /&gt;
# Figuur, muizen SCID en Nude (alles staat op de afbeelding)&lt;br /&gt;
# Figuur, Recombinatie T-cel (zelf aanvullen)&lt;br /&gt;
# MP choice/ juist fout, 3 vraagjes eerste was over iemand die een ziekte had gekregen door het eten van fruit dat ze ingeblikt had. En dan moest ik zeggen welk mechanisme er het meest op ging reageren... Het ging om toxines dus had neutralisation gepakt, dat was juist. 2e snapte ik niets van, ging over bindingen tussen B- en T- cellen, het was complete nonsens, en dus fout. 3e was over recombinatie&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===14 januari 2019 NM===&lt;br /&gt;
# figuur uitleggen: virale infectie en laden van virale peptiden op MHC moleculen + wat daarna?&lt;br /&gt;
# figuur uitleggen: experiment waarin beenmerg wordt getransfereerd naar bestraalde muizen met verschillend MHC genotype &lt;br /&gt;
# figuur uitleggen: 3 manieren waarop Igs met rearranged V-region gewijzigd kunnen worden&lt;br /&gt;
# 5 (gemakkelijke) korte vraagjes: 4 meerkeuze en 1 juist/fout&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 augustus 2018 VM===&lt;br /&gt;
# costimulus op immuuncellen, welke receptor, waarom?&lt;br /&gt;
# class switching uitleggen: wat, wanneer,...&lt;br /&gt;
# NK cellen, waneer, hoe mechanisme, hoe virus MHC-I tegehoudt&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===29 januari 2018 VM===&lt;br /&gt;
# Belang MHCI bij een niet geïnfecteerde cel&lt;br /&gt;
# Activatie van naïve T-cel&lt;br /&gt;
# geeft een verandering in de genen van een BCR uniek voor een b-cel&lt;br /&gt;
===18 januari 2018 VM===&lt;br /&gt;
# Vergelijk folliculaire dendritische cel met een gewone dendritische cel.&lt;br /&gt;
# Leg linked recognition uit en geef een medische toepassing.&lt;br /&gt;
# Leg de werking van interferon gamma uit bij T cel differentiatie.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===16 januari 2018 VM===&lt;br /&gt;
#Belang van Th1 cellen bij immuunrespons tegen intracellulaire bacterien&lt;br /&gt;
#Bespreek de gelijkenissen en verschillen NK en CTL cellen.&lt;br /&gt;
#Bespreek en verklaar de invloed van meerdere immunizaties bij hetzelfde antigen bij humorale respons&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 januari 2018 ===&lt;br /&gt;
#costimulus op immuuncellen, welke receptor, waarom?&lt;br /&gt;
#class switching uitleggen: wat, wanneer,...&lt;br /&gt;
#NK cellen, waneer, hoe mechanisme, hoe virus MHC-I tegehoudt&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 25 augustus 2017 VM ===&lt;br /&gt;
# Bespreek de immuunrespons tegen extracellulaire parasieten.&lt;br /&gt;
# Bespreek activatie van naïve B-cellen&lt;br /&gt;
# Bespreek 3 fundamenteel verschillende mechanismen die auto-immuniteit voorkomen op verschillende plaatsen in het lichaam.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 31 januari 2017 ===&lt;br /&gt;
#immuunrespons tegen extracellulaire parasieten&lt;br /&gt;
#activatie van naïve B-cellen&lt;br /&gt;
#3 verdedigingsmechanisme om autoimmuniteit tegen te gaan&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 30 januari 2017 VM ===&lt;br /&gt;
#Belang van Th1 cellen bij immuunrespons tegen intracellulaire bacterien&lt;br /&gt;
#Affinieteitmaturatie van B cellen&lt;br /&gt;
#Bespreek de cellen die belangrijk zijn bij negatieve selectie van T cellen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 19 januari 2017 VM===&lt;br /&gt;
#Immuunrespons endotheel&lt;br /&gt;
#Thymus onafhankelijke B cel activatie&lt;br /&gt;
#Centrale en perifere tolerantie T cellen a.d.h.v. voorbeeld&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 17 januari 2017 NM=== &lt;br /&gt;
#belang van MHC1 complex en gezonde lichaamscellen &lt;br /&gt;
#Iets van bcr en gentransformatie &lt;br /&gt;
#Activatie van Tcellen &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 17 januari 2017 VM===&lt;br /&gt;
#Bespreek de rol van IFN-alfa en beta bij een virale infectie &lt;br /&gt;
#Bespreek centrale en perifere tolerantie bij B CELLEN&lt;br /&gt;
#Bespreek waarom CD8 T cellen meer stimulatie nodig hebben ivm CD4 T cellen &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 16 januari 2017 NM ===&lt;br /&gt;
#Bespreek immuunrespons tegen extracellulaire parasieten (wormen dus)&lt;br /&gt;
#Bespreek activatie van naïeve B-cellen&lt;br /&gt;
#Bespreek drie fundamenteel verschillende mechanismen die ons beschermen tegen auto-immuniteit.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 25 januari 2016 VM===&lt;br /&gt;
# Geef de verschillen tussen folliculaire en normale dendritische cellen&lt;br /&gt;
# Wat is linked recognition en geef een medische toepassing&lt;br /&gt;
# Welke rol speelt IFN-Î³ bij de T-cel differentiatie?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 12 januari 2016 VM ===&lt;br /&gt;
#Bespreek de immuunrespons op extracellulaire parasieten&lt;br /&gt;
#Hoe worden naïve B-cellen geactiveerd?&lt;br /&gt;
#Bespreek 3 fundamenteel verschillende mechanismen die autoimmuniteit voorkomen op verschillende plaatsen in het lichaam.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 11 januari 2016 NM ===&lt;br /&gt;
#Bespreek het belang en mechanisme van activatie van het vasculair endotheel in de immuunrespons&lt;br /&gt;
# Hoe kunnen B cellen geactiveerd worden als er geen T cellen aanwezig zijn&lt;br /&gt;
# Centrale en perifere tolerantie van T cellen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===13 Jan 2015 (VM)===&lt;br /&gt;
#Functie van interferon alfa en beta in virusinfectie&lt;br /&gt;
#Bespreek aan de hand van een voorbeeld de centrale en perifere tolerantie van B cellen&lt;br /&gt;
#Verklaar waarom CD8 meer costimulus nodig heeft dan CD4&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===29 Jan 2014 (VM)===&lt;br /&gt;
#Bespreek de vasculaire immunorespons van endotheelcellen&lt;br /&gt;
#Bespreek thymus independent activation of B-cells&lt;br /&gt;
#Bespreek aan de hand van een voorbeeld de centrale en perifere tolerantie van B cellen (ze zegt voorbeeld, maar als je gewoon uitlegt hoe de tolerantie tot stand komt is het goed)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===Jan 2014===&lt;br /&gt;
#Functie van interferon alfa en beta in virusinfectie &lt;br /&gt;
#Leg aan de hand van 1 voorbeeld de centrale en periferele tolerant van B cellen uit &lt;br /&gt;
#Verklaar wrm CD8 meer costimulus nodig heeft dan CD4&lt;br /&gt;
===28 Jan 2014 (VM)===&lt;br /&gt;
#Bespreek de expressie van een MHCI op een gezonde lichaamscel&lt;br /&gt;
#Bespreek een verandering in de genen van de BCR die de B-cellen uniek maakt&lt;br /&gt;
#Bespreek T cel priming.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===16 jan 2013 NM===&lt;br /&gt;
(cfr 27 aug 2012)&lt;br /&gt;
#Bespreek immuunrespons tegen extracellulaire parasieten&lt;br /&gt;
#Bespreek activatie van naÃ¯eve B-cellen&lt;br /&gt;
#Bespreek drie fundamenteel verschillende mechanismen die ons beschermen tegen auto-immuniteit.&lt;br /&gt;
===27 aug 2012===&lt;br /&gt;
#Bespreek immuunrespons tegen extracellulaire parasieten&lt;br /&gt;
#Bespreek activatie van naÃ¯eve B-cellen&lt;br /&gt;
#Bespreek drie fundamenteel verschillende mechanismen die ons beschermen tegen auto-immuniteit. &lt;br /&gt;
=== 27 jan 2012 NM===&lt;br /&gt;
# Sommige micro-organismen kunnen enzymen synthetiseren die het Fc fragment van antilichamen kunnen degraderen. Waarom zou deze eigenschap een hogere graad van overleving kunnen opleveren voor het micro-organisme?&lt;br /&gt;
# Bewijs dat thymus-stromacellen essentieel zijn voor de ontwikkeling van T-cellen&lt;br /&gt;
# Bespreek hoe Th1-cellen de reactie tegen intracellulaire pathogenen via de macrofagen coÃ¶rdineren.&lt;br /&gt;
=== 27 jan 2012 VM===&lt;br /&gt;
# Macrofagen zijn zowel in het aangeboren als het adaptief immuunsysteem belangrijk. Verklaar&lt;br /&gt;
# Bespreek de primaire en secundaire antistof reactie&lt;br /&gt;
# Vergelijk NK en CTL cel. Belangrijkste gelijkenissen en verschillen&lt;br /&gt;
=== 22 aug 2011 NM ===&lt;br /&gt;
# Bespreek de rol van macrofagen in zowel de aangeboren en als de adaptieve immuunrespons. &lt;br /&gt;
# Vergelijk de primaire en de secundaire immuunrespons.&lt;br /&gt;
# Bespreek de gelijkenissen en verschillen NK en CTL cellen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 28 jan 2011 VM ===&lt;br /&gt;
# Sommige microorganismen kunnen enzymen synthetiseren die het Fc fragment van antilichamen kunnen degraderen. Waarom zou deze eigenschap een hogere graad van overleving kunnen opleveren voor het microorganisme?&lt;br /&gt;
# Bespreek het hapten-carrier effect en geef een medische toepassing. &lt;br /&gt;
# Hoe kan een T cel aangezet worden tot clonale expansie?&lt;br /&gt;
=== 29 jan 2010 NM ===&lt;br /&gt;
# Bespreek de rol van macrofagen in zowel de aangeboren en als de adaptieve immuunrespons. &lt;br /&gt;
# Vergelijk de primaire en de secundaire immuunrespons.&lt;br /&gt;
# Bespreek de gelijkenissen en verschillen NK en CTL cellen.&lt;br /&gt;
=== 22 jan 2010 NM ===&lt;br /&gt;
# Sommige microorganismen kunnen enzymen synthetiseren die het Fc fragment van antilichamen kunnen degraderen. Waarom zou deze eigenschap een hogere graad van overleving kunnen opleveren voor het microorganisme?&lt;br /&gt;
# Bespreek het hapten-carrier effect en geef een medische toepassing. &lt;br /&gt;
# Hoe kan een T cel aangezet worden tot clonale expansie?&lt;br /&gt;
=== 12 jan 2009 ===&lt;br /&gt;
# Sommige organismen kunnen Fc fragmenten afbreken. waarom zou dit een hogere graad van overlevering opleveren?&lt;br /&gt;
# Bewijs dat thymus stroma cellen essentieel zijn voor de ontwikkeling van T-cellen&lt;br /&gt;
# Bespreek de interactie van Th1 cellen met macrofagen.&lt;br /&gt;
=== 12 jan 2009 ===&lt;br /&gt;
# Bespreek de immunologische respons tegen een bacteriele infectie&lt;br /&gt;
# Bespreek activatie van naive B-cel&lt;br /&gt;
# 3 manieren om auto-immuniteit te omzeilen&lt;br /&gt;
=== 29 jan 2008 ===&lt;br /&gt;
# Sommige pathogenen bevatten enzymen die die Fc fragmenten kunnen degraderen. Hoe kan dit een grotere overlevingskans opleveren voor dit pathogeen&lt;br /&gt;
# Leg het hapteen-carrier effect uit en geef een toepassing&lt;br /&gt;
# Hoe wordt een naÃ¯eve T-cel geactiveerd.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 28 jan 2008 ===&lt;br /&gt;
# Activatie naive B cel&lt;br /&gt;
# Immuunrespons tegen bacteriÃ«le infectie&lt;br /&gt;
# 3 vbn. hoe er gezorgd wordt dat er geen autoimmuniteit is&lt;br /&gt;
=== 24 jan 2008 ===&lt;br /&gt;
# Macrofagen hebben een rol in zowel innate als adaptive immunity, leg uit.&lt;br /&gt;
# Leg de primaire en de secundaire antistofrespons uit.&lt;br /&gt;
# leg gelijkenissen en verschillen uit van NK en CTL cells&lt;br /&gt;
=== 14 jan 2008 ===&lt;br /&gt;
# Bespreek de immuunrespons tegen bacteriÃ«le infectie (neen niet tegen intracellulaire, gewoon baceteriÃ«n int algemeen)&lt;br /&gt;
# Bespreek activatie van naÃ¯eve B cel (neen niet T cel, goed lezen en vooral niet beginnen knallen van T cellen omdagu de voorbeeldvraag nog herinnert)&lt;br /&gt;
# Bespreek de drie mechanismen die het lichaam beschermt tegen autoimmuniteit (of voorkomt of gebruikt ofzo)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Practica:&lt;br /&gt;
# Teken en leg uit. Kan je ook doen me een antigen me maar 1 epitoop&lt;br /&gt;
# Wat leer je erdoor van de pI? Teken.&lt;br /&gt;
# Wat is passieve en actieve hemagluttinatie + tekenen. Bewijs dat de interactie reversibel is&lt;br /&gt;
# Leg het precipitatiemechanisme uit. Wat doet een PD10 kolom, naam + uitleg&lt;br /&gt;
# Welke PAP concentratie verkies je (paar vb getalletjes, je kiest natuurlijk de beste). Verschil passieve en competitieve ELISA&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 24 jan 2007 ===&lt;br /&gt;
# bespreek de naieve Tcel en clonale expansie&lt;br /&gt;
# Fc fragment: sommige organismen kunnen het afbreken. Hoe levert dit een hogere overleving op voor het organisme?&lt;br /&gt;
# wat is het hapteen carrier-effect en geef toepasssingen.&lt;br /&gt;
=== 23 jan 2007 ===&lt;br /&gt;
# bespreek de rol van macrofagen in aangeboren en adaptief immuunrespons&lt;br /&gt;
# vergelijk: Primair vs Secundair immuunrespons&lt;br /&gt;
# bespreek de gelijkenissen en verschillen NK - CTL.&lt;/div&gt;</summary>
		<author><name>Siene</name></author>
	</entry>
	<entry>
		<id>https://wiki.chemika.be/index.php?title=Organische_Chemie&amp;diff=1296</id>
		<title>Organische Chemie</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.chemika.be/index.php?title=Organische_Chemie&amp;diff=1296"/>
		<updated>2018-08-27T08:18:00Z</updated>

		<summary type="html">&lt;p&gt;Siene: /* Vakinformatie */&lt;/p&gt;
&lt;hr /&gt;
&lt;div&gt;[[Categorie:Bachelor Chemie]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Vakinformatie==&lt;br /&gt;
NU&lt;br /&gt;
Vraag 1 (theorie) en vraag 4 (mechanismen) bij Wim De Borggraeve.&lt;br /&gt;
Vraag 5 (retrosynthese) bij Erik Van der Eycken.&lt;br /&gt;
Bekijk zeker het document met uitleg over de examenvragen op Toledo en de eerder gestelde vragen hier op de wiki.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
VROEGER&lt;br /&gt;
Mondeling examen. (Gedoceerd door N. Boens, die afwezigheid in zijn lessen consequent vergeldt op het examen, en wordt geleidelijk overgenomen door Wim De Borggraeve) Ondertussen wordt het vak volledig gegeven door Wim De Borggraeve en Erik Van der Eycken. Examen bestaat uit 5 vragen, vraag 1 en 2 mondeling bij (Boens) Van der Eycken, 3 en 4 bij De Borggraeve. Vraag 5 (synthesen) schriftelijk. Examenvragen komen telkens terug, kijk zeker naar de oude examens op Toledo.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen==&lt;br /&gt;
===23 augustus 2018===&lt;br /&gt;
#Dieckmannreactie&lt;br /&gt;
#stereochemie van 2 paar moleculen, configuratie en E/Z bepalen&lt;br /&gt;
#rangschikken op reactiviteit volgens basciteit, zuurheid, solvolyse&lt;br /&gt;
#Mechanismen toelichten: simpele alkylshift + grignardreactie&lt;br /&gt;
#retrosynthese&lt;br /&gt;
#*geen idee meer, maar je had grignard nodig&lt;br /&gt;
#*epoxide maken van tolueen&lt;br /&gt;
#*fiedelcrafts&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===18 juni 2018 nm===&lt;br /&gt;
# Vergelijk de reactie van cyclopentanon met a) aniline b) dibenzylamine. Welke producten worden gevormd?&lt;br /&gt;
# Stereochemie&lt;br /&gt;
# Reactiviteit Sn2, basiciteit en reactiviteit EAS rangschikken&lt;br /&gt;
# Geef bij a het volledige mechanisme en bij b enkel de opeenvolgende intermediairen zodat het mechanisme duidelijk wordt [[Bestand:Vraag 4.png]]&lt;br /&gt;
# Retrosynthese (geen mechanismen geven)&lt;br /&gt;
[[Bestand:Vraag_5.png]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 juni 2017 nm===&lt;br /&gt;
# Nucleofiele aromatische substitutie van nitrohalogenide&lt;br /&gt;
# Stereochemie&lt;br /&gt;
# Reactiviteit en basiciteit rangschikken&lt;br /&gt;
# Mechanisme geven; ene was een methylshift uitvoeren, andere was een acetaal in een ring (best moeilijke)&lt;br /&gt;
# Retrosynthese&lt;br /&gt;
#* Acetyleen tot een diol&lt;br /&gt;
#* Benzeen tot een benzeen met COOH para to alkylgroep&lt;br /&gt;
#* Malonaat ester tot cylcobutanol&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 juni 2017 vm===&lt;br /&gt;
# Hydrolyse butylacetaat in zuur en base, waarom verzeping onomkeerbaar&lt;br /&gt;
# Stereochemie&lt;br /&gt;
# Rangschik volgens&lt;br /&gt;
#* Basiciteit&lt;br /&gt;
#* Reactiviteit Sn2 (1-broompentaan, 1-chloor-3-methylpentaan, 1-chloor-2-methylpentaan, 1-chloorpentaan, joodbenzeen)&lt;br /&gt;
#* Reactiviteit solvolyse mierenzuur (isopropyljodide, mehtyljodide, tert-butyljodide, 2-fenyl-2joodpropaan)&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* Ingewikkeldere ringvormige structuur, OH groep protoneert en H2O gaat weg als leaving group, carbokation vormt en veel alkylshiften&lt;br /&gt;
#* Verklaar solvolyse reactiviteit in mierenzuur, allylische positie vs gewoon vs anti aromaat&lt;br /&gt;
# Retrosynthese&lt;br /&gt;
#* Malonzuurestersynthese&lt;br /&gt;
#* Acetyleen naar pentaan-2-on&lt;br /&gt;
#* Van fluorbenzeen naar een benzeen met een amine en methoxy die para staan&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===19 juni 2017===&lt;br /&gt;
# Bespreek de claisencondensatie van butylethanoaat &lt;br /&gt;
# Stereochemie&lt;br /&gt;
# Vragen over rangschikking volgens stijgende basiciteit en reactiviteit met Sn2 reacties en reactiviteit bij solvolyse met mierenzuur.&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* Moest gy het reactiemechanisme zeggen waarbij gy eerst moest verzepen en daarna decarboxyleren. &lt;br /&gt;
#* Het reactiemechanisme geven van 2,2-methyl-hexaan-3-ol tot 2-broom-2,3methyl-hexaan en met behulp van HBr&lt;br /&gt;
# Retrosynthese&lt;br /&gt;
#* Cyclohexeen en daarop moest gy COOH op plaatsen 1 plaats verder dan de dubbele binding.&lt;br /&gt;
#* van acetyleen tot pentanal&lt;br /&gt;
#* anisol tot p-propylanisol&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21/08/2015===&lt;br /&gt;
# Dieckmannreactie&lt;br /&gt;
# stereochemie&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* welke best aan elektrofiele aromatische substitutie doet&lt;br /&gt;
#* welke meest bascisch is&lt;br /&gt;
#* welke snelst aan SN2 doet&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* een mechanisme dat je moest maken: een acetaal hydroliseren en dan imine maken&lt;br /&gt;
#* iets van eliminatie dat je moest uitleggen, ging voornamelijk over de antiperiplanaire schikking&lt;br /&gt;
# [[Bestand:Retrosyntheses21aug2015orgchem.png]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===15/06/2015 namiddag===&lt;br /&gt;
# Bespreek de chlorering van anisol en nitrobenzeen. (mondeling, 2 punten)&lt;br /&gt;
# Twee oefeningen waarbij je R en S moest bepalen en zeggen of het stereomeren/enantiomeren/... zijn (schrijftelijk, 2 x 1 punt)&lt;br /&gt;
# Drie oefeningetjes waarbij je moet rangschikken:&lt;br /&gt;
#* welke is het meest basisch&lt;br /&gt;
#* Welke gaat het snelst reageren in een SN2 reactie&lt;br /&gt;
#* Welke reageert het snelst in solvolyse met mierenzuur (schriftelijk, 3 x 1 punt)&lt;br /&gt;
# &lt;br /&gt;
#* Een hele vage molecule die dmv zuur mileu omgezet wordt in een andere nog vagere molecule. (oplossing: was door heel veel hydrideshiften en sterische hinder)&lt;br /&gt;
[[bestand:Vaagmoleculeorgvragen.png]] &lt;br /&gt;
#* Een molecule A die trans stond en een molecule B die cis stond (of andersom) een van de twee gaf Ã©Ã©n molecule na eliminatie, de andere gaf er twee. Waarom? (oplossing: antiperiplanaire shizzle die bij eliminatie staat) (Mondeling 2 x 2 punten)&lt;br /&gt;
# Drie retrosyntheses (schrijftelijk, 3 x 3 punten)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15/6/2015 voormiddag===&lt;br /&gt;
# (mondeling): vergelijk de reactie van een primair en een secundair amine met een keton en wat zijn de verwachte producten.Ook de pH hierbij verklaren (2ptn)&lt;br /&gt;
# R en S geven 2x 2 moleculen + de relatie tussen de 2 moleculen (2x1 ptn)&lt;br /&gt;
# 3 rangschikvragen elk op 1 punt. Wat is het zuurst? Welke reageert het best met...? en nog ene die ik ni meer weet.&lt;br /&gt;
# (mondeling):&lt;br /&gt;
#* leg de additie van dibroom uit aan een (E)-1-noneen in waterig milieu. Geef alle producten en duid de stereocentra aan en geef R en S. (2ptn)&lt;br /&gt;
#* Substitutie van een secundair alcohol da een broomalkaan geeft. Hier staat de broom niet waar de OH groep stond waarom? (tertiare carbokationen zijn stabieler dan secondaire dus er was een omvorming) (2ptn)&lt;br /&gt;
# drie synthesen waarbij ge geen mechanismen moet geven. (3x 3ptn)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===24 juni 2014===&lt;br /&gt;
# Vergelijk de bromering van anisol en nitrobenzeen.&lt;br /&gt;
# Geef aan of de volgende paren moleculen diastereomeren, enantiomeren of identieke verbindingen zijn. Bepaal R/S voor elk stereogeen centrum.&lt;br /&gt;
#* [[Bestand:2a.jpg]]&lt;br /&gt;
#* [[Bestand:2b.jpg]]&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* Rangschik volgens toenemende reactiviteit in S&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;N&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;2: 4-jood-anisol, 1-broom-2-methylhexaan, 1-broompentaan, 1-broom-2,2-dimethylhexaan, 1-broom-3-methylhexaan&lt;br /&gt;
#* Rangschik volgens toenemende basiciteit: &amp;amp;lt;center&amp;amp;gt;[[Bestand:3b.jpg]]&amp;amp;lt;/center&amp;amp;gt;&lt;br /&gt;
#* Rangschik volgens afnemende zuurheid: 2-hexeen, 1-butyn, dichloorazijnzuur, 5,5,5-trifluoropentanol, 2,4-pentaandion&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* Geef een aanvaardbaar mechanisme voor de volgende omzetting. Welk product wordt er nog gevormd? &amp;amp;lt;center&amp;amp;gt;[[Bestand:4a.jpg]]&amp;amp;lt;/center&amp;amp;gt;&lt;br /&gt;
#* Verklaar voor de solvolyse met mierenzuur de waargenomen reactiviteit C &amp;amp;lt; A &amp;amp;lt; B aan de hand van een mechanisme. &amp;amp;lt;center&amp;amp;gt;[[Bestand:4b.jpg]]&amp;amp;lt;/center&amp;amp;gt;&lt;br /&gt;
# Synthese &amp;amp;lt;center&amp;amp;gt;[[Bestand:5.jpg]]&amp;amp;lt;/center&amp;amp;gt;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===18 juni 2014===&lt;br /&gt;
# Vergelijk de bromering van anisol en nitrobenzeen.&lt;br /&gt;
# Enantiomeren, diastereomeren, bepaal R/S&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* Rangschik volgens afnemende reactiviteit in Sn2.: 1-chloorpentaan, 1-chloor-2-methylpentaan, 1-chloor-3-methylpentaan, 1-joodpentaan, chloorbenzeen&lt;br /&gt;
#* Rangschik volgens toenemende basiciteit: anion van keton, ester, diester, diketon, ketoester.&lt;br /&gt;
#* Rangschik volgens afnemende reactiviteit in solvolyse met mierenzuur: isopropyljodidi, tert-butyljodide, methyljodide, 2-fenyl-2-joodpropyl.&lt;br /&gt;
# Geef mechanisme&lt;br /&gt;
#* aldolcondensatie&lt;br /&gt;
#* substitutie van 2,2-dimethyl-3-hexanol met HBr (omlegging).&lt;br /&gt;
# Synthese&lt;br /&gt;
#* hexaandizuur tot 2-methylcyclopentanon&lt;br /&gt;
#* keton tot shiffbase&lt;br /&gt;
#* benzeen tot trichloorbenzeen in meta positie ten opzichte van elkaar.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===24 juni 2011===&lt;br /&gt;
# Wat is de rol van DCC (cicyclohexylcarbodiimide) in de nucleofiele substitutie van een carbonzuur en een amine. Illustreer het mechanisme met de reactie tussen benzoÃ«zuur en dimethylamine. Wat is een alternatieve manier? (geen mechanisme).&lt;br /&gt;
# Zijn de volgende paren van moleculen verschillende manieren om hetzelfde molecule weer te geven of zijn het enantiomeren, diastereomeren, verschillende conformaties, ... [[Bestand:2a.png]] [[Bestand:2b.png]] [[Bestand:2c.png]]&lt;br /&gt;
# &lt;br /&gt;
#* Rangschik volgens toenemende zuurheid: 1-hexeen (A); dibroomazijnzuur (B); 2-butyn (C); 3,3,3-trifluorpropanol (D); pentaan-2,4-dion (E)&lt;br /&gt;
#* Rangschik volgens toenemende basiciteit: [[Bestand:3b.png]]&lt;br /&gt;
#* Rangschik volgens afnemende reactiviteit in een elektrofiele aromatische substitutiereactie: anisol (A); p-dinitrobenzeen (B); tolueen (C); benzonitril (D); chloorbenzeen (E)&lt;br /&gt;
# Geef een aanvaardbaar mechanisme voor volgende omzettingen:&lt;br /&gt;
#* HINT: het zuur reageert eerst met de C=C dubbele binding [[Bestand:4a.png]]&lt;br /&gt;
#* Geef het mechanisme en ook een volgorde voor X (=F, Cl, Br, I) qua reactiviteit: [[Bestand:4b.png]]&lt;br /&gt;
# Syntheses (geen mechanismen vereist):&lt;br /&gt;
#* Synthetiseer Ã©Ã©n van beide moleculen: [[Bestand:5a.png]]&lt;br /&gt;
#* Gebruik het weergegeven keton, butaanzuur en benzeen om volgende omzetting te verwezenlijken. De Wittigreactie is niet mogelijk wegens tetragesubstitueerd alkeen. [[Bestand:5b.png]]&lt;br /&gt;
#* Hoe kan men dit eindproduct maken uit cyclohexanon?&lt;br /&gt;
[[Bestand:5c.png]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===10 juni 2011===&lt;br /&gt;
# Wat is de rol van DCC (dicyclohexylcarbodiimide)in de nucleofile acylsubstitutie van een carbonzuur en een amine. (Mechanisme) Wat is een alternatief voor deze reactie? (geen mechanisme)&lt;br /&gt;
#Identificeer de stereochemische relatie tussen de moleculen van elk van de volgende paren. Stellen de tekeningen verbindingen voor die identiek zijn, of zijn ze enantiomeren, diastereomeren, constitutionele isomeren, verschillende conformaties? Voor elk stereocentrum in die moleculen, geef aan of de configuratie R of S is.&lt;br /&gt;
#* 2-methylcyclohexanol&lt;br /&gt;
#* newmanprojectie met zaagbokprojectie vergelijken van 2 enantiomeren (bijvraag: wat is de definitie van enantiomeren)&lt;br /&gt;
#* 2,3,4 pentaantriol&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#*Rangschikken naar toenemende zuurheid: 2-hexyn; 1-hexyn; 2,2,2 trifluorethanol;  een beta-diketon; dichloorazijnzuur&lt;br /&gt;
#*Rangschikken naar toenemende reactiviteit in een elektrofiele aromatische substitutie &#039;&#039;(tolueen, anisol, m-dinitrobenzeen, fluoorbenzeen en benzonitril)&#039;&#039;&lt;br /&gt;
#*Rangschikken naar toenemende basiciteit: anionen van esters en ketonen.&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#*Verklaar de volgende reactie (Favorski-omlegging) met een aanvaardbaar mechanisme. Hint: Cyclopropanon is zeer reactief t.o.v. een nucleofiel [[Bestand:Organische Favorski 10 juni 2011.jpg]]&lt;br /&gt;
#*Geef een verklaarbaar mechanisme voor de volgende reactie: [[Bestand:Organische 4b 10 juni 2011.gif]]&lt;br /&gt;
#Syntheses: [[Bestand:Organische Retrosynthese 10 juni 2011.jpg]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===18 juni 2010===&lt;br /&gt;
#Bespreek de nucleofiele substitutie van nitrogesubstitueerde arylhalogeniden door natriummethoxide.&lt;br /&gt;
#Identificeer de stereochemische relatie tussen de moleculen van elk van de volgende paren. Stellen de tekeningen verbindingen voor die identiek zijn, of zijn ze enantiomeren, diastereomeren, constitutionele isomeren, verschillende conformaties? Voor elk stereocentrum in die moleculen, geef aan of de configuratie R of S is.&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#*Rangschikken naar toenemende basiciteit&lt;br /&gt;
#*Rangschikken naar toenemende reactiviteit in een elektrofiele aromatische substitutie &#039;&#039;(tolueen, anisol, m-dinitrobenzeen, fluoorbenzeen en benzonitril)&#039;&#039;&lt;br /&gt;
#*Welke verbinding(en) is (zijn) aromatisch volgens de regel van HÃ¼ckel? De vrije elektronenparen zijn niet weergegeven maar zijn wel aanwezig. [[Bestand:Huckel.jpg]]&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#*Verklaar de volgende reactie met een aanvaardbaar mechanisme. Hint: Cyclopropanon is zeer reactief t.o.v. een nucleofiel                          [[Bestand:omzetting.gif]]&lt;br /&gt;
#*Menthylchloride en neomentylchloride (zie onderstaande figuur) ondergaan eliminatie bij behandeling met natriumethoxide in methanol. EÃ©n van de stereo-isomeren reageert veel sneller. Welke en waarom? [[Bestand:Menthyl.jpg]]&lt;br /&gt;
#Syntheses: &#039;&#039;Bij de derde stond gegeven dat het via een beta-keto-ester moest.&#039;&#039;&lt;br /&gt;
[[Bestand:Retro2010.gif]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===19 juni 2009===&lt;br /&gt;
# Claisencondensatie van ethylpropanoaat&lt;br /&gt;
# stereoisomeren en R/S aanduiden&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* is het molecule aromatisch&lt;br /&gt;
#* rangschik volgens basiciteit&lt;br /&gt;
#* rangschik de producten volgens reactiviteit in EAS&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* darzens reactiemechanisme&lt;br /&gt;
#* reactie van natrium jodide op S 1-broom-2-methylbutaan&lt;br /&gt;
# 3 Synthesen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===8 juni 2009===&lt;br /&gt;
# NH2OH+aceton, waarom optimaal bij 4.5 pH&lt;br /&gt;
# stereoisomeren en R/S aanduiden&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* is het molecule aromatisch&lt;br /&gt;
#* rangschik anionen volgens stabiliteit&lt;br /&gt;
#* rangschik de producten volgens reactiviteit in EAS&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* darzens reactiemechanisme&lt;br /&gt;
#*E2 eliminatie op (2S,3S)-2-broom-3-fenylbutaan: regioselectiviteit bespreken&lt;br /&gt;
# synthesen: [[Bestand:organische2009.png]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 juni 2008===&lt;br /&gt;
#Aceton en hydroxylamine. ph-afhankelijkheid. waarom niet te zuur/niet te basisch.&lt;br /&gt;
#R en S bepalen, zegge of het diastereomeren, enantiomeren ... zijn. &lt;br /&gt;
#aromatisch of niet? &lt;br /&gt;
#anionen naar basiciteit, waren moleculen met 1 of 2 carbonyls op&lt;br /&gt;
#Reactiviteit van aromaten bepalen in EAS&lt;br /&gt;
#carbonyls een chirale koolstof ernaast (alphapositie dus) ondergaan racemisatie via enol/enolaat in zuur/basisch milieu. Met   alpha-aminozuren gaat dat niet, noch in basisch noch in zuur milieu. waarom? gebruik l-phenylalanine (structuur gegeven) als voorbeeld.&lt;br /&gt;
#Bepalen van conformatie van het product na E2 van 2-broom-3-fenyl-butaan&lt;br /&gt;
#Synthesen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===10 juni 2008===&lt;br /&gt;
#Dieckmann reactie&lt;br /&gt;
#Bepalen of moleculen: enantiomeren, diastereomeren... zijn&lt;br /&gt;
#Amine naar basisiteit schikken&lt;br /&gt;
#Reactiviteit van aromaten bepalen in EAS&lt;br /&gt;
#Basiciteit van aminen bepalen&lt;br /&gt;
#Reactiemechanisme van een epoxidevorming&lt;br /&gt;
#Bepalen van conformatie van het product na E2 van 2-broom-3-fenyl-butaan&lt;br /&gt;
#Synthesen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===9 juni 2008===&lt;br /&gt;
#Dieckmann reactie&lt;br /&gt;
#Bepalen of moleculen: enantiomeren, diastereomeren,... zijn&lt;br /&gt;
#Stabiliteit van anion bepalen (er zat een aromaat op)&lt;br /&gt;
#Reactiviteit van aromaten bepalen in EAS&lt;br /&gt;
#Basiciteit van aminen bepalen&lt;br /&gt;
#Reactiemechanisme van een acetaalvorming en zeggen waar zuurstof en oorspronkelijke carbonylfunctie naar toe is&lt;br /&gt;
#Bepalen van conformatie van het product na E2 van (2R,3S)-2-broom-3-fenyl-butaan (niet meer zeker van absolute configuraties)&lt;/div&gt;</summary>
		<author><name>Siene</name></author>
	</entry>
	<entry>
		<id>https://wiki.chemika.be/index.php?title=Organische_Chemie&amp;diff=1295</id>
		<title>Organische Chemie</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.chemika.be/index.php?title=Organische_Chemie&amp;diff=1295"/>
		<updated>2018-08-27T08:11:32Z</updated>

		<summary type="html">&lt;p&gt;Siene: /* Examenvragen */&lt;/p&gt;
&lt;hr /&gt;
&lt;div&gt;[[Categorie:Bachelor Chemie]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Vakinformatie==&lt;br /&gt;
Mondeling examen. (Gedoceerd door N. Boens, die afwezigheid in zijn lessen consequent vergeldt op het examen, en wordt geleidelijk overgenomen door Wim De Borggraeve) Ondertussen wordt het vak volledig gegeven door Wim De Borggraeve en Erik Van der Eycken. Examen bestaat uit 5 vragen, vraag 1 en 2 mondeling bij (Boens) Van der Eycken, 3 en 4 bij De Borggraeve. Vraag 5 (synthesen) schriftelijk. Examenvragen komen telkens terug, kijk zeker naar de oude examens op Toledo.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen==&lt;br /&gt;
===23 augustus 2018===&lt;br /&gt;
#Dieckmannreactie&lt;br /&gt;
#stereochemie van 2 paar moleculen, configuratie en E/Z bepalen&lt;br /&gt;
#rangschikken op reactiviteit volgens basciteit, zuurheid, solvolyse&lt;br /&gt;
#Mechanismen toelichten: simpele alkylshift + grignardreactie&lt;br /&gt;
#retrosynthese&lt;br /&gt;
#*geen idee meer, maar je had grignard nodig&lt;br /&gt;
#*epoxide maken van tolueen&lt;br /&gt;
#*fiedelcrafts&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===18 juni 2018 nm===&lt;br /&gt;
# Vergelijk de reactie van cyclopentanon met a) aniline b) dibenzylamine. Welke producten worden gevormd?&lt;br /&gt;
# Stereochemie&lt;br /&gt;
# Reactiviteit Sn2, basiciteit en reactiviteit EAS rangschikken&lt;br /&gt;
# Geef bij a het volledige mechanisme en bij b enkel de opeenvolgende intermediairen zodat het mechanisme duidelijk wordt [[Bestand:Vraag 4.png]]&lt;br /&gt;
# Retrosynthese (geen mechanismen geven)&lt;br /&gt;
[[Bestand:Vraag_5.png]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 juni 2017 nm===&lt;br /&gt;
# Nucleofiele aromatische substitutie van nitrohalogenide&lt;br /&gt;
# Stereochemie&lt;br /&gt;
# Reactiviteit en basiciteit rangschikken&lt;br /&gt;
# Mechanisme geven; ene was een methylshift uitvoeren, andere was een acetaal in een ring (best moeilijke)&lt;br /&gt;
# Retrosynthese&lt;br /&gt;
#* Acetyleen tot een diol&lt;br /&gt;
#* Benzeen tot een benzeen met COOH para to alkylgroep&lt;br /&gt;
#* Malonaat ester tot cylcobutanol&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 juni 2017 vm===&lt;br /&gt;
# Hydrolyse butylacetaat in zuur en base, waarom verzeping onomkeerbaar&lt;br /&gt;
# Stereochemie&lt;br /&gt;
# Rangschik volgens&lt;br /&gt;
#* Basiciteit&lt;br /&gt;
#* Reactiviteit Sn2 (1-broompentaan, 1-chloor-3-methylpentaan, 1-chloor-2-methylpentaan, 1-chloorpentaan, joodbenzeen)&lt;br /&gt;
#* Reactiviteit solvolyse mierenzuur (isopropyljodide, mehtyljodide, tert-butyljodide, 2-fenyl-2joodpropaan)&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* Ingewikkeldere ringvormige structuur, OH groep protoneert en H2O gaat weg als leaving group, carbokation vormt en veel alkylshiften&lt;br /&gt;
#* Verklaar solvolyse reactiviteit in mierenzuur, allylische positie vs gewoon vs anti aromaat&lt;br /&gt;
# Retrosynthese&lt;br /&gt;
#* Malonzuurestersynthese&lt;br /&gt;
#* Acetyleen naar pentaan-2-on&lt;br /&gt;
#* Van fluorbenzeen naar een benzeen met een amine en methoxy die para staan&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===19 juni 2017===&lt;br /&gt;
# Bespreek de claisencondensatie van butylethanoaat &lt;br /&gt;
# Stereochemie&lt;br /&gt;
# Vragen over rangschikking volgens stijgende basiciteit en reactiviteit met Sn2 reacties en reactiviteit bij solvolyse met mierenzuur.&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* Moest gy het reactiemechanisme zeggen waarbij gy eerst moest verzepen en daarna decarboxyleren. &lt;br /&gt;
#* Het reactiemechanisme geven van 2,2-methyl-hexaan-3-ol tot 2-broom-2,3methyl-hexaan en met behulp van HBr&lt;br /&gt;
# Retrosynthese&lt;br /&gt;
#* Cyclohexeen en daarop moest gy COOH op plaatsen 1 plaats verder dan de dubbele binding.&lt;br /&gt;
#* van acetyleen tot pentanal&lt;br /&gt;
#* anisol tot p-propylanisol&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===21/08/2015===&lt;br /&gt;
# Dieckmannreactie&lt;br /&gt;
# stereochemie&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* welke best aan elektrofiele aromatische substitutie doet&lt;br /&gt;
#* welke meest bascisch is&lt;br /&gt;
#* welke snelst aan SN2 doet&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* een mechanisme dat je moest maken: een acetaal hydroliseren en dan imine maken&lt;br /&gt;
#* iets van eliminatie dat je moest uitleggen, ging voornamelijk over de antiperiplanaire schikking&lt;br /&gt;
# [[Bestand:Retrosyntheses21aug2015orgchem.png]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===15/06/2015 namiddag===&lt;br /&gt;
# Bespreek de chlorering van anisol en nitrobenzeen. (mondeling, 2 punten)&lt;br /&gt;
# Twee oefeningen waarbij je R en S moest bepalen en zeggen of het stereomeren/enantiomeren/... zijn (schrijftelijk, 2 x 1 punt)&lt;br /&gt;
# Drie oefeningetjes waarbij je moet rangschikken:&lt;br /&gt;
#* welke is het meest basisch&lt;br /&gt;
#* Welke gaat het snelst reageren in een SN2 reactie&lt;br /&gt;
#* Welke reageert het snelst in solvolyse met mierenzuur (schriftelijk, 3 x 1 punt)&lt;br /&gt;
# &lt;br /&gt;
#* Een hele vage molecule die dmv zuur mileu omgezet wordt in een andere nog vagere molecule. (oplossing: was door heel veel hydrideshiften en sterische hinder)&lt;br /&gt;
[[bestand:Vaagmoleculeorgvragen.png]] &lt;br /&gt;
#* Een molecule A die trans stond en een molecule B die cis stond (of andersom) een van de twee gaf Ã©Ã©n molecule na eliminatie, de andere gaf er twee. Waarom? (oplossing: antiperiplanaire shizzle die bij eliminatie staat) (Mondeling 2 x 2 punten)&lt;br /&gt;
# Drie retrosyntheses (schrijftelijk, 3 x 3 punten)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15/6/2015 voormiddag===&lt;br /&gt;
# (mondeling): vergelijk de reactie van een primair en een secundair amine met een keton en wat zijn de verwachte producten.Ook de pH hierbij verklaren (2ptn)&lt;br /&gt;
# R en S geven 2x 2 moleculen + de relatie tussen de 2 moleculen (2x1 ptn)&lt;br /&gt;
# 3 rangschikvragen elk op 1 punt. Wat is het zuurst? Welke reageert het best met...? en nog ene die ik ni meer weet.&lt;br /&gt;
# (mondeling):&lt;br /&gt;
#* leg de additie van dibroom uit aan een (E)-1-noneen in waterig milieu. Geef alle producten en duid de stereocentra aan en geef R en S. (2ptn)&lt;br /&gt;
#* Substitutie van een secundair alcohol da een broomalkaan geeft. Hier staat de broom niet waar de OH groep stond waarom? (tertiare carbokationen zijn stabieler dan secondaire dus er was een omvorming) (2ptn)&lt;br /&gt;
# drie synthesen waarbij ge geen mechanismen moet geven. (3x 3ptn)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===24 juni 2014===&lt;br /&gt;
# Vergelijk de bromering van anisol en nitrobenzeen.&lt;br /&gt;
# Geef aan of de volgende paren moleculen diastereomeren, enantiomeren of identieke verbindingen zijn. Bepaal R/S voor elk stereogeen centrum.&lt;br /&gt;
#* [[Bestand:2a.jpg]]&lt;br /&gt;
#* [[Bestand:2b.jpg]]&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* Rangschik volgens toenemende reactiviteit in S&amp;amp;lt;sub&amp;amp;gt;N&amp;amp;lt;/sub&amp;amp;gt;2: 4-jood-anisol, 1-broom-2-methylhexaan, 1-broompentaan, 1-broom-2,2-dimethylhexaan, 1-broom-3-methylhexaan&lt;br /&gt;
#* Rangschik volgens toenemende basiciteit: &amp;amp;lt;center&amp;amp;gt;[[Bestand:3b.jpg]]&amp;amp;lt;/center&amp;amp;gt;&lt;br /&gt;
#* Rangschik volgens afnemende zuurheid: 2-hexeen, 1-butyn, dichloorazijnzuur, 5,5,5-trifluoropentanol, 2,4-pentaandion&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* Geef een aanvaardbaar mechanisme voor de volgende omzetting. Welk product wordt er nog gevormd? &amp;amp;lt;center&amp;amp;gt;[[Bestand:4a.jpg]]&amp;amp;lt;/center&amp;amp;gt;&lt;br /&gt;
#* Verklaar voor de solvolyse met mierenzuur de waargenomen reactiviteit C &amp;amp;lt; A &amp;amp;lt; B aan de hand van een mechanisme. &amp;amp;lt;center&amp;amp;gt;[[Bestand:4b.jpg]]&amp;amp;lt;/center&amp;amp;gt;&lt;br /&gt;
# Synthese &amp;amp;lt;center&amp;amp;gt;[[Bestand:5.jpg]]&amp;amp;lt;/center&amp;amp;gt;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===18 juni 2014===&lt;br /&gt;
# Vergelijk de bromering van anisol en nitrobenzeen.&lt;br /&gt;
# Enantiomeren, diastereomeren, bepaal R/S&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* Rangschik volgens afnemende reactiviteit in Sn2.: 1-chloorpentaan, 1-chloor-2-methylpentaan, 1-chloor-3-methylpentaan, 1-joodpentaan, chloorbenzeen&lt;br /&gt;
#* Rangschik volgens toenemende basiciteit: anion van keton, ester, diester, diketon, ketoester.&lt;br /&gt;
#* Rangschik volgens afnemende reactiviteit in solvolyse met mierenzuur: isopropyljodidi, tert-butyljodide, methyljodide, 2-fenyl-2-joodpropyl.&lt;br /&gt;
# Geef mechanisme&lt;br /&gt;
#* aldolcondensatie&lt;br /&gt;
#* substitutie van 2,2-dimethyl-3-hexanol met HBr (omlegging).&lt;br /&gt;
# Synthese&lt;br /&gt;
#* hexaandizuur tot 2-methylcyclopentanon&lt;br /&gt;
#* keton tot shiffbase&lt;br /&gt;
#* benzeen tot trichloorbenzeen in meta positie ten opzichte van elkaar.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===24 juni 2011===&lt;br /&gt;
# Wat is de rol van DCC (cicyclohexylcarbodiimide) in de nucleofiele substitutie van een carbonzuur en een amine. Illustreer het mechanisme met de reactie tussen benzoÃ«zuur en dimethylamine. Wat is een alternatieve manier? (geen mechanisme).&lt;br /&gt;
# Zijn de volgende paren van moleculen verschillende manieren om hetzelfde molecule weer te geven of zijn het enantiomeren, diastereomeren, verschillende conformaties, ... [[Bestand:2a.png]] [[Bestand:2b.png]] [[Bestand:2c.png]]&lt;br /&gt;
# &lt;br /&gt;
#* Rangschik volgens toenemende zuurheid: 1-hexeen (A); dibroomazijnzuur (B); 2-butyn (C); 3,3,3-trifluorpropanol (D); pentaan-2,4-dion (E)&lt;br /&gt;
#* Rangschik volgens toenemende basiciteit: [[Bestand:3b.png]]&lt;br /&gt;
#* Rangschik volgens afnemende reactiviteit in een elektrofiele aromatische substitutiereactie: anisol (A); p-dinitrobenzeen (B); tolueen (C); benzonitril (D); chloorbenzeen (E)&lt;br /&gt;
# Geef een aanvaardbaar mechanisme voor volgende omzettingen:&lt;br /&gt;
#* HINT: het zuur reageert eerst met de C=C dubbele binding [[Bestand:4a.png]]&lt;br /&gt;
#* Geef het mechanisme en ook een volgorde voor X (=F, Cl, Br, I) qua reactiviteit: [[Bestand:4b.png]]&lt;br /&gt;
# Syntheses (geen mechanismen vereist):&lt;br /&gt;
#* Synthetiseer Ã©Ã©n van beide moleculen: [[Bestand:5a.png]]&lt;br /&gt;
#* Gebruik het weergegeven keton, butaanzuur en benzeen om volgende omzetting te verwezenlijken. De Wittigreactie is niet mogelijk wegens tetragesubstitueerd alkeen. [[Bestand:5b.png]]&lt;br /&gt;
#* Hoe kan men dit eindproduct maken uit cyclohexanon?&lt;br /&gt;
[[Bestand:5c.png]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===10 juni 2011===&lt;br /&gt;
# Wat is de rol van DCC (dicyclohexylcarbodiimide)in de nucleofile acylsubstitutie van een carbonzuur en een amine. (Mechanisme) Wat is een alternatief voor deze reactie? (geen mechanisme)&lt;br /&gt;
#Identificeer de stereochemische relatie tussen de moleculen van elk van de volgende paren. Stellen de tekeningen verbindingen voor die identiek zijn, of zijn ze enantiomeren, diastereomeren, constitutionele isomeren, verschillende conformaties? Voor elk stereocentrum in die moleculen, geef aan of de configuratie R of S is.&lt;br /&gt;
#* 2-methylcyclohexanol&lt;br /&gt;
#* newmanprojectie met zaagbokprojectie vergelijken van 2 enantiomeren (bijvraag: wat is de definitie van enantiomeren)&lt;br /&gt;
#* 2,3,4 pentaantriol&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#*Rangschikken naar toenemende zuurheid: 2-hexyn; 1-hexyn; 2,2,2 trifluorethanol;  een beta-diketon; dichloorazijnzuur&lt;br /&gt;
#*Rangschikken naar toenemende reactiviteit in een elektrofiele aromatische substitutie &#039;&#039;(tolueen, anisol, m-dinitrobenzeen, fluoorbenzeen en benzonitril)&#039;&#039;&lt;br /&gt;
#*Rangschikken naar toenemende basiciteit: anionen van esters en ketonen.&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#*Verklaar de volgende reactie (Favorski-omlegging) met een aanvaardbaar mechanisme. Hint: Cyclopropanon is zeer reactief t.o.v. een nucleofiel [[Bestand:Organische Favorski 10 juni 2011.jpg]]&lt;br /&gt;
#*Geef een verklaarbaar mechanisme voor de volgende reactie: [[Bestand:Organische 4b 10 juni 2011.gif]]&lt;br /&gt;
#Syntheses: [[Bestand:Organische Retrosynthese 10 juni 2011.jpg]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===18 juni 2010===&lt;br /&gt;
#Bespreek de nucleofiele substitutie van nitrogesubstitueerde arylhalogeniden door natriummethoxide.&lt;br /&gt;
#Identificeer de stereochemische relatie tussen de moleculen van elk van de volgende paren. Stellen de tekeningen verbindingen voor die identiek zijn, of zijn ze enantiomeren, diastereomeren, constitutionele isomeren, verschillende conformaties? Voor elk stereocentrum in die moleculen, geef aan of de configuratie R of S is.&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#*Rangschikken naar toenemende basiciteit&lt;br /&gt;
#*Rangschikken naar toenemende reactiviteit in een elektrofiele aromatische substitutie &#039;&#039;(tolueen, anisol, m-dinitrobenzeen, fluoorbenzeen en benzonitril)&#039;&#039;&lt;br /&gt;
#*Welke verbinding(en) is (zijn) aromatisch volgens de regel van HÃ¼ckel? De vrije elektronenparen zijn niet weergegeven maar zijn wel aanwezig. [[Bestand:Huckel.jpg]]&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#*Verklaar de volgende reactie met een aanvaardbaar mechanisme. Hint: Cyclopropanon is zeer reactief t.o.v. een nucleofiel                          [[Bestand:omzetting.gif]]&lt;br /&gt;
#*Menthylchloride en neomentylchloride (zie onderstaande figuur) ondergaan eliminatie bij behandeling met natriumethoxide in methanol. EÃ©n van de stereo-isomeren reageert veel sneller. Welke en waarom? [[Bestand:Menthyl.jpg]]&lt;br /&gt;
#Syntheses: &#039;&#039;Bij de derde stond gegeven dat het via een beta-keto-ester moest.&#039;&#039;&lt;br /&gt;
[[Bestand:Retro2010.gif]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===19 juni 2009===&lt;br /&gt;
# Claisencondensatie van ethylpropanoaat&lt;br /&gt;
# stereoisomeren en R/S aanduiden&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* is het molecule aromatisch&lt;br /&gt;
#* rangschik volgens basiciteit&lt;br /&gt;
#* rangschik de producten volgens reactiviteit in EAS&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* darzens reactiemechanisme&lt;br /&gt;
#* reactie van natrium jodide op S 1-broom-2-methylbutaan&lt;br /&gt;
# 3 Synthesen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===8 juni 2009===&lt;br /&gt;
# NH2OH+aceton, waarom optimaal bij 4.5 pH&lt;br /&gt;
# stereoisomeren en R/S aanduiden&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* is het molecule aromatisch&lt;br /&gt;
#* rangschik anionen volgens stabiliteit&lt;br /&gt;
#* rangschik de producten volgens reactiviteit in EAS&lt;br /&gt;
#&lt;br /&gt;
#* darzens reactiemechanisme&lt;br /&gt;
#*E2 eliminatie op (2S,3S)-2-broom-3-fenylbutaan: regioselectiviteit bespreken&lt;br /&gt;
# synthesen: [[Bestand:organische2009.png]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===23 juni 2008===&lt;br /&gt;
#Aceton en hydroxylamine. ph-afhankelijkheid. waarom niet te zuur/niet te basisch.&lt;br /&gt;
#R en S bepalen, zegge of het diastereomeren, enantiomeren ... zijn. &lt;br /&gt;
#aromatisch of niet? &lt;br /&gt;
#anionen naar basiciteit, waren moleculen met 1 of 2 carbonyls op&lt;br /&gt;
#Reactiviteit van aromaten bepalen in EAS&lt;br /&gt;
#carbonyls een chirale koolstof ernaast (alphapositie dus) ondergaan racemisatie via enol/enolaat in zuur/basisch milieu. Met   alpha-aminozuren gaat dat niet, noch in basisch noch in zuur milieu. waarom? gebruik l-phenylalanine (structuur gegeven) als voorbeeld.&lt;br /&gt;
#Bepalen van conformatie van het product na E2 van 2-broom-3-fenyl-butaan&lt;br /&gt;
#Synthesen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===10 juni 2008===&lt;br /&gt;
#Dieckmann reactie&lt;br /&gt;
#Bepalen of moleculen: enantiomeren, diastereomeren... zijn&lt;br /&gt;
#Amine naar basisiteit schikken&lt;br /&gt;
#Reactiviteit van aromaten bepalen in EAS&lt;br /&gt;
#Basiciteit van aminen bepalen&lt;br /&gt;
#Reactiemechanisme van een epoxidevorming&lt;br /&gt;
#Bepalen van conformatie van het product na E2 van 2-broom-3-fenyl-butaan&lt;br /&gt;
#Synthesen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===9 juni 2008===&lt;br /&gt;
#Dieckmann reactie&lt;br /&gt;
#Bepalen of moleculen: enantiomeren, diastereomeren,... zijn&lt;br /&gt;
#Stabiliteit van anion bepalen (er zat een aromaat op)&lt;br /&gt;
#Reactiviteit van aromaten bepalen in EAS&lt;br /&gt;
#Basiciteit van aminen bepalen&lt;br /&gt;
#Reactiemechanisme van een acetaalvorming en zeggen waar zuurstof en oorspronkelijke carbonylfunctie naar toe is&lt;br /&gt;
#Bepalen van conformatie van het product na E2 van (2R,3S)-2-broom-3-fenyl-butaan (niet meer zeker van absolute configuraties)&lt;/div&gt;</summary>
		<author><name>Siene</name></author>
	</entry>
	<entry>
		<id>https://wiki.chemika.be/index.php?title=Algemene_Natuurkunde_II&amp;diff=1294</id>
		<title>Algemene Natuurkunde II</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wiki.chemika.be/index.php?title=Algemene_Natuurkunde_II&amp;diff=1294"/>
		<updated>2018-08-27T08:06:57Z</updated>

		<summary type="html">&lt;p&gt;Siene: /* Examenvragen */&lt;/p&gt;
&lt;hr /&gt;
&lt;div&gt;[[Categorie:Bachelor Chemie]]&lt;br /&gt;
[[Categorie:Bachelor Biochemie]]&lt;br /&gt;
==Vakinformatie==&lt;br /&gt;
Vervolgvak op Algemene natuurkunde I. Vanaf het academiejaar 2009-2010 gedoceerd door prof Wübbenhorst.(&#039;&#039;&#039;Let dus op, de oudere vragen komen van prof. Janssen&#039;&#039;&#039;)  Het is geen jaarvak meer, enkel examen in januari dus. Het betreft een mondeling examen met schriftelijke voorbereiding.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
[[Categorie:Bachelor Chemie]]&lt;br /&gt;
[[Categorie:Bachelor Biochemie]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
==Examenvragen==&lt;br /&gt;
===24 augustus 2018===&lt;br /&gt;
#halfgeleiders + pn-juncite&lt;br /&gt;
#wet Biot-Savart toepassen op oneindig lange rechte draad&lt;br /&gt;
#condensator gevuld met water, oppervlakte lading en E berkekenen&lt;br /&gt;
#dikte miccaplaatje met proef van Young bepalen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===22 januari 2018 vm===&lt;br /&gt;
Zelfde als 15 januari 2018&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===19 januari 2018 vm===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#De wet van Biot-Savart&lt;br /&gt;
#Verschil tussen intrinsieke en gedopeerde halfgeleider + pn-junctie&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
#2 bolschillen met lading q en -q, straal r1 en r2, bereken het potentiaalverschil en capaciteit.&lt;br /&gt;
#er zijn twee verschillende stukken glas, met lengte l1 = 4 micrometer, l2 = 3,5 micrometer, n1 = 1,4, n2 = 1,6. Je stuurt er een lichtstraal door met golflengte lambda = 600 nm. Ze komen in dezelfde fase toe op de stukken glas, loodrecht, en gaan dan door naar een scherm. Wat is het faseverschil tussen de twee golven wanneer ze op het scherm komen?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===18 januari 2018 vm===&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Zie examen 17 januari 2017&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Er werd ook nog gevraagd naar ferromagnetisme bij vraag 1&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===15 januari 2018 nm===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#Beweging van een geladen deeltje in een magneetveld + massaspectrometer en cyclotron uitleggen&lt;br /&gt;
#RLC-keten uitleggen &lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
#We weten van een micaplaatje dat het tussen de 6 en de 7 µm dik is. Om de dikte exact te bepalen gebruiken we de proef van Young, waarbij we het micaplaatje voor één van de spleten zetten (n=1,582). Er verschijnt een centraal maximum wanneer we golflengte 539 nm gebruiken. Wat is dus de precieze dikte van het micaplaatje?&lt;br /&gt;
#De ruimte tussen de platen tussen een condensator wordt helemaal opgevuld met zuiver water. Het dipoolmoment van een watermolecule is 6.10x10^-30Cm. Water heeft een dichtheid van 1.00g/cm³ en een molaire massa van 18g. De diëlektrische constante van water is 80. Het getal van Avogadro is 6.02x10^23. &lt;br /&gt;
#* Veronderstel dat de condensator zodanig opgeladen zou kunnen worden dat alle elektrische dipolen perfect uitgelijnd zijn met het elektrisch veld. Wat zou dan de geïnduceerde oppervlakteladingsdichtheid aan het wateroppervlak zijn? &lt;br /&gt;
#* Veronderstel dat de condensator zodanig opgeladen wordt, dat die geïnduceerde oppervlakteladingsdichtheid één duizendste bedraagt van de hierboven berekende waarde. Hoe groot is dan het elektrisch veld in de condensator?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 januari 2017 nm===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#Polarisatie toestanden&lt;br /&gt;
#Gedopeerde halfgeleiders vs zuivere halfgeleiders en de PN-junctie&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
#2 bolschillen. Potentiaal verschil en Electrisch veld berekenen van R naar oneindig.&lt;br /&gt;
#Solenoïde: magnetisch kracht na lange tijd en wanneer is deze half zo groot? (vermogen berekenen en hoeveel procent van het vermogen heeft het de 2e dan verbruikt)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 januari 2017 vm===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#Rlc keten uitleggen&lt;br /&gt;
#Wet van ampere (tijdsafhankelijk en onafhankelijk)&lt;br /&gt;
Oefeningen: &lt;br /&gt;
#een bol met 2 stralen en een elektrisch veld waarvan de lading en de potentiaal berekend moeten worden &lt;br /&gt;
#de oefening met licht dat door een gat moet op een hoogte van 50mm, gat zelf is 10mm groot en staat op 30 cm van de bron, wat zijn de golflengtes die aankomen bij het gat?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===19 januari 2017 nm===&lt;br /&gt;
helemaal hetzelfde als de voormiddag&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===19 januari 2017 vm===&lt;br /&gt;
Theorie: &lt;br /&gt;
#Halfgeleiders (+grafieken temperatuursafhankelijkheid van n-en p-types)&lt;br /&gt;
#Biot-savart (eindig en oneindig)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
#2 bolschillen: potentiaalverschil en capaciteit berekenen&lt;br /&gt;
#2 stukjes glas met lichtstraal (zelfde golflengte) erdoor: faseverschil berekenen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 17 januari 2017===&lt;br /&gt;
Zie examen 18 januari 2016. &lt;br /&gt;
#Magnetisatie en magnetische suceptibiliteit&lt;br /&gt;
#LASER&lt;br /&gt;
Bijvragen bij de werking van de LASER: wat zijn de eigenschappen van laserlicht? Wat zorgt voor de overgang van niveau 2 naar niveau1?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
oefeningen&lt;br /&gt;
#oefening van condensator waarvan afstand tussen de platen met 20% verminderd wordt&lt;br /&gt;
#micaplaatje&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 16 januari 2017===&lt;br /&gt;
Theorie: &lt;br /&gt;
#RLC-keten&lt;br /&gt;
#Beschrijf de beweging van een geladen deeltje in een magnetisch veld, cyclotron en massaspectrometer&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
#mica&lt;br /&gt;
#water in condensator&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 18 januari 2016===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#Magnetisatie en magnetische suceptibiliteit&lt;br /&gt;
#LASER&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
#oef van condensator waarvan afstand tussen de platen met 20% verminderd wordt&lt;br /&gt;
#oef van het mica plaatje met dikte tussen 6 en 7 micro meter&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 januari 2016 NM===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#Magnetisatie en magnetische suceptibiliteit&lt;br /&gt;
#LASER&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
#oef van condensator waarvan afstand tussen de platen met 20% verminderd wordt&lt;br /&gt;
#oef van het mica plaatje met dikte tussen 6 en 7 micro meter&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 15 januari 2016 VM===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#laser&lt;br /&gt;
#magnetisatie en magnetische susceptibiliteit&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
#mica plaatje&lt;br /&gt;
#RC keten V1, V2 en V3 bepalen plus tijd waarop V het gemiddelde is van 2&amp;amp;amp;3&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 14 januari 2016 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#zuivere vs gedopeerde halfgeleiders (nog iets extra, we moesten nog een grafiek geven die in de slides staan maar niet in het boek: elektrische geleiding ifv temperatuur, maja dat was gewoon een bijvraag) + pn-junctie&lt;br /&gt;
#Geef de wet van Biot Savart en pas dit toe op een oneindig lange stroomvoerende draad&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen: &lt;br /&gt;
#2 geleidende bolschillen met zelfde middelpunt, verschillende stralen (R1, R2, respectievelijk kleinste en grootste). Op de kleinste zit een lading q, op de grootste een lading -q. Bepaal het potentiaalverschil tussen R2 en R1. Bepaal ook de capaciteit van deze condensator.&lt;br /&gt;
#er zijn twee verschillende stukken glas, met lengte l1 = 4 micrometer, l2 = 3,5 micrometer, n1 = 1,4, n2 = 1,6. Je stuurt er een lichtstraal door met golflengte lambda = 600 nm. Ze komen in dezelfde fase toe op de stukken glas, loodrecht, en gaan dan door naar een scherm. Wat is het faseverschil tussen de twee golven wanneer ze op het scherm komen?&lt;br /&gt;
(check oefeningen van examen 10 juni 2011)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===11 januari 2016===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#Wet van Ampère (uitbreiding) en daarbij ook de B rond een gesloten kromme.&lt;br /&gt;
#RLC uitleggen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# Bol met bolschil errond en zo diffractie, door da scherm met 200 lijnen / mm en dan een vierkantje op het waarnemingsscherm. (welke golflengten gaan door da vierkantje?)&lt;br /&gt;
===16 januari 2015===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#magnetisatie&lt;br /&gt;
#LASER&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
#RC-keten en V1,V2,V3 bepalen&lt;br /&gt;
#mica&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===15 januari 2015===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#Wet van Ampère&lt;br /&gt;
#RLC in serie&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
#een bol en een bolschil, elektrisch veld en stralen gegeven en dan moest je de lading en de potentiaal aan het opp van de bol berekenen&lt;br /&gt;
#spleet, berekenen welke golflengtes er in het vierkant vallen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===12 januari 2015===&lt;br /&gt;
Theorie: &lt;br /&gt;
#zuivere vs gedopeerde halfgeleiders + pn-junctie &lt;br /&gt;
#de wet van Biot-Savart en de oneindige rechte geleider afleiden.&lt;br /&gt;
Oefeningen: &lt;br /&gt;
#bolvormige condensator (V + C berekenen)&lt;br /&gt;
#lichtstralen van dezelfde golflengte die door 2 glasblokjes gaan, faseverschil berekenen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===26 januari 2015===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#Beschrijf de beweging van een geladen deeltje in een magnetisch veld, cyclotron en massaspectrometer&lt;br /&gt;
#LRC-kring&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
#Water in condensator&lt;br /&gt;
#Micaplaatje&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===20 januari 2014 voormiddag===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Magnetisatie en magnetische susceptibiliteit.&lt;br /&gt;
#LASER&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen: exact zoals 10 juni 2013 (voormiddag)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 14 januari 2014 voormiddag ===&lt;br /&gt;
Exact hetzelfde examen als 14 juni 2013. Zelfs de oefeningen waren dezelfde.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 19 juni 2013 namiddag ===&lt;br /&gt;
Exact hetzelfde examen als 10 juni 2013 namiddag. Zelfs de oefeningen waren dezelfde&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 14 juni 2013 (zowel voor- als namiddag!)===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#Bespreek de beweging van een geladen deeltje in een magneetveld, plus uitleg cyclotron en massaspectrometer.&lt;br /&gt;
#Bespreek de RLC kring&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
#We weten van een micaplaatje dat het tussen de 6 en de 7 Âµm dik is. Om de dikte exact te bepalen gebruiken we de proef van Young, waarbij we het micaplaatje voor één van de spleten zetten (n=1,582). Er verschijnt een centraal maximum wanneer we golflengte 539 nm gebruiken. Wat is dus de precieze dikte van het micaplaatje?&lt;br /&gt;
#De ruimte tussen de platen tussen een condensator wordt helemaal opgevuld met zuiver water. Het dipoolmoment van een watermolecule is 6.10x10-30Cm. Water heeft een dichtheid van 1.00g/cmÂ³ en een molaire massa van 18g. De diëlektrische constante van water is 80. Het getal van Avogadro is 6.02x1023. &lt;br /&gt;
#* Veronderstel dat de condensator zodanig opgeladen zou kunnen worden dat alle elektrische dipolen perfect uitgelijnd zijn met het elektrisch veld. Wat zou dan de geïnduceerde oppervlakteladingsdichtheid aan het wateroppervlak zijn? &lt;br /&gt;
#* Veronderstel dat de condensator zodanig opgeladen wordt, dat die geïnduceerde oppervlakteladingsdichtheid één duizendste bedraagt van de hierboven berekende waarde. Hoe groot is dan het elektrisch veld in de condensator?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 11 juni 2013 (zowel voor- als namiddag!)===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Leg uit, wet van Ampère zowel tijds als niet tijdsafhankelijk.&lt;br /&gt;
# Leg RLC kring uit&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# Gegeven een bol met een lading en daar rond een bolschil, samen zijn ze ongeladen maar elk apart bezitten ze een lading. Geef hiervoor de lading van de bol en zijn potentiaal aan zijn oppervlak. Gegeven zijn de stralen van de bollen en de grootte van het elektrische veld.&lt;br /&gt;
# Golflengten tussen 400 en 700nm worden op een diffractierooster gestuurd met 200 lijnen/mm. Waarnemingsscherm staat op 0.3m. Op dit scherm is op een afstand van 0.05m een gat geknipt, een vierkant met zijden 0.01m. Welke golflengten zullen door dit gat vallen?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 10 juni 2013 (namiddag)===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#Geef de wet van Biot Savart en pas dit toe op een oneindig lange stroomvoerende draad&lt;br /&gt;
#Wat is een virtueel beeld? Kan je dat vormen met een vlakken spiegel? Holle spiegel? Bolle spiegel? Welke omstandigheden? &lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
#Dieje kubus (zie oude examenvragen)&lt;br /&gt;
#Iets met een RLC kring met uitzonderlijke omstandigheden, R gegeven, wat is de capaciteit en de inductie in de kring. Uitzondelijke omstandighede dus da de amplitude van uw weerstand = amplitude zelfinductie = amplitude condensator = amplitude van de bron, en ge had ook een frequentie gegeven&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 10 juni 2013 (voormiddag)===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Bespreek polarisatietechnieken (verstrooiing, dichroïsme etc...)&lt;br /&gt;
# Magnetisatie &amp;amp;amp; magnetische susceptibiliteit&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
#Gegeven is een RC-kring met R=100 kOhm; C=9,40 ÂµF; en V(bron)=15,0 V. Na lang wachten (de condensator eerst helemaal laten opladen) verminderen we de afstand tussen condensatorplaten met 20%, in verwaarloosbaar tijdsinterval. &lt;br /&gt;
#*Bereken potentiaalverschil over de condensator vlak voor (V1) en vlak na die verandering (V2)&lt;br /&gt;
#*Bereken het potentiaalverschil over de condensator op lange tijd na de verandering (V3). &lt;br /&gt;
#*Op welk tijdstip na de verandering zal de spanning over de weerstand gelijk zijn aan het gemiddelde van V2 en V3?&lt;br /&gt;
#We weten van een micaplaatje dat het tussen de 6 en de 7 Âµm dik is. Om de dikte exact te bepalen gebruiken we de proef van Young, waarbij we het micaplaatje voor één van de spleten zetten (n=1,582). Er verschijnt een centraal maximum wanneer we golflengte 539 nm gebruiken. Wat is dus de precieze dikte van het micaplaatje?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 12 juni 2012===&lt;br /&gt;
Theorie: &lt;br /&gt;
# Wet van Ampere bespreken voor stationaire en niet stationaire stromen&lt;br /&gt;
# RLC kring bespreken&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# Er is een kubus gegeven met zijde a die in de oorsprong ligt van het xyz assenstelsel. Er is een elektrisch veld E_(=vector) = c*x*y*i_(i_ is de eenheidsvector) en c=844 N/(C*m^2). dit elektrisch veld is evenwijdig met de x-as. hoe groot moet zijde a zijn zodat de kubus 7nC bevat?&lt;br /&gt;
# ?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 11 juni 2012===&lt;br /&gt;
Exact dezelfde vragen als 27 juni 2011. Zelfs de waarden bij de oefeningen waren hetzelfde.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 27 juni 2011===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Leg uit: magnetisatie en magnetische susceptibiliteit&lt;br /&gt;
# Bespreek de werking van een LASER&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# Gegeven is een RC-kring met R=100 kOhm; C=9,40 ÂµF; en V(bron)=15,0 V. Na lang wachten (de condensator eerst helemaal laten opladen) verminderen we de afstand tussen condensatorplaten met 20%, in verwaarloosbaar tijdsinterval. a) Bereken potentiaalverschil over de condensator vlak voor (V1) en vlak na die verandering (V2). b) Bereken het potentiaalverschil over de condensator op lange tijd na de verandering (V3). c) Op welk tijdstip na de verandering zal de spanning over de weerstand gelijk zijn aan het gemiddelde van V2 en V3?&lt;br /&gt;
# We weten van een micaplaatje dat het tussen de 6 en de 7 Âµm dik is. Om de dikte exact te bepalen gebruiken we de proef van Young, waarbij we het micaplaatje voor Ã©Ã©n van de spleten zetten (n=1,582). Er verschijnt een centraal maximum wanneer we golflengte 539 nm gebruiken. Wat is dus de precieze dikte van het micaplaatje?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 17 juni 2011 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Bespreek de beweging van een geladen deeltje in een magneetveld, plus uitleg cyclotron en massaspectrometer.&lt;br /&gt;
# Effectiefspanning uitleggen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 14 juni 2011 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Geef wet van Biot-Savart en leid af voor een oneindig lange stroomvoerende draad&lt;br /&gt;
# Wat zijn mogelijke polarisatietoestanden van EM-straling? (geen polarisatietechnieken)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# Een kring met een solenoïde met 35mH en een weerstand van 0,35 Ohm, aangesloten op een batterij van 12V. Wat is de magnetische energie die de batterij heeft na een lange tijd? Hoeveel vermogen moet het batterij dan nog leveren? Na hoeveel tijd is de energie half zo groot? Wa is dan het vermogen v.d. batterij en hoeveel procent vraagt het opwekken van magnetische arbeid dan?&lt;br /&gt;
# Een tweespleten systeem met lambda = 500nm, d = 0,150mm en a = 30,0Âµm. Hoe vaak komen maxima voor? (enzovoort)&lt;br /&gt;
=== 10 juni 2011 (voormiddag) ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Wat is het verschil tussen een zuivere halfgeleider en een gedopeerde halfgeleider? geef uitleg over de pn-junctie.&lt;br /&gt;
# Leg uit wat een virtueel beeld is. Is het mogelijk om dit van een reëel voorwerp te bekomen bij een vlakke/holle/bolle spiegel. Onder welke omstandigheden?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
oefeningen:&lt;br /&gt;
# Er is een kubus gegeven met zijde a die in de oorsprong ligt van het xyz assenstelsel. Er is een elektrisch veld E_(=vector) = c*x*y*i_(i_ is de eenheidsvector) en c=844 N/(C*m^2). dit elektrisch veld is evenwijdig met de x-as. hoe groot moet zijde a zijn zodat de kubus 7nC bevat?&lt;br /&gt;
# Je hebt een wisselspanningskring gegeven met V0 = 30,0V; omega = 314rad/s; I0=620mA ;en v=V0sin(omega*t-pi/4) en i=-I0cos(omega*t-pi/4). In de kring zit alleen nog een element X.&lt;br /&gt;
* identificeer dit element volledig&lt;br /&gt;
* door welk ander element kan je dit vervangen zodat de stroomamplitude gelijk blijft(de fase mag verschillen) en identificeer dat element. Je moet er maar 1 geven maar er zijn er 2 mogelijk.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 10 juni 2011 (namiddag) ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Bespreek de RLC-keten waarop een wisselspanning is aangesloten&lt;br /&gt;
# Wet van Ampère uitleggen (stationair en niet-stationair) Hij zegt er ook bij dat het gaat om het magneetveld rond een gesloten kromme, dus juiste formule vinden niet moeilijk&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# 2 geleidende bolschillen met zelfde middelpunt, verschillende stralen (R1, R2, respectievelijk kleinste en grootste). Op de kleinste zit een lading q, op de grootste een lading -q. Bepaal het potentiaalverschil tussen R2 en R1. Bepaal ook de capaciteit van deze condensator.&lt;br /&gt;
# er zijn twee verschillende stukken glas, met lengte l1 = 4 micrometer, l2 = 3,5 micrometer, n1 = 1,4, n2 = 1,6. Je stuurt er een lichtstraal door met golflengte lambda = 600 nm. Ze komen in dezelfde fase toe op de stukken glas, loodrecht, en gaan dan door naar een scherm. Wat is het faseverschil tussen de twee golven wanneer ze op het scherm komen?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 11 juni 2010 ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#Bespreek de beweging van een geladen deeltje in een magneetveld, plus uitleg cyclotron en massaspectrometer.&lt;br /&gt;
#Bespreek alle mogelijke polarisatie-toestanden van een EM-golf, manieren om polarisatie te bekomen niet beschrijven.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# Men laadt een condensator met een capaciteit 17mF volledig op en men koppelt hem dan los van de bron. Hierna is er een arbeid van 18,5 joule nodig om een extra lading van 13 mC van de ene plaat van de condensator naar de andere over te brengen. Wat was de EMK van de bron?&lt;br /&gt;
# Een spoel van 100 windingen wordt rond een cilinder gewikkeld met een doorsnede van 12 cmÂ². De cilinder is van een middenstof met Âµr = 1. Er wordt een magneetveld aangelegd van 1,6 T dat in de tijd omwisselt van de ene naar de andere richting maar altijd evenwijdig loopt met de symmetrieas van de spoel. Een weerstand van 13 Ohm wordt op de spoel aangesloten. Geef de lading die door deze weerstand stroomt.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
=== 7 juni 2010 (WÃ¼bbenhorst dus) ===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# RLC-keten met wisselspanning uitleggen&lt;br /&gt;
# Wat is het verschil tussen een zuivere halfgeleider en een gedopeerde halfgeleider? geef uitleg over de pn-junctie.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# over een solenoïde met een L en een R die verbonden zijn aan een batterij. L, R en V waren gegeven en men vroeg de energie van de spoel op t= oneindig en vermogen dat de batterij moest leven&lt;br /&gt;
# ging over 2 stralen door glas met 2 verschillende n, met uiteindelijk de vraag: wat is het faseverschil van de 2 stralen aan het scherm achter het doorlopen van het glas?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===22 augustus 2009===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#Bespreek Foucaultstromen&lt;br /&gt;
#Effectiefspanning en effectiefstroom uitleggen&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
(Iemand aub?)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===17 augustus 2009===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
#Leid een formule af voor de capaciteit van een vlakke en een cilindrische condensator&lt;br /&gt;
#Bespreek ferromagnetisme&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
#Een lading zit vast op een gegeven positie (x,y,z). Een andere lading beweegt van positie 1 (X1,Y1,Z1) naar 2 (X2,Y2,Z2). De ladingen zijn gegeven, de coordinaten ook. Hoeveel energie kost het om deze lading van positie 1 naar 2 te verplaatsen?&lt;br /&gt;
#Een oefening analoog aan weerkaatsing aan een zeepbel, of iets dergelijks. Opgave weet ik niet meer goed. (Iemand?)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===19 juni 2009===&lt;br /&gt;
Theorie: &lt;br /&gt;
# Vergelijk de gelijkstroom RC- en LR-kring.&lt;br /&gt;
# Bespreek alle mogelijke polarisatietoestanden van EM-straling. Methoden om dit te bereiken hoeven niet besproken te worden.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# We beschouwen een niet geleidende plaat van grote afmetingen. Op de ene zijde staat een positieve oppervlaktelading, op de andere zijde een negatieve (getallen gegeven uiteraard). Een proton wordt op 1mm afstand van de plaat vanuit rust losgelaten. Wat is de snelheid op 2 mm van de plaat?&lt;br /&gt;
# Effectiefspanning berekenen adhv. een gegeven v(t)-curve.&lt;br /&gt;
:[[Bestand:driehoekspanning.gif]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===12 juni 2009===&lt;br /&gt;
Theorie: &lt;br /&gt;
# LASER.&lt;br /&gt;
# Wederzijdse inductie en zelfinductie.&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# ?&lt;br /&gt;
# ?&lt;br /&gt;
 &lt;br /&gt;
===12 juni 2009===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Geef de wet van Ampère voor stationaire stromen + voorbeeld. Leg uit welke aanpassing gedaan moet worden zodat deze wet ook geldig is voor tijdsafhankelijke stromen.&lt;br /&gt;
# Leg uit hoe men oscillerende .. kunt krijgen in een LC-kring.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# Een puntlading q bevindt zich op een afstand x op de middelloodlijn van een niet geleidende draad (2l) waar een homogeen verdeelde lading Q op zit. Wat is de kracht dat deze puntlading ondervindt?&lt;br /&gt;
# Zender op hoogte 70m, lengte van 1km en een ontvanger op hoogte x. Wat is kleinste x waar een maximum van straling invalt. Houd rekening met de rechtstreekse stralen en de gereflecteerde stralen op water.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===8 jun 2009===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Leidt een formule af voor de capaciteit van een vlakke en een cilindrische condensator.&lt;br /&gt;
# Wat wordt er bedoeld met magnetisatie? Leg uit: relatieve permeabileit en magnetische susceptibiteit.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# Twee spoelen staan of vaste afstand van elkaar. Door de ene spoel loopt een stroom van 1A en de flux erdoor is 0.010Wb. Indien men nu een stroom van 2A door de tweede spoel stuurt, bedraagt de flux door de eerste spoel 0.012Wb.&lt;br /&gt;
#* Bereken de magnetische flux door de 2de spoel, gegeven dat de zelfinductie ervan gelijk is aan 0.003 (iets in die aard).&lt;br /&gt;
#* Bereken de wederzijdse inductiecoefficient.&lt;br /&gt;
#* Bereken de zelfinductie van de eerste spoel.&lt;br /&gt;
# Een radiogolf zendmast in punt B staat op 20km afstand van huis H. De intensiteit in H wordt gegeven door een gekende I[sup]0[/sup]. Op 100m afstand van mast B bouwt men een 2de mast A, die een hoek &amp;amp;lt;math&amp;amp;gt;&amp;amp;amp;\X\theta \widehat{B A H}&amp;amp;lt;/math&amp;amp;gt; is 30Â° (geen idee hoeveel het juist was).&lt;br /&gt;
#* Bereken de intensiteit in H.&lt;br /&gt;
#:[[Bestand:ANII-8.6.2009-oef2.png]]&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===8 jun 2009===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Bespreek RC-filters.&lt;br /&gt;
# Bespreek diffractie bij een oneindig lange spleet en (beknopt) bij een rechthoekige spleet.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# Twee RC-kringen gegeven, constructie van vanalle condensatoren in serie en parallel; V en R gegeven bij de ene kring; stroom door beide spanningsbronnen is gelijk; bereken Vx en R van de andere kring.&lt;br /&gt;
# Oneindig lange draad en in hetzelfde vlak evenwijdig ermee een vierkant. Bereken de wederzijdse inductiecoëfficiënt (afstand draad tot vierkant gegeven + lengte zijde vierkant).&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===16 jun 2008===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Bespreek de beweging van een geladen deeltje in een magneetveld. Leg, bij wijze van voorbeeld, de werking uit van een massaspectrometer of van een cyclotron.&lt;br /&gt;
# Bespreek de mogelijke polarisatietoestanden van em-straling (niet de methodes om tot polarisatie te komen)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# Condensator ( C= 17 microF) wordt een een onbekende batterij geschakeld en volledig opgeladen. Dan losgekoppeld. Er is aan arbeid 18,5J nodig om een bijkomende lading van 13,0 mC van de ene plaat naar de andere te verplaatsen. Bepaal emk van de batterij.&lt;br /&gt;
# spoel met 100 windingen wordt rond een metalen cilinder gewikkeld met een doorsnede van 12 cmÂ² en mu r = 1. Er wordt een weerstand over de spoel geplaatste van 13 ohm. Er is een magneet veld die door de spoel loopt (parallel met de as). Dit magneetveld varieert gedurende een bepaalde tijd van 1,6T in de ene richting naar 1,6T in de andere richting. Hoeveel lading loopt er in die tijd door de weerstand.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===16 jun 2008===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Bespreek een geleider in elektrostatisch evenwicht.&lt;br /&gt;
# Bespreek hoe men een oscillerende ... kan maken in een LC-kring. (LC-kring uitleggen dus)&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# 2 draden in tegengestelde stroomzin, stroom neemt lineair toe van 0 naar 100A in 7s, bereken emk in de lus tussen die draden &lt;br /&gt;
# een ongepolariseerd licht kan worden opgedeeld in een deel gepolariseerd en een deel ongepolariseerd, intensiteiten mag je optellen, een polarisator wordt 360Â° gedraaid, men merkt dat op een bepaald punt de intensiteit 5 keer groter is, hoeveel procent is maakt de gepolariseerde golf uit?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===13 jun 2008===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Bespreek de begrippen magnetisatie en magnetische susceptibiliteit.&lt;br /&gt;
# Bespreek de proef van Young.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# iets met een geleidende bol en daarrond een geleidende bolschil en dan een elektrisch veld gegeven en zo de lading op de bol berekenen. &lt;br /&gt;
#een kring gegeven met een X waarvan ge moet zeggen of het een condensator of weerstand of zelfinductie moet zijn, vergelijkingen van i en v gegeven. En dan ook nog zeggen of je de X kan vervangen door iets anders waardoor de amplitude hetzelfde blijft maar de i en v niet in fase zijn.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===13 jun 2008===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Wat is het verschil in elektrische geleiding bij zuivere halfgeleiders en gedopeerde halfgeleiders. Leg uit de werking van pn-junctie&lt;br /&gt;
# Bespreek de LRC-keten&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
# LC keten&lt;br /&gt;
# Fase verschil berekenen 2 gelijke golven die elk door een blokje gaan met andere lengte en brekingsindex&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===9 jun 2008===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Bespreek wet Biot-Savart en gebruik om magneetveld rond oneindig lange draad met stroom af te leiden.&lt;br /&gt;
# Leg uit wat een virtueel beeld is. Is het mogelijk om dit van een reëel voorwerp te bekomen bij een vlakke/holle/bolle spiegel. Onder welke omstandigheden?&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# De ruimte tussen een condensator is helemaal gevuld met water. Water heeft een dipoolmoment 6.10*10^-30 Cm. De molaire massa van water is 18. De dichtheid is 1g/cm^3. Water heeft een di-elektrische constante van 80.&lt;br /&gt;
#* bepaal de geïnduceerde oppervlakteladingsdichtheid wanneer alle dipolen zich volgens E uitlijnen.&lt;br /&gt;
#* stel dat de geïnduceerde oppervlakteladingsdichtheid 1/1000 is van die hierboven, wat is dan het elektrisch veld?&lt;br /&gt;
# In een RLC-kring is de frequentie 1.73kHz. De amplitude van de spanning over de weerstand, de amplitude van de spanning over de condensator, de amplitude van de inductie en de amplitude van de bronspanning zijn allen gelijk. R = 700 ohm. Bepaal L en C.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===15 jun 2007===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Bespreek magnetisch moment + richting van magnetisch moment in magneetveld&lt;br /&gt;
# Serie RLC keten bespreken&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen:&lt;br /&gt;
# Stroom van 27A in begin, straal eerste cirkel R, straal tweede cirkel 2r, r = 0.1m, en bereken magnetische inductie in punt P. Draad overal even dik en overal even grote soortelijke weerstand&lt;br /&gt;
# Tweede is kurkje drijft op water, hoe lang moet de naald zijn opdat het zichtbaar is boven water. Brekingsindex water=1.33, lucht=1 Afmetingen staan erbij.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
===12 jun 2007===&lt;br /&gt;
Theorie:&lt;br /&gt;
# Leg uit: elektrische stroom, stroomdichtheid en leid de wet van Ohm af.&lt;br /&gt;
# De wet van Ampère afleiden voor stationaire stromen en vertellen wat ge aan de basisformule moet veranderen als de stromen tijdsafhankelijk worden.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Oefeningen&lt;br /&gt;
# Berekenen hoeveel lading er door een weerstand gaat die aangesloten is op een geleidende lus die altijd maar kleiner en kleiner wordt. Loodrecht op de lus heerst er een magnetische inductie.&lt;br /&gt;
# Een typisch optica-vraagstukje: je hebt een schilderijtje en wil dat vastleggen op een gevoelige plaat, met een bolle lens met brandpunt= + 5 cm. Hoe ver moet het schilderijtje van de lens en hoe ver moet de lens van de gevoelige plaat.&lt;/div&gt;</summary>
		<author><name>Siene</name></author>
	</entry>
</feed>