Bio Ethiek: verschil tussen versies

Uit Chemika Examenwiki
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Lvdb (overleg | bijdragen)
Lvdb (overleg | bijdragen)
Regel 33: Regel 33:
#Een vertegenwoordiger mag elke behandeling weigeren.
#Een vertegenwoordiger mag elke behandeling weigeren.
#De toegang tot een IVF behandeling vereist het afstaan van overtallige embryo’s voor wetenschappelijk onderzoek.
#De toegang tot een IVF behandeling vereist het afstaan van overtallige embryo’s voor wetenschappelijk onderzoek.
====Casus====
De casus betreft een zwangere vrouw (25 weken postmenstruele leeftijd) van 39 jaar met plots opgekomen onstuistbare arbeid en gebroken vliezen. De foeuts werd na een vlotte bevalling gebroren en in eerste instantie beslist de gynaecoloog om geen pediater te bellen omdat hij dacht dat de baby reeds overleden was, dit werd ook meegedeeld aan de ouders. Gezien de baby enkele seconden later echter toch plots spartelend naar adem begon te happen (gaspen) werd de pediater van wacht opgebeld en de baby meegenomen naar een aparte ruimte. Men poogde initieel het gaspen te onderdrukken door retale toediening van morfine doch zonder succes: de baby bleef gaspen en had nog steeds een (trage) pols. Vervolgens werd door de pediater KCl (dodelijk middel) geïnjecteerd via de navelarterie (slagader) om de hartstilstand te induceren en de immature baby te laten overlijden.
Vindt u dit een goed beleid? Zijn er alternatieven? Bespreek.

Versie van 21 jun 2019 13:03


Vakinformatie

Bio-ethiek

Tijdens het jaar een poster maken in groep over een casus. Je moet zelf niet presenteren, hij overloopt de poster zelf tijdens de les. Telt voor 4 ptn mee van de 20 ptn (2 ptn peer assessment en 2 ptn poster zelf). De prof geeft op voorhand 20 stellingen. Op het examen krijg je er een van, dit is mondeling. De andere vraag is een casus. Examen is openboek.

ECTS-fiche: https://onderwijsaanbod.kuleuven.be/syllabi/n/E08L5AN.htm

Examenvragen

Juni 2019

Stellingen

  1. Abortus moet een patiëntenrecht worden
  2. Dankzij vitrificatie is er geen reden meer om leeftijdsgebonden infertiliteit niet te behandelen.
  3. Euthanasie wanneer het levenseinde niet nabij is, vereist een goedkeuring van de commissie ethiek.
  4. Enkel de ouders bepalen het statuut van het embryo.
  5. Een keuze voor genetische diagnostiek zou moeten leiden tot een verplichting om enkel gezonde embryo’s in te planten.
  6. Er is een fundamenteel ethisch verschil tussen het aanmaken van een embryo en het gebruik van overtallige embryo’s voor stamcelonderzoek.
  7. Reproductief klonen is een logische stap in de ontwikkelingen van een fertliteitsbehandeling.
  8. Enkel de vrouw bepaalt de keuze voor PND.
  9. De terugbetaling van IVF moet worden gekoppeld aan het afstaan van eicellen voor wetenschappelijk onderzoek.
  10. Eigen verantwoordelijkheid is het beste ijkpunt om rechtvaardige keuzes in de gezondheidszorg te maken.
  11. Invriezen van eicellen is de beste verzekering voor genetisch eigen kinderen op latere leeftijd.
  12. Geslachtskeuze is een vorm van het maken van baby’s op maat
  13. Het opting out principe moet worden toegepast op het doneren van navelstrengbloed.
  14. Het aanmaken van een redderbaby is een vorm van therapeutisch hardnekkig handelen.
  15. Het delen van informatie is priortair aan het beroepsgeheim.
  16. Om zeker te zijn van een waardig levenseinde stel je best op schrift dat alle behandelingen moeten worden stopgezet
  17. Wilsonbekwame personen mogen behandeld worden in functie van zorg door anderen.
  18. Euthanasie is een recht van de patient, geen gunst van de arts.
  19. Een vertegenwoordiger mag elke behandeling weigeren.
  20. De toegang tot een IVF behandeling vereist het afstaan van overtallige embryo’s voor wetenschappelijk onderzoek.

Casus

De casus betreft een zwangere vrouw (25 weken postmenstruele leeftijd) van 39 jaar met plots opgekomen onstuistbare arbeid en gebroken vliezen. De foeuts werd na een vlotte bevalling gebroren en in eerste instantie beslist de gynaecoloog om geen pediater te bellen omdat hij dacht dat de baby reeds overleden was, dit werd ook meegedeeld aan de ouders. Gezien de baby enkele seconden later echter toch plots spartelend naar adem begon te happen (gaspen) werd de pediater van wacht opgebeld en de baby meegenomen naar een aparte ruimte. Men poogde initieel het gaspen te onderdrukken door retale toediening van morfine doch zonder succes: de baby bleef gaspen en had nog steeds een (trage) pols. Vervolgens werd door de pediater KCl (dodelijk middel) geïnjecteerd via de navelarterie (slagader) om de hartstilstand te induceren en de immature baby te laten overlijden.

Vindt u dit een goed beleid? Zijn er alternatieven? Bespreek.